CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

05b Programmabegroting 2026

gemeenteraad 12 november 2025, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Programmabegroting 2026 inclusief meerjarenraming 2027-202933.407 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

83

5.4

Financiering

In de financieringsparagraaf leggen we onze beleidsvoornemens vast voor het risicobeheer van onze leningen. Deze paragraaf geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. Beleidskader Voor deze paragraaf zijn de volgende beleidskaders van toepassing:  Financiële verordening Rucphen 2025;  Treasurystatuut Rucphen 2023. Risicobeheer We trekken tegen een zo laag mogelijk rentepercentage financieringsmiddelen aan. Voor financiering tot één jaar zijn dit kasgeldleningen. Langlopende financiering vindt plaats op de kapitaalmarkt tegen concurrerende rentetarieven. Hierbij houden we ons aan de normen zoals deze zijn opgenomen in de Wet financiering decentrale overheden (fido). We zijn ons bewust van de renterisico’s bij financiering op lange termijn. Bij een stijgende renteontwikkeling zullen we tijdig de afweging maken om te komen tot het aantrekken van financieringsmiddelen voor de langere termijn. Ook voor de bestaande geldleningen zijn we alert op mogelijkheden voor renteconversie. Op deze manier kunnen we optimaal profiteren van de renteontwikkeling. Renteresultaat

Omschrijving

2026

2027

2028

2029

Externe rentelasten

883.521

1.056.515

1.274.115

1.421.962

Externe rentebaten

100.346

100.265

100.181

100.093

Totaal door te berekenen rente

783.175

956.250

1.173.934

1.321.869

Toerekening aan grondexploitaties

12.424

-

-

-

770.751

956.250

Saldo door te rekenen rente

1.173.934

1.321.869

Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente

746.477

711.317

677.702

645.159

RENTERESULTAAT

-24.274

-244.933

-496.232

-676.710

Rentetoerekening De rentekosten worden via een omslagmethode toegerekend aan taakvelden waar een boekwaarde van een investering voorkomt. In gevallen dat voor specifieke investeringen geldleningen worden afgesloten, mag de werkelijke rente worden doorbelast. Dat deel van de rentekosten blijft dan buiten de omslag. Wij hebben enkel geldleningen afgesloten voor algemene financiering. Dat betekent dus dat de rentekosten via omslag worden doorberekend. De omslagrente is bepaald op 0,68%. Kasgeldlimiet De financiering met kasgeld is geregeld binnen de kasgeldlimiet die is voorgeschreven in de Wet fido. De wettelijke norm bedraagt 8,5% van het totaal van de jaarbegroting (de totale lasten op de begroting) van het openbare lichaam bij aanvang van het jaar. Dit betekent dat het maximale bedrag dat in 2026 met kasgeld (korter dan één jaar) gefinancierd mag worden 8,5% x € 86.573.778,00 = € 7.358.771,00 bedraagt.

84

Financieringsbehoefte Wij ramen het volgende verloop van de liquiditeiten gedurende de planperiode: Omschrijving

2026

Saldo 1 januari

2027

2028

2029

179.142

75.317

30.216

59.889

Saldo kasstroom uit operationele activiteiten

4.442.880

2.362.070

2.056.121

2.986.105

Saldo kasstroom uit investeringsactiviteiten

-8.924.246

-8.378.450

-8.133.817

-8.029.296

Saldo kasstroom uit financieringsactiviteiten

-2.422.459

-2.928.721

-3.492.631

-4.128.161

Aan te trekken langlopende leningen

6.800.000

8.900.000

9.600.000

9.200.000

75.317

30.216

59.889

88.537

Saldo 31 december

Op basis van de recent geactualiseerde liquiditeitenplanning zullen we in de periode 2026 – 2029 afgerond 34,5 miljoen aan geldleningen moeten aantrekken. Waar nodig maken we gebruik van kasgeldleningen tot maximaal de kasgeldlimiet. Onze leningenportefeuille ziet er dan (geprognosticeerd) als volgt uit: Omschrijving

Bedrag

Stand lening op 1 januari 2026

42.680.000

Nieuwe leningen

6.800.000

Reguliere aflossingen

-2.360.000

Stand leningen op 31 december 2026

47.120.000

Renterisiconorm De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Het doel van deze norm is dat gemeenten in enig jaar niet meer dan 20% van hun begrotingstotaal (looptijd langer dan 1 jaar) mogen converteren. Deze zekerheid is ingebouwd in de wet Fido om te voorkomen dat de gemeente met te grote negatieve renteschommelingen geconfronteerd wordt en de nadelige gevolgen daarvan moet kunnen opvangen binnen de begroting. Per 1 januari 2026 heeft de gemeente Rucphen, ter financiering van haar operationele en investeringsactiviteiten, een restant aan langlopende schulden van € 42.680.000,00. Het renterisico daarvan blijft ruim binnen de norm van 20% van het begrotingstotaal. Renterisiconorm

