CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20231506 - Notulen van de raadsvergadering van 15 juni 2023

Gemeenteraad 15 juni 2023, gemeente Rotterdam61.499 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

De heer Coşkun. Excuses, er is nog een vraag aan u. mijnheer Roskam. De heer ROSKAM (lr). Ja, goed even een technisch punt. Mevrouw Verkoelen geeft aan dat er geen enkel collegetarget gehaald is. Ja, kijk, ik zie hem al opzitten en glunderen, dus hij weet wat er gezegd gaat worden denk ik dan. Het collegetarget Minder Rotterdammers in de bijstand, heeft u dat gelezen mevrouw Verkoelen?

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1048

Mevrouw VERKOELEN (50+). Jazeker, dat is ook het enige onderwerp dat ik niet aangehaald heb. Dat heeft u goed in de gaten gehad. De heer ROSKAM (lr). U zei dat de collegetargets niet zijn gehaald. Er zijn wel degelijk collegetargets gehaald, dus iets zuiverder. Via de voorzitter. Mevrouw VERKOELEN (50+). We wachten nog drie jaar af, maar één wethouder heeft één target gehaald. Wees er maar trots op, 0,001% van uw doelstellingen. De VOORZITTER. Waarvan akte. Mijnheer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, en over drie weken gaan we het er weer over hebben en dan zal blijken dat het aantal mensen in de bijstand helaas weer gestegen is, mijnheer Roskam. Maar ja, daar gaat het vandaag niet over. Na 50PLUS en tien andere voorgangers mag ik namens de SP ook wat zeggen over de jaarrekening en dat valt niet mee na de stevige taal van mevrouw Verkoelen van zojuist en collega Moti van vanochtend. Maar voorzitter, hij is er nu niet, hij is weggelopen, maar wat heeft tante Jo uit Pendrecht hieraan? Die vraag werd gisteren door collega De Waard van Leefbaar Rotterdam gesteld in deze raadzaal en die vraag zou ons eigenlijk elke keer moeten bezighouden. Wat heeft tante Jo uit Pendrecht eraan? Voorzitter, ergens tussen Ameland en Zeeland woont de gemiddelde Nederlander en dat is dan dus niet in Utrecht, maar iets naar het zuidwesten en in Rotterdam dus.

Dan heb je ook nog zoiets als de gemiddelde Rotterdammer en die woont dus in Pendrecht voorzitter. Pendrecht is vanaf het Amelandseplein, waar u elke week zitting houdt, makkelijk te vinden, want bij de lunch wandelt u dan richting de zon, dwars door het Zuiderpark richting het Vlissingenplein en daar ligt Pendrecht. Pendrecht met een natte t, zou collega De Waard zeggen. Op de Boerenzij dus, de linkeroever die ooit bebouwd werd voor de gastarbeiders uit Brabant, Zeeland, Twente en nog zo wat streken. Soort economische vluchtelingen zouden wij dat nu noemen. Naderhand werden dat gastarbeiders en we hebben daar een hele wijk voor gebouwd op de linkeroever. Daar woont tante Jo. Nu vraagt u zich natuurlijk af: hoe ziet zij er dan uit, die tante Jo? Nou voorzitter, ga eens kijken bij het CS op het Stationsplein. Daar staat sinds twee weken een beeld, ꞌMoments Containedꞌ van Thomas J. Price. Dat is tante Jo. Ze is net gearriveerd met de metro vanaf de Slinge in Pendrecht. Ze heeft zojuist haar broer, ome Joey, uitgezwaaid, die de metro nam naar Hoek van Holland, want dat kan nu weer. Zelf staat zij te wachten op tram 7 naar Kralingen om naar haar zwager, ene Achmed of Ahmed te gaan. Maar die tram is helaas net wegbezuinigd door wethouder Karremans. Dat wachten kan dus lang duren, want ze staat daar wel, onze tante Jo uit Pendrecht. De authentieke Rotterdammert, met een natte t.

