20260129- Notulen van de raadsvergadering van 29 januari 2026
Tekst van het document
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
83
De VOORZITTER: Ik wacht even de reactie van de wethouder af. Dan is het woord nu aan de heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dank u wel, voorzitter. Het is even schipperen zo met die verschillende portefeuilles en woordvoerderschappen rondom NPRZ, maar dat geeft ook wel het belang en de breedte van het programma aan. Het is goed en belangrijk om ook bij die vernieuwde woonpijler van het NPRZ stil te staan, want daar verandert nogal wat. Misschien is dat ook wel de wal die het schip heeft doen keren. Er komen heel veel middelen beschikbaar, 685 miljoen euro en dat is goed nieuws voor Zuid. Middelen die ook anders ingezet gaan worden en vooral dat is ook goed nieuws. De tijd is meer dan rijp voor meer woningen erbij. Verdichting in plaats van die, ik zeg dat gekscherend, vinexisering. Meer variatie ook en daarmee recht doend ook aan de diversiteit van Zuid. Dank u wel. De VOORZITTER: Dan is nu het woord aan mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Voorzitter, iedereen ziet dat Rotterdam-Zuid vooruitgaat. Meer jongeren halen HAVO-VWO, meer mensen vinden werk en de bijstand daalt hier sneller dan in de rest van Nederland. Dat gebeurt niet vanzelf. Dat gebeurt dankzij het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid. En ja, voorzitter, de pijler wonen van het NPRZ blijft achter, maar dat is geen bewijs dat het NPRZ faalt, het is het bewijs dat het nodig blijft.
Wie dat gebruikt om het heel programma af te schrijven, ligt de stad voor. Natuurlijk mag de gemeenteraad kritisch zijn. Sterker nog, dat behoort tot onze controlerende kerntaak, maar laten we het debat wel inhoudelijk voeren op basis van de feiten en niet op roddels of verkiezingsretoriek. Het feit is dat er dankzij het NPRZ nu 685 miljoen euro ligt voor woningbouw op Zuid. Zonder die samenwerking van het NPRZ was dat nooit gebeurd en laat zien dat het NPRZ werkt en nodig blijft. Dat is geen toeval, dat is een resultaat. Voorzitter, Rotterdam-Zuid heeft geen behoefte aan wisselend beleid of symboolpolitiek. Zuid vraagt om verantwoordelijkheid en om een bestuur dat erbovenop zit. De ingezette koerswijziging op de pijler wonen toont niet alleen de verantwoordelijkheid van het bestuur aan, maar ook het vermogen om flexibel te zijn. Dat daar een discussie aan vooraf kan gaan, is volstrekt logisch, maar het gaat om de uitkomst en in die koerswijziging en die miljoenen die in goed overleg en onder leiding van Martin van Rijn zijn ingezet. De suggestie in het Algemeen Dagblad dat het programmabureau zich niet kan vinden in de voorgestelde koerswijziging, is, wat ons betreft, onzin. Het advies van de commissie Van Rijn wordt door alle NPRZ-partners onderschreven, inclusief het programmabureau.
Dat een woningcorporatie over die uitgevoerde discussie uitweidt in het AD, zonder verdere onderbouwing, vinden wij niet chic. Wie nu aan dit programma gaat morrelen, kiest er bewust voor om de vooruitgang op het spel te zetten. Voorzitter, de Partij van de Arbeid deelde vorige week een envelop uit in een commissie gericht aan de directeur van het NPRZ. Dat oogt misschien stoer zo vlak voor de verkiezingen, maar het is vooral een heel zielig en knap staaltje politiek wegkijken. Het is een laf politiek theater en ik zal u uitleggen waarom. Als u even wil wachten, leg ik u uit waarom en dan kunt u daarop reageren, mevrouw Reitema. Laten we eerlijk zijn: dat de Partij van de Arbeid nu opeens zit te miepen, is volstrekt ongeloofwaardig. Want het beleid waar de PvdA nu afstand van neemt, is het beleid waar zij zelf jarenlang verantwoordelijk voor waren. De PvdA stond mede aan de wieg van het NPRZ in 2011. De PvdA zat in de colleges van 2010, 2014, 2018 en 2022. De PvdA zat aan de tafels van het NPRZ, waar de woonafspraken waren gemaakt. En nu vlak voor de verkiezingen zo'n stunt uithalen met een envelop en nu doen alsof er 1 directeur, 1 persoon het probleem is, dat is te makkelijk. Dat is geen leiderschap, dat is doorzichtig en hypocriet. Precies dat is de reden waarom Leefbaar Rotterdam bestaat. De VOORZITTER: Fijn dat ik het woord mag geven aan mevrouw Reitema. Mevrouw Reitema.
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
84
Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik wilde natuurlijk ook over onze geniale actie beginnen, want heel veel Rotterdammers, heel veel mensen op Zuid hebben wel aan ons kenbaar gemaakt, we hebben ontzettend veel reacties gehad, dat zij het er ontzettend mee eens zijn. Mooie woorden van Leefbaar Rotterdam die zelf ook graag allemaal champagnetrucjes uithaalt, maar ik vind het wel belangrijk om hier wel nogmaals te benadrukken dat wij echt heel veel reacties hebben gehad en het ook wel echt de Rotterdammers op Zuid zijn die aangeven: de gemiddeldes gaan misschien wel omhoog, maar wij voelen ons echt niet meegenomen in de wijzigingen en het beleid. Ik wil niet mijn hele bijdrage hier doen. Ik ga er zo op door. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Bedankt voor de complimenten. Voorzitter, bewoners op Zuid hebben geen last van enveloppen, ze hebben last van PvdA-schimmelwoningen, last van sloop zonder perspectief, last van jarenlang niet gehoord worden en daar zou de PvdA verantwoordelijkheid voor moeten nemen. Voorzitter, wie na al die jaren meebesturen ineens met een envelop komt, neemt geen verantwoordelijkheid, maar schuift haar eigen disfunctioneren af. Dit is geen oppositie, dit is verkiezingstheater over de rug van Zuid. Rotterdam verdient beter, Rotterdam-Zuid verdient beter. Dank u wel. De VOORZITTER: Dan is het woord aan de heer Van Dommelen.
De heer DEKKERS (volt): Dank u wel. We hebben net een soort van verkiezingsdebat gehad. Laten we ons nu weer concentreren op NPRZ en op de plannen die er voorliggen. Tijdens de commissiebehandeling, voorzitter, heb ik stilgestaan bij de gigantische vooruitgang van Rotterdam-Zuid. Bij hoe groot het contrast is met 30 jaar geleden toen delen van Zuid gekenmerkt werden door verval en onveiligheid. Toen delen van Zuid bekend stonden als getto. Wie oude beelden terugziet, bijvoorbeeld in de documentaire over Pim Fortuyn, ziet een stad die ver afstaat van het Zuid van nu. Wij liepen 2 weken geleden met een uitgebreid VVD-team op Zuid en hebben dit met eigen ogen gezien en met onze eigen oren gehoord van bewoners. Zuid ontwikkelt zich goed en die verandering is het resultaat van jarenlange investeringen en bewuste keuzes, in nieuwbouw in buitenruimte, in een meer gemengde woningvoorraad, in onderwijs. Dat heeft Zuid niet alleen fysiek veranderd, maar ook economisch en sociaal versterkt. Voorzieningen volgden, net zoals nieuwe kansen. NPRZ, voorzitter, werkt. Het laat zien dat onze interventies en ons beleid effect heeft. Dat betekent niet dat we er al zijn. Er blijft forse inzet nodig. Hoe mooi is het dat we de komende jaren door blijven investeren en dat we zo'n fors bedrag uittrekken om Zuid verder door te ontwikkelen.
