20240314- Notulen van de raadsvergadering van 14 maart 2024
Tekst van het document
verzoekt het college: - per wijk het goede gesprek met huurders, eigenaar-bewoners en woningzoekenden te organiseren in samenwerking met de wijkraden in de wijkhub; - hiervoor nieuwsgierige bewonersondersteuning te faciliteren om bewoners op gelijkwaardige basis in staat te stellen gezamenlijk een visie op hun wijk te ontwikkelen; - hierover jaarlijks een terugkoppeling te geven aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. A. Kockelkoren Motie 10. Stimuleer innovatieve woonvormen "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van agendapunt "Rotterdamse Woonvisie; een koers tot 2040 en acties voor de komende 5 jaar"; constaterende dat: - innovatieve woonvormen, zoals wooncoöperaties, groepswonen en coöperatief particulier opdrachtgeverschap bijdragen aan een diverse, leefbare en inclusieve stad; - woonvormen waarin gemeenschapszin en 'samen leven' voorop staan een uitkomst kunnen zijn voor ouderen, mantelzorgers en zorgbehoevenden, en andere Rotterdammers met een nietstandaard woonwens; - deze woonvormen hierdoor een bijdrage kunnen leveren aan verbetering van de doorstroming en dus aan het verminderen van de huidige wooncrisis; - het college in de Woonvisie wel een inzet op collectieve en innovatieve woonvormen benoemt, maar daar geen concrete maatregelen aan verbindt; overwegende dat: - de voordelen van het realiseren van deze woonvormen,
zoals een lagere zorgvraag, het tegengaan van eenzaamheid en het creëren van gemeenschapszin ruimschoots opwegen tegen de initiële kosten van het stimuleren van innovatieve woonvormen; - er ondanks verschillende veelbelovende initiatieven tot nu toe in Rotterdam nog niet veel terecht is gekomen van innovatieve woonvormen; - andere grote steden, zoals Utrecht en Den Haag met actief beleid om innovatieve woonvormen te stimuleren, meer succes lijken te hebben; verzoekt het college: - een revolverend gemeentelijk fonds beschikbaar te stellen voor leningen tegen een lage rente om wooncoöperaties te helpen de financiering rond te krijgen; - in toekomstige masterplannen locaties aan te wijzen voor het ontwikkelen van innovatieve woonvormen; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. A. Kockelkoren, G.J. Engberts, M.M. Vlasblom, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, I. Elfilali en T.J. Vonk Motie 11. Concrete doelen om dakloosheid op te lossen "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van agendapunt 6.1 'Rotterdamse Woonvisie; een koers tot 2040 en acties voor de komende 5 jaar'; constaterende dat:
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
312
-
uitgangspunt 9 van het Woonakkoord luidt: "de gemeente spant zich in om dakloosheid te voorkomen en op te lossen'; uit recente cijfers blijkt dat het aantal dak- en thuisloze mensen groeit en dat per nacht 160-200 mensen in Rotterdam op straat slapen; in Rotterdam daarbovenop naar schatting 5000 mensen noodgedwongen bij vrienden, kennissen of bekenden op de bank slapen omdat ze geen woning hebben; in de Woonvisie staat dat "we vanuit het woonbeleid inzetten op het bestrijden van dakloosheid door het waar mogelijk uitbreiden van 'Housing First' en 'Project010";
overwegende dat: - de wachttijd voor mensen in de opvang om door te stromen naar een woning toeneemt; - deze lange wachttijd een enorme druk legt op de volledige opvang-, zorg- en huisvestingsketen, waardoor mensen te lang dakloos zijn of aangewezen zijn op opvanglocaties die niet bijdragen aan perspectief; - ook het uitgebreide aantal 'Wonen eerst' plekken (Housing First + Project010) van 125 plekken per jaar uit het actieplan dakloosheid volstrekt onvoldoende is om de grote geconstateerde dak- en thuisloosheid op te lossen; - de formulering "het uitbreiden waar mogelijk" de raad onvoldoende handvat geeft om te sturen op concrete maatregelen om het doel uit het Woonakkoord om dakloosheid op te lossen te realiseren; verzoekt het college: - te realiseren dat dakloze mensen binnen de gestelde termijn van 3 maanden kunnen uitstromen van opvang naar een eigen woning door het aantal Housing First-plekken dat per jaar gerealiseerd wordt minimaal te verdubbelen; - hierover uiterlijk voor het zomerreces te rapporteren aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. A. Kockelkoren, M.M. Vlasblom, G.J. Engberts en T.J. Vonk Motie 12.
Van leegstand naar bewoonbaar "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van agendapunt "Rotterdamse Woonvisie; een koers tot 2040 en acties voor de komende 5 jaar"; constaterende dat: - de Woonvisie stelt dat 'steeds meer Rotterdammers moeite hebben om een betaalbare en passende woning te vinden', er sprake van schaarste en de woningmarkt staat onder druk; - uit cijfers van het CBS uit 2023 blijkt dat Rotterdam een leegstand van 4,6% heeft, waarbij 4% van de woningen en 14% van de kantoorpanden leeg staan; - Rotterdam, in tegenstelling tot sommige andere steden, geen leegstandsverordening heeft, terwijl dit kan leiden tot een vermindering van leegstand; overwegende dat: - met de voorgenomen maatregelen in de Woonvisie het woningtekort zeker op de korte termijn niet zal worden opgelost; - het essentieel is om alle beschikbare ruimte te benutten om het woningtekort op de korte termijn tegen te gaan; - het onacceptabel is dat ten tijde van een wooncrisis panden onnodig lang leeg staan; - leegstaande panden de leefbaarheid en dynamiek van wijken onder druk zetten; - andere steden in Nederland gebruik maken van een leegstandsverordening, waarmee de druk op eigenaren om een leegstaand pand te benutten wordt verhoogd en waarbij boetes kunnen worden opgelegd als panden onnodig lang leegstaan; - een leegstandsverordening een effectieve maatregel kan zijn om
leegstand te bestrijden en eigenaren te stimuleren om hun panden zo snel mogelijk te benutten; verzoekt het college: - leegstand tegen te gaan door leegstaande panden zo snel als mogelijk een nieuwe bestemming te geven;
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
313
-
een leegstandsverordening op te stellen met daarin in ieder geval procedures die transformatie naar een nieuwe functie makkelijker maken, en de mogelijkheid tot het opleggen van boetes bij langdurige leegstand; de leegstandsverordening per 1 januari 2025 in te laten gaan;
en gaat over tot de orde van de dag." w.g. A. Kockelkoren, T.S.J. Coşkun, M.M. Vlasblom, G.J. Engberts en T.J. Vonk Motie 13. Steun voor woningeigenaren bij het isoleren van woningen "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van agendapunt "Rotterdamse Woonvisie; een koers tot 2040 en acties voor de komende 5 jaar"; constaterende dat: - Rotterdam nog steeds een grote opgave kent voor het isoleren van 85.000 woningen met energielabels E, F of G (zoals gesteld in voortgang Klimaatactieplan Rotterdam); - voor het versneld verduurzamen van woningen in particulier eigendom nauwelijks beleid vanuit de gemeente bestaat; - voor particuliere woningeigenaren die niet met eigen middelen of kredieten van de bank hun woning kunnen verduurzamen subsidieregelingen en gunstige leningen vanuit de rijksoverheid beschikbaar is gesteld tot in ieder geval tot 2025; overwegende dat: - isoleren en andere energiebesparende maatregelen ook bijdragen aan de kwaliteit van wonen voor onze inwoners en besparing van woonlasten; - het isoleren van woningen een goed renderende investering is, die ertoe leidt dat de waarde van woningen stijgt en dat de bewoners minder kwijt zijn aan energie; - de klimaatdoelen niet optioneel zijn: om onze stad in de toekomst leefbaar te houden moeten wij ons steentje bijdragen om klimaatverandering tegen te gaan; - in de Woonvisie wordt gesteld
dat voor het realiseren van de doelen grotere stappen nodig zijn dan waar de nu voorgestelde maatregelen in voorzien; - het aanvragen van subsidies en rentevrije leningen bij de rijksoverheid voor particuliere woningeigenaren niet vanzelfsprekend is; - het vinden van de juiste subsidie en op de juiste manier aanvragen daarvan geen gemakkelijke opgave is voor particuliere woningeigenaren; verzoekt het college: - een campagne op te zetten die het bestaan van subsidies en rentevrije leningen voor woningisolatie en verduurzaming onder de aandacht brengt bij woningeigenaren; - particuliere woningeigenaren te helpen bij het aanvragen van subsidies en rentevrije leningen van het rijk; - onverminderd bij het rijk en de formerende partijen in Den Haag te lobbyen voor extra rijksmiddelen voor de verduurzaming van woningen met E-, F-, en G-labels; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. A. Kockelkoren, G.J. Engberts, R.G.C. Segers-Hoogendoorn en T.J. Vonk De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr). Test, zo vaak sta ik hier niet voorzitter. Dank u wel. Rotterdammers, ik sta hier vandaag met een hart dat zwaarbeladen is met zorgen. Zorgen die niet alleen mij persoonlijk raken, maar ons en onze dierbaren allemaal treffen. De wooncrisis die Nederland teistert is een kwestie die ons allemaal aangaat.
