20bb18517 Bijlage behorende bij 20bb18516 - beheerverslag deelnemingen 2018 - 2019
Tekst van het document
Beheerverslag deelnemingen
2018 - 2019
Inhoud
1. Inleiding 2. Algemene ontwikkelingen in de verslagperiode 2.1 Ontwikkelingen in de deelnemingenportefeuille 2.2 Beschrijving portefeuille 2.3 Aandeelhoudersbelang 2.4 Betekenis voor de stad: het publiek belang 2.5 Opvallende dossiers 3. Uitoefening van aandeelhoudersbevoegdheden 3.1 Strategie en investeringsbesluiten 3.2 Benoemingen en beloningen en diversiteit 3.3 Social return on investment en maatschappelijk verantwoord ondernemen 3.4 Synergie 4 Ontwikkelopgaven in verband met het beheer van deelnemingen 4.1 Algemeen 4.2 Accountmanagement, risicomanagement en interne organisatie 4.3 Evaluatie van deelnemingen 5. Financieel beeld van de portefeuille 5.1 Boekaarde 5.2 Solvabiliteit 5.3 Nettoresultaat
2
Bijlage A: Deelnemingen in beeld 1.
BNG Bank nv
2.
Eneco Groep nv
3.
Gemeenschappelijk Bezit Evides B.V. & Evides Waterbedrijf nv
4.
Glazen Maas Infrastructuur B.V. & Glazen Maas Exploitatie bv
5.
Havenbedrijf Rotterdam nv
6.
MultiDiensten Rotterdam nv
7.
Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam nv
8.
Rotterdamse Elektrische Tram nv
9.
Royal Schiphol Group nv
10. Sportbedrijf Rotterdam bv 11. SSC Flex bv & MultiEmployment bv 12. Stadsherstel Historisch Rotterdam nv 13. Stedin nv 14. Tower Hotel Rotterdam nv 15. Warmtebedrijf Holding bv Fondsen 16. Swanbridge Capital bv 17. Icos Cleantech Early Stage Fund II bv 18. Innovation Quarter bv 19. Stadshavens Ontwikkelingsfonds voor Innovatie & Economie (SOFIE) Bijlage B: aandeelhoudersbesluiten in 2018 en 2019 Bijlage C: stand van zaken af te stoten en afgestoten deelnemingen Af te stoten deelnemingen 1.
Beurs nv
2.
Nv Gemeentewerken Rotterdam
3.
Glazen Maas infra en explo bv
4.
OMR bv
5.
ROM-D Beheer bv en ROM-D Dordste Kill cv
6.
SSC Flex bv
7.
Tower Hotel Rotterdam bv
8.
WOM Vastgoed bv
Afgestoten deelnemingen 9.
Commandiet Rotterdam bv
10. Eneco nv 11. Guide+ Bijlage D: deelnemingen in het relatie-classificatiemodel Colofon
3
1. Inleiding De reden dat de gemeente in bedrijven deelneemt, is dat deze publieke taken vervullen en daarmee van maatschappelijke betekenis zijn voor de stad. Via het aandeelhouderschap oefent de gemeente invloed uit op de koers van die deelnemingen en borgt ze de uitvoering van die taken. Publieke taken worden ook uitgevoerd door stichtingen, verenigingen of gemeenschappelijke regelingen die door een financieel en bestuurlijk belang aan Rotterdam verbonden zijn. Samen met de vennootschappen vormen deze organisaties de zogenoemde verbonden partijen. Het bestuurlijk kader voor de governance van deze uitvoeringsrelaties is beschreven in het ‘Beleidskader verbonden partijen en governance samenwerkingsrelaties’ (hierna: beleidskader), dat in maart 2020 is vastgesteld door de gemeenteraad. Het verving het oude beleidskader, dat aan herijking toe was, onder andere als gevolg van de vraag naar nieuwe samenwerkingsvormen met externe partijen. In het nieuwe beleidskader is de in 2017 verschenen Leidraad Governance voor samenwerkingsrelaties geïntegreerd en is het een kader voor de governance van externe investeringsfondsen opgenomen. Het beheerverslag gaat over de gemeentelijke verbondenheid in een deel van de verbonden partijen, de vennootschappen, oftewel de deelnemingen. Over de deelnemingen wordt op verschillende momenten gerapporteerd aan de gemeenteraad.
Dat gebeurt in de begroting en de jaarrekening, in de paragraaf verbonden partijen. Daarin wordt aandacht besteed aan de aspecten van deelnemingen die ingevolge de Gemeentewet in de begroting en jaarrekening moeten worden behandeld. En sinds 2014 verschijnt daarnaast ook het beheerverslag deelnemingen. Het is bedoeld om de gemeenteraad meer te laten zien over hoe het gaat met de verschillende vennootschappen waarvan de gemeente aandeelhouder is, wat hun betekenis is voor de stad en op welke manier de gemeente de aandeelhoudersrol invult. Het beheerverslag heeft een andere invalshoek en geeft aanvullende informatie op de paragraaf verbonden partijen en berust niet op een wettelijke verplichting. Dit beheerverslag behandelt de periode september 2018 tot eind 2019. Omdat veel van de jaarverslagen van de vennootschappen vlak voor de zomer verschijnen en sommige zelfs later, verschijnt het beheerverslag in het vierde kwartaal van 2020. Dit zal jaarlijks in dit kwartaal plaatsvinden, conform de toezegging hierover van de wethouder FOGHP.1 Het biedt een terugblik, maar besteedt ook aandacht aan de actualiteit en kijkt vooruit. Meer dan eerdere beheerverslagen heeft het daardoor een beleidsmatige inslag.
In het tweede hoofdstuk worden algemene ontwikkelingen geschetst die relevant zijn voor het aandeelhouderschap van de gemeente, het derde behandelt de manier waarop de gemeente haar bevoegdheden als aandeelhouder uitoefent en het vierde gaat in op de ontwikkelopgaven van het deelnemingenbeleid naar aanleiding van het Rekenkamerrapport, de implementatie van het beleidskader en de raadsenquête over het Warmtebedrijf. Het vijfde hoofdstuk doet verslag van het aandeelhouderschap vanuit financieel perspectief.
1
Op 5 maart 2020 heeft wethouder Van Gils de toezegging gedaan om jaarlijks op een vast moment de raad te informeren over de deelnemingen door middel van het beheerverslag. Met het verschijnen van dit beheerverslag, wordt deze toezegging afgedaan (20bb3150).
4
De bijlage geven een gedetailleerd beeld per vennootschap (A)2, een overzicht van aandeelhoudersbesluiten (B), een overzicht van af te stoten deelnemingen (C) en een toelichting van het relatie-classificatie model (D).
2. Algemene ontwikkelingen in de verslagperiode 2.1 Beschrijving portefeuille De deelnemingenportefeuille van de gemeente is samengesteld uit aandelenbelangen in meer dan twintig bedrijven. Het betreft bedrijven in het domein van voormalige gemeentelijke nutsbedrijven of infrastructuur zoals Evides, het Havenbedrijf Rotterdam, Stedin of de RET. Ook is er een categorie bedrijven die als gemeentelijke uitvoeringstak in een private rechtsvorm zijn te bestempelen zoals Multidiensten Rotterdam of SSC Flex. Een aparte categorie vennootschappen zijn de externe investeringsfondsen zoals ICOS of SOFIE, die ook in het beleidskader als aparte categorie zijn opgenomen. De portefeuille is historisch gegroeid en is dynamisch. Een aantal deelnemingen is het resultaat van verzelfstandiging van gemeentelijke dienstonderdelen, met als laatste deelneming het Sportbedrijf Rotterdam bv. Andere komen voort uit bestaande samenwerkingsverbanden, die op enig moment zijn geformaliseerd in een vennootschap. De gemeente richt soms ook nieuwe deelnemingen op vanwege een nieuw publiek belang. En als blijkt dat er niet langer een publiek belang aanwezig is, of het instrument deelneming geen toegevoegde waarde meer heeft ten opzichte van andere (financiële of bestuurlijke) instrumenten van de gemeente, kan worden besloten de deelneming af te stoten.
