CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb003167] Bijlage 3 behorende bij 23bb003180 over Jaarverslag en jaarrekening 2022

Gemeenteraad 4 juli 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel met betrekking tot de eerste voortgangsrapportage 2023, alsmede tot:41.064 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

^

Onderhoudsvoorziening gebouwen: In 2015 heeft BOOR (vanuit het weerstandsvermogen) een voorziening ge­ vormd voor het voorziene onderhoud. Bij de bepaling van de voorziening groot onderhoud ultimo 2022 wordt

gebruik gemaakt van de tijdelijke uitzonderingsbepaling in de RJO artikel 4 lid 1c. Er is een financieel overzicht gemaakt van de onderhoudskosten voor de komende 20 jaar. Voor panden die op korte termijn vervangen gaan worden, wordt niet meer gedoteerd aan de voorziening. Deze voorziening is tegen nominale waarde opgenomen. ^

Primair onderwijs. De meerjarenonderhoudsplannen (MJOP) voor het primair onderwijs zijn in de periode 2018­ 2021 herijkt conform de RGD-BOEI methodiek13 en met een tijdshorizon van 20 jaar. Na de inspectie van het totale gebouwenbestand is er een onderhoudsplan per pand opgesteld. Hiermee is de impact bepaald voor het meerjarenonderhoud en de benodigde dotatie voor de sector po van BOOR als geheel.

^

Voortgezet onderwijs. De actualisatie van de onderliggende meerjaren- onderhoudsplannen (MJOP) voor het voortgezet onderwijs (2015-2035) is in 2020 gerealiseerd. Op basis van de nieuwe schouw is een nieuw dotatie en onttrekkingsschema bepaald.

^

Overige voorzieningen: Onder overige voorzieningen is een aantal voorzieningen opgenomen waaronder voor het herontwerp Zuid. Daarnaast zijn voorzieningen opgenomen voor op balansdatum lopende disputen met tegenpartij­ en. Deze voorzieningen zijn tegen nominale waarde opgenomen.

13

19 BOEI staat voor Brandveiligheid, Onderhoud, Energie en Inzicht in Wet- en Regelgeving. De methode heeft als doel alle vormen van inspecties te integreren in één vastgoedbeheersysteem.

h || ||

88

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

JAARREKENING - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Lang- en kortlopende schulden Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de langlopende schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Langlopende en kortlopende schulden en overige financiële verplichtingen worden na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode. De aflossingsverplichtingen voor het komend jaar van de langlopende schulden worden opgenomen onder kortlopende schulden.

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat Baten en lasten worden tijdsevenredig toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. BOOR is niet belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. De meeste activiteiten van BOOR betreffen activiteiten die vrijgesteld zijn van de BTW. Voor overige activiteiten (zoals detachering) wordt per activiteit vastgesteld of dit een BTW-belaste activiteit is. Rijksbijdragen Rijksbijdragen worden als baten verantwoord in de staat van baten en lasten in het jaar waarop de toekenning betrek­ king heeft. Overige overheidsbijdragen en -subsidies Exploitatiesubsidies worden als baten verantwoord in de staat van baten en lasten in het jaar waarin de gesubsidieerde kosten zijn gemaakt of opbrengsten zijn gederfd, of wanneer een gesubsidieerd exploitatietekort zich heeft voorge­ daan. De baten worden verantwoord als het waarschijnlijk is dat deze worden ontvangen en de instelling de condities voor ontvangst kan aantonen.

Subsidies specifiek voor investeringen in materiële vaste activa worden in mindering gebracht op het desbetreffende actief en als onderdeel van de afschrijvingen verwerkt in de staat van baten en lasten. Overige baten Overige bedrijfsopbrengsten bestaan uit baten uit verhuur, sponsoring en schenkingen, detachering, ouderbijdragen en overige baten. Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de gelever­ de prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten. Personeelsbeloningen Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de staat van baten en lasten voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers. Toerekening vindt plaats op basis van geleverde prestaties. Voor zover nog niet uitbetaald wordt de personeelsbeloning als verplichting op de balans opgenomen. Indien de reeds betaalde bedragen de verschuldigde beloningen overtreffen, wordt het meerdere opgenomen als een overlopend actief voor zover er sprake zal zijn van terugbetaling door het personeel of van verrekening met toekomstige betalingen door BOOR. Ontslagvergoedingen Ontslagvergoedingen zijn vergoedingen die worden toegekend in ruil voor de beëindiging van het dienstverband.

