CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb000977] Bijlage behorende bij 23bb000976 - Raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp eerste helft 202

Commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport (2022 - 2026) 19 april 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Raadsmonitor 1e helft 202213.682 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Raadsmonitor over het Rotterdamse stelsel van welzijn, zorg en jeugdhulp eerste halfjaar 2022

Inhoudsopgave 1

Samenvatting

4

2

Zorg en welzijn in Rotterdam

7

2.1

Rotterdamse context

11

2.1.1

Algemene monitors in het sociale domein

11

2.1.2

Contextindicatoren samengevat

12

3

Wijknetwerk

13

3.1

De bedoeling van het wijknetwerk

13

3.2

Hoe gaat het met welzijn?

13

3.2.1

Voortgang 2021

14

4

Toegang

16

4.1

De bedoeling van de toegang

16

4.2

Hoe gaat het met de toegang?

16

4.2.1

Aantallen bezoekers per loket/meldpunt

16

4.2.2

Doorlooptijd

17

4.2.3

Publieksreacties

18

5

Wijkteams

20

5.1

De bedoeling van de wijkteams

20

5.2

Hoe gaat het met de wijkteams?

20

5.2.1

Instroom

21

5.2.2

Actieve casussen

21

5.2.3

Uitstroom

21

5.2.4

Publieksreacties

22

6

Specialistische hulp/ tweedelijns ondersteuning

23

6.1

De bedoeling van de specialistische hulp / tweedelijns ondersteuning?

23

6.2

Hoe gaat het met de specialistische hulp / tweedelijns ondersteuning?

23

6.3

Instroom

24

6.4

Huidig cliëntenbestand

28

6.5

Financieel beeld

31

6.6

Wachttijden

33

6.7

Urgentieaanvragen

34

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

2 van 41

7

Beschikbaarheidsvoorzieningen

35

7.1

De bedoeling van beschikbaarheidsvoorzieningen

35

7.2

Huidige stand van zaken

35

7.2.1

Aantal toegekende CO-passen

35

7.2.2

Capaciteit en bezettingsgraad

35

7.2.3

Verblijfsduur in beschikbaarheidsvoorzieningen

39

7.2.4

Buitenslapers

41

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

3 van 41

1

Samenvatting

Voor u ligt de negende raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp. De raadsmonitor is een hulpmiddel voor de gemeenteraad om de werking van het stelsel van welzijn, zorg en jeugdhulp, en de ontwikkelingen hierin in Rotterdam te kunnen volgen. Hierin worden ten aanzien van de verschillende onderdelen van zorg en ondersteuning in Rotterdam de cijfers weergegeven over de eerste helft van 2022. Verder toont de raadsmonitor de breedte qua activiteiten en doelgroepen waarin welzijn en zorg actief is. We vergelijken, waar mogelijk en met enig voorbehoud over de vergelijkbaarheid door de jaren heen, deze cijfers met de cijfers van 2019, 2020 en 2021. In de ontwikkeling van de cijfers is de invloed te zien van maatschappelijke ontwikkelingen (als de groei van de Rotterdamse bevolking en de vergrijzing), Corona en het gevoerde beleid. Ook is de invloed van landelijk beleid, zoals het abonnementstarief voor de eigen bijdrage voor Wmomaatwerkvoorzieningen, zichtbaar. De instroom van cliënten van tweedelijns Wmo-ondersteuning groeit bijvoorbeeld gestaag. Nieuwe cliënten blijken vooral te behoren tot de cliëntgroep Ouderen/Somatiek. Bij de jeugdhulp zien we een groei van het aantal cliënten dat gebruik maakt van de basis-GGZ. Hiermee willen we voorkomen dat zwaardere hulp nodig is.

Ons doel is door eerder en dichterbij in gezinnen te ondersteunen, meer kinderen veilig, gezond en kansrijk op te laten groeien. We zetten daarom in op het voorkomen van problemen door vroegtijdig te signaleren en te ondersteunen. Vanuit het Rijk is voor jeugdhulp extra budget ingezet om de drukte door Corona en ontstane wachttijden aan te pakken. Dit heeft extra inkoop van jeugdhulp mogelijk gemaakt en daarmee tot een verlaging van de wachttijden geleid. De raadsmonitor laat ook zien op welke wijze de burgers in contact komen met de zorg. Zo blijkt dat in de eerste helft van 2022 ruim 85.000 keer contact was met het CJG (in de eerste helft van 2021 ruim 86.000). Met de VraagWijzer namen in de eerste helft van 2022 bijna 76.000 klanten contact op (ruim 70.000 in de eerste helft van 2021). De vragen waarvoor Rotterdammers contact opnemen met de VraagWijzer zijn divers van aard. De VraagWijzer beantwoordt deze vragen zelf. Mocht er aanleiding zijn voor verder onderzoek, dan wordt het een melding. Deze wordt afgehandeld door de VraagWijzer zelf of doorgeleid naar het wijkteam. In de eerste helft van 2022 had de VraagWijzer bijna 17.000 meldingen (in dezelfde periode 2021 ruim 16.500). Financieel beeld Onderstaande tabel biedt inzicht in het financiële beeld voor het Rotterdamse zorgdomein.

Hiervoor is in de bijgestelde begroting 2022 een bedrag opgenomen van € 897,6 mln (saldo van lasten en baten, exclusief reserves). Hierbij wordt opgemerkt dat de indeling naar taakvelden met ingang van de Begroting 2023 / 2e Herziening 2022 feitelijk is losgelaten. In het vervolg wordt begroot en verantwoord op programmaniveau. Voor ondersteuning en hulp in het kader van de Wmo 2015 en de Jeugdwet is dit ondergebracht in het nieuwe begrotingsprogramma Zorg, welzijn en wijkteams (programma ZWW). De taken in het kader van publieke gezondheid zijn ondergebracht in het nieuwe begrotingsprogramma Volksgezondheid. Voor de vergelijkbaarheid met voorgaande rapportages wordt hier nog één keer de oude indeling naar taakvelden gehanteerd. raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

4 van 41

Zoals bij de meeste Nederlandse gemeenten stijgen de Rotterdamse kosten voor Jeugdhulp en Wmo jaar op jaar. Dit is vooral het gevolg van demografische en maatschappelijke ontwikkelingen (onder meer bevolkingsgroei en (dubbele) vergrijzing) en de aanzuigende werking van de introductie van het abonnementstarief eigen bijdrage Wmo. De bijdrage vanuit het Rijk stijgt echter niet mee met de stijgende kosten. Tot nu toe heeft de gemeente Rotterdam ervoor gekozen om vanuit de algemene middelen de jaarlijks oplopende tekorten te dekken. Dit is echter een tijdelijke oplossing, die stagneert zodra de algemene middelen niet meer toereikend zijn. Parallel aan deze financiële opgave is er een toenemende krapte op de arbeidsmarkt. De personeelsschaarste in de zorg en welzijn neemt toe. Het aantal moeilijk vervulbare vacatures groeit, verzuimcijfers stijgen en zorgmedewerkers zeggen vaker hun baan op. De vraag naar voldoende opgeleid zorgpersoneel neemt de komende jaren naar verwachting alleen maar toe. Beide ontwikkelingen zetten ons stelsel van ondersteuning en hulp onder zware druk. De schaarste aan mensen en middelen dwingt de gemeente Rotterdam om elke zorgvraag en elke zorgoplossing kritisch af te wegen. Ook inzet op het voorkomen van ziekte en zorg (preventie) is nodig om ondersteuning en hulp voor de toekomst beschikbaar te houden voor Rotterdammers die deze niet kunnen missen.

De begroting van het programma ZWW is voor de gehele coalitieperiode in lijn gebracht met de verwachte hogere uitgaven. Daarvoor heeft het college bij de Begroting 2023 voor de periode 2023 t/m 2026 in totaal circa € 204 mln beschikbaar gesteld uit de algemene middelen.

