[25bb003431] Initiatiefvoorstel Verkoelen over 'Rotterdam in nood, radio actief!'
Tekst van het document
19 Hoffenaar en Schoenmaker, Met de blik naar het Oosten, 113-117; Teitler, ‘Evacuatie, vlucht en opvang. Voorbereiding op een Sovjetaanval’. 20 Boom, Atoomgevaar?, 157-67. 21 Traa, De Russen komen!, 170-73. Zie voor recentere plannen onder andere: NA 2.03.01 invnr.10582. 22 Traa, 173-89 en passim. Voor archiefmateriaal zie bijvoorbeeld NA 2.13.151 invnr.6297. 23 Boom, Atoomgevaar? passim en Traa passim. Zie voor buitenlandse analyses bijvoorbeeld M. Grant, After the bomb. Civil defence and nuclear war in Britain 1945-1968 (Basingstoke, Palgrave Macmillan, 2010). 24 Hoffenaar en Schoenmaker, Met de blik naar het Oosten, 128, 177-178.
100
Met het oog op de verwachte inzet van atoom wapens verrezen in heel Nederland NBC (CBRN) proof bunkers. Dat betrof regerings noodzetels in Den Haag, maar ook de bunkers voor militaire commandocentra en voor de BBtop, cruciale rijksorganisaties en provincie besturen.22 De meeste zijn tot het einde van de Koude Oorlog aangehouden en daarna in verval geraakt of verkocht. Grootschalige schuilgele genheid voor burgers, in bunkers, tunnels, metrostations en dergelijke, is serieus onder zocht en ook op sommige plekken voorbereid. Maar de regering stelde vast dat het onmogelijk en onbetaalbaar was om iedereen een plek te garanderen. Net als in omliggende landen overigens. Om dezelfde reden is nooit serieus werk gemaakt van het invoeren van bouwvoor schriften om nieuwe gebouwen te versterken zodat zij verhoogde weerstand boden tegen explosies en voorzien waren van schuilplaatsen.23
Rampenbestrijding en ziekenzorg Waar de al kort aangestipte vrijwillige aan melding voor de BB al snel te wensen over liet, werd ze eind jaren 50, begin jaren 60 aangevuld met het nauwelijks bewapende maar wel militaire Korps Mobiele Kolonnes, dat onder de landmacht ressorteerde. Hierin dienden dienstplichtigen, onder wie velen die geen wapen wilden dragen. Om de bevolking te kunnen ondersteunen in oorlogstijd oefenden tienduizenden vrijwilligers, dienstplichtigen en beroepskaderleden op de taken brandbestrijding, afbakenen van radioactieve gebieden, ruimen van obstakels en leveren van noodgoederen. Grote depots met allerhande middelen werden ingericht door Nederland.24 Maar de BB en MILITAIRE SPECTATOR JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
OFENA ,NESLIB NAV POOJ/FEIHCRA LAANOITAN OTOF
‘een enigSzinS redelijke BeScherming van de Bevolking’
De ABC-dienst van de BB plaatst meetapparatuur voor het waarnemen van atoombomexplosies op het dak van het stadhuis van Aalsmeer, 1962: in de decennia daarop nam de twijfel over de mogelijkheid de gevolgen van een atoomoorlog effectief te bestrijden toe JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
MILITAIRE SPECTATOR
101
SanderS en Baudet
aanverwante organisaties werden gedurende de jaren 70 en 80 steeds kleiner: niet alleen de bevolking, ook de autoriteiten twijfelden aan de mogelijkheid de gevolgen van een atoomoorlog effectief te bestrijden. Deze ambitie werd uiteindelijk ook officieel opgegeven.25 De BB bestond daarna vooral nog om symbolische redenen. Midden jaren 80 werd ze bij een bezuinigingsronde opgeheven. Het takenpakket, met name rampenbestrijding op beperkte schaal, werd naar bestaande instanties als de brandweer overgeheveld.26 De geschiedenis van medische noodvoorzie ningen kent een vergelijkbaar traject. In de vroege Koude Oorlog maakten de autoriteiten met ziekenhuizen, allerhande klinieken en artsenorganisaties plannen voor een massale opschaling. Dat leidde op basis van gedetail leerde berekeningen tot de aanschaf van extra bedden, medicijnen en apparatuur. Daarnaast moesten de civiele medische diensten in Nederland een rol spelen in de opvang van vermoedelijk grote aantallen militaire gewon den.27 Maar ook hier sloeg de twijfel en kritiek toe. Toen het ministerie van Volks gezondheid in een nieuwe NoodwetGeneeskundigen (1981) artsen opriep zich te registeren voor nood scenario’s, volgden heftige reacties.
Zou mede werking van medici niet de illusie wekken dat er nog iets voor miljoenen radioactieve slacht offers kon worden gedaan – en daarmee de wapenwedloop legitimeren? Of hielp het de afschrikking en dus de vrede bewaren?28 Deze contro verse stierf, net als de gehele kernwapen discussie, een stille dood, maar de twijfel bleef tot het eind van de Koude Oorlog.
25 Zie bijvoorbeeld: NA 2.13.114 Ministerie van Defensie: Marinestaf 1948-1984, invnr.693, Nota Civiele Verdediging 1984. 26 Boom, Atoomgevaar? 27 T.D. Duurland, Asklepios en het zwaard. De Nederlandse militaire geneeskunde in de schaduw van de bom, 1949-1989 (dissertatie Universiteit Leiden, 2024); Zie ook: Boom, Atoomgevaar?; en Traa, De Russen komen! 28 Tom Duurland, ‘’’De overlevenden zullen de doden benijden’’ 1: Medische verantwoordelijkheid ten aanzien van een nucleaire apocalyps, 1960-1989’, Algemeen Nederlands Tijdschrift voor Wijsbegeerte Vol. 111, No. 4 (2019) 567-83. 29 Hoffenaar en Schoenmaker, Met de blik naar het Oosten, 130, 174-180,2 98-300, 324 -327. 30 Zie onder andere NA 2.03.01 invnr.6871.
102
inwendige veiligheid en oorlogslogistiek In de ogen van de krijgsmacht diende het aangaan van samenwerkingsverbanden met civiele instanties vooral gericht te zijn op het zo efficiënt mogelijk uitvoeren van de mobilisatie en oorlogsplannen. Voor het opschalen van de militaire logistiek waren civiele partijen essen tieel, daarbuiten was het voor militairen zaak tijdens het uitvoeren van de oorlogsplannen zo min mogelijk last te hebben van burgers. Hierna worden enkele cruciale aspecten van de civiel militaire interactie nader belicht.
