CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb004871] Bijlage 2 behorende bij 24bb004656 Herziening Stedenbouwkundig Plan 2024

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 28 augustus 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen19.686 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

De Nieuwe Rijnhaven Stedenbouwkundig plan Rijnhaven herziening 2024

Gemeente Rotterdam

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Colofon Dit Stedenbouwkundig plan is opgesteld door afdeling Ruimtelijk Ontwerp Å Advies, dienst Stadsontwikkeling van de Gemeente Rotterdam, in opdracht van gebiedsontwikkelaar Paul van der Veen. Het stedenbouwkundig plan is vastgesteld door het Rotterdamse college van B&W op 5 juli 2022. Deze herziene versie is vastgesteld op 2 juli 2024.

In samenwerking met:

Urū

Team Rijnhaven: Peter Spakman I José Meijboom I Maurice Boumans I Kim Schotting I Axel Buysschaert I Jeroen van Dam I Albert van Eer I Diana Santa Cruz I Floris van der Want I Tristan Kunen I Li Chen Chew I Vera Kuipers I Simone Tax I Margot van Riessen I René Groeneveld I Ton Koevermans I Caitlin WongSi-Kwie I René Korstanje I Annette van Mastrigt I Yoeri Labee I Aad Lafeber I Gerline van Zijderveld I Lucas Vroom

Advies:

inbo pEUE

Eindverantwoordelijk: Peter Spakman I Projectmanager Maurice Boumans I Stedenbouwkundige

Aan de inhoud is veel zorg besteed. Toch kan het zo zijn dat informatie onvolledig of niet helemaal correct wordt weergegeven. Neem dan contact op met rijnhaven@rotterdam.nl. Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend.

Gemeente Rotterdam

omrt

ínhoud Voorwoord.............................................................. 6 1. Introductie......................................................... 10

4. Uitwerking...........................................................76 4.1 Planregels

78

4.2 Mobiliteit

104

4.3 Openbare ruimte

112

4.4 Duurzaamheid

124

4.5 Milieu en techniek

134

2. Context.............................................................. 12 2.1 Locatie, kwaliteiten en ambitie

14

2.2 Beleidskader

18

2.3 De geschiedenis van de Rijnhaven

22

2.4 Omgeving in ontwikkeling

28

2.5 Opgave voor het vervolg

32

5. Ontwikkelstrategie.......................................... 146 5.1 Ontwikkelstrategie

148

5.2 Planning

151

6. Verantwoording ............................................... 154 3. Plan.................................................................... 36 3.1 Plan 3.2 Stedenbouwkundige envelop

38 46

3.3 Programma

52

3.4 Beeldkwaliteit

58

3.5 Stadspark

66

3.6 Stad, buurt, straat

70

6.1 Beleidsverantwoording

156

6.2 Beeldverantwoording

160

6.3 Herziening

164

7. Bijlagen.............................................................. 166 7.1 Sunspots en representatieve ruimtes

168

7.2 Windambitiekaart

169

7.3 Voorbeelduitwerking

170

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Voorwoord Voor u ligt het Stedenbouwkundig Plan Rijnhaven. Een plan dat met een flinke dosis Rotterdams lef een ingrijpende verandering voor de Rijnhaven schetst. Bijna net zo'n grote verandering als ongeveer 130 jaar geleden toen de Rijnhaven werd aangelegd. Als stadsbestuur willen we dat alle Rotterdammers baat hebben bij deze veranderingen, we gaan voor goede groei. Het plan voor de Rijnhaven is een uitstekend voorbeeld van die goede groei. We maken volop gebruik van de potenties en de eigenheid van het gebied: de havenhistorie, de aanwezige ruimte en dynamiek, de ligging in de binnenstad op twee oevers en de goede bereikbaarheid. We verdichten dit deel van het centrum door heel compact een hoog stedelijk en gemengd programma in de Rijnhaven toe te voegen. We zijn van plan 3.000 woningen te bouwen. Woningen die voor de helft uit sociale en middeldure woningen bestaan. In combinatie met een nieuw stadpark, op het land én het water, wordt de Rijnhaven straks een bijzonder deel van de stad. In het plan wordt veel aandacht besteed aan de verbindingen tussen de verschillende onderdelen van het plan en de betekenis van deze ontwikkeling voor de omliggende wijken. Juist bewoners van de wijken rond de Rijnhaven moeten kunnen profiteren van deze ontwikkeling, met woningen die betaalbaar zijn en het groen en water waar iedereen van kan genieten.

Ik kijk ernaar uit om de komende jaren als wethouder samen met de Rotterdammers verder vorm te geven aan de goede groei van de stad én samen de Nieuwe Rijnhaven te ontwikkelen tot een plek waar rust en reuring naast elkaar kunnen bestaan.

Chantal Zeegers wethouder Klimaat, Bouwen en Wonen

Voorwoord

" MHHpMHRIV- ļ ,'ï" -, T«. „„ -------- ‘. 1

1 ^

4,

r'cd

Introductie

1

Illustratie uit het Masterplan Rijnhaven

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

1 Introductie Inleiding De Rijnhaven ligt in het hart van Rotterdam en wordt omringd door gewaardeerde en zich in gestaag tempo ontwikkelende gebieden als de Wilhelminapier, Afrikaanderwijk en KatendrechtPols. De stad Rotterdam en met name de binnenstad groeit gestaag door. Met die voorziene groei van de (binnen)stad is het tijd voor de volgende stap op de Kop van Zuid: de ontwikkeling van de Rijnhaven. Een ontwikkeling die de bijzondere positie van de Rijnhaven in de stad en haar unieke kwaliteiten optimaal gaat benutten. De Rijnhaven biedt de kans om substantieel te verdichten en tegelijk te vergroenen met behoud van de bijzondere kwaliteiten van het karakteristieke havenbekken. En conform de goede groei ambities, vastgelegd in de Rotterdamse Omgevingsvisie, niet alleen te verdichten maar tegelijkertijd ook de omliggende buurten én de gehele binnenstad te verrijken en versterken.

Stedenbouwkundig plan Dit Stedenbouwkundig Plan Rijnhaven betreft een herziene versie die is vastgesteld op 2 juli 2024 door het college van B&W vastgesteld, ter vervanging van de eerdere vastgestelde versie d.d. 5 juli 2022. Het Stedenbouwkundig Plan is met name

een ontwerpdocument. In dit plan staat omschreven hoe de gemeente Rotterdam denkt en wenst dat de ontwikkeling van de Rijnhaven vormgegeven kan worden tot een nieuw stuk van de binnenstad: levendig, hoog stedelijk en goed verbonden. Het document beschrijft de ambities, randvoorwaarden en planregels voor de verdere ontwerpuitwerking door ontwikkelaars en ontwerpers. Ook een ontwikkelstrategie is onderdeel van dit Stedenbouwkundige plan, waarin de wijze van marktbenadering en de rol van de gemeente vastgelegd is. Dit Stedenbouwkundig Plan Rijnhaven - 2024 is een nadere en op stedenbouwkundig en programmatisch vlak gedetailleerdere uitwerking van het in april 2020 door de gemeenteraad vastgestelde Masterplan Rijnhaven. Dat Masterplan, in combinatie met de grond­ exploitatie Rijnhaven (ook in 2020 vastgesteld), vormt het vertrekpunt voor de ontwikkeling van de Rijnhaven. Naast een Stedenbouwkundig Plan zijn ook een bestemmingsplan (2023), welstandsparagraaf (2024), parkontwerp (2021) en een warmte- en bodemenergieplan (2023) voor de Rijnhaven opgesteld. Het streven is al deze beleidsdocumenten, benodigd voor de realisatie van de gebiedsontwikkeling Rijnhaven, in 2023 afgerond en vastgesteld te hebben. De landaanwinning voor de nieuwe gebouwen en voor

het park is reeds in uitvoering. De verwachting is dat, na consolidatie van de landaanwinning, medio 2027 gestart kan worden met de bouw van het eerste bouwblok.

