05 Programmabegroting 2022
Tekst van het document
1. Naam: 2. Vestigingsplaats:
Belgisch Nederlands Grensoverleg
3. Belang dat wordt behartigd:
Bevorderen van samenwerking tussen Belgische en Nederlandse grensgemeenten op daarvoor in aanmerking komende beleidsterreinen.
Breda
4. Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5. Bestuur:
Burgemeester en 1 wethouder van de deelnemende gemeenten.
6. Financieel belang:
2022: € 1.276,34 2023: € 1.276,34 2024: € 1.276,34
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:
2025: € 1.276,34 2022: € 165.535,46 resp. € 142.662,46 2022: € 0,00 resp. € 0,00 2022: € 0,00
90
1.
Naam:
Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant
2.
Vestigingsplaats:
Tilburg
3.
Belang dat wordt behartigd:
Gelet op de risico’s in het werkgebied is intergemeentelijke samenwerking op het gebied van brandweerzorg en hulpverlening noodzakelijk. Bovendien zijn gemeenten op grond van de Brandweerwet 1985 verplicht tot samenwerken.
4.
Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5.
Bestuur:
6.
Financieel belang:
Het algemeen bestuur wordt gevormd door de burgemeesters van de deelnemende gemeenten. 2022: € 1.150.678,00 2023: € 1.170.930,00 2024: € 1.189.665,00 2025: € 1.210.841,00
7. 8.
Eigen vermogen begin en einde jaar:
2022 € 14.392.000,00 resp. € 14.098.000,00
Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2022: € 53.837.000,00 resp. € 55.127.000,00
Resultaat boekjaar:
2022: € 0,00
Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2023: 8. De Gr wordt gevraagd de resultaten uit de takendiscussie door middel van bezuiniging scenario’s in beeld te brengen. 9. De Gr wordt gevraagd om de begroting op te stellen waarbij separaat inzichtelijk is wat de financiële gevolgen zijn van de diverse onderdelen met minimaal: • Indexering • Invoering omgevingswet • Bezuiniging scenario’s • Geen herijking maar wijziging van beleid. Beleidsmatige richtlijnen begroting 2023: 1.
2.
3.
4.
De Veiligheidsregio heeft als taak zorg te dragen voor crisisbeheersing, risicobeheersing, brandweerzorg, bevolkingszorg en geneeskundige hulpverlening bij rampen en crises met als doel gezamenlijk de fysieke veiligheid en maatschappelijke continuïteit in de regio te borgen. Zodoende draagt de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant bij aan een veilige omgeving. In het beleidsplan 2019-2023 zijn actiepunten opgenomen, die uiterlijk in 2023 moeten zijn gerealiseerd. In de kaderbrief 2023 geeft de Veiligheidsregio met het zicht op het einde van deze beleidsperiode aan welke actiepunten in 2023 centraal staan. In de begroting geeft de Veiligheidsregio aan op welke wijze deze actiepunten worden ingevuld. Onderdeel controles, toezicht en handhaving hoe staat het met de implementatie van het basistakenpakket? een algemene rapportage over de bevindingen van de controles (aantallen, overtredingen, opgelegde sancties) met zo mogelijk een differentiatie per gemeente. Verder zijn we benieuwd naar het volgende (deze zaken mogen ook terugkomen als projectvoortgang binnen de Burap): • Voortgang Safety Village (kosten, gebruik, etc.) • Voortgang Risk Factory • Regionaal Coördinatie Centrum : prestaties meldkamer.
91
1.
Naam:
Regio West-Brabant
2.
Vestigingsplaats:
Etten-Leur
3.
Belang dat wordt behartigd:
De gemeenten in West-Brabant hebben de gezamenlijke ambitie om de economisch-ruimtelijke structuur van de regio te versterken. Dit wil men bereiken door middel van coördinatie, planning, uitvoering, advies, overleg, vertegenwoordiging en lobbyactiviteiten op het gebied van economie, arbeidsmarkt, mobiliteit en ruimte.
4.
Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5.
Bestuur:
De burgemeester heeft zitting in het Algemeen Bestuur.
6.
