[23bb008526] Bijlage 1 behorende bij 23bb008525 over Ontwerpbestemmingsplan Folkert Elsingastraat (incl. verbeelding)
Tekst van het document
Daarnaast zorgen de overkragende leefgalerijen alsook de balkons voor passieve zonwering. Tot slot wordt er gebuikt gemaakt van stadskoeling en stadswarmte welke gekoppeld worden aan de woningen. Op deze manier is ingespeeld op de hitte en blijven de woningen koel gedurende hete zomerdagen. Natuurinclusief bouwen In het ontwerp van MIX is gedacht aan natuurinclusief bouwen door de biodiversiteit te vergroten. In de daktuin wordt een gevarieerde mix van beplanting aangebracht, de balkons en galerijen hebben geïntegreerde plantenbakken en er worden nestkasten opgehangen aan de gevel voor vogels, vleermuizen en sommige insecten. Multifunctionele daken In de ontwikkeling is ingezet op multifunctionele daken waar groen, energie en waterretentie bij elkaar komen. De daken van MIX A en MIX D fungeren als energiedaken (geel) en zorgen voor waterretentie (blauw). De daken van MIX B en MIX C zijn voornamelijk groene daken en dragen bij aan de vergroening en de luchtkwaliteit. Eveneens zorgen deze daken voor waterretentie. Tot slot zorgt de daktuin op het parkeren voor waterretentie, het bevorderen van biodiversiteit en ontmoetingen tussen bewoners (rood).
54
Gezonde leefomgeving De mentale gezondheid van de gebruiker staat centraal. De leefgalerij en daktuin zorgen voor sociale ontmoetingen. Hiermee wordt ontworpen tegen eenzaamheid en wordt de levendigheid in het complex bevordert. Naast de levendigheid in de daktuin zorgt de daktuin ook voor het gevoel onderdeel te zijn van de leefcommunity. Een gezamenlijke plek hebben, zorgt voor saamhorigheid en geborgenheid binnen de woontorens, ze hebben een eigen stukje groen, een eigen recreatieplek. Al bij de opzet van het plan is bewust ingezet op een diversiteit aan woninggroottes en woningplattegronden, om een grote variëteit aan doelgroepen aan te spreken. Door het mixen van mensen in verschillende levensfases, gezinssamenstelling en achtergrond, wordt ingestoken op het vergroten van de sociale samenhang in het project en daarmee ook binnen de wijk. Daarnaast wordt gestimuleerd om te bewegen. De trappen worden in het zicht ontworpen en de liften juist uit het zicht. De ontwikkeling is gelegen aan een sport- en beweegas waarbij zowel de gemeenschappelijke daktuin, de ruime galerijen en/of de privébalkons zicht hebben op de sport- en beweegas. Het zien bewegen van mensen, doet mensen bewegen. Tot slot wordt er ingezet op groene daken. Voor de mentale gezondheid is groen van belang. Uitzicht op groen heeft een stressreducerende werking en verbetert het concentratievermogen.
Het bevordert vitaliteit, creativiteit en stimuleert ontmoetingen tussen mensen.
4.12
Schaduwhinder
Toetsingskader In Nederland bestaat geen wetgeving ter voorkoming van schaduwwerking. Op basis van artikel 3.1. Wro dient in het kader van de zorg voor een goede ruimtelijke ordening echter bij het opstellen van ruimtelijke plannen het aspect bezonning c.q. schaduwwerking te worden meegenomen in de afwegingen, indien aard of omvang van de bebouwing en van de omgeving hiertoe aanleiding geeft. Gelet op de bouwhoogte en verdichting bij dit bestemmingsplan, wordt nader ingegaan op dit aspect. Voor de bezonning van de bestaande woningen in de omgeving is het gemeentelijk Afwegingskader Bezonning van toepassing. Afwegingskader bezonning De gemeente Rotterdam heeft in juni 2021 het afwegingskader bezonning vastgesteld. Het afwegingskader komt voort uit een veel gebruikte richtlijn, de lichte TNO-norm. De toetsingsdag is gelijk getrokken aan de ongunstigste datum van periode uit de hoogbouwvisie, 21 september. Het afwegingskader biedt naast een kwantitatieve beoordeling de ruimte om de gevolgen van de afname van de bezonning af te zetten tegen het belang van de nieuwbouw. In het afwegingskader staan de voorwaarden voor de toetsing van de bezonning van bestaande woningen: Een toetsing is nodig als geplande bebouwing (binnen bepaalde voorwaarden) 50% hoger is dan de gemiddelde omgevingshoogte.
