Agendabundel
Tekst van het document
Woondeal 2.0 In 2020 zijn gemeenten binnen de Groene Metropoolregio, provincie Gelderland en het Rijk een langjarig partnerschap aangegaan voor een beter werkende woningmarkt. Aanleiding was het feit dat de Groene Metropoolregio in de top 3 van regio’s in Nederland stond met het hoogste woningtekort, de woonopgaven bovengemiddeld waren en de uitvoering onder druk stond. Concrete resultaten van Woondeal 1.0 zijn: een regionale woningmarktmonitor, uitbreiding van plancapaciteit, toevoeging van nieuwe locaties en gebieden, ombuiging naar meer betaalbare programma’s, een circulaire impactladder, extra handen en expertise via flexpools en aanjagers. Alle partijen hebben extra middelen beschikbaar gesteld voor toevoeging van nieuwe woningen en gebiedsontwikkelingen. De Rijksbijdragen aan woningbouw in deze regio tellen in afgelopen drie jaar op naar ongeveer €400 miljoen. Dit betreft cofinanciering voor gebiedsontwikkelingen en de bouw van 19.320 woningen. Lokale en regionale overheden, marktpartijen en corporaties investeren een veelvoud. We zijn er nog niet. Het in 2022 uitgevoerde regionale woningbehoefteonderzoek herbevestigt dat de woonopgave het lokale niveau overstijgt; versterkte samenwerking tussen regio(gemeenten), provincie en Rijk is nodig voor een passende bijdrage van iedere gemeente aan deze opgave.
Voor het langjarig toevoegen van voldoende woningen, ruimtelijk goed ingepast binnen het concept ‘meer landschap, meer stad’ blijft ieders inzet en betrokkenheid noodzakelijk. Rijk, provincie en gemeenten hebben in de Woondeal 2.0 onder andere afgesproken dat we gaan voor: • Realisatie van de woningbouwopgave als bouwsteen en binnen de kaders van de Verstedelijkingsstrategie. • Een woningtekort van 2% wordt door overheden als gezond beschouwd. Daarom zetten we in op de bouw van zo’n 55.000 woningen richting 2040. Conform de Woondeal moeten er minimaal 33.000 woningen tot en met 2030 gerealiseerd worden. We sturen daarbij echter op 38.000 woningen tot en met 2030. Zo vullen we de behoefte van 42.000 woningen grotendeels in, die blijkt uit recent woonbehoefteonderzoek. We zetten waar mogelijk in op realisatie en versnelling. Daarvoor is invulling van bredere randvoorwaarden voor gebiedsontwikkeling noodzakelijk. Als dit niet gebeurt zal het woningtekort op een (te) hoog niveau blijven. • Realisatie van ongeveer 20.000 van deze woningen in drie grootschalige NOVEX-woningbouwlocaties: Nijmegen Stationsgebied, Nijmegen Kanaalzone en Spoorzone Arnhem-Oost en 17.000 woningen in de zeventien andere focusgebieden. • Ophoging van de woningproductie van 3.300 naar zo’n 3.700 woningen per jaar, onder andere door inzet op flexwoningen en ruimte voor alternatieve woonvormen.
37
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
• In lijn met de nationale doelstelling (vergroting van de beschikbaarheid van woningen voor mensen met lage en middeninkomens, waaronder veel starters) zorgen voor voldoende betaalbare woningen voor aandachtsgroepen en een evenwichtige spreiding daarvan over de gemeenten (bron: Woondeal 2.0 Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen); 30% sociale huur, 2/3 betaalbaar. • Realisatie van circulaire ambities: 50% circulair bouwen in 2030, 100% in 2050. Daarnaast voldoen aan de klimaatambities van het Parijsakkoord. Momenteel telt de Groene Metropoolregio tot en met 2030 een voldoende omvangrijke harde en zachte planvoorraad. Op grond hiervan is het realiseren van 33.000 woningen tot en met 2030 haalbaar. Het vraagt een blijvende intensieve samenwerking van Rijk, provincie en gemeenten, samen met corporaties en marktpartijen. Per opgave zijn de hoofdactiviteiten voor de uitvoering door Rijk, provincie en gemeenten aangegeven. In lijn met de Verstedelijkingsstrategie is het overgrote deel van de planvoorraad binnen steden of dorpen voorzien. Totale inzet is randvoorwaardelijk voor slagen Woondeal Bij de Woondeal zien partijen in dat het realiseren van de doelstellingen ambitieus is, afhankelijk is van veel factoren en in het huidige tijdsgewricht onder druk staat.
In de Verstedelijkingsstrategie en bijbehorende bestuurlijke afspraken (van november 2022) zijn bij de ambities randvoorwaarden benoemd over het toevoegen van 100.000 woningen in beide regio’s tot 2040. Ook in het provinciale bod (per brief aan de minister) zijn randvoorwaarden benoemd, als voorloper op de afspraken met het Rijk. Deze randvoorwaarden gelden ook voor de realisatie van deze Woondeal (en breder): • Investeringen in bereikbaarheid • Financiering van onrendabele toppen • Voldoende ambtelijke capaciteit • Voldoende stikstofruimte • Voldoende netcapaciteit op het elektriciteitsnet Met de Woondeal 2.0 zien de partijen het belang in van het invullen van deze randvoorwaarden voor het effectief uitvoeren van de afspraken. Daarbij is continuïteit en versterking van de uitvoeringsorganisatie essentieel om de gewenste ontwikkelingen uit deze Woondeal te realiseren. Onderzoek naar onrendabele toppen De realisatie van de woonambitie kan alleen als we (Rijk, provincie, gemeenten) gezamenlijk de onrendabele top financieren. De ontwikkeling van betaalbare woningen is namelijk complex door de verschillende ambities die samenkomen, uitdagingen op het vlak van infrastructuur en parkeren etc. Bovendien hebben we met elkaar een aantal ambities afgesproken: betaalbaar, groen, duurzaam met aandacht voor leefbaarheid.
We hebben aan Fakton gevraagd om een eerste beeld van de investeringskosten op te stellen die gemoeid zijn met het integraal realiseren van de Verstedelijkings– strategie. Op basis van referentieprojecten en kengetallen is een inschatting gemaakt van verwachte investeringskosten. De kosten voor het realiseren van woningen drukken wij uit als een tekort per woning. Dit tekort per woning omvat de kosten voor de realisatie van de gebiedsontwikkeling en nadrukkelijk niet de kosten voor bijvoorbeeld een schaalsprong in de infrastructuur op provinciaal niveau (onderdeel van bouwsteen Mobiliteit). Voor het bepalen van de gemiddelde onrendabele top per woning beschouwen wij de kosten en opbrengsten die optreden bij de gebiedsontwikkeling. Hierbij wordt voornamelijk binnen het plangebied gekeken en spelen de traditionele grond– exploitatiekosten voor de gebiedsontwikkeling een belangrijke rol als het gaat om de te maken kosten.
38
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Om te komen tot een gemiddelde onrendabele top per woning zijn diverse bronnen meegenomen, waarbij rekening is gehouden met toerekenbaarheid. Op basis van deze aannames komt het totale tekort op ongeveer €700 miljoen bij 60.000 woningen. Een deel is hiervan recentelijk door het Rijk gefinancierd (onder andere Woningbouwimpuls (WBI) en investeringen in grootschalige woningbouwgebieden). Investering ambtelijke capaciteit woningbouw en gebiedsontwikkeling Een groter bouwvolume betekent dat gemeenten meer plannen moeten ontwikkelen. Dit kost ambtelijke capaciteit waaraan het in veel gemeenten ontbreekt. De Groene Metropoolregio heeft in april 2023 een eerste inventarisatie uitgevoerd onder de 18 gemeenten. Daaruit blijkt een behoefte aan ongeveer 50-60 fte extra. Als je dit kapitaliseert, betekent dit een financiële behoefte van ongeveer €4-5 miljoen aan extra capaciteit om bouwplannen verder te ontwikkelen. Het gaat dan om diverse vacatures, zoals planeconomen, projectleiders, verkeerskundigen en stedenbouwkundigen.
