21bb13697 Bijlage behorende bij 21bb13695 over Tussenrapportage impactmeting Brede herstelaanpak jongeren COVID-19 en aanpak Jeugdwerkgelegenheid
Tekst van het document
021 021
20 020
geren ngeren
5 0 10 tot 25
3000 3000 2500
Digitaal- Persoonlijke administratie Figuur 19 WW-uitkeringen tot 27 jaar 2019-juni 2021 OpLopende papier- Standaard dossier Figuur 19DigitaalLopendeStandaard WW-uitkeringen dossiertot 27 jaar 2019-juni 2021 Op papier- Vragenlijst Digitaal- Vragenlijst
2500 2000 2000 1500
0
10
20
30
40
50
60
mei mei
jun jun
jul jul
aug aug
sep sep
okt okt
nov nov
dec dec
okt okt
nov nov
dec dec
1500 1000 1000 500 500 0 0
300 300 250
jan jan
feb feb 2019 2020 2019 2021 2020 2021
mrt mrt
apr apr
Figuur 20 Uitstroom uitkeringen levensonderhoud t/m 26 jaar, 2020-juli 2021 Figuur 20 Uitstroom uitkeringen levensonderhoud t/m 26 jaar, 2020-juli 2021
250 200 200 150 150 100 100 50 50 0 0
jan jan
feb feb 2019 2020 2019 2021 2020 2021
mrt mrt
Tussenrapportage
Ondersteunen/ontwikkelen
apr apr
mei mei
jun jun
jul jul
aug aug
sep sep
Figuur 21 Interventieniveaus innovaties Herstelaanpak (%) Figuur 21 Interventieniveaus innovaties Herstelaanpak (%)
Oktober 2021
17
In 2021 is zowel de verhouding mannen/vrouwen (54-46%) als de gemiddelde leeftijd (23 jaar) van de jongeren met een lopende uitkering vergelijkbaar met de aantallen in 2020. Het aandeel alleenstaanden is licht gedaald van 77% in 2020 naar 74% in 2021. Het aandeel jongeren met ontheffing van de arbeidsplicht die een uitkering levensonderhoud ontvangt was na jaren gestage toename gedaald tot 7% in 2020. Inmiddels is dit percentage vanaf januari 2021 (7,6%) weer flink aan het stijgen tot augustus 2021 (9,9%). Aangezien de ontheffing van de arbeidsplicht iets zegt over de mate waarin jongeren belemmerd worden in hun vermogen tot arbeidsdeelname, kan dit betekenen dat momenteel relatief veel kansrijke jongeren uitstromen en dat de jongeren met ernstige belemmeringen in de uitkering blijven. Dit komt overeen met de eerdere constatering dat het aandeel nietzelfredzame jongeren bij het Jongerenloket in 2021 weer stijgt (zie paragraaf 3.4).
3.11 Conclusie ontwikkeling Rotterdamse jongeren De Rotterdamse jongeren hebben tijdens de COVID-19 crisis - en dan met name tijdens de twee lockdowns - een groter beroep gedaan op de Rotterdamse voorzieningen dan in voorgaande jaren. Zij klopten veel vaker (+64%) dan in 2019 aan bij het Jongerenloket, ontvingen twee keer zo vaak een WW-uitkering en vroegen vaker om hulp bij schulden (+65%) aan het KBR. Het is een positieve ontwikkeling dat de aanvragen bij deze voorzieningen tijdens de eerste helft van 2021 weer dalen richting de aantallen van voor de COVID-19 crisis. Er zijn echter ook signalen dat de kwetsbare jongeren langer gebruik blijven maken van de dienstverlening dan de relatief kansrijke jongeren. Tijdens de COVIDcrisis heeft de overheid als een tijdelijk vangnet voor de laatstgenoemde groep gediend, die inmiddels waarschijnlijk weer de weg weet te vinden op de arbeidsmarkt of in het onderwijs. Voor de Herstelaanpak blijft het daarom van belang de meest kwetsbare doelgroep(en) te monitoren en bedienen. Dit gaat om financieel kwetsbare jongeren, die ook problemen op andere leefgebieden ervaren. Het is (positief) opvallend dat het aandeel Rotterdamse jongvolwassenen dat moeite heeft met rondkomen op het laagste niveau zit in de afgelopen twaalf jaar. Mogelijk heeft dit te maken met de
18
Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
(tijdelijke) vergemakkelijking van de toegang tot inkomensvoorzieningen in de Participatiewet. Het is van belang deze trend nauwgezet te blijven volgen nu deze regelingen weer langzaamaan worden afgebouwd. De COVID-19 crisis zorgde niet alleen voor financiële uitdagingen. Ongeveer drie tot vier op de tien Rotterdamse jongeren rapporteren een verslechtering van hun mentale gezondheid door de COVID-19 crisis op het gebied van ervaren angst- en depressieklachten, eenzaamheid, verlies van controle over het eigen leven en stress. Voor ongeveer hetzelfde aandeel jongeren zijn deze klachten tijdens de crisis onveranderd gebleven. Ook is het aandeel jongeren met een hoog risico op een angststoornis of depressie is van 2016 naar 2020 sneller gestegen dan in de jaren daarvoor. Deze zelf gerapporteerde verslechtering bij Rotterdamse jongeren komt overeen met het landelijke beeld dat in recent gepubliceerd onderzoek van het CBS53 wordt geschetst. Het niveau van psychische ongezondheid van Nederlanders ligt in de eerste twee kwartalen van 2021 op het hoogste niveau sinds 2001. Hierbij valt op dat jongvolwassenen, van alle leeftijdsgroepen, het hoogste percentage gevoelens van somberheid, zenuwachtigheid en ‘in de put zitten’ rapporteren.
Naast de (waarschijnlijk) aan COVID-19 gerelateerde toename van mentale gezondheidsklachten, is er over de jaren heen ook een stijgende trend waar te nemen van mentale gezondheidsproblemen bij Rotterdamse jongeren. De urgentie om te blijven inzetten op mentale weerbaarheid, zowel vanuit de Herstelaanpak als vanuit algemeen beleid, is dus onverminderd. Het is volgens verwachting dat de ‘traditioneel’ kwetsbare jongeren, zoals degenen met problematische thuis- of financiële situatie, meer achteruitgang ervaren door de COVID-19 crisis dan de jongeren in een meer kansrijke positie. Aan de andere kant is het opvallend dat de theoretisch opgeleide jongeren meer stress en controleverlies rapporteren dan de praktisch opgeleide jongeren. Dit pleit voor maatwerk binnen de Herstelaanpak. Innovaties die zich specialiseren in de verschillende uitdagingen waar deze groepen tegenaan lopen. Het is zorgelijk, maar waarschijnlijk een direct gevolg van de sociale beperkingen van de COVID-19 crisis, dat de overlast veroorzaakt door de Rotterdamse
Oktober 2021
jeugd fors is toegenomen. Vooral de stijging van het aantal HALT-verwijzingen voor vernieling (+180%) in 2020 is ongekend. Ook in 2021 blijven er tot nu toe meer overlastincidenten plaatsvinden dan in 2019. Het percentage jongeren dat wekelijks sport ligt tijdens de crisis lager dan in eerdere jaren. Waarschijnlijk geldt dit ook voor hun cultuurparticipatie en recreatie. In de tweede helft van 2021 blijft het voor de Herstelaanpak dan ook van belang om jongeren creatieve alternatieven te bieden voor participatie en ontmoeting.
Tot slot, een mooie uitkomst zou zijn dat de Herstelaanpak niet alleen Rotterdamse jongeren weet te bereiken met de innovaties, maar dat zij ook jongeren vragen naar hun ervaringen en behoeften. Een belangrijke ontbrekende indicator in de huidige analyse van de ontwikkeling onder Rotterdamse jongeren is immers de stem van de jongeren zelf. Hoe kijken zij tegen de afgelopen anderhalf jaar aan? Welke kansen en uitdagingen zien zij voor hun eigen ‘herstel’ en toekomst?