Bestaande woningen worden getoetst tot een afstand van 3 maal de hoogte van de nieuwbouw, met een maximum van 500 meter. De meethoogte is 0,75 meter in het midden de gevel met ramen van de onderste woonlaag. De opgetelde bezonning van de verschillende gevels van de woning wordt beoordeeld. De bezonning wordt gemeten op 21 september van zonsopgang tot zonsondergang. Bij een bezonning van minimaal 2 uren voldoet de bezonning. Een afname van de bezonning ten opzichte van de bestaande situatie van minder dan 15% voldoet ook. Als de bezonning niet voldoet wordt er door de gemeente een afweging gemaakt of de voordelen van het nieuwbouwplan opwegen tegen de afname van de bezonning van de bestaande woningen. Hierbij gaat het over een 'proportionele afweging', een 'verdichtingsafweging' en een 'typologische afweging'. Onderzoek en conclusie Voor de ontwikkeling is een bezonningsonderzoek uitgevoerd, zie bijlage 11. Hieruit blijkt dat door de
55
nieuwbouw er iets verandert op bepaalde tijdstippen in de schaduwval in de omgeving van de nieuwbouw. Uit het onderzoek blijkt dat dit geen problemen oplevert, aangezien alle omliggende panden die schaduw ervaren, alsnog op de eerste woonlaag meer dan 2 uur zon ervaren op 21 september. Het nieuwbouwplan voldoet aan het beleid van de gemeente waardoor er geen maatregelen getroffen hoeven te worden.
4.13
Planologisch relevante kabels en leidingen
Toetsingskader Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Onderzoek en conclusie Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig.
56
Hoofdstuk 5
5.1
Juridische planbeschrijving
Inleiding
Dit bestemmingsplan vormt het juridische kader voor het plangebied. Op basis van dit bestemmingsplan kan de beoogde ontwikkeling zonder verdere uitwerking van de bestemmingen of andere planologisch-juridische procedures worden uitgevoerd. Daarnaast vervult het plan, na realisatie van de functiewijziging een belangrijke beheer- en gebruiksfunctie. Het bestemmingsplan is in lijn met het geldende bestemmingsplan 'Lage Land - Oosterflank' en voldoet aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012).
5.2
Opbouw regels
De juridische regeling bestaat uit vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de definities van begrippen en de wijze van meten, die voor het algemene begrip, de leesbaarheid en uitleg van het plan van belang zijn. In Hoofdstuk 2 wordt op de bestemmingen en hun gebruik ingegaan (zie paragraaf 5.3). Vervolgens gaat Hoofdstuk 3 in op de algemene bepalingen. De overgangs en slotbepalingen maken onderdeel uit van Hoofdstuk 4.
5.3
De bestemmingen
Artikel 3 Groen De gronden aan de oostzijde van het plangebied hebben de bestemming Groen en zijn daarmee bestemd voor groenvoorzieningen. Artikel 4 Sport - Sport- en speelterrein De bestemming 'Sport - Sport- en speelterrein' maakt de nieuwe ligging van de sportvelden mogelijk. Binnen de bestemming is de bebouwing mogelijk voor de indoor Ski & snowboard, boksschool en sportverenigingen. Binnen de bestemming is door middel van een aanduiding aangegeven waar de georganiseerde sportactiviteiten plaats vinden. In dit gebied vinden de actitviteiten plaats die geluid produceren, zoals wedstrijden en trainingen. Door deze zone af te bakenen is er sprake van voldoende afstand tussen de sportactviteiten en de beoogde woningen om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te garanderen. Buiten deze aanduiding zijn niet-georganiseerde sportactiviteiten wel mogelijk in de openbare ruimte, zoals hardlopen, individuele sportactiviteiten en bootcamps. In de regels is eveneens bepaald dat de afstand tussen gebouwen voor sportvoorzieningen en geluidsgevoleige objecten (zoals woningen) ten minste 10 meter dient te bedragen. Ook is vastgelegd dat ten aanzien van het gebruik van (scheidsrechter)fluiten binnen deze bestemming geldt dat het bronvermogen niet meer mag bedragen dan 109 d(B)A. Artikel 5 Tuin Aan de west- en zuidzijde van de woonbestemming is een strook bestemd als 'Tuin'.
Binnen deze bestemming zijn de tuinen van de woningen op de begane grond mogelijk. Artikel 6 Verkeer - Verblijfsgebied Het openbaar gebied aan de oost- en zuidzijde van de woonbestemming is bestemd als 'Verkeer Verblijfsgebied'.
57
Artikel 7 Wonen - 1 Vanwege het toekomstige gebruik als appartementengebouw is zoals gebruikelijk in aansluitende bestemmingsplannen de bestemming 'Wonen -1' toegekend. Binnen deze bestemming worden ook parkeervoorzieningen toegestaan, zodat de inpandige parkeergarage kan worden gerealiseerd. Ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk' zijn tevens zorggerelateerde maatschappelijke voorzieningen toegestaan. Daarnaast is door middel van een voorwaardelijke verplichting vastgelegd dat het geluidsniveau in woningen ten hoogste 35 dB(A) dient te bedragen ten gevolge van het geluid afkomstig van de sportvelden. Artikel 8 Waarde - Archeologie Ter bescherming van de archeologische waarden die mogelijk in het gebied voorkomen, is een dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen, afgestemd op het gemeentelijke archeologiebeleid.
