CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb006816] Eindrapportage Leerondersteuning 2022 nav inspreken P. Boshuizen

Commissie tot Onderzoek van de Rekening 11 oktober 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Inspreekmoment Begroting 202417.581 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

25

ontbreekt het in de meeste gevallen aan capaciteit (tijd en personeel) om dit daadwerkelijk vorm te geven. De wens om meer te differentiëren wordt door meerdere betrokkenen uitgesproken. Personeelstekorten Van vrijwel alle organisaties horen we terug dat het aanbod aan passende vrijwilligers mager is. De meeste organisaties hebben dan ook moeite om (blijvend) passend ondersteunend personeel te vinden. Dit geldt niet alleen voor vrijwilligers met een educatieve rol, maar ook voor het vinden van vrijwilligers met een bestuurlijke functie. Ook merken veel organisaties dat de doorloop onder vrijwilligers groot is. Vrijwilligers haken bijvoorbeeld af omdat het bieden van leerondersteuning bij nader inzien te veel tijd kost. Daarnaast is het moeilijk om personeel te vinden dat gespecialiseerd is in één of meerdere vakspecifieke disciplines. Faciliteiten Veel van de projectleiders, vrijwilligers en jongeren noemen dat de faciliteiten op locatie verbetering behoeven. Vooral het gebrek aan technische voorzieningen wordt in dit kader genoemd. Op de meeste locaties zijn bijvoorbeeld onvoldoende laptops of digiboards beschikbaar om ieder kind goed te kunnen bedienen. Eén van de locaties wil, naast de aanschaf van computers, ook graag een beamer of beeldscherm aanschaffen om kinderen beter klassikaal te kunnen scholen.

We zien tijdens een van onze locatiebezoeken dat een vrijwilliger tijdens de les met een laptop langs alle tafels in het lokaal moet lopen om jongeren een dia te tonen. De aanschaf van elektronisch ondersteunend materiaal is echter zeer kostbaar. Eén van de vrijwilligers noemt dat de aanschaf van laptops jongeren ook de mogelijkheid biedt om (interactieve) online oefeningen te doen. Naast de aanschaf van apparatuur, horen we in de gesprekken met projectleiders en vrijwilligers dat leerondersteuners vaak moeite hebben met het financieren van lesmateriaal. Denk hierbij aan de aanschaf van een whiteboard, maar ook lesboeken en werkboeken zijn kostbaar in de aanschaf. Om kosten te besparen kopiëren leerondersteuners vaak lesmateriaal, of maken gebruik van gratis oefenmateriaal op internet. Het drukken van papierwerk is voor leerondersteuners vaak een aanzienlijke kostenpost. Accommodatie Een deel van de gebouwen waar leerondersteuners gevestigd zijn hebben van oorsprong geen educatieve functie en zijn daar dus ook niet als zodanig op ingericht. Projectleiders, vrijwilligers en jongeren geven aan dat leslocaties soms gehorig zijn, of dat er onvoldoende geschikte lokalen zijn. Het is voor leerondersteuners soms lastig om de ene groep jongeren rustig te laten werken, terwijl een andere groep pauze houdt (en daarmee verstorend is voor de rest van het gebouw).

Eén van de projectleiders merkt dan ook op dat de sociale functie van de leerondersteuning zelfs ondersneeuwt, omdat het gebouw simpelweg te klein is hier ruimte voor te bieden. In ieder geval één van de leerondersteuners heeft moeite met het vinden van een vaste, geschikte onderwijslocatie. Zij wisselden de afgelopen jaren vier keer van gebouw. Wel zien we tijdens de locatiebezoeken dat leerondersteuners de gebouwen in alle gevallen optimaal proberen te benutten. De meeste jongeren geven aan dat ze bij de huiswerkbegeleiding een rustige werkplek hebben, maar er zijn ook jongeren die tijdens de interviews aangeven dat ze de werkomgeving te onrustig vinden. Uit de vragenlijst blijkt dat ongeveer één op de drie jongeren niet tevreden is over de rust op hun werkplek tijdens de huiswerkbegeleiding (zie Figuur 5.3). In de vragenlijst hebben we jongeren ook gevraagd naar wat er beter kan aan de huiswerkbegeleiding. Ook hier geven enkele jongeren aan dat ze de huiswerkbegeleiding als te druk ervaren.

26

Oberon

Figuur 5.3 Mate waarin jongeren het eens zijn met de stelling: ‘Ik heb bij de huiswerkbegeleiding een rustige werkplek’.

4%

0%

8%

22%

6%

20% 1 (Helemaal niet)

40% 2

60%

60%

3 (Een beetje wel/ beetje niet)

80% 4

100%

5 (Helemaal wel)

Coronamaatregelen Projectleiders noemen dat de coronamaatregelen grote impact hadden op de uitvoering van de leerondersteuning. Veel leerondersteuners sloten als gevolg van de coronamaatregelen tijdelijk hun deuren, parallel aan de scholen. De sociale functie van de huiswerkklas kwam daarmee te vervallen. Meerdere projectleiders geven in de gesprekken aan dat de coronapandemie zorgde voor een (tijdelijke) terugloop in het aantal jongeren. Twee projectleiders noemen daarbij specifiek dat de huiswerkondersteuning “van de radar verdween” bij ouders. Hulpvragen Eén van de leerondersteuners is vooral zoekende in de mate waarin zij verantwoordelijk zijn voor het opvangen van hulpvragen. De projectleider van deze organisatie geeft aan dat ze nog niet goed weten waar de grens van leerondersteuning ligt: “We hebben de opdracht om leerondersteuning te geven, maar er komt veel meer bij kijken. We hadden een kind dat thuis mishandeld werd. Hoe ver ga je dan als leerondersteuner? Moet je contact opnemen met ouders? Met school? We zijn nog erg zoekende daarin.” (Projectleider) De projectleider geeft aan in dit soort gevallen graag te willen sparren met een expert die hierin kan adviseren, bijvoorbeeld een “point of contact” vanuit de gemeente.

Ook geeft deze projectleider aan idealiter de expertise over een jongere warm over te willen dragen aan een zorginstantie, zodat zij als leerondersteuner kunnen blijven focussen op hetgeen waar zij primair voor in leven zijn geroepen. Professionalisering Een aantal van de vrijwilligers en projectleiders geven aan nog verbetering te willen in de mate van professionaliteit in de organisatie. Sommige vrijwilligers vinden het bijvoorbeeld belangrijk om nog duidelijkere afspraken te maken met collega’s over het pedagogisch beleid. De verschillen in aanpak tussen vrijwilligers zijn soms groot, omdat er geen duidelijke afspraken zijn gemaakt. Eén van de vrijwilligers noemt bijvoorbeeld dat sommige jongeren op haar locatie regelmatig niet op komen dagen, en daar niet op worden aangesproken. Dat is volgens haar problematisch. “Leerondersteuning is niet vrijblijvend. Sommige kinderen komen maar heel af en toe en houden daarmee een “plek” bezet.” (Vrijwilliger) In ieder geval één van de gesproken projectleiders en één van de vrijwilligers zien potentie in het volgen van trainingen voor het begeleidend personeel. Trainingen zouden de vrijwilligers volgens hen nog

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

27

kunnen bijspijkeren in pedagogische vaardigheden, en vooral kunnen onderwijzen wat wel of juist niet werkt in het werken met kinderen. Eén vrijwilliger spreekt in het kader van professionalisering specifiek de wens uit om de organisatie sterker op social media te positioneren: “Het zou helpen als je op LinkedIn kan delen dat je vrijwilligers zoekt. Het valt of staat met de vrijwilligers. Je hebt het meest aan structurele hulp, waar de projectleider op kan bouwen. We mogen onszelf wel nog wat meer naar buiten brengen.” (Vrijwilliger).

