CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb004627] Bijlage 5 behorende bij 24bb004640 over nota zienswijzen Codrico terrein (met bijlage)

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 28 augustus 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen34.720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Ingeklemd tussen fabrieksterrein en de rijweg (Veerlaan) blijven de gebruiksmogelijkheden van deze groene doorgangsruimte beperkt. Harde toezeggingen voor een verdergaande inrichting van het huidige groen naar een omvattender park zijn niet gedaan. Noch dat het terrein in de huidige hoedanigheid als groene ruimte, blijvend als verblijfsgebied aan een bewonersgroep is toegezegd. Op claims, initiatieven en inrichtingsvoorstellen is door de gemeente steeds gereserveerd gereageerd om versnippering en toe-eigening te voorkomen. Dit tegen de achtergrond om met de tijd een omvattender invulling aan het groen te geven die zich verhoudt met een grotere context. Groen als substantieel onderdeel van de inrichting is in de ambities nooit weggeweest. Hier wordt dan ook wel degelijk invulling aan gegeven. Voorstel Wij stellen voor de zienswijzen die betrekking hebben op dit onderdeel ongegrond te verklaren, te weten 2.2, 3.6, 4.3, 10.2, 12.1, 14.19, 17.6, 24.6.

Pagina | 23

2.

Verdwijnen van het groen. Met de komst van het Veldblok wordt er nog meer groen ingenomen in een deel van Katendrecht, waar dit al zeer sporadisch aanwezig is. Het aanbrengen van groene daken lost dit probleem niet op. Daarnaast zou de Groene Kaap een groene route worden, maar is vrij rap na oplevering voor de buitenwereld afgesloten. Door de ontwikkeling wordt het park gehalveerd. Een als groen aangewezen gebied wordt nu bebouwd in een toch al versteend gedeelte van de wijk. Het project draagt niet bij aan vergroening van het gebied en laat daarnaast openbaar groengebied verdwijnen. Het kleine stukje groen wordt opgeofferd voor het Veldblok. Reactie Met de nieuwe ontwikkelingen ontstaat de mogelijkheid om, samenhangend met de nieuwbouw, een betekenisvollere inrichting voor het groen te bereiken, met een duidelijke identiteit en meer gebruikswaarde. Het nu nog (grotendeels verharde) privéterrein van de fabriek wordt toegankelijk én als groen ingerichte ruimte aan het openbaar gebied toegevoegd. Ondanks de bouw van het Veldblok wordt hierdoor het groenoppervlak niet verkleind (netto zal sprake zijn van meer groen en openbaar gebied dan in de huidige situatie). Groen kan namelijk binnen de bestemmingen 'Verkeer - Verblijfsgebied' en 'Gemengd' worden gerealiseerd. De groen omspoelende vorm legt op meerdere manieren verbindingen met de omgeving.

Er ontstaat een grotere variatie aan plekken die ruimte laat voor sociale activiteiten en de ruimte naar de kade wordt maximaal vergroot. Daarbij zorgt de interactie met het functioneren van de gebouwen voor een levendiger en veiliger openbaar gebied. De groene daken zijn ook niet bedoeld als vervanging van groen in de openbare ruimte, zoals reclamant lijkt te suggereren. Groene daken zijn er voor de bewoners van het complex en zijn niet toegankelijk voor iedereen. In tegenstelling tot de Groene Kaap, waarbij de groene hoven en de daktuin op gezette tijden opengesteld zijn. De groene daken dragen wel degelijk positief bij aan het groengehalte op Katendrecht met allerlei voordelen: meer ruimte voor biodiversiteit, het absorberen van regenwater, goed tegen hittestress, etc. Met de ontwikkeling van de gebouwen zal te zijner tijd een inrichtingsplan opgesteld worden die invulling geeft aan de inrichting van het openbare gebied als nieuw parkplein aan de kade. Voorstel Wij stellen voor de zienswijzen die betrekking hebben op dit onderdeel ongegrond te verklaren, te weten 5.2, 9.6, 23.4.

G. Doorloop voorlangs de Fenix I Door 6 en 22 reclamanten is een zienswijze ingediend met betrekking tot het aspect doorloop voorlangs de Fenix I. De inhoud van de zienswijzen per reclamant is niet geheel identiek, maar komen grotendeels wel met elkaar overeen.

1. Inrichting buitenruimte/passanten. Reclamanten wensen dat indien er een collectieve buitenruimte aan woningen grenst, er gezorgd dient te worden dat privacy afdoende gewaarborgd is. De komst van het Veldblok leidt tot een forse toename van het aantal passanten, waardoor van de gemeente een gelijke behandeling van de woningen aan de Nico Koomanskade 95 -101 als het Veldblok wordt verwacht. Dit houdt in dat de plint van FenixI wordt aangesloten op de omgeving en dat de buitenruimte van de Nico Koomanskade 95 -101 zo ingericht wordt dat passanten richting de waterkant van de kade worden geleid en worden weggeleid van de gevels van de woningen. In de huidige ruimtelijke indeling van de Nico Koomanskade 95 -101 is de privacy slecht gewaarborgd. Bij de komst van FenixI is direct aansluitend aan de woningen van de Nico Koomanskade een openbare weg gelegd. Dit leidt tot het passeren van wisselende, soms aanzienlijke aantallen passanten, vlak langs de gevels. In tegenstelling tot de bedoeling van de gemeente destijds, wat inhield dat voetgangers, fietsers en scooters de route van het spoor zouden volgen, verloopt het verkeer veelal direct langs de gevels van de Pagina | 24

kadewoningen. Door de plaatsing van het Veldblok pal op de route van het spoor, zal dit alleen maar erger worden. Het verzoek is om de buitenruimte van de kadewoningen zo in te richten dat passanten richting de waterkant van de kade worden geleid en worden weggeleid van de gevels van de woningen. Reactie De woningen op de begane grond van de Fenix I grenzen direct aan openbaar gebied. Voetgangers kunnen daar komen, echter als ruimte ligt deze strook in de tweede lijn ten opzichte van de doorgaande loopstromen. De doorgaande loop over het slingerende pad langs het Veldblok naar de hoofdroute op de kade ligt op afstand van deze voorruimte van de woningen. De grootste concentratie voetgangers neemt dit pad of beweegt zich langs de kaderand. Met de ontwikkeling van het Codrico terrein wordt de ruimte aan de kade tussen de Fenix I en Codrico groter. Daarbij wordt ook de hoofdroute over de kade oostelijk doorgetrokken. Deze aanpassingen ondersteunen dat voetgangers vooral de ruimte krijgen langs de kaderand en dientengevolge weggeleid worden van de gevels, waartussen als extra buffer een groenstrook is aangelegd die scheidend werkt. De directe voorruimte aan de Fenixwoningen op de begane grond is openbaar gebied en blijft daarmee een toegankelijk pad.

Wel kan worden bekeken hoe de doorgaande loop langs de gevels te ontmoedigen door de intimiteit te vergroten (met bewonersgroen en objecten). Het Boutique hotel op de hoek draagt hier ook al aan bij. Tot slot wordt opgemerkt dat met het toevoegen van de 'missing link' in het rondje Rijnhaven aan de Katendrechtzijde het zeker drukker zal worden op de kade. En inderdaad zoals reclamanten stellen, zal dit als positief effect kunnen hebben dat passanten minder dicht langs de gevel van reclamanten gaan lopen. Dit heeft de gemeente ook beoogd met de inrichting van de Nico Koomanskade door deze zonering op te nemen (brede ruimte aan waterkant, een groene zone in het midden en een zone voor de woningen en de commerciële plinten). Voorstel Wij stellen voor de zienswijzen die betrekking hebben op dit onderdeel ongegrond te verklaren, te weten 6.2, 22.2.

