20260226- Notulen van de raadsvergadering van 26 februari 2026
Tekst van het document
Notulen raadsvergadering Notulen van de raadsvergadering van 26 februari 2026 Notulen van de raadsvergadering van 26 februari 2026 (ochtendzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 3 Voorzitter: mevrouw drs. C.J. Schouten Tegenwoordig zijn 43 leden, namelijk mevrouw D.A. van Groningen, de heer T.S.J. Coşkun, mevrouw P.J.H.D. Verkoelen, de heer J.M.D. de Waard, de heer G.J.M. Vreugdenhil, de heer M. Crielaard, de heer M. Verhoef, de heer B. van Schaik, de heer N. Akhatab, mevrouw E. Rehim Zadeh, de heer T.J. Vonk, de heer G.F.E. Koster, de heer E.P.J. Verweij, de heer S. Soytekin, de heer T. Roskam, de heer R.T.J. van der Velden, de heer D.J. van Dommelen, mevrouw J.M. Nunnely, mevrouw I. van Wifferen, de heer A.R. Oostdijk, de heer T. de Haan, mevrouw P.C.Z. Sadhoe, de heer S.J.C. Becker, de heer S. Leewis, de heer L.P.A. Dekkers, mevrouw M.S. Abrahamse, mevrouw A. Kockelkoren, mevrouw S. van de Peppel, mevrouw D. Yildirim, de heer S.F. Lammering Varela, mevrouw A.J.A. Maassen, mevrouw S. Reitema, mevrouw L.S. Vlieger, mevrouw M.Y. Morkoç, de heer E.H. Balcha, de heer R.G.C. Segers-Hoogendoorn, de heer R.N. Dahoe, de heer S.M. Bonte, mevrouw V.A. Bruin, de heer M.H. Biljoen, Mevrouw C. Aafjes-van Aalst, mevrouw J.M. de Bruijn en mevrouw M.S.S. de Jong Afwezig zijn: De heer T. Kind en de heer J. Vicario Namens het college zijn tegenwoordig: Griffier: mevrouw I.C.M.
Broeders, met dien verstande dat zij van 12.19 uur tot 12.25 uur is waargenomen door de heer W. de Bel 1.1
Opening.
De VOORZITTER: Dan open ik deze vergadering, onze laatste raadsvergadering van deze raadsperiode, en heet u allen hartelijk welkom. Ook welkom aan onze gasten, degenen die op afstand de vergadering volgen en de vertegenwoordigers van de media en onze medewerkers. Goed dat jullie er zijn op deze laatste inhoudelijke raadsvergadering van deze raadsperiode. Dat is ook iets waar ik stil bij wil staan. Want jullie hebben allemaal, ieder op zijn of haar eigen plaats, op eigen manier, zoveel gedaan voor de stad en zoveel tijd doorgebracht in deze zaal, maar ook in de zalen in de stad. Soms tot in de hele late uurtjes. Ik vermoed zomaar dat dat vandaag nog een keer gaat gebeuren, dus jullie nemen in stijl afscheid. Maar het belangrijkste is dat jullie belangrijke besluiten hebben genomen voor de stad, mooie debatten hebben gevoerd en een bijdrage hebben geleverd aan de toekomst en aan de vooruitgang van Rotterdam. Of dat nu de laatste keer is of dat u hier nog waarschijnlijk vaak weer komt te staan, sta vandaag stil bij het feit dat u volksvertegenwoordiger mag zijn, een prachtig ambt. Ik wens u veel wijsheid en succes ook bij alle debatten, ook de komende periode, waarin u vaak met elkaar ook weer in debat zult gaan. Maak er vandaag een hele mooie, waardige laatste raadsvergadering van. We hebben een volle agenda, dus we gaan op zijn Rotterdams snel aan de slag, maar dank voor alles.
U hoeft niet te klappen. (Applaus.) We hebben twee berichten van verhindering. De heer Kind is afwezig en de heer Vicario is afwezig, allebei vanwege ziekte. Ik wens hen veel beterschap.
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
267
1.2
Beëdiging plaatsvervangend ombudsman, tevens kinderombudsman de heer W. (Wouter) Struijk.
De VOORZITTER: We komen eerst bij het punt rondom de Beëdiging van de plaatsvervangend ombudsman, tevens kinderombudsman, de heer Wouter Struijk. Maar ik wil toch nog een paar woorden wijden aan mevrouw Stans Goudsmit. Ik weet niet waar ze zit. Achter in de zaal. Want zij is jarenlang onze kinderombudsman geweest, plaatsvervangend Kinderombudsman. En daarin heeft zij ongelooflijk veel betekend voor onze inwoners van de stad en met name met een groot hart voor onze kinderen. Het zit al in de naam, maar dat hart heeft ze ook echt voor de kinderen. Ze heeft ons vaak aangezet om op een bepaalde richting te gaan kijken om te zien wat er nog moet gebeuren. Ik heb zo het vermoeden dat zij met dat werk niet helemaal gaat stoppen, ook al doet ze dat straks misschien niet meer in Rotterdam. Maar ik wil vanaf deze plaats ook mevrouw Stans Goudsmit van harte danken voor al het waardevolle, bijzondere en goede werk dat zij heeft gedaan in haar rol, maar met name voor de inwoners van onze stad. Dank u wel. (Applaus.) Dan gaan we nu daadwerkelijk over tot de beëdiging. Op 18 december 2025 heeft u, raad, de heer Struijk benoemd als vervangend ombudsman, tevens kinderombudsman. We gaan nu over tot de beëdiging. Mag ik de griffier vragen om de heer Struijk naar voren te leiden? Ik verzoek u allen te gaan staan, ook de aanwezigen op de publieke tribune, voor zover dat mogelijk is.
De heer Struijk heeft aangegeven de verklaring en de belofte af te leggen. Die ga ik nu aan u voorlezen. De raad heeft u op 18 december 2025 met ingang van 1 maart 2026 benoemd als plaatsvervangend ombudsman, tevens kinderombudsman van de gemeente Rotterdam. Alvorens uw functie te kunnen uitoefenen, legt u, overeenkomstig artikel 81s van de Gemeentewet, de eed of de verklaring en belofte af. U heeft aangegeven de verklaring en belofte af te leggen. Na het voorlezen van de tekst door mij, verzoek ik u uit te spreken: dat verklaar en beloof ik. Ik verklaar dat ik, om tot plaatsvervangend ombudsman benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik verklaar en beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als plaatsvervangend ombudsman naar eer en geweten zal vervullen. De heer STRUIJK: Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: Dan mag ik u nu van harte feliciteren met uw mooie ambt. (Applaus.) Wij schorsen een moment, zodat we ook de heer Struijk kunnen feliciteren. Ik schors de vergadering. (De vergadering is geschorst.) Heropening 1.3
Mededelingen.
De VOORZITTER: Ik heropen de vergadering. En ik heb een aantal mededelingen voor u. Mevrouw Verkoelen heeft aangegeven met ingang van 25 februari niet meer deel uit te maken van de fractie 50PLUS. Zij gaat door als Groep Verkoelen. De heer Van der Velden en mevrouw Van de Peppel, hebben aangegeven met ingang van 25 februari niet meer deel uit te maken van de Partij voor de Dieren en zij gaan verder als Groep Van der Velden. De heer Koster heeft aangegeven 2 initiatiefnotities te willen indienen. Hij heeft verder geen mededelingen, geloof ik, in de fractiesfeer. Aan deze kant werd er een beetje gesidderd na de revolte van de heer Koster, maar die gaat hij op de inhoud doen. Het woord is aan de heer Koster. U krijgt maximaal 5 minuten om uw eerste notitie toe te lichten.
