CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb002894] Bijlage 1 behorende bij 24bb002893 - Nota van Beantwoording

Commissie Mobiliteit, Haven, Economie en Klimaat (2022-2026) 15 mei 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Mobiliteit18.237 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verkeersbesluit Zero-Emissiezone Nota van beantwoording

Van:

Projectgroep Zero-emissiezone

Datum:

1 mei 2024

Cluster:

Stadsontwikkeling

Afdeling:

Mobiliteit

Inhoudsopgave

1.

Invoering nul-emissiezone Rotterdam per 1 januari 2025 samengevat

5

1.1 Aanleiding 1.2 De zero-emissiezone Rotterdam in het kort 1.3 Milieu- en maatschappelijke effecten 1.4 Wettelijke overgangsregelingen en vrijstellingen 1.6 Tegemoetkoming ondernemers 1.7 Communicatie 1.8 Ontwerpverkeersbesluit en zienswijzeperiode 1.9 Ingediende zienswijzen 1.10 Samenvatting reactie zienswijzen en conclusie van het college 1.11 Definitief verkeersbesluit 1.12 Zorgvuldige invoering en monitoring

5 5 6 6 7 7 8 8 9 10 10

2.

11

De gevoerde procedure

2.1. Het Ontwerp-verkeersbesluit 2.2. Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure 2.3 Nota van Beantwoording

11 11 12

3.

13

Zienswijze met steun voor het instellen van de nul-emissiezone

Zienswijze 2

13

4.

14

Zienswijzen over de contour van de nul-emissiezone.

Zienswijze 3 Zienswijzen 6.4 en 16.4 Zienswijze 10.1 Zienswijze 12 Zienswijze 13 Zienswijze 14

14 15 15 16 17 18

5.

20

Zienswijzen over ambulante handel

Zienswijze 5.1

20

Zienswijze 5.5:

20

Zienswijze 5.8 Zienswijze 21:

20 20

6.

22

Zienswijzen over financiële haalbaarheid

Zienswijze 4: Zienswijze 8.2: Zienswijze 15.3: Zienswijze 17.2:

22 22 22 22

Datum 1 mei 2024

Pagina 2 van 52

Zienswijze 19.3:

22

7.

24

Zienswijzen over beschikbaarheid van emissieloze voertuigen

Zienswijze 1.9: Zienswijze 5.2: Zienswijze 8.1: Zienswijze 10.2: Zienswijze 15.1:

24 24 24 24 24

8.

26

Zienswijzen over haalbaarheid laadinfra

Zienswijze 5.6: Zienswijze 6.2 en 16.2: Zienswijze 15.2: Zienswijze 18.6:

26 26 26 26

9.

29

Zienswijzen over wettelijke regels

Zienswijze 1.8: Zienswijze 18.1: Zienswijze 18.2: Zienswijze 18.3: Zienswijze 19.4:

29 29 29 29 29

10.

31

Zienswijzen over landelijke vrijstelling Dierenambulancediensten

Zienswijze 11:

31

11.

32

Zienswijzen over subsidie

Zienswijze 18.5:

32

12.

33

Zienswijzen over inspraak ontheffingenbeleid

Zienswijze 18.4: Zienswijze 19.2:

33 33

13.

35

Zienswijzen over ontheffingen

Zienswijze 15.6: Zienswijze 15.7: Zienswijze 19.1:

35 35 35

14.

37

Zienswijzen over ontheffing voor niet- opleggertrekkers

Zienswijze 6.1 en 16.1: Zienswijze 7: Zienswijze 20:

37 37 38

15.

40

Zienswijzen over onderbouwing en extern onderzoek

Zienswijze 1.1:

40

Datum 1 mei 2024

Pagina 3 van 52

Zienswijze 1.2: Zienswijze 1.3: Zienswijze 1.4: Zienswijze 1.5:

16.

40 40 40 40

Zienswijzen over zware elektrische bedrijfsauto’s/vrachtauto en Rijbewijs B/C

43

Zienswijze 1.6: Zienswijze 5.3:

43 43

17.

45

Zienswijzen over slimme logistiek

Zienswijze 5.4: Zienswijze 6.5 en 16.5:

45 45

18.

46

Zienswijzen over overige vervuilers

Zienswijze 5.7: Zienswijze 9: Zienswijze 15.5: Zienswijze 17.3:

46 46 46 46

19.

48

Zienswijzen over belangenafweging

Zienswijze 17.1: Zienswijze 18.7: Zienswijze 19.5:

48 48 48

20.

50

Zienswijzen over goed voorbeeld geven

Zienswijze 6.3 en 16.3:

50

21.

51

Zienswijzen over monitoring

Zienswijze 1.7:

51

22.

52

Zienswijze over procedure

Zienswijze 10.3:

52

Datum 1 mei 2024

Pagina 4 van 52

1.

Invoering nul-emissiezone Rotterdam per 1 januari 2025 samengevat

1.1 Aanleiding In 2014 hebben verschillende bedrijven, overheden en kennisinstellingen de Green Deal Zero Emission Stadslogistiek gesloten om de stedelijke logistiek efficiënter en duurzamer te maken. Vanaf dat moment wordt ook in Rotterdam vanuit het community platform Logistiek 010 intensief samengewerkt met diverse bedrijven en kennisinstellingen om de stadslogistiek in Rotterdam slimmer en schoner te maken. In het nationale Klimaatakkoord van 28 juni 2019, waarin afspraken zijn gemaakt om in 2030 de uitstoot van broeikasgassen ten opzichte van 1990 met 49% te verminderen en in 2050 met 95%, is ingezet op een versnelling naar een uitstootvrije stadslogistiek per 1 januari 2025. Afgesproken is om in 30 tot 40 gemeenten, waaronder de gemeente Rotterdam, nul-emissiezones in te voeren als onderdeel van een breder pakket van maatregelen om de gestelde reductie van broeikasgassen te realiseren. Op 16 juni 2019 heeft het college het Stappenplan Zero Emissie Stadslogistiek (ZES) vastgesteld waarin beschreven staat hoe Rotterdam stapsgewijs wil komen tot uitstootvrije stadslogistiek. In het stappenplan ZES is ook aangegeven dat Rotterdam de nulemissiezone per 1 januari 2025 wil invoeren.

Op 1 december 2020 heeft het Stappenplan ZES geleid tot het Convenant ZES waarin de gemeente met de Rotterdamse bedrijven en vertegenwoordigers uit de logistieke sector de gezamenlijke opgave naar een efficiënte en uitstootvrije stadslogistiek in Rotterdam onderschrijft. Daarnaast zijn er ook afspraken gemaakt over de omvang van de Rotterdamse nul-emissiezone. Op 9 februari 2021 heeft het college samen met andere gemeenten en verschillende branche- en koepelorganisaties de nationale Uitvoeringsagenda Stadslogistiek (UAS) ondertekend. Hierin hebben partijen afgesproken om de toegangsregels voor de nulemissiezones te harmoniseren en ontheffingen op een zo uniforme wijze en indien mogelijk via een Centraal Loket te organiseren.

1.2 De zero-emissiezone Rotterdam in het kort Het invoeren van een nul-emissiezone betekent dat er een geografische, zonale geslotenverklaring voor alle bedrijfs- en vrachtauto’s, met uitzondering van uitstootvrije voertuigen, wordt ingesteld. Het gaat om bedrijfs- en vrachtauto’s, bij de Rijksdienst voor Wegverkeer bekend onder de voertuigcategorieën N1, N2 en N3. De nul-emissiezone bevat een ruimtelijk begrensd gebied binnen de ring van Rotterdam. Het hoofdwegennetwerk om Rotterdam en bedrijventerreinen met een (potentiële) logistieke functie langs de Ring van Rotterdam vallen buiten de zone. De geografische omvang ten opzichte van de huidige milieuzone voor vrachtauto’s is vergroot doordat ook het stedelijke gebied op Zuid binnen de Ring onderdeel gaat uitmaken van de zone. Ten opzichte van de huidige milieuzone kent de nul-emissiezone ook een strenger

Datum 1 mei 2024

Pagina 5 van 52

toegangsregime, omdat het om een uitstootvrije zone gaat en deze naast vrachtauto's ook voor bedrijfsauto’s gaat gelden.