Leeswijzer Het Stedenbouwkundig Plan Rijnhaven is opgebouwd uit een aantal inhoudelijke (2, 3, 4 en 5) en ondersteunende hoofdstukken (1, 6 en 7). Hoofdstuk 1 is deze introductie. Hoofdstuk 2 bevat een uiteenzetting van de opgave en ambities voor de Rijnhaven. Die opgave en ambities komen voort uit de specifieke kwaliteiten en historie van de locatie, stedelijk beleid en nadere uitwerking van het Masterplan. Hoofdstuk 3 schetst de filosofie en het functioneren van het plan Rijnhaven voor zowel de bebouwing, het stadspark als (de maatschappelijke meerwaarde) voor de omgeving. In meer detail worden de stedenbouwkundige envelop, het programma en de beeldkwaliteit beschreven. Hoofdstuk 4 zoomt verder in richting de uitwerking van het ontwerp. Naast het formuleren van planregels geeft het hoofdstuk inzicht in en ambities voor allerlei thema's, zoals mobiliteit, duurzaamheid, milieu- en omgevingsfactoren. Hoofdstuk 5 beschrijft welke strategie, fasering en planning gevolgd worden voor de ontwikkeling van de Rijnhaven. De planen documentsverantwoording is in hoofdstuk 6 verzameld. En als laatste zijn de bijlagen aangehecht in hoofdstuk 7.

Introductie

UINHJd

Context

2

7

2.1 Locatie, kwaliteiten en ambitie

Legenda Binnenstad

POST Stadsas

WTC Stadspark

Rivieroever

Getijdenpark

Park in havenbekken

Rijnhaven

Rotterdamse (haven)zichten

De Rijnhaven is een havenbekken op de linker Maasoever van de Rotterdamse binnenstad. Het nadenken over en vormgeven van de gewenste toekomst vereist inzicht in wat voor een plek de Rijnhaven was en is; welke positie in de stad, in de binnenstad deze plek had en heeft. En kan hebben! Wat maakt de Rijnhaven en zijn directe omgeving eigen en bijzonder? Welke kenmerken en kwaliteiten zijn richtinggevend voor de verdere ontwikkeling van de Rijnhaven? In het masterplan Rijnhaven zijn drie belangrijke kwaliteiten en/of karakteristieken van de Rijnhaven gedefinieerd, die sturend zijn voor de gewenste toekomstige ontwikkeling ervan: -

De ligging: in de binnenstad, aan de stadsas en in het waterfront; Het water als centrale, open en verbindende ruimte; De ontmoeting van stad, haven en rivier.

De ligging in de binnenstad, aan de stadsas en in het waterfront De Rijnhaven heeft een fantastische ligging in de binnenstad van Rotterdam, aan de stadsas en aan het water. Met de ontwikkeling van de Kop van Zuid, de Wilhelminapier en de Erasmusbrug heeft de binnenstad de sprong over de rivier gemaakt. Katendrecht heeft tegelijkertijd een spectaculaire ontwikkeling doorgemaakt naar een hippe

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

volkswijk met allerlei culturele en toeristische trekkers. En de Afrikaanderwijk komt uit zijn isolement en kent meer en meer dynamiek. De Rijnhaven ligt tussen deze gebieden in en kan de verbindende schakel gaan vormen. De ligging aan stadsas, de centrale verbinding dwars door het hart van Rotterdam (vanaf noord via Hofplein - Coolsingel - Schiedamsedijk - Erasmusburg - Posthumalaan+Hillelaan Maashaven Oostzijde - Dordtselaan - Zuidplein en verder naar Zuid) biedt een zichtbare en kansrijke positie in de (binnen)stad. En geeft goede verbindingen met de rest van de stad, zoals de metro, het tramnetwerk maar ook voor langzaam verkeer: heel veel stedelijke voorzieningen zijn snel te bereiken. De combinatie van de goede ontsluitingsmogelijkheden, de directe nabijheid van stedelijke voorzieningen en het grootse open water maakt het voor veel Rotterdammers en bezoekers van de stad interessant om er te wonen, werken of verblijven. Het zijn deze condities die de Rijnhaven geschikt maken voor het verder doorontwikkelen naar een hoogstedelijk centrummilieu.

Het water als centrale, open en verbindende ruimte Het havenbekken is een centraal gelegen open ruimte tussen de omliggende wijken: de Kop van Zuid, Afrikaanderwijk en Katendrecht. Drie verschillende wijken, waartussen de Rijnhaven met

zijn rondje Rijnhaven en stadspark, een verbinding kan zijn. Zodat ze van elkaars onderscheidende kwaliteiten kunnen profiteren en samen een zeer interessant en compleet binnenstadskwartier vormen: een bestemming voor buurtbewoners, alle Rotterdammers én bezoekers van de stad. Het bekken is 21 hectare groot, qua oppervlakte vergelijkbaar met Het Park bij de Euromast. De asymmetrische vijfhoekige vorm van het waterbekken is kenmerkend en geeft, in combinatie met de hoge bebouwing rondom, een omsloten arenaVpleinachtige setting: open en beschut tegelijk. Het water van de Rijnhaven kan van alle kanten benaderd worden en het rondje Rijnhaven is met haar 2,2 km lengte de ideale afstand voor een korte wandeling. De maat van het bekken maakt divers gebruik van en veel dynamiek op het water mogelijk. Voorheen werd de Rijnhaven gebruikt voor commerciële havenactiviteiten. Nu is dit, op het bedrijf Codrico na, nauwelijks nog het geval. Bovendien zijn er geen (nautische) belemmeringen als gevolg van wet- en regelgeving en is het havenbekken geen onderdeel van de hoofdvaarweg. Er is dus ruimte voor een gebiedsontwikkeling van formaat, geïnspireerd op de cultuurhistorie van de plek met behoud van de karakteristieke vorm en de havensfeer en een groots open water als bijzondere kwaliteit.

De ontmoeting van haven, stad en rivier In de Rijnhaven komen drie sferen samen: die van de stad, de haven en de rivier. Alle drie zijn op een 'grootse' manier aanwezig. Het zijn sterke identiteiten en contrasten die met de ontwikkeling van de Rijnhaven gekoesterd en versterkt moeten worden. Zo is de erfenis van de haven nog steeds sterk voelbaar. Allereerst door de iconische havengebouwen rondom de Rijnhaven zoals Santos, Latensteijn fabriek en Hotel New York. Ook de maat en schaal van het bekken en de karakteristieke (haakse) kaden verwijzen naar de bijzondere positie van de Rijnhaven als eerste grote moderne haven op Zuid. Introductie van hernieuwde dynamiek op het water, bijvoorbeeld met nautische bewegingen zoals de watertaxi's, blijven het havenkarakter benadrukken. Rond de Rijnhaven is ook de stad onontkoombaar. Met de ontwikkeling van de indrukwekkende skyline van de Kop van Zuid en de huidige ontwikkelingen op Katendrecht is de sprong van het centrum over de rivier hier sterk voelbaar. De drukte en reuring, die de diverse stedelijke functies en haar bezoekers rondom het bekken brengen, geven het gebied meer en meer een centrumstedelijke dynamiek en sfeer. Tot slot is ook de rivier met haar dynamiek nadrukkelijk aanwezig. Het water is van alle kanten goed zichtbaar, de verbinding met de rivier wordt

Context

21 hectare aaneengesloten water I open ruimte in centrum van de stad I vijfhoek als unieke vorm van de Rijnhaven

Drie kades door bebouwingswanden omkaderd I drie omliggende stedelijke structuren

'Rondje Rijnhaven' circa 2 km I grotendeels autovrije kade I fijnmazig aangesloten op de omgeving

Nabijheid van bestaande OV-knopen I relatie in oostelijke hoeken met metropleinen

Zon rond lunchtijd bij Luxor I zon rond de namiddag in de zuidoosthoek van het bekken

Vrij zicht op open water I belangrijke zichtlijnen I beeldbepalende enIof iconische bebouwing

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

door de Rijnhavenbrug benadrukt. De Rijnhaven is onderdeel van het estuarium van de Nieuwe Maas, waar zoet rivierwater en zout zeewater vermengd worden en waar zodoende brak water ontstaat en waar getijverschil waarneembaar is. Vergroten van de natuurwaarde van de rivier is belangrijke opgave. Deze drie sferen samen geven de Rijnhaven een bijzonder karakter en zijn belangrijke ingrediënten voor de doorontwikkeling van het havenbekken.

Ambitie voor de Rijnhaven: hoogstedelijk milieu met uniek stadspark De Rijnhaven biedt met haar geweldige ligging, flinke omvang en bijzondere karakteristiek de kans om een bijzondere combinatie van stad en park te maken, waarmee de Rijnhaven een geliefde plek in de stad kan worden om te wonen, werken en verpozen. De ontwikkeling van de Rijnhaven kan bijdragen aan de grote opgaven van de stad, aan het realiseren van 'goede groei': het bouwen van (substantieel) meer woningen in alle segmenten, het versterken en vernieuwen van de stedelijke economie, het toevoegen van (groot) groen en recreatieve ruimte, het werken aan een inclusieve stad, de transitie van de stedelijke mobiliteitsen energiesystemen én het realiseren van klimaatrobuustheid. De ambitie voor de Rijnhaven combineert de kwaliteiten van de grote stad, het gevoel van de haven en de dynamiek van de rivier.