Jaarrekening 2021

Begroting 2022 (na 2e herziening)

6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 - Wijkteams en Wmo-loketten 6.6 - Maatwerkvoorziening (Wmo) 6.71.a - Maatwerkdienstverlening 18+ - Wmo 6.72 - Maatwerkdienstverlening 186.81 - Geëscaleerde zorg 18+ 6.82 - Geëscaleerde zorg 18-

€ 88,5 € 104,3 € 12,1 € 205,9 € 51,6 € 141,5 € 136,9

€ 91,0 € 137,3 € 11,6 € 236,1 € 58,3 € 158,3 € 166,0

7.1 – Volksgezondheid

€ 32,2

€ 39,0

Totaal

€ 773,0

€ 897,6

Taakvelden (netto lasten exclusief reserves)

Bedragen x € 1 mln

Voor een toelichting verwijzen wij u naar de begroting 2023 incl. 2e herziening 2022. Bestuursopdracht Zorg Om meer grip te krijgen op de stijgende zorgvraag en dito kosten heeft het college in het najaar 2022 besloten tot een Bestuursopdracht Zorg (BOZ). Deze opdracht bestaat uit:  maatregelen om de geprognosticeerde tekorten voor Wmo en Jeugdhulp op te lossen,  een aanscherping van het beleidsplan “Heel de Stad”, gezien tegen de schaarste aan mensen en middelen, raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

5 van 41

in gesprek gaan met zorgaanbieders en cliëntorganisaties met het oog op een Zorgakkoord zoals benoemd in het coalitieakkoord,  een tarieven- en bekostigingsonderzoek,  de zorgvraag van Rotterdammers te bezien in relatie tot hun bestaanszekerheid (wonen, werk, inkomen) om zodoende doeltreffender ondersteuning te verstrekken. Deze sporen zullen impact hebben op de data zoals worden verzameld voor de raadsmonitor. Over de voortgang van deze bestuursopdracht wordt de raad periodiek op de hoogte gesteld. Leeswijzer Hoofdstuk twee van de raadsmonitor bevat een beschrijving van het stelsel van welzijn, zorg en jeugdhulp in Rotterdam. In dit hoofdstuk staan ook verwijzingen naar verschillende monitors waarin u uitgebreidere informatie vindt over het betreffende onderwerp en een aantal indicatoren die relevant zijn voor de context waarin welzijn, zorg en jeugdhulp in Rotterdam worden uitgevoerd. In de hoofdstukken drie tot en met zeven wordt achtereenvolgens informatie gegeven over het wijknetwerk, de toegang, de wijkteams, specialistische hulp en beschikbaarheidsvoorzieningen zoals de nachtopvang.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

6 van 41

2

Zorg en welzijn in Rotterdam

Dit hoofdstuk is grotendeels gelijk aan de vorige versies van de raadsmonitor, omdat het stelsel afgelopen half jaar niet significant veranderd is. Een aantal contextindicatoren in paragraaf 2.1.2 is herzien, voor zover er recentere informatie beschikbaar was. In Rotterdam kijken we naar elkaar om. We bouwen samen – Rotterdammers, zorgverleners en gemeente - aan een stelsel waarvan we met zijn allen de ruggengraat zijn. Zo brengen we de menselijke maat in de zorg en de zorg in de wijk. We maken de zorg minder bureaucratisch door op de professionals in welzijn, zorg en jeugdhulp te vertrouwen. We stimuleren de professional oog te hebben voor het netwerk om de cliënt heen. Waar mogelijk zorgen mensen samen met hun netwerk voor passende oplossingen, zonder daarbij de mogelijkheden van het netwerk te overschatten. Onze kinderen moeten veilig, gezond en kansrijk kunnen opgroeien en onze ouderen krijgen de aandacht die zij verdienen. We vinden het belangrijk dat Rotterdammers een duurzaam bestaan kunnen opbouwen, waarbij ze in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien en regie hebben over hun eigen leven. Tegelijkertijd zijn we ons ervan bewust dat (volledige) zelfredzaamheid niet voor iedereen haalbaar is. Daarom zetten we in op het bevorderen van zelfredzaamheid en eigen regie daar waar dat kan en ondersteunen we waar dat nodig is.

De gemeente Rotterdam wil zorg, hulp en ondersteuning voor Rotterdammers dichtbij organiseren, in de eigen buurt of wijk. Er zijn verspreid over de stad VraagWijzers en Centra voor Jeugd en Gezin (CJG). Mensen kunnen hier terecht voor informatie en vragen voor hulp en ondersteuning. Ook de Huizen van de Wijk bieden een belangrijke ingang voor vragen van mensen. Voor jongeren en volwassenen zonder vaste woon- of verblijfplaats en (O)GGZ problematiek zijn er stedelijke loketten (Centraal Onthaal en het Centraal Onthaal Jongeren). Voor meldingen en advies over situaties rond huiselijk geweld en kindermishandeling is er het meldpunt Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond. Professionals van deze loketten en meldpunten geven informatie en advies en verhelderen de vraag. Zij denken met bewoners mee en verkennen de mogelijkheden om binnen het eigen netwerk of het wijknetwerk een oplossing te vinden. Zij verwijzen of zetten de vraag door naar professionele ondersteuning. Waar nodig grijpen zij in. Het wijknetwerk en de wijkprogrammering bieden voor veel Rotterdammers een eerste mogelijkheid om hulpvragen kenbaar te maken, maar ook voor ontmoeting en het komen tot sociale netwerken. Het versterken van netwerken en het (preventief) welzijnsaanbod in de wijken hangen voor jeugd en volwassenen met elkaar samen en zijn onderdeel van het Nieuw Rotterdams Welzijn (NRW).

Een sterk wijknetwerk en welzijnsaanbod, waaronder de Huizen van de Wijk, draagt bij aan de zelf- en samenredzaamheid van Rotterdammers en aan een kansrijke, veilige buurt en opvoedomgeving voor kinderen en jongeren. De wijkteammedewerkers in de 43 wijken zijn de spil in het speelveld van het wijknetwerk, verschillende vormen van hulpverlening, ondersteuning en waar nodig specialistische hulp. Elke wijk in Rotterdam heeft een eigen wijkteam. Het wijkteam kent de eigen wijk goed: de problemen, maar ook de oplossingen. In het wijkteam zitten verschillende hulpverleners. Ze weten bijvoorbeeld veel raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

7 van 41

over jeugdhulp en hulp bij opvoeden, financiën en schulden, volwassenen en kinderen met een beperking, huiselijk geweld, geestelijke gezondheidszorg en ouderen. Het wijkteam gaat met Rotterdammers aan de slag om hun regie op het eigen leven (weer) te helpen versterken. Als er voor jeugdigen en hun ouders hulp nodig is die het wijkteam zelf niet kan bieden, onderzoekt het wijkteam samen met de cliënt wat er aan de hand is, welk resultaat er behaald moet worden en welke gecontracteerde aanbieder deze hulp het beste kan uitvoeren. Voor inkoop van de tweedelijns Jeugdhulp werkt de gemeente Rotterdam samen met de omliggende gemeenten (Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond). Een deel van de ondersteuning koopt de gemeente ook zelfstandig in. Voor volwassenen die langdurige professionele ondersteuning nodig hebben kan de VraagWijzer (al dan niet na kortdurende inzet van het wijkteam) of het wijkteam doorverwijzen naar een Wmomaatwerkvoorziening. De professionele ondersteuning aan Rotterdammers in het kader van de Wmo en de Jeugdwet is gericht op het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid en de eigen regie op het leven. Die Rotterdammers maken gebruik van de netwerken van bewoners, het wijknetwerk en het welzijnsaanbod.

De gecontracteerde aanbieders bieden professionele ondersteuning (zorg in natura) of cliënten organiseren zelf de zorg via een persoonsgebonden budget (pgb). Bij de laatste vorm van ondersteuning zien we erop toe dat een cliënt of zijn vertegenwoordiger de verantwoordelijkheden die een pgb vraagt, op zich kan nemen. Tevens is er een toets of de voorgestelde invulling van de ondersteuning past bij de ondersteuningsbehoefte. De gemeente biedt daarnaast voorzieningen aan zoals nachtopvang en crisisopvang. Op een volgende pagina is een schematisch overzicht opgenomen van het stelsel van zorg en welzijn in Rotterdam. In 2020 heeft uw raad ingestemd met het Beleidsplan Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2021-2026 ‘Heel de Stad’ (21bb1119)1. In het plan staat beschreven hoe Rotterdam in de periode 2021-2026 ervoor zorgt dat tijdige en passende hulp en ondersteuning beschikbaar blijft voor inwoners die dat nodig hebben. Het vormt daarmee onder andere het kader voor het opdrachtgeverschap en de inkooptrajecten die we daarvoor nu of in de nabije toekomst gaan opstarten. Zie de Voortgangsbrief Heel de Stad en Jeugdhulp 2022 (22bb003329) over de voortgang van de getroffen maatregelen. In het voorjaar van 2023 zal een nieuwe voortgangsbrief verschijnen.

