CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb008830] Bijlage behorende bij 22bb8829 - Rapport discriminatie bij woningverhuur Rotterdam

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 18 januari 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Samenleven16.706 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

44 Overigens rapporteren de onderzoekers van de Vakgroep Sociologie, Vrije Universiteit Brussel – in hun onderzoeken naar discriminatie op de huurwoningmarkt in gemeenten – wél over randsignificantie. Dit omdat ze vaak kleine steekproeven gebruiken, zo leggen zij uit. De onderzoekers spreken van randsignificantie wanneer de p-waarde groter is dan 0,05 maar kleiner dan 0,10. Deze resultaten moeten met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd, zo stellen zij. Zie o.a.: Verhaeghe, P.P., Verstraete, J., Vermeir, D. en De Decker, P. (2020). Discriminatie, toegankelijkheid en betaalbaarheid op de huurwoningmarkt in Mechelen. Brussel: Vakgroep Sociologie, Vrije Universiteit Brussel. Verhaeghe, P.P., Martiniello, B. en Ghekiere, A. (2020). Discriminatie door makelaars op de huurwoningmarkt van Antwerpen: de nulmeting. Brussel: Vakgroep Sociologie, Vrije Universiteit Brussel. Martiniello, B., Ghekiere, A. en Verhaeghe, P.P. (2022). Discriminatie op de huurwoningmarkt van Brugge. Brussel: Vakgroep Sociologie, Vrije Universiteit Brussel.

Op landelijk niveau zien we – op basis van de landelijke monitor (2022) – voor het profiel Marokkaans klinkende naam een even hoge netto-discriminatiegraad als in Rotterdam, namelijk 22%. Kortom: de mate waarin personen met een Marokkaans klinkende naam een lagere kans hebben om te worden uitgenodigd dan personen met een Nederlands klinkende naam, is in Rotterdam gelijk aan het landelijke niveau. Echter, waar de netto-discriminatiegraad op het niveau van de gemeente Rotterdam niet statistisch significant is (maar randsignificant), is de netto-discriminatiegraad op landelijk niveau wél statistisch significant (p < 0,001). 45 Dus waar op landelijk niveau voldoende aanleiding is om te stellen dat kandidaat-huurders met een Marokkaans klinkende naam systematisch benadeeld worden (in vergelijking met kandidaat-huurders met een Nederlands klinkende naam), kunnen we hier op het niveau van de gemeente Rotterdam – op basis van de netto-discriminatiegraad – met minder zekerheid conclusies over trekken, als gevolg van een lager aantal waarnemingen. Op het niveau van de G4 (de vier grootste gemeenten gezamenlijk) is de netto-discriminatiegraad voor personen met een Marokkaans klinkende naam lager dan bij deze gemeentelijke monitor, namelijk 10%; deze uitkomst is niet statistisch significant.

Kortom: de uitkomsten in Rotterdam wijken af van de uitkomsten voor de vier grootste gemeenten gezamenlijk (op basis van de data uit de landelijke monitor). Waar op het niveau van de G4 géén aanleiding is om te spreken van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende naam, zien we in Rotterdam dat de uitkomsten wél in de richting wijzen dat er sprake is van discriminatie.

45 Een verklaring voor dit (subtiele) verschil in uitkomst is dat op landelijk niveau het aantal correspondentietesten beduidend hoger is dan op het niveau van de gemeente Rotterdam.

23

Figuur 4 Netto-discriminatiegraad personen met een Marokkaans klinkende naam: vergelijking tussen Rotterdam, landelijk en G4

Figuur 5 Netto-discriminatiegraad personen met een Marokkaans klinkende naam in Rotterdam

40%

Niet statistisch significant

40%

30%

Randsignificant

30%

22%

Niet statistisch significant 28%

Randsignificant

22%

22%

Statistisch significant

20% 10% 10%

Statistisch significant

20%

10%

8%

9%

Vrouw

Man

0%

0% Rotterdam

Landelijk

G4

* Bij randsignificantie wijst de uitkomst erop dat er sprake is van een niet-toevallige resultaat, in dit geval over de mate waarin personen met een Marokkaans klinkende naam een lagere kans hebben om te worden uitgenodigd voor een bezichtiging. Wel moeten de resultaten met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd.

Verschil tussen mannen en vrouwen In de vorige gemeentelijke monitor (2021) zijn alleen resultaten voor het profiel Marokkaans klinkende mannennaam beschikbaar (dus géén vrouwennamen). In dat onderzoek kwam een netto-discriminatiegraad van 9% naar voren; deze uitkomst was niet statistisch significant. In de huidige gemeentelijke monitor is de netto-discriminatiegraad met 22% beduidend hoger. Dit roept de vraag op hoe dit verschil kan worden verklaard: is er in 2022 méér sprake van systematische benadeling vergeleken met 2021, en/of speelt geslacht ook een rol?46 Op basis van bovenstaande bevinding hebben we aanvullende analyses gedaan voor Marokkaans klinkende mannennamen en vrouwennamen apart, en de resultaten vergeleken met die uit de vorige gemeentelijke monitor (2021). De netto-discriminatiegraden zijn weergegeven in figuur 5.

46 In de gemeentelijke monitor 2021 keken we immers alleen naar mannennamen; in de huidige gemeentelijke monitor zijn mannen- en vrouwennamen samengenomen in de analyse.

Gecombineerd

Man monitor 2022

monitor 2021

* Bij randsignificantie wijst de uitkomst erop dat er sprake is van een niet-toevallige resultaat, in dit geval over de mate waarin personen met een Marokkaans klinkende naam een lagere kans hebben om te worden uitgenodigd voor een bezichtiging. Wel moeten de resultaten met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd.

In de huidige gemeentelijke monitor zijn de resultaten voor het profiel Marokkaans klinkende mannennaam en het profiel Marokkaans klinkende vrouwennaam verschillend. Personen met een Marokkaans klinkende mannennaam hebben in Rotterdam een 28% lagere kans om te worden uitgenodigd naar aanleiding van reacties op woningadvertenties (vergeleken met personen met een Nederlands klinkende mannennaam); de netto-discriminatiegraad is statistisch significant (p < 0,001). Bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam ligt de netto-discriminatiegraad met 8% een stuk lager; deze is bovendien niet statistisch significant. 47

47 Bij deze en andere statistische analyses hebben we tevens een post hoc poweranalyse uitgevoerd, om te kunnen controleren of er voldoende power is (> 80%) om een relevant effect te kunnen vinden. De power hangt onder meer af van de steekproefgroottes van de verschillende groepen. Bij alle analyses was er (ruim) voldoende power.

24

Waar in de vorige gemeentelijke monitor (2021) een niet-significante netto-discriminatiegraad van 9% te zien is voor het profiel Marokkaans klinkende mannennaam, en er geen discriminatie kon worden waargenomen bij dit profiel, komt in de huidige gemeentelijke monitor een netto-discriminatiegraad van 28% naar voren en zien we dat er sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende mannennaam (in vergelijking met personen met een Nederlands klinkende mannennaam). De huidige bevindingen zijn bovendien in lijn met de bevindingen op landelijk niveau (op basis van de data uit de landelijke monitor). Zowel in Rotterdam als landelijk zien we dat kandidaat-huurders met een Marokkaans klinkende mannennaam systematisch benadeeld worden in vergelijking met kandidaat-huurders met een Nederlands klinkende mannennaam.