Die ambitie luidt als volgt:

■S&äS

Rijnhaven wordt een hoogstedelijk milieu, waar het havenverleden en rivier voelbaar zijn, met een bijzonder stadspark waarin het het water centraal staat, en waarmee: -

een belangrijke volgende stap wordt gezet in het centrum op twee oevers; het een plek voor iedereen wordt; het voortbouwt op de kracht van Rotterdam; en het op robuuste wijze vormgeeft aan een duurzame relatie tussen stad en water.

Deze ambitie voor de Rijnhaven is uitgewerkt en vastgelegd in het masterplan Rijnhaven. Het stedenbouwkundig plan Rijnhaven werkt die geformuleerde ambitie verder in detail uit voor met name het gebouwde programma en de direct aangrenzende openbare ruimte (de esplanade).

ä«"'rfř,îä.SS.i

Japŵįÿ ■SíipiniBfflĩļiĮ® '

Hi.Tvniļijjŗ'rr ijļfflíttfSlsiSIĪ iSjŕPïPEflffļ

Op een aantal thema's heeft er verdere verdieping plaatsgevonden, die in de navolgende paragrafen uitgewerkt zijn. Naast een actuele beleidsscan, die op onderdelen aanscherping van de ambitie geeft, zijn nogmaals de historie van de Rijnhaven en de (ontwikkel)dynamiek en de stedelijk leefomgeving van het gebied bestudeerd. Dit heeft inspiratie en urgentie opgeleverd voor de te formuleren uitgangspunten en bouwregels voor de ontwikkeling van de Nieuwe Rijnhaven.

Context

á

2021

e Veranderstad

LEGENDA:

.an een wereldstad voor iedereen.

BINNENSTAD

ļ

METROPOLITANE BINNENSTAD HOV-knopen als economische brandpunten (Zeekaeeieden) voornaamste verdichtingslocaties Kwartieren: accent op wonen, accent op werken,accent op mix to the max SUPERDIVERSE BINNENSTAD (Zoekgebieden) voornaamste vereicnaingslocaties Kwartieten: ancent op wonen, accent op werken, accent op mix to the max EEN DYNAMISCHE BINNENSTAD MET RUIMTE VOOR RUST EN LUWTE Groene boulevards en stadspleinen Stadsstraten Bestaande groenstructuur Nieuwe stadndarken Lenendige rivieroevers Rustige rivieroevgrs STRATEN VOOR MENSEN Opwaarderen tot HOV-lijn Opwaarderen HOV-knopen Nieuwe oeververbinding (meerdere tracés in onderzoek).: ruimte voor voetganger, fiets, HOV en auto

DN NIWUWE MAAS EN HAAR OEVERS ALS CENTRAAL RIVIERPARK Continue la ngzaamverkeers routes naar en langs het wEter Leeendige rivieroevers

Groene boulevards en stadspleinen

Rustige rivieroevers

Stadsstraten

Nieuwe stadsparken

GROENE BOULEVARDS EN STADSPLEINEN Groene boulevards en stadspleinen

Stadsprojecten als aanjager voor ontwikkeling

Omgevingsvisie Rotterd am: De Veranderstad

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

2.2 Beleidskaders Het Masterplan Rijnhaven is vastgesteld op 23 april 2020 door de Rotterdamse gemeenteraad en daarmee het belangrijkste beleidskader voor de ontwikkeling van het voormalige havenbekken. Dit masterplan, waarin de meeste beleidskaders en -ambites van de gemeente een plek hebben gekregen, wordt verder uitgewerkt in een bestemmingsplan, een parkontwerp en dit stedenbouwkundig plan. Een korte samenvatting van het masterplan is te vinden in hoofdstuk 4. Hieronder is kort recent vastgesteld beleid toegelicht: de Omgevingsvisie, de gebiedsuitwerking Binnenstad en de Rotterdamse MobiliteitsAanpak (RMA).

Omgevingsvisie Rotterdam: De veranderstad, werken aan een wereldstad voor iedereen In december 2021 is de nieuwe Omgevingsvisie van Rotterdam vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin staan de uitgangspositie, opgaven en koers voor de stad beschreven. Rotterdam heeft een goede uitgangspositie, maar kent ook een aantal uitdagingen. Thema's zoals klimaatverandering, zeespiegelstijging, energietransitie, circulariteit, gezondheid, biodiversiteit, bereikbaarheid en een schone, duurzame economie spelen hierbij een rol. Daarnaast zet de trek naar de stad door, wat de beschikbaarheid van woningen, werkgelegenheid en voorzieningen onder druk zet.

Rotterdam reageert op deze opgaven door te kiezen voor goede groei. Goede groei draagt bij aan het welzijn van de inwoners, aan een duurzame samenleving en aan economische vooruitgang. Het ondersteunt en versterkt het Rotterdamse rijke erfgoed en de rijke identiteit, waarbij Rotterdammers betrokken worden in het proces van verandering. Dit is essentieel om ervoor te zorgen dat de stad aantrekkelijk is en en blijft voor alle Rotterdammers, want samen maken we de stad!

-

niet uitmaken waar je opgroeit om dezelfde kansen te hebben op goed onderwijs, een goede woning en passend werk. Opgaven worden in samenhang opgepakt om de wijken toekomstbestendig te maken. Rotterdam zet de schouders onder de ener­ gie- en grondstoffentransitie. Energie wordt anders en schoner opgewekt, anders verdeeld en de vraag verminderd. Materiaal- en energiekringlopen worden zo veel mogelijk gesloten en de woningvoorraad, stedelijke mobiliteit en transport verduurzaamd.

Om richting te geven aan de goede groei introduceert de Omgevingsvisie het kompas met vijf perspectieven. Daarnaast worden er vijf hoofdkeuzes geïntroduceerd: Rotterdam zet in op p rettig leven in d e de lta. Het versterken en verbinden van groen-bl auwe netwerken in de stad maakt de stad aantre kkelijker en biodiverser Neve neffecten zijn hittestressreductie en wateropvang. Daarnaast wordt bewegen in de buitenlucht gestimule erd en doet de auto een stapje terug ten gunste van de fietser en voetganger. Rotterdam gaat verstedelijken en verbinden. Er wordt verdicht rondom bestaand of nieuw hoogwaardig OV. Dagelijkse voorzieningen zijn te voet of met de fiets bereikbaar en er wordt een netwerk van complementaire stede­ lijke centra ontwikkeld. Rotterdam zet in op vitale wijken. Het moet De vijf perspectieven van de Omgevingsvisie

-

Rotterdam vernieuwt het verdienvermogen. De bestaande economische sectoren blijven belangrijk voor de werkgelegenheid en het ver­ dienvermogen, maar moeten flink vernieuwen. Er wordt ingezet op innovatie, kennisintensieve dienstverlening, nieuwe bedrijfsmodellen en de strategische plaatsing en clustering van bedrijven.

Tot slot wordt benadrukt dat er blijvende aandacht moet zijn voor omgevingskwaliteit en leefomgeving en voor opgaven rondom milieu- en gezondheidsthema's. Deze stadsbrede ambities dienen uiteraard ook in de Rijnhavenontwikkeling gerealiseerd te worden. De thema's die bij deze ambities horen zijn op een integrale manier verweven in dit stedenbouwkundig plan (en al eerder in het masterplan), sommige meer expliciet en/of uitgebreid dan andere.

de relatie tussen rivier en stad verder versterkt wordt. Kades worden vergroend en nieuwe parken worden aangelegd; het Rijnhavenpark is er daar een van. Het thema vergroening komt ook terug in het gewenste netwerk van groene boulevards met stadspleinen, waarvan de Posthumalaan - Hillelaan één van de belangrijkste is. Ook is de binnenstad superdivers en biedt deze voor iedereen voldoende en betaalbare ruimtes voor ontmoetingen, voorzieningen, wonen en werken. Er is een mix van wereldspelers en

lokaal ondernemerschap (global Å local) en een combinatie van dynamische en rustige plekken. Daarnaast gaan verdichting en verbetering van de leefbaarheid hier hand in hand en wordt er ingezet op schone en actieve verplaatsingen. De Rijnhavenontwikkeling geeft uitvoering aan deze beleidsambities.

