CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb007114] Bijlage 1 behorende bij 23bb7113 - Concept Rotterdamse Woonvisie

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 31 januari 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Concept Rotterdamse Woonvisie27.439 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

We werken het beleid en de maatregelen voor deze aandachtsgroepen verder uit in de Rotterdamse woonzorgvisie. We verwachten dat de komende jaren meer mensen aanspraak kunnen maken op een vorm van urgentie. 2. Groepen die minder tot geen behoefte hebben aan zorg en ondersteuning, maar wel specifieke woonwensen hebben: voor regulier woningzoekenden is er geen wettelijke urgentieregeling. We onderscheiden binnen de regulier woningzoekenden enkele groepen die minder tot geen zorg en

ondersteuning behoeven, maar wel specifieke woonwensen hebben. Zij slagen daarom moeilijker op de woningmarkt. Rotterdam heeft een aantal programma’s gestart om deze woningzoekenden te ondersteunen, mede omdat deze groep de doorstroming op de woningmarkt kan bevorderen.

Rotterdamse Aandachtsgroepen Groepen die behoefte hebben aan betaalbare sociale huurwoningen, ondersteuning en zorg. Daarnaast hebben zij een zeer dringende woonvraag waardoor zij voorrang krijgen. We definiëren 4 Rotterdamse aandachtsgroepen met urgentie: 1. Uitstroom van mensen uit een intramurale instelling: hierbij kan gedacht worden aan Rotterdammers met psychische of psychosociale problemen, een verstandelijke beperking of aan ex-gedetineerden of slachtoffers van huiselijk geweld die nazorg nodig hebben. We constateren dat de uitstroom uit maatschappelijke opvang en beschermde woonvormen stokt. De vraag naar woonplekken voor de jaarlijkse uitstroom uit beschermd wonen, andere woonvoorzieningen en opvang, zal naar verwachting toenemen van 900 tot 1.235. Voor de slachtoffers van huiselijk geweld zien we een toename van de jaarlijkse vraag naar sociale huurwoningen van 200 nu, naar 255 in 2030. 2. Statushouders: Op basis van de huidige prognoses van het Rijk houden we er rekening mee dat de taakstelling voor de gemeente Rotterdam de komende jaren ten minste rond de 1.800 personen gelijk zal blijven. Uitgaande van de huidige beschikbare corporatiewoningen is er ruimte voor het huisvesten van ongeveer 1.200 statushouders. We zien dat het met name lastig is om (grote) gezinnen tijdig van passende huisvesting te voorzien.

Rotterdamse Woonvisie

51

3. Mensen met sociale en/of medische urgentie onder wie mensen die dak- en thuisloos dreigen te worden, mensen die rolstoelafhankelijk zijn of een lichamelijke, verstandelijke, zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid hebben: we zien een relatief klein maar wel hardnekkig huisvestingsprobleem voor medisch urgenten die behoefte hebben aan grote gelijkvloerse (al dan niet rolstoelgeschikte) woningen in het sociale huursegment. Het aanbod van deze woningen is vrijwel nihil, waardoor de wachtlijst groeit. 4. Daarnaast zijn er nog andere groepen, zoals o.a. mantelzorgers en herhuisvestingsurgenten, die met spoed een woning nodig hebben en in Rotterdam urgentie krijgen.

“Ik ben trots op mijn stad, we vinden het fijn om in deze buurt, in een goed toegankelijke woning, te kunnen wonen.”

Aandachtsgroepen die minder tot geen behoefte hebben aan zorg en ondersteuning, maar wel specifieke woonwensen hebben: §

§

§

§

Ouderen: ouderen geven aan niet vaak een geschikte woning in de eigen omgeving te vinden. Men blijft daarom in de huidige woning, wat kan leiden tot problemen op het gebied van veiligheid en gezondheid Studenten: de internationale studentenpopulatie groeit de komende 7 jaar naar verwachting met 4000 studenten. Dit levert een totale woonvraag op van 6000 eenheden tot 2030. Studenten vormen de aanwas van talent en levendigheid in de stad, maar ze beginnen met een achterstand omdat ze geen stap op woningmarkt kunnen maken. Jongeren: de slaagkans van deze groep is aanzienlijk lager dan die van andere woningzoekenden. Omdat deze doelgroep is aangewezen op woningen tot de kwaliteitskortingsgrens zijn ze afhankelijk van betaalbare woningen in de stad. Maatschappelijke beroepsgroepen en sociale stijgers: Rotterdam heeft een groot tekort aan een aantal beroepsgroepen die essentieel zijn voor het goed functioneren van de samenleving. Het gaat met name om politieagenten, leraren en zorgpersoneel. Zij hebben vaak een middeninkomen en moeite een betaalbare woning te vinden. We zien dat bewoners, die klimmen op de sociaal-maatschappelijke ladder, op

Rotterdamse Woonvisie

52

§

§

§

§

het moment dat ze een volgende stap in hun wooncarrière willen maken geen passende woning vinden in hun wijk. Bankslapers: we schatten in dat er in 2023 in Rotterdam 5.000 bankslapers zijn. Dit zijn mensen die geen eigen thuis hebben en tijdelijk bij familie of vrienden verblijven. Bankslapers lopen het risico op schulden, psychische problemen en uiteindelijk dakloosheid. Woonwagenbewoners: woonwagenbewoners en kermisexploitanten vinden het belangrijk om in een woonwagen te wonen, op een locatie dicht bij hun familieleden. Hoewel het Europees Hof en het College voor de Rechten van de Mens hebben aangegeven dat deze plekken bescherming verdienen, zijn geschikte plekken voor woonwagenbewoners schaars. Arbeidsmigranten: in Rotterdam staan ongeveer 40.000 EU-burgers uit Midden-, Oost en Zuid-Europa ingeschreven in de BRP. De meeste wonen in kwetsbare wijken. Deze arbeidsmigranten krijgen helaas soms te maken met misstanden. Mensen in tijdelijke opvang: groepen die opvang (en dus ruimte) in Rotterdam nodig hebben, maar nu nog geen beroep doen op Rotterdamse woningmarkt, zoals op dit moment asielzoekers en Oekraïners. Ook deze groepen zullen naar verwachting in omvang nog verder stijgen en mogelijk in de toekomst wel extra druk op de Rotterdamse woningmarkt leggen.

Het realiseren van de ambitie om iedereen een passende woning te kunnen bieden, is een complexe opgave. Het direct beschikbare woningaanbod daalt al enkele jaren omdat de bevolking hard gegroeid is en er te weinig is gebouwd. Hierdoor kunnen mensen niet of moeilijk doorstromen naar een andere woonruimte en komen er steeds minder sociale huurwoningen vrij.

brengen. De instroom van asielzoekers is op dit moment fors en zal op korte termijn naar verwachting verder toenemen. Hoe de toekomstige aanwas er uit ziet is zeer onzeker vanwege de afhankelijkheid van (inter)nationale ontwikkelingen en afspraken. We verwachten dat de groep kwetsbare Rotterdammers met urgentie, of behoefte aan opvang, de komende jaren blijft groeien. De ongeveer 6.000 sociale huurwoningen die ieder jaar vrijkomen worden grotendeels verhuurd aan (kwetsbare) huishoudens met een laag inkomen, vanwege de wettelijke verplichting om passend toe te wijzen. We zien dat de slaagkans van regulier woningzoekenden dreigt af te nemen, door de grote vraag naar huisvesting voor aandachtsgroepen. Vanwege het gebrek aan beschikbare betaalbare huisvesting ontstaat op dit moment concurrentie tussen verschillende aandachtsgroepen en regulier woningzoekenden. Dit doet zich het meest voor in het huursegment tot de tweede aftoppingsgrens (huur tot €693,60 prijspeil 2023). De verwachting is dat de huisvestingsvraag voor aandachtsgroepen in de toekomst zal stijgen en het probleem van verdringing verder zal toenemen.

Doelen richting 2030 1. In 2030 bevinden zich in Rotterdam zo min mogelijk mensen zich in een dak- of thuisloze situatie. 2. We verdelen de beschikbare woningen zo eerlijk en transparant mogelijk. 3. We realiseren een woningaanbod voor ouderen dat past bij hun zorgvraag en levensfase en bevorderen de doorstroom op de Rotterdamse woningmarkt. 4. We binden (beroeps)groepen aan onze stad die voorzien in een basisbehoefte en daarom essentieel zijn voor het goed functioneren van de samenleving.