Dit is gebeurd – in de verslagperiode of al eerder - bij Beurs nv, nv Gemeentewerken Rotterdam, Glazen Maas exploitatie bv en Infrastructuur bv, OMR bv, ROM-D Dordtse Kil cv en ROM-D-beheer nv, SSC Flex bv, Tower Hotel Rotterdam bv en WOM Vastgoed bv. Voor deze deelnemingen zijn processen in gang gezet die zijn gericht op verkoop of liquidatie, of er wordt nog gekeken hoe de deelneming het best afgestoten kan worden. De stand van zaken per deelneming is toegelicht in bijlage C. 2.2 Aandeelhoudersbelang Het aandeelhoudersbelang dat de gemeente heeft, verschilt per deelneming. In een aantal deelnemingen, zoals het Sportbedrijf en SSC Flex, is de gemeente enig aandeelhouder. Bij de BNG is de gemeente slechts één van de 87 aandeelhouders. In het Havenbedrijf en het Warmtebedrijf heeft de gemeente een meerderheidsaandeel maar zijn er ook andere aandeelhouders, met soms evenveel rechten. Daarnaast zijn er deelnemingen waar de gemeente een minderheidsaandeel bezit. De mate waarin de gemeente zeggenschap heeft in de deelneming is afhankelijk van het aandeelhoudersbelang. Ook de wijze waarop met de deelneming wordt omgegaan op het gebied van accountmanagement, wordt deels bepaald door het aandeelhoudersbelang. In de figuur hieronder is aflopend het aandeelhoudersbelang van de gemeente in de verschillende deelnemingen weergegeven.3
2
Er kan een verschil worden gesignaleerd tussen het aantal deelnemingen waarover gerapporteerd wordt in de paragraaf verbonden partijen in de jaarrekening 2019 van de gemeente en de lijst met deelnemingen in dit beheerverslag. De reden daarvoor is meerledig: in het beheerverslag zijn samenhangende deelnemingen in één oplegger opgenomen. Verder ontbreekt Stadion Feijenoord nv: de gemeente is halverwege 2019 aandeelhouder geworden vanwege conversie van een lening. Daarbij komt dat de gemeente haar rechten als aandeelhouder niet uitoefent. 3 Peildatum van de figuur is 31/12/2019.
5
Aandeelhoudersbelang Rotterdam SSC Flex bv
100,0%
Sportbedrijf Rotterdam bv
100,0%
Ontwikkelingsmaatschappij…
100,0%
Rotterdamse Elektrische Tram nv
100,0%
MultiDiensten Rotterdam bv
100,0%
Glazen Maas Infrastructuur bv
100,0%
Glazen Maas Exploitatie bv
100,0%
Gemeentewerken Rotterdam nv
100,0%
RET Infrastructuur bv
99,8%
Warmtebedrijf Holding bv
97,5%
Havenbedrijf Rotterdam nv
70,8%
Stedin Group nv
31,7%
Eneco Groep nv
31,7%
Evides Waterbedrijf nv
25,3%
Swanbridge Capital bv
24,7%
ICOS Cleantech Early Stage Fund…
22,0%
Tower Hotel Rotterdam bv
20,0%
Reg. Ontw. Drechtsteden Beheer…
12,5%
Stadsherstel Historisch…
11,4%
SOFIE cv
11,2%
ROM-D Dordtse Kil III cv
5,2%
InnovationQuarter bv
4,8%
Royal Schiphol Group nv
2,2%
BNG Bank nv
0,6%
Stadion Feijenoord nv
0,02%
2.3 Betekenis voor de stad: het publiek belang De deelnemingen in de portefeuille hebben elk hun eigen bijdragen aan de stad Rotterdam. Het bestaansrecht van de deelnemingen wordt bepaald door het publiek belang dat de deelneming behartigt. Een publiek belang bestaat als de gemeente zich de behartiging van een maatschappelijk belang aantrekt op grond van de overtuiging dat dit belang anders niet goed tot zijn recht komt. De publieke belangen die Stedin bijvoorbeeld behartigt met het uitvoeren van haar publieke taak voor het aanleggen en beheren van energie-infrastructuur en het aansluiten van afnemers op deze infrastructuur, zijn leveringszekerheid en betaalbaarheid van energie. Ook speelt Stedin een onmisbare rol in het realiseren van de energietransitie. Het publiek belang wordt gedefinieerd wanneer de gemeente de deelneming aangaat, bijvoorbeeld vanwege een verzelfstandiging, toetreding tot een bestaande deelneming of de start van een nieuwe deelneming. Het publiek belang dient, conform het beleidskader te worden vastgesteld door de gemeenteraad en dit wordt periodiek herijkt. De planning van een dergelijke herijking geschiedt aan de hand van een analyse van verschillende factoren: dit zijn onder andere (financiële) risico’s, de mate waarin het beoogde (maatschappelijke en financiële) doel is bereikt, veranderingen in wet- en
6
regelgeving (extern) of statuten (intern), gewijzigde marktomstandigheden, zoals kansen tot vervreemding, concurrentiepositie) of het optreden van andere (mede-) aandeelhouders. In het verleden is het publiek belang niet op eenduidige wijze vastgelegd. De komende tijd zal voor alle deelnemingen een publiek kader worden opgesteld volgens de voorschriften die daarvoor zijn gegeven in het beleidskader en zal in een handzaam document worden samengevat welke Rotterdamse publieke belangen worden geborgd door de deelneming, hoe dat gebeurt en hoe wordt bepaald of de deelneming daarbij effectief opereert4. 2.4 Opvallende dossiers in deze beheerverslagperiode Verkoop Eneco Nadat in 2018 afspraken zijn gemaakt tussen aandeelhouders en Eneco over de wijze van verkoop en de verkoopcriteria, stond 2019 in het teken van het verkoopproces. In een gecontroleerde veiling werd het consortium van Mitsubishi Corporation en Chubu Electric Power als winnende koper geselecteerd. De verkoop is in maart 2020 afgerond. De koopsom bedroeg €4,1 mld., waarvan €1,3 mld. voor Rotterdam. Feyenoord City De gemeente werkt aan de gebiedsontwikkeling Feyenoord City. Zij levert een bijdrage door aandelenkapitaal te storten in het nieuwe stadion, dat in de gebiedsontwikkeling een belangrijke rol speelt. Met de kapitaalstorting wordt het stadion een nieuwe gemeentelijke deelneming.
De afgelopen periode zijn belangrijke stappen gezet in het project. Een externe partij toetst of aan alle door de gemeenteraad gestelde voorwaarden is voldaan zodat de gemeente in de zomer van 2021 de financiële bijdrage aan het stadion definitief kan toezeggen. Warmtebedrijf De oplossing voor warmtelevering in de Leidse regio via de zogenaamde Leiding over Oost is in 2019 onder andere vanwege problemen met de vergunning gestaakt. Sindsdien werken het Warmtebedrijf en haar aandeelhouders aan een oplossing. Eind 2020 wordt een keuze verwacht uit de scenario’s die zijn uitgewerkt.
3. Uitoefening van aandeelhoudersbevoegdheden 3.1 Strategie en investeringsbesluiten De gemeente ziet als aandeelhouder toe op de strategie van de deelneming en oefent invloed uit als aanpassing, aanvulling of herijking ervan nodig is. De strategie ligt vaak vast in een meerjarig strategisch (of bedrijfs-) plan. Bij het toezien op de strategie wordt volgens het beleidskader gekeken naar het publiek belang, de doelstellingen, het investerings- of financieringsbeleid en de financiële verwachtingen. De gemeente ziet ook toe op de investeringsbesluiten van de vennootschap en toetst op de punten die het beleidskader daarvoor noemt, zoals het publiek belang, mogelijke alternatieven en risico’s. Onder omstandigheden kan een investering onder een bepaald drempelbedrag ook zonder goedkeuring van het college worden gedaan. De statuten geven in dat geval de kaders aan. Momenteel wordt besluitvorming voorbereid over een kapitaalstorting door de aandeelhouders van Stedin die nodig is om de investeringen van Stedin te kunnen uitvoeren, die verband houden met de 4
Zie over publiek belang ook paragraaf 4.1.
7
energietransitie. De gemeente toetst, samen met de andere aandeelhouders de onderbouwing en overlegt over de manier waarop in de toekomst de investeringsplannen van Stedin zullen worden getoetst, met het doel dat bij de kapitaalstorting vast te leggen. Inzet van de gemeente is te bereiken dat zij als aandeelhouder invloed heeft op de jaarlijks te maken investeringsplannen. Die invloed zal overigens worden gedeeld met de andere aandeelhouders: Rotterdam heeft een minderheidsbelang. 3.2 Benoemingen, beloningen en diversiteit De maatschappelijke aandacht voor beloningen en benoemingen is in de verslagperiode sterk toegenomen. De gemeenteraad hecht veel belang aan dit onderwerp en vraagt het college maximaal gebruik te maken van haar aandeelhoudersbevoegdheden om te bereiken dat de beloningen en benoemingen waarover moet worden besloten, in lijn zijn met de uitgangspunten die de gemeente daarvoor in het beleidskader heeft vastgesteld. De rol van de gemeente als aandeelhouder bij de benoeming en beloning van bestuurders en toezichthouders van de deelnemingen - de leden van de raad van bestuur en/of de raad van commissarissen - kan verschillen per deelneming. Dit is vastgelegd in de statuten. Soms is sprake van een direct goedkeuringsrecht; soms van een indirect goedkeuringsrecht na een al dan niet bindende voordracht van de overige leden van de raad van bestuur of commissarissen.