4.3.

Bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam kunnen we daarentegen niet vaststellen dat er sprake is van discriminatie. Waar we op landelijk niveau (op basis van de data uit de landelijke monitor) zien dat er (óók) sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam, zien we dit juist niet terug in de gemeentelijke monitor voor Rotterdam. In Rotterdam ligt de netto-discriminatiegraad beduidend lager en is deze niet statistisch significant.

Hieronder gaan we in op de uitnodigingskansen (ofwel uitnodigingspercentages) voor de profielen Marokkaans klinkende naam en (Afro-)Caribisch klinkende naam. Waar mogelijk bespreken we ook hoe de uitkomsten voor deze gemeentelijke monitor (gemeente Rotterdam) zich verhouden tot de landelijke monitor (2022). 48 Tevens beschrijven we de uitkomsten van een aantal aanvullende analyses.

Uitnodigingskansen

Zoals we in paragraaf 3.1.6 hebben uitgelegd, wordt de netto-discriminatiegraad voor een profiel berekend op basis van het aantal keer dat zowel testprofiel als controleprofiel worden uitgenodigd voor een bezichtiging; het aantal keer dat het controleprofiel wél en het testprofiel niet wordt uitgenodigd; en het aantal keer dat het testprofiel wél en het controleprofiel niet wordt uitgenodigd. Er is echter ook een andere manier om te onderzoeken in hoeverre er sprake is van discriminatie, namelijk door te kijken naar de mate waarin de gemiddelde uitnodigingskans voor het testprofiel en die voor het controleprofiel van elkaar verschillen. De uitnodigingskans is hierbij het percentage directe uitnodigingen dat een (test- of controle)profiel ontvangt.

4.2.2. (Afro-)Caribisch klinkende naam De netto-discriminatiegraad voor het profiel (Afro-)Caribisch klinkende naam is 2%. Personen met een (Afro-)Caribisch klinkende naam hebben in Rotterdam dus een 2% lagere kans om te worden uitgenodigd naar aanleiding van reacties op woningadvertenties, dan personen met een Nederlands klinkende naam. De netto-discriminatiegraad is niet statistisch significant. Er is dus geen aanleiding om te stellen dat er sprake is van systematische benadeling van personen met een (Afro-)Caribisch klinkende naam. 48 Hoogenbosch, A., Tierolf, B., Sikkema, M. en Mesic, A. (2022). Monitor discriminatie bij woningverhuur 2022. Utrecht: Verwey-Jonker Instituut.

25

4.3.1.

Verschil in uitkomst tussen netto-discriminatiegraad en verschil in uitnodigingskansen

Marokkaans klinkende naam

In figuur 6 tonen we de uitnodigingskansen (of uitnodigingspercentages) voor het profiel Marokkaans klinkende naam (met testprofiel en controleprofiel apart). Figuur 6 Uitnodigingskansen personen met een Marokkaans klinkende naam (testprofiel en controleprofiel): vergelijking tussen Rotterdam, landelijk en G4 25% 20%

17,8% 15,0%

13,9%

15%

15,9%

11,4%

10,6% 10% 5% 0% Test

Controle

Rotterdam

Test

Controle

Landelijk

Test

Controle G4

Uit bovengenoemde analyse blijkt dat, op het niveau van de gemeente Rotterdam, de verschillen in uitnodigingskansen tussen personen met een Marokkaans klinkende naam en een Nederlands klinkende naam statistisch significant zijn, wat duidt op ongelijke behandeling van personen met een Marokkaans klinkende naam ten opzichte van personen met een Nederlands klinkende naam. De netto-discriminatiegraad voor het profiel Marokkaans klinkende naam (zie paragraaf 4.2.1) is echter niet statistisch significant (maar wel randsignificant). Dat de uitkomsten verschillend zijn, komt doordat voor de netto-discriminatiegraad en het verschil in uitnodigingskans verschillende berekeningen gelden en doordat de statistische analyses op een andere wijze worden uitgevoerd. Het zijn twee verschillende manieren om feitelijk of objectief vastgestelde discriminatie te meten. Om conclusies te kunnen trekken over discriminatie, kijken we naar het geheel van de bevindingen. Op landelijk niveau (op basis van data uit de landelijke monitor) zijn de verschillen in uitnodigingskansen tussen personen met een Marokkaans klinkende naam en personen met een Nederlandse klinkende naam óók statistisch significant (p < 0,001); de bevindingen voor de gemeente Rotterdam komen dus overeen met de bevindingen op landelijk niveau.

Verschil niet statistisch significant Verschil statistisch significant

Voor het profiel Marokkaans klinkende naam zijn, op het niveau van de gemeente Rotterdam, de verschillen in uitnodigingskansen tussen testprofiel en controleprofiel statistisch significant (p < 0,05). Dit duidt op ongelijke behandeling tussen personen met een Marokkaans klinkende naam en personen met een Nederlands klinkende naam.

Op het niveau van de G4 zijn de verschillen in uitnodigingskansen tussen personen met een Marokkaans klinkende naam en personen met een Nederlandse klinkende naam niet statistisch significant; er is geen aanleiding om te stellen dat er op dit niveau sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende naam. In de huidige gemeentelijke monitor zien we echter dat het tegendeel het geval is; de resultaten duiden op ongelijke behandeling in Rotterdam tussen personen met een Marokkaans klinkende naam en personen met een Nederlands klinkende naam. In die zin wijken de bevindingen voor de gemeente Rotterdam af van die voor de vier grootste gemeenten gezamenlijk. 26

Verschil tussen mannen en vrouwen In paragraaf 4.2 hebben we gezien dat er, op basis van een analyse van de netto-discriminatiegraden, weliswaar sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende mannennaam, maar dat dit niet het geval is bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam. Wanneer we kijken naar de uitnodigingskansen, zien we dezelfde uitkomsten. Voor het profiel Marokkaans klinkende mannennaam zijn, op het niveau van de gemeente Rotterdam, de verschillen in uitnodigingskansen tussen testprofiel en controleprofiel statistisch significant (p < 0,05). Voor het profiel Marokkaans klinkende vrouwennaam zijn de verschillen daarentegen niet statistisch significant. Figuur 7 Uitnodigingskansen personen met een Marokkaans klinkende naam in Rotterdam (testprofiel en controleprofiel) 25%