Door een aantal onzekere factoren aan de vraagkant is het moeilijk de toekomstige behoefte aan woningen in exacte aantallen in beeld te Rotterdamse Woonvisie

53

Doel 1

We streven ernaar dat er in 2030 in Rotterdam zo min mogelijk mensen zich in een dak- of thuisloze situatie bevinden. Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § Meer betaalbare woningen bouwen en continu zoeken naar alternatieve flexibele woonoplossingen (zie ook hoofdstuk 1 meer en betaalbaar): De komende jaren zetten we sterk in op het realiseren van een flexibele schil van woonplekken (verspreid over de stad) voor doelgroepen. Uitgangspunt daarbij is dat deze locaties voor diverse doelgroepen structureel (langjarig) beschikbaar en flexibel inzetbaar zijn voor tijdelijke bewoning of als doorstroom-locatie. Dat is nodig om fluctuaties in de vraag te kunnen opvangen en een goede mix te realiseren van dragers en vragers. Daarbij leren we van de ervaringen van de huidige locaties. Dit doen we samen met de woningcorporaties en zorgaanbieders en vele andere partijen in de stad. Daarbij accepteren we wel dat bepaalde doelgroepen een tijdelijk dak boven het hoofd aangeboden krijgen. § We maken regionale afspraken in een regionale woonzorgvisie: Conform het Regioakkoord maakt Rotterdam verdeelafspraken over de uitstroom van mensen in een kwetsbare situatie. Om dit te bereiken maken we een integrale woonzorganalyse als onderdeel van de te ontwikkelen Rotterdamse woonzorgvisie, waarin de huidige vraag van aandachtsgroepen en toekomstige huisvestingsbehoefte

in beeld worden gebracht. Deze woonzorgvisie dient als input voor de regionale woonzorgvisie, waarbij we minimaal aansluiten bij de uitgangspunten van de concept-wet Regie op de Volkshuisvesting. Onze uitgangspunten zijn: - Vanuit onze regierol stellen we de woonzorgvisie op en werken we in de afstemming en uitvoering samen met relevante partijen; - De woonzorgvisie heeft betrekking op de aandachtsgroepen zoals gedefinieerd in het nationale woonprogramma ‘Een thuis voor iedereen’ en groepen die in Rotterdam extra aandacht nodig hebben.; - Naast de huisvestingsbehoefte besteden we ook aandacht aan de leefomgeving. § Terugdringen bankslapen: Het aantal Rotterdammers in een bankslaapsituatie willen we verkleinen en waar mogelijk ondersteunen om afglijden naar dakloosheid te voorkomen. We maken daarmee een begin door uit te breiden naar 100 flexplekken voor bankslapers in de meest schrijnend situatie. § We voeren de plannen in het Plan van Aanpak Kwetsbare Rotterdammers en ‘Op weg naar herstel en thuis uit’ en blijven inzetten op gemeenschapsvorming en de aanwezigheid van zorg en ondersteuning voor Kwetsbare Rotterdammers.

Rotterdamse Woonvisie

54

Doel 2

We verdelen de beschikbare woningen zo eerlijk en transparant mogelijk. We zorgen ervoor dat ook reguliere woningzoekenden met een laag inkomen kans blijven maken op een sociale huurwoning.

Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § Taakstelling: We willen streng vasthouden aan de huidige urgentiecriteria en afspraken met de corporaties, om aanbod te kunnen blijven garanderen voor alle doelgroepen in een schaarse woningmarkt. We houden jaarlijks rekening met eventuele voorrangsregelingen en de vraag van verschillende doelgroepen, waaronder regulier woningzoekenden. Daarbij hanteren we voor het aantal corporatiewoningen onder de tweede aftoppingsgrens dat jaarlijks vrijkomt de volgende verdeelsleutel: - Minimaal 45% van de woningen tot de tweede aftoppingsgrens voor regulier woningzoekenden zonder urgentie zodat er voldoende aanbod is voor Rotterdammers zonder urgentie; - Maximaal 25% van de woningen tot de tweede aftoppingsgrens voor kwetsbare Rotterdammers met urgentie; (Rotterdamse aandachtsgroep 1) - 30% van de woningen tot de tweede aftoppingsgrens voor overige aandachtsgroepen met urgentie (Rotterdamse aandachtsgroep 2, 3 en 4 zoals statushouders, herhuisvestingsopgave, medisch urgenten en overige sociale urgenties en directe bemiddelingen). We gaan rondom de Rotterdamse woonzorgvisie met alle partijen in de stad in gesprek om te komen tot betere monitoring.

§ Op peil houden betaalbare voorraad: Met als doel om een breder scala van groepen toegang te bieden tot schaarse en betaalbare woningen, streven we ernaar dat 75% van de woningen die in het bezit zijn van woningcorporaties onder de tweede aftoppingsgrens valt. Met betrekking tot het aantal verhuringen tot de eerste aftoppingsgrens hebben we speciale aandacht voor de grote groep een- en tweepersoonshuishoudens binnen zowel urgente als reguliere woningzoekenden. Bij het monitoren van verhuur in het sociale segment houden we daarom rekening met het beschikbare aanbod in verhouding tot het aandeel woningzoekenden in deze categorie. Waar nodig nemen we passende maatregelen.

Rotterdamse Woonvisie

55

Doel 3

We realiseren een woningaanbod voor ouderen dat past bij hun zorgvraag en levensfase en bevorderen de doorstroom op de Rotterdamse woningmarkt . Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § Wonen met zorg nabij: We ontwikkelen nieuwe woon-zorgcombinaties, die aansluiten bij de behoeften van mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid. Ook blijven we inzetten op de ontwikkeling van 10 nieuwe woonzorgconcepten en 14 thuisplusflats, in (bestaande) seniorencomplexen en stimuleren we met een subsidieregeling collectieve woningaanpassingen en scootmobielstallingen. Bij al deze maatregelen willen we de markt uitdagen om samen met ons deze opgaven voor elkaar te krijgen en scherpe afspraken te maken om ook voor de meest kwetsbare doelgroepen in gebiedsontwikkelingen ruimte te reserveren. § Toevoegen levensloopbestendige woningen: We maken de kwalitatieve en kwantitatieve opgave voor geclusterde woonvormen en zorgwoningen voor ouderen (op gebiedsniveau) inzichtelijk. De gemeente bevordert het creëren van woningen die geschikt zijn voor alle levensfasen en daagt de marktpartijen uit ook met deze opgave aan de gang te gaan.

§ Het Nieuw Rotterdams Kwaliteitsbeleid en het Langer Thuis Akkoord zijn bij nieuwbouwplannen richtinggevend voor zowel de gemeente als ontwikkelaars. § Samen werken aan doorstroming van senioren: Met een pakket aan ondersteunende maatregelen, inclusief het continueren van de seniorenmakelaars ondersteunen we ouderen bij een tijdige verhuizing naar een geschiktere woning. § Beschikbaar houden van aangepaste woningen voor mensen met een beperking: We maken afspraken met woningcorporaties over het behoud van zeer schaarse sociale huurwoningen zoals rolstoel-, MiVa- en grote woningen voor de doelgroep door een nee, tenzij-principe voor de verkoop van dit type corporatiewoningen en door deze woningen gerichter toe te laten wijzen op Woonnet Rijnmond. § Woonwagenbewoners: We voeren het in 2020 vastgestelde woonwagenbeleid van de gemeente uit dat gaat over de uitbreiding van het aantal woonwagenstandplaatsen tot 2030 en de verdeling van leegkomende standplaatsen op woonwagenlocaties.

Rotterdamse Woonvisie

56

Doel 3

§

Arbeidsmigranten: Werkgevers hebben ook een belangrijke rol als goed huisvester. Wij vinden dat huisvesting en werk van arbeidsmigranten een regionale opgave is en dus ook gemeente overstijgend aangepakt moet worden. Met het beleid ‘Goed huren en verhuren’ pakken we misstanden aan, als kwalitatief slechte huisvesting van arbeidsmigranten en misbruik door verhuurders.

“Na onze studie willen we een eigen plek in de stad. Om onze toekomst hier in Rotterdam verder op te bouwen.”

§ Groepen in opvang: Asielzoekers en bijvoorbeeld Oekraïners doen een beroep op opvang. Dat zal in de toekomst mogelijk voor andere groepen gelden en daarnaast zal een gedeelte van deze groepen een toekomstige vraag hebben naar woonruimte in Rotterdam. Deze groepen worden meegenomen in de bevolkingsprognoses en als specifieke doelgroep in de Woonzorgvisie.

