CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb006223] Bijlage behorende bij 23bb006221 over Doelen voor Rotterdamse doeners Voluntary Local Review

Commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (2022 - 2026) 16 november 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Financiën23.636 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Doelen voor

Rotterdamse doeners Voluntary Local Review

De Sustainable Development Goals in Rotterdam 2023 1

Erasmusbrug Al sinds 1996 is de Erasmusbrug, vernoemd naar de beroemde in Rotterdam geboren humanist Desiderius Erasmus, het stadsicoon dat staat voor ‘de kracht van Rotterdam’. De brug is niet alleen een belangrijke verbinding over de Maas geworden tussen de noord- en zuidzijde van de stad. De Erasmusbrug staat ook symbool voor de stad Rotterdam. Architect Ben van Berkel “Ik wilde iets maken waar iedereen naar zou wijzen, waar mensen blij van zouden worden om er overheen te gaan.” De Rotterdammers hebben de brug een elegante bijnaam gegeven: de Zwaan. De Zwaan is vaak het centrum voor evenementen zoals de Rotterdam Marathon, het jaarlijkse stadsvuurwerk met oud en nieuw, demonstraties, shows en optochten. De brug, ook hier op de cover, is het visitekaartje van de stad en zeer waarschijnlijk het meest gefotografeerde icoon van de Maasstad.

2

Inhoudsopgave Voorwoord

4

Inleiding

5

Aanpak en proces

6

Het Rotterdamse verhaal van toen naar nu

8

Rotterdamse opgaven

12

SDG 1: Geen armoede & SDG 2:Geen honger

16

In de stad: Stichting niet graag een lege maag

18

SDG 3: Goede gezondheid en welzijn

20

SDG 4: Kwaliteitsonderwijs

22

In de stad: Kwaliteitsonderwijs

24

SDG 6: Schoon water en sanitair

26

SDG 7: Betaalbare en duurzame energie

27

In de stad: Heilige Boontjes

30

SDG 8: Waardig werk en economische groei

32

SDG 9: Industrie, innovatie en infrastructuur

36

In de stad: Zero Emissie Stadslogistiek

38

SDG 5: Gender­gelijkheid & SDG 10: Ongelijkheid verminderen

40

In de stad: Mooi, Mooier, Middelland

44

SDG 11: Duurzame steden en gemeenschappen

46

SDG 12: Verantwoorde consumptie en productie

50

In de stad : Verantwoorde consumptie en productie

52

SDG 13: Klimaat­actie

54

SDG 14: Leven in het water

58

SDG 15: Leven op het land

60

In de stad: Het Nationaal Programma Rotterdam Zuid

64

SDG 16: Vrede, justitie en sterke publieke diensten

66

SDG 17: Partnerschap om de doelen te bereiken

70

Nawoord

72

Conclusie

73

Referentielijst

74

Colofon

79

3

Voorwoord Rotterdam is een prachtige, levendige en bruisende stad. Rotterdam is een stad van doeners. De kreet luidt dan ook niet voor niets: ‘niet lullen maar poetsen’. Rotterdam loopt voorop als het gaat om innovatie op allerlei terreinen. Tegelijkertijd kent de stad ook grote uitdagingen. De leefbaarheid en veiligheid in de stad blijven een belangrijk aandachtspunt maar ook armoede en klimaat zijn grote opgaven. We willen dat Rotterdam een prettig leefbare stad is voor iedereen, nu en in de toekomst.

Maarten Struijvenberg

Om de grote opgaven aan te pakken moeten we als gemeente samenwerken waar dat kan. Want samen staan we sterker. Alles wat daarbij helpt is welkom, zoals de Sustainable Development Goals. Die nemen we niet klakkeloos over, maar hebben we vertaald naar de Rotterdamse situatie zodat we ze hier kunnen gebruiken op een manier die ons helpt. Het gaat ons om de Rotterdamse context, we willen nu doen wat nodig is om ervoor te zorgen dat de stad die prettige leefbare plek blijft, nu en over tien jaar.

Wethouder Financiën, Organisatie, Dienstverlening en Grote Projecten

Deze rapportage helpt daarbij. Op deze manier kunnen we de doelen waar dat nuttig is gebruiken voor samenwerkingsverbanden en business cases.

4

Inleiding In Rotterdam werken we aan de Sustainable Development Goals (SDG’s) om de brede welvaart in de stad te versterken. Brede welvaart is het behouden en verbeteren van de kwaliteit van leven waarbij rekening wordt gehouden met de maatschappij, de biosfeer en de economie. De SDG’s met zijn zeventien doelen vormen hiervoor een kompas. In deze eerste Voluntary Local Review (VLR) laten we zien hoe we dat doen. De SDG’s, ook wel Duurzame ontwikkelingsdoelen of Global Goals genoemd, zijn zeventien doelen die door de Verenigde Naties zijn opgesteld. De doelen lopen van 2015 tot 2030 en volgen daarmee de Millenniumdoelen - die liepen van 2000 tot 2015 - op. De SDG’s gaan over armoede, onderwijs, werk, infrastructuur, klimaat en meer. Ze vormen een wereldwijd kompas voor iedereen om te doen wat nodig is om de wereld socialer, welvarender en meer toekomstbestendig te maken. Zo ook voor Rotterdam als internationale stad met grote opgaven. De Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) stelde in haar rapport ‘Doelen voor Doeners’ (juli 2021) dat de meerwaarde van de SDG’s ligt in het gebruiken van de SDG’s als gemeenschappelijke taal, kader en koers. Juist ook met partners in de stad, de Rotterdammers, in het land en in de EU. Dit helpt om opgavegericht en integraal te werken en nieuwe partnerschappen aan te gaan en bestaande te verstevigen.

Voor u ligt de eerste Voluntary Local Review (VLR) van de stad Rotterdam die door de gemeentelijke organisatie is opgesteld. De VLR laat lokaal de voortgang zien op het behalen van de Sustainable Development Goals. Wereldwijd hebben vele gemeenten, zoals Buenos Aires, Bristol, Gent en Amsterdam een VLR gepubliceerd. De Vereniging Nederlandse Gemeenten en het ministerie van Buitenlandse Zaken hebben een ‘subnational’ en ‘national’ review opgesteld.

De historie van Rotterdam, de wederopbouw na het grote bombardement in de Tweede Wereldoorlog, heeft de basis gelegd voor het huidige, moderne Rotterdam. Met innovatie en ondernemerschap als kenmerken van de Rotterdamse mentaliteit en haar veerkrachtige bewoners. Dat is een mooie uitgangspositie om de uitdaging aan te gaan om de SDG’s te bereiken. Tegelijkertijd staat Rotterdam voor een aantal grote opgaven. Denk bijvoorbeeld aan de energietransitie, de armoede, de tekorten op de arbeidsmarkt en de betaalbaarheid van woningen. Het bijzondere aan Rotterdam is dat de stad daar steeds daadkrachtig op reageert. De handen gaan uit de mouwen én we slaan die handen ineen. Niet voor niets loopt al ruim 10 jaar het Nationaal Programma Rotterdam Zuid. In gemeenschappelijkheid werken we daar aan kansengelijkheid, kwaliteit van het onderwijs, beschikbaarheid van woningen en banen voor de bewoners van Rotterdam Zuid. Op dezelfde manier pakt Rotterdam ook andere grote opgaven daadkrachtig op.

Leeswijzer In deze VLR wordt eerst het verhaal van Rotterdam verteld: het ontstaan, karakter en DNA van de stad. Vervolgens worden de uitdagingen voor de stad en haar bewoners geschetst aan de hand van de aanpak van het huidige college (2022-2026). Daarna geven we voor de 17 duurzame ontwikkelingsdoelen kort en bondig inzicht in de Rotterdamse situatie aan de hand van een beperkte set indicatoren, meetbare begrippen aan de hand waarvan iets kan worden gezegd over waar we staan ten opzichte van het SDG doel. Waar dit helpt voor het inzicht is een vergelijking in de tijd of met de G4 gemaakt. Daarnaast beschrijven we de gemeentelijke ambitie en de aanpak op hoofdlijnen. Met een aantal inspirerende initiatieven uit de stad wordt de aanpak bij verschillende SDG’s concreet gemaakt. Deze initiatieven laten zien hoe Rotterdammers, Rotterdamse ondernemers en Rotterdamse organisaties de handen ineenslaan en bijdragen aan de ontwikkeling van een duurzame en toekomstbestendige stad.

