CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[25bb001478] Inspreekbijdrage LSI.pdf

Subcommissie bestemmingsplannen Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 27 september 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Schriftelijke reacties en inspreekbijdragen33.955 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Het hoogteverschil maakt de aanleg van een trap noodzakelijk. Door deze uit te voeren als een brede tribune komt er extra verblijfskwaliteit. Delftsestraat De ambitie is om de Delftsestraat grotere verblijfskwaliteit te geven door terrassen voor daghoreca in te passen en uitnodigende plinten te maken. Hiervoor moeten gefaseerd parkeervakken verdwijnen zodat meer ruimte voor verblijf ontstaat. Ook de plinten, die op sommige plaatsen gesloten zijn, krijgen een opener uitstraling. Er worden ook studies gedaan om de bebouwing aan de zuidzijde van de straat aan te passen, zodat deze wand ook bijdraagt aan de verblijfskwaliteit. 23

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

24

‘Het Delftsehof is een stepping stone in het stelsel van openbare ruimte langs de Mixone-as’ Gebouwen en daken De kantoor- en woongebouwen hebben collectieve verblijfsruimtes die ontmoeting stimuleren. De daken zijn groen en gebruiksvriendelijk. In de Hoogbouwvisie wordt dit nader toegelicht. Ook valt te denken aan een rooftopbar op de hoogstgelegen daken voor bijzondere plekken in de stad (overlast voor woningen moet echter voorkomen worden). In een plan met verschillende maaiveldhoogtes zullen gebouwen op meerdere niveaus een entree kunnen hebben en met elkaar verbonden worden. Comfort Voor een prettige verblijfskwaliteit van het gebied is een goede bezonning en een goed windklimaat van belang. Zon speelt een belangrijke rol in relatie tot de Provenierswijk. Over de bezonning is een regel vastgelegd in het stedenbouwkundig plan RCD van 2008. Dit leidt tot een kaart waarin de maximale hoogtes benoemd zijn. Dit is een hulpmiddel die een globale indicatie geeft. Voor het plan moet worden aangetoond dat aan de specifieke bezonningsregel wordt voldaan.

windtunnel moet het bewijs leveren dat het gekozen ontwerp haalbaar is. Geluids- en veiligheidsmaatregelen zullen impact hebben op de uitstraling van de gebouwen, met name aan de spoorzijde. Door de gebouwen strategisch plaatsen en de functies strategisch te verdelen binnen het stedenbouwkundig ensemble kan toch een aantrekkelijke gevel gerealiseerd worden. Ook is er bij het ontwerp oog voor sociale veiligheid. Ruime onderdoorgangen, goede verlichting en een mix aan functies die het gebied 24/7 levendig maken. Overhoekse oriëntatie van gebouwen en het beperken van blinde delen in de gevel zijn van groot belang: ‘ogen op straat’.

Daarnaast is de bezonning van het Delftsehof ook van groot belang. Levendige plinten met horecafuncties en terrassen bestaan bij de gratie van veel zon. Hoogbouw moet zo geplaatst worden dat de Delftsehof ten minste 3 uur zon heeft op 22 juni (zie bezonningskaart). Wind is eveneens een belangrijk aandachtspunt. Windhinder moet onderzocht worden volgens de berekeningsmethode NEN 8100. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen windhinder en windgevaar. Deze norm moet toegepast worden bij gebouwen hoger dan 30 meter. Er wordt onderscheid gemaakt in doorloopgebied, slentergebied en gebied om langdurig te verblijven. Setbacks, luifels en de textuur van de gevel kunnen het windklimaat positief beïnvloeden. Het aspect wind moet in het ontwerpconcept voor de gebouwen worden meegenomen. Nader onderzoek is nodig. De normen hiervoor zijn beschreven in de Hoogbouwvisie. Met name de westelijke entree van de Delftsehof en de Luchtsingel zijn kwetsbare plekken. Een test in de Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

25

De contramal De contramal van de buitenruimte biedt plaats voor nieuwbouw. In de randvoorwaardenkaart zijn mogelijke bouwlocaties aangegeven. Binnen de bouwlocaties zijn indicatief vlakken ingetekend die aansluiten bij de parcellering van de Delftsestraat en zo het oorspronkelijke stedenbouwkundige ensemble versterken. Aan de zijde van het spoor kan een grovere parcellering aangehouden worden, die refereert aan de maatvoering van grotere percelen zoals Central Post. Met de gele sterren zijn de meest voor de hand liggende accenten aangegeven. De groene ster geeft de verblijfsplek aan. Hier sluit het netwerk van langzaamverkeersroutes op aan.