Objectbewaking Militair viel het Nederlands grondgebied onder het – enkele malen geherstructureerde – Nationale Territoriaal Commando (landmacht). In de nationale sector richtte de krijgsmacht zich samen met civiele partners op de bescher ming van cruciale punten tegen saboteurs en luchtlandingstroepen, het faciliteren van militaire logistiek zoals de doorvoer van versterkingen en het ondersteunen van civiele verdediging. De militairen die zouden optreden in het Nederlands territorium voor dergelijke taken bestonden grotendeels uit vrijwilligers van de Nationale Reserve en mobiliseerbare dienst plichtigen van de bataljons infanterie bewa kingseenheden.29 De krijgsmacht stelde vanaf de late jaren veertig ‘nationale sleutelpuntlijsten’ op, die de objecten bevatten die in geval van oorlog of oorlogsdreiging door nationale sectoreenheden beveiligd moesten worden ten behoeve van oorlogsplannen en bevolking. Het ging om militaire objec ten als vliegvelden, radarstations en commandocentra, maar ook havens, telefooncentrales, waterbouwkundige objecten, elektriciteitscentrales, bruggen en spoorwegemplacementen.30 In overleg met ministeries en andere partners actualiseerde de krijgsmacht deze lijsten periodiek. Maar ook hier was constant discussie over nut, noodzaak en de verdeling van schaarse militaire capa citeiten.
Had het bijvoorbeeld zin om civiele objecten als munitiefabrieken en vliegtuigbouw plaatsen met schaarse soldaten te beschermen als de oorlog vermoedelijk kort en hevig zou zijn? Hoewel details over de latere periode
MILITAIRE SPECTATOR JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
‘een enigSzinS redelijke BeScherming van de Bevolking’
HCOK CIRE ,OFENA/FEIHCRA LAANOITAN OTOF
De binnenvaart als civiele partner in de logistiek: aan de eventuele vordering en militarisering van schepen kleefden veel onzekerheden
schaarser zijn, lijkt het dat dergelijke vragen steeds vaker met ‘nee’ beantwoord werden.
Militaire mobiliteit: weg, spoor, water en lucht Civiele partners en middelen waren cruciaal voor de krijgsmacht tijdens mobilisatie en verplaatsing naar oorlogsopstellingen – en daarna voor herbevoorrading, aanvoer van versterkingen en afvoer van gewonden en doden.
JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
MILITAIRE SPECTATOR
Al vroeg maakten de Koninklijke Luchtmacht, KLM, Schiphol en later ook NAVOpartners afspraken over de militarisering van de civiele luchtvloot en luchthaven in oorlogstijd ten behoeve van evacuaties en logistieke aanvoer.31 Net als auto’s en vrachtwagens konden in geval van oorlog ook civiele schepen in de zeehavens en op de Rijn worden gevorderd en gemilitari seerd. De meeste voor logistiek gebruik, maar
103
SanderS en Baudet
sommige zouden worden afgezonken om zo cruciale punten af te sluiten.32 Maar er bleven discussies: konden die schepen tijdig worden gemobiliseerd en naar Rotterdam worden gedirigeerd? Zouden de bondgenoten niet ook aanspraak willen maken op deze transport capaciteit? Hoe konden opstoppingen worden voorkomen? Wat als de havens na bombarde menten onbruikbaar waren geworden?
konden worden. Geleidelijk kwam er geld voor reparatiematerialen en diepladers voor de zwaarste voertuigen, terwijl essentiële spoor medewerkers werden vrijgesteld van de dienst plicht. Zij konden onder de tegenwoordig vervallen ‘bijzondere omstandigheden’bepaling in de Spoorwegwet in crisisen oorlogstijd wel worden verplicht tot het uitvoeren van de oorlogsdienstregeling.34
Ook het wegenen spoorwegnet werd onder de loep genomen. Vanaf eind jaren 50 stelde het 1e Legerkorps – de overkoepelende Nederlandse landmachteenheid die het gevecht tegen Warschaupacteenheden moest uitvoeren – minutieuze plannen op om zo snel mogelijk de oorlogslocaties in WestDuitsland te kunnen bereiken. In dikke mappen waren opmarsroutes vastgelegd, inclusief versterkte bruggen en alternatieve wegen. Marechausseeeenheden in de nationale sector en organiek ingedeeld bij de eenheden zouden de veiligheid en doorloop faciliteren. De genie was voorbereid op het leggen van noodbruggen en het vrijmaken van wegen.33 Verplaatsingen per spoor vergden nauwe afstemming tussen de ministeries van Defensie en van Verkeer en Waterstaat, die samen met een geheime groep NSmedewerkers gedetail leerde plannen ontwikkelden. Ook vond geregeld overleg plaats met collega’s op NAVOniveau. Het spoor in Nederland en WestDuitsland werd essentieel vanaf eind jaren 50, toen grote aantallen gemobiliseerde eenheden grotere afstanden – naar WestDuitsland – moesten gaan afleggen. Hiertoe werden oorlogsdienst regelingen opgesteld. Vanaf de tweede helft van de jaren 60 had ook de NS een bunker van waaruit de oorlogsplannen gecoördineerd
Burgers op drift: een hoofdpijndossier
31 Zie onder meer: Quirijn van der Vegt, Take-Off. De opbouw van de Nederlandse luchtstrijdkrachten 1945-1973 (Amsterdam, Boom, 2013) 135, 353; Traa, De Russen komen!, 36-38. 32 Traa, De Russen komen!, 38-43. 33 Hoffenaar en Schoenmaker, Met de blik naar het Oosten, passim; voor operatieplannen 1(NL)LK zie stukken in NA 2.13.148, Staf 1e Legerkorps en de daaronder ressorterende Divisies 1-6 1949-1994, invnrs.187-189 en 572-573 voor operatieplannen midden jaren zestig; NA 2.13.148 invnr.193-199 voor operatieplan 1LK 1979 en wijzingen; invnrs.200-205 voor operatieplan 1985 met wijzigingen. 34 Een goede introductie op dit gebied is te vinden in: M. van Ballegoijen de Jong, ‘NS en de Koude Oorlog’, Op de rails Vol. 78, No. 10 (2010) 491-97.
