Bekereeks Volkstuinen-Rotterdam
Tekst van het document
36 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Tabel 3.4 – Incidentcategorieën groene verenigingen in aantallen, percentages en gemiddeld
Incidentcategorieën
n
%
Gemiddeld per complex
Vermogensmisdrijven
157
48%
5,1
Vernielingen en misdrijven openbare orde
78
24%
2,5
Geweldsmisdrijven
20
6%
0,7
Seksuele misdrijven
1
0%
0,0
Verkeersmisdrijven
12
4%
0,4
Drugsmisdrijven
1
0%
0,0
Wapenmisdrijven
0
0%
0,0
Overige
58
18%
1,9
Totaal
327
100%
10,6
Resumé In de periode van 2018 tot en met 2020 worden er 727 incidenten geregistreerd op de complexen van de volkstuinverenigingen in Rotterdam. Rode volkstuinverenigingen hebben gemiddeld ongeveer het dubbele aantal incidenten ten opzichte van oranje volkstuinverenigingen, en bijna vier keer zoveel als groene volkstuinverenigingen De aflopende volgorde van de misdrijfcategorieën is voor rode, oranje en groene volkstuinverenigingen nagenoeg hetzelfde: 1) vermogensmisdrijven, 2) vernielingen en misdrijven tegen de openbare orde, 3) overige incidenten, 4) geweldsmisdrijven en 5) verkeersmisdrijven. Registratie van drugs-, wapen- en seksuele misdrijven komen veel minder voor. Tabel 3.5 – Incidentcategorieën verenigingen in gemiddelden
Incidentcategorieën
Rood
Oranje
Groen
Vermogensmisdrijven
15,7
12,5
5,1
Vernielingen en misdrijven openbare orde
8,5
3,3
2,5
Geweldsmisdrijven
4,2
1,3
0,6
Seksuele misdrijven
0,2
0,2
0,0
Verkeersmisdrijven
2,7
0,7
0,4
Drugsmisdrijven
0,8
0,3
0,0
De monitor leefbaarheid en veiligheid 37
Incidentcategorieën
Rood
Oranje
Groen
Wapenmisdrijven
0,3
0,0
0,0
Overige
8,3
2,5
1,9
Totaal
40,7
20,8
10,5
Wat betreft de oppervlakte van de volkstuincomplexen blijkt dat de rode volkstuinverenigingen iets groter zijn qua oppervlakte en aantal tuinen dan de andere volkstuinverenigingen. Voor de oranje en groene volkstuinverenigingen zijn er niet of nauwelijks verschillen wat grootte betreft. De gemiddelde oppervlakte per tuin is voor alle drie de kleuren ongeveer hetzelfde (ongeveer 270 vierkante meter). Ook als de aantal incidenten in de periode 2018 tot en met 2020 gerelateerd worden aan de oppervlakte van de volkstuinverenigingen scoren de rode tuinen – met 0,97 incidenten per 1.000m2 – hoger dan de oranje (0,76) en de groene verenigingen (0,35). Bij deze cijfers past ook enige reflectie. Politiecijfers zijn productiecijfers en worden bepaald door de meldings- en aangiftebereidheid van de burger en de activiteiten (toezicht, handhaving en opsporing) van de politie zelf. Ook van belang om te noemen, is dat burgers vooral aangifte of melding bij de politie doen als ze slachtoffer worden. Denk aan een vernieling of inbraak. Voor de slachtofferloze delicten zoals de productie van drugs of wapenbezit ligt dit anders. Daar worden door burgers veel minder meldingen of aangiften over gedaan. Politiecijfers zijn dan ook minder geschikt om iets te zeggen over de werkelijke aantallen incidenten op volkstuincomplexen, want die aantallen liggen in werkelijkheid hoger.
Er is met andere woorden sprake van een dark number en dat zou voor volkstuincomplexen – gezien haar kenmerken, anonieme ligging en geringe mate van toezicht door handhaving en politie – zeker het geval zijn. De cijfers geven evenwel een goed beeld van ontwikkelingen over de jaren en de aard van de incidenten. Het dark number is dan ook de reden dat we naast kwantitatieve gegevens ook naar een kwalitatieve informatiebron in deze monitor hebben gezocht.
38 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Benchmark met vakantieparken Om de problematiek op het gebied van leefbaarheid en veiligheid op de 44 volkstuincomplexen toch enigszins te kunnen duiden, maken we een vergelijking met 501 vakantieparken op de Veluwe. Dit kunnen we doen omdat incidenten daar op exact dezelfde manier worden gewogen en gerelateerd aan oppervlakte. Uit die vergelijking blijkt dat er per 1.000m2 op vakantieparken op de Veluwe iets meer gewogen incidenten per 1.000m2 per jaar (0,32) voorkomen dan op de volkstuincomplexen in Rotterdam (0,24).
3.4 De hoofdlijnen uit de interviews In deze paragraaf typeren we de drie typen volkstuinverenigingen op basis van de interviews. We schetsen eerst de bevindingen over de rode volkstuinverenigingen om daarna in te gaan op de groene volkstuinverenigingen. De oranje volkstuinverenigingen nemen echt een middenpositie in en zullen we niet apart beschrijven.
Rode volkstuinverenigingen Respondenten geven aan dat het bestuur op deze tuinverenigingen regelmatig geen representatieve afspiegeling is van de leden en verder dat het bestuur niet in staat is – of niet durft – te handhaven als er sprake is van regelovertreding. Dergelijke besturen krijgen van sommige respondenten de kwalificatie ‘onbekwaam’ of ‘zeer zwak’. Ook zijn er regelmatig wisselingen in het bestuur, waarbij we opmerken dat het gaat om vrijwilligers die er niet altijd op zitten te wachten om tuinders die zich consequent niet aan de huisregels houden steeds maar aan te spreken. Respondenten geven aan dat als partijen proberen om op te treden er soms ook tegengas gegeven wordt. Er is sprake van onheuse bejegeningen en bedreigingen, en het komt ook voor dat banden van voertuigen worden lek geprikt en voertuigen worden beschadigd. Aan de andere kant zijn er besturen met veel macht en worden ALV’s misbruikt om ideeën door te drukken van enkele bestuursleden, of personen uit hun eigen circuit als tuinder toe te laten die eigenlijk helemaal niet aan de beurt zijn of geschikt zijn. Meerdere respondenten spreken over verschillende kampen en een angstcultuur op sommige complexen. Een respondent: ‘…Wat we horen is dat er veel intimidatie en angst is, met als gevolg dat het stimuleren om aangifte te doen niet heel veel
De monitor leefbaarheid en veiligheid 39
effect heeft’. Er bereikten ons ook geluiden van valsheid in geschrifte en een greep uit de verenigingskas door een bestuurslid. Vooral voor de complexen van rode volkstuinverenigingen geldt dat door respondenten wordt gesproken over veel te grote opstallen (soms wel tot 60m2). Waarschijnlijk heeft dit te maken met het feit dat het bestuur hier niet strak genoeg op toeziet of durft toe te zien. Sommige opstallen zijn slecht onderhouden, er is sprake van veel zwerfvuil en in een aantal gevallen wordt er gesproken over een stadscamping. Diverse respondenten geven overigens aan dat het niet zo is dat rode volkstuinverenigingen in z’n geheel niet deugen. Meestal gaat het om een aantal tuintjes, straatjes of tuinders. Een respondent: ‘…Het is niet zo dat er echt verloederde parken zijn. Op de algemene delen van de parken die gemeenschappelijk worden gebruikt, wordt het onderhoud door het SVIN gedaan. Er zijn uiteraard wel tuinen die door de tuinders niet goed onderhouden worden. De tuin naast de verloederde tuin kan bij wijze van heel erg mooi zijn’. De politie komt wel eens op de complexen van rode volkstuinverenigingen. Dat kan te maken hebben met overlast (feesten en vechtpartijen) en opslag van gestolen goederen, maar ook met inbraak, diefstal, bedreigingen, onderlinge ruzies en conflicten, brandstichtingen en (kwetsbare) personen die illegaal overnachten.