Bijdrage Rucphen:
2022: € 500.436,00 2023: € 506.753,00 2024: € 533.594,00 2025: € 542.676,00
7. 8.
Eigen vermogen begin en einde jaar:
2022: € 650.000,00 resp. € 609.000,00
Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2022: € 7.669.000,00 resp. € 7.669.000,00
Resultaat boekjaar:
2022: € 0,00
Aanvullende financiële richtlijn begroting 2023: 1.
Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie.
Beleidsmatige richtlijnen begroting 2023 1. 2.
In de begroting 2023 wordt een doorkijk gegeven naar het actieprogramma vanaf 2023. Hierbij wordt aangegeven welke inzet van RWB en gemeenten nodig is om het actieprogramma te realiseren. In de begroting 2023 is een voorstel opgenomen over de voortzetting van de financiering van het programma VTE (vrijetijdseconomie).
1. Naam:
West-Brabants Archief
2. Vestigingsplaats:
Bergen op Zoom
3. Belang dat wordt behartigd:
Onderbrengen en onderhouden statisch archief.
4. Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5. Bestuur:
Vertegenwoordiging in het Algemeen Bestuur.
6. Bijdrage Rucphen:
2022: € 99.667,00 2023: € 99.667,00 2024: € 99.667,00 2025: € 99.667,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:
2022: € 128.073,00 resp. € 128.073,00 2022: € 298.600,00 resp. € 364.745,00 2022: € 0,00
Beleidsmatige richtlijnen begroting 2023: 1. We verwachten van het WBA een efficiënte en effectieve archiefinspectie (KPI) die zoveel mogelijk is beperkt op hoofdlijnen. 2. Actieve ondersteuning van het WBA op het moment dat er bij meerdere deelnemers op de hoofdpunten van de KPI dezelfde gebreken worden geconstateerd. 3. We verwachten dat het WBA ons meeneemt bij de consequenties van nieuwe wetgeving en de hieruit voortvloeiende beleidsdocumenten.
92
1. 2.
Naam: Vestigingsplaats:
Werkplein Hart van West-Brabant Etten-Leur
3.
Belang dat wordt behartigd:
Het Werkplein is opgericht ter uitvoering van de primaire wettelijke taken ten aanzien van de Participatiewet. Dit betreffen zowel de uitvoerende taken alsmede het verzorgen of ondersteunen van het operationeel beleid.
4.
Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5.
Bestuur:
Vertegenwoordiging in het Algemeen Bestuur.
6.
Bijdrage Rucphen:
2022: € 1.291.671,00 (uitvoeringskosten) 2023: € 1.330.910,00 (uitvoeringskosten) 2024: € 1.367.482,00 (uitvoeringskosten) 2025: € 1.390.138,00 (uitvoeringskosten)
7. 8.
Eigen vermogen begin en einde jaar:
2022: € 0,00 resp. € 0,00
Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2022: € 10.628.115,00 resp. € 10.757.430,00
Resultaat boekjaar:
2022: € 0,00
Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2023: 1. De gevolgen van de besluitvorming over de ketensamenwerking worden verwerkt in de begroting. 2. Wat betreft gezamenlijke activiteiten met de WVS en de ISD Brabantse Wal, zorgt het Werkplein HvWB ervoor dat hetgeen daarover in haar begroting is opgenomen aansluit bij de begrotingen van de WVS en de ISD Brabantse Wal. De drie begrotingen zijn de basis voor de ketenbegroting. 3. Het Werkplein HvWB maakt een onderbouwde meerjarige prognose van het aantal bijstandsontvangers. 4. Het Werkplein HvWB neemt in de bijlagen van de begroting een overzicht op met het verloop van de vaste en tijdelijke formatie sinds 2015. Hieruit blijkt welke mutaties er sinds 2015 in de formatie zijn doorgevoerd en met welke reden en de besluitvorming hierover. 5. Het Werkplein HvWB verschaft in de diverse P&C-documenten inzicht in de stand van de vorderingen en de voorziening dubieuze debiteuren. 6. Het Werkplein HvWB biedt inzicht in de mogelijkheden om de kosten voor de bedrijfsvoering terug te brengen tot het noodzakelijke minimum. Hierin zijn ook de synergievoordelen als gevolg van het samenvoegen van bedrijfsvoeringstaken binnen de ketensamenwerking opgenomen. Beleidsmatige richtlijnen begroting 2023: 1.