1.3 Milieu- en maatschappelijke effecten In het “Coalitieakkoord 2022 – 2026 Eén Stad” heeft het college aangegeven verbetering van luchtkwaliteit in de stad na te streven door de uitstoot van CO2 en andere schadelijke stoffen te verminderen. Om de in het coalitieakkoord vastgelegde CO2 -uitstootreductie van 55% in 2030 te halen, moet Rotterdam maatregelen nemen, met name in het stedelijk gebied. De kern van het instellen van een nul-emissiezone is dat er een meer dan evenredige verbetering van de luchtkwaliteit én reductie van de CO 2-uitstoot wordt gerealiseerd en dat met dit besluit een belangrijke bijdrage wordt geleverd aan de collegedoelstellingen. Uit de rapportage van DCMR Milieudienst Rijnmond, Onderzoek effect ZE-zone’, augustus 2023 blijkt dat door het invoeren van de nul-emissiezone een grote verbetering van de luchtkwaliteit en het klimaat te verwachten is binnen de zone. Daarnaast volgt uit de rapportage van Buck Consultants International (BCI), augustus 2023 ook dat er ook zeer positieve uitstralingseffecten (verbetering van de luchtkwaliteit en het klimaat) buiten de nul-emissiezone te verwachten zijn, als gevolg van het invoeren van de nul-emissiezone. Daarnaast blijkt uit ditzelfde rapport dat de maatschappelijke baten ruimschoots opwegen tegen de maatschappelijke kosten als gevolg van de nul-emissiezone.

1.4 Wettelijke overgangsregelingen en vrijstellingen De afspraken uit de UAS heeft tot een geharmoniseerd systeem van toegangsregels geresulteerd in het Tijdelijk besluit nul-emissiezones waarin eenduidige wettelijke regels voor heel Nederland voor de nul-emissiezones voor bedrijfsauto’s en vrachtauto’s zijn opgenomen. Om een zo soepel mogelijke overgang en een geleidelijk en zorgvuldig proces na te streven, waarbij ondernemers voldoende tijd hebben om te kunnen overstappen op een uitstootvrije bedrijfs- en vrachtauto is er een overgangsregeling vastgesteld: Overgangsregeling vrachtauto’s  Opleggertrekkers van emissieklasse 6 met een datum van eerste toelating vanaf 1 januari 2017 mogen tot uiterlijk 1 januari 2030 de zone inrijden.  Alle overige vrachtauto’s van emissieklasse 6 met een datum van eerste toelating vanaf 1 januari 2020 mogen tot uiterlijk 1 januari 2030 de zone in rijden. Overgangsregeling bedrijfsauto’s  Bedrijfsauto’s met emissieklasse 5 hebben tot en met 31 december 2026 toegang tot de nul-emissiezones.  Bedrijfsauto’s met emissieklasse 6 hebben tot en met 31 december 2027 toegang tot de nul-emissiezones. Daarnaast worden bepaalde soorten bedrijfs- en vrachtauto’s van de geslotenverklaring van de nul-emissiezone wettelijk vrijgesteld.

Datum 1 mei 2024

Pagina 6 van 52

1.5 Ontheffingenbeleid In de UAS is ook afgesproken dat gemeenten en het ministerie van I&W samenwerken aan een zo uniform mogelijk ontheffingensysteem via een Centraal Loket. Het Centraal Loket en het uniforme ontheffingenbeleid moet een lappendeken aan regels voorkomen en voorziet in de behoefte bij bedrijfsleven en gemeenten om eenduidig, transparant en klantvriendelijk ontheffingen aan te kunnen vragen. Ook de Raad van State heeft in haar advies op het Tijdelijke besluit nul-emissiezones hierop aangedrongen. Een ondernemer hoeft zodoende maar bij één loket een aanvraag in te dienen. Het ontheffingenbeleid dat tegelijk met het definitieve verkeersbesluit wordt vastgesteld omvat in ieder geval de volgende ontheffingen: • Ontheffing vanwege lange levertijd uitstootvrij voertuig; • Ontheffing voor bijzondere voertuigen die jonger zijn dan 13 jaar: kermis- en circusvrachtauto’s, vrachtauto’s voor exceptioneel transport, verhuisauto’s en vrachtauto’s met een laadkraan met een hefvermogen van 35 tonmeter of meer; • Ontheffing Plug-in hybride vrachtauto; • Ontheffing vanwege het niet beschikbaar zijn van een uitstootvrij vervangend voertuig; • Ontheffing bedrijfs- en vrachtwagens van particulieren; • Ontheffing voertuigen van gehandicapten die zijn aangepast voor minimaal 500,- euro; • 12 Dagontheffingen maximaal 12 keer per kalenderjaar per gemeente;  Ontheffing bedrijfs- of

vrachtauto’s in verband met bedrijfseconomische omstandigheden;  Afwijkingsbevoegdheid (hardheidsclausule). Bij verlening gelden de eerste zes genoemde ontheffingen voor alle nul-emissiezone van de deelnemende gemeenten. Bij verlening gelden de laatste drie ontheffingen alleen voor de nul-emissiezone waar ze voor worden aangevraagd.

1.6 Tegemoetkoming ondernemers Ondernemers kunnen een gratis adviesgesprek op maat of laadscan bij de gemeente Rotterdam aanvragen. Daarbij heeft de gemeente Rotterdam in de afgelopen jaren ondernemers ondersteund bij het opzetten van vernieuwende logistieke concepten met de subsidieregeling LabZES. Vanuit de Rijksoverheid zijn de subsidies SEBA en AanZet beschikbaar om ondernemers financieel tegemoet te komen voor de aanschaf van uitstootvrije voertuigen. Daarnaast heeft het Rijk een subsidieregeling aangekondigd voor de realisatie van laadinfrastructuur voor logistiek. Met deze regelingen is de verwachting dat er voldoende mogelijkheden zijn voor bedrijven om de overstap te maken naar uitstootvrije bedrijfs- en vrachtauto’s.

1.7 Communicatie Sinds 2020 zijn partijen die te maken gaan krijgen met de nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto’s, zoals voertuigeigenaren, via verschillende kanalen geïnformeerd. Sinds 2020 is vanuit de gemeente Rotterdam in samenwerking met convenantspartijen een breed communicatietraject in uitvoering, waarin het voornemen van de nul-emissiezone is aangekondigd. Ondernemers zijn op allerlei manieren op de hoogte gebracht, zoals via brieven, de gemeentelijke website, logistiek010 website, (social-)mediacampagnes, billboards op straat, webinars, Plug In 010 evenementen, presentaties op verschillende

Datum 1 mei 2024

Pagina 7 van 52

(branche)bijeenkomsten en ondernemersevenementen, het voeren van adviesgesprekken in groothandels en bouwmarkten, maar ook persoonlijke gratis adviesgesprekken bij de ondernemer thuis of op de zaak; Daarnaast wordt ook vanuit de Rijksoverheid een nationale communicatiecampagne uitgevoerd om ondernemers te informeren over de invoering van de nul-emissiezones in meerdere Nederlandse steden, zoals het versturen van informatiebrieven naar bedrijfs- en vrachtauto eigenaren in heel Nederland.

1.8 Ontwerpverkeersbesluit en zienswijzeperiode Op 12 september 2023 heeft het college het ontwerp-verkeersbesluit vastgesteld voor ter inzagelegging in het kader van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van de Algemene wet bestuursrecht. Het verkeersbesluit legt de grondslag voor het instellen van de nul-emissiezone op 1 januari 2025. Het te nemen besluit is zorgvuldig voorbereid. Diverse onderzoeken, adviezen en rapportages liggen aan het besluit ten grondslag. Het ontwerpverkeersbesluit is op 18 september 2023 gepubliceerd in het gemeenteblad 2023 nr. 399579. Van 18 september 2023 tot en met 29 oktober 2023 konden bewoners, ondernemers en anderen via het indienen van een zienswijze hun mening geven over het besluit van het college om vanaf 1 januari 2025 een nul-emissiezone in te voeren.

1.9 Ingediende zienswijzen Er zijn 21 zienswijzen ingediend. Het college waardeert de mening van de indieners over de voorgenomen maatregel en kan op deze manier deze specifieke belangen overwegen en in de besluitvorming betrekken. Daardoor kan tot een zorgvuldig overwogen en draagkrachtig gemotiveerd besluit gekomen worden. Alle 21 zienswijzen zijn tijdig ingediend en de indieners zijn belanghebbend bij dit besluit. De ingediende zienswijzen zijn daarmee allemaal ontvankelijk. De zienswijzen zijn door het college stuk voor stuk zorgvuldig gelezen. Een aantal indieners zijn positief gestemd over de maatregel, maar de meeste indieners maken zich zorgen en zijn kritisch over de maatregel. Kort samengevat gaan de zienswijzen over de begrenzing van de contour, de haalbaarheid van de nul-emissiezone als het gaat om financiële gevolgen voor de indiener, de beschikbaarheid van uitstootvrije voertuigen en de beschikbaarheid van laadinfra mede ook in verband met netcongestie. Daarnaast gaan de zienswijzen ook over de wettelijke bepalingen, de landelijke vrijstellingen, de beschikbaarheid van subsidies en het ontheffingenbeleid, waaronder een ontheffing voor niet-opleggertrekkers die aanvullend is op de wettelijk vastgelegde overgangsregeling.