Verschil niet statistisch significant

20% 15%

Verschil statistisch significant

17,8%

12,6%

10%

8,2%

9,1%

5% 0% Test

Controle

Mannennamen

Test

Controle

Vrouwennamen

4.3.2. (Afro-)Caribisch klinkende naam Voor het profiel (Afro-)Caribisch klinkende naam is een gemiddelde uitnodigingskans te zien van 15,6% bij het testprofiel, en 16,0% bij het controleprofiel. De verschillen in uitnodigingskansen tussen testprofiel en controleprofiel zijn praktisch gezien verwaarloosbaar; de verschillen zijn ook niet statistisch significant. Er is dus geen aanleiding om te stellen dat er sprake is van systematische benadeling van personen met een (Afro-)Caribisch klinkende naam. 4.3.3. Verschillen tussen mannen en vrouwen algemeen Wanneer we de profielcategorieën loslaten en per test kijken naar de totale uitnodigingskans (in hoeverre wordt het testprofiel en/of het controleprofiel uitgenodigd?), dan zien we bovendien dat de profielen met mannennamen gemiddeld genomen vaker een uitnodiging voor een bezichtiging ontvangen (18,5%) dan de profielen met vrouwennamen (14,8%). Ondanks het verschil van ruim 3 procentpunten zijn de verschillen in uitnodigingskansen tussen profielen met mannennamen en profielen met vrouwennamen niet statistisch significant. We kunnen dus niet concluderen dat er sprake is van systematische benadeling van personen met vrouwennamen. Vergelijking met landelijk niveau Met behulp van de data vanuit de landelijke monitor (2022) hebben we de betreffende analyse ook uitgevoerd op landelijk niveau.

Ook hier zien we dat de profielen met mannennamen gemiddeld genomen vaker een uitnodiging voor een bezichtiging ontvangen (17,7%) dan de profielen met vrouwennamen (13,9%). Deze verschillen in uitnodigingskansen zijn hier wél statistisch significant (p < 0,05); op landelijk niveau is er sprake van systematische benadeling van personen met vrouwennamen. Wel moet bij deze vergelijking de kanttekening gemaakt worden dat er bij de landelijke monitor (2022) andere profielen zijn gebruikt om discriminatie op basis van etniciteit te onderzoeken, namelijk Marokkaans klinkende mannennaam, Marokkaans klinkende vrouwennaam en Pools klinkende mannennaam. 27

4.3.4. Invloed van platform, huurprijs en woonoppervlakte op uitnodigingskansen Ook hebben we middels logistische regressie bekeken of de factoren platform, huurprijs en woonoppervlakte van de woning een significant effect hebben op de uitnodigingskansen bij personen met een Marokkaans of (Afro-)Caribisch klinkende naam. In de analyses zien we weliswaar een significant effect van huurprijs en woonoppervlakte op de uitnodigingskansen, maar het effect is dusdanig klein dat het niet de moeite waard is om hier verder op in te gaan of om hiervoor te controleren in de analyses.

4.4. Reflectie: krapte op de woningmarkt, uitnodigingskansen en discriminatie In de landelijke monitor (2022) kwam naar voren dat de uitnodigingskansen (of uitnodigingspercentages) bij alle onderzochte profielen – met testprofiel en controleprofiel apart – in 2021/2022 aanzienlijk en significant lager zijn dan in 2020. Het gaat hier om een vergelijking van de resultaten uit de tweede landelijke monitor – waarbij de correspondentietesten werden uitgevoerd in de periode van oktober 2021 tot en met februari 2022 – ook vergeleken met de resultaten uit de eerste landelijke monitor. Daarbij waren de correspondentietesten uitgevoerd in de periode van mei tot en met oktober 2020 (met uitzondering van juli en augustus). 49 Volgens de onderzoekers kan de toenemende krapte op de woningmarkt een oorzaak zijn van de lagere uitnodigingskansen; hierdoor is het immers voor iedereen moeilijker om een passende woning te huren. Een andere mogelijkheid is dat de coronacrisis van invloed is geweest op het woningaanbod ten

49 Hoogenbosch, A., Tierolf, B., Sikkema, M. en Mesic, A. (2022). Monitor discriminatie bij woningverhuur 2022. Utrecht: Verwey-Jonker Instituut.

tijde van de uitvoering van de testen voor de eerste landelijke monitor in 2020 – en daarmee ook op de uitnodigingskansen. Zo geeft platform Pararius in de eigen woningmarktmonitor aan dat de uitbraak van de coronacrisis tijdelijk resulteerde in meer aanbod aan huurwoningen en lagere huurprijzen door vertrekkende expats. Pararius geeft daarbij aan dat dit om slechts een tijdelijk effect ging, en stellen dat huurwoningen in het derde kwartaal van 2021 weer net zo schaars waren als vóór de coronacrisis.50 Het is aannemelijk dat de ontwikkelingen op de woningmarkt ook in Rotterdam invloed hebben op de uitnodigingskansen. Omdat er in de vorige gemeentelijke monitor (2021) echter niet is gekeken naar uitnodigingskansen (of uitnodigingspercentages), maar alleen naar de netto-discriminatiegraad, kunnen we hier geen harde conclusies over trekken. Wél zien we dat de mate waarin personen met een Marokkaans klinkende mannennaam systematisch benadeeld worden (in vergelijking met personen met een Nederlands klinkende mannennaam), in de huidige gemeentelijke monitor substantieel hoger is dan in de vorige gemeentelijke monitor (2021). Het gaat om een netto-discriminatiegraad van 9% in de vorige gemeentelijke monitor (2021) en 28% in het huidige onderzoek.

Op basis hiervan kan men vermoeden dat de toegenomen krapte op de woningmarkt (na de tijdelijke verhoging van woningaanbod in 2020) de kans op discriminatie doet toenemen. Het gaat hier echter om een zeer voorzichtige aanname, die bovendien alleen geldt voor het profiel Marokkaans klinkende mannennaam. Bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam is de netto-discriminatiegraad met 8% immers niet significant en relatief laag; bovendien hebben we geen vergelijkingsmateriaal voor dit profiel (evenals voor profielen met andere kenmerken).

50 Pararius. Webpagina: Vrije sector huurprijzen weer in de lift | Pararius.nl (geraadpleegd op 25 maart 2022)

28

4.5.

Verzoek om meer informatie

Naast de hierboven beschreven analyses is ons opgevallen, net als bij de tweede landelijke monitor (2022) het geval is, dat aanbieders geregeld vragen om aanvullende informatie van de huurkandidaat voordat ze een bezichtiging inplannen (code 2). In veel gevallen wordt er gevraagd naar werksituatie, inkomen, huisdieren, huishoudensamenstelling en/of gewenste huurperiode. Er wordt ook gevraagd naar minder relevante en noodzakelijke zaken om na te gaan of een huurkandidaat aan diens huurdersverplichting kan voldoen, zoals de naam van de werkgever, leeftijd/geboortedatum en/of een motivatie. Hierover schreven de onderzoekers in de eerste landelijke monitor discriminatie bij woningverhuur (2021) al dat niet alleen de Autoriteit Persoonsgegevens hierover stelt dat er vóór een bezichtigingsmoment niet meer opgevraagd mag worden dan een naam en contactgegevens; ook nodigt het beoordelen van deze informatie uit tot subjectieve oordeelvorming, waarbij bewuste en onbewuste vooroordelen een rol kunnen spelen.51 Bij twee reacties die de profielen hebben teruggekregen, wordt bovendien gevraagd om iemands nationaliteit. Naast dat het verboden is om onderscheid te maken op basis van iemands nationaliteit, is het verboden om deze vraag te stellen.