De invloed die de gemeente heeft, hangt bovendien uiteraard af van de omvang van haar belang in de deelneming, dus het percentage van de aandelen dat de gemeente bezit. De gemeente toetst benoemingen daarnaast aan de hand van de profielschets, die al dan niet in samenspraak met aandeelhouders is vastgesteld en aan: evenwicht in de samenstelling van de raad van bestuur of commissarissen; diversiteit in brede zin zoals (culturele) achtergrond en in vrouw-man-verhouding volgens de omschrijving uit de Corporate Governance Code; onpartijdigheid en integriteit, affiniteit met Rotterdam en aantal (andere) nevenfuncties zoals beschreven in de ‘puntentelling’ van het aantal nevenfuncties. De gemeente toetst de hoogte van de beloningen van leden van de raad van bestuur of commissarissen aan de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT).5 Alleen bij het Havenbedrijf Rotterdam wordt getoetst aan het rijksbeleid voor beloningen bij staatsdeelnemingen. Zoals hierboven is aangegeven, toetst de gemeente voorgenomen benoemingen van kandidaatbestuurders of -toezichthouders ook op verschillende aspecten van diversiteit. Zoals in het beleidskader, geamendeerd tijdens de raadsbehandeling, is opgenomen, wordt gestreefd naar een vrouw-man-verhouding van 50-50. In het vorige beleidskader was dat nog 30%.
Verder is het initiatiefvoorstel ‘Diversiteit in de top’6 aanleiding geweest om nader onderzoek te doen naar het proces van benoemingen in relatie tot diversiteit, het al dan niet aanwezig diversiteitsbeleid bij deelnemingen en welke belemmerende factoren een rol spelen bij benoemingen. Naar aanleiding hiervan heeft het college recent een reactie op het initiatiefvoorstel aan de gemeenteraad geschreven en zal er in het eerste kwartaal van 2021 een stand van zaken worden gestuurd over dit onderwerp. In zijn reactie schrijft het college onder meer dat het onderwerp diversiteit een belangrijkere plek in de gesprekscyclus met de deelnemingen krijgt. Ook wordt in de komende periode nader onderzocht welke drempels er zijn bij het werven van kandidaten met een culturele achtergrond of van vrouwen.
5 6
Zie paragraaf 3.5 van het Beleidskader verbonden partijen en governance samenwerkingsrelaties. Initiatiefvoorstel ‘Diversiteit in de top: een volgende tik op het glazen plafond’ van D66 en Denk (nr. 20bb244069).
8
3.3 Social return on investment en maatschappelijk verantwoord ondernemen De gemeente wil ook zoveel mogelijk social-return-on-investment-inspanningen door bedrijven laten leveren als zij een relatie met de gemeente aangaan. Dat geldt voor bedrijven die met de gemeente op basis van een aanbesteding of subsidie een overeenkomst afsluiten, maar ook voor de gemeentelijke deelnemingen. Verschillende deelnemingen hebben apart beleid over social return on investment, of benoemen inclusiviteit of duurzame inzetbaarheid van personeel expliciet als thema in hun jaarverslag. In de motie ‘Social Return bij gemeentelijke deelnemingen’ (20bb3431), ingediend tijdens de raadsbehandeling over het beleidskader, is het college opgeroepen om ook voor deelnemingen de social return-verplichting voor te schrijven. In de praktijk is dat lastig: de bevoegdheid die het college in dit verband heeft, kent een grens. Het college is van mening dat het opleggen van een verplichting tot social return uit hoofde van het aandeelhouderschap de bedrijfsvoering van de deelnemingen raakt. Het is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de besturen van deze rechtspersonen zelf en in tweede instantie van de commissarissen die zijn aangesteld om toezicht op het functioneren van de deelneming te houden.
Daar komt bij dat het voor een aantal deelnemingen lastiger is om te voldoen aan een social return-wens of -verplichting. De gemeente is niet altijd meerderheidsaandeelhouder en is dan gehouden aan wat de meerderheid van de (andere) aandeelhouders beslist over dit onderwerp. Het committeren van deelnemingen aan dit gedachtengoed gebeurt door overreding. Maatschappelijk verantwoord ondernemen houdt in dat bedrijven verantwoordelijkheid dragen voor maatschappelijke problemen zoals luchtvervuiling, klimaatverandering of participatie7. In de visie van het college past het gedachtegoed van MVO ook bij de gemeentelijke deelnemingen. In de vorige verslagperiode moest dit nog onder de aandacht van de deelnemingen worden gebracht, maar inmiddels is dit meer en meer gemeengoed. Veel deelnemingen besteden in hun jaarverslag en op hun website aandacht aan MVO. 3.4 Synergie De reden dat de gemeente in een deelneming participeert, is casusafhankelijk en weerspiegelt tijdgebonden omstandigheden. Zo is een aantal deelnemingen in de portefeuille een uitvloeisel van beleid dat de gemeente eerder voerde om gemeentelijke diensten te verzelfstandigen. En wordt nu een aantal deelnemingen beëindigd omdat het publieke belang waarvoor ze werden aangehouden, niet langer aanwezig is.
Dit betekent dat de samenstelling van de portefeuille niet is gebaseerd op een bewuste strategie of gericht is op een synergetisch doel. Maar synergie kan zich voordoen waar verschillende deelnemingen bijdragen aan dezelfde beleidsdoelen of relevant zijn voor de realisatie van eenzelfde project. Voorbeeld hiervan is dat een aantal van onze deelnemingen belangrijk is voor de energietransitie: Stedin, Evides, Havenbedrijf, Warmtebedrijf. De samenhang en het benutten van synergie zijn in principe geborgd doordat we werken op basis van consistente strategie in gebieden, sectoren, programma’s en in de regio. In het geval van de energietransitie zijn dit het Klimaatakkoord, de regionale energiestrategie, de gemeentelijk energiestrategie en het investeringsprogramma van Stedin en het uitvoeringsprogramma voor de Havenvisie. Onze deelnemingen hebben een plek in allianties die voor de uitvoering van deze strategieën vorm krijgen. Een kans om synergie te versterken is dat de strategische kaders van tijd tot tijd worden bijgesteld. Zo wordt momenteel door het Havenbedrijf gewerkt aan een nieuwe ondernemingsstrategie. Zo’n strategische oriëntatie van een van onze deelnemingen biedt inhoudelijk en bestuurlijk momentum om 7
Definitie MVO Nederland, www.MVONederland.nl.
9
de samenwerking met strategische partners weer verder te brengen en de samenhang op strategische dossiers te versterken. De gemeente brengt de gemeentelijke doelen, bijvoorbeeld wat betreft de energietransitie, in dit verband in. Bij de uitvoering van strategieën en de realisatie van programma’s en projecten kunnen zich kansen voor synergie voordoen die bij het maken van de plannen en projectvoorstellen niet waren voorzien. Ook kan er spanning aan de dag treden tussen de belangen van een deelneming en beleidsdoelen van de gemeente of belangen van andere deelnemingen. De gemeente heeft hiervoor een antenne in de vorm van accountmanagement, waardoor synergiemogelijkheden of belangenconflicten tijdig kunnen worden onderkend. Bij spanning zal het bestuur het belang van de deelneming, dat ze bewaakt in haar rol als aandeelhouder, afwegen tegen het beleidsbelang. Van belang is dat de invloed van de gemeente als aandeelhouder op het handelen van de deelneming beperkt is tot de bevoegdheden die aan het aandeelhouderschap zijn verbonden (zoals vaststelling strategie, benoemingen, goedkeuren grote investeringsbesluiten, goedkeuren jaarplannen). De gemeente kan als aandeelhouder niet op de stoel van het bestuur van de onderneming gaan zitten, maar kan wel proberen om via de aandeelhoudersbevoegdheden de greep op deelnemingen te versterken.
