CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb001472] Bijlage behorende bij 23bb001471 over Nationaal Programma Rotterdam Zuid

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 29 maart 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ)61.300 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 7

Nationaal Programma

ROTTERDAM ZUID

Uitvoeringsplan 2023-2027

Colofon

Inhoudsopgave

Dit uitvoeringsplan is opgesteld door het programmabureau NPRZ in opdracht van het bestuur van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid, bestaande uit: Ahmed Aboutaleb, burgemeester Rotterdam, voorzitter NPRZ; Chris Kuijpers, directeur-generaal Bestuur, Ruimte en Wonen, ministerie van BZK, namens het Rijk; Wietske Vrijland, lid Raad van Bestuur Maasstad Ziekenhuis, namens de zorg; Diane Middelkoop, voorzitter college van bestuur PCBO Rotterdam Zuid, namens de onderwijspartners; Tim Versnel, wethouder Werk&Inkomen, NPRZ, EU-arbeidsmigranten, namens de gemeente Rotterdam; Hedy van den Berk, bestuursvoorzitter Havensteder, namens de woningcorporaties; Victor van der Chijs, voorzitter Deltalinqs, namens de werkgevers Dick van Well, namens de werkgevers; Bilal Saidi, lid wijkraad Hillesluis, vertegenwoordiger bewoners; Fred Westerbeke, politiechef Eenheid Rotterdam, namens Veiligheidspartners OM, Politie, Reclassering Nederland; Hugo Hillenaar, hoofdofficier van Justitie Rotterdam, namens Veiligheidspartners OM, Politie, Reclassering Nederland.

Vacant: bestuurslid kunst en cultuur Naast de bestuursleden heeft het NPRZ ook mensen die een ambassadeursrol vervullen: Hans Rijnierse Programmabureau Nationaal Programma Rotterdam Zuid Mijnsherenlaan 6, 3081CA Rotterdam, nprz@rotterdam.nl tel.: 010-2672104 www.nprz.nl Ö @NPRZ010 e nprz010 G Nationaal Programma Rotterdam Zuid k Nationaal Programma Rotterdam Zuid Medewerkers programmabureau: Marco Pastors (directeur) Astrid Kroos (adviseur thuisbasis op orde, werk en monitoring) Vildan Ekiz (adviseur school) David van Dis (onderzoek en economische structuurversterking ) Andrea Stierman (adviseur wonen en bestuur) Giovanni Fritschij (adviseur participatie en wijkgericht werken) Cynthia Blok (adviseur veilig) Erik Venema (adviseur veilig) Geerten Graef (adviseur veilig) Ines Haddoudi (partnercommunicatie en werkbezoeken) Evronique Smits (project ondersteuning) Chantal van Amsterdam (management assistent) Edwin Cornelisse (manager communicatie)

Voorwoord

5

Hoofdstuk 1 Inleiding

7

Interview Werkers op Zuid: Salim Elfassi, Stichting Koco

12

Hoofdstuk 2 Aansprekende ambities, NPRZ op wijkniveau en bewoners bondgenoten

14

Hoofdstuk 3 Pijler Thuisbasis op orde

21

Interview Werkers op Zuid: Tineke Visser van Sterrenschool De Globetrotter

34

Hoofdstuk 4 Pijler School

36

Interview Werkers op Zuid: Rozanne Wijnand, programmamanager Samen voor Zuid

54

Hoofdstuk 5 Pijler Werk

56

Interview Werkers op Zuid: Frank van Wijngaarden, projectmanager gebiedsontwikkeling Stadsontwikkeling Rotterdam

78

Hoofdstuk 6 Pijler Wonen

80

Interview Werkers op Zuid: Sana el Fizazi, stadsmarinier

104

Hoofdstuk 7 Pijler Veilig

106

Interview Werkers op Zuid: Reggery Gravenbeek, filmmaker, spreker, organisator

116

Hoofdstuk 8 Organisatie en Financiën

118

Datum publicatie maart 2023 Interviews en fotografie Werkers aan Zuid: Elsbeth Grievink, Sanne Donders Fotografie: TechniekBeeldbank, Paul Martens, EMI, Kevin Verbeek, Stadsontwikkeling Rotterdam, Vildan Ekiz, Edwin Cornelisse Grafisch ontwerp: Otto Mende (Trichis) Coördinatie totstandkoming: Esther van der Velden

2

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 3

Voorwoord

Alstublieft, het nieuwe vijfjarige Uitvoeringsplan 2023-2027 van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ). Een plan om trots op te zijn. Trots omdat veel medewerkers van alle partners hebben meegedacht en meegeschreven aan deze koers om Zuid verder te versterken. De ambitie is groot. De koersvastheid ook. Dit plan bouwt verder op de basis die is gelegd, op de resultaten van de eerste tien jaar gezamenlijk aanpakken op Zuid. Zo is er nu tien uur extra les op scholen in de focuswijken, zijn er meer jongeren die studeren op de hoogste mbo-niveaus en wordt er meer gekozen voor kansrijke opleidingen en banen in de zorg en techniek. Ook zijn er tweeduizend minder mensen met een uitkering sinds 2012 (terwijl het aantal inwoners met meer dan dertigduizend groeide) en is de kwaliteit van de woningen verbeterd. En vooral: het beeld over Rotterdam-Zuid kantelt. Er is een positieve verandering in de beeldvorming: in én over Rotterdam-Zuid. Het is een gebied waar bewoners samen met heel veel professionals met veel energie werken aan een beter toekomst. Voor henzelf en voor de wijken. Dit uitvoeringsplan bouwt voort op de basis die in de eerste elf jaar is gelegd, zoals de midtermreview ons heeft gevraagd. Die wees ons ook op meer mogelijkheden dan we tot nu toe benutten, met name op het gebied van bondgenootschappen met bewoners en hen mede-eigenaar maken van projecten in hun wijk.

En wat een groter eigenaarschap kan betekenen voor bewoners, de ambities van het NPRZ en het gebied. Die uitdaging gaan we aan. Wijkraden en gemeenteraad zijn al enthousiast om de handen ineen te slaan en het NPRZ krijgt steun van alle partners om met bewoners te werken aan school, werk en wonen. De midtermreview wees ook hoe we onze aanpak samen kunnen verbeteren, wat daar voor nodig is. Want er is meer nodig dan scholen voor alle kinderen en jongeren, werk voor alle volwassenen en woningen in de staat waarin ze nu verkeren. Dat was en is niet genoeg. Niet genoeg om bewoners op Zuid dezelfde kansen te geven als mensen elders in ons land. Daarom zijn nu Thuisbasis op Orde en Veiligheid als zelfstandige pijlers toegevoegd. Thuisbasis op Orde als broodnodige ondersteuning zodat bewoners hun dagelijks leven op de rails kunnen krijgen en houden. En een pijler Veiligheid om de verleiding van het verkeerde pad weg te nemen en de macht van de drugseconomie te doorbreken. We moeten ook oog houden voor de mensen die voor zichzelf nog geen toekomst zien, aan wie de verbeteringen nog voorbij gaan.

Mensen met geldproblemen, met hoge energierekeningen die afhankelijk zijn van corporaties en particuliere verhuurders voor investeringen in lagere woonlasten, mensen met taal- en leesproblemen, mensen met kinderen op scholen met een hoger lerarentekort dan elders, mensen die afhankelijk zijn van een uitkering, mensen die alleen welkom zijn op de arbeidsmarkt als ze 0-uren-contracten accepteren, mensen die door huisjesmelkers en malafide uitzendbureaus worden uitgebuit in goedkope particuliere huurwoningen, voor wie de verzorgingsstaat niet openstaat, die slachtoffer zijn geworden van het handhavingsbeleid van de kinderopvangtoeslag, enzovoort. Voor deze mensen is het perspectief veel minder zichtbaar dan voor mensen hoger op de ladder. Daar moeten we oog voor blijven houden. Maar het gaat lukken. Met inzet, steun en belangstelling van u allemaal. En vooral: met zoveel belang bij bewoners van Zuid.