Samengevat De onderzoeksresultaten duiden op ongelijke behandeling van personen met een Marokkaans klinkende mannennaam (vergeleken met personen met een Nederlands klinkende mannennaam) in Rotterdam. Dit is in lijn met wat we op landelijk niveau zien. De bevindingen wijken echter af van de vorige gemeentelijke monitor (2021), toen er geen discriminatie kon worden waargenomen bij dit profiel.

In tegenstelling tot wat we zien bij het profiel Marokkaans klinkende mannennaam, nemen we géén systematische benadeling waar bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam (vergeleken met personen met een Nederlands klinkende vrouwennaam) in Rotterdam. Deze uitkomst is niet in lijn met wat we op landelijk niveau zien; daar nemen we immers wél systematische benadeling waar bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam.

51 Hoogenbosch, A. en Fiere, B. (2021). Gelijke kansen op een huurwoning in Nederland? Monitor discriminatie bij woningverhuur. Rotterdam: Art.1/RADAR.

Ook nemen we géén systematische benadeling waar bij personen met een (Afro-)Caribisch klinkende naam (vergeleken met personen met een Nederlands klinkende naam) in Rotterdam. Er zijn niet eerder testen uitgevoerd voor dit profiel, dus we kunnen de resultaten niet vergelijken.

29

5

Resultaten mystery calls

Figuur 8 Uitkomsten mystery calls: verdeling van de reacties over de codes

Voor deze gemeentelijke monitor is bij 48 bemiddelaars een mystery call uitgevoerd. De acteurs die zich voordeden als potentiële verhuurder, deden tijdens de mystery calls een discriminerend verzoek. Dit hoofdstuk geeft eerst een overzicht van de kwantitatieve resultaten van de reacties die bemiddelaars geven op het discriminerende verzoek. Daarna volgt een paragraaf met de uitkomsten van een kwalitatieve analyse van de reacties.

5.1.

werken (code 4: strenge selectie). Verder is er één bemiddelaar die geen helder antwoord geeft op de vraag (code 3: geen antwoord).

Kwantitatieve analyse

In figuur 8 geven we weer in hoeverre bemiddelaars bereid bleken om mee te werken aan het discriminerende verzoek van de acteur, de fictieve verhuurder. Voor een uitgebreide beschrijving van de codes, zie paragraaf 3.2.3. De bovenste balk laat de resultaten zien van de mystery calls die we voor de huidige gemeentelijke monitor hebben uitgevoerd. Van de 48 bemiddelaars die we hebben gebeld, waren er 10 die duidelijk in hun reactie aangaven niet mee te willen werken aan het discriminerende verzoek. Dit betekent dat bij (slechts) 20,8% van de reacties code 1 ‘geen discriminatie’ van toepassing is. Meer bemiddelaars zijn wél duidelijk bereid om mee te werken aan het discriminerende verzoek: 14 van hen (29,2%) stemmen in met uitsluiten op afkomst (code 2: discriminatie). Het grootste aandeel van de reacties valt onder code 5 ‘aanbieding’. Deze 16 bemiddelaars (33,3%) stemmen niet direct in met het discriminerende verzoek, maar geven de verhuurder wel alle ruimte om de uiteindelijke selectie te maken op basis van diens discriminerende eis. Bij 7 reacties (14,6%) geeft de bemiddelaar aan te selecteren op basis van criteria die mensen indirect kunnen uitsluiten, omdat ze vooroordelen in de hand

Monitor Rotterdam 2022 (n=48)

20,8%

Monitor Rotterdam 2021 (n=41)

19,5%

26,8%

Landelijke monitor 2022 (n=193)

15,5%

34,7%

0%

29,2%

20%

14,6%

14,6%

40%

33,3%

39,0%

11,9%

33,7%

60%

80%

100%

Code 1 - Geen discriminatie Code 2 - Discriminatie

Code 3 - Geen antwoord

Code 4 - Strenge selectie

Code 6 - Overig

Code 5 - Aanbieding

Vergelijking met landelijke monitor en vorige gemeentelijke monitor In figuur 8 is tevens de vergelijking van de resultaten te zien met de tweede landelijke monitor (2022)52 en met de vorige gemeentelijke monitor (2021)53 . De vergelijkingen laten min of meer eenzelfde beeld zien: z In vergelijking met de landelijke monitor 2022 (15,5%) valt bij deze gemeentelijke monitor (20,8%) een iets groter aandeel van de reacties onder code 1 ‘geen discriminatie’. Dit komt vrijwel overeen met het aandeel bij de vorige gemeentelijke monitor (19,5%).

52 Hoogenbosch, A. en Fiere, B. (2021). Gelijke kansen op een huurwoning in Nederland? Monitor discriminatie bij woningverhuur. Rotterdam: Art.1/RADAR. 53 Hoogenbosch, A., Fiere, B. en Koene, M. (2021). “Alles is bespreekbaar”. Discriminatie bij woningverhuur: resultaten correspondentietesten en mystery calls in Rotterdam. Rotterdam: RADAR.

30

z

z

z

Het aandeel bemiddelaars dat bereid is om mee te werken aan het discriminerende verzoek, is bij deze gemeentelijke monitor (29,2%) ook lager dan bij de landelijke monitor 2022 (34,7%), maar wél iets hoger in vergelijking met de vorige gemeentelijke monitor (26,8%). Het percentage van de reacties met code 4 ‘strenge selectie’ is bij deze en de vorige gemeentelijke monitor (beide 14,6%) juist iets hoger dan bij de landelijke monitor 2022 (11,9%). Voor code 5 ‘aanbieding’ zijn de percentages van deze gemeentelijke monitor en de landelijke monitor 2022 nagenoeg gelijk. Dit percentage lag bij de vorige gemeentelijke monitor hoger (39,0%).

5.2.

Kwalitatieve analyse

In deze paragraaf beschrijven we de resultaten uit de kwalitatieve analyse van de reacties van bemiddelaars op het discriminerende verzoek tijdens de mystery calls. We beschrijven eerst de opvallendheden die een beeld geven van alle reacties, en lichten daarna nog een aantal reacties binnen codes uit. 5.2.1.

Algemene analyses

Bewustzijn van discriminatie Bij 19 van de 48 reacties benoemen bemiddelaars dat het verzoek van de verhuurder discriminatie of uitsluiten op afkomst betreft. Dit gaat over zowel de bemiddelaars die het discriminerende verzoek afkeuren, als degenen die ermee instemmen. In 10 reacties komt het woord ‘discriminatie’ of ‘discrimineren’ voor. Andere bewoordingen zijn bijvoorbeeld ‘uitsluiten van bevolkingsgroepen’ of ‘filteren op etniciteit’. Er zijn 5 bemiddelaars van de 48 die stellen dat discriminatie ‘officieel’ of ‘eigenlijk’ niet mag, dat het ‘tegenwoordig allemaal gevoelig ligt’, of dat screenen op etniciteit ‘wel wat lastig’ is. Verder stelt één bemiddelaar dat de vastgoedorganisatie ‘handelt op discriminatie’, en een andere bemiddelaar stelt dat ‘de gemeente controles doet’.