Agenten geven aan dat ze het vermoeden hebben dat er in sommige huisjes dingen gebeuren die het daglicht niet kunnen verdragen en raken aan ondermijnende criminaliteit zoals prostitutie en de opslag of productie van drugs. Andere respondenten spreken van problematiek die niet direct zichtbaar is en moeilijk te duiden is. Een andere respondent is concreter: ‘…Zo zijn er huisjes waarin drugslabs zitten. Ook verneem ik prostitutie met vrouwen uit Oostbloklanden, buitenslapers: meestal Oost-Europese arbeidsmigranten die geen dak boven hun hoofd hebben en inbreken om in een huisje te kunnen slapen en illegale verhuur’. Een wijkagent: ‘…Mooi dat hier een onderzoek naar wordt gedaan en een uitgelezen kans om het op de agenda te zetten en er iets aan te doen’. Een respondent die iets kan zeggen over het landelijk beeld geeft aan dat de veiligheidsproblematiek op sommige complexen hardnekkiger is dan in de rest van het land: ‘…In Rotterdam komt door de grote aantallen verblijfstuinen meer criminaliteit voor. Dit betekent niet dat er in de rest van Nederland niets gebeurt. Zo was er ooit in (…) iets gaande met geladen revolvers, was er in (…) sprake van illegale prostitutie en horen we
40 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
wel eens iets over drugslaboratoria. Wat we verder tegenkomen, heeft meer te maken met het sociaal domein. Rotterdam overstijgt in die zin hetgeen er in de rest van het land gebeurt. Als landelijke organisatie zien we dus in heel Nederland af en toe problematiek, maar in Rotterdam is er op sommige complexen vrijwel permanent iets aan de hand. Op sommige Rotterdamse volkstuincomplexen heerst ook angst, want er zitten op een aantal volkstuincomplexen echt linke types’. Op diverse complexen is ook sprake van leefbaarheidsvraagstukken. Een respondent van de gemeente over (winter)overnachtingen en leefbaarheidsvraagstukken: ‘….Wanneer jullie morgen – begin maart – in het donker een tuin bezoeken, zullen op veel complexen bewoners worden aangetroffen. Ik denk dat hiervan sprake is op heel veel verblijfstuinen. Dit komt mede doordat het voor sommige bewoners ook een soort last resort is. Daarnaast wordt op heel veel verblijfstuinen denk ik wel te groot gebouwd, of zijn de huisjes kwalitatief niet goed gebouwd of staan ze te dicht bij elkaar. Al met al zijn er dus wel leefbaarheidsvraagstukken. Ik heb ook wel zorgen over de brandveiligheid in de huisjes. Wanneer er brand uitbreekt, en bewoners komen te overlijden, wordt de gemeente daar op aangekeken, want dan hebben wij niet goed gehandhaafd.
Een gaskachel mag immers niet.’ De overgang van de rode naar de groene volkstuinverenigingen markeert zich vooral door leefbaarheidsvraagstukken op de oranje volkstuinverenigingen. Te denken valt aan permanent wonen en klachten uit de omgeving over bijvoorbeeld afvalverbranding of geluidsoverlast. Ook zien we hier wel eens – in tegenstelling tot de groene volkstuinverenigingen – dat culturen tegenover elkaar staan. Het ‘witte bestuur’ komt dan in conflict met allochtone tuinders die de regels in hun ogen niet altijd naleven.
Groene volkstuinverenigingen Kenmerkend is het gegeven dat deze volkstuinverenigingen vaak een groen dorp in de wijk zijn. Het ‘dorp’ heeft een gemêleerde bevolking als het gaat om leeftijd en etnische achtergrond. Er zijn tuinders die al 55 jaar lid zijn en daarnaast zijn er jonge gezinnen met kinderen. Iedereen ‘leeft’ gemoedelijk samen. Tuinieren staat voorop en daarnaast is de wachtlijst erg lang en het verloop gering. De redenen die er toe bijdragen dat er tuintjes vrij komen, zijn overlijdens, het kopen van een huis met een tuin of verhuizingen naar buiten de stad. Een bestuurslid: ‘…Bij ons huisvesten zich negentien verschillende culturen.
De monitor leefbaarheid en veiligheid 41
Desondanks is de onderlinge samenwerking fenomenaal bij ons. We zijn een afspiegeling van de omliggende wijken, zoals Spangen, Blijdorp en Nieuwe Westen. We zijn een vreselijk gezellige vereniging. We doen het ook echt met z’n allen. Het is ook geen Center Parcs, maar een echte volkstuinvereniging. De jonge gezinnen hechten daar ook waarde aan merken wij.’ Sommige groene volkstuinverenigingen onderscheiden zich door de afwezigheid van vaste elektriciteit. Het is een bewuste keuze van tuinders om zich te blijven concentreren op het groen. Soms zijn er overigens wel zonnepanelen. De verenigingsbesturen van de groene volkstuinverenigingen zijn stabieler dan van bijvoorbeeld de rode volkstuinverenigingen. Ook genieten de bestuursleden meer draagvlak bij de tuinders en worden beslissingen op het complex via de ALV democratisch genomen. Het beleid en de aanpak zijn transparant. Op de groene volkstuinverenigingen – zo blijkt uit onze gesprekken – is er veel aandacht voor de selectie van nieuwe tuinders en het uitleggen van de regels op het complex. Deze zaken staan niet alleen op de website van de vereniging maar worden ook persoonlijk door bestuursleden aan de nieuwe huurders uitgelegd. Opvallend op de groene volkstuinverenigingen is dat er niet alleen regels zijn, maar dat deze ook door de verenigingsbestuursleden en de leden gehandhaafd worden.
Men heeft erg veel oog voor kwaliteit en houdt zich bijvoorbeeld ook netjes aan de regels van Bouw- en Woningtoezicht als het gaat om het bouwen van huisjes. Wanneer er bouwplannen zijn, worden deze getoetst door het verenigingsbestuur aan de hand van het formulier van het SVIN. Als dit in orde is, kan de tuinder een vergunning bij de gemeente aanvragen en de bouwplannen uitvoeren. Een bestuurslid: ‘…Ik denk dat wij het als volkstuinvereniging zo goed doen, omdat we een bestuur zijn dat duidelijk communiceert en z’n best doet om de tuinders te betrekken bij alle activiteiten die georganiseerd worden. Daardoor creëer je draagvlak en valt het complex beter te besturen en organiseren. Dat is naar mijns inziens een belangrijke factor in de leefbaarheid en veiligheid op het complex. Als er al iets bij ons gebeurt, is dat binnen no time bij ons bekend en gaan we het oplossen. We laten niets lopen. We zitten er niet bovenop, maar we houden alles wel in de gaten. Helder communiceren over wat wel en niet kan, is daarbij belangrijk’.
42 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Op de groene volkstuinen kent men elkaar, is er gezonde sociale controle en is men alert op vreemden op het complex. We hoorden van volkstuinverenigingen waar men– analoog aan de buurtapp in woonwijken – ook een appgroep heeft om zaken met elkaar te delen waaronder op het gebied van veiligheid en leefbaarheid. Natuurlijk zijn er ook wel eens winterovernachtingen en ‘slapers’ op de complexen van groene volkstuinverenigingen. Ook worden deze tuinen – door hun anonieme ligging – wel eens getroffen door vernielingen en diefstallen van buitenaf. Wat veel minder tot niet voorkomt, zijn criminaliteit en overlast gepleegd door de tuinders zelf en ook is het aantal onderlinge conflicten nagenoeg te verwaarlozen. Als deze er al zijn, worden ze – soms door tussenkomst van derden – goed opgelost.
3.5 Als mystery guest op bezoek Op basis van de resultaten uit de monitor hebben twee onderzoekers op een mooie zonnige dag in juni 2021 twee rode volkstuinverenigingen, twee oranje volkstuinverenigingen en drie groene volkstuinverenigingen bezocht als mystery guests. De onderzoekers hebben geobserveerd en waar mogelijk gesproken met aanwezigen, met als doel om de bevindingen uit de monitor te toetsen en een nadere duiding te geven aan de indeling naar rode, oranje of groene volkstuinverenigingen. In het vervolg zal voor iedere volkstuinvereniging een korte beschrijving worden gegeven wat ter plaatse opviel.
