CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20251111 en 20251113- Notulen van de raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Gemeenteraad 4 december 2025, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergaderingen van:54.452 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

Notulen raadsvergadering Notulen van de raadsvergadering van 11 november 2025 Notulen van de raadsvergadering van 11 november 2025 (ochtendzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 16 Voorzitter: mevrouw drs. C.J. Schouten Tegenwoordig zijn 45 leden, namelijk de heer T.S.J. Coşkun, de heer J.M.D. de Waard, de heer M. Crielaard, mevrouw V.A. Bruin, de heer T. de Haan, de heer T. Roskam, de heer G.F.E. Koster, de heer E.P.J. Verweij, de heer E. Balcha, mevrouw J.M. Nunnely, de heer S.M. Bonte, de heer M. Verhoef, mevrouw P.J.H.D. Verkoelen, de heer R.T.J. van der Velden, mevrouw I. van Wifferen, de heer D.J. van Dommelen, mevrouw C. Aafjes-van Aalst, de heer S. Ceulemans, de heer T. Kind, mevrouw A. Kockelkoren, mevrouw M.S. Abrahamse, de heer T.J. Vonk, mevrouw D.A. van Groningen, de heer S.J.C. Becker, de heer S. Leewis, de heer R.N. Dahoe, de heer M.H. Biljoen, mevrouw M.Y. Morkoç, mevrouw A.J.A. Maassen, de heer J. Vicario, de heer B. van Schaik, mevrouw D. Yildirim, de heer S. Soytekin, de heer R.G.C. Segers-Hoogendoorn, de heer N. Akhatab, mevrouw E. Rehim Zadeh, de heer L.P.A. Dekkers, mevrouw J.M. de Bruijn, mevrouw M.E. Vogelaar, mevrouw S. Reitema, mevrouw L.S. Vlieger, de heer A.R. Oostdijk, mevrouw S. van de Peppel, mevrouw M.S.S. de Jong en de heer S.F. Lammering Varela Afwezig zijn: de heer M.R. van Campenhout en de heer S.

Kasmi Namens het college zijn tegenwoordig: Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders, met dien verstande dat zij van 12.03 uur tot 12.06 uur is waargenomen door de heer W. de Bel 1.

Opening en mededelingen.

De VOORZITTER: Ik open deze raadsvergadering. Van harte welkom, ook degenen die op afstand deze vergadering volgen, de vertegenwoordigers van de media en onze eigen medewerkers. Er zijn een aantal berichten van verhindering. De heer Van Campenhout is afwezig. Mevrouw Yildirim is afwezig vanaf 14.30 uur tot 17.00 uur. Mevrouw Van de Peppel is afwezig tot 15.00 uur. Wethouder Kasmi is afwezig. De heer Biljoen is tussen 14.00 uur en 15.30 uur afwezig. 2.

Vaststelling van de agenda voor de raadsvergadering van 11 en 13 november 2025.

De VOORZITTER: Dan komen we bij de vaststelling van de agenda voor de raadsvergadering van 11 en 13 november, want wij mogen elkaar deze week 2 hele dagen aan gaan kijken. Dat is heel fijn. Ik ga de hele agenda, dus voor vandaag en donderdag, met u doornemen. Dan kunnen we aan het eind de gelegenheid nog hebben om aanvullende opmerkingen te maken. Bij de punten die ik noem, kunt u uiteraard uw opmerkingen maken met betrekking tot dat onderdeel van de agenda. Vandaag houden we het begrotingsdebat. Dit debat betreft de agendapunten 6.1 tot met 6.4 en we behandelen deze onderdelen als één geheel. Dus kunt al uw opmerkingen gelijk in uw debat, in uw termijn, kwijt. Ik stel voor om vandaag, als dat nodig is, de eindtijd 0.00 uur vannacht aan te houden, maar het hoeft niet. De vergadering wordt vanavond geschorst en dan gaan we donderdagmorgen om 10.00 uur raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2131

weer verder voor de behandeling van de overige agendapunten. Bij agendapunt 9 is er een verzoek ontvangen voor een regulier debat, dat is het debat ‘de ‘dubbele moraal’ van antidrugscampagnes’. Ik stel voor deze donderdag te behandelen als agendapunt 9.2. Akkoord? Dan merk ik op dat vandaag tot 15.00 uur verzoeken voor een regulier debat of een tweeminutendebat kunnen worden ingediend. Voor een motie vreemd aan de orde van de dag of een kort bespreekpunt is de termijn tot morgen 11.00 uur. Deze agendapunten worden aanstaande donderdag aan de agenda toegevoegd. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Terug naar 9.2, het debat over de dubbele moraal. Ik ben er altijd voor, ik ga nooit ergens tegenin, maar het is altijd wel handig om te kijken waarom het een regulier debat moet worden. Het komt ergens vandaan en alle andere debatten komen uit commissies. Daar zijn we allemaal bij, daar hebben we voortdurend discussie over: doen we dat wel of niet? Nu wordt er in willekeur eentje bij geschoven. De VOORZITTER: Dit is naar mijn weten, ik was er niet bij, maar wat ik heb gezien, een actua geweest. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Maken we dan automatisch reguliere debatten van actua? De VOORZITTER: Nee, dit is een verzoek. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Dan wil ik graag een toelichting van degene die het ingediend heeft waarom het regulier moet worden.

De VOORZITTER: Dan kijk ik naar de D66-fractie, die hebben het debat aangevraagd. De heer BALCHA (d66): Dit debat is al gevoerd als een actua. De conclusie daarvan was voor onze fractie niet naar tevredenheid. Daarom een regulier debat. De VOORZITTER: Iedereen kan een regulier debat aanvragen. Als mensen het daar niet mee eens zijn, kan daarover gestemd worden. Ik kijk rond of daar behoefte aan is. Daar is geen behoefte aan. Dan stel ik vast dat hij als agendapunt 9.2 donderdag op de agenda zal verschijnen. Zijn er nog andere leden die iets willen opmerken met betrekking tot de agenda? Dat is niet het geval. Dan is de agenda hiermee vastgesteld. Dan kom ik nu bij de spreektijd. Het voorstel is om vandaag voor het begrotingsdebat een spreektijd van 4 uur te hanteren. Voor de behandeling van de overige onderwerpen op 13 november stel ik een spreektijd van 2 uur voor, plus de resterende spreektijd van het begrotingsdebat. Dus u kunt alles wat u vandaag over heeft, doorschuiven naar donderdag. Het kan niet naar voren gehaald worden, geloof ik. Ik kijk. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Het mag ook. Als u zegt: ik heb nu meer tijd nodig en donderdag niet zoveel, mag u het ook naar voren halen. Dan weet u dat dat de spreektijd is. Stemt u ermee in? Ja. De heer Segers-Hoogendoorn.

De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Staat er dan meteen 6 uur op de klok of doen we eerst 4 en ga je dan in de min? De VOORZITTER: Op een gegeven moment ga je in de min, dan wordt het weer bijgeplust door onze mensen en dan gaat het weer teruglopen. We houden vandaag cumulatief 4 uur op de klok, maar u hebt dus een reservepotje. Dan is hiermee de spreektijd vastgesteld. Het stemvenster is op donderdag 13 november aan het einde van de vergadering. Amendementen en moties die vandaag worden ingediend, zullen dus op donderdag in stemming worden gebracht. Rond 12.45 uur is er lunch beschikbaar op de Omloop voor de raadszaal. Mevrouw Verkoelen.