In de periode tot 2031 investeren we alleen al op wonen 685 miljoen in de ontwikkeling van Rotterdam-Zuid. Luister goed: 685 miljoen. Dat is heel veel geld dat we investeren in Rotterdam-Zuid. Dat is een heel goede zaak. Wij steunen ook NPRZ, maar dat moge duidelijk zijn, het NPRZ-beleid van het college. Tot slot, voorzitter. De commissievergadering van vorige week werd door sommigen aangegrepen als een openbaar functioneringsgesprek van een betrokken ambtenaar. Nu lijkt dat weer te gebeuren. Laten we dat alsjeblieft niet overdoen in deze raad. Daar is de raad niet voor bedoeld. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is nu het woord aan de heer Kind. De heer Dekkers dan. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dank u wel. Ik ga het kort houden. We hebben een uitgebreide commissiebehandeling gehad. Ik denk dat het goed is om te zien waar we staan met NPRZ en ook continu blijven bijschaven. De investeringen die we doen, die hebben effect, maar we zien ook dat beleid soms ook negatieve effecten heeft. Op Zuid, zeker in Carnisse, hebben we ook veel huizen opgekocht en dat leidt ook tot leegstand en ook wel spookstraten. We hebben een motie die oproept om daar echt een aanpak voor te maken, om raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
85
te zorgen dat we die spookstraten zo snel mogelijk weg hebben uit Carnisse en bij heer NPRZ. Die wil ik bij dezen indienen. De VOORZITTER: De heer Dekkers heeft de volgende motie ingediend. Motie 3. Jaag de spookhuizen Carnisse uit “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29-01-2026 ter bespreking van het agendapunt 6.2'Voortgangsrapportage NPRZ 2024'; constaterende dat: - de gemeente in Carnisse in het kader van het NPRZ op grote schaal woningen heeft aangekocht; - een aanzienlijk deel van deze woningen langdurig leeg staat of is dichtgetimmerd in afwachting van renovatie of sloop; - deze leegstand leidt tot zogenoemde 'spookstraten', met negatieve gevolgen voor leefbaarheid, veiligheid, mentale gezondheid en sociale samenhang; - tegelijkertijd in Rotterdam grote behoefte bestaat aan (tijdelijke) woonruimte en laagdrempelige maatschappelijke voorzieningen; overwegende dat: - langdurige leegstand die door gemeentelijk handelen ontstaat, in de periode tussen aankoop en herontwikkeling, onwenselijk is en actief moet worden tegengegaan; - tijdelijke invulling van panden (zoals tijdelijke verhuur, flexwonen, buurfuncties, ateliers, ontmoetingsplekken of maatschappelijke voorzieningen) de sociale cohesie, veiligheid en levendigheid kan bevorderen; - bewonersinitiatieven, stichtingen en maatschappelijke organisaties vaak bereid zijn tijdelijke invulling te verzorgen,
maar daarvoor ruimte en ondersteuning nodig hebben; verzoekt het college: - een Aanpak Spookstraten op te stellen waarin wordt beschreven hoe gemeentelijk aangekochte woningen sneller tijdelijk kunnen worden benut met als doel langdurige leegstand, zoals in Carnisse, te voorkomen; - bij deze aanpak bewonersinitiatieven, maatschappelijke organisaties en andere tijdelijke invullers actief te betrekken; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. L.P.A. Dekkers, S. Reitema, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, T.S.J. Coşkun en P.J.H.D. Verkoelen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan is nu het woord aan mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Leuk om de wethouder eens dichtbij te zien. Ik blaas. Daar gaat hij. Voorzitter, het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid, de NPRZ, dat is mijn stokpaardje. Een programma dat al 15 jaar draait, niet 10, maar 15. Vijftien jaar plannen, 15 jaar beleid, 15 jaar miljoenen euro's. Het begon met een belofte: Rotterdam-Zuid zou versneld mee gaan doen op wonen, onderwijs, werk en veiligheid. Maar, voorzitter, na 15 jaar is het tijd om eerlijk te zijn. Dit programma heeft zijn belofte niet waargemaakt. Niet omdat de ambitie ontbrak, want dat was er wel, maar omdat de werkwijze niet deugde. Een zwaar bestuurlijk programma dat vooral zichzelf in stand hield, terwijl de echte doorbraken uitbleven. Dat is
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
86
geen incident, dat is structureel falen. Voorzitter, laten we de NPRZ eens langs de thema's en feiten leggen. Eén, het onderwijs. Ja, er is een verbetering, maar het kerndoel, 38 procent uitstroom naar techniek, staat na 15 jaar pas op 28, 5 procent. Twee, het werk. Ja, er is een uitstroom, maar nog steeds leeft 1 op de 5 huishoudens op Zuid rond het sociaal minimum. Dat is geen sociale stijging, dat is stilstand. Drie, de veiligheid. Objectief zien we verbetering, maar bewoners voelen zich nog steeds onveilig. Laten we eerlijk zijn: mensen wonen niet in statistieken, ze wonen in straten, in portieken en op pleinen. Dan, voorzitter, 4, het wonen. Hier zien we het echte probleem. Het NPRZ ging uit van slopen, opkopen en nieuwbouwen. We kennen de voorbeelden maar wat goed: de Tweebosbuurt, de oorspronkelijke plannen voor de Fazantstraat. Het idee was supersimpel: verdunnen om te verbeteren. Midden en hogere inkomens zouden Zuid gaan redden, maar de werkelijkheid is totaal anders. De grootschalige woningopkoop is gestopt. Niet omdat het doel is gehaald, maar omdat het financieel onhaalbaar bleek. Duizenden woningen zouden worden opgekocht, het werden er slechts honderden. Met leegstand, onrust en een te hoog prijskaartje. Ondertussen zagen bewoners gebeuren dat zij achterbleven, terwijl anderen hun plek innamen, met hogere inkomens, met hogere opleidingen.
Voorzitter, dat is geen wooncarrière. Dat is verdringing, oftewel het woord, ik heb het zo vaak gezegd: gentrificatie. In wijken als Carnisse voelen bewoners dat elke dag. Buren vertrekken, straten veranderen, de buurt verdwijnt, nog voordat hun eigen leven is verbeterd en daar ging het om. Voorzitter, een wijk verbeteren door haar bewoners te vervangen, is geen sociaal beleid, dat is sociale amputatie. Ten slotte, voorzitter, participatie. Vijftien jaar NPRZ en pas nu wordt gesproken over bewonerszeggenschap, een burgerberaad, nadat de plannen zijn gemaakt, nadat de belde besluiten zijn voorbereid. Dat is geen bewonersgedreven beleid. Bewoners waren te lang geen partner, maar onderwerp van beleid. Er werd over hen gesproken, voor hen besloten, zonder hen vormgegeven. Dat is precies waarom het vertrouwen is verdwenen. Voorzitter, laat ik glashelder zijn: de werkwijze van het NPRZ, top-down bestuurlijk programmatisch, heeft haar geloofwaardigheid volledig verloren. Na 15 jaar is dit geen motor van verandering meer, maar een mammoettanker die niet te keren is. Daarom trekken wij een duidelijke conclusie: het NPRZ is als werkwijze tekortgeschoten. Het is tijd om er afscheid van te nemen. Niet van Zuid overigens, maar wel van een aanpak die Zuid heeft veranderd, zonder haar bewoners centraal te zetten.