5.3

Geleerde lessen (onderzoeksvraag 4)

Aan een aantal vrijwilligers is gevraagd wat voor hen de belangrijkste geleerde lessen zijn. Wat vrijwilligers het meeste noemen, is dat het belangrijk is om goed te kijken naar welke wensen en behoeften het kind heeft. Door je als vrijwilliger goed in te leven in een jongere, kun je hen ook beter helpen. Daarnaast bouwen vrijwilligers op deze manier ook aan een band met jongeren, wat een belangrijke voorwaarde is om kinderen passende ondersteuning te bieden. Vrijwilligers geven daarbij wel aan realistisch te blijven en een balans te zoeken tussen wat je als leerondersteuner wil bieden, en wat je kan bieden. Andere genoemde punten zijn het zorgen voor een goede accommodatie en het creëren van bekendheid bij scholen zodat zij weten dat leerlingen bij de leerondersteuning terecht kunnen. Eén vrijwilliger noemt dat het vooral belangrijk is om bewust te zijn van de manier van lesgeven die op school wordt gehanteerd, zodat je daar je manier van lesgeven op de leerondersteuningslocatie op aan kan passen. Eén vrijwilliger noemt in dat kader bijvoorbeeld de ‘stoplichtmethode’. Zij gebruikt deze methode omdat ze eerder hoorde dat deze ook op één van de scholen in de buurt wordt gehanteerd. Op die manier zorg je voor een nog betere aansluiting tussen onderwijs en leerondersteuning.

28

6

Oberon

Conclusies en aanbevelingen

In dit hoofdstuk geven we samenvattend antwoord op de vier onderzoeksvragen en beschrijven we een overkoepelende conclusie. Deze conclusie vormt de basis voor de aanbevelingen.

6.1

Beantwoording onderzoeksvragen en conclusie

1. Hoe is de aanpak leerondersteuning opgezet? Voor alle zes de organisaties geldt dat de leerondersteuning primair in gang is gezet vanuit de behoefte om kwetsbare jongeren en/of kinderen uit de wijk huiswerkbegeleiding of bijles te bieden. Oprichters vingen signalen op vanuit (ouders uit) de wijk dat er behoefte was om een groep jongeren extra ondersteuning te bieden. Deze signalen vormden voor oprichters de directe aanleiding tot het organiseren van leerondersteuning. In veel gevallen hangt het organiseren van leerondersteuning samen met het wegvallen van het lokale buurthuis of wijkcentrum. Organisaties worden geleid door projectleiders en coördinatoren, en de begeleiding van kinderen zelf valt onder de verantwoordelijkheid van vrijwilligers. Deze worden naast het verzorgen van de leerondersteuning ook voor allerhande praktische zaken ingezet. De vereisten waaraan deze vrijwilligers dienen te voldoen verschillen per organisatie. De opgestelde doelen van de zes organisaties komen op grote lijnen sterk overeen: 1) het bevorderen van kansengelijkheid voor kwetsbare kinderen en/of jongeren door het bieden van leerondersteuning op een veilige en rustige werkplek, en 2) het bevorderen van de sociaal-emotionele ontwikkeling van jongeren. 2.

Hoe wordt de aanpak leerondersteuning in de praktijk uitgevoerd? Hoewel de zes organisaties dezelfde doelen nastreven, zien we ook grote verschillen tussen de organisaties, zowel in oprichtingsjaar, omvang van het aantal jongeren, locatie, de ouderbijdrage, en de hoeveelheid lesdagen die worden geboden. Wel zien we dat alle organisaties op soortgelijke vaste tijdstippen actief zijn. Vrijwilligers proberen zoveel mogelijk één-op-één begeleiding te bieden aan jongeren, maar merken dat dit omwille van de capaciteit niet altijd lukt. Om jongeren zo goed mogelijk naar eigen niveau te bedienen, worden jongeren veelal in niveaugroepen ingedeeld. Ook oudercontact staat bij vrijwel alle organisaties hoog op de agenda. Slechts één organisatie geeft aan moeite te hebben met het bereiken van ouders. Leerondersteuners zien het contact met ouders als een belangrijke voorwaarde om zo goed mogelijke ondersteuning en maatwerk te kunnen bieden. De meeste leerondersteuners voeren daarom frequent gesprekken met ouders over de voortgang, of bespreken (gedrags)problemen van een jongere. Voor de meeste organisaties geldt dat ze weinig tot geen contact met scholen van de jongeren hebben. Leerondersteuners die wel contact hebben met scholen gebruiken dit contactmoment om voortgang of zorggerelateerde vraagstukken te bespreken.

Naast een educatieve functie, zien we dat leerondersteuners ook een bredere, maatschappelijke functie vervullen. Jongeren en ouders kunnen bij de leerondersteuner in bijna alle gevallen ook terecht voor

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

29

cursussen en workshops over uiteenlopende onderwerpen. De meeste organisaties organiseren daarnaast ontspannende activiteiten. 3. Wat is voor kinderen, ouders en professionals de merkbare opbrengst van de aanpak? We zien mooie en uiteenlopende opbrengsten van de leerondersteuning voor zowel ouders als kinderen. Vrijwilligers, projectleiders, ouders en jongeren zelf zien dat de leerprestaties van jongeren vooruitgaan, zowel in toetsresultaten als in leervaardigheden. Ook het overgrote merendeel van de jongeren die meededen aan het kwantitatieve vragenlijstonderzoek merkt dat de huiswerkbegeleiding bijdraagt aan betere prestaties op school en dat ze bij de leerondersteuner vaardigheden leren die hen kunnen helpen op school. Enkele jongeren en vrijwilligers geven aan dat jongeren op hetzelfde niveau hebben weten te blijven, of zelfs zijn opgeklommen naar een hoger niveau als gevolg van de leerondersteuning. Naast educatieve opbrengsten, zien we dat jongeren ook winst behalen in hun sociaal-emotionele ontwikkeling. Jongeren stralen meer zelfvertrouwen uit en zijn gemotiveerder om voor school aan de slag te gaan. Al is dit volgens sommige vrijwilligers niet volledig te danken aan de leerondersteuning op zichzelf, maar heeft de leerondersteuning hier wel een bijdrage in. Jongeren doen naast schoolse kennis ook maatschappelijke kennis op.

Vrijwilligers gebruiken hun begeleidingstijd immers ook om jongeren ook in niet-schoolse onderwerpen te onderwijzen. Op die manier helpen ze jongeren ook om een ander perspectief op de wereld op te doen. Ouders zien daarnaast dat leerondersteuners een goede manier is om te voorkomen dat jongeren op straat belanden, of afglijden naar een ‘fout’ circuit. Leerondersteuners hebben voor ouders zowel een ontzorgende als een sociale functie. Leerondersteuners bieden de uitleg en begeleiding die ouders vaak zelf thuis niet kunnen bieden. Omdat leerondersteuners naast begeleiding van jongeren ook vaak activiteiten of ondersteunende scholing voor ouders verzorgen (waar een buurthuis dat vroeger deed) zien we dat ouders ook veel gebaat zijn bij de sociale/netwerkvormende functie van de organisatie. Ook voor vrijwilliger zien we duidelijke opbrengsten. Het ondersteunen van kinderen geeft vrijwilligers veel voldoening, zeker als zij zien dat het kinderen vooruit helpt. Ook het contact met hun collegavrijwilligers ervaren zij als waardevol. Vrijwilligers zien het geven van leerondersteuning als een zinvolle manier om een bijdrage te leveren aan de maatschappij en geven aan hier zelf ook door te groeien. 4. Wat zijn de successen, knelpunten en ‘lessons learned’ van de aanpak in de afgelopen periode? We zien dat leerondersteuners een aantal succesfactoren inzetten.

Zo zien we dat organisaties de jongeren zoveel mogelijk rust, reinheid en regelmatig proberen te bieden. Jongeren werken bij de leerondersteuner op een veilige en (meestal) rustige werkplek. Een plek die sommige jongeren thuis niet altijd kunnen vinden. Om dit te bewerkstelligen streven organisaties ernaar zoveel mogelijk vaste gezichten op dezelfde groep in te roosteren, en volgens een vast rooster te werken. We zien daarnaast dat het contact met ouders een belangrijke succesfactor is. De korte lijnen en regelmatige afstemming tussen leerondersteuners en opvoeders maakt dat duidelijke afspraken gemaakt kunnen worden, en beide partijen goed op de hoogte blijven van deo ontwikkelingen van een jongere. Leerondersteuners zien daarnaast dat het bieden van zoveel mogelijk maatwerk en één-op-één begeleiding een belangrijke manier is om jongeren gezien te laten voelen. Tot slot zien we dat een goede aansluiting van leerondersteuners op het lesprogramma en de uitlegvormen op school een belangrijke manier is om continuïteit te borgen. Dit is voor jongeren erg prettig.

