CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb004628] Bijlage 2.2 behorende bij 23bb004630 over Advies Code Rood Brede Raad 010

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 23 augustus 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Armoedebestrijding13.170 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Samenwerking tussen gemeentelijke afdelingen en betrokken organisaties De Brede Raad 010 krijgt verschillende signalen dat de situatie voor Rotterdammers verslechtert door een gebrek aan samenwerking tussen (gemeentelijke) instanties. Hierdoor wordt men bijvoorbeeld niet goed doorverwezen en duurt het erg lang voordat de nodige hulp wordt geboden. Betere aansluiting en samenwerking is belangrijk. Dit zorgt voor een betere toegang tot zorg. “De aanpak is nu onoverzichtelijk. Er moet een samenhangende keten van ondersteuning zijn van preventie, interventie tot en met nazorg.” (Nico van Splunter)

Trainingen Verschillende mensen kaarten de onwetendheid over geldzaken aan die bij zowel jongeren als ouders speelt. De onwetendheid speelt geldproblemen in de hand. En hoewel er les wordt gegeven in rekenen, economie, maatschappijleer en bedrijfseconomie, is het voor veel jongeren onduidelijk wat er op hen afkomt als zij achttien worden en weten sommigen niet wat een begroting maken is. Josine Strörmann, coördinator van JIP, ziet dit dagelijks: “Er is een enorm gebrek aan kennis over geldzaken bij zowel jongeren als hun ouders of verzorgenden. Financiële educatie zou moeten beginnen in het basisonderwijs. Van huis uit krijgen kinderen geen bagage mee over financiën. Heel veel ouders kunnen zelf nauwelijks met geld omgaan. Je merkt het al als je jongeren uitlegt wat een begroting is. Hoe je in kaart kunt brengen wat er maandelijks binnenkomt, wat er uitgaat en hoe je voor grote uitgaven kunt reserveren. Het gros heeft er nog nooit van gehoord. Ouders hebben het in elk geval niet overgebracht. Een hardnekkig misverstand over jongeren is de gedachte dat zij digitaal vaardig zouden zijn. Op TikTok en andere social media zijn jongeren wel actief en handig, maar zodra het gaat over een DigiD, het downloaden van een formulier of inloggen op een site zijn we ze kwijt. Ergens een automatische betaling van maken? Nooit van gehoord.

Een kwijtschelding voor een heffing aanvragen? Moeilijk. Inloggen om je loonstrook in te zien? Heel lastig. Wat jongeren niet of nauwelijks doen, is de telefoon pakken en een instantie bellen. Jongeren hebben moeite om vooraf goed voor zichzelf te bedenken wat zij precies willen vragen. Het lijkt er ook op dat zij angst hebben om een antwoord niet te begrijpen. Dus betrek die vaardigheden in een doorlopende leerlijn.”

5.5

Maatwerk

“Oorzaken waardoor mensen in armoede raken, zijn divers: het kan een beperking zijn; het noodlot; niet geleerd hebben met geld om te kunnen gaan enz. Dat vraagt maatwerk en met de mensen in gesprek gaan.”, aldus een ambulant woonbegeleider bij Bartiméus. Ieder verhaal is uniek, en elk vraagstuk vraagt erom daadwerkelijk te kijken naar wat iemand écht nodig heeft en niet alleen naar wat het systeem in de aanbieding heeft. Maar bovenal is het belangrijk oog te hebben voor opstapelende kosten én schulden, wanneer iemand een aanvraag doet.

25

In hoofddoelstelling zes komt maatwerk aan bod.

In de ondersteuning aan Rotterdammers met financiële problemen bieden hebben we oog voor het individu. ➢ We gaan verder met het versimpelen van onze aanvraagformulieren. ➢ We blijven inzetten op stress-sensitieve dienstverlening en hebben oog voor de mentale gezondheid van Rotterdammers. ➢ In het maken en uitvoeren van het beleid werken we samen met ervaringsdeskundigen.