We willen een nieuwe koers, geen nieuw logo, geen nieuwe slogans, maar een bewonersgedreven agenda, waar sociale stijging het vertrekpunt is en waar bewoners niet meedenken aan de randen, maar meebeslissen in het hart. Voorzitter, Rotterdam-Zuid verdient beter dan nog eens 15 jaar NPRZ. Het is tijd om dit hoofdstuk te sluiten en opnieuw te beginnen met de bewoners voorop en vooral in het middelpunt. Daar heb ik 4 moties voor. Echte bewonerszeggenschap op Zuid, waarbij de heer Vonk meetekent. Verdringing en wooncarrières transparant in beeld, waar de heer Vonk ook meetekent. Prioriteit voor sociale stijgers op Zuid, waar de heer Vonk en de heer Coşkun ook meetekent en afbouw NPRZ als werkwijze na 15 jaar. Daar tekent de heer Coşkun ook mee. Tot zover. De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen heeft de volgende moties ingediend. Motie 4. Echte bewonerszeggenschap op Zuid! “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29 januari 2026 ter bespreking van de Voortgangsrapportage NPRZ 2024; constaterende dat: - bewoners van Rotterdam-Zuid zich jarenlang onvoldoende betrokken hebben gevoeld bij besluiten die hun leefomgeving raken; - bewonersparticipatie binnen het NPRZ vaak plaatsvond nádat beleidskeuzes al waren gemaakt; overwegende dat: raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
87
-
vertrouwen van bewoners alleen kan worden hersteld door daadwerkelijke zeggenschap; participatie zonder invloed leidt tot frustratie en wantrouwen;
verzoekt het college: - per wijk of gebied op Rotterdam-Zuid bewonersraden in te stellen met een formeel adviessrecht op hoofdlijnen bij plannen voor wonen, herstructurering en leefomgeving; - vast te leggen dat bewonersparticipatie plaatsvindt vóór besluitvorming, en niet achteraf; - de positie, rechten en ondersteuning van deze bewonersraden juridisch en bestuurlijk te borgen; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. P.J.H.D. Verkoelen en T.J. Vonk Motie 5. Verdringing & wooncarrières transparant in beeld! “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29 januari 2026 ter bespreking van de Voortgangsrapportage NPRZ 2024; constaterende dat: - de woningbouw en herstructurering op Rotterdam-Zuid de afgelopen jaren hebben geleid tot grote verhuisstromen; - verbetering van wijken niet automatisch betekent dat zittende bewoners daarvan profiteren; - momenteel onvoldoende inzicht bestaat in wie daadwerkelijk profiteert van de woonontwikkelingen op Zuid; overwegende dat: - sociale stijging van bewoners alleen kan worden beoordeeld als duidelijk is wie vertrekt, wie blijft en wie terugkeert; - zonder transparante data verdringing niet kan worden uitgesloten of bestreden; verzoekt het college: - een verplichte en jaarlijkse monitor Verdringing & Wooncarrières in te stellen voor Rotterdam-Zuid, waarin tenminste wordt opgenomen; wie verhuist (uitgesplitst naar inkomen,
huishoudenstype en wijk); wie terugkeert of doorstroomt binnen Zuid; de inkomensontwikkeling van zittende bewoners; - deze monitor te betrekken bij alle toekomstige besluiten over woningbouw, sloop en herstructurering op Zuid; - de raad hierover jaarlijks te informeren; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. P.J.H.D. Verkoelen en T.J. Vonk Motie 6. Prioriteit voor sociale stijgers op Zuid! “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29 januari 2026 ter bespreking van de Voortgangsrapportage NPRZ 2024; constaterende dat: - sociale stijging van bewoners het oorspronkelijke doel was van het beleid op Rotterdam Zuid;
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
88
-
huidige woningbouw en herstructurering onvoldoende garanties bieden dat zittende bewoners daarvan profiteren;
overwegende dat: - verbetering van Zuid pas duurzaam is als bewoners de kans krijgen om binnen hun wijk te blijven wonen en door te groeien; - binding aan wijk en gemeenschap cruciaal is voor sociale cohesie; verzoekt het college: - bij nieuwe woningbouw en herstructurering op Rotterdam-Zuid harde doelstellingen vast te leggen voor; het percentage woningen bestemd voor huidige bewoners van Zuid; wooncarrières binnen de eigen wijk of stadsdeel; deze doelstellingen te monitoren en jaarlijks aan de raad te rapporteren; sociale stijgers expliciet prioriteit te geven in het woonbeleid op Zuid; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. P.J.H.D. Verkoelen, T.J. Vonk en T.S.J. Coşkun Motie 7.
Afbouw NPRZ als werkwijze na 15 jaar! “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29 januari 2026 ter bespreking van de Voortgangsrapportage NPRZ 2024; constaterende dat: - het Nationaal Programma Rotterdam Zuid inmiddels bijna vijftien jaar bestaat; - ondanks meerdere koerswijzigingen en monitors de meeste kernindicatoren langdurig in het rood blijven staan; - recente koerswijzigingen, met name op wonen, impliciet erkennen dat eerdere werkwijzen onvoldoende effectief waren; overwegende dat: - een programma dat na vijftien jaar geen structurele doorbraken heeft opgeleverd zijn legitimiteit verliest; - voortdurende bijsturing binnen hetzelfde kader niet leidt tot fundamentele verandering; verzoekt het college: - een afbouwscenario uit te werken voor het NPRZ als bestuurlijke en programmatische werkwijze; - hierbij te schetsen hoe verantwoordelijkheden, middelen en taken worden overgedragen naar een nieuwe aanpak; - de raad vóór het einde van deze collegeperiode een voorstel voor te leggen voor een nieuwe, bewoners-gedreven aanpak voor Rotterdam-Zuid; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. P.J.H.D. Verkoelen en T.S.J. Coşkun De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan is nu het woord aan mijnheer Segers-Hoogendoorn.
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
89
De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, gezien mijn spreektijd, kortheidshalve, zoom ik in op 2 punt, dat gaat over maatschappelijke betrokkenheid, burgerbetrokkenheid. Dat gaat in de eerste plaats over het onderzoek naar burgerbetrokkenheid, wat in 2024 al gevraagd is en nu weer uitgesteld wordt. Daar wil ik heel graag de wethouder naar vragen. Waar zit de urgentie, wanneer kunnen we daar resultaten van verwachten? Ten slotte hebben wij in de commissie gevraagd en ik zou de wethouder willen uitdagen daar een toezegging van te maken, want dat is in de commissie niet gebeurd: maak het makkelijk voor maatschappelijke partners om bij te dragen aan het NPRZ, zodat ze zich ook via de website kunnen aanmelden en omgekeerd: maak ook duidelijk met welke maatschappelijke organisaties je al samenwerkt binnen het programma. Ook dat kan via de communicatie van NPRZ. Het zou fijn zijn als de wethouder daar een toezegging op zou willen doen. Dank. De VOORZITTER: Hartelijk dank. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp): Dank u wel, voorzitter. In de commissie heeft mijn collega Emin Başoğlu ook al de kritische noot van SP laten horen over het NPRZ en mevrouw Verkoelen heeft dat daarnaast prima voorwoord, waardoor wij ook niet voor niets 2 moties van haar mede ondertekenen. De SP is altijd zeer kritisch geweest over het NPRZ, want daarvoor hadden we het Pact op Zuid.
De grootste kritiek van NPRZ is niet zozeer dat we de problemen op Zuid willen aanpakken, maar dat de hele statistische benadering, dat het naar het niveau van het gemiddelde van de G4, puur statistisch. Ik heb altijd gezegd: er wonen zeker net zoveel arme mensen en mensen in achterstanden op Noord als op Zuid, alleen wordt het statistisch niet gecompenseerd door Hillegersberg of Kralingen. Voorzitter, zelf ben ik inmiddels verhuisd van een achterstandswijk, zoals dat vroeger heette, uit de Agniesebuurt, naar focuswijk Feijenoord. Daar is het gemiddelde inkomen in Feijenoord mee gestegen, net zo goed als dat de heer Versnel in de Afrikaanderwijk. Het gemiddelde inkomen in de Afrikaanderwijk is inmiddels ook gestegen. Dat heeft allemaal niet zoveel met NPRZ te maken. Het probleem met NPRZ is: het was inderdaad een kindje van de PvdA, daar heeft Leefbaar Rotterdam volkomen gelijk in. Het was het idee van Schrijer om dat geld uit Den Haag te krijgen, waarbij dat maar half lukte. Vervolgens heeft de heer Karakus daar vorm aan gegeven. Ik zat zelf toen in Charlois en wij vonden het niet zo’n goed idee zoals dat ging.