Een uitkering als gevolg van ontslag wordt als verplichting en als last verwerkt als de stichting zich aantoonbaar onvoor­

h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

89

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - JAARREKENING

waardelijk heeft verbonden tot betaling van de ontslagvergoeding. Als het ontslag onderdeel is van een reorganisatie, worden de kosten van de ontslagvergoeding opgenomen in een reorganisatievergoeding. Zie hiervoor de grondslag onder het hoofd Voorzieningen. Ontslagvergoedingen worden gewaardeerd met inachtneming van de aard van de vergoeding. Als de ontslagvergoeding een verbetering is van de beloningen na afloop van het dienstverband, vindt waardering plaats volgende dezelfde grondslagen die worden toegepast voor pensioenregelingen. Andere ontslagver­ goedingen worden gewaardeerd op basis van de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de ver­ plichting af te wikkelen. Pensioenen Op grond van de Nederlandse pensioenwet worden de Nederlandse regelingen primair volgens een “verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering” in deze jaarrekening verwerkt. In deze benadering wordt de verplichting voortvloei­ ende uit een door de rechtspersoon gedane pensioentoezegging gebaseerd op de financieringsafspraken zoals vast­ gelegd in de uitvoeringsovereenkomst tussen BOOR en pensioenuitvoerder. BOOR heeft de verplichtingen inzake de pensioenrechten van haar personeel ondergebracht bij stichting Pensioenfonds ABP.

BOOR betaalt hiervoor premies, waarvan de helft door de werkgever wordt betaald en de helft door de werknemer die in de staat van baten en lasten zijn verwerkt. De belangrijkste kenmerken van deze regelingen zijn:

^ ^ ^ ^

pensioengevende salarisgrondslag is middelloon er heeft per 1-7-2022 een indexatie plaatsgevonden van 2,39%. Per 1-1-2023 was de indexatie 11,96% de dekkingsgraad van het ABP was per 31-12-2022 110,9% overige kenmerken zijn te vinden op www.abp.nl

Op de Nederlandse pensioenregelingen zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing en wor­ den op verplichte, contractuele of vrijwillige basispremies aan pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen betaald door de instelling. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen. BOOR heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij het pensioenfonds, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. Leasing Een leaseovereenkomst waarbij de voor- en nadelen verbonden aan het eigendom van het leaseobject geheel of nagenoeg geheel door de lessee worden gedragen, wordt aangemerkt als een financiële lease. Alle andere leaseovereenkomsten classificeren als operationele leases. Bij de leaseclassificatie is de economische realiteit van de transactie bepalend en niet zozeer de juridische vorm. Operationele leases Als BOOR optreedt als lessee in een operationele lease, wordt het leaseobject niet geactiveerd. Leasebetalingen inza­ ke de operationele lease worden lineair over de leaseperiode ten laste van de staat van baten en lasten gebracht.

Rentebaten en rentelasten Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde

h || ||

90

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

JAARREKENING - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

transactiekosten op de ontvangen leningen die als onderdeel van de berekening van de effectieve rente worden mee­ genomen. Indeling in operationele segmenten Conform de RJ 660.306 en RJ 660.307 hanteert de stichting de verplichte segmentatie. Niet direct aan de segmenten toe te rekenen baten en lasten worden verdeeld op basis van voorcalculatorische verdeelsleutels naar rato van het gemiddelde van de rijksbijdragen en aantal fte’s binnen het betreffende segment.

Grondslagen voor de opstelling van het kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht be­ staan uit de liquide middelen, met uitzondering van deposito’s met een looptijd langer dan drie maanden. Alle kasstro­ men zijn in euro’s, er zijn geen vreemde valuta. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. Begroting De ter vergelijking opgenomen begrotingscijfers zijn ontleend aan de door het algemeen bestuur aan de gemeente Rotterdam aangeboden begroting 2022.