Rode volkstuinvereniging 1 Het complex van de eerste rode volkstuinvereniging is gelegen in een park in de gemeente Rotterdam. Dit bemoeilijkt het vinden van de hoofdingang, mede omdat het complex niet duidelijk met borden staat aangegeven. In de zoektocht naar de hoofdingang hebben de onderzoekers een rondje om het volkstuincomplex gelopen. Hoewel aan de randen van het volkstuincomplex meerdere toegangspoorten zitten, is het niet mogelijk gebleken om hierdoor naar binnen te gaan. Ze zitten immers allemaal dicht. Tevens hebben alle hekken antiklimstrips. Dit maakt dat het vanaf de buitenkant een ontoegankelijke volkstuinvereniging is. Uiteindelijk vinden de onderzoekers een toegangspoort die open is. Hetgeen opvalt, is dat de populatie vooral bestaat uit vrouwen met een niet-Nederlandse afkomst. Verder wordt er op sommige tuintjes getuinierd, maar er zijn ook tuintjes die verwaarloosd zijn. Hetzelfde geldt voor de huisjes op het volkstuincomplex. Sommigen zijn netjes onderhouden en het andere deel is verwaarloosd. Een
De monitor leefbaarheid en veiligheid 43
andere waarneming is dat er enkele verwaarloosde huisjes zijn die eigen camerabewaking hebben geplaatst of in hun tuin het bord ‘Verboden toegang voor onbevoegden. Art. 461 Wetb. v. Strafr.’ hebben staan. Aan het einde van de observatie lopen de onderzoekers tegen de hoofdingang aan. Achter een toegangspoort die open is, ligt de parkeerplaats. Daar staan veel auto’s en alle auto’s hebben een Nederlands kenteken.
Rode volkstuinvereniging 2 Voor de toegangspoort van dit volkstuincomplex liggen tuinbenodigdheden. Deze zijn te koop. De toegangspoort is dicht voor auto’s, maar te voet is het volkstuincomplex te betreden. Eenmaal binnen staat er een informatiebord. Het bestuur van deze volkstuinvereniging heeft een boodschap neergehangen op dit informatiebord. Uit de informatie in deze boodschap concluderen de onderzoekers dat er indicaties zijn dat de tuinhuisjes onderhands worden verkocht. Vervolgens wordt gedurende een rondgang over het volkstuincomplex waargenomen dat er op meerdere plekken op het volkstuincomplex camera’s zijn opgehangen om de veiligheid te waarborgen. De noodzaak hiervan blijkt onder andere uit een leus die door het bestuur staat weergegeven bij het verenigingsgebouw. De leus wijst er namelijk op dat er wel eens vernielingen plaatsvinden. Kijkende naar de huisjes is het overgrote deel groter dan dat officieel is toegestaan. Ook hebben sommige huisjes schotelantennes. Dit maakt dat deze huisjes meer op vakantiehuisjes lijken dan op huisjes die het tuinieren faciliteren door hier enkel gereedschap en andere tuinbenodigdheden in op te kunnen slaan. Met betrekking tot de tuintjes valt op dat de onderzoekers eigenlijk niemand zien tuinieren op dit volkstuincomplex.
De tuintjes zijn ook niet de tuintjes zoals je deze voor je ziet wanneer je aan een volkstuinvereniging denkt. Het lijkt er meer op dat huisjes worden verkocht met daarbij een stuk tuin in plaats van andersom.
Oranje volkstuinvereniging 1 Dit volkstuincomplex is gelegen in een groene woonwijk. Het is een woonwijk die geregeld als onveilig wordt bestempeld. Nabij de ingang van het volkstuincomplex, is een aantal sportverenigingen gelegen. Bij binnenkomst is de toegangspoort open en is cameratoezicht zichtbaar. In feite loop je tegen een informatiebord aan. Daarin staan enkele regels beschreven en er staan telefoonnummers van bestuursleden vermeld. Tevens wordt er een huisje aangeboden voor om en nabij 10.000 euro. De zoektocht naar dit huisje start door de parkeerplaats van de volkstuinvereniging over te lopen. Deze parkeerplaats zit achter een slagboom. Er staan enkel auto’s met Nederlandse kentekens en het
44 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
complex is netjes onderhouden. Even verderop zitten twee personen voor hun huisje onder de overkapping. Als antwoord op de vraag waar het huisje te vinden is, geeft de man aan dat hij wel even meeloopt om het te laten zien. Gedurende het lopen blijkt de populatie op dit volkstuincomplex met name te bestaan uit autochtone oudere mensen. Op het oog lijken alle huisjes te voldoen aan de eis van maximaal 25m2, maar het merendeel van de huisjes heeft wel gebruikgemaakt van uitbouwmogelijkheden door overkappingen te plaatsen en dergelijke. De man zegt hierover dat het net een recreatiepark is. Ter plaatse blijkt het huisje een bouwval te zijn. Naast de koopprijs komen er dus ook nog veel kosten bij om het huisje op te knappen. Het is echter niet het enige huisje op dit volkstuincomplex dat slecht onderhouden is, zo blijkt uit een rondleiding. Hetzelfde geldt voor de tuintjes. Naast dat je een huisje moet kopen, geeft de man aan dat je de volkstuin huurt voor 700 euro per jaar. Dit is enkel mogelijk wanneer je woonachtig bent in de gemeente Rotterdam. Echter, wanneer je direct contact opneemt met de bestuursleden worden hier wel eens uitzonderingen in gemaakt, aldus de man. Zelf heeft hij de bestuursleden al zeker tien jaar niet op het volkstuincomplex gezien. Wanneer het gaat over de leefbaarheid en veiligheid op dit volkstuincomplex geeft de man aan dat er niet veel gebeurt.
Er is wel eens koperdiefstal gepleegd, er is een keer een slaper aangetroffen maar druggerelateerde incidenten zijn er nooit geweest. Verder zijn er wel eens ruzies geweest tussen bestuursleden en oudere bewoners die trachten de dienst uit te maken.
Oranje volkstuinvereniging 2 Dit volkstuincomplex is gelegen aan een drukke doorgaande straat met in de buurt een park. Doordat dit een plek is waar men gratis kan parkeren, is de parkeerplaats erg druk. Het volkstuincomplex is normaal gesproken onderdeel van een wandelroute. Sinds COVID-19 is dit niet meer het geval. Het bestuur heeft besloten de toegangspoort te sluiten. De leden van de volkstuinvereniging hebben daarom ieder een sleutel gekregen om het complex te betreden en te verlaten. De naleving van deze regel is erg goed. De onderzoekers hebben het geluk dat er bij aankomst net een man het complex wil betreden. Door aan te geven dat we interesse hebben in een tuintje en we ons in het Rotterdamse aan het oriënteren zijn, laat de man ons het volkstuincomplex ook even betreden. De populatie is multicultureel. Er is een verenigingsgebouw met een informatiebord. Op basis hiervan zijn er indicaties dat de huisjes onderverhuurd worden, hetgeen niet is toegestaan. Achter het verenigingsgebouw ligt een soort supermarkt waar tuinbenodigdheden gekocht kunnen worden. Kijkende naar de huisjes op dit volkstuincomplex is de conclusie dat het overgrote deel groter is dan toegestaan.
De monitor leefbaarheid en veiligheid 45
Daarnaast zijn er zowel mooie huisjes als verwaarloosde huisjes. Er is één huisje – gelegen aan het einde van een doodlopend pad op het volkstuincomplex – met eigen camerabewaking. De camera is gericht op het toegangshek van het huisje, waar overigens ook een dikke ketting aan vast is gemaakt. Tot slot blijkt uit een gesprek met een lid van de volkstuinvereniging dat er sprake is van een wachtlijst op dit volkstuincomplex, maar dat je sneller een huisje kan krijgen wanneer je direct contact opneemt met een bestuurslid.
Rotterdamse volkstuincomplexen in het nieuws De volkstuincomplexen komen niet vaak voor in het nieuws, toch zijn er van ongeveer twintig complexen een aantal artikelen gevonden. Deze artikelen gaan over uiteenlopende onderwerpen. Enkele complexen berichten in plaatselijke kranten bijvoorbeeld over activiteiten die zij organiseren. Het gaat dan onder andere om braderieën, open dagen, speurtochten en allerlei andere activiteiten voor kinderen. Daarnaast blijken er een aantal artikelen te zijn waarin de zogenoemde tuinders aan het woord komen over het leven op de volkstuin. Deze verhalen geven aan dat deze mensen de tuinen zien als een verlengde van hun huis, waar zij elk jaar vanaf de lente tot de herfst met vrienden en familie in hun tuinhuisje verblijven. Vaak wordt ‘de liefde voor de tuin’ van generatie op generatie doorgegeven. Ook blijkt uit de artikelen dat de genoemde volkstuinen een actief bestuur hebben dat bijvoorbeeld controleert of de tuinen en de paden er netjes bij liggen. Daarnaast hebben veel volkstuinverenigingen een clubhuis waar ook allerlei activiteiten georganiseerd worden. Door deze vermeldingen ontstaat het beeld dat de volkstuinen een belangrijke maatschappelijke en sociale functie innemen. Volkstuinen lijken daarnaast populair te zijn.