H. Besluit m.e.r. Door reclamanten 11 en 13 is een zienswijze ingediend met betrekking tot het aspect besluit mer. De inhoud van de zienswijzen per reclamant is niet geheel identiek, maar komen grotendeels wel met elkaar overeen.

1. M.e.r.-beoordeling. De gemeente heeft gekozen voor een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Uit de ter beschikking gestelde ruimtelijke onderbouwing, toelichting en overige bijlagen kan onvoldoende opgemaakt worden op basis van welke uitgangspunten de gemeente heeft geoordeeld dat voor dit bestemmingsplan geen formele m.e.r.-beoordeling dient te worden verricht. Reclamant wordt graag gekend in de overwegingen van de gemeente een formele m.e.r.-beoordeling voor dit bestemmingsplan achterwege te laten. Daarbij verneemt reclamant graag waarom overige projecten in de buurt niet zijn meegenomen in de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Als gevolg van het niet meenemen van de (concrete) plannen voor onder andere de Yamaha-strook is een onvolledig beeld gevormd voor het bestemmingsplan Codrico. Met name de zone rond het zogenaamde Wandblok en de Toren is nog niet voorzien van een heldere aansluiting op de voorgenomen projecten in onder andere de Yamaha-strook. De werking van het bestemmingsplan Codrico en samenhang van de posities in de Yamaha-strook is onvoldoende gewaarborgd. Reactie Het klopt dat er verschillende ontwikkelingen op Pols Noord plaatsvinden. Dit zijn op zichzelf staande projecten die ieder zelf verantwoordelijk zijn voor het doorlopen van een planologische procedure.

Gebleken is dat de procedures van de verschillende ontwikkelingen en van het (ontwerp)bestemmingsplan te ver uiteen gingen lopen om één (ontwerp)bestemmingsplan voor de nieuwe ontwikkelingen te kunnen maken. Voor deze ontwikkelingen worden daarom afzonderlijke ruimtelijke procedures per ontwikkeling Pagina | 25

gevoerd. Voor de volledigheid is wel een m.e.r.-beoordeling voor het hele gebied opgesteld, zodat blijkt dat wanneer de voorziene ontwikkelingen in samenhang worden bezien geen sprake is van significant negatieve milieueffecten. Op deze manier zijn alle ontwikkelingen betrokken bij het beoordelen van de milieueffecten en wordt een zorgvuldige afweging omtrent de milieueffecten genomen. Aanvullen en uitleggen wat met de nieuwe mer-beoordeling is onderzocht + hoe de ontwikkelingen in de omgeving zijn meegenomen in de m.e.r.-beoordeling + in lijn brengen met documenten Peutz. Voorstel Wij stellen voor de zienswijzen die betrekking hebben op dit onderdeel gegrond te verklaren, te weten 11.4, 13.2. Er is een nieuw m.e.r.-beoordelingsbesluit genomen voor Pols Noord. Dit besluit wordt als bijlage aan het bestemmingsplan toe te voegen. Hiervoor wordt verwezen naar de Nota van wijzigingen onder punt 2.5, 2.6 en 2.7.

I. Coördinatiebesluit Door verschillende reclamanten is een zienswijze ingediend met betrekking tot het aspect coördinatiebesluit. Het gaat om reclamanten 9, 10, 14, 17, 19, 23 en 24. De inhoud van de zienswijzen per reclamant is niet geheel identiek, maar komen grotendeels wel met elkaar overeen.

1. Coördinatiebesluit. Het beperken van de beroepsmogelijkheden door de samenvoeging van de zeer sterk verschillende onderdelen, o.a. nieuwbouw, wijziging bestemming, op- en verbouw alsmede aanpassing van een monument, in één coördinatiebesluit. Dit doet geen recht aan de belangen van de betrokkenen en het is ook onacceptabel dat de aantasting van een monument en het opofferen van een 'zeldzaam'stukje groen in de wijk als hamerstuk in een groot plan het ondergeschoven kindje van de rekening gaat worden. Met het coördinatiebesluit wordt beoogd de besluitvorming te stroomlijnen, maar in dit geval wordt de aangevraagde bestemmingsplanwijziging en de beperkte beroepsmogelijkheden hiertegen de voortgang van het gehele project op het spel gezet. Tevens geven reclamanten aan dat coördineren niet mogelijk is omdat er meerdere bestemmingsplannen worden gewijzigd en de aard van de wijzigingen verschillend is. Er bestaat geen noodzaak tot een gecoördineerd besluit en er wordt ook geen motivering voor gegeven. Het coördinatiebesluit lijkt een poging een zorgvuldige afweging van belangen te vermijden en een aanzienlijk belang vanuit de vastgoedsector te belonen. De bezwaren voor het Veldblok zijn zo talrijk, dat het volgens reclamanten verstandig is het Veldblok ook uit het coördinatiebesluit te halen. Hierdoor kunnen de bezwaren in een niet beperkte bezwaarprocedure getoetst worden.

Reclamanten verzoeken om de besluitvorming met betrekking tot het Silogebouw tot nader order uit te stellen en het plan uit het coördinatiebesluit te lichten. Volgens reclamanten is het ontwerp in strijd met ongeveer alles waarmee het in strijd zou kunnen zijn en gaat het tegen alle adviezen in van om advies gevraagde instanties. Reactie De initiatiefnemer van het project Codrico terrein heeft verzocht de in artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) vastgelegde coördinatieregeling toe te passen. De coördinatieregeling kan worden toegepast als er meerdere procedures en besluiten nodig zijn ter verwezenlijking van een ruimtelijk project. De reden voor het toepassen van de coördinatieregeling ligt in de totale tijdwinst die voor het doorlopen van de procedures gehaald kan worden. Wat ook in het belang is van de woningzoekenden in Rotterdam. Daarnaast is voor omwonenden en belanghebbenden duidelijk welke besluiten genomen zullen moeten worden voor dit project en kan één gezamenlijke rechtsgang worden doorlopen. Een besluit van het college tot gecoördineerde voorbereiding op grond van de gemeentelijke verordening is niet mogelijk, omdat het project niet valt binnen de door de gemeenteraad in haar vergadering van 23 juni 2011 aangewezen categorieën van gevallen waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen vereist is. Er is onder andere sprake van Pagina | 26

de realisatie van meer dan 120 woningen. De raad heeft derhalve zelf een besluit genomen op 21 december 2023. Hiermee is wel degelijk getracht recht te doen aan ieders belangen en de ontwikkeling integraal te beoordelen. Verder wordt begrepen dat deze ontwikkeling een veelomvattend plan is, maar ten behoeve van de integrale beoordeling is het juist wel wenselijk de coördinatieregeling te gebruiken waar ook de omgevingsvergunningen voor het Veldblok en het Silogebouw onderdeel van uitmaken. Er is geen aanleiding om deze omgevingsvergunningen uit de gecoördineerde procedure te halen, aangezien de bouwplannen voor deze twee gebouwen rijp zijn voor vergunningverlening. In het kader van het (ontwerp)bestemmingsplan is gemotiveerd dat sprake is van een goed ruimtelijke ordening en de omgevingsvergunningaanvraag in lijn is met de uitgebrachte adviezen. Daarnaast is het, anders dan reclamanten stellen, wel mogelijk om meerdere bestemmingsplannen te wijzigen met één nieuw bestemmingsplan. Bij het opstellen van een nieuw bestemmingsplan, zoals hier het geval is, worden de plangrenzen niet beperkt door de vigerende bestemmingsplannen ter plaatse van de ontwikkeling. Voor het gebied van de ontwikkeling wordt één nieuw bestemmingsplan vastgesteld. Voorliggend (ontwerp)bestemmingsplan 'overschrijfť na vaststelling de vigerende bestemmingsplannen.