58
Regels
85
86
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
INLEIDENDE REGELS
Begrippen
plan:
Het bestemmingsplan Folkert Elsingastraat met identificatienummer NL.IMRO.0599.BP2227FolkElsinga-on01 van de gemeente Rotterdam. 1.2 bestemmingsplan: De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3 Aanbouw (uitbouw) Een uitbreiding van het hoofdgebouw in één bouwlaag (hieronder wordt tevens een uitbouw begrepen). 1.4 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5 aanduidingsgrens De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.6 Archeologisch deskundige Het Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam of een andere deskundige op het gebied van archeologie. 1.7 Bebouwing Een of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.8 Bebouwingspercentage Een percentage dat aangeeft hoeveel van het oppervlak van een bestemmingsvlak door gebouwen mag worden ingenomen. 1.9 Bedrijven De bedrijven genoemd in de lijst van bedrijfsactiviteiten behorende bij deze regels. 1.10 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak. 1.11 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.12 Bouwaanduidingen Alle aanduidingen met betrekking tot de wijze van bouwen en de verschijningsvorm van bouwwerken.
1.13 Bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.14 Bouwgrens De grens van een Bouwvlak. 1.15 Bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.16 Bouwperceelgrens De grens van een bouwperceel. 1.17 Bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.
87
1.18
Bouwwerk
Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.19 Bruto vloeroppervlak (b.v.o.) Het vloeroppervlak van een bouwwerk, inclusief de niet direct voor het hoofddoel bruikbare ruimten (bijvoorbeeld bij een productiebedrijf of winkel, de magazijn-, expeditie-, kantoorruimten). Gebouwde parkeervoorzieningen worden niet tot het b.v.o. gerekend. 1.20 Bijbehorend bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. 1.21 Bijgebouw Vrijstaand gebouw dat door constructie en/of afmetingen ondergeschikt is aan een hoofdgebouw gelegen op hetzelfde perceel. 1.22 Dakterras Een bouwkundige voorziening op het platte dak van een woning dat bestaat uit een te betreden vlak, geheel of gedeeltelijk omgeven door een hekwerk zoals voorgeschreven in het Bouwbesluit. 1.23 Detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ter verkoop, verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.
1.24 Dienstverlening Het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen. Een belwinkel en een seksinrichting worden hier niet onder begrepen. 1.25 Dove gevel a. een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A), alsmede, b. een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits deze niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte. In dit verband wordt onder een geluidsgevoelige ruimte verstaan een ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon- of eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd, alsmede een keuken van tenminste 11 m2. 1.26 Gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.27 Geluidsgevoelige objecten Hieronder worden verstaan de in de Wet geluidhinder aangewezen objecten: woningen, onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verpleeghuizen, verzorgingstehuizen, psychiatrische inrichtingen en kinderdagverblijven.
NB: Delen van deze gebouwen kunnen worden uitgezonderd wanneer deze een bestemming krijgen voor een functie die niet als geluidsgevoelig kan worden beschouwd. 1.28 Gestapelde woningen Woningen, gestapeld met woningen (soms ook gestapeld met andere functies, welke dan in de bestemmingsomschrijving vermeld dienen te zijn). 1.29 Grondgebonden woningen Woningen met een eigen tuin.
88
1.30
Hoofdgebouw
Gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.31 Kap Een afdekking van een gebouw met schuine zijden waarbij de hellingshoek ten minste 20 en ten hoogste 60 graden bedraagt. 1.32 Kantoren Het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen. 1.33 Kleinschalige speeltoestellen Speeltoestellen niet hoger dan 4 meter. 1.34 Kwetsbare objecten a. woningen, met uitzondering van: 1. verspreid liggende woningen van derden met een dichtheid van maximaal twee woningen per hectare; 2. dienst- en bedrijfswoningen van derden; b. gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, zoals: 1. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; 2. scholen; 3. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; c. gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, zoals: 1. kantoorgebouwen en hotels met een b.v.o. van meer dan 1500 m² per object; 2. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk b.v.o.
meer dan 1000 m² bedraagt en winkels met een totaal b.v.o. van meer dan 2000 m² per winkel, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; d. kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen. 1.35
Maaiveld
De bovenkant van het aansluitende, afgewerkte terrein dat een bouwwerk omgeeft, met dien verstande dat in geaccidenteerd terrein het gemiddelde van die bovenkanten wordt aangehouden. 1.36 Maatschappelijke voorzieningen Voorzieningen op het gebied van onderwijs, religie, gezondheidszorg, cultuur, maatschappelijke dienstverlening en publieke dienstverlening. 1.37 Milieudeskundige De DCMR Milieudienst Rijnmond of de daarvoor in de plaats tredende instantie. 1.38 NAP Het Normaal Amsterdams Peil is de referentiehoogte waaraan hoogtemetingen in Nederland worden gerelateerd. 1.39 Openbaar nutsvoorzieningen Op het openbaar leidingen net aangesloten voorzieningen op het vlak van gas-, water-, elektriciteitsdistributie, blokverwarming, (riool)gemalen (een gasdrukregelstation wordt niet hieronder begrepen). 1.40 Overige objecten a. b. c. d. e.
een sporthal of een zwembad; een weidewinkel; een hotel, een kantoor- of bedrijfsgebouw, niet vallend onder de categorie bijzondere objecten; een schuur, opslagplaats, dierenverblijf, zomerhuisje, kas, weg en dergelijke; andere, met de bovengenoemde vergelijkbare objecten.