De Woondeal 2.0 voor de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen is op 8 maart 2023 ondertekend. Hiermee bestendigen Rijk, provincie en regio(gemeenten) de samenwerking voor een gezondere woningmarkt. Met deze afspraken draagt de regio bij aan een derde deel van de Gelderlandse woningbouwopgave. Uniek aan de Woondeal in Arnhem-Nijmegen is dat deze niet alleen gaat over woningen bouwen. Het gaat ook over het beter benutten van bestaande woningen, circulariteit en wonen met welzijn en zorg. 33.000 woningen toevoegen Tot en met 2030 komen er in de regio minimaal 33.000 woningen bij. Een belangrijk deel van deze woningen komt op de grootschalige woningbouwlocaties Arnhem Spoorknoop-Oost, Stationsgebied Nijmegen en Kanaalzone-Zuid in Nijmegen. Ook in de andere gemeenten komt er extra inzet voor verschillende woningbouwlocaties. Met corporaties en marktpartijen onderzoekt de regio kansen in de bestaande woningvoorraad om snel meer woningen te krijgen. 30% sociale huur in elke gemeente Belangrijk in de nieuwe Woondeal-afspraken is de overeenkomst tussen de gemeenten dat elke gemeente een gelijke bijdrage levert aan de huisvesting van aandachtsgroepen. Dan gaat het bijvoorbeeld om mensen met een zorgvraag of mensen die dakloos dreigen te worden. Iedere gemeente zet zich daarom in voor 30% sociale huur bij nieuwbouw. Ook is de regio landelijke koploperregio ‘Een thuis voor iedereen’.
Dit houdt in dat wordt gewerkt aan wijken en buurten waar ook mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag lang zelfstandig kunnen wonen. Bovengemiddelde inzet nodig De bouw van meer woningen en van meer betaalbare woningen vraagt een stevige inzet van alle partijen. Er zijn voldoende bouwmogelijkheden. Maar; de bouwkosten stijgen, stikstof belemmert bouwmogelijkheden, personeelstekorten spelen op veel plaatsen. Rijk, provincie en gemeenten bundelen hun krachten om deze problemen op te lossen. De Woondeal helpt om dan belemmerende regelgeving op te lossen. Ondersteuning van corporaties en bouwbedrijven De woningcorporaties en bouwers in de regio ondersteunen de ambities zoals vastgelegd in de Woondeal.
39
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
4.3.2
Mobiliteit De regio heeft de keuze gemaakt om mensen in de Groene Metropool te laten reizen op de slimste en schoonste manier. Dit is nodig om te anticiperen op de groei van mobiliteit (mede door de woningbouw en de groei van de economie) en te werken aan de klimaatopgave, stikstofopgave en het verbeteren van de luchtkwaliteit. In november 2022 maakten het Rijk, de provincies Gelderland en Utrecht, 3 waterschappen en de Groene Metropoolregio en Regio Foodvalley bij het BO MIRT verstedelijkingsafspraken voor de bouw van 100.000 woningen tot 2040. Wij benutten en versterken bij het bouwen van nieuwe woningen de groene kwaliteiten van de regio’s, bijvoorbeeld door vooral binnenstedelijk en bij OV-knooppunten te bouwen. Meer woningen, meer inwoners én meer bedrijvigheid betekent ook een (forse) groei van de mobiliteit. Een belangrijke voorwaarde om bij te dragen aan het oplossen van het woningtekort is verbetering van de bereikbaarheid, met focus op slimme en schone mobiliteit. Zonder extra investeringen zijn de nieuwe woningen letterlijk en figuurlijk onbereikbaar. Dat blijkt ook uit de Mobiliteitsanalyse Verstedelijkings¬strategie die in opdracht van het Rijk, de provincies Gelderland en Utrecht en beide regio’s is uitgevoerd.
De conclusies zijn: • De woningbouwopgave heeft grote gevolgen voor de bereikbaarheid van de Groene Metropoolregio en Regio Foodvalley. • De huidige infrastructuur staat nú al onder druk en kan deze woningbouwopgave (en toename van bedrijvigheid) niet aan. • De wegen lopen vast en de huidige capaciteit voor fietsverbindingen en openbaar vervoer is (ook) niet toereikend. • Voor deze woningbouwopgave is een forse bereikbaarheidsambitie nodig, die is te vergelijken met die in de Randstad of Brainport Eindhoven. • Om de groei van het aantal verplaatsingen aan te kunnen, is op vele fronten een schaalsprong nodig voor openbaar vervoer, fiets en in sommige gevallen voor weg. Hierbij gaat het om verbindingen tussen stedelijke netwerken, internationaal met Arnhem Centraal en om ontsluiting van deze stedelijke netwerken op regionale schaal. Uit de analyses blijkt dat het stedelijke wegennet vastloopt door de toevoeging van nieuwe woningen en de autonome groei van het verkeer. Om dit te voorkomen, zijn investeringen nodig in met name openbaar vervoer, fiets en hubs en flankerend beleid van lagere overheden. Een belangrijk punt is dat openbaar vervoer, fiets en hubs ook moeten worden versterkt, in termen van capaciteit en kwaliteit. Er is een forse investering in de infrastructuur voor het openbaar vervoer nodig. Daarnaast kan slechts van
40
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
hoogwaardig openbaar vervoer – gericht op ontsluiting van bestaande en nieuwe woongebieden – sprake zijn als de frequentie van het openbaar vervoer op stedelijke corridors wordt vergroot door te investeren in duurzame modaliteiten. Dit kan uitvoering krijgen via het stimuleren en investeren in lopen, de fiets (SFR), hoogwaardig openbaar vervoer, (regionaal) spoor én door in te zetten op aanvullende (flankerende) mobiliteitsopgaven. Door bijvoorbeeld de realisatie van (stadsrand)hubs, deelmobiliteit, strenger parkeerbeleid, verlagen snelheid en verminderen van rijstroken, belasten we het wegennet minder en verminderen we het ruimtebeslag in steden en dorpen. Zo zijn en blijven bestaande en nieuwe woningen bereikbaar. Een belangrijk aandachtspunt is dat het afschalen van het autogebruik alleen kan als er alternatieven zijn gerealiseerd. • Aandachtspunt zijn de specifieke OV-maatregelen en fietsverbindingen die nodig zijn. Wij willen meer inzetten op goede fietsverbindingen (SFR) in onze regio, goede openbaar vervoersverbindingen en goede (inter)nationale en regionale spoorverbindingen (personen) en stadsrandhubs. Samen met de gemeenten willen we vooral inzetten op aanvullende mobiliteitsmaatregelen zoals parkeerbeleid, aanpassen snelheid en verminderen rijstroken, realisatie van (stadsrand)hubs, deelmobiliteit, fietsvoorzieningen (parkeren) en loopbeleid.
De consequenties voor het mobiliteitsnetwerk zijn nog niet volledig in beeld voor wat betreft bedrijvigheid, werklocaties en bedrijfsverplaatsingen. Dit moet in samenhang met de bouwsteen Economie nader worden uitgewerkt. Hierbij leggen wij de verbinding met het RPW.
41
Investeringen nodig In het BO MIRT 2022 maakten wij al een aantal goede afspraken over bereikbaarheidsinvesteringen voor met name de ontsluiting van de grootschalige woningbouwlocaties. Maar er is meer nodig. De afgelopen jaren hebben we op basis van de Mobiliteitsanalyse Verstedelijkingsstrategie een scherp beeld gekregen wat daarvoor nodig is, inclusief bijbehorende investeringen. De volgende prioritaire mobiliteitsmaatregelen komen naar voren: • Aanleg doorfietsroute VeluweWaalpad tussen Arnhem, Elst en Nijmegen; een hoogwaardige doorgaande fietsroute noord-zuid stedelijk gebied ArnhemElst-Nijmegen, inclusief extra fietsbrug over de Rijn. • Aanleg doorfietsroute Arnhem-Huissen; doorfietsroutes tussen Arnhem en Huissen en tussen Huissen en Kronenburg. • Verbetering van de hoogwaardig openbaar vervoersverbinding tussen Nijmegen en Druten, onder andere door kwaliteitsimpulsen van openbaar vervoersknooppunten en het verbeteren van openbaar vervoershaltes. • Een uitgewerkt pakket aan regionale mobiliteitsmaatregelen, die nodig zijn voor het realiseren van ruimtelijke plannen en om de regio bereikbaar te houden. In de komende periode hopen we verregaande afspraken te kunnen maken over het pakket aan overige noodzakelijke maatregelen. • Wij houden vast aan eerder gemaakte Verstedelijkingsafspraken: − A15/A12: doortrekking van de A15 en verbreding A12.