104
Van meet af aan vormden burgers een politiek en militair hoofdpijndossier. Het probleem was nog groter dan alleen onmogelijke evacuatie en schuilplannen: er werd ook gerekend op vluchtelingenstromen. Dat was zowel een militairoperationele als een humanitaire nachtmerrie, want wat zou er van de verdedi gingsplannen terecht komen als miljoenen Nederlanders en WestDuitsers op de vlucht zouden slaan voor ‘de Rus en de bom’ en de Nederlandse en geallieerde oorlogslogistiek en ontplooiing zouden verstoren? En opeengepakte burgers in open terrein zijn kwetsbaar voor oorlogsgeweld, zeker in een atoomoorlog. Terwijl Nederlandse autoriteiten concludeerden dat zij de middelen niet hadden om eigen burgers volgens plan in veiligheid te brengen, was het nog evidenter dat er weinig met ongecontroleerde vluchtelingenstromen te beginnen was. De NAVO stelde de stay put policy in, die inhield dat burgers in principe moesten blijven waar ze waren om militaire mobiliteit niet te hinderen, behoudens beperkte evacuatie zones. Burgers moesten ook binnen de eigen landsgrenzen blijven. De nationale autoriteiten – in Nederland met name de marechaussee en politie – waren verantwoordelijk voor de handhaving. Ingewijden twijfelden echter gedurende de hele Koude Oorlog aan het realiteitsgehalte van deze regelingen en plannen.
Konden voorlichting en symbolische maat regelen burgers weerhouden in paniek te vluchten? Zo niet, dan zouden burgers waar schijnlijk met grof geweld door de onder bemande nationale militaire autoriteiten in bedwang moeten worden gehouden. Neder landse militairen pleitten voortdurend voor meer invloed en geweldsmandaat voor eventuele uit de hand lopende vluchtelingenstromen aan
MILITAIRE SPECTATOR JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
‘een enigSzinS redelijke BeScherming van de Bevolking’
de grens en in hun operatiegebieden in West Duitsland. Dit bleef een gevoelig en nooit goed opgelost probleem.35
Sociaaleconomische weerbaarheid en verdediging De hoofdpijndossiers hadden niet alleen betrekking op de crisislogistiek ten dienste van krijgsmacht en kwetsbare burgers. De econo mische en logistieke instandhouding van de ingezette krijgsmacht en bevoorrading van de burgerbevolking na de crisisfase was er ook een. In de Tweede Wereldoorlog waren de koopvaar dijvloot genationaliseerd en de ruim 18.000 opvarenden gemilitariseerd, wat de belangrijkste Nederlandse bijdrage vormde aan de geallieerde oorlogsinspanning.36 Die mogelijkheid bestond na 1945 nog steeds. De planning voor vervoer op land veranderde met de stapsgewijze verplaat sing van de verdedigingslinie naar het oosten. Daarmee nam de verwachte druk op de Neder landse spooren wegennetten na de eerste crisisfase wat af. Maar daar stond tegenover dat een groot deel van de instandhoudingslogistiek van de centraalnoordelijke NAVOsector via Nederlandse luchten zeehavens, met name Rotterdam, zou verlopen. Dat zou Neder land niet alleen nog meer tot doelwit maken, maar ook de civiele bevoorrading onder druk zetten. Het aanleggen van voorraden bracht maar beperkt soelaas; omdat stockpiling een dankbaar doelwit van bezuinigingen bleek, haalde Nederland de eigen behoeftestellingen en NAVOnormen voor voorraden munitie, brand stof en allerhande andere middelen in feite nooit.37
Steun aan de eigen defensie-industrie Vanaf de late jaren 40 trachtte de regering ook de levering van munitie en wapens te garan deren door de eigen defensieindustrie te stimuleren. Dit kwam ten dele voort uit de ervaring van 1940, toen bestellingen op de wereldmarkt niet werden geleverd, maar paste ook in haar industriebeleid. Zelf produ ceren en zo mogelijk exporteren zou Nederland toekomst bestendig maken. De resultaten bleven echter achter bij de verwachting. De vliegtuigen die
JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
MILITAIRE SPECTATOR
Vanaf de late jaren 40 trachtte de regering ook de levering van munitie en wapens te garanderen door de eigen defensie-industrie te stimuleren
Fokker in licentie bouwde, waren duurder dan de Ameri kaanse originelen en bekwaam onderhoudspersoneel bleek schaars.38 Datzelfde gold voor munitie. Een vergelijkbaar macroeconomisch probleem speelde bij de scheepsbouw: elders kon vaak goedkoper wor den geproduceerd. De Nederlandse scheepsbouwsector kwam vanaf de late jaren 60 in zwaar weer, tal van werven (denk aan RijnScheldeVerolme) gingen op den duur over de kop en schaarse kennis verdween. Het resultaat was een grotere afhankelijkheid van buitenlandse bedrijven. De militaire samen werking met grotere bedrijven als DAF en Philips verliep voorspoediger, terwijl er, doorgaans via TNO, ook werd samengewerkt met universi
35 Voor meer details over de plannen zie: Traa, De Russen komen!, 141-46 en passim; over vluchtelingen en burgers in relatie tot atoomoorlog(plannen): D.T. Sanders, ‘Tactische kernwapens in de Nederlandse landmacht (1953-1968). Vuursteun of afschrikking?’, Militaire Spectator 187 (2020) (7-8), 358; D.T. Sanders, ‘Pogingen flexibel te reageren? Tactische kernwapens in de Koninklijke Landmacht 1969-1989’, Militaire Spectator 191 (2022) (5), 260; voor een politieke taxatie van het vluchtelingenprobleem en de uitvoering van de plannen, zie de opmerkingen van oud-minister van Defensie Pieter de Geus in: P.B.R. de Geus, Staatsbelang en krijgsmacht. De Nederlandse defensie tijdens de Koude Oorlog (Den Haag, SDU Uitgevers, 1998) 93. 36 A.M.C. van Dissel e.a., De Nederlandse koopvaardij in oorlogstijd (Amsterdam, Boom, 2014) 12. Zie voor de strijd op de Atlantische Oceaan onder meer J. Holland, The Battle of the Atlantic (Londen, Penguin, 2018) en J. Dimbleby, The Battle of the Atlantic. How the Allies Won the War (Londen, Penguin, 2015). 37 Voor met name het militaire perspectief, zie: Herman Roozenbeek, ‘Waste and Confusion? NATO Logistics from the Dutch Perspective’, in Jan Hoffenaar en Dieter Krüger Blueprints for Battle. Planning for War in Central Europe, 1948-1968, onder redactie van, vertaald door David T.
