CConstaterende datRozendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma Duurzaamheid 2026-2030 Ontwerp

1.2 Raadsvergadering 26 mei 2026, gemeente RozendaalBij agendapunt: Programma Duurzaamheid15.247 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Een SMP is nodig om verder te kunnen met het isoleren van woningen (thema Energietransitie). Bij een verbouwing of verduurzaming moet rekening worden gehouden met de instandhouding of verbetering van aanwezige beschermde diersoorten. In de meeste woningen leven één of meer van deze soorten, zoals vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen. Vanuit de Omgevingswet zijn woningeigenaren verplicht om ecologisch onderzoek te doen bij het verbouwen of verduurzamen van hun woning. Een gemeente kan in één keer voor de gehele gemeente een ecologisch onderzoek doen en maatregelen nemen op gebiedsniveau. Het onderzoek en de maatregelen op gebiedsniveau worden beschreven in een SMP. Op basis daarvan kan de provincie aan de gemeente voor tien jaar een gebiedsgerichte omgevingsvergunning verlenen en hoeft niet meer per woning of project een ecologisch onderzoek en eventuele maatregelen en ontheffing uitgevoerd te worden. Naar verwachting wordt het SMP in 2026 vastgesteld. Werkgroep biodiversiteit ondersteunen We gaan de werkgroep ondersteunen met een jaarlijks budget voor communicatie, materialen en de organisatie van activiteiten. Bovendien maken we de inzet van de werkgroep zichtbaar in onze communicatie om de bewustwording over biodiversiteit onder inwoners te versterken.

Helder communiceren over veranderd beheer openbaar groen Het groenbeleid is de afgelopen jaren aangepast om de biodiversiteit te versterken. Door de bermen minder vaak te maaien, krijgen bloemen en kruiden meer kans om te bloeien en zich uit te zaaien. Dat trekt insecten aan, versterkt het lokale ecosysteem en maakt onze leefomgeving gezonder en duurzamer. Nog niet iedereen is gewend aan de veranderde beeldkwaliteit, wat bij sommige inwoners vragen en klachten oproept. De bermen worden als ‘onverzorgd’ of ‘verwaarloosd’ gezien. We willen inwoners gericht uitleggen wat we doen met ons groenbeleid, waarom het nodig is en wat het oplevert door. Dit doen we met: - uitleg in ‘In de Roos’ - uitleg op onze website - bordjes te plaatsen bij locaties waar vaak klachten over komen met tekst zoals: "Hier groeit biodiversiteit" of "Hier bloeien we voor bijen en vlinders"; - wandelingen te organiseren voor bewoners en bestuurders om te zien hoe het werkt en vragen te stellen.

Pagina 26

Deelnemen aan natuurherstel Zuidflank Veluwezoom Het bestuur van de Groene Metropool Regio (GMR) heeft medio 2025 het plan van aanpak voor de oriëntatiefase van de Zuidflank Veluwezoom vastgesteld. Met gelden van de Provincie worden in de Veluwezoom vier koplopertrajecten op het gebied van natuur en landschap uitgewerkt om te werken aan natuurherstel van stikstofgevoelige habitats. Een van die gebieden is de Zuidflank, dat zich uitstrekt van Renkum tot Dieren; daarmee gaat het dus deels ook over het grondgebied van de gemeente Rozendaal. Op basis van een samenhangend rapport nemen de betrokken partijen naar verwachting begin 2026 een go/no go besluit over of, en zo ja hoe en met welke partijen, de opgaven verder worden gebracht. Meewerken aan regionale initiatieven biodiversiteit We blijven samenwerken met andere partijen in de regio: van Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Geldersch Landschap en Kastelen en IVN tot het Waterschap en de Werkregio Veluwezoom en van de gemeente Rheden en de Groene Metropool Regio tot de VeluweAlliantie. We volgen ontwikkelingen, leveren een inhoudelijke bijdrage, signaleren projectkansen en werken mee aan relevante initiatieven. De inzichten uit regionale samenwerking vloeien terug naar ons beleid en uitvoering.

Pagina 27

5

Mobiliteit & luchtkwaliteit

5.1 Opgave Mobiliteit Net als andere gemeenten heeft ook Rozendaal te maken een groei in het aantal voertuigen. Dit zorgt voor een hogere CO₂-uitstoot als gevolg van het gebruik van fossiele brandstoTen, terwijl de behoefte aan duurzame vervoersopties en aan een schone en eTiciënte mobiliteitsstructuur toeneemt. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat mobiliteit in 2050 emissieloos en van hoge kwaliteit is. Belangrijke pijlers in het Rijksbeleid zijn de overgang naar elektrisch rijden, het stimuleren van deelvervoer en snel, gemakkelijk, betrouwbaar en betaalbaar openbaar vervoer. Uiteindelijk is het doel om bereikbaarheid voor iedereen toegankelijk te maken: betaalbaar, veilig, comfortabel, makkelijk én gezond. Vanaf 2030 moeten alle nieuwe op de Nederlandse markt gebrachte personenauto’s emissievrij zijn. Voor nieuwe brom- en snorfietsen geldt dat al vanaf 2025. Laadinfrastructuur voor elektrische voertuien Voor de transitie naar zero-emissievoertuigen is een dekkende laadinfrastructuur noodzakelijk; het aantal elektrische voertuigen neemt de komende jaren fors toe. De huidige netcongestie (gebrek aan stroom, Hoofdstuk 3) vertraagt de benodigde transitie echter. In de Nationale Agenda Laadinfrastructuur zijn afspraken gemaakt over het realiseren van publieke laadvoorzieningen en over slim laden om te zorgen voor een stabiel elektriciteitsnetwerk.

De Groene Metropool Regio Arnhem-Nijmegen (GMR) werkt samen met gemeenten, netbeheerders en bedrijven aan een slim, dekkend en betrouwbaar laadnetwerk in de regio, dat meegroeit met het aantal elektrische voertuigen.