Voorstel Wij stellen voor de zienswijzen die betrekking hebben op dit onderdeel ongegrond te verklaren, te weten 9.1, 9.3, 10,1, 10.5, 10.6, 10.15, 14.18, 17.14, 19.2, 23.6, 24.1.

Pagina | 27

Reclamant 1 - Port of Rotterdam 1.1 Nestgeluid In het kader van het vooroverleg is aangegeven dat het onderzoek naar nestgeluid ontbreekt, bij het (ontwerp)bestemmingplan ontbreekt dit onderzoek nog steeds. Reactie Het klopt dat bij het (ontwerp)bestemmingsplan nog geen onderzoek naar nestgeluid is bijgevoegd. Het onderzoek is inmiddels beschikbaar en voorgesteld wordt om deze als bijlage 20 aan de toelichting van het bestemmingsplan toe te voegen. Uit het onderzoek volgt dat de dat maximale geluidbelasting als gevolg van nestgeluid van afgemeerde schepen 57 dB Lden bedraagt en 54 dB Lden ten gevolge van varende schepen. Als gevolg hiervan neemt de geluidbelasting van industriegeluid inclusief nestgeluid en varende schepen toe tot maximaal 58 dB(A) (zie ook het akoestisch onderzoek van Peutz in bijlage 8). Op basis hiervan wordt geadviseerd rekening te houden met een hogere gevelwering en het berekende spectrum voor nestgeluid en scheepvaartlawaai (industrie, scheepvaart en nestgeluid) bij het bepalen van de geluidwering. Voorgesteld wordt om tevens paragraaf 6.4 van de toelichting aan te vullen met de resultaten van het onderzoek. In het kader van de omgevingsvergunningaanvraag zal rekening worden gehouden met de resultaten uit het onderzoek. De aanvraag wordt op dit punt derhalve aangepast.

Voorstel Wij stellen voor de zienswijze gegrond te verklaren en naar aanleiding van de zienswijze paragraaf 6.4 van bestemmingsplan aan te vullen en het onderzoek naar nestgeluid als bijlage 20 aan de toelichting toe te voegen. Hiervoor wordt verwezen naar de Nota van wijzigingen onder punt 2.1 en 2.2.

Reclamant 2 - Omwonende Reclamant woont in het woongebouw Fenix I. 2.1 Bezonning In de zomer wordt genoten van een zestal uren zon. Met de bouw van het Veldblok blijft er waarschijnlijk een schamele periode van twee uur zon over. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt C.1. Voor de woning van reclamant geldt dat sprake is van een maximale afname van 1:20 uur op 21 september en dat er in de plansituatie 4 uur zon resteert. De stelling dat er slechts twee uur zon resteert in de zomerperiode, is dus onjuist. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

2.2 Aanleg park Naast de locatie van Fenix I zou een park aangelegd worden. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt F.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

2.3 Windhinder Door de bouw van het Veldblok dreigt er een schoorsteen-effect te ontstaan, waardoor de wind nog eens versterkt langs Fenix I raast.

Pagina | 28

Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt D.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

2.4 Hoogte Veldblok Het Veldblok zou zeker niet hoger moeten worden dan Fenix I en dezelfde trapsgewijze vorm moeten volgen, zodat het zonlicht niet geblokkeerd wordt. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

2.5 Afstand tussen Veldblok en Fenix I De afstand tussen Fenix I en het Veldblok dient minimaal 65 meter te zijn. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

2.6 Privacy Door de te korte afstand tussen het Veldblok en Fenix I, neemt de privacy onaanvaardbaar af. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.5. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 3 - Omwonende Reclamant woont in het woongebouw Fenix I. 3.1 Uitzicht Uitzicht op het Codrico terrein met de welbekende kubus wordt aan het zicht onttrokken. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.3. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze voor kennisgeving aan te nemen.

3.2 Bezonning en daglicht Het Veldblok zorgt ervoor dat de reclamant geheel wordt ontsloten van dag- c.q. zonlicht. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt C.1. Voor de woning van reclamant geldt dat er geen afname van bezonning optreedt als gevolg van dit plan. Voor wat betreft daglicht kan het gelet op de afstand van de woning van de reclamant tot het Veldblok nooit zo zijn dat ter plaatse van de woning van de reclamant sprake is van te weinig daglicht. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren. Pagina | 29

3.3 Weerspiegeling zon in ramen Weerspiegeling van de zon via de ramen van het Veldblok zorgt ervoor dat reclamant geconfronteerd wordt met een zeer hoog gehalte van verblinding, dus irritatie. Reactie Glas kan inderdaad zonlicht reflecteren. De mate waarin is van allerlei factoren afhankelijk, zoals type glas, oriëntatie, stand van zon Z zonkracht en de afstand tussen glas en ontvanger. Van spiegelend glas is in het Veldblok geen sprake. Dat in dit geval sprake zal zijn van 'een zeer hoog gehalte van verblinding' is hoogst onwaarschijnlijk (door oriëntatie, afstand en toegepaste beglazing). En ter vergelijking: het gebouw waar reclamant zelf in woont, Fenix I, heeft veel glasoppervlak (veel meer dan het Veldblok), ligt qua oriëntatie ongunstiger en vanuit de woningen in de omgeving zijn geen klachten ontvangen over verblinding. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.4 Hoogte bebouwing niet passend Nieuwe gebouwen hoger dan 40 meter horen niet thuis in een volksbuurt als Katendrecht. Reactie Katendrecht is inderdaad een ''oude'' stadswijk, een wijk gerealiseerd in het begin van de 20e eeuw. Bebouwing in die wijken bestaat grotendeels uit een bouwlaag of 3 tot 5, 10 tot 16 meter. Een kerktoren was vaak het hoogste gebouw in de wijk. Katendrecht is echter een bijzondere stadswijk, want van oudsher is dit ook een havenwijk én tegenwoordig onderdeel van het centrum op twee oevers. Vroeger kende de wijk al flink hogere bebouwing en kranen aan de randen met de haven. De Latenstein silo is daar een voorbeeld van, met zijn 48 tot 63 meter. Ook op de San Fransiscoloods (huidige Fenix-loodsen) stonden grote kranen. Meer bouwhoogte aan de havenrand past dus bij de Kaap. Daarbij opgeteld dat de wijk onderdeel is van het Rotterdamse centrum op twee oevers en dat het Rotterdamse centrum zich kenmerkt door hoogbouw. Het is zowel stedenbouwkundig als vanuit de context/historie van de wijk te verantwoorden dat er hogere bebouwing gerealiseerd wordt (aan de randen van de haven). In aanvulling hierop wordt verwezen naar de beantwoording onder B.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.5 Toename woningen leidt tot verkeersproblemen Door een toename van 3000 nieuwe woningen zorgt voor serieuze verkeersproblemen. Reactie We begrijpen de zorgen van reclamant over de verkeersafwikkeling. In het kader van het (ontwerp)bestemmingsplan is reeds een verkeerskundig onderzoek uitgevoerd. Daarnaast is er een opvolgend onderzoek uitgevoerd door RHDHV. In dit laatste onderzoek wordt middels een dynamische simulatie gedetailleerder ingegaan op de verkeersintensiteiten op en rond Katendrecht. Ook uit dit onderzoek volgt dat de huidige vormgeving van het kruispunt met de Hillelaan de toekomstige verkeersintensiteiten niet kan verwerken. In het onderzoek zijn enkele verkeerskundige oplossingen opgenomen die de verkeerintensiteiten wel kunnen verwerken. Tevens is in het onderzoek duidelijk opgenomen met welke toekomstige ontwikkelingen op Katendrecht rekening is gehouden in de verschillende berekeningen. Aanvullend wordt verwezen naar de reactie onder punt A.1 en A.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.6 Verdwijnen grasveld