Zabecki (University Press Of Kentucky, 2012), 93-108; Hoffenaar en Schoenmaker, Met de blik, 184-190, 408-412; voor meer details over de voorraadvorming van de civiele verdediging zie: Boom, Atoomgevaar?, met name 190. D. Starink, De geschiedenis van de Nederlandse vliegtuigindustrie 1914-2014 (Breda, 38 2014) 14-17.
105
SanderS en Baudet
teiten. Het was echter te weinig voor een brede defensieindustrie die op de wereldmarkt kon concurreren. Wel ontwikkelden zich enkele hoogwaardige nichesectoren en wisten bedrij ven als Damen en Thales zich staande te houden.39 Initiatieven voor Europese defensie samenwerking, ten slotte, kwamen in de meeste sectoren niet echt van de grond omdat nationale belangen prevaleerden.
Geheime wapens: de verzorgingsstaat en de zuilen Civiele verdediging was in bredere zin ook gebaat bij maatregelen en maatschappij structuren die vaak niet met dat onderwerp geassocieerd worden. Toch is het de moeite waard hier kort naar te kijken. Een belangrijke les die westerse beleids makers na 1945 hadden getrokken uit de voorgaande 15 jaar was dat niet alleen verdedigingsmaatregelen nodig waren om een nieuwe oorlog te voorkomen, maar dat de economische crisis van de jaren 30 had geleid tot politieke radicalisering. Wilde men totalitaire ideologieën, na 1945 primair het communisme, buiten de deur houden, dan was het garanderen van de bestaanszekerheid van de eigen bevolking een dwingende eis.40 De naoorlogse regeringen waren mede hierom bereid tot de opbouw van de verzorgingsstaat, soms tot wanhoop van de militaire autoriteiten, die het daarmee gemoeide
39 C. Staf, ‘Defensie over TNO’, in: Th. J. van Kasteel e.a., Een kwart eeuw TNO. Gedenkboek bij de voltooiing van de eerste 25 jaar werkzaamheid van de organisatie TNO op 1 mei 1957 (Den Haag, 1957) 73-75. Zie voorts H. Lintsen e.a., Tachtig jaar TNO (Den Haag, 2012) 173; H. Roozenbeek en J. van Woensel, De geest in de fles. De omgang van de Nederlandse defensieorganisatie met chemische strijdmiddelen 1915-1997 (Amsterdam, Boom, 2010); F. Hoeneveld, Een vinger in de Amerikaanse pap. Fundamenteel fysisch en defensieonderzoek in Nederland tijdens de vroege Koude Oorlog (dissertatie Universiteit Utrecht, 2018) 429-430. 40 T. Judt, Postwar. A History of Europe since 1945 (Londen, Penguin books, 2006); M. Gilbert, Cold War Europe. The politics of a contested continent (Lanham, Rowman & Littlefield, 2015); J. Black, Military Strategy. A Global History (New Haven, Yale University Press, 2020) 220-21. President Roosevelt zei het zo tijdens zijn State of the Union Address van 11 januari 1944: ‘People who are hungry and out of a job are the stuff of which dictatorships are made’. In Nederland zien we deze overtuiging onder meer terug bij Willem Drees. Zie: W. Drees, Op de kentering. Een sociaal-democratische visie op Nederland en de wereld na de bevrijding, H. Daalder en J. H. Gaemers (red.) (Amsterdam, Bert Bakker, 1996) 82, 97; P.
Giesen, Land van lafaards? Een geschiedenis van angst in Nederland (Utrecht, Inmerc, 2007) 215. Vergelijk J.W. Brouwer en P. van der Heiden, Drees. Minister-president 1948-1958 (Den Haag, SDU, 2005) 85. Ook ’s rijks propagandisten stonden daar negatief tegenover, getuige de verzuchting 41 ‘de burger verslapt door sociale wetgeving’, in NA, 2.03.01 inv.nr 11749, interne notitie BVC van 22 mei 1951.
106
FOTO BEELDBANK NIMH
geld liever in de slagkracht van de krijgsmacht hadden gestoken.41 Niet alleen de verzorgingsstaat vormde een verdedigingslinie, dat gold ook voor de ver zuiling. Deze structuren van pro testantse, katholieke, sociaal democratische, liberale en andere maatschappelijke organisaties en ver banden bleken een troef in het ver groten van de weerbaarheid van de samenleving. Ze droegen bij aan psychologische weerbaarheid, maar boden ook een sociaal vangnet. De rijksoverheid werkte structureel met verzuilde maat schap pelijke organisaties samen, ook op het terrein van crisisondersteuning. Verzuilde beroepsen
MILITAIRE SPECTATOR JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
‘een enigSzinS redelijke BeScherming van de Bevolking’
Een korporaal-1 chauffeur van de Motortransportdienst Soesterberg stuurt zijn DAF B 1300 C533 3-tons 4x2-autobus over een spoorwegovergang: de samenwerking met DAF leverde Defensie een diversiteit aan voertuigen op, maar de defensie-industrie in Nederland bleef relatief klein
vrijwilligersorganisaties waren belangrijke partners voor partijen als Defensie, BB en de Dienst Sociale Verzorging – ontworpen om sociale, materiële en geestelijke crisisbijstand te organiseren.42 Mettertijd groeide echter de kritiek op de uitdijende kosten van de verzorgingsstaat en de beperkende effecten van de verzuiling. Vanaf de jaren 60 brokkelde de verzuiling geleidelijk af en kregen individualisering en liberalisering de overhand. Waar de staat en de maatschappelijke verbanden zich terugtrokken, voerden zelfred zaamheid en vrije ontplooiingsmogelijkheden voortaan de boventoon. Dat schiep ongekende
JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
MILITAIRE SPECTATOR
welvaart en bewegingsruimte, met name voor hen die goed gedijden in een dergelijk systeem. Maar het had ook een grote groep materieel en sociaal kwetsbaren – en dus ontevredenen – tot gevolg. Daarmee is de Nederlandse maatschappij van vandaag op verschillende manieren niet meer die uit de periode van de Koude Oorlog. Als men de redenering van de toenmalige politieke leiders volgt, namelijk dat de maatschappij structuur invloed heeft op de weerbaarheid, dan lijkt reflectie geboden.