Tijdens de coronapandemie is de vraag naar tuinen sterk toegenomen, dit terwijl de meeste tuinen al jaren een volle wachtlijst hebben. Over (problemen met) criminaliteit en leefbaarheid wordt amper melding gemaakt in de gevonden artikelen. Er is incidenteel sprake van overlast door afval, kampvuren of permanente bewoning. Sommige artikelen vermelden vermoedens van geïnterviewden over drugscriminaliteit in de buurt van de complexen, omdat er bijvoorbeeld in het verleden drugslaboratoria zijn geweest, maar concrete vermeldingen zijn er niet. Van één volkstuincomplex is in 2019 gebleken dat de voormalig voorzitter veel geld van de vereniging heeft verduisterd, maar ook dit is voor zover bekend incidenteel.
46 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Groene volkstuinvereniging 1 Voor dit volkstuincomplex geldt dat het in een straat is gelegen die leidt tot een park. In deze straat ligt het verscholen. Doordat het ook niet duidelijk wordt aangegeven via borden is het moeilijk om het in één keer te vinden. Eenmaal gevonden, blijkt de toegangspoort open te zijn en kom je op een parkeerplaats terecht. Op deze parkeerplaats staan auto’s met Nederlandse kentekens. Ook staat er aangegeven dat de parkeerplaats alleen maar gebruikt mag worden door leden van de volkstuinvereniging. Verderop komen we in gesprek met een lid van de volkstuinvereniging. Hij geeft aan dat het verscholen karakter van dit volkstuincomplex een kracht van het complex is en een bewuste keuze van het bestuur om dit zo te behouden. Het is zelfs zo dat de gemeente het verplicht om de toegangspoort open te hebben van zonsopgang tot zonsondergang want wanneer deze keuze aan het bestuur zou zijn, zou de toegangspoort gesloten blijven. Het bestuur staat volgens hem namelijk voor rust. Toekomstige leden van de volkstuinvereniging worden aan de voorkant daarom ook op een zeer secure manier gescreend door het bestuur. Daarmee toetst het bestuur of een toekomstig lid voldoet aan bepaalde criteria. Dit maakt – aldus het lid van de volkstuinvereniging – dat er ook geen feestjes worden gehouden op dit volkstuincomplex die tot 03:00 duren.
Verder geeft hij aan dat een eis van het bestuur is dat ieder lid een bijdrage levert aan het wel en wee op het volkstuincomplex. Zo is deze man lid van de Wifi-commissie. Tot slot geeft hij aan dat er geen gekke dingen op dit volkstuincomplex gebeuren. Hij vindt het daarom jammer dat de gemeente Rotterdam toch het oog heeft laten vallen op de vierkante meters die beschikbaar komen wanneer zij deze overnemen van volkstuincomplexen om daar woningen te gaan bouwen. Uit een rondgang over het volkstuincomplex blijkt dat alle huisjes voldoen aan de eisen van het maximale aantal vierkante meters. Er zijn veel leden aanwezig die tuinieren en onderling sociaal contact hebben. Kortom is het een goed bijgehouden en uitnodigend volkstuincomplex.
Groene volkstuinvereniging 2 De parkeerplaats behorend bij dit volkstuincomplex is wat verder weg gelegen. Dit heeft te maken met het feit dat dit volkstuincomplex onderdeel is van een wandelroute. Bij de ingang loop je ook hier tegen een informatiebord aan. Op dit informatiebord staan – in tegenstelling tot andere volkstuincomplexen – geen waarschuwingen aan leden over wat niet mag. Dit impliceert dat er ook geen tot weinig regels worden overtreden door de leden van deze volkstuinvereniging. Een ander verschil met de andere volkstuincomplexen is dat er in het verenigingsgebouw een persoon aanwezig is die aanspreekbaar is. Het volkstuincomplex zelf
De monitor leefbaarheid en veiligheid 47
is zoals een volkstuincomplex vanuit vroeger is bedoeld. Er staan bijvoorbeeld wel huisjes, maar deze zijn klein en volledig in dienst van het kunnen tuinieren. Ook staan er veel kassen op dit volkstuincomplex en worden er zichtbaar groenten verbouwd. Het wordt allemaal netjes onderhouden. Door dit alles krijgen de onderzoekers de indruk dat dit echt een volkstuinvereniging is in plaats van een vakantiepark.
Groene volkstuinvereniging 3 Het laatste bezochte volkstuincomplex is gelegen aan de rand van een op het oog dure woonwijk. De parkeerplaats is erg druk en er lopen erg veel leden van de volkstuinvereniging rond. Zij lopen met karretjes waar planten en tuinbenodigdheden op liggen. De populatie omvat veelal oudere Nederlanders. De huisjes die op het volkstuincomplex staan, voldoen aan de regels qua vierkante meters. Ter plaatse raken de onderzoekers in gesprek met een lid van de volkstuinvereniging. Hij geeft een verklaring voor het feit dat andere volkstuincomplexen meer op vakantieparken zijn gaan lijken. Een lid moet jaarlijks namelijk maar 700 euro huur betalen en op die volkstuincomplexen is vervolgens het toezicht op wat er met het tuintje en bijbehorende huisje gebeurt minimaal. Daardoor is het mogelijk om de huisjes volledig naar wens uit te bouwen. Een waarneming door de onderzoekers op dit volkstuincomplex is dat het goed wordt onderhouden. Daarover zegt het lid dat de bosjes en de sloot door de leden moeten worden bijgehouden. Tevens moeten ze op jaarbasis een verplicht aantal uren vrijwilligerswerk uitvoeren. Hij geeft verder aan dat er een enorme wachtlijst is en dat het erg lastig is om een tuintje te krijgen. Er komt namelijk maar zo nu en dan wat vrij.
Tot slot maakt ook dit lid zich zorgen over de plannen van de gemeente, namelijk dat volkstuincomplexen op den duur worden ingeruild voor woonwijken.
Resumé Er is een duidelijk onderscheid te maken tussen enerzijds de rode en oranje volkstuinverenigingen en anderzijds de groene volkstuinverenigingen. Het onderscheid zit hem in het feit dat de huisjes op de complexen van de rode en oranje volkstuinverenigingen dermate groot zijn dat het meer lijkt op een vakantiepark. Bovendien zie je de leden van rode en oranje volkstuinverenigingen zichtbaar recreëren, terwijl de leden van groene volkstuinverenigingen zichtbaar tuinieren. Ook het onderhoud is een groot verschil. Op de complexen van de rode en oranje volkstuinverenigingen is eerder sprake van verloedering en verwaarlozing, terwijl de complexen van groene volkstuinverenigingen netjes worden bijgehouden. Het feit dat sommige tuinders van rode volkstuinverenigingen camera’s of
48 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
verbodsborden ophangen geeft te denken. Tot slot is een verschil tussen enerzijds de complexen van rode en oranje volkstuinverenigingen en anderzijds de complexen van groene volkstuinverenigingen, dat er uit de informatieborden op de complexen van rode en oranje volkstuinverenigingen geregeld indicaties voortkomen dat er regels worden overtreden. Het gaat onder andere om het onderling verkopen en verhuren van de huisjes.
De monitor leefbaarheid en veiligheid 49
4 Suggesties voor aanpak Op basis van alle onderzoeksactiviteiten die zijn uitgevoerd, komt er een beeld naar voren van volkstuincomplexen waar het op het grootste deel van de complexen (ruim 70%) wat betreft leefbaarheid en veiligheid goed gaat. Natuurlijk is er ook op deze complexen wel eens iets aan de hand – een ruzie, vernieling, winterovernachter of te grote opstallen – maar grosso modo zijn het complexen om van te leren. De verenigingsbesturen zijn stabiel en doortastend en de manier waarop de besturen op deze complexen opereren – de ontwikkelde instrumenten en werkwijzen – kunnen waardevol zijn voor volkstuincomplexen waar sprake is van meer problematiek. Het gaat dan om de oranje en de rode volkstuinverenigingen. Dit zijn verenigingen waarvoor aandacht en aanpak noodzakelijk zijn. Voordat het zover is, moet er randvoorwaardelijk nog wel het nodige gebeuren zo maakt dit onderzoek duidelijk. We zetten de bevindingen op een rij.
