CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb003067] Bijlage 1 behorende bij 24 24bb003074 - Ontwerpbestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA

Subcommissie bestemmingsplannen Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 4 juni 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Hoorzitting21.587 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Daarnaast wordt geen noodzaak gezien om een tijdvak of fasering te bepalen of nadere eisen, regels of een uitwerking van regels te stellen zodat kan worden afgezien van het vaststellen van een exploitatieplan.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 51 van 84

Hoofdstuk 7

7.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg

In het kader van de zienswijzen heeft het ontwerpbestemmingsplan gedurende 6 weken ter inzage gelegen. In deze periode kon een ieder zijn zienswijzen geven op het plan. Daarnaast werd het plan in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 Bro toegestuurd aan de overleginstanties, zie hieronder: Tijdens de gestelde termijn zijn er reacties ontvangen van vier instanties. Naar aanleiding van deze opmerkingen is de toelichting van het bestemmingsplan op enkele onderdelen aangepast. Hieronder zijn de vooroverlegpartners weergeven waarvan reactie is ontvangen: 1. HHSK 2. BOOR 3. KPN 4. LVNL 7.1.1

HHSK

reactie HHSK In de waterparagraaf ontbreekt een verwijzing naar het Waterbebeerprogramma 2022-2027 van Schieland en de Krimpenerwaard. Ik verzoek u deze verwijzing in de waterparagraaf op te nemen. reactie Er is een verwijzing en een onderbouwing van de relatie naar het Waterbeheepro-gramma 2022-2027 van Schieland en Krimpenerwaard toegevoegd aan de waterparagraaf. reactie HHSK Het kopje waterkwantiteit ontbreekt. Per abuis is waterkwaliteit twee keer gebruikt. De alinea over de compensatie hoort onder het kopje kwantiteit. reactie Het kopje is aangepast van waterkwaliteit naar waterkwantiteit. 7.1.2

BOOR

reactie BOOR Graag op bladzijde 42, paragraaf 4.7.3 als voorlaatste regel toevoegen: ’Voor eventuele toekomstige ingrepen in het plangebied wordt de archeologische dubbelbestemming uit het gebiedsbestemmingsplan RTHA gehandhaafd.’ reactie Deze regel is toegevoegd aan paragraaf 4.7.3. 7.1.3

KPN

reactie KPN Voor bovengenoemd project meld ik u dat er voor KPN geen aanleiding bestaat om op de aangegeven locatie werkzaamheden uit te voeren.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 52 van 84

De verwachting is dat er geen knelpunten ontstaan met betrekking tot de aanwezige KPN kabels als gevolg van uw werkzaamheden. Momenteel voldoet op deze locatie de kwaliteit en capaciteit van het kabelnet aan de eisen van KPN en er zijn geen plannen zijn voor de aanpassing van het kabelnet. Echter een onverwachte klantvraag of een storing kan in de toekomst aanleiding geven tot het uitvoeren van werkzaamheden. KPN zal in die gevallen voor zover met uw organisatie daar overeenstemming over te bereiken. Verder is er voor KPN in technische zin geen bezwaar tegen de voorgenomen werkzaamheden, indien er wordt gewerkt conform de uitvoeringsvoorschriften voor werken in of nabij leidingstroken als ook in de nabijheid van kabels en leidingen. reactie Geen aanpassing. 7.1.4