4

Burgemeester Ahmed Aboutaleb

Marco Pastors

Voorzitter Nationaal Programma Rotterdam Zuid

Directeur Nationaal Programma Rotterdam Zuid

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 5

1. Inleiding

1.1 De geschiedenis van Rotterdam-Zuid “Het ontstaan van Rotterdam-Zuid (Charlois, Feijenoord en IJsselmonde) is verbonden met de ontwikkeling van de Rotterdamse haven eind 19e eeuw. De ontwikkeling van economische bedrijvigheid die daarmee gepaard ging, had een grote aanzuigende werking op arbeidskrachten. In korte tijd werden in rap tempo woonwijken met goedkope woningen gebouwd om de havenarbeiders te huisvesten. Na de Tweede Wereldoorlog werd als eerste de haven hersteld. Er was dringend behoefte aan woningen. Deze werden gebouwd in de nieuwe – op zichzelf staande – tuinsteden Pendrecht, Lombardijen, Zuidwijk en IJsselmonde. De portieketage-woningen waren in die tijd een aanzienlijke verbetering ten opzichte van de bestaande huisvesting in het centrum van Rotterdam. In de jaren ‘60 en ‘70 kwamen goedkope arbeidskrachten uit zuidelijke landen (gastarbeiders) in groten getale naar de haven om het werk te doen dat de autochtone bevolking niet meer wilde. Deze werknemers vestigden zich massaal op Zuid. Parallel aan deze ontwikkeling werden twee andere ontwikkelingen zichtbaar. In de jaren ‘80 verschoven de havenactiviteiten steeds verder westwaarts, waardoor de werkgelegenheid in de havens voor Zuid afnam. De haven is al lang niet meer de belangrijkste werkgever voor

1)

Zuid. De overheid wees daarnaast in die periode verschillende gemeenten rond Rotterdam aan als groeikernen, met aantrekkelijke huisvesting. Dit was voor velen een ideaal alternatief voor het wonen in de tuinsteden. De komst van de VINEX-wijken ten zuiden van Rotterdam versterkte het proces van selectieve migratie. Die is nog steeds gaande. Bewoners van Zuid die het beter krijgen, vertrekken nog steeds naar aantrekkelijker woonmilieus rond Rotterdam.”1 Tegelijkertijd zien we op wijkniveau dat het aandeel lage inkomens langzaamaan afneemt door de toename van het aantal bewoners dat het beter krijgt, de zogenoemde sociale stijgers. Uit de rapportage ‘Stijging, verhuizingen en nieuwbouw op Zuid’ uit 2022 blijkt dat in de verschillende wijktypen op Zuid huishoudens die zich vestigen qua inkomen afwijken van de huishoudens die vertrekken. Vestigers hebben vaker een laag inkomen en minder vaak een middenen hoog inkomen dan de groep die vertrekt. Zo zien we bij de focuswijken met veel particuliere huur dat 70% van de vestigers een laag inkomen heeft (inclusief studenten) en 23% heeft een midden- of hoog inkomen (van 7% is geen inkomen bekend). Van de huishoudens die dit wijktype verlaat, heeft 59% een laag inkomen (inclusief studenten) en 34% een midden of hoog inkomen. Een vergelijkbaar patroon doet zich ook voor bij de andere drie wijktypen op Zuid.

Tekst eindadvies Deetman/Mans ’Kwaliteitssprong Zuid: ontwikkeling vanuit kracht ‘februari 2011’ aangevuld met recente cijfers.

↑ Rotterdam-Zuid vanaf Vaanplein.

6

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 7

↓ Tabel 1: Indicatoren Rotterdam-Zuid.

Nederland

Totaal G4 in 2011

Totaal G4

Amsterdam

Den Haag

17.475.415

2.196.644

2.432.659

873.338

548.320

359.370

651.269

193.982

207.510

80.290

Aantal inwoners tot 27 jaar in % van totale bevolking (2021)

30,3%

33,8%

32,4%

30,8%

32,2%

36,2%

32,7%

35,2%

33,8%

36,9%

% één-ouder huishouden met tenminste 1 thuiswonend kind, jonger dan 18 jaar op alle huishoudens met tenminste 1 thuiswonend kind, jonger dan 18 jaar (2021)

19,2%

28,0%

27,0%

28,9%

25,4%

16,8%

33,0%

38,2%

39,6%

40,2%

% leerlingen basisonderwijs met laagopgeleide ouders (1 okt 2019)

9,4%

28,0%

15,5%

Referentieniveaus: fundamenteel niveau (2018/2019)

96,1%

94,1%

94,6%

94,5%

95,0%

Referentieniveaus: streefniveau (2018/2019)

61,4%

54,1%

59,0%

58,3%

% leerlingen in leerjaar 3 HAVO/VWO (2020/2021)

50,0%

42,9%

53,0%

% leerlingen in het praktijkonderwijs (2020/2021)

3,2%

4,0%

% geslaagden VWO van alle geslaagden (2020/2021)

21%

Stand bevolking 1 januari (2021)

Utrecht

Rotterdam1

Zuid in 20111

Zuid1

7 Focuswijken1

1.2 Ambitie op Zuid 17,7%

41,0%

23,2%

26,8%

96,1%

93,5%

94,1%

91,6%

90,1%

59,7%

63,6%

56,6%

48,0%

51,3%

48,2%

57,0%

51,0%

61,0%

44,0%

25,8%

31,0%

30,0%

4,0%

3,4%

4,4%

2,4%

5,3%

7,0%

7,1%

7,9%

21%

24%

27%

22%

29%

19%

9%

10%

9%

% geslaagden HAVO van alle geslaagden (2020/2021)

28%

22%

25%

26%

26%

26%

21%

16%

17%

15%

% geslaagden VMBO van alle geslaagden (2020/2021)

52%

57%

52%

46%

52%

45%

61%

75%

73%

76%

% nieuwe voortijdig schoolverlaters (schooljaar 2020/2021)3

1,9%

3,6%

2,4%

2,4%

2,4%

1,9%

2,7%

4,2%

2,9%

3,0%

% jongeren met startkwalificatie, 18 t/m 22 jaar (1 oktober 2020)3

69,0%

nb

71,0%

72,0%

66,0%

80,0%

68,0%

48,0%

59,0%

61,0%

72%

69%

74%

77%

70%

81%

69%

52%

62%

60%

€ 32.300

€ 23.100

€ 31.700

€ 33.600

€ 31.000

€ 32.800

€ 29.000

€ 19.300

€ 25.500

€ 22.600

% huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum (2020)3

10,2%

18,0%

16,2%

16,5%

16,1%

11,2%

18,5%

24,0%

22,2%

24,6%

Kinderen tot 18 jaar in een huishouden met inkomens tot 110% van het sociaal minimum in % van alle kinderen tot 18 jaar in een huishouden (2020)3)

7,9%

19,0%

13,8%

14,2%

13,7%

8,6%

16,6%

29,0%

22,1%

23,5%

% Huishoudens met een WWB-AO- of WW-uitkering (2019)

8,1%

13,0%

11,8%

11,3%

12,4%

8,9%

13,5%

17,0%

16,3%

18,9%

% Huishoudens met een WWB of WW-uitkering (2019)

4,6%

9,1%

7,9%

7,5%

8,1%

5,3%

9,7%

14,6%

11,7%

13,5%

Niet-werkende beroepsbevolking (als % van de leeftijdsgroep 15 tot 75 jaar) (1 okt 2020)2

6,6%

9,4%

11,0%

11,9%

10,5%

7,6%

12,2%

14,3%

15,0%

16,0%

x

x

x

x

x

x

23,0%

36,5%

34,0%

49,0%

€ 270.000

€ 215.103

€ 321.000

€ 418.000

€ 271.000

€ 327.000

€ 224.000

€ 126.434

€ 169.500

€ 139.500

% middelbaar of hoger opgeleid, als % van de bevolking 15 tot 75 jaar (1 okt. 2020)3 Gemiddeld besteedbaar huishoudensinkomen, gestandaardiseerd (2019)

% kwetsbare meergezinswoningen t.o.v. de woningvoorraad (2020) Gemiddelde WOZ-waarde van woningen (2020)2

Het doel van het Nationaal Programma is dat iedereen op Zuid een zinvolle dagbesteding heeft: kinderen gaan naar school en volwassenen zijn aan het werk. Hierdoor krijgen bewoners een sterkere positie in de maatschappij. Dit doen we door samen te werken aan het op orde krijgen of houden van de thuisbasis van bewoners, te werken aan school en werk zelf. En te werken aan het wonen en de veiligheid op Zuid. De mate van invulling kan per bewoner variëren maar de basis is een grote eigen rol van de bewoners: voor zichzelf, voor hun gezin en voor hun directe omgeving. Hoe het met de bewoners gaat, is bepalend voor hoe het met Zuid gaat. De indicatoren in tabel 1 gebruiken we vanaf de start van het programma in 2011 om een globaal beeld te schetsen vanhoe het gaat op het gebied van school, werk en wonen ten opzichte van de steden in de G4. De ambitie is dat in 20 jaar het G4-niveau wordt bereikt en dat na 10 jaar een kwart van de achterstand van Zuid ten opzichte van de G4 is weggewerkt. Het resultaat na tien jaar NPRZ is dat het beter wordt op Zuid. Zo lopen de leerlingen van Zuid in op de leerlingen elders in Rotterdam en de G4. Bovendien kiezen meer leerlingen voor een opleiding in de zorg en techniek. Het percentage bijstandsen werkloosheidsuitkeringen is weliswaar nog onvoldoende gedaald, maar Zuid loopt wel in op de G4.