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
268
De heer KOSTER (lr): Voorzitter, overigens nog steeds voor Leefbaar Rotterdam en daar ben ik heel trots op. Dank u wel. Voorzitter, ik was bij een bijeenkomst. Nu wordt het serieus mensen. Ik was bij een bijeenkomst met de Stadsverwarmers begin dit jaar in de Burgerzaal en toen kwam iemand op mij af. Die vroeg wat ik persoonlijk aan armoedebestrijding had gedaan. Ik bleef dat antwoord schuldig en ik heb iets gemompeld. Strenge controle op de financiën, dan blijft meer geld over. Maar die gedachte, die bleef bij mij. Daarom kom ik met de eerste initiatiefnota. Het is geen individueel advies en nadrukkelijk niet betuttelend, maar de nota beoogt Rotterdammers te ondersteunen bij tijdig nadenken over de financiële toekomst en het versterken van hun financiële zelfredzaamheid. De nota is nadrukkelijk niet bedoeld voor inwoners die in aanmerking komen voor hulp in het kader voor armoedebestrijding en ook niet voor de financieel daadkrachtige bovenlaag van de stad. De focus ligt op de grote middengroep, de hardwerkende Rotterdammer, die doorgaans zelfredzaam is, maar kwetsbaar kan zijn bij financiële tegenslagen. Jaarlijks onderzoek van Deloitte en Nibud laat zien dat bijna de helft van de Nederlandse huishoudens financieel kwetsbaar of financieel ongezond is. Ik ben bang dat in Rotterdam dat aantal waarschijnlijk nog hoger is.
Voorzitter, in een moderne en steeds complexere samenleving worden inwoners dagelijks geconfronteerd met financiële keuzes die gevolgen kunnen hebben voor hun welzijn, zelfstandigheid en toekomstperspectief. Financiële geletterdheid, dus het vermogen om weloverwogen beslissingen te nemen over sparen, lenen, budgettaire verzekeringen en beleggen, is een essentiële levensvaardigheid, vergelijkbaar met lezen, schrijven en rekenen. Helaas is er geen vak dat aandacht hieraan besteedt in de curricula op de middelbare school. Het gebrek aan financiële kennis en vaardigheden vergroot de kans op financiële stress, problematische schulden en maatschappelijke uitsluiting. Deze initiatiefnota pleit daarom voor het stimuleren van financiële educatie en financiële weerbaarheid in Rotterdam, waarbij de gemeente een actieve rol vervult als facilitator, verbinder en stimulator in aanvulling op het bestaande armoedebeleid. De voorgestelde aanpak kent 3 stappen. Eerst inzicht en planning, overzicht krijgen in inkomsten en uitgaven, het zogeheten huishoudboekje, bewust omgaan met geld. Daarna weerbaarheid, aflossen van schulden, opbouwen van een financiële buffer op een spaarrekening. Tot slot vermogensopbouw, verantwoord werken aan financiële onafhankelijkheid op lange termijn. Ik noem ter illustratie een historisch rendement.
Op een breed gespreide indexfonds van een maandelijkse index van 100 euro kan over 30 jaar uitgroeien tot ongeveer een ton. Dat kan bijvoorbeeld in een indexfonds die een breed gespreide index, zoals de STOXX Europe 600, volgt. Dan beleg je in de 600 grootste fondsen. Ik pleit hier dus niet voor speculatieve, volatiele producten als crypto. Dat is in het algemeen, en ik denk altijd, geen verstandige keuze voor de gemiddelde Rotterdammer. De initiatiefnota stelt voor het ontwikkelen van een gemeentelijk programma voor financiële educatie waarin deze 3 stappen worden uitgewerkt. Dit programma kan naast het reguliere armoedebeleid worden ontwikkeld. Een dergelijk programma kan ook aangeboden worden, bijvoorbeeld in het boekje ‘Bijna 18. Alles wat je wil weten als je 18 wordt.’, wat Rotterdammers ontvangen. Het kan ook door het starten van pilots met scholen en buurtorganisaties, bijvoorbeeld in een of meerdere huizen van de wijk, we hebben er 48, rond sparen budgetteren en financiële planning. Drie, het aangaan van partnerschappen met maatschappelijke organisaties en deskundige partijen voor betrouwbare leermiddelen en ik hoop ook een jaarlijkse monitoring. Beste mensen, financiële educatie en armoedebestrijding zijn complementair, maar ze zijn niet hetzelfde.
Waar armoedebestrijding zich richt op directe nood, richt financiële educatie zich op preventie en toekomstgerichte zelfredzaamheid. Investeren in financiële vaardigheden kan voorkomen dat inwoners afhankelijk worden van het sociale vangnet en draagt bij aan een doelmatigere inzet van armoedebestrijdingsmiddelen. Er blijft uiteindelijk dus meer over voor de groep die het echt nodig heeft. Zo komt het budget voor armoedebestrijding dus ook daadwerkelijk ten goede aan de mensen die het het hardst nodig hebben. Ik dank u wel voor de aandacht. Voorzitter, ik kom terug op de vraag van die mevrouw bij de Stadsverwarmers. Heb ik nu genoeg gedaan aan armoedebestrijding? Ik vond zelf van niet. Daarom heb ik dus ook nog een tweede notitie. Ik neem deze tijd mee. Geweldig. Deze duurt iets langer. Voorzitter, in Rotterdam raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
269
worden ieder jaar tussen 7500 en 8000 kinderen geboren. Startkansen verschillen sterk. Niet alleen talent of inzet, maar ook omstandigheden waar iemand wordt geboren, bepalen in toenemende mate de financiële uitgangspositie op volwassen leeftijd. Vooral het ontbreken van startkapitaal vormt een structurele belemmering bij onderwijs, ondernemerschap of het betreden van de woningmarkt. Internationaal groeit de aandacht voor het beleid dat kapitaal opbouwt vanaf de geboorte. In de Verenigde Staten is recent een voorstel gedaan om 1000 euro per baby, dus bij de geboorte, te storten in een breed gespreid indexfonds en dat valt pas vrij op volwassen leeftijd. Ook in Nederland wordt hierover gesproken. Columnist Sander Schimmelpenninck pleit in de Volkskrant voor een soortgelijk initiatief om kansenongelijkheid tegen te gaan. We waren bij de opening van het Fotomuseum recent, begin februari, en daar sprak Wim Pijbes over filantropie. Dan citeer ik: “Nederland staat aan de vooravond van een nieuw tijdperk, een periode waarin de grootste intergenerationele vermogensoverdracht in de menselijke geschiedenis gaat plaatsvinden.
Binnen 30 jaar zal door erfenissen en legaten meer dan 100 miljard euro beschikbaar komen, waarvan een aanzienlijk deel voor goede doelen.” Voorzitter, deze initiatiefnota stelt voor dat Rotterdam voortrekker wordt van het lokaal filantropisch gefinancierd startkapitaal voor elk kind dat in Rotterdam geboren wordt, gericht op lange termijn vermogensopbouw. Het voorstel in het kort is als volgt. We verstrekken 1000 euro startkapitaal per kind dat in Rotterdam wordt geboren. Dit wordt geplaatst op een gesloten beleggingsrekening. Het wordt gespreid in een breed gespreid, laag kosten indexfonds. We gaan dus geen geld lenen. Natuurlijk, het kan een jaar tegenvallen, maar uiteindelijk gaat 18, misschien 21, jaar lang dividend op dividend herbelegd door. Als je dat voorzichtig uitrekent, kom je op 3000 tot 4000 euro en dat is voorzichtig. Vrijval dus pas op volwassen leeftijd van 18 of 21 jaar en eventuele voorwaarden bij vrijval, dat is mijn advies, in ieder geval een cursus op gebied van financiële educatie. Ik vind ook dat je een schoon strafblad moet hebben. Financiering gaat via filantropen, private bijdrage en een oproep voor werkgevers, dus niet via de gemeentebegroting. Bijstorten, ik hoop het en ik hoop ook dat we dat aanmoedigen, door de werkgevers van de ouders.
Door het startkapitaal te combineren met een gesloten beleggingsrekening en filantropische financiering, wordt elke Rotterdamse baby letterlijk aandeelhouder in zijn of haar eigen toekomst. Niet afhankelijk van incidentele regelingen, maar een kapitaal dat vanaf dag 1 meegroeit. De gemeente faciliteert het kader, de governance en de uitvoering. In de startfase is een directe financiële bijdrage niet nodig. Er zullen wel wat kosten zijn aan de financiering en beheer. De structurele financiering. Iedereen heeft snel doorgerekend, 8000 kinderen maal 8000 euro is 8 miljoen per jaar. Kijken we naar de Rotterdamse fondsen. Wat wil het toeval? Komende maandag zijn alle Rotterdamse fondsen bijeen in de Burgerzaal voor een jaarlijkse bijeenkomst. Dat is een perfect moment om dit voorstel daar onder de aandacht te brengen. Burgemeester, ik kijk naar u. Ik hoop dat u ervoor zorg wil dragen dat ik daar dit voorstel, u mag het ook doen, dat ik daar positief kan worden ontvangen. Ik moest denken aan een Amerikaanse president uit een ver verleden, Abraham Lincoln. Die zei ooit: ‘The best way to predict the future is to create it.” Wij kunnen ervoor kiezen de toekomst van Rotterdamse kinderen niet af te wachten, maar mede actief mogelijk te maken. Voorzitter, dan hebben we ook nog een naam nodig voor de rekening waarvoor dit programma opdraait.