Pagina | 30

Het verdwijnen van het grasveld draagt negatief bij aan het gemeenschapsgevoel, er worden daar namelijk diverse sociale initiatieven ontplooid. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt F.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.7 Windhinder De ontwikkeling zorgt voor een toename van de wind, welke al flink aanwezig is. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt D.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.8 Afstand Veldblok en Fenix I De afstand tussen Fenix I en het Veldblok dient minimaal 65 meter te zijn. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.9 Privacy Door de te korte afstand tussen het Veldblok en Fenix I, neemt de privacy onaanvaardbaar af. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.5. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 4 - Omwonende Reclamant woont in het woongebouw Fenix I. 4.1 Uitzicht Uitzicht op het Codrico terrein met de welbekende kubus wordt aan het zicht onttrokken. Ook het zicht op de karakteristieke panden aan de Veerlaan verdwijnt. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.3 voor wat betreft het uitzicht op de welbekende kubus. Door het nieuwe ontwerp van het Veldblok en het vergroten van de afstand tot Fenix I is en blijft het zicht op de gevelwand aan de Veerlaan gehandhaafd. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.2 Massaliteit De ontwikkeling is massaal en tegenstrijdig ten opzichte van eerdere besluitvorming met betrekking tot dit gebied. Reactie

Pagina | 31

Het betreft een grote ontwikkeling, met veel programma en flinke bouwhoogtes. En deze ontwikkeling past zeker niet zondermeer in alle eerdere besluitvorming met betrekking tot dit gebied. Maar zowel de stad als het beleid ontwikkelt zich en verandert. In het meest recente beleid, zoals de Omgevingsvisie, past deze ontwikkeling wel degelijk. Massaal is niet het woord dat de gemeente overigens zou gebruiken. Daarnaast is over het volume en hoe en waar dit in het project opgenomen wordt in relatie tot de aanwezige monumentale en beeldbepalende bebouwing goed nagedacht. Verder wordt verwezen naar de beantwoording onder punt B.1 en B.4. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.3 Aanleg park Bij de koop van een woning in Fenix I is toegezegd dat er een park aangelegd zou worden door de gemeente. Dit park is nog niet aangelegd, maar de locatie wordt gebruikt als dumpplek van de gemeente. Met de komst van het Veldblok wordt er nog meer groen ingenomen in een deel van Katendrecht, waar dit al zeer sporadisch aanwezig is. Het aanbrengen van groene daken lost dit probleem niet op. Daarnaast zou de Groene Kaap een groene route worden, maar is vrij rap na oplevering voor de buitenwereld afgesloten. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt F.1 en F.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.4 Toestaan horeca Reclamant heeft destijds voor een specifieke woning in Fenix I gekozen, om niet nabij horecagelegenheden te wonen. Binnen dit (ontwerp)bestemmingsplan komt ruimte voor horeca, wat voor de benodigde geluidsoverlast zal zorgen. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt E.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.5 Verdwijnen privacy De bouw van het Veldblok en de plannen voor de Codrico fabriek zorgen ervoor dat reclamant privacy kwijt is. Het Veldblok kijkt direct op het balkon en terras en de woon- en slaapkamer in. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.5. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.6 Bezonning De bouw van het Veldblok en de toren op het Silogebouw heeft tot gevolg dat een groot deel van de ochtendzon verdwijnt. Het balkon aan de oostkant wordt daarmee een donkere onaantrekkelijke en koude schaduwplek. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt C.1. Voor de woning van reclamant geldt dat er geen afname van bezonning optreedt als gevolg van dit plan.

Voorstel Pagina | 32

Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.7 Verkeersafwikkeling Nu al loopt het bijna dagelijks vast op Katendrecht maar ook Katendrecht opkomen geeft problemen. Met de ontwikkeling van alle woningen in de bijna gedempte Rijnhaven (oostzijde) wordt ook de verkeersdruk nog verder opgevoerd (nu al staat er regelmatig, vanaf halverwege de Erasmusbrug naar het zuiden, het verkeer vast, een doorgaande route waar ook veel hulpdiensten als politie/brandweer/ambulances over rijden). Reactie In afgelopen jaren is de hoeveelheid doorgaand verkeer op de Erasmusbrug reeds afgenomen, toch kent de corridor Erasmusbrug - Hillelaan - Maashaven vandaag de dag nog altijd een relatief groot aandeel gebiedsvreemd doorgaand autoverkeer dat geen herkomst of bestemming heeft direct rondom de Rijnhaven en Katendrecht. In de berekeningen met het verkeersmodel van de MRDH blijkt dat door de toename aan bestemmingsverkeer door de komst van alleen ontwikkelingen bij de Rijnhaven en Katendrecht dit aandeel doorgaand verkeer verminderd. In de modelresultaten is goed te zien dat het verkeer Katendrecht in- en uitgaand Katendrecht via de Brede Hilledijk drukker wordt, maar dat het totale aandeel verkeer op de Hillelaan ongeveer gelijk blijft aan de huidige intensiteiten.

Kortom: de bouwprojecten in de zuidelijke binnenstad rondom de Rijnhaven zorgen voor een verandering in de samenstelling van het type autoverkeer dat rijdt op de Postumalaan en Hillelaan. Het doorgaande autoverkeer vindt meer zijn weg via het omliggende stedelijke wegennet. Dit vertaalt zich door in meer autobewegingen via de Laan op Zuid alsook via de Stieltjesstraat en Willemsbrug, waar nog enige restcapaciteit is in het autonetwerk. De bouw aan het Rijnhavengebied als onderdeel van de zuidelijke binnenstad is ook een geleidelijk proces. De bouw zal zich voortzetten in een tijdsperiode van vele jaren. Daarmee zal ook de verkeerssituatie in de zuidelijke binnenstad een geleidelijke transitie doormaken, naarmate steeds meer gebouwen worden opgeleverd. Naast het aangetoonde effect op het aandeel doorgaand verkeer, zet de gemeente voor bestemmingsverkeer in op meer verplaatsingen per OV, met de fiets of te voet. Bijvoorbeeld ook met de inzet op (bezoekers)parkeren aan de randen van de stad in de P+R voorzieningen. Tezamen met de beoogde aanpassingen aan de opstelvakken van de Brede Hilledijk zal de verkeersafwikkeling op de Postumalaan/Hillelaan na realisatie van alle ontwikkelingen ordentelijk kunnen functioneren. In aanvulling hierop wordt verwezen naar de reactie onder punt A.1 en A.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

4.8 Toename verkeersdrukte en onveilige verkeerssituaties De ontwikkeling heeft tot gevolg dat de verkeersdrukte toeneemt en onveilige verkeerssituaties veroorzaken. In de notitieverkeersafwikkeling is geen rekening gehouden met andere nieuwbouwplannen in de omgeving. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt A.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 5 - Omwonende Reclamant woont in het woongebouw Fenix I. 5.1 Uitzicht Het uitzicht op het monumentale gebouw van Codrico gaat verloren vanaf de oostkant van Fenix I. Reactie Pagina | 33

Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.3. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze voor kennisgeving aan te nemen.