Voor haar doen we het allemaal hier. Zij die daar staat is een getrouw beeld van de gemiddelde Rotterdammer. De jaarrekening 2022 moet ook een getrouw beeld geven. Het beeld van de inkomsten en uitgaven van de gemeente Rotterdam. Dat is ook getrouw, zegt de accountant, dus dan zal het wel waar zijn. Met de rechtmatigheid zit het dus wel goed. Ook de COR is positief. Onze COR, de commissie tot onderzoek van de rekening. Alle lof en dank aan deze belangrijke commissie van de gemeenteraad van Rotterdam, de belangrijkste commissie. Dank aan de collega’s Biljoen, Elbay, Lansink, Roskam en Rozema en natuurlijk heel hun ambtelijke ondersteuning. Zij hebben ons wijze adviezen gegeven en wij moeten ervoor zorgen dat zij volgend jaar niet in herhaling hoeven te vallen. 2022 was, het is al eerder gezegd, een beleidsarme begroting dus relatief simpel, maar de werkelijkheid is nooit echt simpel en volgt ook nooit exact de begrotingen. We kwamen net uit de corona en toen moesten we ineens Oekraïners onverwachts opvangen. Goed gedaan, oude college. Deze raad is verantwoordelijk voor negen maanden van 2022 en die beleidsarme begroting is wel onze collectieve erfenis van onze voorgangers. Hebben wij het goed gedaan? Heeft tante Jo uit Pendrecht er iets aan gehad? Heeft tante Jo er iets van gemerkt dat er verkiezingen waren

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1049

en er dus een nieuwe ronde met nieuwe kansen was? Nog niet echt voorzitter. Want het nieuwe college ging, gesteund door de meerderheid in de nieuwe gemeenteraad, vooral op de oude voet verder. PvdA en GroenLinks eruit, en DENK en Leefbaar Rotterdam erin. En de nieuwe coalitie besloot vooral om niets te veranderen en gewoon met alles door te gaan onder de voortgezette leiding van de VVD en haar liberale hulpje D66. En van dat jaar 2022 bespreken we dan vandaag de cijfers. Ze geven elkaar ook de hand. We hebben hier trouwzalen, daar kunnen jullie zo naartoe, mijnheer Lansink en mevrouw Maassen. Wat ik al zei, met de rechtmatigheid zit het wel goed, zegt de accountant. Maar er moet nog wel het een en ander verbeteren, zegt onze eigen COR. En als zij dat zeggen dan is dat ook zo. Ik zat zelf twaalf jaar in de COR, waarvan ik acht jaar ook nog voorzitter was. Maar mijn naam was toen nog Cor-nelissen, en ik weet er dus alles van. Maar naast de rechtmatigheid heb je ook nog zoiets als effectiviteit en doelmatigheid. De accountant kijkt of het geld voor fietspaden wel besteed is aan fietspaden. Dat is rechtmatigheid. Maar of het fietspad op de juiste plek ligt en dus effectief is voor het gestelde doel, dat is een politieke vraag die wij als gemeenteraad moeten beantwoorden.

En of we voor hetzelfde geld niet veel meer fietspad hadden kunnen neerleggen of voor minder geld hetzelfde fietspad, is ook een politieke vraag waar de accountant zich niet aan brandt en die op ons bordje ligt. Want dat gaat over doelmatigheid. Die effectiviteit en doelmatigheid staan vandaag ter discussie en die vragen, zeg ik maar tegen iedereen, en de heer Lansink zal het beamen, zijn nog niet zo simpel te beantwoorden als tante Jo uit Pendrecht daar om mocht vragen: hoe zit het met de effectiviteit en doelmatigheid? Wie geeft het antwoord? Ze zijn wel belangrijk, die antwoorden uit 2022, want we moeten daarvan leren voor het lopende jaar en voor het komende jaar, 2024. Dan gaat het niet meer over een beleidsarme begroting van de vorige gemeenteraad en het vorige college, maar wat deze gemeenteraad en dit college willen en bereiken. Kunnen we met diezelfde netto € 4 miljard niet veel doelmatiger of effectiever omgaan, in het belang van tante Jo uit Pendrecht, ome Joey uit Hoek van Holland, zwager Ahmed uit Kralingen en die uit Zwijndrecht. Dat zijn de vragen die de SP zich elke dag stelt en op 4 en 6 juli bij de Voorjaarsnota komen we weer met enkele van onze antwoorden en voorstellen, en u allen ook, en de goede zullen we steunen. Want Rotterdam doet zijn best, maar het kan nog zoveel beter.