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

91

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - JAARREKENING

lQ.ĩoeLíchting op de balans Materiële vaste activa (1) Bedragen x C 1.000 Totaal materiële vaste activa

Omschrijving

Gebouwen en terreinen

Inventaris en apparatuur

Andere bedrijfsmiddelen

MVA - In uitvoering

Verkrijgingsprijs t/m 2021 Afschrijvingen t/m 2021

46.172 9.581

40.976 18.770

5.807 2.499

185 0

93.140 30.850

Boekwaarde 31 december 2021

36.591

22.206

3.308

185

62.290

Investeringen 2022 Desinvesteringen 2022 Afschrijvingen 2022 Afschrijvingen desinvesteringen 2022 Bijzondere waardevermindering Herrubricering 2022

886 0 -1.441 0 0 64

7.477 -1.219 -4.606 727 0 101

1.632 -69 -659 44 0 5

1.817 -14 0 0 0 -171

11.812 -1.302 -6.706 771 0 -1

-491

2.480

953

1.632

4.574

Verkrijgingsprijs t/m 2022 Afschrijvingen t/m 2022

47.122 11.022

47.335 22.649

7.375 3.114

1.817 0

103.649 36.785

Boekwaarde 31 december 2022

36.100

24.686

4.261

1.817

66.864

Totaal mutaties 2022

Het verloop van de post materiële vaste activa in 2022 is als volgt: In 2022 is voor een bedrag van circa e 11,8 miljoen geïnvesteerd (2021: e 8,5 miljoen). De investeringen hebben voornamelijk plaatsgevonden in ICT en meubilair. Daarnaast is er ook geïnvesteerd in lesmethodes, zonnepanelen en inrichting van schoolpleinen. Onder de materiële vaste activa in uitvoering zijn voornamelijk investeringen in de verbou­ wing van Wolfert Lansing en Wolfert College opgenomen. De desinvesteringen betreffen voornamelijk het administratief opschonen van afgeschreven activa en afstoot van activa als gevolg van het sluiten van scholen. Stichting BOOR heeft in het kader van volledige doordecentralisatie drie panden in bezit: School

Adres

Wolfert Lyceum

De Zijde 5,

Verzekerde

WOZ

Boekwaarde

e 13.565.000

e 13.079.381

e 24.408.000

e 11.489.000

e 9.933.612

e 14.038.000

NVT

e0

e 5.961.000

waarde*

Bergschenhoek te Lansingerland Wolfert Lansing (PRO)

Boterdorpseweg 19, Bergschenhoek te Lansingerland

Wolfert Lansing

Boterdorpseweg 21,

(tijdelijke locatie)

Bergschenhoek te Lansingerland

* Inclusief inventaris Het pand aan de Boterdorpseweg 21 stond eind 2021 leeg. In 2022 is het pand tijdelijk gebruikt door de GGD. Met ingang van januari 2023 is het pand in gebruik genomen door het Passercollege/de Piloot als tijdelijke huisvesting tot hun nieuwe pand gereed is. Er is in 2021 een sloopvoorziening gevormd voor de verwachte kosten van de sloop van dit pand. De grond aan de Boterdorpseweg 21 is eigendom van de Gemeente Lansingerland. h || ||

92

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

JAARREKENING - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Op de panden ‘Wolfert Lyceum’ en ‘Wolfert Lansing’ rust een hypothecaire lening. Zie hiervoor de toelichting onder ‘langlopende schulden’. In 2021 is het juridisch eigendom van de eerste tranche van 25 onderwijspanden met een koopprijs van nihil overge­ gaan naar BOOR. Deze panden hebben derhalve geen boekwaarde. De Gemeente Rotterdam draagt zorg voor de verzekering van deze panden. Het economisch claimrecht blijft bij de gemeente.

Financiële vaste activa (2) Bedragen xC 1.000

Financiële vaste activa

31 december 2022

31 december 2021

Waarborgsommen Overige vorderingen

65 1.010

65 1.032

Totaal financiële vaste activa

1.075

1.097

De betaalde waarborgsom betreft de in 2017 betrokken huisvesting aan de Schiekade. Bedragen x C 1.000

Overige vorderingen

2022

2021

Stand per 1 januari Mutatie lening u/g Minus aflossing

1.032 0 22

0 1.053 21

Stand per 31 december

1.010

1.032

De overige vordering betreft lening u/g verstrekt aan de Stichting Thorbecke Trainingsaccommodatie voor een sportac­ commodatie aan de Prinsenlaan 80. De in 2009 verstrekte annuïtaire lening heeft een resterende looptijd van 26 jaar (tot 2048). De rente is vast 4%. De aflossing in 2023 zal C 22.785 bedragen. De reële waarde van de financiële vaste activa benadert de boekwaarde.