Rotterdamse Woonvisie

57

Doel 4

We willen (beroeps)groepen die voorzien in een basisbehoefte binden aan onze stad. Zij zijn belangrijk voor het goed functioneren van de samenleving. Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § Studenten (zie ook pijler 1): We zetten in op het beter benutten van de bestaande voorraad voor studenten, door o.a. Hospi Housing en de nieuwbouw van 400 studentenwoningen per jaar. Het Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting (LAS) wordt in Rotterdam concreet gemaakt in het Rotterdams Kwaliteitsbeleid Studentenhuisvesting en het Uitvoeringsplan Studentenhuisvesting. De vergroting van het aanbod, de betaalbaarheid en de leefbaarheid van wijken zijn thema’s waarover afspraken zijn gemaakt.

doelgroepen in de middeldure huursector in (nieuwbouw-) projecten en waar mogelijk ook in bestaande bouw. Al deze experimenten worden tijdig geëvalueerd, waarbij ook het effect op de positie van andere woningzoekenden in onze stad betrokken wordt. § Sociale stijgers: We gaan werken aan een regeling die het mogelijk moet maken om een specifieke groep bewoners (sociale stijgers) voorrang te geven op een woning in de wijk waarin ze op dat moment wonen.

§ Jongeren: Rotterdam wil jongeren een goede start op de woningmarkt geven. Daarom maken we afspraken met de corporaties om het aanbod van betaalbare woningen te vergroten door met name meer woningen in de bestaande bouw te labelen voor jongeren. § Maatschappelijke beroepsgroepen: We experimenteren met manieren om deze beroepsgroepen te helpen bij het vinden van huisvesting. We maken afspraken met marktpartijen en stimuleren hen om met oplossingen te komen voor huisvesting van deze

Rotterdamse Woonvisie

58

Ambitie 2040 Dit deel van de Rotterdamse Woonvisie richt zich op een inclusieve en toegankelijke woningmarkt met gelijke kansen voor alle Rotterdammers om een passende woning te vinden. De schaarste op de woningmarkt verzwakt de positie van huurders en leidt regelmatig tot misstanden. Rotterdammers worden bijvoorbeeld geconfronteerd met hoge huurprijzen in de particuliere sector, discriminatie en intimidatie. Sommige groepen in onze stad hebben moeite toegang te krijgen tot de woningmarkt. Vanuit de grondwet (artikel 22 lid 2) is zorgen ‘voldoende woongelegenheid’ een taak van de overheid. We stellen goede richtlijnen op voor het huren en verhuren van woningen en zetten voort wat we al hebben bereikt in het kader van het Actieplan Goed Huren en Verhuren. Met behulp van nieuwe en bestaande regelgeving blijven we ons inzetten om misstanden op de woningmarkt aan te pakken. Deze komen niet alleen voor op de particuliere huurmarkt, maar ook in de koopsector. Denk aan overbieden. Hoewel we op gemeentelijk niveau nu nog geen specifieke maatregelen hebben, worden deze problemen landelijk wel al aangepakt, zoals met de invoering van verplichte biedlogboeken.

§

§

Landelijke en lokale spelregels worden gerespecteerd en er is sprake van goed (ver)huurderschap, met zo min mogelijk misstanden en een stabiele relatie tussen huurder en verhuurder. Elke Rotterdammer heeft toegang tot en eerlijke kansen op een woning op de huurmarkt. De huurwoningmarkt in onze stad is inclusief, onze stad is voor iedereen en discriminatie wordt op geen enkele grond geaccepteerd.

7. Pijler 4

Betere positie Rotterdammers op de woningmarkt Rotterdamse Woonvisie

59

1 In Rotterdam respecteren de huur-en koopsector de landelijke en lokale spelregels. Wat is de opgave? Vanwege woningschaarste maken sommige verhuurders misbruik van de situatie, zoals het vragen van te hoge huurprijzen, servicekosten, inschrijfgelden en borgsommen. De gemeente neemt als marktmeester actie om de positie van Rotterdamse huurders te beschermen. We informeren huurders en verhuurders over de regels van goed huren en verhuren, we werken samen met de branche aan goed verhuurderschap, lobbyen waar nodig voor aanvullende wetten en regels en handhaven de bestaande regels. Particuliere verhuurders spelen ook een essentiële rol bij het verlichten van de woningnood. Niet iedereen kan of wil een huis kopen. Particuliere huur kan een snelle oplossing bieden, maar of huurders nu bij een woningcorporatie of een particuliere verhuurder huren, zij hebben recht op een verhuurder die zich aan de regels houdt. Omgekeerd hebben verhuurders recht op goede huurders. Beide partijen dragen bij aan het verbeteren van de positie van Rotterdamse huurders op de woningmarkt.

Doelen voor 2030: 1. Het overgrote deel van de verhuurders houdt zich aan de regels voor goed verhuurderschap (gebaseerd op de Wet goed verhuurderschap en de Rotterdamse Regels voor Goed Verhuurderschap). Uitbuiting, illegale verhuur en onderverhuur worden hard aangepakt. 2. We reguleren vakantieverhuur om zoveel mogelijk woningen beschikbaar te houden voor permanente bewoning.

Rotterdamse Woonvisie

60

Doel 1

Het overgrote deel van de verhuurders houdt zich aan de regels voor goed verhuurderschap. (gebaseerd op de Wet goed verhuurderschap en de Rotterdamse Regels voor Goed Verhuurderschap). Uitbuiting, illegale verhuur en onderverhuur worden hard aangepakt.

Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § We maken effectief gebruik van bestaande en toekomstige instrumenten om goed huren en verhuren te bevorderen en te bewaken. Met de invoering van de Wet goed verhuurderschap is toezicht en handhaving van de algemene verhuurregels een wettelijke verplichting voor gemeenten geworden. Met als doel dat verhuurders zich houden aan de regels voor goed verhuurderschap, gebaseerd op de Wet goed verhuurderschap en de Rotterdamse Regels voor Goed Verhuurderschap. § We hebben een Meldpunt Ongewenst Verhuurgedrag opgericht, waarbinnen meldingen binnen de gestelde termijnen adequaat worden afgehandeld. § In de wijk Carnisse wordt een pilot uitgevoerd voor redelijke huurprijzen, waarbij verhuurders verplicht worden om hun huurprijzen te conformeren aan het Woningwaarderingsstelsel via de verhuurvergunning woonruimte.

§ We lobbyen bij het Rijk voor de Wet Betaalbare huur, op basis waarvan wij stadsbreed kunnen handhaven. Hetzelfde geldt voor het wetsvoorstel Wet vaste huurcontracten. Met het wijzigen van het Burgerlijk Wetboek en de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek, worden tijdelijke huurcontracten voor zelfstandige woonruimten afgeschaft. § We gaan door met het uitvoeren van het Actieplan Goed Huren en Verhuren. We blijven onze rol als marktmeester vervullen door informatie en voorlichting te verstrekken over goed huren en verhuren, aan zowel huurders als verhuurders: wat zijn hun rechten en plichten, en welke route moet belopen worden als er sprake is van een misstand. § We onderzoeken de mogelijkheid van een meldpunt voor verhuurders om misstanden met betrekking tot huurders te melden, en we overwegen de invoering van een keurmerk voor goede verhuurders. § We dagen stakeholders uit om ons te helpen bij het verwezenlijken van de doelen. We streven met belanghebbenden als Platform Particuliere Verhuurders Rotterdam (PPVR), huurdersorganisaties en brancheverenigingen gezamenlijk naar intentieovereenkomsten en afspraken over diverse onderwerpen, waaronder goed huren en verhuren, verduurzaming en het efficiënter benutten van bestaande woningvoorraad. We onderhouden en intensiveren het contact met deze partijen.

Op deze manier kunnen er nieuwe mogelijkheden ontdekt worden om de positie van de Rotterdammer op de verhuurmarkt te verbeteren.

Rotterdamse Woonvisie

61

Doel 2

We reguleren vakantieverhuur om zoveel mogelijk woningen beschikbaar te houden voor permanente bewoning. Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § We pakken op basis van de Wet toeristische verhuur excessen aan door streng toezicht en passende sancties te hanteren bij verandering van woonfunctie. Wanneer gebouwen met een woonfunctie worden gebruikt voor andere doeleinden, reguleren we dit. Op dit moment is een maximum van 60 dagen per jaar is toegestaan. We blijven de ontwikkelingen op dit gebied nauwlettend volgen. Indien nodig, zullen we de regulering aanscherpen.