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2132

Mevrouw VERKOELEN (50plus): Over de stemmingen: doen we dat serieus pas aan het eind van de vergadering? De VOORZITTER: Omdat alles bij elkaar in één moet kunnen worden afgewogen met moties en amendementen. Die kunnen ook nog aangepast worden richting donderdag. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Dat begrijp ik, maar ik begrijp niet waarom we hem donderdag aan het eind van de dag doen. Kunnen we niet na de behandeling van de begroting het stemvenster doen en dan voor de andere onderwerpen weer een nieuw verhaal? Ik vind het een beetje raar dat we dat met elkaar gaan vermengen. Dat vind ik echt niet netjes. Laten we nu de begroting netjes afhandelen donderdag. Dan krijgen we het verhaal, stemming en vervolgens gaan we een aantal reguliere debatten doen. Dan kan iedereen doen en laten wat hij verder nog wil, maar dan hebben we dat in ieder geval goed gescheiden. De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Ik vind het juist heel erg handig om donderdag aan het einde van de dag over alles te stemmen. Ik denk dat het in algemene zin handig is dat we niet de stemmingen opknippen over de hele dag. De VOORZITTER: Daar zijn wat verschillende opvattingen over. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Ik ga met alles mee als het zo besloten wordt, maar ik vind het afbreuk doen aan waar we met elkaar voor zitten.

We hebben een begrotingsbehandeling, dat doen we in 2 delen met een tweede deel op een tweede dag. Daarna hebben we dat vervuild, dat mag van mij, met allerlei debatten. Daar gaan we dus weer een heel lange zware dag van maken en dan komen we aan het eind een beetje met stemmingen over een begroting. Ik vind het niet netjes. Ik vind echt: doe recht aan die cyclus door het dan ook een geheel te houden. De VOORZITTER: Ik check of er nog behoefte is aan het opknippen van de stemmingen. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Ik steun het voorstel van de heer Ceulemans. Volgens mij hebben we het altijd zo gedaan en is het voor de Rotterdammer juist duidelijker als we het doen zoals we het deden, namelijk aan het eind van de debatten donderdag. De VOORZITTER: Het is toch fijn dat we ook denken dat de Rotterdammer het allemaal precies zit te volgen wanneer onze stemmingen zijn. Dat is allemaal heel duidelijk voor de Rotterdammer, inderdaad. Ik proef een beetje de gevoelens en ik heb het idee dat toch de meerderheid denkt: doe maar aan het eind, alles bij elkaar. Aldus besloten. Dan hebben we vanavond ook nog een warme maaltijd, die is rond 18.30 uur op de gebruikelijke locatie beschikbaar. 3.

Mededeling van de ingekomen stukken aan de raad en de commissies, zoals genoemd op de digitale doorlopende lijst 2025 week 42 t/m 45.

De VOORZITTER: Dan komen we bij agendapunt 3, de mededeling van de ingekomen stukken aan de raad en de commissie zoals genoemd op de digitale doorlopende lijst 2025 week 42 tot met week 45. Ik stel u voor de behandelwijze, zoals vermeld bij het desbetreffende stuk, vast te stellen. Als u een opmerking heeft met betrekking tot een bepaald stuk, verzoek ik u het bijbehorende BB-nummer te noemen dat bij het stuk staat.

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2133

Wenst iemand hierover het woord? Niet. Dan constateer ik dat de lijst van ingekomen stukken hiermee is vastgesteld. 4.

Vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergaderingen van: a. 2 oktober 2025; b. 16 oktober 2025.

Dan komen we bij de vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergadering van 2 oktober 2025 en 16 oktober 2025. Wenst iemand nog het woord naar aanleiding van de notulen? Dat is niet het geval. Dan stel ik voor deze vast te stellen. 5.

HAMERSTUKKEN

5.1

Het voorstel tot vaststelling van de grondexploitatie Romeynshof.

De VOORZITTER: Dan doen we eerst een rondje hamerstukken. Hamerstuk 5.1, het voorstel tot vaststelling van de grondexploitatie Romeynshof. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp): Daar zit 0 procent sociale woningen in, dus daar zijn wij tegen. De VOORZITTER: Andere nog hier iets bij dit onderwerp? Dan is met de aantekening van de heer Coşkun dit hamerstuk vastgesteld. 5.2

Het voorstel tot vaststelling van de grondexploitatie Lemairepark Hoek van Holland.

De VOORZITTER: Agendapunt 5.2, het voorstel tot vaststelling van de grondexploitatie Lemairepark Hoek van Holland. De heer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd): Daar stemmen wij tegen vanwege de natuur. De VOORZITTER: Anderen nog? Dan stel ik voor met deze aantekening dit hamerstuk vast te stellen. 5.3

Het voorstel tot vaststelling van het ‘Verantwoordingskader accountantscontrole en rechtmatigheidsverantwoording rekening 2025’.

De VOORZITTER: Agendapunt 5.3, het voorstel tot vaststelling van het verantwoordingskader accountantscontrole en rechtmatigheidsverantwoording rekening 2025. Iemand? Dan is die hiermee besloten. 5.4

Het tweede herziene voorstel tot vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan Rotterdam ‘bruidsschat’.

De VOORZITTER: Agendapunt 5.4, het tweede herziene voorstel tot vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan Rotterdam ‘bruidsschat’. Niemand. Dan is dit hiermee besloten. 6.

BEGROTINGSDEBAT

6.1

Debat over de concept- begroting voor 2026 en de daarbij behorende voorstellen zoals genoemd onder 6.2 tot en met 6.4.

De VOORZITTER: Dan komen we bij het begrotingsdebat, het debat over de conceptbegroting 2026, de wijziging van de begroting over 2025 en de raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2134

belastingverordeningen voor 2026. Ik wijs u erop dat gisteren een herzien raadsvoorstel en ontwerpbesluit met toelichtende wethoudersbrief is aangeboden met betrekking tot de begroting. We voeren het debat in 2 termijnen volgens de bekende sprekersvolgorde. Ik zal u erop attenderen als u aan de beurt bent. Ik hoop dat we vandaag het debat over de begroting kunnen afronden. Dan is er donderdagochtend nog de gelegenheid om amendementen en moties te wijzigen of in te trekken. Het indienen van nieuwe amendementen en moties kan alleen in een eventuele derde termijn, dus houdt u daar rekening mee. Denkt u toch: ik wil toch een heel nieuw amendement indienen of een hele nieuwe motie, dan zullen we nog een derde termijn eraan vast moeten zetten. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Een punt van orde, voorzitter. Volgens mij hadden we afgesproken dat we de tweede termijn op donderdag doen. Dat we het niet vandaag afronden, maar de tweede termijn op donderdag. De VOORZITTER: Zo doen we dat altijd, is hier altijd een gevleugelde uitspraak, moet ik zeggen. Bij het presidium waar ik bij ben geweest, hebben we dat niet besproken. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Het is gebruikelijk en ook van belang, omdat je dan de tijd hebt om je voorstellen nog aan te passen, na eerst de reactie van het college.

Dan heb je dus de tijd ook weer om je steun te vergaren. Vandaar dat we gewend zijn om dat op de tweede dag dan vervolgens in een tweede termijn te doen. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dan zou ik het anders willen zeggen. Wij willen heel graag dat de tweede termijn op donderdag plaatsvindt. Volgens mij is daar overeenstemming voor in deze raad. De VOORZITTER: Dat kan. Vorig jaar weet ik ook dat we het inderdaad in de tweede termijn deden. Toen hebben we wel goed gekeken naar de eerste dag om die op te vullen, mocht er nog tijd over zijn. De consequentie kan hiervan dus wel zijn dat we donderdag echt een langere dag hebben, omdat daar ook nog andere debatten staan en dat we dan vandaag een wat kortere dag hebben, als het alleen een eerste termijn is. Dat geef ik u ter overweging mee. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Daarom zei ik tegen u: het wordt geen 0.00 uur, want die tweede termijn gaan we naar de donderdag zetten. Dan komt ook het punt aan de orde dat er inderdaad misschien een overbelasting komt op de donderdag en is het misschien handig om gedurende deze dag te kijken: welk agendapunt kunnen we naar vandaag overhevelen? Dat hebben we de vorige keer ook op die manier gedaan. Nu gebeurt ook precies wat ik steeds zeg: de begroting wordt een klein onderdeeltje zoals de rest en dat vind ik heel eigenaardig.

