CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb007277] Bijlage 2 behorende bij 23bb007275 over 'STRIJDERS' - Stichting JOZ

Commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (2022 - 2026) 16 november 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Veiligheid43.789 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Die vragen ze dan buiten..” (Jongedame Delfshaven, 20 jaar)

91

Volgens de geïnterviewde meiden krijgen sommige jonge dames met een Marokkaanse achtergrond te maken met het oordeel van een deel van de gemeenschap, wat volgens hen gepaard gaat met veel roddel en achterklap. “Want als wij iets gaan doen, bijvoorbeeld op een date met een jongen of zo, dan is dat minder erg dan als een Marokkaans meisje dat zou doen. Want dan zou er meteen heel slecht over haar gepraat worden. Eigenlijk wordt er dan door de meiden zelf slecht over gesproken, door de jongens, en door de ouderen eigenlijk. Zelfs wanneer ze gaat wandelen met een jongen of zo. Ik denk dat als ze dat zou doen, dat ze heel vies worden aangekeken. […] Vooral met jongens zijn vinden ze niet kunnen. Maar ook als ze bijvoorbeeld laat buiten zijn, dat ze dan ook heel raar worden aangekeken van: ‘waarom ben je nog laat buiten?’ Of als ze op feestjes zijn. En sowieso denk ik dat drinken en andere soort dingen heel slecht worden gezien, als ze dat zouden doen. Dus bij die Marokkaanse meiden wordt er ook nog geroddeld. Ik denk niet dat ze bij mij zouden roddelen van: ‘hee ik zag dat meisje hier buiten.’ […] Ik denk dat ze vooral wat meer aandacht moeten geven aan het geroddel. Ik weet niet hoe ze dat zouden moeten doen want het is echt heel moeilijk. Maar ik denk dat dat het meeste effect heeft op meiden. Want ze kunnen er onzeker van worden of heel boos.

Heel veel dingen kunnen er eigenlijk gebeuren als er wordt geroddeld. Je wilt je beter laten uitzien, uitkomen, dan andere meiden. Door andere meiden naar beneden te halen kom je zelf hoger te staan. Dat is binnen de Marokkaanse cultuur nog sterker, dat heb ik ook veel van die meiden gehoord. Zij hebben er wel het meeste last van. Want als ik kijk naar hoe ik met mijn Kaapverdische vriendinnen naar buiten ga, dan is dat wel heel anders dan wanneer ik met mijn Marokkaanse vriendinnen naar buiten ga. […] En vooral ook omdat ik heel veel met m’n Marokkaanse vriendinnen ben, dan is het wel moeilijker om me niks aan te trekken van mensen. Want volgens mij doen mijn vriendinnen dat ook niet, ze trekken zich heel veel aan van andere mensen. Dus ik doe dat ook gewoon. Terwijl als ik met m’n vriendinnen van andere afkomsten ben, dan trek ik me iets minder aan van wat er gebeurt of zo.” (Jongedame Delfshaven, 19 jaar) Uit bovenstaande quote wordt duidelijk dat de invloed van dit deel van de Marokkaanse gemeenschap in Delfshaven niet voorbehouden blijft aan meiden die zelf een Marokkaanse achtergrond hebben. Ook meiden met een andere culturele achtergrond raken soms beïnvloed door de gedragsverwachtingen die binnen deze gemeenschap dominant lijken.

Volgens sommige respondenten leiden de hierboven beschreven roddels ertoe dat sommige meiden met een Marokkaanse achtergrond dingen ‘stiekem’ gaan doen, wat door een aantal respondenten wordt betiteld als ‘schijnheilig’. “Ik durf het bijna niet te zeggen, maar ik vind dat Marokkaanse meisjes daar heel schijnheilig in zijn. Want als ik moet zeggen hier in Delfshaven wie de grootste groep is onder de meiden hier die het wel geregeld heeft, dan zou ik toch wel zeggen de Marokkaanse meiden. Dat ze hun zaakjes aan de zijkant hebben, dat ze toch wel het snelle leven hebben. Geld dit dat. Dat ze toch wel met bepaalde jongens omgaan 92