2026

1a Renteherziening op vaste schuld o/g

0

1b Renteherziening op vaste schuld u/g

0

2 Netto-renteherziening op vaste schuld (1a -/- 1b)

0

3 Aflossingen

2.360.000

4 Renterisico op vaste schuld (2 +/+ 3)

2.360.000

5 Begrotingstotaal 2026

86.573.778

6 Het normpercentage

20%

7 Renterisiconorm (5 x 6)

17.314.756

8 Ruimte onder risiconorm (7 -/- 4)

14.954.756

85

5.5

Bedrijfsvoering

In de paragraaf bedrijfsvoering schetsen wij de beleidsvoornemens op het gebied van de bedrijfsvoering en geven wij de huidige stand van zaken weer. Hiermee bieden wij inzicht in de manier waarop de organisatie functioneert, welke ontwikkelingen en verbeterpunten er zijn, en welke keuzes wij de komende periode maken om de bedrijfsvoering toekomstbestendig te houden. Beleidskader Voor deze paragraaf zijn de volgende beleidskaders van toepassing:  Organisatie agenda ‘Samenwerken aan resultaat en mens’;  Visie op Dienstverlening en Informatievoorziening (DV&I) 2020-2025;  Meerjarenplan Informatievoorziening & Automatisering 2026–2029;  Meerjarenplan informatiebeveiliging 2025–2028;  Controleverordening gemeente Rucphen (2023);  Verordening onderzoeken doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid gemeente Rucphen;  Financiële verordening Rucphen 2025;  ‘Visie op Verbinding’ (2022);  ‘Samenwerken onder één dak’ Organisatieontwikkeling - Binnen is de basis voor buiten De organisatieagenda brengt focus aan voor de ontwikkeling van onze organisatie We werken aan de hand van een organisatie agenda. Dit is een dynamisch document, dat zowel de koers, doelen én de uitvoering bevat. De strategie “samenwerken aan resultaat en mens, leidende principes en kernwaarden vormen de basis van hoe wij werken. Binnen vier thema’s worden opdrachten of plannen uitgewerkt: 1.

Talent en waarderen Samen zijn we een talentgerichte organisatie waar medewerkers zich gewaardeerd voelen. We voeren een aantal nieuwe beloningsinstrumenten in op basis van in 2025 afgesproken spelregels voor belonen en waarderen. Deze spelregels zijn erop gericht om recht te doen aan de diversiteit binnen de organisatie. Daarnaast leggen we de focus op talentontwikkeling en personeelsbehoud, daarom investeren we ook steeds vaker in medewerkers middels opleidingen en trainingen. 2. Prettige werkcultuur Samen vormen we een organisatie met een prettige werkcultuur waarin medewerkers veilig en weerbaar zijn. We willen, met input van de organisatie, werken aan een programma hoe we een prettige werkcultuur borgen. Ook gaan we meer werken met opdrachtbeschrijvingen en het bijbehorende samenspel van bestuurlijk opdrachtgever, ambtelijk opdrachtgever en ambtelijk opdrachtnemer. We verwachten dat dit leidt tot meer resultaat en dat het bijdraagt aan de weerbaarheid en eigenaarschap van onze medewerkers. Daarnaast houden we ook de administratieve organisatie op orde. Zo hanteren we vanaf 1 januari 2026 een nieuw personeelsinformatie- en salarisadministratiesysteem. Hierbinnen ontwikkelen we onder andere een leermanagementsysteem, waarmee we een relatie leggen naar zowel talentontwikkeling als naar een goede introductie van nieuwe medewerkers. 3.

Innovatie en AI Samen zetten we in op innovatie en stimuleren we het veilig gebruik van o.a. AI. Artificial Intelligence (AI) speelt een steeds grotere rol in onze organisatie. Door AI op een verantwoorde en doordachte manier in te zetten, kunnen we onze diensten verbeteren en efficiënter werken. Maar met deze nieuwe ontwikkelingen komen ook nieuwe verantwoordelijkheden. De voor dit thema opgerichte werkgroep AI richt zich op het veilig gebruik van AI-tools en de implementatie en aansluiting van nieuwe wetgeving zoals de Europese AI act. Denk daarbij aan het voeren van regie op de tools die binnen de organisatie worden gebruikt en het faciliteren van trainingen en richtlijnen rondom het gebruik. 4. Branding en communicatie Wij zijn een organisatie met eigen branding en we investeren in een duidelijke, goede interne en externe communicatie.

86

Om talenten te behouden en aan te trekken is een goede arbeidsmarktstrategie belangrijk. We verbeteren de interne en externe profilering. Zo spelen we in op veranderingen in de vraag naar bepaalde vaardigheden en functies, en promoten onze aantrekkelijkheid als werkgever. Samenwerking en juridische kwaliteitszorg In 2026 blijven we inzetten op een efficiënte en toekomstbestendige inrichting van de samenwerking binnen De6, het strategisch samenwerkingsverband van zes gemeenten. De samenwerking heeft zich bewezen als een waardevol initiatief, met zichtbare resultaten op operationeel en tactisch niveau. Komend jaar verkennen we hoe de samenwerking verder geoptimaliseerd kan worden en hoe deze het best gepositioneerd kan worden binnen het bredere regionale samenwerkingslandschap. Dienstverlening, informatievoorziening en archief De huidige visie op Dienstverlening en Informatievoorziening (DV&I), vastgesteld voor de periode 2020–2025, loopt af. In 2026 worden de inhoudelijke lijnen uit dit programmaplan op een nieuwe manier voortgezet. Door vernieuwde inzichten rondom de moderne werkplek en het gebruik van MS365, wordt het Programma- en Uitvoeringsplan DV&I geïntegreerd in de organisatiebrede implementatie van Office365. Daarnaast worden er twee nieuwe plannen opgesteld voor de periode 2026–2030: een Informatiebeleidsplan en een Informatiebeheersplan.

Deze vormen deels de opvolger van het DV&I-programmaplan en richten zich op het versterken van informatiebeheer, informatieveiligheid, zaakgericht werken en het voldoen aan toenemende wet- en regelgeving op het gebied van digitaal werken. Naast voornoemde beleidsplannen worden in 2026 de volgende zaken opgepakt of verder uitgewerkt:  We implementeren MS365 als project- en samenwerkingsplatform (moderne werkplek);  We doen diverse aanbestedingen op basis van het meerjarenplan Informatievoorziening & Automatisering 2026–2029;  We versnellen overgang naar SaaS-applicaties (Cloud) o.a. ter support van de moderne werkplek;  We richten het applicatiebeheer opnieuw in voor meer efficiëntie, samenhang en informatieveiligheid;  We vergroten het digitale aanbod voor inwoners en bedrijven, in lijn met de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (WMEBV);  We breiden het kwaliteitssysteem op het gebied van informatievoorziening uit op basis van de aanbevelingen vanuit het West-Brabants Archief (WBA);  We ontsluiten historische bouwvergunningen (1905–2010) en het bestuursarchief (2000–2004) digitaal via het e-depot van het WBA;  We sluiten aan op landelijke ontwikkelingen gericht op transparantie, zoals regie op gegevens.