42 Zie onder meer: Traa, De Russen komen!, 80-81.
107
SanderS en Baudet
conclusie De schaal en het detailniveau van de voor bereiding voor de bescherming van de Neder landse bevolking en de samenwerking tussen militairen en civiele partners tijdens de Koude Oorlog is indrukwekkend. Het complexe bouwwerk aan fysieke maatregelen, maat schappelijke en organisatorische verbanden, juridische kaders en voorlichting dat na 1945 werd opgetuigd moest zorgen dat de afschrik king geloofwaardig bleef, de bevolking het in geval van oorlog zou redden en de krijgsmacht haar taak kon uitvoeren. Het is niet enkel voor historici zinvol dit bouwwerk te bestuderen. Tegelijkertijd is het belangrijk het bouwwerk niet te idealiseren. Zijn geloofwaardigheid kwam al gauw onder druk te staan en de budgetten waren chronisch te laag om de ambitieuze beleidsdoelen te kunnen bereiken, zo ze über haupt al te bereiken waren. Plannen waren niet zelden vooral een papieren werkelijkheid of zo gedetailleerd dat ze het eerste contact met de vijand (de daadwerkelijke, of de figuurlijke vijand van de realiteit) niet zouden overleven. Ze stoelden weliswaar op een aanvankelijk vrij breed gedragen gevoel van urgentie, maar met een veranderend dreigingsbeeld verloren ze aan relevantie. Veel van deze regelingen zijn dan ook in de vergetelheid geraakt, contacten tussen betrokken partijen zijn verwaterd en de juridische grondslagen verdwenen.
Was de civiele verdediging en de civielmilitaire voor bereiding echte oorlogsvoorbereiding, of toch vooral een psychologisch toneelstuk? Het bleek immers in feite niet mogelijk de bevolking en het territorium van Nederland fysiek te bescher men tegen een totale oorlog waarin massa vernietigingswapens (vooral kernwapens) zouden worden gebruikt. En de Nederlandse burger was zich daar zeer wel van bewust. Anno 2025 zal dat niet anders zijn. In dat licht is het vermoedelijk zinvoller in te zetten op voor bereiding op niettotale oorlog. Het psycholo gisch en fysiek weerbaar maken van de huidige Nederlandse maatschappij voor de ontregeling van het normale leven, het in casseren van conventionele bombardementen met burger doden en serieuze verliezen op het slagveld zal al een stevige uitdaging zijn.
108
Duidelijk is dat in de Koude Oorlog vanaf het begin bleek dat samenwerking tussen rijksover heidspartijen als Defensie en de BB met civiele partijen essentieel was om de complexe en nauw verweven Nederlandse infrastructuur, economie en fysieke ruimte te verdedigen en in te zetten voor oorlogstaken. Ook nu zijn wegen, spoor lijnen, ziekenhuizen en dergelijke van cruciaal belang en moeten noodplannen worden opge steld. Dat was destijds al niet eenvoudig, maar in het Nederland van nu zal het nog complexer zijn: waar in de Koude Oorlog vooral zaken werd gedaan met staatsbedrijven zoals de PTT, NS en ziekenhuizen, zijn dergelijke civiele partners nu veelal private partijen die juridisch en psycho logisch verder van de overheid af staan. Het zal moeilijker en soms zelfs niet mogelijk zijn deze op dezelfde manier in te schakelen als destijds. Waar delen van de overheid zich al nauwelijks bewust zijn dat ze in crisis of oorlog een rol hebben te spelen, hoeft het niet te verwonderen dat dit besef bij veel civiele partijen ontbreekt. Bewustwording is dus essentieel. Het is ook de moeite waard stil te staan bij de mening van veel staatslieden in de Koude Oorlog dat de maatschappelijke structuur van invloed is op de weerbaarheid.
Er kan worden beargumen teerd dat deze structuur in en sinds de Koude Oorlog is veranderd en dat de economisch, sociaal en psychologisch geïndividualiseerde Neder landse burger als gevolg daarvan kwets baarder is voor crises dan destijds. Wie deze analyse overneemt, zal ook de conclusie trekken dat een nieuwe visie op maatschappelijke weerbaarheid moet worden ont wikkeld die de nuttige, maar nauwe focus op fysieke maat regelen – en daarmee ook de defensie organisatie – ver overstijgt.
Ten slotte Hoewel een studie naar civiele verdediging en civielmilitaire samenwerking in de Koude Oorlog veel nuttige inzichten oplevert, zijn veel van de concrete maatregelen van destijds als gevolg van de enorme technologische voor uitgang na de val van de Berlijnse Muur in 1989 vrijwel onmogelijk of onzinnig geworden. Niet alleen het slagveld, maar ook het achterland is veel zichtbaarder geworden. Hoe zal men nog van de radar verdwijnen of heimelijk evacueren,
MILITAIRE SPECTATOR JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
‘een enigSzinS redelijke BeScherming van de Bevolking’
gegeven de enorme mogelijkheden van tools als GPStracking en Imint? Het zal een hele klus zijn zowel de civiele als militaire top te beschermen. De huidige maat schappij kan bovendien nauwe lijks meer zonder elektriciteit en internet verbindingen en sabotage van onderzeese internetkabels en elektriciteitsvoorzieningen is een reële mogelijkheid. Destijds onderkenden de autoriteiten de afhankelijkheid van fysieke telefoonlijnen en de veel minder uitgebreide elektriciteitsinfrastructuur en kwamen er maat regelen om deze te beschermen en back upsystemen te organiseren. Maar het toenmalige systeem was simpeler en de samenleving was er minder afhankelijk van. Hoe kan heden ten dage de operationele aansturing van eenheden doorgaan, de logistiek blijven functioneren en de samenleving niet zodanig ontwricht raken dat alles letterlijk stil komt te staan? Ook op het gebied van voorlichting en psycholo gische weerbaarheid doet de technologie zich gelden. Overheidsvoorlichting via vertrouwde kanalen als omroepen en kranten concurreert
dankzij de opkomst van sociale media meer dan in de Koude Oorlog met propaganda en nep nieuws verspreid door tegenstrevers van Nederland. Ten tijde van de verzuiling zaten mensen in informatiebubbels en de regering richtte zich behalve met directe communicatie vooral via zuilgebonden media tot de bevolking. Maar wat te doen als iedere burger zijn eigen directe toegang tot ‘informatie’ en zijn eigen bubbel en waarheid heeft? Het verleden biedt geen pasklaar antwoord op deze vragen, maar de antwoorden op de uitdagingen van destijds kunnen beleidsmakers van nu helpen om betere vragen te stellen over het dreigingsbeeld en over het brede palet van maatregelen dat daarop gebaseerd is.