Vorderingen (3) De post vorderingen betreft debiteuren, de vordering op het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, huis­ vestingsprojecten en overlopende activa. Tevens is de voorziening voor debiteuren onder deze post gepresenteerd. De resterende looptijd van alle onder de vorderingen opgenomen bedragen is korter dan een jaar. Bedragen x C 1.000

Vorderingen

Debiteuren Voorziening wegens oninbaarheid OCW Subsidies gemeente Waardering huisvestingsprojecten Overige vorderingen Overlopende activa: - Vooruitbetaalde kosten - Verstrekte voorschotten - Overige overlopende activa Totaal vorderingen

31 december 2022

31 december 2021

3.802 -16 3.786 968 2.395 7.158 1.034 15.341

1.242 -24 1.218 7.954 4.801 1.848 440 16.261

211 4 1.395 1.610

326 0 109 435

16.951

16.696

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. ” Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - JAARREKENING

Debiteuren Deze balanspost heeft betrekking op vorderingen op derden waaraan diensten zijn verleend, ruimten zijn verhuurd of personeel is gedetacheerd. Ook is voor een bedrag van C 0,99 miljoen (2021: C 0,84 miljoen) aan vorderingen inzake ouderbijdragen hierin opgenomen.

Voorziening wegens oninbaarheid De voorziening voor oninbare vorderingen heeft volledig betrekking op de debiteuren en is gebaseerd op een inschat­ ting van de incasseerbaarheid van vorderingen.

Vordering ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) Onder deze post was tot en met 2021 de vordering in verband met het betaalritmeverschil in het po opgenomen. Het voorschotritme van OCW inzake de Rijksbekostiging voor het po was niet geheel tijdevenredig, daarom ontstond jaar­ lijks een vordering. Met ingang van 1 januari 2023 worden de beschikkingen hoofdzakelijk per kalenderjaar afgegeven en niet meer per schooljaar. Hierdoor vervalt het betaalritmeverschil. De vordering in 2022 betreft de bekostiging voor asielzoekers. Deze is eind december beschikt en wordt in januari 2023 ontvangen.

Subsidies gemeente Onder de subsidies gemeente valt onder andere de beschikking Gelijke Kansen!. In 2022 zijn de beschikkingen van de schooljaren 2019-2020 en 2020-2021 vastgesteld en uitbetaald, waardoor de vordering C 4,5 miljoen is verminderd. Eind 2022 is voor Gelijke Kansen! voor schooljaar 2021-2022 nog C 1,7 miljoen als vordering opgenomen.

Waardering huisvestingsprojecten Dit betreft reeds uitgegeven bedragen op door de gemeente gesubsidieerde huisvestingsprojecten. Zie ook de toelich­ ting op overige schulden.

Overige vorderingen De post overige bestaat voor het grootste deel uit de vorderingen op de gemeente betreffende afgeronde en lopende huisvestingsprojecten. De definitieve afwikkeling van de genoemde subsidies en vorderingen wordt in 2023 verwacht.

Overlopende activa De overlopende activa bestaan voornamelijk uit nog te factureren bedragen welke betrekking hebben op 2022.

Solva middelen (4) Alle liquide middelen staan ter vrije beschikking aan BOOR. Het saldo van de kassen en bankrekeningen kan als volgt worden gespecificeerd: Bedragen x C 1.000

Liquide middelen

31 december 2022

31 december 2021

Kasmiddelen Tegoeden op bankrekeningen Schatkistbankieren

59 12.906 68.185

47 8.285 46.160

Totaal liquide middelen

81.150

54.492

Sinds maart 2020 maakt BOOR gebruik van Schatkistbankieren. Het saldo van de hoofdbankrekening wordt dagelijks afgeroomd naar de schatkist. De saldi van de individuele schoolbankrekeningen zijn niet gekoppeld aan Schatkistban­ kieren. Het Schatkistbankieren heeft een kredietfaciliteit van C 23,7 miljoen. Hiervan is in geheel 2022 geen gebruik gemaakt. Het saldo aan liquide middelen is voornamelijk toegenomen door de ontvangen NPO gelden welke nog niet uitgegeven zijn. h || ||