Rotterdamse Mobiliteits Aanpak (RMA) De laatstgenoemde ambitie (schone en actieve verplaatsingen) is onder meer uitgewerkt in de

Nabij en

verbonden

Gebiedskeuzes Metropolitane binnenstad: global meets local

2^ Uitwerking Omgevingsvisie, gebied binnenstad: Een Groene en Vitale Binnenstad voor Iedereen. In de omgevingsvisie wordt de binnenstad genoemd als een van de drie uitwerkingsgebieden. De Rijnhavenontwikkeling is een belangrijk project om de ambitie 'binnenstad op twee oevers' verder vorm te geven. Het centrum van Rotterdam ligt aan beide kanten van de Nieuwe Maas en de rivier en haar oevers functioneren als centraal rivierpark. Hier komen stad, haven en rivier samen en zijn er nog mogelijkheden voor verstedelijking, waarmee

Superdiverse binnenstad

Een dynamische binnenstad met ruimte voor rust en luwte

■a Straten voor mensen

Groene boulevards & stadspleinen

m 6.

De Nieuwe Maas en haar oevers als centraal rivierpark

Vertaling van de 5 perspectieven uit de Omgevingsvisie naar de binnenstad en hieruit volgende 6 gebiedskeuzes

0

J Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

RMA. Van een focus op autoverkeer bewegen we naar een stad waar voetgangers, fietsers en OV centraal staan. De focus gaat van doorkruisen naar verblijven, met meer autovrij zones en 30kmAsstraten. Ook worden de mobiliteüskeuzes verrijkt en de logistiek wordt efficiënt en sehoon. De Posthumalaan - Hille laan is één van de boulevards, die als eerste aangepast worrit conform deze ambities. De mobiliteitstransitie en -aanpak -n de RMA z ijn zeer belangrijke uitgangs punter voor de Rijnhavenontwikkeling. De reeds zeer goede OVbereikbaarheid vormt een gunstgg uitgangspositie.

^ jet

4 HUL

J

e

rng

r a

nr o

g»

4 ng Van een focns op autove rkeer nrar meer rui mie voor schone en actieve verplaatsingen

HOVjį*^ Van doorkruisen naar verolijven

Van indeling op modaiitnk nean indeling on sn elheid en keuze per modaliteit

Verrijking moriliteitskeuzes

Efficiënte en sEhone logistiek

Context

Topografische kaart 1880

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Topografische kaart 1905

Topografische kaart 1950

2.3 De geschiedenis van de Rijnhaven De Rijnhaven is een door de mens gemaakte haven. In het begin van de 19e eeuw was die plek nog een rustiek polderlandschap met een klein dorp, Katendrecht genaamd. Aan de overzijde van de Maas lag de stad Rotterdam. Katendrecht was in de 19e eeuw al een bekende en belangrijke plek omdat het een belangrijke schakel vormde in het rijksnetwerk. Het was de plek waar je met het veer de Maas overstak langs de landroute tussen Amsterdam, Delft en Den Haag naar Dordrecht, Breda en Antwerpen. De tweede helft van de 19e eeuw stond voor havenstad Rotterdam in het teken van een transitie van stapel-koopmansstad naar gemechaniseerde transito- en stukgoedhavenstad. Dit betekende de aanleg van meerdere havens om hierin te kunnen voorzien. De Rijnhaven kreeg hierin een cruciale rol. Het plan voor de aanleg ervan is van de hand van G.J. de Jongh. De aanleg duurde van 1887 tot 1895. Oorspronkelijk werd de Rijnhaven bedacht als 'wachthaven' voor binnenvaartschepen, maar nog voor voltooiing werd het bekken geschikt gemaakt als 'transitohaven' voor grote zeeschepen. Deze konden aanleggen tussen dukdalven en meerstoelen, waarna er 'op stoom' goederen overgeslagen werden. Gedurende de tijd is de configuratie van dukdalven en meerstoelen meermaals gewijzigd, aangepast op het gebruik. En dat was niet de enige innovatie: om tot de

grote diepte van 7 meter in de slappe veemgrond te komen werden er nieuwe kadetechnieken ontwikkeld. Ook was de Rijnhaven de eerste volledig geëlectrificeerde haven van Nederland. Het gebruik van de Rijnhaven intensiveerde verder. Het accent lag op de linker Maasoever voornamelijk bij de overslag van massagoederen. Naast drijvende kranen voor de overslag werd het Rijnhavenbekken dan ook omringd door kades gevuld met pakhuizen, kranen, spooremplacementen (voor de verbinding met het achterland) en kantoren. Aan de zijde van de Wilhelminapier werden ook nog passagiers vervoerd, voornamelijk landverhuizers. Toch waren er aan de Rijnhaven ook bedrijven gevestigd die

gespecialiseerd waren in stukgoed, zoals Pakhuis Meesteren en Blauwhoedenveem. Aan de zuidzijde van de Rijnhaven, het noorden van Katendrecht, werd een groots aaneengeschakeld complex van loodsen gebouwd: Loods San Francisco. Aan de oostzijde verrezen drie indrukwekkende vemen. Deze vemen en loodsen vormden het nieuwe beeld van de Rijnhaven. Als vervolg op de Rijnhaven werden nog twee majeure transitohavens aangelegd, de Maashaven en Waalhaven. De Rijnhaven heeft, met zijn ongekende dynamiek en groei in vooroorlogse jaren, samen met de Maashaven aan de basis gestaan van de groei naar wereldhavenstad. De oorlogsjaren waren een ongekende ramp voor

Rijnhaven 1960

Context

Rijnhaven Oostzijde De opbouw van de bebouwing rondom de Rijnhaven werd bepaald door de diepte van het water. Waar het havenbekken diep genoeg was, stonden de loodsen aan de waterzijde, met daarachter een strook van veemgebouwen. Dit werd gezien als de ideale opbouw. Aan de Rijnhaven Oostzijde was de waterdiepte minder, waardoor daar gekozen werd om geen loodsen in de eerste rij te situeren. De vemen en loodsen werden er naast elkaar geplaatst met een openbaar toegankelijke kade ervoor, waar men kon laden en lossen. Daarmee was de indeling van de kade aan deze zijde van de haven een uitzondering ten opzichte van de andere zijden. De Rijnhaven Oostzijde kenmerkte zich door slechts een enkele rij bebouwing. Door het ontbreken van de 'goedkope' loodsen langs het water keek je hier over de gehele lengte naar imposante diepe veempakhuizen. Het Vriesseveem (pand 'de Molukken'), het Handelsveem (panden 'Japan' en 'China') en het Nederlandsche Veem (pand 'de Eersteling') waren hier als bedrijven gevestigd. Ook de openbaar toegankelijke kade was alleen te vinden aan deze kant van de Rijnhaven; de andere zijden waren grotendeels afgesloten I privaat terrein. De kade had een breedte van 30 meter. De veemgebouwen stonden alle drie strak op de rooilijn, 30 meter van het water. Oostzijd e van de Rijnhaven, 1950

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Zodat toch met de kranen gelost zou kunnen worden in de pakhuizen, werd toegestaan vanaf de eerste verdieping een uitkraging te realiseren. Dit was iets unieks in de typologie van het pakhuis. De eerste laag mocht uitgebouwd worden tot wel 13 meter diep, waardoor het mogelijk was om met wagens onder de eerste verdieping door te rijden.

voor goederentreinen die onder het pand konden passeren. Het moderniseren van het pand 'de Molukken' gebeurde door het realiseren van grote voeroppervlaktes in de nieuwe betonconstructie. Maar ook door de toevoeging van de diepe in trapeziumvorm geplaatste laadbalkons. Zo kon met de kranen op iedere verdieping gelost worden.