En laten we eerlijk zijn, het is een kwestie die niemand ontkent. In ons geliefde Nederland, waar wij allemaal zo trots op zijn geweest vanwege onze vooruitstrevende ideeën en onze zorg voor elkaar, zien we al jaren hoe de huizenprijzen de pan uit rijzen. Eindeloze wachtlijsten,
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
314
gecombineerd met hoge koop- en huurprijzen. Mensen die zich wanhopig afvragen waar ze naartoe moeten en mensen die hun leven stilzetten omdat ze geen geschikte woonruimte kunnen vinden. Denk aan het uitstellen van een kinderwens. Onze samenleving lijdt doordat generaties zoals grootouders met hun kinderen en hun kleinkinderen samen op soms wel zestig vierkante meter moeten wonen, omdat er geen woonruimte te vinden is. En dan nog maar te zwijgen over het achterstallig onderhoud en de malafide verhuurders die er zijn. En de verdichting van de stad gaat ooit ook tot een maximum komen. Rotterdam is vol aan het raken en daarom is het belangrijk om scherp te blijven op leefbaarheid versus de verdichting die plaatsvindt. En wij blijven het keer op keer herhalen. Wonen is je nulpunt, het moet je rustpunt zijn. De balans tussen leefbaarheid en verdichting is kwetsbaar en daar moeten we echt op waken. Gezamenlijk wonen, gezamenlijke verantwoordelijkheden en genoeg aandacht voor groen, ontspanning en elkaar. Deze punten zijn belangrijk om überhaupt te kunnen nadenken over enige vorm van sociale cohesie en een gevoel van saamhorigheid.
En voorzitter, wie moeten we nu aankijken voor deze ontwrichting van de samenleving? Wie heeft die sleutel in handen gehad en niet adequaat gereageerd? Het spijt me voorzitter dat ik het moet zeggen, maar de gevestigde landelijke partijen dragen hierin de grootste verantwoordelijkheid. Die partijen die ons land hebben geleid met beloftes van economische groei en welvaart voor ons allemaal hebben gefaald in het aanpakken van deze wooncrisis. Hun beleid heeft geleid tot een woningmarkt die gedomineerd wordt door speculanten en investeerders, waarbij de gewone burgers, de modale man of vrouw generaties lang aan de zijlijn staan en wanhopig proberen een dak boven het hoofd te vinden en hierin keer op keer falen. En voorzitter, het waren en zijn al die partijen geweest die dat beleid nog steeds steunen of hebben gesteund. De heer COŞKUN (sp). Voorzitter. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Mevrouw Bruin, ik ga helemaal mee in uw verhaal, maar u moet wel man en paard noemen. Welke landelijke partijen? Is dat de VVD, is dat CDA, is dat PvdA? Wie zijn die neoliberale partijen? Mevrouw BRUIN (lr). Volgens mij noemt u er een aantal mijnheer Coşkun. Dank u wel. We hebben een beleid nodig dat gericht is op het bieden van betaalbare huisvesting voor iedereen, iets losser van het inkomen.
Dat betekent dat de huidige manier van wonen niet onveranderd kan blijven en daar zullen wij als grootste partij ons ook laten gelden. Wat Leefbaar Rotterdam betreft moet de basis op orde zijn, ook bij wonen. En als Rotterdammer eis ik actie. Ik roep op om te blijven luisteren naar de Rotterdammers en te handelen in het belang van die Rotterdammer. Laten we samenwerken aan een oplossing voor deze crisis, zodat we een toekomst kunnen bouwen waarin iedereen een veilig en betaalbaar huis heeft. De VOORZITTER. Volgens mij wil mevrouw Kockelkoren iets tegen u zeggen. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, dank u wel. Ja, ik ben eigenlijk ook ontzettend blij met dit verhaal van Leefbaar Rotterdam, maar ik wil toch ook wel even vragen om een klein beetje in de spiegel te kijken, want hier, in deze stad, is in 2016 natuurlijk wel een woonvisie neergelegd, die deels mede gedragen werd door Leefbaar Rotterdam en die ook wel verantwoordelijk was, waardoor ook wel al die afname van sociale woningen, betaalbare woningen in deze stad is geïnitieerd. Ik bedoel, toen is er ingezet dat we zouden sturen op afname van betaalbare woningvoorraad. Hoe kijkt u daarnaar? De VOORZITTER. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr). Dank u wel. Ik denk dat ik daarvoor naar uw collega naast u moet kijken, die toen ook aan boord zat in die tijden. Niet? Dan was het vlak daarvoor, mijn excuses.
Nee, mevrouw Bokhove, ik hoor u. Natuurlijk, reflecteren en terugkijken en leren van je dingen moeten we allemaal blijven doen, dus een prima inbreng van mevrouw Bokhove. De heer Segers. Sorry, ik ben geen voorzitter natuurlijk. De VOORZITTER. U laat die dubbelrol gelden vandaag. U was van plan om die vandaag te laten gelden, dus u doet het goed. De heer Segers-Hoogendoorn.
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
315
De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja, dank voorzitter. Ja, vlak daarvoor eigenlijk, voor de interruptie van mevrouw Kockelkoren wilde ik eigenlijk even vragen aan mevrouw Bruin, want u gaf aan: dit zijn de partijen en u had het toen over landelijk, die nog steeds dit beleid steunen. Ik vroeg me even af wat Leefbaar Rotterdam vindt van de Wet betaalbare huur bijvoorbeeld, wat vindt Leefbaar Rotterdam van het feit dat de minister van Wonen op dit moment ook het grote geld aanpakt in die woningmarkt? Wat vindt mevrouw Bruin bijvoorbeeld van de definitie voor sociale huur die we nu hebben, waardoor we lokaal veel beter beleid kunnen maken? De VOORZITTER. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr). Dank u wel. Nou, de definitie sociale huur hè, daar hebben we het Woonakkoord voor gemaakt, toen hebben we met zijn allen als raad daarnaar toegewerkt. Dus mijn antwoord is daar natuurlijk wel helder in. Daar staan we gewoon achter. Verder kan ik gewoon zeggen dat ik heel blij ben dat we een minister hebben die voor de huurders opkomt op dit moment. De VOORZITTER. U kunt verdergaan. Mevrouw BRUIN (lr). Nou voorzitter, en dan nu de Woonvisie die aan ons voorligt. Het is zover, we zijn weer bijna uitgewoonvisied, zou ik zeggen, maar eigenlijk zijn we dat natuurlijk nooit. Het is belangrijk om dag in, dag uit open te staan voor de ontwikkelingen op het gebied van wonen.