Maak duidelijk wie waarvan is Sinds het verdwijnen van de Rotterdamse Bond voor Volkstuinhouders (RBvV) en de komst van de Stichting Volkstuinen in Nederland (SVIN) is er veel onduidelijk bij zowel tuinders, bestuursleden als professionals wie nu eigenlijk waarvan is. Regelmatig worden bestuursleden met een vraagstuk van het kastje naar de muur gestuurd. Maak met andere woorden duidelijk c.q. communiceer: welke afdeling binnen de gemeente gaat over volkstuinen en waarvoor verenigingen en professionals contact kunnen leggen met deze afdeling. Zorg met andere woorden voor een gemeentelijk loket volkstuinen; waar het SVIN exact van is en waarvoor zij benaderd kunnen worden; wat de rol van de Algemene Vereniging Van Volkstuinders Nederland (AVVN) kan zijn voor de bij hen vrijwillig aangesloten leden; wat de rollen en verantwoordelijkheden zijn van de volkstuinvereniging, het bestuur en de leden;
50 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
in welke situaties er contact opgenomen wordt met de politie. Omdat het SVIN – in tegenstelling tot de RBvV – geen belangenbehartiger is en slechts de helft van de verenigingen is aangesloten bij belangenbehartiger AVVN, zou overwogen moeten worden om hetzij een lidmaatschap van het AVVN te stimuleren dan wel belangenbehartiging op Rotterdamse schaal te organiseren. Lidmaatschap voor belangenbehartiging zou via het huurcontract met de SVIN verplicht gesteld kunnen worden. Dit laatste is een extra waarborg voor kwaliteit en voorkomt versnippering tussen verenigingen waar nu – ondanks een aantal kringen (overleggen tussen bestuursleden van verschillende verenigingen) – sprake van is.
Ontwikkel als gemeente een visie en beleid op volkstuincomplexen en draag deze uit Als bijvangst van een onderzoek dat gaat over leefbaarheid en veiligheid is het belangrijk dat de gemeente duidelijk maakt wat de rol en positie van volkstuinverenigingen in de stad is waarbij aandacht dient te zijn voor de ecologische, sociale en culturele functie. Voor de thema’s leefbaarheid en veiligheid is het van belang om voor bepaalde onderwerpen heldere richtlijnen op te stellen die ook breeduit – intern binnen de gemeente en voor partnerorganisaties en richting verenigingen – gecommuniceerd dienen te worden. Het gaat dan om: het feit dat alle volkstuincomplexen toegankelijk zijn voor een breder publiek (recreatieve functie) tussen zonsopkomst en zonsondergang; het gegeven dat verblijf/overnachten tussen 1 april en 1 oktober gedoogd wordt en daarbuiten verboden is; de voorwaarden die verbonden zijn aan bouw en aanbouw van opstallen; een nalevings- en handhavingskader waarin duidelijk wordt wie waarvoor verantwoordelijk is als het gaat om de naleving van regels en handhaving van overtredingen en misdrijven. Op de contouren van een dergelijk nalevings- en handhavingskader – dat in nauw overleg met alle partijen ontwikkeld zou moeten worden onder regie van de gemeente - gaan we nu nader in.
Van naleving naar handhaving, meer dan alleen papier Als het gaat om het thema leefbaarheid en veiligheid en de regels die er zijn, zijn er meerdere partijen die hier een rol in dienen te vervullen. De gemeente verhuurt de volkstuincomplexen via de SVIN aan verenigingen en waarvan de
Suggesties voor aanpak 51
leden (tuinders) lid zijn. De afdelingen Bouw- en Woningtoezicht en de afdeling Vastgoed hebben een rol als het gaat om de opstallen, de brandweer zou moeten toezien op de brandveiligheid op de complexen, handhaving van de gemeente en de politie vervullen een taak als het gaat om toezicht, handhaving en eventueel opsporing. We lopen de partijen een voor een langs en geven suggesties voor de aanpak.
De SVIN De SVIN verhuurt namens de gemeente het volkstuincomplex aan de verenigingen en maakt in overleg met de gemeente en de onderhuurder afspraken over het beheer en onderhoud van het tuinenpark. Zij nemen de planning, aanbesteding en begeleiding van de uitvoering voor hun rekening. In overleg met de vereniging bekijken zij of er onderhoud in zelfbeheer kan worden uitgevoerd. In tegenstelling tot het verleden – in de tijd van de RBvV – is de SVIN geen belangenbehartiger. Dat wordt nu - voor de verenigingen die lid zijn van de AVVN - gedaan door de AVVN. In het huurcontract tussen de SVIN en de vereniging staan eveneens regels (bijlage 4 ‘onderhuurovereenkomst’ en bijlage 5 ‘reglement kwaliteitseisen’). De taken van de SVIN zien er derhalve als volgt uit: beheer en onderhoud; controle op de naleving van de voorwaarden in het huurcontract met de vereniging; vraag nieuwe bestuursleden om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG); indien een vereniging zich niet houdt aan de afspraken zoals vastgelegd in het huurcontract met de SVIN, zal de SVIN hen hierop moeten aanspreken en/of moeten aanzetten om eventueel een belangenbehartiger in te schakelen; uiteindelijk – bij blijvende overtreding – wordt het huurcontract ontbonden.
leg als SVIN een zwarte lijst aan met leden die de regels niet hebben nageleefd en maak deze lijst bevraagbaar voor verenigingen die een lid willen toelaten; overweeg om het lidmaatschap van het AVVN te stimuleren of te verplichten dan wel belangenbehartiging op Rotterdamse schaal te organiseren; denk na over het afsluiten van een collectieve bestuursaansprakelijkheid verzekering voor alle volkstuinen. Nu zit de bestuurdersaansprakelijkheid in het lidmaatschap van de AVVN en niet iedere vereniging is aangesloten bij de AVVN.
52 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Rol volkstuinverenigingen In de gebruikersovereenkomst voor de tuinders – dat voor alle verenigingen sinds een aantal jaren gelijk is – staat een aantal huisregels waaraan de tuinder zich moet houden (naleven). Nu is het zo dat de meeste verenigingen (groen) strikt acteren op overtredingen van huisregels en anderen niet of minder (oranje en rood). Hier kan met name geleerd worden van groene verenigingen waarbij een goed tuindersbestand begint bij screening aan de voorkant en eindigt – na een aantal waarschuwingen – met het ontbinden van de gebruikersovereenkomst. Voorbeelden van praktijkmaatregelen zijn: aspirant tuinders uitnodigen (kennismaking) en met hen in gesprek gaan over de gebruikersvoorwaarden, rechten en plichten. Het adagium is ‘geen goed gevoel, geen tuin’; de aspirant vragen om een eigen verklaring te ondertekenen waarin opgenomen dat de aspirant niet is weggestuurd bij een andere volkstuinvereniging dan wel overlast heeft veroorzaakt bij een volkstuinvereniging; laat het nieuwe lid ervoor tekenen dat ze alle reglementen gelezen hebben; ga niet in op aspirant huurders die om de wachtlijst heen willen en bijvoorbeeld extra geld bieden; ben als bestuursleden consequent, strikt en transparant (communiceer) in je handelen.
Elke afwijking van een regel maakt je reputatie twijfelachtig; maak gebruik van het kwaliteitsinstrument ‘tuinkeuring’ door een commissie van leden. Doe dit een of twee keer per jaar en ga persoonlijk in gesprek met de betreffende tuinder als de zaken niet in orde zijn; betrek de leden bijvoorbeeld binnen een whatsappgroep bij de sociale controle op het complex. Adagium is ‘melden van vreemde figuren of afwijkend gedrag is positief’; communiceer via nieuwsbrieven (whatsappgroep of facebook) de positieve zaken op het complex en wijs ook op wangedrag (parkeeroverlast, onderverhuur). Hiermee wordt een gezamenlijk gevoel gecreëerd; nodig de wijkagent zo af en toe uit op een ledenavond om elkaar te leren kennen en vinden. Doe dit ook als er geen problemen zijn. bel bij een 112-waardig incident altijd de politie.
Suggesties voor aanpak 53
Ondersteuning besturen van essentieel belang Het is nu nog even de vraag wie dit op moet gaat pakken - de SVIN, de AVVN of de gemeente - maar het opleiden van bestuursleden c.q. het oprichten van een academie voor bestuursleden van verenigingen is echt noodzakelijk. Dit om ervoor te zorgen dat zij 1) op de hoogte zijn van zowel de publiekrechtelijke als civielrechtelijke instrumenten, 2) hun verantwoordelijkheden kennen en 3) weten wat ze wanneer kunnen doen.