5.2 Aanleg park Door de ontwikkeling wordt het park gehalveerd. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt F.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

5.3 Bezonning Het Veldblok zorgt ervoor dat de ochtendzon verdwijnt. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt C.1. Voor de woning van reclamant geldt dat er geen afname van bezonning optreedt als gevolg van dit plan. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

5.4 Windhinder Reclamant heeft zorgen betreffende de windrichting vanwege de hoogbouw. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt D.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze voor kennisgeving aan te nemen.

5.5 Hoogte Veldblok Bewoners van de Veerlaan worden geconfronteerd met een hoog gebouw. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze voor kennisgeving aan te nemen.

5.6 Rattenplaag Doordat de ontwikkeling dichtbij een bestaande woonwijk plaatsvindt, gaat dit een rattenplaag geven. Reactie Bij de wijze van afvalinzameling zal zoveel mogelijk rekening worden gehouden met het voorkomen van de aanwezigheid van ongedierte. Zo vindt de afvalinzameling bijvoorbeeld inpandig plaats. Afvalinzameling vindt plaats conform het (stedelijk) beleid. Voor het grootste deel van de woningen zal afval in de gebouwen verzameld worden in perscontainers. Het Veldblok zal gebruik maken van de ondergrondse containers op de Veerlaan. Er is bovendien geen correlatie tussen verdichting en het ontstaan van een rattenplaag. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Pagina | 34

5.7 Afstand tot Fenix 1 De ontwikkeling dient op minimaal 65 meter vanaf Fenix I plaats te vinden met een maximale hoogte van 40 meter. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

5.8 Privacy Door de te korte afstand tussen het Veldblok en Fenix I, neemt de privacy onaanvaardbaar af. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.5. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 6 - VvE OS3 Fenix I Reclamant heeft zowel tegen het ontwerpbestemmingsplan als tegen de ontwerpomgevingsvergunningen een zienswijze ingediend. Beide zienswijzen worden hieronder behandeld. 6.1 Gevolgen voor kwaliteit en leefbaarheid omwonenden De ontwikkeling is veelomvattend en heeft grote gevolgen voor de directe omgeving en daarmee de kwaliteit en leefbaarheid van de woningen aan de Nico Koomanskade 95 - 101. Reactie Begrijpelijk is dat de reclamant aangeeft dat de ontwikkeling veelomvattend is. Het betreft inderdaad een herontwikkeling waarmee een significant woonprogramma op de locatie wordt toegevoegd. De gemeente heeft echter een forse woningbouwopgave en het is een uitdaging om daar invulling aan te geven. Met het vertrek van de fabriek naar de Spaanse Polder is het de uitgelegen kans om dit gebied te transformeren naar een woon-werklocatie, welke zorgvuldig tot stand is gekomen. In het kader van het (ontwerp)bestemmingsplan is toegelicht dat de impact van het vertrek van de huidige fabriek, een locatie waar volgens het eerder geldende planologische kader bedrijfsactiviteiten tot en met een milieucategorie 4 van de lijst van bedrijfsactiviteiten waren toegestaan, een herontwikkeling betekent. In de toelichting behorend bij het (ontwerp)bestemmingsplan is in dat kader expliciet beoordeeld of het plan in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

De invloed van het plan ten opzichte van de omgeving is hierbij inzichtelijk gemaakt. Uit deze toets is gebleken dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

6.2 Ruimtelijke indeling Nico Koomanskade 95 - 101 Reclamant wenst dat indien er een collectieve buitenruimte aan woningen grenst, er gezorgd dient te worden dat privacy afdoende gewaarborgd is. De komst van het Veldblok leidt tot een forse toename van het aantal passanten, waardoor van de gemeente een gelijke behandeling van de woningen aan de Nico Koomanskade 95 - 101 als het Veldblok wordt verwacht. Dit houdt in dat de plint van Fenix I wordt aangesloten op de omgeving en dat de buitenruimte van de Nico Koomanskade 95 - 101 zo ingericht wordt dat passanten richting de waterkant van de kade worden geleid en worden weggeleid van de gevels van de woningen. Reactie

Pagina | 35

De Nico Koomanskade is ook in de huidige situatie een openbaar toegankelijke straat. De kade maakt onderdeel uit van het toekomstige 'Rondje Rijnhaven'. Het inrichtingsplan voor de buitenruimte is nog in planvorming en maakt geen onderdeel uit van dit (ontwerp)bestemmingsplan. De komende periode werkt de gemeente aan het inrichtingsplan waarbij omwonenden de gelegenheid wordt gegeven om hierop te reageren. Aanvullend wordt verwezen naar de beantwoording onder punt G.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 7 - Omwonende Reclamant exploiteert een hotel nabij het plangebied. 7.1 Bezonning Als gevolg van de optopping van het Silogebouw en de bouw van het Veldblok is er een sterke afname van de bezonning. Dit heeft negatieve gevolgen voor de omzet van het Boutique hotel aan de Nico Koomanskade 94. De omzet daalt, aangezien gasten niet meer plaatsnemen op het terras en het hotel zal koud en kil worden, waardoor de thermosstaat wordt opengedraaid. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt C.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.2 Silogebouw met kubus Het beeldbepalende Silogebouw met de beroemde kubus zal haar aanwezigheid en zichtbaarheid grotendeels verliezen. Daarnaast trekt de optopping het bijzondere ontwerp uit zijn verband. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.4. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.3 Bezonning en privacy De ontwikkeling heeft nadelige gevolgen voor de gehele oostzijde van Fenix I voor wat betreft afname van de bezonning en privacy. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt C.1 en B.5. Opgemerkt wordt dat ter plaatse van de oostgevel Fenix I de maximale zonafname 1:20 uur bedraagt. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.4 Parkeerbalans Het Wandblok kent een tekort aan parkeerplaatsen en het Veldblok heeft overcapaciteit aan parkeerplaatsen, die samen uitkomen op een parkeergarage die volledig in gebruik is. Reactie Het klopt dat de parkeerbalans van de Codrico ontwikkeling sluitend is, zoals de beleidsregeling Parkeernormen auto en fiets gemeente Rotterdam 2022 dat voorschrijft. Een sluitende balans betekent dat het parkeeraanbod voldoet aan de gestelde minimum-parkeereis die behoort bij het plan. De Codrico ontwikkeling is één ontwikkeling. Het parkeernormenbeleid omvat het artikel 'alternatieve parkeervoorziening' (artikel 10) waarmee parkeren op loopafstand een Pagina | 36