16 Op een anonieme manier. 17 CBS, SBB, bewerking afdeling Onderzoek en Business Intelligence (OBI) gemeente Rotterdam. 18 Verwey-Jonker Instituut (2016). De staat van jeugdparticipatie in Nederland. 19 Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en, CBS en RIVM. 20 Gemeente Rotterdam–NOC*NSF–Ipsos (2021). Sportdeelname in tijde van Corona. 21 Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en, CBS en RIVM. 22 Bron: RMW (re-integratie module werk). 23 Percentage niet zelfredzame jongeren (score 1 of 2) per leefgebied van ZRM, gepercenteerd op aantal jongeren waarvan ZRM is ingevuld. 24 Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en, CBS en RIVM. 25 CPB (2021). When financials get tough, life gets rough? Problematic debts and ill health. 26 Geen opleiding t/m Mavo. 27 MBO t/m WO. 28 Bron: Allegro 29 Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en, CBS en RIVM. 30 Herindicaties en mutaties, dus er kunnen dubbelingen inzitten op persoonsniveau. 31 Bron: Gidso 32 Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en, CBS en RIVM. 33 Politiegegevens: JVK en BVH. 34 In de periode 2017 – 2019 was dit gemiddeld 422 per maand. 35 Politiegegevens: JVK en BVH. 36 I&O Research (2020). Gezamenlijk Veiligheidsbeeld regio Rotterdam 2020. 37 I&O Research (2020). Gezamenlijk Veiligheidsbeeld regio Rotterdam 2020. 38 Politiegegevens.
39 https://nos.nl/artikel/2382959-cbs-jeugdcriminaliteit-neemt-af-maar-laatste-jaren-stijging-ernstige-delicten 40 Waarbij ten minste één jongere (16 t/m 27) woonachtig in de gemeente Rotterdam betrokken was. Aan een HIC delict kunnen meerdere verdachten zijn gekoppeld. 41 Politiegegevens: JVK en BVH. 42 I&O Research (2020). Gezamenlijk Veiligheidsbeeld regio Rotterdam 2020. 43 Verdachten die in één jaar meerdere delicten plegen, worden één keer meegeteld in het aantal verdachten per jaar. 44 Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en, CBS en RIVM. 45 Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond. 46 MBO Raad (26-10-2020) https://www.mboraad.nl/nieuws/corona-update-mbo-raad-waar-schuwt-de-scholen-lopen-vast. 47 Minimaal MBO2, Havo-VWO diploma. 48 DUO, bewerking OBI. 49 Inspectie van het onderwijs (2021). De staat van het onderwijs. 50 https://www.onderwijsincijfers.nl/kengetallen/onderwijs-algemeen/leerlingen-en-studenten/prestaties-voortijdig-schoolverlaten/vsvin-de-gemeenten 51 UWV, https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/dashboards/ww 52 Socrates. 53 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2021/35/mentale-gezondheid-in-eerste-helft-2021-op-dieptepunt
Tussenrapportage
Oktober 2021
19
4 De innovaties van de Rotterdamse Herstelaanpak Werkwijze
4.2 Achtergrondkenmerken innovaties
Om zicht te krijgen op de uitvoering en tussentijdse opbrengsten van de Rotterdamse Herstelaanpak hebben de projectleiders van de op dat moment goedgekeurde innovaties in de zomer van 2021 een inventarisatievragenlijst ingevuld. In dit hoofdstuk staat beschreven welke informatie deze inventarisatie heeft opgeleverd.
Tabel 1 toont de belangrijkste activiteiten van de innovaties, verdeeld over de drie pijlers van de Herstelaanpak. De meerderheid van de innovaties zet in op het aanleren van vaardigheden (81%), het vergroten van het sociale netwerk (62%) en hulp en/of ondersteuning bieden (60%).
Het hoofdstuk start met een overzicht van het aantal innovaties en jongeren dat betrokken is bij de Herstelaanpak en geeft de belangrijkste tussentijdse bereikcijfers weer. In paragraaf 4.2 volgt een toelichting op de achtergrondkenmerken van de innovaties. Informatie over de doelgroepen is te vinden in paragraaf 4.3 en het bereik van de innovaties wordt in detail verder besproken in paragraaf 4.4. De verwachte succesfactoren en de mate van methodisch werken staan beschreven in paragraaf 4.5. Het hoofdstuk sluit af met een conclusie. In bijlage 1 is de verdeling van de innovaties over de (sub)pijlers van de Herstelaanpak te vinden.
4.1 Aantal innovaties en jongeren Op 1 augustus 2021 bestond de Herstelaanpak uit 42 innovaties54, waarvan de meerderheid (74%, N=31) op 1 augustus actief is en 18% nog zal starten (N=8). Een klein deel (7%, N=3) is afgerond met een mogelijk uitzicht op vervolg. In totaal waren 28 organisaties bezig (geweest) met een of meerdere innovaties. De meeste van hen voeren één of twee innovaties uit. Vier organisaties zijn verantwoordelijk voor meer dan twee innovaties. WMO Radar (6 innovaties, 14%), Avant Sanare (4 innovaties, 10%), Indigo Rijnmond (3 innovaties, 7%) en de gemeente Rotterdam (3 innovaties, 7%). De contactpersonen van de innovaties zijn gevraagd om het actuele bereik en het verwachte bereik van jongeren door te geven. Op basis van het verwachte bereik schatten we in dat de Herstelaanpak uiteindelijk ten goede kan komen aan minimaal 6000 Rotterdamse jongeren tussen 14 en 27 jaar. Het actuele door de innovaties gerapporteerde bereik op 1 augustus 2021 is 1.370 jongeren. Dit is vermoedelijk fors lager dan het daadwerkelijke bereik, omdat vijf grote innovaties55 nog geen bereikcijfer hebben doorgegeven, of nog niet gestart zijn. In paragraaf 4.3 staat meer informatie over het bereik in relatie tot de innovaties en doelgroepen.
20 Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
Tabel 2 geeft inzicht op welke leefgebieden de innovaties actief zijn en in hoeverre dit verschilt per pijler. Innovaties richten zich bijna allemaal op meerdere leefgebieden tegelijk. De meeste innovaties (81%) zijn (ook) actief op het gebied van werk. Dit geldt zowel binnen pijler 1 (86%) als binnen pijler 3 (100%). Binnen pijler 2 zijn de meeste innovaties actief op het gebied van mentale veerkracht (94%). De leefgebieden waarop de innovaties het minst inzetten zijn middelengebruik (10%), justitie (14%), huisvesting (17%) en huiselijke relaties (17%). De innovaties van de Rotterdamse Herstelaanpak proberen op verschillende manieren jongeren te bereiken. Het grootste deel (88%) doet dit live en actief, bijvoorbeeld door activiteiten te organiseren of coachingstrajecten aan te bieden. Ook werkt de helft van de innovaties (52%) op een digitale, actieve manier met jongeren, bijvoorbeeld door met jongeren te chatten of online panels en/of bijeenkomsten te organiseren. Een aantal innovaties (19%) bereikt jongeren passief digitaal, bijvoorbeeld door online-advertenties. Eenzelfde percentage (19%) probeert jongeren (ook) live passief te bereiken en te betrekken, bijvoorbeeld door (reclame)campagnes in de stad. Jongerenprojecten kunnen ingedeeld worden naar ‘interventieniveau’. Dit betreft een gradatie van betrokkenheid bij de jongeren.
Zo zijn er projecten die vooral (laagdrempelig) observeren en/of ontmoeten, terwijl andere projecten (actief) problemen signaleren en/of jongeren ondersteunen. Figuur 21 geeft een overzicht van de interventieniveaus binnen de innovaties van de Herstelaanpak. De meeste innovaties zijn op meerdere niveaus actief. Het grootste deel van de innovaties (83%) zegt actief jongeren te ondersteunen en te helpen ontwikkelen. Meer dan de helft van de innovaties (60%) zegt actief te zijn op het gebied van het signaleren van problemen en ongeveer de helft zegt jongeren door te verwijzen naar andere instanties (47%) als dit noodzakelijk is.