Verder is een sterke start gemaakt met het aanpakken van de verpauperde particuliere woningvoorraad. Steeds meer bewoners van Zuid laten ook weten dat ze graag op Zuid willen blijven wonen en bewoners die Zuid ooit hebben verlaten keren er terug. Deze ontwikkelingen stemmen zeer hoopvol en geven bewoners en de partners in het NPRZ het bewijs dat de inspanningen effect hebben. Maar het zijn nog broze verworvenheden. Daarom is het belangrijk dat de komende jaren wordt doorgepakt. Niet voor niets is het NPRZ een programma van de lange adem. Voor het NPRZ geldt de wet van de boerderij: niet alleen hard werken bepaalt het succes, gewas heeft ook tijd nodig om te groeien. We hebben een set van doel-indicatoren en overige indicatoren gekozen die jaarlijks in voortgangsrapportages (www.nprz.nl/documenten) wordt gevolgd en waarin een uitgebreide analyse is opgenomen.

1.3 De NPRZ-aanpak Bronnen: CBS, UWV en DUO bewerking OBI 1) Lokale bron, indien van toepassing 2) voorlopig cijfer 3) Landelijke bron voor NL en de 4GG

8

In het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ), werken Rijk, de gemeente Rotterdam, corporaties, zorginstellingen, schoolbesturen, bedrijfsleven, politie en Openbaar Ministerie aan een gezonde toekomst voor

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 9

V

→ Achtergrond NPRZ

Rotterdam-Zuid. Samen zorgen deze partners dat de kansen van Zuiderlingen worden vergroot. Hoe we die kansen willen vergroten, staat beschreven in de uitvoeringsplannen. Oftewel: wat gaan de partners van het NPRZ doen om Zuid omhoog en vooruit te helpen? Voor u ligt het uitvoeringsplan 2023-2027, waarin we de plannen voor de komende vijf jaren uiteenzetten.

1.4 A  anpak in belang van bewoners en hun huishouden Bij de uitvoering van het Nationaal Programma staan de inwoners van Rotterdam-Zuid centraal. Het NPRZ is bij uitstek een sociaal programma gericht op meedoen in de maatschappij. De inzet van alle professionele partners is gericht op het samen met bewoners invulling geven aan de drie hoofdpijlers: School, Werk en Wonen. Een afgeronde en slim gekozen opleiding leidt tot een betere positie op de arbeidsmarkt en daarmee een stabieler en hoger inkomen.

10

en Handh

avi

ng

SCHOOL Scholing

Stabielere wijken

N

Veiligheid en criminaliteit

W Om deze beweging op gang te brengen is het noodzakelijk te investeren in goede prestaties op school, de begeleiding van werkzoekenden naar werk en het beschikbaar maken van woningen, juist ook voor de sociale stijgers. Prioriteit ligt bij het ondersteunen van bewoners zodat zij zelf kansen kunnen grijpen, juist waar dat niet vanzelfsprekend is. Zowel de ervaring in de uitvoeringspraktijk als wetenschappelijk onderzoek geven aan dat het daarvoor cruciaal is dat de thuisbasis op orde is. De keuzes die mensen maken ten aanzien van meedoen in de maatschappij worden negatief beïnvloed door ondermijnende structuren. Actieve inzet met deze invalshoek is nodig om de bewonersgerichte aanpak van het NPRZ compleet te maken. Ofwel: het afsluiten van de slechte weg en het mogelijk maken van de goede weg. Deze samenhangende aanpak is verbeeld in figuur 1.

1.5 De NPRZ-aanpak de komende jaren Ten opzichte van het vorige uitvoeringsplan kiezen we voor diverse toevoegingen op de bestaande interventies bij school, werk, wonen, thuisbasis op orde en veilig. De aanpak op veiligheid vatten we nu in een volwaardige pijler. We presenteren een aanpak voor kinderen tussen nul en vier jaar, omdat een kansrijke start op een goed leven op Zuid al vroeg begint. De concrete voorstellen en interventies per pijler kunt u terugvinden in de hoofdstukken 3 tot en met 7 in dit uitvoeringsplan.

Sociaal functioneren

Bewoner met gezin/huishouden stabielere Werk en thuissituatie Inkomen

Wonen

E ON

Hiermee kunnen mensen niet alleen beter in de maandelijkse lasten voorzien, maar bijvoorbeeld ook een ruimere woning betalen. Geen zorgen hebben over woonlasten en een passende woning voor alle gezinsleden geeft bewoners van Rotterdam-Zuid meer rust in het dagelijks leven. Kinderen presteren daardoor ook beter op school.

Opvoeding

K

Deze adviezen zijn ter harte genomen en hebben in het najaar van 2011 geleid tot het Nationaal Programma Rotterdam Zuid. Een breed gedragen aanvalsplan om de kansen van bewoners te vergroten en het leven op Zuid te verbeteren. Het is een programma dat de tijd krijgt die nodig is: in een periode van 20 jaar moet Zuid zijn gestegen naar het niveau van Rotterdam en de andere grote steden (G4).

heid

Gezondheid en hulpverlening

Beter betaald werk

WE R

Eind 2010 gaf de toenmalige minister voor Wonen, Wijken en Integratie, Eberhard Van der Laan, opdracht aan Wim Deetman en Jan Mans om te adviseren over de aanpak van de problemen in Rotterdam-Zuid. In februari 2011 verscheen het rapport ‘Kwaliteitssprong Zuid, ontwikkeling vanuit Kracht’. Hierin concludeerden Deetman en Mans dat Rotterdam-Zuid kampt met problemen die ongekend zijn op de Nederlandse schaal. De commissie stelde dat de gemeente Rotterdam, het rijk, bewoners, woningcorporaties, bedrijfsleven, scholen en andere lokale partners gezamenlijk en vanuit een gedeelde visie aan de slag moeten om doorbraken te realiseren op Rotterdam-Zuid. Een Nationaal Programma was nodig, omdat de sociaaleconomische problemen in omvang en intensiteit ongekend zijn voor Nederland. Ook wees de commissie op het belang van voldoende doorzettingsmacht in de wijken op Zuid en op een boodschap die aansluit bij de belevingswereld van bewoners. Tot slot stelden Deetman en Mans dat bewoners en ondernemers nadrukkelijk een rol moeten spelen bij het oplossen van de problemen op Zuid.

ig eil

Meer welvaart met meer vraag naar betere woningen

↑ Figuur 1: De cirkel van het NPRZ.

bewoners praktisch invulling te geven. In hoofdstuk 2 gaan we verder in op deze plannen. De NPRZ-aanpak valt of staat met de samenwerking van onze partners. Dat maakt het NPRZ uniek ten opzichte van eerdere aanpakken. Juist door de samenwerking van overheid (Rijk en gemeente), woningcorporaties, zorginstellingen, het onderwijs, de veiligheidspartners, het bedrijfsleven en bewoners, ontstaan er krachtige voorstellen die effectief helpen om de ambities te behalen. Het vraagt van onze partners commitment, een blik op de lange termijn en soms zelf een stapje terug doen om samen twee stappen vooruit te zetten. De voortgang en het sturen op gemaakte afspraken wordt bewaakt door het NPRZbestuur, daarbij ondersteund door de NPRZ-directeur en het programmabureau.

Veel van de voorstellen in dit uitvoeringsplan zijn niet mogelijk zonder financiering. Bij het vaststellen van dit uitvoeringsplan is de financiering voor de meeste interventies nog niet zeker gesteld. Er is zicht op afspraken voor 2023, in 2023 zullen we afspraken moeten maken over de jaren erna. De gemeente heeft in het coalitieakkoord 2022-2026 uitgesproken co-financiering beschikbaar te stellen, in de veronderstelling dat ook andere partners zoals het Rijk bijdragen. Indien financiering niet of niet tijdig beschikbaar komt, zal een deel van dit uitvoeringsplan op losse schroeven komen te staan. Daarmee is dit punt een belangrijk punt van zorg en aandacht voor 2023. Het laatste hoofdstuk 8 van dit plan gaat dieper in op de wijze van organiseren en financieren.

↓ De komende jaren komt er een aanpak voor kinderen van 0 tot 4 jaar, om hen een kansrijke start te geven op een goed leven op Zuid.

Ook willen we de NPRZ-aanpak verfijnen door toe te werken naar interventies op wijkniveau. Want hoewel de problematiek op Zuid per wijk vergelijkbaar is, zijn er toch ook grote verschillen tussen de wijken. Dit vraagt, waar dat van toepassing is, om een blik per wijk. We betrekken hierbij de wijkraden. Zij zijn een belangrijke schakel in het fijnmazig wijknetwerk van bewoners, gemeente en partners. De wijkraden zijn ook belangrijk bij de opvolging van het advies uit de midterm van Van Rijn dat spreekt over bewoners als bondgenoten. We willen bewoners meer betrekken bij het NPRZ en werken op een nieuwe participatieaanpak uit. Hierbij maken we gebruik van de netwerken van onze partners. Ook is er begin 2023 op het programmabureau een adviseur participatie aan de slag gegaan om het versterken van het bondgenootschap met

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2028 | 11

WERKERS OP ZUID

hij. ‘Dat was mijn buurvrouw. Ze woonde drie huizen verder. Tien jaar lang ben ik langs dat huis gelopen, zonder te weten dat daar iemand lag. Niemand had haar gemist. Dat heeft me aan het denken gezet.’ Het was 2015, door de crisis was Elfassi zijn baan bij een onderzoeksbureau kwijtgeraakt en hij besloot iets te gaan doen wat hij al heel lang van plan was: een wereldreis maken en Spaans leren. ‘Toen ik terugkwam, wist ik wat ik wilde. Ik wilde iets betekenen voor de stad waar ik woon, door eenzaamheid aan te pakken.’