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

26

Randvoorwaarden verblijfsgebied •

De Delftsehof is een centrale openbare ruimte, ingericht als flexibele en robuuste plek voor de stad met een royale openbare ruimte op maaiveld, minimaal 3000 m2 (inclusief Schiestraat) met een prettige verhouding;

•

Een deel van het publieke programma kan ook in een open gebouw/overdekt uitgevoerd worden;

•

Minimaal 10 grote bomen op de Delftsehof in 50 m3 grond per boom om goed te kunnen groeien. Maak zoveel mogelijk ruimte groen, maar zoek een evenwicht met de flexibiliteit/ intensiteit in gebruik;

• •

Aan de Mixone (Delftsehof ) hebben alle gebouwen een uitnodigende, open uitstraling. Er ontstaan geen sociaal onveilige plekken door ‘ogen op straat’, een goede verlichting en ruime onderdoorgangen. Maak een verlichtingsplan dat de sociale veiligheid bevordert, de plasticiteit van de architectuur versterkt en voor een gepast nachtbeeld zorgt.

•

Op de overgang van hoog (niveau Luchtsingel) naar laag ligt een tribune/trap die goed beloopbaar is voor voetgangers, maar ook geschikt is voor verblijf/groen aan de Delftsehof;

•

Voor de nieuwbouw aan de Mixone geldt: een plint van 9 meter hoog die voldoet aan de randvoorwaarden uit het Beeldkwaliteitsplan/Welstandsrichtlijnen;

•

Alle gebouwen hebben op de begane grond een alzijdige uitstraling (Schiestraat voorzijde, Schiekade, Delftsestraat, Poortstraat). Met name de gevels op hoeken en onderdoorgangen hebben een gastvrije, open uitstraling. Ook aan de spoorzijde heeft de bebouwing een aantrekkelijke uitstraling;

•

Gebouwen die aan de Schiestraat staan kunnen vanaf 9 meter hoogte overkragen (zonder kolommen) of er kan een luchtbrug gerealiseerd worden van maximaal 5 meter breed als de verblijfskwaliteit van de straat maar gegarandeerd is;

•

Naast goede openbare ruimte op maaiveld, worden daken en ruimtes in gebouwen ook uitgevoerd als collectieve verblijfsplekken om de gemeenschap binnen het gebouw te versterken;

•

Hoogbouw moet zo geplaatst worden zodat de Delftsehof ten minste 3 uur zon heeft op 22 juni.

•

Kunst is in de huidige openbare ruimte een belangrijk thema. Met name gevelschilderingen, woorden en gedichten. Het is wenselijk om deze kunstvormen te behouden of in deze geest nieuwe kunst toe te voegen;

•

Ruimte voor ontmoeten en verblijven in plinten, straten en pleinen, maar ook de (semi-) publieke routing door gebouwen is uitnodigend vormgegeven met functies als detailhandel, cultuur, dag,- avond,- en nachthoreca;

•

De inrichting van de buitenruimte nodigt uit tot bewegen en ontmoeten;

•

Grote variatie en flexibiliteit in plinten met hoge kwaliteit en rauwe uitstraling.

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

27

Stadsstraten en stadsboulevards

Mixone en verblijfsplekken

wandelroute fietsroute mogelijke extra doorsteek (plek indicatief ) mixone plinten vaste rooilijnen aaneengesloten openbare ruimte bebouwingsaccent monument begrenzing hoogtelijnen pandgewijze opbouw