Het zou volgens Rotterdammers helpen om nog eens goed naar de Bijzondere Bijstand te kijken. Want het ligt eerder aan de regels, dan aan de hulpverlening: “Wat frustreert, is dat er zoveel gemeentelijke hulpverleners zijn die dan wel wíllen helpen, maar het dan bij de Bijzondere Bijstand niet voor elkaar krijgen, omdat het niet volgens de regels is. Terwijl er dan juist maatwerk nodig is. Ik heb de hoop dat de menselijke maat in ieders genen raakt. Dat de gemeente er weer is om haar burgers te dienen.” (Nita Wissink) Ook is er specifieke aandacht nodig voor Rotterdammers met een beperking, zoals in het volgende hoofdstuk aan de orde komt: “Nu is het systeem ingericht op 65-jarigen die steeds minder mobiel worden. Maar voor mensen die van de een op de andere dag in een rolstoel komen, is er niks. Er zou een afdeling moeten komen die je dan stap voor stap begeleidt en je vertelt waar je hulp kunt krijgen. Het zou helpen als er bij dat loket ervaringsdeskundigen zijn.” (Merel) Mensen met ervaringskennis bij loketten laten werken kan helpen in de stress-sensitieve benadering. Zij weten uit eigen ervaring wat wel en niet prettig – zeker in de bejegening – kan zijn en kunnen hiermee ook bijdragen aan het bespreekbaar maken van armoede en het taboe daarop doorbreken.

26

6. Mensen met een beperking In 2020 voltooide de Brede Raad 010 een advies naar de financiële positie van mensen met een beperking. De conclusie van dat advies luidde als volgt: “Mensen met een beperking die niet regulier werken, ervaren een slechte financiële positie, achteruitgang in de afgelopen vijf jaar en een achterstand ten opzichte van mensen zonder beperking. Zij ervaren geen ‘behoorlijke’ levensstandaard. Sterker nog, door hun financiële positie verslechtert hun gezondheid, ervaren mensen veel stress, en gaan zij minder of niet meer de deur uit. Schaamte voor hun gebrek aan financiën zorgt ervoor dat het probleem niet aan de oppervlakte komt.” 14 Ook in de interviewfase van dit advies over armoede meldden zich mensen met een beperking met schrijnende verhalen, zoals het ervaringsverhaal van Janet laat zien. De voorzitter van RIS ziet de dagelijkse praktijk en maakt zich zorgen: “Een grote groep van mensen met beperkingen is niet in de situatie om hun financiën te verbeteren. En daardoor worden ook hun mogelijkheden om mee te doen verder beperkt. Dit heeft invloed op hun bestaanszekerheid maar zet mensen ook op een nog grotere achterstand in plaats van inclusie en mee kunnen doen. Mensen met beperkingen kunnen hogere energiekosten hebben door hun hulpmiddelen, hebben vaak hogere medische kosten en moeten hun eigen risico vrijwel altijd aanspreken.

Mensen met een beperking vallen onder dezelfde regels van de Participatiewet, terwijl ze hun situatie niet kunnen veranderen. Dit terwijl het de bedoeling is tijdelijk een uitkering te hebben en snel aan het werk te gaan zodat je meer geld kunt hebben om rond te komen. Ik vind dat mensen met een fysieke beperking door de meerkosten die zij maken een toeslag zouden moeten krijgen om de meerkosten vanwege de beperking te dekken. Er zou meer naar de diverse doelgroepen gekeken moeten worden en welke meerkosten zij maken, zodat er maatwerk kan worden toegepast.” Of Merel: “Mijn maag is door mijn ziekte heel gevoelig voor producten die over de datum zijn. In de voedselpakketten van de voedselbank zijn producten vaak over de houdbaarheidsdatum. Ik heb nu bijvoorbeeld pindakaas die zeven maanden over de datum is. Ik krijg daar direct diarree van. Ook koolhydraten zijn voor mijn chronische ziekte niet goed. En die zitten juist vaak in de voedselpakketten. Ik weet wel dat ik blij moet zijn met het eten dat ik krijg, en dat zij geen rekening gaan houden met noodzakelijke diëten. Maar het blijft lastig. Elke keer moet ik kiezen tussen nog meer lichamelijke klachten óf maagvulling.” Merel merkt dat de effecten van haar beperking in combinatie met armoede haar mogelijkheden tot werk minimaliseren. Een uitweg ziet zij niet: “Ik heb nu een WIA-uitkering.