In het landelijke stelsel van zorg en welzijn spelen nog twee andere wetten een belangrijke rol: de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz). Medisch-geneeskundige, paramedische en verpleegkundige hulp en behandeling valt onder de Zvw. Deze wordt gecontracteerd door de zorgverzekeraars. Ook persoonlijke verzorging en verpleging in de thuissituatie is onderdeel van de Aanspraak wijkverpleging binnen de Zvw. Voor jeugdigen vallen de GGZ-behandeling en gespecialiseerde zorg (Jeugd met beperking, Jeugd ggz) onder de Jeugdwet. Wie permanent 24 uurs zorg in de nabijheid nodig heeft, kan voor zorg in een instelling of thuis een beroep doen op de Wlz. In de uitvoering en afbakening van deze wetten zijn er in de praktijk

1 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/9675711/2/21bb1119

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

8 van 41

grensvlakken. Landelijk loopt hierover een aantal discussies. De gemeente Rotterdam werkt samen met zorgverzekeraars Zilveren Kruis en VGZ om de grensvlakken goed in beeld te krijgen en een goede afstemming te realiseren van de indicering en de inzet van behandeling en ondersteuning in de thuissituatie. De ontwikkelingen op het gebied van de (grensvlakken met) andere segmenten maken geen onderdeel uit van deze monitor. Als hier relevante ontwikkelingen te melden zijn, nemen wij dit op in de bestuurlijke informatie over programma’s en/of begrotingscyclus.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

9 van 41

Figuur 2.1. Schematische weergave van het stelsel van zorg en welzijn in Rotterdam raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

10 van 41

2.1 Rotterdamse context Er zijn al veel gegevens bekend over Rotterdammers. Om deze raadsmonitor hanteerbaar te houden nemen we deze niet allemaal op. In paragraaf 2.1.1. vindt u een overzicht van een aantal algemene monitors waar u verdere informatie vindt. In paragraaf 2.1.2 staan een aantal indicatoren die relevant zijn voor de context waarbinnen we zorg, welzijn en jeugdhulp in Rotterdam organiseren. 2.1.1 Algemene monitors in het sociale domein Op het gebied van welzijn, zorg en jeugdhulp zijn er verschillende monitors die jaarlijks, tweejaarlijks of vierjaarlijks uitkomen. Deze bevatten op verschillende onderwerpen meer of verdiepende informatie. Omnibusenquête: Vrijwilligerswerk en informele hulp in Rotterdam 2022. Resultaten uit de Omnibusenquête 2022 (onderzoek010.nl) Mantelzorgers in Rotterdam 2007 – 2022 (onderzoek010.nl) Deze enquête onder Rotterdammers van 16 t/m 85 jaar die naar eigen keuze, schriftelijk dan wel via internet, kan worden ingevuld. Komt eens per jaar uit, in augustus van het lopende jaar. Monitor Sociaal Domein (landelijk): https://www.waarstaatjegemeente.nl/dashboard/GemeentelijkeMonitor-Sociaal-Domein--c635881125744245959/ Deze landelijke monitor is voor iedereen te raadplegen en geeft een beeld van de situatie van het sociaal domein in de verschillende gemeenten. Het biedt vergelijkingsmogelijkheden met het landelijk beeld of andere gemeenten.

Wijkprofiel: https://wijkprofiel.rotterdam.nl/ Met het wijkprofiel kan een samenhangend beeld worden gevormd van de feitelijke en door bewoners beleefde situatie over de veiligheid en de sociale en fysieke staat van de wijken. Komt om de twee jaar uit, de laatste monitor is uit 2022. Gezondheidsmonitor GGD: GGD Rotterdam-Rijnmond | Gezondheidsmonitor De monitor geeft inzicht in de gezondheid, het welzijn en de leefstijl van volwassen Rotterdammers. Verschijnt normaal gesproken eens per vier jaar. Vanwege de COVID-pandemie is er een extra meting in 2022. Staat van de Jeugd: https://www.rotterdam.nl/werken-leren/staat-van-de-jeugd/ De staat van de Jeugd geeft een beeld van de ontwikkeling van de Rotterdamse Jeugd. Verschijnt jaarlijks. De volgende komt in het eerste kwartaal van 2023. Staat van de Stad Staat van de Stad 2021 (onderzoek010.nl) De Staat van de Stad geeft op hoofdlijnen weer hoe Rotterdam ervoor staat en zich ontwikkelt. Verschijnt eens per twee jaar, de volgende verschijnt eind 2023.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

11 van 41

2.1.2 Contextindicatoren samengevat Demografische informatie

2021

Aantal Rotterdammers tot 18 jaar

121.083

Aantal Rotterdammers tot 27 jaar

227.321 1)

Aantal Rotterdammers van 18 tot 75 jaar

492.299

Aantal Rotterdammers 75 jaar en ouder

46.653

Totaal aantal Rotterdammers

660.035 De cijfers over mantelzorg en vrijwilligers komen uit de Omnibusenquête 2022, meting eerste half jaar 2022

Informele zorg Aantal mantelzorgers

69.000

aantal en % zwaar- en overbelaste mantelzorgers

6.000 (9%)

aantal en % overbelaste mantelzorgers

3.000 (4%)

Aantal vrijwilligers 13-75 jaar

250.000

- waarvan in ongeorganiseerd verband

170.000

- waarvan in georganiseerd verband Sociaal emotionele gezondheid Rotterdamse jongeren e

% jeugdigen in 1 klas VO met een zorgelijke score op de vragenlijst voor psychosociale problemen % kinderen in groep 2 basisonderwijs met een zorgelijke score op de vragenlijst voor psychosociale problemen Ervaren gezondheid en regie en eenzaamheid % Rotterdammers dat de gezondheid als (zeer) goed ervaart, 18 jaar en ouder % Rotterdammers dat matig tot zeer ernstig eenzaam is, 65 jaar en ouder % Rotterdammers dat aangeeft voldoende regie te hebben over het eigen leven, 18 jaar en ouder Overige informatie Aantal bijstandsuitkeringen % Rotterdammers dat aangeeft met het huishoudinkomen (zeer) moeilijk rond te kunnen komen

180.000 Deze cijfers komen uit de Staat van de Jeugd 2020 28,10% 11,50% Deze cijfers zijn afkomstig uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020 75% 56% 89% 34.028 (stand 30 juni 2022) 13% (wijkprofiel peiljaar 2021)

1) Deze categorie wordt buiten beschouwing gelaten bij de optelling voor het totaal aantal Rotterdammers op dubbeltellingen te voorkomen.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

12 van 41

3

Wijknetwerk

3.1 De bedoeling van het wijknetwerk Rotterdam gaat uit van de kracht van Rotterdammers, van wat zij, eventueel met behulp van hun netwerk, wél kunnen en van hun drive om dingen mogelijk maken, zonder daarbij de eigen oplossingsmogelijkheden te overschatten. Dat doet de gemeente uit de overtuiging dat zorg, hulp en ondersteuning effectiever is als die in de eigen omgeving van Rotterdammers geworteld is. Het gaat om bewoners en professionals die hun wortels hebben in de wijk en die actief werken aan ‘samen leven’ en naar elkaar omkijken. Het wijknetwerk bestaat uit allerlei organisaties en hun initiatieven, zoals scholen, sportverenigingen, vrijwilligers, levensbeschouwelijke organisaties, sociaal ondernemers, maar ook de VraagWijzers, de Centra voor Jeugd en Gezin (CJG) en de stedelijke loketten. Het is van groot belang dat zij elkaar op wijkniveau kennen en actief opzoeken. Het CJG ziet alle jeugdigen en biedt reguliere en zo nodig extra contactmomenten. Samen met Welzijn hebben zij de taak om de samenwerking in het wijknetwerk vorm te geven. Een sterk wijknetwerk draagt bij aan preventief werken, eerder en sneller signaleren en vergroting van het sociaal netwerk. Dit gebeurt in aanvulling op het aanbod van zwaardere hulp en ondersteuning. Het wijknetwerk betreft een breed scala aan activiteiten en initiatieven.

Een deel hiervan vindt plaats in opdracht van of met financiering van de gemeente. Dit hoofdstuk zoomt vooral in op welzijn.

3.2 Hoe gaat het met welzijn? Welzijn vervult vier functies, te weten: 1. (Vroeg)Signaleren Tijdig signaleren en het tijdig inzetten van interventies is geboden om erger te voorkomen. De focus van preventie richt zich op ouderen en met het CJG op jeugd vanuit het opvoedmilieu, vrije tijd en de straat. 2. Het aanjagen van de eigen kracht en talenten van bewoners (jeugd en volwassenen) Initiatieven van bewoners faciliteren en stimuleren. Jongeren uitdagen om invloed uit te oefenen op hun directe leefomgeving (talentontwikkeling). Het aanbieden van professionele ondersteuning, indien nodig. Talenten van kinderen ontwikkelen en hun leefwereld vergroten door hen te prikkelen en te stimuleren, zodat hun zelfvertrouwen en motivatie groeien. 3. Activering & participatie Maatschappelijke participatie en contacten met anderen zijn essentieel voor alle Rotterdammers. Welzijn organiseert participatie-, stage- en werk-leerplekken voor bewoners (jeugd en volwassenen, met een uitkering).