Zo willen we als aandeelhouder meer zeggenschap over de investeringsstrategie van Stedin. Dat geeft invloed om de investeringsplannen voor de energie infrastructuur van Stedin beter af te stemmen op plannen in de sfeer van gebiedsontwikkeling en de energievoorziening in het havengebied. In dit verband is overigens eveneens van belang dat de gemeente in maar enkele van haar deelnemingen een meerderheidsaandeel heeft. Waar dat niet het geval is, zal de gemeente moeten proberen om de aandeelhouders op een lijn te krijgen. Ook dit is aan de orde in het Stedin dossier, waar de gemeente de discussie over de aandeelhoudersbevoegdheden met de andere aandeelhouders en Stedin als minderheidsaandeelhouder voert.
4. Ontwikkelopgaven in verband met het beheer van deelnemingen 4.1 Context en aanpak De laatste jaren neemt de relevantie van gemeentelijke deelnemingen voor de opgaven in de stad toe en wordt meer gekeken naar wat de deelneming voor de stad oplevert. De deelneming wordt strategische partner en krijgt een plek in strategische allianties in de stad. De complexiteit van het beheer is daardoor toegenomen. Daarbij komt dat aan de governance strengere eisen worden gesteld; niet alleen door de problemen bij het Warmtebedrijf en de risico’s die de gemeente daardoor loopt, maar ook de toegenomen aandacht vanuit de gemeenteraad en de maatschappij ten aanzien van bijvoorbeeld topinkomens in het bedrijfsleven. De Rekenkamer heeft aanbevelingen gedaan op het vlak van risicobeheersing, rechtmatigheid en transparantie. Deze hebben een plek gekregen in het beleidskader. De aanbevelingen zijn ook van toepassing op het beheer van de andere gemeentelijke deelnemingen8.
Voor de opvolging van de aanbevelingen van de Rekenkamer en om de toegenomen complexiteit te kunnen opvangen, is het nodig het publiek kader op basis waarvan de gemeente als aandeelhouder stuurt expliciet te maken, de diverse relaties vanuit de gemeente met de deelneming beter op elkaar te laten aansluiten en duidelijker afspraken te maken over interne organisatie en sturing op het maatschappelijk belang en welke rol de deelneming daarin speelt. Het is het nodig dat:
8 De aanbevelingen naar aanleiding van de raadsenquête zijn in lijn met die van de Rekenkamer, bijvoorbeeld t.a.v. de aanbevelingen 6, 7 en 8 over versterking van de ambtelijke organisatie en accountmanagement, het risicomanagement en hoe de gemeenteraad hierover geïnformeerd wordt.
10
-
-
voor elke deelneming, door middel van een publiek kader in de vorm van een beknopt document volgens het in het beleidskader gegeven format is scherp gemaakt en is vastgelegd wat de maatschappelijke en financiële impact is van een deelneming en hoe daarop wordt gestuurd vanuit de aandeelhoudersrol (‘publiek kader’)9; er door middel van accountmanagement kennis is van relevante zaken die spelen bij de deelneming opdat er eerder beeld is bij eventuele problemen of kansen; er een duidelijk escalatieproces is waardoor er effectief kan worden gestuurd als de continuïteit van de deelneming in gevaar komt; er duidelijke afspraken zijn over rollen, taken en verantwoordelijkheden in het kader van de aandeelhoudersrol en de opdrachtgevers- of beleidsrol.
Deze maatregelen zullen stapsgewijs worden ingevoerd, te beginnen met de deelnemingen met een relatief hoog risico en grote impact voor de stad: Evides, Havenbedrijf Rotterdam, RET en Stedin10. Bij Stedin valt dit samen met de voorbereiding van de eerdergenoemde kapitaalstorting. Nadat deze maatregelen bij deze grote deelnemingen zijn uitgevoerd, zullen de andere in tranches volgen. De leerervaringen die bij de grote deelnemingen zijn opgedaan, worden benut bij de andere. Over de voortgang van deze aanpak zal de gemeenteraad bij de opvolging van de tranches worden geïnformeerd, te beginnen aan het eind van het tweede kwartaal in 2021. Voor het succes van deze aanpak is het overigens belangrijk dat voor alle betrokken binnen en buiten de gemeente duidelijk is dat een deelneming op afstand functioneert en de maatschappelijke doelstelling op afstand wordt gerealiseerd, maar dat er door het optimaal benutten van de aandeelhoudersbevoegdheden wel degelijk gestuurd kan worden. Goede en frequente afstemming in de driehoek tussen eigenaar of aandeelhouder (door en vanuit de wethouder deelnemingen), de opdrachtgever (door en vanuit de beleidswethouder) en de deelneming is nodig om daarin het juiste evenwicht te vinden.
4.2 Accountmanagement, risicomanagement en interne organisatie In de vorige paragraaf is geschreven dat het beheer van de gemeentelijke deelnemingen in een volgende fase terecht zal komen. Daarbij zijn accountmanagement en risicomanagement de basis voor dit pro-actieve deelnemingenbeheer. Bij het inrichten daarvan, wordt onderscheid gemaakt naar de mate van impact en risico, namelijk het effect op de gemeente of haar inwoners als de deelneming niet langer haar dienstverlening kan uitvoeren resp. de financiële risico’s, het risico op kwaliteitsverlies van de prestatie of van een verzwakte governance.11 Gebruikmakend van het risico-classificatiemodel uit het beleidskader zijn de deelnemingen ingedeeld in drie klassen van impact en risico, waaraan een relatiebeheerregime is gekoppeld dat in zwaarte oploopt van ‘beperkt’, via ‘regulier’ tot ‘versterkt’. Hoe zwaarder het regime, des te vaker bijvoorbeeld in de gesprekscylus gesprekken worden gevoerd en des te zwaarder de interne arrangementen voor wat betreft sturing en organisatie.12 Risicomanagement is gericht op het systematisch omgaan met en het beheersen van risico’s, verbonden aan de dagelijkse processen. Het accountmanagement is daarvoor de basis, want daardoor komen risicovolle ontwikkelingen (en kansen) eerder in beeld. In de sfeer van leningen en garanties wordt gebruik gemaakt van risicomanagement.
In deze verslagperiode is een proef gestart 9
Zie ook aanbevelingen 1 en 4 afkomstig uit het rapport over de Raadsenquête over het Warmtebedrijf. Deze aanbevelingen beschrijven o.a. dat er een publiek kader per deelneming moet zijn geschreven en dat er een gedegen business case voor elke deelneming moet zijn opgesteld alvorens er grote beslissingen genomen kunnen worden door de raad of het college. 10 Zie bijlage D voor uitleg van de risico classificatie op basis waarvan deze keuze is gemaakt. 11 Zie voor een uitgebreide uitleg: bijlage 3 uit het Beleidskader verbonden partijen en governance samenwerkingsrelaties. 12 Zie bijlage C voor de uitkomsten van het plotten van de deelnemingen in het relatie-classificatiemodel uit het beleidskader.
11
om te bezien of tools die voor financieel risicomanagement beschikbaar zijn, ook voor deelnemingen kunnen worden toegepast. Daarvoor is gebruik gemaakt van het risicomanagementmodel van Naris, waarbij het is verbreed in de zin dat naast financiële risico’s ook risico’s m.b.t de governance en de prestaties op de schaal van het publiek belang van de deelneming in kaart worden gebracht13. Overigens biedt risicobeheersing geen garantie voor succes of het ontbreken van onverwachte situaties. De coronacrisis maakt dit duidelijk. Die raakt een aantal van onze deelnemingen, met name RET nv, Royal Schiphol Group nv en in beperktere mate het Havenbedrijf nv en het Sportbedrijf Rotterdam bv. Ook Tower hotel (THR), waarvoor eerder een op het oog succesvol verkooptraject was gestart en OMR bv (met Magis010) zijn getroffen. Waar sprake was van jaarlijks begroot en daarmee gegarandeerd dividend (Royal Schiphol Group) heeft dit ook gevolgen voor de gemeentebegroting. De gevolgen van deze crisis komen aan de orde in het overzicht van de individuele deelnemingen zoals opgenomen in bijlage A.
4.3 Evaluatie van deelnemingen De betekenis van de deelneming voor het uitoefenen van een publieke taak kan veranderen in de tijd. Wanneer de deelneming zijn relevantie voor de publieke taak heeft verloren, kan er afscheid van worden genomen. In het beleidskader is de life cycle van de deelneming omschreven. Bij het aangaan van een deelneming (start onderneming, verzelfstandiging of toetreding als aandeelhouder in een bestaande onderneming) wordt het publiek kader vastgesteld. Dit wordt periodiek herijkt. De planning van de herijking gebeurt op basis van analyse (risico’s, mate van doelbereiking, verandering regelgeving (extern) of statuten (intern), gewijzigde marktomstandigheden (kansen tot vervreemding, concurrentiepositie) of optreden van andere (mede-) aandeelhouders. In het jaar 2020 zijn de volgende vennootschappen geëvalueerd: Stedin en het Warmtebedrijf. Voor beide vennootschappen heeft deze evaluatie geresulteerd in een publiek kader dat ook gedeeld is met de gemeenteraad. In het jaar 2021 wordt Stadsherstel Historisch Rotterdam nv geëvalueerd.