Ook zijn zienswijzen ingediend die toezien op de onderbouwing, proportionaliteit en belangenafweging van de maatregel, over het wel of niet kunnen inzetten van slimme logistiek en wat de gemeente onderneemt tegen overige vervuilers. Tenslotte zijn er zienswijzen die gaan over de voorbeeldrol van de gemeente, bijvoorbeeld ten aanzien van het eigen wagenpark, de monitoring van de maatregel en de gevoerde procedure.

Datum 1 mei 2024

Pagina 8 van 52

1.10 Samenvatting reactie zienswijzen en conclusie van het college Bovenstaande opsomming op hoofdlijnen bevat de onderwerpen die door de indieners zijn genoemd. In deze Nota van Beantwoording reageert het college op alle zienswijzen die zijn ingediend. Veel van de ingediende zienswijzen gaan in op dezelfde onderwerpen. Daarom zijn de zienswijzen gegroepeerd naar onderwerp. Per onderwerp geeft het college een inhoudelijke reactie en toelichting bij zijn overwegingen. Samenvattend hebben de ingediende zienswijzen het college doen besluiten om het verkeersbesluit op een aantal onderdelen aan te passen ten opzichte van het ontwerpverkeersbesluit. Deze wijzigingen zien allereerst toe op de contour van de nul-emissiezone waarbij: 

de contourgrens van de nul-emissiezone van de Burgemeester Oudlaan naar de Kralingse Zoom wordt verlegd, waarmee het gehele complex van de Erasmus Universiteit en de Hogeschool Rotterdam binnen de contour van de nul-emissiezone komt te liggen. de contourgrens bij de bedrijventerrein Koperslagerstraat-BankwerkerstraatKlinkerstraat en het bedrijventerrein ten noorden van de Kuip tussen de Olympiaweg en de Stadionweg tijdelijk verlegd wordt zodat deze bedrijventerreinen buiten de zone komen te liggen totdat er in de zin van de Omgevingswet een nieuwe functie aan deze locaties is toebedeeld. de Charloisse Lagedijk (tussen Zuiderparkweg en Groene Kruisweg) buiten de zone gehouden wordt en de nieuwe contourgrens van de zone komt te liggen bij de aansluiting van de Charloisse Lagedijk op de Krabbendijksestraat.

Het college heeft daarnaast de zienswijzen voor en tegen de aanvullende Rotterdamse ontheffing voor niet-opleggertrekkers emissieklasse 6 zoals opgenomen in het ontwerpverkeersbesluit afgewogen en heeft daarbij ook de overeenstemming tussen de UASpartijen op landelijk niveau betrokken. Het college heeft besloten om zich aan de landelijke lijn te conformeren en neemt daarom in het definitieve verkeersbesluit op dat nietopleggertrekkers emissieklasse 6 met een datum eerste toelating vanaf 1 januari 2017 tot 1 januari 2020 tot 1 januari 2028 automatisch toegang krijgen tot de nul-emissiezone via een algemene ontheffing. Het college heeft tenslotte vastgesteld dat de warenmarkten in Rotterdam een belangrijke economische en sociale functie voor de stad, haar bezoekers en de winkel- en horecagebieden hebben. Het college heeft er daarom voor gekozen om met de marktondernemers in gesprek te gaan om gezamenlijk een realistisch groeipad te ontwikkelen waardoor ook marktondernemers kunnen voldoen aan de eisen van de nulemissiezone. Tot die tijd krijgen marktondernemers die beschikken over een marktvergunning, op de dagen dat hen is toegestaan op een warenmarkt een standplaats te bezetten, via een melding toegang tot de nul-emissiezone.

Naast bovengenoemde aanpassingen zijn er geen argumenten of inzichten ingediend die het college aanleiding geven om andere inhoudelijke wijzigingen in het verkeersbesluit aan te brengen.

Datum 1 mei 2024

Pagina 9 van 52

1.11 Definitief verkeersbesluit Het college is ervan overtuigd dat het instellen van een nul-emissiezone een meer dan evenredige verbetering van de luchtkwaliteit én reductie van de CO2-uitstoot wordt gerealiseerd. Deze belangen laat het college zwaarder wegen dan de andere mogelijke nadelige (economische) gevolgen die individuen of bedrijven door het verkeersbesluit kunnen ondervinden. Daarnaast zorgen de landelijke overgangsregelingen, vrijstellingen, ontheffingsmogelijkheden en subsidies ervoor dat de nadelige gevolgen van het verkeersbesluit verzacht worden. Alles overziend is het college daarom van mening dat de maatregel niet onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen doelen. Het college neemt dan ook het definitieve besluit om de nul-emissiezone per 1 januari 2025 in te voeren.

1.12 Zorgvuldige invoering en monitoring Het college begrijpt dat de nieuwe verkeerssituatie zeker in het begin voor onzekerheid kan zorgen. Daarom zal het college veel zorg besteden aan een soepele invoering. In het laatste kwartaal van 2024 zullen informatiebrieven worden gestuurd aan eigenaren van voertuigen die de zone inrijden om hen te informeren over de nul-emissiezone. Ook worden dynamische borden met kentekenchecker geplaatst die aangeven dat een bepaald kenteken wel of niet de zone in mag rijden na 1 januari 2025. Daarnaast zullen in de eerste maanden van 2025 waarschuwingen gestuurd worden opdat de eigenaren van bedrijfs- en vrachtauto’s kunnen wennen aan de nieuwe toegangseisen. Ook zal er duidelijke bebording met heldere vooraankondigingen geplaatst worden, voor duidelijkheid omtrent de zone en om fuikvorming te voorkomen. Naar verwachting zal op termijn het huidige verkeersbord in het RVV 1990 voor het instellen van een nul-emissiezone vervangen worden door een nieuw verkeersbord. Het college zal dan een wijzigingsbesluit moeten nemen. Deze wijziging is louter een technische wijziging van de nul-emissiezone waar geen andere rechtsgevolgen uit voortvloeien.

Op de verkeersmaatregel uit dit verkeersbesluit zal worden gehandhaafd door het verwerken van kentekengegevens van voertuigen die met behulp van Automatic Number Plate Recognition (ANPR) camera’s op of aan de weg zijn verzameld, in combinatie met daartoe bevoegde buitengewoon opsporingsambtenaren. De invoering van de nul-emissiezone is onderdeel van het samenhangende actieprogramma slimme en schone stadslogistiek van de gemeente Rotterdam, dat opgenomen is in het vastgestelde Convenant ZES). Dit programma kent een looptijd tot ten minste 2030. Elk jaar wordt de voortgang van alle acties gerapporteerd aan de Rotterdamse convenantspartijen en de gemeenteraad. Daarnaast wordt de toename van uitstootvrije voertuigen, in relatie tot fossiel aangedreven voertuigen met verschillende emissieklassen, jaarlijks gemonitord. In het kader van het Stappenplan ZES wordt ook elk jaar over de voortgang van acties van convenantspartijen gerapporteerd.

Datum 1 mei 2024

Pagina 10 van 52

2. De gevoerde procedure 2.1. Het Ontwerp-verkeersbesluit Op 12 september 2023 heeft het college het ontwerp-verkeersbesluit genomen om de nulemissiezone op 1 januari 2025 in te stellen. Het betreft een geslotenverklaring voor bedrijfsauto's en vrachtauto's, uitgezonderd uitstootvrije voertuigen, in te stellen met nulemissie borden zoals opgenomen in het RVV. Het besluit is zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd.

2.2. Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure Bij de besluitvorming over het instellen van een nul-emissiezone in Rotterdam per 1 januari 2025 volgt het college de Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure ex afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Het ontwerp-verkeersbesluit is tezamen met de beschrijving van de toegangspunten, de Zero Emissiezone Contourenkaart, het rapport ‘Onderzoek effect ZE-zone’ en de ‘Effectstudie Zero Emissiezone bestel- en vrachtauto's Rotterdam’ op 18 september 2023 gepubliceerd in het gemeenteblad 2023 nummer 399579. Het ontwerp-verkeersbesluit en de bijlagen hebben vanaf 18 september 2023 tot en met 29 oktober 2023 op de volgende wijzen ter inzage gelegen:  

Digitaal via www.officielebekendmakingen.nl waar het ontwerp-verkeersbesluit met bijlagen was in te zien. Digitaal via Externe link: www.rotterdam.nl/zero-emissie-stadslogistiek. Hierin was naast een link naar het Gemeenteblad ook overige relevante informatie over het ontwerp-verkeersbesluit, overgangsregelingen, vrijstellingen, ontheffingen, subsidiemogelijkheden en persoonlijk advies op maat te vinden. Fysiek bij het Concern Informatiecentrum gemeente Rotterdam. Op afspraak kon hier het ontwerp-verkeersbesluit en bijlagen ingezien worden.