Bebouwing Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

28

MOGELIJKHEID OPENHOUDEN VOOR FIETSTUNNEL

40 M REKENING HOUDEN MET KEERLUS, OPSTELPLEK VOOR BRANDWEER

60 M

80 M

TRAFO PRORAIL 12 M

100 M

> 200 M NIEUWE LUCHTSINGEL

8M

120 M

MIN. 3000 M OPENBAAR PLEIN

juni

ling spoorstrook NIEUWE VOETGANGERSOVERSTEEK

MOGELIJKE VOETGANGERSDOORSTEEK

bezonning plein min. 3 uur zon juni borreltijd

20:00

Zon op: 05.22 Zon onder: 22.06

17:00

10:00

14:00

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

29

12:00

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

30

KWALITEIT, RESILIENCE

‘Toekomstbestendig’ is een breed begrip. Bij een toekomstbestendig plan is nagedacht over duurzaamheid (op gebieds- en gebouwniveau), resilience en- flexibiliteit (kan een gebied/gebouw transformatie naar andere functies aan?). Rotterdam is een internationaal georiënteerde stad die voorop wil lopen met technologische, maatschappelijke en economische transities. De verschillende transities waarop Rotterdam moet inspelen vormen dan ook een belangrijke pijler in de ontwikkeling en realisatie van de gebouwde omgeving. Het toekomstige Schiekadeblok kan inspelen op de veranderingen, in combinatie met het behoud van de huidige cultuur en het innovatieve klimaat. In dit hoofdstuk wordt beschreven wat belangrijk is op deze locatie en welke kansen benut kunnen worden. De ontwikkelaar wordt uitgedaagd om aan te geven hoe het Schiekadeblok hieraan zal bijdragen. Het verdichten nabij het OV-knooppunt Rotterdam Centraal maakt duurzame mobiliteit beschikbaar voor een grote groep bewoners en werknemers. Daarnaast is het gebruik en behoud van bestaande panden een duurzame optie. Ook biedt de ontwikkeling een kans om verharding te verminderen en daarmee een positief effect te realiseren op het gebied van klimaatadaptatie.

Thema’s Naast de thema’s die genoemd worden in de Vuistregels voor bouwen in Rotterdam ligt er in het Schiekadeblok extra aandacht op: energietransitie, klimaatverandering en de mobiliteitstransitie. Van de ontwikkelaar wordt een inspanning verwacht op het gebied van deze drie thema’s. De ambities voor verduurzaming gelden hierbij als uitgangspunten voor zowel gebouw- als gebiedsniveau. Energietransitie De transitie van fossiele energie naar duurzame energie is een belangrijke opgave binnen de gebouwde omgeving. Aangezien het om een bijzondere locatie gaat met goede kansen voor Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

hernieuwbare energieopwekking, zijn er hoge ambities gesteld op gebouw- en gebiedsniveau. Klimaatverandering Het klimaat verandert. Steeds hevigere buien en langdurige hitte wisselen elkaar af. Dit vraagt om een nieuwe omgang met water en groen in de stad. Voor het Schiekadeblok liggen er kansen om een bijdrage te leveren aan deze opgave. Mobiliteitstransitie De manier waarop men zich in de stad verplaatst verandert. Er wordt vaker voor de fiets gekozen, het OV of gebruik gemaakt van deelmobiliteit. Mobiliteitsservices worden steeds beter, waardoor het bezit en gebruik van auto’s wordt teruggedrongen. Dit is geheel in lijn met de ambitie om minder in te zetten op de auto als stad. Energietransitie In het Rotterdam Central District zijn afgelopen jaren veel maatregelen genomen om gebouwen op een duurzame manier van warmte en koude te voorzien. Er ligt een netwerk voor de levering van stadswarmte, waarvoor Eneco concessiehouder is. Daarnaast zijn er op verschillende plaatsen warmte- en koude opslagsystemen (WKO’s) aangebracht, al dan niet gekoppeld aan het stadswarmtenet. De locatie van het Schiekadeblok biedt potenties om slim om te gaan met koude-en warmtevraag. Het opzetten van een WKO-grid met de omringende panden (Unilever, Central Post, Delftse Poort) biedt een kans voor uitwisseling van warmte en koude.

Belangrijke uitgangspunten zijn hierbij de uitwisseling van energie tussen gebouwen en gezamenlijk gebruik van opslagcapaciteit in de bodem. In het Bodemenergieplan voor Rotterdam Centrum worden rondom het Schiekadeblok zoekgebieden aangegeven voor warmte-en koudebronnen. Voor nieuwe gebouwen geldt dat vanaf 1 januari 2021 moet worden voldaan aan de eisen voor BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen). Dit geldt ook voor het Schiekadeblok. Naast het reduceren van de vraag en het uitwisselen van energie, kan de restvraag aan energie worden ingevuld met 31

‘Het dak- en gevellandschap doet mee in de levendigheid’ duurzaam opgewekte energie. Wind- en zonneenergie geïntegreerd in het dak of gevel kunnen hieraan een invulling geven. Klimaatadaptatieve leefomgeving Een klimaatbestendige aanpak moet onderdeel zijn van de ontwikkeling van het Schiekadeblok. Rotterdam heeft hoge ambities voor de waterhuishouding in dit gebied. Op dit moment is het een stenig gebied met weinig openbare ruimte en groen. De herontwikkeling van het Schiekadeblok biedt kansen om het terrein klimaatbestendiger in te richten. Water Beleid is standaard dat regenwater op eigen terrein moet worden opgevangen, om de kans op wateroverlast te verminderen. Het water dient op gebiedsniveau te worden opgevangen en vertraagd afgevoerd te worden aan het afwateringssyteem, volgens het principe ‘gebruiken – vasthouden – vertragen – afvoeren’. Daarnaast bieden de ontwikkelingen in het Schiekadeblok kansen om opgevangen regenwater te gebruiken op groene daken. Nieuwbouw moeten regenbestendig worden gebouwd, inclusief een buffercapaciteit, zodat niet al het hemelwater in de openbare ruimte wordt verwerkt. Er zijn voor de opvang en hergebruik van regenwater mogelijkheden om een ondergrondse urban waterbuffer te realiseren. Hiernaar wordt onderzoek gedaan door de gemeente.