89
1.41
Peil (straat-)
a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de kruin van de weg; b. voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang, na voltooiing van de aanleg van dat terrein. Indien een bouwwerk aan meer dan één weg wordt gebouwd, is het peil van de hoogstgelegen weg maatgevend. 1.42 Publieke dienstverlening Bestuursorganen van de overheid en de daaraan gekoppelde ambtelijke diensten ten behoeve van de beleidsvoorbereiding en -uitvoering, alsmede politie, brandweer, reinigingsdiensten, gezondheidsdiensten. 1.43 Seksinrichting De voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht. 1.44 Souterrain Een gebruiksruimte in een gebouw dat zich gedeeltelijk ondergronds bevindt. 1.45 Straatmeubilair Voorzieningen ten behoeve van de weggebruiker, zoals verkeersborden, straatverlichting, zitbanken, plantenbakken e.d. 1.46 Tuin Terrein ten behoeve van de aanleg van groenvoorzieningen, met de daarbij behorende verharding (paden, terrassen) en vijvers en dat in overwegende mate niet voor bebouwing in aanmerking komt. 1.47 Uitstekende delen aan gebouwen Erkers, luifels, balkons, galerijen e.d.
1.48 Water Waterlopen (sloten, singels, vijvers e.d.) ten behoeve van de waterberging, alsmede de aan- en afvoer van oppervlaktewater. 1.49 Wet geluidhinder De Wet geluidhinder zoals deze luidt op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp voor dit bestemmingsplan. 1.50 Wet ruimtelijke ordening De Wet ruimtelijke ordening zoals deze luidt op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp voor dit bestemmingsplan. 1.51 Zorggerelateerde maatschappelijke voorzieningen Voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening op het gebied van welzijn en gezondheidszorg, zoals fysiotherapie, zorggerelateerde fitness en een huisartsenpraktijk.
90
Artikel 2
wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de dakhelling Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.2 de goothoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3 de inhoud van een bouwwerk Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4 de bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5 de oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van een bouwwerk. 2.6 de breedte van een gebouw Van en tot de buitenkant van een zijgevel dan wel het hart van een gemeenschappelijke scheidingsmuur, met dien verstande, dat wanneer de zijgevels verspringen of niet evenwijdig lopen, het gemiddelde wordt genomen van de kleinste en de grootste breedte.
2.7 de afstand van een gebouw tot de zijdelingse perceelsgrens Vanaf het punt van de gevel van een gebouw welke het dichtst bij de perceelsgrens is gelegen, haaks op de perceelsgrens.
91
92
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
BESTEMMINGSREGELS
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen als park en plantsoen; b. waterpartijen, waterlopen en overige in het kader van de waterhuishouding nodige voorzieningen, zoals taluds, keerwanden en beschoeiingen; c. voorzieningen behorend bij bovengenoemde functies als voet- en fietspaden, ontsluitingswegen, parkeerplaatsen en overige voorzieningen. 3.2
Bouwregels
3.2.1 Algemeen Op de voor 'Groen' bestemde gronden mag niet worden gebouwd, behoudens: a. kleine gebouwen voor openbaar nut, verkeer en vervoer, zoals gemaalgebouwtjes, telefooncellen, gasdrukregel- en meetstations, wachthuisjes e.d., niet groter dan 80 m³. b. bouwwerken - ondergronds en bovengronds- voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen, mits niet groter dan 10 m³.
93
Artikel 4 4.1
Sport - Sport- en speelterrein
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Sport - Sport- en speelterrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. sportvelden, speelterreinen en sporthallen met bijbehorende bebouwing en voorzieningen als erven, groen, ontsluitingswegen en -paden, parkeerterrein, waterlopen, en ongeorganiseerde sportactiviteiten zoals hardlopen, fitness, bootcamp, en diverse urban sports; b. ter plaatse van de aanduiding 'sportveld' tevens voor georganiseerde sportactiviteiten, zoals aan een Sportbond en/of -federatie gerelateerde trainingen en wedstrijden of schoolsport, niet zijnde luidruchtige sportactiviteiten die een geluidsbelasting veroorzaken die vergelijkbaar is met sporten die onder categorie 3.1 vallen met een richtafstand van 50 meter conform de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering'. 4.2
Bouwregels
4.2.1 Algemeen a. op de voor 'Sport - Sport- en speelterrein' bestemde gronden mogen uitsluitend in de bestemming passende bouwwerken worden gebouwd zoals overdekte sportvoorzieningen, clubgebouwen, kleedgelegenheden, bergingen, lichtmasten, zomede bouwwerken, geen gebouwen zijnde, van waterbouwkundige aard. b. Binnen deze bestemming zijn tevens bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan die bij de inrichting van het openbaar gebied horen, zoals fietsparkeervoorzieningen en straatmeubilair. 4.2.2 Bebouwingsnormen a. de maximum bouwhoogte van gebouwen bedraagt 7 meter; b. de maximum oppervlakte aan gebouwen bedraagt 1.500 m2 brutovloeroppervlakte. c. gebouwen voor sportvoorzieningen dienen op een afstand van ten minstel 10 meter tot geluidsgevoelige objecten te worden gerealiseerd. d. lichtmasten, vlaggenmasten en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, behorende bij de sportvoorzieningen mogen niet hoger zijn dan 15 meter; e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde behorende bij de inrichting van de openbare ruimte, met uitzondering van lantaarnpalen, mogen niet hoger zijn dan 2,40 meter. 4.3
Voorwaardelijke verplichting
Bouwen ten behoeve van de in 4.1 bedoelde bestemming is uitsluitend toegestaan indien wordt voorzien in watercompensatie binnen het plangebied, waarbij: a. 14,8% van de oppervlakte aan toename verharding wordt gecompenseerd aan waterberging; b. de watercompensatie in stand dient te worden gehouden. 4.4
Specifieke gebruiksregels
Ten behoeve van het gebruik zoals bedoeld onder 4.1 is het niet toegestaan om (scheidsrechter)fluiten te gebruiken met een bronvermogen van meer dan 109 dB(A).