Ik dacht eerst aan ‘Gemeenteraad Accounts’ of ‘Carola Accounts’, maar ik geloof dat ‘Rotterdam Accounts’ de lading het beste dekt. Een naam die duidelijk maakt dat het gaat om onze stad, de toekomst van onze kinderen en een verantwoordelijkheid die verder reikt dan tijdelijke steun. Rotterdam Accounts. Voorzitter, ik kom terug op de vraag waar ik net mee begon. Heb ik iets gedaan? Heb ik persoonlijk iets gedaan voor armoedebestrijding in deze stad? Ik hoop oprecht dat ik hiermee iets heb bijgedragen aan de strijd tegen armoede en de toekomst van onze stad. Ik dank u wel. (Applaus.) De VOORZITTER: Hartelijk dank. De initiatiefnotitie ‘Een goede start van alle Rotterdammers’, die geleiden we door naar de commissie WIOSSAN en de initiatiefnotitie ‘Versterking van de financiële geletterdheid en de financiële weerbaarheid van de hardwerkende Rotterdammer’ geleiden we ook door naar de commissie WIOSSAN. Mevrouw raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
270
Bruin heeft ook aangegeven 2 initiatiefnotities te willen indienen. Overigens wil ik de studenten van het Albeda college, die volgens mij op de tribune zitten of een deel daarvan, van harte welkom heten. Fijn dat jullie hier zijn vandaag bij deze bijzondere raad, want het is de laatste raadsvergadering van deze raad, want daarna gaan we verkiezingen krijgen. Ook vanaf deze plek mag ik jullie aanmoedigen. Als jullie stemgerechtigd zijn, ga stemmen. Nu is het woord aan mevrouw Bruin. U gaat daar staan? Mevrouw BRUIN (lr): Nee. Ik ga niet hier staan. Ik heb er inderdaad 2. Een goed voorbeeld van de heer Koster doet volgen natuurlijk, dus dat wilde ik overtoepen met 3. Is me niet gelukt. Maar Manuel Crielaard, mijn collega-raadslid, gaat het eerste initiatiefvoorstel doen en daarna kom ik. De VOORZITTER: Dan geef ik eerst het woord aan de heer Crielaard. De heer CRIELAARD (lr): Papa, volgens mij moet je komen. Het gaat niet goed met oma. Volgens mij is het weer iets met haar hart. Met deze woorden kwam mijn zoon Arie in november 2013 naar mij toe. Hij was toen 8 jaar oud. Eerder dat jaar had hij meegemaakt dat mijn moeder een hartinfarct kreeg. Geen fijne situatie, maar achteraf wel een leerzame.
De ambulancebroeder die bij mijn ouders thuis was, nam de tijd om aan mijn zoon uit te leggen wat er gebeurde, waar hij op moest letten, wat belangrijk was en vooral dat hij niet in paniek moest raken. Ik ben tot op de dag van vandaag dankbaar voor die hulpverlener. We hebben hem nooit persoonlijk kunnen bedanken, want hij ging weer door naar de volgende melding, naar het volgende leven dat gered moest worden. Maar voor mij staat hij nog steeds symbool voor al die fantastische hulpverleners in onze stad. Stuk voor stuk helden. Hulde voor deze helden. Tien maanden later herkende mijn zoon de signalen opnieuw. Hij haalde mij erbij. We konden handelen. Mijn moeder had opnieuw een hartinfarct, later gevolgd door een hartstilstand. Dat laatste vond gelukkig inmiddels plaats in het ziekenhuis en daar was ze alleen maar omdat een achtjarige jongen had opgelet. Mijn moeder heeft daarna nog 11 jaar geleefd. Toen collega Vanessa Bruin het idee van dit initiatiefvoorstel opperde, hoefde ik dus niet lang na te denken. Zij vertelde hoe zij in groep 8 EHBO-les kreeg. Hoe zij de stabiele zijligging leerde, 112 bellen, rust bewaren en hoe dat later in haar leven drempelverlagend werkte om daadwerkelijk te handelen.
Ik moest ineens terugdenken aan mijn eigen basisschooltijd, aan tafels vol plakkerige lijmstiften, aan spreekbeurten over de Romeinen, maar vooral dat ene moment waarop je iets leerde waarvan je dacht: dit is geen proefwerkstof, dit is het echte leven. Dat is precies waar deze initiatiefnota over gaat. EHBO onderwijs is vandaag de dag niet structureel geborgd in het basisonderwijs, terwijl we wel weten dat snelle herkenning en handelen levens kan redden. Kinderen hoeven geen volledige reanimatieverantwoordelijkheid te dragen. Dat vragen we niet. Maar signalen herkennen, weten wat 112 is, weten dat je een volwassene moet halen, dat kan je leren. Misschien nog wel belangrijker, je leert ze rust. In ons initiatiefvoorstel ‘Jong geleerd is veilig gedaan’, waarin wij het college vragen om te onderzoeken hoe basale EHBO vaardigheden structureel of periodiek aangeboden kunnen worden aan leerlingen in groep 7 en 8, samen met partners als het Rode Kruis de Nederlandse Reanimatie Raad en anderen, met mogelijk een pilot in Rotterdamse gebieden. Niet verplichtend, niet politiek, maar maatschappelijk verbindend. Want een veilige stad begint niet alleen bij politie en handhaving. Het is heel belangrijk, maar een veilige stad begint bij kennis, bij vertrouwen, bij handelingsvermogen. Laten we eerlijk zijn, we leren kinderen staartdelingen.
We leren ze het verschil tussen een bijwoordelijke bepaling en een leidend voorwerp, de D’s en vooral de T's, waar ik persoonlijk nog steeds af en toe over twijfel en wij in Rotterdam wat vrij mee omgaan. Maar leren we ze wat te doen als opa niet meer reageert? Wat mij betreft hoort die wijsheid niet alleen uit praktijkervaring te komen, zoals bij mijn zoon. Dat wens je geen enkel kind toe als eerste kennismaking. Die wijsheid hoort daar waar elk kind komt, in principe op school. Daarom dienen Vanessa Bruin en ik vandaag deze initiatiefnota in, met de overtuiging dat wie jong leert helpen, dat hun leven lang blijft doen. Voorzitter, laten we ervoor zorgen dat de Rotterdamse kinderen niet raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
271
machteloos hoeven toe te kijken wanneer elke seconde telt. Papa, volgens mij moet je komen. Het gaat niet goed met oma. Volgens mij is het iets met haar hart. Dat hebben wij geleerd op school. Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. De initiatiefnotitie ‘Jong geleerd is veilig gedaan’, die zullen wij doorgeleiden naar de commissie WIOSSAN. Dan is nu wel het woord aan mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Voorzitter, ik dien vandaag een initiatiefnotitie in met als titel ‘Regie op Betaalbaar Wonen’. Voorzitter, we bouwen in Rotterdam veel, maar het is voorlopig simpelweg niet genoeg. De cruciale vraag is, bouwen we ook wat Rotterdammers echt nodig hebben? De wachttijden voor sociale huur lopen op, middeninkomens worden verdrongen en bij nieuwe projecten zien we dat betaalbaar wonen vaak onder druk staat zodra de financiële haalbaarheid begint te knellen. Met deze initiatiefnotitie ‘Regie op Betaalbaar Wonen’ zeggen wij: het publieke belang van wonen laten wij niet afhangen van toevallige onderhandelingen per project. Creëer een structureel vereffeningsmechanisme. Het is heel simpel. Wie minder betaalbaar bouwt dan gewenst, draagt bij en wie meer betaalbaar bouwt, wordt ondersteund. De Omgevingswet biedt daar expliciet juridische mogelijkheden voor. Andere gemeentes passen dit inmiddels al toe. Rotterdam kan en mag hier niet in achterblijven.