Ik mag daarbij dus voor een gedeelte werken. Ik wil dat ook heel graag, maar het is niet makkelijk. Door mijn beperkingen en mijn afhankelijkheid van thuiszorg en Trevvel kom ik niet zomaar aan de bak. Ik wil graag werken. Maar ik ben nog steeds waardevol! Ik ben alleen afhankelijk. Als ik ergens word aangenomen, dan moet het gebouw toegankelijk zijn voor mijn aangepaste rolstoel. Dan moeten de tijden zó flexibel zijn, dat ik er met Trevvel kan komen. Dan moet het afgestemd op mijn thuiszorg. En ik merk nu dat als ik ergens tussen 10.00 uur en 14.00 uur naartoe ga, ik vaak al zo moe ben van de lange (om)rit, dat werken niet te doen is. Ik ben dan door mijn energie heen. Werkgevers gaan mij niet accepteren met al die problemen.” (Merel) 14

Brede Raad 010 (2020) Geen geld maakt niet gelukkig

27

Mensen met een beperking worden extra hard geraakt ten opzichte van mensen zonder beperking. In het advies ‘Geen geld maakt niet gelukkig’ kaartten wij dit knelpunt al aan. De diverse verhalen, allemaal uniek, blijven bij ons binnenkomen. Ook het OBI15 bevestigt dit in een verkennend literatuuronderzoek In het VN Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap gaat artikel 28 over de bestaanszekerheid van mensen met een beperking: Artikel 28 behoorlijke levensstandaard De Staten die Partij zijn erkennen het recht van personen met een handicap op een behoorlijke levensstandaard voor henzelf en voor hun gezinnen, met inbegrip van voldoende voeding, kleding en huisvesting en op de voortdurende verbetering van hun levensomstandigheden, en nemen passende maatregelen om de verwezenlijking van dit recht zonder discriminatie op grond van handicap te beschermen en te bevorderen.

De Staten die Partij zijn erkennen het recht van personen met een handicap op sociale bescherming en op het genot van dat recht zonder discriminatie op grond van handicap, en nemen passende maatregelen om de verwezenlijking van dat recht te waarborgen en te stimuleren, met inbegrip van maatregelen om: (…) voor personen met een handicap en hun gezinnen die in armoede leven de toegang tot hulp van de Staat te waarborgen, voor aan de handicap gerelateerde kosten, met inbegrip van adequate training, advisering, financiële hulp en respijtzorg;

De Brede Raad 010 herhaalt het eerste advies uit ‘Geen geld maakt niet gelukkig’ om een integrale aanpak op te zetten om de financiële positie van mensen met een beperking te verbeteren en regie te houden bij de opzet en uitvoering. Hierbij denkt de Brede Raad 010 ten minste aan de aanpak van armoede, schulden, de Participatiewet, het Preventie Akkoord Gezond 010, de bijzondere bijstand en zorg, welzijn en jeugdhulp. De Brede Raad 010 pleit ervoor in het Beleidsplan Armoede specifieke aandacht te laten gaan naar mensen met een beperking. Zij hebben recht op een behoorlijke levensstandaard, en hiervoor zijn extra inkomensondersteunende maatregelen nodig én de integrale aanpak is noodzakelijk voor álle mensen in armoede.

15

OBI: Onderzoek en Business Intelligence, de onderzoeksafdeling van de gemeente Rotterdam.

28

7. Klimaatcrisis Rotterdammers met minder geld staan letterlijk aan de “Frontlinie” van de klimaatcrisis. Zij ervaren het eerst en het ergst de gevolgen van klimaatverandering en van de klimaatcrisis. Door de klimaatcrisis hebben we zomers te maken met meer warmte en daardoor slechtere luchtkwaliteit. Mensen met lage inkomens kunnen zich hier minder goed tegen verweren. Vaak wonen zij in slecht geïsoleerde huizen waardoor zij niet alleen in de winter meer last hebben van kou, tocht, vocht en schimmel maar ook in de zomer meer last hebben van de hitte die hun huis eerder binnendringt en daar blijft hangen. en Ook hebben zij nog meer last van de gestegen energieprijzen dan mensen die in goed geïsoleerde huizen wonen. Ze zijn niet of minder goed in staat om maatregelen te treffen, zoals het aanschaffen van zonnepanelen of aanleggen van groen. Als je subsidie aanvraagt voor klimaatmaatregelen, moet je dat zelf voorschieten, dat kan niet iedereen. En hoe groener de wijk, hoe groter de kans op een stijging van de WOZ-waarde van de omliggende huizen. Dit betekent dat de klimaatcrisis de mensen met minder geld dus harder treft. In september heeft de Brede Raad 010 een bijeenkomst gehouden met Inclusive Climate Action Rotterdam (ICAR). ICAR stelt dat je de klimaatverandering niet kunt oplossen zonder armoede en ongelijkheid op te lossen. De klimaatcrisis is daarmee een sociale crisis.