94
Artikel 5 5.1
Tuin
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuin met daarbij behorende voorzieningen, vijvers, paden, waterpartijen, gebouwde plantenbakken en groenvlakken. 5.2
Bouwregels
5.2.1 Algemeen Op de voor 'Tuin' bestemde gronden mag niet worden gebouwd, behoudens: a. in de bestemming passende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals pergola's, erfafscheidingen, keermuren, gebouwde terrassen, hellingbanen, tuinmeubilair, speeltoestellen; b. Uitstekende delen aan gebouwen. 5.2.2 Bebouwingsnormen a. uitstekende delen van gebouwen mogen niet dieper dan 1,80 meter uit de gevel steken en dienen tenminste 5,75 meter boven maaiveld te blijven; b. de maximum bouwhoogte van erfafscheidingen bedraagt 1 meter. c. op de erfgrens tussen 2 woningen mag aan de voorzijde tot 0,8 meter uit de gevel de erfafscheiding maximaal 1,8 meter hoog worden.
95
Artikel 6 6.1
Verkeer - Verblijfsgebied
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. voorzieningen ten behoeve van wandelen, verblijven en spelen, zoals trottoirs, voetpaden en trappen; b. groenvoorzieningen, waterpartijen, waterlopen en overige in het kader van de waterhuishouding nodige voorzieningen, zoals taluds, keerwanden en beschoeiingen; c. bouwwerken voor kleinschalige openbare nutsvoorzieningen, geluidswerende voorzieningen; d. uitstekende delen aan gebouwen die toegelaten zijn krachtens een aangrenzende bouwbestemming. 6.2
Bouwregels
Op de voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' bestemde gronden mag niet worden gebouwd, behoudens: a. in de bestemming passende bouwwerken (geen gebouwen zijnde), zoals straatmeubilair, huisvuilcontainers (al dan niet ondergronds) niet groter dan 10 m 3; b. Uitstekende delen aan gebouwen, niet dieper dan1,80 meter uit de gevel en ten minste 5,75 meter boven maaiveld.
96
Artikel 7 7.1
Wonen - 1
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woningen, met de daarbij behorende voorzieningen zoals (inpandige) bergingen en garageboxen, aanbouwen, bijgebouwen, alsmede tuinen, groen, water en ontsluitingswegen en -paden; b. ter plaatse van de functieaanduiding “parkeergarage" tevens voor een gebouwde, al dan niet geheel of gedeeltelijk ondergrondse parkeervoorziening; c. ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk' tevens voor zorggerelateerde maatschappelijke voorzieningen met een maximum van 500 m2 bvo en uitsluitend op de begane grond en de eerste verdieping. 7.2
Bouwregels
7.2.1 Algemeen Op de voor ''Wonen - 1' bestemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de in lid 7.1 genoemde functies. 7.2.2 Bebouwingsnormen a. de goot- en/of bouwhoogte mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven; b. het maximum aantal woningen bedraagt 275. 7.3
Voorwaardelijke verplichting geluid
Gebouwen mogen uitsluitend opgericht en gebruikt worden ten behoeve van geluidsgevoelige functies indien de gevelwering van de gebouwen zodanig is dat het gecumuleerde geluidsniveau binnen de gebouwen ten hoogste 35 dB(A) bedraagt en indien een woning beschikt over een een geluidluwe gevel, een geluidluwe buitenruimte en een slaapkamer aan de geluidluwe zijde, in overeenstemming met de methodiek van het gemeentelijk ontheffingsbeleid Wgh. 7.4
Specifieke gebruiksregels
7.4.1 Aan huis gebonden beroep of bedrijf Woningen mogen mede worden gebruikt voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf, mits: a. de woonfunctie in overwegende mate gehandhaafd blijft, waarbij het bruto vloeroppervlak van de woning voor ten hoogste 30% mag worden gebruikt voor een aan huis gebonden beroep of bedrijf; b. ten aanzien van een aan huis gebonden bedrijf sprake is van een bedrijf tot en met categorie 1 als bedoeld in de bij deze regels horende lijst van bedrijfsactiviteiten; c. de gevel en dakrand van de woning niet worden gebruikt ten behoeve van reclame-uitingen; d. er geen bedrijfsmatige activiteiten plaatsvinden die betrekking hebben op het onderhouden en repareren van motorvoertuigen; e. er geen detailhandel plaatsvindt, tenzij als ondergeschikt onderdeel van het aan huis gebonden beroep of bedrijf. 7.5
Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 7.4 terzake van de toegestane bedrijfsactiviteiten ten behoeve van andere bedrijfsactiviteiten dan die primair zijn toegelaten, welke - gehoord de milieudeskundige - daarmede naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn.