Let op, dit voorstel is geen aanval op de markt. Het is een correctie op scheefgroei. We bouwen niet alleen meer, we bouwen eerlijker met regie en dat is wat wij vragen te onderzoeken. Eerlijk delen, eerlijk bouwen. Voorzitter, ik zie met vertrouwen een collegereactie tegemoet. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. De initiatiefnotitie ‘Regie op Betaalbaar Wonen’ zullen wij doorgeleiden naar de commissie BWB. De VOORZITTER: Dan zijn we nu aangekomen bij de vaststelling. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter? De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Ik zou graag nog een compliment willen uitdelen aan de fractie van Leefbaar, dat allereerst natuurlijk, voor de initiatiefvoorstellen, maar ook een verzoek voor de volgende raadsperiode. Bij mijn fractie is op een gegeven moment de indruk ontstaan dat 18 december de laatste ronde was voor initiatiefvoorstellen. Dat is ergens tegen mijn fractieleden gezegd. Wij zijn bijzonder teleurgesteld dat die indruk ergens is ontstaan. Dus ik zou voor een volgende periode willen meegeven dat we in ieder geval voor de raadsleden duidelijk maken dat we altijd ons initiatiefrecht kunnen blijven gebruiken. De VOORZITTER: Dat laatste is altijd zo. Achttien december was het laatste moment dat het college nieuwe zaken kon opbrengen.
Dat ging over, vanuit de kant van het college, om de raad in staat te stellen om nog op tijd zaken te kunnen behandelen. Maar wij zullen u nooit het recht ontnemen om zaken te agenderen, want dat is waar u hiervoor bent aangesteld. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dank u wel. In het geval dat Leefbaar 0 zetels haalt, worden dan de initiatiefnota’s behandeld? De VOORZITTER: Dit wordt een hele hypothetische discussie. Initiatiefnotities worden in principe door de commissie in behandeling genomen. Dus het is ook aan de commissie om daar verder mee om te gaan. Maar het is niet aan mij om te bepalen wie dan wel en niet een notitie mag gaan behandelen. Uiteindelijk gaat u, raad, daar zelf over en kunt u daar ook goed uw weg in vinden.
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
272
2.
Vaststelling van de agenda voor de raadsvergadering van 26 februari 2026.
De VOORZITTER: Dan gaan we nu daadwerkelijk over naar de vaststelling van de agenda. Ik zal die met u doornemen en aan het eind zal ik u ook de gelegenheid geven nog aanvullende opmerkingen te maken. Bij agendapunt 6 heb ik begrepen dat er een verzoek is om het reguliere debat agendapunt 6.2 Het voorstel tot vaststelling van de Regiovisie GR Jeugdhulp Rijnmond om te zetten naar een tweeminutendebat. Ik kijk naar mevrouw De Bruijn. Die is er niet. Dan zullen we dat op die manier doen. Dan stel ik vast dat we 6.2 behandelen als tweeminutendebat en dan doen we dat voor 7.16 de kadernota van de GR Jeugdhulp Rijnmond. Akkoord? De heer Verhoef. De heer VERHOEF (lr): Dank u wel, voorzitter. Ik wilde voorstellen, we hadden al een poll gedaan in onze groepsapp, om 6.4 om te zetten naar een tweeminutendebat. De VOORZITTER: Dus agendapunt 6.4, het verzoek om dat om te zetten in het tweeminutendebat. We gaan kijken op welke plek we dat laten komen, want we willen het zo veel mogelijk clusteren voor de woordvoerders, dat ze niet continu op en af hoeven te komen. Dus u hoort nog van ons op welke plek precies dat tweeminutendebat plaatsvindt, maar dat doen we met name om te kijken hoe dat met de woordvoerders, die op andere onderwerpen zitten, ook dat leven wat makkelijker kunnen maken. Mevrouw Verkoelen.
Mevrouw VERKOELEN (gv): Ik ben voor alles voor, maar kunt u nog aangeven hoe de polluitslag was? Want die heb ik niet in mijn hoofd. Anders zou u toch moeten vragen of iedereen het vindt. De heer VERHOEF (lr): Dat ben ik met u eens. De VOORZITTER: Met de opmerking van de heer Verhoef was ik ervan uitgegaan dat u daar allemaal mee had ingestemd. Dan gaan we een rondje doen. Dan gaan we rondkijken of iemand bezwaar heeft tegen het omzetten naar een tweeminutendebat. Die poll was volgens mij unaniem, als ik het zo lees. Dan stel ik voor dat 6.4 wordt omgezet naar een tweeminutendebat en u hoort nog welk agendapunt precies dat gaat worden. Dan kom ik bij agendapunt 7. Er is vanuit de raad 1 verzoek ontvangen voor een tweeminutendebat Seksvergunning voor evenementen. Ik stel voor dat te behandelen als agendapunt 7.18. Iedereen akkoord? Dan doen we dat zo. Ik heb ook gehoord dat er een voorstel is om agendapunt 7.2 B/C evenementen overzicht 2026 te behandelen als regulier debat. Mevrouw Abrahamse. Mevrouw ABRAHAMSE (vvd): Dank u wel, voorzitter. Inderdaad. Het ging natuurlijk over de B/C kalender, maar iets wat daar ook bij hoort, is wat deze week in het AD verscheen over de marathon en de horeca, wat hun plannen daarvoor zijn in een brief die naar ons is toegegaan. Daar hebben we nog te veel vragen voor om dat in een tweeminutendebat te behandelen.
Dus vandaar dat we het willen opplussen naar een regulier debat, omdat ons dat een betere vorm lijkt dan een tweeminutendebat, dat alleen voor moties is bedoeld. De VOORZITTER: Dan kijk ik rond of dat daar draagvlak voor is om agendapunt 7.2 om te zetten in een regulier debat. Dan gaan we dat doen en we doen dat na 6.5. Na het laatste reguliere debat komt deze erbij. Akkoord? Ik hoor net dat 6.4 tussen 7.6 en 7.7 komt. Het punt van de heer Verhoef komt tussen 7.6 en 7.7 in, 7.6a, zoiets. Dan is er bij agendapunt 8 vanuit de raad 1 verzoek ontvangen voor een kort bespreekpunt ‘Deel het vervoersplan 2027’. Ik stel voor dit te behandelen als agendapunt 8.1. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Een volgend punt, 7.13.
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
273
De VOORZITTER: Ik hamer deze dan af, want dat moet ik nog doen. Dan krijgt mevrouw Vlieger het woord. Mevrouw VLIEGER (gl): De vraag was of 7.13 naar een regulier debat zou kunnen. Het wordt geen uitgebreid debat. Het is al voorbesproken, maar wel de mogelijkheid tot nog enkele vragen, wat anders niet kan bij een tweeminutendebat. De VOORZITTER: Dus er is nu een verzoek om agendapunt 7.13 om te zetten naar een regulier debat, heb ik begrepen. 7.13 is Het voorstel tot wijziging van de verordening inspraak, digitale meningspeiling, burgerinitiatief en referenda 2018. Is iedereen daarmee akkoord? Dan zal dit na 7.2, dat is net omgezet, zal dit ook een regulier debat worden. Dus het laatste regulier debat in het rijtje, noem ik het maar. Aldus besloten. Het wordt het laatste reguliere debat, dus aan het eind van het rijtje. Zijn er nog anderen die opmerkingen willen maken over de agenda of nog vragen hebben? Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (gv): Kunt u nog een keer die 8.1 herhalen? Want het rammelde erdoorheen en ik had geen tijd om het te noteren. De VOORZITTER: Dat is het kort bespreekpunt ‘Deel het vervoersplan 2027’, is aangevraagd door de SP. Kunnen wij de volgorde anders nog oplezen? We appen de volgende rond. Dan heeft u hem allemaal correct, want ik zit ook hard mee te schrijven, dus dat zal voor u niet makkelijker zijn.