Expats In 7 reacties stellen bemiddelaars dat ook expats potentiële (goede) huurders van de woning kunnen zijn. Daarbij wordt in 3 reacties onderscheid gemaakt tussen verschillende herkomstlanden. Eén bemiddelaar stelt bijvoorbeeld: ‘Ik verhuur zelf meestal aan expats, dus gewoon internationale werknemers. Maar zeg je ‘joh, ik wil geen Oost-Europeanen’, ja, prima’. Opvallend is dat een andere bemiddelaar stelt: ‘En ook belangrijk: dit soort mensen bouwen geen rechten op dat ze naar de huurcommissie gaan of dat de huur te hoog is’. Gerust stellen over de risico’s In 5 gevallen probeert de bemiddelaar de fictieve huurder ‘gerust te stellen’ over het selectieproces van de potentiële huurder. De bemiddelaars benoemen bijvoorbeeld dat ze een goede screening uitvoeren, of na drie maanden een ‘controle’ doen door langs te gaan bij de woning. Eén bemiddelaar stelt: ‘Soms zeggen we: weet je wat? Ik heb mijn twijfels, laten we de voorkeur van de twijfel geven en dan verhogen we een maand borg extra en dan hebben ze de kans om te bewijzen dat ze een goede zijn.’ Dit is opvallend, omdat een ‘twijfel’ of vooroordeel dus zou kunnen leiden tot het moeten betalen van een hogere borg.

Twee bemiddelaars stellen verder dat er, ondanks de screening en andere maatregelen, altijd een risico verbonden is aan het verhuren van een woning, en twee woningbemiddelaars benadrukken slechte ervaringen met ‘Nederlandse’ kandidaten. Subjectieve criteria In 4 gevallen noemt de bemiddelaar ‘subjectieve’ criteria voor het selecteren van een huurkandidaat, zoals het hebben van een ‘goed gevoel’ of ‘klik’, of het ‘zien van iemands gezicht’ tijdens een bezichtiging. Deze subjectieve beoordelingscriteria kunnen leiden tot het uitsluiten van bepaalde kandidaten, omdat (onbewuste) vooroordelen van de bemiddelaar een rol spelen bij het ervaren van bijvoorbeeld een ‘goede klik’. In 3 gevallen benadrukt de bemiddelaar dat de potentiële huurder ‘een leuke introductie’ over zichzelf moet kunnen schrijven of er ‘goed’ of ‘netjes’ uit moet zien. Ook hierbij kunnen (al dan niet bewuste) voorkeuren en vooroordelen leiden tot het uitsluiten van bepaalde kandidaten. 31

Normaliseren en bagatelliseren In 4 gevallen stellen bemiddelaars dat zij zich het discriminerende verzoek ‘kunnen voorstellen’, ‘begrijpen’ of ‘snappen’. Meerdere bemiddelaars doen lacherig over het discriminerende verzoek (6 keer). Ook zijn er gevallen waarin de bemiddelaar stelt dat ‘sommige verhuurders ook geen rokers, huisdieren of studenten willen’ (3 keer), waarmee er een parallel wordt getrokken tussen uitsluiten op afkomst en andere toegestane selectiecriteria. Bij deze voorbeelden wordt er geen norm gesteld dat discriminatie verkeerd en verboden is. ‘Rekening houden met buurt’ In de reacties van 3 bemiddelaars komt naar voren dat de bemiddelaar bij de selectie van kandidaten ‘de buurt’ in overweging neemt bij het selecteren (en uitsluiten) van kandidaten: ‘We houden er ook een beetje rekening mee: wat voor buurt is het, wat is je relatie met de buurt en wat voor mensen wil je hier hebben wonen.’ Of: ‘Het is dan altijd goed als jullie zeggen ‘wij willen ongeveer dit profiel want dat matcht ook bij de buren en bij de mensen die er wonen bijvoorbeeld.’ Deze redenering kan leiden tot het uitsluiten van bepaalde kandidaten, omdat de bemiddelaar de huurkandidaat vergelijkt met buurtbewoners die al in de straat of buurt wonen. Wanneer dit op grote schaal zou gebeuren, zou dit zelfs segregatie in de hand kunnen werken. 5.2.2.

Analyses bij code 1 – geen discriminatie Bij de reacties met code 1 valt op dat bemiddelaars duidelijk stellen dat zij niet mee willen werken aan het verzoek. Ze stellen bijvoorbeeld: ‘Nee, dat mag niet. Dat is discriminatie’, of ‘nee, wij sluiten niemand uit op basis van etniciteit of wat dan ook, dat kunnen en dat willen we niet’. Eén bemiddelaar reageert voorzichtiger op het verzoek: ‘Je moet natuurlijk heel erg uitkijken met discriminerende keuzes die je maakt’, in plaats van het verzoek direct af te keuren.

5.2.3. Analyses bij code 2 – discriminatie ‘Mag niet, kan wel’ Van de bemiddelaars die zich bereid tonen om mee te werken aan het discriminerende verzoek, geven er 5 aan dat ze hier wel ‘voorzichtig’ mee moeten omgaan, dat ze de instemming met het verzoek ‘nergens gaan opschrijven’, of nemen zij het woord ‘discriminatie’ in de mond waaruit blijkt dat ze zich hiervan bewust zijn. We kunnen uit deze reacties opmaken dat de bemiddelaars instemmen met het verzoek, ondanks het besef dat zij hiermee iets doen wat ‘niet kan’, wettelijk verboden en discriminerend is. Reacties zijn bijvoorbeeld: ‘Moet ik er wel even heel voorzichtig bij zeggen: dat mag je wel tegen mij zeggen, maar ik ga dat nergens opschrijven’, of: ‘Dan kan je wel zeggen ‘nee je mag niet discrimineren’, maar natuurlijk zien wij het vaak al aan namen. Maar het mag natuurlijk niet, officieel mag het niet. Maar als het nadrukkelijk jullie wens is, dan ja.’ In één reactie ontkent de bemiddelaar te discrimineren, terwijl die wel instemt met het discriminerende verzoek en zich bovendien racistisch uit over bepaalde groepen: ‘Maar voor de rest, ik mag niet discrimineren, maar Turken, Antilianen, Marokkanen en zo, die moet ik er allemaal absoluut niet in hebben.

Maar ik discrimineer niet hoor, maar ik heb er een bloedhekel aan.’ Bij een andere reactie komt de eigen (discriminerende) voorkeur van de bemiddelaar naar voren: ‘wij geven er wel altijd advies in, en dat adviseren wij niet. Net als met een beetje Indische mensen, die hebben gewoon een andere manier van koken, dat is vaak niet ten goede van de woning zelf. Dan zeggen wij ook, dan kun je het beter een maandje leeg laten staan’. Ook is er een bemiddelaar die aangeeft dat die vaker te maken krijgt met verhuurders die verzoeken om bepaalde groepen uit te sluiten: ‘Maar ik ken natuurlijk heel veel verhuurders, en de één wil er geen Indiërs in, de ander wil er geen Japanners in, de ander wil dat.’