De visie van ICAR is een klimaatrechtvaardig Rotterdam, waarin iedereen in Rotterdam toegang heeft tot klimaatbeleid en een realistische en eerlijke optie heeft om zich te beschermen tegen de gevolgen van de klimaatcrisis. Het doel is een sociaal gelijkwaardig klimaatbeleid. Tijdens een klimaatspel met Rotterdammers werd duidelijk dat er grote verschillen bestaan tussen de verschillende mensen in de mate waarin zij toegang hebben tot de oplossingen die vanuit de maatschappij worden geboden om klimaatverandering tegen te gaan. Het wel of niet hebben van geld was de cruciale factor. Met weinig geld kun je moeilijker duurzame keuzes maken, zoals zonnepanelen, het installeren van een warmtepomp of het isoleren van je huis. Maar ook duurzaam eten is voor mensen in armoede nauwelijks haalbaar; gezond eten is al een utopie. De grote wens om te verduurzamen staat in schril contrast met de mogelijkheden om dit te kunnen doen als je in armoede leeft. Die ongelijkheid zien de mensen die in armoede leven én de mensen die met hen werken: “Ik heb kunnen investeren in de aanschaf van zonnepanelen met subsidie, waardoor ik nu minder hoge kosten heb. Veel bewoners in Bossenpolder Tussendijk en Spangen wonen in slecht geïsoleerde huizen. Er is niet geïnvesteerd door de corporaties, terwijl de huren wel omhooggingen. De energierekeningen zijn soms wel drie keer zo hoog geworden.

Dat kunnen bewoners niet opvangen. Het overkomt ze.” (Nico van Splunter) Ook uit de wijkraden komt dit signaal: “Van belang zijn cursussen/ trainingen om wijkbewoners in de verschillende apps van energiebedrijven te helpen kijken hoe het met hun energiegebruik gesteld is, zodat ze niet bij de eindafrekening negatief verrast worden. Zorg dat de tips voor besparing die gegeven worden ook bij de mensen terecht komen en dan bedoel ik niet isoleren, warmtepomp en 3 dubbelglas, maar simpele trucs: verwarming een graadje lager, folie achter de radiator, warme trui, één vertrek verwarmen, apparaten uitschakelen… Deze info zie je overal digitaal, maar komt dat bij de mensen terecht?” (Wijkraad Tarwewijk)

29

“Het zou heel erg helpen, om de woningen van mensen met een beperking versneld te verduurzamen. En wellicht daarbij een lijst te maken waar mensen zelf uit kunnen kiezen: een besparende doucheknop of een bespaar toilet. Maar daarnaast ook, om mensen die in armoede leven te leren hoe ze (bijvoorbeeld op hun balkon) een moestuintje kunnen aanleggen. Qua duurzaamheid kan de voedselbank ook nog stappen maken. Nu krijg ik dingen waar ik niet tegen kan. Een buurman krijgt varkensvlees, terwijl hij moslim is. Het is zonde dat producten dan weggegooid worden.” (Merel)

30

8. Conclusie Centrale vraag van het adviesteam was: Welke knelpunten signaleren Rotterdammers als het gaat om beleid omtrent armoede en schulden? Hoe kan de gemeente haar beleid zo vormgeven dat het beter aansluit op de behoeften van Rotterdammers? Veel Rotterdammers hebben op dit moment niet genoeg inkomsten om van rond te komen. Zij hebben te weinig geld voor hun boodschappen, te weinig geld voor hun energierekening en te weinig geld om hun huur te betalen. Dit gebrek aan bestaanszekerheid heeft effecten op hun gezondheid, de mogelijkheid om te participeren en veroorzaakt veel stress. Rotterdammers hebben bestaanszekerheid nodig. Van belang is aan te sluiten op de behoeften van mensen, daadwerkelijk maatwerk te bieden en een stress-sensitieve benadering te hanteren. Rotterdammers zijn niet gebaat bij een beleid dat slechts enkele jaren bestrijkt. Rotterdammers zijn gebaat bij een duurzaam beleid, met een visie en een plan dat over collegeperiodes heen reikt. Om armoede bespreekbaar te maken, hulp te kunnen bieden, is vertrouwen de cruciale factor. Vertrouwen van gemeente Rotterdam in haar inwoners. Doe wat je zegt. Hulp bieden als het erop aankomt, in plaats van mensen wegsturen om dat ene missende papiertje te gaan zoeken. Zonder vertrouwen komen Rotterdammers niet.