Maar we zullen zorgen dat u de goede volgorde heeft, zodat u ook weet wanneer u hier in deze zaal moet verschijnen of uw woordvoerder. Dan kom ik nu bij de spreektijd voor vandaag. Het voorstel vanuit het presidium is om 1,5 uur spreektijd beschikbaar te stellen voor het verantwoordingsdebat en 3,5 uur voor de overige debatten, waarbij de spreektijden uitwisselbaar zijn. Dus als u alles naar het verantwoordingsdebat wil doen, dan kan dat. Als u alles naar de rest wil doen, kan ook en daar alles tussenin ook. We beginnen met 1,5 uur op de klok, maar als u daar overheen bent, dan wordt het automatisch afgehaald van de reguliere tijd die u nog resteert in het tweede deel. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (gv): Voorzitter, ik heb nog 3 seconden in een filmpje over die ik graag wil vullen. Maar anders als anders wil ik niet om spreektijd verlenging vragen, maar verkorting. Het is onmogelijk wat we hier hebben liggen aan een agenda. Als ik hem zelf doorreken, zijn we tot 4.00 uur, 5.00 uur morgenvroeg bezig. Ik weet niet hoe het anderen vergaat, maar ik ben elke avond bezig. Ik sta morgenvroeg om 9.30 uur weer bij mijn volgende afspraak voor activiteiten te doen. Ik weet niet hoe we dit moeten oplossen, maar ik zie het echt niet zitten dat we met elkaar hier tot een bepaalde eindtijd gaan.
Dus mijn voorstel zou zijn, kunnen we in ieder geval een eindtijd afspreken? Dan ben ik er voor om minstens 1,5 uur erbij te gooien, want daar zitten we aan. Maar hoe willen we dit gaan oplossen? Want dit is onmogelijk. De enige oplossing die we hebben, is minder tijd. Minder tijd betekent dat het op een gegeven moment op is en dan kunnen we naar huis. De VOORZITTER: Ik constateer dat we wel een unicum te pakken hebben, want in al die tijd dat ik hier heb gezeten, heeft mevrouw Verkoelen altijd alleen maar om meer tijd gevraagd. Ze vraagt nu om minder tijd. Ik zou bijna willen zeggen: mevrouw Verkoelen, kort. Mevrouw VERKOELEN (gv): Mand. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, alle gekheid op een stokje. Het is onze laatste raad. We willen dit allemaal goed met elkaar afronden. Ik zou dan liever inderdaad de oproep doen die u ook zegt, dat wij het kort en bondig houden. Laten we dan ook snel gaan naar de
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
274
debatten. Dus geen steun om spreektijd in te nemen. Iedereen heeft zich er dadelijk op voorbereid. Ik zou zeggen: snel aan de slag. De VOORZITTER: Ik kijk rond en ik proef dat er nu geen behoefte is om de tijd in te korten. Ik deel wel de opmerking van mevrouw Van Groningen. We zijn er zelf bij. Dus als wij zelf onderling hele lange verhalen, ik zal mijzelf nu ook gelijk gaan bekorten, want ik neem de tijd nu ook in, dan kunnen we nog op een enigszins normale tijd deze vergadering beëindigen. Maar dan stel ik 1,5 uur spreektijd vast. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (gv): Wat ik wil weten, is hoe we ermee omgaan. Want ik kan op voorhand zeggen dat de spreektijd het niet gaat halen bij. Zelf mij niet, maar ik kan nog zeggen ik doe niet meer mee. Maar ik kan op voorhand op dit moment zeggen dat geen enkele politieke partij het met 3,5 uur gaat halen met zo een agenda. Wat ik echt uitermate vervelend vind, is dat we vervolgens om 20.00 uur vanavond bepalen dat we gaan opplussen. Want dan komen heel veel partijen in de problemen, omdat ze er geen rekening mee hebben gehouden in hun voorbereidingstijd. Daar zit wel een punt. De VOORZITTER: Wat is uw voorstel dan? Mevrouw VERKOELEN (gv): Heel eerlijk gezegd, dan zeg ik: plus hem dan maar op. Voor mij betekent dat dat ik beneden kan gaan zitten en een betoog kan gaan zitten schrijven voor iets.
Als ik pas om 20.00 uur weet dat om 20.15 uur er iets opgeplust wordt, heb ik geen betoog. De VOORZITTER: De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Voorzitter, we zijn hier 10 minuten aan het bakkeleien over spreektijd. Laten we beginnen. Het heeft te lang geduurd. De VOORZITTER: Ik constateer dat de meerderheid van deze raad instemt met 1,5 en 3,5. Nogmaals, het is uitwisselbaar, maar dan gaan we dat als spreektijden hanteren. Het stemvenster is aan het eind van de vergadering. Indien nodig zullen wij voor het stemvenster kort schorsen voor fractieoverleg, maar mijn oproep is wel: probeer dit zoveel mogelijk al tussendoor te doen, want dat scheelt echt midden in de nacht. Rond 12.45 uur is er een lunch beschikbaar op de omloop. De warme maaltijd is rond 18.30 uur op de gebruikelijke locatie. Traditiegetrouw sluiten we de laatste vergadering van de periode af met een hapje en een drankje op de omloop, afhankelijk van hoeveel energie u nog heeft. 4.
Vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergadering van 29 januari 2026.
De VOORZITTER: Dan ga ik snel door met de vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergadering van 29 januari 2026. Wenst iemand nog het woord naar aanleiding van deze notulen? De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp): Voorzitter, we hebben het nooit over notulen en de mensen die die maken. Vroeger zat daar een dame achter een tafeltje met steno alles op te schrijven. Nu doen ze dat achter de schermen. Alle lof voor de notulisten, zou ik zeggen, en andere mensen achter de schermen die alles mogelijk maken. Meestal prima afgewerkt, maar ik heb toch een kleine correctie voor deze notulen. Pagina 17, bovenin, daar staat na “de heer Coşkun heeft een vraag” op de volgende regel “De voorzitter” terwijl daar natuurlijk de heer Coşkun had moeten staan. Dat gaat over de community Builders. Dat is voor de zoekmachines in de toekomst. Anders vinden ze niet mij, maar u. Dan worden u woorden in de mond gelegd die van mij waren. Dat was het, voorzitter.
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
275
De VOORZITTER: Dat dienen we gelijk recht te zetten, maar dank voor deze mededeling en dan zullen we dat ook aanpassen. Zijn er anderen nog? Met deze wijziging stel ik de notulen van 29 januari 2026 vast. 3.
Mededeling van de ingekomen stukken aan de raad en de commissies, zoals genoemd op de digitale doorlopende lijst 2026 week 5 t/m 8.
De VOORZITTER: Dan is er een Mededeling van de ingekomen stukken aan de raad en de commissies, zoals genoemd op de digitale doorlopende lijst 2026 van week 5 t/m 8. Ik stel u voor de behandelwijze zoals vermeld bij het desbetreffende stuk vast te stellen. U kent de procedure. Als u een opmerking heeft met betrekking tot een bepaald stuk, dan verzoek ik u het bijbehorende BB-nummer te noemen dat bij het stuk staat. Iemand? Niet. Dan constateer ik dat dat niet het geval is en is hiermee de lijst van de ingekomen stukken vastgesteld. 5.
HAMERSTUKKEN
5.1
Het voorstel met betrekking tot aanvraag bijdrageregeling voor in 2025 gemaakte kosten voor het opsporen en opruimen van ontplofbare oorlogsresten.
De VOORZITTER: Dan gaan we naar de hamerstukken. 5.1 Het voorstel met betrekking tot aanvraag bijdrageregeling voor in 2025 gemaakte kosten voor het opsporen en opruimen van ontplofbare oorlogsresten. Akkoord? 5.2
Het voorstel tot wijziging van de nota Rotterdams grondbeleid met betrekking tot het optoppen van woningen.
De VOORZITTER: Het voorstel tot wijziging van de nota Rotterdams grondbeleid met betrekking tot het optoppen van woningen. Akkoord? 5.3
Het herziene voorstel tot onderhandse verkoop van panden aan de Rechthuislaan en Tolhuislaan.
De VOORZITTER: Het herziene voorstel tot onderhandse verkoop van panden aan de Rechthuislaan en de Tolhuislaan. Akkoord? 5.4
Het voorstel tot vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan ‘H2 Conversiepark 2’.
