05 Kadernota 2023
Tekst van het document
Kadernota 2023 van de gemeente Rucphen
2
3
Inhoudsopgave Kadernota 2023 Gemeente Rucphen 1.
Inleiding .................................................................................................................................... 5
2.
Begrotingsuitgangspunten ......................................................................................................... 6
3.
Claims en knelpunten................................................................................................................. 8
4.
Investeringsprogramma 2023 – 2026 ...................................................................................... 12
4.1 Meerjaren investeringsprogramma 2023 – 2026............................................................................. 12 4.2 Toelichtingen investeringen ......................................................................................................... 16 5.
Toekomstige ontwikkelingen en bestuurlijke ambities ............................................................ 22
5.1. Toekomstige ontwikkelingen ....................................................................................................... 22 5.2. Bestuurlijke ambities ................................................................................................................. 22 6.
Actualisatie financiële positie 2023 – 2026 .............................................................................. 28
6.1. Inleiding ................................................................................................................................... 28 6.2. Opbouw financiële positie ............................................................................................................ 28 6.3. Uitgangspositie .......................................................................................................................... 29 6.3.1. Primitieve begroting .............................................................................................................. 29 6.3.2. Vaststelling programmabegroting 2022 – 2025......................................................................... 29 6.3.3. Raadsbesluiten met gevolgen voor de financiële positie 2023 – 2026 .......................................... 29 6.3.4. Uitgangspunt voor de kadernota ............................................................................................. 29 6.4. Relevante kostenontwikkelingen................................................................................................... 29 6.4.1. Ontwikkelingen loonkostenbudget ........................................................................................... 29 6.4.2. De ontwikkelingen in het benodigde kapitaallastenbudget, inclusief de effecten van het ................ 29 6.4.3. De kostenontwikkeling a.g.v.
deelname in gemeenschappelijke regelingen .................................. 30 6.5. Relevante ontwikkelingen rondom de belangrijkste opbrengstencomponenten ................................... 32 6.5.1. Beleidsuitgangspunten lokale heffingen ................................................................................... 32 6.5.2. Onroerende zaakbelastingen .................................................................................................. 32 6.5.3. Overige heffingen, rechten en leges ........................................................................................ 33 6.5.4 Ontwikkelingen gemeentelijk belastinggebied ............................................................................ 34 6.5.5. Algemene uitkering gemeentefonds ........................................................................................ 34 6.5.6. Dividend nv Bank Nederlandse Gemeenten ............................................................................. 39 6.6. Overige financiële mutaties ......................................................................................................... 40 6.7. Benodigd weerstandvermogen en risicomanagement ...................................................................... 40 7.
Financieel totaaloverzicht 2023 - 2026 .................................................................................... 44
8.
Voorstel ................................................................................................................................... 45
4
5
1.
Inleiding
In artikel 4 van de verordening 212 Gemeentewet (de ‘Financiële verordening gemeente Rucphen 2018’) is voorgeschreven dat wij u een nota aanbieden met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de ontwerpbegroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenbegroting. Het nu voorliggende document is de Kadernota, die is gericht op het begrotingsjaar 2023 en de drie daarop volgende jaren. Vorig jaar hebben we in verband met de onzekerheid die er op dat moment was met betrekking tot de algemene uitkering van het Gemeentefonds een financieel technisch en beleidsarme Kadernota opgesteld, die door uw raad opiniërend is behandeld. Ook bij deze Kadernota 2023 is het uitgangspunt dat dit een financieel technisch en beleidsarm document is om opiniërend te bespreken en dat besluitvorming uiteindelijk plaats vindt door verwerking in de begroting 2023. Met "financieel technisch" doelen we vooral op het beschikbaar stellen van de financiële informatie die tijdens het opstellen van deze Kadernota bekend is (denk m.n. aan inzicht in de begrotingen van de Verbonden Partijen, investeringsplanning en kapitaallasten, algemene uitkering gemeentefonds en een overzicht van onvoorziene, onvermijdelijke en onuitstelbare knelpunten/claims).
De reden om deze Kadernota financieel technisch en beleidsarm op te stellen, wordt veroorzaakt doordat op het moment van opstellen van deze Kadernota, de coalitievorming nog niet afgerond is. Hoofdstuk 2 van deze Kadernota bevat de gebruikelijke opsomming van de financiële begrotingsuitgangspunten. In hoofdstuk 3 beschrijven we de claims en knelpunten. Hierbij hebben we als toetsingskader de 3 O’s toegepast (onvoorzien, onvermijdelijk en onuitstelbaar). Voor deze zaken en voor de investeringen in hoofdstuk 4 geldt dat ze in de Programmabegroting 2023 worden opgenomen. Na vaststelling van die begroting zijn de budgetten en kredieten pas beschikbaar voor het begrotingsjaar 2023. In hoofdstuk 5 wordt een aantal ontwikkelingen toegelicht waarvan de financiële consequenties nu nog niet in beeld zijn en worden bestuurlijke ambities toegelicht waarvoor op dit moment de financiële middelen niet voorhanden zijn. In hoofdstuk 6 actualiseren we de financiële positie voor de jaren 2023 t/m 2026. Hier komen o.a. de consequenties van de begroting van de verbonden partijen aan de orde, maar ook de algemene uitkering uit het gemeentefonds en het weerstandsvermogen. De Meicirculaire, ontvangen op 1 juni 2022, is verwerkt in deze Kadernota. Hoofdstuk 7 vormt het financiële slotstuk van de Kadernota.
Na verwerking van alle nu bekende gegevens, sluit het jaar 2023 met een positief saldo van € 4.072.002,00. De jaren na 2023 sluiten ook positief met de volgende bedragen: € 3.489.242,00 in 2024; € 5.002.176,00 in 2025 en € 2.291.501,00 in 2026. Om te kunnen beoordelen of een begroting inderdaad structureel sluitend is, zijn deze saldi in hoofdstuk 7 gecorrigeerd met de geraamde eenmalige baten en lasten en stortingen in en onttrekkingen aan reserves. Voor de Provincie is dit een toetsingsnorm. Na verwerking van de eenmalige zaken zijn alle jaren structureel sluitend. We moeten ons er wel van bewust zijn dat deze Kadernota een momentopname is en dat er tal van externe factoren van invloed kunnen zijn op zowel de uitgaven als de inkomsten van de gemeente. Zo kan bijvoorbeeld de Septembercirculaire 2022 van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds afwijken en tot een ander begrotingsnadeel/-voordeel leiden. Daarnaast zijn de bestuurlijke ambities uit hoofdstuk 5 nog niet ingevuld en zal in de periode tussen de Kadernota 2023 en de begroting 2023 een collegewerkprogramma opgesteld worden wat eventueel financiële consequenties met zich mee kan brengen.
6
2.
Begrotingsuitgangspunten
In dit hoofdstuk worden de financiële uitgangspunten vermeld, zoals die vooral gebruikt zijn voor de volgende hoofdstukken van dit document en de meerjarenbegroting 2023-2026. Tijdens het opstellen van deze Kadernota 2023 was er nog geen nieuw coalitieakkoord. Om deze reden zijn in dit hoofdstuk dan ook naast de algemene en veelal gebruikelijke uitgangspunten, de relevante onderwerpen uit het Coalitieakkoord 2018-2022 opgesomd. Voor de samenstelling van de begroting 2023 worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Algemene uitgangspunten 1. Een actuele financiële basis: Uitgangspunt is dat alle beschikbare informatie benut is bij de samenstelling van “Kadernota 2023” en Programmabegroting. De Kadernota zal door de raad op 6 juli 2022 worden besproken en dient volledig geactualiseerd te zijn. Dit houdt in dat financiële consequenties van alle reeds genomen raadsbesluiten, maar ook van de raadsvoorstellen voor de vergadering van 6 juli 2022 verwerkt dienen te zijn. 2. Claims en knelpunten in de Kadernota: Claims kunnen betrekking hebben op wettelijk verplichte zaken, die benodigd zijn voor het realiseren van een bezuinigingstaakstelling of door een andere reden onontkoombaar zijn. Tevens kunnen claims voortvloeien uit eerder vastgesteld beleid. Per geval wordt beoordeeld of jaarlijkse indexering van budgetten voor claims toegepast dient te worden.