Gemeente: afdelingen Bouw- en Woningtoezicht en de afdeling Vastgoed De gemeente is op dit moment vooral actief vanuit de assetmanagers van de afdeling Vastgoed. Zij hebben vanuit hun gebied contact met besturen van verenigingen op he punt van vastgoed. Omdat Rotterdam veel verblijfstuinen telt en er de laatste decennia een situatie is ontstaan van te grote en soms brandgevaarlijke opstallen waarop niet of onvoldoende is gehandhaafd, zal er meer gecontroleerd en gehandhaafd moeten worden. Dit is een meerjarenproject dat de gemeente – afdeling Bouw- en Woningtoezicht – samen met de verenigingen moet gaan bewandelen. Het begin zou moeten liggen bij nieuw te bouwen opstallen. Die dienen vanaf nu te moeten voldoen aan de eisen. Ook – hier komen we later op terug – zal er bijvoorbeeld op de rode verenigingen actief gehandhaafd moeten gaan worden. Samenvattend zien de taken voor de afdelingen er als volgt uit: de afdeling Vastgoed probeert iets te doen met advisering, maar formeel is dit niet hun taak. Zij zijn er voor het vastgoed. Er is op dit moment geen beleidsdienst die de adviserende rol op zich neemt zoals vroeger door Sport en Recreatie. Hier ligt dus een uitdaging; preventie door de verenigingen en Bouw- en Woningtoezicht; (gerichte en gefaseerde) handhaving door Bouw- en Woningtoezicht.
Gemeentelijke handhaving Tot nu toe komen gemeentelijke handhavers niet op de volkstuincomplexen terwijl de complexen tussen zonsopkomst en zonsondergang toegankelijk zijn voor het publiek. Tuincomplexen hebben vaak een belangrijke functie in de buurt (sociaal), maar er kan ook sprake zijn van overlast en criminaliteit door tuinders of buitenstaanders. Denk bijvoorbeeld aan de illegale overnachters of permanente bewoning. Tot slot blijken parkeerplaatsen regelmatig pleisterplaatsen voor
54 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
gedragingen die het daglicht niet kunnen verdragen. Voor gemeentelijke handhaving is de volgende rol weggelegd: toezicht op de complexen; toezicht in de nabijheid van de complexen (parkeerplaatsen); handhaving en verbalisering waar mogelijk binnen de bevoegdheden; signalering richting andere partners.
Brandweer Uit de gesprekken die we voerden, komt naar voren dat er door de bebouwing en bewoning (en verwarming) sprake kan zijn van brandgevaarlijke opstallen waarop niet of onvoldoende wordt gecontroleerd. Vanzelfsprekend ligt hier de eerste verantwoordelijkheid bij tuinders, besturen en de afdeling Bouw- en Woningtoezicht. Toch zou het goed zijn als de brandweer met name in het kader van preventie een aantal taken zou oppakken. Het zou kunnen gaan om: het schouwen van een doorsnee van volkstuincomplexen; het opstellen van een richtlijn brandpreventie; het geven van voorlichting over brandveiligheid en brandpreventie aan volkstuinbesturen.
Politie Volkstuincomplexen zijn onderdeel van wijken of buurten en in die zin vallen ze ook in gebieden van wijkagenten. Het ligt voor de hand om als volkstuinbestuur te weten wie de wijkagent is. Adagium zou moeten zijn om ‘contact te maken in vredestijd’ c.q. op het moment dat er niet direct sprake is van een incident of aanleiding (zie onder Rol volkstuinverenigingen). Daarnaast zou bij 112-waardige meldingen altijd de politie gebeld moeten worden.
AVVN De AVVN is belangenbehartiger voor de verenigingen die bij hen zijn aangesloten. Zoals eerder aangegeven, is slechts de helft van de complexen lid. De lage graad van lidmaatschap kent ook een verklaring. Voordat de SVIN er was, deed de RBvV ook aan belangenbehartiging. Nu denken nog steeds veel verenigingen onterecht dat ze hiervoor bij het SVIN terecht kunnen. Op zich is dit jammer want leden kunnen bij het AVVN terecht voor: belangenbehartiging; verstrekken van advies en (juridische) bijstand. Bijvoorbeeld bij lastige tuinders;
Suggesties voor aanpak 55
toewijzen van een coach aan besturen om hen te leren hoe te besturen of het geven van trainingen; informatie en voorlichting.
Aanvullend: één park, één plan Voorgaande suggesties voor aanpak zullen met name bij de groene volkstuinverenigingen voor een belangrijk deel al ingevuld worden en bij de oranje deels. Waar dit nog niet het geval is, dient dit opgepakt te worden vanuit ieders rol en verantwoordelijkheid. Er zijn echter ook volkstuinverenigingen – in eerste aanleg zijn dit de zes rode – waar de problematiek dermate complex is voor een bestuur en/of het bestuur te zwak, instabiel of niet capabel is, dat de vraag gerechtvaardigd is of een vrijwillig bestuur wel te belasten is met dergelijke problematiek die vaak al een jarenlange historie heeft waarin ook de overheid steken heeft laten vallen. Het lijkt van belang om focus aan te brengen en krachten te gaan bundelen vanuit de gedachte ‘één park, één plan’. Vanuit een analyse van de problematiek (leefbaarheid, veiligheid, opstallen, tuinders) en de kwaliteiten van het bestuur dient er – onder regie van de gemeente – een integraal plan voor de langere termijn opgesteld te worden dat toewerkt naar een situatie van een groene volkstuinvereniging. Preventie, pro-actie, toezicht en handhaving dienen hand in hand te gaan en een dergelijk plan moet het liefst samen met de leden gemaakt worden. Ook voor rode volkstuinverenigingen geldt namelijk dat een deel van de leden gewoon goed en behept is met de kwaliteit van het complex.
Tot slot is het van belang dat er ook vanuit de gemeente sprake dient te zijn van integraliteit. Het gaat namelijk niet alleen om de portefeuille ‘bouwen, wonen en energietransitie gebouwde omgeving’, maar ook om de portefeuilles ‘recreatie en sport’ én ‘openbare orde en veiligheid’. Een respondent over de rode volkstuinverenigingen: ‘…We moeten qua aanpak bij de wortel beginnen, zodat iedereen gaat begrijpen waar we naartoe willen. Al met al ga je dit niet in 2 jaar oplossen. Mijn idee is dat wanneer je al 20 jaar niks hebt gedaan, het misschien ook wel 20 jaar kost om de problematiek op te lossen en het weer op orde te krijgen. Daarbij is het goed te noemen dat het opzeggen van het onderhuurcontract moet gebeuren bij de verenigingen waar het bestuur kwaadwillend is. Er zijn namelijk ook verenigingen waar het de verkeerde kant op gaat doordat er sprake is van een zwak bestuur. Dergelijke besturen moeten geholpen gaan worden en die structuren moet je niet kapot maken’.
56 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Geraadpleegde bronnen
Rapporten en artikelen Bremmers, B., Ferwerda, H. & R. van den Hazel (2015). Maatwerk nodig tegen misstanden in vakantieparken. Secondant.nl, 27 mei. Gemeente Amsterdam (2004). Van volkstuincomplex naar tuinpark. Ontwerpverkenningen naar modernisering van volkstuincomplexen in Amsterdam. Dienst Ruimtelijke Ordening. Hoeven, van der N. & D. J. Stobbelaar (2006). De meerwaarde van tuinparken. De betekenis van tuinparken in een stedelijke omgeving. Wageningen Universiteit en Researchcentrum. Wetenschapswinkel Wageningen UR, Rapport 222. Hoppesteyn, M. (2021). Monitor Volkstuinen 2021. Gemeente Rotterdam, afdeling Onderzoek en Business Intelligence (OBI). Vreke, J., Salverda, L. & F. Langers (2010). Niet bij rood alleen: buurtgroen en sociale cohesie. Wageningen Alterra rapport 2070.