Maar goed, het ging en we hebben vanaf het begin af aan geprobeerd, in 2012, daar ook de bewoners bij te betrekken, maar dat is nooit gelukt vanwege de statistische benadering en omdat de focus van het hele programmabureau en de top die daarin zit, vooral gericht is: hoe krijgen we geld uit Den Haag? Dat was gericht op Den Haag en niet zozeer op de bewoners van Zuid. Daarom ben ik het eens met mevrouw Verkoelen, om die om te draaien. Ga eens van de bewoners uit. Dat kon bij het Pact op Zuid gedeeltelijk, dat kon bij het NPRZ gedeeltelijk, maar dat kan nog veel beter als je die kracht van de bewoners echt organiseert. Natuurlijk is het leuk als je kan zeggen: 650 miljoen dankzij NPRZ, maar misschien was het wel 985 miljoen geweest als er geen NPRZ was geweest of 385 miljoen als je de manier van Pact op Zuid was doorgegaan. Niemand zal dat bewijzen, want we kunnen niet dat terugdraaien. Wij vinden in ieder geval dat je wel de problemen moet aanpakken en dan niet statistisch. Niemand heeft er wat aan dat in de wijk Feijenoord statistisch door onze toren en wat er nog gebouwd wordt, men omhoog gaat. Mensen in de Oranjeboomstraat hebben daar niets aan. Je moet niet de statistiek aanpakken, maar echt de slechte huizen, de lage achterstanden in onderwijs, concreet per school, per straat en niet zozeer zo’n hoog over toch ambtelijk statistisch programma. Daar geloven wij niet in.
Daar hebben we nooit in geloofd, maar we geloven wel in de aanpak van de problemen van de mensen op Zuid, ook op Noord, door gericht, concreet, wijk voor wijk, straat voor straat dat aan te pakken. Dan ben ik het niet eens met de heer Leewis die zegt: van de oorspronkelijke bewoners. Heel veel van die wijken zijn een soort hotelwijken. Daar komen mensen in en als ze iets beters krijgen, gaan ze er weer uit. Dat kost alleen maar heel veel bureaucratie om dat allemaal te gaan meten. Daarom ben ik niet voor zijn motie, omdat je dat niet statistisch zo uit elkaar kan houden, de nieuwkomers, de oudkomers en wie woont er dan hoelang? Bovendien, als je dat dan gemeten hebt, wat doe raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
90
je dan met die cijfers? Ik zie dat niet zitten. Dat was ook nooit de bedoeling geweest. De bedoeling was statistisch het gemiddelde omhoog te krijgen. Dat moet anders. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin heeft nog een vraag. Mevrouw BRUIN (lr): Dank, voorzitter. Ik hoor de heer Coşkun spreken over de slechte staat van de woningen, maar als er om een sloop gevraagd wordt, woningen die in slechte staat zijn ligt en er ligt een plan voor sloop voor, stemt u altijd tegen. Wat vindt u daar van? Soms is het ook beter om en sloop-nieuwbouw toe te passen, waardoor je de kwaliteit van woningen kan verbeteren en ook meer voorraad kan toevoegen. De VOORZITTER: Mijnheer Coşkun. De heer COŞKUN (sp): We hebben nog nooit tegen sloop van woningen gestemd als 70 procent van de bewoners zei: sloop het maar. Wat u slechte woningen noemt en dan vervangt door heel dure appartementen, daar zijn de meeste mensen helemaal niet voor. Die vinden hun woning heel erg goed. Het is ook gelukt om die te behouden, zoals grote delen van Vreewijk en andere zaken. Je kunt ook met renovatie en met andere middelen woningen in stand houden. We zijn echt niet tegen sloop van woningen, maar wij vinden wel dat de bewoners daar wat over te zeggen moeten hebben.
Met uw beleid, u bent dan zogenaamd wel voor sociale woningbouw, maar onder uw regime is het aantal sociale woningen in Rotterdam fors gedaald en zijn er heel veel dure appartementen voor in de plaats gekomen, die helaas heel vaak leeg staan. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Bedoelt u met uw regime het regime van Leefbaar Rotterdam? De heer COŞKUN (sp): Wat anders? Mevrouw BRUIN (lr): Ik dacht aan de heer Karakus, die noemde u net ook en die werd vroeger, nog steeds, wordt hij de sloopkoning genoemd, omdat hij echt een gigantische hoeveelheid sociale huur had gesloopt. Ik geloof dat de heer Karakus, sloopkoning, die naam kreeg hij omdat hij 28.000 sociale huurwoningen had gesloopt in 1 termijn. U kunt mij iets in de schoenen gaan schuiven, maar ik denk dat we naar de overkant moeten kijken over sloop. De heer COŞKUN (sp): Jawel, maar het is allemaal geweest met steun van Leefbaar Rotterdam. Leefbaar Rotterdam heeft dat altijd gesteund, ook weer in dit college, dat er voortdurend goede woningen worden vervangen en heel dure woningen daarvoor in de plaats komen. Uw partij heeft dat vanaf het begin af aan gesteund, ook toen de PvdA een tijdje in de oppositie zat, in 2002, heeft u dat ook mede ingezet. Toen was het zelfs uw eigen, die nu directeur is van NPRZ, het moet niet over ambtenaren, maar die was toen wethouder.
Die heeft dat mede in gang gezet en de PvdA heeft dat helaas overgenomen, dat slechte beleid. Dat ben ik met u eens, dat was slecht beleid. Ze proberen nu een ander beleid, maar zij hebben het slechte beleid van Leefbaar overgenomen vanaf 2006. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Volgens mij heeft niemand van Leefbaar Rotterdam een geuzennaam als sloopkoning hier. De Fazantstraat hebben wij mede gered, die stond ook op de sloopnominatie. De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen.
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
91
De heer COŞKUN (sp): Zeker, maar mag ik nog even antwoorden op mevrouw Bruin? Die Fazantstraat is mede dankzij dat heel veel bewoners daar in verzet kwamen. Daar is uiteindelijk een meerderheid van de raad in meegegaan om de Fazantstraat in Carnisse te redden. Dat wel, maar dat is dankzij het verzet van de bewoners geweest. De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Mijn punt naar Leefbaar Rotterdam is: stop eens met dat steeds afschuiven naar anderen. U bent 20 jaar als Leefbaar aan de macht. Prachtig. Het interesseert me geen barst wat de Partij van de Arbeid doet. Wat hebt u 20 jaar gedaan? Schei eens uit met elkaar continu maar te wijzen. Moet, omdat de Partij van de Arbeid verkeerd beleid heeft gedaan, moet u ook maar gaan slopen? Als zij de sloot in springen, springen we er ook maar allemaal achteraan? Kom op , laat eens zien, als Leefbaar, wat je dan wel gedaan hebt in die 20 jaar op Rotterdam-Zuid. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Ik denk dat mevrouw Verkoelen even wat jaren moet gaan tellen, want wij zijn niet 20 jaar aan de macht. Anders was het wel anders geweest. De VOORZITTER: De heer Van Dommelen. De heer VAN DOMMELEN (vvd): Voorzitter, SP, Leefbaar, PvdA en JOU hebben hun mond vol dat de bewoner centraal moet worden gesteld.
Vervolgens zitten ze hier een partijtje handje drukken te doen van wie is de grootste schuld aan de dingen die mis zijn gegaan? Ik geloof niet dat de bewoner daar heel veel beter van wordt. Ik stel voor dat we dit afconcluderen. Alles dat fout is gegaan in Zuid, is de schuld van Leefbaar, SP, PvdA en JOU. Alles dat goed is gegaan, is te danken aan de huidige wethouder van de VVD. Dank u wel. De VOORZITTER: Ik vind het toch wel jammer dat u de voorzitter van de NPRZ vergeet. Tot slot, de heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp): Mevrouw de voorzitter, de voorzitter is dat alleen maar een beetje in naam. Dat is niet echt de voorzitter van de NPRZ. Maar goed, dat is een andere discussie. De vorige wethouder wonen was helaas van de VVD, zeg ik er dan maar bij, die dat heel slechte beleid van Leefbaar en de PvdA heeft voortgezet. De VVD kan er ook een handje van. Voorzitter, we moeten echt dat het van onderaf moet komen. We hebben een burgertop gehad, toentertijd. Dat kostte 200.000 euro, 1000 mensen zaterdag in AHOI. Ik heb toen gezegd: geef 1000 mensen op Zuid 200 euro, dan heb je een grotere impuls voor Zuid dan dat. Stop met dat soort dingen. Betrek die bewoners straat voor straat, wijk voor wijk erbij. Er zit genoeg sociale basis in die wijken en dat kan je nog verder organiseren. Dan kan het goedkoper, sneller en doe het niet alleen op basis van de statistiek.