mogelijkheid is. Samen vormen de parkeergarages een sluitende parkeerbalans voor de Codrico ontwikkeling. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.5 Bereikbaarheid parkeergarage Onduidelijk is hoe de verkeersstromen lopen naar de parkeerplaatsen in de garage. De toegang naar de parkeergarage van het Veldblok valt gedeeltelijk samen met de toegang naar Q-park Fenix. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt A.4. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.6 Bereikbaarheid fietsparkeerplaatsen Onduidelijk is de wijze waarop de fietsparkeerplaatsen bereikt moeten worden. Reactie De ontwikkeling voorziet op meerdere plekken in het plan in ruimte voor fietsparkeren. De exacte locatie daarvan wordt niet in het (ontwerp)bestemmingsplan vastgelegd, maar maakt onderdeel uit van de omgevingsvergunningaanvraag. De locaties van de fietsparkeerplaatsen zijn weergegeven op de tekeningen die zijn toegevoegd bij de omgevingsvergunningaanvraag. Het klopt dat de bereikbaarheid van de fietsenstalling niet blijkt uit het bestemmingsplan, maar dit is ook geen vereiste. Dit wordt namelijk uitgewerkt in het kader van de omgevingsvergunning. De grootste fietsenstalling bevindt zich onder het Wandgebouw en de Toren, welke langs weerszijden van het Wandgebouw (oost en west) een toe- en uitgang heeft. Daarna volgt de stalling onder het Veldblok. De toe- en uitgang bevindt zich aan zijde van het Silogebouw. Vanuit de uitgangen is het fietspad aan de Brede Hilledijk bereikbaar. Het inrichtingsplan voor de buitenruimte voor de totale gebiedsontwikkeling is nog in planvorming en maakt geen onderdeel uit van dit (ontwerp)bestemmingsplan. De komende periode werkt de gemeente aan het inrichtingsplan waarbij omwonenden in de gelegenheid worden gesteld hierop te reageren. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.7 Onvolledigheid analyse Goudappel Coffeng In de analyse van Goudappel Coffeng zijn brommers, scooters en motoren niet meegenomen. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt A.6. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze gegrond te verklaren en het onderzoek van Goudappel Coffeng te vervangen door een nieuwe versie van het onderzoek.

7.8 Verkeersafwikkeling Het kruispunt Hillelaan - Brede Hilledijk kan in de huidige vorm de verwachte verkeersstromen voor 2030 niet goed afwikkelen. Uit de beschrijving komt niet naar voren hoe de verkeerssituatie daadwerkelijk verbeterd gaat worden. Er is gekozen om zoveel mogelijk woningen te realiseren zonder rekening te houden met de directe omgeving (Landverhuizersmuseum/toename bezoekers aan Katendrecht). Reactie Pagina | 37

Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt A.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.9 Inzet deelmobiliteit Onvoldoende is geborgd dat er daadwerkelijk deelauto's en deelfietsen ingezet gaan worden. Reactie Het is inderdaad belangrijk dat wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen waarbij deelauto's en deelfietsen ingezet kunnen worden. Bij nieuwbouwontwikkeling in de gemeente Rotterdam is de beleidsregeling Parkeernormen auto en fiets gemeente Rotterdam 2022 van toepassing. De ontwikkeling van het Codrico terrein is vormgegeven naar en getoetst aan het dit parkeernormenbeleid. In de planregels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarmee wordt geborgd dat in het kader van de omgevingsvergunning voor het aspect bouwen wordt aangetoond dat voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid (artikel 11.1 van de planregels). De verdere uitwerking (waaronder de wijze van het gebruik van deelauto's en deelfietsen) vindt dan ook plaats in het kader van de omgevingsvergunningaanvraag. In dit specifieke geval wordt de omgevingsvergunningprocedure gecoördineerd met het bestemmingsplan. Het klopt dat in de rapportage alle verschillende vrijstellingsregelingen uit het parkeerbeleid benoemd staan en de gekozen vrijstellingen vervolgens benoemd worden in verwoordingen als 'voornemens'.

Deelaanbod maakt onderdeel uit van de omgevingsvergunning die de gemeente verleent (artikel 13 Beleidsregeling parkeernormen) van de Codrico ontwikkeling en is daarmee een voorwaarde voor de ingebruikname van de gebouwen. Dit betekent dat de ontwikkelaar op een later moment, namelijk voordat de gebouwen in gebruik worden genomen, een contract met een aanbieder van deelmobiliteit moet overleggen om aan te tonen dat er daadwerkelijk deelmobiliteit wordt aangeboden. Deelaanbod wordt voorzien naar rato de vrijstelling is benut. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

7.10 Onvolledigheid analyse Goudappel Coffeng In de rapportage van Goudappel Coffeng is niet terug te vinden welke invloed de verkeersbewegingen zullen hebben met betrekking tot de bevoorrading, pakket service, externe onderhoudsdiensten, leveranciers voor horeca, hotel, kantoren en winkels. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt A.5. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze gegrond te verklaren en het onderzoek van Goudappel Coffeng te vervangen door een nieuwe versie van het onderzoek waarin expliciet is ingegaan op de parkeerplaatsen die kunnen worden gebruikt voor de bevoorrading, onderhoudsbusjes en mantelzorgers. Hiervoor wordt verwezen naar de Nota van wijzigingen onder punt 2.3 en 2.4.

7.11 Inconsequente analyse Goudappel Coffeng In de rapportage van Goudappel Coffeng worden verschillende aantallen gehanteerd wat betreft de hotelkamers. Reactie Het klopt dat in de studie verschillende aantallen werden gehanteerd. In een eerder stadium werd namelijk uitgegaan van meer hotelkamers. Dit is gedurende de procedure gewijzigd en volgens ook geland in de planregels onder 4.3.3 sub d. Voorgesteld wordt om het onderzoek op dit punt te herzien zodat consequent wordt uitgegaan van 82 hotelkamers. Pagina | 38

Voorstel Wij stellen voor de zienswijze gegrond te verklaren en het onderzoek van Goudappel Coffeng te vervangen door een nieuwe versie van het onderzoek, waarin is het maximale aantal hotelkamers is aangepast naar 82 hotelkamers. Hiervoor wordt verwezen naar de Nota van wijzigingen onder punt 2.3 en 2.4.

Reclamant 8 - Omwonende Reclamant woont in het woongebouw Fenix I. Reclamant is op hetzelfde adres woonachtig als reclamant 20. 8.1 Bezonningsonderzoek In het bezonningsonderzoek wordt uitgegaan van het bouwplan d.d. 12/10/23 van de ontwikkelaar. Het Veldblok is nadien gewijzigd en enorm verhoogd. Reactie Allereerst wordt opgemerkt dat niet duidelijk uit de zienswijze blijkt waar de verwijzing naar het bouwplan d.d. 12/10/23 uit volgt. Het bezonningsonderzoek (zoals dat is toegevoegd aan bijlage 11 van het (ontwerp)bestemmingsplan) is uitgegaan van de maximale planologische mogelijkheden, zoals deze met het (ontwerp)bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt. Dit geldt ook voor het volume van het Veldblok. Daarmee sluit het bezonningsonderzoek zowel aan bij de meest recente plannen en maakt het de impact van de maximaal planologische mogelijkheden inzichtelijk. Het onderzoek gaat dus nadrukkelijk niet uit van bouwplannen die eerder zijn gepresenteerd. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

8.2 Bouwregels monument De monumentenwet zegt dat er rondom een monument niet dieper dan ca. 2 meter de bodem in mag en er niet op/boven en naast een monument gebouwd mag worden. Reactie De Monumentenwet 1988 is per 1 juli 2016 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Met de specifieke regels waar reclamant naar verwijst wordt mogelijk gedoeld op artikel 6.3.1 van de planregels. Zonder specifieke uitgebreide toetsing/toestemming is het inderdaad niet toegestaan om bodemroerende werkzaamheden uit te voeren. In het geval van Codrico zijn de voorliggende plannen, het (ontwerp)bestemmingsplan en de omgevingsvergunningen, getoetst door de gemeente, de Commissie voor Welstand en Monumenten en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aan onder andere de Erfgoedwet. Daarnaast zijn de plannen beoordeeld door Archeologie Rotterdam (BOOR). In dat kader is in de vergunning expliciet opgenomen dat nog een archeologisch vooronderzoek op basis van een door BOOR opgesteld Programma van Eisen (PvE) benodigd is. Hier zal invulling aan (moeten) worden gegeven. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