Standaard wordt, indien beïnvloeding van de uitgaven niet mogelijk is teneinde het budget op hetzelfde niveau te handhaven, uitgegaan van een index van 1% per jaar. Claims kleiner dan € 5.000,00 worden door het college beoordeeld maar dienen als uitgangspunt binnen andere budgetten van het betreffende programma te worden opgevangen. In deze Kadernota zijn alleen claims opgenomen die de toets van de 3 O’s (onvoorzien, onvermijdelijk en onuitstelbaar) hebben doorstaan. 3. Belastingopbrengsten: Voor de afvalstoffenheffing en rioolheffing wordt 100% kostendekkendheid gehanteerd. Voor de OZB is op grond van het Coalitieakkoord 2018-2022 in 2023 een opbrengstenstijging van maximaal 2% per jaar (cumulatief) van toepassing. Ook voor de volgende 3 jaren hebben wij dit percentage toegepast. Een aantal belastingen en rechten is aan die stijging gekoppeld. Voor leges geldt in een aantal gevallen een voorgeschreven tarief, in andere gevallen wordt gebruik gemaakt van landelijke rekenmodellen voor de bepaling van het tarief. In de programmabegroting zullen nadere gegevens worden verstrekt. Definitieve besluitvorming omtrent de belastingtarieven zal in de raadsvergadering van december 2022 plaatsvinden. 4. Mutaties op de gemeentefondsuitkering: Eventuele (decentralisatie) kortingen op de gemeentefondsuitkering dienen binnen de budgetten van die taken te worden opgevangen.
Zo nodig kan compensatie binnen het betreffende programma worden gezocht. Indien wettelijke taken dat noodzakelijk maken, kunnen andere prioriteiten worden gesteld. Toename van middelen in de gemeentefondsuitkering voor een specifieke taak leidt in principe tot verhoging van het betreffende budget. Slechts na zorgvuldige afweging kunnen deze middelen voor andere doeleinden worden ingezet. 5. Cao-ontwikkelingen ambtenarensalarissen: De meest actuele informatie ten aanzien van de loonkostenontwikkelingen, waaronder werkgeverspremies, wordt meegenomen bij de bepaling van het meerjarig loonkostenbudget. Indien geen cao-ontwikkeling voor de volledige meerjarenbegroting bekend is, wordt op basis van historische gegevens een indexering bepaald. 6. Oud voor nieuw: De lasten van nieuw en/of aangepast beleid dienen binnen bestaande budgetten te worden opgevangen. 7. Budget voor kapitaallasten investeringen: Uitgangspunt zijn de ramingen in de meerjarenbegroting 2022 - 2025, naar aanleiding van het in de kadernota opgenomen investeringsprogramma zal een herrekening van de lasten plaatsvinden.
7
Uitgangspunten uit het Coalitieakkoord 2018-2022 Op 8 mei 2018 is het coalitieakkoord voor de huidige zittingsperiode van de gemeenteraad vastgesteld. In de Kadernota 2019 hebben we een drietal uitgangspunten (die relevant waren voor de Kadernota en niet waren opgenomen onder de algemene uitgangspunten) afzonderlijk opgenomen, te weten: 1. Taken op het gebied van het sociaal domein worden uitgevoerd binnen de middelen die het Rijk hiervoor beschikbaar stelt. 2. De taakstelling “kleine overheid” wordt niet afgewenteld op de kosten van bedrijfsvoering, maar wordt gezien als een algehele korting op het gemeentefonds. 3. Vanaf 2021 wordt een structurele efficiencykorting van € 150.000,00 doorgevoerd op het organisatiebudget. Voor wat betreft punt 1 geldt dat uit het in 2019 door Kurtosis uitgevoerde onderzoek is gebleken dat het criterium “rijksbudget = gemeentebudget” moet worden losgelaten. Met betrekking tot de punten 2 en 3 kunnen wij melden dat deze vanaf 2019 structureel in de begroting zijn verwerkt.
8
3.
Claims en knelpunten
In dit hoofdstuk worden alle structurele en eenmalige claims op een rijtje gezet. Wij hebben het toetsingskader aangescherpt om tot een beleidsarme kadernota te komen. In onderstaande tabel zijn alleen de claims en knelpunten opgenomen die de toets van de 3 O’s (onvoorzien, onvermijdelijk en onuitstelbaar) hebben doorstaan. De overige claims en knelpunten die niet door dit toetsingskader zijn gekomen, zijn opgenomen in hoofdstuk 5 bij het onderdeel bestuurlijke ambities. Claims Kadernota 2023 Eenmalig onderwerp
2023
2024
2025
Programma Veiligheid KN23/E1 Juridisch adviseur Handhaving
85.000
86.700
88.434
Programma Verkeer, Vervoer en Waterstaat KN23/E2 Dorpsbus Sprundel St. Willebrord
10.000
Programma Onderwijs KN23/E3 Gymzaal Sprundel
13.000
Programma Sport, Cultuur en Recreatie KN23/E4 Verzekering en belastingen nieuw en oud zwembad
16.100
Totaal eenmalig
2026
13.000
124.100
99.700
88.434
0
2023
2024
2025
2026
9.821 150.000 190.000 89.000 20.000
10.047 150.000 190.000 139.780 20.200
10.278 150.000 190.000 175.576 20.402
10.514 150.000 190.000 179.493 20.606
Programma Economie KN23/S6 Verhogen budget stroomkasten markt en standplaatsen
9.000
13.500
13.635
13.771
Programma Sport, Cultuur en Recreatie KN23/S7 Onderhoud atletiekbaan AVR’90
15.000
15.150
15.302
15.455
Programma Sociaal Domein KN23/S8 Niet vrij toegankelijke zorg
280.000
280.000
280.000
280.000
Totaal structureel
762.821
818.677
855.193
859.839
Totaal alle claims en knelpunten Waarvan eenmalig (tlv reserve kadernota)
886.921 124.100
918.377 99.700
943.627 88.434
859.839 0
Tlv de algemene dekkingsmiddelen
762.821
818.677
855.193
859.839
Structureel onderwerp Programma Bestuur en ondersteuning KN23/S1 Strippenkaart applicatiebeheer KN23/S2 Stelpost inflatie KN23/S3 Energiekostenstijging KN23/S4 Informatieveiligheid KN23/S5 Arbodienst West Brabant
Toelichting op claims en knelpunten: Eenmalige claims KN23/E1 Juridisch adviseur handhaving Voor de periode tot 2023 zijn tijdelijke middelen beschikbaar gesteld voor de uitbreiding van de capaciteit voor juridische handhaving. Bovenop de structurele capaciteit van 1 fte is 1 fte extra aangetrokken om tijdelijk de vele projecten op het gebied van handhaving af te wikkelen. Denk hierbij onder andere aan het project vitale recreatieparken. We zien echter dat de werkvoorraad hoog blijft en het onmogelijk door 1 handhavingsjurist binnen de wettelijke termijnen kan worden opgepakt en afgewerkt. De komst van het nieuwe Omgevingsrecht (meer vrijheden aan de voorkant met mogelijk meer twisten aan de achterkant) zal de werkdruk naar
9
verwachting niet verbeteren. Om deze reden is een claim ingediend voor de jaren 2023 tot en met 2025 voor de invulling van 1fte. Deze fte wordt ingezet voor het project kwaliteitsimpuls buitengebied. De kosten van 1 fte bedragen € 85.000,00 en worden in de jaren daarna geïndexeerd met 2%. KN23/E2 Dorpsbus Sprundel / St. Willebrord In het najaar van 2018 heeft de Provincie haar openbare vervoersvisie vastgesteld “Gedeelde mobiliteit op maat”. In dit provinciaal beleid worden naast het klassiek openbaar vervoer, de mobiliteit voor doelgroepen als maatwerk centraal ingesteld. Immers voor de mobiliteit van personen met een valide en/of mobiele beperking is alternatief vervoer nodig. Om een goed beeld te krijgen hoeveel gebruik wordt gemaakt van deze vervoersvoorziening is wenselijk om het alternatief vervoer als pilot uit te voeren. In 2020 is gestart met de pilot Dorpsbus Sprundel / St. Willebrord voor de periode tot 2023. Hiervoor is bij de Programmabegroting 2020 een eenmalig bedrag beschikbaar gesteld van € 40.000,00. Vanwege het coronavirus heeft de Dorpsbus niet of slechts sporadisch gereden. Vanuit de Provincie Noord-Brabant is voorgesteld om de pilot met één jaar te verlengen naar 2023. Omdat de pilot door de Provincie, Arriva en de gemeente wordt bekostigd wordt de claim ingediend. De claim bedraagt eenmalig € 10.000,00.