Van maaltijd naar zorg

Via Woonbron kreeg Elfassi het leegstaande restaurant van de Nancy Zeelenbergflat aangeboden. ‘Ik kende Carnisse niet. Ik had überhaupt geen binding met Zuid, had er alleen maar horrorverhalen over gehoord. Toch ben ik gaan kijken. Ik kwam hier en raakte al snel in gesprek met een paar van de ouderen die hier wonen en toen…’, Elfassi krijgt een zachte blik in zijn ogen, ‘… ja, toen was ik om.’

SALIM ELFASSI VAN STICHTING KOCO

‘Even tot drie tellen en aan de slag. Voor je eigen moeder zou je het ook doen.’ Dagelijks werken de partners van het NPRZ om het op Zuid beter te maken voor de huidige en de nieuwe bewoners. Wie zijn die werkers op Zuid? Ondernemer Salim Elfassi zet zich met Stichting KOCO in voor kwetsbare ouderen en jongeren in Carnisse.

Het is 14 december 2020, de dag waarop premier Rutte een tweede lockdown zal afkondigen. Het nieuws zingt al rond in de Nancy Zeelenbergflat in Carnisse, waar zo’n honderd ouderen in kleine eenkamerflats wonen. ‘Zo’n lockdown is voor niemand leuk. Maar voor de mensen die hier wonen, is het echt verschrikkelijk,’ zegt Salim Elfassi, in het restaurant op de begane grond van de flat. ‘De meesten zijn kwetsbaar en eenzaam. Sommigen hebben letterlijk niemand meer. Het samen eten in het restaurant en

12

de activiteiten die we organiseren, zijn het enige waarvoor ze hun kamer nog uit komen.’

Buurvrouw

In 2018 is Elfassi neergestreken in de Nancy Zeelenbergflat, met het idee een restaurant te beginnen waar eenzame ouderen samen kunnen eten. Daar ging wat aan vooraf: ‘Ken je dat verhaal van die mevrouw die tien jaar lang dood in haar woning lag in Rotterdam-West?’ vraagt

Een restaurant beginnen, dat was het idee. Maar hoe meer maaltijden Elfassi uitserveerde, hoe meer bewoners hij leerde kennen, en hoe scherper zijn beeld werd van hun hulpeloosheid. ‘Je hoort een bewoner zeggen dat hij al jaren niets anders heeft gegeten dan boterhammen. Je merkt dat iemand zwaar verwaarloosd is. Of ziek, en niet de verzorging krijgt die ze nodig heeft. En op het moment dat je een keer in iemands woning komt, schrik je je rot. Al heel snel zijn we zorg gaan verlenen aan de meest kwetsbare mensen in de flat. En daar zijn we steeds verder in gegaan.’

Ogen druppelen

‘We’ is het team van Elfassi, waarvan de ervaren kokkin Chahrazad en projectcoördinator Henifa de harde kern vormen. De drie kunnen met elkaar lezen en schrijven, en hebben met veel van de meest kwetsbare bewoners een persoonlijke band. Daarnaast werken ze met mensen die in de bijstand zitten, tussen wal en schip beland zijn en door het Leerpraktijkcentrum naar Elfassi zijn doorverwezen.

‘Ik had überhaupt geen binding met Zuid, had er alleen maar horrorverhalen over gehoord. Ik kwam hier en raakte in gesprek met een paar ouderen die hier wonen en toen… ja, toen was ik om.’ ‘Ze doen schoonmaakwerk, draaien mee in de keuken of helpen bij de verzorging van de ouderen: een maaltijd brengen, ogen druppelen, een boodschap doen, alles wat de ouderen zelf niet kunnen.’ Zelf kennen Salim, Chahrazad en Henifa geen grenzen als het om de zorg voor de bewoners gaat. ‘Eén bewoonster was al jaren niet gewassen. Dat rook je. Ook haar woning bleek zwaar verwaarloosd. Dan tel je even tot drie en dan ga je aan de slag. Ja, natuurlijk. Het zou je moeder maar zijn.’

Hiér zijn

Een paar keer valt de naam van een mevrouw. Ze is 97 jaar, ‘een chic dametje’, zegt Elfassi. En ook zij is heel alleen. Op haar vrije zondag, komt Chahrazad tóch naar Nancy Zeelenberg om spelletjes met haar te doen, en haar huis schoon te maken. Als zij naar de dokter moet, of naar het ziekenhuis, gaat Elfassi met haar mee. ‘Tuurlijk. Niemand anders doet het, en ik zou het voor mijn moeder ook doen. Dat blijft mijn motivatie. Maar ik haal zelf ook plezier uit het contact. Ik ga heel graag om met ouderen. Wat ik zo leuk vind aan ouderen: ze zijn híer.’ Elfassi wijst met zijn vingers naar de vloer van zijn restaurant. ‘Ze zitten niet in hun mobieltje. En ze hebben ontzettend veel te vertellen. Prachtige verhalen over vroeger. We kunnen zoveel van ze leren.’

Helpen

Onlangs woonde Elfassi de crematie van een oudere bezoeker mee. ‘Chahrazad, Henifa en ik waren de enige drie aanwezigen. Die man had verder helemaal niemand die naar hem omkeek. Dat breekt je hart.’ Wat hij het moeilijkst vindt aan zijn werk? ‘Dat je veel meer hulp zou willen bieden dan je kunt. Daarvoor heb ik simpelweg meer mensen en meer geld nodig. Maar we doen wat we kunnen.’ Zijn beeld van Zuid is erg veranderd, sinds hij hier in Carnisse onderneemt, zegt Elfassi. ‘Eerst dacht ik bij Zuid aan criminaliteit. Nu denk ik aan kwetsbaarheid. Aan mensen die in de steek zijn gelaten door alles en iedereen. Dat ik die mensen kan helpen, geeft mij heel veel voldoening. Ik doe nu echt waar mijn hart ligt.’ Hij staat op, het is tijd om de lunch klaar te maken. Want de mensen boven verdienen een gezonde maaltijd.

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 13

2. A  ansprekende ambities, NPRZ op wijkniveau en bewoners bondgenoten 2.1 Aansprekende ambities Van ambitieverlaging is geen sprake; bewoners van Rotterdam-Zuid hebben recht op gelijke kansen. Het bestuur omarmt de conclusie uit het rapport van Van Rijn dat daarvoor doorbraken en aanvullende strategieën nodig zijn. Met alleen voortzetting van de huidige aanpak zal niet op alle punten de 100% doelstelling worden gehaald. Het bestuur concludeert dat G4-niveau nog steeds leidend moet zijn en niet naar beneden bijgesteld, maar het verhaal bij die ambitie is wel belangrijk. De ambities worden bezien in de context van Rotterdam-Zuid, waarbij kansen voor mensen en hun ontwikkelperspectief centraal staan. Per pijlerhoofdstuk wordt nader ingegaan op wat dit voor de uitwerking van ambities per pijler betekent. In de pijler Wonen is rekenschap gegeven van de ontwikkelingen in de woningmarkt van de afgelopen jaren en is expliciete aandacht voor betaalbaarheid van woningen, ook voor middeninkomens. Met de twee nieuwe pijlers: Thuisbasis op orde en Veilig geven we ook de samenwerkingen die op deze thema’s al liepen een volwaardige plek in het NPRZ-programma. Bovendien voegen we nieuwe ambities toe zoals die voor kinderen van 0-4 jaar.

2.2 Van Stad naar Zuid, van Zuid naar Wijk De afgelopen tien jaar is het vooral gelukt om NPRZ als deel van de Stad te zien. Steeds vaker is er binnen het reguliere stedelijke, landelijke en regionale beleid aandacht voor het NPRZ. Het NPRZ is vaak een onderdeel van beleidsplannen en programma’s vanwege de omvang van Rotterdam-Zuid, de toegevoegde waarde van de doelgerichte samenwerking en de scherpe scope. Tegelijkertijd vult het NPRZ-uitvoeringsplan het partnerbeleid aan, omdat het is gemaakt met alle NPRZ-partners, dus met schoolbesturen en -directeuren, corporaties, politie, OM, werkgevers, Rijk, enzovoort. Bij voorkeur wordt ook in de toekomst bij het reguliere stedelijke, landelijke en regionale beleid als hoofdstuk/ paragraaf of apart document aangegeven welke NPRZ inzet geldt en hoe de specifieke NPRZ-afspraken binnen het betreffende stedelijke beleid/programma passen: waar versterkt het en liggen er kansen, waar zitten de opletpunten en waar schuurt het?