Groen Vergroening kan dienen als adaptatiemaatregel om hittestress te beperken, koele plekken in de buitenruimte te ontwerpen voor bewoners en bezoekers en hemelwater op te vangen in de openbare ruimte. Zo kan groen worden ingezet voor een positieve invloed op het klimaat en daarnaast op het gebied van gezondheid. Fysieke en mentale gezondheid worden gestimuleerd, door zicht op groen, uit te nodigen tot beweging en geluid te reduceren. Het aanbrengen van groen moet dan ook uitnodigen om door het gebied te struinen en verblijfsplekken te creëren. Hierbij geldt dat het groen divers is en op verschillende niveaus te beleven. Bomen, met grote bladeren, zijn heel effectief tegen hittestress in de zomer en laten licht door in de winter. Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

Dakenlandschap Nu worden de daken in het Schiekadeblok al benut, zoals de al aanwezige Dakakker op het Schieblock. Het uiterlijk van de lagergelegen daken wordt steeds belangrijker, naarmate er meer hoogbouw gerealiseerd wordt. Het dak- en gevellandschap doet mee in de levendigheid en de aantrekkelijkheid van het concept. Daken krijgen functies als collectieve verblijfsplek en/of worden groen ingericht. De ontwikkeling van het Schiekadeblok biedt kansen voor een verdere ontwikkeling van het dakenlandschap. De beleving van het gebied vanuit de hoogbouw kan positief beïnvloed worden door vooral de daken van de lagere bebouwing zorgvuldig vorm te geven. De ambitie is om, net als bij de Dakakker, daken minimaal twee functies te laten huisvesten: groen, blauw, rood of geel (zie afbeelding). Ecologie en natuurinclusiviteit Het hart van de stad kent een hoogstedelijk en stenig milieu met straatbomen, kleinschalige bloemrijke plantsoenen en oude monumentale bomen. Er zijn veel platte daken waar kansen liggen om dakgroen aangelegd kan worden. De vele hoge gebouwen en andere hoge objecten (zoals bruggen) bieden broedplaatsen aan de Slechtvalk. Dieren van rotsachtige milieus (gierzwaluw, vleermuizen en slechtvalk) en dieren aangepast aan de menselijke cultuur (duiven) komen veel voor in het centrum.

Verdere vergroening van de straten, pleinen en daken met bloeiende soorten kunnen bijen, vlinders en insecten aantrekken. De Luchtsingel verbindt

32

projectgebied Schiekadeblok.

dit gebied met het toekomstige dakpark op de Hofbogen. Hierdoor krijgt Het Schiekadeblok (en andere omringende herinrichtinglocaties) een functie als ecologische stapsteen.

Ieder gebouw moet aspecten van natuurinclusief bouwen (NIB) te bevatten. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een intensief groen dak (met opgaand groen), groene gevels, nest- en verblijfplaatsen voor vleermuizen en/of vogels. De openbare ruimte moet voor zowel mens als natuur aantrekkelijk en veilig zijn. Er moet daarom zorgvuldig omgegaan worden met verlichting. Locaties die waardevol zijn voor vleermuizen (bomen, ruige vegetatie en verblijfplaatsen) moeten zo min mogelijk verlicht zijn. De openbare ruimte dient voorzien te zijn van lijnvormige objecten, zoals bomenrijen. Verder moet de beplanting schuilmogelijkheden te bieden voor vogels en voedsel aan bieden voor insecten, vogels en vleermuizen (denk aan beplanting met bloemen, zaden en bessen).

