CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20250515- Notulen van de raadsvergadering van 15 mei 2025

Gemeenteraad 15 mei 2025, gemeente Rotterdam61.968 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 6

Notulen pagina

779

Omdat hij gebeld en op afspraak is, daarom werkt dat dan niet. Dus dat ligt aan het soort ov wat het is, als dat tenminste de vraag was die hij stelde, want ik denk dat het daarover ging. Voorzitter, dan nog even de waterbus. Daar had ik een motie voor, maar de motie van de SP is prima, maar ik wil daar wel dus inderdaad nog wat over zeggen. Dus daar zijn wij op gaan staan, dus dan hoef ik die van mij niet in te dienen. Sorry daarvoor. Ik dacht dat ik hem ging indienen, maar toen bedacht ik me weer dat ik hem niet ging indienen. Het is heel terecht, want in de wateratlas hebben we nou juist opgeschreven dat we vervoer over water, juist vanwege het ruimtegebrek en het vele water wat wij in onze stad hebben, is dat een enorme kans en dan is het natuurlijk heel raar dat je nou juist ov weghaalt bij zo'n opstapplaats van de waterbus in plaats van dat dichter bij elkaar brengt en daarom is dat een hele mooie motie van de SP, die wij mede indienen. Dank u wel. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dank u wel. Dan is de motie ‘Behoud buslijn Pernis’ voldoende ondertekend en maakt deel uit van de beraadslaging. Motie 6.3 M11.

Behoud buslijn Pernis “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 15 mei 2025, ter bespreking van agendapunt 6.3: "Vervoersplannen MRDH 2026"; constaterende dat: - buslijn 69 mogelijk wordt ingekort omdat de RET vindt dat de huidige route niet meer voldoet aan de richtlijnen voor busverkeer; - volgens de RET auto's steeds breder worden en foutparkeren vaker voorkomt, wat de situatie lastiger maakt; - de wijkraad van Pernis aangeeft dat dit beeld niet klopt en stelt dat bussen elkaar prima kunnen passeren; - de gemeente bovendien recent geld heeft geïnvesteerd om de Ring geschikt te maken voor busverkeer, inclusief een stevige fundering; - bewoners van Pernis afhankelijk zijn van goed openbaar vervoer in het dorp; overwegende dat: - het vreemd is dat een weg wordt aangepast voor bussen, maar dat de bus er vervolgens niet meer zou kunnen rijden; - het belangrijk is om het openbaar vervoer in Pernis zoveel mogelijk in stand te houden; - de wethouder heeft aangegeven hierover in gesprek te willen blijven; verzoekt het college: - met klem bij de MRDH en RET aan te dringen op behoud van buslijn 69 in de huidige vorm, of in elk geval op uitstel van het besluit over dit specifieke punt totdat zorgvuldig onderzoek heeft plaatsgevonden; - per direct te onderzoeken welke (lichte) aanpassingen aan de infrastructuur of handhaving noodzakelijk zijn om de busroute in Pernis te

behouden; - de uitkomsten van dit onderzoek op de kortst mogelijke termijn te delen met de gemeenteraad; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. R.G.C. Segers-Hoogendoorn en M.H. Biljoen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan geef ik het woord aan de heer Tak voor zijn bijdrage. raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

780

De heer TAK (pvda): Dank, voorzitter, en excuus voor de vertraagde aanwezigheid. De heer Becker bevestigt mijn angst, versobering voor het openbaar vervoer loert. Ik heb een VVD’er nog nooit een rekensom horen maken over wat de aanleg van een extra parkeerplek in een wijk eigenlijk kost en hoe rendabel die is. Ik kan u zeggen, die is niet heel rendabel. Daartegenover hoor ik de VVD en het kabinet maar al te vaak over bezuinigingen op het ov. De korting op de brede doeluitkering, noem ik maar even, het wegvallen van de bijdrage op de ov-jaarkaart voor onze ov-bedrijven. Nu begrijp ik heel goed dat de wethouder zegt dat hij daar geen voorschot op wil nemen, begrijp me niet verkeerd, maar ik wil wel hier vandaag mijn zorgen markeren over het ov in onze stad. Want met deze bezuinigingen, die boven de markt hangen en die dit kabinet, waar de VVD gewoon onderdeel van is, voornemens is door te voeren, zijn er mogelijk grote gevolgen voor het Rotterdamse ov als er niet ergens anders geld vandaan gaat komen. Nu ken ik deze wethouder en weet ik dat hij met gezwinde spoed naar Den Haag gaat om dat extra geld te regelen, maar laten we niet vergeten, dit is een potentieel groot probleem voor de bereikbaarheid van de meest kwetsbare gebieden in onze stad.

Mijn fractie zal vandaag daarom ook alle moties steunen die die bereikbaarheid van onze stad zo goed als mogelijk overeind houden, die de trams zo goed als mogelijk overeind houden en die de waterbus ook overeind houden. Maar ik zou graag van de wethouder even willen horen hoeveel vertrouwen hij erin heeft om in ieder geval die ov-bezuinigingen van tafel te krijgen. Dank u wel. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Rehim Zadeh. Mevrouw REHIM ZADEH (denk): Voorzitter, de heer Tak hield net een mooi betoog erover, maar dat is ook inderdaad waar ik het vandaag nog even over wil hebben, de BDUbezuinigingen die boven ons hoofd hangen en de vraag die blijft, wat gaat het betekenen voor de Rotterdammer als die wel wordt doorgezet? Een verhoging van de prijskaartjes is daarvan ook niet uitgesloten. Nogmaals, willen we ook de wethouder meegeven, zet die stevige lobby die u voert door en blijf anticiperen op mogelijke oplossingen die we voorhanden hebben als het dan toch zover komt. Er is veel besproken in de commissie, voorzitter, maar ik wil toch nog even wat kwijt wat betreft tramlijn 4. Tijdens de besprekingen van het PTT hebben we uitvoerig, en dan wel echt uitvoerig, met elkaar besproken wat de overwegingen zijn geweest.

DENK is daarna ook duidelijk geweest, de Nieuwe Binnenweg moet bereikbaar blijven, maar tegelijkertijd willen we ook een veilige Nieuwe Binnenweg. Dan is de keuze gemaakt om tramlijn 4 in te korten en samen met de SP hebben we toen tramlijn 8 gered en daar is DENK heel blij mee. Maar nu de herinrichting in zicht is, zeggen we nu vaarwel tegen deze tram. We begrijpen goed dat het een onpopulaire keuze is, waarvan DENK ook begrijpt dat de impact bij bewoners ontzettend groot is, en we vertrouwen erop dat, middels de route van tramlijn 8 over het Heemraadsplein via Mathenesserlaan, de Nieuwe Binnenweg bereikbaar blijft. We blijven ook aandringen bij de wethouder om bewoners en ondernemers goed mee te nemen in dit proces. Samen met Leefbaar Rotterdam hebben we volgens mij twee weken geleden ook nog aanvullende schriftelijke vragen gesteld om dit proces zo goed mogelijk in beeld te krijgen en nauw te volgen. In de commissie hebben we ook onze zorgen geuit over de Sluisjesdijkpier. GroenLinks heeft een hartstikke mooie motie en daar staan wij ook op. Dank u wel. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dank u wel. Zijn er nog andere sprekers op dit punt? De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Ik dacht, ik ga een keer tegenover mevrouw Verkoelen staan. We zitten elke keer zo naast elkaar, maar ik dacht kan ik u toespreken.