Luchtkwaliteit (gezondheid) De luchtkwaliteit in Nederland is slecht en heeft een grote impact op de volksgezondheid en het welzijn van mensen. In Rozendaal staat de luchtkwaliteit ook onder druk vanwege de nabijheid van de Rijksweg A12. Langdurige blootstelling aan een slechte luchtkwaliteit verhoogt het risico op luchtweginfecties, astma, longkanker en hart- en vaatziekten. Vooral kwetsbare groepen zoals kinderen, ouderen en mensen met luchtwegaandoeningen ondervinden hier hinder van. Door luchtverontreiniging leven Nederlanders gemiddeld 9 maanden korter. Ook overlijden in Nederland jaarlijks circa 11.000 mensen vroegtijdig door ongezonde lucht. De grootste bronnen van luchtverontreiniging zijn verkeer, landbouw, industrie en houtstook door particulieren. De Omgevingswet bevat instrumenten en regels die de kwaliteit van de binnen- en buitenlucht bewaken en beschermen. De overheid verbetert de luchtkwaliteit met maatregelen zoals het instellen milieuzones om vervuilend vervoer in binnensteden te weren en regels omtrent de vestiging of uitbreiding van bedrijven.

Pagina 28

Fijnstof door houtstook Rook komt vrij bij het verbranden van hout in een open haard, barbecue, houtkachel, pelletkachel, sfeervuren in de tuin of het opstoken van (snoei)hout. Mensen kunnen zowel in huis als daarbuiten gezondheidsoverlast ervaren, vooral tijdens windstille of mistige dagen. Door het stoken van hout komen verontreinigende stoTen in de lucht terecht, zoals fijnstof, roet, koolmonoxide, vluchtige organische stoTen en PAKs (polycyclische aromatische koolwaterstoTen). Het stoken van hout is een grotere bron van fijnstof dan het wegverkeer. Fijnstof kan in kleine concentraties al schadelijk zijn voor de gezondheid. In Nederland draagt houtstook voor 1/4 deel bij aan de uitstoot van de kleine fractie fijnstof en voor 1/6 deel aan de uitstoot van de grove fractie fijnstof (bron: RIVM). Hoe kleiner de fijnstof deeltjes, hoe dieper ze in de longen terecht kunnen komen. Om bewustwording te creëren over de impact van houtstook voert het Rijk een voorlichtingscampagne uit.

5.2 Waar staan we nu? Mobiliteit CO2-uitstoot door verkeer en vervoer In 1990 was de CO2-uitstoot in Nederland door verkeer en vervoer 33,2 Mton. In 2024 is deze uitstoot met 14% gedaald naar 28,5 Mton (bron: https://www.emissieregistratie.nl/data/overzichtstabellenlucht/broeikasgassen, Rijksoverheid). De CO2-uitstoot als gevolg van mobiliteit in Rozendaal is tussen 2010 en 2023 met 20% gestegen: van 3,0 naar 3,6 kton. Sinds 2020 is een grote toename van emissies te zien (bron: www. klimaatmonitor.databank.nl).

In 2023 was de CO2-uitstoot van brandstoTen van verkeer en vervoer in Rozendaal 2,39 ton per inwoner; meer dan het gemiddelde in Nederland van 1,83 ton. Elektrisch rijden Elektrisch rijden maakt een enorme groei door. Van alle personenauto’s die inwoners van Rozendaal in 2024 gebruiken, is 18,9% een elektrische auto (bron: klimaatmonitor.databank.nl). Kijkend naar de eigenaren van de voertuigen is dit percentage lager, namelijk 8,5%. Dit komt doordat de formele eigenaar vaak een leasemaatschappij is, gevestigd buiten de gemeente.

Pagina 29

Voor het opladen van elektrische voertuigen is uitbreiding van de (laad)infrastructuur nodig. Het aantal laadpunten is sterk gegroeid in de afgelopen vijf jaar. Opladen gebeurt grotendeels thuis; veel mensen in Rozendaal kunnen een eigen laadpunt op de oprit of onder de carport plaatsen. Degenen waarbij dat niet lukt zijn aangewezen op een openbare laadpaal. Momenteel zijn er 12 openbare laadpunten beschikbaar op publieke grond, 6 openbare laadpunten op semi-publieke grond zoals bij een tankstation of horeca en naar schatting 206 thuislaadpunten.

Openbaar vervoer (OV) Openbaar vervoer valt buiten de scope van dit Programma, maar wordt hier benoemd voor een compleet beeld. Het gemeentebestuur blijft zich in de toekomst hard maken voor het behoud van buslijn 8, zodat Rozendaal per openbaar vervoer goed bereikbaar blijft. In de Omgevingsvisie is de ambitie opgenomen om de fiets- en wandelroutes naar omliggende treinstations te verbeteren en zo de drempel om de trein te pakken te verlagen.

Luchtkwaliteit (gezondheid) Als gevolg van steeds strengere Europese emissienormen voor industrie en mobiliteit laat de luchtkwaliteit in Nederland de laatste decennia een verbetering zien: de emissies van schadelijke stoTen door industrie en verkeer dalen al jaren. De emissies van een andere grote bron van schadelijke emissies – houtrook - blijven echter onverminderd hoog (bron: Informatiepunt Leefomgeving). Twee belangrijke

Pagina 30

luchtverontreinigende stoTen zijn de kleine fractie fijnstof en de grove fractie fijnstof. Hiervoor heeft de World Health Organization (WHO) advieswaarden gesteld: de gezondheidskundige grenzen voor de concentratie van verontreinigende stoTen in de buitenlucht. Onderstaande figuur links geeft de gemiddelde concentraties in 2023 weer van de kleine fractie fijnstof en de figuur rechts geeft de grote fractie fijnstof weer (bron: Atlas Leefomgeving, kaarten Luchtkwaliteit). Gebieden die voldoen aan de advieswaarde van de WHO zijn in de kleur blauw weergegeven. Hoe donkerder oranje/rood een gebied is, hoe sterker deze afwijkt van de advieswaarde. De advieswaarde voor de kleine fractie fijnstof wordt in de hele gemeente overschreden. Voor de grove fractie fijnstof worden de advieswaarden voor een deel van het gebied overschreden.