KN23/E3 Gymzaal Sprundel Het dorpswerk Sprundel heeft vorig jaar de huurovereenkomst voor het beheer van de gymzaal in Sprundel opgezegd. Niettemin wil het dorpswerk het beheer aan de gymzaal blijven doen, mits zij gecompenseerd worden voor exploitatietekorten (ca. € 13.000,00 op jaarbasis). Als we het beheer als gemeente zelf gaan uitvoeren stijgen de kosten ook met minimaal hetzelfde bedrag. Voor de jaren 2023 en 2024 is een claim ingediend van € 13.000,00 om tegemoet te komen aan het dorpswerk Sprundel. In die periode wordt bekeken hoe hier structureel invulling aan gegeven wordt. KN23/E4 Verzekering en belastingen nieuw en oud zwembad De oplevering van het nieuwe zwembad staat gepland in januari 2023. Het oude zwembad blijft in gebruik tot de ingebruikname van het nieuwe zwembad. Op 1 januari 2023 heeft de gemeente Rucphen dus zowel het oude zwembad als het nieuwe zwembad in eigendom. 1 januari 2023 is de peildatum voor zowel de Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) als voor de verzekering. Over de situatie op dat moment moet voor het jaar 2023 belasting en verzekering worden betaald, dus over 2 gebouwen. De belastingen zijn verschuldigd over heel 2023, de verzekering over een gedeelte van het jaar (afhankelijk van de datum van overdracht). De claim bedraagt € 16.100,00.
Deze bestaat uit de volgende onderdelen: - € 10.000,00 voor OZB; - € 2.500,00 voor rioolheffing; - € 3.600,00 voor verzekering. Structurele claims: KN23/S1 Applicatiebeheer Sociaal Domein “Suites voor het Sociaal Domein” is een applicatie die gebruikt wordt door gemeenten en is bedoeld om gegevens te beheren en processen te stroomlijnen. Het applicatiebeheer van Suite wordt steeds belangrijker voor een efficiënte bedrijfsvoering en financiële beheersing van het sociaal domein. De noodzaak van datagestuurd werken neemt alsmaar toe en deze specialistische kennis is intern niet toereikend aanwezig. Deze specialistische kennis wordt sinds 2021 ingehuurd en loopt in 2022 via een zogenaamde strippenkaart. Met deze strippenkaart kunnen we externe deskundigheid inzetten op de noodzakelijke momenten. Het structureel doortrekken van de inhuur bedraagt € 9.821,00 in 2023, met daarna een jaarlijkse indexering van 2,3%. KN23/S2 Stelpost inflatie We leven in een tijd met veel grote ontwikkelingen in de wereld. Deze ontwikkelingen hebben en gaan een negatief effect veroorzaken op onze gemeentebegroting. Met betrekking tot de inflatie wordt landelijk gerekend met 2,9% en dit was 2,5%. Dit betreft een verwachting en er zijn geluiden dat het veel forser gaat worden. In onze begroting hebben we op de meeste reguliere budgetten een indexering toegepast van 1%.
Als we dit blijven hanteren, lopen we het risico dat we op veel budgetten overschrijdingen gaan krijgen. Om deze reden stellen we voor om vanaf 2023 een stelpost op te nemen in de begroting van 3% index op de regulier budgetten. We hanteren hier 3%, omdat deze stijging naar verwachting ook weer niet op alle budgetten van toepassing zal zijn. Een stelpost van 3% indexering komt neer op een claim van € 150.000,00.
10
Belangrijke kanttekening: deze extra middelen zijn bedoeld om de huidige kwaliteit te continueren en te borgen en niet bedoeld om aanvullende zaken te bekostigen. KN23/S3 Energiekostenstijging Naast de genoemde inflatie bij claim KN23/S2, zijn ook de energiekosten (gas en elektriciteit) fors gestegen. In 2022 wordt gesproken over een landelijke stijging van 82% ten opzichte van vorig jaar. In onze huidige begroting is het totaalbedrag voor energiekosten in 2023 geraamd op € 394.000,00. Ook hier hebben we standaard een indexering van 1% toegepast in de huidige begroting. Het is lastig in te schatten hoe zich dit gaat ontwikkelen, maar we dienen hier zeker een andere index toe te passen. Ingezet wordt om een stijging van 50% toe te passen op de energiebudgetten in de begroting. Een stijging van 50% op de huidige energiebudgetten komt neer op een structurele claim van € 190.000,00. Naast de inflatie en de energieontwikkelingen zijn ook de brandstofprijzen fors gestegen. De stijging van de brandstof is vanaf augustus 2021 naar maart 2022 gestegen met ongeveer 38%. Het kabinet heeft besloten om de accijns op brandstof van 1 april tot eind 2022 te verlagen, maar dan is de procentuele stijging nog steeds fors, 24%. Tegenover deze stijging staat dat we in 2022 van plan zijn ons wagenpark voor een groot deel te vervangen door elektrische voertuigen.
Om deze reden is er op dit moment geen reden om voor dit onderdeel een stelpost op te nemen. KN23/S4 Informatieveiligheid Gelet op de ontwikkelingen met Cybercrime is het noodzakelijk dat wij alle zeilen bijzetten om de informatieveiligheid te optimaliseren. Dienstverleningsprocessen en normale werkprocessen worden bij een grote hack langdurig verstoord, data kan compleet verloren gaan inclusief (bijzondere) persoonsgegevens en de imagoschade kan immens zijn. Voorbeelden van gehackte overheidsorganisaties zijn er inmiddels voldoende. Bij de hack bij Hof van Twente (december 2020) is 3 tot 4 miljoen euro schade ontstaan en is kritische bedrijfsdata verloren gegaan. En nog steeds is nog niet alles hersteld. Het incident bij Hof van Twente staat niet op zichzelf, recent (april 2022) is de gemeente Buren getroffen door een hack en is 5 terabyte (dat is 5000 gigabyte, oftewel om een indruk te geven: 1.250.000.000 A4-tjes) aan data gehackt en gestolen en op het Darkweb gezet. 130 gigabyte hiervan is toegankelijk gemaakt op het Darkweb door de hackers om betaling te kunnen afdwingen. Ook woningstichtingen en universiteiten zijn recent slachtoffer geweest van hackers. Wij zetten daarbij in op het volgende: Versnelling van het cloudbeleid voor bedrijfskritische applicaties.
Naast allerlei technische middelen die we kunnen en moeten inzetten vanuit de Baseline Informatieveiligheid om het risico van een hack te beperken, is het ook noodzakelijk om een tempoversnelling van migratie van onpremise applicaties (betreft de software die wij gebruiken, die geïnstalleerd is op servers en computers in het eigen gemeentehuis) naar cloudapplicaties te starten (verSaaSing). Door de applicaties bij de leverancier onder te brengen, in plaats van in een eigen datacenter, worden de risico’s van een grote data-hack verspreid en dus verminderd. Grote leveranciers zijn meer gespecialiseerd op beveiliging van hun datacenter, beveiligingsupdates kunnen veel sneller geplaatst worden en 24/7 monitoring van de netwerken is eenvoudiger te bewerkstelligen. Tevens staat de data dan ook grotendeels op verschillende plaatsen en dus worden bij een hack niet alle bedrijfsprocessen getroffen. Veel leveranciers bieden al cloudoplossingen aan voor hun software applicaties. Naar verwachting zullen ook de overige applicaties beschikbaar komen voor 2025. Centric heeft bijvoorbeeld verklaard al hun applicaties uiterlijk in 2024 via SaaS beschikbaar te hebben. Vandaar dat er gestaffeld kan worden overgegaan in de periode 2023 t/m 2025 en zo de werkzaamheden kunnen worden gespreid en de risico’s geleidelijk aan kunnen worden verminderd.