Zonder gekheid, als Volt zien we openbaar vervoer als een essentiële publieke voorziening die bijdraagt aan een duurzame mobiliteitstransitie. In een stad waar we ook elk jaar met duizenden inwoners raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

781

groeien en we ook als stad verder verdichten is het extra belangrijk dat we hierin ook investeren. We zien in Rotterdam ook echt een aantal positieve bewegingen. We hoorden net hogere frequenties op Zuid, we hebben ook het nieuws gehoord over de mogelijke terugkeer van de van de BOB-bus, hopelijk nog dit jaar, dus we zien echt wel een aantal goede zaken. Echter hebben we wel grote zorgen en dat zijn vooral ook wel zorgen in de toekomst. We zien dat de bezuinigingen van het Rijk van 110 miljoen boven ons hoofd hangen voor de MRDH en de VRA en dat gaat impact hebben. De RIT zegt dat zal betekenen dat kaartjes van de metro, bus en tram duurder zullen worden, het zal ervoor zorgen dat bussen minder zullen rijden en de bereikbaarheid van de regio zelfs onder druk komt te staan. Dat zijn best zware woorden. Kortom, ik denk dat we daar gezamenlijk een zorg hebben als we kijken naar de toekomst. Ik heb daarom twee vragen voor de wethouder.

Mijn eerste vraag is, kunt u toezeggen dat inzet op hogere frequenties in het ene gebied niet kunnen leiden tot het schrappen van lijnen in een ander gebied? Tweede vraag die ik heb is, kunt u, wanneer we kijken naar die 110 miljoen bezuinigingen die ons boven het hoofd hangen, ook mee vooruitkijken? Dus is het al mogelijk om eigenlijk scenario's uit te werken als we minder geld hebben, wat is dan de impact, zodat we daar tijdig ook over in gesprek kunnen gaan en kunnen kijken of we die impact kunnen minimaliseren? Daarnaast wil ik nog mijn dank uitspreken aan veel partijen die moties hebben ingediend. De tramlijn 4 van de SP, ook de tramlijn richting het Willemsplein, om die te herstellen. Volgens mij enorm goede initiatieven die we vanuit onze partij ook zullen ondersteunen. Dank jullie wel. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Van Wifferen. Mevrouw VAN WIFFEREN (d66): Voorzitter, ik zal het kort houden, want het eerste deel van de tekst van Volt, dat leek bijna wel gekopieerd. Geen beschuldigingen. Maar ook wij zijn blij met de frequentieverhoging van veel openbaar vervoer op Zuid. Dat was nodig. We zijn blij dat de BOB-bus terugkomt, we zijn blij dat de metro vaker gaat rijden. Veel van de punten die wij in de commissie hadden, die gingen eigenlijk over maatwerk vervoer.

Dus dat is geen advies naar de MRDH, want die gaat daar niet over, daar gaan we zelf over, zoals bijvoorbeeld de bus in Carnisse. Daar willen wij het nog wel over hebben. Op welke termijn gaan we dat ook doen en krijgen we daar plannen voor te zien is daarom ook mijn vraag. Voor de rest wil ik ook nog even zeggen dat D66 maakt zich ook heel erg zorgen over de 50 miljoen aan bezuinigingen die op ons af dreigen te komen. Dus ook wij willen dat daarop geanticipeerd gaat worden, want het moet niet op een gegeven moment gewoon op ons dak vallen. Tot zover. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Zijn er nog andere sprekers op dit punt? Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Jazeker. Dank u wel, voorzitter. Ook ik zal het verder kort houden, want veel is al gezegd, vooral door de heer Biljoen, duidelijk verhaal. De heer Coşkun, duidelijk verhaal, en met dank aan vooral ook Leefbaar, die het echt heeft over meer kilometers maar niet fijnmaziger. Ik wil één punt aanhalen wat de rest nog niet genoemd heeft. Het is overduidelijk hoe mijn fractie staat in de MRDH en het is ook overduidelijk dat de verschraling, door de heer Segers-Hoogendoorn ook aangehaald, heel duidelijk hierbij ingezet is door de MRDH. Het is onacceptabel dat wij als stad wel meer kilometers krijgen buiten ons om, maar in onze stad van alles moeten inleveren.

Dat is precies zoals de heer Becker het wel wil doen voorkomen. De MRDH haalt alle lucht uit Rotterdam en legt al die lucht bij de anderen neer. Het is de reden waarom wij liever van de MRDH afgaan als dat we nog samen blijven werken, omdat het onze stad geen goed doet dat het openbaar vervoer zo verschaald wordt. De rest is door alle anderen gezegd. Het is een afbraak, we gaan erop achteruit en het is geen fijnmazig openbaar vervoer. raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

782

De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Reactie van mevrouw Van Wifferen. Mevrouw VAN WIFFEREN (d66): Voorzitter, er is geen afspraak. We gaan erop vooruit en de MRDH heeft er mede voor gezorgd dat wij treinstations erbij krijgen, dat wij een brug krijgen, dat wij een tram erop krijgen. Om dat allemaal maar af te doen dat we daar last van hebben en daar uit moeten, dat vind ik zeer onprettig gedrag richting onze vrienden van de MRDH. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Dertig seconden. Precies mijn punt, allemaal regionale zaken. Hartstikke tevreden mee, maar als dat ten koste gaat van de fijnmazigheid in onze eigen stad, dan zijn we toch verkeerd bezig. Daar zit de kern voor mijn opmerking. Het gaat erom dat de MRDH over de rug van onze tramlijn 4, de lijn 44, al die regionale zaken, zoals die brug, zoals de Hoek van Holland, ik vind het allemaal prachtig, maar daar gaan wij dus voor betalen. Geen zin in, mevrouw van Wifferen. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Van Wifferen. Mevrouw VAN WIFFEREN (d66): Voorzitter, tramlijn 2, tramlijn 23, tramlijn 25 op Zuid gaan juist veel vaker rijden. Dat is ook fijnmazigheid en daar gaan wij helemaal niet voor betalen, want de MRDH die wordt betaald uit de brede doeluitkering en het maatwerk vervoer, dat doen wij zelf.

De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Ik wil het hier eigenlijk bij laten, want dit is al een paar uitgewisseld. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Vindt u? Ik heb 30 seconden. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Verkoelen, 30 seconden en dan echt afrondend, dames en heren, dan kan ik namelijk naar de wethouder. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Ik mag verder. Ik dacht al, 30 seconden heb ik hierop. Dit is de kern van de zaak, mevrouw Van Wifferen. Daar gaat het bij de MRDH steeds over elke keer weer opnieuw. Die brede doeluitkeringen heeft de MRDH omdat we een grote stad als Rotterdam daarin meedoen. Dat is gewoon heel de kern van de zaak. Ze mogen van mij alles doen, maar ze mogen niet bezuinigen in mijn stad. Dat is de kern van de zaak. We gaan erop achteruit in de fijnmazigheid, we krijgen meer op Zuid, maar minder op andere delen, dus netto verliezen we erop. Dat is de kern en dat accepteren wij niet. Dat is toch waarom we zeggen weg ermee, niet doen. Wethouder, grijp in en ga zeggen dat we het niet doen. Hou de fijnmazigheid en doe het zoals de heer Segers Hoogendoorn zegt, pak al die auto's aan die verkeerd staan. De heer Coşkun ook, pak al die auto's aan, maar blijf van onze tramlijn af. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Oké. Hebben we daarmee alle sprekers voor de eerste termijn gehad. De heer Biljoen, nog een nabrander.