In 2023 is de gemiddelde concentratie van de kleine fractie fijnstof (PM2.5) in Rozendaal 8,6 µg/m3 en van de grove fractie fijnstof (PM10) 15,2 µg/m3 (bron: ‘MLK Monitoringsronde 2024’, Bijlage bij kennisnotitie KN-2025-0018, RIVM, 2025)

Wat hebben we tot nu toe gedaan? ü Faciliteren laadpalen In 2022 heeft het College een plankaart vastgesteld waarop is aangegeven waar de laadpalen moeten komen te staan. Het plaatsen en de exploitatie gebeurt door Vattenfall. ü Introductie elektrische deelauto In 2024 is de eerste elektrische deelauto geïntroduceerd bij de openbare laadpaal op de hoek van de Kerklaan en De Moestuin. Deze deelauto is te gebruiken door medewerkers en bestuursleden van de gemeente, bewoners en medewerkers van andere organisaties. De organisatie OnzeAuto plaatst een extra deelauto bij 10 tot 15 deelnemers in een buurt. Tot nu toe is er echter onvoldoende belangstelling voor het autodelen. ü Stimuleren duurzaam vervoer De afgelopen jaren hebben we inwoners met voorlichting gestimuleerd om zo veel mogelijk voor duurzaam (deel)vervoer te kiezen: te voet, per fiets en openbaar vervoer. ü Aansluiten bij ontwikkelingen binnen GMR Binnen het programma ‘Verbonden regio’ stimuleert de Groene Metropool Regio ArnhemNijmegen (GMR) verkeersveiligheid door gerichte verkeerseducatie en gedragscampagnes. Daarnaast wordt duurzame mobiliteit gestimuleerd met de programma's slim & schoon onderweg en duurzame logistiek. Op het gebied van de voorzieningen en infrastructuur

Pagina 31

ondersteunt de GMR in de mobiliteitsuitdagingen. We volgen deze ontwikkelingen met aandacht en waar nodig dragen we inhoudelijk bij. ü Besluit deelname Schone Lucht Akkoord Het Rijk, alle provincies en ruim 120 gemeenten doen mee aan het Schone Lucht Akkoord. Hiermee verplichten zij zich om maatregelen te nemen die de lucht schoner en gezonder moet maken. Het doel is om in 2030 minstens 50% gezondheidswinst te boeken door een betere luchtkwaliteit vergeleken met 2016. Eind 2025 wordt een besluit genomen over een eventuele deelname van Rozendaal aan het Akkoord, waarbij we ons al dan niet gaan committeren aan het uitvoeren van acties en maatregelen over het beter meewegen van luchtkwaliteit op beleidsterreinen zoals ruimtelijke ordening en mobiliteit, communicatie over schone lucht en duurzaam aanbesteden.

5.3 Doelen Met dit Programma Duurzaamheid werkt de gemeente Rozendaal mee aan deze doelen: • •

In 2030 is de CO2-uitstoot in de mobiliteitssector 55% verminderd ten opzichte van 1990 (Regionaal Mobiliteitsprogramma, GMR); De uitstoot van grove en fijne fractie fijnstof wordt 10% lager om een positieve bijdrage te leveren aan de gezondheid van inwoners in Rozendaal.

5.4 Activiteiten 2026-2030 Om de duurzame mobiliteit te stimuleren werken we in het kader van dit Programma mee aan het plaatsen van openbare laadpalen voor elektrische personenauto’s en stimuleren we deelvervoer. Het samen delen van vervoersmiddelen is duurzaam en zorgt voor meer inclusiviteit: voorzieningen zoals treinstation Arnhem worden hiermee voor meer mensen bereikbaar. In een context die valt buiten dit Programma verbeteren we de brede mobiliteit door aan te sluiten op de beweging vanuit de verstedelijkingsstrategie van de GMR. Door de groei van de regio worden maatregelen genomen om de druk op het spoor- en wegennetwerk te verdelen, zoals het vormen van mobiliteitshubs - plekken waar je kunt overstappen op verschillende soorten duurzaam vervoer - in en rondom Arnhem en Nijmegen en de inzet op meer fietsen en lopen op korte afstanden. Elektrisch rijden en het gebruiken van deelvervoer zorgt voor een betere luchtkwaliteit en daarmee ook voor een betere gezondheid van mensen. We willen nog één stap verder gaan en de uitstoot van fijnstof door houtstook terugdringen.

Pagina 32

Mobiliteit Openbare laadpalen voor elektrische auto’s faciliteren We blijven meewerken aan nieuwe aanvragen voor nieuwe openbare laadpalen in de openbare ruimte wanneer de aanvrager geen plek heeft om de elektrische auto thuis te laden. Deelvervoer (fietsen, scooters, etc.) stimuleren en faciliteren Met voorlichting stimuleren we het gebruik van duurzaam deelvervoer (carpoolen, e-bikes en elektrische bromfiets/scooters). Verder onderzoeken we de mogelijkheid om een elektrische deelfiets voor dienstreizen aan te schaffen voor de gemeentelijke organisatie.

Luchtkwaliteit (gezondheid) Voorlichten over gezondheidsgevolgen houtstook Via voorlichting gaan we samen met de GGD inwoners wijzen op de negatieve effecten van houtstook. We willen mensen bewust maken van de gezondheidseffecten en hen vragen vóór het stoken de Stookwijzer van het RIVM te controleren. Daarmee sluiten we aan op regionale/landelijke publiekscampagnes, zoals de campagne ‘Eerlijk over houtstook’ vanuit Milieu Centraal. Vanwege houtstook hebben we een handhavingsverzoek gekregen. Daarom willen we eerst over dit onderwerp in gesprek gaan met inwoners over de overlast en de gevolgen van mogelijke maatregelen. Een mogelijk resultaat kan zijn dat we bij ongunstige weersomstandigheden sterker gaan sturen door regels te stellen over hoe en wanneer inwoners hun kachel mogen gebruiken of zelfs een stookverbod bij windstil of mistig weer instellen. Dit leidt tot minder schadelijke stoffen in de omgeving.