5

Aanpak en proces Dit rapport is een product van de gemeente Rotterdam dat invulling geeft aan de keuze om Global Goals Gemeente te worden door aan te sluiten bij de SDG campagne ‘Gemeenten 4 Global Goals’ van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Bij het maken van dit rapport hebben we gekeken naar de verschillende SDG-gerelateerde handleidingen, zoals de VNG Handreiking ‘Global Goals in het gemeentelijk beleid’, het ‘European Handbook for SDG Voluntary Local Reviews’ van de Europese Commissie, maar ook naar SDG-rapportages gemaakt door andere steden. Vanuit de gehele breedte van de gemeentelijke organisatie is meegedacht en meegewerkt aan dit rapport. Dit rapport is voor ons als gemeentelijke organisatie een eerste stap in het werken met de SDG’s. Dit rapport geeft aan hoe we als Rotterdam ervoor staan om de Sustainable Development Goals te halen. Per doel worden de volgende aspecten beschreven: . Rotterdamse situatie: een beschrijving van de context waarbinnen de SDG wordt bekeken. De ontwikkeling van de stad en de identiteit van Rotterdammers wordt hier ook in mee genomen. Zo vertalen we de SDG’s naar het Rotterdamse; . Indicatoren: cijfers van meetbare begrippen zoals ‘aantal huishoudens met een schuld’ of ‘energielabels van de woningvoorraad’ geven inzicht in wat de Rotterdamse situatie concreet betekent; .

Ambitie: welke concrete doelstellingen zijn afgesproken of worden overgenomen vanuit landelijk of Europees vastgesteld beleid; . De (gemeentelijke) aanpak: dit onderdeel geeft inzicht in de specifieke en concrete aanpak van de gemeente om verandering te bewerkstelligen op de SDG’s. Dit is niet uitputtend.

Indicatoren De indicatoren - de grafieken en tabellen - zijn een belangrijk onderdeel van dit rapport, ze geven een objectief en meetbaar beeld van hoe het ervoor staat in Rotterdam. Dit is de eerste editie van een Rotterdamse rapport op de SDG’s. Het geeft een startbeeld. Deze exercitie kan in de toekomst mogelijk worden herhaald, zo kunnen we de voortgang op het behalen van de SDG’s inzichtelijk maken. Daarnaast biedt het maken van een vervolgrapportage kansen om deze samen met de stad te maken. Door samen te werken met kennisinstellingen en informatie op te halen bij Rotterdammers en Rotterdamse ondernemers zou het een rapport kunnen zijn van de stad, voor de stad. De indicatoren zijn gekozen in samenwerking met betrokken beleidsadviseurs van de afdeling Onderzoek en Business Intelligence en met behulp van de set SDGindicatoren op waarstaatjegemeente.nl, een product van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Daarnaast zijn er indicatoren opgenomen waar de gemeente al lange tijd mee werkt, zoals die uit de Staat van de Stad, de wijkprofielen en cijfers uit de Omnibusenquête. Niet elke indicator is op hetzelfde niveau uit te splitsen. We proberen voor SDG’s een beeld te geven van de mogelijke verschillen binnen Rotterdam op wijkniveau maar ook hoe Rotterdam ervoor staat vergeleken met de rest van Nederland.

Hiervoor is voor het niveau G4 gekozen (de 4 grote gemeenten: Amsterdam, Den Haag, Utrecht en Rotterdam). Deze grootstedelijke gemeenten zijn het meest vergelijkbaar. Daarnaast kijken we ook naar de metingen over de tijd. Hiervoor is, voor zover de gegevens beschikbaar zijn, een periode gekozen van 2015 tot nu, met 2015 als het startjaar van de duurzame ontwikkelingsdoelen. De indicatoren hebben verschillende bronnen, zoals het Centraal Bureau voor Statistiek, maar bevat ook eigen cijfers van de gemeente. Alle gebruikte data zijn in principe publiekelijk toegankelijk of opvraagbaar.

6

In de stad Het behalen van de duurzame ontwikkelingsdoelen hangt niet alleen af van de inzet van de gemeente of de overheid. Doel 17 - partnerschap om doelstellingen te bereiken - zien we als het doel dat aan de basis ligt van het behalen van de andere doelen. Lokale en mondiale partnerschappen zijn nodig om duurzame ontwikkeling mogelijk te maken. Dit rapport dient als een uitnodiging om samenwerking in de stad te versterken. Daarom schenken we ook aandacht aan wat nu al in de stad gebeurt.

De voorbeelden zijn een selectie van wat er in Rotterdam gebeurt. Ze weerspiegelen elk op hun eigen manier de stad, in zijn rauwheid, of met de innovatie of het lef dat getoond wordt. We zijn ons ervan bewust dat we met deze voorbeelden lang niet compleet kunnen zijn. Er gebeurt ontzettend veel in de stad. Door de beperkte ruimte in dit rapport kunnen we helaas maar enkele voorbeelden opnemen. Maar vast staat: voor het behalen van de Rotterdamse SDG’s zijn we afhankelijk van alle partijen in de stad.

Deze voorbeelden laten zien hoe Rotterdammers, Rotterdamse ondernemers en organisaties zich elk op hun eigen manier inzetten voor de stad van de toekomst. Werken aan de SDG’s gebeurt niet door een enkele partij of op een manier. Iedereen kan bijdragen.

7

Het Rotterdamse verhaal van toen naar nu We nemen je graag mee in het verhaal van Rotterdam, van toen naar nu. Van het mozaïek van dorpen, de industrialisering en immigratie tot aan de wereldstad die Rotterdam vandaag de dag is en de opgaven waar de stad en haar inwoners en ondernemers nu voor staan. Voor een uitgebreide beschrijving van het Verhaal van Rotterdam kun je meer lezen in de Omgevingsvisie Rotterdam ‘De Veranderstad. Werken aan een wereldstad voor iedereen.’ Een verbonden mozaïek De geschiedenis van Rotterdam begint rond 1270 als op de pas aangelegde dam in het riviertje de Rotte een klein vissersdorp ontstaat. Na de voltooiing van de Nieuwe Waterweg in 1872 maakt Rotterdam een periode van onstuimige groei door: het aantal inwoners stijgt fors, maar ook het grondgebied breidt zich uit. Aangrenzende dorpsgemeenschappen zoals Hillegersberg, Overschie, Schiebroek, Kralingen,

Charlois en IJsselmonde worden door de oprukkende verstedelijking bij Rotterdam getrokken. Zo ontstaat een ‘stad van vele dorpen’. Rotterdam kent een aantal ‘vrijliggende kernen’. Dit waren zelfstandige gemeenten, die in de 20e eeuw bij Rotterdam zijn gevoegd. Ze liggen op afstand van de Rotterdamse binnenstad. Dit waren onder meer kleine havendorpen met van oudsher bewoners die in de haven en industrie werkten. De Rotterdamse vrijliggende kernen Kern

Inwoners

Oppervlakte

Hoogvliet

34.948 inwoners

9,8 km2

Hoek van Holland

10.200 inwoners

14,1 km2

Rozenburg

12.515 inwoners

6,5 km2

Pernis

4.850 inwoners

1,6 km2

Heijplaat

1.395 inwoners

41 km2

Rotterdam rond 1340, toen de stad stadsrechten kreeg

8

Rotterdam en omliggende landerijen rond 1784

Na de Tweede Wereldoorlog en het verwoestende bombardement op de stad beleeft Rotterdam een nieuwe periode van groei. In deze jaren is de werkloosheid laag, bedrijven hebben moeite met het vinden van arbeidskrachten, met name voor zwaar en vuil fysiek werk. De Nederlandse overheid trekt daarom vanaf de jaren ‘60 gastarbeiders aan uit andere landen, zoals Spanje, Portugal en Italië en daarna Marokko en Turkije. Zij vestigen zich blijvend in de stad waarna vaak ook hun familie volgt. Daarnaast wonen er in Rotterdam ook relatief grote gemeenschappen uit Kaapverdië en de Nederlandse Antillen. Vanaf de jaren ‘70 gaat het slechter met de stad. De binnenstad en vooroorlogse wijken verloederen en mensen die het kunnen betalen verhuizen naar nieuwe groeikernen, zoals omliggende steden Spijkenisse, Barendrecht en Hellevoetsluis. Armoede is aan de orde van de dag. Ook na 2000 trekt Rotterdam groepen arbeids­ migranten aan. In 2020 heeft 52,3% van de Rotterdammers een migratieachtergrond. Dit cijfer illustreert de diversiteit in herkomst van de stad, die zowel positieve als minder positieve gevolgen heeft. De stad is divers en kleurrijk, wat onder meer de levendigheid ten goede komt. De keerzijde is bijvoorbeeld de onenigheid die er heerst tussen verschillende bevolkingsgroepen. Dit hoort bij een stad

met vele gezichten. Verder is de stad steeds populairder onder internationale studenten en expats die voor kortere of langere tijd in de stad wonen. Rotterdam telt ongeveer 175 nationaliteiten. De stad verandert in een wereldstad met een mix van culturen, op elke straathoek kun je gerechten uit alle windstreken eten. Door de inzet op toerisme en architectuur trekt Rotterdam steeds meer binnen- en buitenlandse bezoekers die genieten van de levendigheid van de stad. Nog nooit eerder in de naoorlogse geschiedenis was de stad zo populair. Inmiddels is Rotterdam met buurgemeenten zoals Schiedam, Spijkenisse, Capelle aan den IJssel, Barendrecht, Albrandswaard en Lansingerland aaneengegroeid tot een grootstedelijk gebied met meerdere centra. Dankzij de goede bereikbaarheid heeft de Rotterdamse regio een sterke positie in de Randstad en goede verbindingen met het achterland.