In het binnenstedelijk gebied zijn voornamelijk kansen voor soorten zoals vleermuizen, vogels en insecten. Een ecologisch waardevol gebied biedt meerdere functies voor deze dieren. Belangrijke functies zijn: • Voortplantingsplekken (denk aan nestkasten, vleermuiskasten en insectenhotel); • Verschuilplekken (denk aan struiken, bomen, takkenrillen); • Voedsel (planten en bomen met bloemen, zaden en bessen); • Verbinding (bv. watergangen, bomenrijen, hagen). Al deze functies dienen aanwezig te zijn binnen het

Plek voor ontmoeting

Groen beleefbaar op op verschillende niveaus

Plek voor ontmoeting Bodem Gebieds WKO realiseren

Daken met minimaal 2 functies

H LUC

GEL

TSIN

MP PO

Innovatief ecosysteem

STR TSE ELF

D

T AA

Energie uitwisselen tussen bouwblokken Horeca /Club

Groene daken voor waterberging

Terrassen

CEN

TRA

A

ION TAT LS

Volkshotel

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

MaaS services en fietsparkeren Behoud van historische panden

33

G UR

B EN

‘Het Schiekadeblok krijgt een functie als ecologische stapsteen richting Centrum’ Flexibiliteit Het gebied en de individuele panden moeten kunnen meebewegen met de tijdgeest, zoals de huidige trend van tijdelijke of permanente vraagreductie als gevolg van COVID19 aantoont. Verschillende functies moeten kunnen wisselen van plek. Om gebruikskwaliteit op de lange termijn te waarborgen dienen gebouwen een flexibel gebruik toe te laten (Hoogbouwvisie 2019 blz. 50). Zonder ingrijpende verbouwingen moeten de gebouwen geschikt gemaakt kunnen worden voor een andere doelgroep of functie als de markt daarom vraagt. Met name in de Rotterdamse Laag zou door een grotere verdiepingshoogte verandering van functie mogelijk gemaakt moeten

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

worden. Woningen moeten samengevoegd of juist gesplitst kunnen worden. Vooral bij gebouwen met veel kleine woningen moet de flexibiliteit van het casco groot zijn. Daarnaast is het van belang dat de gebouwen een goede mix aan functies mogelijk maken. De gebouwen moeten kansen bieden voor startend en divers ondernemerschap, kans bieden voor meerdere doelgroepen (maatschappelijk en cultureel) met een openbaar gebied dat een plek van bestemming is. De openbare ruimte is flexibel van opzet zodat een diverse programmering mogelijk is.

34

Mobiliteit Een sterk en innovatief Schiekadeblok gaat ook over mobiliteit, waarbij de inzet op duurzame mobiliteitsconcepten voor werknemers en bezoekers een grote rol speelt. Voor het Schiekadeblok, een locatie met een uitstekende bereikbaarheid per openbaar vervoer, gelden dan ook bijzondere uitgangspunten en ambities. Op de locatie kan worden volstaan met een beperkt aantal autoparkeerplaatsen en ligt de nadruk op de inpassing van deelautosystemen, mobiliteitsdiensten en fietsparkeren. RCD is onderdeel van de City Deal Elektrische Deelmobiliteit. De ontwikkeling moet bijdragen aan de ambities van de City Deal. Het uitgangspunt hierbij is de ontwikkeling van Mobility as a Service (MaaS), voor bewoners, gebruikers en ondernemers. De gemeente vraagt de ontwikkelaar hier creatief over na te denken en plaats te bieden.

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

Daarnaast is er een verplichting voor fietsparkeren toegevoegd. Fietsenstallingen voor de voorzieningen, kantoren en woningen moeten laagdrempelig bereikbaar zijn en inpandig ingepast worden. Ook speelt de zichtbaarheid van de ingang van de stalling een belangrijke rol. Voor de voetganger is een aangenaam verblijfsklimaat belangrijk en het creëren van doorlopende routes, waarvan het dek en de Luchtsingel onderdeel van zijn. De gemeente vraagt de ontwikkelaar met een mobiliteitsconcept voor het gebied te komen. Het intensiever gebruiken van het Schiekadeblok voor wonen en werken en de toename van bestemmings- en logistiek verkeer vragen om een duidelijke organisatie van verkeersstromen. Duurzame mobiliteit wordt hierin meegenomen.

35

Randvoorwaarden resilience Energie •

BENG-norm voor nieuwbouw (wettelijk vanaf 1 januari 2021) hanteren;

•

Onderzoeken duurzaam energie uitwisselen tussen functies en gebouwen met een smart grid;

•

Aansluiten bij gebiedsoplossing voor collectieve hernieuwbare warmte en koude (gebiedsWKO), in combinatie met het stadswarmtenet;

•

Zoveel mogelijk gebruik maken van hernieuwbare bronnen;

•

Integreren van de elektriciteitsbehoefte van elektrisch rijden in de energiebehoefte van de bebouwing, zodat onderlinge uitwisseling kan ontstaan tussen duurzame opwekking en verbruik.