Pagina 33

6

Circulariteit

6.1 Opgaven We kunnen niet langer doorgaan met ons huidige verbruik van schaarse natuurlijke hulpbronnen, omdat deze uitgeput raken. In een circulaire economie verandert de manier waarop we grondstoTen gebruiken. GrondstoTen blijven langer in de economie doordat producten worden gerepareerd, hergebruikt of gerecycled en er nauwelijks afval is. Door bijvoorbeeld een slim ontwerp, bewust gebruik en beter hergebruik vermindert de inzet van primaire materialen en de daarmee gepaard gaande milieudruk. De transitie van een lineaire economie naar een circulaire economie vergt nog een grote inspanning. Belangrijke uitdagingen voor de komende decennia zijn het vergroten van hergebruik en het verminderen van de afhankelijkheid van primaire grondstoTen. Om de circulaire economie te versnellen wordt in Europa gewerkt met actieplannen en richtlijnen. Prioriteiten hierbij zijn biomassa en voedsel, kunststoTen, de maakindustrie en consumptiegoederen. Verder pakt Europa de plastic verpakkingen en de vervuiling door microplastics actief aan. Begin 2024 nam het Europees Parlement een richtlijn aan, die het makkelijker en goedkoper maakt om producten te repareren. Op landelijk niveau beschrijft het Nationale Programma Circulaire Economie 2023-2030 welke stappen worden gezet.

Het Circulair materialenplan – dat waarschijnlijk in 2025 wordt vastgesteld - stuurt op hoogwaardige verwerking en heeft een brede reikwijdte op het gebied van hergebruik en preventie.

6.2 Waar staan we nu? Een belangrijke indicator voor de omvang van de circulaire economie is het aandeel hergebruikte materialen van alle gebruikte grondstoTen. Door deze ‘secundaire materialen’ hebben we minder nieuw gewonnen of nieuw aangevoerde grondstoTen nodig. Voorbeelden hiervan zijn oud papier dat nieuw verpakkingsmateriaal of toiletpapier wordt, bouwafval dat als funderingsmateriaal in de wegenbouw wordt gebruikt en voedselresten die als veevoeder worden ingezet. In 2022 was het aandeel ‘secundair materiaal’ 12,6% van al het materiaal dat in de Nederlandse economie werd ingezet (bron: Integrale Circulaire Economie Rapportage, CBS, 2025). Zowel de inzet van primaire grondstoTen als van secundaire materialen is licht gestegen ten opzichte van 2014, maar het percentage secundair materiaal bleef vrijwel gelijk. Het gebruik van grondstoTen in Nederland daalt, maar nog lang niet snel genoeg. De oorzaak van de daling is voornamelijk door externe gebeurtenissen, zoals corona en de oorlog in Oekraïne.

Wat hebben we tot nu toe gedaan? ü Uitvoeren Grondstoffenbeleidsplan 2021-2030 Op basis van het grondstoffenbeleid zijn veranderingen in het inzamelen van huishoudelijk afval ingevoerd, zoals de vierwekelijkse inzameling van restafval, de wekelijkse inzameling van GFT en

Pagina 34

ü

ü

ü

ü

PBD in de zomer, een digitale afvalkalender, het plaatsen van een container voor luier- en incontinentiemateriaal en de lancering van een communicatiecampagne. Toetreden tot Circulus voor inzameling/verwerking huishoudelijk afval vanaf 2026 Het gemeentebestuur heeft begin 2025 besloten om zich aan te sluiten bij Circulus, een overheidgedomineerde inzamelorganisatie, voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval vanaf 2026. Aansluiten bij ontwikkelingen Circulair Bouwen in de regio De GMR voert het Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023-2030 uit. We volgen deze ontwikkelingen. Ook hier volgen we de ontwikkelingen met aandacht en waar nodig dragen we inhoudelijk bij. Deelnemen aan digitale materialenbank DuSpot De GMR heeft een samenwerkingsovereenkomst met alle regiogemeenten gesloten voor deelname in 2024 en 2025 aan de pilot DuSpot. Via deze digitale materialenbank kunnen gemeenten herbruikbare materialen uit civiele projecten zoeken en aanbieden. Het gaat om materialen zoals grond/zand, straatstenen, betontegels, industrieplaten, keerwanden, lichtmasten, straatmeubilair en fietsvoorzieningen. Bewonersinitiatief Leermolensenk Via de app ‘Buren Leermolensenk’ kunnen bewoners gebruikte spullen doorgeven aan buurtbewoners. Op deze manier gaat ruim 80% van de aangeboden spullen naar iemand anders.

6.3 Doelen Met dit Programma Duurzaamheid werkt de gemeente Rozendaal mee aan deze doelen: Realiseren van de omslag van een lineaire economie naar een circulaire economie in 2050 en 50% minder verbruik van primaire grondstoTen in 2030 (Rijksbrede programma 'Nederland circulair in 2050).

6.4 Activiteiten 2026-2030 Het beleid voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval is uitgewerkt in het GrondstoTenplan 2021-2030 en valt daarmee buiten de scope van dit Programma. We richten ons de komende jaren vooral op het vergroten van de circulariteit binnen onze eigen werkzaamheden (we willen het goede voorbeeld geven via onze inkoop en GWW) en op het stimuleren van inwoners om biobased materialen te gebruiken en spullen met elkaar te delen. Circulair opdrachtgeverschap in Grond- Weg- en Waterbouw Materiaalstromen in het fysieke domein hebben een grote CO2 voetafdruk en circulaire impact. Daarom stimuleren we hergebruik van materialen bij werken in de openbare ruimte door twee pilots uit te voeren met circulair opdrachtgeverschap. Zo willen we op een laagdrempelige praktische manier ervaring opdoen met circulair aanbesteden in de infra. Aan de hand van een evaluatie besluiten we over een mogelijk vervolg. Circulair en duurzaam inkopen verankeren in gemeentelijke organisatie In het Coalitieakkoord Rozendaal 2022-2026 is opgenomen dat we ook duurzaamheid en circulariteit willen meenemen als gunningscriteria bij inkooptrajecten en aanbestedingen. Dit moet in de praktijk echter nog worden