We hebben een mooi gezamenlijk proces en samenwerking erop nageslagen, wat begon op initiatief van het Rotterdamse CDA en wat uitliep op allerlei kennisgesprekken en natuurlijk ook het bezoek aan Wenen, dat een belangrijk aandeel hierin heeft gehad. Ik zal niet weer uitgebreid vertellen hoe leerzaam en goed dat proces en de onderlinge samenwerking in de raad en het netwerk daarbuiten was. Het was gewoon mooi, en ik hoop dat daar goede funderingen voor de toekomst zijn gelegd. Tegelijkertijd moeten we niet vergeten dat een van die aanleidingen om zo’n uitgebreid proces te volgen het verschil van kennis onderling in de raad was. En die uiteenlopende definities waar we allemaal al verschillend over dachten, hielpen niet echt in het debat. Het is in ieder geval al een grote winst waar we nu staan. Vandaag gaan we het dus hebben over de Woonvisie, en niet de woonmissie. Want een visie gaat over wat je wilt bereiken, het is die spreekwoordelijke stip aan de horizon. En de missie gaat over hoe we daar gaan komen. Ik heb al verschillende fracties gehoord over maatregelen, en dat is inderdaad het hoe. Ik denk dat we het op hoofdlijnen goed met elkaar eens kunnen worden over die visie, maar dat hoe, dat blijft spannend en de komende periode blijft dat een ding. Voorzitter, ik kan niet herhalen wat ik de vorige commissies allemaal heb gevraagd en gezegd.
Dat ga ik niet doen, en dat heeft iedereen al een keer gehoord. En als je het nog een keer wilt horen, zou ik de videobeelden erop terugslaan. Voorzitter, dan is het nu tijd voor onze moties. Ondanks dat wij tevreden zijn met de Woonvisie hebben wij toch kans gezien om een aantal moties in te dienen. We dienen de volgende moties in. Om te beginnen de motie 'Doorstroming moet geen hogere woonlasten betekenen'. Wat ons betreft is het belangrijk dat we mensen die in een te grote woning wonen, vaak zijn dit ouderen, gaan stimuleren om kleiner te wonen. Dat willen ze vaak zelf ook wel, maar helaas worden zij toch tegengehouden door de gedachte: als ik ga verhuizen, ga ik meer betalen en dan kan ik beter blijven zitten waar ik zit. Met deze motie willen wij kijken wat we kunnen veranderen om ervoor te zorgen dat deze mensen in de toekomst toch gaan verhuizen naar een kleinere woning, waardoor een grotere woning weer beschikbaar komt voor een ander. En als we het dan toch hebben over de ouderen op de woningmarkt, dan willen we het ook hebben over onze volgende motie, 'Help ouderen naar een passende woonruimte in de wijk en hun buurt'. Hierin roepen wij het college op om in gesprek te gaan met corporaties en partijen om te kijken of we knelpunten weg kunnen nemen voor die ouderen en ervoor te zorgen dat zij geschikte huisvesting kunnen vinden.
En we willen het ook kort hebben over een motie omtrent sociale huurwoningen. Met deze motie 'Houd voorraad sociale woningen op peil' willen we ervoor zorgen dat er onderzocht wordt hoe wij de eventuele verkoop van sociale huurwoningen beter in lijn kunnen brengen met onze ambities in de voorliggende Woonvisie. En als we het dan ook nog steeds hebben over de verkoop van sociale huurwoningen vinden we het dan ook belangrijk dat het voor inwoners inzichtelijk moet zijn en worden waarom sommige woningen worden verkocht. Daarom dienen we in het kader van transparantie de motie 'Transparantie verkoop sociale huur' in. En als laatste motie dienen wij de motie 'Eerst zelfbewoning en dan misschien beleggers' in en roepen wij het college op om sociale huurwoningen die verkocht worden enkel voor zelfbewoning te verkopen. En last but not least, hebben we meegedaan aan de motie van de PvdA over het DAEB-segment, en dat volgt via hen. Dank u wel voorzitter.
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
316
De VOORZITTER. Dank u. Mijnheer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Dank u wel. Ik heb een vraag aan mevrouw Bruin. Hoeveel sociale woningen worden er verkocht per jaar? De VOORZITTER. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr). Dat aantal heb ik niet scherp mijnheer Engberts. De VOORZITTER. Help mijnheer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Het weegt bij lange na niet op, want het ging om het op peil houden en met deze motie gaan we natuurlijk never nooit de sociale voorraad op peil houden. Welke andere maatregelen zijn er volgens u nodig om de sociale voorraad minimaal op peil te houden? De VOORZITTER. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr). Daar dien ik toch een motie voor in? De VOORZITTER. De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Ja kijk, de teruggang zit natuurlijk in het verdampen van de particuliere sector, 3000 per jaar. Dat betekent dus ook bijbouwen, bijbouwen door corporaties graag. Zou u dan ook een motie van ons steunen, waar het debat net ook over ging, om ervoor te zorgen dat het aanbod van die corporaties gehonoreerd wordt? Mevrouw BRUIN (lr). Ik heb die motie nog niet gezien, dus daar kunnen we het straks wel over hebben. Geen probleem. De VOORZITTER. Volgens mij schakelen we even een hulplijn in. De heer ROSKAM (lr). Even een vraag dan aan de PvdA om te reflecteren. Woonvisie 2007, hoeveel sociale woningen heeft de PvdA toen onttrokken aan de woningvoorraad? De VOORZITTER.
De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Ja, toen speelde ik nog met de blokkendoos, maar dat is zo lang geleden, dus ik vind het eigenlijk ook niet zo verschrikkelijk relevant voor de wooncrisis nu. Op dat moment daalde ook het aantal inwoners van Rotterdam. Dat was ook de prognose. En daarop is ook gehandeld. Maar elke sociale woning die toen onttrokken is, is nu natuurlijk eeuwig zonde. De heer ROSKAM (lr). Ik zal het antwoord geven. Het waren er 20.000 die u destijds onttrokken heeft aan de voorraad. De heer ENGBERTS (pvda). Dat is ook een heel snel proces geweest voorzitter. Dit is trouwens mijn interruptietijd, maar goed. Dank u wel. Dat is natuurlijk niet alleen maar het liberaliseren geweest. Dat zijn natuurlijk ook de landelijke maatregelen. Ik ben overigens ook blij dat Leefbaar Rotterdam ook terugkomt en zegt: we leren ook van wat we in het verleden verkeerd hebben gedaan. Dat doen wij ook. Ik ben ook heel blij dat dat erkend wordt. Wat ik me nog wel afvroeg, bent u dan ook blij bijvoorbeeld met de wet om de tijdelijke huurcontracten te verbieden? En mijn vraag aan mevrouw Bruin is ook nog: hoe kan het nu dat we dan als stad wel protesteren bij de Provincie, wanneer de Provincie probeert ons op te leggen dat wij meer sociaal moeten bijbouwen? De VOORZITTER. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr).
We hebben natuurlijk gewoon ook coalitieafspraken gemaakt en daar staat een percentage in van die sociale huur. Het was het college natuurlijk vrij om die brief te sturen, maar de Provincie is natuurlijk niet alleen gericht op Rotterdam hè mijnheer Engberts.