Ruimte voor ondernemen Vanaf midden 19e eeuw ondergaat Rotterdam grote veranderingen. Door de aanleg van de Nieuwe Waterweg, de groeiende haveneconomie en het gemeentelijke klimaat was het aantrekkelijk om in de stad te investeren. Havenbaronnen investeren samen met het stadsbestuur in havens, woongebieden en representatieve gebouwen. Zo verrijst aan de Coolsingel een nieuw stadhuis, gevolgd door een postkantoor en een beurs. Rotterdammers krijgen de ruimte om naar hartenlust te ondernemen.

9

Wederopbouw Het Duitse bombardement tijdens de Tweede Wereldoorlog op Rotterdam op 14 mei 1940 gooit echter roet in het eten. Binnen een kwartier wordt het centrum van de stad weggevaagd. Naar schatting 900 mensen komen om en 80.000 mensen raken dakloos. Rotterdam is in het hart geraakt. Vóór de verwoesting van de binnenstad was al een voorzichtige modernisering ingezet om de stad net zo modern te laten zijn als de haven. Ondanks de grote impact van het bombardement wordt deze modernisering na de Tweede Wereldoorlog voortvarend doorgezet. Door de wederopbouw heeft Rotterdam als een van de weinige Nederlandse steden een binnenstad die jonger is dan de wijken eromheen. De wederopbouw heeft ruimte gegeven aan innovatie en de doenersmentaliteit van Rotterdammers. Deze mentaliteit en veerkracht om de stad weer op te bouwen, is nog altijd voelbaar. Veerkracht zit in het DNA van de stad en haar bewoners. Rotterdammers zijn bovendien initiatiefrijk; ze willen meedenken en meedoen. Met kleine en grote initiatieven, zeker waar het de persoonlijke levenssfeer betreft. Rotterdammers zijn begaan met hun stad en wijk en weten als geen ander wat er speelt. Tegelijkertijd verwachten ze wel dat de overheid het voortouw neemt op onderwerpen als leefomgeving, leefbaarheid, veiligheid en milieu. Dat creëert zekerheid en vertrouwen.

Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

De Rotterdammers zelf zijn en blijven essentieel voor het wel en wee van de stad en de wijken. Want de mensen maken de stad. Rotterdam is een stad met een uitgesproken karakter, is energiek en altijd in beweging. Mede door de veel­ zijdigheid en veelkleurige en -soortige samen­stelling van de bevolking, is de stad internationaal bekend om haar vernieuwingsdrift en ruimte voor innovatie. Zo is de stad een solide thuishaven voor multinationals en internationaal vooraanstaande onderzoeks- en kennisinstellingen, waaronder Erasmus Universiteit Rotterdam, Erasmus MC en Hogeschool Rotterdam. Maar de stad biedt ook aan kleine ondernemers en initiatieven de ruimte om zich te ontwikkelen.

Het verdwenen hart van de stad na het bombardement van 14 mei 1940

10

Water als bedreiging en kans Rotterdam leeft met water door de ligging aan de zee­ monding van de Rijn en de positie in de rivierdelta. Het aanleggen van de dijken rondom Delfland en Schieland in de 12e eeuw zorgde voor veiligheid, maar er is meer nodig om Rotterdam te beschermen. In de eeuwen daarna krijgt Rotterdam met zijn gemalen, boezems en kanalen het water steeds meer onder controle. Rotterdammers zien het watersysteem als maakbaar en handelen daarnaar. De stad zet water ook steeds vaker in als kwaliteits­ impuls. Zo combineren waterprojecten eind 19e eeuw water met vergroening om nieuwe stadswijken leefbaar en gezond te maken. De singels worden in die tijd regelmatig met vers water doorgespoeld. Op die manier helpen ze bij de strijd tegen de toenmalige terugkerende cholera-epidemieën. Tijdens de wederopbouw worden meerdere singels en kanalen zoals de Blaak en Schiekade gedempt met puin, maar vandaag de dag koestert Rotterdam de overgebleven singels én innoveert de stad met water. Getijdenparken, groene daken en waterpleinen zijn praktische oplossingen en maken de stad aantrekkelijker. Zo houden de Rotterdammers droge voeten en wordt het water in droge periodes beter vastgehouden.

De Rotterdamse haven

De aanleg van de Nieuwe Waterweg in 1872 werkt als hefboom. De Nieuwe Waterweg is een directe en open verbinding met zee, waarlangs mensen en goederen de hele wereld over gaan. De vele Rotterdamse haven­ arbeiders zorgen er zo mede voor dat Rotterdam in verbinding staat met alle uithoeken van de wereld. Rotterdam groeit zo van een bescheiden havenplaats uit tot een havenstad van wereldformaat. De groei van de havens gaat gelijk op met de ontwikkeling van de stad. Een reeks van havens wordt aangelegd, op de noord-, maar vooral op de zuidoever. Het bepaalt tot de dag van vandaag het beeld van de stad met karakteristieke silo’s, havenbekkens en weidse zichten over het water. Door de steeds doorgaande uitbreiding en schaalvergroting is de haven in 2021 maar liefst 42 kilometer lang. Dat betekent ook een uitdaging voor de verbinding tussen stad en haven. De Rotterdamse haven is een volwaardige speler op het wereldtoneel en staat in verbinding met havens over de hele wereld. Rotterdam heeft de grootste zeehaven van Europa. Deze positie is te danken aan de uitstekende bereikbaarheid via zee en aan de verschillende soorten verbindingen met het achterland en de stad. Mede dankzij de haven doet Rotterdam mee op het wereldtoneel. En dat blijft zo, dankzij de ingezette transitie van een fossiele naar een duurzame en toekomstbestendige haven in de toekomst.

Het vergroten van de welvaart is door de eeuwen heen steeds een belangrijke drijfveer geweest achter de ontwikkeling van Rotterdam, met de haven als motor.

Groei van havengebied naar het westen

11

Rotterdamse opgaven De stad Rotterdam en haar inwoners staan voor een aantal uitdagingen. De bestaanszekerheid van veel Rotterdammers staat onder druk. Betaalbaar wonen is voor een deel van de bevolking een uitdaging. In bepaalde wijken van Rotterdam is de opgave extra groot. Er zijn grote veranderingen in gang gezet, zoals de energietransitie, de transitie van een

fossiele haven naar een duurzame haven, en de transitie naar een circulaire economie. Stedelijke systemen, van ecologische systemen tot digitale systemen en mobiliteit, staan onder druk en moeten hierop worden voorbereid. Deze Rotterdamse opgaven zijn te vertalen naar doelstellingen voor de langere termijn en die worden per SDG beschreven.

De zes Rotterdamse opgaven gekoppeld aan de SDG’s Een veilige, schone en groene stad

Kansen­gelijkheid

Wonen en mobiliteit

Klimaat en energie

Zorg, welzijn en sport

Economie, haven, ondernemerschap, toerisme en cultuur

12

Collegeperiode 2022-2026/ Coalitieakkoord Het nieuwe Rotterdamse college stelt voor de college­ periode van 2022-2026 een aantal doelstellingen, waar we samen aan gaan werken. Hier is meer over te lezen in het coalitieakkoord ‘Eén Stad’. Het werken vanuit de principes van de menselijke maat, werken aan het vertrouwen van bewoners in de overheid en de gemeen­ te in het bijzonder en het werken in de wijken via het programma Wijk aan Zet zijn hierbij uitgangspunten. Het college zoekt ook de samenwerking met partners in de stad op om deze gezamenlijke doelstellingen te bereiken. Het coalitieakkoord is vertaald in concrete college­ targets. Dit zijn de door het college geformuleerde kwanti­tatieve doelstellingen die aansluiten bij de algemene ambities van het college. Per SDG worden de relevante collegetargets aangegeven.