Pagina 35

vormgegeven. Vanuit onze rol als inkoper en opdrachtgever hebben we grote invloed op de producten en diensten die we als gemeente inkopen: van de aanschaf van kantoorartikelen tot het uitvoeren van civiele projecten. We gaan met behulp van de handreiking circulair inkopen criteria stellen om marktpartijen te stimuleren circulaire en/of duurzame materialen en producten te gebruiken of om de milieu-impact te verlagen. Een ander idee is om marktpartijen uit te dagen een bijdrage te leveren aan de Sustainable Development Goals (SDG). Dit zijn de 17 doelen die zijn vastgesteld door de Verenigde Naties om armoede te bestrijden, ongelijkheid te verminderen en klimaatverandering aan te pakken. Het is belangrijk om de medewerkers te trainen die wel eens producten, werken of diensten inkopen, zodat zij meer kennis krijgen over de toepassing voor hun vakgebied. Voortgang regionaal Programma Conceptueel Circulair Bouwen volgen Binnen de GMR wordt het programma ‘Conceptueel Circulair Bouwen 2023-2030’ uitgevoerd, gericht op het versnellen van de woningbouwopgave en het stimuleren van circulair bouwen. Vanuit Rozendaal volgen we de ontwikkelingen en waar nodig nemen we deel aan de regionale overleggen.

Gebruik biobased materialen stimuleren We gaan inwoners stimuleren om bij de verduurzaming van bestaande woningen en bij de bouw van nieuwe woningen gebruik te maken van biobased (isolatie)materialen. Dit zijn bouwmaterialen van hernieuwbare grondstoffen, zoals planten, hout, bamboe, stro en schimmels. Deze materialen zijn een alternatief voor de traditionele bouwmaterialen, die vaak afkomstig zijn van fossiele brandstoffen of schadelijk zijn voor het milieu. Ook gaan we onderzoeken hoe we het gebruik van biobased materialen kunnen aanzwengelen in ons grondbeleid en bestemmingsplannen. Uit het Woonbehoefteonderzoek blijkt dat er in Rozendaal tot 2031 behoefte is aan meer dan 50 nieuwe woningen. Spullen delen stimuleren Van bezit naar gebruik: delen is het nieuwe hebben. Door spullen samen te gebruiken, zijn minder nieuwe spullen nodig. Denk aan gereedschap, apparaten, spullen voor een feestje, speelgoed, kleding, boeken of aan spulletjes voor een baby. Bijkomend voordeel van delen en lenen van spullen is dat de sociale verbinding versterkt wordt. Daarom gaan we het delen en lenen aanmoedigen. Hiervoor zijn verschillende mogelijkheden, zoals via online platforms, sociale netwerken en deelapps zoals Peerby, Mijnbuurtje en NextDoor. Dit kan ook een fysieke plek worden, zoals een ‘buurtschuur’ of ‘deelbox’.

Pagina 36

7

Voorlichten, inspireren & ‘samen doen’

7.1 Opgaven Met voorlichting, inspiratie en samenwerking dragen we bij aan de uitvoering van de inhoudelijke thema’s uit dit Programma. De inzet van bewoners in onze gemeente is groot en we waarderen hun betrokkenheid enorm. We zien dat veel mensen duurzamer willen wonen en leven, maar niet goed weten hoe ze dat moeten doen. Het vormt een uitdaging om begrijpelijke, eerlijke informatie te krijgen zonder te verzanden in technische details of in onrealistische verwachtingen. De grootste opgave is om ervoor te zorgen dat bewoners weten wat er moet gebeuren, dat zij zich écht gemotiveerd voelen om in actie te komen en zich eigenaar voelen van hun bijdrage aan een leefbare toekomst. Deze verandering moet van binnenuit worden gedragen en het maken van duurzame keuzes moet makkelijk, aantrekkelijk en ‘normaal’ worden. Dat vraagt om het bouwen aan netwerken, het verbinden van mensen en het ondersteunen van initiatieven die van onderop ontstaan.

7.2 Waar staan we nu? Wat hebben we tot nu toe gedaan? ü Voorlichten: Campagne Duurzaam Rozendaal, ‘In de Roos’ en Regionaal Energieloket Sinds 2020 loopt de campagne Duurzaam Rozendaal. Op www.duurzaamrozendaal.nl is veel informatie te vinden over energiemaatregelen in huis en de financiering. Ook heeft de informatie van de Werkgroep Duurzaam Rozendaal en de Werkgroep Biodiversiteit hier een plek gekregen. Ons informatieblad ‘In de Roos’ verschijnt iedere twee weken op papier en wordt onder alle adressen in Rozendaal verspreid. We gebruiken ‘In de Roos’ met grote regelmaat om inwoners uit te nodigen voor bijeenkomsten en om hen te informeren over duurzaamheid en activiteiten. Tot slot verzorgt het Regionaal Energieloket (REL) sinds 2024 het Energieloket Rozendaal op https://regionaalenergieloket.nl/rozendaal. Het REL informeert inwoners onder meer over energiebesparing, zonne-energie, duurzame warmte, financiering en subsidies en geeft tips en adviezen om duurzamer te wonen. ü Samenwerken met Werkgroep Duurzaam Rozendaal De Werkgroep Duurzaam Rozendaal, opgericht in 2017, is voor ons een onmisbare partner geworden. Met de leden van de Werkgroep bespreken we ongeveer elke twee maanden wat we kunnen betekenen op weg naar een duurzame gemeente.

De Werkgroep bestaat uit betrokken en deskundige bewoners die actief zijn op het gebied van duurzaam wonen (energietransitie) en duurzaam groen (biodiversiteit en klimaatadaptatie). ü (Mede)organiseren van bijeenkomsten In de afgelopen jaren zijn er verschillende bijeenkomsten geweest om inwoners te stimuleren en enthousiasmeren om zelf aan de slag te gaan met duurzaamheid. In het najaar van 2024 en 2025 organiseerden we met de Werkgroep Duurzaam Rozendaal de brede bewonersbijeenkomst ‘Samen naar een duurzaam Rozendaal’.

Pagina 37

7.3 Doelen Met dit Programma Duurzaamheid werkt de gemeente Rozendaal mee aan deze doelen: • •

• •

In 2030 is 95% van de inwoners zich ervan bewust dat zij in belangrijke mate zelf bijdragen aan een duurzaam Rozendaal; In 2030 weet 95% van de inwoners hoe zij duurzaam kunnen handelen en maken duurzame keuzes in hun dagelijks leven; De gemeenschap is actief betrokken bij een duurzaam Rozendaal; De gemeenschap voelt zich gestimuleerd en gefaciliteerd om duurzame initiatieven te starten en vol te houden.