Oktober 2021
Tabel 1 Type activiteit innovaties naar pijler (%) Type activiteit
Totaal (N) Totaal=42
Pijler 1 (N) Totaal=22
Pijler 2 (N) Totaal=16
Pijler 3 (N) Totaal=4
Sport en spel
19% (8)
27% (6)
6% (1)
25% (1)
Mentoring
38% (16)
50% (11)
31% (5)
0
Betrekken jongeren
50% (21)
68% (15)
31% (5)
25% (1)
Verzamelen informatie/ ophalen ideeën
43% (18)
50% (11)
44% (&)
0
Hulp/ondersteuning bieden
60% (25)
45% (10)
94% (15)
0
Sociaal netwerk vergroten
62% (26)
77% (17)
44% (7)
50% (2)
Vaardigheden aanleren
81% (34)
77% (17)
88% (14)
75% (3)
Tabel 2 Leefgebieden innovaties per pijler (%) Leefgebied
Totaal (N) Totaal=42
Pijler 1 (N) Totaal=22
Pijler 2 (N) Totaal=16
Pijler 3 (N) Totaal=4
Financiën
24% (10)
32% (7)
13% (2)
25% (1)
Werk
81% (34)
86% (19)
69% (11)
100% (4)
Opleiding
45% (19)
59% (13)
31% (15)
25% (1)
Tijdsbesteding
67% (28)
82% (18)
56% (9)
25% (1)
Huisvesting
17% (7)
27% (6)
6% (1)
0
Huiselijke relaties
17% (7)
18% (4)
19% (3)
0
Lichamelijke gezondheid
31% (13)
36% (8)
31% (5)
0
Geestelijke gezondheid
67% (28)
68% (15)
81% (13)
0
Middelengebruik
10% (4)
14% (3)
6% (1)
0
Sociaal netwerk
69% (29)
77% (17)
63% (1)
50% (2)
Maatschappelijke participatie
62% (26)
77% (17)
44% (7)
50% (2)
Justitie
14% (6)
18% (4)
13% (2)
0
Mentale veerkracht
71% (30)
68% (15)
94% (15)
0
Tussenrapportage
Oktober 2021
21
2019 2019
0 0
2020 2020
jan jan
feb feb
mrt mrt
apr apr
mei mei
jul jul
jun jun
aug aug
sep sep
okt okt
nov nov
dec dec
2019 2019 2020 2020 2021 2021
terdamse jongeren erdamse jongeren
2020 2020
Figuur 21 Interventieniveaus innovaties Herstelaanpak Figuur 21 Interventieniveaus innovaties Herstelaanpak (%) (%) Ondersteunen/ontwikkelen Ondersteunen/ontwikkelen Doorverwijzen Doorverwijzen Signaleren Signaleren Informeren Informeren Ontmoeten Ontmoeten Observeren Observeren
0 0
10 10
20 20
30 30
40 40
50 50
60 60
70 70
80 80
90 90
2021 2021 Figuur 22 Frequentie bijhouden bereik (%) Figuur 22 Frequentie bijhouden bereik (%)
s per schooljaar s per schooljaar
Per bijeenkomst Per bijeenkomst Alleen bij afsluiting Alleen bij afsluiting In ieder geval half jaarlijks In ieder geval half jaarlijks In ieder geval maandelijks In ieder geval maandelijks Dagelijks Dagelijks 0 0
10 10
20 20
30 30
40 40
50 50
60 60
2019-2020 2019-2020
verwacht met kwetsbare jongeren te gaan werken en op welk leefgebied deze kwetsbaarheid tot uiting komt. Van het totaal aan innovaties is de meest genoemde kwetsbaarheidsfactor het wonen in een kwetsbare of arme wijk (50%), gevolgd door een problematische gezinssituatie (41%) en een migratieachtergrond (36%).
22
Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
>500 >500
4.4 Registratie van bereik
250-500 250-500
100-250 100-250
50-100 50-100
Er zijn per pijler een aantal verschillen in de verwachte kwetsbaarheidsfactoren. Volgens 68% van de innovaties onder pijler 1 woont de doelgroep in een kwetsbare of arme wijk, maar slechts 9% van Figuur 23verwacht Verwachteen bereik (N) deze innovaties financieel kwetsbare Figuur 23 Verwacht bereik (N) 20 doelgroep aan te trekken. Binnen pijler 2 wordt een 20 problematische gezinssituatie door de innovaties als 15 15 belangrijkste kwetsbaarheidsfactor gezien (56%) en arbeidsmarkttoetreding als minst voorkomend (6%). 10 Bij10 pijler 3 valt op dat de innovaties verwachten dat de meeste 5 kwetsbaarheidsfactoren niet van toepassing zijn,5behalve financiële kwetsbaarheid (25%) en arbeidsmarkttoetreding (50%). 0 0 25-50 25-50
De innovaties van de Herstelaanpak richten zich, twee uitzonderingen56 daargelaten, op Rotterdamse jongeren tussen 12-27 jaar. Een groot deel van de innovaties (43%) begint bij 12 jaar, gevolgd door de innovaties die bij 14 jaar (14%) en 16 jaar starten (14%). Figuur 24 Manier van (methodisch) werken (%) Figuur 24 Manier van (methodisch) werken (%) N-42 N-42 Ongeveer de helft van de innovaties Herstelaanpak (55%) heeft álle Rotterdamse jongeren als doelgroep; al- App al- App 19% richt zich op jongeren met één specifieke hulpvraag istratie stratie en 14% op jongeren met problemen op meerdere istratie stratie levensgebieden. Daarnaast is 26% aan de slag met dossier dossier jongeren in één bepaalde Rotterdamse wijk. In totaal dossier dossier schat de helft (50%) van de innovaties (ook) te (gaan) genlijst enlijst werken met jongeren die wonen in een kwetsbare wijk. genlijst enlijst 0 10 20 30 40 50 60 0 10 Tabel 20 30 aantal 40 50 (per 60 3 toont het innovaties pijler) dat
1010tot tot2525
4.3 Doelgroep innovaties
Alle innovaties binnen de Herstelaanpak houden het aantal bereikte jongeren bij. Figuur 22 toont hoe vaak zij dit doen. Een kleine meerderheid (52%) houdt het bereik in ieder geval maandelijks bij, 21% houdt het dagelijks/ continu bij.