32

Tactieken Verder laat de reactie van één bemiddelaar zien welke tactiek hij toepast om mensen uit te sluiten: ‘En dan nodig je dus uiteindelijk ook bepaalde mensen gewoon niet uit, weet je. Dat recht hebben we en daar hoef je ook helemaal geen uitleg bij te geven. Dan zeggen we ‘we hebben genoeg gegadigden.’’

Door op deze manier mee te bewegen met het verzoek van de potentiële verhuurder, geven bemiddelaars alle ruimte om de selectie van een kandidaat te baseren op discriminerende voorkeuren. Tegelijkertijd wordt er op deze manier geen duidelijke norm gesteld dat discriminatie verboden en verkeerd is.

Samengevat 5.2.4. Analyses bij code 4 – strenge selectie Bij 7 bemiddelaars is code 4 ‘strenge selectie’ van toepassing op de reactie. De bemiddelaar stemt niet direct in met het verzoek, maar de selectie wordt wel gemaakt op basis van criteria die mensen indirect kunnen uitsluiten doordat vooroordelen een rol kunnen spelen. Zo ligt de nadruk op het vinden van een ‘nette’ huurder die zich ‘goed presenteert’. Ook het type werkgever (een ‘goed bedrijf’) en een hoog inkomen worden als selectiecriteria gebruikt. 5.2.5. Analyses bij code 5 – aanbieding Bij de 16 reacties met code 5 ‘aanbieding’ benadrukken de bemiddelaars het gegeven dat de verhuurder als eigenaar van de woning uiteindelijk de kandidaat selecteert. Ze voegen daar soms aan toe dat zij als bemiddelaar ‘werken voor de verhuurder’. Op verschillende manieren bewegen de bemiddelaars mee met het verzoek van de fictieve verhuurder, zelfs nadat ze hebben aangegeven niet te willen uitsluiten op basis van afkomst. Zo stelt een bemiddelaar: ‘nogmaals, wij zullen niks doen, er zal niks gebeuren zonder uw toestemming, zonder uw goedkeuring. Snap je? Dus als wij kandidaten gaan aandragen naar u, dan kunt u altijd nee zegen: deze wil ik wel, deze wil ik niet. U bepaalt wie er in u huis komt.’ Hierdoor wordt de afkeuring van discriminatie teniet gedaan.

Ook bij het volgende voorbeeld is dat het geval: ‘Ja, dat is natuurlijk wel lastig hè, want het is wel discriminatie waar we in principe niet aan proberen te doen natuurlijk. Kijk, ja, als verhuurder zelf – jij kiest uiteindelijk de kandidaat. Wat ik dan doe: ik stel ze voor, met een verhaaltje erbij vanuit de huurders wie ze zijn. En jij beslist, dus als dat jouw beslissing is, dan is het aan jou.’

Ongeveer 80 procent van de bemiddelaars werkt direct of indirect mee aan discriminatie, bijvoorbeeld door de verhuurder de ruimte te geven om te selecteren op basis van criteria die mensen direct of indirect kunnen uitsluiten. Dit ondanks dat een groot deel zich ervan bewust is dat er sprake is van een discriminerend verzoek. Sommige bemiddelaars vertellen over ‘subjectieve’ criteria voor het selecteren van een huurkandidaat, bijvoorbeeld door zich te richten op ‘nette’ huurders die zich ‘goed presenteren’. Ook zaken als het hebben van een ‘goed gevoel’ of ‘klik’ of het ‘zien van iemands gezicht’ tijdens een bezichtiging, worden in de gesprekken genoemd. Dergelijke criteria kunnen mensen met een bepaalde achtergrond indirect uitsluiten, namelijk doordat (onbewuste) voorkeuren en vooroordelen van de bemiddelaar en de verhuurder een rol kunnen spelen.

33

6

Conclusies en aanknopingspunten voor vervolg

Voor deze monitor onderzochten we discriminatie bij woningverhuur in Rotterdam aan de hand van correspondentietesten en mystery calls. Hieronder beschrijven we de belangrijkste conclusies uit de twee deelonderzoeken. Daarnaast beschrijven we aan aantal aanknopingspunten voor de vervolgaanpak van discriminatie bij woningverhuur.

Correspondentietesten Aan de hand van correspondentietesten hebben we onderzocht in hoeverre personen met een Marokkaans klinkende of (Afro-)Caribisch klinkende naam minder kans hebben in de eerste stap binnen het verhuurproces, namelijk om te worden uitgenodigd voor een bezichtiging, dan personen met een Nederlands klinkende naam. Dit hebben we gedaan door veelvuldig met twee quasi-identieke profielen te reageren op advertenties van huurwoningen. De twee profielen – het testprofiel en het controleprofiel – verschilden van naam; de tekstberichten die we gebruiken om op woningadvertenties te reageren, waren in toon en lengte vergelijkbaar.

Minder kansen op uitnodiging voor een bezichtiging voor profielen met een Marokkaans klinkende mannennaam De resultaten geven aanleiding om te stellen dat er in Rotterdam sprake is van discriminatie bij kandidaat-huurders met een Marokkaans klinkende mannennaam. Personen met een Marokkaans klinkende mannennaam hebben een kleinere kans om te worden uitgenodigd voor een bezichtiging dan personen met een Nederlands klinkende mannennaam. Deze bevinding is in lijn met de recente landelijke monitor (2022), waar we zagen dat er (op landelijk niveau) sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende mannennaam. De kans op een uitnodiging voor een bezichtiging is niet lager voor profielen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam Uit de resultaten van de correspondentietesten komt bij het profiel Marokkaans klinkende vrouwennaam – in tegenstelling tot bij de mannennamen – geen lagere kans op een uitnodiging naar voren. Deze bevindingen zijn niet in lijn met de recente landelijke monitor (2022), waar we zagen dat er (op landelijk niveau) wél sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam.

Voor personen met een (Afro-)Caribisch klinkende naam is er geen aanleiding om te concluderen dat zij minder kans maken op een uitnodiging Uit de correspondentietesten voor het profiel (Afro-)Caribisch klinkende naam komen geen lagere of hogere uitnodigingskansen naar voren voor in vergelijking met personen met een Nederlands klinkende naam. Er zijn niet eerder testen uitgevoerd voor dit profiel, dus we kunnen de resultaten niet vergelijken.

34

Duiding van de resultaten Dat kandidaat-huurders met een Marokkaans klinkende mannennaam systematisch benadeeld worden waar het gaat om de kans op een uitnodiging voor een bezichtiging, kan het gevolg zijn van veronderstelde (groeps)kwalificaties en waardeoordelen met betrekking tot de veronderstelde groepsidentiteit van mannen met een Marokkaanse achtergrond. Het is mogelijk dat Marokkaans klinkende mannennamen negatieve associaties oproepen bij verhuurders of bemiddelaars en dat zij mannen met een Marokkaanse achtergrond, bewust of onbewust, als minder gewenst of meer risicovol beschouwen (en zodoende de voorkeur geven aan personen die buiten de veronderstelde groepsidentiteit vallen). In dit licht valt het echter wél op dat uit het onderzoek van vorig jaar (2021) bleek dat er géén discriminatie plaatsvond bij kandidaat-huurders met een Marokkaans klinkende mannennaam (in tegenstelling tot de huidige resultaten). Een mogelijke verklaring is dat de toegenomen krapte op de woningmarkt (na de tijdelijke verhoging van woningaanbod in 2020) de kans op discriminatie doet toenemen. Het gaat hier echter om een zeer voorzichtige aanname. Bij personen met een Marokkaans klinkende vrouwennaam en personen met een (Afro-)Caribisch klinkende naam lijkt er, op basis van de correspondentietesten die we voor dit onderzoek hebben uitgevoerd, geen sprake te zijn van een benadeling.