LVNL

reactie LVNL Deze eerste partiele herziening Rotterdam The Hague Airport is een relatief beperkte wijziging van het bestaande bestemmingsplan “Rotterdam The Hague Airport” van 02/02/2017. In dat bestemmingsplan zijn de toetsingsvlakken van luchtverkeerleiding Nederland opgenomen. Dit bestemmingsplan blijft naar mijn idee nog altijd van kracht. De Navigatie toetsingsvlakken worden door het waterstofstation doorsneden. In het bestaande bestemmingsplan “Rotterdam The Hague Airport” wordt gesteld dat plannen die de toetsingshoogtes doorsnijden voor een toetsing moeten worden aangeboden. We gaan ervan uit dat dit ook voor het waterstofstation geldt. reactie zie volgende reactie. reactie LVNL Op donderdag 17 augustus hebben we namens LVNL gereageerd op het concept Eerst partiele herziening Rotterdam The Hague Airport. Wij zijn er in deze reactie van uit gegaan dat het bestemmingsplan Rotterdam The Hague airport en met name artikel 11 van toepassing blijft zoals te doen gebruikelijk bij een partiele herziening. Een nadere bestudering van de regels van de partiele herziening riep bij ons toch de behoefte op om een aanvullende vraag te stellen. In de tekst van de regels noch toelichting wordt de werking van de algemene regels uit het bestemmingsplan benoemd. In de juridische paragraaf is de Wet luchtvaart (artikel 8.47) niet opgenomen.

Daarentegen worden juist wel enkele specifieke regels van toepassing verklaard. Dat bracht toch de vraag op of het hier nu gaat om een postzegelplan of een partiele herziening. Kunt u ons dit nog nader verduidelijken en aangeven op welke wijze de toets van artikel 11 voor het waterstofstation geborgd is? reactie Ter verduidelijking zijn de regels aangepast om er een postzegelplan van te maken. Vervolgens is het plan aan LVNL voorgelegd, de reactie is toegevoegd aan het plan in de bijlagen van het bestemmingsplan. LVNL geeft aan dat er voor de locatie een hoogte beperking vanaf 15 meter geldt maar deze hoogte komt niet overeen met de toetsingsvlakken. Mogelijk gaat het om de vlakken voor vliegprocedures waar de Inspectie leefomgeving en Transport over gaat. Het waterstoftankstation doorsnijdt de toetsingsvlakken van de navigatie en communicatie apparatuur. Toetsing laat echter zien dat er geen gevolgen zijn voor de goede werking van deze apparatuur. Het advies van LVNL voor het waterstoftankstation is dan ook positief.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 53 van 84

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 54 van 84

Bijlagen bij de toelichting

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 55 van 84

Bijlage 1

Akoestisch Onderzoek

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 56 van 84

Bijlage 2

Verkennend natuuronderzoek

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 57 van 84

Bijlage 3 Stikstofrapportage en AERIUS-berekening

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 58 van 84

Bijlage 4

Veiligheidsaspecten

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 59 van 84

Bijlage 5

Risico-Analyse

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 60 van 84

Bijlage 6

Bodemonderzoek

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 61 van 84

Bijlage 7 Aanvullend en nulsituatie bodemonderzoek

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 62 van 84

Bijlage 8

Archeologisch onderzoek

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 63 van 84

Bijlage 9 Rapportbeoordeling Archeologie gemeente Rotterdam

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 64 van 84

Bijlage 10

Watertoets

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 65 van 84

Bijlage 11

Verkeersonderzoek

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 66 van 84

Regels

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 67 van 84

Hoofdstuk 1

Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

plan

Het bestemmingsplan Waterstoftankstation met identificatienummer : NL.IMRO.0599.BP2230WaterstRTHA-va01 1.2

bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik of het bebouwen van deze gronden. 1.4

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5

archeologisch deskundige

het Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam of een andere deskundige op het gebied van archeologie. 1.6

bebouwing

een of meer gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.7

bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak. 1.8

bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.9 » » » » »

»

beperkt kwetsbare objecten verspreid liggende woningen van derden met een dichtheid van maximaal 2 woningen per hectare; dienst- en bedrijfswoningen van derden; kantoorgebouwen en hotels met een bruto vloeroppervlak van minder of gelijk aan 1.500 m2 per object; restaurants, voor zover hierin geen grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig plegen te zijn; winkels met een totaal bruto vloeroppervlak van minder of gelijk aan 2.000 m2, voor zover zij geen onderdeel uitmaken van een complex waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd, waarvan het gezamelijk bruto oppervlak meer dan 1.000 m2 bedraagt en waarin een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; sporthallen, zwembaden en speeltuinen;