8.3 Monumentenanalyse Crimson In de monumentenanalyse van Crimson zijn de aangegeven aanbevelingen nergens in de plannen terug te vinden. Reactie De monumentenanalyse van Crimson is wel degelijk in het (ontwerp)bestemmingsplan meegenomen. Paragraaf 3.3 van de toelichting van het (ontwerp)bestemmingsplan gaat in op het aspect cultuurhistorie en omschrijft de resultaten uit de aangehaalde analyse, inclusief de daarin opgenomen aanbevelingen. Tevens is de betreffende analyse als bijlage bij het Pagina | 39

(ontwerp)bestemmingsplan gevoegd. De monumentale gebouwdelen zijn in het (ontwerp)bestemmingsplan van een dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorie' voorzien (artikel 7 van het (ontwerp)bestemmingsplan, zodat daarmee is geborgd dat ter plaatse van deze gronden zonder vergunning geen bouwwerken geheel of gedeeltelijk mogen worden gesloopt. In de (ontwerp)vergunning is expliciet opgenomen dat aan artikel 7 van het (ontwerp)bestemmingsplan is getoetst en dat hiervoor een vergunning wordt verleend. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 9 - Omwonende Reclamant woont in het woongebouw Fenix I. 9.1 Beperkte beroepsmogelijkheden door coördinatiebesluit Het beperken van de beroepsmogelijkheden door de samenvoeging van de zeer sterk verschillende onderdelen, o.a. nieuwbouw, wijziging bestemming, op- en verbouw alsmede aanpassing van een monument, in één coördinatiebesluit. Dit doet geen recht aan de belangen van de betrokkenen en het is ook onacceptabel dat de aantasting van een monument en het opofferen van een 'zeldzaam' stukje groen in de wijk als hamerstuk in een groot plan het ondergeschoven kindje van de rekening gaat worden. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt I.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

9.2 Toename verkeersdrukte en onveilige verkeerssituaties De impact van de verkeers- en parkeerdruk en de bereikbaarheid van de wijk. De oplossingen zijn niet concreet en er wordt uitgegaan van gewenst gedrag van de toekomstige bewoners, wat in de praktijk niet realistisch is. De veiligheid van de woonomgeving wordt daardoor aangetast. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt A.3. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

9.3 Belang ontwikkelaar Er wordt voorrang gegeven aan de belangen van een ontwikkelaar onder het mom van de behoefte aan woningen, waardoor er alleen maar gekeken wordt naar de meters. Reactie Reclamant geeft aan dat door het toepassen van de coördinatieregeling de gemeente voorrang geeft aan de belangen van de ontwikkelaar, niet die van de omwonenden. Gemeente kan begrijpen dat de reclamant dit zo ervaart. Echter past de gemeente, zoals onder punt I.1 aangegeven, in de Wro opgenomen procedures toe. Daarbij weegt voor de gemeente het algemene belang van de stad en haar inwoners zwaar. Dat zijn naast de belangen van reclamant ook die van het grote aantal woningzoekenden in de stad, die van ondernemers in de omgeving alsook die van de gemeente zelf (inzake wbi-subsidie). Met de herontwikkeling wordt een significante bijdrage geleverd aan het oplossen van de woningnood in Rotterdam. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

9.4 Negeren monumentale waarde met bijbehorend beeldbepalend ensemble

Pagina | 40

De monumentale waarde van de fabriek en het daarbij behorend beeldbepalend ensemble wordt genegeerd. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder B.4. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

9.5 Hoogte bebouwing afwijkend De hoogte van de bebouwing is afwijkend van de gehanteerde normen in eerdere projecten op Katendrecht. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder B.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren

9.6 Bebouwing in groen aangewezen gebied Een als groen aangewezen gebied wordt nu bebouwd in een toch al versteend gedeelte van de wijk. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder F.2. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

9.7 Woongenot bewoners oostzijde Fenix I Er wordt geen rekening gehouden met: 1. privacy 2. geluid 3. wind 4. zonligging voor de bewoners/eigenaren van de woningen aan de oostzijde van Fenix I. Dit zal resulteren in minder woongenot, wat resulteert in planschade. Reactie De genoemde onderwerpen vragen inderdaad om aandacht en hier is bij de planvorming dan ook rekening gehouden. Hierbij wordt per onderwerp een reactie gegeven: 1. Voor wat betreft privacy wordt verwezen naar de beantwoording onder punt B.5. 2. Voor wat betreft geluid wordt aangenomen dat de reactie betrekking heeft op eventueel geluidoverlast van horeca. Hiervoor wordt verwezen naar de beantwoording onder punt E.1. 3. Voor wat betreft windhinder wordt verwezen naar de beantwoording onder punt D.1. 4. Voor wat betreft bezonning wordt verwezen naar de beantwoording onder C.1. Voor de woning van reclamant is sprake van een maximale afname van 1:20 uur. Er resteert in de plansituatie nog ten minste 4:00 uur zon. Opgemerkt wordt dat ter plaatse van de oostgevel Fenix I de maximale zonafname tevens 1:20 uur bedraagt. In de toelichting behorend bij het bestemmingsplan is getoetst of het plan in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, ofwel of onder andere de aspecten privacy, geluid, wind en schaduw onevenredig verslechteren voor omwonenden.

De invloed van het plan ten opzichte van de omgeving is hierbij beoordeeld. Uit deze toets is gebleken dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening en er geen onevenredige hinder wordt verwacht. Wanneer toch een

Pagina | 41

waardedaling van het onroerend goed plaatsvindt, kan na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan een planschadeclaim worden ingediend. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

Reclamant 10 - Vereniging Bewoners Overleg Fenix (BOF) Reclamant heeft zowel tegen het ontwerpbestemmingsplan als tegen de ontwerpomgevingsvergunningen een zienswijze ingediend. Alle vijf de zienswijzen worden hieronder behandeld voor zover deze inhoudelijk zien op het ontwerpbestemmingsplan. De punten uit de zienswijzen die zich specifiek richting op de omgevingsvergunningen, worden bij de behandeling van de zienswijzen op deze ontwerpbesluiten behandeld. 10.1 Beperkte beroepsmogelijkheden door coördinatiebesluit Met het coördinatiebesluit wordt beoogd de besluitvorming te stroomlijnen, maar in dit geval wordt de aangevraagde bestemmingsplanwijziging en de beperkte beroepsmogelijkheden hiertegen de voortgang van het gehele project op het spel gezet. T evens geeft reclamant aan dat coördineren niet mogelijk is omdat er meerdere bestemmingsplannen worden gewijzigd en de aard van de wijzigingen verschillend is. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder I.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.2 Bebouwing in groen aangewezen gebied In 2017 heeft de gemeente het stuk groen waar het Veldblok geprojecteerd is, geschonken aan de toekomstige bewoners van Fenix I en beloofd als parkje met voorzieningen. Dit werd gepresenteerd als compensatie voor de bouw van woningen, in dit geval Fenix I. Reclamant meent dat de gemeente onbetrouwbaar handelt door met deze bestemmingsplanwijziging bebouwing toe te staan om deze gronden. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder F.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.3 Optopping Wandgebouw Reclamant maakt bezwaar tegen de optopping van het Wandgebouw met twee torens tot een hoogte van 65 meter. Omdat het gebouw direct aan de Rijnhaven staat moet het gebouw de daar geldende hoogte (40 meter) volgen, waarbij een afwijking van 10% kan worden toegestaan. De woonvisie van Rotterdam staat toe dat er hier en daar elementen kunnen afwijken, maar dat is hier niet van toepassing. Het Wandgebouw is te groot en massief om als een speels hoger element te kunnen zien. Reactie Thans heeft het Wandgebouw een hoogte van circa 25 meter, in het voorliggend plan wordt dat 40 meter met twee optoppingen tot 75 meter. Reclamant geeft aan bezwaar te hebben tegen de optopping van het Wandgebouw en geeft aan dat dit strijdig is met de Woonvisie. Dat laatste is incorrect, de Woonvisie gaat over het woonbeleid van de gemeente Rotterdam. De bouwhoogte wordt in bestemmingsplannen vaak op basis van NvU's vastgelegd. Voor verdere beantwoording wordt verwezen naar de reactie onder 10.4. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren. Pagina | 42