30

Oberon

Organisaties lopen daarnaast tegen een aantal knelpunten aan. Het gebrek aan afstemming met scholen is de meest genoemde belemmerende factor. Omdat zij weinig tot geen afstemming hebben met scholen, kan de begeleiding niet optimaal worden afgestemd op de leerbehoeftes voor ieder kind. We zien dit ook terug in de alternatieve uitlegvormen. Jongeren geven aan dat de uitleg op locatie niet altijd goed aansluit bij de uitleg op school. Dit vraagt van leerondersteuners dat zij nog meer op de hoogte zijn van de uitlegvormen die op school worden gehanteerd. Veel projectleiders en vrijwilligers zien daarnaast dat het gebrek aan een continue geldstroom het opstellen van lange-termijndoelstellingen belemmert. Organisaties kunnen slecht vooruit plannen, omdat ze niet weten met welke gelden zij in de op de langere termijn rekening kunnen houden. Ook over de accommodatie zijn niet alle leerondersteuners tevreden. Veel van de gebouwen waar zij gevestigd zijn, zijn niet ingericht als onderwijslocatie. Veel van de gebouwen zijn gehorig, of bieden onvoldoende aparte ruimtes om alle groepen te kunnen bedienen. Eén op de drie jongeren vindt zijn of haar werkplek niet rustig genoeg. Projectleiders en vrijwilligers spreken daarnaast uit dat zij door coronamaatregelen flinke hinder hebben ervaren in de uitvoering. Veel van de begeleiding heeft in deze periode stilgelegen.

Sommige leerondersteuners zagen zelfs een terugloop in het aantal jongeren als gevolg van de coronapandemie. Leerondersteuners hebben daarnaast grote en kleine wensen voor de toekomst. Zo zouden zij meer willen kunnen differentiëren, meer vaste vrijwilligers in de arm willen nemen, meer (of beter) ondersteunend materiaal willen aanschaffen, en de ondersteuning in de toekomst meer willen professionaliseren. Tot slot zou één van de leerondersteuners meer ondersteuning willen in het bedienen van hulpvragen. Zoals genoemd hebben alle leerondersteuners een tweeledig doel: 1) het bevorderen van kansengelijkheid voor kwetsbare jongeren door het bieden van leerondersteuning op een veilige en rustige werkplek, en 2) het bevorderen van de sociaal-emotionele ontwikkeling van jongeren. Uit de gesprekken met betrokkenen en de resultaten van het vragenlijstonderzoek kunnen we opmaken dat op beide vlakken zichtbaar winst wordt geboekt. Kortom: de evaluatie laat zien dat de leerondersteuning die vanuit de organisaties wordt geboden een waardevolle manier is om de kansengelijkheid van kinderen te bevorderen. Daarnaast leveren leerondersteuners zowel educatief rendement als een uitgesproken maatschappelijk rendement dat zich ook nog duidelijk doorvertaalt naar ouders en betrokken vrijwilligers. Tegelijkertijd zien we dat organisaties moeten roeien met de riemen die ze hebben.

De projectleiders en vrijwilligers die we spreken zijn vrijwel zonder uitzondering op zoek naar manieren om zichzelf te blijven verbeteren. En hoewel hun werkwijze in de praktijk vaak al sterk is vormgegeven, zien ook de onderzoekers ruimte voor verdere versterking van het ondersteuningsconcept. Daarom doen we een aantal aanbevelingen.

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

6.2

31

Aanbevelingen

Op basis van de conclusie en een korte analyse van relevante literatuur stellen we een aantal aanbevelingen op. Met deze aanbevelingen willen we de gemeente Rotterdam aanknopingspunten geven om te besluiten of zij de leerondersteuning continueren en op welke manier zij hier invulling en sturing aan willen geven. 1. Continueer de aanpak Leerondersteuning is een waardevolle manier om zowel educatief als maatschappelijk rendement te genereren voor zowel kinderen, ouders als vrijwilligers. Betrokkenen zien dat de leerondersteuning rendement oplevert voor kinderen, ouders en vrijwilligers. Dit rendement is wellicht niet altijd meetbaar, maar volgens betrokkenen wel degelijk aanwezig. Leerondersteuners voorzien daarmee in een aanpak die verder rijkt dan wat basisscholen kunnen bieden. Leerondersteuning vervult een bredere functie dan dat het onderwijs heeft. Vrijwilligers zijn veelal een rolmodel of mentor voor de kinderen. Daarnaast is de aanpak breed en ook gericht op sociaal-emotioneel vlak en heeft deze een maatschappelijke bijdrage op een andere manier dan dat het onderwijs dit doet. In meerdere gevallen heeft de leerondersteuning ook een wijkfunctie, voor zowel ouders, kinderen en vrijwilligers. De aanpak van de leerondersteuning is echter wel kwetsbaar.

Daarom adviseren we, als de leerondersteuning wordt voortgezet, om de aanpak zoveel mogelijk te versterken en toekomstigbestendig te maken. Dat kan door meerjarig te financieren en de kwaliteit verder te stimuleren. Beide punten lichten we hieronder verder toe. 2. Investeer meerjarig in leerondersteuning Meerjarige ondersteuning biedt de organisaties meer mogelijkheden om te investeren in een goed programma dat voor een langere tijd kan worden aangeboden. Dat biedt ook betere condities voor een continue inzet van vrijwilligers. Organisaties kunnen een meerjarenplan maken, waardoor het budget ook efficiënter ingezet kan worden. Continuering van inkomsten neemt daarnaast een hoop financiële onzekerheid bij projectleiders weg. Daarnaast biedt meerjarige investering ook zicht op continuïteit voor kinderen en ouders. Juist de continuïteit is belangrijk voor kinderen en ouders om zoveel mogelijk effect te mogen verwachten van leerondersteuning. 3. Stimuleer versterking van de kwaliteit van leerondersteuning Leerondersteuning is niet zondermeer effectief, een goede kwaliteit is daarvoor belangrijk. 5 Alhoewel betrokkenen rendement zien bij kinderen, ouders en vrijwilligers zijn er mogelijkheden om dit te vergroten door een hogere kwaliteit te stimuleren. De gemeente Rotterdam kan dit op verschillende manieren doen. a.

Verbinding met het onderwijs Uit literatuur naar extra leertijd komt naar voren dat leerondersteuning (meer) effect heeft als de leeractiviteiten in lijn zijn met het curriculum dat op school wordt aangeboden. 6 Daarnaast moeten de leeractiviteiten aansluiten bij de behoefte van het kind. Dit betekent niet dat het altijd beter is wanneer

5

6

Durlak, J. A., Weissberg, R. P., & Pachan, M. (2010). A meta‐analysis of after‐school programs that seek to promote personal and social skills in children and adolescents. American journal of community psychology, 45(3-4), 294-309. Biddle, C. & Mette, I. (2016). Successful Strategies for Extended Learning Opportunities: A literature review of academic benefits and beyond. Maine: Maine Education Policy Research Institute, University of Maine. Schwartz, H. L., Sloan McCombs, J., Augustine, C. H., Leschitz, J. T. (2018). Getting to work on summer learning. Recommended practices for succes, 2nd Ed. Santa Monica: RAND corporation.

32

Oberon

leerondersteuning door de groepsleerkracht wordt verzorgd. Een andere getrainde professional kan dit ook doen, zolang deze aansluiting maakt bij het schoolcurriculum en er nauw overleg is met de school. 7 Uit de gesprekken met de leerondersteuners maken we op dat veel winst te behalen valt in het contact met scholen. Leerondersteuners en scholen wisselen op dit moment vaak mondjesmaat informatie uit over leerlingen. Beide partijen zijn daardoor niet goed op de hoogte van elkaars plan van aanpak en de leerontwikkelingen van een kind. Door de samenwerking met scholen te verbeteren, kan het lesprogramma van de leerondersteuning én van de school nog beter voor iedere individuele leerling worden afgestemd. Ook zorg-gerelateerde informatie over een kind kan makkelijker worden uitgewisseld. Beide partijen zouden elkaar daarnaast kunnen adviseren over hoe een leerling het beste te bereiken. Zoals eerder genoemd horen we in de gesprekken met de leerondersteuners terug dat zij vaak goed op de hoogte zijn van de interesses en hobby’s van leerlingen. Door dit ook met de leerkrachten op school te delen, kunnen zij dit mogelijk ook binnen het vaste onderwijsprogramma meenemen. Daarnaast kunnen de vrijwilligers inhoudelijk aansluiten op het curriculum van de school. b. Professionalisering en kennisdeling Leerondersteuners zijn veelal vrijwilligers.