Het Werkplein HvWB stelt een begroting voor het jaar 2023 op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten tot het duurzaam beperken van het aantal uitkeringsgerechtigden en -lasten tot uitdrukking komt. 2. Het Werkplein HvWB gaat voorafgaand aan het opstellen van de begroting 2023 met de deelnemende gemeenten in gesprek over de concrete ambities van de gemeenten voor 2023 op het terrein van werk, inkomensondersteuning en inburgering. 3. Het Werkplein maakt concreet welke acties ondernomen worden en resultaten behaald zijn in 2023 in het kader van de organisatieontwikkeling. 4. De begroting 2023 dient een duidelijke onderbouwing te bevatten van de manier waarop het Werkplein HvWB de hiervoor genoemde (1 t/m 3) ambities gaat realiseren, alsmede de lasten die daarmee gepaard gaan. 5. De onderbouwing bevat concrete maatregelen die afdoende zijn om aanspraak te kunnen maken op een uitkering in het kader van de vangnetregeling mocht er over 2023 uiteindelijk onverhoopt toch sprake zijn van een overschrijding van de BUIG-budgetten. 6. In de begroting 2023 worden, voor zover te voorzien en nog nodig, maatregelen opgenomen om de financiële gevolgen van de coronacrisis (gedeeltelijk) op te vangen. 7. De begroting 2023 van het Werkplein HvWB is opgesteld overeenkomstig het gedachtegoed van de integrale ketensamenwerking met de WVS.
Het Werkplein HvWB en de WVS dienen beiden hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn. Dit dient tot uitdrukking te komen in een integrale ketenbegroting.
93
1. Naam: 2. Vestigingsplaats:
Regionaal Bureau Leren Breda
3. Belang dat wordt behartigd:
Uitvoering van de Leerplichtwet 1969 en de RMC wet.
4. Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5. Bestuur:
Wethouder Onderwijs heeft zitting in het bestuur.
6. Bijdrage Rucphen:
2022: € 36.598,00 2023: € 37.135,00 2024: € 38.016,00 2025: € 38.682,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2022: € 0,00 resp. € 0,00 2022: € 450.000,00 resp. € 450.00,00
8. Resultaat boekjaar:
2022: € 0,00
1. Naam: 2. Vestigingsplaats:
Belastingsamenwerking West-Brabant Etten-Leur
3. Belang dat wordt behartigd:
De BWB is verantwoordelijk voor de heffing en invordering van waterschapsbelastingen en verschillende gemeentelijke belastingen. Daarnaast geeft de BWB uitvoering aan de wet WOZ.
4. Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5. Bestuur:
Wethouder Financiën heeft zitting in het Algemeen bestuur.
6. Bijdrage Rucphen:
2022: € 376.400,00 2023: € 381.800,00 2024: € 387.200,00 2025: € 392.700,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:
2022: € 0,00 resp. € 0,00 2022: € 2.484.900,00 resp. € 2.334.900,00 2022: € 0,00
Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2023: 1. Autonome groei van productiekwantiteiten (aantal huishoudens, etc.) leidt in principe niet tot hogere financiële bijdragen van de deelnemers. De GR spant zich in om mogelijke extra kosten te compenseren door efficiencymaatregelen. Beleidsmatige richtlijnen begroting 2023: 1. In de strategie van de BWB is het streven opgenomen om voor alle gemeenten binnen het verzorgingsgebied van Waterschap Brabantse Delta de belastingtaken uit te voeren. De directie van de BWB wordt opgeroepen een actieve acquisitie te plegen richting de gemeenten die nog geen deel uitmaken van de GR. 2. De BWB wordt verzocht om aan de hand van benchmarkgegevens een prijs- en kwaliteitsvergelijking te doen met vergelijkbare organisaties en daarbij van die andere organisaties te kunnen leren en verbeteren.
94
Gemeenschappelijke regeling voor Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GIA) en meldpunt Crisiszorg West-Brabant Breda
1.