Hierbij is ook een bijbehorend mobiliteitspakket essentieel. Een mobiliteitspakket om meer inzicht te krijgen in de mogelijke mobiliteitsmaatregelen rondom de A15/A12, met name als deze niet doorgaat of als er forse vertraging in de realisatie ontstaat. Een aantal projecten/processen gaan door, los van het project VIA15. De primaire vraag is welke extra projecten er nodig zijn of welke projecten we sneller kunnen realiseren. In overleg met Rijk en provincie willen we zoeken naar een nadere (extra) invulling van mogelijke maatregelen die bijdragen aan een betere bereikbaarheid van het gebied. − A50: aanpassen/verbreden Paalgraven-Bankhoef-Ewijk en een strategische agenda met gebiedsgerichte mobiliteitsaanpak voor de corridor A50 Nijmegen-Eindhoven. − RegioExpres van en naar de Achterhoek. − MIRT-onderzoek naar de corridor Utrecht-Arnhem-Duitse grens (A12). − MIRT-onderzoek naar de inpassing van de vrije kruising Spoorzone Arnhem-Oost (is in voorbereiding).
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
− Goederen Routering Noord Oost Europa. Het Nut en Noodzaak-onderzoek voor GNOE in Oost-Nederland start medio mei 2023 (afspraak met staatssecretaris 14 november 2022). Vanuit de verstedelijkingsopgave is een samenhang te zien tussen wonen, werken en het mobiliteitsnetwerk (Rijk-provincie-gemeenten/regio). De Integrale Mobiliteitsanalyse (IMA) van het Rijk heeft duidelijk gemaakt dat er nog gezamenlijke uitdagingen liggen in de regio. Hierbij spelen de mobiliteitstransitie en verduurzaming een belangrijke rol. Rijk en regio spreken af om samen het proces te starten om te komen tot een netwerkanalyse 2030-2040 voor de Groene Metropoolregio en Regio Foodvalley. De analyse kan plaatsvinden na de afronding van een of meer onderzoeken van Rijk en regio naar emplacement, vrije spoorkruising in Arnhem-Oost en spoorcorridor Utrecht-Arnhem. Tussen Rijk en regio vindt in 2023 alvast afstemming plaats over het bereik en de methode, waarbij in ieder geval wordt meegenomen: • de brede, multimodale bereikbaarheidsopgave; • de verstedelijkingsopgave van de Groene Metropoolregio en Regio Foodvalley; • de effecten van de groei van het aantal woningen en de economie op de bereikbaarheid van de regio en de samenhang met regionale en nationale mobiliteitsnetwerken.
4.3.3
Recreatie en toerisme Voor de leefbaarheid in steden en dorpen is het belangrijk dat inwoners op een duurzame manier recreëren, zeker als er meer woningen en meer inwoners bij komen. Een goede recreatieve infrastructuur trekt toeristen van buiten wat de vitaliteit van de toeristische sector en de economie van en voorzieningen in steden en dorpen ten goede komt. Het versterken van natuur en landschap, zoals beschreven in hoofdstuk 3, draagt bij aan de recreatiemogelijkheden. Dit gaat niet vanzelf. Recreatie en vooral intensieve recreatie en natuur(herstel) staan soms op gespannen voet met elkaar. Een belangrijke randvoorwaarde voor groei in balans is daarom dat we goed kijken waar we welke recreatiemogelijkheden willen versterken en creëren, en hoe we deze mogelijkheden goed over de regio kunnen spreiden. We willen daarom het huidige recreatieve gebruik in de Groene Metropoolregio in beeld brengen en dit vergelijken met de behoefte in de toekomst, ook in combinatie met nieuwe woningen en meer inwoners. Dan wordt helder welke (combinatie) kansen er zijn om recreatie te versterken. Daarbij denken we concreet aan het versterken en verbinden van recreatieve routestructuren en verhaallijnen. Vooral voor de verhaallijnen Romeinen, Tweede Wereldoorlog en
42
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Leven met het water zien we kansen om deze op regionaal en provinciaal niveau verder te brengen. Daarnaast hebben we in de Groene Metropoolregio relatief veel korte (voedsel)ketens. Dat is ook vanuit recreatief oogpunt interessant: streekproducten en fiets- en wandelroutes langs allerlei soorten voedselproductie. We willen deze korte ketens in kaart brengen en kijken hoe we dit als recreatief product beter in de markt kunnen zetten. Dit vraagt, boven op de investeringen die nodig zijn voor de versterking van natuur en landschap, om een extra investering. Ten eerste om in beeld te brengen waar wat nodig en handig is. Ten tweede om natuur en landschap ook daadwerkelijk zo in te richten dat inwoners en bezoekers op een passende manier kunnen recreëren, met respect voor natuur en landschap en herstel daarvan. 4.3.4
Veiligheid, gezondheid en overige voorzieningen Bij een groeiende bevolking is het belangrijk dat er genoeg ruimte is voor meegroeien van voorzieningen die onze steden en dorpen leefbaar houden. Ook veiligheid en een gezonde leefomgeving zijn een continu aandachtspunt. Een goed leefmilieu, met onder andere de aspecten geluid en luchtkwaliteit, is dan ook een belangrijke afweging bij het maken van ruimtelijke keuzes. Provincie en gemeenten pakken deze opgave, op verschillende manieren, gezamenlijk op. Deels doen we dat onder de vlag ‘Bruisende binnensteden, krachtige kernen’ dat bij verschillende opgaven van de Groene Metropoolregio, in samenwerking met de provincie is belegd. Op het gebied van voorzieningen op cultureel gebied hebben we inmiddels ook een stevige samenwerking opgezet tussen regio en provincie.
Cultuur In de Groene Metropoolregio hebben we een bloeiende culturele keten. Cultuurregio 025 is een sterk en hecht netwerk van opleiding, productie en presentatie voor alle kunstvormen: theater, muziek, dans, film, letteren, beeldende kunst, vormgeving en mode. Iedere keten is zo sterk als de zwakste schakel; zonder (cultuur)educatie, geen cultuurminnend publiek en geen kweekvijver voor talent. Zonder talent, geen aansprekende, vernieuwende culturele uitingen. En zonder dit alles geen excellentie. Wij willen dat amateurgezelschappen onze dorpskernen en steden leefbaar en levendig houden. We vinden het belangrijk dat elk Gelders kind zich kan ontplooien. We willen dat makers kunst kunnen blijven maken en cultuur, ons erfgoed en onze culture instellingen toegankelijk houden voor iedereen. Op dit moment zetten we met de uitvoering van het Transformatievoorstel Cultuur, samen in op: • Investeren in de lokale, bovenlokale en regionale infrastructuur De 18 gemeenten investeren elk in hun culturele infrastructuur. Bijvoorbeeld als het gaat om cultuureducatie en amateurkunst als belangrijke voedingsbodem voor het topsegment. De gemeenten Arnhem en Nijmegen hebben hierin een bijzondere rol: zij investeren fors in de grote culturele voorzieningen die een regionale en bovenregionale uitstraling hebben.
Denk daarbij aan investeringen in de rijksgezelschappen Phion, Introdans en Oostpool en de grote theaters en concertzalen. Waar onze ‘eigen’ makers, waar we trots op zijn, zich kunnen presenteren en waar ook het landelijk aanbod aan voorstellingen, tentoonstellingen en presentaties te zien is. • Stimuleren innovatie We ondersteunen initiatieven die de culturele sector wezenlijk transformeren en ervoor zorgen dat oud en nieuw publiek van cultuur kan blijven genieten. • Opleiden van professionals We zorgen dat het opleidingsaanbod voor professionals in de kunst up-to-date blijft en afgestemd is op de vraag die de professionals hebben. • Versterken cultuureducatie We hebben de ambitie dat ieder kind in Cultuurregio 025 in aanraking komt met het brede en hoogwaardige kunst- en cultuuraanbod in onze regio. Voldoende, goed opgeleide kunstvakdocenten zijn daarbij essentieel.