Zij zijn niet allemaal in dezelfde mate pedagogisch en/of didactisch onderlegd. De kwaliteit van vrijwilligers is een belangrijk aspect voor de effectiviteit van leerondersteuning. Daarnaast zijn leerondersteuners van verschillende organisaties weinig op de hoogte van elkaars werkzaamheden, of weten überhaupt niet af van elkaars bestaan. Ondanks verschillen in aanpak, denken we dat de leerondersteuners veel van elkaar kunnen leren. Professionalisering en kennisdeling kan bijdragen aan een hogere kwaliteit van leerondersteuning met (meer) effecten bij kinderen. Dit kan zowel binnen organisaties als tussen organisaties. Intervisiebijeenkomsten, een professionele leergemeenschap (PLG) of andersoortige bijeenkomsten waarin kennis en aanpakken worden gedeeld zijn een waardevolle manier om onderlinge deskundigheidsbevordering te bevorderen. Verder zijn didactische principes die goed werken in de klas, ook effectief bij leerondersteuning: directe instructie, flexibele heterogene groepen en het uiten van hoge verwachtingen.8 Vrijwilligers kunnen hierin getraind worden. Evenals in het hanteren van de zogenaamde SAFE-criteria (Sequenced: opeenvolgende stappen in ontwikkeling; Active: actieve vormen van leren in de praktijk; Focus: voldoende tijd en aandacht; Explicit: heldere en specifieke leerdoelen).

Uit onderzoek blijken deze criteria belangrijk te zijn voor effectieve vormen van leerondersteuning.9 c. Betere accommodaties en materialen Uit de gesprekken met betrokkenen maken we op dat sommige leerondersteuners ontevreden zijn over hun accommodatie, en leerlingen niet altijd een rustige werkplek kunnen bieden. Ook zien we dat leerondersteuners moeite hebben met het aanschaffen van geschikt ondersteunend materiaal. De gemeente kan hierin een rol spelen, door mee te denken naar oplossingen of te bemiddelen tussen scholen en organisaties voor leerondersteuning. Mogelijk zouden scholen hun voorzieningen en 7

8

9

Biddle, C. & Mette, I. (2016). Successful Strategies for Extended Learning Opportunities: A literature review of academic benefits and beyond. Maine: Maine Education Policy Research Institute, University of Maine. Kidron, Y., & Lindsay, J. (2014). The Effects of Increased Learning Time on Student Academic and Nonacademic Outcomes: Findings from a Meta-Analytic Review. REL 2014-015. Regional Educational Laboratory Appalachia. Sharp, C., Chamberlain, T., Morrison, J. & Filmer-Sankey, C. (2007). Playing for Success. An evaluation of its long term impact. National Foundation for Educational Research. Kidron, Y., & Lindsay, J. (2014). The Effects of Increased Learning Time on Student Academic and Nonacademic Outcomes: Findings from a Meta-Analytic Review. REL 2014-015. Regional Educational Laboratory Appalachia. Hattie, J. (2013). Visible Learning : A Synthesis of Over 800 Meta-Analyses Relating to Achievement. London: Routledge. Durlak, J. A., Weissberg, R. P., & Pachan, M. (2010). A meta‐analysis of after‐school programs that seek to promote personal and social skills in children and adolescents. American journal of community psychology, 45(3-4), 294-309.

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

33

accommodatie met leerondersteuners kunnen delen. Leerondersteuners zouden dan na schooltijd gebruik kunnen maken van de voorzieningen op een school. 4. Voortzetten monitoring Om zicht te blijven houden op de ontwikkelingen en eventuele effecten van leerondersteuning adviseren wij om de monitoring te continueren. Dat kan voortbouwend op het model dat voor deze eerste evaluatie is opgezet, door de locaties bijvoorbeeld tweejaarlijks te bezoeken, interviews af te nemen en een korte enquête uit te zetten. Dit geeft zowel de gemeente Rotterdam als de organisaties handvatten om de aanpak verder bij te stellen en te verbeteren. Daarnaast houdt de gemeente Rotterdam op deze manier zicht op hoe de middelen worden ingezet en of dat aansluit bij het doel dat de gemeente hierbij voor ogen heeft. Om de aanpak nauwkeuriger te evalueren, is het nodig om als gemeente duidelijke doelstellingen en een doelgroep te formuleren.

34

Oberon

Bijlage 1 Praktijkbeschrijvingen Stichting Goud van Noord Goud van Noord is een stichting in de wijk Oude Noorden in Rotterdam. Het doel van de stichting is om Rotterdammers uit alle leeftijdsgroepen die zich aan de sociaaleconomische onderkant van de samenleving bevinden te ondersteunen in het ontdekken van hun talent en om hun talenten in te zetten in gemeente. De stichting probeert ruimte te scheppen zodat bewoners hun eigen vaardigheden en mogelijkheden kunnen ontdekken en zich kunnen ontplooien. De vraag voor huiswerkbegeleiding kwam in 2019-2020 vanuit een aantal ouders en vervolgens via de basisschool in de buurt. Met het project Huiswerkhelden hoopt Goud van Noord een meer structurele oplossing te bieden en meer kinderen uit de wijk te kunnen helpen . Goud van Noord is een stichting die in 2020-2021 12.500 euro subsidie van de gemeente Rotterdam ontving. Het is niet duidelijk of ze in 2021-2022 ook subsidie hebben ontvangen, maar de stichting verwacht in dit jaar ook financiële steun te ontvangen vanuit fondsen en donaties. Goud van Noord organiseert met de Huiswerkhelden voornamelijk huiswerkbegeleiding. Aan dit project is ook een bibliotheek voor kinderen uit de wijk gekoppeld met een collectie van 250 kinderboeken.

Naast huiswerkbegeleiding zet de stichting al langer laagdrempelige activiteiten in om vertrouwen van de doelgroep te krijgen en mensen te helpen hun netwerk te vergroten. Goud van Noord organiseert onder andere de Huiskamer (een ontmoetingsplek), taallessen, Kids van Goud (clubactiviteiten voor kinderen en jongeren om ontwikkeling en talenten te stimuleren), en een maatjesproject voor gezinnen. De huiswerkbegeleiding is een relatief nieuw project. Het is nog niet helemaal duidelijk voor ons hoe het er nu in de praktijk uitziet. Wel weten we dat de huiswerkbegeleiding plaatsvindt op woensdag- en vrijdagmiddag van 15.00 tot 16.30 onder begeleiding van twee vrijwilligers. Het plan was om studenten te vinden voor deze functie omdat zij makkelijk aansluiten bij de kinderen en flexibel inzetbaar zijn. Het voorstel was om hen tegen de wettelijke vrijwilligersvergoeding in te zetten. Van de vrijwilligers wordt verwacht dat zij een VOG hebben. De gezinswerker van Goud van Noord is het aanspreekpunt voor leerlingen, ouders en leerkrachten, borgt het proces en stemt af met de scholen. In de toekomst wil Goud van Noord de huiswerkbegeleiding inbedden binnen een breder naschools aanbod. Daarnaast wil de stichting een trainingsprogramma aanbieden voor vrijwilligers en wil ze kortere lijnen met de betrokken leerkrachten.