En deelname aan gezamenlijke uitvoeringsonderwerpen, in samenwerking met de VNG en andere gemeenten (zoals GT-aanbestedingen, gegevensuitwisseling, informatiebeveiliging). Interne beheersing en control Interne beheersing is het systeem van processen en procedures waarmee de organisatie haar doelstellingen behaalt, risico’s beheerst en voldoet aan wet- en regelgeving. Afhankelijk van omvang en ambitie bestaat dit systeem uit meerdere verdedigingslinies. De accountantscontrole vormt het sluitstuk van deze beheersing. De focus ligt niet alleen op financiële rechtmatigheid, maar op brede organisatiebeheersing, waaronder informatiebeveiliging en privacy. Met de positionering van de Chief Information Security Officer (CISO) binnen het team Control richten we ons in 2026 op een gezamenlijke aanpak voor bewustwording, beheersing en doorontwikkeling van bedrijfsvoerings-risico’s. Informatieveiligheid We werken volgens het meerjarenplan informatiebeveiliging 2025–2028, gericht op naleving van de Cyberbeveiligingswet. Deze wet vereist dat risico’s worden geïdentificeerd, geanalyseerd en beheerst via een gestructureerde aanpak met een Information Security Management System (ISMS). Op basis van beschikbare middelen en risicoclassificatie pakken we de grootste risico’s het eerste aan.

In 2026 voeren we onder meer de volgende maatregelen uit:  We zetten het in 2025 gestarte ontwikkeltraject informatieveiligheid voort;

87

    

We implementeren een ISMS9; We implementeren DNS10-security; We schaffen een wachtwoordmanager aan en nemen deze in gebruik; We verfijnen het Bedrijfscontinuïteitsplan (BCP); We houden een bewustwordingscampagne phishing.

De getroffen maatregelen voor beheersing van de risico’s van informatieveiligheid toetsen we periodiek op hun werking. De ENSIA11 audit is een methodiek waarbij gemeenten horizontaal verantwoording afleggen over informatieveiligheid en waarbij een toets op de werking onderdeel is van de controle. In 2026 ligt binnen het ENSIA traject de focus op het verbeteren van de Basisregistratie Personen (BRP) en Waardedocumenten. Financiële beheersing en -rechtmatigheid De meest risicovolle bedrijfsvoering processen zijn beschreven en geanalyseerd op beheersmaatregelen en risico’s. Periodiek voeren we (verbijzonderde) interne controles uit, gericht op processen met een hoog financieel risico, materialiteit of politieke gevoeligheid. Dit betreft onder andere inkoop, personeel, Wmo, Jeugdwet, investeringskredieten, subsidies, leerlingenvervoer, verhuur en pacht, leges, grondtransacties (incl. staatssteun) en treasury. Vanaf verslagjaar 2023 neemt ons college een rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarrekening. Hiermee wordt verantwoording afgelegd over naleving van relevante wet- en regelgeving, bijvoorbeeld bij subsidies, Europese bestedingen, en bij lasten zonder begrotingsdekking. De verantwoording is gebaseerd op:  de Financiële verordening Rucphen 2025  de Verordening onderzoeken doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid gemeente Rucphen. 

De Controleverordening gemeente Rucphen (2023)

Ons college toont hiermee aan dat inkomsten en uitgaven in lijn zijn met wet- en regelgeving, de begroting en door de raad vastgestelde kaders. Uw raad vervult een kaderstellende en controlerende rol. Jaarlijks wordt een normenkader vastgesteld en geactualiseerd, als overzicht van geldende wet- en regelgeving. Planning en control De P&C-cyclus biedt het kader en de instrumenten om beleidsdoelstellingen te monitoren, beheersen en realiseren. Het cyclische karakter draagt bij aan continuïteit, verantwoording en verbetering van beleid. De cyclus stelt de raad in staat om het college te kaderen, sturen en controleren. De hoofdlijnen van deze afspraken zijn vastgelegd in de financiële verordening. In de P&C-cyclus komen beleidsdoelen en concrete (SMART) resultaten samen. In 2026 wordt gewerkt aan het verder concretiseren van doelen, waar mogelijk vertaald naar KPI’s. Dit versterkt de sturingsmogelijkheden van uw raad en maakt het mogelijk om vooraf beter af te wegen en achteraf verantwoording af te leggen over gemaakte keuzes. De gemeenteraadsverkiezingen van 2026 en het nieuwe hoofdlijnenakkoord vormen een belangrijk moment voor verdere verbetering van de P&C-cyclus. Naast beleidsinhoud wordt daarbij aandacht gevraagd voor rolduidelijkheid en rolzuiverheid.

Een heldere verwoording van visie en ambitie in het hoofdlijnenakkoord stelt ons beter in staat deze te vertalen naar concrete doelstellingen en uitvoerbare activiteiten waar het nieuwe college de komende jaren mee aan de slag gaan. Communicatie Externe en interne communicatie Wij willen een communicatief sterke organisatie zijn die actief het gesprek aangaat met de samenleving. We verspreiden onze boodschappen via eigen kanalen en (lokale) media, in begrijpelijke taal (B1). Communicatie wordt steeds sneller, persoonlijker en veelzijdiger. Dat vraagt een andere inzet van capaciteit en een verschuiving in werkzaamheden. We bewegen hier al naartoe, gericht op meer wendbaarheid en inspelend op

9 Een ISMS (Information Security Management System) is een gestructureerd systeem van processen, beleid en procedures dat een organisatie gebruikt om informatie te beschermen tegen bedreigingen zoals cyberaanvallen en datalekken. 10 DNS (Domain Name System) is het systeem en netwerkprotocol dat op het internet gebruikt wordt om namen van internetdomeinen naar numerieke adressen te vertalen en omgekeerd. 11 ENSIA (Eenduidige Normatiek Single Information Audit).