43
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Om dat te realiseren, versterken we de regionale cultuurknooppunten en zetten we in op meer en beter geschoolde kunstvakdocenten. • Ondersteunen amateurkunst We gaan de amateurkunstverenigingen ondersteunen. Dat doen we gericht, met een steunpunt dat voorziet in waar zij behoefte aan hebben. Vanuit cultureel perspectief zetten we ons ook in voor de eerder genoemde verhaallijnen: Romeinen, Tweede wereldoorlog en Leven met het Water. In de komende periode blijven we samenwerken, stemmen we onze ambities op elkaar af en maken we afspraken over waar we, ieder vanuit onze eigen rol, in (blijven) investeren. Daarnaast is het ook belangrijk ruimte te bieden voor betaalbare werkruimtes en culturele broedplaatsen.
4.3.5
Erfgoed Binnen de Groene Metropoolregio zijn de ruimtelijke aspecten van erfgoed een belangrijk onderdeel van het groen-blauw raamwerk en de elf denklijnen. Belangrijke uitgangspunten daarbij zijn: • Behoud, koesteren en versterken van de cultuurhistorische landgoederen en andere waarden. • Verankering en versterking van de landschappelijke context van de cultuurhistorische elementen. • Ontwikkeling, zichtbaar en beleefbaar maken van de verschillende cultuurhistorische lagen uit het verleden om de identiteit van het gebied (beter) beleefbaar en leesbaar te maken. Samen zetten we in op het koppelen van erfgoedopgaven aan ruimtelijke opgaven in gebiedsontwikkelingen. Denk hierbij aan de kansen die de landgoederenzones met hun rijke uitstraling bieden voor klimaatadaptatie, natuur-, water-, en recreatieopgaven. Bij de linies en het militair erfgoed, zoals IJssel linie, kazerneterreinen en restanten WO2, liggen kansen op het gebied van transformatie, toerisme en beleving. De rivieren vormen belangrijke recreatieve dragers. Het watererfgoed zoals steenfabrieken en het verhaal van water als grens, bieden handvaten voor verbinding met onder andere de water- en recreatieve opgave. De historische steden en dorpen en historische structuren, zoals oude wegen, zijn relevant voor de verstedelijkingopgave, afgestemd op de historisch gegroeide identiteit.
De historisch gegroeide landschappelijke patronen en structuren zijn ook van belang om te gebruiken bij transities in het landelijk
44
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
gebied, zoals realisatie van natuur- en bosgebieden, wateropgaven en de landbouwtransitie. De Romeinse limes, UNESCO werelderfgoed, biedt kansen voor toeristische en recreatieve versterking. Daarnaast werken we, zoals bij 4.3 Recreatie en toerisme en 4.3.4 onder cultuur al aangegeven, aan het versterken van onze verhaallijnen.
Afbeelding 7: Verhaallijn 3; leefbare steden en dorpen
45
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Samenvatting De groene groei-ambities van de Groene Metropoolregio zijn groot en hebben allen een ruimtelijke impact. Dit perspectief gaat in op de woonopgave, de mobiliteitsopgave, recreatie en toerisme, en voorzieningen zoals cultuur en erfgoed. De woonopgave tot 2030 ligt vast in de Woondeal. De opgave voor de periode daarna staat in de Verstedelijkings¬strategie, zonder al definitief locatiekeuzes vast te leggen. Wel zijn randvoorwaarden benoemd voor het toevoegen van de woningen. Dit zijn investeringen in bereikbaarheid, financiering van onrendabele toppen, voldoende goede ambtelijke capaciteit, voldoende netcapaciteit op het elektriciteitsnet en voldoende stikstofruimte. Een belangrijke voorwaarde om bij te dragen aan het oplossen van het woningtekort is verbetering van de bereikbaarheid, met focus op slimme en schone mobiliteit. De regio heeft de keuze gemaakt om mensen in de Groene Metropool te laten reizen op de slimste en schoonste manier. Dit is nodig om te anticiperen op de groei van mobiliteit (mede door de woningbouw en de groei van de economie) en te werken aan de klimaatopgave, stikstofopgave en het verbeteren van de luchtkwaliteit. Zonder extra investeringen zijn de nieuwe woningen letterlijk en figuurlijk onbereikbaar. Voor de leefbaarheid in steden en dorpen is het belangrijk er voldoende ruimte is voor recreatie.
Zeker als er meer woningen en meer inwoners bijkomen. Een belangrijke randvoorwaarde voor groei in balans is daarom dat we goed kijken waar we welke recreatiemogelijkheden willen versterken en creëren, en hoe we deze mogelijkheden goed over de regio kunnen spreiden. Een goed voorzieningenniveau, zoals zorg, scholen en culturele voorzieningen, is een andere belangrijke randvoorwaarde voor groei van het aantal woningen en inwoners. In de Groene Metropoolregio is er een bloeiende culturele keten en deze willen we behouden en versterken. We willen dat makers kunst kunnen blijven maken en cultuur en ons erfgoed en onze culture instellingen toegankelijk houden voor iedereen. Ons erfgoed koesteren we en daarom gaan we voor het koppelen van erfgoedopgaven aan ruimtelijke opgaven in gebiedsontwikkelingen. Wat hebben wij nodig? Wonen • Afdekken onrendabele toppen: ongeveer €350 miljoen tot 2040. Mobiliteit • Verbeteren openbaar vervoer-fiets verbindingen voor een bereikbare regio: − €100 miljoen voor de prioritaire mobiliteitsprojecten < 2030. − €600 miljoen voor het totale mobiliteitspakket > 2030. • Uitwerken ondersteunend mobiliteitspakket rondom de A15/A12. • Starten van het proces om te komen tot een netwerkanalyse 2030-2040. • Uitvoeren van eerder gemaakte afspraken: − A15/A12 en de A50. − RegioExpres van en naar de Achterhoek.
− MIRT-onderzoek naar de corridor Utrecht-Arnhem-Duitse grens (A12 en spoor). − MIRT-onderzoek naar de inpassing van de vrije kruising Spoorzone Arnhem-Oost (is gestart). − Het Nut en Noodzaak-onderzoek voor GNOE in Oost-Nederland. Recreatie en toerisme • Aanvullend op de investeringen voor natuur- en landschapsontwikkeling is investeren in de recreatieve infrastructuur noodzakelijk, waaronder beleving toevoegen met verhaallijnen, routestructuren en korte ketens. Wat hiervoor nodig is en hoeveel dat kost, brengen we gezamenlijk (Rijk, provincie, waterschappen) in kaart in het verstedelijkings-/NOVEX programma. Cultuur en erfgoed • Blijven) investeren in bovenregionale infrastructuur via BIS en fondsen. • Als provincie en regio de samenwerking en investeringen in middensegment, innovatie, cultuureducatie, opleiding professionals en amateurkunst voortzetten en borgen. • Koppelen van erfgoedopgaven aan ruimtelijke opgaven in gebiedsontwikkelingen.
46
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
5. De afwegingen met elkaar De Groene Metropoolregio kampt met een aantal zeer grote uitdagingen en transitieopgaven. Keuzes zijn nodig voor een toekomstbestendige ruimtelijke structuur voor onze regio. Keuzes die zorgen voor aanpassing waar dat moet en die ons zoveel mogelijk behoeden voor doodlopende paden. In het zoeken naar ruimtelijke oplossingen proberen we zoveel mogelijk functies te integreren en te combineren. Soms zal het ook nodig zijn bepaalde functies uit te sluiten en een duidelijke keuze te maken tussen functie(combinaties) in de ruimte. Bij het maken van de keuzes is het van belang dat gemeenten, regio, provincie, waterschappen en Rijk toewijding tonen op de doelen en de realisatie daarvan, maar ook gezamenlijk de noodzakelijke keuzes maken.
5.1.
Welke leidende principes zijn er? De afwegingen die we maken, baseren we op: • De lokale omgevingsvisies en de mede daarop gebaseerde visie ‘groei in balans’ en het uitgangspunt van de Verstedelijkingsstrategie “Meer landschap. Meer stad.” • De bouwstenen en ontwerpprincipes van de Verstedelijkingsstrategie. • De uitgangspunten zoals vastgesteld in het VLGG. Deze zijn leidend, waaronder ‘water en bodem sturend’. • De afspraken voor de toekomst zoals vastgelegd in de RES 1.0. • De studie van de WUR naar onze regio in 2120 op basis van het veranderende klimaat. • Diverse onderzoeken die we komende tijd met elkaar gaan doen of afronden, onder andere in het kader van: − Energietransitie (plan MER RES 2.0, GEIS, pilot integraal programmeren) − RPW
5.2.