Met de huiswerkbegeleiding wil Goud van Noord kinderen en jongeren uit Oude Noorden tussen de 6 en 14 jaar begeleiden. De kinderen komen uit gezinnen waar de ouders niet de middelen hebben om een betaalde vorm van huiswerkbegeleiding te bekostigen. Het bereik van Huiswerkhelden ligt rond de 25 à 30 kinderen. Huiswerkhelden is gevestigd op de bovenste verdieping van de hoofdlocatie van Goud van Noord. In ditzelfde pand aan Zwaanhals 287 zit ook de huiskamer en is de bibliotheek voor kinderen uit de wijk gevestigd. Het doel is om een veilige ruimte te creëren waar kinderen zich op hun

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

35

Stichting LeerBuddy Foundation De bijlesorganisatie LeerBuddy is actief sinds 2012 in zowel Nederland als Vlaanderen. De missie van het instituut is om zoveel mogelijk leerlingen met een leerachterstand te helpen in het maken van een ‘zo groot mogelijke leersprong’. In het LeerBuddy informatiepakket staat de visie van de organisatie toegelicht. Leerbuddy vindt dat onderwijs meer is dan “het uitleggen van ‘t kofschip of een rekensom”, eerder als “ontwikkeling in haar puurste vorm". Onderwijs is in de beleving van LeerBuddy “dé brug naar een veelbelovende toekomst. En jouw toekomst, dat is onze missie. ”Om leerlingen zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen biedt de organisatie een-op-een bijles, een studiekeuzeprogramma en een Talent Academy. LeerBuddy is van oorsprong een commerciële organisatie, maar kent ook een niet-commerciële tak waarin zij samenwerken met de gemeente Rotterdam: de Leerbuddy Foundation. Leerbuddy biedt verschillende vormen van gratis leerondersteuning aan een viertal doelgroepen: basisscholieren en middelbare scholieren. Leerlingen kunnen daarbij bijles krijgen in taal/spelling, rekenen, begrijpend lezen, topografie en/of oefenen voor de CITO of Entreetoets. Onderdeel van de Stichting LeerBuddy Foundation is de ‘Talent Academy’. Deze academy is opgezet in samenwerking met de gemeente Rotterdam.

Doel van dit aanvullende programma is enerzijds om leerlingen kennis te laten maken met rolmodellen. De rolmodellen op deze academy zijn, onder andere, artsen, advocaten, bankiers, ambtenaren, creatievelingen en succesvolle ondernemers. Zij vertellen de leerlingen over hun baan, en kunnen vertellen welk studiepad (en daarbij behorende studiesucces) nodig is om eenzelfde functie te kunnen bekleden in de toekomst. Een ander doel van de Talent Academy is om leerlingen te helpen om het maximale uit zichzelf te halen. Dit doet de Academy door, naast intensieve schoolbegeleiding, ook ondersteuning te bieden in de sociaal-emotionele ontwikkeling. Leerlingen volgen op de Talent Academy daarom aanvullende lessen en trainingen. Zoals een aanvullende module Nederlands, een workshop presenteren, een cursus weerbaarheid, of een cursus EHBO. Deelname aan de Talent Academy is kosteloos. Er zijn wel maar een beperkt aantal inschrijvingen mogelijk. Er zijn 53 actieve docenten in dienst bij Leerbuddy. Alle docenten zijn studenten aan de hogeschool of universiteit en zijn volgens het instituut gespecialiseerd in het simpel, boeiend en begrijpelijk uitleggen van ingewikkelde lesstof. Leerbuddy bedient tussen de 100 en 150 leerlingen van basisscholen en middelbare scholen.

Het merendeel van de leerondersteuning van Leerbuddy wordt digitaal aangeboden, maar Leerbuddy biedt leerondersteuning ook fysiek aan op locatie.

36

Oberon

Huiswerkklas Oude Westen De Huiswerkklas Oude Westen (HWK) is meer dan 45 jaar geleden opgericht als onderdeel van de buurtbewonersvereniging Aktiegroep Oude Westen. Sinds 2018 is de HWK een zelfstandige stichting en bieden ze naast begeleiding voor middelbare scholieren ook huiswerkbegeleiding aan leerlingen uit groep 7 en 8 van basisscholen in de wijk. Hun missie is om Rotterdamse jongeren kansrijk te laten opgroeien en achterstanden te voorkomen. De Huiswerkklas vindt dat deze jongeren de mogelijkheid moeten hebben om iedere dag in alle rust en met een goede ondersteuning hun huiswerk moeten kunnen maken en hier zet de HWK zich dan ook voor in. Daarnaast wil de HWK een waardevolle, sociaalmaatschappelijke partner in de wijk zijn. De Huiswerkklas ontvangt sinds 2018 subsidie van de gemeente voor hun activiteiten. In 2022 ontvingen zij 25.000 euro subsidie van de gemeente. Aanvullend krijgt HWK Oude Westen bijdragen van fondsen, worden ze gesponsord door bedrijven, en is in 2020 “vrienden van HWK” opgezet, waarbij serviceclubs financiële bijdragen leveren aan de HWK. De kern van de dienstverlening van de HWK is huiswerkbegeleiding en het stimuleren en verbeteren van studievaardigheden van jongeren uit de wijk. Deze begeleiding is voornamelijk gericht op middelbare scholieren, maar sinds 2018-2019 is ook ingezet op begeleiding op basisscholen in de wijk.

Het gaat om drie scholen in de wijk waar kinderen werden begeleid met hun schoolwerk: Augustinusschool, Jans Prins en Willibrordschool. Vanaf 2020 worden deze diensten niet meer op de scholen, maar op de eigen locatie aangeboden voor leerlingen van het po in de wijk. Naast huiswerkbegeleiding stimuleert de HWK ook smalle tot brede ontwikkeling van Rotterdamse jongeren, worden er laagdrempelige groepsactiviteiten georganiseerd en ligt er een focus op de overgang naar de middelbare school. In de toekomst wil de HWK ook ontwikkelingsgerichte gastlessen en workshops organiseren voor de jongeren in de wijk. Basisschoolleerlingen en middelbare scholieren zijn van maandag t/m donderdag van 15.30 tot 18.30 uur welkom bij de huiswerkklas, voor het maken van huiswerk of het krijgen van begeleiding. Zij worden begeleid door 20 vrijwilligers en twee betaalde beroepskrachten. Verder zijn er 5 extra vrijwilligers actief in het bestuur van de stichting. Alle vrijwilligers zijn minimaal één dag per week beschikbaar, in het bezit van een geldige VOG, HBO of WO opgeleid en 18 jaar of ouder. Daarnaast hebben ze specifieke kennis van minimaal twee schoolvakken en beschikken ze over goede communicatieve, didactische en pedagogische vaardigheden. De HWK biedt huiswerkbegeleiding en andere activiteiten aan voor leerlingen van het PO en het VO.

Daarnaast worden er, wanneer daar specifiek om wordt gevraagd, soms ook mbo of hbo leerlingen toegelaten. Voor leerlingen van het PO is het bedrag voor huiswerkbegeleiding jaarlijks 30 euro, en voor leerlingen van het VO gaat het om 60 euro. Wanneer er meerdere kinderen uit een gezin gebruik maken van de huiswerkklas betaalt men voor elk volgend kind 15 of 30 euro. Op dit moment ligt het bereik van de HWK rond de 80 leerlingen uit het PO en VO. Voor de toekomst hoopt de huiswerkklas een forse stijging van het aantal leerlingen te zien met beoogde aantallen van rond de 30 leerlingen in het basisonderwijs en 80 leerlingen in het hoger onderwijs. Huiswerkklas Oude Westen heeft één locatie in de wijk Oude Westen. De HWK is gevestigd aan de Kogelvangerstraat 114 in de ruimte van vereniging Ettaouhid. Dit is een voormalig schoolgebouw.

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

37

Rijnmond Multicultureel Centrum (RMC)/ Educaplus Delfshaven Educaplus is in 2014 opgericht door jonge, vrijwillige leerkrachten en docenten die werkzaam zijn in het basis- en voortgezet onderwijs. Het gaat om een commerciële organisatie die als gevolg van de coronacrisis de handen ineen heeft geslagen met Rijnmond Multicultureel Centrum en UitJezelf om gratis cursussen aan te bieden voor ouders en kinderen met een relatief laag gezinsinkomen. Het Rijnmond Multicultureel Centrum is een stichting opgericht in 2012 die zich inzet voor het ontwikkelen, emanciperen en participeren van de burgers van Rotterdam en omgeving. RMC heeft als doel om de achterban in de regio Rijnmond, in het bijzonder van niet-Westerse afkomst, te ondersteunen, hun leefklimaat te verbeteren, en hen de mogelijkheid te bieden om zich te ontplooien UitJezelf is in 2010 opgericht en is een netwerkorganisatie van onderwijs en mediaprofessionals die cultuureducatie en participatieprojecten ontwikkelt en uitvoert. UitJezelf verzorgt ook voor RMC trainingen aan kinderen uit de wijk. De hoofddoelen van de samenwerking is om de achterstanden van kinderen in lezen en schrijven te verminderen, leerlingen te motiveren en hen discipline aan te leren, en sociale ontwikkeling te bevorderen. Dit doen de drie organisaties door huiswerkbegeleiding en andere activiteiten aan te bieden tegen een laag bedrag.