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 68 van 84

»

»

»

»

sport- en kampeerterreinen en terreinen bestemd voor recreatieve doeleinden, voor zover zij niet bestemd zijn voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen; bedrijfsgebouwen, voor zover zij geen gebouwen zijn waarin grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig plegen te zijn zoals: kantoorgebouwen en hotels met een bruto oppervlak van meer dan 1.500 m2 per object Z complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamelijk vloeroppervlak meer dan 1.000 m2 bedraagt, en winkels met een totaal oppervlak van meer dan 2.000 m2 per object, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; objecten die met onder a tot en met e en genoemde gelijkgesteld kunnen worden uit hoofde van de gemiddelde tijd per dag gedurende welke personen daar verblijven, het aantal personen dat daarin doorgaans aanwezig is en de mogelijkheden voor zelfredzaamheid bij een ongeval, voorzover die objecten geen kwetsbare objecten zijn; objecten met een hoge infrastructurele waarde, zoals een telefoon- of elektriciteitscentrale of een gebouw met vluchtleidingsapparatuur, voorzover die objecten wegens de aard van de gevaarlijke stoffen die bij een ongeval kunnen vrijkomen, bescherming verdienen tegen de gevolgen van dat ongeval.

1.10

Bevi

het Besluit externe veiligheid inrichtingen zoals dat luidt ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan. 1.11

bijgebouw

een vrijstaand gebouw dat door constructie of afmetingen ondergeschikt is aan een hoofdgebouw gelegen op hetzelfde perceel. 1.12

boeibord

Een afwerking van een dakgoot, eventueel een dakrandafwerking (bij plat dak) 1.13

bouwen

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.14

bouwgrens

de grens van een bouwvlak. 1.15

bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 1.16

bouwwerk

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.17

detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ter verkoop, verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.18

druiplijn

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 69 van 84

De lijn die van onderen het dak begrenst of de onderste horizontale lijn van een dakvlak dat geen goot heeft 1.19

gebouw

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.20

geluidsgevoelige functies

Hieronder worden verstaan: woningen, onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verpleeghuizen, andere gezondheidszorggebouwen dan de genoemde (t.w. verzorgingstehuizen, psychiatrische inrichtingen, medische centra, poliklinieken en kinderdagverblijven), alsmede de terreinen die behoren bij de andere gezondheidszorggebouwen, voor zover deze bestemd zijn of worden gebruikt voor de in die gebouwen verleende zorg, alsmede woonwagenstandplaatsen. NB Delen van een onderwijsgebouw die niet zijn bestemd voor geluidsgevoelige onderwijsactiviteiten, maken voor de toepassing van de Wet geluidhinder geen deel uit van een onderwijsgebouw. 1.21

geluidzone - industrie

een geluidszone zoals bedoeld in de Wet geluidhinder, waarbuiten de geluidsbelasting vanwege het gezoneerd industrieterrein de waarde van 50 dB(A) niet te boven mag gaan. 1.22

gezoneerd industrieterrein

terrein waaraan in hoofdzaak een bestemming is gegeven voor de vestiging van bedrijven en waarvan de bestemming voor het gehele terrein of een gedeelte daarvan de mogelijkheid insluit van vestiging van bedrijven, zoals bedoeld in artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht, die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken. 1.23

hoofdgebouw

Een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.24 a.

b.

c.

d.

kwetsbare objecten

woningen, met uitzondering van: 1. verspreid liggende woningen van derden met een dichtheid van maximaal 2 woningen per ha; 2. dienst- en bedrijfswoningen van derden; gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, zoals: 1. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; 2. scholen; 3. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, zoals: 1. kantoorgebouwen en hotels met een bruto vloeroppervlak van meer dan 1.500 m2 per object; 2. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk bruto vloeroppervlak meer dan 1.000 m2 bedraagt en winkels met een totaal bruto vloeroppervlak van meer dan 2.000 m2 per winkel, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen.