De kosten om dit trapsgewijs uit te voeren bedragen cumulatief € 50.000,00 in 2023; € 100.000,00 in 2024; € 135.000,00 in 2025 en € 138.105,00 in 2026. Daarnaast zijn er eenmalige investeringen benodigd in verband met de cloud. Deze kunnen zoveel mogelijk via het Jaarplan DV&I lopen, daarvoor dient voor de komende drie jaar het krediet Jaarplan DV&I verhoogd te worden van € 265.000,00 naar € 300.000,00. Dit is verwerkt in het investeringsprogramma in hoofdstuk 4 van deze Kadernota.
11
Uitbreiding van de formatie SIEM/SOC De werkzaamheden die nodig zijn bij systeembeheer om de informatieveiligheid te kunnen waarborgen nemen steeds meer toe. Te denken valt hierbij aan: toenemende security patches (bijvoorbeeld mondiaal grote problemen met betrekking tot december 2021 Log4j lek en maart 2022 Spring4Shell lek), SIEM/SOC meldingen (monitoring van netwerkbronnen inzake ongewenst gebruik, bv hackpogingen), toenemende meldingen van de Informatiebeveiligingsdienst en het Nationaal Cyber Security Centrum inzake kwetsbaarheden en beschikbare security patches, firmware upgrades, mobile device management, verwerken en uitvoeren van vulnerabilityscan meldingen, two factor authenticatie en penetratietesten. Derhalve is het noodzakelijk de formatie voor systeembeheer inzake informatieveiligheid uit te breiden van 0,5 fte naar 1 fte. In de kadernota 2021 was al een winstwaarschuwing opgenomen dat 0,5 fte op termijn onvoldoende zal zijn. Hiervoor dient het personeelsbudget structureel verhoogd te worden met € 39.000,00. KN23/S5 Arbodienst West Brabant De kerntaak van een arbodienst is werkgevers te ondersteunen bij hun arbeidsomstandighedenbeleid en verzuimbeleid. Afgelopen jaar hebben we gemerkt dat er een wijziging heeft plaatsgevonden in de diensten die wij afnemen bij de Arbodienst.
Steeds meer zetten we in op preventieve zorg op het gebied van psychologische ondersteuning bij toenemende werkdruk en werkstress. Deze preventieve zorg brengt in eerste instantie een grotere investering voor de werkgever met zich mee, maar zorgt als het goed is uiteindelijk voor minder kosten omdat langdurig uitval wordt voorkomen. Het huidige budget voor 2023 bedraagt € 31.119,00 en dient op basis van deze claim opgehoogd te worden met structureel € 20.000,00. Voor de jaren daarna wordt een indexering van 1% toegepast. KN23/S6 Verhogen budget stroomkasten markt en standplaatsen Standplaatshouders zijn verhuisd van parkeerterrein voor de Plus naar de Markt. Deze claim heeft betrekking op de nieuwe aansluitpunten voor elektra op de Markt in Rucphen, die in eigendom zijn van de gemeente Rucphen. Standplaatshouders maken gebruik van deze aansluitpunten. Ook zullen er evenementen zijn die hiervan gebruik maken. Voorheen was er een aansluitpunt op het parkeerterrein bij de Plus. Dit aansluitpunt is in eigendom bij Plus Manniën en betreft dus geen gemeentelijk aansluitpunt. De hoogte van deze claim is gebaseerd op de voorschotten die in 2021 zijn betaald en bedraagt structureel € 9.000,00. Gezien de claim KN23/S3 energiekostenstijging passen we hier een indexering van 50% toe in 2024.
KN23/S7 Onderhoud atletiekbaan AVR’90 In de huidige meerjarenbegroting is onvoldoende rekening gehouden met het noodzakelijk onderhoud van de, in 2019 vernieuwde, atletiekbaan van AVR’90. De baan kent een jaarlijks onderhoud om de levensduur te verlengen en te voldoen aan de eisen zoals gesteld door de KNAU/ NOC-NSF. De verwachte kosten voor dit jaarlijkse onderhoud bedragen € 15.000,00, met een jaarlijkse indexering van 1%. Hiervoor is een structurele claim opgenomen van € 15.000,00 in deze Kadernota. KN23/S8 Niet vrij toegankelijk zorg Vanaf 2018 is er een stijgende lijn in de totaalkosten voor zorg in natura (ZIN), Landelijk Transitiearrangement (LTA), Jeugdzorg Plus, persoonsgebonden budget (PGB), Jeugdbescherming en -reclassering te zien. Er is in 2023 en verder € 4,3 miljoen begroot, terwijl de kosten in 2021 opliepen tot € 4,9 miljoen. Een deel van dit verschil kan worden opgevangen door budgetverschuivingen binnen het programma. Voor het overige deel wordt een structurele claim ingediend van € 280.000,00. Het is moeilijk om aan te geven in hoeverre de werkelijke kosten van 2021 ook structureel van deze omvang blijven, afnemen of misschien wel toenemen. Deze claim sluit aan bij de huidige landelijke ontwikkelingen. Het onderzoeksbureau AEF (Andersson Elffers Felix) heeft in 2020 een onderzoek uitgevoerd naar de financiële tekorten in de jeugdzorg.
De uitkomsten van het onderzoek laten zien dat gemeenten in een paar jaar tijd na de decentralisatie fors meer zijn gaan uitgeven aan jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering en dat deze stijgende lijn zich blijft voortzetten. Dit wordt continu door ons gemonitord en gerapporteerd in de tussentijdse rapportages. Deze claim is gebaseerd op de werkelijke uitgaven van 2021 en niet op de Rijksmiddelen die we via het Gemeentefonds gaan ontvangen. In hoofdstuk 6, paragraaf 6.5.5., van deze Kadernota zijn de Rijksmiddelen vanuit het Gemeentefonds voor de jaren 2023 tot en met 2026 opgenomen en toegelicht.
12
4.
Investeringsprogramma 2023 – 2026
Het meerjaren investeringsprogramma 2023 – 2026 bevat voornamelijk investeringen die gebaseerd zijn op bestaande beheerplannen. De afschrijvingslasten van de investeringen uit dit investeringsprogramma zijn verwerkt in hoofdstuk 6, paragraaf 6.4.2. van deze kadernota. Het is mogelijk dat door voortschrijdend inzicht nog investeringen worden toegevoegd of juist worden geschrapt uit de indicatieve ramingen 2023 en verder. Bij de samenstelling van de financiële meerjarenramingen voor de verschillende jaren dient dan alsnog een afweging te worden gemaakt.
4.1 Meerjaren investeringsprogramma 2023 – 2026 De tabel op de volgende bladzijden omvat het volledige meerjaren investeringsprogramma 2023 – 2026. In paragraaf 4.2 worden de investeringen uit de jaarschijf 2023 toegelicht. Daar waar relevant zijn ook enkele investeringen uit volgende jaarschijven toegelicht. Voertuigen en materieel servicedienst van afdeling beheer en ruimtelijke ontwikkeling Op dit meerjarig investeringsprogramma is een aantal vervangingen van voertuigen en materieel voor de buitendienst opgenomen. Voor de nu opgevoerde investeringen zullen wij steeds zeer kritisch zijn ten aanzien van de technische noodzaak van vervanging. Uiteraard is bedrijfszekerheid en zeker veiligheid voor onze medewerkers bepalend. Gelet op ons voortdurend streven naar een meer efficiënte bedrijfsvoering is het mogelijk dat wij bepaalde voertuigen of hulpmiddelen niet meer in eigendom hoeven te hebben. Ook dat gegeven zullen wij steeds meenemen in de afweging om al dan niet tot vervanging over te gaan. Indien blijkt dat vervanging technisch of veiligheidshalve noodzakelijk is maar wij voorzien dat de periode waarvoor de investering nut heeft beperkt is, zullen we alternatieve mogelijkheden overwegen. Wijzigingen ten opzichte van de Programmabegroting 2022 Ten opzichte van de Programmabegroting 2022 is het meerjarig investeringsprogramma op een aantal onderdelen gewijzigd.