Stichting Rijnmond Multicultureel Centrum krijgt hiervoor € 32.530,00 subsidie van de gemeente. Bij het RMC biedt Educaplus gratis huiswerkbegeleiding aan. Daarnaast biedt de organisatie zelf ook begeleiding en trainingen aan scholieren tegen betaling aan en verzorgt ze onder andere cursussen, huiswerkbegeleiding, bijles en examentrainingen in de avonduren en weekenden. De gratis huiswerkbegeleiding vindt plaats in de weekenden. Voor middelbare scholieren gaat het om drie uur begeleiding en basisschoolleerlingen zijn twee uur lang welkom. Een deel hiervan wordt verzorgd door UitJezelf, waarbij er aandacht is voor de sociale ontwikkeling, sport, techniek, en cultuur. Het andere deel van de tijd wordt besteed aan leerondersteuning door Educaplus. Iedere groep wordt begeleid door een vaste vrijwilliger-mentor. Alle mentor-vrijwilligers zijn HBO en/of universitaire studenten, met binding/wortels in Delfshaven en hebben daardoor ook een functie als rolmodel. Naast activiteiten voor kinderen en jongeren, worden er bij het RMC ook gratis NT2 trainingen gegeven voor ouders. De leerondersteuning door Educaplus bij RMC wordt aangeboden aan leerlingen op basisscholen en de onderbouw van het voortgezet onderwijs in de regio.

Het totale bereik is 100 leerlingen (maximaal 14 leerlingen VMBO onderbouw, 14 leerlingen Havo/VWO onderbouw, 16 leerlingen groep 3/4, 16 leerlingen groep 5/6, 20 leerlingen groep 7 en 20 leerlingen uit groep 8. De leerondersteuning vindt plaats in vier klaslokalen in het RMC. Het RMC is gevestigd in de wijk Bospolder/Tussendijken naast Openbare Basisschool Dakpark.

38

Oberon

Vereniging de Pupillen – Het Leespaleis In 2011 vond een bezuiningsronde op Rotterdamse buurthuizen en bibliotheken plaats. Veel buurthuizen kwamen in deze periode leeg te staan. Zo ook kwam een buurthuis aan de Heemraadstraat in Rotterdam vrij te staan. Een groep vrijwilligers besloot het lege pand te huren en een eigen buurthuis op te richten: Buurthuis De Pupillen. Om ook de functie van de lokale bibliotheek te kunnen vervangen en ook voor kinderen activiteiten te organiseren, ontstond in 2016 het idee om Pupillenkidz op te richten (activiteiten voor kinderen) en een ‘leespaleis’ in het wijkcentrum te beginnen. Leespaleis de Pupillen ligt in de Rotterdamse wijk Delfshaven en heeft als doel om kinderen de vaardigheden te leren die ze nodig hebben om zich te ontwikkelen in de maatschappij. Bijvoorbeeld door de taalachterstand van kinderen en jongeren te verminderen. Tegelijkertijd richt het Leespaleis zich op het voorkomen van isolement van kwetsbare mensen en het bevorderen van de onderlinge betrokkenheid in de buurt. Om dit te bereiken, biedt Het Leespaleis zowel kinderen als ouderen (op een speelse en educatieve wijze) begeleiding op een veilige en warme plek. Het Leespaleis is wijkcentrum en wijkbibliotheek in één. De vereniging ontvangt subsidie vanuit de gemeente Rotterdam. In 2022 bedroeg dit bedrag €14.000, specifiek bedoeld voor het “Project Leerondersteuning”.

In 2016 ontving de organisatie al subsidie van Studiepunt Rotterdam om een huiswerkklas en studiebegeleiding mee te financieren. Het Leespaleis biedt begeleiding aan zowel basisschoolleerlingen als leerlingen in het voortgezet onderwijs. Zo kunnen leerlingen vakspecifieke bijles volgens, bijvoorbeeld in rekenen, taal of Engels. Deze lessen vinden één keer per week plaats in kleine groepjes onder begeleiding van twee tot drie begeleiders. De organisatie biedt ook huiswerkbegeleiding voor zowel basisscholieren als middelbare scholieren. De huiswerkhulp voor basisschoolleerlingen is daarbij zoveel mogelijk individueel. Leerlingen kunnen in Het Leespaleis rustig en geconcentreerd werken aan hun huiswerk. Huiswerkbegeleiding vindt op alle doordeweekse dagen plaats, behalve op de woensdag. Begeleiders helpen hen bij het beantwoorden van vragen, of overhoren een leerling indien nodig. De Pupillen organiseert op de woensdagen verschillende activiteiten onder de naam ‘Pupillenkidz’. Iedere woensdagmiddag komen kinderen (van 4 t/m 13) uit de buurt samen in het Leespaleis. Kinderen kunnen aan verschillende activiteiten meedoen, zoals kookworkshops, sportactiviteiten en knutselmiddagen. Ook voor de ouders biedt het Leespaleis de Pupillen ondersteuning. Zo helpen zij ouders in het begeleiden van leerproblemen.

Ook werkt de organisatie samen met partners en de gemeente om doelgroepouders te ondersteunen bij o.a. taal, armoede en opvoedvraagstukken. Dit doet het Leespaleis door ouders toe te leiden naar aanbod op dit gebied in de wijk. De begeleiding wordt gedaan door vrijwilligers met verschillende achtergronden. Doelgroep van Het Leespaleis zijn leerlingen van groep 4 t/m 8 van de basisschool en scholieren van de eerste en tweede klas van het voortgezet onderwijs. Het bereik is minimaal 60 kinderen uit stadsdeel Delfshaven, voornamelijk uit de wijk het Nieuwe Westen. De kosten voor deelname zijn €30 per jaar. Leerlingen kunnen voor dit bedrag meedoen aan de lessen Engels en Nederlands, twee keer per week huiswerkbegeleiding volgen en meedoen aan de Pupillenkidzs activiteiten. Het Leespaleis kent één locatie aan de Heemraadstraat in Het Nieuwe Westen, onderdeel van het Rotterdamse Delfshaven. Het Leespaleis is gevestigd in Buurthuis De Pupillen. De locatie bestaat uit een algemene activiteitenruimte (met loungehoek en een leestafel), een gymzaal en een aantal losse lokalen.

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

39

ZuiderLokaal Stichting ZuiderLokaal is voortgekomen uit een initiatief van Louisa Boulkhrif die in het schooljaar 20132014 startte met bijles voor kinderen uit Vreewijk. Zij kon haar kinderen niet helpen met hun schoolwerk en had als alleenstaande moeder ook niet de financiële middelen om bijles te betalen. Samen met enkele moeders uit de buurt startte ze daarom zelf een huiswerkgroep met ongeveer 30 kinderen. In het schooljaar 2016-2017 was dat aantal gegroeid naar 180 leerlingen, waarvan er 60 noodgedwongen op een op een wachtlijst stonden, omdat de locatie (een wijkcentrum) te klein was geworden. Na de oprichting van Stichting Zuiderlokaal en de opening van een vestiging in een middelbare school met voldoende lokalen, nam in het schooljaar 2017-2018 het aantal inschrijvingen toe tot 300 leerlingen. Nadat in het schooljaar 2018-2019 een tweede vestiging werd geopend is dat gestegen tot jaarlijks zo’n 500 inschrijvingen. ZuiderLokaal heeft als doel extra taal- en rekenles te bieden aan kinderen waarvan de ouders zelf hun kind die hulp niet kunnen geven.

Om kansengelijkheid voor deze kinderen zoveel mogelijk te bevorderen, biedt ZuiderLokaal daarom de volgende concrete ondersteuning: ▪ Extra taal-en rekenles voor basisschoolleerlingen, waar mogelijk aangevuld met 1 op 1 begeleiding; ▪ Huiswerkhulp aan basisschoolleerlingen; ▪ Huiswerkhulp voor leerlingen uit het voortgezet onderwijs; ▪ Ondersteuning van ouders bij het helpen van hun kind bij het leren en bij leerproblemen; ▪ Samenwerking met partners en gemeente om doelgroep (ouders) te ondersteunen bij onder andere taal, armoede en opvoedvraagstukken door hen toe te leiden naar aanbod op dit gebied in de wijk. Omdat ZuiderLokaal is opgericht om te voorzien in hulp aan kinderen wier ouders die thuis zelf niet kunnen bieden, beschouwt de stichting zichzelf als “verlengstuk van het gezin”. Startpunt is dus niet de school, of het onderwijs, maar het gezin. ZuiderLokaal biedt daarom niet alleen ondersteuning aan kinderen, maar ook aan ouders. Zuiderlokaal is een stichting en heeft geen commercieel belang. Alle werkzaamheden worden verricht door vrijwilligers. De stichting ontvangt momenteel subsidie vanuit de gemeente. In de periode van januari tot en met december 2022 ontving de stichting een bedrag van € 103.890,00 voor de “Pilot Leerondersteuning”. Deelname aan Zuiderlokaal is gratis.