Het is wel de slimste manier, want anders wordt het 2.00 uur op donderdag. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dat lijkt me niet een goed plan, hoewel ik het heel sympathiek vind. Volgens mij moeten we er niet een soort circus van gaan maken vandaag. We hebben de begroting op de agenda staan. We hebben een relatief kleine agenda, tot op heden, op donderdag. Het is een beetje aan de raadsleden om dat zo te houden. Dan denk ik dat er geen probleem ontstaat op donderdag. Daarbij hebben we in het verleden ook weleens gehad dat het een lange dag werd, dus ik zou echt willen waken dat we vandaag er een soort circus van maken. Vandaag de begrotingsbehandeling eerste termijn, eerste termijn reactie college en dan gaan we donderdag rustig verder met elkaar. raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2135

De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Tot slot, helemaal eens. Ik stel voor dat we ook beginnen. Op deze manier wordt het sowieso 0.00 uur vanavond. Laten we beginnen. We zijn er zelf bij: mochten we gedurende dag vinden dat het anders moet, kunnen we dat altijd nog besluiten. De VOORZITTER: Ik besef dat wij dit niet expliciet besproken hebben met elkaar en dat het een soort impliciete aanname is geweest, omdat we dat andere jaren zo hebben gedaan. Maar ik hoor goed dat u zegt: laten we vandaag de eerste termijn raad en college doen, de tweede termijn richting de donderdag en alle andere onderwerpen ook naar de donderdag. Als u daar allemaal blij van wordt, gaan we dat zo doen. De besluitvorming over de begroting vindt dan plaats op donderdag, het stemvenster. Daar hebben we het net over gehad. Als u in het debat refereert aan een ingediende motie, verzoek ik u ook het nummer van de motie te noemen. Mocht er een wijziging plaatsvinden of een ondertekening of wat dan ook. Ondertekening is meestal geen punt, maar de wijzigingen zijn voor de administratie aan onze kant handig om gelijk ook mee te nemen. Dan komen wij daadwerkelijk bij de begroting. Dan is als eerste het woord aan mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, vandaag bespreken we de begroting voor 2026, de laatste begroting van dit rechtse college.

Afgelopen week was mijn zoon van 17, net als vele middelbare scholieren, aan het bikkelen voor zijn eerste schoolexamens. Net als voor hen is de vraag voor Rotterdammers: wat zijn de resultaten? Wat hebben de gedane beloftes van dit college nu werkelijk opgeleverd? Worden de Rotterdamse centen die voor komend jaar alweer oplopen tot 5,1 miljard ook daadwerkelijk goed besteed voor de mensen die dat zo keihard nodig hebben in onze stad? Geen woorden, maar daden is het Rotterdamse motto. Natuurlijk, er is hard doorgewerkt aan het realiseren van woningen, aan de mooie groene projecten die we vorige periode hebben ingezet, aan verder autoluw maken van straten. Projecten die GroenLinks en PvdA ook allemaal gesteund hebben. Maar het kan zoveel beter, socialer, eerlijker en duurzamer. GroenLinks en PvdA hebben samen als grootste oppositiepartijen ook keer op keer met gedekte voorstellen laten zien dat het beter kan. We trokken samen op met bewoners en organisaties in de stad om vanuit de positieve energieplannen te verbeteren. We hebben als linkse oppositie 4 jaar lang voorstellen gedaan om geld eerlijker te verdelen met voorstellen die meer kansengelijkheid opleveren, de stad gezonder maken, duurzamer en rechtvaardiger. Keer op keer is er geen euro verschoven. Dat moeten we ook constateren. Bij deze laatste begrotingsbehandeling komen we daarom niet met een tegenbegroting.

Nu is het tijd voor een rapportcijfer voor dit college. Voorzitter, als we dat rapportcijfer moeten aflezen aan de eigen targets van dit college, zijn de resultaten onvoldoende. 8 van de 15 collegetargets zijn niet behaald of misschien nog niet behaald, maar dan is het nog hard doorwerken. Bovendien laat de rekenkamer zien dat de opbrengst van projecten vaak niet meetbaar is gemaakt en niet gemonitord wordt. Dat geldt bijvoorbeeld voor het tegengaan van armoede, waar we in de begroting geld voor reserveren. Daar hebben we als GroenLinks en PvdA ook telkens op gewezen en voorstellen ter verbetering voor ingediend, maar dit college toonde zeer weinig verbetering. GroenLinks en PvdA willen een stad waar de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Een stad waar penthousebewoners in de torens van Rotterdam een steentje bijdragen aan een betaalbare woning voor een jongere die noodgedwongen bij vrienden op de bank slaapt, zodat we de mensen en organisaties die onze stad maken, overeind kunnen houden. Eerder noemden we de villataks en dienden we voorstellen in met als dekking een verhoging van de ozb. Daar hebben we heel veel lekker over kunnen debatteren hier. Maar eerlijk delen, is een principiële keuze.

Vandaag hebben we een motie om het college uit te laten zoeken hoe we dat principe van eerlijk delen, waarbij villabezitters meer kunnen bijdragen en gewone Rotterdammers in een huurhuis of gemiddelde koopwoning worden ontzien, zodat we in maart met de partijen die vooruit willen in een sociale stad, daar direct mee aan de slag kunnen. Dat is de motie ‘lagere woonlasten voor Rotterdammers.’ raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2136

De VOORZITTER: De heer Ceulemans heeft een vraag. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, ik constateer 2 dingen. Mevrouw Kockelkoren dient nu een motie in die volledig voor de bühne is, want zij weet dat de gemeente geen inkomenspolitiek kan bedrijven op basis van woningen, dat is 1 en 2, erkent zij nu dat het voorstel dat zij vorig jaar deed, namelijk om de ozb voor woningen generiek te verhogen, een klap in het gezicht van de gewone Rotterdamse woningbezitter was? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Nee, voorzitter, wij hebben wij willen die ozb-opbrengst gebruiken voor het sociale weefsel van de stad. Wij vinden het op zich prima dat iedereen daar een steentje aan bijdraagt, maar wij denken dat het slimmer kan. Dat willen wij nu laten uitzoeken en wij willen die partijen die elke keer niet mee wilden met deze dekking, nu wel meekrijgen om te kijken: hoe gaan we dat vanaf maart dan beter doen? Ik denk dat we die sociale meerderheid hier in de raad wel kunnen vinden. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, die sociale meerderheid staat in ieder geval niet achter dat spreekgestoelte. Want het is mevrouw Kockelkoren die, onder het mom van villataks, keer op keer pleit om de woonlasten voor gewone Rotterdammers in een gewoon rijtjeshuis keihard te verhogen.

Dat is het voorstel dat haar fractie hier keer op keer gedaan heeft, net zoals haar fractie keer op keer het voorstel gedaan heeft om de ozb voor niet-woningen te verhogen. Dus eerst hebt u het gemunt op de bakker op de hoek, op de volkstuinvereniging, op de sportvereniging. Daarna kwam de woningbezitter aan bod. Dat noemt u nu villataks, maar dat is een keiharde lastenverzwaring voor mensen met een rijtjeshuis in Ommoord, in IJsselmonde, in Zevenkamp en het is heel goed dat die mensen zien waar GroenLinks voor staat. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, het is mooi dat u de bakker op de hoek alvast noemt, want daar hebben we ook een motie over. De VOORZITTER: Mijnheer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Tot slot, ik constateer nu al, ik voorzie wat er gaat gebeuren. Mevrouw Kockelkoren weet niet meer waar ze het zoeken moet en gaat nu allemaal onderzoeksmoties voor de bühne indienen om voorstellen die ze eerst heeft ingediend om lasten te verzwaren voor de bakker, voor de volkstuin, voor de sportvereniging en voor woningbezitters onder het tapijt te moffelen, omdat ze liever niet met die boodschap de campagne ingaat. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, wij moffelen helemaal niets onder het tapijt. Ik wil u erop wijzen dat in uw eigen college de woonlasten met 3,5, 4,5 procent stijgt.