Hoe wegen we ruimteclaims tegen elkaar af Het afwegen van ruimteclaims is een cyclisch proces, waarin we de bouwstenen steeds verder uitwerken, verdiepen en op de kaart zetten. We benoemen kansen en schuurpunten op basis waarvan we bestuurlijke afwegingen kunnen maken. Zo proberen we ook de lange termijn vraagstukken en oplossingen goed in het oog te houden, zodat we vandaag en morgen de goede richting kiezen met het langetermijnperspectief in beeld. Ook werken we vanuit verschillende deelgebieden binnen de regio om in te kunnen zoomen. Hiervoor worden gebiedsprogramma’s opgesteld (zie bijlage 1 voor de kaarten van de gebiedsuitwerkingen).
47
Verhaallijnen op elkaar leggen brengen ‘drukke’ gebieden in beeld Doordat we al enkele jaren samenwerken in de Verstedelijkingsstrategie (maar ook bijvoorbeeld via de RES, de Woondeal en de gebiedsuitwerkingen) hebben we inmiddels een gedeeld toekomstbeeld van de regio in 2040 en verder. Onze woningbouwlocaties zijn grotendeels in beeld, 60% van de woningbouwopgave realiseren we in binnenstedelijke gebieden en de overige locaties sluiten nauw aan op het stedelijk gebied. Hierdoor versterken we onze voorzieningen zoals openbaar vervoer, fietsnetwerk, publieke instellingen en culturele voorzieningen. We stimuleren hierdoor ook onze economie. Het intensiveren van het stedelijk gebied kan niet zonder een mobiliteitstransitie. Door te intensiveren in de stedelijke gebieden behouden en versterken we onze landschappen (het groen-blauw raamwerk). Dit laatste is hard nodig om de klimaatverandering te kunnen opvangen en teruggang van biodiversiteit af te remmen, maar ook om nieuwe ruimteclaims in het landelijk gebied te kunnen accomoderen zoals bijvoorbeeld voor de energietransitie, waterbeschikbaarheid, klimaatbuffers, productie van biobased bouwmaterialen en extensivering van de landbouw.
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
In 2023 hebben we al deze ambities (feitelijk de drie verhaallijnen uit hoofdstuk 4) op kaart gezet. Zo krijgen we inzicht in de gebieden waar de ruimte(druk) gaat knellen. Deze gebieden vragen een aanpak (gebiedsproces) om met belanghebbenden/ partners keuzes en of combinaties van opgaven in beeld te brengen. De verschillende ruimteclaims leggen we op elkaar om te kijken waar we kunnen combineren en of waar we moeten kiezen. Om vervolgens met elkaar deze keuzes weloverwogen te maken en door te vertalen naar lokaal of provinciaal omgevingsbeleid én begrotingen. In onderstaande kaart treft u de gebieden aan waar een dergelijk gebiedsproces nodig is om te bepalen welke ambities te realiseren zijn. Het is dus een start van een gesprek tussen verschillende belanghebbenden, denk aan gemeenten, waterschappen, terreinbeheerders, agrariërs etc. De gebieden die we onderscheiden zijn: • Ring rondom Nijmegen, in het bijzonder het gebied tussen Nijmegen-West, Beuningen en Wijchen; • Het Duivense Broek, inclusief Arnhem-Oost; • Veluwezoom (valt samen met het gebiedsprogramma Veluwezoom); • Landbouwgebieden in Overbetuwe, Druten, Land van Maas en Waal, als ook ten zuiden van Duiven/Zevenaar; • De A15-zone.
Afbeelding 8: Concept-kaart met drie verhaallijnen gecombineerd
48
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Afbeelding 9: Kaart uit te werken gebieden
Een volgende stap is om per gebied een plan van aanpak te ontwikkelen en uit te voeren. We bepalen samen wie de trekker is binnen dit gebiedsproces. Soms kan dat een gemeente zijn, soms een provincie, soms een ander. Ook de Groene Metropoolregio kan bepaalde gebiedsprocessen faciliteren. Dit zal per gebied verschillend zijn. In de regio hebben we een bestuurlijke structuur waarmee we de inhoud en voortgang van dergelijke processen met alle gemeenten kunnen afstemmen.
NOVEX programma De gebieden waar we de ruimteclaims prima kunnen combineren en waar zich geen conflicterende ruimtevragen voordoen, proberen we in het Verstedelijkings-/ NOVEX programma tot uitvoering te brengen. We maken voor de uitvoering van de Verstedelijkingsstrategie een programma en verbreden en verdiepen dit met de thema’s landelijk gebied, klimaat en (circulaire)economie tot een NOVEX programma. In dit programma werken we onze visie van ‘meer landschap, meer stad’ uit. De afgelopen jaren hebben we hiervoor diverse maatregelen in beeld gebracht die nu richting uitvoering gebracht kunnen worden. Dit zijn dus eigenlijk zogenaamde ‘no-regret maatregelen’ of randvoorwaarden voor de ruimtelijke opgaven van de Groene Metropoolregio (en Regio Foodvalley). De maatregelen in de Groene Metropoolregio hebben we op onderstaande kaart gezet. In het kort gaat het om de volgende projecten: • Woningbouwopgave tot 2030, waaronder de grootschalige woningbouwgebieden. • Diverse mobiliteitsmaatregelen zoals aanpak corridor N325 (inclusief snelfietsroute VeluweWaalpad, brug Arnhem-Huissen), opwaardering van OV lijnen en onderzoeken naar corridors zoals Utrecht-Arnhem-Duitse grens. • Uitvoering groen-blauw raamwerk, inclusief 4 koplopers landelijk gebied: PAGW Gelderse Poort, Beekherstel Veluwezoom, Groene Mantel Rijk van Nijmegen, doorontwikkeling Park Lingezegen.
• Diverse maatregelen voor ons energiesysteem.
49
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
• Transitie werklocaties. • Economie hubs.
Afbeelding 10: Inbreng verstedelijkings-/NOVEX programma
We ontwikkelen deze programma’s verder in het NOVEX ontwikkelperspectief en het bijbehorende uitvoeringsprogramma. De uitgangspunten en kaders die we hierin met elkaar afspreken, worden uiteindelijk vertaald naar en vastgesteld in ruimtelijke plannen van Rijk, provincie en gemeenten. De omgevingsvisies (van de verschillende overheden) zijn hier een cruciaal instrument in.
50
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
6. De regio in 2030 met doorkijk naar 2050 en verder In hoofdstuk 4 en 5 hebben we onze ambities voor onze regio verwoord en ook wat er nodig is om deze te realiseren. We werken met verschillende tijdvakken: • 2030 (concreet uitvoering); • van 2030 tot 2050 (richting bepalen richting uitvoering); • en doorkijk na 2050 (inzicht in bepalende keuzes voor toekomst). Deze drie tijdvakken grijpen op elkaar in. Keuzes op de korte termijn beïnvloeden de situatie in 2050. En doelstellingen en opgaven op de langere termijn beïnvloeden onze mogelijkheden nu.
6.1
51
Regionaal perspectief
Van nu tot 2030 Veel plannen en maatregelen zijn in belangrijke mate al bekend. Veel nieuwe woon- en werklocaties zijn al gepland, net als de grote aanpassingen aan de energienetwerken. De focus ligt op het realiseren van deze plannen door randvoorwaarden in te vullen, knelpunten weg te nemen en de definitieve inrichting volgens onze principes (zoals water en bodem sturend) te ontwerpen.
Van 2030 tot 2050 Voor deze periode kunnen nog strategische keuzes gemaakt worden. We hebben inzichtelijk gemaakt in onder andere Groene Metropool 2120 wat verdergaande verdroging door klimaatverandering, mede in combinatie met de drainerende werking van de uitgesleten grote rivieren, voor het landgebruik betekent. Deze inzichten willen we toepassen op onze potentiële verstedelijkingslocaties en samen met de netwerkbedrijven onderzoeken we de energie-oplossing van die verschillende locaties. Ook duiden we bij de verdere uitwerking van het groen-blauw raamwerk op welke locaties we ons groen-blauw raamwerk/ recreatieve uitloopgebieden ontwikkelen in combinatie met waterbergings– locaties. Daarbij nemen we mee hoe de economie van het landelijk gebied zich ontwikkelt.