Van 18 september 2023 tot en met 29 oktober 2023 was het voor bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden mogelijk om via het indienen van een zienswijze hun mening te geven over het besluit van de gemeente om vanaf 1 januari 2025 een nul-emissiezone in te voeren. Dit kon naar keuze digitaal via een webformulier, schriftelijk of mondeling op de in het ontwerp-verkeersbesluit omschreven wijze. Daarnaast zijn er tijdens de zienswijzenperiode door de gemeente op 26 september 2023 en 4 oktober 2023 twee webinars georganiseerd waarin informatie is gegeven over het instellen van de nul-emissiezone in Rotterdam, o.a. is uitleg gegeven hoe een zienswijze kon worden ingediend en belangstellenden zijn in de gelegenheid gesteld om vragen te stellen.

Datum 1 mei 2024

Pagina 11 van 52

2.3 Nota van Beantwoording Het college heeft 21 zienswijzen ontvangen. Alle zienswijzen zijn tijdig ingediend en de indieners zijn belanghebbend bij het ontwerp-verkeersbesluit. De ingediende zienswijzen zijn daarom allemaal ontvankelijk. De zienswijzen zijn stuk voor stuk aandachtig gelezen. Een deel van de indieners is positief gestemd over de maatregel. De meeste indieners maken zich zorgen en zijn kritisch over de maatregel. In deze Nota van Beantwoording reageert het college op alle zienswijzen die zijn ingediend. Veel van de ingediende zienswijzen gaan in op dezelfde onderwerpen. Daarom zijn de zienswijzen gegroepeerd naar onderwerp. Per onderwerp geeft het college een inhoudelijke reactie en een toelichting bij zijn overwegingen. Wanneer een zienswijze gevolgen heeft voor het definitieve verkeersbesluit, wordt dit daarbij aangegeven. De Nota van Beantwoording wordt tegelijkertijd met het definitieve verkeersbesluit bekend gemaakt via publicatie in het gemeenteblad en via de website www.officielebekendmaking.nl. Daarnaast zullen de stukken ook terug te vinden zijn op de externe link: www.rotterdam.nl/zero-emissie-stadslogistiek. Alle indieners ontvangen een persoonlijk bericht. In dit bericht staat aangegeven waar in de Nota van Beantwoording de reactie op de ingediende zienswijze te vinden is.

Sommige indieners hebben over verschillende onderwerpen een zienswijze ingediend. In dat geval staan in het bericht verschillende verwijzingen. In de Nota van Beantwoording is een inhoudsopgave opgenomen. Op die manier is op te zoeken waar de verschillende reacties van het college te vinden zijn.

Datum 1 mei 2024

Pagina 12 van 52

3. Zienswijze met steun voor het instellen van de nul-emissiezone Zienswijze 2: Indiener vindt de invoering van de zero-emissiezone een goed idee. Het is een goede motivatie om verdere duurzame stappen te zetten en het stinkt minder in de stad.” Reactie van het college: Het college dankt indiener voor de positieve zienswijze en is ook van mening dat met het instellen van een nul-emissiezone een meer dan evenredige verbetering van de luchtkwaliteit én reductie van de CO 2-uitstoot wordt gerealiseerd. Het college neemt zienswijze 2 voor kennisgeving aan.

Datum 1 mei 2024

Pagina 13 van 52

4. Zienswijzen over de contour van de nul-emissiezone. Zienswijze 3:

Indiener laat weten dat er op dit moment zich nog een bedrijventerrein in het gebied Koperslagerstraat-Bankwerkerstraat-Klinkerstraat en de Olympiaweg bevindt. Bij het bekend maken van de ZE- zone was er nog sprake van dat deze panden gesloopt zouden worden door de ontwikkelingen rond een nieuw stadion. Om 2 redenen vindt indiener het niet eerlijk als deze gebieden binnen de ZE-zone vallen. 1. Naar verwachting zal er in de komende 3 jaar nog niet gesloopt gaan worden. Tot die tijd zijn er logistieke stromen naar deze bedrijfsruimten. Aanlevering is van buiten de stad. Als deze bedrijfsruimten binnen de ZE zone vallen, kunnen ze feitelijk niet meer worden bevoorraad. Dat is moeilijk omdat het ook samenvalt met punt 2: 2. Indiener heeft verschillende pogingen ondernomen om samen met de gemeente een stuk grond te ontwikkelen naar een nieuwe bedrijfsruimte (voor verzoeker en ook voor een aantal buren). Vanwege een groot tekort aan mensen op de afdeling stadsontwikkeling, is het niet mogelijk gebleken om een bedrijfsruimte te realiseren binnen de komende 2 jaar. Daardoor is er feitelijk ook geen alternatief voorhanden. Reactie van het college: Het college dankt indiener voor deze zienswijze. In het verkeersbesluit zijn de uitgangspunten weergegeven die zijn gehanteerd bij het bepalen van de omvang en contour van de nul-emissiezone.

Daarbij is er onder andere voor gekozen om bedrijventerreinen met een (potentiële) logistieke functie zo dichtbij mogelijk langs de binnenkant van de Ring van Rotterdam buiten de zone te laten vallen zodat er kansen ontstaan om bestaande en nieuwe logistieke hubs en optimale bundeling van uitstootvrije transporten naar de nul-emissiezone te kunnen realiseren. Het college stelt vast dat de gebiedsontwikkeling rondom Feyenoord City een andere wending heeft genomen waardoor de desbetreffende bedrijventerreinen langer op deze locatie worden gehandhaafd. Daarnaast is in de zienswijze voldoende onderbouwd dat het bedrijventerrein binnen het gebied KoperslagerstraatBankwerkerstraat-Klinkerstraat en het bedrijventerrein ten noorden van de Kuip tussen de Olympiaweg en de Stadionweg aan het criterium voor logistieke hubs kan voldoen. Zolang er op deze locatie nog geen andere ontwikkelingen plaatsvinden betreft het hier een tijdelijke potentiële hublocatie. Het college hecht er waarde aan om logistieke hubs te stimuleren. Door de contour nu tijdelijk aan te passen zodat de bedrijfsterreinen buiten de nul-emissiezone komen te liggen is er meer tijd om een nieuwe locatie te vinden en logistieke concepten verder uit te werken. Tot die tijd kunnen indiener en de bedrijven op deze terreinen een rol blijven spelen in de ontwikkeling van logistieke hubs.

Het college verklaart zienswijze 3 gegrond en past de contour van de nul-emissiezone in het verkeersbesluit bij beide locaties tijdelijk aan totdat er op grond van de Omgevingswet een nieuwe functie aan deze locaties is toebedeeld.

Datum 1 mei 2024

Pagina 14 van 52

Zienswijzen 6.4 en 16.4: Indieners vragen duidelijk te zijn over wat de contouren van de toekomstige zero-emissie zone zijn en daarbij te zorgen voor een adequate handhaving. Zorg er als gemeente voor dat er in de contouren rekening wordt gehouden met de bestaande ‘strategische’ bedrijventerreinen. Hierin dienen logische keuzes gemaakt te worden. Logistiek vastgoed, vaak te vinden op de bedrijventerreinen, is belangrijk voor het laten slagen van de ZE-opgave. Deze locaties vormen bijvoorbeeld de plekken voor op- en overslag, maken efficiëntie in de keten mogelijk en zijn daarmee cruciaal voor de logistieke ondernemers”. Reactie van het college: Het college bedankt indieners voor deze zienswijzen en neemt zienswijze 6.4 en 16.4 voor kennisgeving aan.