Naam:
2.
Vestigingsplaats:
3.
Belang dat wordt behartigd:
Met deze "centrumregeling" worden de taken en verantwoordelijkheden van alle deelnemende gemeenten en de specifieke rol van Breda als centrumgemeente, op het terrein van Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en crisiszorg , publiekrechtelijk vastgelegd.
4.
Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5.
Bestuur:
6.
Bijdrage Rucphen:
Bij een centrumregeling is geen sprake van een eigen bestuur. Wel is er sprake van een plenair overleg en een stuurgroep. Rucphen neemt deel aan het plenair overleg. 2022: € 175.590,00 2023: € 175.590,00 2024: € 175.590,00 2025: € 175.590,00
7. 8.
Eigen vermogen begin en einde jaar:
2022: € 0,00 resp. € 0,00
Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2022: € 0,00 resp. € 0,00
Resultaat boekjaar:
2022: € 0,00
Stichtingen: 1. Naam:
Stichting Inkoopbureau West Brabant
2. Vestigingsplaats:
Etten-Leur
3. Belang dat wordt behartigd:
Efficiënt en effectief inkopen en aanbesteden d.m.v. samenwerking tussen deelnemende gemeenten via gezamenlijke inkooptrajecten, kennisdeling e.d. n.v.t.
4. Veranderingen in belang gemeente: 5. Bestuur: 6. Bijdrage Rucphen (geraamd):
Wethouder in het Algemeen Bestuur, hieruit wordt het Dagelijks Bestuur gekozen. 2022: € 119.251,00 2023: € 122.824,00 2024: € 126.504,00 2025: € 130.294,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2020: € 493.007,00 resp. € 569.680,00 2020: € 332.404,00 resp. € 916.403,00
8. Resultaat boekjaar:
2020: € 76.673,00
1. Naam:
Stichting Halt
2. Vestigingsplaats:
Roosendaal
3. Belang dat wordt behartigd:
Uitvoering van alternatieve straffen
4. Veranderingen in belang gemeente: 5. Bestuur:
n.v.t.
6. Bijdrage Rucphen (geraamd):
n.v.t. 2022: € 5.863,00 2023: € 5.863,00 2024: € 5.863,00 2025: € 5.863,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar: 8. Resultaat boekjaar:
2020 € 2.250.847,00 resp. € 2.670.756,00 2020 € 3.168.517,00 resp. € 3.533.700,00 2020 € 419.909,00
95
Daarnaast bezit de gemeente aandelen in het maatschappelijk kapitaal van: 1. Naam:
Brabant Water N.V.
2. Vestigingsplaats:
’s-Hertogenbosch
3. Belang dat wordt behartigd:
4. Veranderingen in belang gemeente:
Verzorgen watervoorziening en verrichten van werkzaamheden die verband houden met de waterketen in de ruimste zin van het woord. n.v.t.
5. Bestuur:
Vertegenwoordiging als aandeelhouder
6. Financieel belang:
Deelname in maatschappelijk kapitaal € 102.101,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar:
2020: € 665.384.000,00 resp. € 674.183.000,00
Vreemd vermogen begin en einde jaar:
2020: € 466.261.000,00 resp. € 511.876.000,00
8. Resultaat boekjaar:
2020: € 8.913.000,00 voordelig
1. Naam: 2. Vestigingsplaats:
BNG Bank N.V.
3. Belang dat wordt behartigd: 4. Veranderingen in belang gemeente:
Financiële dienstverlening van en voor overheden, waaronder gemeenten. n.v.t.
5. Bestuur:
Vertegenwoordiging als aandeelhouder
6. Financieel belang:
Deelname in maatschappelijk kapitaal € 49.140,00
7. Eigen vermogen begin en einde jaar: Vreemd vermogen begin en einde jaar:
Den Haag
2020 € 4.887.000.000,00 resp. € 5.097.000.000,00 2020 € 144.802.000.000,00 resp. € 150.165.000.000,00
8. Resultaat boekjaar:
2020 € 221.000.000,00
1. Naam:
Regionaal Werkgelegenheidsinstituut Westelijk NoordBrabant (Rewin) Breda
2. Vestigingsplaats: 3. Belang dat wordt behartigd:
Samenwerking op sociaal economisch terrein in West-Brabant om werkgelegenheid te bevorderen en concurrentiekracht te versterken.