Er is nog veel winst te behalen door de NPRZ-afspraken te vertalen naar de wijken. Dit gaan we doen voor de lange termijn in de handelingsperspectieven waarmee we op wijkniveau voor de komende tien jaar inhoud geven aan een gezamenlijk perspectief voor alle partners. De korte termijn is terug te vinden in jaarambitie en realisatiedocumenten per wijk van het NPRZ. Handelingsperspectieven per wijk voor de lange termijn Voor alle wijken wordt een update gemaakt van de fysieke wijkhandelingsperspectieven die bij de start van het NPRZ zijn gemaakt. (www.nprz.nl/over-nprz/onze-documenten/handelingsperspectieven). De handelingsperspectieven hebben als doel om de ambities op programmaniveau ten aanzien van de pijler Wonen in de toekomst op wijkniveau in te vullen. Ze geven daarmee richting aan de uitvoering. Elk handelingsperspectief kent 3 onderdelen: Karakteristiek, perspectief en strategie. De handelingsperspectieven zullen niet allemaal tegelijk worden opgeleverd, maar worden gespreid gedurende de komende jaren gemaakt. De volgorde van wijken wordt bepaald aan de hand van urgentie en mogelijkheden. We organiseren een Project Start Up (PSU) met corporaties, afdeling Stedelijke Ontwikkeling van de gemeente en het stafbureau.

Er komt een proef voor twee wijken om de uitvoerbaarheid en daadwerkelijk toegevoegde waarde te onderzoeken of er ook een handelingsperspectief kan worden gemaakt vanuit een sociaal- en maatschappelijke invalshoek. De opgaven van de verschillende pijlers worden dan samengebracht met wat de wijk als totaal nodig heeft. “NPRZ-jaarambitie”-documenten per wijk voor de korte termijn Voor elke wijk maakt het NPRZ inzichtelijk welke ambitie er is en welke uitvoering daaraan wordt gegeven. Hiermee geven we NPRZ-professionals de mogelijkheid de uitvoering op wijkniveau in samenhang en focus te organiseren. Bijvoorbeeld: Als blijkt dat er op 1 school minder goede scores worden gehaald dan verwacht, dan kunnen we bespreken wat de school nodig heeft. Zo zorgen we met elkaar dat de bewoners en professionals in de wijk steeds beter ondersteund worden. We volgen voor dit korte document per wijk de pijlerindeling van het NPRZ: thuisbasis, school, werk, wonen en veilig. Met daarbij de kanttekening dat niet alle interventies in dit Uitvoeringsprogramma naar wijken worden vertaald. Voor de onderwerpen taal, schulden en voorschoolse educatie zijn voor dit uitvoeringsplan specifieke afspraken gemaakt om ook op wijkniveau de voortgang te gaan monitoren.

De NPRZ jaarambitie-documenten worden jaarlijks voor alle wijken tegelijk gemaakt en de verantwoording loopt mee in de jaarlijkse voortgangsrapportagecyclus van het NPRZ. Structuur en inhoud zullen jaarlijks worden verbeterd.

Afspraken: › De Gemeente Rotterdam en andere partners maken de handelingsperspectieven, in overleg met het NPRZ. De handelingsperspectieven worden opgesteld door het gemeentelijk cluster Stadsontwikkeling (SO) in samenwerking met corporaties. Voor de twee proeven met sociaal- economische perspectieven wordt samengewerkt met het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling (MO) in samenwerking met schoolbesturen en, op enige afstand, met werkgevers. › De Gemeente Rotterdam, met de gebiedsorganisatie in de regie, stuurt in samenwerking met het programmabureau op de uitvoering van het uitvoeringsplan per wijk, met het uitvoeringsplan zelf, het handelingsperspectief en de jaarambitiedocumenten.

Wijkraden en andere wijkpartners In 2022 is de gemeente Rotterdam gestart met Wijk aan Zet. Het doel van Wijk aan Zet is om via 39 wijken en wijkraden Rotterdammers meer zeggenschap te geven over hun directe omgeving. Bewoners en partners in de wijk denken en beslissen mee over wat de wijk nodig heeft. Ook voor onderwerpen die het NPRZ raken sluit de gemeente zo veel mogelijk aan bij de werkwijze van Wijk aan Zet. Gemeente en NPRZ zijn dus beiden met parallel lopende processen bezig om dichter op de bewoners te komen en wijkgerichter te werken. De gemeente werkt met wijkakkoorden en jaarplannen, NPRZ werkt met handelingsperspectieven en jaarlijkse ambitiedocumenten. Het komend jaar zal een proces worden uitgelijnd om voor de wijkraden een zo helder en laagdrempelig mogelijke gezamenlijke benadering te realiseren. Bij de ontwikkeling van de gezamenlijke aanpak voor de wijkraden werken we vanuit de volgende twee uitgangspunten: › Beide parallelle processen en documentenstroom ondersteunen met eenduidige agendavoering van de wijkraden waarin wordt ingegaan op de voortgang in

↑ NPRZ-gebied: van de Beverwaard tot de Waalhaven, tussen de Maas en de A15.

14

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 15

→ De wijken op Zuid Op Zuid wordt gewerkt met verschillende wijkindelingen. De belangrijkste zijn de indeling voor de wijkraden en de indeling van de wijkteams. Het NPRZ werkt voor zijn handelingsperspectieven en rapportages en met de Wijkteam-indeling waarbinnen de CBS-indeling wordt onderscheiden. De wijkraden zullen altijd de stukken krijgen die voor hen relevant zijn. Waar wijkraad-indeling en wijkteam-indeling niet overeenstemmen wordt per platform (wijkakkoord, handelingsperspectief etc.) nader gespecifieerd welke indeling wordt aangehouden.

↑ Gesprek wijkraad Afrikaanderwijk 2022-2025 en het NPRZ.

de wijk ten aanzien van de NPRZ-onderwerpen, hoe deze samenhangen met het wijkakkoord en/of er aanvullende afspraken gemaakt zijn die accenten leggen op de uitvoering van het NPRZ-programma in die wijk. › NPRZ én gemeente hebben hun eigen afspraken en verantwoording. De NPRZ-wethouder en -directeur gaan 1 tot 2x per jaar samen in gesprek met de wijkraden. Omdat we de komende jaren op wijkniveau bondgenootschappen gaan versterken, kunnen ook andere gesprekspartners als de wijkraad in beeld komen, zoals bewonersverenigingen, ouderraden op scholen, lokale stichtingen etc. Ook hier zoeken we naar samenwerking met de gemeente om zoveel mogelijk tot eenduidigheid te komen.

Afspraak: De Gemeente Rotterdam en programmabureau NPRZ zorgen voor een vervolg op de acties die voortkomen uit de overleggen van NPRZ met de wijkraden en andere wijkgesprekspartners.

16

2.3 Versterken bewoners bondgenootschap

15 Wijkraden op Zuid 15 Wijkteams op Zuid 1. Afrikaanderwijk 1. Afrikaanderwijk 2 Beverwaard 2. Beverwaard - Oud IJsselmonde 3 Bloemhof 3. Bloemhof 4. Carnisse - Zuiderpark (incl. Zuidplein) 4. Carnisse - Zuidplein 5. Feijenoord 5. Feijenoord 6. Groot IJsselmonde en Oud IJsselmonde 6. Groot IJsselmonde Noord 7. Groot IJsselmonde Zuid 7. Heijplaat 8. Heijplaat - Pendrecht 8. Hillesluis 9. Hillesluis 9. Lombardijen 10. Lombardijen 10. Katendrecht - Wilhelminapier (incl. Kop van Zuid) 11. Nieuw Zuid (Katendrecht - Kop van Zuid, 11. Entrepot - Noordereiland Kop van Zuid-Entrepot - Noordereiland) 12. Oud-Charlois - Wielewaal 12. Oud-Charlois - Wielewaal 13. Tarwewijk 13. Tarwewijk 14. Vreewijk 14. Vreewijk 15. Pendrecht - Zuidwijk (incl. Charlois Zuidrand) 15. Zuidwijk - Charlois Zuidrand

“Bewoners en het NPRZ staan in hun zorg en ambitie naast elkaar. Toch komt dit bondgenootschap niet vanzelf van de grond. Het is een opgave voor het NPRZ om samen met haar partners dit bondgenootschap vorm te geven, zodat de inzet en resultaten ook meer van de bewoners worden. Het gaat bij dit bondgenootschap niet om zeggenschap over vraagstukken van de overheid, maar om eigenaarschap over kwesties dicht op de huid van de bewoners.”