Websites Nieuwe-concierge-voor-5000-volkstuinders: https://www.rijnmond.nl/nieuws/ 165884 VTV Blijdorp. Uitslag enquête september 2020. Geraadpleegd via: https://www. vtvblijdorp.nl/uitslag-enquete-september-2020/
Geraadpleegde bronnen 57
Bijlage 1 – Overzicht complexen Tuinen Vereniging
Soort complex
Aantal
Oppervlakte (m2)
VTV De Beukhoeve
volkstuinen
227
64061
VTV Blijdorp
volkstuinen
169
53423
VTV De Boerderij
volkstuinen
125
50118
VTV Van Brienenoord
volkstuinen
93
28803
VTV Eigen Hof
volkstuinen
274
86044
VVVT Elftplaat II
volkstuinen
129
35915
NTV Gordelwegtuinen
nutstuinen
145
5337
VTV Heijplaat
nutstuinen
48
11657
VTV Helpt Elkander
volkstuinen
78
15371
NTV Hof van Noord
nutstuinen
71
3591
VTV Hordijkerveld
volks-&nutstuinen
110
16566
NTV In de Luwte
nutstuinen
74
6708
NTV Kralingseveer
nutstuinen
54
12526
ATV Kweeklust
volkstuinen
110
30141
ATV Lombardijen
volkstuinen
90
24183
VTV Lusthof
volkstuinen
150
45407
ATV Maasglorie
volkstuinen
74
20729
VTV Nooitgedacht
volkstuinen
28
8104
VTV De Noort Bonnen
nutstuinen
95
25287
VTV Nut en Genoegen
volkstuinen
32
8467
VTV Oldegaarde
volkstuinen
56
14865
ATV Ommoord
volkstuinen
276
78194
VTV Ons Belang
volkstuinen
134
39355
VTV Ons Genoegen
volkstuinen
73
21607
ATV Onze Tuinen
volkstuinen
85
25920
58 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
ATV Phoenix
volkstuinen
93
26345
VTV Pomona
volkstuinen
102
29244
VTV Reyerwaard
volkstuinen
36
9932
TV Smeetslandsedijk
nutstuinen
60
nnb
VTV Streven naar Verbetering
volkstuinen
251
67434
ATV Terbregge
volkstuinen
84
24467
VTV De Tochten
volks-&nutstuinen
111
24727
ATV Toepad
volkstuinen
82
24685
VTV Tot Nut en Genoegen
volkstuinen
122
35081
VTV Tuinderslust
volkstuinen
146
34329
VTV De Venhoeve
volkstuinen
195
52820
VTV Vreelust
volkstuinen
128
32339
VTV De Wielewaal
volkstuinen
128
38177
VTV Wilgentuin
volkstuinen
177
46425
VTV De Zandweg
volkstuinen
134
35602
TV Zestienhoven
volkstuinen
178
53965
VTV Zonnehof
volkstuinen
96
30539
VTV De Zuiderhof
volkstuinen
161
40047
VTV Zuiderlaan
nutstuinen
25
6493
*Bron: SVIN
Bijlagen 59
Bijlage 2 – Met dank aan In dit onderzoek zijn diverse personen ons behulpzaam geweest en daarvoor willen we hen hartelijk bedanken. Ze werkten als respondent mee aan een interview, hebben data voor het onderzoek aangeleverd of dat verkend dan wel hebben ons op een andere manier gefaciliteerd in de uitvoering van het onderzoek. In onderstaand overzicht geven we de aantallen per organisatie weer. Algemene Vereniging Van Volkstuinders Nederland (AVVN)
2
Bestuursleden volkstuincomplexen
12
Gemeente Rotterdam
18
Afdeling Vastgoed (5) Basis Registratie Personen (2) Bouw- en Woningtoezicht (2) Directie Veilig (1) Maatschappelijke ontwikkeling (1) Informatie en onderzoek (3) Stadsontwikkeling (2) Wijkmanager (1) Wijkveiligheid (1) Politie
8
Operationeel specialist (1) Informatie, onderzoek en privacy (2) Wijkagenten (5) Stichting Volkstuinen in Nederland (SVIN)
2
Vrije Universiteit van Amsterdam (VU)
1
Tot slot werden er diverse korte gesprekken met tuinders op zeven volkstuincomplexen gevoerd.
60 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Bijlage 3 – Incidenten en ernstscores
Incidenten
Ernstscore
Aantreffen Dood/Gewond Dier
1
Aantreffen Goed/Overig Voertuig
1
Afhandeling Overige Meldingen
1
Afval Drugslab
1
Afval Verbranden
1
Assistentie Brandweer (Geen Brand)
1
Assistentie Gezondheidszorg
1
Assistenties Overig
1
Burenruzie (Zonder Vervolg)
1
Geluidshinder Overig
1
Gesignaleerd Voor Externe Instantie/Andere Eenheid
1
Gevaarlijke Hond
1
Gezondheid en Welzijn Dieren en Dierenvervoer / Wet Dieren
1
Lijk(Vinding) Natuurlijke Dood
1
Lijk(Vinding) Zelfdoding
1
Loos Inbraak- /Overvalalarm
1
Melding Overlast Jeugd
1
Misdrijven Anders
1
Ongeval/Onwel Persoon
1
Overige Loos Alarm
1
Overige Meldingen Betreffende Dieren
1
Overige Verkeerszaken
1
Overlast Door Verward/Overspannen Persoon
1
Overlast Ivm Alcohol/ Drugs
1
Overlast Stank/Rook/Stof
1
Bijlagen 61
Overlast Zwervers
1
Overtreding Overig (Wetboek van Strafrecht)
1
Overtreding Vreemdelingenwet/-Besluit
1
Parkeerproblemen
1
Poging Tot Zelfdoding
1
Rijden Onder Invloed (Uitsluitend Alcohol)
1
Rijden Onder Invloed Drugs/Geneesmid Al Dan Niet Icm Alcohol
1
Rijden Zonder Rijbewijs
1
Ruzie/Twist (Zonder Vervolg)
1
Snelheidsovertreding Rvv90
1
Verdachte Situatie
1
Verkeersongeval Met Letsel
1
Verkeersongeval Met Uitsluitend Materiele Schade
1
Verkeersovertreding Wvw (Overige)
1
Verlaten Plaats Na Verkeersongeval
1
Vermissing Goederen Algemeen
1
Vernieling Overige Objecten
1
Vernieling van/aan Auto
1
Vervaardigen Softdrugs (Lijst II)
1
Vermissing Meerderjarig Persoon
2
Vermissing Minderjarig Persoon
2
Bedreiging
2
Bezit Vuurwapens
2
Brand (Geen Brandstichting)
2
Diefstal Bromfiets/Snorfiets
2
Diefstal Fiets
2
Diefstal In/Uit Andere Gebouwen (Niet Gekwal.)
2
Diefstal In/Uit Bedrijf/Kantoor (Niet Gekwal.)
2
Diefstal In/Uit Box/Garage/Schuur/Erf (Niet Gekwal.)
2
62 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
Diefstal In/Uit Sportcomplex (Niet Gekwal.)
2
Diefstal In/Uit Woning (Niet Gekwal.)
2
Diefstal Personenauto
2
Diefstal Uit/Vanaf Andere Vervoermiddelen
2
Diefstal Uit/Vanaf Personenauto
2
Diefstal Vrachtauto/Bestelauto
2
Eenvoudige Mishandeling
2
Gekwal. Diefstal In/Uit Andere Gebouwen
2
Gekwal. Diefstal In/Uit Box/Garage/Schuur
2
Gekwal. Diefstal In/Uit Woning
2
Gekwal. Diefstal Met Geweld In/Uit Andere Gebouwen
2
Gekwal. Diefstal Met Geweld In/Uit Box/Garage/Schuur
2
Handel E.D. Harddrugs (Lijst I)
2
Heling
2
Huisvredebreuk
2
Openbare Schennis der Eerbaarheid
2
Openlijke Geweldpleging Tegen Personen
2
Overige (Eenvoudige) Diefstal
2
Overige Gekwal. Diefstal
2
Stalking
2
Straatroof
2
Verduistering (Evt. In Dienstbetrekking)
2
Brandstichting
3
Doodslag/Moord
3
Seksueel Misbruik Kinderen (Geen Incest)
3
Verkrachting
3
Zware Mishandeling
3
Bijlagen 63
Bijlage 4 – Onderhuurovereenkomst
Stichting Volkstuinen in Nederland (SVIN), gevestigd Vogelvlinderweg 50 te Utrecht, ingeschreven bij de KvK onder nummer 41204092, vertegenwoordigd door R.P. Grondel in zijn functie als voorzitter en door H.C.W.C. Staas in zijn functie als secretaris, hierna te noemen “huurder” of “SVIN” En de vereniging XXX gevestigd XXX, ingeschreven bij de KvK onder nummer XXX, vertegenwoordigd door XXX in zijn functie als XXX en door XXX in zijn functie als XXX, hierna te noemen “onderhuurder” Huurder en onderhuurder gezamenlijk hierna te noemen: ‘partijen’, verklaren een onderhuurovereenkomst aan te gaan onder de navolgende voorwaarden en bedingen:
OVERWEGENDE: Dat het huurder is toegestaan volkstuinen onder te verhuren aan een Volkstuinpark, georganiseerd als vereniging met rechtspersoonlijkheid naar Nederlands recht (boek 2 BW); Dat SVIN met de Gemeente Rotterdam is overeengekomen dat deze onderhuurovereenkomst, statuten en reglementen van de onderhuurder in overeenstemming zijn met de huurovereenkomst tussen de Gemeente Rotterdam en SVIN; Dat SVIN en de Gemeente Rotterdam nog in overleg zijn over de kwaliteitseisen en de handhaving van de normen op de Volkstuinparken en dit tot gevolg kan hebben dat de regels voor de onderhuurder dienovereenkomstig worden aangepast; Dat onderhuurder de huurder bij een milieu-incident per omgaande zal informeren; Dat onderhuurder als een goed huisvader zorg zal dragen voor het gehuurde; Dat het beheer van volkstuinparken gedurende de duur van de overeenkomst voor alle Volkstuinparken exclusief is voorbehouden aan de SVIN; De huurprijs van de volkstuin is gebaseerd op een starttarief van € 1,74 per m² en € 1,04 per m² voor nutstuinen;
64 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
In verband met een ingroeimodel van drie jaar voor verblijfstuinen en vijf jaar voor nutstuinen, worden genoemde tarieven bereikt in 2020 respectievelijk 2022; Dat de overwegingen een integraal onderdeel vormen van de overeenkomst, evenals de bijlagen bij de overeenkomst.