waardoor zij dat leven kunnen onderhouden. […] Wat ik zie is dat ze gewoon naar een andere stad gaan en daar nog net zo raar doen, dus, weet je wat het is, ik heb natuurlijk Snapchat en dat is waar je het wel ziet. Dat is heel makkelijk. Op Snapchat heb je natuurlijk een publiek verhaal waarop je dingen kunt delen, maar je kunt tegenwoordig ook verhalen maken die bepaalde mensen alleen kunnen zien. Wat de dames dan doen. Dan maken ze een verhaal aan dat alleen dames kunnen zien, waarmee ze omgaan en zo. En daar zetten ze dan al die gekke dingen op. Zijn ze in een keer weekendje hotel met twee, drie boys. Zijn ze in een keer daar, ballonnen. Dit dat. Zie je in een keer een tafel vol met geld liggen. Dat ik denk van: ‘ja maar dat deel je niet publiek. En daarom kun je praten zoals je praat, omdat niet iedereen het weet’.” (Jongedame Delfshaven, 22 jaar) De geïnterviewde meiden beschrijven ook dat sommige meiden met een Marokkaanse achtergrond meer last ervaren met betrekking tot (seksuele) straatintimidatie. Niet alleen lijken deze meiden meer in de gaten te worden gehouden en te worden aangesproken, ook kunnen zij hun negatieve ervaringen vaak niet delen binnen de familie of gemeenschap. “In Delfshaven word je soms nog wel eens lastig wordt gevallen door mannen. Weet je wat het ergste is, het gaat ook om familie.

Bijvoorbeeld jouw familie woont hier en je wordt achtervolgd door een auto. En wij zijn dan bijvoorbeeld bang dat je je familie ziet. Dan blijven ze toch plakken. Het is geen schande, maar het is wel een beetje respect. Mijn familie hoeft niet te zien hoe ik word versierd door een jongen. Dat hoeft niet, het ziet er niet uit vind ik. Ook al kan ik er eigenlijk niets aan doen..” (Jongedame Delfshaven, 19 jaar) “Ik denk dat het niet uitmaakt welke afkomst je hebt, dat je alsnog wordt lastiggevallen. Er zijn een paar vriendinnen en als ik met hun loop dan word ik meer lastiggevallen dan wanneer ik met een andere vriendin loop. En ik zie vaak dat dat vaak Marokkaanse meisjes zijn. Want als ik met mijn Kaapverdische vriendinnen buiten ga lopen dan heb ik dat echt heel veel minder. Ik heb het wel, maar niet echt zoveel als de Marokkaanse meiden. Ik zou eerlijk gezegd niet weten hoe dat komt. Marokkaanse meiden worden echt meer in de gaten gehouden dan bijvoorbeeld ik of mijn Kaapverdische vriendinnen of zo.” (Jongedame Delfshaven, 19 jaar) “Nou want soms loop ik met m’n vriendin, was echt een paar weken terug, liep ik met haar. En toen voelde zij zich echt niet prettig omdat zij door een paar Marokkaanse jongens aangestaard werd en gewoon echt heel de tijd vanaf de overkant. Gewoon echt dat ze zich er niet prettig bij voelde.

Ze zijn dan gewoon met zijn tweeën aan het lachen en aan het praten over je. En zij voelde zich daardoor ongemakkelijk. Ze zijn haar vooral een beetje in de gaten aan het houden. Ik merk wel aan haar dat het voor haar lastiger is in Delfshaven, terwijl ik dat niet heb. En ik kom thuis en ik zeg het gewoon. Ik ben een persoon, ik kom thuis en ik zeg het gewoon. Zo van: ‘weet je wat ik vandaag heb meegemaakt? Weet je wat er is gebeurd? Hee oma, weet je wat er is gebeurd?’ Ik kan 93