De heer BILJOEN (gl): Ja, voorzitter, toch nog een heel klein punt. Ik wil die discussie niet weer opnieuw openen, maar ik hoorde toch de tram over de Binnenweg en ik wil toch graag nog één ding met jullie delen. In 1881 reed op de Binnenweg de stoomtram, in 1903 kregen we de paardentram en in 1935 kregen we de normale tram. Dus er is altijd een tram geweest op de Nieuwe Binnenweg, dus het is een gemis als die zo meteen weggaat. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dank u wel. En dan gaan we daarmee naar de beantwoording door de wethouder, de heer Lansink-Bastemeijer. raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

783

De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Voorzitter, ik zal maar niet PTT en andere discussies, gezien de tijd, opnieuw herhalen, hoezeer mijn handen natuurlijk ook jeuken. Maar dat moet ik u toch meegeven, veel van de discussie die we vandaag onderling hebben gevoerd vooral grijpen natuurlijk terug op gedane zaken. Gedane zaken, omdat ze al besloten zijn in het PTT en die in de bestuursovereenkomst ook netjes verwerkt zijn. Als u het mij toestaat, ga ik, net als in de commissie, daar niet al te veel op in en ga ik vooral de zaken die echt op het vervoersplan van toepassing zijn wat nader duiden. Voorzitter, ov kent een aantal elementen. Het is een collectiviteit, komt daar altijd bij mij op voor, het is een openbare vervoersvoorziening voor velen, en solidariteit. Dat betekent, want dan zeg ik daar een derde …, het is geen oneindige bron van geld. Dus binnen een hoeveelheid geld moet ik kijken dat ik zoveel mogelijk mensen kan laten genieten van het openbaar vervoer. Veel van de keuzes die we hebben gemaakt is geen verschraling, maar, zoals mevrouw Van Wifferen terecht zegt, herverkaveling van ons aanbod, zodat vervoersrijke gebieden er iets op achteruit gaan en dus ook te horen zijn, want daar wordt iets afgenomen.

Maar de mensen die iets krijgen, en dan wijs ik vooral naar de mensen op Zuid, die staan hier niet in volle zalen mij te bejubelen als wethouder, en ook mijn voorganger niet, maar het heeft wel een solidariteitsvraagstuk in zich. Gunt u een ander ook wat openbaar vervoer? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Ja, dat doen wij en dan is mijn vraag aan de wethouder, want als hij zegt zoveel mogelijk mensen binnen die pot geld, dan is het niet verwonderlijk denk ik dat ik opsta. Want mijn punt nou juist fundamenteel, met name over die buitengebieden, is dat daar minder mensen gebruik van maken, want daar wonen minder mensen en dat zijn onbereikbare gebieden. Hoe weegt u dat dan in die hele pot met geld en dan zoveel mogelijk mensen? Want dan krijg je toch uiteindelijk de rekensom dat waar het druk is het ov rijdt en daar waar het niet druk is niet. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Het is natuurlijk niet alleen maar zaaltjes vullen, het heeft ook natuurlijk te maken met bereikbaarheid. Juist ook op Zuid was er heel weinig ov in vergelijking met de Noordoever. Ik had het ook zo kunnen laten en dan waren die buitengebieden, want Zuid was feitelijk, als je kijkt naar het ov-netwerk, een buitengebied, zo weinig was daar.

Dat moet je, ook gezien de groei in die stad al daar, wel mee laten groeien. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dan ten slotte, dat kan ik allemaal volgen. Dat is in principe nog allemaal binnen het stedelijke gebied, waarbij dan Zuid inderdaad vervoersarmoede kent. Dat ben ik helemaal met u eens. Maar wij hebben ook in onze gemeente te maken met die verder weg gelegen gebieden, wat we zo de kleine kernen noemen. Hoe wordt dat dan in het geheel meegewogen? Hoe weegt u dan die ovverbindingen daar? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Dan pak ik toch ook even mijn reactie richting mevrouw Verkoelen, die wat korzelig, mag ik dat zeggen, over de MRDH praat en zegt van eigen buslijnen eerst. Juist die regiogemeenten bedienen ook heel vaak de buitengebieden, met buslijnen bijvoorbeeld, en juist die samenwerking met de regio zorgt dat die agglomeratiekracht van Rotterdam enorm wordt verstevigd en versterkt. Want waar raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

784

denkt u waar wij ons personeel vandaan halen of de jongens en meiden die bij ons in de horeca werken? Het zijn niet allemaal Rotterdammers, komen gewoon uit de regio en die komen gewoon met het openbaar vervoer hiernaartoe, die we samen met de MRDH regionaal organiseren. Dus weet wat u weghaalt als u zegt hou het allemaal maar in Rotterdam en haal het maar bij de regio weg, want dat is dan wel het gevolg. Juist die regionale verbindingen zijn bijzonder efficiënt en effectief voor de buitengebieden. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Segers-Hoogendoorn, afrondend. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Met permissie, voorzitter, maar dat is in feite geen antwoord op mijn vraag. Vandaar dat ik toch nog een keer opsta, want dat is natuurlijk eigenlijk niet waar ik het over heb, tenzij u nu specifiek kunt zijn over welke regionale verbindingen dan onze kleine kernen bedienen, waar nu verschraling plaatsvindt, dus bijvoorbeeld Pernis. Want daar gaat het mij in dit geval over en dat is de kwestie die ik aanhaal. Hoe weegt u die ov-fijnmazigheid van kleine kernen ten opzichte van die gebieden waar vervoersarmoede is binnenstedelijk? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De wethouder.

De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Vervoersarmoede zou je nergens moeten hebben, maar we weten ook dat je altijd een andere frequentie van rijden zal hebben in die gebieden waar natuurlijk minder mensen wonen. Overigens, er zit geen licht tussen u en mij dat de bus in Pernis gewoon moet rijden. Dat ziet u feitelijk ook in de zienswijze van het college. Wij doen er alles aan en ik ben ook in die zin heel blij met de motie vanuit Leefbaar, die precies op de manier zoals we altijd met de MRDH werken, precies aangeven hoe we het willen hebben. De zienswijze, daar kunt u van vinden wat u wil. Ik hoor de raad zeggen zet die zienswijze wat scherper neer met betrekking tot Pernis. Overigens, wat in uw motie staat, doe dat samen met de wijkraad en in overleg met de RIT, dat doen we nu al. We zijn echt letterlijk met elkaar aan het kijken wat is er nou voor nodig om die bus gewoon weer door Pernis te laten leiden. Maar dat we vanuit uw raad een motie krijgen om dat nog wat extra te ondersteunen richting de MRDH, zo werkt het ook, want ik ben het met u eens. U moet uzelf uitspreken over hoe u het wenst. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Wat ik de wethouder wil vragen, want ik sloeg even aan op die vervoersarmoede.