94

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

JAARREKENING - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Eigen vermogen (5) Het eigen vermogen is als volgt opgebouwd: Bedragen x C 1.000

Eigen vermogen

31 december 2022

31 december 2021

Algemene reserve publiek Bestemmingsreserve publiek Bestemmingsreserve privaat

29.629 28.740 1.810

28.211 16.990 1.611

Totaal eigen vermogen

60.179

46.812 Bedragen x C 1.000

Algemene reserve

Algemene reserve

Saldo 01-01­

Resultaat

Overige

Saldo 31-12­

Resultaat

Overige

Saldo 31-12­

2021

2021

mutaties

2021

2022

mutaties

2022

27.674

2.148

-1.611

28.210

1.419

29.629

0

De algemene reserve neemt toe met Ç 1,4 miljoen, zijnde het resultaat 2022 minus de dotatie aan en de vrijval van de bestemmingsreserves en de toevoeging aan het private bestemmingsfonds. Het bestuur heeft besloten tot het vormen van de bestemmingsreserves. Voor de bestemmingsreserves zijn door het bestuur beperkingen aangebracht voor het gebruik. Bedragen x C 1.000 Bestemmingsreserves

Bestemmingsreserve kwaliteitsimpuls en kleine scholen problematiek Bestemmingsreserve Convenant 2019 | reservering vo

Saldo 01-01­

Resultaat

Overige

Saldo 31-12­

Resultaat

Overige

Saldo 31-12­

2021

2021

mutaties

2021

2022

mutaties

2022

224

0

0

224

0

0

224

1.351

-642

0

709

-340

0

369

0 0

0 9.057

0 0

0 9.057

1.769 14.439

0 0

1.769 23.496

0

3.000

0

3.000

-3.000

0

0

0

3.000

0

3.000

-1.118

0

1.882

0

1.000

0

1.000

0

0

1.000

0

0

1.611

1.611

199

0

1.810

1.575

15.415

1.611

18.601

11.949

0

30.550

Bestemmingsreserve Werkdrukmiddelen VO 2022 Bestemmingsreserve NPO gelden Bestemmingsreserve veranderende bekostiging Bestemmingsreserve versnellingsprogramma ICT s(bao) en (v)so Bestemmingsreserve strategische opgaves vo Bestemmingsreserve privaat vermogen RISS/Harbour Totaal bestemmingsreserves

In 2022 zijn drie bestemmingsreserves gevormd of verder gevuld: ^ C 14,4 miljoen vanuit de bekostiging voor NPO. Zijnde het saldo tussen de ontvangen en uitgegeven NPO gelden in 2022. Deze bestemmingsreserve wordt komende jaren ingezet voor de uitvoer van interventies van de menukaart NPO. ^ Ç 1,7 miljoen vanuit de bekostiging voor de collectieve werkdrukgelden in het vo. Deze middelen zullen komende jaren gebruikt worden om de werkdruk te verlagen. ^ De (verplichte) ouderbijdragen voor het internationaal georiënteerd basis- en voortgezet onderwijs (IGBO en IGVO) gelden als private baten. Het ministerie van OCW heeft laten weten dat de (verplichte) ouderbijdrage voor zowel het IGBO als het IGVo moet worden aangemerkt als een private baat. Met ingang van het verslagjaar 2022 moeten betrokken besturen hiermee rekening houden. Het positieve verschil tussen de private baten (ouderbijdragen IGBO (Harbour international) resp. IGVo (RISS)) en de aan de betreffende bestedingen verbonden lasten is ten gunste gekomen van het private deel van het eigen vermogen. Bestemmingsreserve kleine scholen

De bestemmingsreserve ‘kleine scholen’ heeft als doel het faciliteren van kleine scholen om te kunnen groeien in leer­ lingaantal en kwaliteit.