wel echt veel dingen thuis kwijt. Tegen mijn vader zou ik het minder snel doen. Hij is ook anders. Van: ‘huh, wat deed je daar zo laat?’ Hij is ook traditioneler. Maar als hij mij op straat zou zien en er zou iets gebeuren, dan zou hij niet boos op mij worden. Maar meer naar die andere mensen toe, zo van: ‘wat ben je nou aan het doen?’” (Jongedame Delfshaven, 21 jaar) “Ja, kijk ik ga niet voor je liegen, dat is wel zo. Iedereen in de Marokkaanse cultuur gewoon hier in de wijk wordt heel erg in de gaten gehouden. Als een meisje naar buiten stapt, ze gaat ergens naartoe met de meiden of zo, reken er maar op dat haar neef of haar broer het binnen een uurtje weet. Dat is wel zo. Maar ja, aan de andere kant, ik zie dat het hun ook niet tegenhoudt van de dingen die ze doen dus.” (Jongedame Delfshaven, 22 jaar) In de interviewgesprekken komt ook heel duidelijk het bestaan van een dubbele maat naar voren; voor sommige jongens met een Marokkaanse achtergrond zouden andere gedragsverwachtingen gelden dan voor sommige meiden. “Marokkaanse jongens zijn sowieso een beetje hypocriet. Want die vinden dat zij alles mogen doen.. die mogen alles, maar niemand mag wat. Ik ken persoonlijk dames die het daar echt moeilijk mee hebben gehad, die daar echt struggles mee hebben gehad. Ik kreeg ook altijd van alles en nog wat naar m’n hoofd gesmeten.

Ik heb daar een sterk karakter door opgebouwd door de jaren heen. Maar de dames die daar nog in zitten.. ik vind het echt zielig. In dat wereldje, die nog met de verkeerde jongens omgaan. Voor aandacht. Ze willen er niet uit want dan hebben ze alsnog een probleem. Want dan wordt alsnog alles naar buiten gebracht. Ze denken: ‘dan maar ‘binnen’, dan krijg ik aandacht en zit ik safe’.” (Jongedame Delfshaven, 20 jaar) “Mijn neef mag bijvoorbeeld gewoon met hun vriendin bij ons thuis komen en eten. Maar mijn nicht mag nooit met haar vriend komen. Ze mag niet eens een vriend hebben. Bij hun is het dus minder erg. Ze gaan het ook niet erg vinden als een jongen een kind voor het huwelijk heeft. Maar een meid is dat een heel ander verhaal…een meisje mag bijvoorbeeld niet uitgaan op een oudere leeftijd maar een jongen weer wel. Maar de Islam zegt niemand mag uitgaan, een meisje niet en jongen niet. Ik weet ook niet waarom dat bij jongens wordt goedgekeurd. Het is gewoon zo zijn ze allemaal opgegroeid, en zo worden wij ook opgegroeid. […] Het is ook echt in onze cultuur; een jongen mag echt veel meer dan meisje. Wij zijn dat ook gewend. Ik heb een Kaapverdiaanse vriendin en zij zei ook: ‘ik ga jullie nooit begrijpen’. Ze zei: ‘waarom mag jij niet en jouw neef wel?’ Dus ik zeg: ‘ja, ik begrijp het ook niet’.” (Jongedame Delfshaven, 15 jaar) “Ik ben echt gezegend met mijn moeder.

Stel je voor je broer ziet het, ik weet wat er gaat gebeuren hoor. Die komt bont en blauw thuis. Ik heb in mijn middelbare schooljaren meegemaakt dat de meisjes werden opgehaald door hun broers en daar gewoon voor het plein in elkaar werden geslagen. En waarom? Omdat die broers 94

erachter waren gekomen waar ze mee bezig waren. Terwijl dat meisje helemaal niks heeft gedaan hè. Ik weet nog, het was een hele rustige dame en ook al zou ze die dingen doen, lekker belangrijk. Maar ze kreeg gewoon klappen op het schoolplein. En dat was dan weer de broer, die wil zich zo opstellen naar de andere gasten in de wijk van ‘mijn zusje kan dit niet flikken. Ik ga haar klappen geven.’ Het is echt zielig. Het is echt moeilijk. Voor de dames dan. Voor de heren lijkt het allemaal paradijs.. bij hen wordt alles verbloemd. Bij hen is alles normaal.” (Jongedame Delfshaven, 20 jaar) Hoewel de gedragsverwachtingen binnen een deel van de Marokkaanse gemeenschap in Delfshaven in bovenstaande voorbeelden vooral worden bekrachtigd door mannen, stellen verschillende respondenten dat vrouwen in Delfshaven net zo goed bijdragen aan het in stand houden hiervan. “Ik ben een beetje verwesterd opgevoed. Nou ja, niet verwesterd. Ik heb wel mijn geloof en cultuur meegekregen. En ik ben wel heel erg open naar mensen toe. En heel veel Marokkaanse gasten kunnen daar niet tegen. En Marokkaanse dames keuren je ook meteen af, hebben ook gelijk een afkeur naar je toe. Zo van; ‘oh je beledigt ons’.