97
Artikel 8 8.1
Waarde - Archeologie
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor behoud van de aan de gronden eigen zijnde archeologische waarden. 8.2
Bouwregels
8.2.1 Rapport archeologisch deskundige In het belang van de archeologische monumentenzorg dient de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport aan burgemeester en wethouders te overleggen van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. Deze bepaling heeft uitsluitend betrekking op aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken (waaronder begrepen het heien van heipalen en het slaan van damwanden) die een groter oppervlak hebben en tevens dieper reiken dan de oppervlakte- en dieptematen die genoemd zijn in 8.3.1. 8.2.2 Mogelijke voorwaarden te verbinden aan omgevingsvergunning voor het bouwen Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de archeologische monumentenzorg aan een omgevingsvergunning voor het bouwen de volgende regels verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.
8.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.3.1 Verbod In het belang van de archeologische monumentenzorg is het verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders de hierna onder 8.3.2 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te doen c.q. te laten uitvoeren die dieper reiken dan 1,0 meter beneden maaiveld en die tevens een terreinoppervlak groter dan 200 m 2 beslaan. 8.3.2 Het vergunningvereiste betreft de volgende werken c.q. werkzaamheden a. grondbewerkingen (van welke aard dan ook); b. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; c. het indrijven van voorwerpen in de bodem; d. het wijzigen van het maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen, afgraven; e. het ingraven van ondergrondse kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies e.d.; f. het aanleggen van waterlopen of het vergraven van bestaande waterlopen. 8.3.3 Uitgezonderde werkzaamheden Het vergunningvereiste geldt niet voor werken (geen bouwwerken zijnde) of voor werkzaamheden gericht op het normale onderhoud en beheer van de betreffende gronden, niet voor bedoelde activiteiten welke in uitvoering waren ten tijde van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan en evenmin voor bestaande weg- en leidingcunetten.
98
8.3.4 Vergunning Vergunning wordt verleend, nadat de aanvrager een rapport aan burgemeester en wethouders heeft overgelegd van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. 8.3.5 Mogelijke voorwaarden te verbinden aan vergunning Aan een vergunning kunnen de volgende regels worden verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.
99
100
Hoofdstuk 3 Artikel 9
ALGEMENE REGELS
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
101
Artikel 10 10.1
Algemene bouwregels
Afdekking van gebouwen
Ingeval noch de regels, noch de verbeelding (plankaart) duidelijkheid verschaffen over de wijze van afdekking van gebouwen, mogen gebouwen zowel met een kap als plat worden afgedekt. 10.2 Bouwvlak Indien voor gronden welke voor bebouwing in aanmerking komen op de verbeelding een bouwvlak is opgenomen, komen uitsluitend de gronden binnen het bouwvlak voor bebouwing in aanmerking, met dien verstande dat bouwwerken geen gebouwen zijnde, ook buiten het bouwvlak zijn toegestaan. 10.3 Geluidsgevoelige objecten Bij nieuwe situaties in de zin van de Wet geluidhinder is de realisatie van Geluidsgevoelige objecten voorzover gelegen binnen een geluidzone, alleen mogelijk indien voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarden van de Wet geluidhinder. 10.4 Maximum bebouwingspercentage Ingeval voor gronden welke voor bebouwing in aanmerking komen noch in de regels, noch op de verbeelding een maximum bebouwingspercentage is vermeld, mogen deze gronden volledig worden bebouwd. 10.5 Souterrain Een souterrain mag niet hoger reiken dan 2 meter boven peil.
102
Artikel 11 11.1
Algemene afwijkingsregels
Afwijking toegestane afmetingen, maten en percentages
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning voor het bouwen afwijken van de regels van dit bestemmingsplan voor afwijkingen van toegestane afmetingen, maten (waaronder minimale en maximale afstanden) en percentages tot niet meer dan 10% van die afmetingen, maten en percentages, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheid, de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken en de milieusituatie. 11.2
Afwijking toegestane bouwhoogte techniek
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning voor het bouwen afwijken van de regels van dit bestemmingsplan ten aanzien van de maximum toegestane bouwhoogte van een gebouw, ten behoeve van technische voorzieningen op het dak, welke noodzakelijk zijn voor het doelmatig functioneren van het bouwwerk, zoals liftopbouwen, lichtkoepels, schoorstenen, antennemasten, luchtverversingsapparatuur, glazenwas installatie e.d., mits de overschrijding van de maximum bouwhoogte niet meer dan 5 meter bedraagt, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
103
Artikel 12 12.1
Overige regels
Voorwaardelijke verplichting over parkeren
Een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen of een omgevingsvergunning voor het gebruik van gronden of bouwwerken kan uitsluitend worden verleend als voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid voor auto's en fietsen, overeenkomstig de 'Beleidsregeling parkeernormen voor auto en fiets gemeente Rotterdam 2022'. Indien dit beleid wordt gewijzigd of herzien, wordt een aanvraag voor een omgevingsvergunning getoetst aan het op dat moment geldende beleid.