88

veranderende communicatiebehoeften. Met de in 2022 vastgestelde ‘Visie op Verbinding’ geven we via een uitvoeringsplan concreet invulling aan onze rol. Ook zorgen we ervoor ons ambtelijk apparaat snel en eenvoudig toegang heeft tot actuele interne informatie, zodat het goed geïnformeerd is over wat er speelt. Online communicatie We verbeteren onze online dienstverlening voortdurend, onder andere vanwege de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv). Ons doel is een gebruiksvriendelijke digitale omgeving waarin inwoners eenvoudig informatie vinden, aanvragen indienen en hun zaken regelen. Toegankelijkheid blijft ook een belangrijk aandachtspunt. We willen dat iedereen, ongeacht beperking of digitale vaardigheid, onze informatie goed kan gebruiken. Tegelijkertijd zetten wij stappen om de website verder door te ontwikkelen en toekomstbestendig te maken. Participatie We willen inwoners, bedrijven en verenigingen beter betrekken bij onze plannen. Dat begint met goed nadenken over wie we betrekken en op welke manier. We gaan ons participatiebeleid actualiseren in verband met nieuwe wetgeving. Daarmee zorgen we voor duidelijke kaders, verwachtingen en uitgangspunten. De afspraken leggen we vast in een nieuwe participatieverordening. In een participatie-uitvoeringsprogramma beschrijven we onze doelen en activiteiten.

Huisvesting en facilitair In 2025 is het beleid ‘Samenwerken onder één dak’ vastgesteld, wat de kaders schetst rondom het gebruik van het gemeentehuis door externe partijen en huurders. Hiermee zijn heldere kaders gecreëerd voor het gebruik van gemeentelijke ruimten door derden: wie hiervan gebruik kan maken, onder welke voorwaarden en tegen welke tarieven. In 2026 en later zullen (aflopende) contracten worden herzien en waar nodig aangepast op basis van dit nieuwe beleid.

89

5.6

Verbonden partijen

Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft. In de paragraaf verbonden partijen presenteren we onze visie en beleidsvoornemens ten aanzien van de verbonden partijen. Ook nemen we een lijst op van alle verbonden partijen verdeeld tussen gemeenschappelijke regelingen, vennootschappen en coöperaties, stichtingen en verenigen en overige verbonden partijen. Beleidskader Voor deze paragraaf zijn de volgende beleidskaders van toepassing:  Nota Verbonden Partijen en overige samenwerkingsverbanden West-Brabant (2024). Koppeling met de Programmabegroting In de programma’s is (beleids-)informatie opgenomen over de verbonden partijen, die aansluit op het betreffende taakveld (zie hoofdstuk 1). De huidige deelnames zijn gebaseerd op een gemeenschappelijk nut voor meerdere gemeenten in (een deel van) de provincie. Taken die de gemeente, gelet op de omvang, niet in eigen beheer kan uitvoeren worden opgedragen aan genoemde samenwerkingsverbanden. Met de deelname in de regelingen wordt uitsluitend een publieke taak gediend en uitsluitend in het belang van de burger van de gemeente. Richtlijnen begroting 2027 In de geactualiseerde nota verbonden partijen, vastgesteld door uw raad op 15 mei 2024, zijn de algemene financiële richtlijnen vermeld die voor alle gemeenschappelijke regelingen gelden.

Bij een aantal gemeenschappelijke regelingen zijn aanvullende beleidsmatige en/of financiële richtlijnen opgenomen. Door vaststelling van de programmabegroting 2026 stelt uw raad de (aanvullende) richtlijnen voor de begrotingen 2027 van de gemeenschappelijke regelingen vast. Financiële richtlijnen begroting 2027 gemeenschappelijke regelingen 1. We verwachten van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling dat zij een structureel sluitende meerjarenbegroting, waarin vier jaar vooruit wordt gekeken, aanbiedt aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling vermeldt duidelijk de uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting voor het komende jaar neemt de gemeenschappelijke regeling ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer. 2. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het algemeen bestuur is besloten. 3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven.

Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de gemeenschappelijke regeling de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de gemeenschappelijke regeling in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. 4. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente circulaire voor zowel de loon- als de prijsindex. Hiervoor gebruiken we de meest recente ramingen zoals opgenomen in het Centraal Economisch Plan van het Centraal Plan Bureau. Voor de loonontwikkeling wordt hierbij ‘de index van de loonvoet sector overheid’ gevolgd en voor de prijsontwikkeling ‘de index van de netto materiele consumptie’. De verbonden partij geeft bij de kaderbrief en de begroting een specificatie weer van de verhouding lonen/prijzen in haar exploitatiebegroting.

Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd. Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.

90

5.

6.

7.

Een besluit van het algemeen bestuur van een verbonden partij tot instelling van een algemene reserve is goed gemotiveerd, onderbouwd en voorzien van bijbehorende spelregels. Op dit besluit van het algemeen bestuur wordt een zienswijzemogelijkheid geboden aan de deelnemende gemeenten bij de conceptbegroting(wijziging). De algemene reserve wordt aangevuld tot de maximale hoogte zoals vastgesteld door het algemeen bestuur. Voor het bepalen van de omvang van de (beperkte) algemene reserve kan het algemeen bestuur een advies vragen aan de accountant, maar de algemene reserve bedraagt niet meer dan 8% van de totale lasten in de begroting (uitgangspunt is en blijft dat de weerstandscapaciteit bij de deelnemers wordt aangehouden). Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het algemeen bestuur. Over een dergelijk voorstel besluit het algemeen bestuur. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de gemeenschappelijke regeling de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft de gemeenschappelijke regeling inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit.