Het betreft de volgende onderdelen: Er is een nieuwe investering toegevoegd in 2023: Vervanging VW Crafter Waspunt De vervanging van de shovel en borstel was reeds opgenomen in de begroting 2021. Gebleken is dat de oude shovel en borstel nog mee kunnen gaan tot 2023, waardoor het reeds beschikbaar gesteld krediet is afgeraamd. Om deze reden wordt het krediet opnieuw opgevoerd voor 2023 in dit investeringsprogramma; Er is een nieuwe investering toegevoegd in 2025: Vervanging 3 x Renault Kangoo Waspunt; Er is een nieuwe investering toegevoegd in 2023: Koeling Serverruimte Gemeentehuis; Er is een investering komen te vervallen in 2023: Vervanging voertuig civieltechniek. Deze investering is komen te vervallen omdat in 2022 gekeken wordt naar het leasen van voertuigen;
-
De reconstructies van de wegen zijn geactualiseerd te opzichte van de begroting 2022. In verband met integraal werken zijn de bedragen voor de reconstructies gesplitst in de onderdelen wegen, openbare verlichting en groen. Dit doen we omdat alle drie deze onderdelen een verschillen afschrijvingstermijn hebben. Nieuw toegevoegd in 2023 is de reconstructie Wilhelminastraat - Hendrikstraat e.o.; De Herinrichting Kerkeheidestraat is een jaar naar voren gehaald van 2025 naar 2024; De reconstructie Raadhuisstraat – Sprundelseweg (binnen de kom) is een jaar doorgeschoven van 2023 naar 2024; Het afwaarderen Sprundelseweg (buiten de kom) is een jaar doorgeschoven van 2023 naar 2024; De reconstructie Vorenseindseweg (binnen de kom) is een jaar doorgeschoven van 2023 naar 2024; De reconstructie Rucphensebaan is een jaar doorgeschoven van 2024 naar 2025; De herinrichting van het noordelijk deel van de Noorderstraat is nieuw opgenomen in 2025; Het afwaarderen Zundertseweg (buiten de kom) is doorgeschoven van 2024 naar 2026; De reconstructie Zundertseweg (binnen de kom) is doorgeschoven van 2024 naar 2026; Nieuw toegevoegd in 2025 is de reconstructie St.
Janstraat (rozenquartier - pastorie); Reconstructie de Gagelrijzen is beschikbaar gesteld bij de begroting 2022, doordat de reconstructies geactualiseerd zijn is gebleken dat het jaar van uitvoering 2025 wordt; De reconstructie Hazelaarstraat is doorgeschoven van 2025 naar 2028 (buiten de begrotingsperiode).
13
Meerjaren investeringsprogramma 2023-2026 Omschrijving Investeringen mbt diverse programma's vervanging aanhangwagen vervanging aanhangwagen Duurzaamheid: Aanschaf elektrische dienstfietsen Vervanging VW Crafter Waspunt Vervanging Shovel Vervanging Shovel borstel Vervanging 3x Renault Kangoo Waspunt
afschr. 10 10 5 10 10 10 10 Totaal
Programma Bestuur en ondersteuning Dienstverlening en informatievoorziening Koeling Serverruimte Gemeentehuis
5 15 Totaal
Programma Veiligheid Vervanging voertuig handhaving OOHV
10 Totaal
Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Vervanging actiewagen Vervanging actiewagen Openbare Verlichting - Verbeteren (OV uitvoeringsprogramma) Openbare Verlichting - Centrumplan (OV uitvoeringsprogramma) Vervangen Openbare Verlichting Levensduurverlengend onderhoud wegen (vernieuwing BBV) Maatregelen tbv verkeer en fysieke infrastructuur Reconstructie Wilhelminastraat - Hendrikstraat e.o. Reconstructie Wilhelminastraat - Hendrikstraat e.o., Openbare Verlichting Herinrichting Kerkeheidestraat Herinrichting Kerkeheidestraat, Openbare Verlichting Reconstructie Raadhuisstraat - Sprundelseweg (binnen de kom) Reconstructie Raadhuisstraat - Sprundelseweg (binnen de kom), Openbare Verlichting Afwaarderen Sprundelseweg (buiten de kom)
10 10 25 25 25 25 30 30 25 30 25 30 25 30
2023
2024
2025
2026
5.000,00 8.000,00 6.000,00 45.000,00 70.000,00 8.000,00 136.000,00
6.000,00
96.000,00 96.000,00
0,00
300.000,00 72.000,00 372.000,00
300.000,00
300.000,00
265.000,00
300.000,00
300.000,00
265.000,00
32.000,00 32.000,00
0,00
0,00
0,00
34.000,00 29.000,00 20.000,00 250.000,00 50.000,00
34.000,00 29.000,00 20.000,00 250.000,00 50.000,00
34.000,00 29.000,00 20.000,00 250.000,00 50.000,00
5.000,00 5.000,00 34.000,00 29.000,00 20.000,00 250.000,00 50.000,00 389.800,00 52.100,00 60.000,00
181.900,00 27.100,00 499.400,00 64.400,00 181.800,00
14
Meerjaren investeringsprogramma 2023-2026 Omschrijving Afwaarderen Sprundelseweg (buiten de kom), Openbare Verlichting Reconstructie Vorenseindseweg (binnen de kom) Reconstructie Vorenseindseweg (binnen de kom), Openbare Verlichting Reconstructie Rucphensebaan (binnen de kom) Reconstructie Rucphensebaan (binnen de kom), Openbare Verlichting Herinrichten van het noordelijk deel Noorderstraat Afwaarderen Zundertseweg (buiten de kom) Afwaarderen Zundertseweg (buiten de kom), Openbare Verlichting Reconstructie Zundertseweg (binnen de kom) Reconstructie Zundertseweg (binnen de kom), Openbare Verlichting Reconstructie St. Janstraat (rozenquartier - pastorie) Reconstructie St. Janstraat (rozenquartier - pastorie), Openbare Verlichting Reconstructie Gagelrijzen Reconstructie Gagelrijzen, Openbare Verlichting Reconstructie Achterhoeksestraat
afschr. 25 30 25 30 25 30 30 25 30 25 30 25 30 25 30 Totaal
Programma Sport, cultuur en recreatie Reconstructie Wilhelminastraat - Hendrikstraat e.o., groen Reconstructie Raadhuisstraat – Sprundelseweg (binnen de kom), groen Afwaarderen Sprundelseweg (buiten de kom), groen Reconstructie Vorenseindseweg (binnen de kom), groen Herinrichting Kerkeheidestraat, groen Afwaarderen Zundertseweg (buiten de kom), groen Reconstructie Zundertseweg (binnen de kom), groen Reconstructie St. Janstraat (rozenquartier - pastorie), groen Reconstructie Rucphensebaan (binnen de kom), groen Reconstructie Gagelrijzen, groen Vervanging tractor Renovatie openbaar groen Aanschaf en vervangen speeltoestellen en inrichting speelterreinen Duurzaamheid: Inrichten natuurspeelplaatsen of sportieve plantsoenen (water/zand/groen) in kernen Totaal
2023
2024 26.000,00 884.000,00 107.600,00 75.000,00
2025
868.900,00 105.900,00 270.000,00 75.000,00 75.000,00
2026
911.900,00 116.900,00 620.000,00 77.900,00
252.000,00 30.500,00 1.126.100,00 163.100,00 894.900,00
2.430.200,00
3.349.500,00
75.000,00 2.184.700,00
15 15 15 15 15 15 15 15 15 15 10 15 10
153.100,00
130.000,00 15.000,00
70.000,00 130.000,00 15.000,00
130.000,00 15.000,00
130.000,00 15.000,00
10
35.000,00 333.100,00
722.800,00
639.900,00
458.300,00
115.200,00 114.200,00 242.400,00 36.000,00 210.200,00 103.100,00 99.300,00 140.200,00 255.400,00
15
Meerjaren investeringsprogramma 2023-2026 Omschrijving Programma Volksgezondheid en milieu Vervanging aanhangwagen t.b.v. minigraver Vervanging minigraver
afschr.