Aan het einde van de oorlog raakten de kade en loodsen aan de Rijnhaven Oostzijde zwaar beschadigd. Na de oorlog werden de nog te gebruiken volumes bewaard en in de wederopbouw weer hersteld en aangevuld met nieuwe volumes, met name het front naar het havenbekken. Voor alle veemgebouwen werd de begane grond opgetrokken met een laadperron

De venieuwingsslag bij het pand 'Japan-ChinaKorea-Siam' kwam voort uit een functionele slag en toevoeging van een zaadschoningsbedrijf. De balkons werden extra diep gemaakt en versprongen ten opzichte van elkaar om het overladen door de kraanmachinist zo snel mogelijk te laten verlopen. Dit leverde een forse tijdwinst op ten opzichte van 'de Molukken'. De hoge schijf met

de voor die tijd vele openingen in het pakhuis werd gebouwd voor het optimaal functioneren van het zaadschoningsbedrijf. Voor het herbouwde pakhuis 'de Eerstelling' werd een zo groot mogelijk vloeroppervlak gemaakt. De Eersteling kent een heel ander gevelbeeld, veel strakker, door de toepassing van opklapbare laadkleppen in plaats van de uitstekende laadbalkons. De vierentwintig kleppen kon opgehaald en neergelaten worden wanneer gewenst.

wâmľí r i a Ai

JİÍJNip m“|

De Molukken Blauwhoedenveem

Pakhuis Japan-China-Korea-Siam

Eersteling Pakhuismeesteren

Context

de Rotterdamse haven. Na de gevechten in 1940, waarbij verschillende complexen rond de Rijnhaven sneuvelden, volgde in 1944 de vernietiging van de havenkades en nog meer complexen door de bezetter die hiermee de haven onklaar maakte voor gebruik door de geallieerde troepen. Na de oorlog volgde al snel het herstel van de Rotterdamse haven, met ongekende groei tot gevolg. Bij de Rijnhaven vond er een forse herschikking op land plaats, pakhuizen werden herbouwd en nieuwe havenkades geïntroduceerd. De Rijnhaven verloor echter geleidelijk haar betekenis. De containervaart had een grote invloed op de stukgoedsector en

de Rijnhaven kon dit type schepen niet faciliteren. De Rijnhaven is geëindigd als 'wachthaven' voor binnenvaart met één lange steiger vanaf de Hillelaan naar het midden van het bekken; ironisch is dat de functie waarvoor de Rijnhaven in eerste instantie aangelegd is. Sinds de overdracht van het Havenbedrijf aan de stad in 2009, wacht het bekken op een nieuwe functie, nieuwe levendigheid en nieuwe (nautische)dynamiek.

Kop van Zuid De in 1984 opgestelde structuurschets 'Kop van Zuid' had voornamelijk als doel het toevoegen

van betaalbare woningen. Door de aantrekkende economie kwam een jaar later het besef dat er ook andere mogelijkheden waren voor deze plek. Er werd grootschaliger gedacht en er was de wens om Rotterdam als moderne metropool neer te zetten. Riek Bakker ging in 1986 aan de slag met deze opgave als directeur bij de dienst Stadsontwikkeling van de gemeente. Ondanks de toen, voor zowel bewoners als bestuurders, aanwezige scheiding tussen Noord en Zuid zag Bakker grote mogelijkheden voor de stad Rotterdam door de verbinding van de twee stadsdelen. Een dergelijk groots en meeslepend plan moest zeer overtuigend zijn voor de Rotterdamers. Voor het ontwerp van de Kop van Zuid werd de opdracht aan het bureau ir. Teun Koolhaas Associates verstrekt. Het bureau trok alles uit de kast en kwam met een presentatie van de hoogbouwskyline op de Wilhelminapier, dat door een journalist 'Manhattan aan de Maas' werd gemunt. In het plan werd de verbinding met Zuid gelegd door een brug en kreeg het metropolitaan aandoende centrum een stoer Rotterdams havenkarakter. De Wilhelminapier werd een plek voor zowel woningen als (inter) nationale ondernemingen en nabij de pakhuizen aan de Rijnhaven Oostzijde en rondom de oude havens moest een stedelijk woongebied komen. Het nieuwe woongebied werd aan de oude wijken

De sloop van pakhuis Eersteling in 1995

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

gekoppeld door een nieuwe stadsboulevard met dwarsverbindingen. De demping van de Binnenhaven en Spoorweghaven maakte ruimte voor woningbouw en de aanlandingsplek van de brug, die direct zou aansluiten op die stadsboulevard (Laan op Zuid genoemd). Het ontwerp van Teun Koolhaas Associates was een eerste verkenning voor de ontwikkeling van het gebied, hierop volgde meerdere deelstudies om tot een definitieve uitwerking te komen. Uit de studies zijn een aantal wijzigingen voortgekomen waaronder de positie van de aanlandingsplek van de brug vanwege nautische eisen. Deze kwam meer naar het westen te liggen, wat tot gevolg had dat de drie pakhuizen aan de Rijnhaven Oostzijde gesloopt moesten worden. Het verplaatsen maakte het mogelijk twee hoofdassen op Zuid te realiseren en op bestaande structuren aan te sluiten: de Laan op Zuid naar de Stadionweg en de Posthumalaan richting Dordtselaan en Zuidplein.

Plan hoofdgroenstructuurT. Koolhaas, 1987

Masterplan Kop van Zuid, 1991

Maquette plan T. Koolhaas, 1987

Maquette Kop van Zuid, 1991

Met het masterplan Kop van Zuid in de hand werd voortvarend aan de slag gegaan met d e projecten. Naar het iconische en symbolische ontwerp van Ben van Berkel werd in 1996 de E rasmusbrug gerealiseerd. Op de pier werden het WPC en KPNgebouw rond 2001 in gebruik genomen en langs de Zuidkade volgde het Rijkskantorencomplex Wilhelminahof en de INHOLLAND locatie. De ontwikkeling van een ongedeelde stad was gestart.

Context

If —^TmŢP

gfE®1*4

2.4 Omgeving in ontwikkeling In de Rijnhaven heeft er geruime tijd geen nieuwe ontwikkeling plaatsgevonden. Maar dat wil niet zeggen dat er weinig dynamiek in de omgeving is. In tegenstelling zelfs, de afgelopen jaren zijn vele projecten gerealiseerd, in aanbouw genomen en/ of in ontwikkeling. Zowel op de Wilhelminapier, Katendrecht als Afrikaanderwijk is en wordt veel ontwikkeld. Ook de komende jaren worden nog vele projecten gestart en opgeleverd rond het bekken. Op de volgende pagina's is een aantal van die projecten geïllustreerd. Met het vaststellen van het Masterplan Rijnhaven zijn er in de haven ook een aantal ontwikkelingen in gang gezet. Tijdelijk drijvend programma is verplaatst om de landaanwinning mogelijk te maken: het drijvend paviljoen is bijvoorbeeld naar de RDM verhuisd, het dobberende bos naar de Floriade. Ter hoogte van LantarenVenster is het Floating Office Rotterdam aangemeerd, het grootste drijvend kantoor ter wereld, waarin het VN instituut Global Center on Adaptation (GCA) gevestigd is. Tussen het FOR en de Antoine Platekade is het eerste deel van het drijvende park in aanleg. Als tijdelijke programmering voor een aantal jaar hebben een aantal wikkelboats een plek gekregen. Wikkelboats zijn duurzame tiny houses, die men kan huren voor meetings of een overnachting op het water. 1e fase drijvend park in aanleg & Floating Office Rotterdam

Context

1

Fenix II, MAD Architects

Nelson Mandelapark, SWA Balsey

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

2

Codrico terrein, RED Development

3

3

Havana Philadelphia (The Sax), MVRDV

The View I & II, Joke Vos & De Drie Architecten

6

2

5

řtįļfå

ÎS į?

Santos, WDJA + RennerHainkeWirth

Siloods, KCAP

Context

2.5 Opgave voor het vervolg De Wilhelminapier, Katendrecht en de Afrikaanderwijk hebben de afgelopen decennia een grote metamorfose ondergaan. In een tijdsbestek van 20-30 jaar heeft het gebied een ontwikkeling doorgemaakt van haventerrein en arbeiderswijken naar een hoogstedelijk centrummilieu van internationale allure tussen gemengde stadswijken. De Rijnhaven vormt het slotakkoord van deze indrukwekkende gebiedstransformatie(s). Een mooi moment om naar uit te kijken en tegelijkertijd ook een aanleiding om te observeren wat alle ontwikkelingen in het gebied en de directe omgeving ervan de afgelopen decennia hebben gebracht, zowel in positieve als negatieve zin. Op deze manier kan het sluitstuk van deze transformatie worden aangegrepen om invulling te geven aan en bij te sturen op urgente opgaves en thema's. Er is een (beknopte) analyse gemaakt van de gebieden rond de Rijnhaven qua programma, functioneren, bevolkingssamenstelling, et cetera. Dat is gelegd naast de de ambitie voor de Rotterdamse binnenstad. Met name op de ambitie van een inclusieve (binnen)stad kan de Rijnhaven veel betekenen voor zijn omgeving. Een inclusieve (binnen)stad betekent dat mensen kunnen meedoen, elkaar ontmoeten en zich er welkom en/of thuis voelen. Voor meedoen en ontmoeten is de inrichting van de (binnen) Deliplein