Zienswijze 10.1: Indiener geeft aan dat zij op 15 juni 2023 een gesprek heeft gevoerd met de gemeente waarin is verzocht om de vestiging van indiener aan de Molenvliet 4 te Rotterdam buiten de ZE-zone te brengen door een aanpassing van de conceptzone. De verzochte aanpassing is om de locatie bereikbaar te houden door middel van een of twee aangegeven corridor(s). Ter toelichting wordt vermeld dat indiener graag van beide corridors gebruik wil maken om de verkeersbelasting te verdelen, maar één corridor is voor verzoeker ook bespreekbaar. Indiener is sinds de jaren '70 gevestigd aan de Molenvliet in Rotterdam. Deze locatie heeft een belangrijke regiofunctie voor de inzameling en op- en overslag van afval en er werken circa 25 medewerkers. Dagelijks komt een groot aantal voertuigen uit zowel Rotterdam als de omliggende gemeenten op de locatie afval storten; dat gebeurt zowel door indiener zelf als door derden. Gemiddeld wordt jaarlijks 180 kiloton afval ontvangen. Daarvan haalt indiener ongeveer 3 kiloton afkomstig van ziekenhuizen, verenigingen, musea en andere sociaal maatschappelijke partijen in de ZE-zone op. Dit is 10% van onze inzameling afkomstig uit de ZE-zone. Al het afval wordt uiteindelijk afgevoerd naar verwerkingslocaties buiten Rotterdam. Kortom, de locatie vervult een belangrijke regiofunctie.

Andere inzamelaars kunnen op relatief korte afstand het door hun ingezamelde afval kwijt. Dit zorgt voor een efficiënte planning van deze bedrijven én een lage CO 2-uitstoot wat past in het overheidsbeleid om CO 2-emissies te verminderen. Door de site binnen de zone te laten, zal de locatie minder gemakkelijk toegankelijk zijn voor derden hetgeen minder duurzaam is. Op 15 juni 2023 is geopperd dat de activiteiten verplaatst zouden kunnen worden naar een locatie buiten de zone. Er is echter geen geschikte, alternatieve locatie beschikbaar. De ervaring heeft ons geleerd dat verplaatsing van dit soort activiteiten, zelfs als er een theoretisch geschikte locatie is gevonden, een zeer langdurig traject vergt. Doorgaans willen omwonenden dit soort bedrijfsactiviteiten niet in hun nabijheid (NIMBY), waardoor zij de komst van afvalbedrijven proberen tegen te houden. Een andere optie die is aangekaart, is het samenvoegen van afval via een buiten de ZE-zone gelegen hub. Bij logistieke hubs worden bijvoorbeeld pakketjes buiten een milieuzone verzameld, waarna ze door één voertuig binnen de zone op verschillende adressen worden afgeleverd. Dit voertuig kan dan ook nog retourstromen vanuit de zone mee terug nemen naar de logistieke hub buiten de zone. Bij afvalinzameling moet een voertuig juist leeg naar de inzamellocaties gaan, en komt het voertuig vol terug.

Bovendien is het alleen toegestaan om afval in de voertuigen te vervoeren en is retourlogistiek met andere producten niet mogelijk.

Datum 1 mei 2024

Pagina 15 van 52

Reactie van het college: Het college dankt indiener voor deze zienswijze. Indiener is convenant partner in het Convenant ZES. De contour is begin 2021 besproken en was in zijn totale vorm en grootte bekend en afgestemd met de partners in april 2021. Op 7 april 2021 zijn alle convenantpartners per mail geïnformeerd over de concept grenzen van de nul-emissiezone en hebben zij de mogelijkheid gehad hierop te reageren. De reacties hebben niet tot aanpassing van de concept grenzen van de nul-emissiezone geleid. Vanaf juni 2021 is de concept contour op www.rotterdam.nl/ZES, www.logistiek010.nl en www.opwegnaarzes.nl te raadplegen geweest en is de afspraak gemaakt om eventuele wijzigingen te verzamelen en deze in één keer aan de convenantpartners voor te leggen voordat de verkeersbesluitprocedure gestart zou worden. Op 6 juni 2023 is de aangepaste versie concept-contour gedeeld met alle convenantpartners. De vestiging van indiener ligt diep in de zone met veel woningen eromheen. Hiermee voldoet het niet aan de criteria van een bedrijventerrein met een (potentiële) logistieke functie langs de Ring van Rotterdam. Om de locatie buiten de zone te plaatsen stelt indiener twee mogelijke corridors voor. De ligging van de vestiging van indiener diep in de zone maakt dat er sprake is van lange corridors. Het college stelt vast dat dit vraagt om een grote aanpassing van de contour.

Aan het overgrote deel van deze corridors zijn direct woningen gelegen. Dat heeft nadelige gevolgen voor de bewoners op het gebied van luchtkwaliteit. Ook is er geen sprake van een tijdelijke situatie aangezien er vooralsnog geen gebiedsontwikkeling op deze locatie gepland is en indiener aangeeft geen vooruitzicht te hebben op een andere locatie buiten de zone. Daarnaast is een corridor vanaf de Ring van Rotterdam naar de locatie van indiener volgens het college op voorhand niet noodzakelijk om de bedrijfsvoering binnen de nul-emissiezone door te zetten. De versnelling van de verschoning van het wagenpark geldt voor indiener net zo goed als voor andere bedrijven. Voor hun klanten geldt dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor de verschoning van hun eigen wagenpark. Daarnaast kunnen indiener en hun klanten net als in de rest van zone geldt, gebruik maken van de landelijke overgangsregelingen en vrijstellingen, ontheffingsmogelijkheden en subsidies. Dat maakt naar het oordeel van het college dat de nadelige gevolgen van het verkeersbesluit verzacht worden en ervoor zorgen dat de maatregel niet onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen doelen. Het college verklaart zienswijze 10.1 ongegrond en ziet geen reden om het verkeersbesluit naar aanleiding van deze zienswijze aan te passen.

Zienswijze 12:

Indiener laat weten dat in het huidige concept het logistieke dock van het Maasstad ziekenhuis, welke zijn in- en uitrit heeft aan de Krimpenerstraat, net binnen de Zes-zone komt te vallen. Bij dit logistieke dock komen dagelijks vele soorten transporteurs, afvalverwerkers, koeriersdiensten, rouwvoertuigen en aannemers, uit zowel binnen- als buitenland. Het invoeren van de conceptzone gaat m.b.t. de continuïteit van het ziekenhuis nadelige consequenties geven. Gezien het feit dat het industrieterrein Hordijkerveld wordt ontzien m.b.t. de Zes-zone, ziet indiener graag dat de nu getrokken grens op de Stolwijkstraat in het conceptplan iets naar boven wordt opgetrokken naar de 1e brug op de Krimpenerstraat. Hierdoor wordt alleen het logistieke terrein van het maasstad ziekenhuis

Datum 1 mei 2024

Pagina 16 van 52

(voorlopig) gevrijwaard van de Zes-zone. Indiener nodigt de gemeente graag persoonlijk uit om de huidige situatie zelf in ogenschouw te nemen. Reactie van het college: Het college dankt indiener voor deze zienswijze. In het verkeersbesluit zijn de uitgangspunten weergegeven die zijn gehanteerd bij het bepalen van de omvang en contour van de nul-emissiezone. Daarbij is er onder andere voor gekozen om bedrijventerreinen met een (potentiële) logistieke functie langs de Ring van Rotterdam buiten de zone te laten vallen zodat er kansen ontstaan om vanuit de markt bestaande en nieuwe logistieke hubs en optimale bundeling van uitstootvrije transporten naar de nul-emissiezone te kunnen realiseren. Het ziekenhuis is niet gelegen op een bedrijventerrein als hier bedoeld. Het is in die zin dan ook niet vergelijkbaar met het bedrijventerrein Hordijkerveld, maar kan vanuit het gelijkheidsbeginsel, gelijke gevallen op dezelfde manier behandelen, gelijkgesteld worden met de andere ziekenhuizen die binnen de nul-emissiezone liggen. Voor geen van de ziekenhuizen is de contour zodanig bepaald dat de ziekenhuizen buiten de zone komen te liggen en dit is ook niet wenselijk.

Het college is van mening dat milieu- en gezondheidsbelangen, zoals het verbeteren van de luchtkwaliteit in Rotterdam en het daarmee voorkomen van schadelijke gevolgen voor de gezondheid, met name voor kinderen, ouderen en mensen die al een luchtwegaandoening of hart- en vaatziekte hebben, en het terugdringen van de CO 2-uitstoot, prevaleren boven andere nadelige algemene economische gevolgen die individuen, bedrijven of een ziekenhuis van het verkeersbesluit mogelijk kunnen ondervinden. Het college hoopt dat indiener als gezondheidsinstelling juist deze doelstellingen onderschrijft. Daarnaast kunnen transporteurs die naar het ziekenhuis rijden, net als naar alle andere afleveradressen in de zone, gebruik maken van de landelijke overgangsregelingen en vrijstellingen, de ontheffingsmogelijkheden en de subsidies. Dat maakt naar het oordeel van het college dat de nadelige gevolgen van het verkeersbesluit verzacht worden en ervoor zorgen dat de maatregel niet onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen doelen. Het college verklaart zienswijze 12 ongegrond en ziet geen reden om het verkeersbesluit naar aanleiding van deze zienswijze aan te passen.