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

13 van 41

4. Ondersteuning & dienstverlening Welzijn werkt complementair aan de VraagWijzer, CJG, stedelijke loketten en de wijkteams. Aanbod is daar waar het kan collectief, en daar waar nodig individueel. De wijze waarop welzijn invulling geeft aan de ondersteuning van Rotterdammers in hun directe omgeving is tweeledig. Uitgangspunt is de ondersteuning zo dichtbij mogelijk te organiseren, in de wijken en buurten van de stad. Dat gebeurt door de welzijnspartijen die van de gemeente de opdracht hebben gekregen om het welzijn binnen de 4 beschreven functies in een gebied uit te voeren. Zij werken daarbij onder andere aan verschillende stedelijke uitvoeringsdoelen (zie 3.2.1). Daarnaast zijn er in ieder gebied vele lokale initiatieven die met gebruikmaking van vele vrijwilligers zich inzetten voor de bewoners in het gebied/de wijk. Een deel van deze organisaties ontvangt in het kader van Couleur Locale subsidie van de gemeente. Er zijn ook voorzieningen op stedelijk niveau (stedelijk welzijn) die niet gebiedsgericht georganiseerd zijn, maar waar de dienstverlening wel gericht is op de Rotterdammer of groepen Rotterdammers. Voorbeelden daarvan zijn de ondersteuningsstructuur voor vrijwilligersorganisaties en mantelzorg, Zorgzaam 010 (online matchings-instrument op het gebied van vrijwilligerswerk) en Opzoomer Mee.

3.2.1 Voortgang 2021 We sluiten voor het welzijn aan bij de prestaties die in de opdrachten en subsidies zijn opgenomen. Stedelijke uitvoeringsdoelen Huisbezoeken 75+

Preventieve dagbesteding, Huizen van de Wijk plus

Inzet welzijnspartijen Aantal bezochte 75+ers Doorverwijzingen 75+ huisbezoeken naar: wijkteam/wijknetwerk/ Vraagwijzer Aantal Rotterdammers dat deelnam aan preventieve dagbesteding in de Huizen van de wijk plus.

1e half jaar 1e half jaar 2e half 1e half 2e half 1e half 2019 2020 jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022 1193

460

617

365

923

792

274

146

622

506

353

169

688

606

571

Centrum voor Jeugd en Gezin Contactmomenten jeugdgezondheidszorg Extra contactmomenten jeugdgezondheidszorg

Dit betreft het aantal uitgevoerde standaard contactmomenten. Dit betreft het aantal uitgevoerde extra contactmomenten (bovenop de standaard contactmomenten).

Opzoomer Mee

65.128

32.525

33.207

30.943

31.966

21.867

23.877

25.476

27.040

27.490

24.187

1e half jaar 1e half jaar 2e half 1e half 2e half 1e half 2019 2020 jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022

Doelen Stedelijk Welzijn Zorgzaam010

42.037

Aantal Rotterdammers met een actief profiel Aantal Opzoomer straten Aantal Lief en Leed straten.

1.365 718

2.150 973

2.503 965

20.044

21.794

23.946

1.795 956

2.211 981

1.704 928

Tabel 3.1 Overzicht van verschillende prestaties van (stedelijk) welzijn en het CJG

Huisbezoeken 75+ De gegevens over de huisbezoeken 75+ en preventieve dagbesteding zijn afkomstig uit de ingediende verslagen van de welzijnspartijen. De welzijnsopdracht liep af op 31 mei 2022. Dat betekent ook dat de cijfers in het overzicht zijn gebaseerd op de eerste 5 maanden van 2022 en dus niet op een halfjaar. In 2022 is het aantal huisbezoeken toegenomen in vergelijking met het eerste halfjaar van 2021. Dit is te verklaren, omdat in 2021 vanwege COVID-19 relatief weinig huisbezoeken hebben plaatsgevonden. De korte gesprekken aan de voordeur zijn er ook gevoerd in de eerste 5 maanden van het jaar. Het gaat in totaal om 1.725 gesprekken. Dit is vergelijkbaar met 2021, toen over het gehele jaar 4.463 gesprekken aan de voordeur hebben plaatsgevonden. raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

14 van 41

Het aantal doorverwijzingen is wel lager dan voorgaande jaren. Een voorzichtige conclusie kan zijn dat het overgrote deel van de bezochte ouderen of geen ondersteuning nodig hebben, of zelf de weg daar naartoe weten te vinden. Preventieve dagbesteding/Huizen van de Wijk plus Het aantal deelnemers aan de preventieve dagbesteding is al een aantal jaren redelijk constant. Contactmomenten jeugdgezondheidszorg De aard van de contacten is voor een groot deel vergelijkbaar met het voorafgaande jaar namelijk: informatie en voorlichting, vaccinatie en opvoedings-/gezondheidsvragen. Wel ziet het CJG tijdens de contactmomenten een toename van mentale en financiële problemen bij gezinnen. Het aantal standaardcontactmomenten is iets toegenomen vergeleken met het tweede halfjaar 2021, maar zit niet op het niveau van het eerste halfjaar van 2021. Dit heeft met verschillende factoren te maken gehad, zoals prioritering in dienstverlening als gevolg van de coronamaatregelen in de eerste maanden van 2022 en de focus van scholen op het inhalen van onderwijs. Extra contactmomenten In het eerste halfjaar van 2022 was er een afname van het aantal extra contactmomenten ten opzichte van 2021. In 2021 was nog sprake van een toename van telefonisch contact met klanten als gevolg van de coronamaatregelen. In het eerste halfjaar van 2022 was er sprake van kortere afstemmingen via mail of telefoon.

Bij de jonge leeftijdscategorieën ging de aard van de extra contactmomenten over opvolging vanuit een standaardcontactmoment en contacten vanwege noshow. Bij de oudere leeftijdscategorieën ging de aard van extra contactmomenten over afstemming met jongeren en hun ouders over bepaalde problematiek, vaker losstaand van een standaardcontactmoment. Leerproblemen en schoolziekteverzuim komen in deze leeftijdscategorieën vaker voor. Zorgzaam010 Het aantal Rotterdammers met een actief profiel op Zorgzaam010 wordt sinds 1 januari 2021 gemeten. Voorheen was dit platform bekend onder de naam Rotterdammersvoorelkaar. Het nieuwe platform is breder van opzet voor zowel Rotterdammers als Informele zorgpartijen. De eerste meting van het nieuwe platform heeft plaatsgevonden per 1 juni 2021, waardoor de eerste cellen leeg zijn. Opzoomer Mee De cijfers van Opzoomer Mee zijn wel op basis van de eerste 6 maanden van het jaar. Deze zijn vergelijkbaar met de cijfers van 2021.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

15 van 41

4

Toegang

4.1 De bedoeling van de toegang Rotterdammers kunnen met hun vraag voor hulp en ondersteuning terecht bij de VraagWijzer, de stedelijke loketten (Centraal Onthaal Volwassenen, Centraal Onthaal Jongeren en Centraal Onthaal Gezinnen) of bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Rotterdammers krijgen hier informatie en advies of worden doorgeleid naar verdere ondersteuning, hulp of zorg. Rotterdammers kunnen natuurlijk ook telefonisch of online bij de gemeente terecht. Rotterdam hanteert dus drie ‘dienstverleningskanalen’ -telefonisch, digitaal, en fysiek – om aan te sluiten bij de behoefte van Rotterdammers. De gemeente optimaliseert deze verschillende dienstverleningskanalen doorlopend.