Het is echter van belang te realiseren dat dit niet hoeft te betekenen dat deze groepen geen discriminatie kunnen ervaren. Allereerst testen we alleen de mate waarin iemand wel of geen uitnodiging krijgt voor een bezichtiging. Mensen kunnen echter ook ná deze eerste stap in het verhuurproces worden uitgesloten vanwege hun veronderstelde achtergrond of huidskleur. Op basis van dit onderzoek kunnen we hier echter geen uitspraken over doen. Ten tweede is het van belang rekening te houden met het ontwerp van dit type onderzoek, waarbij het gaat om slechts een steekproef van alle advertenties die beschikbaar zijn. We proberen dit te ondervangen door op significantie te

toetsten, maar zijn ons ook bewust dat we met een grotere steekproef met meer zekerheid conclusies kunnen trekken. Ten slotte geldt bij de testen voor het profiel (Afro-)Caribisch klinkende namen dat deze namen mogelijk niet ‘als zodanig’ worden herkend, en dat verhuurders bij dergelijke namen niet de link leggen met personen met een (Afro-)Caribische achtergrond.

Mystery calls Aan de hand van mystery calls hebben we onderzocht in hoeverre woningbemiddelaars bereid zijn om mee te bewegen met een discriminerend verzoek van een fictieve klant, een verhuurder. Twee acteurs die zich voordeden als potentiële verhuurders, deden tijdens telefoongesprekken met bemiddelaars een discriminerend verzoek. Bereidheid om mee te bewegen met discriminerende verzoeken van verhuurders Uit de resultaten blijkt dat, van het totaal van 48 gebelde bemiddelaars, ongeveer 20 procent weigert om op het discriminerende verzoek in te gaan. De overige 80 procent werkt direct of indirect mee aan discriminatie, bijvoorbeeld door de verhuurder de ruimte te geven om te selecteren op basis van criteria die mensen direct of indirect kunnen uitsluiten. Dit is opvallend omdat ongeveer 40 procent – 19 van de 48 bemiddelaars – in het gesprek (expliciet) benoemt dat de (fictieve) verhuurder een discriminerend verzoek heeft. Ook andere bemiddelaars die dit niet hebben benoemd, kunnen zich hiervan bewust zijn. Ondanks dit bewustzijn en het besef dat discriminatie op grond van etniciteit wettelijk verboden is, is een deel van de bemiddelaars echter bereid om mee te werken aan het discriminerende verzoek. Zo geven sommige bemiddelaars in het gesprek aan dat ze hier wel ‘voorzichtig’ mee moeten omgaan of dat ze de instemming met het verzoek ‘nergens gaan opschrijven’.

35

Subjectieve criteria bij selectie huurders Verder komt het voor dat bemiddelaars het discriminerende verzoek normaliseren of bagatelliseren. Hierbij wordt in sommige gesprekken een parallel getrokken tussen uitsluiting op grond van etniciteit en andere (toegestane) selectiecriteria, bijvoorbeeld met betrekking tot roken of huisdieren. Daarnaast benadrukt een deel van de bemiddelaars dat de verhuurder uiteindelijk de keuze voor een huurder maakt. Sommige bemiddelaars vertellen over ‘subjectieve’ criteria voor het selecteren van een huurkandidaat, bijvoorbeeld door zich te richten op ‘nette’ huurders die zich ‘goed presenteren’. Ook zaken als het hebben van een ‘goed gevoel’ of ‘klik’ of het ‘zien van iemands gezicht’ tijdens een bezichtiging, worden in de gesprekken genoemd. Dergelijke criteria kunnen mensen met een bepaalde achtergrond indirect uitsluiten, namelijk doordat (onbewuste) voorkeuren en vooroordelen van de bemiddelaar en de verhuurder een rol kunnen spelen. Op deze wijze kunnen mensen met een bepaalde (veronderstelde) herkomst dus soms wél uitgenodigd worden voor een bezichtiging van een huurwoning, maar kunnen zij ná de bezichtiging alsnog afvallen in verband met hun (veronderstelde) herkomst.

Concluderend De bevindingen laten zien dat discriminatie bij woningverhuur een hardnekkig probleem is. Ondanks het bewustzijn en het besef dat discriminatie op grond van etniciteit wettelijk verboden is bij woningverhuur, werkt het merendeel van de woningbemiddelaars in Rotterdam direct of indirect mee aan discriminatie, bijvoorbeeld door de verhuurder de ruimte te geven om te selecteren op basis van subjectieve oordeelsvorming. Daarnaast constateren we dat er sprake is van systematische benadeling van personen met een Marokkaans klinkende mannennaam; zij hebben een kleinere kans om uitgenodigd te worden voor een bezichtiging in vergelijking met personen

met een Nederlands klinkende mannennaam. In hoeverre er (ook) sprake van discriminatie op grond van etniciteit (of op andere gronden) tijdens de bezichtigingsfase, wanneer de verhuurder de definitieve keuze voor een huurder maakt, kan binnen dit onderzoek niet worden bepaald.

Aanknopingspunten voor de vervolgaanpak van discriminatie bij woningverhuur De gemeente Rotterdam heeft in de afgelopen jaren veel inzet gepleegd op het thema goed verhuurderschap en het tegengaan van misstanden op de verhuurmarkt, waarvan het tegengaan van discriminatie onderdeel uitmaakt, en gaat hier in de komende jaren mee door. Vanuit het onderhavige onderzoek bieden wij een drietal aanknopingspunten voor deze aanpak. Bewustwording onder bemiddelaars De resultaten van het onderzoek bieden een directe aanleiding om bemiddelaars bewust te maken van het onderwerp discriminatie. De publicatie van de resultaten kan bijvoorbeeld onder de aandacht gebracht worden met een dringende brief van de wethouder of van het gehele college. Ook kan de presentatie van de resultaten strategisch naar buiten gebracht worden tijdens de (landelijke) campagne tegen discriminatie bij woningverhuur. Op deze manier kan het onderwerp veel aandacht genereren. Belangrijk is daarbij om, naast het aanspreken van bemiddelaars, hen ook van goede informatie te voorzien over wat wel en niet mag bij woningverhuur (zoals welke informatie opgevraagd mag worden en het juridische kader), hoe om te gaan met een discriminerend verzoek van een verhuurder en over hoe een objectief en eerlijk verhuurproces in te richten én voor te stellen aan een klant.