Nee dit is geen belediging, het is gewoon hoe ik ben opgevoed.” (Jongedame Delfshaven, 20 jaar) Al met al wordt uit de bovenstaande beschrijving duidelijk dat sommige meiden in Delfshaven met een Marokkaanse achtergrond een lastigere positie lijken in te nemen dan andere meiden, omdat zij – behalve met de mores van de straat – te maken krijgen met sterke gedragsverwachtingen vanuit een deel van hun eigen gemeenschap. Deze verwachtingen lijken niet voorbehouden aan deze meiden zelf, maar beïnvloeden in sommige gevallen ook de meiden met wie zij omgaan. De bewegingsvrijheid van sommige meiden met een Marokkaanse achtergrond lijkt op basis van de interviews niet alleen aanmerkelijk kleiner dan die van meiden met een andere achtergrond, maar ook dan die van hun mannelijke leeftijdsgenoten.

6.6 Resumerend Op basis van de interviewgesprekken blijken meiden binnen de straatcultuur van Delfshaven – in lijn met de literatuur – een complexe en overwegend ondergeschikte positie in te nemen. In de eerste plaats blijken meiden elkaar veelvuldig te beconcurreren. De manier waarop meiden elkaar naar het leven staan leidt volgens de respondenten tot veel onzekerheid, bezorgt meiden een negatief zelfbeeld en veroorzaakt veel onderling wantrouwen. In de tweede plaats nemen meiden op basis van de gesprekken overduidelijk een achtergestelde positie in ten opzichte van hun mannelijke leeftijdsgenoten. Meiden krijgen te maken met andere gedragsverwachtingen en hun positie is absoluut niet gelijkwaardig aan die van de jongemannen in Delfshaven. De sociale onveiligheid die hieruit voortkomt wordt door meiden 95

niet alleen in de fysieke buitenruimte, maar ook nadrukkelijk in het online domein ervaren. Meiden lijken deels als gevolg van deze sociale onveiligheid de publieke (on- en offline) buitenruimte te vermijden, waardoor zij zich in grote mate onttrekken aan het zicht van professionals. Tot slot werd uit de gesprekken duidelijk dat sommige meiden in Delfshaven met een Marokkaanse achtergrond een lastigere positie innemen dan andere meiden, omdat zij – behalve met de mores van de straat – te maken krijgen met sterke gedragsverwachtingen vanuit een deel van hun eigen gemeenschap. De bewegingsvrijheid van deze meiden lijkt op basis van de interviews niet alleen aanmerkelijk kleiner dan die van meiden met een andere achtergrond, maar ook dan die van hun mannelijke leeftijdsgenoten.

96

7. De betrokkenheid van meiden bij zorgwekkende thema’s In de gesprekken met zowel professionals als meiden hebben we in de eerste plaats getracht zicht te krijgen op de contouren van een straatcultuur binnen Delfshaven, de manier waarop vrouwen zich daarbinnen presenteren en welke positie zij innemen. De bevindingen uit deze gesprekken werden in het vorige hoofdstukken gepresenteerd. In het vervolg van de interviews hebben wij de respondenten gevraagd naar zorgwekkende thema’s binnen deze setting waarbinnen meiden een rol van betekenis spelen. Professionals en meiden schetsen dat jonge vrouwen in Delfshaven in meer of mindere mate – en op verschillende wijzen – betrokken zijn bij geweld (5.1), drugs (5.2), vermogensdelicten (5.3), roddelen en pesten (5.4), prostitutie (5.5) en seksuele (straat)intimidatie (5.6). In de gesprekken kwam naast deze thema’s ook exposing nadrukkelijk naar voren, maar de bevindingen omtrent dit onderwerp zijn door de onderzoekers van hogeschool Inholland opgetekend in een eigenstandige rapportage (Schram, Eysink Smeets & Hendriksen, 2021). In onderstaande paragrafen komen steeds eerst de professionals en daarna de meiden uit Delfshaven aan het woord.