Rotterdamse Woonvisie

62

2 Eerlijke kansen op een woning Wat is de opgave? Iedereen moet toegang hebben tot goede en betaalbare woningen, maar discriminatie en intimidatie op de (huur)woningmarkt zijn een dringend probleem. Diverse studies bevestigen dat discriminatie op de woningmarkt voorkomt en problematisch is. Een landelijk onderzoek uit 2021, uitgevoerd door het antidiscriminatiebureau RADAR en kenniscentrum Art.1, wijst uit dat etniciteit een rol speelt bij de selectie van huurders. Mensen met een ‘niet-Nederlands klinkende’ (achter)naam hebben minder kans om uitgenodigd te worden voor bezichtigingen dan personen met een ‘oorspronkelijk Nederlands klinkende’ naam. Dit probleem speelt ook in Rotterdam. Uit een onderzoek van Verwey Jonker uit 2022, blijkt dat verhuurders hun huurders vaak subjectief selecteren en dat sommige makelaars ingaan op discriminerende verzoeken van een verhuurder. Bovendien hebben de Stadsgesprekken in het kader van het actieplan ‘Samenleven in een Stad 2023-2026’ aangegeven dat de toegankelijkheid van de huurwoningmarkt verbeterd en gewaarborgd moet worden. Rotterdam is een stad voor iedereen. Daarom moeten we ons inzetten voor een inclusieve woningmarkt.

”Ik juich de Wet Goed Verhuurderschap toe! Een belangrijke stap om problemen aan te pakken.”

Doelen voor 2030: 1. In Rotterdam is geen ruimte voor racisme of discriminatie op welke grond dan ook. Op de huurwoningmarkt vindt geen discriminatie of intimidatie plaats. 2. Toewijzing van woningen (zowel huur als koop) geschiedt transparant en objectief.

Rotterdamse Woonvisie

63

Doelen 1 + 2

In Rotterdam is geen ruimte voor racisme of discriminatie op welke grond dan ook. Op de huurwoningmarkt vindt geen discriminatie of intimidatie plaats. Toewijzing van woningen (zowel huur als koop) geschiedt transparant en objectief.

Concrete maatregelen voor de komende 5 jaar § We hebben het Meldpunt Ongewenst Verhuurgedrag opgericht, waar huurders terecht kunnen met signalen en klachten over ongewenst gedrag van verhuurders en/of verhuurbemiddelaars,over discriminatie en/of intimidatie. Dit meldpunt is ook beschikbaar voor arbeidsmigranten, woningzoekenden, omwonenden en anderen. Via dit meldpunt bieden we ook hulp in concrete situaties en verwijzen we woningzoekenden indien nodig door naar bevoegde instanties. § We voeren toezicht en handhaving uit op basis van de binnengekomen signalen. Voordat we handhavingsbesluiten nemen, doen we grondig onderzoek met hoor- en wederhoor. We hanteren een beoordelingsmodel dat we afstemmen met verhuurders en/of verhuurbemiddelaars. § We zorgen voor een objectief en transparant verhuurproces. We informeren en voeren bewustwordingsgesprekken met particuliere verhuurders en/of verhuurbemiddelaars over het vermijden van discriminatie op basis van vooroordelen en stereotypen bij woningtoewijzing. Bijvoorbeeld op basis van huidskleur, etnische achtergrond, gender, seksuele geaardheid of een beperking. § We zijn de spil tussen verhuurders en marktpartijen die het verhuurproces willen objectiveren.

Met de pilot Eerlijk te Huur, een aanbodplatform dat een objectief en transparant verhuurproces garandeert, zetten we stappen in de richting van het afdwingen van objectieve selectiecriteria om discriminatie op de huurwoningmarkt uit te bannen. § We voeren voortdurend onderzoeken en praktijktesten uit. We blijven actief huurders en verhuurders informeren over hun rechten, plichten en verantwoordelijkheden, zowel via het Actieplan Goed Huren en Verhuren als door middel van stadsbrede communicatiecampagnes en sociale media. Vanuit het (concept) Actieplan Samenleven voeren we acties uit, zoals praktijktesten en ‘mystery guest’-onderzoeken bij woningverhuur. We gaan in gesprek met bemiddelaars en verhuurders bij vermoedens van discriminatie en dragen bij aan mogelijke oplossingen. Rotterdamse Woonvisie

64

Deze Rotterdamse Woonvisie is een stedelijke visie. Veel doelen en maatregelen gelden voor de hele stad. Tegelijkertijd realiseren we ons dat sommige maatregelen niet in ieder gebied op dezelfde manier kunnen worden ingezet. Het is afhankelijk van de woningvoorraad, bevolkingssamenstelling en specifieke kenmerken van een gebied of wijk welke maatregelen wenselijk of nodig zijn in een gebied. Daarmee proberen we recht te doen aan de verschillen in de stad. Stadsbreed beleid wordt verder vertaald naar een praktische aanpak per wijk (maatwerk) en vice versa. Dit gebeurt in samenspraak met alle relevante partijen. Waar nodig werken we aan een gebiedsgerichte uitwerking van de Woonvisie die we onderdeel maken van integrale plannen voor wijken. Binnen het NPRZ zijn dat bijvoorbeeld de handelingsperspectieven per wijk, waar we de doelen voor doelgroepen en prijssegmenten vertalen naar de nieuwbouwprogrammering in gebieden. Voor de verschillende woonmilieus of clusters van gebieden zijn de volgende onderwerpen in ieder geval belangrijk: §

De kleine kernen Hoek van Holland, Rozenburg, Pernis en Heijplaat: zij functioneren als woningmarkt meer op zichzelf. Het toevoegen van woningen voor jongeren en ouderen is belangrijk, ook voor een betere doorstroming. Goede groei betekent onder andere aandacht voor behoud van het dorpse karakter en het op peil houden van het voorzieningenniveau.

8.

Gebiedsgerichte uitwerking Rotterdamse Woonvisie

65

§

Groenstedelijke wijken, zoals Zuidwijk, Pendrecht, Lombardijen, Lage Land, Ommoord en Schiebroek: er liggen hier kansen voor verdichting binnen de bestaande wijken en uitbreiding van woongebieden door bijvoorbeeld transformatie van kantoorlocaties, zoals Brainpark. Daarnaast bieden deze wijken kansen in het beter benutten van de bestaande voorraad zoals optoppen of woning delen. Veel wijken hebben een eenzijdige woningvoorraad. In deze wijken zetten we in op meer verscheidenheid. In een deel van deze gebieden speelt ook het stimuleren van doorstroming van ouderen een belangrijke rol, bijvoorbeeld met de bouw van nieuwe woon-zorgcomplexen.

§

Centrum en ov-knooppunten: de uitdaging zit vooral in de verdichting in combinatie met goede groei (gebalanceerde menging van wonen, werken, voorzieningen en openbare ruimte). Voor de ov-knooppunten zoals Alexanderknoop, Kralingse Zoom/Brainpark en Zuidplein (Oostflank) is het doel te komen tot meer levendige, aantrekkelijke en gemengde gebieden. Hier liggen eveneens kansen voor het toevoegen van betaalbare woningen voor bijvoorbeeld studenten, starters en ouderen. Betaalbaarheid speelt in het centrum (de binnenstad en Kop van Zuid/Katendrecht) ook een belangrijker rol. We stimuleren particuliere ontwikkelingen tot toevoegen van een groter aandeel betaalbare woningen.

§

Stadswijken, zoals Feijenoord, Carnisse, Oude Noorden, Crooswijk en Bospolder-Tussendijken: dit zijn in het algemeen geliefde woonwijken waar – meer dan in andere delen van de stad – de volgende problemen spelen: verouderd corporatie en particulier woningbezit, veel kleine woningen, weinig (betaalbare) woningen voor gezinnen en een groot tekort aan ouderenwoningen. De aanpak particuliere woningverbetering en ook de aanpak goed huren en verhuren moet zich met voorrang op deze wijken richten. De focuswijken Stedelijke Vernieuwing hebben een speciale positie binnen de stadswijken. Hier is sprake van een concentratie van kwetsbare groepen. Er ligt hier daarom een extra grote opgave in het toekomstbestendig houden van de woningvoorraad en het verbeteren van de leefbaarheid. Door het faciliteren van sociale stijgers kan worden voorkomen dat deze groep vertrekt. Voor de focuswijken Stedelijke Vernieuwing biedt het Uitvoeringsplan NPRZ 2023-2027 een belangrijk kader.