4. Veranderingen in belang gemeente:
n.v.t.
5. Bestuur:
Vertegenwoordiging als aandeelhouder
6. Financieel belang:
Deelname in maatschappelijk kapitaal € 4.338,00 2022: € 69.271,00 2023: € 70.588,00 2024: € 71.929,00 2025: € 78.453,00
1. Naam: 2. Vestigingsplaats:
Saver N.V. Roosendaal
3. Belang dat wordt behartigd: 4. Veranderingen in belang gemeente:
Het borgen van continuïteit van een deugdelijke en betaalbare inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. n.v.t.
5. Bestuur:
Vertegenwoordiging als aandeelhouder
6. Financieel belang:
Deelname in maatschappelijk kapitaal € 150.000,00 ( 1.200 aandelen)
96
5.7
Grondbeleid
Beleidskader Het grondbeleid in de gemeente is ondersteunend aan een groot aantal taken en programma’s. Het beleid richt zich er op de gemeente zodanig te ontwikkelen dat een samenhang ontstaat in functies op het gebied van de ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer, sport en recreatie en de economische structuur. Het grondbeleid wordt zodanig gevoerd dat de aanleg van infrastructuur past binnen de gewenste verkeersbewegingen in de gemeente en dat huisvesting geboden kan worden aan enerzijds de burger van Rucphen en anderzijds aan de bedrijven die zich binnen de gemeentegrenzen wensen te vestigen. Uitgangspunt bij het grondbeleid is dat zowel de ontwikkeling van de plannen als de uitvoering van de werkzaamheden onder regie van de gemeente plaatsvindt. Het prijsbeleid is gericht op het verkrijgen van marktconforme opbrengsten. Uiteraard voor zover dit past binnen de exploitatieopzetten van de plannen. Ontwikkelingen die van invloed zijn op de grondexploitatie De verkoopcijfers hebben continu onze aandacht. Met name is dit van belang ten aanzien van de kantorenzone in de Binnentuin. Kengetallen* a. algemeen soort complex Oppervlakte m² Looptijd
Hofstede uitbreidingslocatie 97.725 2019 - 2027
b. grondgebruik exploitatie door: Woningen m² | uitgifte grond % | aantal Bedrijven m² | uitgifte grond % | aantal Infrastructuur m² | % Groen & water m² |%
gemeente en derden 45.093 m² | 46 % | 191 nee 35.365 m² | 36 % 17.267 m² | 18 %
c. kosten /opbrengsten Kosten (verwerving/bouw-en woonrijpmaken/ rente) Verkopen m² Verwachte winst -waarvan tussentijds genomen:
€ € € €
* Kengetallen van de belangrijkste in uitvoering zijnde plannen
6.217.300,00 8.011.300,00 1.794.000,00 -
De Binnentuin uitbreidingslocatie 125.255 2008 - 2026
gemeente nee 97.673 m² | 78 % 7.341 m² | 6 % 20.241 m² | 16 %
€ € € €
11.272.800,00 11.541.900,00 269.100,00 -
97
Voortgang in programma, planning en geld Complex
Plansaldo 2
Looptijd 1
(X € 1.000) = resultaat 55 De Binnentuin
Programma woningen / bedrijven
+/-
V
V
56 Emmaus(Den Berg)
X
+/-
V
60 Hofstede
X
V
V
62 Centrum Rucphen
+/-
+/-
V
64 Leisuregebied Binnentuin
+/-
V
V
Legenda:
V +/-
X
1 2
Project verloopt volgens bestuurlijk vastgesteld plan (grondexploitatie en stedenbouwkundig Plan) Project wijkt af van bestuurlijks vastgesteld plan op één of meer onderdelen: - looptijd < 1 jaar - Plansaldo: afwijking < € 50.000 en/of < 10% - Programma: afwijking < 10% Project wijkt af van bestuurlijks vastgesteld plan op één of meer onderdelen: - looptijd > 1 jaar - Plansaldo: afwijking > € 50.000 en/of > 10% - Programma: afwijking > 10% De looptijd bij +/- is verlengd met een jaar Het plansaldo wijkt in totaliteit voor alle plannen € 43.402 af (positief)