■
Leden van de vaste commissie voor Defensie van de Tweede Kamer bezoeken het Nationaal Territoriaal Commando, 1989: in het Nederland van nu zal samenwerking tussen Defensie en civiele partijen nog
JAARGANG 194 NUMMER 2 – 2025
MILITAIRE SPECTATOR
109
HMIN KNABDLEEB OTOF
complexer zijn
Bijlage Leidraad bescherming tegen luchtaanvallen
11
Bijlage Wenken bescherming gezin en jezelf
12
Bijlage Doel en opzet bescherming en bevolking
13
Bijlage Groslijst Amateur zenders
14
MHz 95.2 95.9 96.5 99.8 101.9 176.64 206.352 220.35 227.36 618 562 666 498 522 229.072 88.2 89.0 89.8 92.9 94.1 95.6 96.5 98.0 99.4 99.9 101.7 105.5 176.64 194.064 206.352 220.35 227.36 618 562 666 498 522 90.3 178.352 204.64 618 562 666 498 522 88.8 91.5 227.36 474 562 666 498
Omroep
Radio Veronica Slam! NPO 3FM BNR Nieuwsradio Radio 538 Meerdere (5B ZH/Zeeland) Meerdere (9C) Meerdere (DAB+) Meerdere (NPO) RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 Meerdere (RANDSTADZW) Radio Veronica Radio West Amor FM NPO Radio 2 NPO Klassiek Slam! NPO 3FM KINK RADIONL BNR Nieuwsradio Sky Radio NPO Radio 1 Meerdere (5B ZH/Zeeland) Meerdere (MTVNL) Meerdere (9C) Meerdere (DAB+) Meerdere (NPO) RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 Yoursafe Radio Meerdere (DAB Lokaal 5C) Lega-C (DAB Lokaal 35) RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 Radio Veronica BNR Nieuwsradio Meerdere (NPO) RTS NTS1 NTS2 NTS3
Zenderlocatie
Zenderlocatie foto
Alphen a/d Rijn - Energieweg
1
Bergambacht - Veerweg
1
Den Haag - Louise Henriettestraat
1
Den Haag - Zichtenburglaan
1
Dordrecht - Kreekweg
1
Gorinchem - A27
1
522 95.9 190.64 618 562 666 498 522 474 562 666 498 522 88.0 93.7 227.36 618 562 666 498 522 88.6 89.3 90.5 91.3 92.9 93.4 94.7 97.1 97.6 98.6 99.6 100.4 101.5 102.3 102.7 103.2 103.8 104.2 104.6 176.64 187.072 194.064 206.352 220.35 227.36 474 562 666 498 522 474 562
NTS4 Slam! Radio Excellent RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 Radio West RADIONL Meerdere (NPO) RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 Radio Veronica Radio West Yoursafe Radio BNR Nieuwsradio NPO Radio 2 Rijnmond NPO Klassiek NPO 3FM KINK NPO Radio 1 RADIONL Qmusic Sky Radio Amor FM Radio 538 Radio 10 JOE Sunrise FM 100%NL Meerdere (5B
Gouda - Gouderaksedijk Gouda - Ridder van Catsweg
1 1
Haastrecht - Provincialeweg West
1
Krimpen aan den IJssel - Edisonstraat1
Oegstgeest - Kwaaklaan
1
Rotterdam - Anthony Fokkerweg
1
Z-
H/Zeeland) Meerdere (6D Rotterdam) Meerdere (MTVNL) Meerdere (9C) Meerdere (DAB+) Meerdere (NPO) RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 RTS NTS1
666 498 522 88.6 474 562 666 498 522 474 562 666 498 522 229.072 618 618 554 498 522
Source:
NTS2 NTS3 NTS4 Radio Veronica RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4 Meerdere (RANDSTADZW) RTS NTS1 NTS2 NTS3 NTS4
Rotterdam - Wilhelminakade
1
Rijswijk - Clavecimbellaan
1
Sliedrecht - Rivierdijk
1
Vlaardingen - James Wattweg
1
Zoetermeer - Dunantstraat
1
Zoetermeer - Kelvinstraat
1
https://www.radio-tv-nederland.nl/fmkaart/zuidholland.html FM, DAB+, DVB-T frequentie- en zenderoverzicht omroepen publiek landelijk & regionaal en commercieel landelijk & niet-landelijk in de provincie Zuid-Holland
Bitrate Primary Service
Short Name
PTY
Type
CU level
CU start
Infos
Audio CidType
ArrowClassicRock ArrowCR
11 (Rock Music)
Audio
48
504
DLS (radiotext)
20
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Ujala Radio
Ujala
7 (Culture)
Audio
36
432
DLS (radiotext)
9
DAB+ (AAC) EEP. A-3
48
KINK
KINK
11 (Rock Music)
Audio
72
72
DLS (radiotext)
2
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Omroep West
West
1 (News)
Audio
72
288
DLS (radiotext)
7
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Radio Rijnmond
Rijnmond
2 (Current Affairs)
Audio
72
180
DLS (radiotext)
4
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Omroep Zeeland
Omr Zlnd
2 (Current Affairs)
Audio
72
0
DLS (radiotext)
1
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
RADIONL Zuid-H
RADIONL
0 (No programme type)
Audio
36
252
DLS (radiotext)
6
DAB+ (AAC) EEP. B-3
64
Tukker FM
TukkerFM
10 (Pop Music)
Audio
36
468
DLS (radiotext)
11
DAB+ (AAC) EEP. B-3
64
Amor FM
0 (No programme type)
Audio
72
360
DLS (radiotext)
8
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
RADIONL2
0 (No programme type)
Audio
36
144
DLS (radiotext)
3
DAB+ (AAC) EEP. A-3
48
Protection (kb/s)
Amor FM
RADIONL2 Zeeland
Source:
https://www.digitalbitrate.com/dtv.php?mux=5B&liste=1&live=180&lang=en
Bitrate Primary Service
PTY
Type
60s&70s FeelGood 60s&70s
27 (Oldies Music)
Audio
72
432
DLS (radiotext)
6
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
ARROW BLUESBOX BLUESBOX
11 (Rock Music)
Audio
72
288
DLS (radiotext)
4
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
ZOSradio - SDAM
9 (Varied)
Audio
72
360
DLS (radiotext)
5
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
2TheBeat Premium 2TheBeat
10 (Pop Music)
Audio
72
504
DLS (radiotext)
7
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
Sunrise FM
Sunrise
9 (Varied)
Audio
72
216
DLS (radiotext)
3
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
GirlPower
GrlPwr
10 (Pop Music)
Audio
72
144
DLS (radiotext)
2
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
Hofstad Radio
Hofstad
10 (Pop Music)
Audio
72
72
DLS (radiotext)
1
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
97210 (Pop Music)
Audio
72
0
DLS (radiotext)
0
DAB+ (AAC) EEP. A-2
72
972
Source:
Short Name
ZOSradio
CU level
CU start
Infos
https://www.digitalbitrate.com/dtv.php?mux=6D&liste=1&live=180&lang=en
Audio CidType
Protection (kb/s)
Bitrate Primary Service
Short Name
PTY
Type
CU level
CU start
Infos
Audio CidType
Protection (kb/s)
BBC WORLDSERVICE
BBC WS
1 (News)
Audio
36
72
DLS (radiotext)
2
DAB+ (AAC) EEP. A-3
48
TOMRRWLND OWR NL
TML OWR
10 (Pop Music)
Audio
72
204
DLS (radiotext)
5