Laten we dat dan ook doen en tante Jo uit Pendrecht helpen bij het verwezenlijken van haar dromen, een mooier en leefbaarder Rotterdam waar respect is voor ieders menselijke waardigheid op basis van de gelijkwaardigheid van alle Rotterdammers. En dat kan alleen als wij de solidariteit tussen al die diverse Rotterdammers organiseren. Aan ons de taak om al die Rotterdammers te overtuigen dat meedoen doelmatig en effectief is. Tenslotte is Rotterdam onze stad en alleen samen kunnen we er iets moois van maken. De VOORZITTER. Ik dank u zeer. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, dank. Het moment waarop u allemaal al uren zit te wachten natuurlijk, de eerste termijn bij de rekening van het CDA Rotterdam. De locoburgemeester zei terecht in het begin: dit is een jaar waarin het stokje is overgenomen van een vorig college en er is tijd nodig om zoals hij dat volgens mij zei, maar het kan ook zijn geweest dat het de wethouder Financiën was die dat woord gebruikte, de mammoettanker moet iets van koers wijzigen. Maar de vraag is natuurlijk waar we dan die koerswijziging zien. Want waar het hier op neerkomt voorzitter, en dat hebben vele partijen al gezegd, is dat we hier vooral terugkijken zonder enig houvast. Want er ontbreken op eigenlijk de meeste terreinen indicatoren en streefcijfers.

Dus de simpele vraag die een volksvertegenwoordiging zichzelf moet stellen als de rekening voorligt is: is beleid effectief, behalen we de doelen die we beogen? Dat is wat wij als raadsleden moeten doen en daarover moeten wij het college verantwoording vragen. En dat kunnen we niet doen, want waar de indicatoren ontbreken wordt de volksvertegenwoordiging het bos ingestuurd en dat

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1050

vind ik toch wel heel treurig. Ik ga een aantal dingen aanstippen voorzitter en ik heb daarbij ook twee moties. Over armoede en schulden. We zetten middelen van het Armoedefonds in ten behoeve van de gezinsaanpak. Maar er zijn weinig indicatoren voor ons als raad om effectief te kunnen bepalen. Het is er namelijk één. In de commissie beloofde de betreffende wethouder in de Voorjaarsnota meer indicatoren. Maar helaas, we hebben de Voorjaarsnota mogen lezen, het is er nog steeds maar één. De vraag is dus aan de wethouder Armoede en schulden: hoe wil de wethouder de effectiviteit van welke aanpak dan ook kunnen laten zien en aantonen? In andere gemeenten voorzitter lukt dit namelijk wel en daarom deze motie, die ingediend wordt met bijna de voltallige oppositie. ꞌEén indicator, dat is pas armoedeꞌ. Het beleidsplan armoede en schulden laat overigens ook nog steeds op zich wachten. Dan ga ik naar samenleven. Ook hier weinig houvast om de effectiviteit van bijvoorbeeld antidiscriminatieaanpak te bepalen, waar best wel veel aandacht naartoe gaat, als we het moeten geloven. De vraag is dan dus ook: wordt er gekeken om samen met het landelijk expertisecentrum hierin op te trekken of kan bijvoorbeeld de Rekenkamer hier onderzoek naar doen. Die vraag heb ik aan de wethouder over samenleven. Economie. Er is veel aandacht voor economische groei na corona.