Met de wijk Feijenoord gaat het wel goed, nu ik daar ga wonen en er komen nog duizenden andere woningen bij. Statistisch, 9000 mensen wonen er, over een tijdje zijn dat er 16.000. Dan is hij statistisch wel op orde van het niveau van de G4. Maar de mensen in Oranjeboomstraat en de Persoonshaven hebben er niets aan, persoonlijk, als hun buurman toevallig hoger opgeleid is en een hoger inkomen heeft. De VOORZITTER: De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Ik had nog 1 vraag, maar ik word ook wel een beetje nostalgisch van het debat want dit is 1 van de laatste debatten, althans 1 van de laatste debatten waar de heer Coşkun acte de présence geeft. U had het heel erg over onderop en vanuit de wijk zelf. Ik miste 1 stukje uit de bijdrage zelf. Gaat u zelf in die focuswijk van Feijenoord, waar u gaat raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
92
wonen, gaat u daar misschien nog iets doen? Hebt u daar nog plannen voor, van onderop, om zaken te gaan doen? De VOORZITTER: Het is geen campagne voor de wijkraad, wil ik ook nog duidelijk maken. De heer COŞKUN (sp): Ik woonde er nog niet en van die 142 appartementen. Er moest natuurlijk een VVE komen en daar ben ik helaas gekozen tot voorzitter. Die 142 appartementen, daar mag ik een rol bij spelen. Daar zitten heel veel mensen in die zich ook willen bemoeien met de Persoonshaven en met de Oranjeboomstraat en alles wat daar zit. Ik heb me opgegeven voor de wijkraad. Als het de kiezer behaagt, zit ik in de wijkraad. Ik was nog niet gekozen, maar ik zat gisteren ook bij de wijkraad met de bewoners op de Steenplaat die klaagden over dat de accu's uit de scootmobiel werden gestolen daar en allerlei andere problemen. Ik ken al een hoop mensen op Zuid. Ik ken een hoop mensen. Ik was bij het Armoedeplatform Feijenoord, dat werd opgericht afgelopen dinsdag. Ik ben zeer actief daar. Wat minder met al die raadsstukken die we vandaag behandelen. Vanavond moet ik naar de film. De VOORZITTER: De heer Haan. De heer DE HAAN (d66): Afsluitend. Het doet me deugd te horen dat u de kracht van de bewoners op die manier ook in praktijk brengt. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is nu het woord aan mevrouw Reitema.
Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, het is zo'n 15 jaar geleden dat het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid werd geboren, het werd net al aangehaald, met als doel natuurlijk om de bewoners op Zuid ook erop vooruit te helpen. Dankzij de PvdA is dit programma naar Rotterdam gehaald. De PvdA is er wel stellig van overtuigd: je moet ongelijk investeren voor gelijke kansen. Het moge duidelijk zijn, de PvdA is zeker voor dit programma, maar natuurlijk wel met een goede uitvoering. Want hoewel de gemiddeldes de afgelopen jaren op Zuid zijn verhoogd, hebben wel te veel Rotterdam de afgelopen jaren echt het gevoel dat zij er niet bij horen. Dat moet, wat ons betreft, echt anders. Daarom is de PvdA-fractie wel hoopvol over de koerswijziging binnen de NPRZ-pijler wonen, die laatst in de commissie BWB is besproken. Niet meer bewoners de wijk uitjagen, maar woningen bijbouwen, woningen verbeteren en de buitenruimte aanpakken. Maar, voorzitter, hoewel de plannen er op papier hoopvol uitzien, valt of staat alles natuurlijk bij de uitvoering. In het advies van Van Rijn over het nieuwe woonbeleid, lezen we ook niet voor niets dat er een belangrijke rol weggelegd zal worden voor het zogenaamde flankerende beleid. De PvdA zal vandaag dan ook alle voorstellen steunen die eraan bijdragen dat dat beleid versterkt gaat worden.
Het is essentieel dat Rotterdammers op Zuid de komende jaren hand in hand en stap voor stap ook meegenomen zullen worden in de plannen die gaan komen, met de boodschap: jij hoort erbij. De komende periode zal ook GroenLinks-PvdA daar scherp op toezien. Voor de koerswijziging binnen de pijler wonen is een goede samenwerking nodig met de verschillende partners. In de wethoudersbrief over de woontop spreekt het college over de intentie om meer dan ooit zij aan zij op te trekken. Een intentie is voor de PvdA niet genoeg. Daarom dienen we ook een motie in waarin we het college oproepen om de intenties om te zetten in daadwerkelijke afspraken en vooral om de bewoners van Zuid erbij te betrekken hoe deze samenwerkingsafspraken er dan uit moeten zien. Daarvoor 1 motie. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema heeft de volgende motie ingediend. Motie 8. Zet de intenties om in harde afspraken
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
93
“De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 2gjanuari 2026 ter bespreking van 'Voortgangsrapportage NPRZ 2024'; constaterende dat: - de betrokken partijen hun intentie hebben uitgesproken om nog meer dan voorheen zijaan-zij op te trekken in de benodigde aanpak binnen de NPRZ pijler Wonen; - de commissie van Rijn heeft geconstateerd dat er een stevig pakket flankerend beleid nodig is voor de uitvoering van het advies; overwegende dat: - bewoners op Zuid de afgelopen jaren teveel het gevoel hebben gehad dat er vooral over hen werd gepraat, in plaats van met hen; - de nieuwe aanpak binnen de NPRZ pijler wonen een grote invloed zal hebben op de huidige bewoners van Zuid; verzoekt het college: - voordat aan de uitvoering begonnen wordt een uitgebreid en breed gedragen participatieplan aan de gemeenteraad voor te leggen; - dit plan op te stellen samen met de NPRZ partners, bewoners en de betrokken wijkraden; - hierover te rapporten aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. S. Reitema en A. Kockelkoren De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, het is er al even over gegaan. In de commissievergadering hebben we inderdaad in klare taal duidelijk gemaakt wat wij vinden van het functioneren van de directeur. Ik wil dat niet herhalen.
Dat hebben we al in de commissie gedaan, maar ik wil wel herhalen, wat ik ook net zei, dat wij wel echt zijn gesterkt door de vele reacties die we hebben gekregen. Want Rotterdammers zijn wel benieuwd of de wethouder bouwen en wonen er wel vertrouwen in heeft dat dit boegbeeld het nieuwe beleid met die koerswijziging binnen de pijler wonen tot een goed einde kan gaan brengen. Want bij zo'n positieve koerswijziging, hoort ook een positieve uitvoering en geen boegbeeld dat Rotterdammers wegzet als idioten. Tot zover. De VOORZITTER: U mag de vraag stellen. Ik wilde wel benadrukken: het college is in zijn totaliteit aanspreekbaar op alles wat er gebeurt. Ook als het gaat om de uitvoering, dan zijn dat de partijen die dat doen. Ik zou toch echt de vragen aan de wethouder willen blijven houden, hoe hij in het algemeen ziet dat de uitvoering loopt en dat niet koppelen aan personen, in dit geval ambtenaren. Want als we die kant opgaan, dan krijgen we weer een heel ingewikkeld debat. Dat ga ik ook echt voorleggen. Zijn er nog anderen die hier het woord willen voeren? De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Dank u wel, voorzitter. Dat we het niet over individuele ambtenaren hebben, daar kan ik me helemaal in vinden. Volgens mij is daar ook nog een debat over geblokkeerd vanavond. Even in het algemeen.