Per gebied of wijk wordt de afweging gemaakt welke maatregelen worden ingezet . Dit doen we samen met de bewoners en andere stakeholders in de wijk op basis van actuele data. De afweging wordt onder andere gemaakt op basis van input uit de omgevingsvisie, de gebiedsatlas en woningdifferentiatie per wijk.

Rotterdamse Woonvisie

66

De Woonvisie bevat een divers pakket aan concrete maatregelen voor de komende 5 jaar. Het zijn zowel nieuwe maatregelen, als maatregelen waarvoor al eerder middelen zijn vrijgemaakt. In deze paragraaf lichten we toe hoe de maatregelen uit de Woonvisie gefinancierd (gaan) worden. En wat daarbij de risico’s zijn. Financiën Voor een deel zijn de benoemde maatregelen financieel geregeld en worden ze ook al uitgevoerd. Denk bijvoorbeeld aan lopende werkzaamheden die binnen bestaande capaciteit kunnen worden uitgevoerd, of waarvoor in een eerdere fase al middelen voor zijn vrijgemaakt. Zoals voor de uitvoering van de Basisaanpak in de particuliere voorraad en de nieuwbouw van 3.500-4.000 woningen per jaar. Deels zijn er voor de koerswijzigingen al extra financiële middelen geregeld via het coalitieakkoord en de begroting, zoals: § € 25 mln. voor verhoging van het aandeel betaalbare woningen naar 55%. § het budget voor doorbouwakkoord (vooral geld voor nieuwbouw) § de € 80 mln. voor de pijler wonen (aanpak woningen en woonomgeving) binnen het NPRZ. § het programma goed huren en verhuren. Voor verduurzaming van de woningvoorraad zijn vanuit het KAR en Weerwoord eveneens middelen voor subsidies en ondersteuning beschikbaar.

9.

Een groot deel van de maatregelen wordt ook door andere partijen opgepakt, zoals hogere overheden, corporaties, marktpartijen en Rotterdammers. Regulering en aanpassing van wetgeving, de bouw van nieuwe woningen en de verduurzaming van de woningvoorraad zijn daar voorbeelden van.

Financiën en risico’s Rotterdamse Woonvisie

67

Een deel van de maatregelen betreft intensivering van lopende programma’s of extra/nieuwe inzet om doelen te behalen. Willen we problemen op de woningmarkt echt aanpakken, dan zijn daar middelen van alle partijen voor nodig, dus ook van de gemeente. Gezien de huidige, financieel lastige, tijden is dit een enorme uitdaging. De Woonvisie richt zich op een meerjarige aanpak om lange termijn doelen te bereiken. Dit vraagt om structurele dekking, maar in financieel lastige tijden past het ook om realistisch te zijn. Bovendien hoeft niet alles nu financieel geregeld te worden, het is immers een programma voor meerdere collegeperiodes. We zetten de huidige beschikbare middelen zo goed en efficiënt mogelijk in om stapsgewijs ontwikkelingen van de grond te krijgen. Ook verkennen wij de financiële mogelijkheden voor toekomstige maatregelen, zodat benodigde middelen eventueel in de toekomst in de begroting kunnen worden gezocht of middelen vanuit het Rijk ingezet kunnen worden. Omdat maatregelen alleen uitgevoerd kunnen worden als deze financieel zijn gedekt is het belangrijk hier transparant over te zijn. Zo wordt voorkomen dat verwachtingen worden gecreëerd die mogelijk niet waargemaakt kunnen worden. Onderstaand overzicht geeft per maatregel weer of deze al gedekt is via lopende of eenmalige bijdragen, of dat daarvoor nog geen middelen beschikbaar zijn.

NB: Dit betreft alleen de aanpak tot 2030. Na 2030 rest nog een grote opgave in de bestaande voorraad, die niet financieel gedekt is. Hierover gaan we met het Rijk en andere samenwerkingspartners in gesprek. Financiën Woonvisie § Groen is gedekt (of deels gedekt) uit coalitieakkoord § Grijs is niet of grotendeels niet gedekt § Het overige betreft (gedeeltelijke) dekking vanuit reguliere middelen (gemeente en/of Rijk)

Pijler 1: Meer en betaalbare woningen Maatregel

Dekking

Toelichting

Richting 65% betaalbaar.

Dekking voor 55% betaalbaar vanuit het coalitieakkoord en de begroting van het doorbouwakkoord (in totaal € 56 mln.) tot 2026.

Vanaf 2026 ook een beroep op rijksmiddelen.

Streven naar de helft middenkoop in het middensegment .

Er zijn middelen vanuit het coalitieakkoord (€ 25 mln.) om het percentage middensegment te verhogen van 30% naar 35% tot 2026.

Bij nieuwe locaties kan meer middenkoop vanaf het begin worden meegenomen. Het actief herprogrammeren van middenhuurnaar koop in lopende projecten heeft mogelijk financiële consequenties die niet gedekt zijn.

Koopinstrumenten

Geen dekking

Uitvoering aan de markt

Handhaving huurprijzen bestaande particuliere huurvoorraad.

Handhaving op basis van nieuwe wetgeving uit rijksmiddelen (hoeveel is nog niet bekend). Handhaving in Carnisse is gedekt vanuit reguliere middelen.

In Carnisse is handhaving vanaf 1 januari 2024 mogelijk, op basis van de verhuurvergunning woonruimte.

Beter benutten bestaande voorraad.

Dekking voor hospitaverhuur, doorstroomcoach en kamerverhuur.

Er is geen dekking voor het opstellen van een kader en eventuele stimuleringsmiddelen (totale kosten 2 tot 4,5 mln. voor een periode van 5 jaar) om de stad uit te dagen in de bestaande voorraad meer woonruimte te maken.

Jaarlijkse start de bouw van 3.500 tot 4.000 woningen, waaronder jaarlijks 400 woningen voor studenten.

Er zijn middelen beschikbaar vanuit het programma stedelijke ontwikkeling.

Flexwoningen

Met het Rijk zijn afspraken gemaakt over de dekking van de onrendabele top.

Vanuit de garantieregeling met het Rijk is € 9 mln. beschikbaar.

Rotterdamse Woonvisie

68

Pijler 2: Toekomstbestendige vitale wijken Maatregel

Dekking

Gebiedsgerichte systeemaanpak

Er is geen integraal langdurig budget voor gebiedsaanpakken.

Programma particuliere voorraad: 3000 basis aanpak

Structurele middelen via begroting programma bestaande stad.

Programma particuliere voorraad: 1.000-2.000 grondige aanpak NPRZ

Deels gedekt. Gemeentelijke middelen beschikbaar voor NPRZ-gebied (circa € 50/55 mln. coalitieakkoord, vanuit € 80 mln. NPRZ).

Aanpak voor niet onderheide panden

Geen dekking.

Proceskosten voor het gesprek met bewoners en eigenaren in Bloemhof zijn gedekt vanuit NPRZ budget.

Toezicht en handhaving

Dekking voor intensieve en integrale achter de voordeur aanpak in de wijken Bloemhof, Carnisse, Hillesluis en Tarwewijk voor 2024 en 2025 vanuit de Regiodeal NPRZ.

Inzet na 2025 verdient aandacht, geen duidelijkheid over middelen en capaciteit.

Informeren bewoners over belang van goede ventilatie.

Lopend. Dekking via reguliere middelen.

Toelichting

In 2024 duidelijkheid over cofinanciering vanuit het Volkshuisvestingsfonds 2e en 3e tranche. Gesprekken over mogelijke inzet corporaties lopen. Start lobby Oud Mathenesse voor aanvullende rijksmiddelen.

In beeld brengen problematiek kwaliteit Lopend. Dekking via programma van woningen en welke aanpak dit vergt. aanpak Particuliere voorraad. Prestatieafspraken corporaties aanpak EFG labels

Lopend. Dekking via woningcorporaties.

Afspraken met het PPVR over energiebesparende maatregelen.

Lopend. Dekking via reguliere middelen.

37.000 woningen aardgasvrij

Lopend. Rijksmiddelen en eenmalige middelen voor de lopende aanpakken aardgasvrij.

Voor de resterende 40.000 aansluitingen nieuwe verkenningen starten

Geen dekking.

Programma particuliere voorraad; 10.000 tot 2030 (dus 8.000 - 9.000 extra).