98
Overzicht resultaten en risico verwachte winstneming Complex
Tussentijdse Winstneming
Restant resultaat
X € 1.000
Plansaldo = resultaat
55 De Binnentuin
269
0
269
56 Emmaus (Den Berg)
-86
-86
60 Hofstede
1.794
62 Centrum Rucphen
-788
-788
*
148
Leisuregebied 64 Binnentuin
-678
-678
*
415
511
-1.552
*
Totaal treffen van een voorziening
2022
2023
2024 en verder
gecalculeerd risico
269
356
*
332 1.794
1.794
0
0
2.063
966
2.217
99
6
Het overzicht van baten en lasten
6.1
De Programmabegroting 2022
De samenstelling van de programmabegroting is begonnen met het opiniërend bespreken door de raad van Kadernota 2022 op 7 juli 2021. In deze Kadernota zijn algemene uitgangspunten en de relevante onderwerpen uit het Coalitieakkoord 2018-2022 vastgesteld: Algemene uitgangspunten 1.
2. 3.
4.
5.
6. 7.
Een actuele financiële basis: De Programmabegroting 2022 zal door de raad op 10 november 2021 worden vastgesteld en dient volledig geactualiseerd te zijn. Dit houdt in dat de eventuele financiële consequenties van alle raadsvoorstellen voor de vergadering van 12 oktober 2021 verwerkt zijn. Claims in de Kadernota: Claims en knelpunten uit de Kadernota 2022 zijn verwerkt in de begroting 2022 – 2025. Belastingopbrengsten: Voor de afvalstoffenheffing en rioolheffing wordt 100% kostendekkendheid gehanteerd. Voor de OZB is op grond van het Coalitieakkoord in 2022 een opbrengstenstijging van maximaal 2% per jaar (cumulatief) van toepassing. Ook voor de volgende 3 jaren hebben wij dit percentage toegepast. Een aantal belastingen en rechten is aan die stijging gekoppeld. Voor leges geldt in een aantal gevallen een voorgeschreven tarief, in andere gevallen wordt gebruik gemaakt van landelijke rekenmodellen voor de bepaling van het tarief. In de programmabegroting zullen nadere gegevens worden verstrekt. Definitieve besluitvorming omtrent de belastingtarieven zal in de raadsvergadering van december 2021 plaatsvinden. Mutaties op de gemeentefondsuitkering: Eventuele (decentralisatie) kortingen op de gemeentefondsuitkering dienen binnen de budgetten van die taken te worden opgevangen. Zo nodig kan compensatie binnen het betreffende programma worden gezocht.
Indien wettelijke taken dat noodzakelijk maken, kunnen andere prioriteiten worden gesteld. Toename van middelen in de gemeentefondsuitkering voor een specifieke taak leidt in principe tot verhoging van het betreffende budget. Slechts na zorgvuldige afweging kunnen deze middelen voor andere doeleinden worden ingezet. Cao-ontwikkelingen ambtenarensalarissen: De meest actuele informatie ten aanzien van de loonkostenontwikkelingen, waaronder werkgeverspremies, wordt meegenomen bij de bepaling van het meerjarig loonkostenbudget. Indien geen cao-ontwikkeling voor de volledige meerjarenbegroting bekend is, wordt op basis van historische gegevens een indexering bepaald. Oud voor nieuw: De lasten van nieuw en/of aangepast beleid dienen binnen bestaande budgetten te worden opgevangen. Budget voor kapitaallasten investeringen: Uitgangspunt zijn de ramingen in de meerjarenbegroting 2021 – 2024, naar aanleiding van het in de kadernota opgenomen investeringsprogramma zal een herrekening van de lasten plaatsvinden.