We zien een aantal lichtpunten als het gaat om NPRZ, maar die lichtpuntjes zijn echt wel mondjesmaat. Na 12 jaar zou je natuurlijk iets meer verwachten. Je ziet dat de aantallen bijstandsgerechtigden nog te hoog zijn, het lerarentekort is er nog te veel, uitstroom vanuit mbo loopt ook niet goed. We hebben het natuurlijk uitgebreid ook gehad over de woningproblematiek. Dan, als je kijkt naar het algemene beeld, zie je dat er miljoenen gaan naar Zuid, naar de verbeteringen. Die blijven
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
94
niet zichtbaar, die blijven mondjesmaat. Dat geeft weinig hoop voor de komende jaren. Bij de mensen die die verbeteringen het hardst nodig hebben, blijven maar wachten. Dat tast ook het vertrouwen aan van veel Rotterdammers als ze zien dat naar een bepaald project heel veel geld gaat, maar dat de verbeteringen niet zichtbaar zijn of niet voldoende zichtbaar zijn. Ik ben benieuwd hoe de wethouder daar zelf op reflecteert. In het kader daarvan: als we steeds hetzelfde blijven doen, komen we ook niet vooruit. Soms is het ook goed om te vernieuwen. Wat ons betreft, zien we dat misschien nog te weinig bij het NPRZ. Waar ik overigens wel positief over ben, is de wijze van communicatie in de laatste periode. Toen ik in het begin de commissiebehandeling deed over de voortgangsrapportages, werden er alleen maar luchtfoto's van Zuid gepost door het NPRZ. Nu laten ze af en toe ook echt wel zien wat er gebeurt op Zuid. Maar als we kijken naar een vernieuwing, zou ik me best kunnen voorstellen dat je ook gaat kijken naar vervanging. Wat je bij de rijksoverheid ziet, is bijvoorbeeld dat topambtenaren bij de algemene bestuursdienst echt wel worden aangespoord om na een jaar of 5, 6, 7 iets anders te doen. Dat is goed voor die mensen zelf, maar ook goed voor de organisatie, zodat je ook iemand met een andere blik naar de problematiek kan laten kijken.
Ik vraag de wethouder om een reactie hoe hij daarnaar kijkt. Voorzitter, wat ons betreft, zou je niet zo'n lange periode moeten zitten, maar af en toe moeten afwisselen. Tot slot over wonen. Waar we voor moeten waken, vooral als je kijkt naar de ontwikkeling op Zuid, is dat het niet alleen aantrekkelijk wordt voor mensen die het kunnen betalen, terwijl de huidige bewoners achterblijven. Het doel moet zijn, wat ons betreft, dat de mensen op Zuid zelf vooruitkomen en dat zij betaalbaar kunnen wonen, kansen krijgen op werk, onderwijs en perspectief hebben op een betere toekomst. Dat vraagt, wat ons betreft, inderdaad om keuzes en vernieuwing. Tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Zijn er nog andere leden? Mevrouw Sadhoe. Mevrouw SADHOE (bij1): Dank u wel, voorzitter. Vandaag bespreken we de voortgangsrapportage van het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid. Een programma dat zegt ongelijkheid te bestrijden, maar ondertussen weigert een van de belangrijkste oorzaken daarvan serieus onder ogen te zien. Racisme is geen randverschijnsel. Het zit in wie wordt geselecteerd, wie ondersteuning krijgt, wie mag blijven wonen en wie wordt verdrongen. Toch, in deze rapportage wordt racisme nergens gemeten, nergens benoemd, nergens geanalyseerd. Dat is geen omissie, dat is een keuze. Voorzitter, je kunt geen rechtvaardig beleid voeren als je structureel wegkijkt van uitsluiting.
Daarom dienen wij een motie in die helder is. Screen het NPRZ op institutioneel racisme. Niet symbolisch, niet intern, maar onafhankelijk en samen met bewoners. Voorzitter, wat ons zorgen baart, is de manier waarop bewoners van Zuid steeds worden neergezet. Uitspraken als 1 op de 3 zuiderlingen is licht verstandelijk beperkt, zeggen niets over de werkelijkheid van mensen, maar alles over een stigmatiserende manier om een wijk neer te zetten. Dat is geen neutrale analyse, dat is framing. Die framing legitimeert beleid waarin bewoners niet serieus worden genomen, maar beheerd. Zonder erkenning van racisme, zonder inzicht in wie structureel wordt buitengesloten, blijft dit programma ongelijkheid reproduceren in plaats van bestrijden. Voorzitter, wie ongelijkheid wil bestrijden, moet bereid zijn het eigen beleid te laten toetsen. Wij vragen de wethouder vandaag: wees niet defensief, maar moedig. Tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dit was ook uw maidenspeech hier in deze raad. Van harte gefeliciteerd. De VOORZITTER: Mevrouw Sadhoe heeft de volgende motie ingediend. Motie 9. Screen het NPRZ op institutioneel racisme “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29 januari ter bespreking van agendapunt 6.2 Voortgangsrapportage NPRZ 2024; raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
95
constaterende dat: - het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ) zegt te werken aan het verkleinen van ongelijkheid op het gebied van school, werk, wonen en veiligheid; - bewoners van Rotterdam-Zuid grotendeels bestaan uit mensen met een migratieachtergrond en mensen met lage inkomens; - institutioneel racisme aantoonbaar bijdraagt aan ongelijke uitkomsten binnen onderwijs, arbeidsmarkt, woningmarkt en veiligheidsbeleid; - in de voortgangsrapportage NPRZ 2024 geen expliciete analyse is opgenomen van racistische of discriminerende effecten van beleid en uitvoering; overwegende dat: - beleid dat ongelijkheid wil bestrijden zonder racisme te erkennen, deze ongelijkheid in stand houdt; - het negeren van institutioneel racisme leidt tot wantrouwen, uitsluiting en ongelijke kansen; - de gemeenteraad alleen effectief kan sturen wanneer zichtbaar is wie door beleid wordt geraakt en wie structureel wordt buitengesloten; verzoekt het college om: - een onafhankelijke screening op institutioneel racisme uit te voeren binnen het NPRZ, over alle pijlers van het programma; - hierbij bewoners van Rotterdam-Zuid en onafhankelijke antiracisme-experts te betrekken; - de resultaten en aanbevelingen voor de volgende voortgangsrapportage aan de raad te sturen; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. P.C.Z. Sadhoe De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen.
De VOORZITTER: Anderen nog? Mevrouw Nunnely. Mevrouw NUNNELY (d66): Dank u wel, voorzitter. U wees mij terecht, inderdaad, op de motie waarin staat alsof het lijkt dat we nu een vacature hebben, die is er niet. Daarom heb ik een aangepaste versie, zodat het beter rijmt met de zaken. De VOORZITTER: Mevrouw Nunnely heeft de volgende motie ingediend. Motie 2A. Versterken wat werkt, begrenzen wat schuurt “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 29 januari 2026, ter bespreking van agendapunt 6.2 Voortgangsrapportage NPRZ 2024; constaterende dat: - het NPRZ al meer dan tien jaar loopt en zich bevindt in een nieuwe ontwikkelfase, wat vraagt om nieuwe inzichten; - het programma aantoonbare resultaten heeft geboekt en breed wordt gedragen door partners in de stad; - de Raad eerder heeft uitgesproken dat het functieprofiel binnen het NPRZ helder moet zijn;
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
96
overwegende dat: - juist succesvolle programma's gebaat zijn bij periodieke bestuurlijke reflectie; - een helder functieprofiel rolzuiverheid bevordert en het mogelijk maakt dat het NPRZ ook in de komende jaren effectief en inzichtelijk kan opereren; verzoekt het college: - de Raad te betrekken bij het functieprofiel van de directeur van het NPRZ; - de raad hierover te informeren; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. J.M. Nunnely, S. Soytekin en T.J. Vonk De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Wethouder Zeegers begint en wethouder Versnel komt zo heel snel terug, heeft hij beloofd. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Dank u wel, voorzitter. Ik zal de honneurs even waarnemen om te beginnen met het onderwerp, want het is natuurlijk de hele brede voortgangsrapportage die we hier met elkaar bespreken. Ik zal mij beperken tot de pijler wonen en uw vragen daaromtrent beantwoorden. Het klopt dat wij al geruime tijd in gesprek zijn met het rijk, met alle partners van het NPRZ over hoe we die pijler wonen kunnen verbeteren. Daar hebben we in de commissie BWB ook vaak over gesproken. Mevrouw Kockelkoren verwijst er ook naar, dat zij daar ook vaak op heeft aangedrongen.