91

We participeren bestuurlijk en financieel in de volgende verbonden partijen. Hierbij wordt uitgegaan van de meest recente gegevens. Gemeenschappelijke regelingen 1.

Naam:

Werkvoorzieningsschap Westelijk Noord-Brabant

2.

Vestigingsplaats:

Roosendaal

3.

Belang dat wordt behartigd:

Het uitvoeren van de Wet Sociale Werkvoorziening door op zo doelmatige wijze de taken en bevoegdheden op het terrein van gesubsidieerde arbeid en arbeidsre-integratie te behartigen

4.

Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5.

Bestuur:

6.

Bijdrage Rucphen:

Vertegenwoordiging in algemeen bestuur, waaruit dagelijks bestuur wordt gekozen 2026: € 834.402,00 2027: € 917.774,00 2028: € 974.259,00 2029: € 1.052.209,00

7. 8.

Eigen vermogen begin en einde jaar:

2026: € 6.500.000,00 resp. € 6.500.000,00

Vreemd vermogen begin en einde jaar:

2026: € 19.118.000,00 resp. € 19.428.000,00

Resultaat boekjaar:

2026: € 0,00

Aanvullende financiële richtlijnen Begroting 2027 1. De op WVS betrekking hebbende ramingen en effecten van de ketensamenwerking worden herkenbaar in een afzonderlijke paragraaf in de begroting 2027 opgenomen. WVS zorgt er voor dat haar begroting op dit punt aansluit bij de begrotingen van het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal. 2. De in de financiële richtlijn 3 bedoelde reserves betreffen uitsluitend de bestemmingsreserves. Beleidsmatige richtlijnen Begroting 2027 1. WVS houdt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige WSWbestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken. 2. WVS besteedt in de begroting 2027 aandacht aan de visie en ambitie rondom de doorontwikkeling van het sociaal ontwikkelbedrijf. 3. De begroting van WVS wordt daarbij opgesteld in lijn met de ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn 4.

Ten aanzien van deze ambities en doelstellingen verwachten we dat WVS samen met het Werkplein en ISD komt tot concrete doelstellingen rond de ontwikkelingen van inwoners, zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht.

92

1. Naam:

GGD West-Brabant

2. Vestigingsplaats:

Breda

3. Belang dat wordt behartigd:

Gemeenten moeten op terrein openbare gezondheidszorg adequaat op ontwikkelen in kunnen spelen en samenwerking is dan ook gewenst en noodzakelijk. Op grond van de Wet Collectieve Preventie Volksgezondheid moeten gemeenten hiervoor een gemeentelijke gezondheidsdienst in stand houden.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging in algemeen bestuur, waaruit dagelijks bestuur wordt gekozen. Besluitvorming op basis van gewogen stemverhouding.

6. Bijdrage Rucphen:

2026: € 639.466,00 2027: € 660.632,00 2028: € 682.499,00 2029: € 705.090,00

7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2026: € 6.035.000,00 resp. € 6.116.000,00 2026: € 20.178,00 resp. € 20.178,00 2026: € 0,00

Beleidsmatige richtlijnen Begroting 2027 1. Wij verwachten dat de GGD West-Brabant (samen met de GGD Hart voor Brabant) in samenspraak met de deelnemende gemeenten een vervolg van het meerjarenbeleidsplan 2023-2026 opstelt en presenteert, welke in lijn is met de gezamenlijke toekomstvisie ‘Wij maken samen gezond gewoon’ en de ingezette bestuurlijke bezuinigingsopdracht van 4%. Tevens dient dit plan in het lopende proces van verkenning tot verdergaande samenwerking, Samen Sterker, meegenomen te worden. 2. De GGD geeft in de kadernota en Beleidsbegroting 2027 duidelijk weer met welke concrete plannen invulling gegeven gaat worden aan het nieuwe, nog op te stellen beleidsplan 2026-2030. 3. Gezien de afnemende financiële middelen vanaf 2026 verwachten gemeenten ook in 2027 beleidsmatige keuzes te moeten maken. Om deze keuzes gedegen voor te kunnen bereiden is meer gedetailleerd inzicht nodig in het aanbod en in de geleverde producten en kosten. Wij verwachten van de GGD dat zij deze informatie met voorrang in samenspraak met het ambtenarenoverleg, of een delegatie daarvan, levert en dit benodigde inzicht/transparantie meeneemt in de verdere uitwerking van Samen Sterker. In het traject Samen Sterker dient een vergelijk in het productenaanbod tussen beide GGD’en op een eenduidige en eenvoudige wijze te maken zijn. 4.

Van de GGD verwachten de gemeenten dat met de verdere uitwerking van Samen Sterker naast de bestuurders ook de ambtenaren en gemeenteraden tijdig betrokken worden, op een dusdanig moment zodat zij de mogelijkheid hebben om de uitkomst van het traject wezenlijk kunnen beïnvloeden. Afstemming met het Algemeen Bestuur van de GGD Hart voor Brabant spreekt voor zich. Aan beide besturen dienen dezelfde voorstellen/besluiten te worden voorgelegd. Men dient o.a. oog te hebben voor de gewenste lokale nabijheid van de GGD, de kosten van dit proces en de zeggenschap van de deelnemende gemeenten in de samenwerking.