104
Hoofdstuk 4 Artikel 13 13.1
OVERGANGS- EN SLOTREGELS
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
13.1.1 Aanwezige bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 13.1.2 Afwijking Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. 13.1.3 Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 13.2
Overgangsrecht gebruik
13.2.1 Bestaand gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 13.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 13.2.3 Verboden gebruik Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 13.2.4 Uitzonderingen op het overgangsrecht gebruik Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
105
Artikel 14
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Folkert Elsingastraat'.
106
Bijlagen bij regels
107
108
Bijlage 1
Lijst van bedrijfsactiviteiten
109
Bijlage 1 Lijst van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 2 Toelichting De Lijst van Bedrijfsactiviteiten geeft aan welke bedrijven binnen het plangebied in beginsel zijn toegestaan. Alle bedrijfsactiviteiten zijn ingedeeld in milieucategorieën, waarbij milieucategorie 1 betekent dat een bedrijfstype weinig potentiële milieuhinder veroorzaakt en milieucategorie 5 of 6 veel milieuhinder veroorzaakt. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft de lijst van bedrijfstypen ingedeeld aan de hand van de Standaard Bedrijfsindeling uit 1993 (SBI'93) van het CBS. Voor de zonering en de bij de zones behorende bedrijfscategorieën is uitgegaan van de VNG-publicatie "Bedrijven en milieuzonering - 2007". Per type bedrijf zijn afstanden gegeven met betrekking tot de milieuhinderaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Voor geluid is aangegeven of sprake is van continu geluid en van activiteiten die op een gezoneerd terrein thuishoren. Voor wat betreft verkeersaantrekkende werking en visuele hinder zijn indices gegeven. De lijst van bedrijfsactiviteiten volgt de publicatie van de VNG, maar met een algemeen verschil. De lijst gaat alleen over activiteiten die in een bedrijfsbestemming zijn toegestaan. Zo zijn bijvoorbeeld sport- en recreatieve voorzieningen niet opgenomen, omdat die in Rotterdam een aparte bestemming zijn.
Voor een uitsplitsing naar afstanden per categorie wordt verwezen naar de VNG-publicatie. In de tabel behorend bij het bestemmingsplan bepaalt de grootste indicatieve afstand de milieucategorie. De aanbevolen indicatieve afstand tussen een bedrijf en woningen: categorie 1: afstand tot woningen 0 of 10 meter categorie 2: afstand tot woningen 30 meter categorie 3.1: afstand tot woningen 50 meter categorie 3.2: afstand tot woningen 100 meter categorie 4.1: afstand tot woningen 200 meter categorie 4.2: afstand tot woningen 300 meter categorie 5.1: afstand tot woningen 500 meter categorie 5.2: afstand tot woningen 700 meter categorie 5.3: afstand tot woningen 1000 meter categorie 6: afstand tot woningen 1500 meter Plangebied Voor dit plangebied wordt de onderstaande lijst met bedrijfsactiviteiten gehanteerd: sbi-code
Omschrijving
15
-
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN
1552
2
- consumptie-ijsfabrieken, productieoppervlak <= 200 m²
1581
0
Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen:
1581
1
- verwerkingscapaciteit < 2.500 kg meel/week
1584
0
Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk:
cat .
2
2
4
1584
3
- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken, productieoppervlak <= 200 m²
2
1584
6
- suikerwerkfabrieken zonder suiker branden, productieoppervlak <= 200 m²
2
Vervaardiging van wijn, cider e.d.
2
1593 t/m 1595 18
-
182 20
Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) -
205 22
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
-
2222.6
2
2
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUCTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen
2
2223
A
Grafische afwerking
1
2223
B
Binderijen
2
2224
Grafische reproductie en zetten
2
2225
Overige grafische activiteiten
2
223
Reproductiebedrijven opgenomen media
1
24
-
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUCTEN
2442
0
Farmaceutische productenfabrieken:
2442
2
- verbandmiddelenfabrieken
26
-
VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUCTEN
262, 263
0
Aardewerkfabrieken:
262, 263
1
- vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW
30
-
VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS
30
A
Kantoormachines- en computerfabrieken
31
-
VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTRISCHE MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDHEDEN
316
Elektrotechnische industrie niet elders genoemd
33
-
VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN
33
A
Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d.
2
2
2
2
2
5
36
-
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN NIET ELDERS GENOEMD
361
2
Meubelstoffeerderijen bedrijfsoppervlak < 200 m²
1
362
Fabricage van munten, sieraden e.d.