De volgende opgaven staan de komende collegeperiode centraal: Een veilige, schone en groene stad

Iedereen in Rotterdam moet zich veilig voelen, zowel op straat als achter de voordeur. De gemeente zet hierop in door het aanpakken van messengeweld, (straat) overlast, drugsmaffia en (cyber)criminaliteit, seksuele straatintimidatie, huiselijk geweld en de overlast van verkeersasocialen. Ook wil het college een schonere en groenere stad. Een schone en groene omgeving bevordert de verbinding met de wijk, de band tussen bewoners onderling en vergroot het veiligheidsgevoel. Een groene stad draagt daarnaast ook bij aan klimaatadaptatie en dierenwelzijn.

Kansengelijkheid

Iedere Rotterdammer moet kunnen meedoen aan de samenleving. In Rotterdam is geen ruimte voor discriminatie, racisme, moslimhaat, antisemitisme, seksisme, haat tegen LHBTIQA+ of voor welke vorm van uitsluiting dan ook. De gemeente zet middelen in om de huidige aanpak te verbreden. Voor het onderwijs is de doelstelling dat iedereen in Rotterdam de kans moet krijgen zich te ontwikkelen en

zijn of haar dromen na te jagen. Het college maakt zich sterk voor het renoveren en vernieuwen van scholen en gymzalen en het vergroenen van schoolpleinen. Maar ook voor het aanpakken van het lerarentekort, het voorkomen van uitval van leerlingen, extra middelen voor leerlingenvervoer, aanpak van laaggeletterdheid en de realisatie van de Internationale Campus Onderwijs & Sport. Het is in eerste instantie de verantwoordelijkheid van iedere Rotterdammer zelf om te werken aan zijn of haar ontwikkeling en te zorgen voor voldoende inkomen voor levensonderhoud. Maar voor Rotterdammers die in financiële nood komen, of dreigen te komen, staat de gemeente klaar. Daarom herijkt en vernieuwt de gemeente onder andere de aanpak van armoede en schulden, komt er een fonds om (kinder)armoede te bestrijden en te verlichten, worden huidige regelingen vereenvoudigd en komt er een aanpak voor preventie van schulden. Doelstelling is dat iedereen in Rotterdam op basis van zijn of haar kunnen meedoet in de maatschappij. In haar aanpak richt de gemeente zich vooral op mensen die geen werk hebben en een uitkering krijgen. Doelstelling is het aantal bijstandsgerechtigden terug te brengen naar 30.000 in 2026. Veel werkgevers hebben grote moeite om de vacatures te vervullen. De gemeente wil ervoor zorgen dat de voor­ waarden worden gecreëerd om het gat tussen vraag en aanbod kleiner te maken.

Wonen en mobiliteit

Doelstelling is een aantrekkelijk, divers en betaalbaar woningaanbod te creëren in prettige, leefbare en veilige wijken. Rotterdammers moeten in een huis kunnen wonen dat past bij hun behoefte en inkomen. Dit bereiken we door het bouwen van nieuwe woningen, maar ook het aanpassen en verbeteren van bestaande woningen. Er wordt daarbij ook door middel van gebiedsontwikkeling geïnvesteerd in de omgeving van deze woningen. Het college wil het centrum en een aantal wijken daar­ om­heen autoluwer en fiets- en voetganger-vriendelijker maken. Ook zijn er maatregelen benoemd voor het openbaar vervoer, het verbeteren van de verkeers­ veiligheid, het uitbreiden van het betaald parkeren en het verbeteren en uitbreiden van de laad­paal­ infrastructuur.

13

Klimaat en energie

Rotterdam wil de luchtkwaliteit verbeteren door de uitstoot van CO2 en andere schadelijke stoffen te verminderen. Om de aangescherpte landelijke norm van –55% reductie van de CO2 uitstoot in 2030 te halen, moet Rotterdam meer maatregelen nemen en zet de gemeente met name in op het stedelijk gebied. Het college heeft daarom maatregelen benoemd op het vlak van energietransitie, zonne- en windenergie, het isoleren van woningen, de circulaire economie en het verbeteren van de luchtkwaliteit.

Zorg, welzijn en sport

Rotterdammers hebben recht op goede zorg. Daarbij is de gezondheidsopgave in Rotterdam groot: Rotterdammers hebben een lagere levensverwachting in vergelijking met andere gemeenten in Nederland. De schaarste aan mensen en middelen dwingt het college om scherpe keuzes te maken, ook als deze moeilijk zijn. Het college wil samen met zorgaanbieders een Rotterdams Zorgakkoord opstellen en heeft in het bijzonder oog voor kwetsbare kinderen.

Economie, haven, ondernemerschap, toerisme en cultuur

Het college wil investeren in de economie en haven van morgen. Een economie en haven die schoon, circulair en innovatief zijn, vooroplopen en hét waterstofcentrum en dé energie-hotspot van Europa zijn. De komende jaren bieden een mooie kans om te investeren in deze nieuwe economische bedrijvigheid. En daarmee ook te investe­ ren in de duurzame banen van de toekomst. Maatregelen zijn onder andere het verder uitbreiden van walstroom, het ondersteunen van de waterstoftransitie in de haven, het ondersteunen van het midden- en kleinbedrijf, het behoud van bedrijfsruimte in de stad en het werken aan veilige en aantrekkelijke winkelstraten en bedrijventerreinen. Daarnaast werken we aan meer ruimte voor horeca, nachtleven en festivals met oog voor de bewoners, het stimuleren van toerisme en spreiden van toeristen voor de juiste balans in de stad. Ook wil het college een divers, toegankelijk en laag­ drempelig cultuuraanbod in Rotterdam. Een maatregel is bijvoorbeeld het spreiden van het cultuuraanbod over de stad, in alle wijken.

Het college wil daarnaast eenzaamheid onder ouderen tegengaan, hen een veilige oude dag bezorgen en sociale structuren voor ouderen versterken. Het neemt hiervoor een aantal specifieke maatregelen. De Huizen van de Wijk vervullen een belangrijke sociale functie voor het welzijn van bewoners. Doelstelling is het stimuleren van sport voor iedereen. Hiervoor wordt onder andere ingezet op het behoud van sportverenigingen en sport­ voor­zieningen, het opknappen en verduurzamen van deze sportvoorzieningen, het realiseren van publieke sportvoorzieningen in de buiten­ruimte, de toegankelijkheid en beschikbaarheid van sport­voor­ zieningen voor iedereen, waaronder mensen met een beperking.

14

Fotograaf: Jan van der Ploeg

15

2

1

Geen armoede

Geen honger

Rotterdamse situatie Armoede staat niet op zichzelf maar is een complexe samenloop van oorzaak en gevolg. Er zijn verschillende oorzaken zoals ziekte of life events waardoor Rotterdammers in armoede raken, al lopen oorzaak en gevolg vaak door elkaar heen. Er zijn ook Rotterdammers voor wie het ingewikkeld is op een goede manier met geld om te gaan. Ze weten vaak ook de weg naar inkomensondersteunende regelingen van de gemeente niet te vinden. Continue geldzorgen leiden tot stress en stress leidt vaak tot onverantwoorde keuzes. Afwezigheid van geld maakt meedoen aan de maatschappij moeilijk. Daar speelt schaamte ook een rol in. Ouders geven dat door aan hun kinderen. Die kinderen worden opgevoed in overleven en krijgen niet of nauwelijks een kans om op school of in sport, welzijn en cultuur hun talenten te ontwikkelen. Met weinig scholing is de kans dat zij werkloos raken reëel. Dergelijke vicieuze cirkels zijn hardnekkig en heel moeilijk te doorbreken.

Ter vergelijking: in de rest van Nederland leeft ongeveer 10% van de huishoudens in armoede. Ook groeit bijna een op de zes Rotterdamse kinderen op in armoede. Landelijk is dat een op de dertien. Deels komt dit doordat de Rotterdamse haven lange tijd veel ongeschoold werk heeft geboden, zoals in de kassen in Westland. Werk dat inmiddels door technologische ontwikkelingen niet meer nodig is. Daarnaast heeft Rotterdam een groot aantal goedkope woningen waar mensen met een laag inkomen kunnen wonen.