1.25

luchtvaart of luchthavengerelateerd

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 70 van 84

functies die direct bij het luchtvaartproces betrokken zijn, daaraan ondersteunend zijn of waarvan de aanwezigheid op de luchthaven van belang is voor de bedrijfsvoering van de betreffende functie. 1.26

maaiveld

Het grondoppervlak, waarvan de hoogte vaak opgegeven wordt ten opzichte van een nationaal nul-niveau, in Nederland is dat het NAP. 1.27

NAP

Het Normaal Amsterdams Peil is de referentiehoogte waaraan hoogtemetingen in Nederland worden gerelateerd. 1.28

NEN

door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm, zoals deze luidde op het moment van vaststelling van het plan. 1.29

nutsvoorziening

Een goed dat in dienst staat van het algemeen belang. 1.30

peil

a.

voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de kruin van de weg; b. voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang, na voltooiing van de aanleg van dat terrein. Indien een bouwwerk aan meer dan één weg wordt gebouwd, is het peil van de hoogstgelegen weg maatgevend. 1.31

Staat van Bedrijfsactiviteiten

de Staat van Bedrijfsactiviteiten die van deze regels deel uitmaakt. 1.32

verbeelding

de verbeelding, met nummer NL.IMRO.0599.BP2230WaterstRTHA-, deel uitmakend van deze eerste herziening. 1.33

vloeroppervlak

de gebruiksoppervlakte volgens NEN2580. 1.34

waterstoftankstation

een tankstation waar voertuigen waterstof kunnen tanken als brandstof. 1.35

Wet geluidhinder

de Wet geluidhinder zoals deze luidt op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp voor dit bestemmingsplan.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 71 van 84

1.36

Wgh-inrichting

bedrijven, zoals bedoeld in artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht, die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 72 van 84

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 a. b.

2.2

de goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; indien in de regels expliciet is bepaald dat vanaf maaiveld of vanaf NAP wordt gemeten, wordt in afwijking van het bepaalde onder a, gemeten vanaf maaiveld, dan wel vanaf NAP. inhoud van een bouwwerk

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.3 a. b.

2.4

de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde; indien in de regels expliciet is bepaald dat vanaf maaiveld of vanaf NAP wordt gemeten, wordt in afwijking van het bepaalde onder a, gemeten vanaf maaiveld, dan wel vanaf NAP. de oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van een bouwwerk. 2.5

de afstand van een gebouw tot de zijdelingse perceelsgrens

vanaf het punt van de gevel van een gebouw welke het dichtst bij de perceelsgrens is gelegen, haaks op de perceelsgrens.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 73 van 84

Hoofdstuk 2

Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Bedrijf - Waterstoftankstation

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bedrijf - Waterstoftankstation' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een waterstoftankstation ten behoeve van de verkoop van waterstof, b. ter plaatse van de aanduiding specifieke vorm van bedrijf - kiosk voorzien van detailhandel, voor zover ten dienste van en ondergeschikt aan de verkoop van waterstof; c. elektrische laadpalen voor elektrische voertuigen; d. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, water, nutsvoorzieningen, voet- en fietspaden, parkeervoorzieningen, (ontsluitings)wegen, verhardingen en laad- en losvoorzieningen. e. ter plaatse van de functieaanduiding van bedrijf - 1 uitsluitend voor een 700 bar waterstof dispenser met luife voor auto'sl; f. ter plaatse van de functieaanduiding van bedrijf - 2 uitsluitend voor een opstelplaats voor de vrachtwagens die waterstof leveren; g. ter plaatse van de functieaanduiding van bedrijf - 3 uitsluitend voor een waterstofinstallatie ten dienste van het waterstoftankstation; h. ter plaatse van de functieaanduiding van bedrijf - 4 uitsluitend voor een 350 bar waterstofdispenser voor vrachtwagens i. ter plaatse van de functieaanduiding van bedrijf - verkeer waterstof uitsluitend voor een dispenser voor waterstof. 3.2