Blij dat u hetzelfde vindt als wij, dan zou ik toch graag van u het verhaal van mevrouw Van Wifferen, die in mijn ogen gaten met gaten aan het vullen is of water naar de zee dragen, in Zuid moet er meer, want daar hebben we vervoersarmoede, waar ik het mee eens ben, daar moet je iets aan doen. Dat halen we weg bij het Nieuwe Westen en daar creëren we vervoersarmoede. Hoe gaan we daar dan mee om in die gedachte? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Dat is nou precies wat we niet doen. Want in gebieden waar we het weg hebben gehaald is er al een hele hoge ov-intensiteit. Dat is nou precies hoe we het willen. Daar waar het overvloedig is neem je dat weg en als je daaraan bent gewend geraakt, dan snap ik dat daar heel veel verdriet is. Daar ga ik me ook niet voor wegkijken. Dan snap ik dat mensen dat bijzonder vervelend vinden, maar in gebieden waar die vervoersarmoede groot is, heb ik wat te verliezen. Dat zeg ik u ook, uiteindelijk, als u zegt houdt alles maar en plus het vervolgens op, die miljoenen heb ik niet. Ik heb die miljoenen niet, even los van het feit, dat bent u ook allemaal vergeten, het gaat niet bijzonder goed met de RIT. U weet misschien nog dat we 35 miljoen euro extra hebben geïnvesteerd vanuit raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

785

Rotterdam om uiteindelijk ook de RIT erbovenop te houden. Dus wat u meer wil doen zonder dat u ergens anders iets weghaalt, zorgt er wel voor dat u ergens ook extra geld moet vinden. Het rijdt niet gratis, het wordt niet verdiend met de lucht. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Maar dat is wat de heer Segers nu, die staat daar, precies zegt. Het is dus precies voor u, het is dus een soort marktwerking. Het moet uit en als het niet uitkomt, dan zegt u dan gaan we dus aan het schuiven met het geld. Dat is dus een heel ander principe. Dat is precies de kern die wij ook zeggen, openbaar vervoer kost geld. Het is niet anders. Dat is ook de reden waarom je in een grote stad daar meer voor moet doen. Daar hebben we die BDU-gelden, daar hebben we al dat gedachtegoed van het Rijk ook voor. Het is een publieke taak. Heel vervelend, het kost geld. Het gaat nooit uitkomen, wethouder. Dus dan blijven we schuiven met alle lijnen en halen we de lijn 4, 100 jaar oud, eruit, omdat dat dan beter uitkomt. Ik vind dat ongelooflijk. Dat snap ik werkelijk niet. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Tak. De heer TAK (pvda): Laten we het beestje bij de naam noemen, voorzitter. De wethouder zegt er is minder geld. Waarom is er minder geld? Het begon met corona. Ik weet het nog goed, ik was woordvoerder mobiliteit.

U krijgt een bezuiniging voor de kiezen, midden in corona. Tien procent efficiëntieslag, zo begon het, korting op de BDU-gelden. Ik herhaal het maar. De VVD zit in het kabinet. We hebben het hier in grote woorden over openbaar vervoer en bereikbaarheid van deze stad. In Den Haag moet het geregeld worden. Ik ben het met u eens. Openbaar vervoer kost geld, maar het is een investering die zich op de lange termijn terugverdient. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Beste raad, ik heb de laatste tijd veel in het nieuws gestaan over mijn visie over bereikbaarheid van onze stad, mobiliteit en ov. U heeft daar geen licht tussen gezien tussen u en mij. Ik heb daar aangegeven dat ik het kruideniersmentaliteit vind van de rijksoverheid, dat zij ons korten. Mind you, als we nu kijken naar, doorkijken, de Voorjaarsnota, is alleen die BDU-korting nog niet wat we op ons af gaan krijgen potentieel. Het is kruideniersmentaliteit. Als ik kijk naar de verstedelijkingsopgaven die wij hier in onze stad hebben, dan staat met die korting ook de verstedelijkingsopgave. Duizenden woningen staan op de tocht, want ik kan niet met al die woningen ook maar auto's erbij blijven gaan, want ik kan niet meer auto's afhandelen in onze stad. Ik ben al blij als ik het op het huidige niveau aankan.

Zoals we dat nu ook zien, dat het totale autogebruik blijft zoals het is en we hopen natuurlijk ook ietsjes gaat afnemen, met goed ov. Maar daar heb ik wel geld vandaan te halen. De MRDH heeft 600 miljoen euro op jaarbasis. U kunt wel zeggen tegen mij plust u het maar lekker bij, dat is 600 miljoen euro uit mijn begroting. 600 miljoen. Ik kan die 100 miljoen ook elk jaar naar ov geven, maar dan gaan andere dingen wel stoppen. Daarom hebben we ons verenigd in dat MRDH, om veel geld uit de rijksoverheid te krijgen. Als die rijksoverheid de kraan dichtdraait, dan voelen we dat. Maar denkt u dat ik op mijn kamer sta te juichen dat de BDU-korting eraan komt? Nee, want dat heeft ongelooflijk kolossale gevolgen voor onze stad. Het heeft kolossale gevolgen voor onze regio, het heeft kolossale gevolgen voor onze verstedelijking, het heeft kolossale gevolgen voor onze economische positie in het land. Dus als u mij vraagt, bent u er blij mee? Nee, natuurlijk ben ik er niet blij mee, maar ik heb daar wel mee te dealen. Dat betekent dat ik het met de zak geld moet doen die ik heb en dat doe ik, moge dat duidelijk zijn. Overigens, ik heb u veel horen praten over het BDU en ik heb uw zorgen ook met de MRDH gedeeld en dat u graag eens wil worden bijgepraat, zo heb ik dat maar eens geduid, over wat zijn onze stappen geweest die raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

786

we hebben gedaan, waarom willen we nu nog niet met u over scenario's spreken, et cetera. De MRDH heeft daar gehoor aan gegeven en die gaat een tafelsessie of een technische sessie, we moeten nog even naar de vorm kijken, maar daar wordt u allemaal voor uitgenodigd, om daar, ook door de MRDH, want zij zijn voor ons in de lead in de lobby, dat doen ze ook uitstekend, eens bijgepraat te worden. Wat is er nou gebeurd? Wat zijn de vervolgstappen? Hoe gaat dat richting Voorjaarsnota, Prinsjesdag, et cetera? Ik zie de heer Dekkers ook al instemmend knikken dat daar behoefte aan is. Dat wordt georganiseerd, dus weet dat u daar binnenkort een uitnodiging voor krijgt. Ik ga eerst even de beperkte hoeveelheid vragen, dan ga ik snel naar de moties, want ik denk dat we nu de toch weer een beetje de PTT-discussie opnieuw hebben gedaan, maar ik heb ook het gevoel dat we wat dichter bij elkaar zijn gekomen, dat u nu weet wat het dilemma van deze bestuurder is. Hoe kan het dat de buurtbus in Carnisse niet echt aanslaat? Overigens, richting de heer SegersHoogendoorn, dat is geen belbus, dat is gewoon een lijndienst. Het was wel eens een keer een belbus, maar dat is niet meer. Wij hebben gewoon een lijndienst die halteert en waar mensen in kunnen stappen. Dat is ov-maatwerk, dus valt eigenlijk buiten de vervoerplannen. Dat was ook mijn antwoord in de commissie.