Rotterdam heeft het hoogste percentage huishoudens dat in armoede leeft van Nederland: 12.4% heeft vier Figuur: 1.1: Huishoudens met een langdurig laag inkomen, kinderen in 1.1110% Huishoudens met een langdurig laag inkomen, kinderen in huishouden met langdurig laag inkomen en jaar of langer een inkomen tot van het sociaal huishouden met langdurig laag inkomen en huishoudens met een huishoudens met een geregistreerde schuld minimum. Voor de wijk Feijenoord is dit zelfs 34%. geregistreerde schuld1. Bron: CBS 20%

We hanteren hier voor armoede een bredere definitie dan alleen inkomen: volgens de Europese Commissie zijn mensen arm ‘wanneer de materiële, culturele en sociale middelen onvoldoende zijn om op een manier te leven die als minimaal aanvaardbaar wordt gezien in de samenleving waarin men leeft.’

10%

11,8

10,8

16,1

12,2

11

16,3

12,4

10,8

15,1

12,5

10,5

15,8

12,5

10,1

16,1

12,5

9,7

15,6

12,4

9,3

14,9

0% 2015

2016

2017

2018

Huishoudens met schuld [%]

2019

2020

2021

Kinderen in huishoudens met langdurig laag inkomen

Huishoudens met inkomen 4+ jaar tot 110% soc min [%]

1

2021 is voorlopig.

16

De grootste zorg binnen het armoedebeleid gaat over Rotterdammers die langdurig – dat is vier jaar of langer - van een laag inkomen moeten rondkomen. Ervaring leert dat het voor hen bijzonder moeilijk is om blijvend uit de armoede te komen. Er zijn talloze studies die de relatie tussen armoede en een slechte fysieke en psychische gezondheid aantonen. Denk daarbij aan stress, depressie, chronische aandoeningen, een lagere levensverwachting. We moeten ons echter ook realiseren dat niet iedereen in armoede ook ongezond leeft of psychische klachten heeft. 1.2 Ontwikkeling huishoudens met een langdurig laag inkomen Figuur: 1.2: Ontwikkeling huishoudens met een langdurig laag inkomen2 Bron: CBS 20%

15%

10%

De komende jaren willen wij (kinder)armoede aantoonbaar verminderen. We vormen een fonds om (kinder)armoede te bestrijden en te verlichten. Daarbij gaan we door met de extra inzet uit de afgelopen periode op het armoede- en schuldenbeleid. We vergroten onder meer het bereik van inkomensondersteunende voorzieningen en van onze schulddienstverlening. In deze collegeperiode doen we minimaal 15.750 intakes en starten we in ieder geval 8.200 schuldregelingen. Daarnaast zorgen we samen met onderwijs, politie, hulpverlening, ondernemers en bewoners voor een veilig, gezond en kansrijk perspectief voor de kinderen die in armoede opgroeien. Kinderen zijn belangrijk in de armoedeaanpak. Wanneer zij - ondanks het lage inkomen van hun ouders of verzorgers - veilig, kansrijk en gezond kunnen opgroeien, zullen ze meer perspectief hebben op een mooie toekomst.

5%

0% 2015

2016 Rotterdam

2017

2018

Amsterdam

Den Haag

2019 Utrecht

2020

2021

G4

Ambitie Bron: CBS We willen dat in Rotterdam geen kinderen meer in armoede opgroeien: ieder kind dat opgroeit in armoede is er een te veel. We willen de ‘vicieuze armoedecirkel’ tussen generaties doorbreken en eraan bijdragen dat ook deze kinderen en jongeren perspectief krijgen om zich gezond, veilig, kansrijk en als actieve deelnemer aan de samenleving te ontwikkelen.

De integrale gezinsaanpak, die begon als pilot, is inmiddels ingebed in de reguliere dienstverlening. Met deze aanpak vervlechten we meerdere beleidsterreinen die kunnen samenkomen bij een gezin en werken daarmee aan een veilige gezinssituatie en blijvende resultaten in de vermindering van armoede. Daardoor wordt de stress minder en kunnen we kijken welke aanpak het meest effectief is. Op deze manier leiden we gezinnen naar passende ondersteuning.

Ook willen we voorkomen dat Rotterdammers financiële problemen hebben. Dat betekent: minder Rotterdammers met problematische schulden, minder Rotterdammers die leven in armoede en daar waar het oplossen van de problematiek nog niet lukt, verzachten we het leven met financiële problemen.

De aanpak We richten ons op de preventie van armoede en schulden en op het ondersteunen en activeren van Rotterdammers met geldproblemen. Met een nieuw beleidsplan armoede en schulden werken we doelen uit naar acties. Dit doen we samen met ervaringsdeskundigen, organisaties en wetenschappers. Ook is er oog voor het feit dat armoede vaak niet op zichzelf staat, maar verband houdt met problemen op het gebied van gezondheid, onderwijs, wonen, opvoeding en veiligheid. 2

2021 is voorlopig.

17

In de stad

Johan Muurlink – NGELM Stichting Niet Graag Een Lege Maag

Stichting Niet Graag Een Lege Maag: Geen kind zonder eten naar school Johan Muurlink, beter bekend als ‘Johan de Boterhammenman’, ontdekte in 2016 bij toeval dat er kinderen in Rotterdam waren die zonder ontbijt of lunch naar school gaan. Daar besloot hij wat aan te doen. Wat begon met een lunchpakketje voor het vriendje van z’n zoon, is inmiddels uitgegroeid tot een stichting die dagelijks zo’n 1.500 ontbijt- en lunchpakketjes bezorgd bij 16 Rotterdamse basisscholen.

Het ontstaan van het initiatief Johan Muurlink: “Het initiatief is ontstaan door mijn zoon. Ik moest een keer op school langskomen voor een gesprek. Toen ik met z’n juf in gesprek was, zag ik uit m’n ooghoek dat hij zijn boterham met een jongen deelde. Hij voelde zich betrapt, maar ik was juist trots op hem. Ik ben daarna naar de schooldirecteur gegaan om meer te weten te komen over de situatie. Want ik dacht: hoe is het mogelijk dat kinderen geen eten of drinken bij zich hebben op school? Zo is het begonnen. In 2016.” Heldere doelstelling Het doel is dat er op elke school voor ieder kind een vers ontbijt en lunch beschikbaar is. Elke dag. Er zijn nog steeds veel kinderen in Nederland die uit armoede of om andere redenen geen eten meekrijgen. Terwijl een goedgevulde maag erg belangrijk is voor de concentratie, leerprestaties en het plezier op school. Dat verdient ieder kind en daar doen we ons best voor. Daarnaast willen we mensen bewust maken dat dit probleem groter is dan men denkt. Van vrijwilligerswerk tot stichting Toen ik 6 jaar geleden begon met een paar ontbijten lunchpakketjes, was er nog geen stichting met een bestuur. Inmiddels is het meer dan een fulltime

vrijwilligersbaan die vooral draait op donateurs. Door het groeiende aantal aanvragen werd onze werkplek in het Huis van de Wijk Irene, in de wijk Bloemhof in Rotterdam Zuid, ook te klein. Nu zitten we aan het Slingeplein 8 in Zuidwijk waar we veel meer werk- en opslagruimte hebben. Daarvandaan bedienen we op dit moment 16 scholen waar we zo’n 1.500 boterhammen per dag voor smeren. Denk aan broodjes gezond, broodjes met halal beleg, hüttenkäse, soms wat zoetigheden. Elke school heeft andere wensen, maar ze krijgen altijd dagverse etenswaren. De toekomst van NGELM We zijn aan het groeien. We begonnen in RotterdamZuid, maar bezorgen inmiddels door de hele stad. Om de vraag aan te kunnen, zijn we nu bezig met de aanschaf van elektrische cargo fietsen en het werven van extra vrijwilligers. Verder zou ik graag zien dat scholen in de toekomst ook warme maaltijden aan kinderen kunnen aanbieden.

Meer weten, doneren of vrijwilliger worden van stichting Niet Graag Een Lege Maag? Stuur een e-mail naar info@ngelm.nl of ga naar www.ngelm.nl

3

Goede gezondheid en welzijn

Rotterdamse situatie De levensverwachting in Nederland stijgt. Een lang en gezond leven is echter geen vanzelfsprekendheid in Rotterdam. Rotterdammers zijn ongezonder vergeleken met de rest van Nederland. In onze stad bestaan daarnaast grote gezondheidsverschillen tussen Rotterdammers. Er is een verband tussen gezonde levensverwachting en opleiding, inkomen en werk, levensstijl, luchtkwaliteit en de hoeveelheid groen in de omgeving. Zo leven fervente rokers gemiddeld 1,2 jaar korter dan mensen die niet roken. Gezondheid gaat over meer dan ‘niet ziek zijn’. Het gaat ook over het mee kunnen doen in de maatschappij en gezien worden, over een betekenisvolle bijdrage kunnen leveren en over de omgeving waarin je leeft. Hier zijn grote verschillen te zien, bijvoorbeeld als het gaat om sporten en bewegen, de kwaliteit van leven en sociale contacten. In Rotterdam voelen bijna vier op de tien inwoners zich regelmatig eenzaam. In de wijken het Oude Noorden (68%) en Bloemhof (69%) geldt dat voor ruim twee derde van de ouderen.

