21bb5527 Bijlage 1 behorende bij 21bb5526 - Rigo_ Schaarste in de Rotterdamse woningvoorraad
Tekst van het document
Daarom gebruiken we een weegfactor, die we baseren op cijfers over recente verhuizingen van het CBS: 60% van de verhuizingen uit andere COROP-regio’s naar de regio Rijnmond gaat naar Rotterdam; deze cases krijgen daarom een weegfactor van 0,6. 47% van de verhuizingen tussen gemeenten vanuit een ge meente in de regio Rijnmond naar een andere gemeente in de regio gaat naar Rotterdam; deze cases krijgen daarom een weegfactor van 0,47. Weegfactoren en variabelen Ook het WoON zelf werkt met weegfactoren. Deze weegfactoren zorgen ervoor dat het totaal van de respondenten zo goed mogelijk het totaal van de bevolking per gemeente weerspiegelt. Het WoON heeft drie verschillende weegfactoren voor verhuisgeneigde huishoudens, die onderscheiden tussen verschillende ‘intensiteiten’ in verhuiswensen: De weegfactoren voor vraag en aanbod totaal rekenen de verhuizing mee van iedere respondent die heeft aangegeven eventueel te willen verhuizen binnen nu en twee jaar. De weegfactoren voor vraag en aanbod in de markt rekenen de verhuizing mee van respondenten die actief op zoek zijn naar een woning, of er al één gevonden hebben. De weegfactoren voor urgente vraag en aanbod rekenen de verhuizing mee van respondenten die hebben aangegeven dat ze actief op zoek zijn naar een woning en direct actie te ondernemen wanneer men de gewenste woning in het aanbod aantreft.
In dit onderzoek maken we gebruik van de weegfactoren voor de vraag in de markt ; dat betekent dat we de verhuiswensen van degenen die nog geen actie op hun wens hebben ondernomen, niet meetellen. Daarnaast maakt het WoON onderscheid tussen verschillende zogeheten woningmarkthandelingen, zoals starten, doorstromen of de woning verlaten. Voor dit onderzoek naar schaarste passen we de bestaande indeling van het WoON aan. We onderscheiden tussen:
Rapport Schaarste in de Rotterdamse
woningvoorraad
31
Starters: de groep die nu in Rotterdam woont en ook na verhuizing in Rotterdam wil blijven wonen, en die bij verhuizing geen woning achterlaat. De groep ‘semi-starters’ die het WoON onderscheidt, is in onderstaande analyses dus bij de starters gerekend. Doorstromers: de groep die nu in Rotterdam woont en ook na verhuizing in Rotterdam wil blijven wonen, en die bij verhuizing een zelfstandige woning achterlaat. Vestigers: de groep die nu niet in Rotterdam woont en na verhuizing in Rotterdam wil wonen; bij deze groep is het niet van belang of ze in hun regio van vertrek al dan niet een woning achterlaten. Vertrekkers: de groep die nu in Rotterdam woont en na verhuizing buiten Rotterdam wil wonen en bij verhuizing een zelfstandige woning in Rotterdam achterlaat. Starters die hun eerste woning buiten Rotterdam zoeken, tellen we in de analyses dus niet mee. Ook verhuizingen naar het buitenland en overige verhuizingen zijn in deze categorie meegerekend. Woningverlaters: de groep die nu in een zelfstandige woning in Rotterdam woont e n wil verhuizen naar een andere woonvorm in Rotterdam. Met dit onderscheid in vijf categorieën kunnen we vraag en aanbod tegen elkaar afzetten: Vraag = starters + doorstromers + vestigers; Aanbod = doorstromers + woningverlaters + vertrekkers.
Prijsklassen De gemeente heeft bij de recente actualisatie van de Woonvisie nieuwe prijsgrenzen vastgesteld. Voor de analyses in het WoON hebben we deze grenzen met behulp van de consumentenprijsindex van het CBS teruggeïndexeerd naar 1 januari 2018. Dat leidde tot de prijsklassen als in de onderstaande tabel. Prijsklassen coalitieakkoord na herziening 2020, geïndexeerd naar 2018
Huur
Koop
Sociaal basis
Tot 2e aftoppingsgrens (€640,14)
Tot €137.387
Sociaal
Tot liberalisatiegrens (€710,68)
€137.387 tot €169.542
Middensegment
Van lib. grens tot €989
€169.542 tot €282.570
Hogere segment
Van €989 tot €1.300
€282.570 tot €428.726
Topsegment
Vanaf €1.300
Vanaf €428.726
Rapport Schaarste in de Rotterdamse
woningvoorraad
32