Oktober 2021
100 50 0
2020
2019
jan
feb
mrt
apr
mei
jul
jun
aug
sep
okt
nov
dec
2019 2020 Tabel 3 Verwachte indicatoren 2021 kwetsbaarheid doelgroep per pijler Totaal (N) Pijler 1 (N) Pijler 2 (N) Pijler 3 (N) Figuur 21 Interventieniveaus innovaties Herstelaanpak Totaal=42 Totaal=22 Totaal=16 Totaal=4 (%)
Laag opleidingsniveau 31% (13) Ondersteunen/ontwikkelen
32% (7)
38% (6)
0
Doorverwijzen 36% (15) Signaleren
46% (10)
31% (5)
0
Voortijdig schoolverlater (VSV’er)
Informeren 26% (11)
27% (6)
31% (5)
0
Lichtverstandelijke beperking (LVB)
Observeren 17% (7)
2021
Justitieachtergrond
24% (10) 14% (6)
per schooljaar
Ontvangt uitkering/ financieel kwetsbaar
Migratie-achtergrond
0
14% (3) 20 30
10
80
90
13% (2)
0
0 25% (1)
Per bijeenkomst 22% (5)
38% (6)
0
18% (4)
6% (1)
50% (2)
Problemen met mentale gezondheid
17% (7)
Problematische gezinssituatie
41% (17)
38% (18)
56% (9)
0
Woont in kwetsbare/ arme wijk
50% (21)
68% (15)
38% (6)
0
14% (3) 10 20
30
Tussenrapportage
40
50
60
0
Figuur 23 Verwacht bereik (N) 20 15 10 5 0 250-500
20
60
100-250
nlijst
25% (4) 40 50
50-100
nlijst
30
25-50
0
Figuur 23 toont het totale verwachte bereik van de innovaties. De meeste innovaties (N=11; 26%) Figuur 24 Manier van (methodisch) werken (%) verwachten 50-100 jongeren te bereiken of 100N-42 250 jongeren (N=11; 26%). Zeven innovaties (17%) verwachten meer dan 500 jongeren te bereiken. App Wanneer de ondergrens van het bereik (per categorie) ratie door iedere innovatie wordt bereikt, komt het totale ratie verwachte bereik uit op ongeveer 6.000 Rotterdamse ssier jongeren57. ssier
10
25% (4) 60 70
Figuur 22 Frequentie bijhouden bereik (%) 9% (2) 19% (3)
In ieder geval maandelijks Arbeidsmarkttoetreder 17% (7) Dagelijks
0
50
36% (8)
afsluiting Ontvangt zorg/onder-Alleen bij26% (11) steuning In ieder geval half jaarlijks
2019-2020
40
10 tot 25
2020
Ontmoeten
>500
damse jongeren
Indicator kwetsbaarheid
Oktober 2021
23
Op 1 augustus 2021 is het actuele gerapporteerde bereik binnen de Herstelaanpak 1.377 jongeren. Dat is 23% van het door de innovaties zelf verwachte totale aantal (ongeveer 6.000). Een groot deel van deze discrepantie kan verklaard worden doordat één actieve innovatie in de >500 categorie nog geen bereikcijfer heeft gerapporteerd. Bij twee actieve innovaties in deze categorie staat de teller nog op nul en een van deze innovaties moet nog van start gaan. Wel is er één grote innovatie (>500) die op de valreep rapporteerde via Instagram ongeveer 3.000 jongeren bereikt te hebben. Dit aantal is niet meegeteld in het huidige actuele bereikcijfer omdat het hier om passief digitaal bereik gaat en er niet voldoende tijd was om de exacte impact hiervan op jongeren te achterhalen. Het is positief dat sommige innovaties aan de slag zijn met moderne en in de COVID-19 tijd passende manier van communiceren met jongeren.
4.5 Verwachte succesfactoren en methodisch werken Uit de literatuur over effectieve interventies voor jongeren is een aantal werkzame elementen of succesfactoren af te leiden, zoals een integrale aanpak, professionaliteit in de uitvoering en actief contact zoeken werkt58. Tabel 4 geeft een overzicht van deze succesfactoren en in hoeverre de innovaties hier resultaat van verwachten. De innovaties verwachten vooral succes te hebben met een praktische insteek door jongeren te helpen vaardigheden te verbeteren (79%) en door uit te gaan van de talenten van de jongeren (67%). Figuur 24 geeft een overzicht van op welke manier de innovaties het bereik en de mogelijke ontwikkeling van de jongeren bijhouden. Meer dan zestig procent van de innovaties doet dit aan de hand van al dan niet gestandaardiseerde vragenlijsten (62%). De meesten digitaal (41%) en de rest op papier (21%).
Tabel 4 Verwachte succesfactoren innovaties (N=42) Succesfactor
% verwacht (N)
Outreachend werken
31% (13)
Betrekken jongeren bij bedenken/uitvoeren innovaties
57% (24)
Uitgaan van talenten jongeren
67% (28)
Integrale aanpak
43% (18)
Deskundigheid professionals/ professionaliteit uitvoering
50% (21)
Peer coaching
36% (15)
Verbetering leefsituatie
36% (15)
Verbetering/ betrekken sociaal netwerk
43% (18)
Verbeteren vaardigheden
79% (33)
Verbetering motivatie
62% (26)
24 Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
Oktober 2021
Utrecht
Figuur 20
Pernis Overig
Figuur 24 Manier van (methodisch) werken (%) N-42
15
Digitaal- App
10
Op papier- Persoonlijke administratie Digitaal- Persoonlijke administratie
5
Op papier- Standaard dossier 0
10 tot 25
Digitaal- Standaard dossier Op papier- Vragenlijst Digitaal- Vragenlijst 0
Het meest gebruikte gestandaardiseerde instrument is de Zelfredzaamheidsmatrix (ZRM). Deze wordt door 11 innovaties afgenomen (26%). Ook maakt bijna de helft van de innovaties gebruik van een zelf samengestelde vragenlijst (45%, N=19). Negen innovaties nemen geen vragenlijsten af (21%). Het grootste deel (43%) van de innovaties heeft, tot slot, een methodiek op papier. Voor 36% geldt dat er nog aan een methodiek gewerkt wordt en 21% heeft geen methodiek.
4.6 Conclusie innovaties Rotterdamse Herstelaanpak De 42 innovaties van de Herstelaanpak richten zich op een diverse groep jongeren. Er zijn zowel innovaties die met Rotterdamse jongeren in het algemeen aan de slag gaan, als innovaties die zich richten op een specifieke doelgroep. Zoals jongeren in een bepaalde wijk of jongeren met problemen op meerdere levensgebieden. Op dit moment zit driekwart van de innovaties in de uitvoerende fase. Hierin wordt het bereik van jongeren door de meeste innovaties maandelijks bijgehouden. Op basis van de inschatting van de innovaties zal het actuele bereik (1.377 jongeren) toenemen naar minimaal 6.000 jongeren richting de eindevaluatie in januari 2021. Dit is echter een voorlopige en minimale voorspelling. Op moment van schrijven ontbreekt nog informatie van een aantal grote innovaties (>500 jongeren). Het is positief dat er innovaties zijn die grote aantallen jongeren digitaal lijken te bereiken, bijvoorbeeld via Instagram. In de eindevaluatie worden de noodzaak, de impact en de randvoorwaarden van het communiceren met jongeren via social media nader onderzocht. Het valt op dat veel innovaties breed inzetten op verschillende doelgroepen, leefgebieden en te bereiken doelen. Ook zijn doelen en verwachte uitkomsten vaak nog weinig specifiek beschreven. Dit maakt het vooralsnog lastig om richting de eindevaluatie
Tussenrapportage
10
20
30
40
50
60
specifieke impact en output te voorspellen. Het is positief dat een kleine meerderheid van de innovaties aangeeft in zekere mate methodisch te werken, bijvoorbeeld door het gebruik van (gestandaardiseerde) vragenlijsten. Dit biedt mogelijkheden om in ieder geval voor een deel van de jongeren zicht te krijgen op hun ontwikkeling als gevolg van de Herstelaanpak. De mate waarin het innovaties daadwerkelijk lukt om hun doelen te expliciteren en (mogelijk) te bereiken is daarnaast ook onderwerp van de eindevaluatie. Uit de kwantitatieve analyse blijkt daarnaast dat de huidige innovaties van de Herstelaanpak zich relatief weinig bezighouden met het leefgebied huisvesting (17%) en dat dit bij deze innovaties slechts een (klein) onderdeel is binnen de inzet op verschillende leefgebieden. Relatief weinig innovaties (17%) geven aan (deels) jongeren met een licht verstandelijke beperking (LVB) in hun doelgroep te verwachten en er is geen enkele innovatie specifiek gericht op LVB. Voor de subsidieaanvragen die vanaf september ’21 nog binnenkomen bij de Herstelaanpak lijkt het daarom van belang om ook te letten op 1. Het bereiken en bedienen van de LVB-doelgroep. 2. jongeren die een begeleide of zelfstandige woonsituatie nodig hebben. De eerste kwalitatieve bevindingen onderstrepen dat dit twee kwetsbare groepen zijn die momenteel weinig aandacht krijgen (zie Hoofdstuk 5).
54 In juli 2021 zijn nog 6 innovaties goedgekeurd die om verschillende redenen niet meegenomen konden worden in de inventarisatie voor de tussenevaluatie. Over deze en vanaf 1 augustus 2021 goedgekeurde innovaties wordt in de eindevaluatie gerapporteerd. 55 >500 jongeren. 56 Er zijn twee innovaties die zich (ook) richten op de leeftijdsgroep <12 jaar. 57 Wanneer de met de bovengrens (per categorie) wordt gerekend, komt het totale bereik uit op ongeveer 11.000 jongeren. NB: voor de categorie >500 is 750 als bovengrens gebruikt. 58 Zie voor een overzicht: Programmatische jongerenaanpak COVID-19. Quickscan ter onderbouwing van de Rotterdamse Herstelaanpak (2021).