Geen dekking

Afspraken woningcorporaties over bijdrage aan aanpak particuliere voorraad.

Geen dekking

Verkennen vangnet voor niet-kunners.

Lopend. Nu verkennen binnen huidige middelen.

Uitvoering vergt mogelijk risicoreservering.

Intensivering adviesloket VVE 010

Woningdifferentiatie binnen het NPRZgebied

Deels gedekt. Gemeentelijke middelen beschikbaar voor NPRZ-gebied (circa € 50/55 mln. coalitieakkoord, vanuit € 80 mln. NPRZ).

In 2024 duidelijk of cofinanciering mogelijk is vanuit Volkshuisvestingsfonds 2e en 3e tranche.

Lopend. Dekking via Duurzaamheidstransitiebudget (DTB) en middelen Aanpak basiskwaliteit.

Energiearmoede aanpakken; benutten rijksmiddelen.

Lopend. Dekking via rijksmiddelen

Gebiedsgerichte aanpakken isolatie.

Gedekt uit onder meer Weerwoord. Rotterdam Gaat voor Groen: binnen NPRZ extra middelen uit coalitieakkoord, van € 80 mln. voor Pijler wonen ca € 15-12 mln. voor buitenruimte (incl mobiliteit).

Slim combineren van diverse gemeentelijke thematische budgetten.

Lopend. Dekking via rijksmiddelen en DTB.

We verkennen mix van doelgroepen in wooncomplexen.

Lopend. Dekking via reguliere middelen.

Impuls in kwaliteit inrichting woonomgeving

Verkennen aanpak beheerstructuur VvE’s

Lopend. Dekking via reguliere middelen.

Funderingsloket; de Rotterdamse funderingsaanpak

Lopend. Structurele dekking voor huidige aanpak.

Minimaal € 600-700 mln. nodig (€ 100.000 per woning). Lobby voor nieuwe rijksmiddelen. In gesprek met corporaties en met het Rijk. Mogelijk onderdeel van aanvraag 3e tranche Volkshuisvestingsfonds.

Pas starten met nieuwe aanpakken aardgasvrij als middelen van externe partijen beschikbaar zijn.

Verkennen voorrang aan sociale stijgers. Lopend. Dekking via reguliere middelen

Evaluatie van de huidige aanpak vindt plaats. Dekking voor het eventueel opschalen van de aanpak is er niet.

Onderzoeken uitbreiding van de referentiewaarden met “zachte” voorzieningen.

Lopend. Dekking via reguliere middelen

Collectieve woonvormen.

Dekking via coalitieakkoord (€ 1 mln. 2024, € 1,2 mln. 2025 en € 1,4 mln. 2026).

Rotterdamse Woonvisie

69

Pijler 3: Aandachtsgroepen

Pijler 4: Betere positie Rotterdammers op de woningmarkt

Maatregel

Dekking

Maatregel

Dekking

Uitvoering PvA Kwetsbare Rotterdammers en Op weg naar herstel en thuis.

Lopend. Dekking via ‘Op weg naar herstel en thuis’.

Afspraken in de regionale woonzorgvisie (waaronder inzicht in kwalitatieve en kwantitatieve opgave voor geclusterde woonvormen en zorgwoningen).

Lopend. Ook voor onderzoek woonzorganalyse.

Alle verhuurders houden zich aan de algemene regels voor goed verhuurderschap (inclusief het meldpunt ongewenst verhuurgedrag).

Lopend. Structureel € 500.000,Dekking is structureel geregeld voor rijksmiddelen. de aanpak Goed Huren en Verhuren. Compensatie vindt gedeeltelijk plaats via het Gemeentefonds.

Ontwikkelen nieuwe woonzorgcombinaties en stimuleren collectieve woningaanpassingen.

Lopend. Vanuit Actieagenda Ouderen o.a. 10 woonzorgconcepten en 14 thuisplusflats.

Contact onderhouden en intensiveren met relevante stakeholders.

Lopend. Dekking vanuit het budget Actieplan Goed Huren en Verhuren.

Stimuleren doorstroming ouderen.

Lopend. Via maatregelen Actieagenda Ouderen; o.a. seniorenmakelaar en doorstroming midden/hoger segment.

Op basis van de Wet toeristische verhuur de excessen aanpakken.

Lopend.

Faciliteren van een objectief en transparant verhuurproces.

Dekking voor een stadsbrede pilot die per 1 sept 2023 is gestart, voor een bedrag van 34.000 euro vanuit het Actieplan Goed Huren en Verhuren,

Het informeren van (ver)huurders en het blijven uitvoeren van onderzoeken en praktijktesten, inclusief opvolgende gesprekken met verhuurders/bemiddelaars,

Lopend. Structurele dekking vanuit zowel Actieplan Goed Huren en Verhuren als het Actieplan Samenleven .

Beschikbaar houden en inzichtelijk maken aangepaste (rolstoel) woningen.

Lopend. Dekking via reguliere middelen.

Woonwagenbewoners: uitbreiding woonwagenplaatsen.

Geen dekking voor de uitbreiding van woonwagenplaatsen.

Arbeidsmigranten: handhaving.

Lopende inzet op Goed huren en verhuren gedekt.

Studentenhuisvesting: meer studentenwoningen.

Zie maatregel pijler 1 (jaarlijkse bouw van 400 studentenwoningen)

Jongerenhuisvesting: afspraken met corporaties om jongerenwoningen te labelen, zodat er aanbod blijft voor jongeren.

Lopend. Gedekt via reguliere middelen.

Voorrangsregelingen voor: - Beroepsgroepen via experimenten - Sociale stijgers om met voorrang een woning in de eigen wijk te vinden

Gedekt via reguliere middelen rondom Woonruimteverdeling.

Toelichting

€ 5 mln. tot en met 2025, structureel € 6 mln. vanaf 2026.

Rotterdamse Woonvisie

70

Risico’s en beheersmaatregelen De opgaven op het gebied van wonen zijn talrijk. Bovendien heeft de gemeente maar op een beperkt deel invloed en is zij in grote mate afhankelijk van de inzet van samenwerkingspartners. Enkele belangrijke risico’s zijn daarom: § Voor de uitvoering van maatregelen zijn we voor een groot deel afhankelijk van andere partijen, zoals de daadwerkelijke bouw van betaalbare woningen of de verduurzaming van de woningvoorraad. § Bij enkele maatregelen zijn we afhankelijk van nieuwe wet- en regelgeving. Door aankomende Tweede Kamerverkiezingen eind november 2023 zijn de toekomstige landelijke koers en voornemens op wetswijzigingen onzeker. § Door een onverwacht hogere groei van de bevolking (bijvoorbeeld als gevolg van migratie) en oplopende druk op de woningmarkt kan, in combinatie met bezuinigingen in de zorg, de huisvesting van aandachtsgroepen nog verder onder druk komen te staan. § Er bestaat onzekerheid rondom de dekking van enkele grote opgaven. Het risico bestaat dat middelen niet op tijd geregeld worden, dan wel anders geprioriteerd. Bijvoorbeeld voor het beter benutten of het aanpakken van de bestaande voorraad. Mochten ook externe rijksmiddelen niet beschikbaar komen, dan zal opnieuw gekeken moeten worden of doelen haalbaar zijn. § Politiek-bestuurlijke prioriteiten kunnen gedurende de looptijd van de Woonvisie wijzigingen.

Dit heeft mogelijk impact op de consistentie van het woonbeleid en kan daarmee van invloed zijn op de bereidheid van investerende partijen in de stad.

Voor de bovengenoemde risico’s nemen we een aantal beheersmaatregelen. Ten eerste monitoren we de maatregelen tweejaarlijks. Dit levert informatie op over de haalbaarheid van doelen en kan leiden tot voorstellen voor bijsturing. Daarnaast zijn we blijvend in gesprek met partijen in de stad over inspanningen en de uitvoering van maatregelen, bijvoorbeeld bij de Prestatieafspraken en het Doorbouwakkoord. Deze afspraken monitoren we en hier rapporteren we over aan de gemeenteraad. Afsluitend is het risico met betrekking tot financiële dekking van maatregelen aanwezig. Mocht het niet lukken op tijd financiële middelen te vinden, dan is prioritering en het mogelijk bijstellen van doelen noodzakelijk.