5. Financiële ontwikkelingen deelnemingen De gemeente heeft als aandeelhouder ten aanzien van haar deelnemingen drie doelstellingen: 1. het borgen van het publiek belang betrokken bij de vennootschap zoals vastgelegd in relevante beleidskaders en de statuten; 2. de financiële prestaties en de effecten daarvan op de continuïteit van de vennootschap; 3. het behoud van de publieke waarde en borging van dividend. In dit hoofdstuk geven we inzicht in de financiële prestaties (2) en de publieke waarde, financieel uitgedrukt, en het dividend (3). De doelstellingen houden met elkaar verband. Gedegen financiële prestaties, zowel qua exploitatieresultaten als de ontwikkeling van de vermogenspositie (balans), zijn een belangrijke factor voor de continuïteit van de deelneming. Vervolgens vormt deze continuïteit de basis voor behoud van publieke waarde en het publieke belang. De gemeente beheert en houdt toezicht op de deelnemingen, niet alleen op de maatschappelijke maar ook op de financiële rendementen. Ook zijn de financiële prestaties grondslag voor het wel of niet uitkeren van dividend. Van alle deelnemingen keren er vijf structureel dividend uit. Dit wordt als baat ingezet op de begroting. Incidenteel ontvangt de gemeente dividend van de andere deelnemingen.
13
Zie www.naris.com; dit web-based instrument wordt door verschillende gemeenten gebruikt.
12
De financiële positie van de deelnemingen wordt beoordeeld aan de hand van drie parameters: de boekwaarde, de solvabiliteit en de nettoresultaten inclusief dividend.14 5.1 Boekwaarde Boekwaarden deelnemingen gemeente Rotterdam 2019 De boekwaarde omvat het aandelenkapitaal dat de gemeente bij oprichting of deelname in de deelneming heeft gestort. De totale boekwaarde geeft een idee van de omvang van de deelnemingenportefeuille. De boekwaarde is per deelneming als bezit (financiële vaste activa) op de balans van de gemeente verantwoord. Op grond van de artikelen 62 en 63 van het Besluit begroting en verantwoording (hierna: BBV) is de gemeente verplicht investeringen in deelnemingen op de balans te activeren en tegen historische verkrijgingsprijs te waarderen en niet de reële of marktwaarde. De boekwaarde zegt dus niets over de eventuele marktwaarde. In onderstaand overzicht is per deelneming de boekwaarde van de gemeente Rotterdam vermeld. De boekwaarde van de gemeentelijke deelneming mag conform BBV alleen wijzigen als de gemeente afwaardeert, kapitaal bijstort, het belang in de deelneming verkoopt of wanneer de deelneming wordt ontbonden15.
Deelnemingen (bedragen * € 1.000)
BW 1-1- '18
Mutatie 2018
BW 31-12'18
Mutatie 2019
BW 31-12'19
BNG Bank nv Eneco Groep nv Evides Waterbedrijf nv Glazen Maas Exploitatie bv Glazen Maas Infrastructuur bv Gemeentewerken Rotterdam nv Guide Plus Havenbedrijf Rotterdam nv ICOS Cleantech Early Stage Fund II bv InnovationQuarter bv MultiDiensten Rotterdam bv RET Infrastructuur bv Rotterdamse Elektrische Tram nv Reg. Ontw. Drechtsteden Beheer nv ROM-D Dordtse Kil III cv Royal Schiphol Group nv SOFIE cv Sportbedrijf Rotterdam bv SSC Flex bv Stedin Group nv Stadion Feijenoord nv Stadsherstel Historisch Rotterdam nv Swanbridge Capital bv Tower Hotel Rotterdam bv Warmtebedrijf Holding bv
97 0,001 848 25 125 45 0 327.144 2.011 2.954 18 0 0 6 561 1.164 0 1.000 18 536 0 1.177 48 481 52.525
5.551 66 -25.600
97 0,001 848 25 125 45 0 327.144 2.011 2.954 18 0 0 6 561 1.164 0 6.551 18 536 0 1.177 114 481 26.925
100 150 -18 7.500 18 7.941 370 74 -
97 0,001 848 25 125 45 100 327.144 2.161 2.954 0 0 7.500 6 561 1.164 0 6.551 36 536 7.941 1.547 188 481 26.925
Totaal
390.783
-19.983
370.800
16.135
386.935
14
De in dit hoofdstuk gepresenteerde figuren bevatten de gerealiseerde cijfers van de deelnemingen. Omdat het jaarverslag van de gemeente over het jaar 2019 al eerder is gepubliceerd, kunnen deze cijfers dus afwijken van hetgeen eerder aan de gemeenteraad is gestuurd. Het jaarverslag bevatte bijvoorbeeld geraamde dividendopbrengsten. Dit beheerverslag heeft de vastgestelde cijfers uit de verschillende jaarrekeningen gebruikt. 15 Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), artikel 64.
13
Verklaring mutaties in de boekwaarden Deelneming Mutaties boekwaarde 2018-2019 Guideplus Het is gebruikelijk dat bij de oprichting van een fonds de aandeelhouders een kapitaalstorting doen. In dit geval was dat €100.000. Omdat Rotterdam zich na oprichting weer heeft teruggetrokken uit het fonds, zal de boekwaarde volgend jaar weer € 0 zijn. ICOS Cleantech Early In 2019 heeft de gemeente aanvullend kapitaal gestort in het fonds ten behoeve van Stage Fund II bv een overbruggingslening van het fonds aan één van de bedrijven in de portefeuille. SSC Flex bv
Stadion Feijenoord nv
Stadsherstel Historisch Rotterdam nv Swanbridge Capital bv
Warmtebedrijf Holding bv
De boekwaarde van SSC Flex bv is toegenomen van € 18 duizend naar € 36 duizend vanwege de fusie tussen SSC Flex bv en MER bv. Deze twee gemeentelijke deelnemingen zijn in 2018 vanuit efficiencyoverwegingen gefuseerd, de nieuwe boekwaarde van SSC Flex bv betreft de optelsom van de boekwaardes van de twee gefuseerde vennootschappen. De gemeente had een achtergestelde lening van de gemeente aan Stadion Feijenoord nv verstrekt. Deze lening is geconverteerd in eigen vermogen. Daardoor is de boekwaarde verhoogd van nihil naar circa € 8 mln. Rotterdam was als aandeelhouder gevraagd extra kapitaal te verstrekken t.b.v. de aankoop van twee historische panden in Delfshaven. De gemeente heeft € 1 mln. aan kapitaal toegezegd aan het investeringsfonds Swanbridge Capital bv, wat pas verstrekt wordt wanneer er daadwerkelijk investeringen plaatsvinden. De toename van de boekwaarde gedurende verslagperiode is het gevolg van investeringen door dit fonds. Vanwege de bestuursovereenkomst die in 2019 is gesloten met de provincie ZuidHolland inzake het Warmtebedrijf Rotterdam zouden de eigendomsverhoudingen tussen de gemeente Rotterdam en de provincie wijzigen, met een lager aandelenpercentage voor de gemeente. Dit lagere aandelenpercentage gaf aanleiding de boekwaarde van het Warmtebedrijf Rotterdam met € 25,6 mln. af te waarderen.
5.2 Solvabiliteit Onderdeel van het deelnemingenbeheer is de analyse van de vermogenspositie van de deelnemingen. De vermogenspositie geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen (reserves) en vreemd vermogen (schulden). Deelnemingen financieren hun investeringen en activiteiten door enerzijds gebruik te maken van het eigen vermogen (gestort kapitaal) en anderzijds vreemd vermogen. Eigen vermogen wordt door aandeelhouders beschikbaar gesteld. Ook kan de deelneming eigen vermogen opbouwen door winst te reserveren. Vreemd vermogen is financiering die door derde financiers (o.a. banken) beschikbaar wordt gesteld. De solvabiliteitsratio geeft de procentuele verhouding tussen het eigen en het totale vermogen weer (eigen vermogen / totaal vermogen). Een hoge ratio wijst op een relatief hoog eigen vermogen en betekent dat de deelneming bijvoorbeeld meer zou kunnen investeren. Ook zou de deelneming (extra) dividend kunnen uitkeren. Een lage solvabiliteit kan duiden op een kwetsbare financiële positie door een (te) laag eigen vermogen of een te hoge schuldenlast. Als er daadwerkelijk sprake is van een kwetsbare financiële positie dan wordt de aandeelhoudersbetrokkenheid geïntensiveerd. De hoogte van een gezonde en passende solvabiliteit is mede afhankelijk van de aard van de onderneming en de sector waarin de deelneming actief is.