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
317
De VOORZITTER. De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Ik kom nog even terug op die segmentering in de coalitieafspraken. Ik snap best dat je op een gegeven moment afspraken hebt, maar je ziet ook de realiteit die zich ontwikkelt. We zien dat we gewoon veel te weinig sociale woningen hebben. Je hoort het in de hele stad, waar we ook geweest zijn de afgelopen weken, elke bijeenkomst die we hadden met bewoners en belangenorganisaties ging het hierover. Dan zou je toch ook als coalitie moeten zeggen: jongens, we moeten even bij elkaar zitten. En ik hoor eigenlijk ook op dit moment alleen maar de VVD die zich daartegen verzet. En ik begrijp eigenlijk niet zo goed waarom deze coalitie zich dan door de VVD laat gijzelen op dit punt. De VOORZITTER. Er zat niet echt een vraag in, maar u mag er iets van vinden of niet. Nee? Oké. Mevrouw Bruin, u was klaar? Mevrouw BRUIN (lr). Ja. De VOORZITTER. Mevrouw Bruin heeft de volgende moties ingediend. Motie 14.
Doorstroming moet geen hogere woonlasten betekenen "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Woonvisie 'Een koers tot 2040'; constaterende dat: - de beschikbaarheid van grotere woningen een belangrijke uitdaging vormt binnen de huisvestingsmarkt; - huurders vaak in grotere woningen verblijven dan strikt noodzakelijk is vanwege historische redenen, zoals gezinsgrootte die in de loop der tijd verandert; - doorstroming naar kleinere woningen een middel is om de beschikbaarheid van grotere woningen te vergroten en te voldoen aan de behoeften van gezinnen die meer ruimte nodig hebben; - een van de belangrijkste obstakels voor doorstroming naar kleinere woningen de stijging van de huurprijs kan zijn, waardoor huurders huiverig zijn om te verhuizen naar een kleinere woning; overwegende dat: - doorstroming naar kleinere woningen een belangrijk middel is om efficiënt gebruik te maken van de beschikbare woonruimten in Rotterdam; - het simpelweg onlogisch is voor mensen om kleiner te gaan wonen maar tegelijkertijd wel meer huur te moeten betalen; - het waarborgen van dezelfde huurprijzen bij doorstroming naar kleinere woningen huurders in staat kan stellen om binnen dezelfde gemeenschap te blijven en daarmee niet helemaal opnieuw moeten starten met het opbouwen van een sociaal leven; - de stimulans naar doorstroming kan zorgen voor
kortere wachtlijsten omdat er meer woonruimte beschikbaar komt voor de mensen die hard op zoek zijn naar woningen; - het handhaven van lage huurprijzen bij doorstroming naar kleinere woningen huurders aanmoedigt om daadwerkelijk te verhuizen naar een passende woning zonder financiële belemmeringen; - het behoud van betaalbare huisvesting bijdraagt aan een meer rechtvaardige en inclusieve samenleving door huurders te ondersteunen in het vinden van passende en betaalbare huisvesting; verzoekt daarom het college: - te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om te garanderen dat huurders zoals senioren bij doorstroming van een grotere naar kleinere woningen niet boven hun huidige woonlasten komen te zitten; - bij dit onderzoek ook woningbouwcorporaties te betrekken en kijken welke mogelijkheden zij zien en welke rol zij hierin hebben; - resultaten van het onderzoek voor eind 2024 terug te koppelen aan de gemeenteraad; en gaat over tot de orde van de dag."
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
318
w.g. V.A. Bruin en M. Verhoef Motie 15. Help ouderen naar passende woonruimte in hun wijk en buurt "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van Woonvisie 'Een koers tot 2040'; constaterende dat: - de vergrijzing van de bevolking in Rotterdam gestaag toeneemt, wat resulteert in een groeiende behoefte aan passende huisvesting voor ouderen in hun vertrouwde buurt of wijk; - veel ouderen een sterke voorkeur hebben om zo lang mogelijk zelfstandig te blijven wonen, maar tegelijkertijd vaak geconfronteerd worden met belemmeringen bij het vinden van geschikte huisvesting; - een passende woning in de vertrouwde buurt of wijk kan bijdragen aan het behoud van sociale contacten en een gevoel van verbondenheid met de omgeving, wat essentieel is voor het emotionele en fysiek welzijn van ouderen; - het belangrijk is om ouderen te ondersteunen bij het vinden van een woning die aansluit bij hun specifieke behoeften en wensen, en die tevens voldoet aan de eisen van toegankelijkheid en levensloopbestendigheid; overwegende dat: - begeleiding van ouderen bij het vinden van een passende woning in hun buurt of wijk de zelfredzaamheid en kwaliteit van leven van ouderen kan bevorderen; - het onze taak is om te investeren in diversiteit aan woonvormen en woonvoorzieningen die aansluiten bij de verschillende behoeften van verschillende doelgroepen, zoals
ouderen, seniorenwoningen, levensloopbestendige appartementen en zorgwoningen; verzoekt daarom het college: - te onderzoeken welke knelpunten er momenteel zijn bij het vinden van passende huisvesting voor ouderen in hun buurt en wijk; - te onderzoeken op welke wijze deze knelpunten kunnen worden weggenomen, dit in samenspraak met woningcorporaties, zorginstellingen en andere relevante partijen; - te onderzoeken hoe we in Rotterdam beleid kunnen voeren dat gericht is op het bevorderen van passende huisvesting voor ouderen in hun buurt of wijk; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. V.A. Bruin en M. Verhoef Motie 16. Houd voorraad sociale huurwoningen op peil "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van Woonvisie 'Een koers tot 2040'; constaterende dat: - de wachtlijst voor een sociale huurwoning in de regio Rijnmond gemiddeld 52 maanden is en er een groot tekort aan betaalbare woningen bestaat; - ondanks dit tekort er nog steeds sociale huurwoningen worden verkocht in de stad; - in december 2023 de prestatieafspraken 2024-2025 zijn ondertekend.
- de volgende uitgangspunten mee zijn genomen in de Woonvisie: - beperken verkoop en liberalisaties corporatiewoningen: in wijken met een beperkt aandeel sociale voorraad, maken we afspraken met corporaties over het stoppen met verkoop en liberalisatie van bestaande sociale huurwoningen; - verkoop corporatiewoningen aan middeninkomens: in wijken met een aanzienlijk aantal sociale huurwoningen hebben woningcorporaties de mogelijkheid om bestaand bezit als middenkoopwoningen te verkopen als onderdeel van hun portefeuillevernieuwing. Bij deze verkoop, vergelijkbaar met nieuwbouwprojecten, krijgen middeninkomens voorrang; - in de prestatieafspraken 2024-2025, getekend in december 2023, de afspraak is gemaakt om naar aanleiding van deze uitgangspunten uit de Woonvisie, het verkoop- en liberalisatiebeleid
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
319
te bespreken tussen corporaties, huurders en gemeente. En dat deze gesprekken – onder goedkeuring van de Woonvisie door de Rotterdamse gemeenteraad – in het eerste kwartaal worden gevoerd; overwegende dat: - verkoop van sociale huurwoningen vaak de ruimere, populairdere woningen betreft waardoor er verschraling optreedt van het sociale huursegment; - het wenselijk is het college een richting mee te geven voor de nieuw af te sluiten prestatieafspraken; - het afstoten van sociale huurwoningen ervoor zorgt dat wij als gemeente minder sturing uit kunnen voeren op gemeentelijk woonbeleid terwijl de groep bewoners van deze woningen juist beschermd moeten worden met overheidsbeleid; verzoekt daarom het college: - zo snel mogelijk na vaststelling van de Woonvisie uitvoering te geven aan deze prestatieafspraak en het gesprek te starten; - aanvullende afspraken met corporaties en huurders te maken over verkoop en liberalisatie, conform de uitgangspunten uit de Woonvisie; - en hierover terug te koppelen bij de voortgangsrapportage van de Woonvisie; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. V.A. Bruin en M. Verhoef Motie 17.