Het is maatwerk vervoer, dat wordt nog geëvalueerd, deze lijn wordt geëvalueerd en dat doen we ook samen met de wijkraad om te kijken hoe we het kunnen optimaliseren. Overigens is de buurtbus kneiter succesvol, zegt u, maar ik hoor uit Carnisse andere verhalen. Dat klopt, in Carnisse niet, in de rest van de buurt waar hij rijdt wel. Dat komt omdat Carnisse eigenlijk heel veel alternatieven heeft, plus 200 reizigers afgelopen maanden. Die bus voorziet dus niet echt in een behoefte, dus we kijken naar aanleiding van de evaluatie hoe die wel in een behoefte zou kunnen voorzien. Dan heb ik toch antwoord op u gegeven, wat eigenlijk niet de orde van deze vergadering is. Hoeveel vertrouwen heeft u? Mag ik dat scharen onder dat bijpraatsessietje, richting de heer Tak, met de MRDH? Dan is er daar voldoende ruimte om uw zorgen ook met ons te delen. Wat gaat het betekenen als er korting komt op BDU? Doe dat ook daar, maar niet hier in openbaarheid, zou ik zeggen. Kan de wethouder toezeggen dat de inzet op hoge frequentie niet kan leiden tot minder ov? Daar heb ik u net ook over gezegd, dat kan niet. Als ik een beperkt budget heb en ik moet ergens in frequentie omhooggaan dan moet ik het toch ergens vandaan halen, want ik heb het geld niet tot aan Groningen hier op de bank staan.

Is de wethouder bereid scenario's uit te werken? Vooral even met de MRDH over de status quo waar we in zitten, et cetera. Maatwerk ov, op welke termijn hebben we de kans daarover? Een deel van het maatwerk ov heb ik u al een antwoord gegeven, op 4 februari heb ik u namelijk een brief gestuurd over buslijn 567. Het gebruik van andere ov-maatwerk, dan denk je voorbeeld aan Noordereiland en Kralingse Veer, wordt periodiek gemonitord en over buslijn 567 ga ik dus nog in overleg, ook met de wijkraad, om dat verder te optimaliseren. Als u mij toestaat, voorzitter, ga ik dan nu in een rap tempo de moties appreciëren, want de politieke discussie is nu wel geweest, denk ik. ‘Houd Sluisjesdijkpier bereikbaar voor werknemers’. Overigens, wederom complimenten aan de heer Biljoen, hoe hij altijd meedenkt en altijd even bij mij langsloopt om te kijken hoe we er met de moties uit kunnen komen. Dat werkt bijzonder prettig. Die kan ik in de huidige vorm, zeg ik dan altijd, omarmen. ‘Merwe-Vierhavens vanaf dag een verbonden’, ook die kan ik in de huidige vorm omarmen. Ik ben bijzonder gul, maar komt ook omdat mijnheer Biljoen gewoon heel goed zijn werk doet. ‘Toegankelijk openbaar vervoer, ook bij omleidingen’, ook die kan ik in de huidige vorm omarmen. SP ben ik dan, ‘Tramlijn 4, houd hem hier’. Het mag duidelijk zijn dat ik die voor de, denk ik, vierde keer ga ontraden.

Is een besluit in de PTT, heeft te maken met onder meer veiligheid op de Nieuwe Binnenweg, het inrichten van eenrichtingsverkeer op de Nieuwe Binnenweg en het aanpakken van een blackspot verkeersveiligheid. Dat gaat niet met een tram erdoorheen, dat wist u, dat weet u. Dit is geen verrassing, we overvallen helemaal niemand, is in de PTT al besloten en is niet in lijn met het beleid wat ik met u heb afgestemd. ‘Geen bus meer missen in Carnisse’, daar heb ik ook al het nodige over gezegd. De buurtbus slaat eigenlijk wel aan, behalve in Carnisse. We gaan nog met de wijkraad op basis van een evaluatie kijken hoe we het beter kunnen doen. In de huidige vorm ontraad ik deze motie. U maakt in ‘De tram versterkt de waterbus’ in de titel van de motie een verbinding raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

787

tussen het verdwijnen van de tram en een slechte exploitatie van de waterbus. Dat klopt niet. De waterbus had al een erbarmelijke exploitatie voordat de tram daar wegging. Dus daar zit geen relatie in. Het ov-gebied aldaar wordt goed ontsloten, er is een tram op het vasteland, metro binnen handbereik. Ik ontraad deze motie in de huidige vorm. ‘Waar een weg is, is een wil (voor de bus)’, ik lees hem goed voor, motie 7, ook van SP, vraagt mij om de Zaagmolenstraat zo aan te pakken dat er toch een busverbinding op is. Ik ben dinsdag op mijn verjaardag bij de Oude Noorden weer eens op bezoek geweest als wijkwethouder. Ik heb aan hen ook daar uitgelegd. Dit ontraad ik op gronden die ik al eerder met u heb gedeeld. De ov-dichtheid in dit gebied is bijzonder groot, ook op basis van COW-normering is dat gewoon conform normering en ontraad ik de motie. 'Bussie komt zo, ook in Pernis’ heb ik al aangegeven, die kan ik omarmen. ‘De algemene begraafplaats Crooswijk beter bereikbaar’, motie 9 van de ChristenUnie, ik ben er bijna, kunnen we opnemen in de zienswijze. In die zin kan ik hem omarmen. ‘Team historische tram’, die voelt u al aankomen. Het plan is de tramlijn, de tramrails, eruit te halen, eenrichtingsverkeer aan te leggen en de blackspot aan te pakken Aelbrechtskade, Rochussenstraat.

Dat is geen combinatie met een doorgetrokken tramlijn waar ook nog tramverkeer overheen gaat, is al besloten binnen PTT en ontraad ik. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Vonk. De heer VONK (cu): Kleine toelichtende vraag, want u zegt het is besloten dat die tramrails eruit gaan. Ik had begrepen dat er nog een onderzoek loopt om te kijken of en hoe. Kunt u dat nog misschien even toelichten? De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Er is een analyse, het is goed dat u dat zegt, dat ben ik vergeten in de aanloop naar de afdoening van moties, het klopt dat er een analyse gaat in wat er technisch noodzakelijk is om uiteindelijk de tramrails weg te halen. Dat die weggaat, dat is zo, maar we moeten nog wel kijken naar de technische wijze waarop we dat moeten doen. Motie ‘Behoud buslijn Pernis’, daar heb ik al aan gezegd dank voor deze motie, maar een groot deel van de motie doen we eigenlijk al en is een overlap met motie die Leefbaar heeft ingediend. In die vorm ontraad ik hem. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Ik heb toch nog een tussenvoorstel, want ik zei al wel, en u zei dat zelf ook in uw termijn, u moet zich als raad inderdaad onomwonden uitspreken. Hoe u vervolgens met de exacte bewoording van zo'n motie omgaat, dat is uw bestuurlijke verantwoordelijkheid.

Wat nou als we het dictum van de motie van Leefbaar en het eerste deel van ons dictum aan elkaar koppelen? Dan kunt u gewoon twee moties in principe omarmen, maar dan maken we er één van. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): U kent mij als een principieel man, dat wat ik al doe ontraad ik. Het eerste deel gaat over die samenwerking wijkraad en RIT en dat doen we al. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Nee, dat is niet waar. Het eerste deel van mijn eerste dictum is steviger dan dat van de motie van Leefbaar. Helemaal in het kader van spreek je nou gewoon onomwonden uit als raad, is mijn tussenvoorstel dus als we nou gewoon dat dictum wat steviger maken, dan wordt het van twee moties een motie. Ik verwijs in het dictum helemaal niet naar de samenspraak met de wijkraad. raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

788

De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Zoals het verwoord staat in de motie van Leefbaar, dat heeft mijn voorkeur en daar zou ik het ook gezien de tijd bij willen laten. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Oké. Ik ga dan nu even door naar of er nog veegvragen zijn blijven liggen. Kan dat ook in de tweede termijn? De heer SegersHoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Laatste opmerking, voorzitter. Kijk, ik vind het ook een beetje flauw van de wethouder. Wij doen hier als raad uitspraak en ik doe volgens mij een heel schappelijk voorstel, namelijk dat we van twee moties één motie maken met dat eerste deel van het dictum, wat wat steviger is. Daar mag de wethouder vanuit zijn bestuurlijke verantwoordelijkheid mee doen wat hij wil en is volgens mij helemaal geen inbreuk erop, dus ik doe gewoon een schappelijk voorstel volgens mij. Dan vind ik het een beetje flauw om te zeggen de verwoording van Leefbaar en verder niets gezien de tijd. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Oké, dat is een helder statement. Zijn er nog vragen blijven liggen in de eerste termijn? Dat is niet het geval, dan kijk ik even rond of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Dat is ook niet het geval.