Oktober 2021
25
5 Veldonderzoek bij kansrijke innovaties Werkwijze
5.1 Jongerenhub Zone-Z
In mei 2021 zijn zes kansrijke innovaties uit de Herstelaanpak geselecteerd59 voor de eerste fase (juniaug ’21) van het kwalitatieve veldonderzoek. Doel van deze eerste fase was om de innovaties beter te leren kennen en een indruk te vormen van de mogelijkheden voor verdiepend onderzoek in fase 2 (sept-dec ’21).
Achtergrond In september 2020 is Theater Zuidplein verhuist naar een nieuw en groter gebouw waarbij ook ruimte is gemaakt voor een overdag altijd geopende ‘huiskamer’ met een laagdrempelige programmering voor alle Rotterdammers. Deze zogenoemde ‘Zone-Z’ beoogt een plek te zijn waarin sociaal maatschappelijke doelen en artistieke interactie hand in hand gaan en waar het eigenaarschap van de organisatie gedeeld wordt met de wijk. De gemeente Rotterdam ziet dit als een uitgelezen kans om zich verder in de ‘haarvaten van Zuid’ te nestelen en jongeren uit dit gebied te betrekken bij het organiseren van (laagdrempelige) hulpverlening.
De belangrijkste selectiecriteria voor de kansrijke innovaties in fase 1 waren: • geen eenmalige projecten • intensieve begeleiding jongeren • mogelijkheid tot meelopen op locatie of interviewen betrokkenen • enige verdeling tussen de drie pijlers en diversiteit doelgroep • enige verdeling methode van werken (individueel vs. groepsgericht) Voor pijler 1 (bereiken en betrekken van jongeren) zijn ‘Jongerenhub Zone Z’ van de gemeente Rotterdam en ‘Pedagoog op de Club’ van Rotterdam Sportsupport geselecteerd. Voor pijler 2 (basis op orde) zijn ‘Zelfmelders’ van de Rotterdamse Douwers en ‘The Room’ van Huis van Asporaat geselecteerd. Voor pijler 3 (perspectief op onderwijs en werk) zijn ‘Jong en Sterk!’ van Leerwerkloket Rijnmond60 en ‘Alternatieve Jongerenbijdrageregeling’ van Thuis op Straat (TOS) geselecteerd. Vanaf juni 2021 keek een van de onderzoekers bij een aantal van deze innovaties mee op locatie, kreeg inzage in dossiers en sprak met betrokken stafleden en medewerkers. Bij één innovatie is ook gesproken met samenwerkingspartners in de wijk. In de paragrafen hieronder wordt de achtergrond van de innovaties kort besproken en worden de eerste bevindingen van de onderzoeker toegelicht. Daarna wordt geconcludeerd welke innovaties geschikt zijn voor het verdiepend veldonderzoek in fase twee.
Doel van deze tweede fase is om de succes- en risicofactoren van de hiervoor uitgekozen innovaties in kaart te brengen en te onderzoeken wat de randvoorwaarden zijn voor doorontwikkeling en mogelijk inbedding in bestaand beleid. Hierbij staat de basismethodiek van de organisaties niet ter discussie. Het gaat enkel om de potentiële toegevoegde waarde van de innovatie voor de toekomst.
26
Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
De Herstelaanpak financiert vanaf september 2021 de gemeentelijke innovatie ‘Jongerenhub Zone-Z’; een ontmoetingsplek binnen Zone Z voor jongeren en hulpverleners. De innovatie is erop gericht om jongeren vanaf het begin te betrekken bij de programmering van de hub en samen met hen mogelijke hulpverlening te organiseren. Daarnaast wordt vanuit de Jongerenhub geëxperimenteerd met de decentralisering van de dienstverlening van het Jongerenloket. Jongeren kunnen zich bij de hub direct aanmelden voor een traject en hoeven niet eerst naar de centrale locatie van het Jongerenloket te reizen. Eerste kwalitatieve bevindingen Aangezien er specifiek voor gekozen is om de Jongerenhub samen met jongeren en partners uit de stad te ontwikkelen en te programmeren biedt deze innovatie een mooie kans om randvoorwaarden voor jongerenbetrokkenheid in kaart te brengen. Echter, omdat de Jongerenhub Zone-Z pas vanaf september 2021 in gebruik genomen wordt en noodzakelijkerwijs een opstartfase zal kennen, is momenteel nog niet met zekerheid te zeggen of deze innovatie (op tijd) onderzocht kan worden binnen de evaluatie Herstelaanpak. De onderzoekers bekijken in oktober 2021 de voortgang op locatie en adviseren daarna over de vorm waarin deze innovatie (mogelijk) kan worden geëvalueerd.
Oktober 2021
5.2 Pedagoog op de Club
5.3 Zelfmelders
Achtergrond Vanaf 2020 worden bij Pedagoog op de Club sportprofessionals61 van zes sportverenigingen op Rotterdam-Zuid door o.a. (sport)pedagogen opgeleid en intensief begeleid om individuele jongeren (6-18 jaar) en hun gezinnen te ondersteunen en waar nodig door te verwijzen bij opvoed- en opgroeiproblemen. Hierbij is veel ruimte voor de behoeften van jongeren zelf en hun eigen verantwoordelijkheid.
Achtergrond Sinds 2016 begeleiden (inmiddels 320) Rotterdamse Douwers (inmiddels 22062) risicojongeren (16-27 jaar) via mentoring in een een-op-een-situatie. Het doel van dit mentortraject is dat jongeren met behulp van een persoonlijke mentor (Douwer) ‘klimmen’ op de verschillende leefgebieden63 van de Zelfredzaamheidsmatrix (ZRM). De jongeren die in aanmerking komen voor een traject worden geselecteerd en aangemeld door het Jongerenloket.
De Herstelaanpak financiert tussen juli 2021 en mei 2022 de basisaanpak van Pedagoog op de Club en een outreachende plusaanpak (innovatie) voor het signaleren van problemen zoals eenzaamheid, niet gemotiveerd zijn voor school en huiswerk, baanverlies en geldzorgen bij een oudere doelgroep (16-27 jaar). Hulpvragen worden doorgezet aan welzijnsorganisaties en wijkpartners. De innovatie is erop gericht om (vooral) moeilijk bereikbare jongeren te bereiken. Eerste kwalitatieve bevindingen Pedagoog op de Club heeft in 2020 een goede start gemaakt met de deskundigheidsbevordering van sportprofessionals. Er zijn 108 sportprofessionals opgeleid en er werden 89 concrete hulpvragen van jongeren op het gebied van (o.a.) armoede, mogelijke verwaarlozing en gedragsproblemen gesignaleerd. Men verwacht deze basisaanpak voort te zetten in 2021 en daarnaast ook minimaal 10 hulpvragen te signaleren bij een oudere doelgroep (18-27 jaar). Voor dit project geldt dat het een waardevolle (laagdrempelige) toevoeging aan de signaleringsfunctie van het CJG kan zijn, waarbij mogelijk moeilijk bereikbare jongeren in zicht komen. Om hier meer duidelijkheid over te krijgen zou dit project gedurende een lange(re) periode onderzocht moeten worden.
Dat biedt ook mogelijkheden om de - nog op gang komende - samenwerking met het wijknetwerk te evalueren en om vast te stellen of de plusaanpak (innovatie) daadwerkelijk een oudere en/of andere doelgroep weet te bereiken. Advies van de onderzoekers is om eerst de basisaanpak van Pedagoog op de Club te evalueren en daarna te besluiten over de eventuele toegevoegde waarde van de plusaanpak. Dergelijk onderzoek valt (momenteel) buiten het bereik van de evaluatie Herstelaanpak.