Daarom zijn de deelnemingen in de onderstaande overzichten onderverdeeld in de onderdelen arbeidsmarkt en participatie, fysiek en infrastructuur, fondsen, af te stoten of al afgestoten deelnemingen en overige. Samenhangende vennootschappen Bepaalde deelnemingen bestaan niet uit één, maar meerdere zelfstandige vennootschappen. Bijvoorbeeld door de splitsing van activiteiten en activa in een infrastructuur- en
14
exploitatievennootschap of een houderstermaatschappij (holding) en daaronder vallende uitvoerende werkmaatschappen (verhouding ‘moeder-dochter’). Binnen de gemeentelijke deelnemingenportefeuille heeft dit betrekking op: - RET: RET nv (holding) en RET Infrastructuur nv, een zustervennootschap van RET waarin de infrastructuur is ondergebracht. De gemeente is aandeelhouder van RET nv, samen met de Metropoolregio (MRDH) die één gouden aandeel houdt. RET Infrastructuur is volledig in eigendom van de gemeente; -
-
Evides: Evides nv (holding) en Gemeenschappelijk Bezit Evides bv (vennootschap waarin 50% van de aandeelhouders, namelijk de Zuid-Hollandse gemeenten, zijn vertegenwoordigd); Glazen Maas: Het glasvezelnetwerk van Glazen Maas is ondergebracht in Glazen Maas Infrastructuur bv. De exploitatie vindt plaats in Glazen Maas Exploitatie bv, dat een gebruikersvergoeding betaalt aan Glazen Maas Infrastructuur bv. De gemeente is 100% aandeelhouder van beide vennootschappen; Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Drechtsteden: ROM-D Beheer nv (beheermaatschappij) en ROM-D Dordtse Kil III cv (vennootschap die gronden exploiteert).
Arbeidsmarkt en participatie De gemeente heeft een drietal deelnemingen die actief zijn op het gebied van arbeidsmarkt en participatie, SSC Flex, Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam (waaronder Magis010 ressorteert) en Multidiensten Rotterdam (moedermaatschappij van Ro!Entree).
Solvabiliteit Arbeidsmarkt en participatie 60,0% 61,1%
SSC Flex bv
2018
Ontwikkelings0% maatschappij Rotterdam… 0% MultiDiensten Rotterdam bv
2019 41,2%
80,4%
Fysiek en infrastructuur Deelnemingen op het gebied van vervoer, leidingennetwerken en leveren van nutsvoorzieningen zijn geclusterd onder de noemer ‘fysiek en infrastructuur. Zij hebben over het algemeen veel materiele vaste activa op de balans staan met een lange afschrijvingstermijn. Als tegenhanger voor deze relatief lange afschrijvingstermijnen en lage liquiditeit van de waarde op de balans is de solvabiliteit in de regel iets hoger dan ondernemingen met meer liquide middelen op de balans.
15
Solvabiliteit Fysiek en infrastructuur 31,0% 22,0%
Warmtebedrijf Holding nv
38,6% 40,5%
Stedin Group nv
56,1% 56,1%
Royal Schiphol Group nv Rotterdamse Elektrische Tram nv RET Infrastructuur bv
2018
45,6% 47,2% 0,0% 0,0%
2019
Havenbedrijf Rotterdam nv
70,3% 71,6% 43,6% 43,1%
Evides Waterbedrijf nv
Fondsen
Bij de oprichting van een fonds voorzien één of meerdere aandeelhouders de vennootschap van kapitaal. Hiermee kunnen zij participeren in (startup) bedrijven die vallen onder de fondsstrategie. Fondsen zijn daarmee sterk gekapitaliseerd en hoeven daardoor niet bij derden (banken) financiering aan te trekken voor de participatie in bedrijven. Hierdoor hebben ze verhoudingsgewijs een hoog eigen en een laag vreemd vermogen. Dit verklaart derhalve de hoge solvabiliteitsratio’s van fondsen en participatiemaatschappen als ICOS II, InnovationQuarter en SOFIE.
Solvabiliteit Fondsen Swanbridge Capital bv
12,4% 13,5%
SOFIE cv
69,9%
2019
89,0% 83,7%
InnovationQuarter bv ICOS Cleantech Early Stage Fund II bv
96,4% 2018
38,2% 36,0%
Af te stoten of al afgestoten deelnemingen Een aantal deelneming is ondertussen afgestoten of is besloten dat deze moeten worden afgestoten. Van deze deelnemingen heeft Tower Hotel bv een kwetsbare vermogenspositie. De solvabiliteit van Tower Hotel is negatief als gevolg van een negatief eigen vermogen. Er is met diverse partijen overeenstemming over het verbeteren van de financiële positie van het hotel (d.m.v. een verkoop). Het rendement van het hotel is verbeterd sinds het onder de vlag van Marriot opereert. Tower Hotel profiteert van de merknaam Marriot. Ook het nieuwe restaurant gevestigd in het hotel en investeringen
16
in de kamers hebben geleid tot verbetering van het resultaat. De covidcrisis heeft, zoals eerder genoemd, een groot effect op Tower Hotel.
Solvabiliteit Af te stoten of al afgestoten Reg. Ontw. Drechtsteden Beheer nv
0,0% 0,0%
Tower Hotel Rotterdam bv Glazen Maas Infrastructuur bv
99,5% 99,5%
Glazen Maas Exploitatie bv
45,4% 43,9%
2018 2019
51,2% 49,2%
Eneco Groep nv Afstoten of al afgestoten
Overig Er zijn drie deelnemingen overblijven. Hiervan heeft de BNG een opvallend lage solvabiliteit van circa 3,5%. Deze solvabiliteit past echter bij de aard van de onderneming, namelijk het bankwezen. De BNG is een financiële instelling die gegeven de aard van de activiteiten verhoudingsgewijs veel vreemd vermogen maar een relatief laag eigen vermogen heeft. Ondanks de ogenschijnlijk lage solvabiliteit is de BNG een solide deelneming want de BNG wordt als een van de meest kredietwaardige banken ter wereld beschouwd. Dit blijkt onder meer uit de ratings van kredietbeoordelaars als Moody’s, Standard & Poor’s en Fitch (allen AAA). Hiermee voldoet BNG ook aan de eisen van de ECB.
Solvabiliteit overig BNG Bank nv Sportbedrijf bv
3,1% 2,8% 30,4%
50,9%
2018 2019
60,1% 62,4%
Stadsherstel Historisch…
5.3 Nettoresultaat Nettoresultaat in relatie tot de publieke en financiële belangen van de gemeente Eén van de doelstellingen binnen het gemeentelijke beleidskader zijn gedegen financiële prestaties en de effecten daarvan op de continuïteit van de onderneming. Het nettoresultaat (winst) is een belangrijke indicator van de prestaties van een deelneming. Het nettoresultaat is een jaarlijks ijkpunt t.a.v. de verhouding tussen opbrengsten en kosten en in hoeverre de financiële middelen doeltreffend en doelmatig zijn ingezet voor de uitvoering van de bedrijfsactiviteiten. Als de nettoresultaten in een meerjarig perspectief worden geplaatst, bieden zij tevens inzicht in de continuïteit van de deelneming. Het nettoresultaat en de mate van continuïteit is 17
van belang voor de gemeente in haar rol als aandeelhouder gegeven de publieke en financiële belangen. Het nettoresultaat an sich is echter niet afdoende om de (financiële) prestatie en continuïteit van een onderneming te beoordelen. Hiervoor moet ook gekeken worden naar zaken als opbrengst uit de operatie en operationele kosten. Deze beoordeling is vereist maatwerk bij iedere deelneming en wordt per deelneming verder toegelicht in hoofdstuk 4. In deze verslagperiode behaalden van de 22 centraal beheerde deelnemingen, 9 deelnemingen over één of meer jaren een negatief nettoresultaat16. De deelnemingen die (meerjarig) negatieve resultaten boekten betreffen het Warmtebedrijf Holding, Tower Hotel, MultiDiensten Rotterdam, de bv’s Glazen Maas Infra en Exploitatie, de fondsen ICOS, InnovationQuarter, SOFIE en Swanbridge. Zie hoofdstuk 4 voor een nadere toelichting op deze financiële resultaten. Dividend Hoofdzakelijk zijn er vier bestemmingen voor de winst van een deelneming: 1. toevoegen aan het eigen vermogen; 2. (versneld) vreemd vermogen aflossen; 3. Investeren; 4. dividend uitkeren. De eerste twee opties zullen de vermogenspositie voor wat betreft de solvabiliteit (zijnde de verhouding tussen het eigen en het vreemd vermogen) verbeteren. Dit is gunstig voor de kredietwaardigheid van de deelneming en de mate waarin financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen.