NN Marathon Rotterdam

Zorgen, geldproblemen, werkloosheid, laaggeletterd­ heid, woonomgeving en gezondheidsvaardigheden zijn van invloed op hoe gezond je bent, hoe gezond je je voelt én op het (kunnen) maken van gezonde keuzes. Veel Rotterdammers hebben in hun dagelijks leven te maken met deze uitdagingen.

Figuur 3.1: Volwassen inwoners dat tevreden is over

3.1

Ambitie

de kwaliteit levendat (2022) Bron: dedeGezondheidsmonitor Volwassen inwoners tevreden is over kwaliteit leven (2022)

2022 78% Bron: de Gezondheidsmonitor

In Huizen van de Wijk kunnen Rotterdammers elkaar ontmoeten, cursussen volgen, vrijwilligerswerk doen en hulp krijgen. Deze plekken vergroten de sociale samenhang in een wijk en zijn vaak een laagdrempelige ingang naar ondersteuning voor wie dat nodig heeft.

De ambitie is dat Rotterdammers gezond en vitaal zijn, passend bij hun situatie en vermogen. Gezond zijn en je gezond voelen is voor alle Rotterdammers en voor de stad van grote waarde. Wij willen dat alle Rotterdammers wonen, leren, werken en meedoen in een stad die zo is ingericht, dat gezonde keuzes toegankelijk zijn en voor de hand liggen. De afgelopen jaren hebben laten zien dat samenwerking tussen bedrijfsleven, non-profit organisaties en gemeente succesvol is en de slagkracht vergroot.

De aanpak Voor ouderen zijn in samenwerking met circa 100 partners in de stad activiteiten opgezet die eraan bijdragen dat zij zo lang mogelijk gezond en vitaal

20

blijven, kunnen blijven meedoen en passende zorg en ondersteuning krijgen. Dat is onder meer vertaald naar de collegetarget om woon(zorg)concepten te realiseren. 3.2 van Eenzaamheid (2016, 2020) Om Rotterdam een dementievriendelijke stad te maken, werken we aan maatregelen die het mogelijk Percentage eenzaamheid maken dat kwetsbare ouderen zo lang mogelijk thuis kunnen wonen. 75% Figuur 3.2: Eenzaamheid (2016, 2020) Bron: de Gezondheidsmonitor

50%

en het voorkomen en terugdringen van psychosociale problematiek, middelengebruik en gaming bij kinderen en jongeren. Voor jong en oud is sporten en bewegen belangrijk. Structureel sporten en bewegen moet de norm worden. Dat is vertaald naar een targettarget gericht op de een toename van de wekelijkse sport­deelname. Multifunctionele, toekomstbestendige sportvoorzieningen en het versterken van sport­ 3.3 Voldoende beweging (2016, 2020) verenigingen ondersteunen dit. Een groene en gezonde Percentage 18 t/m 64-jarigen en 65-plussers dat voldoet aan de beweegnorm gebouwde omgeving en biodiversiteit helpen hierbij. Figuur 3.3: Voldoende beweging (2016, 2020) 75%

Bron: de Gezondheidsmonitor

25%

50,7%

47,1%

52,3%

41,5%

48,5%

55,4%

52,3%

57,7%

47,8%

53,8%

50,7%

47,1%

52,3%

41,5%

48,5%

55,4%

52,3%

57,7%

47,8%

53,8%

50%

0%

2016 Rotterdam

Amsterdam

2020 Den Haag

Utrecht

25%

50,7%

47,1%

52,3%

41,5%

48,5%

55,4%

52,3%

57,7%

47,8%

53,8%

55,8%

64,6%

59,9%

63,5%

61,1%

45,5%

56,7%

49,9%

60%

52,7%

G4

Bron: de Gezondheidsmonitor

Kinderen en jongeren moeten kansrijk, veilig en gezond opgroeien. In ons jeugdbeleid richten we ons op factoren die daar het meest aan bijdragen of daar juist afbreuk aan kunnen doen. Deze aanpak is onder meer vertaald in een collegetarget gericht op jeugdpreventie, zodat 20.000 jongeren en hun ouders de nodige ondersteuning ontvangen bij bijvoorbeeld het versterken van sociaal-emotionele vaardigheden

0%

2016 Rotterdam

Amsterdam

2020 Den Haag

Utrecht

G4

Bron: de Gezondheidsmonitor

21

4

Kwaliteits onderwijs

Rotterdamse situatie Het Rotterdamse onderwijs heeft de afgelopen jaren veel bereikt: de resultaten zijn verbeterd, het opleidingsniveau en het bereik van de voorschool zijn gestegen en de schooluitval is verminderd. Het verschil met het landelijke niveau is echter nog steeds groot. Te veel leerlingen verlaten het onderwijs zonder goede beheersing van de basisvaardigheden: lezen, schrijven, rekenen, digitale en maatschappelijke vaardigheden. Goede beheersing van de basisvaardigheden heeft invloed op iemands positie op de arbeidsmarkt én op zijn welzijn. Figuur 4.1: Leerlingen met een onderwijsachterstand (2021/2022) Bron: CBS Leerlingen met een onderwijs achterstand in ‘20/’21 4.1

31%

25% Basisschool De Vlinder, in Delfshaven

Rotterdam

G4

Bron: CBS

In tijden van corona is veel van het onderwijs gevraagd. Er was al sprake van een fors lerarentekort, maar ondanks het voorzichtige herstel na de eerste schoolsluiting in het voorjaar van 2020 werd het tekort aan leraren dit jaar steeds groter. Er werd en wordt veel van onderwijspersoneel gevraagd.

Figuur 4.2: Voortijdig schoolverlaters: aantal jongeren tussen de 12 en de 23 jaar oud zonder startkwalificatie en niet ingeschreven op een school (2020/2021) Bron: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap schoolverlaters die zonder startkwalificatie 4.2 Voortijdig het onderwijs verlaten

2,7%

2,4%

Rotterdam

G4

Ambitie Iedereen in Rotterdam moet de kans krijgen zich te ontwikkelen en zijn dromen na te jagen. Dat begint met het bieden van kansen aan alle kinderen, jongeren en studenten om zich te ontwikkelen en te ontplooien. Het moet niet uitmaken waar je wieg in Rotterdam staat, iedereen moet mee kunnen doen. Elk kind heeft recht op goed onderwijs dat bij hem of haar past. Want iedereen heeft talent en verdient kansen om dit talent te ontdekken en te ontwikkelen. Onderwijs is de sleutel tot succes! De ambitie is dat ieder kind het onderwijs krijgt dat bij hen past.

Bron: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Leren loont - ook voor de samenleving. Hoe beter iemand in staat is zijn talenten te ontwikkelen, hoe groter de kans op een duurzame baan en hoe groter de bijdrage aan de samenleving en de economie, des te beter kunnen we inspelen op nieuwe omstandigheden en uitdagingen en des te beter kunnen we de toekomst zelf vormgeven. Daarom investeert Rotterdam in onderwijs en kennis; in schoolontwikkeling en

22

voor- en vroegschoolse educatie; in de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt en in onderwijshuisvesting.

Verder is de inzet gericht op het verkleinen van de kwaliteitsverschillen tussen scholen. Daar horen de aanpak van het lerarentekort, passende zorg en ondersteuning voor leerlingen, de verbinding tussen De aanpak onderwijs en arbeidsmarkt, dagprogrammering en Met het onderwijsbeleid ‘Gelijke kansen voor elk talent’ veiligheid binnen het onderwijs bij. Met onder andere wordt samen met onderwijsinstellingen en kinder­ het Rotterdams Scholingsfonds wordt om-, her- en opvangorganisaties geïnvesteerd in kansengelijkheid, bijscholing van Rotterdamse werkzoekenden en zodat alle Rotterdamse kinderen het beste uit zichzelf kwetsbare werkenden gefinancierd om de mismatch kunnen halen. In februari 2020 werd het Nationaal op de arbeidsmarkt aan te pakken. Door te investeren Programma Onderwijs (NPO) aangekondigd. Dit om in scholing worden de baankansen van werkzoekenden Leerlingen met onderwijs achterstand taal, lezen en rekenen 4.3 scholen te ondersteunen bij het herstel na de corona­ duurzaam verbeterd. crisis. Voor de inzet van de bijbehorende middelen is in Rotterdam in samenspraak met het onderwijsveld een Figuur 4.3: Groep acht leerlingen basisschool dat scoort op referentie­ aanpak ontwikkeld. Centraal staat het verstevigen van niveaus rekenen, lezen en taal. Bron: CBS het netwerk van partners in de stad en van de scholen. Oftewel, het versterken van ‘de schil om de school’. 70%

Door professionals in de zorg en ondersteuning, maatschappelijk werk, de sport- en cultuursector én de ouders dichter op de school te organiseren, willen we de veerkracht van de leerlingen en het onderwijsveld versterken. Met de target gericht op het versterken van de ‘schil’ van partners om de school, wordt de kwaliteit en effectiviteit van het onderwijs verbeterd en ontzorgen we leraren.