Tussenrapportage
De Herstelaanpak financiert tussen april 2021 en maart 2022 de innovatie ‘zelfmelders’ van de Rotterdamse Douwers. Dit gaat om het opstarten van 100 nieuwe trajecten met jongeren die, buiten het Jongerenloket om, zelf om hulp vragen. De innovatie is erop gericht om deze jongeren op een laagdrempelige manier te bereiken en op deze manier mogelijk een bredere groep jongeren te laten meedoen. Na de intake bij de Rotterdamse Douwers krijgen de zelfmelders hetzelfde traject als de jongeren die regulier via het Jongerenloket zijn binnengekomen. Een belangrijke onderzoeksvraag die hieruit voortkomt is of de mogelijkheid van het ‘zelf aanmelden’ andere jongeren en/of andere vraagstukken in beeld brengt. Eerste kwalitatieve bevindingen De Rotterdamse Douwers (RD) is een goed georganiseerde mentororganisatie die inmiddels stevig ingebed is in het Rotterdamse voorzieningenlandschap. In 2020 werd een kwalitatief evaluatieonderzoek64 uitgevoerd onder een kleine groep respondenten. Hieruit bleek dat jongeren zelf vonden dat ze iets minder emotionele problemen ervoeren tijdens hun mentortraject. Daarnaast leken de jongeren gedurende de mentoring meer zelfredzaam te worden op het gebied van financiën. Op andere levensgebieden, zoals gedragsproblemen en sociale vaardigheden benoemden zij (nog) geen veranderingen.
Een subdoel van de huidige innovatie is om via een app de ontwikkeling van de jongeren op verschillende (ZRM) levensdomeinen bij te houden. Wanneer dit eenmaal loopt, volgt kwantitatief vervolgonderzoek naar de ontwikkeling van de jongeren op alle levensdomeinen. In het kader van de tussenevaluatie werden op verschillende momenten interviews gehouden met verschillende stafleden. Zij benoemen de volgende succesfactoren van RD. De open en snelle intake (‘iedere jongere is welkom en krijgt direct een gesprek’), de
Oktober 2021
27
snelle matching (‘nieuwe jongeren hebben binnen twee weken een mentor’), de persoonlijke band met de mentor (‘openheid van beide kanten’) en de oprechte betrokkenheid bij de jongeren. Een staflid vat samen:
‘Bij Rotterdamse Douwers gebeurt veel spontaan en vanuit het hart. Dat is een succesfactor.’
Uit de eerste gesprekken maken de onderzoekers op dat de organisatie zich sterk maakt om het bereik richting 2022 vergroten. Er is momentum om te groeien nu er meer Douwers dan jongeren zijn. Juist vanuit de innovatie ‘zelfmelders’ is er mogelijk potentie om meer jongeren en andere doelgroepen te bereiken. In de interviews genoemde randvoorwaarden voor deze groei zijn voldoende mensen op kantoor om de jongeren direct te kunnen ontvangen, versterken van de communicatie richting potentiele doelgroepen jongeren (o.a. via social media) en voldoende expertise om specifieke doelgroepen, zoals jongeren met een licht verstandelijke beperking (LVB) te kunnen ondersteunen. Voor de eindevaluatie worden bovengenoemde randvoorwaarden verder uitgewerkt en succes- en risicofactoren van de innovatie ‘zelfmelders’ in kaart gebracht. De verwachting van de RD-staf op basis van de ervaringen met de eerste 70 zelfmelders van 2021 is dat deze groep niet veel afwijkt van de reguliere groep. Echter, uit eerder onderzoek bij een Rotterdamse multimodale dagbehandeling bleek dat zelfmelders juist wel verschilden van jongeren die door het Jongerenloket werden aangemeld. De zelfmelders hadden aanvankelijk minder problemen en meer kans op succesvolle uitstroom naar school en/of werk65.
Om duidelijk te krijgen hoe dit bij RD zit, zal een van de onderzoekers voor de evaluatie Herstelaanpak in nauwe samenwerking met een RD-consultant in sept- nov ’21 verdiepend kwalitatief onderzoek66 uitvoeren naar de kenmerken van de zelfmelders en naar de verschillen met jongeren die via het Jongerenloket worden aangemeld.
28 Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
5.4 The Room Achtergrond Het Huis van Asporaat is een producent van aansprekende online formats, televisieprogramma’s, theaterconcepten en management van artiesten. Er wordt gewerkt met bekenden uit de Nederlandse entertainmentsector zoals Jandino Asporaat, Anuar en Shirma Rouge. De Herstelaanpak financierde tussen januari en mei ’21 de innovatie The Room. Het is een serie van drie interactieve sessies waarbij (kwetsbare) jongeren in gesprek gaan met elkaar en met bekende rolmodellen uit de entertainment sector. De sessies vonden plaats bij meerdere Rotterdamse welzijnsorganisaties. Jongerenwerkers van de verschillende locaties werven deelnemers en zijn aanwezig bij de sessies. De gemeente is op dit moment in overleg met de projectontwikkelaars van The Room over de voorwaarden van een mogelijke doorstart vanaf september ’21. In The Room worden actuele thema’s besproken, zoals de impact van COVID-19, agressie, dagbesteding en toekomst. Het doel is dat jongeren zich meer mentaal weerbaar voelen doordat ze hun kansen, keuzes en doelen op een rij krijgen. Jongeren worden gestimuleerd om voor zichzelf korte en lange termijndoelen op te stellen. Onderdeel van de opzet is dat jongeren, na deelname aan de sessies, begeleiding kunnen krijgen van jongerenwerkers. Eerste kwalitatieve bevindingen Momenteel is er nog weinig (schriftelijke) documentatie beschikbaar over de The Room.
Na een eerste verkennend gesprek met de projectleider blijkt dat er mogelijk verbeterpunten zitten in de vervolgbegeleiding bij en de samenwerking met het jongerenwerk. Ook zijn producenten van The Room momenteel bezig met een documentaire over de sessies. Deze documentaire biedt de onderzoekers waarschijnlijk aanknopingspunten voor de eindevaluatie. Daarnaast biedt de observatie van de mogelijke doorstart van de innovatie vanaf september ’21 waarschijnlijk mogelijkheden om de succes- en risicofactoren in kaart te brengen. Tot slot staan er interviews gepland met betrokkenen. De evaluatie zal zich voornamelijk richten op de ervaringen van jongerenwerkers en jongeren zelf met de innovatie en op mogelijke knelpunten in het (lange termijn) monitortraject en ketensamenwerking.
Oktober 2021
5.5 Jong en Sterk! Achtergrond Vanuit de Rotterdamse aanpak Jeugdwerkgelegenheid (JWG) wordt breed ingezet op loopbaanoriëntatie en het leren netwerken. Het onder JWG vallende Leerwerkloket Rijnmond informeert jongeren (18-27 jaar) met onlineen offlinedienstverlening over hun mogelijkheden, kansen, talenten en competenties op de arbeidsmarkt. De Herstelaanpak financiert tussen april ’21 en september ’21 de innovatie Jong en Sterk!. Dit is een unieke samenwerking tussen meer dan 25 jongerenorganisaties en -initiatieven in RotterdamRijnmond, waarbij de organisaties hun krachten bundelen om de jongeren te allen tijde centraal te stellen. Vanuit deze community wordt een zogeheten ‘Ontwikkelbus’ ingezet om bij minimaal 250 jongeren hun loopbaan- of ontwikkelvraag in beeld te brengen en om via het netwerk minimaal 25 jongeren te begeleiden naar opleiding of werk. Eerste kwalitatieve bevindingen Met de ambtelijk betrokkenen bij de Rotterdamse aanpak (JWG) en de externe projectleider wordt op korte termijn besproken of en hoe deze innovatie (ook) in het kader van de Herstelaanpak geëvalueerd kan worden. De onderzoekers hebben hier op dit moment nog onvoldoende informatie over.