7.4 Activiteiten 2026-2030 Ook de komende jaren blijven we inwoners op weg helpen met duurzame keuzes in hun dagelijks leven door toegankelijke informatie te geven. Even belangrijk - zo niet belangrijker - is dat we mensen inspireren door praktijkverhalen en goede voorbeelden te delen en een podium te bieden aan lokale ambassadeurs. We vinden de betrokkenheid van inwoners bij duurzaamheid en het ontsluiten van hun eigen kracht bij de uitvoering heel belangrijk. Voor een succesvol duurzaamheidsbeleid moeten we ‘samen duurzaam doen’. Door in contact te blijven met de Rozendaalse samenleving willen we van en met elkaar leren. Daarom zetten we de jaarlijkse bewonersbijeenkomst voort en gaan we daarnaast een duurzaamheidscafé opzetten. De komende beleidsperiode willen we de initiatiefkracht in de samenleving versterken en de samenwerking met inwoners verder ontwikkelen. Als inwoners kansen zien voor initiatieven die onze ecologische voetafdruk verkleinen, dan spannen wij ons als gemeentebestuur ervoor in om dit te faciliteren. Campagne ‘Duurzaam Rozendaal’ uitbreiden naar levensstijl en voeding We blijven bewoners online informeren over de mogelijkheden om duurzaam te wonen en we stimuleren hen om actie te ondernemen.

Dit doen we door onze eigen website (www.duurzaamrozendaal.nl) en de Rozendaalse pagina van het Regionaal Energieloket Rozendaal (op https://regionaalenergieloket.nl) actueel te houden en hierop goede voorbeelden te delen. De bestaande informatie en inspiratie op de website breiden we uit naar duurzame levensstijl & (lokale/biologische) voeding. Hierbij laten we goede voorbeelden zien en zetten we inspirerende bewoners in het zonnetje. Artikelen plaatsen in ‘In de Roos’ ‘In de Roos’ valt elke twee weken bij elk adres in de brievenbus en blijft een belangrijk communicatiekanaal. We leveren ongeveer elke maand een artikel aan over één of meer activiteiten uit dit Programma. Jaarlijks (mede)organiseren bewonersbijeenkomst Samen met de Werkgroep Duurzaam Rozendaal organiseren we organiseren jaarlijks een bewonersbijeenkomst, waarbij het draait om inspiratie, het delen van praktijkervaringen en erkenning geven aan goede voorbeelden en ideeën. Het doel is het verkennen van de onderwerpen die spelen bij inwoners en het verkrijgen van inzicht in de ondersteuningsbehoefte van inwoners.

Pagina 38

Elk kwartaal (mede)organiseren duurzaamheidscafé Samen met de Werkgroep Duurzaam Rozendaal en andere geïnteresseerde inwoners organiseren we elk kwartaal een duurzaamheidscafé rondom een bepaald thema. Dit wordt een informele middag/avond om ideeën, kennis en initiatieven rond duurzaamheid te delen. Er kan een spreker worden uitgenodigd (bijvoorbeeld een inwoner met een duurzaam initiatief), een workshop of een discussie plaatsvinden en er is ruimte voor netwerken. Het doel is om inspiratie te bieden en actie te stimuleren. Werkgroep Duurzaam Rozendaal faciliteren De leden van Werkgroep zijn een onmisbare schakel tussen beleid en de samenleving; hun kennis en inzet zijn waardevol voor het opstellen en uitvoeren van ons beleid. We blijven samenwerken met en ondersteuning bieden aan initiatieven van de Werkgroep. Uitvoeringsbudget bewonersinitiatieven Duurzaamheid instellen We willen ervoor zorgen dat goede ideeën van onderop ook écht uitgevoerd kunnen worden. Daarom stellen we een budget beschikbaar voor het financieel ondersteunen van bewonersinitiatieven die bijdragen aan de doelen uit dit Programma. Zo versterken we lokaal eigenaarschap, sociale cohesie en initiatiefkracht.

Concept ‘Right to Challenge’ uitwerken ‘Right to Challenge’ (‘recht om uit te dagen’) houdt in dat bewoners, buurten of maatschappelijke organisaties het recht hebben om een overheidstaak of publieke dienst over te nemen, als zij denken dat ze het beter, goedkoper of effectiever kunnen uitvoeren dan de gemeente. Inwoners of lokale initiatieven kunnen een voorstel doen om een taak op zich te nemen, zoals het groenbeheer of wijkactiviteiten. We ontwikkelen beleid waarin staat welke taken opengesteld zijn voor een ‘Right to Challenge’, onder welke voorwaarden en hoe het proces verloopt. Dit versterkt niet alleen eigenaarschap en burgerkracht, maar ook de lokale democratie. Concept ‘Opgroeiruimte bewonersparticipatie’ uitwerken Als gemeente willen we zorgen voor toegankelijke participatiemogelijkheden, laagdrempelige ondersteuning en een veilige omgeving om fouten te mogen maken. Daarom werken we de ‘opgroeiruimte bewonersparticipatie’ verder uit; een concept dat verwijst naar het idee dat bewoners, gemeente en andere partijen in participatieprocessen mogen leren, groeien en zich aanpassen.

Pagina 39

8

Regie

8.1 Inleiding Met de uitvoering van het Programma dragen we bij aan een duurzame leefomgeving voor huidige én toekomstige generaties. Deze ambities kunnen we alleen waarmaken als we onze aanpak integraal en consistent uitvoeren, de voortgang bewaken, de regie behouden (waar nodig en mogelijk) en bijsturen als dat nodig is. Kortom: de implementatie vraagt om samenhang, structuur, sturing en om het voeren van regie. In de context van de uitvoering van een duurzaamheidsprogramma betekent programmamanagement het organiseren, sturen en afstemmen van alle activiteiten, projecten en samenwerkingen die bijdragen aan de duurzaamheidsdoelen van de gemeente. Het gaat om regie voeren op samenhang, voortgang en resultaat, over verschillende thema’s, beleidsvelden en betrokken partijen heen.