In aanloop naar de Burgertop op Zuid is een reeks van 12 wijkgesprekken gevoerd met verschillende Rotterdammers op verschillende manieren in verschillende wijken over verschillende onderwerpen middels de methodiek Stadsluisteren: door nieuwsgierig zijn naar wat mensen beweegt, uitnodigend naar iedereen en de uitkomsten en opbrengsten serieus nemen. Bewoners hebben daar aangegeven dat ze meer zeggenschap willen op het gebied van ingrijpende veranderingen voor hen zoals voor onderwerpen als waar/hoe ze wonen en wat er wordt gedaan in de extra tijd voor school. Ook hebben ze de behoefte aangegeven tot meer collectieve ondersteuning voor volwassenen: de optie voor groepsondersteuning i.p.v. alleen individuele ondersteuning.

In de afgelopen 10 jaar is er met regelmaat met bewoners gesproken, o.a. via toppen, gesprekken met ouders op scholen, stadsluisteren maar ook deelgemeentebesturen/ wijkraden. Uit die gesprekken blijkt dat de problematiek waar NPRZ zich op richt breed wordt herkend en dat een open gesprek voor alle deelnemers nieuwe inzichten oplevert. Men waardeert de extra inzet die de partners willen plegen op Zuid, maar er bestaat soms ook vrees dat deze aandacht slecht kan zijn voor het imago van de wijk of van heel Zuid. In wijken die eerder niet als focuswijk waren aangewezen bestaat juist de wens meer mee te kunnen profiteren van het NPRZ. In de wijkraden wordt ook aangegeven dat men de kloof met ‘de Coolsingel’ als groot ervaart. Tot slot bleek de bekendheid van het programma beperkt tot een aantal beeldbepalende initiatieven.

We zien ook dat veel bewoners de mogelijkheden voor school- en werkcarrières niet aangrijpen, hoewel dat aanbod er wel is. Ook zien we het vertrek van bewoners als een duidelijk signaal dat de woningmarkt van Zuid onvoldoende aansluit op de wensen. De invulling van het NPRZ-programma, met inwoners in verschillende hoedanigheden als ouder, werkzoekende en leerling of studenten kan in de komende jaren steeds betere gesprekken opleveren over waar het nu echt misgaat en beter kan, en afspraken opleveren wat te doen. Dit kunnen we doen door o.a. met de bewoners te verkennen hoe de inzet vanuit NPRZ die voor hen bedoeld is, zo zo goed mogelijk bij hen landt. Dat is niet eenvoudig en kent een veelheid van vormen, waarbij we altijd open staan voor het perspectief van de ander.

In de Midterm NPRZ ‘Tot hier en nu verder’ wordt ingegaan op de verbetering in het contact die het NPRZ-programma kan maken met de bewoners van Rotterdam-Zuid. Een van de zeven hoofdconclusies luidt:

Het is dus van belang dat het goede gesprek met bewoners wordt gevoerd, waarbij kwesties worden onderzocht die bewoners belemmeren in hun dagelijks leven en die oorzaak zijn van achterstanden of armoede. Als NPRZ-partners gaan we samen met de bewoners aan de slag om een goed antwoord te hebben op die belemmeringen. Voorbeelden hiervan zijn: › De onder-advisering van leerlingen op Zuid; › De wens van bewoners om moeders van Zuid te helpen bij de opvoeding van hun kinderen; › Discriminatie en flex-contracten op de arbeidsmarkt; › De terughoudendheid in het gebruik van hulpverlening. Wat leidend zou moeten zijn in het bondgenootschap van het NPRZ met bewoners is het versterken van het eigenaarschap over de belangrijkste vragen waar zowel bewoners als het NPRZ voor staan. Dit komt in de pijlers op verschillende wijzen tot uiting. Bijvoorbeeld ‘Onwijze Moeders’ in de pijler Veilig. Hierin krijgen moeders ondersteuning bij het vinden van de weg naar hulpverlenende instanties. Er wordt voorlichting gegeven en er is nauw contact met de wijkagent om signalen uit de wijk te delen zowel vanuit professionals als op initiatief van de moeders. In pijler Wonen wordt bijvoorbeeld gewerkt aan een betere betrokkenheid door bewoners te betrekken bij de brede woonopgave, bewonersinitiatieven te stimuleren en ruimte te creëren om mee te doen.

Bij de pijlers School en Thuisbasis op orde wordt ingezet op ‘ouders bondgenoten’ en gewerkt aan het stimuleren van ouderbetrokkenheid; Het voorlichten van ouders over een kansrijke toekomst van hun kinderen wordt geïntensiveerd door ook

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 17

De volgende NPRZ-brede actielijnen worden in de aanpak meegenomen: 1. Een actieve verbinding met de wijk; 2. Burgerberaden; 3. Aansluiten op initiatieven van bewoners die bijdragen aan de doelen van het programma; 4. Verkennen of meer bekendheid van het NPRZ-programma bijdraagt aan een verbeterde verbinding met Zuid en de zuiderlingen. Toelichting voorgestelde actielijnen

↑ Bondgenootschap met bewoners gaat over kwesties die bewoners diret raken.

buiten de scholen contact te leggen onder meer via de welzijnsorganisaties, stichtingen en ontmoetingsplekken in de wijk. De invulling van het bondgenootschap is plaats- en thema afhankelijk. › Het bondgenootschap hangt nauw samen met onze wens om NPRZ op wijkniveau in te vullen. Dat kan helpen gesprekken over bondgenootschap inhoudelijker te maken en de uitvoering van het programma op wijkniveau beter te laten aansluiten in de wijk. Kortom; een belangrijke sleutel tot versterking van het bondgenootschap tussen bewoners en het NPRZ- programma ligt in de uitwerking van het programma op wijkniveau. › De opgave om het bondgenootschap met bewoners te versterken speelt in álle pijlers van het NPRZ, en vraagt om inzet van alle programmapartners. We sluiten zoveel mogelijk aan bij de bestaande verbindingen die de partners met bewoners hebben. De jaarlijkse rapportage onder regie van het programmabureau biedt inzicht in de stappen die in de verschillende pijlers gezet zijn om het bondgenootschap te versterken.

18

Afspraken: Naast de afspraken die al binnen het Wijkgericht werken worden gemaakt en de interventies van de pijlers, wordt ook programma-breed ingezet op verbetering van het bondgenootschap op basis van de volgende uitgangspunten: 1. Het programma moet waarde hebben voor bewoners, bewoners zijn bondgenoten en onderdeel van het programma. 2. Bewoners ervaren eigenaarschap voor hun eigen school- en werkcarrières of die van hun gezin en ervaren het NPRZ als bondgenoot die hen daarbij ondersteund. 3. Het bondgenootschap zien we terug in het gezamenlijk realiseren van de doelen; bewoners en programma helpen elkaar.

1. Actieve verbinding met de wijk Als eerste stap om te komen tot een verbeterde verbinding is reeds gestart met een ronde langs de wijkraden, de gekozen bewonervertegenwoordigers in alle 15 wijken van Zuid voor een gesprek en kennismaking met de wijkraden. Wethouder Versnel, bewonersvertegenwoordiger Saidi en directeur Pastors van het programmabureau doen dit in duo in wisselende samenstelling. De NPRZ-wethouder en -directeur gaan 1 tot 2x per jaar samen in gesprek met de wijkraden. Daarbij wordt gekeken naar de voortgang in de wijk op de NPRZonderwerpen, hoe deze samenhangen met het wijkakkoord en/of er aanvullende afspraken gemaakt kunnen worden die accenten leggen op de uitvoering van het NPRZ-programma in die wijk. Naast deze wijkraadgesprekken zal per wijk verkend worden hoe en met welke bewoners/stakeholdersvertegenwoordigingen samenwerking mogelijk is om de verbinding met de wijk te versterken.

2. Inzet van Burgerberaden We gaan vanuit het programma starten met de verkenning van de mogelijkheden van Burgerberaden. Deze kunnen helpen de kloof te overbruggen door een gezonde uitwisseling van ideeën en perspectieven te bevorderen en door deze ideeën terug te laten komen bij het opstellen en uitvoeren van beleid. De deelnemers aan een burgerberaad vormen een dwarsdoorsnede van de samenleving. Of de Burgerberaden een aanvulling kunnen worden of in plaats van de eerder gehouden burgertoppen van Zuid komen, wordt meegenomen in de verkenning. 3. Initiatieven vanuit bewoners om NPRZ-doelen te realiseren Betrokkenheid en eigenaarschap kunnen optimaal worden gestimuleerd als mensen hier de eigen ideeën terugzien binnen het programma. Daarom zoeken we actief naar aansluiting bij initiatieven van bewoners in de wijk die aansluiten bij de ambities van het programma. De vraag is hoe initiatieven van bewoners die direct betrekking hebben op de NPRZ-ambities een zetje kunnen krijgen, zodat ze de weg weten te vinden, verbinding kunnen leggen met andere initiatieven etc. Hierdoor krijgen ze uiteindelijk meer kans van slagen. Hier geldt dat moet worden aangesloten bij bestaande platforms voor initiatieven, zoals bijvoorbeeld de infrastructuur voor participatie zoals deze bij de gemeente reeds bestaat.