Laat zien wat je verkoopt aan sociaal vastgoed "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van Woonvisie 'Een koers tot 2040'; constaterende dat: - woningcorporaties een cruciale rol spelen in het aanbieden van betaalbare huisvesting aan de Rotterdamse gemeenschap; - de verkoop van vastgoed door woningcorporaties een significante impact kan hebben op de beschikbaarheid en toegankelijkheid van huisvesting van Rotterdammers; - transparantie over de verkoop van vastgoed essentieel is voor het waarborgen van verantwoording en het behouden van het publieke vertrouwen in woningcorporaties; overwegende dat: - het wenselijk is dat publiek toegang heeft tot informatie over de verkoop van sociaal vastgoed door woningcorporaties, inclusief de redenen voor verkoop en de beoogde bestemming van de opbrengsten.
- transparantie over de verkoop van sociaal vastgoed de betrokkenheid van belanghebbenden vergroot en een meer inclusief besluitvormingsproces mogelijk maakt en draagvlak vergroot; verzoekt daarom het college: - woningcorporaties te verzoeken om een hoger niveau van transparantie te waarborgen bij de verkoop van vastgoed en bijvoorbeeld in mee te nemen: - het publiceren van gedetailleerde informatie over de verkooptransacties, waaronder de locatie, grootte, en verkoopprijs van het vastgoed op hun websites; - het tegelijkertijd verstrekken van een duidelijke motivering van het besluit om vastgoed te verkopen, met inbegrip van eventuele beleidsdoelstellingen of strategische overwegingen; - het consulteren van belanghebbenden, waaronder huurders, bij belangrijke beslissingen met betrekking tot de verkoop van vastgoed; - deze motie ter kennisgeving voor te leggen aan alle Rotterdamse woningcorporaties; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. V.A. Bruin en M. Verhoef
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
320
Motie 18. Eerst zelfbewoning en dan misschien beleggers "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Woonvisie 'Een koers tot 2040'; constaterende dat: - de woningmarkt wordt gekenmerkt door een toenemende schaarste aan betaalbare woningen, wat leidt tot problemen zoals hoge huurprijzen en beperkte toegang tot huisvesting in het algemeen; - woningcorporaties een grote rol spelen in het aanbieden van betaalbare huisvesting in het middensegment. - het soms nog gebeurt dat woningcorporaties hun vastgoed aanbieden aan beleggers in plaats van aan particulieren voor zelfbewoning, wat de toegang tot betaalbare huisvesting verder bemoeilijkt; overwegende dat: - het bevorderen van zelfbewoning essentieel is voor het creëren van een gezonde en diverse gemeenschap, waarin mensen zich duurzaam kunnen vestigen en betrokkenheid bij de buurt wordt gestimuleerd; - woningcorporaties een maatschappelijke verantwoordelijkheid dragen om bij te dragen aan de oplossing van huisvestingsproblemen en daarmee een evenwichtige woningmarkt bevorderen; verzoekt daarom het college: - om in overleg te treden met woningcorporaties en hen te verzoeken prioriteit te geven aan het aanbieden van vastgoed aan particulieren voor zelfbewoning, voordat overwogen wordt om vastgoed te verkopen aan beleggers; - om in dit overleg te benadrukken dat het behoud van
betaalbare huisvesting en het bevorderen van zelfbewoning centraal staat in het streven naar toegankelijke woningmarkt; - om te onderzoeken welke beleidsmaatregelen te overwegen zijn om woningcorporaties aan te moedigen om vastgoed beschikbaar te stellen voor particuIieren voor zelfbewoning en tegelijkertijd speculatieve praktijken op de woningmarkt ontmoedigen; - deze motie ter kennisgeving te delen met de woningcorporaties; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. V.A. Bruin en M. Verhoef De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mijnheer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, een woonvisie geeft antwoord op vragen: wat voor stad willen we zijn om te wonen en wie kan en wie mag er wonen? En dat tegen de achtergrond van een wooncrisis waarvan we de omvang bij het opstellen van de vorige woonvisie nog niet konden vermoeden. En worden de punten uit het Woonakkoord voldoende doorvertaald naar beleid? Dat zijn de cruciale vragen. Wat ons betreft is deze woonvisie niet het verhaal dat we als stad nodig hebben op dit moment. Laat ik direct overgaan tot het benoemen van de meest cruciale pijnpunten en onze voorstellen om daarop bij te stellen. Allereerst de omvang van de sociale voorraad, er is al het nodige over gezegd.
Wat een onmacht om in een stad waar zoveel mensen afhankelijk zijn van woningen in het sociale segment niet verder te komen dan: we proberen de absolute omvang in stand te houden. In een groeiende stad betekent dat dat je op voorhand het prima vindt dat het aandeel sociale woningvoorraad verder daalt. Dat is de inzet van deze visie en voor ons onacceptabel. Met een dergelijke ambitie zijn we op weg naar, en de SP noemde het ook al, een Dubai aan de Maas. Ik denk ook, net als wij, naar aanleiding van het programma van Lubach. Een stad voor de rijken en de mensen die de stad bouwen en schoonmaken liggen op een matje of in een stapelbed naast een vliegveld. Totdat ze niet meer nodig zijn. Zo’n stad willen wij niet zijn. We willen het woord 'proberen' ook uit de visie. Want als je daar al mee begint, dan weet je waar het eindigt. Wij vinden het niet acceptabel dat het aandeel sociaal verder daalt. Dan zet je het doel van betaalbaarheid gelijk bij het grofvuil. En daarom twee amendementen die voor ons voorwaardelijk zijn voor steun aan deze visie. Het amendement 'Proberen is geen ambitie' en het amendement 'In een groeiende stad groeit ook de sociale voorraad'. Ik vul dat straks nog aan met een motie 'Sociaal bouwen in rijke wijken', maar die
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
321
dien ik zo dadelijk in bij mijn volgende punt. Dat gaat namelijk over zeggenschap. Wie bepaalt de woonomgeving in zijn of haar wijk? Zijn dat de bewoners of is dat de overheid en zijn dat de ontwikkelaars? Waarvan die mensen vrijwel nooit in die wijken zelf wonen. Met de recente stadsvernieuwingen hebben we steeds weer gezien dat bewoners nooit aan zet zijn maar altijd lijdend voorwerp. Ook in deze visie wordt daar te weinig over gezegd en daarom willen wij meer zeggenschap. Een overheid die betrokkenheid van burgers, inspraak en tegenspraak, beter ondersteunt. Want in een stad komt dat niet vanzelf maar het is wel cruciaal en daarom dienen wij daarover een motie in, 'Meer zeggenschap voor Rotterdammers' en die combineer ik dus met de motie over het vorige punt, 'Sociaal bouwen in rijke wijken'. Voorzitter, dan mijn derde punt. Dat gaat over gezinnen en ouderen in de stad. Er komen steeds meer studio’s, steeds minder woningen voor je geld. We bouwen niet voor de doorstroming. De middenhuur is grotendeels verhotelliseerd en doet het goed bij expats en mensen die even niets anders hebben, met als doel zo snel mogelijk weer naar iets anders te gaan. Dat is ook doorstroming, maar dat is niet de doorstroming die wij voor ogen hadden. Voor de doorstroming kunnen wel de 8000 ouderen met een latente verhuiswens zorgen.
Helaas wil de wethouder geen ambitie uitspreken over hoeveel van deze ouderen zij wil of kan helpen. Daarom komen wij met een motie om hier concrete stappen in te zetten. En dat is de motie 'Verleid empty nestors met aantrekkelijk woonaanbod', en die dien ik zo dadelijk in met een ander amendement. Want de ChristenUnie is voor beter benutten en mooie programma’s om op te toppen, maar niet voor het opknippen en verkameren van de stad. Laten we zuinig zijn op de woningen die we hebben, en op een andere manier voorzien in de huisvesting voor studenten. Daarom dienen wij ook het amendement in 'Verkamering? Niet ten koste van leefbaarheid'. Voorzitter, ik ga door met uw goedvinden. Nog drie specifieke punten die ik wil benoemen. Allereerst de ambitie op dakloosheid. In deze visie en echt, iemand heeft het opgeschreven, streven we ernaar dat er in 2030 zo weinig mogelijk mensen dakloos zijn. Slapper dan dit kan het niet worden. Mijn vraag aan de wethouder is dan ook: waarom heeft de wethouder de ambitie van de rijksoverheid op het gebied van dakloosheid, in lijn overigens met de Europese ambitie, niet overgenomen? Zoals inmiddels meerdere gemeenten in Nederland dat wel doen.