Rotterdamse Woonvisie

71

Participatie bij totstandkoming Woonvisie; een visie tot stand gekomen met de Rotterdammer We streven naar een visie waarin alle Rotterdammers zich herkennen en waarin ook oplossingen en ideeën van de Rotterdammers terug te zien zijn. Om de vele stemmen van de stad in de visie een plek te geven, zijn we met de stad in gesprek gegaan. Dat hebben we op verschillende manieren aangepakt, zoals met dialoogtafels en gesprekken met Rotterdammers. Oplossingsgerichte dialoogtafels We hebben niet alle Rotterdammers individueel gesproken. Via gesprekken hebben we zoveel mogelijk de onderliggende belangen die Rotterdammers hebben over wonen in kaart gebracht. Op basis van deze gesprekken hebben we personen uitgenodigd die met elkaar aan zogeheten ‘dialoogtafels’ aan oplossingen hebben gewerkt. Deze personen verschillen in leeftijd, afkomst, opleidingsniveau en beroep, maar ze delen allemaal een diepgaande betrokkenheid bij onze stad. Ze vertegenwoordigen de belangen van bijvoorbeeld senioren, jongeren, studenten, organisaties voor kwetsbare doelgroepen, huurders in de sociale huursector, huurders in de vrije sector, particuliere verhuurders, woningcorporaties, projectontwikkelaars, bewonersgroepen en particuliere woningeigenaren. Dit heeft geresulteerd in 56 deelnemers aan vijf tafels over verschillende thema’s. Aan iedere tafel zijn per thema vier tot vijf gedragen adviezen geformuleerd.

Deze adviezen zijn opgenomen in de bijlage ‘Participatieverslag’ met een toelichting of en hoe ze zijn verwerkt in de Woonvisie.

10.

Samenwerken aan de opgaven in de stad Rotterdamse Woonvisie

72

Gesprekken met de Rotterdammers van nu en van de toekomst We hebben meerdere instrumenten ingezet om Rotterdammers mee te laten denken over het wonen in Rotterdam, zoals: § Een middag met de kinderraadsleden praten over de wensen van toekomstige generaties. § Het vragenspel ‘De Middenweg’ met jongerenplatform Roffa Takkies en AIR; een gesprek tussen Rotterdamse jongeren en professionals over wonen in Rotterdam. § Online en straatenquête afnemen onder alle Rotterdammers. § Bijeenkomsten organiseren met de wijkraden over adviezen van huidige bewoners. Op deze manier hebben we meningen en adviezen van de mensen in de wijken maar ook van toekomstige woningzoekenden kunnen horen.

Samenwerken aan de uitvoering; innovatie en uitdaging De woningmarkt is complex en het oplossen van de opgaven kunnen we niet alleen. Dit vergt een samenspel met veel betrokken partijen zowel landelijk, regionaal als met partijen binnen de stad. Van bewoners tot marktpartijen, van kennisinstellingen tot Rijksoverheid. We nemen zelf regie waar nodig en sturen daarbij actief op het behalen van doelen. Hierbij dagen we partijen in de stad uit om met (praktische) innovaties te komen die het wonen in Rotterdam fijn en betaalbaar maken én houden. We geven uitdrukkelijk ruimte aan innovatie en vernieuwing, van instrumenten tot de manier van woningbouw en vormen van samenwonen waar we nu nog niet aan denken. We zetten ons Rotterdams DNA van innovatie en doorpakken volop in om dat te bereiken.

Daarnaast hebben we professionele partijen geraadpleegd om mee te denken zoals Platform Ontwikkelen Rotterdam (POR) de Rotterdamse woningcorporaties en huurdersorganisaties. Alle output van de verschillende vormen van participatie is terug te vinden in het participatieverslag. Uiteraard eindigt het gesprek over wonen in Rotterdam niet bij de vaststelling van deze Woonvisie. Ook in de komende jaren is een continue dialoog nodig met onze belangrijkste partijen in de stad. Dat werken we de komende periode verder uit. We denken aan het beter benutten van de bestaande overleggen, betrekken van huidige en toekomstige bewoners bij de gebiedsgerichte uitwerking en samen op te trekken met stakeholders bij de tweejaarlijkse monitoring.

Rotterdamse Woonvisie

73

Verantwoording van cijfers en data De opgaven in deze Woonvisie zijn gebaseerd op cijfers vanuit verschillende bronnen: het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het onderzoeksbureau van de gemeente OBI (Onderzoek en Business Intelligence), landelijke monitors en onderzoeken waarvoor de gemeente opdracht heeft gegeven, zoals het Realstats onderzoek naar de particuliere verhuurmarkt. Omdat er een combinatie van bronnen is gebruikt, kunnen er onderling verschillen zijn in de aantallen of prognoses. Het gebruik van cijfers suggereert bovendien een bepaalde nauwkeurigheid in de data. Dit terwijl er vaak sprake is van onzekerheid en bandbreedtes. We duiden in deze Woonvisie daarom de onderlinge verschillen tussen bronnen en geven duidelijk aan waar eventuele onzekerheden of bandbreedtes in de data zitten. Ook geven we aan op welke onderwerpen we monitoren en op welke manier. We gebruiken deze data om een beeld te vormen van de woningmarkt op hoofdlijnen in trends en ontwikkelingen, en minder om in detail voorspellingen of uitspraken te doen. De wereld verandert snel en daarom is een actuele duiding van de feiten en cijfers nodig. Deze Woonvisie biedt deze duiding zo goed mogelijk. Wel geldt dat grote ontwikkelingen, zoals migratie en economische veranderingen, een onzekere factor vormen waardoor het doen van voorspellingen over de woningmarkt lastig is.

Dit geven we zo goed mogelijk aan. Daarnaast willen we als gemeente weten wat er leeft in de stad en staan we in contact met verschillende belanghebbenden. Zij hebben aangegeven het belangrijk te vinden dat de duiding van data transparant is en dat keuzes die worden gemaakt in de Woonvisie onderbouwd worden. Hier geven we invulling aan in deze Woonvisie.

11.

Verantwoording en monitoring

Tot slot is het belangrijk te vermelden dat delen van de woningmarkt lastig tot niet in data te vatten zijn, doordat er niet altijd betrouwbare of representatieve informatie beschikbaar is. Dit is bijvoorbeeld het geval voor een groot deel van de particuliere sector. Onderzoeken zoals dat van Realstats geven een eerste indicatie, maar kunnen niets zeggen over het geheel van de particuliere verhuurmarkt. Rotterdamse Woonvisie

74

Monitoring en evaluatie: rapportage over de Woonvisie Iedere twee jaar brengen wij een Voortgangsrapportage uit over de Rotterdamse Woonvisie. Deze rapportage beschrijft trends en ontwikkelingen, die van invloed zijn op de doelstellingen van het programma. Denk hierbij aan bevolkingsgroei en -samenstelling, ontwikkeling op de koop- en huurmarkt, landelijke regelgeving, et cetera. Daarnaast bevat de rapportage een monitor van de belangrijkste maatregelen uit het uitvoeringsprogramma: Welke resultaten zijn bereikt? Welke lopen op schema? Waar is mogelijk vertraging ontstaan? Ook de financiële risico’s worden hierin benoemd. Uiteraard komen er tussentijds frequentere deelrapportages van specifieke onderdelen, zoals NPRZ. Alle cijfers in de Voortgangsrapportage hebben 1 januari als peildatum. Omdat sommige onderliggende gegevens met vertraging van enkele maanden beschikbaar komen, verschijnt de rapportage in het najaar. Waar mogelijk of noodzakelijk, zullen wij in tekst wel relevante ontwikkelingen sinds 1 januari schetsen. In het voorjaar van 2024 ontwikkelen we een voorstel voor monitoring en de opzet van de voortgangsrapportage. De eerste voortgangsrapportage wordt in het najaar 2025 aan de gemeenteraad aangeboden.

Bij de tweede voortgangsrapportage (aan het einde van het vierde jaar van het uitvoeringsprogramma) vindt een uitgebreide evaluatie plaats, voorafgaand aan het nieuwe uitvoeringsprogramma voor de volgende vijf jaar. Dit doen we om te bepalen of de doelen nog steeds binnen handbereik zijn en aanvullende of andere maatregelen nodig zijn. En het is input voor een nieuw Uitvoeringsprogramma voor de komende vijf jaar.