Dan stel ik voor dat, op dat punt van de heer Segers-Hoogendoorn, dat Leefbaar en CDA even samen kijken of daar nog iets in samengevoegd kan worden of daar overeenstemming over te bereiken is. Uiteindelijk wordt er gewoon over gestemd aan het eind van deze vergadering en dat is hoe we in deze raadzaal met elkaar moeten werken. Dan zijn we aan het einde gekomen van agendapunt 6.3, Vervoerplannen MRDH. 6.4 Debat over ‘Erbarmelijke leefomstandigheden MS Silja’, aangevraagd door het lid Yildirim e.a. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dan gaan we door naar agendapunt 6.4, Debat over ‘Erbarmelijke leefomstandigheden MS Silja', aangevraagd door het lid Yildirim en anderen. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Sorry voorzitter, ik heb daar een ordepunt over. De oppositie heeft vanochtend met inmiddels een beetje een gênante blunder aangetoond dat er al een motie klaarligt op dit punt tegen de wethouder. Dus ik heb oprecht een vraag, heeft het zin dat wij dit debat voeren überhaupt? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Punt van orde, dat is niet het geval. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Voorzitter, volgens mij is er gewoon een typefout gemaakt door die fractie. Er is hier niets afgestemd. Er wordt nu een heel theaterstuk van gemaakt, maar dit is gewoon niet waar.

De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Ik denk dat u daarmee uw antwoord heeft. De heer Ceulemans, afrondend. De heer CEULEMANS (lr): Om het heel mild uit te drukken, u heeft de schijn behoorlijk tegen.

raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

789

De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dan kunnen we nu daadwerkelijk beginnen met het debat over de Silja en dan geef ik als eerste het woord aan mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda): Voorzitter, laat ik met de deur in huis vallen. Wij vinden het schandalig dat er nog steeds 2000 statushouders zitten op een overvolle MS Silja, dat bedoeld was als tijdelijke noodopvang. De brandbrief van de artsen op de boot, maar ook de werkgroep Kind in azc, schreeuwen om een acuut ingrijpen. Er wordt in de brandbrief gesproken van ernstige en ongezonde leefomstandigheden die het psychische welzijn van mensen op de boot en de ontwikkeling van kinderen op de boot aantasten. De wethoudersbrief van 13 mei jongstleden heeft onze zorgen niet weggenomen. Zoals inmiddels u allen bekend, wilde ik met mijn fractie op 8 mei jongstleden op uitnodiging van de artsen van GZA een werkbezoek plegen op de MS Silja om met eigen ogen de leefomstandigheden te zien en met de artsen en andere medewerkers te spreken. Dit werkbezoek is, en ik citeer wat mij is medegedeeld, “door de gemeente gecanceld”. De afspraak is niet doorgegaan.

Tot op heden heeft niemand mij gebeld om tekst en uitleg te geven, want hoe kan het zijn dat ik als volksvertegenwoordiger belemmerd wordt om mijn controlerende taak uit te voeren? Hoe kan het zijn dat iemand voor mij gaat bepalen wie ik wel of niet spreek en welke organisatie ik in de stad wel of niet mag bezoeken? Dit zijn bemoeienissen van het niveau van vul het zelf maar in. Ik vraag daarom aan deze wethouder via de voorzitter op de man af, wethouder, heeft u achter mijn rug om gebeld of heeft u iemand laten bellen om dit werkbezoek te laten cancelen? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): U heeft een interruptie van de heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Dank, voorzitter. Mevrouw Yildirim geeft aan dat ze iemand citeert, ik was even benieuwd wie ze nou precies citeert. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda): Voorzitter, dat is degene met wie ik een afspraak had, namelijk de artsen op de boot. Die hebben mij verteld, en laat ik het dan ook direct mededelen, dat de gemeente de afspraak heeft gecanceld. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): U mag doorgaan. Mevrouw YILDIRIM (pvda): Voorzitter, ik sta blijvend in contact met artsen op de Silja, die ik blijvend spreek, vanochtend nog. Die kijken ook mee. Duidelijk is dat de grootschalige opvang vanuit het welzijn van de mensen die worden opgevangen niet wordt geadviseerd door artsen.

U moet zich voorstellen, en ik citeer wederom, “hoofdpijn, buikpijn, bedplassen, angstklachten, nachtmerries, niet willen eten”, een greep uit het dagelijkse medisch spreekuur op de boot. Een buitenspeeltuin of een aanpassing aan het eten gaat niet het intrinsieke welzijn van de mensen op de boot en de gezonde ontwikkeling van deze kinderen niet verbeteren. Kortom, het gaat dus om een sluimerende, voor velen onzichtbare, schade waar eigenlijk over wordt gesproken. Het gaat om het totaalplaatje. Collega's, ik doe een beroep op u allen om een einde te maken aan deze grootschalige noodopvang. Op dit moment leven er 400 kinderen op de boot, maar deze zouden hier idealiter niet moeten zitten. In plaats van dat deze wethouder deze signalen erkent, heeft de wethouder het in eerst instantie over een fantastische oplossing en zet de signalen van de artsen weg als krachttermen. Plaatsvervangende schaamte had ik toen ik de actualiteitsvergadering van voor het reces terugkeek. Pas later spreekt de wethouder in de wethoudersbrief over de niet ideale situatie. Nergens in deze vergadering en in de brieven van de actua hoor ik iets over het sluiten van de MS Silja per begin 2026 of de wens om de opvang af te schalen. Dus laten we even heel precies zijn. Dus vraag aan de wethouder is, ten eerste, inhoudelijk, herkent de raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

790

wethouder dat de grootschalige opvang ernstige fysieke en mentale gezondheidsrisico's voor de statushouders op de boot oplevert? Twee, wat wil de wethouder nou nou eigenlijk met de MS Silja? Kan de wethouder bevestigen dat het contract niet wordt verlengd? Laten we daar ook gewoon eerlijk over zijn en laten we daar gewoon duidelijkheid vandaag over krijgen. Wordt het huurcontract van de MS Silja per begin 2026 niet verlengd? Volgens mij ziet dat er zo uit en volgens mij moet je dan nu bestuurlijk gezien plannen maken om te bewerkstelligen hoe dan nu verder. Waar worden die mensen dan gehuisvest? Ik vraag het college wederom om scenario's voor kleinschalige opvang te ontwikkelen en deze ons uiterlijk in kwartaal drie van 2025 voor te leggen. Hiertoe dien ik ook een motie in, die wordt ondersteund door GroenLinks, SP, BIJ1, Volt en de ChristenUnie, en wij als fractie ondersteunen alle moties die de strekking van mijn betoog ondersteunen en ik vraag u allen om dat ook te doen. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dank u wel. Is dat een interruptie nog van de heer Soytekin? Gaat uw gang. De heer SOYTEKIN (denk): Dank voorzitter, dank ook voor de bijdrage van mevrouw Yildirim. Ik was wel even benieuwd, want we hebben inderdaad die interne memo van de artsen gelezen. Daartegenover staat ook de brief vanuit GZA, wat tegenstrijdig is, vind ik, aan hetgeen wat in de interne memo staat.