Zijn het de slappe knieën van de wethouder, die ik overigens nog niet ken, of de slappe knieën van de ambtenaren? Dus onze oproep is overigens ook verwoord in een motie van BIJ1 die straks nog ingediend gaat worden. Die ambitie van het rijk willen wij ook in deze visie, namelijk in 2030 willen we dakloosheid hebben beëindigd. Dat is de ambitie en daarvoor moeten we willen gaan. En niet het slappe verhaal dat er nu in staat. Dan het tweede punt, en dat is volgens mij ook een beetje de roze olifant in de kamer. De VOORZITTER. Ja, mevrouw Van Aalst. Mevrouw AAFJES-VAN AALST (lr). Ja voorzitter, ik hoor hier de heer Vonk slappe knieën zeggen, maar is het gewoon geen utopie om te zeggen: joh, we hebben absoluut geen dakloosheid meer in Rotterdam, met de toenemende aanstroom van mensen die richting Rotterdam komen? Het is een mooi streven, maar de ambitie is al het startpunt. Naar nul is gewoon onmogelijk. En het zou knap zijn als het u zou lukken, maar volgens mij zat u in de vorige periode ook in het college, en toen hadden we ook dakloosheid. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Precies voorzitter, maar toen hadden we nog geen Nationaal Actieplan Dakloosheid.
Deze vraag is ook gesteld aan de staatssecretaris, en die zegt: je bent als bestuurder geen knip voor de neus waard als je niet wil zeggen, wij leven in een land waar we in 2030 gewoon geen dakloosheid meer willen hebben. Als je niet eens die ambitie wilt uitspreken, dat is natuurlijk nog wat anders dan een target. Maar als je als bestuurder niet eens die ambitie wilt uitspreken, dan ben je geen knip voor de neus waard. Dat zei de staatssecretaris in antwoord in de commissie. En dat is ook wat ik richting de wethouder zeg. Voorzitter, het tweede punt is die roze olifant in de kamer, namelijk de bouwproductie. Ik schrok er enorm van toen ik kortgeleden een grafiekje zag van de bouwproductie in de G5. In de stad van bouwen, bouwen, bouwen, make it happen, en niet lullen maar poetsen, bungelen wij ver onderaan, echt ver onderaan. Hoe kan dat? Dus de vraag aan de wethouder: hoe komt het dat wij het zoveel slechter doen dan de andere grote steden en hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat we straks weer minimaal een middenmoter zijn? Ik durf al niet eens meer te vragen om daarop koploper te worden. Want met dit tempo gaan we de wooncrisis voor niemand oplossen, in welk segment we ook gaan bouwen. En dan voorzitter, het volgende punt, en dat is over pijler 2 van de Woonvisie. Dat gaat over toekomstbestendige en vitale wijken. Maar zonder verleden geen toekomst,
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
322
en daar spelen beeldbepalende gebouwen een rol in. Al veel van onze karakteristieke stadsgezichten zijn verdwenen of aangetast en tegelijkertijd willen we er graag op meer plekken een verdieping of twee bij. Daarom dienen we een motie in 'Meer gevelbehoud bij optoppen'. Ten slotte voorzitter om af te ronden, u hoorde mijn toon en wij zijn inderdaad echt niet blij met deze woonvisie. Deze woonvisie haalt ons niet uit de wooncrisis, maar drukt ons er verder in. Deze woonvisie is niet voor Rotterdammers van nu, maar voor Rotterdammers die het college graag ziet, en andere moeten daarvoor wijken. Als je denkt dat deze woonvisie goed is voor de stad, dan woon je zelf in een bubbel met hoge muren en een ophaalbrug. De VOORZITTER. De heer Vonk heeft de volgende moties en amendementen ingediend. Motie 19.
Sociaal bouwen in rijke wijken "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; constaterende dat: - er sprake is van een onevenredige verdeling van sociale huurwoningen over wijken; - de Woonvisie streeft naar gemixte wijken met een gevarieerd aanbod qua typologie en prijs; overwegende dat: - afgelopen jaren vooral ingezet is om in wijken met veel sociaal juist duurdere segmenten en typologieën toe te voegen, terwijl het realiseren van sociaal in wijken met weinig aanbod in dit segment niet of nauwelijks is gelukt; - de Woonvisie weinig optimistisch is over de mogelijkheden om sociale huurwoningen te bouwen in rijke wijken en het daarom extra inzet en aandacht vraagt om dat voor elkaar te krijgen; verzoekt het college: - samen met de corporaties in kaart te brengen waar en hoeveel sociale huur kan worden toegevoegd in wijken die nu duidelijk achterblijven qua aandeel sociale huurwoningen; - hierbij te kijken naar mogelijkheden van nieuwbouw, renovatie, herontwikkeling, herverkaveling en het beter benutten van de bestaande ruimte; - dit jaar een uitvoeringsplan te maken hoe de kansen voor sociaal bouwen daadwerkelijk verzilverd gaan worden; - indien noodzakelijk actief grond te verwerven of te helpen verwerven om de plannen te realiseren; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren, T.S.J.
Coşkun, G.J. Engberts en I. Elfilali Motie 20. Geef Rotterdammers meer zeggenschap over wonen en bouwen "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; constaterende dat: - zeggenschap van (potentiële) bewoners over hun directe woonomgeving een onderbelicht thema is in de Woonvisie; overwegende dat: - bewoners vaak het gevoel hebben dat anderen (lees: overheid, markt en corporaties) de stad vormgeven en zij aan de kant staan; - om goed te kunnen wonen het van belang is dat Rotterdammers en potentiële Rotterdammers meer invloed hebben op wat en waar er gebouwd wordt; verzoekt het college: - in elke wijk een Woonconferentie te organiseren om, in samenspraak met wijkraden, inwoners, organisaties en ondernemers, een vertaalslag te maken van de stadsbrede Woonvisie, in
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
323
samenhang met het Wijkprofiel, naar een wijkgericht Woonplan met daarin specifieke ambities en verplichtende afspraken op wijkniveau; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren en T.S.J. Coşkun Motie 21. Verleid empty nestors met een aantrekkelijk woonaanbod "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; constaterende dat: - de Rotterdamse Woonvisie benoemt dat doorstroming kan helpen bij het beter benutten van bestaande woonruimte; - ongeveer 8000 senioren een (latente) verhuiswens hebben; - het college goede eerste stappen zet om deze doelgroep hierin te ondersteunen, bijv.
met de inzet van doorstroomcoaches en seniorenmakelaars; - er daarnaast verschillende (bewoners)-initiatieven zijn die bezig zijn met het ontwikkelen van aanbod voor empty nestors en andere senioren met een verhuiswens; overwegende dat: - doorstroomcoaches en seniorenmakelaars, zowel door hun individuele insteek als hun focus op de bestaande woningvoorraad, slechts in beperkte mate aansluiten bij zulke (bewoners-)initiatieven; - deze initiatieven meestal stuk lopen op een gebrek aan locaties of onvoldoende aantoonbare ervaring en expertise om mee te mogen dingen naar een grondpositie; - het belangrijk is om empty nestors, 55-plussers en pensionado's te behouden voor de stad en tegelijk doorstroming op gang te brengen; verzoekt het college: - om een drietal pilots te organiseren dan wel te faciliteren samen met bestaande of nieuwe initiatieven om wijkgericht en/of doelgroepgericht een aantrekkelijk woonaanbod te realiseren; - de pilots zodanig in te richten dat het verwerven van grond specifiek voor deze initiatieven mogelijk is; - hierbij niet te sturen op segmentering sociaal, midden, hoog, maar op doelgroep, en in het bijzonder met het oog op empty nestors, 55-plussers en pensionado's die een verhuizing overwegen; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren en R.G.C. Segers-Hoogendoorn Motie 22.