93

1. Naam:

Regionale Ambulancevoorziening Brabant MWN

2. Vestigingsplaats:

Tilburg

3. Belang dat wordt behartigd:

Het verlenen van ambulancezorg ten behoeve van het werkgebied, het in stand houden van een meldkamer ambulancezorg alsmede het leveren van een bijdrage aan de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging in algemeen bestuur, waaruit dagelijks bestuur wordt gekozen. 2026: € 0,00

6. Bijdrage Rucphen:

2027: € 0,00 2028: € 0,00 2029: € 0,00 7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2026: € 15.887.000,00 resp. € 15.887.000,00 2026: € 31.782.000,00 resp. € 30.833.000,00 2026: € 0,00

Financiële richtlijnen begroting 2027 De financiële richtlijnen uit de Nota Verbonden Partijen gelden niet voor RAV. Beleidsmatige richtlijnen begroting 2027 1. De RAV waarborgt onder de Wet ambulancezorgvoorzieningen de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen. 2. De nieuwe urgentie-indeling ambulancezorg is naar verwachting in 2027 volledig geïmplementeerd. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus. De RAV verwerkt de nieuwe urgentieindeling in haar begroting waarbij inzage in de responstijden op A0 en A1 (voorheen A1 en A2 ritten) behouden blijft. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A0 ritten met niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten). 3. In haar begroting geeft de RAV aan wat het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en de landelijke Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg van VWS betekenen voor de ambulancezorg in haar werkgebied. De beleidsagenda kent drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio. 4. In het werkgebied van de RAV liggen meerdere gemeenten die grenzen aan België. Grensoverschrijdende samenwerking is in de ambulancezorg van belang voor het bieden van snelle en effectieve hulp.

De RAV geeft in haar begroting aan hoe deze samenwerking er uitziet en welke mogelijkheden zij ziet om de grensoverschrijdende samenwerking verder te optimaliseren.

94

1. Naam:

Omgevingsdienst Midden en West-Brabant

2. Vestigingsplaats:

Tilburg

3. Belang dat wordt behartigd:

Het op een effectieve en efficiënte manier gezamenlijk taken, volgend uit de wet milieubeheer, uitvoeren. n.v.t.

4. Veranderingen in belang gemeente: 5. Bestuur: 6. Bijdrage Rucphen:

Vertegenwoordiging in algemeen bestuur, waaruit dagelijks bestuur wordt gekozen. 2026: € 541.306,00 2027: € 564.474,00 2028: € 585.021,00 2029: € 606.316,00

7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2026: € 2.930.000,00 resp. € 3.247.000,00 2026: € 7.429.000,00 resp. € 12.874.000,00 2026: € 0,00

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2027 1. De OMWB geeft in de begroting 2027 een meerjarenprognose van de aard en omvang van de te verwachten werkzaamheden in relatie tot alle voorziene (beleidsmatige) ontwikkelingen, hoe de omgevingsdienst hierop denkt in te spelen én geeft hierbij een duiding van de bijbehorende financiële gevolgen. 2. De noodzaak tot herziening van de MWB-norm en het komen tot een nieuwe financieringsopzet worden door de deelnemers en de OMWB onderschreven. Het proces, zowel reeds doorlopen als nog te doorlopen, wordt in de kaderbrief 2027 beschreven, waarbij tevens wordt ingegaan op de (potentiële) gevolgen voor de (meerjaren)begroting 2027 en verder. 3. In de kaderbrief 2027 geeft de OMWB concreet aan op welke wijze de resultaten van het kwaliteitsmanagementsysteem en de doorontwikkeling van datamanagement en -beheer worden verwerkt in de (meerjaren)begroting 2027. Tevens vragen wij aandacht om te duiden welke ruimte er, zowel op het vlak van financiën alsmede personeel, wordt gemaakt om hiermee aan de slag te gaan en welke ontwikkelingen de OMWB hierin de afgelopen periode heeft gerealiseerd.

95

1. 2.

Naam:

Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant

Vestigingsplaats:

Tilburg

3.

Belang dat wordt behartigd:

Gelet op de risico’s in het werkgebied is intergemeentelijke samenwerking op het gebied van brandweerzorg en hulpverlening noodzakelijk. Bovendien zijn gemeenten op grond van de Brandweerwet 1985 verplicht tot samenwerken.

4.

Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5.

Bestuur:

6.

Financieel belang:

Het algemeen bestuur wordt gevormd door de burgemeesters van de deelnemende gemeenten. 2026: € 1.414.782,00 2027: € 1.463.676,00 2028: € 1.506.748,00 2029: € 1.568.019,00

7. 8.

Eigen vermogen begin en einde jaar:

2026 € 4.444.000,00 resp. € 6.066.000,00

Vreemd vermogen begin en einde jaar:

2026: € 57.369.000,00 resp. € 52.063.000,00

Resultaat boekjaar:

2026: € 0,00

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2027 De VRMWB heeft een beleidsplan 2023-2027 en voert dit uit. In het AB van de VRMWB is besloten om de looptijd van het beleidsplan met twee jaar te verlengen tot 2029. Op dit moment spelen er een drietal ontwikkelingen: • het foutief toepassen van de indexering en herstel hiervan door Begrotingswijziging 2025-2 en begrotingswijziging 2026-1; • Onderzoeken Masterplan brandweerzorg en risicobeheersingstaken zodat de brandweerzorg efficiënt en effectief georganiseerd kan worden en de risicobeheersing toekomstbestendig gemaakt kan worden tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten; • Nog geen duidelijkheid over de 10% korting op de BDuR-gelden. Deze korting is al wel opgenomen in de begroting, hier tegenover staat nog een taakstelling. Deze (financiële) uitdagingen maken dat we onvoldoende duidelijkheid hebben over het huidige begrotingsjaar en er ook nog ontwikkelingen en onduidelijkheden zijn met gevolgen voor het komende begrotingsjaren. De gevolgen hiervan op zowel de financiële als beleidsmatige kant van de VRMWB begroting moeten helder onderbouwd in de sluitende begroting opgenomen worden. Wanneer taken of beleid komt te vervallen, vervallen uiteraard ook de middelen bij de VRMWB.

96

1.

Naam:

Regio West-Brabant

2.

Vestigingsplaats:

Etten-Leur

3.