Hoe reflecteert mevrouw Yildirim daarop? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda): Voorzitter, zou mijn collega die vraag kunnen verhelderen? Want welke innerlijke tegenstrijdigheid heeft mijn collega het over? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Als je de brief goed leest van GZA, dan zeggen zij ze hebben het eigenlijk overdreven om een signaal af te geven, zo heb ik hem geïnterpreteerd. Er is geen sprake van grootschalige besmettingen, zoals in die interne memo's te lezen waren. Er is 1 geval van mogelijk kindermisbruik, wat al bekend was. Al die signalen, die worden vind ik nogal ontkracht door GZA. Dus ik was even benieuwd hoe u daarnaar keek. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda): Die artsen, die hebben dus een brandbrief geschreven en het kan best zo zijn dat er verschil van mening is en dat is ook zo tussen directie van een organisatie en de uitvoerders. In dit geval is dat ook zo. Ik kan u ook vertellen dat zij in eerste instantie ook heel erg balen van de actua, waarin eigenlijk, en u noemt het weer kindermisbruik, dat eruit wordt gepikt, dat u zegt er zijn maatregelen genomen om die hygiëne tegen te gaan, enzovoorts.

Waar zij heel erg van balen is dat wij in onze debatten, en dat doet de wethouder ook in de duidingsbrief, eigenlijk dingen eruit halen en op die manier zeggen er is toch eigenlijk niks aan de hand, want er is toch een tegenstrijdigheid tussen wat de artsen op de boot vertellen en de directie van de organisatie, dus waar hebben we het over. Wat ik u wel kan vertellen is dat ik echt op dagelijkse basis in contact sta met die artsen en wat zij zeggen is dat er continu door de COA, door de directie eigenlijk hun signalen steeds worden gedownplayed. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, nou moet het helemaal niet wat fraaier worden. Nu is het ineens de schuld van de raad dat het in de actua over die voorbeelden is gegaan, terwijl dat komt op basis van een krantenartikel in het NRC, op basis van een gelekte brandbrief van raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

791

de GZA-organisatie. Dus het is die organisatie zelf die die dingen in een intern stuk heeft gezet. Die brief is, ik zal niet suggereren wie het gedaan heeft en met welke motieven, maar die is toevallig dan bij het NRC beland. Vervolgens schrijft het NRC een stuk, precies in lijn met wat het GZA graag uitdraagt, namelijk dat het daar 1 grote hel en verdoemenis is, met allemaal hele ernstige voorbeelden. Als er vervolgens wordt doorgevraagd blijft er niks van overeind en zeggen artsen ik heb het eigenlijk ook een beetje gezegd om het wat aan te dikken en ik wilde ook een signaal afgeven en blijft er helemaal niets van overeind. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda): Voorzitter, dat is niet zo. U zegt er blijft niets van overheid. Ik heb het over artsen die eigenlijk met mij op dagelijkse basis vertellen wat er aan de hand is. Wat zij zeggen, de signalen die wij geven, die worden continu door de COA, door de gemeente gedownplayed. Dit zijn ook zorgprofessionals, artsen die eigenlijk volkomen belangeloos voor zitten optreden en eigenlijk op dagelijkse basis al 2 jaar op die boot zitten en in hun spreekuur van alles en nog wat meemaken. Het grote plaatje is dat de leefomstandigheden er zodanig aan toe zijn dat de ontwikkeling van kinderen eigenlijk gewoon geschaad wordt.

Ze zien eigenlijk op dagelijkse basis dat er geen gezonde ontwikkeling is van kinderen. Zij zien eigenlijk uitgeputte ouders die niet meer in staat zijn om hun kinderen te begeleiden, zij zien bij volwassenen buitengewoon gedrag ontstaan. In brede zin hebben zij aan de bel willen trekken en ik vind echt oprecht jammer dat de signalen van deze beroepsgroep, artsen, die volkomen belangeloos zijn in deze casus, eigenlijk continu worden gedownplayed. Ik denk waar we het over zouden moeten hebben is, kunnen we eigenlijk die dingen doen die gewoon het probleem hier oplossen, namelijk het volgen van een medisch advies dat zegt op het moment dat je mensen die volkomen getraumatiseerd zijn in deze omvang opvangt, dan is het medisch advies heel erg duidelijk. Dat is niet gezond en bevordert gewoon niet het welzijn van mensen en by the way ook niet vervolgens het opnemen van deze mensen in de Nederlandse samenleving. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Vlieger, aanvullend. Zij stond al een hele tijd. Mevrouw VLIEGER (gl): Voorzitter, het was eigenlijk naar aanleiding van de heer Soytekin, maar ook de heer Ceulemans, zij stellen dat de tweede brief een contradictie is op de eerste brief, dat het allemaal veel groter is gemaakt dan dat het was.

Hoe ik de tweede brief las is dat zij zeggen wij constateren dat er dingen gebeuren op deze boot die kunnen leiden tot en dat is wat een signaal afgeven is. Zij zeggen wij zijn hier en wij zien dat het hier niet goed gaat en dat het tijd is om in te grijpen omdat het anders verder kan oplopen, dat er ergere dingen kunnen gebeuren. Volgens mij is dat juist heel goed, dat je op tijd in kan grijpen, dat je preventief dingen kan doen. Bent u het daar dan niet mee eens? De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Dit hele circus is gestart door een enorm ronkend stuk in NRC Handelsblad op basis van een intern stuk van GZA, waarin dus zaken als geweld, aanranding, kindermisbruik, radicalisering, dat heeft nu het beeld van die Silja bepaald. Dat is heel kwalijk. Mevrouw Yildirim heeft het over downplayen, als er momenteel iets gedownplayed wordt, dan is het GZA, dat haar aanvankelijke uitlating aan het downplayen is, omdat GZA nu zegt we hebben dat toen wel gezegd, maar dat was ook meer om een signaal af te geven, ik wil daar eigenlijk ook niet echt veel meer op ingaan wat ik toen gezegd heb en ik hou er nu bij dat het niet ideaal voor kinderen is. Dat kunnen ze vinden, maar dat is iets totaal anders dan waarmee ze aanvankelijk aan de bel getrokken hebben.