Bouwregels

Voor het bouwen van gebouwen en bijbehorende bouwwerken gelden de navolgende regels: 3.2.1 Gebouwen a. gebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak; b. de bouwhoogte van gebouwen bedraagt ten hoogste de met de op de verbeelding opgenomen aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven bouwhoogte; c. Ten aanzien van de maximale bouwhoogte geldt daarnaast het bepaalde in artikel 6.1. 3.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde a. de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 7 meter bedragen. c. Ten aanzien van de maximale bouwhoogte geldt daarnaast het bepaalde in artikel 6.1. 3.3

Afwijken van bouwregels

3.3.1

Grotere bouwhoogte

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd van het plan af te wijken en een grotere bouwhoogte van ten hoogste 200Zo toe te staan, met dien verstande dat: door onderzoek is aangetoond dat het belang van de veilige luchtvaart niet wordt aangetast en de beheerder van de Toetsingsvlakken voor Communicatie en Navigatie Systemen (CNS), te weten de Luchtverkeersleiding Nederland een verklaring van geen bezwaar is afgegeven en de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden of de veiligheid van het vliegverkeer niet onevenredig worden aangetast.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 74 van 84

3.4

Specifieke gebruiksregels

Voor het gebruik gelden de volgende regels: a. de verkoop van LPG is niet toegestaan; b. het gebruiken of laten gebruiken van gebouwen voor bewoning is niet toegestaan.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 75 van 84

Artikel 4 4.1

Dubbelbestemming - Archeologie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Dubbelbestemming - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor behoud van de aan de gronden eigen zijnde archeologische waarden. 4.2

Bouwregels

4.2.1

Rapport archeologisch deskundige

In het belang van de archeologische monumentenzorg dient de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een rapport aan burgemeester en wethouders te overleggen van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. Deze bepaling heeft uitsluitend betrekking op aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken (waaronder begrepen het heien van heipalen en het slaan van damwanden) welke voldoen aan de oppervlakte- en dieptematen welke genoemd zijn in lid 4.3.1 4.2.2

Mogelijke voorwaarden te verbinden aan omgevingsvergunning voor het bouwen

Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de archeologische monumentenzorg aan een omgevingsvergunning voor het bouwen de volgende regels verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige. 4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1

Verbod

In het belang van de archeologische monumentenzorg is het verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders de hierna onder 4.3.2 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te doen c.q. te laten uitvoeren met een oppervlakte van meer dan 200 m2 en die tevens dieper reiken dan 1 meter beneden maaiveld. 4.3.2 Het vergunningsvereiste betreft de volgende werken c.q. werkzaamheden a. grondbewerkingen (van welke aard dan ook); b. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen of bomen; c. het indrijven van voorwerpen in de bodem; d. het wijzigen van het maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen en afgraven; e. het ingraven van ondergrondse kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies en dergelijke; f. het aanleggen van waterlopen of het vergraven van bestaande waterlopen.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 76 van 84

4.3.3

Uitgezonderde werkzaamheden

Het vergunningvereiste geldt niet voor werken (geen bouwwerken zijnde) of voor werkzaamheden gericht op het normale onderhoud en beheer van de betreffende gronden, niet voor bedoelde activiteiten welke in uitvoering waren ten tijde van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan en evenmin voor bestaande weg- en leidingcunetten. 4.3.4

Vergunning

Vergunning wordt verleend nadat de aanvrager een rapport aan burgemeester en wethouders heeft overgelegd van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. 4.3.5

Mogelijke voorwaarden te verbinden aan vergunning

Aan een vergunning kunnen de volgende regels worden verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 77 van 84

Hoofdstuk 3

Artikel 5

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 78 van 84

Artikel 6 6.1 a.

b.