Klimaatadaptiviteit •

Nieuwbouw moet minimaal 50 mm neerslag kunnen opvangen en vertraagd afvoeren. Met de ambitie om naar 70mm te gaan (zie Rotterdams Weerwoord);

•

Onderzoeken mogelijkheden om water af te voegen naar een ondergrondse urban waterbuffer;

•

Koeling van de gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs)-ruimte in de directe omgeving;

•

Op multifunctionele daken worden altijd minimaal twee functies (groen, rood, blauw, geel) met elkaar gecombineerd;

•

De daken van gebouwen lager dan 30 meter hebben een functie voor actief gebruik, voor groen of als waterbuffer;

•

Gebouwen waterbestendig inrichten; voor overstromingen worden maatregelen getroffen om vitale infrastructuur en kwetsbare objecten te beschermen;

•

Toepassen maatregelen voor natuurinclusief bouwen aan de gevels en daken van de bestaande en nieuwe gebouwen, gecombineerd met ecologisch groen in de binnenhof.

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

36

Flexibiliteit •

Ten minste 30% van de nieuwbouw heeft een verdiepingshoogte die hoog genoeg is om de functies kantoren, hotel en wonen inwisselbaar te laten zijn;

•

Er wordt een grote diversiteit aan ruimtes aangeboden zodat een goede programmatische mix op lange termijn gewaarborgd wordt;

•

Het moet qua constructie mogelijk zijn kleine woningen in de toekomst samen te voegen.

Mobiliteit •

Comfortabele en directe looproutes vanuit het gebied naar de ov-haltes en fietsparkeerplekken;

•

Toepassing van schone en slimme vormen van mobiliteit zoals elektrische (deel-)auto’s, deelfietsen en inpandige fietsvoorzieningen;

•

Geen voorzieningen voor bezoekers die met de auto komen, maar richten op gebruik van OV, de fiets of nieuwe vormen van vervoer;

•

Voor het autoparkeren van werknemers en bewoners wordt op z’n minst gebruik gemaakt van de vrijstellingen voor OV, deelauto en MaaS uit het parkeerbeleid.

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

37

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

38

IDENTITEIT

IIn de geactualiseerde gebiedsvisie voor RCD staat de ambitie dat RCD een glocal district wordt met ruimte voor een breed scala aan bedrijven van start-ups, tot scale-ups en internationale bedrijven. De Rebelgroup heeft onderzoek gedaan naar de gewenste mix van doelgroepen. In hun rapport ‘De maatschappelijkeconomische betekenis van het Schiekadeblok’ (december 2018) komen zij tot de conclusie dat RCD binnen de stad een belangrijke opdracht heeft, waarvoor het behoud van de huidige functie van het Schiekadeblok-ecosysteem cruciaal is. In deze nota van uitgangspunten worden de ambities en randvoorwaarden vastgelegd om deze doelgroepen op lange termijn een plek te geven in het gebied. De Amerikaanse psycholoog William Marston ontwikkelde begin vorige eeuw het DISC-model om het gedrag en voorkeuren van mensen te analyseren. Mensen werden onderscheiden in groepen, op basis van gedrag en voorkeuren. Aan iedere groep werd een kleur gekoppeld. In het Rebelrapport is hierop voortgebouwd en wordt het belang van twee doelgroepen voor RCD benadrukt: de oranje doelgroep en de paarse doelgroep. • Oranje: creatief uitbundig, vlot, uitdaging aangaan, impulsief, extravert; • Paars: ondernemend, besluitvaardig, carrièregericht gericht op merken/taken. De creatieve sector (oranje doelgroep) is aanjager van innovatie in andere sectoren.

De partijen vormen samen een ecosysteem dat waardevol is voor Rotterdam: een ecosysteem waar ideeën ontstaan en uitgroeien tot grotere ondernemingen. De verbreding van het aanbod aan ondersteunende en sfeerbepalende functies en publiekstrekkers draagt bij aan onverwachte ontmoetingen en nieuwe samenwerkingen.

zitten vooral rond de paarse doelgroep. Met hun ondernemerschap verbinden zij het creatieve met het zakelijke. Het is -toevallig of niet- ook de groep die onze stad recent heeft herontdekt als geschikte woon-en werkplaats. De aanwezigheid van voldoende innovators is cruciaal in de vestigingsplaatskeuze van paars. Werk en privé lopen bij paars in elkaar over. Om het potentieel van RCD te benutten moet er in een passende setting (gebouwen en ruimtelijke inrichting) een goede mix zijn van wonen, werken en ontspannen. Ten opzichte van de huidige situatie in RCD betekent dat meer ruimte voor wonen en ontspannen moet komen. Paars houdt van diversiteit. Het Schiekadeblok is authentiek. Om duurzaam aantrekkelijk te blijven zijn voor paars moet RCD de oranje elementen dus op authentieke wijze behouden, koesteren en cultiveren. Om nieuwe innovatieve bedrijven te trekken en bestaande te behouden moet er een kwalitatief goed en gevarieerd aanbod van werkruimtes gerealiseerd worden en de juiste mix van functies in het gebied aanwezig zijn.