Gemeentelijke Rioleringsprogramma 2023 / 2026 Vrij-verval en drainage Gemalen BBV's mechanisch en elektrisch IBA mechanisch en elektrisch reparatie vrij-verval regulier Afkoppelen en klimaatadaptie
Totaal grondbedrijf
2025
2026
8.000,00 40.000,00
80 20 20 10 80
1.157.814,00 123.432,00 102.010,00 56.310,00 1.795.376,00 3.234.942,00 3.282.942,00
449.717,00 102.000,00 103.030,00 56.873,00 422.423,00 1.134.043,00 1.134.043,00
546.516,00 74.923,00 104.060,00 57.441,00 1.079.627,00 1.862.567,00 1.862.567,00
885.047,00 116.662,00 105.101,00 58.016,00 2.157.198,00 3.322.024,00 3.322.024,00
nvt
75.000,00 75.000,00 5.125.942,00
75.000,00 75.000,00 4.668.043,00
75.000,00 75.000,00 6.322.967,00
75.000,00 75.000,00 6.305.024,00
nvt
369.198,00 369.198,00
283.572,00 283.572,00
150.859,00 150.859,00
105.380,00 105.380,00
Totaal Totaal geheel Grondbedrijf Kredieten grondexploitatie
2024
10 10
subtotaal GRP 2023 / 2026 Totaal Programma Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Ontwikkelbudget grondbedrijf
2023
16
4.2 Toelichtingen investeringen Vervanging twee aanhangwagens € 13.000,00** Gelet op de economische en technische levensduur van de twee huidige aanhangwagens dienen deze vervangen te worden in 2023. Vervanging VW Crafter (Waspunt) € 45.000,00** Gelet op de economische en technische levensduur van het huidige voertuig dient deze vervangen te worden in 2023. De bekostiging van de afschrijvingslasten van dit voertuig wordt door de deelnemende partijen van het waspunt opgevangen. Vervanging shovel en borstel € 78.000,00** Gelet op de economische en technische levensduur van de shovel en de borstel dienen deze vervangen te worden in 2023. De shovel en borstel dienen voor het beheer op de werf en de borstel kan tevens worden ingezet voor veegwerk bij calamiteiten. Automatisering € 300.000,00 Op basis van het Programmaplan Dienstverlening en Informatievoorziening 2020 – 2025 is een jaarlijks krediet opgenomen van € 265.000,00. Voor de jaren 2023 t/m 2025 wordt dit bedrag verhoogd naar € 300.000,00. Het betreft hier eenmalige investeringen in verband met de versnelling van het cloudbeleid, het naar de cloud brengen van de bedrijfskritische applicaties. Door de applicaties bij de leverancier onder te brengen worden de risico’s verspreid en dus verminderd.
Grote leveranciers zijn meer gespecialiseerd op beveiliging van hun datacenter en beveiligingsupdates kunnen veel sneller geplaatst worden. Tevens staat de data dan ook grotendeels op verschillende plaatsen. Ook de laatste leveranciers bieden de cloud optie aan vanaf 2024. Vandaar dat er gefaseerd kan worden overgegaan in de periode 2023 t/m 2025 en zo de werkzaamheden kunnen worden gespreid en de risico’s geleidelijk aan kunnen worden verminderd. Hiervoor is tevens een claim ingediend in hoofdstuk 3 van deze Kadernota. Koeling Serverruimte Gemeentehuis € 72.000,00 De temperatuur in de serverruimte (MER) op de derde verdieping van het gemeentehuis is al langere tijd een punt van aandacht. Bij te hoge temperaturen van de servers, schakelt deze hardware zichzelf namelijk uit om beschadigingen te voorkomen. De capaciteit van deze koeling is in de praktijk, voor de grootte van de serverruimte en de opgestelde voorzieningen, altijd al aan de lage kant geweest. Met de steeds hogere buitentemperaturen in de zomer, en die in de toekomst wellicht nog verder zullen toenemen, komen we steeds vaker bij het kritieke niveau waarop de servers zullen uitschakelen. Nu er enkele onderdelen van de koelunits moeten worden vervangen is het raadzaam het gehele koelsysteem kritisch te beschouwen.
Door vervanging van de koelunits en het vergroten van de capaciteit kan in een veilige werktemperatuur voor de hardware in de serverkasten worden voorzien. Hiermee wordt de continuïteit van de externe dienstverlening en de interne bedrijfsvoering geborgd. De totale investering voor de vervanging bedraagt € 72.000,00 (exclusief BTW). Met deze investering wordt het huidige koelsysteem vervangen voor twee units (duo-opstelling) met verhoogde capaciteit en wordt de luchtstroming van de serverruimte geoptimaliseerd. Vervanging voertuig handhaving OOHV € 32.000,00** Gelet op de economische en technische levensduur van het huidige voertuig dient deze vervangen te worden in 2023. Vervanging twee actiewagens € 10.000,00** Gelet op de economische en technische levensduur van de twee huidige actiewagens dienen deze vervangen te worden in 2023. De vluchtstrookwagen, ook wel voorwaarschuwingswagen genoemd, wordt ingezet met als doel de verkeersstroom op wegen te optimaliseren, de opstoppingskans te verkleinen en de veiligheid van wegwerkers en weggebruikers te verhogen. Dit alles kan zijn bij calamiteiten, wegwerkzaamheden of andere reden waarvoor het verkeer geïnformeerd moet worden. De actiewagen kan hierbij zowel binnen en buiten de bebouwde kom gebruikt worden. ** Op deze investering is de tekst die is opgenomen in het begin van dit hoofdstuk van toepassing.
17
Openbare Verlichting (OV) € 83.000,00 Bedragen zijn gebaseerd op het concept beleidsplan openbare verlichting 2022-2030 (zal voor behandeling aan uw raad worden aangeboden voor behandeling in de raadsvergadering van 28 september 2022) en worden ingezet ter verbetering van de openbare verlichting. Levensduurverlengend onderhoud Wegen € 250.000,00 Op grond van het BBV mogen de kosten van levensduurverlengend onderhoud van investeringen met maatschappelijk nut niet ten laste komen van de exploitatie maar dienen deze te worden geactiveerd. Maatregelen t.b.v. verkeer en fysieke infrastructuur € 50.000,00 Dit krediet dient om maatregelen dan wel kleinschalige aanpassingen te bekostigen t.b.v. de fysieke infrastructuur en verkeersveiligheid (wegen, riolering, openbare verlichting, groen, verkeer en dergelijke). Deze aanpassingen kunnen zowel op eigen initiatief als op verzoek van burgers en instellingen worden uitgevoerd. Integrale projecten Om diverse reden is het noodzakelijk om aanpassingen te doen aan de openbare ruimte. Dit kan zijn vanuit beheer, omdat straten of riolen vervangen moeten worden, door gewijzigd beleid zoals het bomen- en groenstructuurplan of ontwikkelingen zoals aanleg van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel en nieuwbouwprojecten of gewijzigde inzichten/ wetgeving, bijvoorbeeld ten aanzien van klimaat.
Voor deze aanpassingen zijn investeringen nodig. Door een integrale benadering kunnen de juiste prioriteiten worden gelegd. Door werk met werk te maken kunnen kosten worden bespaard en is er minder overlast voor de omgeving en het verkeer. Deze nieuwe benadering heeft geleid tot onderstaande planning van projecten welke integraal zullen worden opgepakt. Deze planning dient als basis voor het investeringsprogramma verkeer vervoer en waterstaat. Planning
18
Integrale aanpak Binnen de projecten wordt de volledige openbare ruimte integraal aangepakt dit betekent dat: - Waar nodig het riool wordt vervangen; - In het kader van klimaatadaptatie wordt regenwater afgekoppeld en opgevangen in een infiltratieriool en waar mogelijk worden wadi’s aangelegd; - Groot onderhoud aan de weg wordt gepleegd wat betekent dat het volledige profiel opnieuw wordt bestraat of de straat wordt gereconstrueerd waarbij de verharding, het meubilair en de openbare verlichting wordt vervangen; - Waar nodig worden verkeersmaatregelen genomen; - De boom- en groenstructuur wordt versterkt conform het, in het groenbeleidsplan Groen R opgenomen, groenstructuurplan. Ontwikkelingen De komende jaren zullen wij deze integrale benadering van de openbare ruimte verder uitwerken. Bovenstaande planning is dan ook een dynamisch document welke jaarlijks zal worden bijgesteld op basis van actueel informatie. GRP Voor de raadsvergadering van 15 juni 2022 wordt het Gemeentelijk Rioleringsprogramma 2023-2026 aan u voorgelegd. Op basis hiervan zijn de voor 2023 geplande rioleringswerken in de planning van de integrale projecten opgenomen. De financiële uitgangspunten zijn in het GRP vermeld, maar we kunnen niet in de toekomst kijken en de ontwikkeling van rente en prijzen voor materialen, brandstof, energie etc. niet voorspellen.