Rotterdamse Woonvisie

75

Aandachtsgroepen: groepen mensen met minder slaagkans op de woningmarkt of die behoefte hebben aan specifieke zorg en ondersteuning. Aftoppingsgrens: de aftoppingsgrens is een begrip uit de huurtoeslagregelingen. Er zijn twee aftoppingsgrenzen: een lage voor éénpersoonshuishoudens en een hogere voor meerpersoonshuishouden. Over de huur boven deze grenzen wordt geen of relatief minder huurtoeslag gegeven. Ieder jaar worden deze grenzen door de Rijksoverheid vastgesteld. In 2023 is de lage grens € 647,19 en de hoge grens € 693,60 Betaalbaarheid: betaalbaarheid wordt vastgesteld door de verhouding te berekenen tussen wat een huishouden moet betalen aan huur en het verzamelinkomen van datzelfde huishouden. Betaalbare voorraad: het geheel van sociale en middeldure huur- plus koopwoningen tot de betaalbaarheidsgrens van de Rijksoverheid (€ 355.000 in 2023). Beschermd wonen: woningen waar 24 uur per dag bescherming en/of begeleiding is. Circulariteit: circulariteit gaat ervan uit dat producten van nu de grondstoffen zijn voor later: na gebruik kunnen producten gedemonteerd worden en de materialen opnieuw worden gebruikt. Circulariteit gaat dus uit van een wereld zonder afval. CPO: bij collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) ontwikkelt een groep burgers samen hun woningen.

Collectieve woonvorm: een woonconcept waarbij mensen meer samenleven en elkaar ontmoeten dan in een gewone woonstraat of wooncomplex. Bijvoorbeeld omdat ze voorzieningen delen, of gezamenlijk hun woningen ontwikkelen. DAEB/ niet DAEB: diensten van algemeen economisch belang (zoals in de Woningwet omschreven). Tot het DAEB-bezit van woningcorporaties behoren sociale huurwoningen, bepaald maatschappelijk vastgoed en specifieke diensten voor de leefbaarheid. Tot het niet DAEB-bezit behoort de verhuur van middeldure en hoger segment huurwoningen, of van commercieel vastgoed zoals een winkelcentrum. Doelgroepenverordening: met een doelgroepenverordening kan de gemeente in een bestemmingsplan (omgevingsplan) voor nieuwbouwwoningen vastleggen of deze tot een woningbouwcategorie moeten behoren. Denk aan sociale huur, middenhuur of betaalbare koop. De regels voor instandhouding in een prijssegment staan wel in de doelgroepenverordening, toewijzing aan doelgroepen wordt er niet in geregeld. Dat gebeurt via een andere verordening.

12.

Afkortingen en begrippenlijst

Doorbouwakkoord: integrale set van 30 maatregelen ondertekend door 50 marktpartijen en 11 woningbouwcorporaties waarin zij afspreken hoe ze de komende jaren door blijven bouwen. Doorstromen/doorstroming: verhuizen naar een andere woning waarbij een (zelfstandige) woning wordt achtergelaten. Die woning kan dan opnieuw verhuurd of verkocht worden.

Rotterdamse Woonvisie

76

EU-doelgroep: het geheel van primaire en secundaire doelgroep. Ofwel

Middeninkomen: tot en met 2023 hanteerde Rotterdam een eigen definitie: een jaarinkomen

eenpersoonshuishoudens met een inkomen tot € 44.035 en meerpersoonshuishoudens met een

tussen 1 en 1,5 keer dat van de EU-doelgroep. In 2023 zijn dat eenpersoonshuishoudens tussen

inkomen tot € 48.625 (bedragen in 2023).

€ 44.035 en € 66.053 en meerpersoonshuishoudens tussen € 48.625 en € 73.938. Vanaf 2024

Flexwoningen: flexibele (veelal kleine) woonoplossingen die relatief snel en goedkoop kunnen

geldt de definitie uit het wetsvoorstel. Betaalbare huur: eenpersoonshuishoudens tussen € 44.035

worden gerealiseerd. Kenmerkend is het ‘tijdelijke karakter’ van de woning zelf, de bewoning of het

en € 57.573, meerpersoonshuishoudens tussen € 48.325 en € 76.764 (bedragen in 2023).

gebruik van een locatie waarop de woning wordt geplaatst.

MiVa woning: een woning die volledig is aangepast aan de behoeften van mensen met een

Geclusterde woonvormen: een woonvorm waarbij woningen in elkaars buurt worden gebouwd,

lichamelijke beperking, mensen in een rolstoel of andere zorgbehoevenden.

zodat voorzieningen gemakkelijk gedeeld kunnen worden.

Omgevingsvisie: een integrale langetermijnvisie van een bestuursorgaan voor de hele fysieke

Gereguleerde huur: tot inwerkingtreden van de wet Betaalbare huur zijn dit woningen

leefomgeving en haar grondgebied. De omgevingsvisie is – op basis van de Omgevingswet – een

met maximaal 148 punten in het Woningwaarderingsstelsel. Na inwerkingtreden van de wet

verplicht instrument voor het Rijk, de provincie en de gemeente.

Betaalbare huur vallen ook woningen tot maximaal 186 onder regulering.

Onzelfstandige woning: woonruimte die geen eigen toegang heeft en/of niet alle wezenlijke

Huisvestingsverordening: op grond van de Huisvestingswet kunnen gemeenten in geval

voorzieningen zoals keuken en sanitair. Er is dan vaak sprake van gedeelde voorzieningen.

van schaarste op de woningmarkt een Huisvestingsverordening vaststellen. In de Rotterdamse

Omgevingswet: de Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving.

Huisvestingsverordening wordt de toewijzing van sociale huurwoningen geregeld en wordt het

Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke

gebruik van de woningvoorraad gereguleerd.

ordening en natuur.

Institutionele beleggers: instellingen die door hun activiteiten de beschikking krijgen

Optoppen: een bestaand gebouw verhogen met één of meerdere bouwlaag/ bouwlagen.

over gelden die ze moeten beleggen. Deze activiteiten bestaan vooral uit het verzekeren van

Particuliere woningvoorraad: dat deel van de woningen in de stad die eigendom zijn

pensioenen en het aan particuliere beleggers bieden van mogelijkheden tot beleggen met een

van eigenaar-bewoners of verhuurders die geen woningcorporatie zijn. Dat kunnen zowel

gewenst risicoprofiel.

institutionele beleggers als kleine private beleggers zijn.

Kostendelersnorm: de kostendelersnorm betekent dat als je samenwoont met meer

Passend toewijzen: elke corporatie moet jaarlijks ten minste 92,5% van de vrijkomende sociale

volwassenen, de gemeente de bijstandsuitkering daarop aanpast. Hoe meer volwassen

huurwoningen toewijzen aan huishoudens van de primaire of secundaire doelgroep. De andere

personen in je huis wonen, hoe lager de uitkering. Niet alle huisgenoten tellen mee voor de

7,5% mogen ze vrij toewijzen.

kostendelersnorm.

Prestatieafspraken: afspraken tussen gemeente, corporaties en huurders-belangenorganisaties.

Kwaliteitskortingsgrens: de kwaliteitskortingsgrens is het bedrag tot waar

Het betreft afspraken over de uitvoering van het lokale woonbeleid, waarin de bijdrage van de

huurtoeslagontvangers een deel van de huurprijs voor 100% krijgen gecompenseerd door

corporaties aan het lokale woonbeleid wordt vastgelegd.

de overheid. Jongeren onder de 23 jaar krijgen alleen huurtoeslag voor woningen onder de

Primaire doelgroep: huishoudens met een inkomen tot aan de huurtoeslaggrens. Deze grens

kwaliteitskortingsgrens. In 2023 ligt de grens op € 452,20.

is afhankelijk van grootte en leeftijd van een huishouden. In 2023 liggen de grenzen voor

Liberalisatiegrens: maximale huurprijs van woningen met ten hoogste 148 punten in het

alleenstaanden op € 25.476 (€ 25.075 voor senioren) en voor meerpersoonshuishoudens op

Woningwaarderingsstelsel. In 2023 ligt deze grens op € 808,06. In het wetsvoorstel Betaalbare

€ 34.575 (€ 33.800 voor senioren). Deze huishoudens zijn aangewezen op de woningvoorraad

huur krijgt de liberalisatiegrens de naam ‘lage huurgrens’.

tot de aftoppingsgrens.

Maatschappelijke beroepsgroepen: beroepsgroepen die voorzien in een basisbehoefte van de

Referentiewaarden voorzieningen: geeft aan met hoeveel ruimte voor maatschappelijke

stad. Doorgaans worden hiermee leraren, politieagenten en mensen in de zorg bedoeld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=712e5322-0592-4a90-b562-eadc47f8486c