2
363
Muziekinstrumentenfabrieken
2
3661.1
Sociale werkvoorziening
2
40
-
PRODUCTIE EN DISTRIBUTIE VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER
40
C 0
Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen:
40
C 1
- < 10 MVA
40
D 0
Gasdistributiebedrijven:
40
D 3
- gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinstallaties cat. A
1
40
D 4
- gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. B en C
2
40
E 0
Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt:
40
E 2
- blokverwarming
41
-
41
-
WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER
41
B 0
Waterdistributiebedrijven met pompvermogen:
41
B 1
- < 1 MW
45
-
BOUWNIJVERHEID
45
3
- aannemersbedrijven met werkplaats: bedrijfsoppervlak < 1.000 m²
51
-
GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING
2
2
2
2
5122
Groothandel in bloemen en planten
2
5134
Groothandel in dranken
2
6
5135
Groothandel in tabaksproducten
2
5136
Groothandel in suiker, chocolade en suikerwerk
2
5137
Groothandel in koffie, thee, cacao en specerijen
2
5138, 5139
Groothandel in overige voedings- en genotmiddelen
2
514
Groothandel in overige consumentenartikelen
2
5153
0
Groothandel in hout en bouwmaterialen:
5153
2
- algemeen, bedrijfsoppervlak <= 2.000 m²
5153.4
4
zand en grind:
5153.4
6
- algemeen, bedrijfsoppervlak <= 200 m²
5154
0
Groothandel in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur:
5154
2
- algemeen: bedrijfsoppervlak < = 2.000 m²
2
5155.2
Groothandel in kunstmeststoffen
2
5156
Groothandel in overige intermediaire goederen
2
517
Overige Groothandel (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.
2
52
-
527 55
2
DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen)
-
2
1
LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING
5551
Kantines
1
5552
Cateringbedrijven
2
60
-
VERVOER OVER LAND
6022
Taxibedrijven
2
603
Pomp- en compressorstations van pijpleidingen
2
63
-
DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER
6321
1
Autoparkeerterreinen, parkeergarages
64
-
POST EN TELECOMMUNICATIE
641
2
Post- en koeriersdiensten
2 1
642
A
Telecommunicatiebedrijven
642
B 0
zendinstallaties:
642
B 2
- FM en TV
1
642
B 3
- GSM- en UMTS-steunzenders
1
7
70
-
VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED
70
A
Verhuur van en handel in onroerend goed
71
-
VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN
1
711
Personenautoverhuurbedrijven
2
714
Verhuurbedrijven voor roerende goederen niet elders genoemd
2
72
-
COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE
72
A
Computerservice- en informatietechnologie-bureaus e.d.
1
72
B
Switchhouses
2
73
-
SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK
731 74
Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk -
2
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING
7481.3
Foto- en filmontwikkelcentrales
2
7484.4
Veilingen voor huisraad, kunst e.d.
1
90
-
MILIEUDIENSTVERLENING
9001
A 0
RWZI's en gierverwerkingsinrichtingen, met afdekking voorbezinktanks:
9001
B
rioolgemalen
9002.2
A 0
Afvalverwerkingsbedrijven:
9002.2
A 7
- verwerking fotochemisch en galvano-afval
93
-
OVERIGE DIENSTVERLENING
9301.2
2
2
Chemische wasserijen en ververijen
2
9301.3
A
Wasverzendinrichtingen
2
9301.3
B
Wasserettes, wassalons
1
Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten
1
9302 9303
0
Begrafenisondernemingen:
9303
1
- uitvaartcentra
1
Fitnesscentra, badhuizen en sauna-baden
2
Persoonlijke dienstverlening niet elders genoemd
1
9304 9305
B
8
7-15
1-35
11
15 D
hem e Wag
t
straa
akere
37-71
Etienn e de
WR-A
(spv)
S-SSP
21-27
12-42
rstraa Boute t
99
G
44-74
29-33
15
3 1
V-VB 3,2
et va Remm
(m) 21
laats
15
(pg)
2-32
n Milp
laan
W-1
3,2
gs Konin
44
3-9
12
T
14
T
20
35
32
202-3
T
16
on de
Salom
16A 16B 16C 16D 16E
35
11-13
37
33
18
41
aat
39
45
gastr t Elsin
Folker
T V-VB W-1
Sport - Sport- en speelterrein
Dubbelbestemmingen WR-A
Waarde - Archeologie
Functieaanduidingen
Tuin
(m)
maatschappelijk
Verkeer - Verblijfsgebied
(pg)
parkeergarage
Wonen - 1
rhof r Mee
S-SSP
197
Folkert Elsingastraat
an de
Plangrens
Groen
rifhof
Piet v
Plangebied
G
Otto
GEMEENTE ROTTERDAM
22
Enkelbestemmingen
D
4A-24
Wege
47
20
31
Cees
raat
t Brays
2A-2E
43
(spv)
sportveld
Bouwvlakken bouwvlak
Maatvoeringen 44
maximum bouwhoogte (m)
bestemmingsplan PROJECT
20211492
FORMAAT
A3
SCHAAL
1:1000
Vastgesteld
KAART
1/1
Ontwerp
26-10-2023
GETEKEND
K. Heijmeriks
Voorontwerp
22-11-2022
IDN
NL.IMRO.0599.BP2227FolkElsinga-on01
Concept
07-06-2022
RHO ADVISE RS
info@rho.nl www.rho.nl
N
ornp
Verdo