4.2 Hoe gaat het met de toegang? 4.2.1 Aantallen bezoekers per loket/meldpunt Instroom toegang 1)

1e half jaar 2019

1e half jaar 2020

2e half 1e half 2e half 1e half jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022

57.061

62.855

65.763

73.635

67.595

71.987

6.014

11.405

13.001

12.894

13.424

13.468

161

208

168

170

64.971 15.507

72.877 17.530

70.358 16.609

69.134 16.902

75.934 16.913

1.348

nb nb 1.308 792

993 222 1.215 1.255 3)

1.017 222 1.273 1.175

945 232 1.273 1.230

1.750

1.194

1.264

1.391

CJG aantal telefonische contacten Service & Contact Digitale Contacten Service & Contact Aantal meldingen 2)

213

VraagWijzer Aantal klanten dat binnenloopt bij of contact opneemt met Vraagwijzer Aantal meldingen Aantal meldingen Centraal Onthaal Volwassenen (COV) Aantal meldingen Centraal Onthaal Gezinnen (COG) Totaal aantal meldingen COV en COG Aantal meldingen Centraal Onthaal Jongeren (COJ) Aantal actieve briefadressen wijkteams

83.039 18.081 1.494 nb nb

nb nb 793 1.413

685 1.613

1) Het aantal meldingen VraagWijzer en COJ is inclusief herindicaties 2) Het aantal meldingen geregistreerd door het CJG 3) Het aantal gerouteerde meldingen is toegevoegd aan het totaal aantal meldingen binnen COJ, hierdoor zijn de cijfers vanaf 2021 hoger. 4) niet beschikbaar Tabel 4.1. Aantal contacten en meldingen van verschillende loketten

CJG Service & Contact CJG Op het gebied van het call-aanbod is een toename te zien ten opzichte van de tweede helft van 2021. Het aantal digitale contacten is ten opzichte van de tweede helft van 2021 gelijk gebleven. Het volume gaat voor het overgrote deel over ‘eerstelijnscontacten’: vragen over afspraken, informatie over vaccinaties/vaccinatiedagen en verdere algemene informatie. De overige contacten zijn intensievere contacten met de jeugdverpleegkundigen over de gezondheid en ontwikkeling van het kind. Meldingen wijkteam

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

16 van 41

Het CJG registreert ook het aantal aanmeldingen dat wordt gedaan in het wijkteam. Dit aantal is ongeveer gelijk gebleven ten opzichte van de tweede helft van 2021. Het gaat dan om aanmeldingen vanuit de reguliere en aanvullende contactmomenten JGZ en aanmeldingen die worden gedaan van uit de aanvullende contactmomenten met (ortho)pedagogen. De instroom van jeugdigen via het CJG is relatief veel lager en daardoor niet te vergelijken met de instroom van volwassenen via de VraagWijzer. De verklaring voor dit lage aantal is dat de Vraagwijzer de centrale aanmeldroute vormt voor de meldingen van volwassenen uit het volwassenenwijknetwerk, terwijl er voor jeugd nog andere belangrijke aanmeldroutes zijn via school/schoolmaatschappelijk werk, via huisartsen en via welzijnspartners. VraagWijzer Contact met de VraagWijzer kan digitaal, telefonisch of persoonlijk aan de balie plaatsvinden. Het aantal klanten dat binnenloopt of contact opneemt met de Vraagwijzer is ten opzichte van het voorgaande halfjaar toegenomen, van 69.134 in de 2e helft van 2021 naar 75.934 in de 1e helft van 2022. Het aantal meldingen gedurende de afgelopen twee jaar blijft stabiel, gemiddeld rond de 16.700 meldingen per half jaar. In de 1e helft van 2022 kwamen er 16.913 Wmo meldingen binnen. COV en COG Het totale aantal meldingen is 1.177. Een lichte daling ten opzichte van de 2e helft van 2021 (1.273).

COJ In het eerste half jaar van 2022 hebben 1.230 jongeren een melding gedaan bij COJ. Dit is vergelijkbaar met het aantal jongeren die zich in de eerste helft van 2021 hebben gemeld bij COJ (namelijk 1.255 jongeren).

4.2.2 Doorlooptijd 1e half 1e half jaar 2019 jaar 2020 Doorlooptijd loketten en meldpunten Gemiddelde doorlooptijd Wmo meldingen in dagen VraagWijzer 38 44 Centraal Onthaal Volwassen (COV) 34 38 Centraal Onthaal Gezinnen (COG) niet beschikbaar COV en COG niet beschikbaar Centraal Onthaal Jongeren niet beschikbaar

2e half 1e half 2e half 1e half jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022 28

38 45

40 34 45 37 47

42 35 47 37 38

47 41 64 69

Tabel 4.2 Gemiddelde doorlooptijd

VraagWijzer Een Wmo-melding kent een onderzoeksfase van maximaal 6 weken. Sinds 2020 is er sprake van een oplopende doorlooptijd voor het afhandelen van Wmo meldingen. Sinds de eerste helft van 2022 komt de gemiddelde doorlooptijd boven de norm van 42 dagen uit. Er zijn meerdere oorzaken voor het stijgen van de doorlooptijd. De grote uitstroom van ervaren Wmo-adviseurs en krapte op de arbeidsmarkt blijft leiden tot een capaciteitsprobleem. Er worden verschillende maatregelen genomen om de voorraden van Wmo meldingen weg te werken, zo zetten we in op extra capaciteit

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

17 van 41

voor Wmo-consulenten, extra inhuur van medewerkers en een aangepaste wervingsprocedure voor Wmo-adviseurs. Sinds de zomer van 2022 wordt er gewerkt aan een andere manier van aansturing en het verzamelen van managementinformatie, om meer inzicht te krijgen in de dienstverlening aan de Rotterdammer op het gebied van de Wmo. Hierbij kan gedacht worden aan telefonische bereikbaarheid, uitgevoerde evaluaties met Rotterdammers en de opbouw van de voorraad. De oudste aanvragen worden nu eerst afgehandeld, zodat de Rotterdammers die het langste wachten, nu aan de beurt zijn. Dit levert dus voor de volgende monitor een andere set aan gegevens op. In deze monitor loopt de termijn op als gevolg van het feit dat de oudste aanvragen nu het eerst worden afgehandeld. COV en COG De doorlooptijd van de meldingen bij COV is uitgekomen op 40,7 dagen. Dat is een stijging ten opzichte de afgelopen halfjaren toen deze steeds op 37 of 38 dagen uitkwam. De doorlooptijd van de meldingen bij COG is uitgekomen op 64,1 dagen. Dat is een forse stijging ten opzichte van de 2e helft van 2021 (47,3) en de 1e helft van 2021 (45). Een analyse van dit gemiddelde laat zien dat er enkele meldingen zijn met een lange doorlooptijd die het gemiddeld flink laten stijgen. Er zal per casus onderzocht worden wat de reden is van de lange doorlooptijd.

COJ In de eerste helft van 2022 bedraagt de gemiddelde doorlooptijd van de ondersteuningsverslagen 69 dagen. Dit ligt ruim boven de maximale doorlooptijd van 42 dagen. Een groot verloop van ervaren Wmo-adviseurs die de ondersteuningsverslagen maken is de reden voor de forse toename van de doorlooptijd. Met name de continue hoge werkdruk die wordt ervaren door de Wmo-adviseurs onder andere door de emotionele belasting die het werk met zich meebrengt was voor veel Wmo-adviseurs de reden om een nieuwe uitdaging elders te zoeken. Begin 2022 is een nieuwe groep Wmoadviseurs gestart en in de eerste helft van 2022 opgeleid. De verwachting is dat met de nieuwe groep Wmo-adviseur de doorlooptermijnen van de Wmo-meldingen in de tweede helft van 2022 zullen afnemen. 4.2.3 Publieksreacties Algemene Cliënttevredenheid Aantal ingediende klachten VraagWijzers Aantal gegronde klachten VraagWijzers Aantal ingediende bezwaarschriften 1) % afgehandelde gegronde bezwaarschriften

2e helft 2020

1e helft 2021

2e helft 2021

1e helft 2022

107

102

105

133

7 97 21,10%

6 110 23,50%

6 97 35,50%

7 99 28,80%

1) Dit betreft het totaal aantal bezwaren voor de Wmo en de Jeugdwet Tabel 4.3 Cliënttevredenheid en klachten VraagWijzer en informatie over bezwaren

Het percentage gegronde klachten over de Vraagwijzer ligt sinds de 2e helft van 2020 rond de 5,5%. In de 1e helft van 2022 werden er 7 van de 133 ingediende klachten gegrond verklaard. Het aantal ingediende bezwaarschriften ligt de afgelopen twee jaar rond de 100 per half jaar. Na een geleidelijke toename van het percentage afgehandelde gegronde bezwaarschiften over de periode

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

18 van 41

2020 en 2021, zien we dit cijfer in de 1e helft van 2022 stabiliseren. In de 1e helft van 2022 is dit percentage 28,8%.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

19 van 41

5

Wijkteams

5.1 De bedoeling van de wijkteams De Rotterdamse wijkteams bieden professionele ondersteuning aan Rotterdammers met complexe problematiek of multiproblematiek, in de wijk waar ze wonen en leven. De wijkteams zetten in op het duurzaam versterken van zelf- of samenredzaamheid, zodat mensen weer zoveel mogelijk op eigen kracht kunnen leven. En dat doen we samen: bewoner, netwerk en hulpverlener. Waar nodig betrekt en activeert het wijkteam niet alleen het netwerk rondom de bewoner, maar ook tweedelijns specialistische ondersteuning. De wijkteams bieden integrale hulp. Dat betekent dat zowel volwassenen als jonge Rotterdammers ondersteuning krijgen vanuit hetzelfde wijkteam. De wijkteams bestaan uit hulpverleners op verschillende terreinen, zoals financiën, jeugdhulpverlening, OGGZ, verstandelijke beperkingen enzovoorts, gespecialiseerd in zorg voor volwassenen, jeugd- en gezinscoaches en wijkcoaches. Naast basishulp, waarbij de wijkteams zelf de rol van hulpverlener vervullen, wordt er waar dat nodig is specialistische hulp voor burgers ingekocht (arrangementen). Het wijkteam blijft in die situaties actief de voortgang van die specialistische hulpverlening monitoren en blijft ook gedurende die periode naast de burger, zijn situatie en/of gezin staan.