Dat is mooi en het is ook fijn dat we eindelijk weer vooruit kunnen kijken. Maar we zien weinig tot geen aandacht voor kleine lokale ondernemers en u weet inmiddels van ons dat wij daar altijd op letten. Bijvoorbeeld als het gaat over ondernemers die in de buurt zitten van veel bouwwerkzaamheden, die we gelukkig in de stad heel veel hebben. Die ondernemers hebben te maken met langdurige overlast en vaak ook teruglopende klandizie om die reden. Maar ook de marktkooplui, die als het goed is ook bij u aan de bel hebben getrokken deze week, worden voortdurend door de bouwwerkzaamheden, ook nog in de toekomst, Rotta Nova, de bieb wordt gerenoveerd, gehinderd. En wij vinden dat voor ondernemers die te maken hebben met dat soort werkzaamheden vlakbij, aandacht moet zijn. En daarom voorzitter hebben wij de motie ꞌBouwen, bouwen, bouwen, maar sloop de ondernemer nietꞌ. Ik ga nog langs een aantal beleidsthema’s. Veiligheid. Het aantal cyberincidenten is verdriedubbeld. En de inzet op grotere bewustwording van de gevaren voor Rotterdammers is wel gedaan, maar we vragen ons af wat daar dan het effect is. Kunnen we dat al zien? Er is wel een grote afname van het zogenaamde aantal high impact crimes.

De vraag die dat bij ons oproept is dus of het zo zou kunnen zijn dat de criminaliteit zich verplaatst naar het digitale domein? En wanneer gaan we in het digitale domein spreken van high impact crimes? We hebben deze week nog een voorbeeld gezien. Sport en recreatie. Veel onderbesteding op het programma Lekker Fit!, een echt Rotterdams programma, dat al jarenlang in de lucht is en heel belangrijk is voor kinderen. Die onderbesteding zou te maken met het moeilijk kunnen vinden van mensen op de arbeidsmarkt. En scholen geven aan minder Lekker Fit!-lessen te doen of er zelfs helemaal mee te stoppen. De vraag aan de wethouder is dus wat de inspanningen van de wethouder zijn op dit terrein, want hier wordt mogelijkerwijs het kind met het badwater weggegooid. Voor wat betreft zorg, welzijn en de wijkteams, wil ik focussen op de jongerenhubs. Er zijn er een paar gerealiseerd, vijf, als ik het uit mijn hoofd goed zeg, en ik vraag me af of er al iets te zeggen is over de effectiviteit ervan. Nog drie terreinen voorzitter. Onderwijs. We zien prima resultaten en er wordt gewerkt aan de zogenaamde schil om de school. Maar de vraag is, en dat zien wij niet terug, wordt hierbij ook gekeken naar kleinere wijkgerichte initiatieven die hier een rol kunnen spelen? Bijvoorbeeld zoiets als de Katrol, een organisatie die scholen en ouders helpt met leerondersteuning.

Heeft de wethouder dat soort wijkgerichte initiatieven in kaart en hoe worden die betrokken bij het beleid van schil om de school? Cultuur, dat is eigenlijk één groot dramaverhaal als het gaat over de rekening. We hebben geen enkele indicator en geen cijfers over cultuur voor alle Rotterdammers. We hebben één indicator op aantrekkelijke en veerkrachtige stad en we hebben geen indicator op evenwichtig cultureel ecosysteem. Wat kunnen we in godesnaam zeggen over cultuur met deze stukken voor? Ten slotte bouwen. We missen doelen of indicatoren op belangrijke dingen zoals toekomstbestendige woningvoorraad en verduurzaming en bijvoorbeeld, en