60%

50%

40%

30% 2015

2016 Taal niveau

2017 Lezen niveau

2018

2020

2021

Reken niveau

Bron: CBS

Eurecaweek, introductieweek Rotterdam

23

In de stad

Nienke Bouwhuis, initiator van De Groene Connectie

De Groene Connectie: De route naar gezondheid en verbinding De Groene Connectie is een coalitie van groene initiatieven in Rotterdam-West die zijn verbonden door een mooie, 8 kilometer lange wandelroute. De initiatieven – waaronder sinds 2017 ook het stadsnatuurgebied Essenburgpark – leveren in meerdere opzichten een positieve bijdrage aan de leefomgeving. Niet alleen in ruimtelijke en groene zin, maar ook in gezonde en sociale zin. Nienke Bouwhuis van het multidisciplinaire ontwerperscollectief Krachtgroen is een van de initiatoren van De Groene Connectie.

Het ontstaan van de Groene Connectie Nienke Bouwhuis: “Tijdens het project ‘Buurt Bruist’ voor de GGD – dat ging over het verbeteren van de gezondheid in de wijk via vergroening – hebben we heel veel groene initiatieven leren kennen en in kaart gebracht. Op een gegeven moment dachten we, moeten we niet met elkaar een soort coalitie smeden of onderlinge route maken? Toen heb ik een stift gepakt en heb een rondje op de kaart getekend. Dankzij de gunstige stedenbouwkundige structuur bleek je al dat groen heel mooi met elkaar te kunnen verbinden.” Initiatieven Er is een bloemen-pluktuin, een voedseltuin, er zijn picknickplekken, mensen kunnen tuinieren in de buurtmoestuin, je hebt de Spoortuin met ruige stadsnatuur. En in 2018 is het Essenburgpark erbij gekomen, een stadsnatuurgebied waar ook aan waterberging - het tijdelijk opvangen van (regen) water - wordt gedaan. Voor dat park zijn we een mooie samenwerking overeengekomen met het Hoogheemraadschap en Stadsbeheer van de gemeente. Zij hebben nu vooral een adviserende rol en initiatiefnemers en bewoners zijn ‘in the lead’ bij het beheer van het park. De bijdrage aan de SDG’s De Groene Connectie raakt heel veel doelen, want de impact van groen op de woon- en leefomgeving is groot. Naast de enorme meerwaarde op het gebied van biodiversiteit en klimaat, doet groen ook veel op sociaal en maatschappelijk vlak. Zo vinden mensen met een

ondersteuningsbehoefte of afstand tot de arbeidsmarkt hun weg naar de initiatieven, zoals dagbesteding. Het zijn stuk voor stuk sociale netwerken met oog voor wat er speelt in de buurt. Maar wat ik eigenlijk het mooiste vind is dat bewoners zich steeds meer eigenaar gaan voelen van de al die plekken en zich er verantwoordelijk voor voelen. Die betrokkenheid van mensen bij hun leefomgeving vinden we heel belangrijk De toekomst De Groene Connectie staat inmiddels goed op de kaart, ook bij gemeentelijke clusters zoals Maatschappelijke Ontwikkeling en Stadsontwikkeling. Steeds meer mensen zien de toegevoegde waarde en willen er iets mee. We zijn nu aan het kijken hoe we het concept kunnen doorvertalen naar andere delen van de stad. Dat is wel heel tof. Verder zijn we bezig om wat kortere ommetjes op de Groene Connectie-kaart te zetten voor mensen die niet zo goed ter been zijn. Er zijn genoeg leuke zijstraatjes waar van alles gebeurt. Groen idee? Werk samen! Onderschat de waarde van groen niet. Groen is biodiversiteit, educatie, klimaatadaptie, gezondheid, sociaal, spelen, schonere lucht ademhalen en nog zo veel meer. Dus als je een goed groen idee hebt, zoek mensen om mee samen te werken en begin gewoon. Je kan wel plannen schrijven, maar al doende leer je vaak meer en ontwikkelt het idee zich organisch.

Meer weten? Kijk op www.degroeneconnectie.nl

6

Schoon water en sanitair

Rotterdamse situatie Rijkswaterstaat en de waterschappen zijn de water­ beheerders in Nederland. Het waterschap is de belangrijkste decentrale overheid die verantwoordelijk is voor schoon en voldoende water en voor waterveiligheid. Daarom wordt hier in dit rapport minder aandacht aan besteed en zijn er geen indicatoren opgenomen. Om meer te weten over de stand van zaken op dit doel, verwijzen we graag door naar de Voluntary Subnational Review 2022, een gezamenlijk product van de Vereniging Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal overleg en de Unie van Waterschappen of de Voluntary National Review van de Rijksoverheid. Ook al is de gemeente niet de belangrijkste partij als het gaat om schoon water, zijn er wel een aantal taken rond water waar de gemeente verantwoordelijk voor is. Zo is de gemeente verantwoordelijk voor de inzameling en het transport van afvalwater via het riool en van neerslag, zoals regen en sneeuw. Ook hebben we een zorgplicht voor het grondwater. We beheren en onderhouden onder andere een stelsel van riolen, persleidingen en rioolgemalen. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor het onderhoud van een deel van het oppervlaktewater, zoals sloten, singels, vijvers en plassen.

Schouwburgplein

26

7

Betaalbare en duurzame energie

Rotterdamse situatie De energiekosten stijgen fors als gevolg van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. Door de stijgende kosten neemt het aantal Rotterdammers dat kampt met energie­ armoede toe, ondanks rijksmaatregelen. We spreken van energiearmoede als een huishouden te maken heeft met een laag inkomen in combinatie met een hoge energierekening of een woning van (zeer) slechte energetische kwaliteit. Dit zijn vaak mensen die wonen in een slecht geïsoleerde (huur)woning en moeten rondkomen van een minimumloon of uitkering. In Rotterdam gaven in 2019 ongeveer 33.000 huis­ houdens meer dan 10% van hun inkomen uit aan energie­ kosten. Circa 41.000 huishoudens, bijna 17% van de huishoudens in Rotterdam, hielden toen na het betalen van de energierekening te weinig over om noodzakelijke bestedingen te kunnen doen. Ruim 80% daarvan viel in de laagste inkomensgroep. Met de gestegen energieprijzen is deze situatie alleen maar verergerd. Er is in het stedelijk gebied een daling van het energiegebruik zichtbaar. Deels kan dit komen doordat er in steeds meer woningen energie wordt bespaard. Het aandeel woningen met energielabel A stijgt in alle vier de grote steden. Het aandeel woningen met een relatief slecht energielabel (E, F of G) blijft in Rotterdam gelijk. De woningvoorraad in Rotterdam verduurzaamt dus minder snel dan in de andere drie grote steden van Nederland.

woningen met energielabels E, F en G zijn vervangen of verduurzaamd. Daarnaast zijn er in Rotterdam veel portiekwoningen en flats, waarbij verduurzaming een extra uitdaging kan zijn als dit gedaan moet worden door een Vereniging van Eigenaren (VvE). Figuur 7.1: Energielabels van de woningvoorraad Bron: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

7.3 Energielabels van de woningvoorraad

100 19,5%

20,7%

16,4%

28%

19,7%

29,1%

29,5%

26,9%

27%

18,0%

21,8%

14,5%

29,5%

16,1%

25,9%

45,7%

33,1% 27,8%

0

2012

17,2%

14,9% 2019

15,4%

23,1%

3,2%

2,4% 2022

2012

Rotterdam A tm A++

14,4%

15,4%

15,9%

1,0%

2019

2022

2012

C

D

28,1%

18,4%

2022

2012

18,8%

2019

Den Haag

Amsterdam B

11,8%

21,6%

15,5%

39,8%

19,8%

20,3%

23,9%

31,6%

16,6% 25,1%

22,5%

30,4% 18,5%

15,3%

16,5%

14,8% 17,2%

20,9%

50

10,7%

20,5%

10,3%

17,1%

25,2%

22,2%

14,1%

12,2%

Het feit dat veel Rotterdammers te maken hebben met energiearmoede, heeft een directe relatie met hoe de woningvoorraad in de stad ervoor staat. Rotterdam heeft een relatief groot aandeel woningen met een slecht energielabel. Het zijn veelal huurwoningen waarvan een groot deel van woningcorporaties. Er ligt dus een grote opgave om de Rotterdamse woningvoorraad te verduurzamen. Landelijk en lokaal werken de overheid en woningcorporaties aan afspraken over verduurzaming van dit type huurwoningen. Zo moeten voor 2029 alle