7.1 Meiden en geweld In de gesprekken met zowel professionals als meiden kwam naar voren dat meiden op verschillende manieren betrokken zijn bij het thema geweld.

Het beeld van professionals Uit de gesprekken met professionals komt in de eerste plaats naar voren dat meiden betrokken zij bij geweld op straat. Volgens een van de professionals organiseren meiden zogenaamde ‘bitch fights’, waarbij andere meiden soms in de val worden gelokt. Deze gevechten zouden vervolgens worden gefilmd en online worden gedeeld. Volgens de respondent gaat het hierbij niet per se om het vernederen van een van beide meiden, omdat er over en weer rake klappen worden uitgedeeld. ‘Na een bitch fight is het ook gewoon weer klaar. Pas hadden we in Delfshaven een paar meiden die een paar weken na zo een bitch fight weer vriendinnen waren…” (Professional Delfshaven) Een aantal andere respondenten geeft echter ook nadrukkelijk zicht op straatgevechten – die door hen wederom vaak ‘bitch fights’ worden genoemd – waarbij het er niet per se eerlijk aan toe gaat. “Waar meiden wel een prominente rol in spelen is tegenwoordig straatgevechten. Dit zijn ruzies die onderling tussen meiden zijn ontstaan en worden uitgevochten. Soms worden zulke gevechten georganiseerd via social media, voornamelijk Snapchat. Maar het komt ook voor dat meiden worden gelokt door (ex)vriendinnen bijvoorbeeld om af te spreken 97

en dan tegen een groep meiden aan loopt die ze volledig losslaan.” (Professional Delfshaven) “In Middelland waren er een aantal jaar geleden meiden die andere meiden opdracht gaven om ‘af te rekenen’ met meisjes. Dat betekende in de praktijk dat meisjes in elkaar werden geslagen, bedreigd en achtervolgd door meiden die zij niet kenden. Een aantal meisjes heeft aangifte gedaan. Het ging om groepen van zo’n 10 vriendinnen in verschillende samenstellingen. Dit was puur een aangelegenheid van meiden. Er waren geen jongens bij betrokken. Het ging om groepen van 10 vriendinnen in verschillende samenstelling. Een aantal meisjes dat klappen had uitgedeeld, is aangehouden. De slachtoffers waren bang. Juist het feit dat zij de meiden die hen in elkaar sloegen niet kenden, leidde tot angst. Ze vroegen zich steeds af uit welke hoek de volgende klappen zouden komen.” (Professional Delfshaven) “Er was een vechtpartij tussen meiden van drie verschillende basisscholen. Aanleiding voor het gevecht is dat het slachtoffer iets negatiefs had gezegd over een nichtje van iemand. Het was meer een bitch fight; grote woorden, maar weinig inhoud. Dat meisje die de ruzie heeft opgezocht, had medestanders verzameld, ook meiden van andere scholen. Het gevecht vond plaats op straat, niet bij een van de basisscholen.

Het was niet per se afgesproken, maar ze waren haar waarschijnlijk gewoon op straat tegengekomen en dachten dat het een goede kans was om haar te pakken. Het slachtoffer wordt omsingeld door de groep, uitgedaagd, geschopt en geslagen. Niemand roept om hulp, een heel aantal mensen staan erom heen en hitsen de boel op. Situatie is beëindigd door iemand die op straat langs kwam. De vechtpartij is gefilmd en online gezet op Facebook en Instagram. De politie heeft het filmpje geanalyseerd en gekeken wie heeft meegedaan. Dit is in samenwerking gegaan met de scholen. Het duurde even voordat de namen boven tafel kwamen. Daarna kon de gehele groep aangepakt worden. Uiteindelijk bleken er acht meiden van tussen de 11 en 14 bij betrokken te zijn als dader, slachtoffer, filmer, kijker en ophitser.” (Professional Delfshaven) Zoals duidelijk wordt uit bovenstaande casussen spelen social media een centrale rol in zowel het ontstaan als de escalatie van deze conflicten. In sommige gevallen worden social media volgens professionals ook bewust ingezet door geweldplegers om slachtoffers van het geweld te vernederen. “Er was een casus van een meisje van 14, die zich voordoet als een 16-jarige. Ze is behoorlijk beïnvloedbaar, omdat ze eigenlijk bij de jongens op straat wil horen. En daarom dingen gaat doen.