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
4EVER49 Radio
4EVER49
10 (Pop Music)
Audio
72
396
DLS (radiotext)
8
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
GOD Radio
GOD
20 (Religion)
Audio
72
468
DLS (radiotext)
9
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
CREAM
CREAM
12 (Easy Listening Music)Audio
48
348
DLS (radiotext)
7
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Vibe Radio
Vibe
11 (Rock Music)
Audio
48
108
DLS (radiotext)
3
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Magic FM
Magic FM
10 (Pop Music)
Audio
48
156
DLS (radiotext)
4
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Sky 00s&10s Hits
Sky0010s
10 (Pop Music)
Audio
72
660
DLS (radiotext)
12
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
R10NStop
10 (Pop Music)
Audio
72
588
DLS (radiotext)
11
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Veronica NSTP
VerNSTP
27 (Oldies Music)
Audio
72
276
DLS (radiotext)
6
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Grand Prix Radio
GP Radio
10 (Pop Music)
Audio
48
540
DLS (radiotext)
10
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
GLXY.RADIO
GLXY
26 (National Music)
Audio
72
0
DLS (radiotext)
1
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Source:
https://www.digitalbitrate.com/dtv.php?mux=7D&liste=1&live=180&lang=en
Radio 10 NonStop
Bitrate Primary Service
Short Name
PTY
Type
CU level
CU start
Infos
Audio CidType
Protection (kb/s)
Sublime
Sublime
24 (Jazz Music)
Audio
72
486
DLS (radiotext)
8
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
KINK
KINK
11 (Rock Music)
Audio
72
342
DLS (radiotext)
6
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Qmusic 90s&00s
Q 90s00s
27 (Oldies Music)
Audio
72
144
DLS (radiotext)
3
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Veronica GvO
VerGvO
10 (Pop Music)
Audio
72
270
DLS (radiotext)
5
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
KINK 80s
11 (Rock Music)
Audio
48
606
DLS (radiotext)
10
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
KINK DISTORTION
KINKDIST
11 (Rock Music)
Audio
48
558
DLS (radiotext)
9
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Qmusic top 40
QTop40
10 (Pop Music)
Audio
72
72
DLS (radiotext)
2
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Qmusic Foute Uur
QFout
10 (Pop Music)
Audio
72
0
DLS (radiotext)
1
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Radio Maria
R Maria
7 (Culture)
Audio
72
414
DLS (radiotext)
7
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Radio 10 60s&70s
R10 6070
27 (Oldies Music)
Audio
54
702
DLS (radiotext)
12
DAB+ (AAC) EEP. A-3
72
Radio Noordzee
Noordzee
10 (Pop Music)
Audio
54
756
DLS (radiotext)
13
DAB+ (AAC) EEP. A-3
72
538 GreatestHits
538Hits
10 (Pop Music)
Audio
54
216
DLS (radiotext)
4
DAB+ (AAC) EEP. A-3
72
Radio 10 80s
R10 80s
10 (Pop Music)
Audio
54
810
DLS (radiotext)
14
DAB+ (AAC) EEP. A-3
72
GNR-Non-Stop
GNR-NStp
20 (Religion)
Audio
48
654
DLS (radiotext)
11
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Source:
https://www.digitalbitrate.com/dtv.php?mux=9C&liste=1&live=630&lang=en
KINK 80s
Bitrate Primary Service
Short Name
PTY
Type
CU level
CU start
Infos
Audio CidType
Protection (kb/s)
SLAM!
SLAM!
10 (Pop Music)
Audio
66
636
DLS (radiotext)
12
DAB+ (AAC) EEP. A-3
88
YOURSAFE
YOURSAFE
9 (Varied)
Audio
96
768
DLS (radiotext)
14
DAB+ (AAC) EEP. A-2
96
Sky Radio
Sky
10 (Pop Music)
Audio
60
522
DLS (radiotext)
10
DAB+ (AAC) EEP. A-3
80
538
538
10 (Pop Music)
Audio
60
60
DLS (radiotext)
2
DAB+ (AAC) EEP. A-3
80
Qmusic
Qmusic
10 (Pop Music)
Audio
60
342
DLS (radiotext)
7
DAB+ (AAC) EEP. A-3
80
BNR Nieuwsradio
BNR
1 (News)
Audio
48
174
DLS (radiotext)
4
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
Radio 10
R10
10 (Pop Music)
Audio
60
462
DLS (radiotext)
9
DAB+ (AAC) EEP. A-3
80
100% NL
100% NL
10 (Pop Music)
Audio
60
0
DLS (radiotext)
1
DAB+ (AAC) EEP. A-3
80
Veronica
Veronica
10 (Pop Music)
Audio
66
702
DLS (radiotext)
13
DAB+ (AAC) EEP. A-3
88
538 NONSTOP
538NSTOP
10 (Pop Music)
Audio
54
120
DLS (radiotext)
3
DAB+ (AAC) EEP. A-3
72
Qmusic non-stop
Qnonstop
10 (Pop Music)
Audio
60
402
DLS (radiotext)
8
DAB+ (AAC) EEP. A-3
80
JOE
JOE
10 (Pop Music)
Audio
72
270
DLS (radiotext)
6
DAB+ (AAC) EEP. A-3
96
Sky Radio Hits
Sky Hits
10 (Pop Music)
Audio
54
582
DLS (radiotext)
11
DAB+ (AAC) EEP. A-3
72
20 (Religion)
Audio
48
222
DLS (radiotext)
5
DAB+ (AAC) EEP. A-3
64
GrootNieuwsRadio GNR
Source:
https://www.digitalbitrate.com/dtv.php?mux=11C&liste=1&live=180&lang=en
Bitrate Primary Service
Short Name
PTY
Type
CU level
CU start
Infos
Audio CidType
Protection (kb/s)
NPO Radio 1
NPO Rad1
2 (Current Affairs)
Audio
84
0
DLS (radiotext)
0
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
NPO Radio 2
NPO Rad2
10 (Pop Music)
Audio
84
84
DLS (radiotext)
1
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
NPO 3FM
NPO 3FM
10 (Pop Music)
Audio
84
168
DLS (radiotext)
2
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
NPO Klassiek
NPO Klas
14 (Serious Classical)
Audio
108
252
DLS (radiotext)
3
DAB+ (AAC) EEP. A-3
144
NPO Radio 5
NPO Rad5
27 (Oldies Music)
Audio
84
360
DLS (radiotext)
4
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
NPO Soul & Jazz
NPO S&J
24 (Jazz Music)
Audio
78
444
DLS (radiotext)
5
DAB+ (AAC) EEP. A-3
104
NPO FunX
NPO FunX
10 (Pop Music)
Audio
84
522
DLS (radiotext)
6
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
NPO SterrenNL
NPO StNL
26 (National Music)
Audio
84
606
DLS (radiotext)
8
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
NPO Campus Radio NPO Camp
10 (Pop Music)
Audio
78
690
DLS (radiotext)
9
DAB+ (AAC) EEP. A-3
104
NPO BLEND
NPO BLND
10 (Pop Music)
Audio
84
768
DLS (radiotext)
10
DAB+ (AAC) EEP. A-3
112
Source:
https://www.digitalbitrate.com/dtv.php?mux=12C&liste=1&live=180&lang=en
Bijlage Betoog indiening initiatiefvoorstel ‘Rotterdam in nood, radio actief!'