Een andere variabele is de planning van integrale projecten, die leidend is in verband met integraal werken. In de planperiode 2023-2026 is de geplande hoeveelheid werk en de beschikbare hoeveelheid personeel niet in balans. Om dit in balans te krijgen kan er extra personeel aangetrokken worden of gekozen worden voor temporiseren van de planning. In het GRP is budget opgenomen voor inhuur van personeel. Zowel de planning van integrale projecten als de personele en financiële consequenties zullen terugkomen bij de jaarlijkse begrotingsbehandeling, waarmee eventuele wijzigingen ten opzichte van het GRP kunnen worden toegelicht aan de gemeenteraad. Bouwprojecten/ ruimtelijke ontwikkelingen Bij het opstellen van de planning van de integrale projecten hebben we zo veel mogelijk rekening gehouden met bouwprojecten en ruimtelijke ontwikkelingen, om de overlast voor de bewoners te beperken en schade aan nieuw werk te voorkomen. Op basis van het huidige landelijke beleid en de behoefte aan meer woningen verwachten wij dat het aantal bouwprojecten/ ruimtelijke ontwikkelingen de komende jaren verder zal toenemen. De toename van het aantal bouwprojecten/ ruimtelijke ontwikkelingen heeft niet alleen gevolgen voor de volgorde van de projecten, maar ook voor het aantal (integrale-) projecten dat jaarlijks kan worden voorbereid en uitgevoerd.
Bij veel bouwprojecten worden door de ontwikkellaar straten aangelegd en/ of aangepast en daarna overgedragen aan de gemeente. Het toetsen van de plannen, additioneel toezien op de aanleg en overname in beheer van deze nieuwe/ gewijzigde straten wordt door de medewerkers van Beheer Openbare werken verzorgd. Temporiseren Met name op het gebied van civiele techniek is de krapte op de arbeidsmarkt de afgelopen jaren sterk toegenomen. Doordat het aantal bouwprojecten/ ruimtelijke ontwikkelingen toeneemt, maar de beschikbare capaciteit gelijk blijft, is er minder tijd voor de eigen projecten. Er wordt daarom maximaal ingezet op het uitbesteden van werkzaamheden. Het toetsen van de plannen en het begeleiden van de vele processen/ onderzoeken vergt echter de nodige tijd. Tijd die we dus niet hebben. In de planning van de integrale projecten is hierop geanticipeerd en zijn een aantal projecten doorgeschoven tot buiten de planperiode 2023 – 2026.
19
Gevolgen temporiseren Het temporiseren van de planning van de integrale projecten kan een nadelig effect hebben op het behalen van de klimaatdoelen. Knelpunten, qua wateroverlast, worden (deels) later aangepakt dan is voorzien in ‘GRP 20232026’ en het klimaatbeleid ‘Klimaatbestendig Rucphen’ wat dit jaar door uw raad zal worden behandeld. Het spreekt voor zich dat temporiseren van klimaatmaatregelen meer kans/risico op wateroverlast tot gevolg heeft. De gemeenteraad wordt hierover jaarlijks geïnformeerd bij de behandeling van de programmabegroting. Het temporiseren van de planning van de integrale projecten heeft ook financiële consequenties. Als gevolg van het doorschuiven van de projecten zal het totale investeringsvolume per kalenderjaar afnemen. Dit heeft een gunstig effect op de afschrijvingslasten. Als gevolg van indexatie zullen de kosten per project echter toenemen. Kostenraming en hoogconjunctuur Op basis van bovenstaande uitgangspunten en de gewijzigde planning zijn de benodigde kosten voor de integrale projecten opnieuw geraamd. Hierbij is tevens rekening gehouden met de hoogconjunctuur die eind 2021 is ingetreden. We leven op dit moment in een vreemde tijd met veel grote ontwikkelingen in de wereld. Tijdens de voorbereiding en /of uitvoering zal per project worden bekeken wat op basis van ontwikkelingen de (financiële-) gevolgen zijn.
Wanneer dit gevolgen heeft voor bepaalde projecten wordt uw raad in de bestuursrapportages hierover geïnformeerd. Toelichting aanleiding projecten Reconstructie Wilhelminastraat – Hendrikstraat e.o. (2023) Uit de rioolinspectie van 2022 blijkt dat de bestaande riolering Van de Wilhelminastraat, de Willem III-straat, de Hendrikstraat en het Marijkeplein versleten is en op korte termijn moet worden vervangen. Ook dit project zal integraal worden opgepakt waarbij de straten worden gereconstrueerd, de groenstructuur versterkt en regenwater wordt afgekoppeld. Herinrichting Kerkeheidestraat (2024) Aansluitend aan de Kerkeheidestraat wordt een bouwplan gerealiseerd van 40 woningen. Nadat het bouwplan gerealiseerd is zal de inrichting van de Kerkeheidestraat hierop worden aangepast. Reconstructie Raadhuisstraat – Sprundelseweg (binnen de kom) (2024) Als gevolg van de aanleg van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel hebben de Raadhuisstraat en de Sprundelseweg hun functie van ontsluitingsweg verloren. Door het brede wegprofiel is er nog veel sluipverkeer. Dit leidt tot overlast en schade in het onlangs heringerichte centrum van Rucphen. Om dit tegen te gaan moeten deze straten worden afgewaardeerd middels een reconstructie, waarbij tevens de groenstructuur wordt versterkt en regenwater wordt afgekoppeld.
Afwaarderen Sprundelseweg (buiten de kom) (2024) Ook het buiten de kom gelegen deel van de Sprundelseweg verliest zijn functie als ontsluitingsweg voor de kern van Rucphen maar, maakt nog wel onderdeel uit van het bedrijventerrein de Nijverhei. Om sluipverkeer tegen te gaan komt de Sprundelseweg binnen de kom Rucphen en Nijverhei te liggen en zullen verkeersmaatregelen worden genomen. Hierbij zal onder andere de aansluiting Rucphenseweg - Kozijnenhoek worden aangepast en de boom- en groenstructuur worden versterkt. Reconstructie Vorenseindseweg (binnen de kom) (2024) Als gevolg van de aanleg van de zuidelijke tak van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel heeft de Vorenseindseweg zijn functie van ontsluitingsweg verloren. Door het brede wegprofiel is er nog veel sluipverkeer van noord naar zuid en omgekeerd. Om dit tegen te gaan zal deze straat aansluitend aan de reconstructie van de Noorderstraat worden afgewaardeerd middels een reconstructie, waarbij tevens de groenstructuur wordt versterkt en regenwater wordt afgekoppeld. Reconstructie Rucphensebaan (binnen de kom) (2025) Als gevolg van de aanleg van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel heeft de Rucphensebaan zijn functie van ontsluitingsweg verloren. Door het brede wegprofiel is er nog veel sluipverkeer. Dit leidt tot overlast in het centrum van Sprundel.
Om dit tegen te gaan moet deze straat worden afgewaardeerd middels een reconstructie.
20
Herinrichten van het noordelijk deel van de Noorderstraat (2025) In het jaar 2025 is een bedrag van € 270.000,00 opgenomen voor het herinrichten van het noordelijk deel van de Noorderstraat te Sint Willebrord, nadat het nieuwbouwproject ten noorden van de Vosdonkseweg is afgerond. Afwaarderen Zundertseweg (buiten de kom) (2026) Als gevolg van de aanleg van de zuidelijke tak van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel heeft de Zundertseweg zijn functie van ontsluitingsweg verloren. Door het brede wegprofiel is er nog te veel sluipverkeer. Dit leidt tot overlast en schade in het onlangs heringerichte centrum van Rucphen. Om dit tegen te gaan moet deze straat worden afgewaardeerd. Door het versmallen van de rijbaan en treffen van verkeersmaatregelen. Omdat ook de verharding is versleten wordt de rijbaan tevens vervangen. Reconstructie Zundertseweg (binnen de kom) (2026) Als gevolg van de aanleg van de zuidelijke tak van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel heeft de Zundertseweg zijn functie van ontsluitingsweg verloren. Door het brede wegprofiel is er nog te veel sluipverkeer. Dit leidt tot overlast en schade in het onlangs heringerichte centrum van Rucphen. Om dit tegen te gaan zal deze straten worden afgewaardeerd middels een reconstructie. Reconstructie St.