De wijkteammedewerker verleent dus zelf hulp, en monitort daarnaast ook de voortgang van de specialistische hulpverlening (casusregie). In totaal zijn er 43 integrale wijkteams voor jeugd en volwassenen, met medewerkers vanuit verschillende organisaties en aansturing vanuit de gemeente Rotterdam. In het Rotterdamse stelsel van zorg en welzijn nemen de wijkteams een sleutelpositie in. Inwoners worden verwezen vanuit de loketten VraagWijzer, JongerenLoket, Stedelijke Zorg, of zij worden direct naar het wijkteam verwezen door het brede netwerk, onder andere door school, Centrum Jeugd & Gezin, huisartsen of andere hulpverleners vanuit welzijnsorganisaties.

5.2 Hoe gaat het met de wijkteams? Vanaf begin 2015 bieden de wijkteams hulp en ondersteuning aan Rotterdammers die te maken hebben met complexe problematiek. De wijkteams hebben een sterke positie in de wijk en in het netwerk. Uit deze raadsmonitor blijkt ook dat de wijkteamorganisatie zwaar belast is en dat er ruimte is voor verbetering. Zo hebben sommige wijkteams te maken met opgelopen wachttijden. De afgelopen jaren is de vraag naar ondersteuning van de wijkteams gestegen, en tegelijkertijd groeide de formatie niet mee. Zo nam bijvoorbeeld het aantal Rotterdammers dat zorg krijgt vanuit het wijkteam het afgelopen half jaar flink toe, zie hiervoor paragraaf 2.2.3. Er wordt hard gewerkt om de druk op de wijkteams te verlagen. Zo zetten we extra capaciteit in om de wachttijden te verlagen en wordt met de nieuwe inkoop getracht meer flexibiliteit in te bouwen, zodat we kunnen meebewegen met de toenemende vraag naar zorg en ondersteuning.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

20 van 41

5.2.1 Instroom 2e half 2e half 1e half 1e half 2e half 2e half 1e half 1e half 1e half 1e half jaar 2020 jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022 jaar 2022 jaar 2019 jaar 2020 BasisCasusBasisCasusBasisCasusBasisCasustotaal totaal hulp regie hulp regie hulp regie hulp regie

Instroom wijkteams Totaal instroom Volwassenen in periode Totaal instroom Jeugd in periode

3.507 3.445

3218 2017

2.948 1.568

357 445

2.784 1.740

362 361

3.124 1.570

364 369

3.376 1.641

376 405

In de bovenstaande tabel is de instroom in de wijkteams weergegeven. Bij basishulp volwassenen is er sinds laatste half jaar van 2021 – na een periode van lagere instroom – weer sprake van een toename in de instroom. Deze periode van lagere instroom wordt toegeschreven aan de coronapandemie, die er in de volle breedte van de samenleving voor zorgde dat burgers minder hulp vroegen. De instroom is nu weer terug op het niveau van voor de pandemie. Ook jeugd kende als gevolg van de coronapandemie een lagere instroom als gevolg van de coronacrisis. Deze instroom is nog niet terug op het niveau van voor de pandemie maar is wel toegenomen. 5.2.2 Actieve casussen

Jaar Basishulp Casusregie Totaal casussen

Jaar Basishulp Casusregie Totaal casussen

Jaar Basishulp Casusregie Totaal casussen

Actieve casussen wijkteams Jeugd 1e helft 1e helft 2e helft 1e helft 2019 2020 2020 2021

2775

3241

2.936 2.429 5.365

2.958 2.368 5.326

Actieve casussen wijkteams Volwassenen 1e helft 1e helft 2e helft 1e helft 2019 2020 2020 2021

3.532

3.429

3.203 681 3.884

3.156 808 3.964

2e helft 2021 2.885 2.338 5.223

2e helft 2021 3.223 862 4.085

Actieve casussen wijkteams totaal Jeugd en Volwassenen 1e helft 1e helft 2e helft 1e helft 2e helft 2019 2020 2020 2021 2021

6.307

6.670

6.139 3.110 9.249

6.114 3.176 9.290

6.108 3.200 9.308

1e helft 2022 2.864 2.329 5.193

1e helft 2022 3.969 909 4.878

1e helft 2022 6.833 3.238 10.071

Het totaal aantal actieve casussen is ten opzichte van het voorgaande half jaar toegenomen: 10.071 in de eerste helft van 2022 ten opzichte van 9.308 in de tweede helft van 2021. Deze toename zit met name in het aantal Rotterdammers dat basishulp krijgt, dat over het afgelopen half jaar met meer dan 700 is toegenomen. 5.2.3 Uitstroom Ondersteuning vanuit het wijkteam is in principe kortdurend. Hiervoor zijn richtlijnen opgesteld. De gemiddelde ondersteuningsperiode wanneer we naar basishulp kijken zit aan de bovenkant van deze richtlijn: 3 tot 6 maanden bij volwassenen, 9 tot 12 maanden bij jeugd. Er zijn altijd Rotterdammers die meer nodig hebben dan de richtlijn. Het wijkteam blijft hen dan gewoon ondersteunen. raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

21 van 41

1e half 1e half jaar 2019 jaar 2020

Vervolg na wijkteams

2e helft 2020

1e helft 2021

2e helft 2021

1e helft 2022

Totale uitstroom uit de wijkteams (Basishulp en casusregie)

4.608

4.956

5.594

5.107

5.404

5.794

Uitstroom Volwassenen Gemiddelde ondersteuningsperiode in weken % Langer dan 6 maanden in hulp en/of ondersteuning Volwassenen Basishulp Uitstroom Jeugd Gemiddelde ondersteuningsperiode in weken Basishulp

2.630 26,9 44%

3.073 23,3 31%

1.978

1883

3.089 27,8 41% 2.018 34,6

3.344 29,6 41% 2.060 37,3

3.755 27,4 36% 2.039 44,1

27%

28%

34%

% Langer dan 12 maanden in hulp en/of ondersteuning Jeugd Basishulp

49

27,8

3.380 25,15 38% 2.214 29,9

37%

16%

18%

Er is sprake van een toename in de ondersteuningsperiode bij zowel volwassenen als jeugd. Bij basishulp volwassenen is de doorlooptijd opgelopen van gemiddeld 23,7 weken in de 2e helft van 2020, naar 27,4 weken in de 1e helft van 2022. Bij jeugd is de ondersteuningsperiode substantieel toegenomen van gemiddeld 29,9 weken in de 2e helft van 2021 naar 44,1 weken in de 1e helft van 2022. Deze toename wordt nader geanalyseerd maar is zeker ten dele toe te schijven aan de wachtlijsten in de specialistische zorg. Bij jeugd is het percentage cliënten dat langer dan 12 maanden hulp en ondersteuning krijgt de afgelopen 1,5 jaar toegenomen met 16%. 5.2.4 Publieksreacties Klachten

1e helft 2019

Aantal ingediende klachten bij klachtenbureau cluster MO Aantal (deels) gegronde klachten bij klachtenbureau cluster MO

1e helft 2020 65 29

55 6

2e helft 2020

1e helft 2021

50 6

66 8

2e helft 2021

1e helft 2022

41 7

45 6

In de eerste helft van 2022 kwamen er 45 klachten binnen over de wijkteams, afgezet tegen 41 klachten in het voorgaande half jaar. Het aantal gegronde klachten in de eerste helft van 2022 is 6, ten opzichte van 7 in de tweede helft van 2021. De meeste klachten zijn ingediend over de informatievoorziening, maatwerk en professionaliteit.