Meer gevelbehoud & optoppen "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; constaterende dat: - in oude stadswijken door funderingsproblemen de renovatie van bestaande gebouwen soms niet mogelijk of veel te duur is; - dit vaak leidt tot sloop/nieuwbouw waarbij het karakteristieke gevelbeeld in beeldbepalende stadsgezichten verdwijnt; overwegende dat: - al vele karakteristieke stadsgevels verloren zijn gegaan in oude stadswijken en deze gevels juist zorgen voor het beeldbepalende karakter; - we zorgvuldig willen omgaan met Rotterdams erfgoed; verzoekt het college:
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
324
-
op gebiedsniveau een afweging te maken over de cultuurhistorische waarden, gevelbehoud en optoppen in de oude stadswijken; corporaties nadrukkelijk te betrekken bij deze afweging; hierover begin 2025 terug te koppelen aan raad;
en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, T. de Haan, M. Verhoef, T.S.J. Coşkun, G.J. Engberts en R.G.C. Segers-Hoogendoorn Amendement D. 'Proberen' is geen ambitie "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; besluit als volgt: Pagina 2 "Dat betekent dat er meer woningen moeten komen vooral in het middensegment, waarbij we de absolute omvang van de sociale huurvoorraad minimaal stabiel proberen te houden." Pagina 4 "We streven ernaar de absolute omvang sociale huurwoningen minimaal stabiel te houden en vergroten het aantal woningen in het middensegment, voor zowel huur als koop." te wijzigen in: Pagina 2 "Dat betekent dat er meer woningen moeten komen vooral in het middensegment, waarbij we de absolute omvang van de sociale huurvoorraad minimaal stabiel houden." Pagina 4 "We houden de absolute omvang sociale huurwoningen minimaal stabiel en vergroten het aantal woningen in het middensegment, voor zowel huur als koop."" w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren, T.S.J. Coşkun en I. Elfilali Toelichting Over het op peil houden van de sociale voorraad mag met dezelfde stelligheid gesproken worden als over het middensegment. Amendement E.
In een groeiende stad groeit ook de sociale voorraad "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; besluit als volgt: "absolute omvang" overal in de tekst van de Woonvisie te wijzigen in: "relatieve omvang"." w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren en T.S.J. Coşkun Toelichting In een groeiende stad zal ook de sociale woningvoorraad moeten groeien. Afgelopen jaren is deze al met duizenden woningen afgenomen, zodanig dat het evenwicht dat het 'Meer Evenwicht-scenario' in 2030 verwachtte al in 2020 bereikt was. Met als gevolg duizenden bankslapers en toenemende dakloosheid. Ons richten op het stabiel houden van de absolute omvang holt de sociale woningvoorraad dus elk jaar verder uit ten opzichte van het totaal aantal woningen. Dat terwijl veel Rotterdammers een inkomen hebben waarmee ze in aanmerking komen voor een sociale (huur)woning.
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
325
Amendement F. Verkamering? Niet ten koste van leefbaarheid "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 14 maart 2024 ter bespreking van de Rotterdamse Woonvisie; besluit als volgt (pagina 29): "Regels voor kamerverhuur versoepelen: We versoepelen de regels voor een verplichte kamerverhuurvergunning. Deze gaat van drie of meer personen, naar vier of meer personen." te wijzigen in: "Regels voor kamerverhuur versoepelen: We versoepelen de regels voor een verplichte kamerverhuurvergunning, mits de leefbaarheid daardoor niet in het geding komt."" w.g. T.J. Vonk en R.G.C. Segers-Hoogendoorn Toelichting De wijze waarop de versoepeling van de regels voor kamerverhuur precies vorm moet krijgen is nog onderwerp van gesprek. Daarom wordt de tekst in de Woonvisie aangepast, zodat er ruimte is om op dit punt tot een goede uitwerking te komen. De moties en amendementen zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mijnheer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd). Voorzitter, wat de Rotterdamse VVD betreft is deze woonvisie exact wat Rotterdam nodig heeft. De woningmarkt moet weer resultaten gaan opleveren voor mensen. Voor gewone Rotterdammers, voor de middenklasse, voor al ons goede volk, de harde werkers, de doeners die deze stad dragen, overeind houden. En juist deze groep mensen raakt in de verdrukking.
Deze mensen verdienen dan ook een woonvisie waardoor deze mensen erop kunnen vertrouwen dat er ook voor hen plaats is in Rotterdam. De nieuwe woonvisie erkent dat in Rotterdam ook onder de middeninkomens de woningnood gevolgen heeft. Deze enorme groep mensen heeft veel moeite een woning te vinden en die wordt te vaak weggezet met: die redden zichzelf toch wel? Deze mensen redden zichzelf helemaal niet. Zodra een stelletje meer dan € 3.200,00 per maand verdient, ik haalde het net al aan, komen ze niet meer in aanmerking voor een sociale huurwoning, samen opgeteld. Een politieagent verdient in zijn eentje al € 3.000,00. Een koopwoning is voor veel Rotterdammers ook geen optie. Voor een gemiddelde koopwoning heb je in Rotterdam een inkomen nodig van € 4.500,00. Deze grote groep, die middeninkomens, is dus de groep die gevangen zit tussen de wal en het schip. En juist daarom is het zo goed voorzitter dat er in deze woonvisie nu eindelijk eens prioriteit wordt gegeven aan middeninkomens. Maar liefst 40% van de woningen gaat op termijn in het middensegment worden gebouwd. Bovendien gaan er ook woningen in het hogere, het duurdere segment worden gebouwd. Want een inclusieve en diverse stad heeft ook penthouses en villa’s.
Ook mensen die succesvol worden moeten de kans hebben om in Rotterdam te kunnen wonen en dat is noodzakelijk als wij een stad willen zijn waar ook plaats is voor ambitie. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, ik kan de heer Verweij een heel eind volgen. Dat stel, waar u het over heeft, die iets meer dan € 3.000,00 verdient en boven die sociale norm uitstijgt, die moet drie keer ongeveer het maandloon betalen aan huur. Dat is onbetaalbaar. Waarom is de VVD dan tegen als er voorstellen komen om bij die middenhuur en die middenkoop die u zo graag wilt, de prijzen te reguleren? De VOORZITTER. De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd). Een terechte vraag van de heer Segers-Hoogendoorn. Als je als overheid zegt: je mag maximaal bedrag X vragen voor een huurwoning, dan betekent dat dat het voor marktpartijen minder aantrekkelijk wordt om een huurwoning aan te bieden. Dus waar ik me zorgen over maak, maar waar ook DNB zich zorgen over maakt, de Europese Commissie zich zorgen over maakt, de Erasmus
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
326
Universiteit zich zorgen over maakt, de Raad van State zich zorgen over maakt, is dat die regeling voor middenhuur gaat zorgen voor minder huurwoningen. Dus er zijn wel huurwoningen waarvan de prijs gereguleerd is, maar het aanbod gaat sterk afnemen en daar maak ik me zorgen over. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, dan komt de heer Verweij altijd met datzelfde argument en hij noemt dat rijtje van clubs die zich daar zorgen over maken. En dan zeg ik tegen u: de politiek zou ervoor moeten zijn om veranderingen aan te brengen. We zien een failliet systeem, waarbij de prijzen gewoon de pan uit rijzen, dus ook al die mensen waar u voor zegt op te komen, niet aan een woning kunnen komen. Dan hoort de overheid op te gaan treden. En op de korte termijn kan dat betekenen voorzitter, via u, dat dat misschien ervoor zorgt dat er inderdaad minder in wordt geïnvesteerd. Maar ik heb u ook al eerder gezegd: het is ook de verkeerde en de oude economie waarin u dan investeert als u dat buiten beschouwing wilt laten. Want hoe lost u nu die regulering van de prijzen op, die we echt nodig hebben, binnen dat marktmechanisme waar we nu in leven? De VOORZITTER. De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd).