Artikel 1 - Definities Gebied: een oppervlakte grond van een bepaalde grootte gelegen in de gemeente Rotterdam. Gebruiker: een natuurlijk persoon die een klein gedeelte van het Volkstuinpark in gebruik heeft van de onderhuurder en als zodanig een tuin onderhoudt. Huurovereenkomst: de huurovereenkomst grond afgesloten tussen de gemeente Rotterdam en SVIN voor de huur van de volkstuinparken in Rotterdam. Kwaliteitseisen: Betreft een lijst van geboden en verboden voor zowel nuts- als verblijfstuinen die betrekking hebben op het gebruik van de tuin en die door de Gemeente Rotterdam en/of SVIN zijn opgelegd. De kwaliteitseisen worden zowel opgenomen in een overeenkomst als in een reglement kwaliteitseisen ten behoeve van de leden. Onderhuurder: Een vereniging met rechtspersoonlijkheid die een Volkstuinpark huurt van de huurder. Onderhuurovereenkomst: de overeenkomst die een vereniging aangaat met Stichting Volkstuinen in Nederland (SVIN). Nutstuin: Een tuin met groente- en fruitgewassen, zonder huisje voor verblijf, hooguit met een bescheiden plantenkas en/of een gereedschapskist voor (tuin) gereedschappen e.d. Plattegrond: Overzichtstekening van het Volkstuinpark als opgenomen in bijlage 1. SVIN: Stichting Volkstuinen in Nederland (SVIN).
Bijlagen 65
Verblijfstuin: Een verblijfstuin is een particuliere tuin die voor recreatieve doeleinden wordt gebruikt en niet bij de eigen woning ligt. Voornamelijk bedoeld als (recreatieve) siertuin en/of de verbouw van groenten/fruit, veelal voorzien van een bescheiden tuinhuisje, waarbij het huisje economisch eigendom is van de gebruiker. Vereniging: Een Volkstuinpark, georganiseerd als vereniging met rechtspersoonlijkheid naar Nederlands recht (boek 2 BW), waarmee Stichting Volkstuinen in Nederland (SVIN) een onderhuurovereenkomst sluit. (Volks)Tuin: Een (volks)tuin is een particuliere tuin die voor recreatieve doeleinden wordt gebruikt en niet bij de eigen woning ligt. Een volkstuin kan een nutstuin of een verblijfstuin zijn. Volkstuinpark: Een verzameling nutstuinen, verblijfstuinen of een combinatie daarvan. Meestal heeft het verblijfstuinencomplex een publiek- en daarmee semi-openbaar karakter. Verhuurd oppervlak Volkstuin: Het grondoppervlak van het Volkstuinpark zoals op basis van NEN 2580-meting is berekend.
Artikel 2 – Omschrijving gehuurde De huurder verhuurt aan onderhuurder die in huur aanvaardt: 1. Het Volkstuinpark gelegen in de gemeente Rotterdam met een oppervlakte grond groot XXX ha. De Plattegrond is opgenomen in bijlage 1. 2. SVIN volgt de Gemeente Rotterdam in het aantal vierkante meters verhuurd oppervlak. Bij gegrond bezwaar of beroep ingesteld door de onderhuurder jegens de gemeente Rotterdam, naar aanleiding van de huurbrief d.d. 12 februari 2018 zal de overeenkomst dienovereenkomstig worden aangepast. 3. De onderhuurovereenkomst komt tot stand op het moment dat de statuten en het reglement kwaliteitseisen: a. volledig zijn aanvaard en daarmee in overeenstemming zijn met de huurovereenkomst tussen de Gemeente Rotterdam en SVIN; b. voldoen aan de door SVIN gestelde eisen en door SVIN zijn goedgekeurd. Hiertoe stelt SVIN de standaard-statuten en een stan-
66 Monitor leefbaarheid en veiligheid volkstuinen Rotterdam
daard-reglement kwaliteitseisen op, ten behoeve van een zo goed mogelijke controle en handhaving van de regels.
Artikel 3 – Bestemming 1. Het ondergehuurde zal uitsluitend worden gebruikt als volkstuinpark. 2. Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Gemeente is het onderhuurder niet toegestaan een andere bestemming aan het ondergehuurde te geven dan omschreven in het voorgaande lid.
Artikel 4 – Duur, verlenging en opzegging 1. Deze overeenkomst is aangegaan voor de duur van vijf jaar, ingaande op 1 januari 2018 en lopende tot en met 31 december 2022. 2. Na de in lid 1 genoemde periode wordt de overeenkomst geacht op dezelfde voorwaarden telkens voor een periode van vijf jaren te zijn verlengd. 3. Beëindiging van deze overeenkomst vindt plaats door opzegging tegen het einde van een onderhuurperiode met inachtneming van een termijn van tenminste veertien maanden per aangetekende brief of deurwaardersexploot indien sprake is van voldoende zwaarwegende omstandigheden. 4. Onder zwaarwegende omstandigheden zoals bedoeld in het vorige lid wordt mede doch niet uitsluitend verstaan de situatie dat de statuten, reglementen van onderhuurder niet -langer- in overeenstemming zijn met de door SVIN gestelde eisen zoals voorzien in deze onderhuurovereenkomst, en/of niet -langer- voldoen aan de standaardstatuten en/of het standaard-reglement kwaliteitseisen. 5. De onderhuurovereenkomst eindigt gelijktijdig met de ontbinding van de overeenkomst tussen SVIN en de Gemeente. Indien de Gemeente de huurovereenkomst geheel of gedeeltelijk opzegt, eindigt de onderhuurovereenkomst automatisch op hetzelfde moment.
Artikel 5 – Huurprijs, betalingsverplichting en huurprijsaanpassing 1. Onderhuurder is aan SVIN een huurprijs verschuldigd van XXX (zegge: XXX ), te voldoen in twee gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt uiterlijk op 1 april en de tweede termijn op uiterlijk 1 juli van het desbetreffende jaar. 2. De huurprijs is berekend over de netto oppervlakte, alsmede de ondergrond waarop de onderhuurder haar gebouwen heeft geplaatst. 3. Over de huurprijs is de onderhuurder geen omzetbelasting verschuldigd. Betaling dient te geschieden op de door SVIN aangegeven wijze.
Bijlagen 67
4. De huurprijs wordt jaarlijks automatisch geïndexeerd, op basis van het Consumentenprijsindexcijfer alle huishoudens (peilmaand september), gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Van deze indexering hoeft geen afzonderlijke mededeling aan de onderhuurder te worden gedaan. 5. Indien CBS bekendmaking van genoemd consumentenprijsindexcijfer staakt of de basis van de berekening wijzigt, zal een zoveel mogelijk vergelijkbaar indexcijfer worden gehanteerd. 6. De onderhuurder is verplicht alle ingevolge deze onderhuurovereenkomst aan de huurder verschuldigde bedragen te voldoen door overschrijving naar NL81INGB0008116492 ten name van Stichting Volkstuinen in Nederland.
Artikel 6 – Zakelijke lasten: belastingen, lasten, heffingen, premies, nutsvoorzieningen enz. De hiernavolgende zakelijke lasten worden, met ingang van de datum van de onderhuurovereenkomst, verdisconteerd in de huurprijs zoals opgenomen in artikel 5 lid 1 en worden niet apart in rekening gebracht bij de onderhuurder: a. onroerende zaakbelasting (gebruikers- en eigenaarsdeel) en de waterschapslasten ter zake van het feitelijk gebruik van het gehuurde; b. milieuheffingen, waaronder de verontreinigingsheffing oppervlaktewateren en zuiveringsheffing afvalwater.