Zienswijze 13: Indiener maakt namens de Erasmus Universiteit en de Hogeschool Rotterdam een zienswijze kenbaar over het uitsluiten van de campus aan de Kralingse Zoom. Indiener ziet graag dat het complex wordt opgenomen binnen de zone. Kijkend naar de plattegrond is het volgens indiener niet logisch dat de campus is uitgesloten. Het valt immers binnen de ring Rotterdam. Tevens streven zowel de Erasmus Universiteit als de Hogeschool Rotterdam naar een schone, leefbare en duurzame campus voor studenten en medewerkers, wat is opgenomen in de duurzaamheidsagenda's. Opgenomen worden binnen de ZE-zone past hier naadloos in. Als 2 grote publieke inkopende partijen denkt indiener hierin impact te kunnen maken. Indiener is reeds bezig te kijken met leveranciers hoe inkomende goederenstromen anders kunnen worden georganiseerd. De ZE-zone kan hier een grote bijdrage aan leveren in de vorm van een procesversneller”.

Datum 1 mei 2024

Pagina 17 van 52

Reactie van het college: Het college dankt indiener voor de positieve zienswijze en onderschrijft de manier waarop beide onderwijsinstellingen nu al met verduurzaming bezig zijn. Het college verklaart zienswijze 13 gegrond en laat weten dat de contourgrens van de nulemissiezone in het verkeersbesluit wordt verlegd van de Burgemeester Oudlaan naar de Kralingse Zoom waarmee het gehele complex van de Erasmus Universiteit en de Hogeschool Rotterdam binnen de contour van de zero-emissiezone komt te liggen. De bebording wordt op deze contourwijziging afgestemd.

Zienswijze 14:

Indiener dient namens zijn client een zienswijze in. Cliënt drijft een garagebedrijf, dat zich onder meer richt op de handel in- en reparatie van personenauto's en lichte bedrijfsauto's. Cliënt staat in de markt ook bekend als dieselautospecialist. Het College heeft ervoor gekozen om een Zero-Emissiezone in te stellen met betrekking tot een groot deel van de stad Rotterdam, gelet op in artikel 2 leden 2 sub a en 3 sub a van de Wegenverkeersweg 1994 genoemde belangen. In het verkeersbesluit is uitdrukkelijk het belang van bedrijven op bedrijventerreinen langs de Ring van Rotterdam meegewogen en om die reden is bepaald dat deze terreinen buiten de Zero-Emissiezone vallen. Het vorenstaande is tot uitdrukking gebracht door het Garagebedrijf, dat is gelegen op een bedrijfsbestemming binnen het bestemmingsplan "Charloisse Lagedijk" (Poort van Charlois), te laten vallen buiten de contouren van de Zero-Emissiezone. Het instellen van een Zero-Emissiezone op de toegangsweg van het Garagebedrijf betekent dat het Garagebedrijf gedwongen wordt haar bedrijfsactiviteiten te beëindigen. Het bedrijf kan immers geen bestel- en vrachtauto's meer ontvangen die bestemd zijn voor het vervoer van handelsvoorraad en overige bedrijfsgoederen. Bovendien worden bedrijfswagens (grijs kenteken) aangeboden ter reparatie. Daaruit bestaat circa 80 procent van de omzet.

Deze bedrijfswagens komen uit de wijde omgeving en zijn vrijwel niet emissievrij. Het wegvallen van dit aanbod zou het einde betekenen van het garagebedrijf. Dit zou een aanzienlijke financiële schade betekenen en een verlies van werkgelegenheid. Het ontwerpbesluit kan dan ook niet ongewijzigd in stand blijven. Indiener verzoekt de gemeente om de contouren van de Zero-Emissiezone zodanig te wijzigen, dat zij bereikbaar blijft via het hoofdwegennet (A15 > Groene Kruisweg Driemanssteeweg en Charloisse Lagedijk). Het gaat dan concreet om een (geografisch) beperkte wijziging van de zone, die voor het Garagebedrijf van levensbelang is. Reactie van het college: Het college dankt indiener voor deze zienswijze. Zoals door de indiener wordt aangegeven heeft het college bij het bepalen van de contour van de nul-emissiezone ervoor gekozen om bedrijventerreinen aan de rand van de stad zoveel mogelijk buiten de zone te houden. Deze terreinen kunnen als potentiële hubs een belangrijk element zijn voor een schone, slimme en efficiënte stadslogistiek. Het bedrijf van indiener ligt in het bedrijventerrein Poort van Charlois en is daarom ook buiten de contour gehouden. De veronderstelling was dat het bedrijf goed bereikbaar was via de Driemansteeweg. Het is het college duidelijk geworden dat het bedrijf voor zijn bedrijfsvoering afhankelijk is van de toegang via de Charloisse Lagedijk.

In dit specifieke geval waarbij de gemeente ervan uitging dat de toegangsweg tot het bedrijf buiten de zone lag, acht het college het verzoek om de contour te wijzigen redelijk en zal de Charloisse Lagedijk tussen Zuiderparkweg en Groene Kruisweg buiten de

Datum 1 mei 2024

Pagina 18 van 52

zone gehouden worden. Het nieuwe grenspunt van de zone komt te liggen bij de aansluiting van de Charloisse Lagedijk op de Krabbendijksestraat. Het college verklaart deze zienswijze gegrond en de contour van de nul-emissiezone zal in het verkeersbesluit op deze wijze worden aangepast.

Datum 1 mei 2024

Pagina 19 van 52

5. Zienswijzen over ambulante handel Zienswijze 5.1: Indiener geeft aan dat hij dinsdag en vrijdag als marktkoopman op respectievelijk de centrummarkt en de markt in Schiebroek staat. Voor de dinsdagmarkt in Rotterdam Centrum krijgt indiener te maken met het verkeersbesluit Zero Emissie. Voor indiener is er buiten de enorme aanschafwaarde een aantal zaken die naar zijn mening niet eerlijk zijn of misschien vergeten worden dan wel niet over nagedacht zijn. De overgangsperiode is te kort want indiener is een eenmanszaak en moet een investering doen van ca. € 60.000.

Zienswijze 5.5:

Indiener geeft aan dat zijn markthandel in zijn bus en aanhangwagen zit die hij uitpakt achter een marktkraam in de binnenstad. Dit geldt voor alle collega’s op de Rotterdamse markten. Indiener is van oordeel dat de marktkoopman welke in de gemeenten werkzaam zijn waar de Zero Emissie zones komen een ontheffing zou moeten krijgen. Een warenmarkt zorgt ook voor een leefbare binnenstad! Voor indiener zou dit betekenen dat hij circa 49 ontheffingen per jaar nodig heeft. Hij rijdt de stad in, zet zijn motor uit op de markt en rijdt ´s avonds weer weg.

Zienswijze 5.8:

Indiener laat weten dat het voor de marktondernemers, en sprekend voor indiener zelf, het een investering is die voor zijn eenmanszaak te snel komt. Graag zou indiener tot minstens 2030 een ontheffing zien, zodat hij een juiste investering kan doen voor een 100% elektrische bus met een max. aanhanger gewicht van ruim 2000 kg te besturen met een rijbewijs B en een actieradius bij een grote bestelbus van minstens 400. Zienswijze 21: Indiener geeft aan dat er voor hem een onwerkbare situatie ontstaat omdat hij een standplaats op Lombardijen heeft en 4 km de zone in moet rijden. Hij staat de hele dag stil en rijdt aan het einde van de dag weer 4 km retour. Een nieuwe elektrische bus kost 60.000,00 en tweedehands is er niets te koop, het is economisch onverantwoord. Volgens indiener wordt de kleine ondernemer onevenredig benadeeld. Hij wenst de gemeente wijsheid toe in de besluitvorming en is verdrietig, teleurgesteld, kan er niet van slapen en hoopt dat de gemeente hem kan helpen. Reactie van het college: Het college dankt indieners voor de ingebrachte zienswijzen. Indieners vrezen dat zij door het invoeren van de nul-emissiezone met faillissement worden bedreigd. Met betrekking tot de positie van markondernemers wil het college benadrukken dat de warenmarkten in Rotterdam een belangrijke economische en sociale functie voor de stad en haar bezoekers hebben.