Belang dat wordt behartigd:

De gemeenten in West-Brabant hebben de gezamenlijke ambitie om de economisch-ruimtelijke structuur van de regio te versterken. Dit wil men bereiken door middel van coördinatie, planning, uitvoering, advies, overleg, vertegenwoordiging en lobbyactiviteiten op het gebied van economie, arbeidsmarkt, mobiliteit en ruimte.

4.

Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5.

Bestuur:

De burgemeester heeft zitting in het Algemeen Bestuur.

6.

Bijdrage Rucphen:

2026: € 616.446,00 2027: € 647.936,00 2028: € 675.769,00 2029: € 687.142,00

7.

8.

Eigen vermogen begin en einde jaar:

2026: € 937.000,00 resp. € 937.000,00

Vreemd vermogen begin en einde jaar:

2026: € 6.536.000,00 resp. € 6.536.000,00

Resultaat boekjaar:

2026: € 0,00

Specifieke financiële richtlijn voor de Regio West-Brabant Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie. Beleidsmatige richtlijnen begroting 2027 In de begroting 2027 wordt in heldere taal aangegeven: 1. Welke doelen uit de strategische agenda en actieprogramma 2024 – 2028 in 2027 worden gerealiseerd; 2. Wat de financiële en personele inzet van de RWB hierbij is en welke aanvullende middelen (capaciteit en financiën) van de gemeenten worden gevraagd; 3. Of, en zo ja op welke wijze er voor de uitvoering van de actieagenda samenwerking nodig is met de Stedelijke Regio’s, Rewin en/of de Baroniesamenwerking en hoe dit wordt vormgegeven. 4. De RWB werkt aan een organisatie ‘nieuwe stijl’. Dit leidt tot een herziening van de inrichting en het takenpakket van de RWB. De gevolgen hiervan op zowel de financiële als beleidsmatige kant van de RWB begroting worden helder onderbouwd in de begroting opgenomen. Wanneer taken overgaan naar andere organisaties of komen te vervallen, vervallen uiteraard ook de middelen bij de RWB.

97

1. 2.

Naam: Vestigingsplaats:

Werkplein Hart van West-Brabant Etten-Leur

3.

Belang dat wordt behartigd:

Het Werkplein is opgericht ter uitvoering van de primaire wettelijke taken ten aanzien van de Participatiewet. Dit betreffen zowel de uitvoerende taken alsmede het verzorgen of ondersteunen van het operationeel beleid.

4.

Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5.

Bestuur:

Vertegenwoordiging in het Algemeen Bestuur.

6.

Bijdrage Rucphen:

2026: € 1.756.915,00 (uitvoeringskosten) 2027: € 1.853.816,00 (uitvoeringskosten) 2028: € 1.929.098,00 (uitvoeringskosten) 2029: € 2.007.107,00 (uitvoeringskosten)

7. 8.

Eigen vermogen begin en einde jaar:

2026: € 0,00 resp. € 0,00

Vreemd vermogen begin en einde jaar:

2026: € 6.594.506,00 resp. € 6.000.000,00

Resultaat boekjaar:

2026: € 0,00

Aanvullende financiële richtlijnen Begroting 2027 1. De op het Werkplein HvWB betrekking hebbende ramingen en effecten van de ketensamenwerking worden herkenbaar in een afzonderlijke paragraaf in de begroting 2027 opgenomen. Het Werkplein HvWB zorgt er voor dat haar begroting op dit punt aansluit bij de begrotingen van WVS en de ISD Brabantse Wal. 2. Het Werkplein HvWB maakt een onderbouwde meerjarige prognose van het aantal bijstandsontvangers. 3. Het Werkplein HvWB neemt in de bijlage van de begroting een overzicht op met het verloop van de vaste en tijdelijke formatie sinds 2015. Hieruit blijkt welke mutaties er sinds 2015 in de formatie zijn doorgevoerd, met welke reden en de besluitvorming hierover. 4. Het Werkplein HvWB verschaft in de P&C-documenten inzicht in de stand van de vorderingen en de voorziening dubieuze debiteuren. Beleidsmatige richtlijnen Begroting 2027 1. Het Werkplein HvWB stelt een begroting voor het jaar 2027 op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten tot uitdrukking komen met betrekking tot duurzame uitstroom van uitkeringsgerechtigden, het beperken van uitkeringslasten, het bieden van inkomensondersteuning en armoedebestrijding en het integraal samenwerken binnen het Sociaal Domein. 2.

De begroting 2027 dient een duidelijke onderbouwing te bevatten van de manier waarop het Werkplein HvWB de hiervoor genoemde ambities gaat realiseren, alsmede de lasten die daarmee gepaard gaan. 3. De onderbouwing bevat concrete maatregelen die afdoende zijn om aanspraak te kunnen maken op een uitkering in het kader van de vangnetregeling mocht er voor 2027 uiteindelijk onverhoopt toch sprake zijn van een overschrijding van de BUIG-budgetten. 4. De begroting 2027 van het Werkplein HvWB is opgesteld in lijn met de ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met WVS en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn. 5. Ten aanzien van deze ambities en doelstellingen verwachten we dat WVS samen met het Werkplein en ISD komt tot concrete doelstellingen rond de ontwikkelingen van inwoners, zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht. 6. Daarbij verwachten we dat een programmatische aanpak ketensamenwerking wordt uitgewerkt en toegepast (met een uniforme klantreis en dienstverleningsconcept), dat KPI’s voor de keten zijn beschreven en worden gebruikt bij planning, monitoring, evaluatie en bijsturing.

Waarbij wordt gewerkt volgens de 7 uitgangspunten van de moderne overheidsorganisatie en de ontwikkelingen in het kader van de aanpassing van de Participatiewet, met maatwerk voor alle cliënten in afstemming met ketenpartners. Daarbij dient wel sprake te zijn en blijven van een effectieve en efficiënte bedrijfsvoering en bedrijfsmatig werken. In de begroting 2027 wordt de inzet van het Werkplein ten behoeve van de ketensamenwerking in een afzonderlijke paragraaf uitgewerkt.