Maar we hebben inderdaad gezien dat het grootschalig opkopen van particuliere voorraad 1, ongelooflijk veel geld kost en 2, ook allerlei problemen met zich meebrengt rond beheer et cetera, maar ook de doelstellingen van NPRZ niet dichterbij brengen. Dat is wel wat we als college willen. We willen juist die NPRZ-gebieden vooruithelpen, er betere wijken van maken, betere woningen, fijnere buurten. Daar is alles op gericht. Het is een mix van maatregelen die we in NPRZ willen inzetten, van handhaving tot het versterken van de VvE’s, verduurzaming, een grondige aanpak, maar ook verdichting, zodat we ook extra woningen toe kunnen voegen, zodat mensen ook in hun wijk kunnen blijven. Een ander belangrijk element, dat we ook hebben gezegd: we willen niemand uit die wijk wegjagen. Integendeel, we hebben dat sociaal statuut met elkaar afgesproken. Dat geldt ook uiteraard voor de NPRZ-gebieden. We doen het met elkaar, met de bewoners en dat is ook de manier waarop wij op een positieve manier met deze aanpak verder willen. U roept daar al heel lang toe op en ik denk dat we hiermee dat antwoord hebben gegeven aan u, juist met de bewoners die kwaliteiten in die wijken, die allemaal zo verschillend zijn, versterken. Dat even als algemene inleiding van de pijler wonen. Dan de verschillende moties. Motie nummer 3 van Volt over de spookhuizen in Carnisse.
Dat gaat, heb ik toen ook gezegd, waarschijnlijk ook over de Urkersingel. De Urkersingel hebben wij inderdaad al en dan zie je hoeveel tijd dat kost. Dat Oppert is natuurlijk een gebouw van Woonbron. Er zat ook particulier bezit in. Voordat alles is onteigend en noem maar op, ben je jaren verder. Maar ja, binnenkort gaat daar toch de sloopkogel in en gaan we daar nieuwe woningen realiseren. Dat is een voorbeeld van dat duurt wel echt heel erg lang. Ik snap uw zorgen daarin. In de tussentijd staat het natuurlijk leeg en dat is ook zonde. We zijn er natuurlijk al heel lang bezig met: wat doen we met dat bezit, 500 woningen die we hebben opgekocht. Daar hebben wij inmiddels een plan voor. Wij kijken per woning: welke kunnen we tijdelijk leegstandsbeheer doen, welke staan op korte termijn al op de nominatie voor sloop-nieuwbouw? Welke kunnen we op een andere manier grondig renoveren en weer als een soort kluswoning in de markt zetten? We zijn met dat hele bezit op die manier bezig. In die zin is uw motie overbodig, want we zijn dit al aan het doen. Daarom zal ik hem ontraden.
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
97
De VOORZITTER: De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, ik vind dat wel wat makkelijk en ook wat makkelijk richting die mensen in Carnisse en op Zuid. Als we met wijkraden spreken, geven ze ook aan dat dit al meerdere malen is verteld. Volgens mij zelfs nog dit jaar in een gesprek met de wijkraad. Dat plan zien wij niet, dat weten we niet. Altijd als we iets vragen dan zeggen we: we doen het al. Ik vind dat ook een slecht signaal naar de mensen in de stad. Ik wil echt vragen om te heroverwegen. Als we die aanpak hebben, kijk dan nog naar deze motie. Misschien kunnen we het nog een stap verder brengen, door ook echt te bespreken: zitten we daar boven op of niet? Ik snap dat een transformatie schuurt, maar we zien dat het nu schuurt met leegstand en ik wil echt dat we daar een stap vooruitzetten als stad, want dit is niet goed voor de wijken waar dat nu plaatsvindt. De VOORZITTER: De wethouder. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Ik kan mij voorstellen dat er in de communicatie met de wijkraad over die aanpak iets verbeterd kan worden. Dat denk ik ook wel, want wij zijn nu bezig met aannemers aanstellen et cetera, maar dat we daar meer transparantie in aanbrengen, vind ik verder een goed idee. Ik wou alleen maar zeggen: die aanpak, daar zijn we volop mee bezig. We kunnen dat wel wat beter communiceren. De VOORZITTER: Mijnheer Dekkers.
De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, mijn suggestie is dan dat we het woord ‘aanpak’ in de motie dan ook breed interpreteren. Dat er per huis een aanpak is: goed. Maar ook: hoe neem je de wijk mee in communicatie? Wat mij betreft gaat het over dat we leegstand hebben die impact heeft op wijken en dat we weten: hoe gaan we daarmee om? Daar hoort, wat mij betreft, alles in. Ik zou zeggen: hartstikke mooie motie en ik zou er voor gaan stemmen zo. De VOORZITTER: De wethouder. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Ik ben bereid om de communicatie daarover te verbeteren. Ik ga niet een heel nieuwe aanpak hiervoor opstellen. Als wij de motie zou kunnen veranderen, vind ik dat prima. Maar anders zou ik het ook bij deze toezegging kunnen laten. Dat zou mijn voorkeur zijn. Dan de motie van mevrouw Verkoelen. Daar heb ik even het nummer niet helemaal praat, maar hij heet ‘verdringing en wooncarrières transparant in beeld’. Daarmee zegt u een verplichte jaarlijkse monitor op te stellen en daarin ook op te nemen wie verhuist, terugkeert, doorstroomt en de inkomensontwikkeling van zittende bewoners. Dat is echt een behoorlijke specifieke monitor op menselijk gedrag in de wijk. Die wil ik ook ontraden. We zijn naar aanleiding van uw motie bij Bloemhof al bezig met hoe gaan we hier precies vorm aan geven, om daar grip en beeld op te krijgen.
Ik neem aan dat u een doel heeft van deze motie om te kijken van doen we het echt voor de bewoners daar. Daar gaat het u om. Ik wil toch eerst even die motie van Bloemhof goed uitwerken en niet nu met een aanvullend pakket komen. Ik wil eerst met uw eerdere motie aan de slag, voordat ik dit voor heel NPRZ wil doen. De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Mag ik het dan zo beschouwen dat u dat als een soort pilot doet en als het werkt, trekt u dat door voor heel Rotterdam-Zuid. Want het gaat mij inderdaad om dat we beeld willen krijgen: komt het ook echt de bewoners zelf ten goede of is het inderdaad verdringing, wat wij denken. Als u dat aan de hand van die pilot door wil voeren, ben ik zeer tevreden.
raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
98
De VOORZITTER: De wethouder. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Ik zou willen voorstellen dat wij eerst die pilot doen. Daarna kom ik met een terugkoppeling en dan bezien wij hoe verder te gaan. De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Wanneer krijgen we die dan als antwoord? Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Dat antwoord moet ik u even schuldig blijven, de afdoeningstermijn van uw motie. We hebben hem natuurlijk bij Bloemhof ingediend. Dat weet ik eerlijk gezegd niet uit mijn hoofd, maar die hebben wij natuurlijk wel in onze schema's staan ergens, de afdoeningstermijn. We zijn ermee aan de slag. Ik wil voorkomen dat we allerlei monitoringtools, want er wordt veel om gevraagd, dat is echt ook allemaal wel heel veel registratie en verplichtingen die we daarbij ons op de hals halen. Ik wil echt wel goed weten of we hier het doel mee bereiken dat we willen bereiken. Ik wil dit eerst echt even goed uitzoeken in Bloemhof en dan komt de beantwoording van de motie uw kant op en kunnen we kijken in hoeverre we daar verder mee willen. Dan zou ik deze motie willen ontraden. U hebt ook de prioriteit voor sociale stijgers op Zuid. Daarmee zegt u ook harde doelstellingen vast te leggen voor het percentage woningen bestemd voor huidige bewoners van Zuid en ook voor wooncarrières, dit ook goed te monitoren.