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

stad, met name van de publieke ruimte inclusief de maatschappelijke voorzieningen, van groot belang. Maatschappelijke voorzieningen en publieke ruimte moeten voor iedereen bereikbaar, toegankelijk en uitnodigend zijn. Een omgeving die niet aantrekkelijk is en niet uitnodigt tot bewegen (wandelen, sporten, spelen) en verblijven (zitten op een bankje in het park of wachten op de bus) zal niet leiden tot naar buiten gaan (meedoen) en hiermee ook niet tot ontmoeten. Het begrip publieke familiariteit is gemunt door socioloog Talja Blokland en duidt op de kennis over buurtbewoners die ontstaat uit herhaaldelijke contacten in de publieke ruimte. Deze kennis stelt ons in staat om buurtgenoten te vertrouwen, of in ieder geval om ze in te kunnen schatten en draagt bij aan een gevoel van je thuis voelen ('belonging'). Contacten met buurtgenoten kunnen heel hecht zijn, zoals het dagelijks bij elkaar op de koffie gaan. Maar ook oppervlakkige contacten, zoals groeten, knikken of elkaar alleen maar zien, leveren kennis op over wie er in de buurt of het gebouw 'hoort'. Elkaar regelmatig tegenkomen kan bijdragen aan een vertrouwdheid met het dagelijks leven van mensen die je als 'anders' ziet en van wie je kunt zien, bijvoorbeeld door samen op het schoolplein te staan, dat je meer gemeen hebt dan je aanvankelijk dacht.

Door een goede inrichting van de openbare ruimte en het creëren van (ontmoetings)plekken, ook in de gebouwen, wordt het ontstaan van publieke familiariteit bevorderd.

Vierkante meters in de stad zijn schaars en duur en moeten daarom efficiënt worden gebruikt. Dat kan door functies in ruimtes te combineren, hetgeen het gebruik van voorzieningen ook kan bevorderen en nieuwe relaties tussen mensen worden gelegd. Combinaties van voorzieningen kunnen stigmatisering voorkomen en de drempel voor gebruik verlagen. Soms is het mixen van functies juist niet wenselijk, omdat we willen voorkomen dat gebruikers van de ene functie gemakkelijk gebruik maken van de andere functie.

Toegankelijkheid en bereikbaarheid gaat ook over mobiliteit. Door te reizen kom je in contact met vrienden, familie, werk, zorg, onderwijs, cultuur en sport. Mobiliteit stelt mensen in staat een zinvol en gelukkig leven te leiden. Dat gaat ook over toegankelijkheid, veiligheid, mate waarin mobiliteit uitnodigend is en de beleving van een reis. We willen dat iedereen in de stad zich naar behoefte goed, efficiënt, veilig en zo gezond mogelijk kan verplaatsen. Dat draagt bij de aan de ontmoeting tussen mensen.

Metrostation Rijnhaven

Context

Legenda Openbare ruimte stad Openbare ruimte buurt Openbare ruimte straat Ruimte + programma (verticale) straat Ruimte + programma stad Ruimte + programma buurt

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Een inclusieve binnenstad, buurt en/of gebouw is een opgave die door meerdere factoren wordt beïnvloed en een uitdaging is om voor iedereen goed vorm te geven. Door de benoemde kernwaarden in de Rotterdamse Omgevingsvisie door te vertalen naar de Rijnhaven, geven we hieronder een aantal handvatten voor die opgave: Toegankelijkheid: Het is voor iedereen toegan­ kelijk, bereikbaar en mogelijk om mee te doen. Toegankelijkheid van gebouwen en hoogbouw vergroten door openstellen van binnenterrei­ nen, entreehallen, daken en het toevoegen van publieke en particuliere functies. En voorkom barrières; -

-

Ruimte voor ontmoeting: De inrichting van de openbare ruimte en (verkeers)ruimtes in de gebouwen is afgestemd op diverse behoeften en vergroot de kans op ontmoeting. Stimuleren van uitnodigend verblijf en verplaatsing door o.a. aandacht voor sociale veiligheid, aantrek­ kelijke plinten en architectuur; Gemengde buurten: We streven naar sociaal economisch gemengde buurten met moge­ lijkheden om wooncarrière te maken. En een diverse en stedelijke functiemix voor het niet-woonprogramma met voldoende basis­ voorzieningen dichtbij.

Analyse Om de inclusiviteit van de huidge omgeving Rijnhaven te onderzoeken, is een analyse gemaakt

van het aanwezige voorzieningenaanbod, voor wie deze voorzieningen zijn (op welke schaal deze functioneren) en hoe deze vervolgens de "feel" van het gebied bepalen. Hiervoor is een denkkader opgesteld, dat het gebouwd programma en de openbare ruime in drie categorieën opdeelt: stad, buurt en straat. De analyse van het huidige situatie, zie de kaart op de pagina hiernaast, laat zien dat er op dit moment veel functies in het gebied een positieve bijdragen leveren aan de stad. Met de sprong over de rivier is de stap gezet naar een binnenstad op twee oevers. Het waterfront en de voorzieningen daaromheen zijn sinds deze ontwikkeling voor veel Rotterdammers en bezoekers van de stad een steeds populairdere bestemming. Een breed aanbod van musea, kantoren, hotels, restaurants, winkels en een bruisend cultureel en horeca-milieu op Katendrecht zijn grote publiekstrekkers. Met de ontwikkeling van de Rijnhaven, het rondje rond het havenbekken met divers stedelijk programma en het nieuwe stadspark is de verwachting dat de populariteit van het gebied alleen maar zal toenemen. Het Rijnhavenkwartier (Wilhelminapier, Zuidkade, Katendrecht) heeft een grote aantrekkingskracht voor veel mensen van buiten. Het gebied rond de Rijnhaven functioneert bijna volledig op stedelijk niveau; de buurt en straat zijn afwezig, iets wat zich steeds duidelijker manifesteert in de reacties

van bewoners en omwonenden. Op Katendrecht spreken sommigen van gentrificatie, ervaren zij het verlies van de gezellige ons-kent-ons buurt van weleer en mist men buurtvoorzieningen nabij. Op de Wilhelminapier zorgt de drukte van de vele bezoekers voor ergenis bij sommige bewoners en ook zij missen buurtvoorzieningen en een plek om elkaar te ontmoeten (zeker in de gebouwen waar collectieve voorzieningen ontbreken). En de Afrikaanderwijk, een nog wat naar binnen gekeerde stadswijk, aan de overzijde van de stadsas is nog lastig aan te haken. Daar mist men groen en staan de buurtvoorzieningen onder druk.

Opgave Een opgave voor de ontwikkeling van de Rijnhaven (zonder de complexiteit van het vraagstuk geweld aan te doen) is extra aandacht te besteden aan de categorieën straat/buurt en rekening te houden met de brede welvaart van huidige en toekomstige bewoners in en om het gebied. Om dit voor elkaar te krijgen, zetten we in op: een leefomgeving waar je je welkom voelt en wooncarrière kunt maken; ruimte voor lokale ondernemers; een centrale (ontmoetings)plek voor de buurt met een evenwichtig voorzieningenaanbod en diverse buurtfuncties; veel kansen in de bebouwing en openbare ruimte voor ontmoeting, voor het opbouwen van relaties en routines van (buurt)bewoners.

Context

Plan

3

Illustratieve plankaart Rijnhaven

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

3.1 Plan Rijnhaven Met de gebiedsontwikkeling Rijnhaven wordt er een uitbreiding van de het Rotterdamse stadscentrum op de zuidoever gerealiseerd. Door de centrale ligging tussen de Wilhelminapier, Zuidkade en Katendrecht en tussen twee metrostations zorgt de ontwikkeling van de Rijnhaven voor de ontbrekende verbindende schakel, waarmee de afzonderlijke gebieden als geheel kunnen gaan functioneren: het Rijnhavenkwartier.

Kernwaarden De Rijnhaven biedt met haar strategische ligging, omvang en bijzondere karakteristiek de kans om een unieke combinatie van stad en park te maken, waarmee de Rijnhaven een geliefde plek in de stad kan worden om te wonen, werken en verpozen. De ontwikkeling van de Rijnhaven draagt bij aan de grote opgaven van de stad, aan het realiseren van 'goede groei'. De ambitie voor de Rijnhaven combineert de kwaliteiten van de grote stad, het gevoel van de haven en de dynamiek van de rivier. De ambitie voor de Rijnhaven is in het Masterplan Rijnhaven vertaald naar 4 kernwaarden, die op de volgende twee pagina's meer geladen worden met steekwoorden: Hoogstedelijk; Robuust; Rotterdams; Voor iedereen.