Algemene bouwregels

Bouwverbod toetsingsvlakken In afwijking van de artikelen uit hoofdstuk 2 is het niet toegestaan gebouwen of bouwwerken op te richten hoger dan de aangeduide bouwhoogtes zoals opgenomen op de figuur in Bijlage 1, behorend bij de regels. Indien de aangegeven bouwhoogte in Bijlage 1 behorend bij de regels hoger is dan de bouwhoogte op de verbeelding of genoemd in de artikelen uit hoofdstuk 2 van de planregels, geldt de maximale bouwhoogte op de verbeelding of uit hoofdstuk 2. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde onder a, tot de maximale hoogtes zoals opgenomen op de verbeelding of genoemd in de artikelen uit hoofdstuk 2 van de planregels, mits door de Luchtverkeersleiding Nederland of een daarvoor in de plaats tredende instantie én door de luchthavenexploitant of een daarvoor in de plaats tredende instantie een verklaring van geen bezwaar is afgegeven.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 79 van 84

Artikel 7 7.1

Algemene aanduidingsregels

geluidszone- industrie

Binnen de aanduiding 'geluidzone - industrie' is nieuwbouw ten behoeve van de uitbreiding en de nieuwvestiging van geluidgevoelige objecten niet toegelaten.

7.2

Veiligheidszone - waterstoftankstation

Ter plaatste van de aanduiding 'veiligheidszone - waterstoftankstation' zijn nieuwe en is uitbreiding van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten niet toegestaan. Het waterstoftankstation mag buiten deze zone niet zorgen voor een groter plaatsgebonden risico dan 10-6 /jr.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 80 van 84

Hoofdstuk 4

Artikel 8 8.1

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

Voor bouwwerken luidt het overgangsrecht als volgt: a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; b. burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid onder a met maximaal 100Zo; c. het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 8.2

Overgangsrecht gebruik

Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt: a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 81 van 84

Artikel 9

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: 'Regels van het bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA'.

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 82 van 84

Bijlagen

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 83 van 84

Bijlage 1

Aangeduide bouwhoogtes RTHA

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA Pagina 84 van 84

Verbeelding

LEGENDA Plangebied plangrens

Enkelbestemmingen Bedrijf - Waterstoftankstation

Dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie

Gebiedsaanduidingen geluidzone - industrie Veiligheidszone - waterstoftankstation

Functieaanduidingen (sb-ksk)

specifieke vorm van bedrijf - kiosk

(sb-1)

specifieke vorm van bedrijf - 1

(sb-2)

specifieke vorm van bedrijf - 2

(sb-3)

specifieke vorm van bedrijf - 3

(sb-4)

specifieke vorm van bedrijf - 4

Osv-vw) -ļ specifieke vorm van verkeer - verkeer waterstof

Bouwvlakken bouwvlak

Maatvoeringen (^1

maximum bouwhoogte (m)

Verklaringen ondergrond

©

in samenwerking met

project:

Bestemmingsplan Waterstoftankstation RTHA

Gemeente Rotterdam onderdeel

projectnummer:

verbeelding

23SWECO003

identificatienummer:

status

ontwerp

NL.IMRO.0599.BP2230WaterstRTHA-on01

bladnummer: 1 van 1

opdrachtgever:

SWECO :

1 : 500

FORMAAT :

SCHAAL

A3

RUIMTE LOKETnl

datum

:

28 nov. 2023

bestandsnaam: 23SWECO003-011

Ruimteloket, data in kaart | Linker Rottekade 292 | 3034 CV Rotterdam | | 085 016 38 74 | info@ruimteloket.nl | | www.ruimteloket.nl |

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=78411f3f-6515-49c2-8016-f72a3049317c