De VOORZITTER: Het voorstel tot vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan ‘H2 Conversiepark 2’. Akkoord? 5.5
Het voorstel van het presidium tot vaststelling van verordeningen m.b.t. de gemeentelijke ombudsman en de Rekenkamer Rotterdam. a. Verordening gemeentelijke ombudsman 2026; b. Verordening Rekenkamer Rotterdam 2026; c. Verordening rechtspositie gemeentelijke ombudsman en lid Rekenkamer Rotterdam.
De VOORZITTER: Het voorstel van het presidium tot vaststelling van de verordeningen met betrekking tot de gemeentelijke ombudsman en de Rekenkamer Rotterdam, verordening gemeentelijke ombudsman 2026, verordening Rekenkamer Rotterdam 2026, verordening rechtspositie gemeentelijk ombudsman en lid Rekenkamer Rotterdam. Dit zijn 3 ontwerpbesluiten. Akkoord voor alle drie?
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
276
5.6
Het voorstel van het presidium tot vaststelling van de Organisatieverordening griffie en begroting raad en griffie Rotterdam 2026.
De VOORZITTER: Het voorstel van het presidium tot vaststelling van de Organisatieverordening griffie en Begroting raad en griffie Rotterdam 2026. Akkoord? 6.
REGULIERE DEBATTEN
6.1
Debat over collegeverantwoording Eén Stad 2022-2026 en het rapport van de Rekenkamer Rotterdam ‘Targets tellen: eindbeoordeling collegetargets 2022-2026’.
De VOORZITTER: Dan komen we bij het verantwoordingsdebat. De volgorde van spreken is zoals ook bij de begrotingen, dus dan is als eerste het woord aan mevrouw Kockelkoren. Vanuit de zijde van het college zal straks de beantwoording ook in de gebruikelijke volgorde zijn, te beginnen met wethouder Simons. Mevrouw Kockelkoren heeft het woord. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, dank u wel. Als fractievoorzitter van de grootste oppositiepartij en laatste fractievoorzitter van GroenLinks Rotterdam zal ik vandaag de spits afbijten in het verantwoordingsdebat met dit rechtse college. Onze meetlat is helder. Is onze stad er afgelopen jaren eerlijker, groener en duurzamer op geworden voor Rotterdammers? Beste raad, ik moet helaas eerst met een aantal kritische noten starten voordat ik ook wat positieve noten uiteraard zal benoemen, zoals jullie van ons gewend zijn. Maar we beginnen kritisch, want het stoplichtmodel met targets laat geen mooi verhaal zien. Dit college heeft maar 40 procent van de eigen doelstellingen behaald. Negen van de 15 targets staan op rood of oranje. Dat is een dikke onvoldoende. Maar dit college leeft in een eigen werkelijkheid, lijkt het wel, en jubelt dat meer dan 70 procent van de ambitieuze collegetargets bijna is gehaald. De stad vertelt een ander verhaal. Het straatbeeld is er tijdens dit college niet beter op geworden.
De stad laat zich massaal horen over drugsoverlast, verkeersoverlast en afval. Bewoners zijn er klaar mee. De stad ruikt naar de geur van achteruitgang, kopte het AD. Intussen daalt het veiligheidsgevoel en worstelt onze haven. Dit college gooide er in de laatste paar maanden nog enkele miljoenen aan offensieven tegenaan in een poging om hun straatje schoon te vegen. De fractie van Leefbaar gooide er ook nog 4 initiatiefvoorstellen achteraan. Kennelijk was het allemaal nog niet voldoende. Daar zijn wij het mee eens, want ook na die offensieven is het niet gelukt. De targets op schoon en veilig zijn niet gehaald, tot droefheid van veel bewoners. Voorzitter, laten we het eerste target van dit college erbij pakken, het verbeteren van de veiligheid in de stad of in ieder geval gelijk houden. Maar ook dat is niet gehaald. Sterker nog, de veiligheidscode na 4 jaar is zelfs slechter dan toen dit college begon in 2022. Wie een inloopvoorziening voor verslaafde mensen sluit, kan investeren in handhaving, maar zorgt juist voor meer overlast. We hebben gezien dat wanneer de wethouder wel met ons samenwerkte, er goede dingen gebeurden, zoals de opvang aan de Volkelstraat. Maar er is veel te veel tijd verloren gegaan met onzin als bankjes weghalen, boetes uitdelen aan dakloze mensen en discussie over het verplaatsen van de Pauluskerk. Wij willen geen tijd meer verliezen.
Stop dakloosheid door te investeren in de sociale basis en te breken met taboes rondom het aanpakken van drugsoverlast, door de nachtopvang voor iedereen permanent te openen, door waar nodig gebruikersruimtes te realiseren, zolang die er nog niet zijn, met een paar wielen eronder, zoals de crack camper. Wij willen een stad met een hart, waar we niet wegkijken, maar naar elkaar omkijken. Voorzitter, wonen. De Rekenkamer beveelt aan niet alleen te focussen op het halen van een target, maar ook te kijken naar het bredere verhaal achter de cijfers om een tunnelvisie te voorkomen. Voorzitter, dat is mislukt. Na 4 jaar zijn er nog steeds 90.000 Rotterdammers op zoek naar een betaalbare woning met een huurprijs onder de 900 euro en is het aantal sociale huurwoningen in onze stad per saldo niet toegenomen. Ondertussen staan duizenden woningen leeg, maar weigerde het college dit deze periode aan te pakken. Rotterdammers
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
277
vragen om een huis dat zij kunnen betalen. GroenLinks-PvdA gaat de komende periode alles uit de kast halen om werkelijk extra betaalbare huizen te realiseren. De VOORZITTER: De heer Roskam. De heer ROSKAM (lr): Ik hoor een paar leuke getallen van mevrouw Kockelkoren. Het vorige college had maar 27 procent van de doelen behaald ten opzichte van 40 procent door dit college. Dus dat zal een nog dikkere onvoldoende geweest zijn volgens uw logica. Daarnaast wil ik vragen, hoe reflecteert u op het feit dat dit college 60 procent van de woningen in het betaalbare segment heeft gerealiseerd, waar het vorige college maar 45 procent had gerealiseerd? Het vorige college met GroenLinks erin, die bouwde voor de dure inkomens. Dit college bouwt voor de Rotterdammers die werken. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, dat is een interruptie die je had kunnen zien aankomen, want dat is hoe het hier elke keer gaat. We zitten hier voor het verantwoordingsdebat van wat dit college 4 jaar heeft gedaan. Het zou ook u als coalitiepartij sieren om te kijken wat zijn de resultaten die behaald zijn in plaats van terug te kijken naar 4 jaar geleden. Dat staat in de weg dat wij hier werkelijk de doelen realiseren die zo belangrijk zijn voor Rotterdammers. De VOORZITTER: De heer Roskam. De heer ROSKAM (lr): Het is duidelijk.
Dus op de bouw is geen antwoord, maar inderdaad, we kijken naar wat dit college heeft gerealiseerd. Daar kijken wij ook naar en wij zien een verbetering ten opzichte van het vorige college. Dank u. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, op de bouw heb ik zeker wel een antwoord. Het bouwen van betaalbare woningen is hard nodig, maar wat wij zien, is dat de doelen die gesteld waren volstrekt onvoldoende waren om aan al die woningzoekende Rotterdammers, die een betaalbare woning nodig hebben, tegemoet te komen. Dat ligt met name aan de doelstelling die het college zichzelf heeft gesteld, het aantal sociale woningen gelijk houden. Daarmee blijven al die Rotterdammers op een wachtlijst staan. Daar is echt tekortgeschoten. De VOORZITTER: De heer Roskam. De heer ROSKAM (lr): Dit college heeft meer sociaal bijgebouwd dan het target was. Laten we ook niet vergeten dat het de colleges waren waar GroenLinks-PvdA aan de knoppen zat dat de Tweebosbuurt werd gesloopt en dat Zuid werd gehalveerd toen er 25.000 woningen van de sociale voorraad eruit werden getrokken. Wij bouwen terug wat u gesloopt heeft. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Ik weet niet waar ik moet beginnen bij deze interruptie eerlijk gezegd. Betaalbare woningen voor Rotterdammers zijn nodig.