Als Rotterdammers dat stapje wél durven nemen, is het noodzakelijk dat de juiste informatie goed toegankelijk is. Qua taal. Qua vorm. Heldere, eenduidige informatie. Helderheid over toekenningen. Menswaardige toekenningen. Geholpen worden aan één loket. Voorkomen is beter dan genezen. Ervaringsdeskundigen en professionals vertellen ons hoe belangrijk communicatie, signalering, samenwerking en trainingen geven is. Communicatie naar mensen toe. Samenwerking tussen verschillende gemeentelijke organisaties, maar ook samenwerking tussen informele en formele organisaties. Rotterdam is rijk: rijk aan talloze informele netwerken en organisaties die dagelijks mensen weten te vinden en benaderen die hulp nodig hebben. Sluit hierop aan! Mensen met een beperking blijven een doelgroep die onze aandacht vasthoudt. Zij hebben (meer)kosten die mensen zonder een beperking niet hebben. Als je al weinig geld hebt om van te leven, is de val in armoede des te nijpender. Wij zijn daarom zeer benieuwd naar het onderzoek dat het OBI start naar de financiële positie van mensen met een beperking. Van belang is dat hun kwetsbare positie verandert. Armoede en (gebrek aan) duurzaamheid ten slotte zijn sterk met elkaar verbonden. De grootste veroorzakers van de klimaatcrisis hebben de grootste voordelen van de (subsidie)regelingen die de overheid biedt.

Huiseigenaren met geld kunnen subsidies aanvragen en hun huis isoleren en zo hun energierekening omlaag brengen. Mensen zonder geld kunnen dit niet: zij blijven vastzitten. Daarom pleiten wij voor een klimaatrechtvaardig Rotterdam, waarbij de gemeente armoede in samenhang met klimaatbeleid oppakt. Het oplossen van armoede is niet een opgave voor één wethouder of de gemeente alleen. Het is een opgave voor het hele college, ondernemers, welzijnsinstellingen, alle inwoners; kortom de hele stad. Daarom is het mooi dat gemeente zoveel verschillende partijen spreekt voor de input op haar beleid. Laat het daar niet bij, maar betrek hen ook bij de uitvoering en zoek samen naar de oplossing voor dit probleem. Het is immers Code Rood. Rotterdam, 20 maart 2023

31

Bijlage 1 - Hoofddoelstellingen gemeente Rotterdam Hoofddoelstellingen uit Hoofdlijnennotitie gemeente Rotterdam 1. We benaderen meer Rotterdammers met financiële problemen proactief. ➢ Rotterdammers melden zich, onder andere vanwege wantrouwen in de gemeente, niet altijd bij de gemeente voor ondersteuning. Daarom moeten samenwerken met partners om deze Rotterdammers te vinden en benaderen. 2. Elke Rotterdammer die recht heeft op een inkomensondersteunende regeling, maakt daar gebruik van. ➢ Om het bereik te laten toenemen werken we aan de toegankelijkheid van regelingen. ➢ We onderzoeken of we nog meer regelingen automatisch kunnen toekennen. ➢ We zetten extra in op het bereik van regelingen voor kinderen, zodat zij beter mee kunnen doen in de maatschappij. 3. We maken een integrale aanpak voor het verminderen van het aantal kinderen in armoede. ➢ Binnen deze integrale aanpak werken we samen met andere beleidsterreinen, organisaties in de stad, wetenschap en kinderen. 4. We maken het hebben van financiële problemen actief bespreekbaar in de stad. ➢ Er heerst nog steeds veel taboe en schaamte rondom financiële problemen. Door het onderwerp bespreekbaar te maken, durven Rotterdammers zich eerder te melden met hun problemen. Om dit te bereiken, werken we intensief samen met partners in de stad aan communicatie en dialoog. 5.