Onze regio na 2050 Het klimaat verandert. Dit alles vraagt om flinke aanpassingen waarbij het niet alleen gaat over klimaatverandering. In de Groene Metropoolregio van de toekomst spelen allerlei ruimtelijke vraagstukken tegelijkertijd. Hoe zorgen we voor voldoende groen in stedelijke gebieden, zodat het aantrekkelijk wonen is? Op welke manier geven we ruimte aan de rivier? Hoe zorgen we dat er genoeg werkgelegenheid is? En hoeveel ruimte krijgt de landbouw - en in welke vorm? De oplossingen op al deze thematische vraagstukken nemen ruimte in. En de ruimte in de regio Arnhem-Nijmegen is beperkt. Dat betekent dat we slimme oplossingen moeten bedenken, zodat meerdere vraagstukken op elkaar ingrijpen. Een toekomstvisie als een stip op de horizon helpt om vandaag betere plannen te maken. Om deze reden is er met de WUR gewerkt aan een toekomstverkenning Groene Metropoolregio 2120. Daarin doet de WUR een aantal aanbevelingen aan de regio.
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Afbeelding 11: Toekomstvisie 2120 voor Groene Metropoolregio
6.2
Onze regio in Gelderland Het Rijk heeft aan de provincie een gebiedsgerichte uitwerking voor de grote opgaven voor ons land gevraagd. In het ruimtelijk voorstel van Gelderland maakt de provincie een vertaling van de nationale, provinciale en regionale opgaven. Hiervoor baseert de provincie zich op de 7 regioarrangementen, de bovenregionale opgave zoals beschreven in het startpakket van het Rijk en de provinciale agenda. De provinciale agenda is een bundeling van de beleidsdoelen en -kaders van de provincie Gelderland. Het is dus geen nieuw beleidskader. In het ruimtelijk voorstel worden dilemma’s, kansen en knelpunten uitgelicht die vanuit een integrale blik naar voren komen. En wat is er nodig om deze te verzilveren of op te lossen? Welke ontwikkelingen zien we voor ons waar we richting moeten bepalen? Daarbij is het de vraag of de opgave bijsturing vraagt of bijvoorbeeld prioritering. Maar ook de vraag of we alles in beeld hebben of dat nader onderzoek nodig is. Het ruimtelijk voorstel is agenderend voor eventueel nieuw beleid. Het ruimtelijk voorstel kent een groeimodel in 3 stappen: • 2030 (concreet uitvoering), • 2030+ (richting bepalen richting uitvoering) • en doorkijk 2050 (inzicht in bepalende keuzes voor toekomst) Op basis van het ruimtelijk voorstel maakt de provincie afspraken met het Rijk.
Het NOVEX ontwikkelperspectief, waaraan regio, provincie(s), waterschappen en Rijk samen werken, wordt hierin verwerkt.
52
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
7. Hoe worden we deze regio? 7.1
Hoe bereiken we onze doelen? In hoofdstuk vier zijn in de groene kaders onze inspanningen samengevat per verhaallijn. Voor alle verhaallijnen is invulling van de randvoorwaarden (bouwstenen) essentieel. In bovenstaande hoofdstukken hebben we voor de bouwstenen mobiliteit en wonen al concreet aangegeven welke maatregelen en bedragen daarvoor nodig zijn. Voor de andere opgaven worden we daarin ook steeds concreter. In hoofdstuk 5 hebben we benoemd welke kansen en schuurpunten we daar nu bij zien. In de gebieden werken we dit verder uit. Uiteindelijk moet dit alles zijn plek krijgen in het omgevingsbeleid, als ook i n de investeringen van de verschillende overheidslagen.
7.2
Mijlpalen en planning De planning voor deze versie van het regioarrangement is dat het voor de zomer van 2023 naar provincie, waterschappen en gemeenten wordt gestuurd voor consultatie en/of besluitvorming in de tweede helft van 2023. Daarna zal het regioarrangement een vervolg krijgen en cyclisch worden bijgesteld. Hoe we dit doen, of we dit blijven doen in een regioarrangement of dat we daar de andere lopende trajecten (Verstedelijkingsstrategie, NOVEX ontwikkelperspectief met uitvoeringsagenda etc.) voor gebruiken, hangt af van de ontwikkeling binnen deze trajecten en andere ontwikkelingen binnen Rijk, provincie en waterschappen. We nemen daarom in deze paragraaf bewust geen gedetailleerde planning op. Zo kunnen we flexibel blijven inspelen op wat zich voordoet en dubbel werk zoveel mogelijk voorkomen.
7.3
Inzet van instrumenten Er zijn verschillende instrumenten die we inzetten om onze doelen te halen. Bijvoorbeeld het NOVEX ontwikkelperspectief met het bijbehorende (NOVEX) programma, de gebiedsprogramma’s en de Verstedelijkingsafspraken. Daarnaast gaan we in 2023 een Regio Deal sluiten met het Rijk. Hieronder lichten we dit toe.
7.3.1
Regio Deal Regio Deals zijn er om regio’s te versterken door het Rijk samen te laten werken met regionale, publieke en private partijen. Het Rijk heeft in februari 2023 bekend gemaakt 15 miljoen euro beschikbaar te stellen voor een Regio Deal in deze regio. Rijk, regio, provincie en The Economic Board werken met het opstellen van deze Regio Deal samen aan het terugdringen van kwetsbaarheden en het vergroten van de veerkracht van mensen, bedrijven en omgeving. Het doel is Gezonde Groene Groei door gebruik van de uitgebreide kennis, innovatiekracht, het talent en de ecosystemen in de regio op het vlak van met name health, hightech, energy, circulariteit en klimaatadaptie, en versterking van de uitvoeringskracht om opgaven sneller, integraler en grootschaliger aan te pakken. Het voorstel bestaat uit 5 programmalijnen gericht op gezond leven, toekomstbestendig wonen, sterke bedrijvigheid, werkende arbeidsmarkt en grenzeloos samenwerken. De bedoeling is op enkele terreinen transities te stimuleren door vernieuwende oplossingen te ontwikkelen, de uitvoeringskracht te versterken en initiatieven te versnellen, te verbinden en op te schalen.
De regio wil – aanvullend op andere programma’s – met de Regio Deal versneld en meer samenhangend enkele grote en urgente opgaven aanpakken, zoals: • het terugdringen van de grote sociaaleconomische verschillen met forse achterstanden in onder andere gezondheid, armoede, participatie en huisvesting in bepaalde wijken;
53
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
• het borgen van een goede balans tussen de geplande stedelijke groei om het omvangrijke woningtekort terug te dringen enerzijds en het behoud van de bijzonder aantrekkelijke natuurlijke omgeving van rivieren, stuwwallen en bossen anderzijds; • het tegengaan van de achterblijvende groei in regionaal product en arbeidsproductiviteit en het toekomstbestendig maken van werklocaties (klimaatadaptief en energieneutraal); • het verminderen van de grote kwantitatieve en kwalitatieve mismatches op de arbeidsmarkt; • het beter benutten van de kansen die de ligging aan de grens met Duitsland biedt.
54
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
8. Hoe werken we samen? 8.1
Samen werken aan het regioarrangement We sluiten voor de samenwerking binnen dit regioarrangement aan bij de al bestaande samenwerkingen in het gebied. Dit betreft de samenwerking op de opgaven binnen de Groene Metropoolregio en de Verstedelijkingsstrategie die wordt doorontwikkeld naar een NOVEX ontwikkelperspectief. De Verstedelijkingsstrategie en het NOVEX ontwikkelperspectief worden uitgewerkt in een Verstedelijkings-/NOVEX programma. Ook verbreden en verdiepen we de diverse gebiedsprogramma’s en vindt jaarlijks een actualisatie van de diverse programma’s plaats. Via BO MIRT en BO Leefomgeving wordt dit ook bestuurlijk besproken. Daarnaast is samenwerking tussen regio, provincie en The Economic Board in 2021 verstevigd via een Bestuursakkoord. Hierin hebben de partijen aangegeven dat zij een gezamenlijk belang zien om de Groene Metropoolregio te versterken en dat zij hun krachten willen bundelen om deze ambities invulling en uitvoering te geven. Dit heeft bijvoorbeeld in de Regio Deal een nadere uitwerking gekregen. Werken aan het regioarrangement doen we langs de structuren en lijnen die we hebben opgebouwd voor de Verstedelijkingsafspraken, die worden doorontwikkeld naar een NOVEX ontwikkelperspectief. We gebruiken dus de organisatie die we daarvoor hebben opgebouwd.