Ook kan het nettoresultaat (indirect) gebruikt worden voor het plegen van investeringen. In de praktijk wordt vaak het resultaat over meerdere bestemmingen verdeeld. Zoals benoemd in voorgaande paragraaf, is er de mogelijkheid dat gemeentelijke deelnemingen bij een positief nettoresultaat dividend uitkeren. Dividend is een vergoeding van de deelneming aan haar aandeelhouder(s) voor het beschikbaar stellen van risicodragend kapitaal. Van de huidige gemeentelijke deelnemingen keren er zes regulier dividend uit. Met de BNG, Stedin, Eneco, Evides en Schiphol is een vaste pay-out ratio overeengekomen (zie onderstaande tabel). De hoogte van de dividenduitkering van het HbR is vastgelegd in de aandeelhoudersovereenkomst. Hierin is geen pay-out ratio opgenomen, maar een vast uit te keren dividend gecombineerd met een variabel dividend. Tot slot kunnen deelnemingen een superdividend uitkeren. Dit betreft een extra dividend dat meerdere oorzaken kan hebben die niet vooraf zijn vastgelegd in het vigerende dividendbeleid of aandeelhoudersovereenkomsten. Over het algemeen wordt superdividend uitgekeerd als gevolg van de meer dan voldoende vermogenspositie (oversolvabiliteit of wanneer in voorgaande jaren geen dividend is uitgekeerd), een verbeterd exploitatieresultaat door meeropbrengsten (zoals verkoop van bepaalde activa) of wanneer de deelneming fuseert of wordt overgenomen.
16
Voor deze analyse zijn de nettoresultaten over de boekjaren 2017, 2018 en 2019 gebruikt.
18
Deelneming BNG Bank nv
Gemeenschappelijk Bezit Evides bv
Havenbedrijf Rotterdam nv
Sportbedrijf Rotterdam
Stedin Groep nv
Royal Schiphol Group nv
Dividendafspraak Geen vaste statutaire dividendafspraak. Er wordt een payout ratio gehanteerd van 50% van het gerealiseerde nettoresultaat. Geen vaste statutaire dividendafspraak. Er wordt een payout ratio gehanteerd van 75% van het gerealiseerde nettoresultaat. Deels vast dividend, deels resultaatafhankelijk dividend, zoals vastgelegd in de Aandeelhoudersovereenkomst.
Bevoegdheid tot wijzigen dividend Dividend wordt op voorstel van de vennootschap vastgesteld door de AvA. Dividend wordt op voorstel van de vennootschap vastgesteld door de AvA.
Joint control met het Rijk als medeaandeelhouder. Dividend wijzigen door Aandeelhoudersovereenkomst te wijzigen. Geen vaste dividendafspraken. Dividend wordt op voorstel van de Wordt uitgegaan van een stabiel vennootschap vastgesteld door de dividend van doorgaans € 150.000. AvA. Statutaire dividendafspraak. De RvB Dividend wordt, na reservering van maximaal 50% van het resultaat, op en RvC kunnen maximaal 50% reserveren, waarmee tenminste 50% voorstel van de vennootschap vastgesteld door de AvA beschikbaar is voor de aandeelhouders. Als de financiële positie dit toelaat kan in overleg tussen AHC, RvB en RvC besloten worden tot een hogere dividenduitkering. Geen vaste statutaire Dividend wordt op voorstel van de dividendafspraak. Er wordt een pay- vennootschap vastgesteld door de out ratio gehanteerd van 60% van AvA. het gerealiseerde nettoresultaat.
De gemeente treedt bij het jaarlijks vaststellen van het dividend op als prudent aandeelhouder, waarbij rekening wordt gehouden met de vermogenspositie van de deelneming en met eventuele investeringsverplichtingen. Gegeven deze indicatoren kan het raadzaam zijn een groter deel te reserveren en minder dividend uit te keren. De figuur hieronder toont het de ontwikkeling van dividendontvangsten van de deelnemingen aan de gemeente. Het betreft hier het daadwerkelijk ín dat jaar ontvangen dividend. De meest deelnemingen keren dividend uit in het jaar volgend op het jaar waarin de nettowinst waaruit dit dividend wordt gefinancierd is behaald. In 2019 heeft de gemeente ca. €146 mln. aan dividend ontvangen. Dit is hoger dan in 2018 (€112 mln.). Dit kwam door hogere dividenduitkeringen vanuit o.a. Stedin, Eneco en HbR en door een eenmalige dividenduitkering van de RET als bijdrage van de onderneming in de meerkosten van de Hoekse Lijn. De gemeente ontving, evenals in voorgaande jaren, van HbR in absolute zin het meeste dividend in 2019 namelijk €68,3 mln. (2018: €67 mln.).
19
Ontwikkeling dividendontvangsten gemeente Rotterdam
Ontwikkeling dividendontvangst deelnemingen (* € 1.000) 160.000 140.000 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0 2015
Havenbedrijf
2016
Eneco
2017
Stedin
2018
Evides
Schiphol
2019
Overig*
*De hoge post aan overige dividendontvangsten in 2019 wordt voornamelijk veroorzaakt door een dividenduitkering van RET in 2019 van €27,5 miljoen. Dit betreft een eenmalige dividenduitkering als bijdrage van de onderneming in de meerkosten van de Hoekse Lijn.
20
Bijlage A Deelnemingen in beeld 20. BNG Bank nv 21. Eneco Groep nv 22. Gemeenschappelijk Bezit Evides B.V. & Evides Waterbedrijf nv 23. Glazen Maas Infrastructuur B.V. & Glazen Maas Exploitatie bv 24. Havenbedrijf Rotterdam nv 25. MultiDiensten Rotterdam nv 26. Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam nv 27. Rotterdamse Elektrische Tram nv 28. Royal Schiphol Group nv 29. Sportbedrijf Rotterdam bv 30. SSC Flex bv & MultiEmployment bv 31. Stadsherstel Historisch Rotterdam nv 32. Stedin nv 33. Tower Hotel Rotterdam nv 34. Warmtebedrijf Holding bv Fondsen 35. Swanbridge Capital bv 36. Icos Cleantech Early Stage Fund II bv 37. Innovation Quarter bv 38. Stadshavens Ontwikkelingsfonds voor Innovatie & Economie (SOFIE)
21
22
BNG Bank NV Naam
BNG Bank nv
Bedrijfssector
Financiële dienstverlening
Vestigingsplaats
Den Haag
Jaar van deelneming
1922
Website
www.bngbank.nl
Belang Rotterdam
0,58%
Beschrijving BNG Bank nv (BNG) is in 1914 opgericht door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten als de Gemeentelijke Kredietbank. De BNG fungeert sindsdien als intermediair tussen de kapitaalmarkt en gemeenten, provincies en semipublieke instellingen. De BNG verleent tegen lage tarieven financiële diensten aan de gemeente Rotterdam waardoor de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger zo laag mogelijk worden gehouden. De gemeente Rotterdam heeft een belang van 0,58% in BNG, de overige aandelen worden gehouden door andere gemeenten en de staat.
Belangrijkste ontwikkelingen juli 2018 tot 2020 BNG staat bekend om haar duurzaamheidsdoelstellingen. Hier heeft zij dan ook belangrijke ontwikkelingen doorgemaakt. Zo kunnen sinds 2018 verenigingen, ondernemers en andere zakelijke initiatiefnemers bij het BNG Duurzaamheidsfonds een lening afsluiten vanaf €100.000 tot €2,5 miljoen voor projecten die een bijdrage leveren aan de duurzaamheidsdoelen van gemeenten of provincies. Het fonds faciliteert verduurzaming op zowel ecologisch gebied (zoals duurzame energieopwekking en energiebesparende maatregelen), als op sociaal cultureel gebied (zorg, wonen, onderwijs). In 2018 zijn al overeenkomsten gesloten voor de financiering van een drietal projecten, onder meer voor laadpleinen voor elektrische auto’s. in 2019 is o.a. een financiering verstrekt voor de verduurzaming van drie basisscholen. Verder heeft BNG in 2019 voor € 288 miljoen gefinancierd aan windenergie en € 160 miljoen aan zonneparken. In 2019 heeft ISSOekom de duurzame rating van BNG naar C+ ‘prime’ verhoogt. Daarmee behoort BNG tot de duurzame koplopers binnen de bankensector.