36

Bewustwording onder verhuurders De bewustwording over discriminatie kan ook onder verhuurders verbeterd worden. Met name grote verhuurders, zoals corporaties of fondsen, kunnen op gelijke wijze als bemiddelaars aangesproken worden. Hierbij kan extra de nadruk liggen op hun maatschappelijke opgave om ervoor te zorgen dat iedereen gelijke kansen heeft op particuliere vrije sector huurwoningen. De groep kleine verhuurders, die het grootste aandeel huurwoningen bezit, is een lastigere groep om te bereiken. In de meeste gevallen maken zij echter wel gebruik van een bemiddelaar. Om deze groep verhuurders dus te bereiken, hebben bemiddelaars een cruciale rol als intermediair die het goede voorbeeld stelt. Bemiddelaars moeten dus in staat worden gesteld om verhuurders van de juiste informatie te voorzien. Wellicht kan specifieke informatie voor verhuurders, die bemiddelaars aan verhuurders kunnen toesturen, daarbij helpen. Daarnaast is het van belang om samen met bemiddelaars een plan op te stellen dat, bij een weigering van een klant vanwege discriminatie, de verhuurder niet bij een andere bemiddelaar wél diens discriminerende eis kan doorzetten. Stimuleren eerlijk verhuurproces Bewustwording van discriminatie kan met name de onbewuste en niet bedoelde discriminatie verminderen. Echter, er zijn ook mensen die bewust en bedoeld discrimineren.

Het is daarom van belang dat er wordt ingezet op het maken van een transparant en objectief verhuursysteem en bemiddelaars en verhuurders te verplichten om een dergelijk systeem te gebruiken. Een dergelijk systeem kan ervoor zorgen dat de keuze voor personen om uit te nodigen voor een bezichtiging, en de definitieve keuze voor een huurder, geheel op vooraf gestelde objectieve voorwaarden geschiedt. Daarnaast kan verkend worden op welke manier een dergelijk systeem discriminatie in het hele verhuurproces kan monitoren, zodat er daadwerkelijk gelijke kansen zijn voor iedereen en de monitoring niet beperkt wordt door het onderzoeken van uitnodigingskansen. 37

Bijlage 1 Tekstbericht voorbeelden Hieronder staan twee voorbeelden van berichten die we als reactie hebben verstuurd bij de correspondentietesten. De teksten bestaan uit drie componenten: aanhef, vraag en afsluiting. Ieder component van het bericht hebben we over alle profielen aselect toegewezen. Eventueel mogelijke verschillende interpretaties over de ‘netheid’ van een bericht door een aanbieder, wat van invloed kan zijn op de uitnodigingskans, is hierdoor willekeurig verdeeld over alle profielen, zodat het geen invloed kan hebben op de resultaten van een specifiek profiel. 1.

Hallo, Ik ben erg geïnteresseerd in deze woning en zou deze graag komen bezoeken. Is dat mogelijk? Vriendelijke groeten, {voornaam + achternaam}

2.

Beste, Ik ben op zoek naar een woning en zag deze advertentie. Zou ik mogen komen bezichtigen? Groeten, {voornaam + achternaam}

38

Bijlage 2 Codenummers correspondentietesten Hieronder staat de lijst van de codes die gebruikt zijn om alle ontvangen berichten (emails, voicemails en sms-berichten) te categoriseren. De codes 4, 5 en 6 zijn de ‘positieve reacties’ en worden gezien als een ‘uitnodiging’. De codes zijn gelijk aan de codes gebruikt in de eerste monitor discriminatie bij woningverhuur en zijn gebaseerd op onderzoek door prof. dr. Pieter-Paul Verhaeghe van de Vrije Universiteit Brussel en gespecialiseerd in correspondentietesten bij woningverhuur.

Code

Uitleg

1

Een bezichtiging is (momenteel) niet mogelijk (het bezichtigingsmoment zit bijvoorbeeld al vol)

2

Kandidaat wordt om aanvullende informatie gevraagd, geen afspraak voor een bezichtiging

3

Kandidaat wordt gevraagd om contact op te nemen, maar nog geen zekerheid of bezichtiging mogelijk is

4

Kandidaat wordt om aanvullende informatie gevraagd en uitgenodigd voor een bezichtiging

5

Kandidaat wordt gevraagd om contact op te nemen om een afspraak voor een bezichtiging in te plannen

6

Kandidaat wordt uitgenodigd om de woning te bezoeken

7

Men wil niet aan de kandidaat verhuren

8

De woning is niet langer te huur (of men is al bezig met een andere kandidaat)

9

Opvolgmail met info over andere woningen

10

Geen antwoord ontvangen

11

Anders

39

Bijlage 3 Gespreksleidraad mystery calls Tester:

Woningbemiddelaar:

Goeiedag, u spreekt met [voornaam + achternaam]. Ik heb een appartement in [buurt], maar ga binnenkort verhuizen naar het huis van mijn nieuwe vriend. Ik zou mijn appartement daarom graag verhuren. Het gaat om een appartement met twee slaapkamers en ik dacht aan een huurprijs van 1000 euro per maand. Ik ken echter weinig van de huurwetgeving af en zou daarom met een makelaar willen werken. Ik vraag me wel af hoeveel zoiets kost en hoe jullie te werk gaan. Ik bel daarom om wat vrijblijvende informatie in te winnen. Antwoord gegeven door de makelaar. De tester luistert dan eerst naar de uitleg van de woningbemiddelaar. De tester klinkt geïnteresseerd en stelt eventueel een aantal korte bijvragen ter informatie.

Tester:

Ok, dat klinkt goed. [men geeft de indruk dat de beller echt geïnteresseerd is]. Ik heb wel nog een bijkomende vraag. [Stilte, men wordt hier wat onwennig/minder zakelijk] Ik wil dat mijn appartement goed onderhouden wordt. Vrienden van mij hebben slechte ervaringen gehad met buitenlanders. Zou het daarom mogelijk zijn om niet te verhuren aan buitenlanders; van die Marokkanen, Turken en Polen?

Woningbemiddelaar:

Antwoord gegeven door de makelaar.

Tester:

Ok, bedankt voor de informatie. Het is nu allemaal veel duidelijker voor me. Ik ga alles nog even laten bezinken en ik laat nog iets weten als ik met jullie wil samenwerken.

40

COLOFON Opdrachtgever Auteurs

Foto omslag Uitgave

Gemeente Rotterdam A.M.L. van der Hoff, MSc A.L.I.I. Hoogenbosch, MSc M. Sikkema, MSc Pexels, Suzy Hazelwood, 2855628 Verwey-Jonker Instituut Kromme Nieuwegracht 6 3512 HG Utrecht T (030) 230 07 99 E secr@verwey-jonker.nl I www.verwey-jonker.nl

De publicatie kan gedownload worden via onze website: http://www.verwey-jonker.nl ISBN 978-94-6409-183-0 © Verwey-Jonker Instituut, Utrecht, september 2022. Het auteursrecht van deze publicatie berust bij het Verwey-Jonker Instituut. Gedeeltelijke overname van teksten is toegestaan, mits daarbij de bron wordt vermeld. The copyright of this publication rests with the Verwey-Jonker Institute. Partial reproduction of the text is allowed, on condition that the source is mentioned.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=a4e447b1-6724-42fc-be0b-e3918673fc9a