Het is niet voor niets dat de corporaties een kalender notabene uitbrachten met 365 Rotterdamse huishoudens wanhopig op zoek naar een woning. Elke dag achter een computer zitten om in te schrijven op woningen, geen woningen kunnen vinden, 7 jaar staan ze op een wachtlijst. Als u wilt blijven praten over 4 jaar geleden, prima. Ik vind dat tijdverdrijf. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
278
Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, D66 is het helemaal eens met GroenLinks-PvdA. We moeten blijven doorbouwen in deze stad en we moeten ook ervoor zorgen dat er zo veel mogelijk betaalbare woningen worden gebouwd. Is mevrouw Kockelkoren het met mij eens dat we nog nooit in 4 jaar tijd zoveel woningen hebben gebouwd als in deze collegeperiode? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Ik heb ook een compliment uitgedeeld of ik zal een compliment uitdelen. Ik vind het goed dat er woningen gebouwd worden. Daar hebben wij ook allemaal voor gestemd. Wat ik niet goed vind, is dat wij, en dat hebben wij afgelopen 4 jaar lang elke keer betoogd, als je dit aantal betaalbare woningen bouwt, dan los je het probleem voor gewone Rotterdammers die een woning zoeken niet op. Dat hebben wij 3 jaar geleden gezegd, hebben we 2 jaar geleden gezegd en hebben we 1 jaar geleden gezegd. Dat blijft hetzelfde. Als je dan 4 jaar lang zo door hobbelt, dan blijven die Rotterdammers 7 jaar op een wachtlijst staan. Dat is onvoldoende. Wij willen dat aanpakken. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ik lees in het verkiezingsprogramma van GroenLinksPvdA dat zij van plan zijn om betaalbare woningen naar 80 procent op te hogen.
Maar mijn vraag is dan, hoe wilt u ervoor zorgen met dit percentage dat die woningen ook daadwerkelijk in de stad worden gebouwd? Want de grootste uitdaging in de bouwopgave is om ervoor te zorgen dat die projecten, die we allemaal willen, ook gerealiseerd te krijgen en die bouw te starten. Dat is de wethouder Zeegers gelukt door 12.500 extra woningen in de bouw te starten. Hoe is GroenLinks-PvdA, zonder ergens een geldboom te vinden, van plan om die bouw daadwerkelijk gestart te krijgen? Want dat is wat u zegt. Daar ben ik het helemaal mee eens. Maar als we die 100.000 woningen in deze stad erbij krijgen, dan moeten we ook eerlijk zijn. Dan is mijn vraag aan u, waar haalt u dat geld vandaan? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik denk dat er te veel gefocust wordt op nieuwbouw alleen. We hebben gisteravond een debat gevoerd waarin het ging over woningen vinden. In de bestaande voorraad staan enorme aantallen woningen leeg. Dit college en deze coalitie weigerden om een leegstandsverordening bijvoorbeeld aan te nemen. Dat zijn ontzettend veel panden die je sneller en eenvoudiger kan ombouwen tot een betaalbare woning. Je kunt optoppen, je kunt aanbouwen, je kunt bijbouwen, je kunt woningen splitsen. Er zijn ontzettend veel manieren om 100.000 woningen te vinden in de bestaande omgeving zonder nieuwbouw. Daarnaast moet je nieuwbouw doen.
Maar dat dit college de afgelopen 4 jaar die hele bouwstroom compleet heeft genegeerd en bovendien heeft gefocust op het gelijk houden van sociale woningen, daarmee is het probleem voor Rotterdammers die zoeken naar een betaalbare woning simpelweg onvoldoende aangepakt en niet opgelost. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen, afrondend. Mevrouw MAASSEN (d66): Een laatste vraag. Ik ben het helemaal eens met GroenLinksPvdA. We moeten in de volle breedte inzetten om ervoor te zorgen dat er voor iedereen in Rotterdam hier een thuis komt. Maar waar ik me door verbaasde, want ik begrijp dat Leefbaar Rotterdam zegt dat Rotterdammers eerst moeten, maar nu schetste mijn verbazing dat GroenLinks-PvdA ook de Rotterdammers eerst een huis zou geven en niet de kwetsbare groepen van buiten Rotterdam die hier in Rotterdam een thuis zoeken. Is dat ook een van de oplossingen die GroenLinks-PvdA voor zich ziet, om Rotterdammers voorrang te geven op de woningmarkt ten opzichte van mensen die van buiten hier een woning zoeken? raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
279
De VOORZITTER: Mevrouw Reitema wil hierop reageren. Mevrouw REITEMA (pvda): Ik wil graag op D66 reageren, want ik snap dat het GroenLinksPvdA verkiezingsprogramma natuurlijk zo goed en interessant is dat D66 het liever daarover heeft, maar we staan hier een verantwoordingsdebat te houden over wat u, onder andere uw partij, in het college de afgelopen 4 jaar heeft gedaan. Dus laten we het alsjeblieft houden bij de prestaties van dit college, het verantwoordingsdebat en niet hier nog een campagnedebat voeren. We hebben al genoeg campagnedebatten. Daarom willen we ook op tijd naar huis, zodat we dat weer goed kunnen doen de komende 2,5 weken. Maar hier staan we toch echt de verantwoording van uw college te hebben. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, daar ben ik het helemaal mee eens. Ik concludeer ook dat we, op 73 woningen na, de collegetargets hebben gehaald. Op het moment dat GroenLinks-PvdA zegt: wij zijn het hier niet mee eens, het moet meer en beter, dan is mijn vraag: hoe wilt u dat bereiken? Een vervolgvraag.
GroenLinks-PvdA wil in de volle breedte inzetten om die woningen te bereiken, daar is D66 het helemaal mee eens, maar mijn vraag is wel: omarmt u dan ook de slogan “Rotterdammers eerst”? Omdat ik was verbaasd dat ik zie dat u Rotterdammers op de sociale woningmarkt voorrang wil geven ten opzichte van andere groepen in de stad die op zoek zijn naar huis. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, wat wij willen, is dat we bouwen voor gemeenschappen. Dus je hebt in buurten bijvoorbeeld ouderen die willen doorverhuizen in hun eigen wijk, die afhankelijk zijn van mantelzorg in hun eigen buurt. Dat gebeurt nu ook al. Dat is wat wij willen voortzetten. Dus dat is een staande praktijk. Dat is ook wat wij hebben opgeschreven, omdat wij zien dat het belangrijk is om te bouwen voor gemeenschappen dat je die doorstroming van ouderen naar een andere woning in hun eigen buurt bevordert. Dat is waar wij op doelen. Verder staan wij juist open voor iedereen die hier in Rotterdam een bijdrage kan leveren. De VOORZITTER: Tot slot, mevrouw Maassen. Dan ga ik naar mevrouw Reitema. Mevrouw MAASSEN (d66): Afrondend, ik kom tot de conclusie dat in die zin de slogan van Leefbaar Rotterdam en GroenLinks-PvdA helemaal niet zo van elkaar afwijkt, want beide partijen willen Rotterdammers eerst in de woningmarkt. D66 kiest voor een andere aanpak.
Wij kiezen ervoor om de stad open te stellen voor iedereen en dat iedereen hier in de stad welkom is en een sociale huurwoning kan krijgen. Dank u wel. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, mag ik daarop reageren? Want ik vind dit een conclusie en mij dingen in de mond leggen die totaal afwijkt van wat ik heb gezegd en dat door een partij die de afgelopen jaar de LVV heeft gesloten, die het afgelopen jaar een grens onder Rotterdam heeft gelegd, omdat er absoluut niet meer mensen hier binnen mochten komen dan de target dat gesteld was. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik vraag me ook af of mevrouw Maassen de Stemwijzer heeft ingevuld of daadwerkelijk de toelichting daarop heeft gekeken en ook ons verkiezingsprogramma. Want wij hebben het over dat we het belangrijk vinden dat Rotterdammers in hun eigen wijk kunnen doorverhuizen. Dat is iets anders dan de platte stelling als zodanig overnemen. raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
280
De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ik baseer me inderdaad op de feiten zoals ik ze heb gevonden. Daarin staat dat GroenLinks-PvdA voering wil geven aan Rotterdammers op de sociale woningmarkt. Dat betekent dat er ook door GroenLinks-PvdA een hek wordt gebouwd om de stad. Wat ons betreft kan dat ook op een andere manier. Iedereen is hier welkom, mensen van buiten, Rotterdammers die op zoek zijn naar een woning. Ik begrijp dat dat enigszins gevoelig ligt aan mijn rechterzijde. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dank u wel. Er is veel gewisseld al in dit bouwdebat en dat wil ik ook zeker niet overdoen. Volgens mij weet u heel goed dat wij als VVD in ieder geval voor dat middensegment willen bouwen. We hebben genoeg sociaal. Sterker nog, we hebben meer dan dat percentage gehaald. Maar waar ik met u naartoe wil, is het volgende. We kunnen bouwen in deze stad wat we willen, maar ik ben het helemaal met u eens dat u zegt dat de veiligheid niet voldoende is. Daar begon u uw betoog mee.