Dus het is uw college dat de belofte heeft gedaan dat de woonlasten laag blijven. Wij zijn er elke keer eerlijk over geweest. Wij vinden het uitlegbaar dat we met zijn allen staan voor een sociale en eerlijke stad. Dat we dus kunnen investeren in het sociale weefsel, dat we Big Friends en B4U overeind kunnen houden, mentoringsprojecten voor jongeren. Wat wilde dit college? Niets van dat al met de belofte: wij vinden de belasting laag houden het allerbelangrijkste. Wat zien we? De belasting stijgt en de sociale organisaties zijn omgevallen. Lekker bezig, jongens. De VOORZITTER: De heer Ceulemans. raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2137

De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, dit is een compleet ongeloofwaardig kletsverhaal, een compleet ongeloofwaardig kletsverhaal. U staat achter dat spreekgestoelte zo'n beetje alle belastingen die u kunt bedenken op te hogen en u gaat een college dat de belastingen niet verhoogd heeft, de maat lopen nemen. Laten we het eens afpellen: de ozb, deze periode, verlaagd. De afvalstoffenheffing, op die ene procent uit het coalitieakkoord na, geïndexeerd, zelfs een keer ondertussen bevroren om mensen ruimte in hun portemonnee te geven toen de energieprijzen en de inflatie aan het stijgen waren. De rioolheffing, niet verhoogd. Dus u kletst. U probeert een frame neer te zetten dat zo ongeloofwaardig is dat u er zelf ook niet in lijkt te geloven. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik vind het echt enorm grote woorden die hier worden gebruikt. Ik heb dit niet verzonnen, het staat in het rapport van de rekenkamer. De woonlasten in Rotterdam zijn gestegen met 4,5 procent en dat komt door de gemiddelde WOZ-waardestijging. Bovendien zijn de woonlasten in Rotterdam hoger dan bijvoorbeeld in Den Haag en in Amsterdam. Ik verzin het niet, dat is het uitzoekwerk van de rekenkamer.

Het uitzoekwerk laat zien: wat hebben die beloftes nou uiteindelijk betekent voor de stad? Daar stel ik terecht vragen bij en dat u dan zulke grote woorden nodig heeft om hier zaken onder het tapijt te moffelen, laat ik dezelfde bewering dan maar gebruiken, dat is aan u. De VOORZITTER: Mijnheer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Elke keer als u reageert op een vraag van mij, wordt uw verhaal ingewikkelder. U zegt nu: de woonlasten zijn hoger dan in andere G4-gemeenten. Tegelijkertijd stelt u zelf voor om woonlasten te verhogen. Wat vindt u nu? Vindt u nu dat ze te hoog of te laag zijn? U moet een keuze maken voordat u een begrotingsbehandeling ingaat. Twee, we hebben met dit college afgesproken om de woonlasten in Rotterdam terug te brengen naar het G4-gemiddelde. Daar zijn we op weg mee geweest. We hebben de ozb verlaagd. Voor de rest is dat inflatiecorrectie geweest waarvan u ook niet kunt ontkennen dat dat de generieke trend is. Dus er blijft heel weinig over van uw verhaal. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren en dan ga ik daarna naar mevrouw Van Groningen. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, 2 dingen. Dit college zegt: wij willen de woonlasten laag houden. De rekenkamer laat zien dat dit niet gelukt is. Dat is 1.

Het tweede punt is: wij vinden, daarom hebben we ook elke keer voorstellen ingediend, het eerlijk en billijk dat we als Rotterdammers met elkaar sociale initiatieven, betaalbare woningen, dragen, omdat in deze stad dat keihard nodig is. Daarom hebben wij die voorstellen ingediend. Wat wij nu doen, is een motie indienen om uit te zoeken hoe we dat zo mogelijk maken dat de sterke schouders de zwaarste lasten dragen, dat we het eerlijker maken. Dat is ons verhaal, dat lijkt me ontzettend helder. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dank u wel. Er is al veel gewisseld, maar ik denk nog voor de verheldering: als een WOZ-waarde van een huis stijgt, betekent dat niet dat de lasten stijgen. Je moet wel meer betalen, maar dat is omdat de waarde van je huis stijgt. Laten we deze discussie afronden. Waar ik naartoe wil, is allereerst te beginnen met een compliment te geven, want voor het eerst in deze 3,5 jaar hoor ik een positief begin bij GroenLinks. Ik vind het fijn om te horen dat ook u inziet dat dit college goed werk doet, belangrijk werk doet voor de stad. Dat ze vergroenen als nooit tevoren. Wat me wel zorgen maakt, is dat u het nog steeds heeft over de afbraak van het sociale weefsel. Maar wat u aan het doen bent, is dat sociale weefsel juist af te breken door mensen niet meer die kansen te raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2138

geven door alle lasten te verzwaren. Dus hoe moet ik dit nu zien? U hebt uw mond vol van sociaal weefsel, maar dat breekt u net zo hard af door dingen onbetaalbaar te maken, door die vaste lasten juist van mensen te laten stijgen met een ozb-verhoging. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Volgens mij heb ik dat zojuist klip-en-klaar uitgelegd. Wij denken dat het goed is dat je met elkaar die lasten draagt om de mensen die het minder hebben in deze stad een steuntje in de rug te bieden. Daarvoor hebben we die voorstellen ingediend. Wij willen graag de komende periode dat principe van de sterke schouders die de zwaarste lasten dragen verder uitbouwen. Ik denk dat dat is wat de stad nodig heeft. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dat doet u dus niet met een generieke maatregel als de ozb. Dat is ook wat net werd gezegd, ter linkerzijde, voor mij dan, bij Leefbaar Rotterdam. U bent ook een beetje linkser, mijnheer Ceulemans. Dat sociale weefsel, in Amsterdam verhogen ze de ozb met 25 procent, zie je dat de gewone Amsterdammer er niet meer kan wonen. Wij zijn bang dat u hiermee de echte Rotterdammer die elke dag zijn straatje veegt, de onderwijzer, de politieagent, dat u die onevenredig hard raakt, want het is niet zo dat u vrijwillig kunt shoppen in u heeft een groot huis en daarmee betaalt u dus meer.

Zo werkt het niet. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, in onze motie willen wij juist een ozb-heffing die getrapt wordt. Dat is het onderzoek dat we hier uitzoeken. Dus dat de mensen die een grote woning hebben meer betalen dan de mensen die een kleine woning hebben. Ik hoor dus dat daar kennelijk meer draagvlak voor is dan voor de generieke maatregel waar wij ook achter staan. Dat heb ik net aan de heer Ceulemans uitgelegd. Wij willen dus die sterke schouders meer belasten en wij denken dat de meeste van die mensen dat ook helemaal geen enkel probleem vinden. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dan heb ik nieuws voor u: dan staat u echt in de verkeerde zaal. Dan zou ik zeggen: rij nu naar Den Haag, waar overigens vandaag het afscheid is van de oude Tweede Kamer. Misschien hebben ze nog een plekje morgen als de nieuwe kamer wordt geïnstalleerd. Daar gaan ze over dit soort wetten. Die bepalen wij hier niet. We hebben een generieke maatregel uit te voeren. Iedereen betaalt evenveel, afhankelijk van de WOZ-waarde, en so be it. Dus u kunt wel zeggen: ik wil een getrapt iets, maar u moet dan wel eerlijk zijn naar de Rotterdammer dat het dus helemaal niet kan. Dat is een broodje aap. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren.

Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Wij denken dat dat wel kan en daarom hebben we deze motie ingediend. Sterker nog: we hebben ook nog een ander voorstel, als u mij de kans geeft om daarop door te gaan. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen heeft nog wel een vraag. Ik stel voor dat mevrouw Maassen eerst nog haar vraag kan stellen.

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2139

Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ik ben ook heel blij met het positieve verhaal van mevrouw Kockelkoren. Maar het klopt: wat u nu voorstelt, is echt broodjes aap verkopen, want het kan niet wat u vraagt. We mogen als gemeente niet morrelen aan het inkomensbeleid. Dus wat u doet, is onrealistisch beleid verkopen. Dat vind ik dan heel erg jammer, want ik hoop echt dat we u aan onze kant kunnen krijgen om te zeggen: laten we realistisch met die stad omgaan. Laten we kijken waar de kansen en de mogelijkheden liggen, maar dat moeten we wel met een eerlijk verhaal doen. Met een eerlijk verhaal over wat er wel kan en wat er niet kan. Wat u nu doet, is dat u probeert om de Rotterdammers mee te nemen in een verhaal wat echt niet kan. Dat is niet realistisch en ik vraag u: wilt u nog een keer kijken naar uw verhaal en eerlijk zijn naar die Rotterdammer toe wat er nu wel en niet kan met deze stad. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Ik ben altijd bereid om inzichten over te nemen of het daarover te hebben. Maar dan denk ik ook dat het goed is dat de coalitiepartijen eerlijk zijn over de stijging van die woonlasten. Dat is door de rekenkamer nu bewezen. Ik doe een voorstel waarmee je de afvalstoffenheffing omlaag doet, de rioolheffing omlaag doet en de ozb omhoog doet. Wij denken dat je daarmee een eerlijk verhaal vertelt naar Rotterdammers.

Wij hebben dat uitgezocht. Ik hoor graag wat de reactie is van dit college. We hebben ook gezien dat in andere steden in die zin zaken gebeuren. Daar komen we dus nog met een motie over een lagere rioolheffing. Dat kan gewoon en dat is het eerlijke verhaal. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, het siert mevrouw Kockelkoren dat ze goed kijkt naar de lasten van Rotterdammer. Ik heb dat ook elk jaar weer in dit college teruggezien. We hebben, zoals de heer Ceulemans al zei, zelfs in de periode dat de energielasten enorm stegen juist die afvalstoffenheffing bevroren, maar, nogmaals, wel op een eerlijke manier. Dat betekent ook dat bepaalde dingen niet door de gemeente kunnen worden gedaan. Daar moeten we ook eerlijk over zijn. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik vind het eerlijk gezegd ook een beetje flauw dat hier een motie wordt afgeknald omdat die technisch niet uitvoerbaar zou zijn, terwijl de motie nog niet eens gezien is. Dat vind ik echt heel erg knap. Ik denk dat het hier ook niet erom gaat of een motie technisch wel kan of niet, hier zie je een duidelijk ideologisch verschil.

D66 bevestigt ook maar dat zij dus in een rechtscollege zitten waarin zij liever wijst naar het rijk en zelf een kleine overheid, een kleine gemeente is, terwijl wij, GroenLinks en PvdA, staan voor solidariteit en wij zeggen: de zwaarste schouders moeten de zwaarste lasten dragen. Daar komen we keer op keer met voorstellen voor, dat doen we al 4 jaar op rij. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, het eerlijke verhaal is: wij mogen dit niet als gemeente. Het gaat niet over de technische uitvoering ervan, het mag niet. Dan kunt u nog heel lang roepen en heel lang aan de Rotterdammer vertellen dat u dit gaat doen, maar we mogen het als gemeente niet doen. Dus als wij denken 1 stap in die richting te zetten, worden we meteen teruggefloten. Dat is oneerlijk. We moeten aan de Rotterdammer een positief, realistisch en optimistisch verhaal vertellen en dat betekent ook eerlijk zijn: wat kan wel en wat kan niet? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2140

Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik denk dat het goed is om 2 dingen helder te maken. Die ozb gaat niet op basis van inkomen, we doen het op een andere manier. Dat hebben we uit laten zoeken en dat lijkt te kunnen. Dus ik leg dat voorstel voor, omdat het een manier is waarop wij, vanuit principiële overwegingen, denken dat we de stad een stapje verder kunnen brengen. Dat is 1. Ten tweede, ik heb nog steeds ook niemand van de coalitiepartijen gehoord op het feit dat de totale woonlasten in Rotterdam onder dit college voor een gezin bij een gemiddelde WOZ-waarde in 2026 stijgt met 4,5 procent. Dat komt door de stijging van de rioolheffing. Dat is wel waar, want dat is door de rekenkamer uitgezocht. Dus als u nu elke keer mij van alles beschuldigd en zelf geen enkele reflectie toont op de resultaten van dit college, zijn we snel uitgepraat. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren heeft de volgende motie ingediend. Motie 1.

Lagere woonlasten voor Rotterdammers " De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 11 en 13 november 2025 ter bespreking van agendapunt 6.1 Begroting 2026 en 2e herziening 2025; constaterende dat: - de rioolheffing en afvalstoffenheffing voor Rotterdammers met een kleine beurs lastiger te dragen zijn dan voor Rotterdammers met een hoger inkomen, omdat ieder huishouden hetzelfde bedrag betaalt; - de hoogte van de onroerendezaakbelasting (ozb) gebaseerd is op de waarde van de eigen woning; overwegende dat: - vooral Rotterdammers met een kleine beurs zwaar te lijden hebben van de hoge riool- en afvalstoffenheffingen in Rotterdam; - het verlagen van hun woonlasten bijdraagt aan het tegengaan van armoede, geldstress en andere problemen bij Rotterdammers; - het rechtvaardig is dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen; - deze aanpassing budgetneutraal kan worden uitgevoerd, omdat de lagere kostendekkendheid opgevangen kan worden met een bijdrage vanuit de ozb, via de algemene middelen; verzoekt het college: - te onderzoeken wat de gevolgen zijn van een budgetneutrale verlaging van de riool en afvalstoffenheffingen, en verhoging van de ozb voor de woonlasten van: a. huurders; b. eigenaar-bewoners met een woning met een WOZ-waarde van 225.000 euro; c. eigenaar-bewoners met een woning met een WOZ-waarde van 342.000 euro; d.

eigenaar-bewoners met een woning met een WOZ-waarde van 422.000 euro; - hiervoor meerdere scenario's uit te werken, met daarbij in ieder geval scenario's die uitgaan van een verlaging van de riool- en afvalstoffenheffing met 5 procent en met 10 procent; - de resultaten van dit onderzoek uiterlijk Q2 2026 met de raad te delen; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. A. Kockelkoren, M.H. Biljoen, S. Reitema en J.M. de Bruijn De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen.

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2141

De VOORZITTER: Dan geef ik het woord aan de heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Ik constateer dat het ook met de fusiepartners onderling niet helemaal lekker gaat. Mevrouw Kockelkoren roept nu: trouwens, we hebben het lopen uitzoeken, het kan wel. Mevrouw Reitema zegt: het maakt niet uit of het uit te voeren is, want ik leg een principiële motie neer. Dus u moet dat ook onderling beter afstemmen. Het is overduidelijk wat hier gebeurt, het is nog veel erger dan wat mevrouw Maassen zei. Mevrouw Kockelkoren weet dat niet kan wat ze voorstelt. Het is heel cynische politiek, want we zien precies wat hier speelt: GroenLinks-PvdA wil na de verkiezingen de woonlasten van Rotterdammers en de ozb door het dak jagen en probeert dat nu te verhullen met een bühnemotie waarin ze suggereren dat ze dat anders gaan doen, omdat ze dat gaan differentiëren op een manier die wettelijk niet is toegestaan. Dat is wat hier aan de hand is. U kunt het heel slecht verkopen en het is ongeloofwaardige politiek. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema wil hierop reageren. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik vind het ronduit belachelijk wat Leefbaar Rotterdam hier staat te doen. Het gaat erom dat u niet eens een motie heeft gezien en zelf zegt dat die technisch niet uitvoerbaar is. Dat is waarom het gaat.