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

22 van 41

6

Specialistische hulp/ tweedelijns ondersteuning

6.1 De bedoeling van de specialistische hulp / tweedelijns ondersteuning? De gemeente wil graag dat alle Rotterdammers kunnen meedoen in de stad. Sommige inwoners hebben daar hulp bij nodig, als gevolg van bijvoorbeeld een verstandelijke beperking, psychiatrische klachten, ontwikkelingsproblemen of ouderdomsbeperkingen. In Rotterdam organiseren we de zorg en ondersteuning dichtbij de Rotterdammers. Dat betekent dat we zorg en ondersteuning inzetten die de eigen kracht van mensen en hun omgeving bevordert, met aanvullende professionele, tweedelijnsondersteuning waar dat nodig is. De professionele ondersteuning aan Rotterdammers in het kader van de Wmo en de Jeugdwet is gericht op het vergroten van zelfredzaamheid en samenredzaamheid, daarbij gebruik makend van de netwerken van bewoners, het wijknetwerk en het welzijnsaanbod.

6.2 Hoe gaat het met de specialistische hulp / tweedelijns ondersteuning? In dit hoofdstuk presenteren we de cijfers over heel 2021 voor jeugdhulp en de maatwerkvoorzieningen Wmo met vergelijkingscijfers van 2020. Bij de jeugdhulp maken we onderscheid tussen regionale, lokale en landelijke ingekochte jeugdhulp. Hoe dit en de toeleiding

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

23 van 41

zich tot elkaar verhoudt laat zich het beste zien in onderstaande Infographic2. Deze geeft weer welke ondersteuningsmogelijkheden mogelijk zijn binnen het stelsel van jeugdhulp. Globaal gaat het om ondersteuning van licht naar zwaar. Er is geen standaard route die een gezin moet doorlopen binnen de specialistische jeugdhulp, het betreft ondersteuning op maat. Dit kan van lokaal naar regionaal, van regionaal naar landelijk ingekocht maar ook afwisselend. De in te zetten ondersteuning is afhankelijk van de problematiek en ondersteuningsbehoefte van de jeugdige en het gezin.

6.3 Instroom 6.3.1 Jeugdhulp Deze paragraaf toont het aantal nieuwe arrangementen afgegeven in de eerste helft van 2022 in vergelijking met eerdere jaarhelften. Instroom in een jaarhelft is gedefinieerd als een nieuw arrangement van een cliënt die het half jaar daarvoor geen zorg ontvangen heeft. De nieuwe uitstroom is uitgesplist naar de volgende drie financieringsstromen: 1. Rotterdam lokaal betreft: Basis GGZ (BGGZ) voor jeugdigen, dyslexie en extramurale hulp voor jeugdigen met een beperking. De gemeente koopt deze zorg zelfstandig in. 2. PGB: dit is de instroom van het aantal nieuwe indicaties Jeugdhulp dat met een persoonsgebonden budget (PGB) wordt ingekocht. 3. Rotterdams deel van de GRJR: een groot deel van de specialistische jeugdhulp wordt via de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) ingekocht. Naast Rotterdam nemen nog 14 andere gemeenten uit de regio Rijnmond deel aan deze inkoop.

Een toelichting op de Infographic vindt u in het stuk ‘Bijlage 1 behorende bij 20bb6506 - Infographic Jeugdhulp en toelichting op onderdelen’, onder registratienummer ‘20bb6507’. 2

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

24 van 41

De instroom betreft afgegeven indicaties. Niet elke indicatie hoeft verzilverd te worden. Het aantal arrangementen/hulptrajecten dat daadwerkelijk start kan dus lager liggen dan het totale instroomcijfer. Daarnaast kunnen sommige cliënten meerdere indicaties hebben en meerdere keren voorkomen in de tabellen. Instroom specialistische jeugdhulp (lokaal) Jeugd met een beperking Basis JGGZ Dyslexie Instroom PGB Totale aantal nieuwe arrangementen/PGB’s

1e half jaar 2020 165 311 164 233 873

2e half 2e half 1e half 1e half jaar 2021 jaar 2020 jaar 2021 jaar 2022 202 162 139 160 295 275 347 363 135 215 169 195 243 240 260 337 875 892 915 1.055

Tabel 6.1 Instroom specialistische jeugdhulp – ingekocht door de gemeente

Voor Jeugd met een beperking heeft eind 2021 een extra gunning plaats gevonden, om 150 extra cliënten te helpen vanaf eind 2021 en in 2022. Hierdoor is de lichte daling in de instroom voor ondersteuning aan Jeugd met een Beperking van tweede helft 2021 weer omgebogen. Uit de verantwoording van de aanbieders over de extra gunning op de drie onderdelen dagprogramma, mantelzorgondersteuning en ambulant zien we dat er minder instroom is dan verwacht is op de laatste twee onderdelen. Voor de dagprogramma’s, waar wij de grootste krapte in plekken ervaren, zien we juist een extra groei in het aantal extra plekken. Meer jeugdigen dan verwacht worden ondersteund binnen het onderdeel daghulp. De verwachting is dat deze trend in het tweede half jaar van 2022 voortgezet zal worden. De instroom bij basis GGZ is wat hoger dan in de perioden ervoor. Dit is het resultaat van het vergroten van de mogelijkheden voor een basis GGZ traject en de tussentijdse inkoop voor BGGZ+. Door het aanbod uit te breiden, is er meer capaciteit voor behandelingen beschikbaar gekomen. Daarnaast zijn de duur en intensiteit van de behandelingen verruimd. Hiermee wordt beoogd om de hoge druk en wachtlijsten bij de specialistische GGZ te verlagen, door de toestroom naar deze hulp om te buigen naar de Basis GGZ. De instroom bij dyslexie is toegenomen. Dit kan te verklaren zijn door meer aanmeldingen na Corona.

De instroom voor Pgb is gestegen met ongeveer 100 aanvragen. Dit hangt samen met het feit dat de gecontracteerde zorg te kampen heeft met wachttijden ten gevolge personele krapte en ouders en verzorgers zoeken naar aanbieders waarbij de hulp sneller wordt geleverd. Onderstaande tabel toont het aantal nieuw afgegeven arrangementen voor Rotterdamse cliënten binnen de GRJR. Instroom Jeugdhulp specialistische ondersteuning – regionale inkoop

1e half jaar 2020

A. Pleegzorg (GRJR Rotterdam) B. Opname Bed & Behandeling (GRJR Rotterdam) C. Langdurig verblijf (GRJR Rotterdam) D. Steun, hulp of behandeling overdag (GRJR Rotterdam) E. Ambulante hulpverlening in de thuissituatie (GRJR Rotterdam) Totale aantal nieuwe arrangementen

94 136 58 176 853 1.317

2e half 1e half 2e half 1e half jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022

111 102 38 164

106 156 50 192

86 163 44 240

147 116 40 187

1.099 1.514

1.033 1.537

1.000 1.533

992 1.482

Tabel 6.2 Instroom specialistische ondersteuning Jeugd – regionaal ingekochte hulp

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

25 van 41

De instroom van opdracht E (Ambulante hulpverlening in de thuissituatie) blijft dalen, net als in de 2e helft van 2021 wordt ingezet op wegwerken van de wachtlijsten. Zoals toegelicht bij Jeugdhulp lokaal is extra basis GGZ ingekocht. Dit om jeugdigen sneller vanuit de specialistische ambulante jeugdhulp (SGGZ) te kunnen afschalen waardoor de wachtlijsten en wachttijden in de SGGZ afnemen. De stijging binnen opdracht A (pleegzorg) heeft te maken met de wijziging in het Woonplaatsbeginsel, hierdoor zijn meerdere jeugdigen onder de verantwoordelijkheid van Rotterdam komen te vallen. 6.3.2 Wmo voorzieningen In onderstaande tabel staat de instroom van nieuwe cliënten met een indicatie voor de verschillende soorten Wmo-maatwerkvoorzieningen3 voor de verschillende halfjaren. Iemand wordt gezien als nieuwe cliënt wanneer hij/zij niet binnen een periode van 6 maanden daarvoor ook een indicatie had voor een maatwerkvoorziening.