8.2 Doel We volgen de ontwikkeling in de indicatoren en passen onze aanpak aan wanneer nodig.

8.3 Activiteiten 2026-2030 Werken volgens Jaarplannen We volgen de vier stappen van de beleidscyclus: Plan-Do-Check-Act. We voeren het Programma uit (Plan) op basis van onze jaarplannen (Do), we monitoren de voortgang (Check) en waar nodig stellen we onze activiteiten bij (Act). We stellen elk jaar een Jaarplan voor de uitvoering in het daaropvolgende jaar op; het Jaarplan voor 2026 vormt onderdeel van dit Programma. In het Jaarplan neemt de monitoring een centrale plaats in om te beoordelen of bijstelling nodig is. We moeten immers weten wat de effecten van ons beleid zijn, hoe ver we zijn met het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten en in hoeverre het begrote budget is benut. We monitoren voor elk thema de stand van zaken van onze doelen, aan de hand van de indicatoren en via de bronnen die zijn genoemd in dit Programma. We bekijken of een versnelling nodig is op bepaalde onderdelen en/of een bijstelling of andere prioritering nodig is als gevolg van (technologische) ontwikkelingen, nieuwe regelgeving of nieuwe afspraken. Opstellen Programma 2031 en verder Begin 2030 evalueren we de uitvoeringsperiode van het Programma Duurzaamheid en gaan we aan de slag met het opstellen van een plan voor de volgende periode. Dit doen we wederom samen met de Werkgroep Duurzaam Rozendaal, andere stakeholders en inwoners.

Pagina 40

9

Planning

9.1 Activiteiten 2026-2030 Activiteiten

2026

Energietransitie

Duurzame energie opwekking Voortgang Regionale Energie Strategie volgen

2027

Energiebesparing Financieel ondersteunen verduurzaming koopwoningen Inwoners ondersteunen bij energiebesparing Aardgasvrij wonen

Klimaatadaptatie & biodiversiteit Mobiliteit & luchtkwaliteit Circulariteit Voorlichten, inspireren & ‘samen doen’

Subsidie voor bewonersinitiatieven instellen Biodiversiteit Vaststellen Soorten Management Plan Werkgroep biodiversiteit ondersteunen Helder communiceren over veranderd beheer openbaar groen Natuurherstel Zuidflank Veluwezoom Meewerken aan regionale initiatieven biodiversiteit Mobiliteit Openbare laadpalen voor elektrische auto’s faciliteren Deelvervoer (fietsen, scooters, etc.) stimuleren en faciliteren Luchtkwaliteit Voorlichten over gezondheidsgevolgen houtstook Circulariteit Circulair opdrachtgeverschap Grond/Weg/Waterbouw Circulair en duurzaam inkopen verankeren in gem. organisatie Voortgang regionaal Programma Conceptueel Circulair Bouwen Gebruik biobased materialen stimuleren Spullen delen stimuleren Voorlichten en inspireren Campagne ‘Duurzaam Rozendaal’ uitbreiden levensstijl/voeding Artikelen plaatsen in ‘In de Roos’ Jaarlijkse bewonersbijeenkomst

vaststellen Q1

structureel uitvoeren structureel uitvoeren structureel uitvoeren

uitwerken Q4 uitwerken Q4

structureel uitvoeren structureel uitvoeren structureel uitvoeren

Q1-Q2 besluit Q1

structureel uitvoeren structureel uitvoeren structureel uitvoeren structureel uitvoeren Q1-Q4 Q1-Q4 Q1-Q4 structureel uitvoeren structureel uitvoeren structureel uitvoeren

Q3 Q3

Werkgroep Duurzaam Rozendaal faciliteren ‘Samen doen’

structureel uitvoeren structureel uitvoeren Q3 Q3 Q3 elk elk elk kwartaal kwartaal kwartaal structureel uitvoeren uitwerken Q3/Q4 uitwerken Q3/Q4 uitwerken Q3/Q4

Uitvoeringsbudget bewonersinitiatieven Duurzaamheid Concept ‘Right to Challenge’ Concept ‘Opgroeiruimte bewonersparticipatie’

Regie

structureel uitvoeren

Q4

Duurzaamheidscafé

Regie Werken volgens Jaarplannen Programma Duurzaamheid vanaf 2031 opstellen

2030

structureel uitvoeren structureel uitvoeren

Netcongestie Knelpunten in capaciteit stroomnet aanpakken Klimaatadaptatie & biodiversiteit Informeren en inspireren klimaatbestendige & biodiverse tuinen Financieel ondersteunen klimaatbestendige & biodiverse tuinen

2029

structureel uitvoeren uitwerken structureel uitvoeren Q2-Q4

Actieplan energieneutraliteit

Warmteprogramma en Buurtuitvoeringsplannen

2028

Q3

Q3

Q3 elk kwartaal

structureel uitvoeren structureel uitvoeren structureel uitvoeren Q3

Q3 Q1-Q3

Pagina 41

9.2 Jaarplan 2026 Uit de planning in de vorige paragraaf volgt het Jaarplan voor 2026. Hieronder is opgesomd welke activiteiten we willen uitvoeren in 2026. Energietransitie 1. Voortgang Regionale Energie Strategie volgen 2. Financieel ondersteunen verduurzaming koopwoningen 3. Inwoners ondersteunen bij energiebesparing 4. Vaststellen warmteprogramma (Q1) en opstellen/uitvoeren Buurt Uitvoeringsplannen 5. Knelpunten in capaciteit stroomnet aanpakken. Klimaatadaptatie & biodiversiteit 6. Informeren en inspireren over klimaatbestendige & biodiverse tuinen 7. Uitwerken financiële ondersteuning klimaatbestendige & biodiverse tuinen (Q4) 8. Uitwerken subsidie bewonersinitiatieven (Q4) 9. Vaststellen Soorten Management Plan (Q4) 10. Werkgroep biodiversiteit ondersteunen 11. Helder communiceren over veranderd beheer openbaar groen (Q1-Q2) 12. Besluit over deelnemen aan natuurherstel Zuidflank Veluwezoom (Q1) 13. Structureel meedenken/meedoen aan regionale initiatieven. Mobiliteit & luchtkwaliteit 14. Faciliteren openbare laadpalen elektrische auto’s 15. Simuleren en faciliteren deelvervoer. Circulariteit 16. Voortgang regionaal Programma Conceptueel Circulair Bouwen volgen 17. Inwoners stimuleren om biobased materialen te gebruiken 18. Inwoners stimuleren om spullen te delen. Voorlichten en inspireren 19. Uitbreiden campagne Duurzaam Rozendaal naar levensstijl en voeding (Q3) 20.