15,5%

28,9%

3,6% 2019

2022

Utrecht

EFG

Bron: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

27

Een groot deel van de mensen met een smalle beurs huurt en is voor grote energiebesparende en energieopwekkende maatregelen dus afhankelijk van de verhuurder. Het risico bestaat dat zij voor langere tijd een hoge energierekening hebben. De kloof tussen enerzijds Rotterdammers met een eigen woning en voldoende financiële slagkracht om deze woning te verduurzamen en anderzijds Rotterdammers met een slecht geïsoleerde huurwoning of een eigen woning zonder voldoende financiële slagkracht, wordt hiermee groter. Energiearmoede draagt dus bij aan ongelijkheid. De benodigde energietransitie en de duurzaamheids­ ambities van de overheid kunnen voor Rotterdammers niet alleen negatieve maar ook positieve gevolgen hebben. Het levert de komende jaren veel werkgelegenheid op, waar ook mensen met een laag inkomen van kunnen profiteren. Tegelijkertijd voorzien we grote tekorten aan mensen om de duurzaamheidsambities te realiseren. Figuur 7.2: Woningen naar eigendom (2022)

7.4 Woningen naar eigendom (2022)

Bron: waarstaatjegemeente.nl . 100 21,4%

30,5%

27,4%

24,2%

25,9%

43,9%

40,1%

30,7%

31,3%

36,5%

34,4%

29,1%

41,5%

44,3%

37,3%

Rotterdam

Amsterdam

Den Haag

Utrecht

G4

50

Ambitie De gemeente investeert in een duurzame stad voor nu en later. We laten eerlijk en transparant zien wat we als gemeente moeten doen, samen met bewoners, ondernemers en partners, om een mooie en gezonde stad te maken voor nu en voor de generaties na ons. Rotterdam wil vooroplopen, want haar bewoners mogen niet achteraan sluiten. Onze doelen zijn ambiteus en de uitvoering komt op stoom, maar voor het halen van onze doelen in 2030 en 2050 moeten we met z’n allen onze mouwen nóg meer opstropen, samen goede plannen maken en uitvoeren.. Wat de doelen zijn voor 2026 en welke plannen er al liggen en uitgevoerd moeten worden om de klimaatdoelen voor 2030 en 2050 te realiseren. In het algemeen geldt: het beleid is ambitieus en de uitvoering komt op stoom, maar voor het halen van onze doelen in 2030 en 2050 moeten we met z’n allen onze mouwen nóg meer opstropen, samen goede plannen maken én uitvoeren. Een belangrijk uitgangspunt van de gemeente is dat het verduurzamen van woningen voor iedereen betaalbaar moet zijn of worden, ook voor mensen met een laag inkomen. Ook de energietransitie moet voor iedereen betaalbaar zijn. Zo voorkomen en bestrijden we energiearmoede. Daarom is in het coalitieakkoord de ambitie opgenomen om 10.000 woningen gasloos te maken, bovenop de 8000 woningen waar zonder gas koken en verwarmen nu al gerealiseerd is.

Ook stelt de gemeente energietransitieleningen beschikbaar voor Rotterdammers, VvE’s, ondernemers, scholen en sportverenigingen die hun pand willen verduurzamen.

De aanpak

0

koopsector

corporatiehuurwoningen

Bron: waarstaatjegemeente.nl

overige huur

Om energiearmoede en groeiende ongelijkheid tegen te gaan, ondersteunt de gemeente Rotterdammers actief bij het isoleren van woningen en het overschakelen op schone energiebronnen, zoals restwarmte. Ook ondernemers hebben te maken met stijgende energielasten. De gemeente heeft daarom onder andere het project Klus & coach gestart, waarin ondernemers in

28

een aantal gebieden zijn ondersteund met korte termijn duurzaamheidsmaatregelen (tochtstrips, deurdrangers) en advies over lange termijn verduurzaming.

haven. Wat betreft zonnepanelen wil Rotterdam in 2026 3,2 vierkante kilometer gerealiseerd hebben. Er wordt gewerkt aan een strategie voor warmte- en koudebronnen. De gemeente onderzoekt of restwarmte, geothermie (aardwarmte) en aquathermie (energie uit oppervlaktewater) goede alternatieven zijn voor het gebruik van fossiele brandstoffen. Waterstof biedt een kansrijk alternatief voor fossiele energie. Rotterdam werkt daar volop aan. Een robuust, aanpasbaar en slim systeem voor transport, opslag en distributie van energie is essentieel.

Als meer processen in de haven en de stad elektriciteit gaan gebruiken en er steeds meer elektrisch vervoer wordt gebruikt, neemt de vraag naar elektriciteit fors toe. Er is dus veel schone elektriciteit nodig, in de vorm van zonne- en windenergie. Wat betreft windenergie is het doel dat er in 2025 350 MW windenergie is gerealiseerd, waarvan 300 MW in de Figuur 7.3: Betaalbaarheid van de energierekening Bron: het PON/Telos in opdracht van de gemeente Rotterdam Figuur 7.4:

7.1

BETAALBAARHEID VAN DE ENERGIEREKENING Voor hoeveel huishoudens is betaalbaarheid een probleem?

Waar wonen deze huishoudens?

Huishoudens kunnen problemen krijgen met de betaalbaarheid van de energierekening als: - ze meer dan 10% uitgeven aan energiekosten (hoge energiequote); of: - ze na het betalen van de energierekening te weinig overhouden om noodzakelijke bestedingen te kunnen doen (hoge energielast).

Percentage huishoudens met betaalbaarheidsproblematiek door een hoge energiequote en/of last.

hoge energiequote

10,1%

12,8%

hoge energielast

Totaal: 16,9%

Van deze huishoudens woont 80 procent in een huurwoning.

5-9% 10 - 14 % 15 - 18% 19 -23% 24 - 35% Minder dan 10 huishoudens met betaalbaarheidsproblematiek Minder dan 10 huishoudens

Bron: het PON/Telos in opdracht van de gemeente Rotterdam Haalbaarheid van investeringen in energiemaatregelen Bron: het PON/Telos in opdracht van de gemeente Rotterdam

7.2

HAALBAARHEID VAN INVESTERINGEN IN ENERGIEMAATREGELEN hoeveel eigenaar-bewoners kunnen de investering voor energie maatregelen niet opbrengen? Om te kunnen investeren in energiemaatregelen hebben we gekeken naar het geld dat huishoudens beschikbaar kunnen hebben uit bank- en spaartegoeden, (extra) hypotheek en de Energiebespaarlening.

15% 12%

14,3%

9%

€12.500

16.290

14.500

12.610

0%

8.610

3%

€5.000 €25.000

7,6% 12.160

6%

11,1%

10,7%

12,8%

Waar wonen deze eigenaar-bewoners? Onvoldoende financieringsruimte bij een investeringsbedrag van €25.000

€40.000 €65.000

5-9% 10 - 14 % 15 - 18% 19 -23% 24 - 35% Minder dan 10 huishoudens met betaalbaarheidsproblematiek Minder dan 10 huishoudens

Bron: het PON/Telos in opdracht van de gemeente Rotterdam

29

In de stad

Rodney van den Hengel, oprichter Heilige Boontje

Heilige Boontjes: exclusieve koffie, inclusief verhaal Heilige Boontjes is een bedrijf met een SROI-licentie (social return on investment), die jongeren op een duurzame manier helpt te re-integreren op de arbeidsmarkt en in de maatschappij. Oprichters Rodney van den Hengel (ex-boef en re-integratiedeskundige) en Marco den Dunnen (agent en pedagoog) hielpen sinds de oprichting in 2015 al meer dan 120 jongeren geholpen om hun leven weer zin en inhoud te geven. Heilige Boontjes – gevestigd in een voormalig politiebureau - gelooft heilig in een samenleving waarin iedereen een kans én een (h)eerlijk bakkie koffie verdient.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=009cd3cf-08b7-4726-96d6-8b316c33aada