5.6 Alternatieve Jongerenbijdrageregeling Achtergrond Stichting Thuis Op Straat (TOS) is een al lang bestaande en erkend effectieve interventie voor kinderen en jongeren (4-20 jaar). TOS streeft ernaar om straten en buurten terug te geven aan bewoners en buurtomstandigheden te verbeteren die de ontwikkeling van jongeren positief beïnvloeden. Uit een effectstudie van ZonMw blijkt dat TOS positieve effecten heeft op het speelklimaat en op de emotionele en sociale ontwikkeling van kinderen, mits de interventie voldoende intensief wordt uitgevoerd67. ZonMw is de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie. Een van de activiteiten van TOS is de uitvoering van de Jongeren Bijdrage Regeling (JBR). Jongeren tussen de 12 en 27 jaar die wonen, werken of studeren in Rotterdam kunnen bij TOS een plan voor een project of evenement indienen. Als de aanvraag voldoet aan de beoordelingscriteria kunnen jongeren via de JBR een financiële bijdrage ontvangen van maximaal 2.000 euro voor de uitvoering van hun plan. Doel is het bevorderen
Tussenrapportage
van jongerenparticipatie door jongeren zelf een kans te geven hun ideeën uit te voeren, via een financiële bijdrage, feedback en begeleiding. TOS is verantwoordelijk voor het beheren van het JBR-budget en het inventariseren, beoordelen en mede vormgeven van ingediende plannen van jongeren. Voor de beoordeling van en feedback op de plannen wordt jaarlijks een jongerenjury samengesteld. Vanwege COVID-19 verwachtte TOS in 2020 een onderbesteding van 70% van het budget, waarop een alternatief plan is opgesteld. De gemeente is akkoord gegaan met het plan om het niet-toegekende budget te besteden aan vouchers voor bijzondere initiatieven en projecten (o.a. Young 010, Jongerentop). Tijdens de Jongerentop in december 2020 zijn de vouchers door een onafhankelijke jury toegekend aan Rotterdamse jongeren. Zij hebben hun initiatief (waarschijnlijk) begin 2021 uitgevoerd. TOS heeft geen rol bij de toekenning en uitvoering van dit onderdeel. TOS is in 2020 en 2021 verantwoordelijk gebleven voor de basisopdracht van de JBR-aanvragen. Omdat hiermee al enige jaren ervaring is opgebouwd, is dit juist reguliere onderdeel van de JBR opgenomen in de evaluatie om de randvoorwaarden voor succes te onderzoeken. Eerste kwalitatieve bevindingen Een staflid van TOS licht toe dat de organisatie al ruime ervaring heeft met jeugdparticipatie in verschillende doelgroepen.
‘Wanneer jongeren zelf ideeën bedenken en uitvoeren wordt het echt van hen.’
In 2020 werden 46 JBR aanvragen ingediend door Rotterdamse jongeren tussen 18 en 27 jaar. Een jury van acht jongeren uit verschillende wijken toetste of de aanvragen voldeden aan de voorwaarden. Uiteindelijk zijn 25 van de 46 aanvragen, onder begeleiding van een TOS medewerker, gehonoreerd. Een scan van de jongeren die in 2020 een toekenning kregen, laat zien dat de overgrote meerderheid mbo- of hbo-student is. Een zeer enkele keer komt een vo-leerling of wo-student met een aanvraag. De jongeren uit Delfshaven en Kralingen-Crooswijk hebben in verhouding de meeste toekenningen op hun naam (resp. 7 en 5).
Oktober 2021
29
In het kader van de tussenevaluatie sprak een onderzoeker met meerdere betrokkenen vanuit jeugden jongerenwerk. Zij hebben unaniem de ervaring dat hbo-en wo-opgeleiden zelfstandig een plan opstellen. De vo-leerlingen en mbo-studenten hebben juist vaak begeleiding van jongerenwerkers nodig bij het bedenken, opstellen en uitvoeren van een plan. Een opvallend beeld dat de jongerenwerkers schetsten is dat in 2021 de jongeren tot 18 jaar op straat meer in aanraking kwamen met jongvolwassenen (18 tot 27 jaar), die voor de crisis de horeca gebruikte als ontmoetingsplek. Uit interviews met enkele jongerenwerkers ontstaat het beeld dat de (in paragraaf 3.8 beschreven) overlast hierdoor is verergerd. Omdat er vanwege de COVID-restricties geen groepsactiviteiten ‘binnen’ konden plaatsvinden, konden de jongerenwerkers de jongeren en jongvolwassenen moeilijker scheiden. In 2021 zijn er 33 aanvragen voor de JBR gedaan, waarvan er tot nu toe 24 zijn goedgekeurd. Dit is minder dan verwacht. Genoemde redenen zijn opnieuw de COVID-restricties die de organisatie van groepsactiviteiten bemoeilijken en ‘concurrentie’ van de SummerGames en WinterGames. Een derde mogelijke verklaring voor het ‘ondergebruik’ van de JBR is de samenwerking tussen het jongerenwerk en de welzijnsorganisaties.
Sommige jongerenwerkers geven aan eerder gebruik te maken van de bewonersinitiatieven vanwege de korte lijnen die er zijn met gebiedsmakelaren. Andere jongerenwerkers signaleren dat de JBR nog onvoldoende bekend is onder collega’s en jongeren. De samenwerking met het jongerenwerk en de naamsbekendheid van de JBR zijn belangrijke thema’s voor de eindevaluatie.
5.7 Overkoepelende bevindingen veldonderzoek Ketenaanpak In de projectplannen van meerdere innovaties worden welzijnsorganisaties en specifiek het jongerenwerk genoemd als belangrijke samenwerkingspartners. Deze samenwerking bestaat vaak uit de werving van jongeren voor deelname aan de innovatie en/of de begeleiding van jongeren na afsluiting van de innovatie. Het is dus te verwachten dat het succes van de innovaties mede afhankelijk is van afspraken met het jongerenwerk over uren, einddoelen en verantwoording. Ook voorlichting over de innovaties aan het jongerenwerk én aan de jongeren zelf is vermoedelijk een randvoorwaarde voor succes.
30 Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
Communicatie Op basis van de eerste interviews kan geconcludeerd worden dat er voor de meeste innovaties nog winst te behalen valt op het terrein van communicatie. De geïnterviewde jongerenwerkers wisten vooral veel over de eigen basisaanpak, maar waren minder goed op de hoogte van de andere innovaties van de Herstelaanpak en het aanbod van andere organisaties. Ook de geïnterviewde jongeren bleken niet allemaal goed geïnformeerd over de mogelijkheden van de innovaties. Kwetsbare groepen Uit de eerste interviews blijkt ook dat verschillende innovaties er tegenaanlopen dat ze LVB-jongeren niet kunnen bedienen, terwijl zij hen wel als een potentiele doelgroep beschouwen. Deze jongeren hebben bij uitstek langdurige en intensieve begeleiding nodig. Echter, binnen de huidige opzet van de betreffende innovaties ontbreekt het daarvoor aan tijd en soms ook aan deskundigheid. Uit interviews met stafleden van de Rotterdamse Douwers komt naar voren dat het aantal jongeren dat zich meldt vanwege woningnood is gestegen. Voor een deel zijn dit alleenstaande nieuwkomers uit de Antillen.
5.8 Conclusie veldonderzoek bij kansrijke innovaties Op basis van de bevindingen in de eerste fase van het kwalitatieve evaluatieonderzoek is besloten dat in ieder geval bij de volgende drie innovaties verdiepend veldonderzoek (fase 2) zal worden uitgevoerd: 1. zelfmelders 2. The Room 3. Jongerenbijdrageregeling (JBR). Voor Jongerenhub Zone-Z en Jong en Sterk! wordt op korte termijn besloten over mogelijke voortgang van het evaluatieonderzoek. Pedagoog op de Club vraagt om een uitgebreider onderzoek dan mogelijk is binnen de huidige evaluatie en wordt daarom (nu) niet verder onderzocht. Voor de organisaties die vanaf september ’21 een subsidieaanvraag indienen bij de Herstelaanpak lijkt het van belang om in ieder geval te selecteren op het bereiken en bedienen van de LVB-doelgroep en jongeren die te maken krijgen met woningnood. Voor veel van de in de eerste fase geselecteerde innovaties geldt dat de ‘vernieuwing’ vaak een (nu officiële) uitbreiding is van een werkwijze waar voorheen al (onofficieel) mee geëxperimenteerd werd.