Instroom tweedelijns ondersteuning Wmo

Aantal Aantal Aantal Aantal Aantal Aantal cliënten 1e cliënten 1e cliënten 2e cliënten 1e cliënten 2e cliënten 1e half jaar half jaar halfjaar halfjaar halfjaar halfjaar 2019 2020 2020 2021 2021 2022

Instroom vanuit: VraagWijzer Wijkteam Centraal Onthaal Volwassenen Centraal Onthaal Jongeren Totaal 1)

5.325 232 491 197 6.306

5.788 408 436 212 6.916

5.096 357 415 177 6.126

5.050 387 479 238 6.232

5.983 369 358 215 7.028

5.267 322 409 84 6.163

Instroom per soort ondersteuning: Wmo-arrangement per cliëntgroep * Ouderen/Somatiek * Lichamelijk Beperkten * Verstandelijk Beperkten extramuraal * Verstandelijk Beperkten intramuraal * (O)GGZ extramuraal 2) * (O)GGZ intramuraal * Zintuiglijk beperkten Vervoer * waarvan: collectief aanvullend vervoer * waarvan: vervoer naar dagbesteding Hulpmiddel Woningaanpassing

2.053 72 119 6 1.221 119 4 1.626 1.375 155 735 352

2.140 51 144 6 1.339 112 5 1.698 1.523 93 905 519

1.860 63 130 5 1.322 95 4 1.402 1.236 113 826 418

1.841 66 133 13 1.374 181 5 1.418 1.251 107 771 455

2.136 52 133 8 1.246 87 5 1.900 1.718 111 940 539

1.849 60 106 3 1.117 83 5 1.693 1.523 109 787 480

1) De totalen zijn geen optellingen van de aantallen erboven: er zijn cliënten die zijn ingestroomd waarvan onbekend is via welk loket zij de indicatie afgegeven hebben gekregen. 2) Binnen deze cliëntgroep vallen ook cliënten die behoren tot de bijzondere doelgroepen Dak- en thuisloze volwassenen, Dak- en thuisloze jongeren, Slachtoffers huiselijk geweld, (O)GGZ met kinderen in de opvang. De uitsplitsing naar deze bijzondere doelgroepen is in de systemen niet waar te nemen en cijfers zijn hierover dus niet te presenteren. Tabel 6.3 Instroom tweedelijns ondersteuning Wmo

Instroom in ondersteuning, heeft een startpunt bij VraagWijzer, Wijkteam, Centraal onthaal Volwassenen, Centraal Onthaal Gezinnen en Centraal Onthaal Jongeren. Bij Centraal Onthaal Jongeren stromen cliënten in die vanwege hun multiproblematiek een intensief Wmo-arrangement nodig hebben, waar ook nachtelijk toezicht en/of huisvesting onderdeel van uitmaakt. Hier is de daling in het ‘aantal unieke clienten met een eerste indicatie’ te zien (84). Zie ook Een Wmo-maatwerkvoorziening is een individuele voorziening waar een cliënt op grond van de door de gemeente afgegeven indicatie recht op heeft. Wmo-maatwerkvoorzieningen worden onderscheiden in Wmo-arrangementen (ondersteuning in de vorm van diensten), vervoersvoorzieningen, hulpmiddelen en woningaanpassingen. 3

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

26 van 41

H.4. en H.7 van deze raadsmonitor; centraal onthaal had tekort aan personeel dat een onderzoek na een melding kan uitvoeren. Daarmee is het aantal ‘eerste indicaties’ zeer laag. Het totaal voor het jongerenloket in het 1e halfjaar 2022 komt op 254 indicaties voor 236 unieke cliënten. Instroom op Wmo-arrangementen blijft op clientgroepen ouderen en (O)GGZ extramuraal het grootst. 6.3.3 Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (Rotterdamse cliënten)

Rotterdamse cijfers VTTR

1e half 1e half 2e 1e 2e 1e jaar jaar halfjaar halfjaar halfjaar halfjaar 2019 2020 2020 2021 2021 2022

Adviezen Meldingen

2.580 4.258

3.028 3.926

4.280 3.801

4.617 4.005

4.370 3.427

4.165 3.297

Tabel 6.4 Instroom VTTR

Het aantal adviesvragen in het 1e halfjaar 2022 (4.165) was lager dan in dezelfde periode vorig jaar (4.370). In het 1e halfjaar 2022 daalde het aantal meldingen bij VTRR naar 3.297 (t.ov. 4.005 in het 1e halfjaar 2021). Sinds de aanscherping van het Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling in 2019 had Veilig Thuis landelijk te maken gehad met een stijgende instroom. Vanaf 2021 zien we een daling van het aantal meldingen bij VTRR. Sinds het 1e halfjaar 2022 daalt ook het aantal adviesvragen na een forse stijging in de afgelopen jaren. Een afname van het aantal meldingen is volgens VTRR niet altijd een zorg als de adviesvrager met een advies verder kan zonder te hoeven melden. VTRR vermoedt dat de daling van het aantal meldingen in 2021 het gevolg was van dat professionals als gevolg van de coronamaatregelen minder achter de voordeur kwamen. Mogelijk geldt dit ook voor het begin van 2022. In het derde kwartaal 2022 ziet VTRR weer een toename van het aantal meldingen. VTRR ziet dat de ernst van de meldingen toeneemt, waardoor VTRR vaker dan voorheen eigen diensten als onderzoek of ‘voorwaarden en vervolg’ (veiligheidsafspraken) inzet. 6.3.4 Jeugdbescherming Rijnmond (Rotterdamse cliënten) De Gecertificeerde Instelling (GI) wordt ingezet wanneer de veiligheid en/of ontwikkeling van een kind wordt bedreigd.

De rechter kan na onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) een dwangmaatregel opleggen zoals een ondertoezichtstelling (OTS) of een voogdijmaatregel. Ook kan een rechter een jeugdreclasseringsmaatregel (JR) opleggen in strafrechtelijk kader. Deze maatregelen worden door een GI uitgevoerd. Wanneer er een acute crisis optreedt, kan het crisisinterventieteam (CIT) van de GI Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond (JBRR) ingeschakeld worden. Instroom jeugdbescherming Ondertoezichtstelling (OTS) Jeugdreclasseringsmaatregel (JR) Voogdij

1e halfjaar 2021 329 286 37

2e halfjaar 2021 208 215 30

1e halfjaar 2022 164 146 22

Tabel 6.5 Instroom jeugdbescherming

raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp -

Datum

Pagina

januari 2023

27 van 41

Tot 2021 werden alleen de gegevens van JBRR gebruikt voor deze rapportage. Vanaf de rapportage over heel 2021 zijn ook de data van de William Schrikker Jeugdbescherming en -Reclassering en van het Leger de Heils opgenomen in de rapportage. De periode voor 2021 zal niet meer meegenomen worden in de rapportage omdat dit een ander beeld geeft dan de aantallen van de drie instellingen samen. Bij de instroom van nieuwe cliënten blijft bij alle wettelijke maatregelen de daling doorzetten.

6.4 Huidig cliëntenbestand 6.4.1 Huidig cliëntenbestand jeugdhulp Onderstaande tabellen tonen het aantal cliënten dat jeugdhulp ontving in desbetreffende perioden. Het is mogelijk dat een cliënt meerdere soorten jeugdhulp ontvangt (bijvoorbeeld ambulante hulpverlening thuis en dyslexie). In dat geval staat deze cliënt bij beide typen zorg. Alleen de laatste regel van elke tabel laat het unieke aantal cliënten zien dat Jeugdhulp ontvangt. De eerste tabel heeft betrekking op de jeugdhulp die de gemeente zelfstandig inkoopt. Aantal cliënten lokale Jeugdhulp

1e half jaar 1e half jaar 2e half 1e half 2e half 1e half 2019 2020 jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022

Jeugd met een beperking (lokaal Rotterdam) Basis JGGZ (lokaal Rotterdam)

813 731

850 949

839 865

808 924

808 1031

814 1052

Dyslexie (lokaal Rotterdam) Pgb (lokaal Rotterdam) Totaal aantal unieke cliënten

428 1.007 2.821

566 1.138 3.328

554 1.191 3.280

574 1.204 3.489

547 1.231 3.465

550 1.322 3.716

Tabel 6.6 cliënten specialistische ondersteuning Jeugd – lokaal ingekochte hulp.

Bij de lokale jeugdhulp blijft het totale aantal cliënten groeien. Deze groei is vooral te verklaren door een groei bij de basis GGZ. In paragraaf 6.3.1 schreven we reeds dat de instroom hoger is voor Basis GGZ dankzij het verruimen van de mogelijkheden voor de inzet van een Basis GGZ traject en de extra inkoop BGGZ+. De volgende tabel toont het aantal Rotterdamse cliënten dat gebruik maakt van jeugdhulp die regionaal via de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) is ingekocht. Clienten Jeugdhulp specialistische ondersteuning – regionale inkoop A. Pleegzorg (GRJR Rotterdam) B. Opname Bed & Behandeling (GRJR Rotterdam) C. Langdurig verblijf (GRJR Rotterdam) D. Steun, hulp of behandeling overdag (GRJR Rotterdam) E. Ambulante hulpverlening in de thuissituatie (GRJR Rotterdam) Totaal aantal unieke cliënten

1e half jaar 1e half jaar 2e half 1e half 2e half 1e half 2019 2020 jaar 2020 jaar 2021 jaar 2021 jaar 2022 1.028 426 151 367 4.023 5.789

1.091 435 175 409 3.727 5.339

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=d9d965f8-e984-4bf3-9ea0-45026f462c71