Janstraat (Rozenquartier – Pastorie) (2025) De Sint Janstraat is in 2017 en 2018 volledig gereconstrueerd. Tussen de apotheek en café de drie zwaantjes moet nog een aanpassing worden gedaan. Vanwege de verwachte ontwikkeling tussen de Molenbaan en het Fatimapark is dit deel tijdelijk ingericht. Naar verwachting zal de ontwikkeling in 2024 worden opgeleverd waarna dit deel van de Sint Janstraat definitief kan worden ingericht. Reconstructie Gagelrijzen (2025 – 2026) Uit de wegeninspectie is naar voren gekomen dat de Gagelrijzen opnieuw bestraat moet worden en dat hierbij een groot deel van de bestrating moet worden vervangen. Daarnaast sluit het wegprofiel niet aan bij de functie van de weg en moeten er verkeersmaatregelen worden getroffen. Een aantal zaken ten aanzien van de aanpak van de reconstructie van deze straat vormen nog een punt van nader onderzoek en verdere afweging. Denk hierbij aan de water- en klimaatopgave, de parkeeropgave en de samenwerking met Thuisvester. Indirect speelt de ontsluiting van de totale wijk Gagelrijzen ook nog een rol. Hiervoor moeten eerst oplossingen komen voordat de Gagelrijzen kan worden gereconstrueerd. Naar aanleiding hiervan is de reconstructie van de Gagelrijzen doorgeschoven naar 2025 -2026.
Conform de 2e bestuursrapportage van 2022 zal het in 2022 gevoteerde investeringskrediet voor reconstructie van de Gagelrijzen worden ingezet om de Tulpstraat te reconstrueren. Reconstructie Achterhoeksestraat (2027) Uit de wegeninspectie is naar voren gekomen dat de bestrating van de Achterhoeksestraat op termijn vervangen dient te worden. In het kader van klimaatadaptatie is afkoppelen van regenwater nodig om de kans op wateroverlast te reduceren. Daarnaast wordt de Achterhoeksestraat sinds de aanleg van de omleidingsweg Rucphen – Sint Willebrord – Sprundel regelmatig gebruikt als sluiproute. Door de Achterhoeksestraat te reconstrueren wordt de kwaliteit en leefbaarheid van deze straat verbeterd en het sluipverkeer tegengegaan. Renovatie openbaar groen € 130.000,00 De plantsoenen binnen de gemeente dienen regelmatig gerenoveerd te worden. Begin 2022 is het groenbeleidsplan Groen R vastgesteld. Dit plan dient als basis om tijdens de behandeling van het investeringsplan aan te geven welke renovaties de komende jaren zijn gepland. We werken hierbij zoveel mogelijk integraal in een buurt- of wijkgerichte aanpak met de disciplines water en wegen. Hierdoor is het mogelijk duidelijk te communiceren richting bewoners wanneer het groen in hun wijk wordt aangepakt. Voor de groenrenovaties worden omwonenden uitgenodigd mee te denken en hun wensen kenbaar te maken.
Uitgangspunt is een jaarlijks gemiddeld te besteden bedrag van € 130.000,00. Aanschaf en vervangen speeltoestellen en inrichting speelterreinen € 15.000,00 Om te blijven voldoen aan de wet- en regelgeving en de instandhouding van de speelgelegenheden te waarborgen, dienen (o.a. door vandalisme) versleten speeltoestellen te worden vervangen. Jaarlijks worden alle toestellen in de gemeente door een extern bureau geïnspecteerd. De resultaten van deze inspectie worden weergegeven in een adviesrapport.
21
Duurzaamheid: Inrichten natuurspeelplaatsen of sportieve plantsoenen (water/zand/groen) in kernen € 35.000,00 In het kader van de Visie Duurzaamheid is op het investeringsprogramma in 2023 een krediet opgenomen voor het multifunctioneel inrichten van plantsoenen voor waterretentie en ter bevordering van recreatie en vitaliteit. Hiermee wordt ook de leefbaarheid in de wijken verbeterd. Vervanging minigraver en aanhangwagen t.b.v. minigraver € 48.000,00** Gelet op de economische en technische levensduur van de huidige minigraver en aanhangwagen dienen deze vervangen te worden in 2023. Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) Met het Gemeentelijk Rioleringsprogramma 2023-2026 sorteren we voor op de Omgevingswet. Tegelijkertijd geven we ook aan hoe Rucphen invulling gaat geven aan gemeentelijke zorgplichten en geven we een financiële onderbouwing ten behoeve van de rioolheffing. Hiermee voldoen we aan alle eisen van de Wet milieubeheer en fungeert dit programma tot de invoering van de Omgevingswet als Gemeentelijk Rioleringsplan. Het gemeentelijk rioleringsprogramma bevat actueel beleid, een evaluatie van het voorgaande GRP, een omschrijving van de huidige situatie en een toekomstvisie voorzien van actiepunten voor de komende planperiode en een financiële paragraaf.
De exploitatiekosten en de investeringen die voortvloeien uit het nieuwe GRP 2023-2026 zijn meegenomen bij de opstelling van deze Kadernota 2023. Om deze financiële effecten daadwerkelijk in de programmabegroting 2023 op te kunnen nemen dient het nieuwe GRP vastgesteld te zijn door uw raad. Het GRP is voor de vergadering van 15 juni 2022 aan uw raad aangeboden. Ontwikkelbudget grondbedrijf € 75.000,00 Vanwege de keuze voor het “situationeel grondbeleid” kan ook de gemeente initiatiefnemer zijn. Om projecten te kunnen starten en op haalbaarheid te onderzoeken is een ontwikkelbudget gewenst. Uit dit budget worden haalbaarheidsonderzoeken (zoals stedenbouwkundige verkenningen en taxaties), maar ook voorbereidingskosten voor een bestemmingsplan gefinancierd.
** Op deze investering is de tekst die is opgenomen in het begin van dit hoofdstuk van toepassing.
22
5.
Toekomstige ontwikkelingen en bestuurlijke ambities
In dit hoofdstuk worden de toekomstige ontwikkelingen aangekondigd en de bestuurlijke ambities die we op dit moment hebben. De toekomstige ontwikkelingen betreffen onderwerpen waarbij we weten dat ze in de toekomst gaan plaatsvinden, maar waarvan we nog geen inzicht hebben welke middelen we hiervoor nodig hebben. De bestuurlijke ambities betreffen onderwerpen die meer het karakter van een wens hebben. In dit hoofdstuk worden de bestuurlijke ambities die er zijn toegelicht en waar mogelijk de financiële consequenties erbij vermeld. Omdat we gekozen hebben voor een beleidsarme Kadernota, zijn deze onderwerpen niet meegenomen in de hoofdstuk 3 Claims en knelpunten.
5.1. Toekomstige ontwikkelingen Huisvesting MJOP Eind 2022 is ons gemeentehuis alweer 10 jaar in gebruik. Dit betekent dat veelal de afschrijvingstermijn van ons meubilair, beplanting en sommige apparatuur verstreken is. Daarom zijn we van start gegaan met het inventariseren van wat benodigd is om ons gemeentehuis weer toekomstproef te maken, waarbij we kritisch kijken naar de uitstraling en representativiteit van de ruimtes. Zo willen we aanpassingen in de raadszaal realiseren met een uitbreiding van 19 naar 30 zitplaatsen, willen we diverse zaken die aan vervanging toe zijn in de centrale hal vernieuwen, willen we het versleten meubilair in de vergaderzalen aanpakken en willen we de huidige kunstbeplanting in de raadzaal en hal laten vervangen door iets wat beter past bij de huidige tijdsgeest. Een indicatie van de kosten is momenteel nog lastig te maken aangezien we eerst de inventarisatie moeten afronden welke zaken we aan gaan pakken. Komend jaar zullen we deze inventarisatie afronden. Nieuwe collegeperiode We staan aan het begin van een nieuwe collegeperiode. Tijdens het opstellen van deze Kadernota is het nieuwe college nog niet bekend. Eventuele ambities van het nieuwe college zijn dan ook niet opgenomen. Het kan goed zijn dat een nieuw college ambities heeft die vertaald moeten worden in benodigde middelen.