Voorzitter, op het argument van de heer Segers-Hoogendoorn dat de marktwerking de oorzaak van de problemen zou zijn, kom ik zo meteen nog even terug in mijn bijdrage als u het goed vindt. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, ik neem daar geen genoegen mee, want het is iedere keer als ik een extra vraag stel over die marktwerking, en ik zeg het nu volgens mij heel expliciet, van: oké, dit wijst u af, dat overheidsingrijpen, want u zegt: wij hebben zorgen dat de bouwproductie dan achterblijft. Ik zeg u: wij hebben wat te doen en we moeten als overheid en als politiek juist die eerste stappen zetten. Iedere keer als ik de heer Verweij dan vraag: wat is dan uw oplossing om ervoor te zorgen dat die prijzen niet de pan uit blijven rijzen, dan zegt hij iets zoals nu, van: ik kom daar straks op terug. Nee, ik wil dat hij daar gewoon nu op terugkomt, want dit is het falen van de markt en wat is uw oplossing daarvoor? De VOORZITTER. De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd). Voorzitter, volgens mij kent niemand mij in deze raad als iemand die wegloopt van een lastige vraag en daar geen antwoord op geeft, dus dat is flauwekul die ik naast me neer ga leggen. Het antwoord op mijn vraag is: als je de prijs naar beneden wil brengen moet je het aanbod omhoog brengen.
Dus dan moet je zorgen, een wijs kamergenoot van onze fractie zie het al: bouwen, bouwen, bouwen. Veel meer woningen, veel meer aanbod, dat brengt de vraag naar beneden en dat is het antwoord op uw vraag. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja, met permissie, dat is geen antwoord op mijn vraag. Want wat ik namelijk zeg: u zegt dat die bouwproductie dan omhoog moet. En u zegt: ik maak me dan zorgen dat er door ontwikkelaars niet meer in wordt geïnvesteerd. Ik zeg dan: ik kan me voorstellen dat het op de korte termijn problemen gaat opleveren, want we gaan namelijk van een oude, niet-werkende economie naar een hopelijk nieuwe wel-werkende economie. Dat geld moet dus op een andere manier ergens vandaan komen. Ik heb ontwikkelaars gesproken in dat hele traject van het Woonakkoord die bereid zijn om dan te investeren. Ik kan uw zorgen voor een deel delen, maar dan zeg ik: we moeten het wel doen. Politiek is ook durf. En u zegt dan: nee, ik blijf daar meteen bij weg, want het is de oude economie die dan geraakt wordt. En dat is volgens mij te kort kijken en u geeft daar steeds geen antwoord op. De VOORZITTER. De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd). Voorzitter, ik heb gewoon het economisch besef dat prijs, vraag en aanbod communicerende vaten zijn en de realiteitszin dat je niet zomaar kan zeggen: we gaan marktwerking
raadsvergadering van 14 maart 2024
Notulen pagina
327
afschaffen. We zwaaien met een toverstafje en we noemen het volkshuisvesting en betaalbare woningen komen als vanzelf uit de grond spuiten. Dat is niet hoe het werkt. Het feit is, mijnheer de voorzitter, dat uiteindelijk marktpartijen hard nodig zijn om te gaan bouwen. Het is niet de overheid die woningen bouwt, het zijn marktpartijen. Investeerders, projectontwikkelaars. Dan kan mijnheer Segers-Hoogendoorn het heel vervelend of moreel verwerpelijk vinden dat je geld verdient met het investeren in woningbouw, maar juist die partijen hebben we nodig. Ik kan zo beleidsvoorstellen doen voorzitter, om marktwerking helemaal af te schaffen. Dan verdient niemand ooit nog een keer een boterham met het investeren in woningbouw. Maar je kan best vinden, er zijn partijen die dat vinden, dat je met een basisvoorziening zoals een woning niets mee hoort te verdienen. Daar hoor je geen geld mee te verdienen. Dat is een basisbehoefte. Ik vraag die mensen of zij vanavond bij Albert Heijn wel of niet gaan afrekenen voor lasagnebladen en tomatensaus. Marktpartijen zijn uitstekend in staat om te voorzien in een basisbehoefte. De markt functioneert nu niet goed. De overheid moet daarin helpen, bijsturen, reguleren en investeren. Dat zijn oplossingen die ik aandraag. Dus het verwijt: mijnheer Verweij heeft geen enkele oplossing en zegt dat het zomaar door moet gaan, flauwekul. De VOORZITTER.
De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, ook dit doet de heer Verweij iedere keer hè, als ik zo’n eerlijke vraag stel. Dan zegt hij dat ik de marktwerking wil afschaffen. Ik heb dat nooit ergens gezegd, en u kunt het ook teruglezen allemaal. Ik heb dat nooit beweerd. Het enige wat ik zeg, en volgens mij zegt u dat in uw laatste bijzin ook, is dat als de markt faalt en helemaal als de markt faalt op een publieke voorziening, dan hoort de overheid in te grijpen. Dat zijn wij. Wij zitten hier aan de knoppen. Dan moeten we dus ingrijpen. Dat vindt u een vies woord, regulering, maar ik hoorde het u net wel even in de opsomming zeggen. Ik ben heel benieuwd met welke reguleringsvoorstellen u dan komt, want mijn vraag begon met: als er dan regulering op de prijzen komt in dat voor u zo belangrijke middensegment, dan stemt de VVD tegen. De VOORZITTER. De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd). Voorzitter, ik vind het bijvoorbeeld een best redelijk ingrijpen van de overheid dat we zeggen: X percentage van de woningbouw moet in een bepaald segment vallen. Dat moet niet in beton gegoten zijn, want als het op een gegeven moment niet meer uitkomt dat zo’n vereiste over betaalbaarheid, dat er in dat segment gebouwd wordt, dan moet je daar wat flexibeler mee omgaan.
Maar dat een gemeente in beginsel eist: 40% van de woningen moet in het middensegment vallen en 25% in het sociale segment, daar ben ik een groot voorstander. En voorzitter, dat is best een ingrijpende ingreep in de markt. Dat de overheid zegt: marktpartijen, dit moeten jullie bouwen. De VVD is daar voorstander van. Dus het idee dat ik voor een soort ongebreidelde marktwerking ben en tegen overheidsregulering in welke vorm dan ook, is niet waar. De VOORZITTER. Er zijn nog meer mensen die een interruptie willen plegen. De heer SegersHoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Nou ja, afrondend en concluderend dan. Ik vind het gewoon laf van de VVD. Ik wil dat woord gebruiken, want waar u nu net mee komt, dat is heel vaag. En waar wij de VVD nu juist vaak als partner in hebben, is dat je als overheid, naast dat je af en toe moet ingrijpen, ook één heel belangrijk ding nog te doen hebt, misschien nog wel belangrijker, en dat is duidelijk en straight zijn, zodat ook die marktpartijen weten waar ze aan toe zijn. Duidelijke wetgeving, dat je weet waar je aan toe bent. Wat u zegt, in allerlei bijzinnetjes om toch nog iets van een oude economie te redden, is onduidelijk en het is uiteindelijk laf en het is niet ingrijpen, en het bereikt niet wat we nu moeten bereiken.