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

95

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - JAARREKENING

Bestemmingsreserve ‘convenant 2019 | reservering vo Het restant van de bestemmingsreserve ‘convenant 2019 | reservering vo’ wordt conform meerjarenplan in de komen­ de boekperioden ingezet. Doelstelling van de reserve is het bekostigen van activiteiten die leiden tot werkdrukvermindering conform de daarvoor ontvangen subsidie. Bestemmingsreserve veranderende bekostiging In het (s)bao en het (v)so is per 1 januari 2023 de verandering in de bekostiging doorgevoerd. De daarmee gepaard gaande verlaging van de bekostiging in 2022 is opgevangen door de bestemmingsreserve te laten vrijvallen. Bestemmingsreserve versnellingsprogramma ict (s)bao en (v)so Om de ontwikkelingen op ict gebied in een hoog tempo in te kunnen voeren is een versnellingsprogramma ontwikkeld. Hiervoor is een deel van het vermogen gereserveerd in een bestemmingsreserve. De kosten van uitvoering van het programnma in 2022 zijn ten laste van de bestemmingsreserve gebracht. Bestemmingsreserve strategische opgaves vo In de komende jaren komt het vo voor een aantal strategische opgaves te staan. Om hier voldoende aandacht aan te kunnen besteden is hiervoor een bestemmingsreserve gevormd.

Voorzieningen (6) Voor een toelichting op de aard van de voorzieningen, wordt verwezen naar het hoofdstuk ‘voorzieningen’ zoals opgenomen in grondslagen voor waardering van activa en passiva. Bedragen xC 1.000

Voorzieningen Personele voorzieningen

31 december 2022

31 december 2021

2.076 3.269 47 722 821 378

1.762 2.453 54 985

7.313

6.174

Onderhoudsvoorziening gebouwen Overige voorzieningen

22.040 835

15.972 617

Totaal voorzieningen

30.188

22.763

Jubilea Duurzame inzetbaarheid Medewerkers DOO Ww ex-medewerkers Langdurig zieke medewerkers Spaarverlof

96

pwc

668

252

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

JAARREKENING - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

De voorzieningen kunnen als volgt worden verdeeld in een kort- en langlopend deel: Bedragen xC 1.000

Kortlopend deel < 1 jaar

Looptijd 1 tot en met 5 jaar

Langlopend deel > 5 jaar

Jubilea

212

866

998

Duurzame inzetbaarheid

141

615

2.513

Medewerkers DOO

7

29

11

Ww ex-medewerkers

404

297

21

Langdurig zieke medewerkers

810

11

0

Spaarverlof

63

252

63

1.637

2.070

3.606

2.987

14.461

4.592

Overige voorzieningen

300

535

0

Totaal voorzieningen

4.924

17.066

8.198

Voorzieningen Personele voorzieningen

Onderhoudsvoorziening gebouwen

Het verloop van de voorzieningen in 2022 is als volgt: Bedragen x C 1.000

Voorzieningen

Saldo 31-12­

Onttrekking

2021

2022

Dotatie 2022

Vrijval 2022

Discontering

Saldo 31-12­

2022

2022

Personele voorzieningen Personeelsvoorziening - jubilea

1.762

-254

648

-108

28

2.076

Personeelsvoorziening - duurzame inzetbaarheid

3.269

2.453

-548

1.414

0

-50

Personeelsvoorziening - medewerkers DOO

54

-7

0

0

0

47

Personeelsvoorziening - ww ex-medewerkers

985

-336

392

-324

5

722

Personeelsvoorziening - langdurig zieke medewerkers

668

-588

822

-79

-2

821

-13

0

378

-1.746

139 3.415

0

Totaal personeelsvoorzieningen

252 6.174

-511

-19

7.313

Onderhoudsvoorziening gebouwen

15.972

-3.967

10.035

0

0

22.040

617

-172

0

0

835

22.763

-5.885

390 13.840

-511

-19

30.188

Personeelsvoorziening - spaarverlof

Overige voorzieningen Totaal voorzieningen

Langlopende schulden (7) Bedragen xC 1.000

31 december 2022

31 december 2021

Langlopende schulden aan kredietinstellingen

14.934

15.575

Overige langlopende schulden

1.838

2.071

Totaal langlopende schulden

16.772

17.646

Langlopende schulden

De post langlopende schulden bestaat uit enkele leningen bij de BNG en een vooruit ontvangen subsidie.