Wij hebben natuurlijk dat je 50 procent kan bestemmen voor bewoners in de wijk. Dat is een voorstel waar wij ook al veel mee werken. Om daar nog hardere doelstellingen voor op te nemen, daar ben ik geen voorstander van. We moeten ook enige flexibiliteit in onze uitvoering kunnen houden. Ik wil dat doen aan de hand van de afspraken die we al hebben, maar geen aanvullende doelstellingen opleggen. Deze ontraad ik, om de uitvoeringslast die dat met zich meebrengt. Dan heb ik de motie van de Partij van de Arbeid. De uitvoeringslast, dat niet alleen. Het is een uitvoeringslast, maar het zet ons ook iets te veel op slot. Stel dat er geen bewoners zijn die toevallig in die wijk willen blijven wonen, hebben we toch die target. Ik denk dat daar toch enige beweging en flexibiliteit in de uitvoering moet kunnen blijven bestaan. Dan van de Partij van de Arbeid over zet de intenties om in harde afspraken. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Dat komt nu. U zegt dat participatie plan. Ik ben het ermee eens dat we natuurlijk met de bewoners van Zuid goed in gesprek gaan. We hebben participatiebeleid in het kader van de omgevingswet voor alle producten die er zijn. We hebben participatietrajecten afgesproken in ons besluitvormingsmodel. We hebben het sociaal statuut. Ik denk: we hebben al die middelen al vastgesteld hoe wij omgaan met participatie.
Ik wil daar niet nog een extra plan bijmaken. Dat neemt niet weg dat wij met de governance van die woontopafspraken de bewoners zullen betrekken. Er is ook een bewonersvertegenwoordiging in het bestuur van NPRZ, daar zullen wij de participatieinstrumenten die wij hebben, voor inzetten. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Dank voor deze beantwoording, wethouder. U spreekt natuurlijk wel zelf over intenties, maar vervolgens zegt u: we hebben heel veel instrumenten. Als ik het zo hoor, kunt ook wel zeggen: die intenties, daar kan ik wel wat meer kracht bij zetten. De VOORZITTER: De wethouder. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Ik denk dat dat 1 woordje is. Wij hebben 1, onszelf verplicht om allerlei participatieproducten in te zetten en wij gaan dat doen. Als ik kijk naar Bloemhof, raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
99
we lopen elke dag zo'n beetje langs alle deuren om mensen te betrekken. We hebben allerlei bewonersavonden et cetera, die wij daarvoor inzetten. Wij doen het al en we blijven dit doen. Ja hoor, wij gaan met de bewoners dit verder vormgeven. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Ik hoor inderdaad: het zijn intenties, maar erbovenop, we hebben ook al afspraken om het te doen en een instrumentarium, dus we gaan het doen. Dan ga ik even nadenken over wat we met de motie gaan doen, want als u het al doet, is dat misschien een beetje overbodig. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Dank. Inderdaad, wij doen het, we blijven het doen, we gaan het doen. Heel belangrijk, zeker. De VOORZITTER: Dat is nu het woord aan wethouder Versnel. De heer VERSNEL (wethouder): Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik ga alle andere vragen doen die niet direct betrekking hadden op de pijler wonen. Ik begin met mijnheer Leewis van GroenLinks, die ook een motie heeft ingediend en die daarbij ook teruggrijpt op het debat dat wij alweer een hele tijd geleden hier ook over hebben gehad in de commissie WIOSSAN, namelijk de grote vraag die al 15 jaar boven dit programma hangt, namelijk: voor wie doen we dit en wie helpt dit ook? We hebben ook toen al de verschillende ideeën die daarover zijn naast elkaar gezet.
We hebben geconstateerd dat het wel goed is om van redeneringen en inschattingen te gaan naar het ook echt weten. Ik sta heel erg open voor deze motie, dus ik wil die omarmen. Het doel van dit programma is immers, laat ik dat ook nog een keertje heel duidelijk onderstrepen, om de mensen vooruit te helpen, vervolgens gaan ook nog de wijken vooruit en vervolgens maken we ook nog voor een nog grotere groep mensen RotterdamZuid een fijne plek om zich te vestigen. Dat is ook echt wat we doen. We investeren natuurlijk in het steen, maar we investeren juist in de mensen, in heel veel extra les op school, in sterkere schoolbesturen, in een stabielere thuisbasis door pro-actievere schuldhulpverlening. Veel meer inzet op begeleiding naar werk voor wie dat kan. In betere dienstverlening voor alle mensen die in financiële problemen komen, zoals we dat bijvoorbeeld sinds een paar jaar op het werkstation doen. Dat zijn allemaal dingen die direct voor de mens zijn. We zien ook dat dat resultaat oplevert. In het afgelopen jaar kreeg voor het eerst meer dan de helft van alle kinderen op Zuid het HAVO-VWO advies. We kwamen van ver. We kwamen van ongeveer 30 procent. Dat is een ontzettend grote vooruitgang. We waren kampioen verlaging van het aantal mensen met bijstand van heel Nederland.
Dat is niet een kleine prestatie en dat is ook niet iets dat gaat over percentages die door een toestroom van buiten naar beneden zijn getrokken. Dat gaat over absolute aantallen mensen. Er hebben nog nooit zo weinig mensen op Zuid in afhankelijkheid van een bijstandsuitkering geleefd. Dat is, hoe je er ook naar kijkt, in mijn vaste overtuiging een grote vooruitgang. We zien ook in de wijk, in de straten, dat mensen daarvan profiteren. Dat gaat niet over statistiek, dat gaat over levens, zoals bijvoorbeeld mijn buurman die is opgegroeid in relatieve armoede in Bloemhof en die nu een mooi nieuw huis heeft kunnen kopen dat is gebouwd in de Afrikaanderwijk. Zo zijn er inmiddels honderden, duizenden verhalen van Rotterdammers die mede dankzij deze investeringen de kans hebben gekregen om op Zuid een nog beter bestaan te hebben. Dat is waar het om gaat. Dan kom ik bij mevrouw Nunnely. Zij heeft een motie ingediend en die heeft zij ook nog herzien. Daar wordt hij inderdaad beter van. Die heeft betrekking op het functieprofiel van de directeur van het NPRZ. Het is al genoemd: er is geen vacature. Het is een functie die vorig jaar nog voor een nieuwe periode van 4 jaar is ingevuld. Wij voorzien pas over ongeveer 3 jaar opnieuw die vacature.
Ik zal natuurlijk zorgen dat uw motie, als die wordt aangenomen, ik ben bereid die te omarmen, zijn weg vindt naar mijn opvolger en dat er te zijner tijd met uw raad consultatie plaatsvindt. Want wij zijn het met elkaar eens: in zo'n programma is ook vernieuwing van belang. We kunnen constateren dat in de afgelopen raadsvergadering van 29 januari 2026
Notulen pagina
100
anderhalf jaar zo'n 90 procent van het bestuur van NPRZ is ververst. Nieuwe voorzitter, nieuwe bewonersvertegenwoordigers, 2 stuks, een nieuwe vertegenwoordiger vanuit het onderwijs, een nieuwe vertegenwoordiger vanuit de woningcorporaties, een nieuwe vertegenwoordiger vanuit het werkgeverschap. We zijn op dit moment one big happy family en we hebben heel veel zin in het verder en succesvol maken van de inzet waar we het nu met elkaar over eens zijn. Dan ben ik bij mevrouw Bruin. Die heeft niet veel vragen gesteld, wel een gloedvol betoog afgestoken. Zij heeft ook in herinnering ingebracht dat wij met Rotterdam-Zuid bijstandskampioen zijn geworden als het gaat om verlaging van bijstand. Dat is inderdaad zo, daar ben ik heel blij mee. Mijnheer Van Dommelen heeft ook de vooruitgang van Rotterdam-Zuid onder woorden gebracht. Ik herken mij daar zeer in. Mijnheer Dekkers had niets voor mij. Mevrouw Verkoelen sprak over een zwaar bestuurlijk programma. Daar kenschetste zij het NPRZ mee. Dat herken ik niet. Het is natuurlijk wel zo, de gemeenteraad en wij als college, wij begeven ons veel in die bestuurlijke circuits. Dat je daar dan veel van ziet, is logisch. Maar dat wil niet zeggen dat er niet daarachter een hele wereld van allerlei uitvoeringen en professional schuilgaat die gelukkig het echte werk doen.