Oktober 2021
Hierbij valt op dat de innovatie Zelfmelders bij de Rotterdamse Douwers momenteel het meest ingebed is in de organisatie en goed loopt. Naar verwachting zal de evaluatie van succes- en risicofactoren en randvoorwaarden voor mogelijke doorontwikkeling hier veel opleveren. Voor alle innovaties geldt dat het raadzaam lijkt om in het vervolg van de Herstelaanpak (meer) te investeren in communicatie die aansluit bij jongeren en hun netwerk. Voor de Jeugdbijdrageregeling, The Room en Jong en Sterk geldt daarnaast dat zij (sterk) afhankelijk zijn van de betrokkenheid en inzet van het jongerenwerk. Een belangrijke onderzoeksvraag binnen de tweede fase van het veldonderzoek is dan ook of aan de randvoorwaarden voor de ketenstructuur van het jongerenwerk wordt voldaan. En, mocht dat niet het geval zijn, om een idee te krijgen van hoe we als gemeente kunnen zorgen voor betere verbindingen.
59 Door het projectteam evaluatie Herstelaanpak en betrokken onderzoekers. 60 Onderdeel van de Rotterdamse aanpak Jeugdwerkgelegenheid (JWG). 61 Jeugdtrainers, coördinatoren en vertrouwenspersonen. 62 Projectplan Rotterdamse Douwers 2021: aanmeldingen bijgewerkt tot 01 oktober 2020. 63 Te weten: financiën, huisvesting, fysieke gezondheid, geestelijke gezondheid, verslavingsproblematiek, sociaal netwerk, sociale en maatschappelijke participatie en justitie. 64 IVO (2020). Evaluatie mentoring Rotterdamse Douwers. 65 Academische Werkplaats bij De Nieuwe Kans, De Nieuwe Kans en VUmc (2019). Gast! 66 D.m.v. dossieronderzoek en 16 kwalitatieve interviews. 67 Nederlands Jeugdinstituut (2017). Erkenning interventie Thuis Op Straat (TOS).
Tussenrapportage
Oktober 2021
31
Bijlage 1 Verdeling van innovaties over (sub)pijlers Figuur 25 Aandeel innovaties per pijler (N=42)
Pijler 1- Bereiken & betrekken Pijler 2- Basis op orde Pijler 3- Perspectief onderwijs & werk
De Herstelaanpak is gebaseerd op drie pijlers (doelen), die verdeeld zijn over 6 subpijlers (aanpak of doelgroep). In deze bijlage is de verdeling over de pijlers en subpijlers weergegeven. Figuur 25 toont de verdeling van de innovaties over de pijlers van de Herstelaanpak.
De drie pijlers van de Herstelaanpak zijn op basis van doelgroep en aanpak van iedere innovatie verdeeld over zes subpijlers. Tabel 5 toont de verdeling over de (sub) pijlers.
Tabel 5 Aantal innovaties per (sub)pijler (N=42)) Pijler Herstelaanpak
Subpijler
1. Bereiken en betrekken jongeren
% binnen pijler
22 (52%)
1a. Betrekken jongeren
6 (14%)
27%
1b. Moeilijk bereikbare jongeren
16 (38%)
73%
2. Basis op orde
16 (38%) 2a. Mentale weerbaarheid
15 (36%)
94%
2b. Toeleiding trajecten
1 (2%)
6%
3. Perspectief op onderwijs en werk
32
Aantal innovaties (% van totaal)
4 (10%)
3a. Aanpak JWG
2 (5%)
50%
3b. Onderwijs en werk algemeen
2 (5%)
50%
Evaluatie Rotterdamse Herstelaanpak jongeren
Oktober 2021
Innovaties die onder pijler 1 ‘Bereiken en betrekken van jongeren’ vallen, zijn het vaakst gericht op het aanleren van vaardigheden (77%) en het sociaal netwerk vergroten (77%). Daarnaast is 68% gericht op het betrekken van jongeren. Onder deze pijler vallen verschillende innovaties die een groot aantal jongeren beogen te bereiken, zoals verschillende ‘jongerenhubs’, het ‘jongerenpanel’, een ideeënwedstrijd en een spokenword muziekalbum. Ook stelt Netwerk Nieuw Rotterdam zich ten doel veel eenzame jongeren te bereiken en Rotterdam Sportsupport om vroegtijdig problemen te signaleren bij sportende jeugd. Innovaties die onder pijler 2 ‘Basis op orde’ vallen op een na onder de subpijler 2a ‘mentale weerbaarheid’ en zijn voornamelijk gericht op hulp en/of ondersteuning bieden (94%), gevolgd door het aanleren van vaardigheden (88%). De helft van de innovaties binnen deze pijler zijn van Indigo Preventie (N=3) en Avant Sanare (N=4); dit zijn al bestaande en erkende jongereninterventies op het gebied van het verbeteren van mentale gezondheid. De enige innovatie onder pijler 2b ‘Toeleiding naar trajecten’ is Zelfmelders van de Rotterdamse Douwers. Deze innovatie wordt verder toegelicht in paragraaf 5.3. Innovaties die onder pijler 3 ‘Perspectief op onderwijs en werk’ zijn vooral gericht op het aanleren van vaardigheden (75%).
Deze innovaties zijn voor de helft (N=2) van de Rotterdamse aanpak Jeugdwerkgelegenheid (JWG) en voor de helft (N=2) van Thuis op Straat (TOS). Hierbij valt op dat beide aanpakken zich vooral richten op werk en niet op onderwijsgebied. Bijvoorbeeld door het inzetten op loopbaanoriëntatiebegeleiding (JWG) en bijbanen (TOS). De innovatie ‘jongerenbijdrageregeling’ van TOS wordt in hoofdstuk 5.6 besproken.
Tussenrapportage
Wanneer we verder inzoomen valt op dat 52% van innovaties valt onder pijler 1 ‘bereiken en betrekken van jongeren’ en dan vooral onder de subpijler ‘moeilijk bereikbare jongeren’ (38%). Voor de eindevaluatie is het van belang om te onderzoeken in hoeverre deze innovaties daadwerkelijk de moeilijk bereikbare doelgroep in het vizier krijgen. Ook onder pijler 2 ‘basis op orde’ valt een substantieel aandeel innovaties (38% van het totaal) en dan vooral onder de subpijler ‘mentale weerbaarheid’ (36% van het totaal). Het gaat hier overwegend om extra ingekochte erkende jongereninterventies, die zich richten op het verbeteren van de mentale gezondheid. Gezien de toename van de mentale gezondheidsproblemen bij Rotterdamse jongeren tijdens de COVID-19 periode, is de verwachting van de innovaties dat deze extra plekken zonder moeite gevuld worden. Voor de subpijler ‘Toeleiding naar trajecten’ is een innovatie actief. Deze ‘Zelfmelders’ van de Rotterdamse Douwers wordt meegenomen in het verdiepend veldonderzoek. Een tweede innovatie, gericht op toeleiding naar trajecten, is de innovatie Jong en Sterk, die wordt uitgevoerd door het Leerwerkloket en aansluit bij de Rotterdamse aanpak JWG. Deze innovatie valt onder pijler 3 en wordt eveneens meegenomen in verdiepend onderzoek (zie paragraaf 5.5).
Oktober 2021
33
Colofon. Jaar van uitgave 2021 Tekst Floor Bevaart en Eva Klooster van Klooster Onderzoek en Advies in opdracht van gemeente Rotterdam, Cluster Maatschappelijke Ontwikkeling, afdeling Jeugd Vormgeving Tappan Fotografie Rhalda Jansen Fotografie
www.rotterdam.nl