98

1. Naam: 2. Vestigingsplaats:

Belastingsamenwerking West-Brabant Etten-Leur

3. Belang dat wordt behartigd:

De BWB is verantwoordelijk voor de heffing en invordering van waterschapsbelasting en verschillende gemeentelijke belastingen. Daarnaast geeft de BWB uitvoering aan de wet WOZ.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Wethouder Financiën heeft zitting in het Algemeen bestuur.

6. Bijdrage Rucphen:

2026: € 525.000,00 2027: € 549.000,00 2028: € 572.000,00 2029: € 595.000,00

7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2026: € 0,00 resp. € 0,00 2026: € 10.556.000,00 resp. € 10.406.000,00 2026: € 0,00

Beleidsmatige richtlijnen Begroting 2027 Geen 1. Naam:

Regionaal Bureau Leren

2. Vestigingsplaats:

Breda

3. Belang dat wordt behartigd:

Uitvoering van de Leerplichtwet 1969 en de RMC wet.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Wethouder Onderwijs heeft zitting in het bestuur.

6. Bijdrage Rucphen:

2026: € 21.496,00 2027: € 22.745,00 2028: € 23.478,00 2029: € 24.328,00

7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2026: € 0,00 resp. € 0,00 2026: € 2.089.240,00 resp. € 2.089.240,00 2026: € 0,00

Beleidsmatige richtlijnen Begroting 2027 Geen 1. Naam:

Gemeenschappelijke regeling voor Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GIA) en meldpunt Crisiszorg West-Brabant

2. Vestigingsplaats:

Breda

3. Belang dat wordt behartigd:

Met deze "centrumregeling" worden de taken en verantwoordelijkheden van alle deelnemende gemeenten en de specifieke rol van Breda als centrumgemeente, op het terrein van Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en crisiszorg , publiekrechtelijk vastgelegd.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Bij een centrumregeling is geen sprake van een eigen bestuur. Wel is er sprake van een plenair overleg en een stuurgroep. Rucphen neemt deel aan het plenair overleg.

6. Bijdrage Rucphen:

2026: € 344.558,00 2027: € 344.558,00 2028: € 344.558,00 2029: € 344.558,00

99

1. Naam: 2. Vestigingsplaats:

West-Brabants Archief

3. Belang dat wordt behartigd:

Onderbrengen en onderhouden statisch archief.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging in het Algemeen Bestuur.

6. Bijdrage Rucphen:

Bergen op Zoom

2026: € 128.756,00 2027: € 130.262,00 2028: € 133.942,00 2029: € 138.182,00

7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2026: € 255.095,00 resp. € 130.000,00 2026: € 448.394,00 resp. € 448.919,00 2026: € 0,00

Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2027 Financiële richtlijn 6 geldt niet voor WBA o.b.v. afspraken met de fiscus. Beleidsmatige richtlijnen Begroting 2027 Geen

Stichtingen en verenigingen 1. Naam: 2. Vestigingsplaats: 3. Belang dat wordt behartigd:

4. Veranderingen in belang gemeente: 5. Bestuur: 6. Bijdrage Rucphen (geraamd):

Karel. Etten-Leur Efficiënt en effectief inkopen en aanbesteden d.m.v. samenwerking tussen deelnemende gemeenten via gezamenlijke inkooptrajecten, kennisdeling e.d. n.v.t. Wethouder heeft zitting in het Algemeen Bestuur, hieruit wordt het Dagelijks Bestuur gekozen. 2026: € 144.541,00 2027: € 148.877,00 2028: € 153.343,00 2029: € 157.943,00

7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:

2024: € 345.801,00 resp. € 746.003,00 2024: € 490.383,00 resp. € 435.089,00 2024: € 400.202,00

100

Vennootschappen en coöperaties 1. Naam:

Brabant Water N.V.

2. Vestigingsplaats:

’s-Hertogenbosch

3. Belang dat wordt behartigd:

Verzorgen watervoorziening en verrichten van werkzaamheden die verband houden met de waterketen in de ruimste zin van het woord.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging als aandeelhouder

6. Financieel belang:

Deelname in maatschappelijk kapitaal € 102.101,00

1. Naam:

BNG Bank N.V.

2. Vestigingsplaats:

Den Haag

3. Belang dat wordt behartigd: 4. Veranderingen in belang gemeente:

Financiële dienstverlening van en voor overheden, waaronder gemeenten. n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging als aandeelhouder

6. Financieel belang:

Deelname in maatschappelijk kapitaal € 49.140,00

1. Naam:

Regionaal Werkgelegenheidsinstituut Westelijk NoordBrabant (Rewin) Breda

2. Vestigingsplaats: 3. Belang dat wordt behartigd:

Samenwerking op sociaal economisch terrein in West-Brabant om werkgelegenheid te bevorderen en concurrentiekracht te versterken.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging als aandeelhouder

6. Financieel belang:

Deelname in maatschappelijk kapitaal € 2.271,00

1. Naam: 2. Vestigingsplaats:

Saver N.V. Roosendaal

3. Belang dat wordt behartigd: 4. Veranderingen in belang gemeente:

Het borgen van continuïteit van een deugdelijke en betaalbare inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. n.v.t.

5. Bestuur:

Vertegenwoordiging als aandeelhouder

6. Financieel belang:

Deelname in maatschappelijk kapitaal € 150.000,00

1. Naam: 2. Vestigingsplaats:

Accommodatiebedrijf Rucphen B.V. Rucphen

3. Belang dat wordt behartigd:

het exploiteren van het zwembad met een zo groot mogelijk maatschappelijk rendement tegen een redelijke exploitatiebijdrage.

4. Veranderingen in belang gemeente:

n.v.t.

5. Bestuur:

Enig aandeelhouder

6. Financieel belang:

Deelname in maatschappelijk kapitaal € 100.000,00

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16158318/1