Plaatsen artikelen over duurzaamheid in ‘In de Roos’ (elke maand) 21. (Mede)organiseren jaarlijkse bewonersbijeenkomst (Q3) 22. Werkgroep Duurzaam Rozendaal faciliteren. Regie 23. Opstellen Jaarplan Duurzaamheid 2027 (Q3).

Pagina 42

10 Personele en financiële gevolgen Dit Programma doet een beroep op de beschikbare personele capaciteit en op financiële middelen. Wat we tot en met 2030 verwachten nodig te hebben voor de geplande activiteiten is inzichtelijk gemaakt in dit hoofdstuk.

10.1

Personele gevolgen

Om onze duurzaamheidsdoelen te behalen en onze rol als lokale overheid goed te vervullen, moeten we onze ambtelijke capaciteit anders inzetten. Er is bredere regionale samenwerking nodig. We zullen ons actief moeten inzetten in de regionale afstemming over bijvoorbeeld de plannen van de GMR voor de Zuidflank van de Veluwe. Dit stelt ons in staat om gezamenlijk integrale keuzes te maken over grensoverschrijdende thema’s zoals energie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en luchtkwaliteit. Bovendien willen we inwoners kunnen stimuleren en faciliteren waar zij ons nodig hebben en om ons netwerk te versterken. De personele capaciteit voor het werkveld duurzaamheid wordt bekostigd via de middelen van het Rijk om gemeenten extra personeel te laten aannemen of deskundigen in te huren voor klimaat- en energiebeleid (Specifieke Uitkering CDOKE; ‘Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid’). Daarnaast huren we projectmatig expertise in voor specialistische taken, zoals voor het opstellen van het Buurt Uitvoeringsplan en het Soorten Management Plan, de energieadviseurs en de ondersteuning op het gebied van communicatie. Dit wordt grotendeels bekostigd uit landelijke budgetten, zoals de specifieke uitkeringen van het Rijk en subsidie van de provincie Gelderland.

10.2

Financiële gevolgen

Voor het uitvoeren van het Programma Duurzaamheid heeft de gemeente Rozendaal een bedrag ter beschikking van € 1.014.348 voor de periode 2026 tot en met 2030. Deze financiële dekking is afkomstig uit de Specifieke Uitkering ‘Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid’ (CDOKE) van het Rijk en uit de subsidies van de provincie Gelderland voor het Soorten Management Plan (SMP) en de verblijfplaatsen voor vleermuizen. Daarnaast bevat de reserve energietransitie van de gemeente zelf nog een bedrag van € 260.000. Beschikbaar budget Programma Duurzaamheid

2026

2027

2028

2029

2030

totaal

Specifieke Uitkering CDOKE

€ 140.800

€ 141.815

€ 151.916

€ 152.159

€ 152.318

€ 739.008

Reserve energietransitie

€ 60.000

€ 60.000

€ 60.000

€ 40.000

€ 40.000

€ 260.000

Pilotproject GMR

€ 25.000

€ 25.000

Subsidie provincie Soorten management Plan (SMP)

€ 11.340

-

€ 50.000 -

-

-

€ 11.340

Pagina 43

Beschikbaar budget Programma Duurzaamheid Subsidie verblijfplaatsen vleermuizen Totaal

2026

2027

2028

2029

2030

totaal

€ 4.000

-

-

-

-

€ 4.000

€ 241.266

€ 226.815

€ 211.916

€ 192.159

€ 192.318

€ 1.064.390

Waar mogelijk gaan we ook gebruikmaken van de relevante subsidieregelingen die tijdens de looptijd van het Programma worden opengesteld. In onderstaande tabel is de begroting voor het Programma Duurzaamheid opgenomen, uitgesplitst per jaar. Begroting Programma Duurzaamheid

2026

2027

2028

2029

2030

totaal

Beleidsadviseur duurzaamheid

€ 70.400

€ 75.000

€ 76.875

€ 78.750

€ 80.625

€ 382.750

Beleidsondersteuner Ruimte & Samenleving

€ 32.100

€ 32.100

€ 33.438

€ 33.438

€ 34.775

€ 168.579

Inhuur communicatie duurzaamheid

€ 4.500

€ 5.100

€ 5.100

€ 5.100

€ 5.100

€ 24.900

Website Energieloket Rozendaal

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 25.000

Energieadvisering (Woning Energie Scan & Energie Bespaar Scan)

€ 2.500

€ 2.500

€ 2.500

€ 2.500

€ 2.500

€ 12.500

Budget Programma Duurzaamheid

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 10.000

Aanpak Nationaal Isolatie Programma

€ 16.550

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 5.000

€ 89.300

Subsidies Lokale Aanpak Isolatie

€ 50.000

Personeel/inhuur

Activiteiten

Beheersvergoeding Svn Toekomstbestendig Wonen Lening Opstellen Warmteprogramma incl. beoordeling plan-MER

€ 50.000

€ 2.500

€ 2.500

€ 2.500

€ 2.500

€ 2.500

€ 12.500

€ 17.250

-

-

-

-

€ 17.250

Uitvoeren Warmteprogramma

€ 35.000

€ 75.000

€ 50.000

€ 50.000

€ 50.000

€ 235.000

Participatie Warmteprogramma

€ 10.200

-

-

-

-

€ 10.200

Opstellen en begeleiden Soorten management Plan (SMP)

€ 21.303

-

-

-

-

€ 21.303

Totaal

€ 292.303

€ 207.200

€ 185.413

€ 187.288

€ 190.500

€ 1.062.704

Pagina 44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rozendaal&id=cf8f7206-f20f-4d43-8f02-73abb4d4ec07