Met hele grote woorden over strafbare feiten suggereren dat deze wethouder dat allemaal maar op zijn beloop laat. Als je

raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

792

doorvraagt blijft er niets van overeind. Dus als er iemand iets aan het downplayen is, dan is het GZA dat haar eigen uitlating aan het downplayen is. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Vlieger een reactie en dan ga ik daarna ook even naar de heer Becker en mevrouw Maassen. Mevrouw VLIEGER (gl): Ja kort, want tegelijkertijd worden nu ook weer dingen overdreven die echt niet zo zijn gezegd, aanrandingen en dingen over dat kindermisbruik. Ze zijn altijd heel nauw met hun woorden omgegaan, er stond mogelijk en kans tot. Ze hebben best wel juist de termen, denk ik, netjes neergezet om er geen groot verhaal van te maken, maar ze geven aan wij zien kansen tot, mogelijkheden tot, en daar is juist volgens mij voor ons de taak om te zorgen dat dat niet gebeurt. Als het gaat over radicalisatie, mensen die zich onveilig voelen, volgens mij is het logisch dat wij die signalen moeten krijgen en daarop moeten reageren. Want er is gezegd is dat vrouwen zich onveilig voelden en er is ook een voorbeeld gegeven, ze wisselen elkaar af omdat ze niet durven te slapen daar. Dat is volgens mij een heel duidelijk voorbeeld waar we wat mee moeten, maar dat vindt u volgens mij niet. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Ik wilde eigenlijk eerst even naar de heer Becker. De heer BECKER (vvd): We moeten wel enige nuance hier bewaken.

GZA-huisartsen zijn enorm betrokken bij de mensen op de boot, maar we zien ook dat in de wethoudersbrief, maar ook is gisteren tijdens een werkbezoek ter plaatse, dat COA aangeeft dat die signalen ook serieus zijn genomen. Bijvoorbeeld kinderen gingen niet naar school, vervoer naar school is nu geregeld, er zijn plekken op scholen geregeld, er zijn extra speelplekken buiten geregeld voor die kinderen. Dus die kwetsbare groep kinderen, daar wordt echt zeer nauwlettend naar gekeken. Er is ook aangegeven dat een populatie van 2.000 mensen, er gebeuren altijd dingen, net zoals in het dorp of in de wijk dingen gebeuren, en dat dit niet uitzonderlijk meer is dan andere opvanglocaties. Laten we er wel even een beetje genuanceerd naar kijken. Maar wat mij het meeste is bijgebleven is dat het is een opvanglocatie niet alleen voor Rotterdamse statushouders die aan Rotterdam zijn gekoppeld, dat zijn ongeveer 650 van de 2.000, maar fijn als de wethouder daar straks even op ingaat, de rest is allemaal van regiogemeenten. Die 650 die gekoppeld zijn aan Rotterdam, die krijgen, zoals ik begrepen heb, relatief snel een plek in Rotterdam, dus binnen een halfjaar, 5 tot 6 maanden. De mensen die gekoppeld zijn aan regiogemeenten, daar duurt dat veel langer. Dan is natuurlijk is die tijdelijkheid veel minder en dan zit je op een gegeven moment echt wel lang op zo'n boot.

Dus ik wil de wethouder ook vragen, zijn die gesprekken er met de regiogemeenten om hun ook te vragen maak plek voor die de mensen die we nu opvangen op een boot? Het is een tijdelijke voorziening, het is goed dat we het op die manier doen. Het ontlast de woningmarkt, maar uiteindelijk is het wel de bedoeling dat mensen daar niet eindeloos zitten. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Dit roept een reactie op van de heer SegersHoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dit is wel eventjes het omdraaien van hoe het allemaal begonnen is. Dit is begonnen omdat de coalitie met een probleem zit van een getal wat genoemd is in een coalitieakkoord, terwijl er een Spreidingswet kwam die van ons vroeg om veel meer asielzoekers op te vangen. Daar is ook opvang voor bedoeld, niet huisvesting. Daarop heeft deze coalitie bedacht, we leggen een boot neer en we bieden gemeenten in de regio aan om daar statushouders, want iedereen heeft het moeilijk op de woningmarkt, tijdelijk te huisvesten. Dan hebben ze even lucht. Nu draait de heer Becker dat om van daar zitten mensen heel lang op, want regiogemeenten doen hun werk niet. Het zou u wel sieren om even terug te gaan naar waarom u dit ooit bedacht heeft en dat was hierom en niet omdat

raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

793

regiogemeenten hun werk niet zouden doen. Nee, u wilde ze juist helpen omdat u uw eigen problemen had met uw coalitieakkoord. Dat was de reden. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Becker. De heer BECKER (vvd): De asielketen zit vast. We hebben gewoon te weinig plek in Nederland om dat op een goede manier vorm te geven. Dit is nou een manier om, we hebben het er hier vaker over gehad over, asielzoekerscentra die vol zitten, dit is een manier om statushouders die gekoppeld zijn aan deze regio hiernaartoe te halen, te beginnen met integratie en werk, zodat mensen, de plek waar ze gaan wonen, daar al kunnen integreren. Daar ligt een rol voor Rotterdam als stad, maar ook voor regiogemeenten, om uiteindelijk daar een plek voor te vinden, niet te zorgen dat dit eindeloos duurt. Dat is dan ook de vraag aan de wethouder, of die gesprekken er zijn met de regio. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Ik constateer wel dat de heer Becker niet reageert op wat ik zeg, want het zijn twee verschillende manieren. Het ene is namelijk asielzoekers Spreidingswet opvang, het andere zijn statushouders gekoppeld aan een gemeente, huisvesting.

U heeft ervoor gekozen om in feite de Spreidingswet niet uit te voeren, want u heeft problemen met uw coalitieakkoord, waar dat getal van 500 in staat, en u heeft een boot neergelegd en de helpende hand zogenaamd gereikt aan regiogemeenten van hier kunt u een paar maanden uw statushouders op huisvesten, dan heeft u even lucht. Dus daar wil ik graag dat u op reageert, want u gaat nu wijzen met de vinger naar die regiogemeenten, terwijl dat het heel anders begonnen was. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): De heer Becker. De heer BECKER (vvd): Dat zeg ik. Ik vind dit een hele goede oplossing. Het is niet een ideale oplossing, maar dit is wel een manier om de woningmarkt te ontzien, om opvang te realiseren binnen die asielketen, want een groot gedeelte van asielzoekers wordt uiteindelijk statushouder, en om mensen die uiteindelijk toch aan Rotterdam gekocht koppelt worden al eerder hiernaartoe te halen en om ook daarmee de integratie te bevorderen. Dus wij vinden het nog steeds goede oplossing. Er zijn problemen die terecht worden aangegeven. Er zijn al oplossingen voor zaken wat betreft naar school gaan en zo, maar wij volgen het wel zeer kritisch. Gisteren tijdens het werkbezoek werd ook door het COA aangegeven dat er voor veel dingen oplossingen zijn of dat het toch wat genuanceerder ligt. Dus we moeten ook wel hier de nuance in bewaken.

De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ik hoorde zojuist mevrouw Yildirim zeggen, er wordt niet geluisterd naar de artsen van de NZa en dat vond ik een heel belangrijk punt om gisteren ook nog eens een keer expliciet uit te vragen aan die artsen. Wordt er nou niet geluisterd? Dat is precies wat zij niet zeiden. Ze zeiden er is heel goed contact, er is goed contact met het COA en er is goed contact met Stichting Mano en ieder vanuit zijn eigen rol doet wat hij kan en er is goed contact onderling. Zij hebben een intern memo gestuurd die is uitgelekt, en daar hebben wij een actua over aangevraagd, wat ik nog steeds heel erg terecht vind en waar u overigens ook op hebt meegetekend, dus dat er niet naar de artsen wordt geluisterd, dat is echt gewoon niet waar. Dat is ook niet wat de artsen gisteren aan ons hebben verteld. De VOORZITTER (Mevrouw Kockelkoren): Mevrouw Yildirim.

raadsvergadering van 15 mei 2025

Notulen pagina

794

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=8f563619-b2a8-428a-a265-19b1a802ff1f