We vergroten de financiële redzaamheid van Rotterdammers ➢ Volgens het Nibud is financiële redzaamheid: ‘Iemand is financieel redzaam wanneer hij weloverwogen keuzes maakt, zodanig dat zijn financiën in balans zijn op zowel korte als op lange termijn’. Het Nibud spreekt dus niet spreekt over financiële zelfredzaamheid, maar over financiële redzaamheid. Iemand is financieel redzaam als diegene zelf de vaardigheden heeft om inkomsten en uitgaven in balans te houden, of op tijd hulp inschakelt. ➢ Door educatie verhogen we de financiële zelfredzaamheid, specifiek bij jongeren. Samen met het onderwijs werken we aan financiële educatie, bij voorkeur in een doorlopende leerlijn van Primair Onderwijs tot aan Hoger Onderwijs. We hebben extra aandacht voor jongeren die 18 worden, omdat er dan veel verandert. 6. In de ondersteuning aan Rotterdammers met financiële problemen bieden hebben we oog voor het individu. ➢ We gaan verder met het versimpelen van onze aanvraagformulieren. ➢ We blijven inzetten op stress-sensitieve dienstverlening en hebben oog voor de mentale gezondheid van Rotterdammers. ➢ In het maken en uitvoeren van het beleid werken we samen met ervaringsdeskundigen. 7. We vergroten de instroom van Rotterdammers in de schulddienstverlening en verkleinen de uitval tijdens trajecten. ➢ Het vertrouwen in de overheid is wankel.

Daarom werken we voor de toegang naar schulddienstverlening samen met partners in de stad. In het kader van vroegsignalering gaan we door met projecten op basis van geleend vertrouwen in partners.

32

➢ Onze schulddienstverlening zo veel als mogelijk laten aansluiten bij de behoefte en vaardigheden van Rotterdammers met schulden. 8. We verzachten het leven in armoede voor Rotterdammers voor wie er (nog) geen perspectief is. ➢ We continueren inkomensondersteunende regelingen ➢ We faciliteren partners in de stad om Rotterdammers en kinderen die in armoede leven te ondersteunen om ervoor te zorgen dat ze kunnen meedoen in de maatschappij. ➢ We ondersteunen Rotterdammers met bijvoorbeeld de voedsel- en kledingbank. Ook hebben we aandacht voor circulair gebruik van producten. ➢ We werken samen met filantropische instellingen aan deze doelen. ➢ We vergroten we de financiële redzaamheid van Rotterdammers in een schuldtraject. 9. We incasseren onze vorderingen op een sociale manier ➢ Wij vinden het belangrijk dat de gemeente zelf het goede voorbeeld geeft als schuldeiser. We spannen ons daarom in om het keurmerk sociaal incasseren, dat we als eerste gemeente van Nederland hebben gekregen, te behouden. 10. We stimuleren Rotterdamse bedrijven en organisaties om samen met ons armoede en schulden aan te pakken ➢ We kunnen als gemeente niet alleen deze problematiek oplossen, naast dat we het Rijk nodig hebben zijn er ook veel Rotterdamse bedrijven en organisaties die hun steentje bijdragen.

Dit gaan we de komende periode extra stimuleren door meer verbinding te leggen met deze bedrijven en organisaties en zo actief vraag en aanbod bij elkaar te brengen

33

Bijlage 2 - Geïnterviewden Gesproken mensen en organisaties door de Brede Raad 010 ten behoeve van advies Code Rood -

-

Rotterdammers in armoede Jongeren Informatie Punt Young010 Rotterdams wijktheater Wijkraden allen aangeschreven, 3 hebben er gereageerd Stem van Rotterdam (platform van 500+ Rotterdammers) Albeda College Woonstad Rotterdam Docent Kinderombudsman Oud wijkteammedewerker Voorzitter RIS Nico van Splunter (Geloven in de Wijken) Anneke de Goede (Cultuurhuis Feijenoord) Fonds Bijzondere Noden Rotterdam Rotterdamse Uitdaging RoSa! Ambulant woonbegeleiders Wmo-Radar medewerker Armoedeplatform Delfshaven, waarbij aanwezig: o Zorgvrijstaat o Wmo Radar o Essajo o Geloven in de wijken o Veerkrachtige gemeenschap o Geloven in de wijken o Team Toekomst 15 vrouwen in Cultuurhuis Feijenoord Isaak en de Schittering Ervaringsdeskundigen Warm Rotterdam Rotterdamse Vereniging voor Katholiek Onderwijs

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=7f1c535d-b523-480d-aeda-07c196f8037b