Zeker, alle voorstellen die GroenLinks en PvdA hebben gedaan deze 4 jaar, zijn technisch uitvoerbaar en principieel. Dat kan samen en dat kan beter. De heer CEULEMANS (lr): Ik citeer u. U zegt: het maakt niet uit of het wel of niet technisch uitvoerbaar is, want ik leg een principiële keuze neer. Dat zegt u, waarmee u suggereert dat het helemaal niet uitmaakt of het wel of niet kan. Dat is een goede stap die u inbouwt, omdat u weet dat het niet kan. Als u wil dat wij eerst een motie zien voordat we daarover oordelen, stuur hem dan vooraf rond, zou ik zeggen, voordat u hem indient. Dan kunnen we er vooraf naar kijken en dan kunnen we mevrouw Kockelkoren erop bevragen. Wat u nu doet, is een motie indienen waarvan u vervolgens zegt dat we u niet erop mogen interrumperen. Het lijkt me heel duidelijk waarom u dat gedaan heeft: omdat u weet dat er anders aan de voorkant gaten ingeschoten waren geworden. De VOORZITTER: Afrondend, mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Ik vind het toch wel een punt van orde, want er worden mij woorden in de mond gelegd die ik letterlijk niet gezegd heb. Dat vind ik echt heel erg flauw. Dus laten we normale politiek gaan voeren en niet de populistische voor de bühne wat Leefbaar graag loopt te doen. De VOORZITTER: Terug naar de inhoud. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dank u wel.

Overigens, als we het over principes hebben, staat hier in ieder geval een partij die niet lasten wil verhogen, in ieder geval niet voor ondernemers en onze Rotterdammers. Ik ben wel eerlijk: de kosten voor afvalstoffenheffing en riool zijn gestegen. Dat heeft een reden. Dat heeft een heel duidelijke reden. Overigens, de afvalstoffenheffing is nog steeds niet zo hoog als in Amsterdam en als in Den Haag, maar we willen ook dat zaken kostendekkend zijn, dus we hebben ze wel geïndexeerd. U weet net zo goed als ik dat in de voorjaarsnota van 2022 we die afvalstoffenheffing zelfs bevroren hebben en qua riool moesten we gaan stijgen, omdat het anders niet kostendekkend is. We hebben een oorlog in Oekraïne, de kosten worden alleen maar hoger. Dan is het niet meer dan fair om daar een stukje van terug te leggen bij die Rotterdammer. Zegt u dan dat ik sta te juichen dat we dat moeten doen? Nee, maar ik wil u wel het eerlijke verhaal vertellen. Dat is iets anders dan een knop van belasting indraaien die iedereen heel hard raakt, terwijl de Rotterdammers het al zwaar genoeg hebben. Dan vraag ik raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2142

ook aan u, als u echt vindt, vanuit principe, dat we onze Rotterdammers tegemoet moeten komen, hoop ik ook dat u echt kritisch kijkt naar of we belastingen verhogen. Dan zou dat dus niet de ozb moeten zijn, niet voor bedrijven en ook niet voor die Rotterdammer. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, dank u wel. Dit vind ik een constructievere houding van mevrouw Van Groningen. Je erkent wat er is gebeurd en dat klopt met wat wij zeggen. Dus daar hebben we common ground. We zijn het niet eens over die lastenverhoging, dat had ik ook niet verwacht van de VVD, want dat is het standpunt. Daar liggen wij heel ver uit elkaar. Dat zal niet betekenen dat wij de komende periode de VVD uit zullen sluiten, maar dat kunnen we nog overwegen. Als we het dan hebben over die rioolheffing, daar zien we namelijk ook dat grote bedrijven in Den Haag, Amsterdam en Utrecht extra rioolheffing betalen, waarmee de kosten voor huishoudens en kleine ondernemers juist lager liggen. Rotterdammers betalen nu ruim 100 euro meer per jaar aan rioolheffing dan Hagenaren en Amsterdammers. Dat geldt niet alleen voor huishoudens, maar ook voor ondernemers zoals de bakker op de hoek. Wij vinden dat onrechtvaardig. GroenLinks wil dat de vervuiler betaalt, niet de gewone Rotterdammer.

Daarom willen we ook daarvoor een motie indienen voor een verlaging van de rioolheffing door een gebruikersdeel in te voeren. Dat is een motie: lagere rioolheffing voor de bakker op de hoek. Dat gaat erover dat je wel die kostendekkendheid garandeert, dus je haalt evenveel op, alleen je haalt het op bij de grootverbruikers van het riool en je ontziet de kleine ondernemers en de bewoners. De VOORZITTER: Volgens mij had de heer Soytekin nog een vraag over het vorige onderdeel. De heer SOYTEKIN (denk): Dat heeft u goed gegokt, voorzitter. Als we kijken naar het Rotterdamse college, is mijn conclusie dat die zelfs linkser is dan het college in Utrecht, als we kijken naar de woonlasten daar, want die zijn echt torenhoog. Daar zitten wij gelukkig onder. Wat we daar zien, is een stadsbestuur dat bestaat uit een combinatie van GroenLinks en PvdA. Dus dan kunnen we ongeveer inschatten wat dat voor effect zou kunnen hebben. Een ander punt dat mevrouw Kockelkoren aangeeft, is het verhogen van de ozb, dus de woonlasten verhogen. Er zijn, volgens mij, ook nog meer belastingmaatregelen die GroenLinks en PvdA omhoog willen.

Het verhogen van die ozb in combinatie met het afschaffen van de hypotheekrenteaftrek, is toch een dubbele klap in het gezicht van de mensen die hard werken en een eigen huis hebben en daarin wonen en maandelijks de hypotheek moeten betalen? Is ze dat met mij eens? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): U haalt nu een maatregel die op het landelijke bordje ligt erbij. Ik vind het prima om hier ook nog de landelijke politiek bij te halen. Wij willen die ozb verhogen, daar hebben we in het verleden voorstellen voor gedaan, omdat we daar een goede dekking in zien voor allerlei zaken die wij ontzettend belangrijk vinden voor de stad. Wij denken dat de sterke schouders de zwaarste lasten kunnen dragen. Wij denken ook dat dat iets zou kunnen zijn waar een partij als DENK, waar wij het in kunnen vinden. Kijk, dat ik de VVD daar niet op meekrijg, was voor mij geen verrassing, maar voor een partij als DENK die moet toezien dat allerlei sociale initiatieven de stekker uit wordt getrokken, dat dakloze mensen op straat slapen, dat bankslapers geen betaalbare woning kunnen vinden. Dan denk ik: daar kun je toch met elkaar iets slims op verzinnen? Wij denken dat dit een slimme manier is, net zoals wij denken dat je de woonlasten kan verlagen door die rioolheffing op een getraptere manier te laten betalen. Dat kan gewoon, dat doen ze in andere grote steden ook.