Voor mensen die minder te besteden hebben, zijn de markten een plek voor meer betaalbare dagelijkse boodschappen. Daarnaast hebben de markten een sociale functie als ontmoetingsplek. Veel mensen komen naar de markt voor de gezelligheid. Ook bieden de markten de mogelijkheid om kennis te maken met nieuwe producten. Door deze

Datum 1 mei 2024

Pagina 20 van 52

verschillende functies zijn markten een belangrijke aanjager voor de lokale middenstand en een belangrijke aanvulling op het bestaande winkelaanbod. Voor marktondernemers kan de opgave om te voldoen aan de eisen van de nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto’s dermate groot worden dat het risico bestaat dat marktondernemers de Rotterdamse markten gaan mijden, in ruil voor meer zekerheid over de continuïteit van hun onderneming. Anders dan voor gevestigde bedrijven is het namelijk gemakkelijk de marktactiviteit te verplaatsen naar andere markten. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor het bestaansrecht van de warenmarkten in Rotterdam, de aantrekkelijkheid van de stad en haar bezoekers en daarmee ook voor overige bedrijven in de stad, zoals winkels en horeca. Het college heeft er daarom voor gekozen om via de Rotterdamse Markt Adviescommissie met de marktondernemers in gesprek te gaan om gezamenlijk een realistisch groeipad te ontwikkelen waardoor ook marktondernemers kunnen voldoen aan de eisen van de nul-emissiezone. Tot die tijd krijgen marktondernemers die beschikken over een marktvergunning op de dagen dat hen is toegestaan op een markt een staanplaats te bezetten via een melding aan het college toegang tot de nul-emissiezone met hun bedrijfs- of vrachtauto. Het college verklaart zienswijze 5.1, 5.5 en 5.8 gezien het voorgaande gegrond.

Ten aanzien van zienswijze 21 stelt het college vast dat indiener weliswaar ook ambulante handel uitvoert maar geen onderdeel uitmaakt van een Rotterdamse warenmarkt. Het college kent juist aan de warenmarkten een groot belang toe vanwege de economische en sociale functies die zij vervullen voor de stad, haar bezoekers en het winkel- en horecagebied. Dit collectieve belang speelt niet bij de afzonderlijke standplaats van indiener. Toch is het denkbaar dat indiener in de problemen komt door de instelling van de nul-emissiezone, bijvoorbeeld doordat de overstap naar een uitstootvrij voertuig op korte termijn financieel niet mogelijk is en er daardoor te veel omzet wegvalt. Voor deze ondernemers zal in het ontheffingenbeleid een ontheffing worden opgenomen waardoor ondernemers, die in verband met de aanschafkosten van een uitstootvrij voertuig aantoonbaar in financiële problemen dreigen te komen, onder voorwaarden een ontheffing kunnen krijgen. Het college verklaart zienswijze 21 ongegrond en ziet geen reden om het verkeersbesluit naar aanleiding van deze zienswijze aan te passen.

Datum 1 mei 2024

Pagina 21 van 52

6. Zienswijzen over financiële haalbaarheid Zienswijze 4: Indiener geeft aan dat de gemeente het kleine ondernemers alleen maar moeilijker maakt om te functioneren en levensvatbaar te blijven. Indiener heeft zijn bus nodig en kan geen nieuwere permitteren. Indiener heeft een youngtimer en heeft deze zakelijk hard nodig. Schulden maken voor een andere auto zit er voor indiener niet in. Indiener vraagt het college eens een keer op te komen voor de inwoners en ondernemers. Zienswijze 8.2: Indiener woont en werkt al bijna 10 jaar als hovenier (zzp'er) vanaf Katendrecht. Dagelijks rijdt hij met een bestelwagen (Diesel Emissieklasse 5) inclusief aanhanger tot 3500kg naar talloze groenprojecten voornamelijk in Rotterdam. Dit varieert van klein tuinonderhoud en tuinaanleg bij particulieren tot de realisatie van bijvoorbeeld groene schoolpleinen (regelmatig ook (in)direct in opdracht van gemeente Rotterdam. Hij geeft aan dat hij bij invoering van de ZE-zone niet eens bij zijn eigen woning weg kan rijden voor werk. Dus zelfs al zou hij niet meer binnen Rotterdam gaan werken, dan kan hij nog niet thuis weg. Een nieuwe elektrische bestelwagen aanschaffen is voor indiener als zzp'er onhaalbaar in aanschafprijs.

Hij hoort graag of de Gemeente Rotterdam hem een passende oplossing kan aanbieden of dat er uitzonderingen mogelijk zijn zodat hij zijn prachtige baan als hovenier in én voor een steeds groener Rotterdam voort kan zetten.

Zienswijze 15.3:

Indiener geeft aan dat het voor een zzp'er een flinke hap uit zijn budget is en dat de bijtelling met werkelijk 1000% per jaar omhooggaat. Zienswijze 17.2: Indiener is het niet eens met het ontwerpbesluit omdat je deze problematiek niet met wetgeving moet oplossen maar de oplossing moet zoeken in de techniek. Op dit moment zijn een groot aantal Rotterdammers afhankelijk van hun dieselbus, een bus die door de overheid werd gestimuleerd om aan te schaffen. Deze groep mensen doet het werk waar anderen geen zin in hebben of zich te min voor voelen. Ze werken voor een laag salaris en kunnen zich geen elektrische auto van minimaal 30.000 permitteren. Zienswijze 19.3: Indiener geeft aan hoe zij in het verleden ook al volop meegewerkt hebben met de plannen van de gemeente Rotterdam voor verbetering van de luchtkwaliteit want het bedrijf is tien jaar geleden als enige verhuisbedrijf in Rotterdam overgestapt naar een vrachtauto op aardgas. Dit is toen gebeurd op aanraden van de Gemeente. Daarnaast heeft het bedrijf dit jaar een beschikking uit de AANZET subsidie ontvangen voor de aanschaf van 1 elektrische vrachtauto. De plannen zijn om deze vrachtauto uit te rusten met een wisselchassis voor 20ft en 25ft containers. Het bedrijf wil zich daarbij richten op de volgende vervoersstromen in de stad:

Datum 1 mei 2024

Pagina 22 van 52

1.Bouwlogistiek. Voor bouw- en installatiebedrijven kunnen zij de materialen tijdelijk opslaan en op afroep naar de bouwplaats brengen; 2.Vervoer van 20ft containers waarvan de eindbestemming in de zero emissie zone ligt. Dit kunnen bijvoorbeeld containers waarin de inboedel zit van expats die verhuizen van buiten Europa naar Rotterdam; 3.Diverse andere goederen die bijvoorbeeld voor events, tentoonstellingen etc voor een tijdelijke periode naar een bestemming in de stad moeten; 4.Toelevering van meubilair en apparatuur voor alle zorg, kantoor- en schoolorganisaties etc. vanaf leveranciers buiten de stad. Indiener is volop bezig om in lijn van de Gemeente Rotterdam deze plannen te implementeren echter de tijdsperiode van 2025 tot 2030 is veel te kort om als klein bedrijf dit te kunnen uitvoeren in financieel en organisatorisch opzicht. Reactie van het college: Het college dankt indieners voor de ingebrachte zienswijzen en stelt kort samengevat vast dat alle indieners vrezen dat zij door het invoeren van de nul-emissiezone met faillissement worden bedreigd. Het college wil ten eerste meegeven dat elektrische bedrijfsauto’s over de hele gebruikersperiode in veel gevallen op dit moment al goedkoper zijn dan een bedrijfsauto op diesel. Dat komt vooral door de veel lagere onderhoudskosten.

Het klopt dat de aanschafprijs (eenmalige investering) van een elektrische bedrijfsauto in de meeste gevallen nog hoger is dan een diesel bedrijfsauto. Dit kostenverschil wordt echter voor een groot deel opgevangen door de nationale aanschafsubsidie en fiscale voordelen. Daarnaast wordt de hogere investering ook terugverdiend door de lage onderhoudskosten. Het college constateert dat de ontwikkeling van elektrische bedrijfsauto’s snel gaat. De verwachting is dat de komende jaren de aanschafprijs van elektrische bedrijfsauto’s daarom steeds lager wordt én er steeds meer modellen beschikbaar zullen komen, ook tweedehands. Toch is het denkbaar dat een onderneming in de problemen komt door de instelling van een nul-emissiezone, bijvoorbeeld doordat de overstap naar een uitstootvrij voertuig op korte termijn financieel niet mogelijk is en er daardoor te veel omzet wegvalt. Voor deze ondernemingen zal in het ontheffingenbeleid een ontheffing worden opgenomen waardoor ondernemers, die in verband met de aanschafkosten van een uitstootvrij voertuig aantoonbaar in financiële problemen dreigen te komen, onder voorwaarden een ontheffing kunnen krijgen. Deze ontheffing zal aangevraagd kunnen worden voor telkens een periode van een jaar. Daarnaast kunnen ondernemers gebruik maken van de landelijke overgangsregelingen en vrijstellingen, eventueel andere ontheffingsmogelijkheden en subsidies.