Uitgangspunten uit het Coalitieakkoord 2018-2022 Op 8 mei 2018 is het coalitieakkoord voor de huidige zittingsperiode van de gemeenteraad vastgesteld. In de Kadernota 2019 hebben we een drietal uitgangspunten (die relevant waren voor de Kadernota en niet waren opgenomen onder de algemene uitgangspunten) afzonderlijk opgenomen, te weten: 1. Taken op het gebied van het sociaal domein worden uitgevoerd binnen de middelen die het Rijk hiervoor beschikbaar stelt. 2. De taakstelling “kleine overheid” wordt niet afgewenteld op de kosten van bedrijfsvoering, maar wordt gezien als een algehele korting op het gemeentefonds. 3. Vanaf 2021 wordt een structurele efficiencykorting van € 150.000,00 doorgevoerd op het organisatiebudget. Voor wat betreft punt 1 geldt dat uit het in 2019 door Kurtosis uitgevoerde onderzoek is gebleken dat het criterium “rijksbudget = gemeentebudget” moet worden losgelaten. Met betrekking tot punt 2 kunnen wij melden dat deze vanaf 2019 structureel in de begroting is verwerkt en punt 3 vanaf 2021.
100
6.2
Overzicht van baten en lasten
Op deze bladzijde is een recapitulatie opgenomen van de programmabegroting, aangevuld met een samenvatting van het overzicht van algemene dekkingsmiddelen en de ramingen voor de kosten van overhead, de verschuldigde vennootschapsbelasting en de post voor onvoorziene uitgaven. Daaruit wordt het ”saldo van baten en lasten” bepaald. Tot slot worden per programma de onttrekkingen aan en de stortingen in de reserves vermeld, waarna het begrotingsresultaat ontstaat.
Programma's
0. Bestuur en ondersteuning
1. Veiligheid
2. Verkeer, vervoer en waterstaat
3. Economie
4. Onderwijs
5. Sport, cultuur en recreatie
6. Sociaal domein
7. Volksgezondheid en milieu
8. Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
Totaal programma's
Rekening 2020
Begr. na wijz. 2021
Begroting 2022
Rekening 2020
Begr. na wijz. 2021
Begroting 2022
Lasten
-1.894.607
-2.255.877
-2.145.845
Baten Saldo
263.849 -1.630.758
329.334 -1.926.543
305.034 -1.840.811
Lasten
-1.897.029
-2.767.080
-1.967.759
Baten Saldo
41.483 -1.855.546
117.639 -2.649.441
23.736 -1.944.023
Lasten
-3.564.809
-4.695.260
-4.534.841
Baten Saldo
174.654 -3.390.155
148.181 -4.547.079
66.152 -4.468.689
Lasten
-419.708
-479.777
-440.330
Baten Saldo
152.596 -267.112
144.038 -335.739
150.711 -289.619
Lasten
-1.729.461
-1.819.264
-2.146.566
Baten Saldo
637.769 -1.091.692
639.256 -1.180.008
651.559 -1.495.007
Lasten
-3.322.921
-3.755.378
-3.815.348
Baten Saldo
615.613 -2.707.308
271.685 -3.483.693
127.011 -3.688.337
Lasten
-31.732.653
-31.689.848
-30.457.348
Baten Saldo
8.351.203 -23.381.450
6.730.183 -24.959.665
5.914.005 -24.543.343
Lasten
-5.204.453
-5.647.495
-5.557.343
Baten Saldo
5.324.774 120.321
5.397.170 -250.325
5.426.629 -130.714
Lasten
-6.707.378
-10.089.923
-10.985.459
Baten Saldo
6.195.591 -511.787
10.420.861 330.938
10.170.924 -814.535
Lasten
-56.473.019
-63.199.902
-62.050.839
Baten
21.757.533
24.198.347
22.835.761
Saldo
-34.715.486
-39.001.555
-39.215.078
Algemene dekkingsmiddelen Lokale heffingen
3.383.026
3.666.836
3.747.128
Algemene uitkering uit het gemeentefonds
37.976.056
40.333.858
42.139.392
Dividenden
24.963
35.577
38.000
Saldo financieringsfunctie
309.663
34.925
104.232
Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal algemene dekkingsmiddelen
22.816
-176.328
-325.060
41.716.524
43.894.868
45.703.692