‘een goede mix van wonen, werken en ontspannen is essentieel in het RCD’

Het Schiekadeblok is een plek waar talentvolle creatieven en culturele ondernemers samenwerken en waar kruisbestuiving en synergie tot innovatie kunnen leiden. De kwaliteiten van RCD sluiten aan bij opdracht voor Rotterdam: het aantrekken van de trekpaarden van de next economy. Die Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

39

Wat het RCD nodig heeft, is een breed aanbod van ruimtes die passen bij groeiende innovatieve bedrijven en internationaal georienteeerde bedrijven. Hierbij passen flexibele kantoorconcepten met veel variatie in de grootte van de kantoorvloeren en huurprijzen. Belangrijk voor de aantrekkingskracht is dat er ‘communities’ ontstaan: inspirerende werkplekken waar men op een informele manier gelijkgestemden kan ontmoeten. Van belang is ook dat er ruimtes met een lage huur beschikbaar blijven voor startende en creatieve ondernemers. Voor een goed innovatief ecosysteem is het wenselijk om bij de verhuur van deze ruimtes te selecteren op de bijdrage van de ondernemer aan het (innovatie-)milieu, zoals al gebeurt bij het Schieblock. Ook is een aanbod van kwalitatief hoogwaardige ruimte noodzakelijk voor de vestiging van internationale spelers op het gebied van ICT en zakelijke dienstverlening die het bestaande ecosysteem verder versterken.

een belangrijke vestigingsvoorwaarde. Belangrijk is daarom dat voor een deel van Schiekadeblok kantoorruimte op een relatief laag huurniveau beschikbaar blijft binnen het lokale en intieme milieu. Binnen het internationale milieu zijn juist topkwaliteit kantoren met grote vloeren (huurprijs boven de € 200/m2) gewenst om dit marktsegment te bedienen.

Doelgroepen - huurniveaus RCD blijft zeer geschikt voor de creatieve industrie, financiële dienstverlening, ICT en leisure. Voor zowel kleine ICT- als leisure bedrijven is een lage huur

•

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

• •

•

Door ruimte te maken voor kantoren met grote vloeren voor internationale bedrijven; Door het Schiekadeblok te herontwikkelen tot een interessant woon- en werkgebied voor de paarse doelgroep, hetgeen vereist dat een deel van de authentieke oranje invulling in het Schieblock en Delftsestraat bewaard blijft; Door via (onder-)huur of kettingbeding af te dwingen dat een passende hoeveelheid m2 in het Schieblock en Delftsestraat wordt verhuurd aan oranje activiteiten, waarbij toewijzing gebeurt door een onafhankelijk deskundige; Door te sturen op behoud van de Schieblockcommunity. Dat kan ook (deels) op een andere locatie binnen RCD die voor een lage huurprijs beschikbaar wordt gesteld.

40

Randvoorwaarden identiteit •

Minimaal 12% van het totaalprogramma in deel A is bestemd voor kantoren, deel B minimaal 70% kantoren;

•

Minimaal 25% van het kantoorprogramma in deel A is bedoeld voor de oranje doelgroep (conform aanbeveling rapport Rebelgroup) met een daarbij behorende huurprijs;

•

Minimaal 25% van het kantoorprogramma in deel A is bedoeld voor de paarse doelgroep (conform aanbeveling Rebelgroup) met de daarbij behorende huurprijs;

•

Minimaal 70% van het kantorenprogramma in (deel B) in het topsegment kantoren met per laag minimaal vloeroppervlak van 1.500 m2;

•

Minimaal 20% van het kantooroppervlak in deel B is bestemd voor de paarse doelgroep;

•

Binnen het Schiekadeblok zetten we in op nieuwe ruimte voor starters, incubators en internationale bedrijven met een optimale kennisuitwisseling. Bij voorkeur zijn verschillende doelgroepen in grootschalige werkgebouwen, waar functies en kennis worden gedeeld;

•

Functies in de plint hebben een unieke, eigen en/of lokale identiteit, passend bij de huidige sfeer van het Schiekadeblok.