We zorgen dat in die organisatie de verdiepingen en uitbreidingen op het gebied van (circulaire) economie, RES, GEIS en landelijk gebied een goede plek krijgen. Daarbij hebben we bijzondere aandacht voor het betrekken van niet-overheidspartners, waaronder The Economic Board.
8.2
Samen werken met andere regio’s De Groene Metropoolregio werkt samen met andere regio’s. Om te beginnen met Regio Foodvalley en de provincie Utrecht aan de Verstedelijkingsstrategie, die wordt doorontwikkeld richting een NOVEX ontwikkelperspectief. Daarnaast grenst de regio aan de regio Rivierenland. Er wordt onder andere samengewerkt aan de Corridorontwikkeling langs de grote rivieren en de A15 via Logistic Valley, en uiteraard het gedeelde riviersysteem. De Gelderse Corridor ligt tussen de Rotterdamse haven en Noordrijn-Westfalen, aan de A15, de Betuweroute, de Waal en de Rijn. Dit biedt economische kansen. Logistics Valley verbindt ondernemers, overheid en kenniscentra voor een krachtig, duurzaam en innovatief logistiek Gelderland. Regio Rivierenland, regio Nijmegen en Regio Liemers Achterhoek vormen samen Logistics Valley en hebben hier per regio een samenwerking van ondernemers, overheden en onderwijsinstellingen voor opgericht. Iedere regio heeft zijn eigen unieke kenmerken en dynamiek, maar er zijn vragen en thema’s die alle regio’s bezighouden, over de grenzen van onze regio’s heen, waarop ze samenwerken. Daarnaast is er een watertafel voor het Rivierengebied die tot doel heeft om met de fruitteelt- en laanboomsector te komen tot een robuust watersysteem in het Rivierengebied, waardoor deze sector ook de komende 50 tot 100 jaar een toekomst heeft.
Met de Achterhoek wordt al samengewerkt aan de aanpak Droogte AchterhoekLiemers, maar ook verdere kansen worden verkend. Daarnaast maakt de noordkant van de groene Metropoolregio deel uit van de Veluwe en wordt met vele partners gewerkt aan het programma Veluwe op 1. Ook grenst de regio aan de provincie Limburg. De Limburgse gemeente Mook en Middelaar maakt zelfs onderdeel uit van de Groene Metropoolregio. Ook delen we de Duitse grens met Limburg. De grens met Duitsland is geen natuurlijke, belemmerende grens. Dit betekent dat we samen met onze Duitse buren de uitdagingen rond bodem, water en ondergrond, natuur en milieu, landbouw, industrie en energie aan de grens met
55
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
elkaar delen. Keuzes die wij over en weer aan de grens maken, beïnvloeden elkaars gebied. Een planmatige intensivering van onze directe relaties over de grens via de Euregio en de Regio Deal moet een stabiele basis gaan bieden om op deze terreinen ook tot gezamenlijke en elkaar versterkende grensoverschrijdende oplossingen te komen. 8.2.1
Hoe sturen we op de voortgang Sturen op de voortgang doen we in de bestaande structuren van onder andere de Verstedelijkingsstrategie, het NOVEX ontwikkelperspectief, de RES en het RPW. Het regioarrangement krijgt daarin een plek in lijn met andere ruimtelijke trajecten.
8.3
Wat is daarvoor nodig? Om te sturen op de voortgang binnen de bestaande structuren, is het van belang dat binnen die structuren monitoringsindicatoren en instrumenten worden ontwikkeld. Zo worden bijvoorbeeld binnen het Verstedelijkingsprogramma ontwerpprincipes en maatregelen voorzien van meetbare doelstellingen zodat we de realisatie kunnen monitoren. We werken een systematiek uit om te rapporteren over de uitvoering en om de resultaten van de uitvoering te monitoren. Bij de monitoring maken we waar mogelijk gebruik van bestaande monitorinstrumenten. De monitor- en rapportagesystematiek sluit aan op de behoefte aan landelijke rapportage en monitoring van de Verstedelijkings– afspraken en op de behoefte aan inzicht in voortgang van de uitvoering en resultaten daarvan in de regio. Op basis daarvan kunnen we continue bijsturen als dat nodig is.
8.4
Samenwerking en overleg met betrokkenen in gebied Het regioarrangement is een gezamenlijk product van regio, provincie en water– schappen. De wijze waarop over het regioarrangement wordt gecommuniceerd richting achterban en andere stakeholders stemmen we gezamenlijk af. Het informeren van gemeenten over het regioarrangement en hiermee samenhangende documenten wordt verzorgd door de Groene Metropoolregio. Dit doen we via de diverse communicatiekanalen die er met de gemeenten zijn, maar ook via bijeenkomsten waar wij de benodigde informatie presenteren. De participatie wordt vormgegeven door de overheden die voor dat gebied verantwoordelijk zijn. Daar waar er meerdere overheden betrokken zijn, zal de participatie in onderling overleg worden vormgegeven. Uiteindelijk landen alle producten in een gebiedsprogramma per regionaal deelgebied en in de afzonderlijke omgevingsvisies en omgevingsprogramma’s van de gemeenten of provincie. Op het niveau van gebiedsprocessen en -projecten zal het overgrote deel van de participatie plaatsvinden. Daar waar het gaat over opgaven in een specifiek gebied, zullen zorgvuldige gebiedsprocessen worden uitgevoerd met de betrokken partijen in het gebied. We zijn ons ervan bewust dat vanuit deze gebiedsprocessen resultaten kunnen komen die afwijken van de oorspronkelijke ambities.
Deze afwijkingen zijn input voor de jaarlijkse afweging en actualisatie van de diverse programma’s.
56
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Bijlagen
57
Bijlage 1: Kaarten gebiedsuitwerkingen Bijlage 2: Link naar rapporten Bijlage 3: Woningbouw en mobiliteitsmaatregelen
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
58
Bijlage 1: Kaarten gebiedsuitwerkingen
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
59
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
60
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Bijlage 2: Links naar rapporten Economie van de toekomst Groen-blauw raamwerk / Vervlochten Regio
61
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Bijlage 3: Woningbouw en bovenlokale mobiliteitsmaatregelen Mobiliteitsnetwerk loopt vast door woningbouw, bovenlokale en regionale maatregelen nodig In de verstedelijkingsregio Arnhem Nijmegen Foodvalley wordt een groot aantal woningen gebouwd tot 2030. Noodzakelijk, want iedereen heeft een betaalbaar huis nodig! Behalve een huis moet iedereen ook kunnen reizen, naar werk, school, vrienden en recreatiemogelijkheden. Dit komt in gevaar, want voor mobiliteit komt een ernstig beeld naar voren. De extra woningen zorgen voor een zeer grote toename van verplaatsingen, waardoor de mobiliteitsnetwerken vastlopen. Dit blijkt uit de Integrale mobiliteitsanalyse en uit een Mobiliteitsanalyse en Stresstest Verstedelijkingsstrategie Arnhem Nijmegen Foodvalley die in opdracht BZK, IenW, provincie Gelderland, regio en gemeenten zijn gemaakt. Er zijn flinke investeringen nodig om de bestaande en nieuwe woningen bereikbaar te maken per fiets, OV en auto. Daarbij gaat het zowel om maatregelen binnen de Grootschalige Woningbouwlocaties (zie business cases) als om maatregelen ter ontsluiting van deze locaties en op de corridors. Omdat mensen niet binnen hun woongebied blijven, maar uiteraard ook daarbuiten reizen. Alle maatregelen zijn noodzakelijk voor de woningbouw in de Verstedelijkingsstrategie als geheel.