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

97

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - JAARREKENING

Bedragen x C 1.000

Schulden aan kredietinstellingen

Lening BNG nr.1

Lening BNG nr.2

Lening BNG nr.3

Lening BNG nr.4

Lening BNG nr.5

Totaal

Stand per 1 januari

5.600

1.590

1.590

3.719

3.717

16.216

Opgenomen gelden

0

0

0

0

0

0

Aflossingen

-320

-60

-60

-101

-100

-641

Stand per 31 december

5.280

1.530

1.530

3.618

3.617

15.575

Kortlopend deel

-320

-60

-60

-101

-100

-641

Langlopend deel

4.960

1.470

1.470

3.517

3.517

14.934

Bedragen xC 1.000

Omschrijving

Jaar van Looptijd uitgifte

Lening BNG nr.1 Lening BNG nr.2 Lening BNG nr.3 Lening BNG nr.4 Lening BNG nr.5

2009 2018 2018 2018 2019

Hoofdsom Rente Laatste aflossing in

30 jaar 30 jaar 30 jaar 40 jaar 40 jaar

2039 2048 2048 2058 2059

9.600 1.800 1.800 4.039 4.000

Totaal

4,86y0 1,84y0 1,32y0 2,01y0 1,8407o

Rentevast periode

30 jaar 30 jaar 30 jaar 40 jaar 40 jaar

Aantal

Langlopend Langlopend termijnen deel 1-5 jaar deel ^ jaar

360 360 360 480 480

21.239

1.280 240 240 404 400

3.680 1.230 1.230 3.113 3.117

2.564

12.370

Leningen 1 t/m 3 zijn ten behoeve van de uitbreiding van Wolfert Lyceum. Lening 4 en 5 zijn ten behoeve van de nieuwbouw van Wolfert Lansing in de gemeente Lansingerland. Met betrekking tot de BNG leningen ligt het eerste recht van hypotheek bij de gemeente Lansingerland. De leningen benaderen de reële waarde per balansdatum. De reguliere aflossing voor 2023 van C 0,64 miljoen van de BNG-leningen is verantwoord onder de kortlopende schulden. Bedragen xC 1.000

Overige langlopende schulden

Subsidie ID-banen

Langlopend deel 1 januari

2.071

Kortlopend deel 1 januari

329

Stand per 1 januari 2022

2.400

Opgenomen gelden

0

Aflossingen

-304

Stand per 31 december 2022

2.096

Kortlopend deel

-257

Langlopend deel

1.838 Bedragen xC 1.000

Omschrijving Subsidie ID-banen

Jaar van Looptijd uitgifte 2021

15 jaar

Laatste Hoofdsom Langlopend Langlopend aflossing in deel 1-5 jaar deel ^ jaar 2036

2.800

1.255

583

De gemeente Rotterdam verstrekt subsidie voor ID-banen. Dit betreft een beschikking voor meerdere organisaties. Tot en met 2020 was FOKOR hiervoor penvoerder. Sinds 2021 is BOOR penvoerder. BOOR heeft de verplichtingen van FOKOR overgenomen. In 2021 is de laatste subsidietermijn verstrekt voor de uitvoering van de regeling tot en met 2036. h || ||

98

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

JAARREKENING - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Kortlopende schulden (8) Onder de kortlopende schulden zijn de schulden opgenomen met een verwachte looptijd korter dan één jaar. De kort­ lopende schulden zijn als volgt opgebouwd: Bedragen xC 1.000

Kortlopende schulden

31 december 2022

31 december 2021

Kortlopend deel schulden aan banken

641

641

Kortlopend deel overige schulden

257

329

4.171

4.950

4.688

2.774

13.585 35 4 13.624

11.672 72 11.744

Schulden ter zake van pensioenen

3.478

3.220

Overige kortlopende schulden

1.298

691

Overlopende passiva Vooruitontvangen subsidies OCW Vooruitontvangen bedragen

8.925

3.815

1.141

2.009

Vakantiegeld en -dagen

8.849

7.727

Rotterdams Onderwijsbeleid

686

360

Overige subsidies

177

12

Ouderbijdrage

4.802

4.307

Overige overlopende passiva

6.164

4.775

30.744

23.005

58.901

47.354

Crediteuren Vooruitontvangen investeringssubsidies voor huisvestingsprojecten

Belastingen en premies sociale verzekeringen Loonheffing Omzetbelasting Premies sociale verzekeringen