Hoe dit het best kan plaatsvinden zal verder worden uitgewerkt in het plan van aanpak. 4. Inzet op bekendheid Door het programma wordt een plan gemaakt voor meer bekendheid en herkenbaarheid van NPRZ als

↓ Gesprek wijkraad Feijenoord en NPRZ.

De gezamenlijke partners ontwikkelen samen met het programmabureau een aanpak met bijbehorende middelen waarin we samen met bewoners invulling geven aan het bondgenootschap. Door jaarlijks te beoordelen hoe dit gaat en te verbeteren zal de aanpak elk jaar kunnen groeien. Wij zullen via de gebruikelijke jaarlijkse voortgangrapportage hierover rapporteren.

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 19

3. Pijler Thuisbasis op orde

3.1 Ontwikkelingen Een stevige thuisbasis vergroot de kans op een succesvolle schoolcarrière voor kinderen en de kans op werk voor volwassen. In Rotterdam-Zuid wonen relatief veel mensen zonder zo’n basis: er is veel armoede, er zijn veel gezinnen met schulden, meer mensen met een verstandelijke beperking, met problemen, stress en dus met flinke uitdagingen in het dagelijks functioneren. Dat laten de indicatoren uit het Wijkprofiel Rotterdam en het CBS duidelijk zien (zie tabel 2). In eerdere uitvoeringsprogramma’s van het NPRZ is veel aandacht geweest voor de thuisbasis van Rotterdammers op Zuid, bijvoorbeeld op het gebied van taal en schulden en de Frontlijn-aanpak in de focuswijken. In de midterm concludeert Van Rijn dan ook dat de pijler Thuisbasis op orde zich heeft ontwikkeld tot een essentiële schakel in de aanpak op Zuid, maar dat zowel de inzet als de samenhang moeten worden versterkt. Tevens vraagt hij aandacht voor de groep kinderen van 0-4 jaar.

↑ Actviteiten NPRZ meer bekend maken.

programma op Zuid. In de eerste helft van het programma is de strategie geweest om niet in te zetten op bekendheid. De gedachte was: ‘Als de mensen maar profijt hebben van de acties van het programma.’ Mede door de midterm realiseren wij ons dat ‘onbekend’ niet meer bij onze status past, en dat een grotere bekendheid belangrijk is voor ons bondgenootschap met bewoners. In het eerste kwartaal van 2023 wordt de bekendheid vorm gegeven. Daarin zal uitgangspunt zijn dat de partners van het NPRZ in de uitingen (contacten met bewoners en professionals, bewonersbrieven, bouwborden, persberichten, nieuwsberichten, posts op social media, presentaties, etc.) een grotere rol nemen bij het invullen van de partnerrol. Het voorgaande betekent een grotere rol (dan nu het geval is) van de communicatiemanagers van de partners en hun bestuurders. Het programmabureau NPRZ zal de partners helpen met presentaties over het NPRZ, de gezamenlijke inzet en het duiden van de eigen rol van de betreffende partner. Met deze inzet kunnen de NPRZ-partners aan bewoners laten zien hoe wordt gewerkt aan betere kansen en perspectieven op Zuid.

20

De noodzaak om in de thuisbasis te investeren is de afgelopen jaren, door corona en de energiecrisis alleen maar groter geworden. In heel Nederland en dus ook in Rot-

terdam-Zuid zien we dat de meest kwetsbaren het hardst worden getroffen. Zo is ook een meer dan evenredig grote groep gedupeerden van de toeslagaffaire in de kinderopvang op Zuid te vinden, 3.000 van de 6.000 Rotterdamse gevallen. Bestuursopdracht Zorg Als gevolg van de stijgende zorgvraag en de tekorten op de arbeidsmarkt staat de houdbaarheid van het zorgstelsel landelijk onder druk. De gemeente Rotterdam heeft daarom de Bestuursopdracht Zorg (BOZ) vastgesteld om de groei van de zorgkosten af te remmen. Het is daarbij van het grootste belang dat hulp en ondersteuning bij die Rotterdammers terechtkomen die deze het hardst nodig hebben. Waar BOZ-maatregelen positieve effecten kunnen hebben, moeten deze dan ook in NPRZ-gebied landen. En eventuele ongewenste effecten op NPRZgebied moeten worden afgezwakt of voorkomen. Binnen de stad maar ook binnen Zuid is behoefte aan gedifferentieerd beleid ten aanzien van zorg, hulpverlening en welzijn: maatwerk in het remmen of gasgeven. In wijken of buurten met hoge scores op de Sociaaleconomische Status (SES), waar meer sprake is van enkelvoudige problemen en een lage drempel om hulp te vragen, wordt

↓ Tabel 2: Enkele relevante (waaronder subjectieve) indicatoren.

% bewoners dat zegt

Rotterdam

Charlois

Feijenoord

IJsselmonde

Aandeel huishoudens met inkomen tot 110% van het sociaal minimum; 2020 CBS, bewerking OBI

18,5%

21,5%

25,8%

18,4%

Aandeel huishoudens met langdurig inkomen tot 110% van het sociaal minimum; 2020 CBS, bewerking OBI

12,5%

13,9%

18,7%

11,8%

Aantal en aandeel huishoudens met geregistreerde problematische schulden; 2020 CBS, bewerking OBI

5.1340 15,6%

8.440 24%

8.020 21,5%

5.700 19,7%

Toekomst niet in de hand; wijkprofiel 2022 (2018)

15% (19%)

19% (21%)

16% (22%)

19% (19%)

Vertrouwen te hebben in instanties en hulpverleners; Wijkprofiel Rotterdam 2022

53%

47%

48%

47%

Aantal zelfstandig wonende personen van 19 jaar of ouder met een licht verstandelijke beperking; Woonzorgwijzer 2020

26,2%

35,2%

38,3%

31,4%

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 21

vaak veel zorg gevraagd en dus budget besteed aan mensen die het verhoudingsgewijs minder nodig hebben. En ook omgekeerd. We zien Zuid als vooruitgeschoven gebied en maken afspraken over: › vroegsignalering, preventie, bestaanszekerheid, gezinsaanpak, dagbesteding, samenwerking met scholen, uitkeringsinstanties en werkgevers; › het beter managen van toegang tot de zorg; › vereenvoudiging van het aanvragen en het gebruik van hulp; › meer beslissingsruimte en minder administratieve last voor hulpverleners.

3.2 A  ansprekende ambities (van een nieuwe pijler) Voortaan is de inzet op de thuissituatie een pijler van het NPRZ. Extra middelen en aandacht zijn gewenst. Dit is niet alleen een belang op zich, maar ook nodig voor het verwezenlijken van de ambities van met name de pijlers School en Werk: betere schoolresultaten en meer mensen aan het werk. We kiezen daarom effectindicatoren die een bijdrage leveren of een link hebben met school, werk en wonen (zie tabel 3). Effectindicatoren 2031: › Daling van het aantal kinderen dat in armoede opgroeit naar proportioneel aandeel van de stad; › Daling van het aantal thuiszitters naar proportioneel aandeel van de stad; › Het aantal huisuitzettingen als gevolg van betalingsachterstand is laag en mag niet hoger worden.

↑ Aantal kinderen op Zuid dat opgroeit in armoede naar beneden.

3.3 Interventies Bestaande NPRZ-interventies op het gebied van de pijler Thuisbasis op orde ontwikkelen we verder en een aantal voegen we toe. We doen dit op de beproefde NPRZwijze: gemeentelijke ambities en bijbehorende inzet gaan minimaal proportioneel naar Zuid en een plus op het stedelijk beleid. Ofwel meer inzet op hetzelfde beleid als de rest van de stad of NPRZ-specifieke interventies, gefinancierd door Rijk en gemeente. Hierbij stellen we de uitvoering centraal en hebben we oog voor samenhang en het bondgenootschap met verschillende partners en bewoners in de wijken om ook beter aan te sluiten bij kansen en kenmerken van de verschillende wijken. Hoe we het bondgenootschap verder inrichten wordt in 2023 nader uitgewerkt. Uitvoering van de interventies thuisbasis op orde in samenhang met alle andere pijlers is van groot belang en zijn waar relevant terug te vinden in dit hoofdstuk en/of

die van de andere NPRZ pijlers. Ook in de pijler Wonen worden structurelere oplossingen geboden die nodig zijn voor het bieden van goede hulp. We stippen ze hieraan: › Goede kwaliteit woningen van voldoende omvang en betaalbaar, zodat men letterlijk rust en ruimte in huis heeft en een stabiele basis voor deelname aan de maatschappij; › Huisvesten van huishoudens in sociale zin (denk aan mantelzorgconstructies en zorg- en welzijnsondersteuning); › Brede actie op verbeteren veerkracht van kwetsbare wijken in vervolg op studie Circusvis; via een integrale aanpak gericht op: sociale aanpak (hulp voor bewoners en aanpak van criminaliteit), leefomgeving (kwaliteit gebouwen/woningen, openbare ruimte en maatschappelijke voorzieningen), herstructurering (woningbouwprogramma en infrastructuur en voorzieningenniveau) en herpositionering (veranderen van instroom en gebruik van sociale huurwoningen) (zie pagina 95). We richten de pijler Thuisbasis op orde in met drie samenhangende interventielijnen: 1. Integrale ondersteuning en preventie in de wijken; 2. Vergroting basisvaardigheden en zelfredzaamheid van Rotterdammers op Zuid; 3. Kansrijk opgroeien: programmatisch aanpak 0-4 jaar.