Ik ben op zoek naar wat u van plan bent aan die veiligheid te doen, want ik heb hier een lijst staan met 12 pagina's met allerlei voorstellen die wij de afgelopen collegeperiode hebben ingediend, waaronder samen de Lijnbaan veilig maken, waar u heeft tegengestemd, met een motie voor vuurwerk geweldplegers markeren en op sturen, waar u tegen heeft gestemd. Dus ik ben een beetje op zoek. Wat gaat u doen om te zorgen dat wij deze stad echt inderdaad veiliger maken? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Is dit een verantwoordingsdebat voor ons? Ik constateer dat het college bepaalde doelen heeft gesteld en die op veiligheid niet gehaald is. Sterker nog, dat het er slechter voorstaat dan 4 jaar geleden. Daar wil ik wat van zeggen. Dan kunt u moties indienen wat u wil, maar in feite heeft het college daar kennelijk onvoldoende mee gedaan. Dus kijk vooral zelf in de spiegel. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, waar het om gaat, is dat wij, net als u, ook kritisch zijn op veiligheid. Wij vinden ook dat er een stapje bij moet. Wij vinden dat er 200 extra handhavers moeten komen. Wij vinden dat we meer moeten preventief fouilleren. Wij vinden een hele hoop dingen en daarvoor dienen wij voorstellen in, net zoals uw partij dat doet.
Alleen dan wil ik u wel vragen, als wij met elkaar constateren dat de veiligheid niet voldoende is, dan moeten we ook met elkaar dingen gaan proberen. Mag ik u dan aan mijn zijde vinden als ik dit soort initiatieven ga indienen, dat u die dan ook gaat steunen, om het college een extra aansporing te geven om die veiligheid op peil te brengen? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik vind het bizar dat het college zichzelf een opdracht geeft, of dat wij als raad kennelijk het college een opdracht hebben gegeven, en dat het college dus in 4 vier jaar tijd slechter ervoor staat dan daarvoor. Het gaat niet om moties. Wij controleren het college. Daar zijn we nu mee bezig. Als je het aan ons vraagt, wij vinden de effectiviteit van veiligheid wordt vele malen beter bereikt door in te zetten op preventie, door te stoppen met schijnmaatregelen als preventief fouilleren en dat te steken in daadwerkelijk recherchewerk. Op dat soort zaken kan je ons vinden. Verder vind ik dit is een verantwoordingsdebat. Wij kijken naar de resultaten van dit college. Als u de afgelopen tijd
raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
281
had gevonden dat het college meer had moeten doen, dan had u dat afgelopen tijd met uw college moeten regelen. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik wil toch onderbreken en een citaat opnoemen. “Mijn wens voor Rotterdam is dat de stad over 4 jaar een stuk veiliger is. Ik zie verloedering, verhuftering van onze samenleving. Mensen voelen zich gewoon onveilig. Dat blijkt ook uit onderzoeken van de gemeente. Daarom staat het bij ons op 1.” Dat zijn de woorden van Leefbaar lijsttrekker Robert Simons in het AD 4 jaar geleden. Maar we zien nu, 4 jaar verder, dat dit collegetarget dus donkerrood is. Het is rood. Het is niet gehaald. Dan kunnen coalitiepartijen nog met zoveel initiatiefvoorstellen en moties komen, maar u heeft het niet gehaald deze 4 jaar. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Gelukkig ben ik niet de lijsttrekker van Leefbaar Rotterdam, maar sta ik hier namens de VVD. Dus ik zal ook namens de VVD antwoord geven. Ik vind ook niet dat het op veiligheid goed genoeg gaat. Daarom hebben wij veel initiatieven in deze zaal ingediend, ook initiatiefvoorstellen, veilige school goeds. Daar hebben we overigens samen met de fractie van GroenLinks ook aan gewerkt. Dus daar kunnen we elkaar ook vinden.
Maar ik vind wel dat het ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid van deze raad is om te werken aan veiligheid en te zorgen dat we dit college aansporen de juiste dingen te doen. Dan vind ik het alleen maar belangrijk dat jullie bepaalde voorstellen steunen, want de tijd van mooie praatjes en foei zeggen tegen jongens op fatbikes die allerlei jongens overvallen in wijken, die tijd is voorbij. Die moeten we hard aanpakken en dit soort jongens laten weten dat het niet ophoudt bij een keer een opmerking niet meer doen, maar daar een consequentie aan hangen. Dan heb ik u dus ook nodig. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, we zien ook dat spierballentaal helemaal niet werkt. Het werkt niet, de veiligheidsindexen gaan erop achteruit. Het is ook frappant dat aan het einde van de collegeperiode er eindelijk een aanpak komt voor IJsselmonde waar vooral preventieve maatregelen in staan. Dat steunen we van harte. Maar het blijkt ook na deze jaren alleen maar spierballentaal, hard aanpakken, dat is geen oplossing om onze stad veiliger te maken. De VOORZITTER: Afrondend, mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, het is altijd een en-en verhaal. Maar als wij niet durven door te pakken op ook repressie, dan gaat het met deze stad niet de goede kant op.
Ik hoop dat u nu een keer wil zien, want deze jongens kunnen we niet langer vriendelijk aanspreken. Die moeten we laten voelen dat het niet oké is om dit soort gedrag te vertonen in onze stad. Daar sta ik voor. De VOORZITTER: Ik probeer toch door te gaan naar de heer Roskam, want die staat al even. De heer ROSKAM (lr): Over veiligheid, aangezien we er toch op werden aangesproken als Leefbaar Rotterdam. Eens, targets niet gehaald. Daar kunnen we heel simpel over zijn, staat in het Rekenkamerrapport. Maar we moeten er ook erg in houden dat de criminaliteit en de overlast de afgelopen periode veranderd is. Vorige periode zat je met corona, was het wat rustiger op straat. De laatste tijd zaten we met geweldsexplosies, noem maar op. Dus het geweld verandert. Wij proberen dan nieuwe gereedschappen mee te geven aan het college, raadsvergadering van 26 februari 2026
Notulen pagina
282
dat ze adequaat kunnen handelen. Als wij merken dat sommige partijen meer werk maken van het verdacht maken van de politie door preventief fouilleren als discriminerend weg te zetten, dan voeden zij het wantrouwen van mensen in de instituties, voeden ze het gevoel voor onveiligheid. Dat kunt u zichzelf aanrekenen. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, het is vooral dodelijk vermoeiend dat Leefbaar de hele tijd linkse partijen verwijt alsof wij tegen de politie zijn. Wij hebben juist gehoor gegeven aan de oproepen van de politie zelf. Dus laten we het wel bij de feiten houden. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren vervolgt haar betoog. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, het is positief dat dit college de targets op groen en CO2-reductie heeft gehaald. Wij hebben daar als GroenLinks ook elke keer met het college op samengewerkt om telkens een tandje bij te zetten, bijvoorbeeld bij het opstellen van de Havenvisie en nog veel andere initiatieven. Maar we zijn er nog lang niet. De klimaatdoelen behalen in 2050 vraagt nog een grote transitie. We zien dat er stappen zijn gezet en daar willen we ook de komende 4 jaar op doorpakken. Een groene stad betekent ook een groene haven. Om te kunnen garanderen dat we trots kunnen blijven op onze haven, is het niet genoeg om de noodklok te luiden en op Den Haag te wachten.