Dus we hebben voorstellen die passend zijn en die helpen voor de stad. Ik zou verwachten

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2143

dat DENK daar lekker in mee kan gaan. Dus ik hoop dat als u de moties heeft gezien, dat u ze in overweging kan nemen. De VOORZITTER: De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): DENK gaat niet mee in een dubbele lastenverzwaring voor woningeigenaren. U schildert woningeigenaren ook af alsof het allemaal miljonairs zijn. Er zitten woningeigenaren tussen die een woning hebben voor 3 ton, voor 4 ton, wat tegenwoordig normale prijzen zijn. Mevrouw Kockelkoren zegt: ik ben voor meer betaalbare woningen. Als je die ozb-tarieven omhoog gaat gooien en die hypotheekrenteaftrek gaat afschaffen, krijg je zeker geen betaalbare woningen. Dus daar gaan wij zeker niet in mee. Met betrekking tot dakloosheid: daar zijn problemen, maar we zijn er ook wel trots op dat dit college heel veel goede maatregelen heeft uitgevoerd en ermee bezig is om dat probleem ook aan te pakken. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren wil nog. Ik probeer het tempo een klein beetje in het debat te houden. Mevrouw Kockelkoren nog kort en dan ga ik gauw naar mevrouw Maassen. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, 1 reactie. Wat wij juist doen met dit voorstel, deze motie over ozb, is ervoor zorgen dat die mensen in kleine woningen minder hoeven te betalen en mensen in grotere woningen meer hoeven betalen. Dat is juist de achtergrond van deze motie. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren heeft de volgende motie ingediend. Motie 2.

Lagere rioolheffing voor de bakker op de hoek “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 11 en 13 november 2025 ter bespreking van agendapunt 6.1 Begroting 2026 en 2e herziening 2025; constaterende dat: - de rioolheffing voor huishoudens en het midden- en kleinbedrijf in Rotterdam in 2025 ruim 300 euro bedraagt, terwijl huishoudens in Den Haag en Amsterdam slechts 190 euro betalen; - de andere G4-gemeenten een gebruikersdeel rekenen, dat gebaseerd is op het jaarlijkse watergebruik van een adres; - die gemeenten daarmee het vaste eigenarendeel laag houden; - Rotterdam alleen een basistarief en een opslag voor niet-woningen op basis van de WOZwaarde kent; overwegende dat: - in het Rotterdamse systeem huishoudens én kleine bedrijven zoals de bakker op de hoek, meer betalen dan in Den Haag, Amsterdam en Utrecht; - het rechtvaardig is als de vervuiler betaalt, in plaats van de kosten te spreiden over alle Rotterdammers; - een lagere rioolheffing bijdraagt aan lagere woonlasten voor alle Rotterdammers en lagere lasten voor kleine ondernemers; - grootverbruikers van water grote bedrijven zijn, die met hun sterke schouders de lasten van een verhoging van de rioolheffing goed kunnen dragen; verzoekt het college:

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2144

-

-

om de rioolheffing voor huishoudens en kleine ondernemers te verlagen, te onderzoeken wat de gevolgen zijn van het budgetneutraal invoeren van een gebruikersdeel, voor de totale hoogte van de rioolheffing voor: a. huishoudens b. kleine ondernemers c. de rest van het midden- en kleinbedrijf (mkb) d. grote bedrijven meerdere scenario's uit te werken, waarin het basistarief terug wordt gebracht naar het gemiddelde van de G4, de lasten voor huishoudens en kleine ondernemers worden verlaagd en de lasten voor het mkb gemiddeld gelijk blijven;

en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. A. Kockelkoren, M.H. Biljoen, S. Reitema en J.M. de Bruijn De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Tot slot de heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Misschien technisch dan, want waar ligt dan voor u de grens? Wat is de grens die mevrouw Kockelkoren gekozen heeft voor kleine woningen? Ligt dat aan aantal vierkante meters, is dat de prijs? Wat is dan de grens waarbij het tarief omhoog gaat? De VOORZITTER: Volgens mij staat dat in een motie. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, het staat in de motie. Vanaf 4,5 ton blijft het gelijk en daarboven gaat het omhoog. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, GroenLinks zegt: de lasten zijn te hoog, dus we gaan de lasten verhogen. Dat gaat op 2 punten mis. Eén, als je kijkt naar alle andere gemeenten, dan doet Rotterdam het het best, die lasten stijgen namelijk het minst van al onze vergelijkbare gemeentes. Twee, de oplossing verhogen lasten is niet om de lasten te verhogen. Dus ik doe nogmaals een beroep op GroenLinks: verhoog nou die lasten niet, want het heeft geen zin om de lasten te verhogen om daarmee de lasten proberen te verlagen. Het verhaal klopt niet. De VOORZITTER: Wilt u er nog op reageren? Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, zojuist had ik hier met mevrouw Van Groningen een eerlijker gesprek over.

De woonlasten zijn hoger geworden onder dit college en dat ligt met name aan de rioolheffing. Dat hebben we nu geconstateerd, dus dan vind ik het een beetje jammer om dat weer ter discussie te stellen, want dan blijven we een beetje in kringetjes rondgaan. Ten tweede: wat wij doen is lasten eerlijker verhogen. Dat is de achtergrond van het voorstel. Ten tweede, de rioolheffing, daarbij willen we, net als andere grote steden al doen, zorgen dat de partijen die weinig gebruiken minder betalen. Dat is dan een lastenverlichting voor de partijen die minder water af moeten voeren. Daarmee ga je dus voor de groep die het meest nodig heeft de lasten verlagen. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen.

raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2145

Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, we hebben eerder al geconstateerd: de ozb klinkt misschien technisch, maar we weten allemaal dat dat ook inderdaad juist gaat over de bakker op de hoek. Dus ik constateer alsnog: GroenLinks wil graag de lasten verhogen als oplossing voor hoge lasten. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dank u wel. Het klinkt natuurlijk heel sympathiek om te zeggen: we gaan de bakker minder rioolheffing laten betalen. Maar uiteindelijk, wat u voorstelt, is in mijn ogen, vanuit de VVD gezien, natuurlijk wel een keiharde belasting voor die bedrijven. Ik heb soms een beetje het gevoel, ik zal maar eerlijk zeggen hoe dat voor ons voelt, alsof u het bedrijfsleven als een soort oneindige melkkoe ziet. Daar kunnen we altijd wel weer een belasting opleggen, dat zijn toch de vervuilers of dat zijn toch de partijen die wij hier niet willen. Alleen ik vind het zo jammer, omdat ik me oprecht afvraag: ziet u nu niet dat deze bedrijven de werkgelegenheid zijn? Ziet u nu niet dat deze bedrijven het verdienvermogen van onze stad zijn? Als u dan heeft over al die plannen die u belangrijk vindt, die moeten ergens door betaald worden. Dat is door die bedrijven. Dus waarom kiest u nu steeds voor deze remedie in plaats van te zorgen dat hier juist meer bedrijven komen, omdat Rotterdam aantrekkelijk is.

Dan heb je een belasting die we niet hoeven te verhogen, maar wel voor meer bedrijven. Dat is toch een veel betere manier dan bedrijven weg te jagen met dit soort dingen? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, wij staan ook voor onze bedrijven. In het verleden hadden we juist de discussie over: wat u doet, is iedereen over één kam scheren en dat raakt de bakker op de hoek. Wat wij hier doen, is zeggen: de grote verbruikers, betalen wat meer. Dat doen andere steden ook. Dat is juist ten gunste van het midden- en kleinbedrijf, van de bakker op de hoek, van al die kleine partijen die we zo waardevol vinden in de stad. Wat niet wil zeggen dat we grote bedrijven niet waardevol vinden. Alleen denken wij dat het mogelijk is dat als jij een grootverbruiker bent, dat je daar dan ook een steentje aan bijdraagt, zoals dat hoort. We proberen de rioolheffing kostendekkend voor de gebruiker te maken. Het is raar dat grote bedrijven evenveel betalen als de bakker op de hoek. Andere steden hebben dat daarom getrapt ingevoerd. Wij vinden dat een goede maatregel: je houdt de hele rioolverbetering kostendekkend en je bent eerlijker bezig voor al die midden- en kleinbedrijven in de stad en voor de grotere bedrijven ben je ook eerlijk bezig, want het is betalen naar verbruik. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen.

Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, het is natuurlijk een illusie om te denken dat ook die grote bedrijven geen kosten-batenanalyse maken. Een bakker op de hoek houdt op een gegeven moment op met brood bakken als het te duur wordt. Die zegt: prima, ik sluit mijn deuren. Dat gebeurt in de haven net zo goed. Als die zeggen: die kosten zijn te hoog, dan ga ik hier weg, dan zoek ik wel een plek waar ik wel kan investeren, waar ik wel kan bijdragen aan die energietransitie, maar dan lekker niet in Rotterdam. Dan hebt u dus precies niet wat u wilt hebben. Wij willen dat investeringsvermogen in deze stad houden. Sterker nog: wij zetten de deuren graag wagenwijd open om te zorgen dat ze hier komen. Maar dat gaan we niet oplossen door de belastingen te gaan verhogen voor dit soort bedrijven. Ik hoop echt, ten diepste, dat u gaat inzien dat we er veel meer aan hebben om bedrijven hier te houden, om het hier aantrekkelijk te maken. Dan hebt u uiteindelijk veel meer van een beetje dan heel weinig van heel veel. Dat zou uiteindelijk dus ook voor de Rotterdamse schatkist veel interessanter zijn. Het tweede wat ik u wil meegeven: het lijkt natuurlijk leuk, maar heel veel grote bedrijven hebben hun eigen watercontracten allang gesloten met Evides, dus dat gaat raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2146

helemaal niet via de gemeente. Dan bent u ook een maatregel aan het invoeren die dan dus geen zin heeft. De VOORZITTER: De heer Segers-Hoogendoorn wil reageren op mevrouw Van Groningen. Die laat ik eerst. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, een correctie op dat eeuwige verhaal van de VVD over waarom grote bedrijven hier wel of niet zouden blijven. We hebben het afgelopen weekend weer kunnen zien bij Nieuwsuur, maar in principe wisten we het al: grote bedrijven schreeuwen vooral om duidelijk beleid. Ik kan niet anders zeggen dan: door de VVD met name wordt dit land al jarenlang gegijzeld door partijpolitiek opportunisme en geen vooruitgang en is het land gestort in wanbestuur. Dat is de reden waarom grote bedrijven dit land verlaten. Dat hebben de afgelopen week nog klip-en-klaar op tv gezegd. Dat gaat dus niet over die paar lokale lasten van u, maar dat gaat over wanbestuur en het uitblijven van een langetermijnperspectief. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Het is toch fijn dat u 2 rollen heeft gehad, dat u toch vanaf 2 kanten kunt reageren. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dank. Goed dat u het zegt. Ik had ook vandaag in Den Haag kunnen zijn, maar ik ben graag in mijn eigen stad om te zorgen dat we hier volle kracht vooruitgaan. Mijnheer Segers-Hoogendoorn, aan de ene kant ben ik het met u eens, we hebben goed en duidelijk consistent beleid nodig.

Dat is niet altijd geweest de afgelopen jaren. Maar om het dan weer allemaal makkelijk in de schoenen te schuiven van degene die hier staat, vind ik niet akkoord. U weet net zo goed als ik dat bedrijven uiteraard kijken naar consistent beleid, maar die kijken ook echt naar lastenverzwaring. Als elke keer er partijen komen die weer optoppen op Europese regelgeving, geen werk maken van de netcongestie, die allerlei belemmeringen hebben zoals het stikstofprobleem waar we nog steeds geen antwoord voor hebben en het was de VVD landelijk, dan hou ik over de Tweede Kamer op, die met een goed plan kwam om die stikstofproblematiek aan te passen. Dan kunt u mij er wel op aanspreken, maar dan weet u ook dat er heel veel facetten zijn die voor bedrijven belangrijk zijn. Dan ga ik hier niet lokaal het extra schopje weggeven om te zeggen: verdwijnt u dan maar, want wij verhogen ook nog de lasten die voor hen het nekschot zijn. De VOORZITTER: Mijnheer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Ik constateer dat er 1 constante is de afgelopen jaren in het landsbestuur en dat is de VVD. Vandaar dat ik het zeg op een reactie van mevrouw Van Groningen. Er is was een quote van de CEO van Chemelot afgelopen zaterdag: grote bedrijven vertrekken pas op het moment dat een langetermijnperspectief uitblijft. Dan pas gaan ze kijken naar een kosten-batenafweging een letterlijke uitspraak.

U moet, denk ik, een beetje uit die grijsgedraaide plaat stappen van lastenverhogingen, dan rennen bedrijven weg en verantwoordelijkheid nemen voor de toekomst van deze stad en dit land. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, volgens mij begrijpt u mij niet goed. Het is namelijk een en-en-en-verhaal. Wij moeten én consistent beleid hebben, én we moeten de grote problemen aanpakken zoals netcongestie en stikstof, én we moeten geen lastenverzwaring doorvoeren. Maar als wij te maken hebben met een landelijke overheid die een bepaalde koers vaart, waar wij overigens ook als Rotterdam heus wel eens tegenin gaan en sterker nog: ik in de Tweede Kamer ook voor gestreden heb, dan moeten we hier in ieder geval lokaal niet ook nog meer lasten verzwaren. Er zijn bedrijven die weggaan. Ik noem Gunvor, ik noem Tronox, ik noem Lyondell. Ik zie dat investeringen stoppen, dat heeft ook raadsvergadering van 11 en 13 november 2025

Notulen pagina

2147

allemaal met betaalbaarheid te maken. Uiteindelijk worden de kosten doorberekend aan de Rotterdammer, zijn er geen banen meer en hebben we dus een lege stad. Dat is wat ik niet wil, daarom blijf ik op die lasten zitten in combinatie met al die andere zaken waar we aandacht voor vragen. De VOORZITTER: Afrondend, de heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Een laatste keer, want die laatste conclusie is dus waarom ik hier sta, die klopt niet. Het komt door het uitblijven van langetermijnperspectief. Bedrijven willen duidelijkheid. Dat vraagt dus stabiel bestuur. Dat gaat niet alleen over een stad, maar ook over een land. Op die verantwoordelijkheid spreek ik u aan en dan kunt u niet de hele tijd wijzen op het verhogen van lokale lasten, want dat is uiteindelijk een druppel op een gloeiende plaat, daar gaat het niet over. De VOORZITTER: Ik ga nu echt zo naar mevrouw Maassen toe. Tot slot mevrouw Van Groningen, maar het blijft herhaling, is mijn indruk. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dat is, volgens mij, precies wat dit college in ieder geval wel heeft gepoogd: consistent beleid te voeren en niet achteraf nog een keertje lasten te verzwaren. De VOORZITTER: Tot slot mevrouw Maassen, want ik wil op een gegeven moment ook wel dat mevrouw Kockelkoren haar verhaal wat verder kan brengen. Volgens mij is ze nog niet na haar eerste pagina gekomen.

Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ik hoor in ieder geval dat het CDA ook de motie van GroenLinks en PvdA niet gaat steunen met dit betoog. Terug naar waar het over gaat: namelijk differentiëren van belastingtarieven. Als u van de grootverbruiker meer belasting gaat vragen, is de wet heel helder: 1 tarief voor iedereen dus die sleurt de Rotterdammer mee in die lastenverhoging die u hier bepleit. Wees eerlijk over dat verhaal. De gemeentewet is duidelijk: 1 tarief voor iedereen. Klopt het dat GroenLinks bepleit voor een lastenverhoging voor heel Rotterdam? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, we pleiten voor een lastenherverdeling. Dat is wat wij hier doen. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Dan bent u toch echt zoete broodjes aan het verkopen, want dat kan dus precies niet. Dan moet u echt naar Den Haag. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren vervolgt haar betoog. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, we hebben al die voorstellen laten checken en ze zijn getoetst. We horen graag de reactie van het college. Dat u hier nu allerlei bezwaren alvast op wil werpen, is prima, want dan hebben we daar in de tweede termijn nog het vervolgdebat over. De VOORZITTER: Ik zei: tot slot mevrouw Maassen. De heer Ceulemans.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=b79a4f18-0546-453f-ab5f-bd7784491b3b