Ook na 2030 wordt er nog volop doorgebouwd en al die mensen (nieuwe en huidige bewoners) moeten kunnen wonen, reizen en dus leven! In deze notitie treft u het volgende aan: 1 Noodzakelijke bovenlokale en regionale mobiliteitsmaatregelen. 2 Onderbouwing bovenlokale en regionale mobiliteitsmaatregelen.
1. Noodzakelijke bovenlokale en regionale mobiliteitsmaatregelen Uit de Integrale mobiliteitsanalyse, de Mobiliteitsanalyses en stresstest Verstedelijkingsstrategie (zie onderstaande toelichting bij punt 2) komt naar voren dat de mobiliteitsmaatregelen in tabel 1 nodig zijn om Grootschalige Woningbouwlocaties te ontsluiten. Aansluitend op Ring 1 maatregelen uit business cases. Versterkend en nodig voor de regionale afwikkeling van de mobiliteitsvraag. Deze maatregelen dragen ook bij aan het bereikbaar maken van woningbouwlocaties in de omgeving van de Grootschalige woningbouwlocaties. Hieronder staat de verdeling van de woningbouwopgave. Indien gewenst kunnen we per maatregel aangeven hoeveel woningen mogelijk worden gemaakt door de betreffende maatregel.
De verdeling van de woningbouwopgave
62
2020-2030
Foodvalley Zuid
18.500
Foodvalley Noord
6.500
Totaal Foodvalley
25.000
Arnhem
9.000
Nijmegen
11.100
Veluwe
900
De Liemers
4.600
Middengebied
3.600
Rijk van Nijmegen
5.800
Totaal Groene Metropoolregio
35.000
Totaal Arnhem Nijmegen Foodvalley
60.000
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Tabel 1. Noodzakelijke bovenlokale/regionale maatregelen (dus exclusief business case maatregelen!)
Grootschalige woonlocatie
Investering Mln. euro Prijspeil 2022, excl. BTW
Maatregel
Noodzaak
Arnhem
Spoorknoop Oost/vrije kruising en station Presikhaaf
Vrije kruising maakt capaciteitsuitbreiding op het spoor (regionaal, nationaal en internationaal) mogelijk. 2x per uur een RegioExpres en (mogelijk) een verhoging van de frequentie naar station Arnhem Presikhaaf naar 4x per uur. Duidelijkheid over het (toekomstige) ruimtebeslag van het spoor en de vrije kruising.
160
Arnhem
RegioExpres
De RegioExpres maakt woningbouwlocaties ten oosten van Arnhem tot in de Achterhoek duurzaam bereikbaar per spoor. De RegioExpres is een extra sneltrein tussen Arnhem en Doetinchem en gaat vervolgens verder als stoptrein tussen Doetinchem en Winterswijk. Hiermee kunnen alle extra reizigers als gevolg van de verstedelijkingsopgave ook in de toekomst mee met de trein. Spoorverdubbeling nodig tussen Didam en Doetinchem De Huet.
150
Arnhem
Stadsrandhub Arnhem-Noord en hub Arnhem-Zuid (station)
Voorkomen dat stedelijke wegennet wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
20
Arnhem
HOV maatregelen Arnhembuiten buca
Voorkomen dat stedelijke wegennet wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
5
Arnhem
Stedelijke maatregelen Fiets-buiten buca
Voorkomen dat stedelijke wegennet wordt overbelast, fiets stimuleren.
5
Arnhem
HOV maatregelen ArnhemWageningen.
Doorstroming HOV t.o.v. autoverkeer.
10
Arnhem
Verbinding Zevenaar-A12 Witte Kruis.
Ontlasten woonkernen en A12.
17
Nijmegen
Doorfietsroutes (o.a. Oostkanaaldijk, Ubbergseweg)
Voorkomen dat stedelijk wegennet wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
10
Nijmegen
HOV-maatregelen (lijnen tussen Nijmegen en omliggende kernen)
Voorkomen dat stedelijke wegennet wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
10
Nijmegen
Hubs/transferia (net buiten Nijmegen: o.a. Nijmegen-Noord, Beuningen, Malden
Voorkomen dat stedelijke wegennet wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
5
Nijmegen
Stedelijke maatregelen Fiets - buiten buca
Voorkomen dat stedelijke wegennet wordt overbelast, fiets stimuleren.
10
Nijmegen
N322 verbreden t.b.v. HOV in combinatie met hub Druten
Doorstroming HOV, stimuleren HOV gebruik t.b.v. West Nijmegen.
15
Nijmegen
S100 doorstromingsmaatregelen en DRIP’s
Opvangen en doseren autoverkeer van/naar nieuwe woningen.
3
Nijmegen
Invalswegen: doseerpunten, busbanen
Opvangen en doseren autoverkeer van/naar nieuwe woningen.
3
Nijmegen
Optimaliseren kruispunten/VRI’s
Opvangen veranderde verkeersstromen van/naar nieuwe woningen.
2
Nijmegen
HOV schaalsprong lijn 10 (onderzoek)
Onderzoek nut/noodzaak schaalsprong HOV naar BRT-systeem.
0,2
63
Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Investering Mln. euro Prijspeil 2022, excl. BTW
Grootschalige woonlocatie
Maatregel
Noodzaak
Arnhem Nijmegen
Hoogwaardig Openbaar Vervoer A325
Voorkomen dat stedelijke wegennet en A325/Pleijroute wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
4
Arnhem Nijmegen
Hoogwaardige fietsroute en brug Arnhem-Huissen
Voorkomen dat stedelijke wegennet en A325/Pleijroute wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
35
Arnhem Nijmegen
Doorstroming OV en auto Bemmel-Huissen-Arnhem
I.v.m. bereikbaarheid NEXTgarden.
6
Arnhem Nijmegen
Hoogwaardige fietsroute VeluweWaalpad
Voorkomen dat stedelijke wegennet en A325/Pleijroute wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
44
Arnhem Nijmegen
Lingekruising/A325, Lingekruising op poten voor hoogwater en oostwestverbindingen voor fiets in Middengebied
Voorkomen dat stedelijke wegennet en A325/Pleijroute wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
15
Arnhem Nijmegen
Mogelijkheden voor doelgroepstrook langs A325 voor openbaar vervoer
Voorkomen dat stedelijke wegennet en A325/Pleijroute wordt overbelast, fiets en OV stimuleren.
50
Totaal A-N
Foodvalley
579,2
Verbreding Rijnbrug
Voorkomen dat filevorming op Rijnbrug zodanig lang wordt dat file terugslaat op A15 in zowel de ochtend als avondspits en garanderen bereikbaarheid Foodvalley Zuid en Rivierenland.
150
Foodvalley samenvattend overzicht voorstel GWG en totaal Foodvalley
Het OV-pakket zoals opgenomen in de factsheet bevatten de minimale maatregelen voor de GWG-deelgebieden. Hierbij zijn keuzes gemaakt gericht op het realiseren van de belangrijkste verbindingen: • HOV lijn Ede - Veenendaal • HOV lijn Ede - Wageningen • Aanpak kwaliteit station de Klomp • Bereikbaarheid IC station De Klomp
Faciliteren mobiliteitstransitie om de groei van knelpunten op regionale en nationale infra (A1, A30, A12) af te remmen –Het totale benodigde OV-pakket voor de Verstedelijkingsstrategie is breder. Enkele belangrijke pijlers en denkrichtingen voor nader te bepalen maatregelen zijn (mede afhankelijk van de onderzoeken zoals hieronder benoemd): bediening IC stations Ede-Wageningen (investeringen nodig) en Veenendaal De Klomp, Verhogen frequentie Veenendaal-lijn met nieuw station ten zuiden van Veenendaal, HOV Foodvalley Zuid (Rondje WERV). –Kwartiersdienst Valleilijn (nu opgenomen voor na 2030, maatregel is eventueel wel voor 2030 te realiseren, Realiseren bediening station Barneveld Noord.
48,8 + PM
Foodvalley
Het fietspakket en hubs Opgenomen in de factsheet bevatten de minimale verbindingen nodig voor de GWG-deelgebieden en ontsluiten direct ook enkele andere woningbouwlocaties: • Fietsverbinding Ede Barneveld • Fietsroute Kernhem KennisAs (Wageningen) • Fietspad de Klomp Veenendaal Centrum • Fietspad de Klomp – KennisAs (Wageningen)