Al het geld dat ze krijgt van haar moeder voor boodschappen of iets dergelijks geeft ze ook uit aan dure merkkleding om erbij te horen. Ze loopt veel met oudere jongens van 16-17 jaar. Zodra ze met vriendinnen uit de klas is doet ze stoer, zo van ‘ik ben al 16 en seksueel actief’. Zo komt ze in situaties waarin ze jongens bevredigt op school. Dit is gefilmd. En wordt verspreid. Ze voert seksuele handelingen uit om erbij te horen en ze houdt zich veel bezig met uiterlijk 98

vertoon. Bij een van de jongens dacht ze dat hij verliefd op haar was. Hij deed ook alsof ze een relatie hadden en maakte daar misbruik van. Hierdoor is onenigheid ontstaan tussen haar en de jongen. Zij is toen met twee vriendinnen en twee jongens naar zijn huis gegaan en heeft zij hem geslagen in zijn gezicht. Dit is gefilmd door een vriendin van haar en online gezet op social media. Dit was een bewuste actie met het doel hem te vernederen.” (Professional Delfshaven) “Ik heb een voorbeeld van een casus van een meisje hier uit de wijk, die staat een ander meisje eerst uit te schelden, dan moet ze sorry zeggen anders krijgt ze een klap. Op een gegeven moment krijgt ze als een soort van bitch fight allemaal klappen. Een omstander heeft dat weer staan filmen. En dus daar hebben we heel lang het slachtoffer niet van in beeld gehad. We wilden weten wie het was en hadden gehoopt dat zij aangifte ging doen, want we wisten wel wie de verdachte was. Via school of moeders van die leerlingen krijgen wij dan zo’n filmpje binnen. Uiteindelijk valt de verdachte door de mand door een nog grotere steekpartij in het centrum, waar twee meiden een jongen neersteken. (Professional Delfshaven) De steekpartij waaraan in de laatste casusbeschrijving wordt gerefereerd, werd ook door andere professionals te berde gebracht.

Bij dit incident – dat ook breed is uitgemeten in de media – was een jongedame van toen 17 jaar betrokken, die niet woonachtig is in Delfshaven maar veel in het gebied te vinden is. De reden voor deze steekpartij is volgens een van de professionals een opgelopen onenigheid tussen twee jongeren die elkaar uit de wijk kennen. Een andere professional geeft zicht op de dynamiek hierachter. “Begin zomer vorig jaar is er bijvoorbeeld op Westkruiskade een jongen neergestoken door een meisje. Het meisje dat gestoken heeft,

had ruzie met jongen

van de Kruiskadegroep. Ze komen elkaar tegen, het latere slachtoffer bemoeit zich er mee en wordt uiteindelijk neergestoken door het meisje. Meiden hangen dus om de groep heen, zijn geen onderdeel van de kern, maar kunnen wel betrokken worden bij conflicten. Die jongen die is neergestoken door het meisje, was één van de leiders van de desbetreffende groep. Deze jongen wordt nu door andere rivaliserende groepen gepest dat hij is neergestoken door een meisje, het neersteken heeft dus een deuk aangebracht in zijn imago. Dit leidt vervolgens tot nieuwe ruzies, want hij reageert daarop. Het meisje dat hem had neergestoken is een probleemgeval, hangt veel op straat met een aantal vriendinnen, ze was ook verdachte in een aantal andere geweldszaken, lost conflicten vaker op met geweld.” (Professional Delfshaven) Opvallend was dat een van de professionals stelt dat het mannelijke slachtoffer door een vriendin van de verdachte werd vastgehouden, zodat laatstgenoemde hem kon neersteken. De verdachte zou zichzelf sinds het incident online profileren als ‘the most hated’. Naast dit incident kwam messengeweld in de gesprekken met professionals als breder thema opvallend

vaak

naar

voren.