Gebiedsontwikkeling Tussen de Posthumalaan en het water van de Rijnhaven wordt straks gebouwd en een stadspark aangelegd. Daarvoor wordt ongeveer een-derde van het bekken aan de oostzijde gedempt. Op dat nieuwe stuk land, op zo'n 5 meter vanaf de huidige kade, worden drie bouwblokken met in hoogte wisselende torens neergezet om in te wonen, te werken en te recreëren. De Posthumalaan wordt een echte stadsboulevard met meer ruimte voor fietsers en voetgangers en een goede doorstroming van het (bestemmings-)verkeer. En

een fraaie entree voor bezoekers en bewoners van de binnenstad en het gebied. Behalve van de skyline en alle reuring in het Rijnhavenkwartier genieten bezoekers en bewoners ook van de relatieve rust van het stadspark met strand en water in een intiemere Rijnhaven. De inrichting van het Rijnhavenpark, een ontwerp van Michael van Valkenburgh Associates (MVVA), wordt vernieuwend met deels drijvende parken (o.a. een ontwerp van Carve) en een openbaar strand midden in de stad. Het park, strand en diverse overgangen langs de kades zorgen voor een unieke

Plan

Hoogstedelijk mixed use binnenstad op 2 oevers compact & intensief TOD: OV en voetganger wonen op hoogte 24/7 & nachtleven actieve plinten deelmobiliteit city lounge

40

i Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Rotterdams deltastad wereldhavenstad nautiek Ā dynamiek grootse maat ā schaal wederopbouw Ā skyline oude ā nieuwe identiteit multi-cultureel rauw randje lef

Voor iedereen verbindend bestemming samen I delen ontmoetingsplekken natuurinclusief I stadspark én én I voor ieder wat wils openbaar Ā toegankelijk bouwblok als buurt functiemix

Plan

Illustratieve uitwerking van een mogelijke doorsnede

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

beleving langs, op en in het water. Het water zelf wordt makkelijk bereikbaar, aanraakbaar en biedt straks veel mogelijkheden voor activiteiten en drijvend programma. Met de aanleg van de Rijnhavenbrug was er min of meer al een wandelcircuit ontstaan rondom de Rijnhaven. Dat rondje Rijnhaven wordt langs de stadsas gecompleteerd met de esplanade rondom de drie bouwblokken. Waarmee een wandelboulevard met een grote diversiteit aan programma en (recreatieve) mogelijkheden rondom het park ontstaat met de unieke kwaliteiten van het havenbekken en het wateroppervlak als middelpunt.

Drie bouwblokken maken stad De ambitie voor de nieuwe bebouwing aan de oostzijde van het havenbekken is niet alleen een nieuw stuk hoogstedelijke binnenstad te realiseren maar ook een gebied dat zowel fysiek als programmatisch een verbindende schakel moet gaan vormen tussen de omliggende wijken en buurten. Hiervoor wordt 'klassieke' stedenbouw ingezet, waar bouwblokken met hun gevelwanden de openbare ruimte definiëren, een heldere demarcatie tussen openbaar en privé bepalen en binnenhoven voor rust en intimiteit zorgen. Door strategisch drie bouwblokken van 75 meter diepte parallel aan de Tillemakade te positioneren en vorm te geven, wordt er een gelaagd en fijnmazig stedelijk weefsel van pleinen,

lijnen, straten en stegen tussen de Wilhelminapier, Zuidkade en Katendrecht gerealiseerd dat de verbinding ertussen legt. Met functies en voorzieningen in de Rotterdamse laag die passen bij een superdiverse bruisende binnenstad én de behoeften van de omliggende buurten: horeca, maatschappeljke voorzieningen, kleine (buurt) winkels, bedrijfsruimte, kantoor, sport en cultuur. Zo ontstaat een interessant en uitnodigend gebied om te bezoeken en in te verblijven, zowel voor bewoners, omwonenden als bezoekers. Uit die bouwblokken rijzen zes torens die zorgen voor extra dichtheid en draagvlak, een aanvulling op de skyline van de binnenstad op Zuid zijn en zorgvuldig een hoogstedelijke omranding van het bekken componeren. De stedenbouwkundige envelop, de programmering en het principe voor de beeldkwaliteit worden in de navolgende paragrafen verder toegelicht. De beoogde dichtheid en compactheid in een drukke en representatieve binnenstedelijke context geeft nieuwe uitdagingen. Om de logistieke drukte in goede banen te leiden, is de expeditiestraat typerend voor de Rotterdamse binnenstad - ook in de Rijnhaven toegepast. Tegelijkertijd wordt daarmee 'de achterkant van de stad' bereikbaar en zichtbaar voor iedereen, wat een interessante stedelijke ruimte kan worden: waar 'spannende' en ondersteunende stedelijk programmering een betaalbare plek kan vinden. Door blok 2 verbindt de

expeditiestraat de beide tussenstraten waarmee een openbaar toegankelijke logisitieke route ontstaat. Blok 1 en 3 kunnen met hun logistieke straat/hof ontsluiten/aansluiten hierop. De toegang tot de expeditiestraten mag overbouwd worden.

Bouwblok als buurt Een andere uitdaging van de compacte en grootstedelijke blokken met torens in deze binnenstedelijke context is het gebrek aan ruimte voor ontmoeting in het gebouw én de directe omgeving ervan. De straat en de buurt ontbreken: vanuit je voordeur sta je direct in de drukke (binnen)stad. Dit maakt wonen anoniem, waardoor eenzaamheid op de loer ligt. Ook plekken die men zich kan toe-eigenen ontbreken, waar men elkaar kan ontmoeten. Dat dient in het bouwblok gerealiseerd te worden, waarmee het bouwblok niet alleen een architectonische maar ook stedenbouwkundige en sociale opgave wordt. Opgave is in en tussen de gebouwdelen van het bouwblok (de plint, Rotterdamse laag en de torens) routes, plekken en voorzieningen te realiseren voor bewoners om elkaar te ontmoeten en samen te leven. Ruimte(s) die op het niveau van de straat Z buurt functioneren en het gebrek hiervan in de openbare ruimte compenseren. In de Rijnhaven noemen we dat 'ruimte voor sociale kwaliteit' In paragraaf 3.7 en de planregels (2 sociaal) wordt deze uitdagende opgave en ambitie verder uitgewerkt.

Plan

Expeditiestraten Expeditiest raten zijn onderdee l va n het DNA va n de Rotterdamse bin nenstad . In Rij nhaven introd uceren we dit typische Rotterd amse feno meen opnieuw in de bin­ nenstad, n u op de linkermaasoever, o m de uitdagingen van de huidi ge tijd op te losse n. E n die uitd agin gen zijn tegenwoo rdi g m eer dan alleen de log istiek e n mobi liteit. Ook voor inclusieve (en betaalbare) stad kan de expedi­ tiestraat van beteken is zijn. In het wederopbouwplan uit 1946 staat over deze expeditiestraten:" Via deze pleinen en straten zullen de winkels voor het autoverkeer bereikbaar worden, zonder daarmede de straten te belasten, terwijl ten slotte onder de boom en een ruimte parkeergelegenheid beschik­ baar kom t." Expediti estraten waren bedoeld voo r onder andere parkere n en bevoor raden van win kels en h oreca. De expeditiestraten zij n een bijzonder Rotterdams feno­ meen. Het karakter van de wederopgebo uwde binnen­ stad wo rdt er zelfs g eheel door bepaald en onderscheidt de binnenstad van d e rest van de binnensteden in Neder­ land. Daarnaast zijn de expeditiestraten ( bij na) allemaal onderdeel van de openbare ruimte, alhoewel deze vaak niet zo ervaren en gebruikt worden .

Witteveen j von Troo expeditie Wltteveen j von Troo dubbele xpeditiestroten Ll|nboonhoven Overige binnenhoven Expeditiestroten oon de Rotte Achterstroot Woterstod

(”İ |Tİ

111 lí! Si! Siilĩš !1!

Expeditiestraat Groothandelsgebouw

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

In de Rijnhaven wordt de expeditiestraat naast een plek voor de logistieke afwikkeling, de afvalcontainers en de toegang tot stallingsruimtes Z deelmobiliteit, ook een extra (openbare) ruimte die fijnmazigheid toevoegt. Een stedelijke ruimte, die een rauw randje kan toevoegen, waar de superdiverse binne n stad plek bied t aan bijzon­ dere horeca, nachtleven, buurtprogramm a, betaalbare werkruimtes, circulaire economie, sport én groen. Backstage als spektakel voor de stad!