Totaal kortlopende schulden

0

Kortlopend deel langlopende schulden Betreft de aflossing voor 2023 van de hypothecaire leningen bij de BNG Bank en de verwachte declaraties voor ID-banen in 2023. Crediteuren Het saldo crediteuren ultimo 2022 is licht afgenomen ten opzichte van de stand per ultimo 2021. Vooruit gefactureerde en ontvangen termijnen huisvestingsprojecten BOOR heeft een aantal huisvestingsprojecten onderhanden. Dit betreffen nieuwbouwprojecten, verbouwingen en andere huisvestingsprojecten. Onder de vooruit gefactureerde en vooruit ontvangen termijnen zijn onder andere de niet bestede middelen en de bouwvoorbereidingskredieten voor meerdere projecten opgenomen. Per project zijn zowel de kosten (facturen) als de opbrengsten (gemeentelijke investeringsbijdrage) verzameld.

h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

99

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - JAARREKENING

Het verloop in 2022 was als volgt: Bedragen xÇ 1.000

Saldo 31-122021

Huisvestingsprojecten

-724

Uitgaven 2022

20.880

Saldo afgeronde

Ontvangen

bedragen 2022 projecten 2022

-2.861

Saldo 31-12­ 2022

-14.432

2.864

Verantwoord onder:

Vorderingen - Huisvestingsprojecen Overige vorderingen Kortlopende schulden - Huisvestingsprojecter Overige schulden Totaal

1.848 321 -2.774 -119

7.158 699 -4.688 -305

-724

2.864

1) 2) 3) 4)

1. Het saldo eind 2022 betreft projecten die doorlopen in 2023. Dit is opgenomen onder de kortlopende vorderingen als ‘waardering huisvestingsprojecten’.

2. In 2022 zijn projecten afgerond waarvan nog het restant-subsidie van de gemeente moet worden ontvangen. De verwachting is dat deze in 2023 worden afgewikkeld. Dit is opgenomen onder de overige kortlopende vorderingen.

3. Dit betreft lopende projecten, waarvoor de gemeente een voorschot op de subsidie heeft betaald. Het gaat hierbij met name om bouwvoorbereidingskredieten. Dit is opgenomen onder de kortlopende schulden.

4. De overige schulden betreffen afgeronde projecten, waarvan het eindsaldo moet worden terugbetaald aan de ge­ meente. Bijvoorbeeld omdat het project voordeliger is uitgevoerd. Dit is opgenomen onder de overige kortlopende schulden. Loonheffing De te betalen loonheffing eind 2022 bestaat uit de loonheffing over de maand december. Omzetbelasting De te betalen omzetbelasting eind 2022 bestaat uit de omzetbelasting over het 4e kwartaal. Premies sociale verzekeringen De te betalen premies sociale verzekeringen eind 2022 bestaan uit de afdrachten over de maand december. Schulden ter zake van pensioenen De te betalen pensioenen eind 2022 bestaan uit de afdrachten over de maand december. Overige schulden De overige schulden zijn toegenomen met C 0,6 miljoen. Deze post bestaat naast de genoemde huisvestingsprojecten uit nog te betalen salarissen (C 0,7 miljoen, 2021: C 0,3 miljoen), waarborgsommen (C 106.000) en diverse verplich­ tingen waarvoor nog geen rekening was ontvangen (C 0,3 miljoen). De toename in de nog te betalen salarissen komt door de herinvoering van de bindingstoelage in 2022 in de cao po. Vooruit ontvangen subsidies OCW De vooruit ontvangen subsidies zijn met C 5 miljoen toegenomen.

Ultimo 2022 betreft dit onder andere voor C 3,9 mil­ joen de subsidie Basisvaardigheden, voor C 2,6 miljoen de subsidie Sterk techniek onderwijs en voor C 0,9 miljoen de subsidie voor Heterogene brugklassen.

h || ||

100

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=0609ab6e-5a3c-446a-a973-ae468963ca9e