Hiermee worden naar het oordeel van het college de nadelige gevolgen van het verkeersbesluit verzacht en zorgt dit ervoor dat de maatregel niet onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen doelen. Het college verklaart de zienswijzen 4, 8.1, 15.3, 17.2 en 19.3 ongegrond en ziet geen reden om het verkeersbesluit naar aanleiding van deze zienswijzen aan te passen.

Datum 1 mei 2024

Pagina 23 van 52

7. Zienswijzen over beschikbaarheid van emissieloze voertuigen

Zienswijze 1.9: Rotterdam is niet de enige gemeente met zero emissie ambities. De vraag is of we in 2030 meer dan 10.000 elektrische trucks in Nederland hebben is nog niet volmondig met ja te beantwoorden." Zienswijze 5.2: Indiener rijdt met een aanhangwagen en heeft dus een bestelbus nodig met een maximaal aanhanger gewicht van 2000 kg. Op dit moment zijn er maar twee keuzes aan zware bestelbussen, de prijzen zijn hoog, de actieradius is te beperkt en er is nog geen tweedehands mogelijkheid ter beschikking. Indiener wordt gedwongen nieuw te gaan rijden. Zienswijze 8.1: Indiener geeft aan dat zijn grote probleem is dat er geen geschikt alternatief is voor de categorie bedrijfswagen die hij nodig heeft om zijn hovenierswerk uit te voeren. Zienswijze 10.2: Indiener vraagt zich af of er tijdig geschikte voertuigen beschikbaar zijn voor indiener zelf. Indien de locatie binnen de ZE-zone zal blijven, zal indiener circa 56 voertuigen door elektrische moeten vervangen. Tijdens het gesprek op 15 juni 2023 met de gemeente hebben zij hun grote zorg geuit over de vraag of alternatieve voertuigen voor de locatie tijdig beschikbaar zullen zijn. In dit kader vragen zij zich ook af of er van voertuigen op waterstof gebruik gemaakt mag worden. Indiener heeft begrepen dat het niet-tijdig beschikbaar zijn van voertuigen, een grond zal zijn voor het verkrijgen van een ontheffing.

Indiener zal bij ongewijzigde instandhouding van de ZE-zone van deze ontheffingsmogelijkheid gebruik moeten maken. Indiener benadrukt dat alleen een doorlopende ontheffing van één jaar met verlengingsmogelijkheid tot een werkbare situatie zal leiden, omdat zij veelvuldig de zone in zullen moeten gaan. Zienswijze 15.1: Indiener laat weten dat het idee is dat dit allemaal beter voor het milieu moet zijn. Indiener heeft een technisch en degelijke Volkswagen Transporter uit 2003 (euro 3) maar mag hiermee niet meer de stad in vanaf 2025. Hij komt weinig in de stad en zou hiervoor dus een andere auto moeten kopen. Zijn bus kan nog 10 jaar mee, mede omdat hij maar 7000km per jaar rijdt. Een elektrische auto voldoet niet aan zijn eisen. Hij moet lange stukken achtereen kunnen rijden en zware aanhangwagens kunnen trekken.

Datum 1 mei 2024

Pagina 24 van 52

Reactie van het college: Het college dankt indieners voor de ingebrachte zienswijzen en constateert dat deze kort samengevat inhouden dat indieners vrezen dat de nul-emissie voertuigen voor de uitvoering van specifieke werkzaamheden niet tijdig beschikbaar zijn. Het college stelt allereerst vast dat voor de meest gangbare bedrijfs- en vrachtautomodellen een elektrische uitvoering beschikbaar is en deze uitvoeringen inmiddels door meerdere automerken worden aangeboden. De ontwikkeling van elektrische bedrijfs- en vrachtauto’s gaat daarnaast snel, zodat de verwachting is dat de komende jaren het aanbod steeds groter zal worden. Het college zal de beschikbaarheid van voertuigen jaarlijks monitoren. Het college geeft daarnaast aan dat er ontheffingen beschikbaar zijn in het geval dat een onderneming toch in de problemen komt door het niet (tijdig) beschikbaar zijn van een uitstootvrije variant. In de situatie dat een voertuig 12 keer of minder per jaar in de zone hoeft te zijn, geldt dat er dagontheffingen beschikbaar zijn. Daarnaast wordt in het ontheffingenbeleid voor ondernemers de mogelijkheid opgenomen om onder voorwaarden ontheffing aan te vragen om met hun huidige, niet-emissieloze bedrijfs- of vrachtauto langer toegang tot de nul-emissiezone te krijgen, zolang er nog geen alternatief verkrijgbaar is.

Ook kunnen zij een ontheffing aanvragen om met een nieuw aan te schaffen niet-uitstootvrij voertuig toegang tot de zone te krijgen, zolang voor het huidige voertuig dat om technische redenen niet langer inzetbaar is, nog geen uitstootvrij alternatief verkrijgbaar is. In het ontheffingenbeleid staan de voorwaarden waaronder en de wijze waarop een aanvraag wordt beoordeeld. Voertuigen op waterstof (aangedreven met een brandstofcel) zijn toegestaan in nulemissiezones omdat ze geen schadelijke stoffen uitstoten. Het college constateert dat de voertuigproducenten aangeven dat de beschikbaarheid van elektrische vrachtauto’s geen probleem gaat vormen. Het college verklaart de zienswijzen 1.9, 5.2, 8.2, 10.2 en 15.1 ongegrond en ziet geen reden om het verkeersbesluit naar aanleiding van deze zienswijzen aan te passen.

Datum 1 mei 2024

Pagina 25 van 52

8. Zienswijzen over haalbaarheid laadinfra Zienswijze 5.6: Indiener vraagt zich af hoe hij zijn 100% elektrische bestelbus gaat opladen op het marktterrein? In de koude maanden zal de batterij flink te lijden hebben en hij kan zich niet voorstellen dat de gemeente oplaadpalen bij iedere standplaats gaat neerzetten. Zienswijze 6.2 en 16.2: Indieners vragen de gemeente dat in samenspraak met regionale partners en netbeheerders voor een toereikende capaciteit van het energienetwerk en voldoende energie laadinfrastructuur voor vrachtauto’s wordt gezorgd. Er dient vaart te worden gemaakt met het toereikend maken van de capaciteit van het energienetwerk en het realiseren van voldoende laad- en tankinfrastructuur voor vrachtauto’s op bedrijventerreinen en andere plekken in de gemeente. Door als gemeente te laten zien wat er (straks) wel kan, kunnen transportondernemers met meer zekerheid investeren in duurzame alternatieven. Zienswijze 15.2: Indiener geeft aan dat hij thuis niet kan laden en bij klanten op de klus ook niet. Zienswijze 18.6: Indiener geeft aan dat de gemeente stelt dat met het project Logistiek laden de gemeente Rotterdam in samenwerking met de netbeheerder en bedrijven er zoveel mogelijk voor zorgt dat de beschikbaarheid van laadinfrastructuur geen belemmering is voor de transitie naar uitstootvrije voertuigen.

Hier wordt wederom het gelijke speelveld voor ondernemers ondermijnd. De mogelijkheden om op de bedrijfslocatie te beschikken over voldoende laadinfrastructuur zijn, als gevolg van oprukkende netcongestie, op veel plekken in Nederland onvoldoende. De andere mogelijkheid, het gebruik maken van openbare laadinfrastructuur, brengt hogere kosten met zich mee. Wederom wordt hier het gelijke speelveld voor ondernemers ondermijnd. Reactie van het college: Het college bedankt indieners voor de ingebrachte zienswijzen en stelt vast er bij indieners zorgen bestaan over de beschikbaarheid van laadinfrastructuur. Het college laat weten dat het gemeentelijk beleid zich richt op het realiseren van zowel voldoende publieke als private laadinfrastructuur voor bedrijfs- en vrachtauto’s. De verwachting is dat het overgrote deel (+/-80%) van de bedrijfs- en vrachtwagens zullen gaan laden op eigen terrein. Dit is operationeel handiger en vaak ook goedkoper. De elektriciteitsvraag van deze nieuwe voertuigen is groot en regelmatig zal de netbeheerder eerst het net moeten verzwaren om deze hogere vermogens te kunnen leveren, wat soms lang kan duren. Het college gaat daarom bedrijven en ondernemers helpen om ook in de tussentijd de overstap naar nul-emissie te kunnen maken. Dit doet het college zowel voor individuele bedrijven (bedrijfsgericht) als voor hele bedrijventerreinen (gebiedsgericht).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=13f59799-85e0-4606-8c33-dea1783d0b72