Vanaf de start van haar activiteiten in 2013-2014 heeft Louisa Boulkhrif hulp gehad van een ambtenaar van de deelgemeente Feijenoord. Deze ambtenaar heeft toen de subsidiering geregeld via Opzoomergelden, waarop een beroep kan worden gedaan voor buurtactiviteiten. Ook na de oprichting van de stichting deed ZuiderLokaal bij Wijkraden van gebieden waar het grootste deel van de ingeschreven kinderen vandaan komt, een aanvraag voor deze financieringsmogelijkheid. Omdat ook particuliere fondsen over het algemeen geen structurele activiteiten financieren, werd financiering vanuit de subsidieregeling Couleur Locale als optie genoemd. Alhoewel ook die van tijdelijke aard is. Tevens diende financiering via een onderdeel van het NPRZ (Nationaal Programma Rotterdam Zuid), de zo geheten verlengde dagprogrammering, te worden onderzocht. Daarnaast heeft ZuiderLokaal een poging gedaan om in aanmerking te komen voor financiering door Stichting De Verre Bergen. In de schooljaren 2019-2020 en 2020-2021 heeft ZuiderLokaal gebruik kunnen maken van Couleur Locale, een subsidieregeling voor welzijnsactiviteiten, die per kalenderjaar wordt verleend. De begroting

40

Oberon

van Zuiderlokaal beslaat logischerwijs een schooljaar, waardoor halverwege een schooljaar een nieuwe financiële situatie kan ontstaan. Omdat de gemeente Couleur Locale in 2020 beëindigde, werd speciaal voor alle zo genoemde leerondersteuningsactiviteiten in de stad binnen de gemeentebegroting voor 2021 een nieuw budget van 300.000 beschikbaar gesteld, dat voor gelijke delen gevuld werd uit middelen voor armoedebestrijding, taaleducatie en achterstandsgelden. Ook Zuiderlokaal kon daar voor het schooljaar 2021-2022 gebruik van maken. In het schooljaar 2021-2022 is gebleken dat er inderdaad een groot verschil is tussen de wijken ten westen van de spoorlijn die Zuid doorsnijdt en een gebied als IJsselmonde, ten oosten daarvan. Het aantal inschrijvingen voor Veenoord bleef steken op 90, terwijl maar een klein deel daarvan zich wekelijks meldde. Om die reden besloot het bestuur van ZuiderLokaal aan het eind van het schooljaar 2021-2022 de activiteiten in Veenoord te beëindigen. Voor een aantal ouders was dit een enorme tegenvaller. Naar aanleiding van hun reactie is kort voor de zomervakantie afgesproken dat de locatie Veenoord toch open blijft als aan twee voorwaarden wordt voldaan: een van de ouders stelt zich beschikbaar om samen met iemand van het ZuiderLokaal team de leiding in Veenoord op zich te nemen. Daarvoor heeft zich een ouder aangemeld.

Tweede voorwaarde is dat per 28 augustus er minimaal 80 inschrijvingen binnen zijn. De genoemde activiteiten van ZuiderLokaal vinden drie avonden per week plaats: in het schooljaar 2021-2022 op dinsdag- en donderdagavond op locatie de Hef, en op woensdagavond op locatie Veenoord. Het ZuiderLokaal is deze drie avonden geopend van 17:45 tot 20:00 uur. Basisschoolleerlingen kunnen voor maximaal twee avonden per week worden ingeschreven. Van 18.30 tot 20.00 krijgen ze anderhalf uur taal- en rekenles. Leerlingen werken dan in groepjes met een vaste begeleider, en werken onder andere samen om de vaardigheden op het gebied van begrijpend lezen en rekenen te verbeteren. Leerlingen die moeite hebben met de leerstof worden apart genomen en krijgen ongeveer een half uur 1 op 1 begeleiding. Voor leerlingen die huiswerk van school mee krijgen is er de mogelijkheid om dat tussen 17.45 en 18.30 onder begeleiding te maken. De begeleiders vormen het hart van de organisatie. Er zijn tussen de 50 en 60 begeleiders actief. Begeleiders zijn volgens ZuiderLokaal rolmodellen uit de buurt. Zij zijn immers “het bewijs dat studeren zinvolle tijdsbesteding is, een goede voorbereiding op een bevredigend (arbeids)leven” (bron: zuiderlokaal.nl). De 1 op 1 begeleiding wordt meestal gedaan door ruim 20 PABO-studenten, en ook door oudere vrijwillige begeleiders met een onderwijsachtergrond.

Voor alle begeleiders en andere vrijwilligers vraagt ZuiderLokaal een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) aan. Alle begeleiders en vrijwilligers ontvangen een vrijwilligersvergoeding Daarnaast zijn er enkele vrijwilligers die zorgen voor de limonade die de kinderen tijdens een korte pauze kunnen drinken en voor thee en koffie voor ouders die tijdens de lessen op hun kind blijven wachten. Deze vrijwilligers brengen tijdens de lessen lesmateriaal rond en maken na afloop de lokalen schoon. Zij beginnen rond 17.00. Ook de ouders van deelnemende kinderen kunnen op een vestigingslocatie van Zuiderlokaal terecht. Terwijl hun kinderen aan het werk zijn, kunnen ouders wachten in een verblijfsruimte of bijvoorbeeld deelnemen aan trainingen. Voorbeelden van trainingen die tot kort voor de corona-uitbraak werden aangeboden, zijn een cursus Budgettering voor huishoudens, een taalcursus Nederlands en een opvoedcursus. Aanvullend op deze trainingen kunnen ouders bij Zuiderlokaal terecht voor allerhande hulpvragen met betrekking tot opvoeding, schuldhulpverlening en/of school(niveau)keuze.

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

41

Jaarlijks worden meer dan 500 kinderen ingeschreven bij ZuiderLokaal. Ze zijn afkomstig uit alle wijken op Zuid en soms van daarbuiten. De meesten komen uit de wijken Feijenoord, Hillesluis, Bloemhof, Vreewijk, Afrikaanderwijk, Tarwewijk en Groot IJsselmonde. Van die ruim 500 komt 90% uit het Primair Onderwijs en 10% uit het Voortgezet Onderwijs. ZuiderLokaal hecht eraan om bij problemen, bijvoorbeeld met gedrag, altijd in gesprek te gaan met het kind. Louisa gaat samen met het kind op zoek naar de diepere oorzaak van dat gedrag. Bijna altijd blijkt die er ook te zijn. Zo nodig wordt contact gezocht me de ouders en gaat zij in gesprek met ouders en kind. Het creëren van een veilige omgeving voor iedereen is minstens zo belangrijk als het overdragen van kennis. Zonder die veiligheid is er onvoldoende ruimte om te leren. Daarom is bij ZuiderLokaal nog nooit een kind weggestuurd. Ook leren de kinderen op deze manier dat er een alternatief is voor ruzie en boosheid, en dat door met elkaar te praten problemen beter, met respect voor elkaar en in een goede sfeer kunnen worden opgelost.

42

Oberon

Bijlage 2 Gespreksleidraden Gespreksleidraad ouders Introductie onderzoek Voorstelrondje (naam, leeftijd kinderen en hoe lang zoon/dochter al huiswerkbegeleiding krijgt, wat voor soort begeleiding krijgt kind (vakspecifiek, taalklasje, etc.). 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

Waarom is uw kind op huiswerkbegeleiding gegaan? Hoe zijn jullie bij de huiswerkbegeleider terecht gekomen? Welke opbrengsten ziet u nu bij uw kind nu hij/zij huiswerkbegeleiding volgt? Waar merkt u dat aan? In hoeverre zijn deze opbrengsten volgens u een resultaat van de leerondersteuning, of spelen er mogelijk nog andere factoren mee? Heeft de huiswerkbegeleiding iets voor uzelf als ouder opgeleverd? Wat zijn volgens u de sterke kanten van de huiswerkbegeleiding? Wat zou u graag anders willen zien in de begeleiding? Wat zijn aanvullingen of verbeterpunten? Heeft u nog opmerkingen of toevoegingen? Missen we nog belangrijke dingen?