B A Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

41

bovenbouw vanaf 70m

bovenbouw tot 70 meter:

Rotterdamse laag; wederopbouw

hoogte plint 9m

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

42

+

PROGRAMMA

EcosysteemPrincipe Princip Ecosysteem

Programmatische Identiteit Op deze locatie in de stad komen twee belangrijke stedelijke identiteiten samen: het internationale en metropolitane en het rauwe en lokale. Binnen het Schiekadeblok ligt de kans om beide identiteiten te versterken en uitwisseling tussen beide te faciliteren: glocal en Mixone. Het is de gezamenlijke ambitie van de Vereniging RCD, participanten en de gemeente Rotterdam om hier een innovatie-ecosysteem te realiseren. In die ambitie versterken bedrijven elkaar en er is een breed pakket van ondersteunende diensten en voorzieningen aanwezig. Het nieuwe, diverse woonmilieu sluit aan bij deze identiteit van het Schiekadeblok en versterkt het levendige en unieke karakter. Behoud van het onderscheidende karakter, waar rauw en gepolijst naast elkaar bestaan is van belang om innovatieve bedrijven Gemengd, levendig gebied met ruimte Gemengd, levendig ebied met ruimte en hun werknemers aan te trekken en om de twee voor ontmoetingen en verblijf voor ontmoetingen en verblijf identiteiten te vervlechten. Het versterken van het innovatie-ecosysteem vertaalt zich in twee programmatische doelen: • Het versterken van het hoogstedelijke, internationaal business district.

Als entree van de Plinten dragen bij aan Mixone, binnenstad is Schiekadeblok een A-locatie voor kleine schaal, hoge dichtheid topbedrijven, waar vooral kansen liggen aan de hoofdader Schiekade; • Het creëren van een aantrekkelijk, levendig innovatie district door een optimale mix en ruimte voor uitwisseling en ontmoeting tussen verschillende gebruikers.

pes

11

MENGEN MENGEN MIXEN &&MIXEN

3

PLEKKEN & PLINTEN

Menging door gehele gebied Menging door gehele gebied

S

L

M

M

S

XL

Variatie aan programma en maat per straat

Nota van uitgangspunten Schiekadeblok

Dit is vertaald naar de ambitie van vergaande menging van functies in de gebouwen, met horeca en andere publiekstrekkers in de plint met een grote diversiteit aan identiteiten. Voor het gehele gebied zijn deze programmatische uitgangspunten van toepassing om deze twee identiteiten te laten samensmelten tot één hoogstedelijke, levendige, aantrekkelijke en economisch succesvolle plek.

22

Ruimtelijke vertaling De ambitie voor een divers en gemengd Schiekadeblok leidt niet automatisch tot uitwisseling, versterking en interactie tussen de verschillende gebruikers. De grote dichtheid aan diverse functies vraagt ook om een zorgvuldige en optimale inpassing. Zo kunnen hinder en overlast worden beperktHet en uitwisseling en ontmoeting worden juiste programma juiste Het juiste programma opop dede juiste versterkt.

GOUDEN GOUDEN COMBINATIES COMBINATIES

plek het gebied, waar omliggend plek in in het gebied, waar omliggend programma elkaar versterkt programma elkaar versterkt

De plint De uitwisseling van kennis door ontmoetingen en delen vraagt om verschillende programmatische en ruimtelijke condities die voornamelijk in de plinten van de gebouwen zijn georganiseerd. Diversiteit in type functies, diversiteit aan identiteiten en diversiteit aan het formaat van de units (S - XL) zijn daarvoor wenselijk. Plinten zijn altijd publiek geprogrammeerd met voorzieningen als horeca, cultuur, maatschappelijk, lobby’s, werkateliers en detailhandel voor dag- en avondprogrammering. Nachtprogrammering is geclusterd. De Rotterdamse Laag Hier is ruimte voor grootschalige en flexibele ruimten nacht om een innovatie-werken ecosysteem te realiseren, waar nacht werken leisure leisure uitwisseling tussen de verschillende gebruikers door (toevallige) ontmoetingen worden gestimuleerd Bundelen versterkend programma Bundelen versterkend programma door middel van collectieve voorzieningen. De nadruk ligt op kantoren en publieke programma’s, waaronder cultuur, onderwijs, hotel(s) en bijeenkomstfuncties. Tevens is er uitwisseling met gedeelde voorzieningen voor onder meer het woonprogramma (wasbar, werkcafé, etc.) en potentie voor duurzaam en geprogrammeerd gebruik van daken. 43

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=4087abe3-1ae6-4fef-ad48-5c7a24ae9ec9