10.4 Hoogte Wandgebouw De verhoging van het Wandgebouw tast de zichtbaarheid in de skyline van dit cultureel erfgoed van rijksmonument Latenstein aan. Reactie Reclamant stelt dat opzet/hoogte van het Wandgebouw de zichtbaarheid aantast van het rijksmonument in de skyline. Gemeente is het met reclamant eens dat het 'nieuwe' Wandgebouw 'iets' doet met die zichtbaarheid. Allereerst wil de gemeente reclamant erop wijzen dat het rijksmonumentale deel zich met name in de wand manifesteert, met het molengebouw als uitzondering tot 47 meter. De totale compositie van het gehele ensemble in de wand is uitvoering bestudeerd. De uiteindelijke configuratie is als meest optimale beoordeeld door projectteam, de Commissie voor Welstand en Monumenten en de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Het Wandgebouw tezamen met het rijksmonument zorgt voor een continue en stevige wand, waarbij het Wandgebouw 'ondersteunend' ontworpen is en het rijksmonument de aandacht trekt; het is niet voor niets een rijksmonument. In de skyline zijn de optoppingen anders gematerialiseerd dan het Wandgebouw waardoor deze zich eigenstandiger als volume manifesteren en het gehele Wandgebouw minder nadrukkelijk aanwezig is. Tegelijkertijd is met de toevoeging van het Veldblok nabij het rijksmonument in de skyline juist gezorgd voor extra nadruk.

Daarmee blijft het rijksmonumentale ensemble een voorname positie in de wand én skyline van de Rijnhaven hebben. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.5 Monument verwijderen uit coördinatiebesluit De monumentale status van de Meelfabriek Latenstein wordt in waardering en aanzicht ernstig aangetast door de bouw van haar omringende gebouwen. Alleen al daarom kan het monument niet deel uitmaken van het coördinatiebesluit, maar zou zich juist moeten verzetten tegen de bouw en verbouw van de rest van het plan. Reactie Reclamant stelt dat de monumentale status zwaar aangetast wordt in aanzicht en waardering en dat het monument daarom geen onderdeel van het coördinatiebesluit zou moeten zijn. Gemeente heeft een andere zienswijze op deze punten dan reclamant en staat daarin niet alleen. In de planvorming is juist het rijksmonument (het Silogebouw met de nieuwbouw eromheen) integraal beschouwd, ontworpen en gewogen op onder andere aanzicht/waardering. Het plan met de diverse deelprojecten is integraal voorgelegd aan zowel de Commissie voor Welstand en Monumenten en de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Zij zijn verantwoordelijk voor de toetsing van ruimtelijke kwaliteit en erfgoedwaarde. Beide hebben een positief advies afgegeven. Zonder die positieve adviezen had het rijksmonument ook geen onderdeel uit kunnen maken van het coördinatiebesluit. Tevens wordt verwezen naar de beantwoording onder punt I.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.6 Uitstellen besluitvorming rondom Veldblok en verwijderen uit coördinatiebesluit Reclamant verzoekt om de besluitvorming met betrekking tot het Veldblok tot nader order uit te stellen en het Veldblok uit het coördinatiebesluit te lichten. Volgens reclamant kan de omgevingsvergunning niet worden afgegeven omdat een omvangrijke, belangrijke en zeer ter discussie staande wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk is voor de realisatie. De bezwaren voor het Veldblok zijn zo talrijk, dat het volgens reclamant verstandig is het Veldblok ook uit het coördinatiebesluit te halen. Hierdoor kunnen de bezwaren in een niet beperkte bezwaarprocedure getoetst worden. Reactie Pagina | 43

Wij begrijpen dat het een veelomvattend plan is, maar ten behoeve van de integrale beoordeling is het juist wel wenselijk de coördinatieregeling te gebruiken, zodat sprake is van één rechtsgang. Het Veldblok blijft daarom onderdeel uitmaken van de gecoördineerde procedure. Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt I.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.7 Noodzaak Veldblok Het Veldblok is geen serieuze toevoeging als het gaat om het oplossen van de woningnood. Het is slechts het creëren van meer meters bvo een dus winst voor de ontwikkelaar. Reactie Ter plaatse van het Veldblok zijn op dit moment 195 woningen voorzien. Hiermee wordt wel degelijk een significante bijdrage geleverd aan de vraag naar woningen en daarbij kan het beoogde aantal woningen - zoals in de NvU is vastgelegd - zonder de woningen in dit gebouw niet worden behaald. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.8 Woonprogramma Veldblok Het Veldblok voldoet niet aan de door de gemeente opgestelde voorwaarde dat minimaal 20% oplopend naar 30% van de nieuwbouwplannen uit sociale woningbouw bestaat. Reactie Het aandeel sociaal is een stedelijke doelstelling, geen projectverplichting. In de door de gemeenteraad vastgestelde NvU is het aandeel sociaal vastgesteld op 10%. Het Rotterdamse woningbouwprogramma, inclusief de Codrico ontwikkeling met verdeling over prijssegmenten volgens de NvU, is door de provincie goedgekeurd. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.9 Privacy Het Veldblok tast direct de privacy van de bewoners van Fenix I aan de oostzijde aan. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.5. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.10 Uitzicht Het Veldblok tast direct het uitzicht van de bewoners van Fenix I aan de oostzijde aan. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.3. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze voor kennisgeving aan te nemen.

10.11 Hoogte Veldblok Het Veldblok is veel te hoog en staat overigens niet in de pols van Katendrecht, maar valt in de historische kern. Daar gelden andere hoogbouwbepalingen. Reactie Pagina | 44

Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.1. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren

10.12 Afstand tussen Veldblok en Fenix I Het Veldblok staat te dicht op het architectonisch bekroonde Fenix I en neemt de glans en schoonheid van het toekomstig monumentale gebouw en haar omgeving weg. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt B.2. Gemeente is overigens verheugd te lezen dat reclamant Fenix I een monumentwaardig gebouw vindt. Wij zijn ook trots op die ontwikkeling. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

10.13 Bezonning Veldblok Het Veldblok is zowel solitair en als onderdeel geheel verantwoordelijk voor het laten verdwijnen van de zonneschijn bij de woningen aan de oostzijde van Fenix I. Voor sommige woningen en het Boutique hotel is dit de enige zonneschijn die zij ontvangen. Reactie Verwezen wordt naar de beantwoording onder punten C.1 en C.2. Opgemerkt wordt dat ter plaatse van de oostgevel Fenix I de maximale zonafname op 21 september 1:20 uur bedraagt. De stelling dat er na realisatie van het Veldblok geen zon meer resteert op de woningen respectievelijk het hotel, is onjuist. Voorstel Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=df506cad-e4f8-4ac1-84eb-c9c1c294a5ca