BNG Bank NV
23
Juridische status en eigendom De BNG bank is een naamloze structuurvennootschap, waarvan 50% van de aandelen in handen zijn van de staat en de overige 50% van de aandelen in handen van gemeenten. De gemeente Rotterdam heeft een belang van 0,58% op basis van het bezit van 321.555 aandelen tegen een nominale waarde van €2,50 per aandeel
Publiek belang Het publiek belang is in het door de gemeenteraad vastgestelde Beleidskader Verbonden partijen 20142018 als volgt geformuleerd: “Versterking van de kredietwaardigheid van gemeenten, met als gevolg lagere financieringslasten voor gemeenten”. Voor het vaststellen van het publiek belang zijn de volgende KPI’s in het beleidskader geformuleerd: -
bezoldigingsbeleid; marktaandeel publieke sector/omvang uitstaande leningen; behoud AAA-rating.
De scores in 2019 waren: 1.
2.
3.
Bezoldigingsbeleid: in oktober 2016 hebben de aandeelhouders een nieuw beloningsbeleid vastgesteld. Kern van het nieuwe beloningsbeleid is dat de maximum beloning van nieuwe bestuurders fors naar beneden zijn bijgesteld. De per 1 januari 2018 nieuw aangetreden bestuursvoorzitter valt onder dit nieuwe beloningsbeleid en dit zal ook gelden voor nieuwe bestuurders in een later stadium. De BNG heeft zichzelf als doel gesteld een marktaandeel te behouden van groter dan 55% van de langlopende solvabiliteitsvrije kredietvraag voor decentrale overheden, woningbouwcorporaties en zorginstellingen. In 2019 kwam dit uit op 71% (2018: 71%) en daarmee is deze doelstelling ruimschoots behaald. De BNG heeft een kredietstatus AAA van kredietbeoordelaar Standard & Poor's (S&P), AAA van Moody's en AAA (sinds maart 2019) van Fitch. Deze doelstelling is daarmee behaald.
Strategie De missie van de bank vormt het zijn van een betrokken partner voor een Duurzamer Nederland. Daarnaast beoogt BNG vooral een veilige bank te zijn voor haar klanten en andere belanghebbenden. Continuïteit in het realiseren van de missie wordt verzekerd door het realiseren van de volgende strategie: 1. 2.
3.
4.
het aanbieden van financiering voor alle looptijden tegen zo laag mogelijke prijzen; het ter beschikking stellen van financieringsoplossingen, betalingsverkeer en expertise zodat klanten hun maatschappelijke doelstellingen realiseren; het opbouwen van langdurige relaties met stakeholders en het proactief inspelen op hun behoeften; het altijd aanbieden van dienstverlening, ongeacht de situatie op de financiële markten.
Tot de strategische doelstellingen behoren het hebben van substantiële marktaandelen in de Nederlandse publieke sector en het semipublieke domein en tegelijkertijd een redelijk rendement voor de aandeelhouders. Voorwaarden voor het realiseren van deze strategische doelstellingen zijn een uitstekend risicoprofiel en een doelgerichte efficiënte organisatie. BNG hecht verder veel belang aan betrokkenheid bij partners en het belang van duurzaamheid.
Investeringen In 2019 was de omvang van nieuw verstrekte langlopende leningen €14 miljard, een forse stijging ten opzichte van de €11,6 miljard in 2018. De langlopende kredietportefeuille steeg ten opzichte van ultimo 2018 met EUR 2,6 miljard tot EUR 84,2 miljard. Met deze financiering draagt BNG bij aan lage kosten voor gemeenten, woningcorporaties, zorg en onderwijs en projecten op het gebied van energie en infrastructuur. Deze investeringen zijn niet aan de aandeelhouders ter goedkeuring voorgelegd.
Vooruitblik BNG zal zich blijven richten op de publieke sector en het realiseren van maatschappelijke impact. BNG richt zich op het continu verbeteren van klant- en kredietprocessen (d.m.v. investeren in digitalisering, risicobeheersing en het voldoen aan toezicht en Regelgeving). BNG acht het niet verantwoord een uitspraak te doen over de verwachte nettowinst 2020omdat een betrouwbare uitspraak over het resultaat financiële transacties niet mogelijk is. Het coronavirus heeft vergaande maatschappelijke gevolgen, ook voor de klanten van BNG. Wat dit voor de bank betekent is nu nog niet in te schatten. Ook de lage rentestanden zal een drukkend effect blijven hebben op de ontwikkeling van het renteresultaat.
24
BNG Bank NV Governance Het bestuur van BNG bestond in 2019 uit een raad van commissarissen met 8 leden (tegelijktijdig in functie) en een raad van bestuur bestaande uit 3 leden. Raad van bestuur Naam (bedragen * € 1.000)
Functie
G. Salden
Voorzitter
309
25
334
325
O. Labe
Lid
333
55
388
380
J.C. Reichardt
Lid
377
62
529
520
Vast
Variabel
Pensioen
Totaal 2019
Totaal 2018
Raad van commissarissen Naam (bedragen * € 1.000)
Functie
M. Sint
Voorzitter
48
47
C.J. Beuving
Lid
37
36
J.J. Nooitgedagt (tot 18 april 2019)
Vice-voorzitter
13
39
H.Arendse (vanaf 18 april 2019)
Lid
30
T.J.F.M. Bovens (tot 18 april 2019)
Lid
9
26
M. van Elst
Lid
33
27
J. Kriens
Lid
30
29
J.C.M. van Rutte
Vice-voorzitter
33
32
J.B.S. Conijn
Lid
33
32
Totaal 2019
Totaal 2018
Financieel Het afgelopen jaar was voor BNG een uitdagend jaar. De kredietbehoefte en gerealiseerde omzet waren hoog. De stijgende kredietbehoefte deed zich voor in alle sectoren (decentrale overheden, wonen, zorg, onderwijs en energie en infrastructuur). Tegelijkertijd is BNG niet immuun voor de lage rente omgeving; dit heeft een drukkend effect op de rentemarge en het rendement van het eigen vermogen. Het renteresultaat staat onder druk door de historisch lage rentetarieven. Hierdoor rendeert het eigen vermogen van de bank tegen een steeds lager rendement. Ook stijgen de operationele kosten door investeringen in digitalisering en kosten door toezicht en regelgeving, waaronder de poortwachtersfunctie. Daarnaast heeft BNG Bank twee significante individuele voorzieningen moeten treffen. De afwaarderingen voor kredietverliezen in 2019 bedroegen EUR 153 miljoen negatief. Dit in historisch perspectief hoge bedrag is met name het gevolg van de verminderde kredietwaardigheid van een relatie die diensten verleent aan gemeenten. Dit alles leidt tot een lagere netto winst. De nettowinst van BNG Bank over 2019 bedroeg € 163 miljoen (t.o.v. € 337 miljoen in 2018). De leverage ratio (verhouding tussen geleend vermogen en de hoeveelheid eigen vermogen v.e. bank) was in 2019 3,6% (t.o.v. 3,8% in 2018). BNG is en blijft echter een sterk gekapitaliseerde bank.
Dit blijkt uit de hoogste ratings, van triple A, van belangrijke kredietbeoordelaars zoals Moody’s, Standard & Poor’s wat duidt op een sterke vermogenspositie, een solide risicobeheersing en op betrouwbaarheid en integriteit in de bedrijfsvoering. BNG heeft voorgesteld om een dividend van EUR 71 miljoen (2018: EUR 159 miljoen) uit te keren aan de aandeelhouders. Het dividend bedraagt EUR 1,27 per aandeel (2018: EUR 2,85 per aandeel). Met 321.555 aandelen van de gemeente Rotterdam komt de dividenduitkering in 2020 over het jaar 2019 neer op EUR 408.374,85. De Europese Centrale Bank (ECB) heeft echter aan kredietinstellingen die onder haar toezicht staan met zeer grote nadruk aangeraden de dividenduitkering op dit moment wegens de Covid-19 crisis op te schorten tot in elk geval 1 oktober 2020, dan wel de dividenduitkering over 2019 geheel te schrappen. Achtergrond hiervan is de significante schok die de corona-pandemie de economie toebrengt en de rol die voor banken is voorzien om de effecten zoveel als mogelijk te mitigeren. Dit heeft de BNG doen besluiten de betaling door BNG van het dividend over 2019 uit te stellen tot in elk geval 1 oktober 2020. Het is de uitdrukkelijke intentie van BNG om het dividend na 1 oktober 2020 uit te keren