3.3.1 ( Integrale) ondersteuning en preventie in de wijken De afgelopen jaren zijn allerlei aanpakken en pilots in het leven geroepen om de bewoners die niet helemaal

zelfredzaam zijn te helpen bij het vinden van de aanwezige/bestaande hulpstructuren. Veel pilots en aanpakken hebben hun eigen beleidsdoelen, maar overlappen ook veelal met elkaar. Als voorbeeld noemen we de frontlijnaanpak in de wijkteams van de Children’s Zones (CZ) en de gemeentelijke pilot intensieve gezinsaanpak. Het effect is dat er een ongecontroleerde groei is aan instrumenten en aanpakken in de wijken. Het is onoverzichtelijk en inefficiënt en bewoners blijven te vaak onbewust van hun problematiek en onvoldoende in staat om de ondersteuning die ze nodig hebben te vinden en zelf te organiseren. Daarom organiseren we aanbod van informatie, hulp en ondersteuning dicht op de Rotterdammers op Zuid. Het belang van ondersteuning dichtbij is des te belangrijker nu de gemeente Rotterdam de komende periode de groei van de zorguitgaven gaat beperken om het zorgstelsel houdbaar te maken. Welzijn is daarbij een belangrijke schakel, want als voorziening in het voorveld van zorg en zwaardere ondersteuning wordt het belang ervan steeds groter in het licht van de stijgende zorgkosten. In de nieuwe welzijnsopdrachten is in nauwe samenwerking met NPRZ voor de gebieden op Zuid een verbinding gelegd met de opgaven van NPRZ. Op dit moment wordt van alle jeugdwetvoorzieningen via de wijkteams 41% in NPRZ-gebied geleverd. Voor de basishulp is dit 35%.

Van het totaal aantal toegekende WMO-arrangementen per 1 januari 2023 geldt dat 35% naar bewoners in NPRZ-gebied is gegaan. Van de loketten Jongerenloket, Stedelijke zorg, Vraagwijzer en de wijkteams zitten alleen de wijkteams boven de 41% aandeel naar Zuid en dus in de buurt van het proportioneel stadsaandeel (zie tabel 4).

↓ T abel 4: Proportionaliteit inzet hulpaanbod.

↓ Tabel 3: Stand effectindicatoren nu.

Aandelen NPRZ-gebied binnen Rotterdam

2021

2022

Percentage jeugdigen (0 t/m 18 jaar)

35%

35%

Percentage toegekende Jeugdwet voorzieningen door wijkteams

38%

41%

2020 - CBS bewerking OBI

Rotterdam

NPRZ

Aandeel NPRZ

Aantal huishoudens met kinderen

88.600

29.700

33,5%

Percentage toegekende Basishulp

42%

35%

Huishoudens met inkomens tot 110% van het sociaal minimum in % met kinderen

11.200

5.000

44,6%

% volwassenen

31%

31%

Thuiszitters schooljaar 21/22

Instroom

344

194

56,4%

- Jongerenloket

25%

29%

Uitstroom

274

152

55,5%

- Stedelijke Zorg

33%

33%

Saldo

+70

+42

60,0%

- Afdeling WMO (voorheen vraagwijzer)

37%

37%

Verzoeken tot bemiddeling

1.579

648

41%

- Wijkteams

35%

42%

Geëffectueerde ontruiming

42

20

48%

Totaal aantal burgers met WMO voorziening 1-1-2023

Voorgenomen ontruiming

183

82

45%

Aantal huisuitzettingen

22

% (afgeronde) WMO-arrangementen toegekend door:

35%

Let op: onder deze cijfers vallen geen hulpmiddelen zoals rolstoelen, trapliften en doelgroepenvervoer

NPRZ Uitvoeringsplan 2023-2027 | 23

de gecontracteerde aanbieders (SOL en WMO Radar) worden hiervoor met ingang van 2023 jaarlijks extra afspraken gemaakt over de volgende thema’s:

We zijn samen met de NPRZ-partners een pilot gestart met tien gezinnen die gedupeerd zijn door de toeslagenaffaire. We bekijken of we voor de kinderen en hun ouders boven op het reguliere aanbod van het Hulpteam Toeslagen 010 het positieve verschil kunnen maken in hun school- en/of werkcarrière. Bij de uitvoering van integrale ondersteuning en preventie op Zuid zal gebruik worden gemaakt van de volgende uitgangspunten: › Wijkteams binnen NPRZ werken zonder wachtlijst en met inzet CZ-teams (zie hieronder bij a); › We werken vindplaatsgericht. Hierbij gaat het in de eerste plaats om school en uitkeringsinstanties. Dit om laagdrempelig beschikbaar te zijn, vertrouwd te raken en inwoners te benaderen. Specifieke afspraken per vindplaats zijn uitgewerkt onder b en c. We verkennen of intensiveren de samenwerking op Zuid met woningcorporaties, zorgprofessionals en zorgverzekeraars daar waar nodig en mogelijk is; › De hulp komt vooral bij de Rotterdammers die deze het hardst nodig hebben. Hierbij zorgen we ervoor dat percentages van deze hulp in het NPRZ-gebied gaan stijgen naar minimaal een proportioneel aandeel van de problematiek in de stad (meestal tussen de 42% en 47%). We ontwikkelen hiervoor in de loop van 2023 een gezamenlijk kader; › Professionals verstrekken in een wijk dezelfde informatie over loketten, organisaties, regelingen, werk etc.

en over de werkwijze (overdracht, doorverwijzing, signalering, activering/werk) worden onderling duidelijke afspraken gemaakt. Een belangrijke basis is daarbij te werken vanuit “De Brug naar een Positieve Toekomst”. Dit samenhangende beeld helpt bewoners én professionals vanuit diverse organisaties voor elk huishouden antwoorden te formuleren op vragen als: Waar doe je het voor? Wat is normaal? Waar ligt de lat? Waar mag je je mee bemoeien? Wie kan helpen? Hoe en waarmee? Waar te beginnen? (zie figuur 1 op de volgende pagina). We maken de volgende interventie afspraken: a. Ondersteuning en preventie door wijkteams en welzijnswerk De wijkteams zijn er voor het bieden van vrijwillige hulpverlening indien er sprake is van complexe en/ of multiproblematiek. De doelstelling van de wijkteams in NPRZ-gebied is en blijft: meer mensen hebben/ krijgen de basis op orde. Dit betekent vergroting van de zelfredzaamheid van inwoners in NPRZ-gebied en vermindering van multiproblematiek. Het wijkteam levert

24

↑ Werken aan toekomstperspectief.

hier een bijdrage aan maar kan dit niet alleen. Met de wijkteams maken we daarom de beweging naar extra inzet op de preventie, vroegsignalering en vergroting van de toegankelijkheid van de hulp en ondersteuning door in te zetten op de Children’s Zone (CZ) frontlijnaanpak en schoolzorgteams (zie pagina 28 bij b). In de wijkteams van de NPRZ Children’s Zone wijken zijn wijkcoaches CZ aan de wijkteams toegevoegd. Zij bieden laagdrempelig preventieve en enkelvoudige hulpverlening. Van de 1.410 basisschoolkinderen die in 2021 door de wijkteams in de Children’s Zone zijn bereikt, zijn 419 kinderen preventief bereikt via de CZ-aanpak van de CZ-wijkteams. Het doel van deze CZ-werkwijze is om de thuissituatie van gezinnen te versterken, de toekomstkansen voor kinderen van 0 tot 14 jaar in deze focuswijken te vergroten en deze gelijk te trekken met de rest van Rotterdam. Dat gebeurt onder andere door ouders vaardigheden aan te leren zodat zij een positieve en stabiele toekomst voor hun kinderen kunnen creëren. Het welzijnswerk richt zich vooral op preventie. Met de introductie van stevig integraal jeugdwerk draagt welzijnswerk bij aan een laagdrempelige preventieve ondersteuning voor kinderen en hun ouders, dicht in de buurt. Sociaal-emotionele ontwikkeling, schoolsucces en een veilig opvoed- en opgroeiklimaat zijn de kerndoelen van het jeugdwerk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=b9e288c1-b79f-4152-ab64-1fb1124d8382