15
Bijlage Betoog indiening initiatiefvoorstel ‘Totterdam in nood, radio actief!’
Voorzitter De ouderen onder ons herinneren zich vast nog wel, dat vergeelde kartonnen kaartje thuis in de meterkast, “Als de bom valt: ramen dicht, radio op 675 kHz, emmertje water klaarzetten.” Het was een soort huishoudevangelie, afkomstig uit de brochure uit 1961‘Wenken voor de bescherming van uw gezin en uzelf ‘, van de Bescherming Bevolking (BB) opgericht in 1952, om burgers in oorlogstijd te beschermen. Mijn moeder hing er een pen aan een draadje bij, zodat wij meteen ook konden afvinken of de kat veilig binnen was. Als kind dacht ik vooral aan de kat, maar als volwassene zie ik nu hoe eenvoudig, en tegelijk alert dit kaartje was. Voorzitter We leefden toen in constante dreiging van, dat grote rode gevaar, Rusland. De Koude Oorlog was niet zomaar een abstract begrip, maar iets dat we dagelijks voelden. Voorzitter Iedereen wist precies wat er van hem verwacht werd, als die sirene loeide. Mijn vader bijvoorbeeld sprong meteen, in zijn donkerblauwe overall, met zo'n plastic helmpje op, en een pieper aan zijn riem die vaker afging dan onze deurbel. Dienstplicht, noodwachtplicht of vrijwilliger, iedereen stond klaar met een brandspuit, een brancard, of een handvol EHBO-pleisters. Gelijke behandeling of genderneutraal denken, bestond nog niet, maar paraat stonden we wel. In 1956 telde de BB meer dan 160.000 vrijwilligers.
Voorzitter Vandaag anno 2025, bestaan die structuren en rituelen allang niet meer. Schuilkelders zijn muziekstudio’s geworden. En wie heeft er nu nog een transistorradio thuis liggen? Maar voorzitter Juist nú blijkt hoe kwetsbaar we zijn, zonder die simpele voorbereiding. Eén flinke cyberaanval of stroomstoring, kijk maar naar recente gebeurtenissen in Spanje en Portugal, en we hebben geen internet,
pag. 1
Bijlage Betoog indiening initiatiefvoorstel ‘Totterdam in nood, radio actief!’
geen apps, zelfs geen stroom. Dan staren we in het donker naar onze dode smartphones, terwijl we geen idee hebben wat er gebeurt, of wat we moeten doen. Voorzitter Mijn fractie wil daar verandering in brengen. Sinds de herfst 2024 werken we actief aan ‘Rotterdam in nood, radio actief’. We hebben Rotterdammers geïnterviewd op straat, met de simpele vraag, Weet u wat u moet doen bij een ramp? Samen met de burgemeester hebben we, oude schuilkelders uit de jaren zestig bezocht. We hebben bewustwordingsacties gehouden, zoals het uitdelen van transistorradiootjes via voedselpakketten, gesprekken gevoerd met veiligheidsexperts. We hebben RTV Rijnmond geïnterviewd, en hun rol als de Rampenzender 93.4 FM benadrukt. We hebben artikelen geschreven, en promotievideo’s gemaakt. Voorzitter Als ouderenpartij zeggen wij zeker niet ‘Vroeger was alles beter’. Maar als het gaat om bewustwording rondom rampen,was het vroeger wel veel duidelijker. Daarom pleiten we met een knipoog naar vroeger, voor een nieuwe Rotterdamse Burgerbescherming. Geen stoffige ambtenarij uit de jaren vijftig, maar een moderne versie, een BB 2.0, waar iedereen aan mee kan doen. Want eerlijk gezegd Voorzitter Vertrouwen wij niet op instructies vanuit, een verre Haagse bunker of op een koningshuis dat ons land meteen verlaat zodra het spannend wordt. Voorzitter De Rotterdammer wil een duidelijke en nuchtere communicatie.
Gaat de sirene? Zet radio Rijnmond aan op 93.4 FM. Zo simpel kan het zijn. pag. 2
Bijlage Betoog indiening initiatiefvoorstel ‘Totterdam in nood, radio actief!’
Met ouderwetse analoge radio die altijd werkt, ook als het wifi-signaal het begeeft. We moeten weer leren om voor elkaar te zorgen zoals vroeger,met buurtgenoten die elkaar helpen, met vrijwilligers die klaarstaan, en met scholen die kinderen spelenderwijs voorbereiden. Voorzitter Misschien klinkt het ouderwets, maar het voelt vertrouwd en krachtig. Eén stad, één frequentie, iedereen paraat met die oude vertrouwde radio, en een verse checklist in de meterkast. En voorzitter, vergeet vooral die pen niet. Voor de kat natuurlijk.
pag. 3