Gespreksleidraad vrijwilligers/begeleiders 1. 2.

Kunt u uzelf voorstellen? Achtergrond, leeftijd, opleiding (!)… Wat is uw functie hier? Heeft u voorafgaand aan deze functie opleiding/begeleiding gehad, of krijgt u dat nu? 3. Hoe ziet uw gemiddelde dag bij organisatie x er uit? 4. Waarom bent u hier vrijwilliger geworden? Wat is uw motivatie? 5. Wat zijn de opgestelde doelen van deze organisatie? 6. Op welke manier draagt u in uw functie bij aan de doelen van organisatie x? 7. Kunt u een beeld schetsen van de groep leerlingen die hier komt? 8. Hoe is jullie contact met de scholen? Stemmen jullie af met leraren/mentoren? 9. Wat zijn volgens u de successen en/of opbrengsten van de leerondersteuning? (hoe specifieker, hoe beter) voor ouders, jongeren en uzelf? Waar merkt u dat aan? 10. In hoeverre zijn deze opbrengsten volgens u een resultaat van de leerondersteuning, of spelen er mogelijk nog andere factoren mee? 11. Waar loopt u tegen aan in de uitvoering/begeleiding van leerlingen? Wat kan beter in de uitvoering/begeleiding van leerlingen. 12. Stel dat ik huiswerkbegeleiding wil organiseren, wat is dan de belangrijkste geleerde les die u zou meegeven? 13. Wat zijn wensen en behoeften voor de toekomst? 14. Heeft u nog opmerkingen of toevoegingen? Missen we nog belangrijke dingen?

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

Gespreksleidraad projectleiders 1. 2. 3. 4. 5.

Kunt u uzelf voorstellen? Achtergrond, opleiding, leeftijd… Wat is uw functie hier? Hoe ziet uw gemiddelde dag bij organisatie x er uit? Hoe is organisatie x ontstaan? Vanuit welke missie/visie? Kunt u de belangrijkste doelen en verwachtingen van de leerondersteuning noemen? Is dit ondertussen veranderd? 6. Waarom vinden jullie het belangrijk om deze doelen te bereiken? 7. In hoeverre zijn de doelen behaald? 8. Hoe was de aanpak vóór de subsidie vanuit de gemeente? Wat heeft subsidie veranderd? 9. Met welke partners (andere organisaties, scholen) werken jullie samen? Hoe ziet deze samenwerking eruit? 10. Welke eisen worden er gesteld aan de vrijwilligers? Waarom? 11. Wat is volgens u de toegevoegde waarde van de vrijwilligers en hun vereisten? 12. Hoe dragen zij bij aan het behalen van de doelen? 13. 11. Wat zijn volgens u de successen en/of opbrengsten van de leerondersteuning? (hoe specifieker, hoe beter) voor ouders, jongeren en uzelf? 12. In hoeverre zijn deze opbrengsten volgens u een resultaat van de leerondersteuning, of spelen er mogelijk nog andere factoren mee? 13. Waar loopt u tegenaan in de organisatie van de huiswerkbegeleiding? 14. Wat kan beter in de uitvoering/begeleiding van leerlingen? 15. Wat zijn wensen en behoeften voor de toekomst? Voorbeelden: uitbreiding leerlingen, uitbreiding locaties, etc. 16.

Heeft u nog opmerkingen of toevoegingen? Missen we nog belangrijke dingen?

Gespreksleidraad leerlingen 1.

Hoe oud ben je en in welke klas zit je? (Vo’ers aanvullend ook nog vragen naar onderwijsniveau) 2. Hoe lang doe je al mee met de huiswerkklas/huiswerkbegeleiding? 3. Hoe ben je hier bij de huiswerkbegeleiding terecht gekomen? 4. Waarom doe je mee met de huiswerkklas/huiswerkbegeleiding? 5. Wat vind je van de huiswerkklas/huiswerkbegeleiding? Wat gaat goed? 6. Doorvragen: begeleiding, continuïteit. 7. Wat wil je graag leren bij de huiswerkklas? Heb je vooraf een leerdoel opgesteld? 8. Waar krijg je hulp bij? a. Past dat bij waar je op school ook mee bezig bent of waar je op school ook hulp bij nodig hebt? b. Word je goed geholpen? 9. Wat heb je geleerd tijdens de huiswerkklas? Wat heb je er aan? 10. Merk je verschil met voordat je begon bij de huiswerkklas? 11. Waar merk je dat aan? 12. Als jij de baas was van de huiswerkklas, wat zou je dan anders doen? 13. Zijn er nog andere dingen over de huiswerkklas die jij belangrijk vindt om ons te vertellen?

43

44

Oberon

Bijlage 3 Script leerlingenvragenlijst Je gaat naar [locatie] voor huiswerkbegeleiding buiten schooltijden. Wij willen graag weten hoe jij dat vindt. Daarvoor is deze vragenlijst. Als je vragen niet goed begrijpt, vraag dan om hulp bij een van de begeleiders. Er is geen goed of fout antwoord op de vragen, het gaat er om wat jij vindt.

Vraag 1: Ik zit in groep/ klas o

Groep 6

o

Groep 7

o

Groep 8

o

Klas 1

o

Klas 2

o

Klas 3

o

Anders, namelijk: ______________________________

*Uitsluitend als bij vraag 1 ‘klas 1’, ‘klas 2’ of ‘klas 3’ is ingevuld.

Vraag 2: Ik doe… Let op: je kan meerdere antwoorden kiezen o

Vmbo-Kader en/of vmbo basis

o

Vmbo-GL

o

Vmbo-T

o

Havo

o

Vwo of gymnasium

Vraag 3: Ik ben ... jaar oud ______________

Vraag 4: Hoe lang volg je huiswerkbegeleiding bij [locatie]? o

Ik ben vorig schooljaar of nog eerder gestart

o

Ik ben aan het begin van dit schooljaar gestart

o

Ik ben sinds kort gestart (na de kerstvakantie)

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

45

Vraag 5: In hoeverre ben je het eens met de volgende stellingen? Helemaal niet

Een beetje wel/ beetje niet 😐

Helemaal wel 😊

Ik vind het leuk om naar [locatie] te gaan

o

o

o

o

o

De begeleider(s) van [locatie] helpt mij goed

o

o

o

o

o

Ik kan het goed vinden met de begeleider(s) van [locatie]

o

o

o

o

o

Ik voel me op mijn gemak bij de begeleider(s) van [locatie]

o

o

o

o

o

Als ik vragen heb kan ik die stellen bij de huiswerkbegeleiding

o

o

o

o

o

Ik heb bij de huiswerkbegeleiding een rustige werkplek

o

o

o

o

o

Vraag 6: Helemaal niet

Een beetje wel/ beetje niet 😐

Helemaal wel 😊

Het gaat beter op school

o

o

o

o

o

Ik zit beter in mijn vel

o

o

o

o

o

Ik leer vaardigheden die me helpen op school, zoals hoe ik het beste kan leren.

o

o

o

o

o

Iets anders, namelijk…..

o

o

o

o

o

46

Oberon

Vraag 7: Wat vind je goed aan de huiswerkbegeleiding? _____________________________________________________________________________________ _____________________________________________________________________________________ _____________________________________________________________________________________

Vraag 8: Wat kan er beter aan de huiswerkbegeleiding? _____________________________________________________________________________________ _____________________________________________________________________________________ _____________________________________________________________________________________

Vraag 9: Zijn er nog andere dingen die je kwijt wilt over locatie X? _____________________________________________________________________________________ _____________________________________________________________________________________ _____________________________________________________________________________________

Bedankt voor het invullen van de vragenlijst, klik op "antwoorden versturen" om verder te gaan Hartelijk dank voor je deelname. Je antwoorden zijn verstuurd.

Evaluatie leerondersteuning 2022: Gemeente Rotterdam

Bijlage 4 Aanvullende tabellen

47

10

Tabel 3: In welke groep/klas zitten leerlingen die de vragenlijst hebben ingevuld. %

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=00101f79-f562-46e4-a24d-2690e55ff6c4