Wanneer

professionals

spraken

over

daadwerkelijke

steekincidenten waarbij meiden betrokken waren, werd vaak verwezen naar de twee incidenten 99

die ook in de media breed zijn uitgemeten – de steekpartij op de Kruiskade en de moord op de 15-jarige Alice. Hoewel de daadwerkelijke steekincidenten waarbij meiden uit Delfshaven betrokken zijn beperkt lijken te blijven tot deze twee incidenten, stellen professionals dat het dragen en tonen van messen een breder probleem is. Respondent 7 vertelt dat er op Instagram video’s rondgaan waarin meiden ruzie hebben en messen tonen. Ook andere professionals onderschrijven het bezit en het tonen van steekwapens door meiden in Delfshaven. “Een jaar geleden heeft een meid een jongen gestoken. De aanleiding was rivaliteit over een jongen die zij leuk vonden. Het ging helemaal om niets. Messengeweld zie je laatste tijd in zijn algemeenheid toenemen, maar ook meiden zijn hier dus actiever in. Niet per se in het daadwekelijk steken, maar vooral in het dreigen ermee. Het wordt online als machtsmiddel gebruikt, maar het daadwerkelijk uitvoeren doen ze niet vaak. Ik heb maar twee keer meegemaakt dat dat is gebeurd. Ik heb vaak screenshots gezien van gesprekken waar die dreigingen in stonden. Ik ga dan vaak in gesprek met de meiden die dreigen. Uit dat gesprek blijkt dan vaak: dit meisje zal nooit die dreiging uitvoeren. Het is vooral bewijsdrang naar anderen.” (Professional Delfshaven) “Een tiener is verwikkeld geraakt in ruzies en vechtpartijen met leeftijdgenoten.

Zij rivaliseert met een groep meiden over o.a. jongens en status. Deze meiden zijn voor een gedeelte schoolgenoten en de kwestie is op enige moment geëscaleerd. Zo hebben er vechtpartijen in de wijk plaatsgevonden en is haar huis bekogeld. Hierbij heeft zij een mes tot haar beschikking gehad en deze in een aantal gevallen meegenomen naar school. Via het online domein heeft zij deze ingezet bij het uiten van bedreigingen. Zo is zij op beeld te zien met een kapmes, waarbij zij zwaaiende bewegingen maakt. De vechtpartijen hebben niet geleid tot ernstige verwondingen, maar een interventie heeft daarvoor aan te pas moeten komen. Zowel de agressoren als de slachtoffers waren in deze casus meiden. De tiener is uiteindelijk overgeplaatst naar een andere school” (Professional Delfshaven) Waar bovenstaande quotes verwijzen naar concrete incidenten waarbij meiden steekwapens in hun bezit hebben en deze etaleren, lijkt een aantal professionals ook vooral te verwijzen naar de bredere zorgen om messengeweld die ook in de media veelvuldig hoorbaar zijn. “Pasgeleden was er een situatie in Delfshaven waarin een meisje werd neergestoken door een ander meisje. Er is helaas messengeweld. Het is een trend om een mes op zak te dragen. Ook bij meiden. Ik denk wel dat dat ene incident heel schokkend was, maar ik denk niet dat ze daarom nu geen mes meer op zak dragen.

Dus het zou zomaar weer kunnen gebeuren. Dat hoop je niet, daar zetten we ook op in. We hebben voorlichting. Je hoort ze zeggen: ‘dat draag ik voor mijn eigen veiligheid’, maar dat is natuurlijk niet zo. Het is stoer doen. Ik denk meer dat het te maken heeft met hun imago, het imago dat ze naar buiten brengen” (Professional Delfshaven) Tot slot gaf een van de geïnterviewde professionals zicht op een casus van seksueel geweld.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=73c93f1f-6073-4c59-a000-c2963b3b1db2