Expeditiestraat Industriegebouw

Illustratieve schetsuitwerking van een expeditiestraat waar stad - buurt - straat samenkomen

Plan

2 1 0 .0

3.2 Stedenbouwkundige envelop De Rijnhaven is door zijn dichtheid en omvang een bijzonder hoogbouwmilieu. Het is ook een aanvulling op de bestaande en geplande hoogbouw in de Kop van Zuid. Het is daarom van belang om de contouren van de hoogbouw nauwkeurig in drie-dimensies vast te leggen. Het hoogbouwsilhouette rond de Rijnhaven, goed zichtbaar vanuit verschillende posities langs de Nieuwe Maas in de stad, vormt na realisatie een belangrijke toevoeging aan de Rotterdamse skyline. Belangrijker nog is hoe de Rijnhaven vanaf maaiveld beleefd en ervaren wordt. Dat er door de nieuwbouw letterlijk stad gemaakt wordt door de goeie positionering, opbouw, programmering en uitstraling ervan. Om beide te borgen en hieraan richting te geven, is een stedenbouwkundige envelop gedefinieerd. De stedenbouwkundige envelop bestaat uit drie bouwenveloppen waarin naast de maximale volumes van de individuele bouwblokken ook de verhouding onderling vastgelegd wordt. Deze stedenbouwkundige envelop wordt vastlegd in bestemmingsplan Rijnhaven en is daarmee het vertrekpunt én toetsingskader voor de verdere uitwerking. Per bouwblok is de maximale afmeting van de bouwkavel, de volumeopbouw, de bouwhoogtes en dimensionering vastgelegd. De bouwenvelop in combinatie met het mogelijk te

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

realiseren programma, de geformuleerde ambities en nadere planregels uit dit stedenbouwkundig plan vormen samen het vertrekpunt om tot ontwerpen van de individuele bouwblokken te komen. In de bouwenvelop onderscheiden we de navolgende vier ruimtelijke onderdelen: plint expeditiestraat - Rotterdamse laag - hoogbouw.

Plint De plint betreft de eerste 12 meter vanaf het maaiveld. De plint is opgebouwd uit twee of drie bouwlagen, wat een diversiteit aan verdiepingshoogtes, invullingen en uitstraling oplevert. De begane grondlaag heeft minimaal

een verdiepingshoogte van 4.5 meter. Een nog hogere verdiepingshoogte biedt ruimte om een tussenverdieping (mezzanine) te maken. De mezzanine ligt terug ten opzichte van de gevel, zorgt voor extra dynamiek en diepte in het gevel- en straatbeeld en past heel goed in een hoogstedelijk omgeving. Daglichttoetreding, transparantie, klimaatinvloeden, interactie en menselijke maat spelen een belangrijke rol bij het plintontwerp.

Expeditiestraat en -hoven De expeditiestraten en/of hoven zijn op maaiveld gelegen, niet overbouwd op (eventueel) de toegang in het bouwblok na, uitnodigend vormgegeven en

geprogrammeerd en openbaar toegankelijk. De expeditiestraat in blok 2 heeft een breedte van circa 12 meter (doorgang mag minder breed) en is ruimer in het midden van het blok waardoor er hofachtige interne ruimte ontstaat. Deze is essentieel voor de ontsluiting, afvalinzameling en expeditie van de drie bouwblokken. Bij blok 1 en 3 is er de mogelijkheid om het expeditiehof doodlopend op te lossen, mag de doorgang Z poortbreedte kleiner zijn en de maat en vorm zijn vrijer. De ontsluiting ervan is bij voorkeur in en uit via de tussenstraat, eventueel kan een uitgang ook direct op de Posthumalaan.

Plan

Rotterdamse laag De Rotterdamse laag mag tot maximaal 40 meter bouwhoogte reiken, gemeten vanaf maaiveld. In bouwhoogte van de Rotterdamse laag is diversiteit wenselijk. Een differentiatie in bouwhoogte draagt bij aan het onderscheid in gebouwdelen onderling, tussen park- en stadsaszijde en een meer dynamische blokopbouw. Ook voor het ontwerpen op wind, zon en uitzicht is een diversiteit aan bouwhoogte wenselijk. In de Rotterdamse laag geldt er een minimale bruto verdiepingshoogte van 3,3 meter, zodat er flexibiliteit qua programmatische invulling mogelijk is en blijft. De functies wonen en nietwonen zijn dan uitwisselbaar. Het gros van het niet-wonen programma krijgt (waarschijnlijk) in de Rotterdamse laag (inclusief stedelijke plint) een plek. Menging van functies is op verschillende manieren mogelijk, zowel horizontaal als verticaal.

Hoogbouw De Rotterdamse hoogbouwvisie staat toe dat er hoogbouw tot maximaal 250 meter hoog wordt gerealiseerd in de Rijnhaven. Bovenop de Rotterdamse laag is realisatie van hoogbouw mogelijk binnen daarvoor aangewezen posities en hoogtes. Meerdere hoogteaccenten, twee per bouwblok, zetten de Rijnhaven op de Rotterdamse skyline. De hoogteaccenten van de Rijnhaven dienen onderling te variëren in hoogte, zodat er een 'interessant luchtspel' ontstaat. De hogere

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

torens staan aan de stadsas, de lagere torens aan de parkzijde en de hoogste toren staat aan het plein nabij het Luxor Theater. Met deze bouwhoogteopzet ontstaat er een 'tribune-effect' met oriëntatie op het water en een afgestemd hoogtespel met de reeds aanwezige hoogbouw.

Ontwerpvrijheid De bouwenveloppen van de bouwblokken zijn ruim opgezet. Dit geeft de ontwikkelende en ontwerpende partijen vrijheid om binnen de contouren van de envelop het bouwblok met de torens vorm te geven. De overmaat in de bouwenvelop geeft ruimte om de vorm- en beeldtaal te laten aansluiten op de omgeving, de andere bouwblokken en de gewenste beeldkwaliteit. Daarnaast schept de overmaat ruimte om te ontwerpen op omgevingsaspecten als zon, wind, uitzicht en privacy. En als laatste geeft de overmaat partijen ontwerpvrijheid in het voldoen aan de planregels, die meegegeven zijn voor de uitwerking (zie paragraaf 4.1). Concreet is die overmaat circa 1,5 tot 2,5 keer zo groot als het toegestane te realiseren maximaal programma. Op de naaststaande en volgende 2 pagina's is een voorbeelduitwerking van de Rijnhaven binnen de stedenbouwkundige envelop geïllustreerd vanuit diverse hoeken en vanaf diverse plekken in de stad met een minimaal en maximaal volume. Rijnhaven gezien vanaf westen

Plan

Rijnhaven gezien vanaf Leuvehoofd (minimaal volume)

Rijnhaven gezien vanaf drijvend park (maximaal volume)

Stedenbouwkundig plan Rijnhaven

Rijnhaven gezien vanaf Hillekop (minimaal volume)

Rijnhaven gezien vanaf Maasboulevard (maximaal volume)

Rijnhaven gezien vanaf Codricotoren (minimaal volume)

Rijnhaven gezien vanaf Paul Nijghkade voor Fenix II (maximaal volume)

Uitwerking

3.3 Programma Het te realiseren programma in de Rijnhaven betreft een gemengde en evenwichtige mix passend bij een binnenstedelijke ontwikkeling als deze. Daarnaast moet het programma aanvullend en completerend zijn op hetgeen er reeds in de directe omgeving zit, zowel op buurtniveau als in het rondje Rijnhaven. Naast maximaal 3.000 woningen is een breed scala aan nietwoonfuncties en voorzieningen opgenomen in het toegestane te realiseren programma (zowel in dit stedenbouwkundig plan als het bestemmingsplan). Bij de invulling van de voorzieningen ligt de nadruk op voorzieningenprogramma dat een gezond, inclusief en dynamisch stedelijk leven mogelijk maakt en stimuleert. Aspecten als nabijheid, bereikbaarheid, ontspanning, ontmoeting en het gebruik van de aangrenzende openbare ruimte spelen daarbij een grote rol. Het voorzieningenprogramma heeft een belangrijke fysieke en sociale relatie met de directe omgeving én de aangrenzende wijken.

Legenda Stad: kantoor, dienstverlening en bedrijfsruimte Stad: horeca, sport en retail Stad: cultuur en ontspanning, hotel Buurt: maatschappelijk, retail

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=5ff3eb99-a9f5-4224-8099-53892906b2a4