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1051

daar wil ik de wethouder specifiek naar vragen, funderingsproblematiek. Over mobiliteit voorzitter, het OV en autoverkeer, over wonen, de nieuwe woonvisie en over klimaat komen we nog uitgebreid te spreken tijdens de Voorjaarsnota. Tot zover, dank. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn heeft de volgende moties ingediend. Motie 4. Eén indicator, dat is pas armoede ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 15 juni 2023, ter bespreking van agendapunt 4: Verantwoordingsdebat; constaterende dat: - het college maar één indicator voor armoede- en schuldenbeleid heeft vastgesteld; overwegende dat: - de gemeenteraad van Rotterdam haar controlerende taak niet voldoende uit kan voeren als de gemeentelijke uitgaven niet af te wegen zijn tegen een duidelijke en vastgestelde set aan indicatoren voor deze collegeperiode; - de aanpak van armoede- en schuldenproblematiek verder reikt dan enkel het starten van schuldregelingen, en dat bijvoorbeeld ook kinderarmoede gemonitord moet worden; - er voldoende wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar armoede-indicatoren; - andere gemeenten, waaronder Arnhem en Groningen, breed dekkende sets van indicatoren inzetten om armoedebeleid te monitoren; - Rotterdam meer ambitie moet tonen in haar doelstelling voor de aanpak van armoedeproblematiek; verzoekt het college: - een breed dekkende set aan indicatoren op te stellen om de

effectiviteit van het armoedeen schuldenbeleid in de huidige collegeperiode meerjarig te kunnen monitoren; - deze indicatoren voortaan mee te nemen in de planning-en-controlcyclus; - hierover terug te rapporteren aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. R.G.C. Segers-Hoogendoorn, L.S. Vlieger, S. Reitema, S. van de Peppel, M.S.S. de Jong, T.J. Vonk, l. Elfilali, P.J.H.D. Verkoelen en T.S.J. Coşkun Motie 5. Bouwen, bouwen, bouwen, maar sloop de ondernemer niet ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 15 juni 2023, ter bespreking van het debat over 'vaststellen van de jaarrekening 2022'; constaterende dat: - in Rotterdam op veel plekken wordt gebouwd; - bouwwerkzaamheden vaak van langere duur zijn; - bouwen essentieel is en hoort bij Rotterdam, maar de negatieve gevolgen er ook zijn; overwegende dat: - (langdurige) bouwwerkzaamheden negatieve gevolgen hebben voor aanpalende lokale ondernemers (zoals bijvoorbeeld werkzaamheden aan de Roseknoop voor de Beijerlandselaan en werkzaamheden op de Binnenrotte voor de markt);

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1052

verzoekt het college: - lokale ondernemers nabij langdurige bouwwerkzaamheden actief te ondersteunen in de hinder en negatieve gevolgen die zij daarbij ondervinden en deze vormen van ondersteuning op te nemen in het MKB-beleid (bijv. het MKB-actieplan); en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. R.G.C. Segers-Hoogendoorn, M.S.S. de Jong en M.H. Biljoen De moties zijn voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mijnheer Oostdijk. De heer OOSTDIJK (fvd). Voorzitter, ons land verzuipt in allerlei crises. De nasleep van de coronamaatregelen is nog merkbaar voor zowel de inwoners als voor de ondernemers, alsmede de stijgende energieprijzen als gevolg van een oorlog ver weg, waar we ongewild in worden meegetrokken. In Rotterdam gaat het gelukkig iets beter. Hoewel Forum voor Democratie pas een jaar in de raad zit, zijn wij zeer te spreken over de manier van besturen van dit college van Leefbaar Rotterdam, VVD, D66 en DENK. Zijn er zaken die we graag anders hadden gezien? Uiteraard. Maar zoals collega’s hier al meermaals hebben aangegeven, moeten er compromissen gesloten worden, anders valt een coalitie uit elkaar. Het is geven en nemen. Voorzitter, er zijn dingen waar wij als Forum voor Democratie ons prima in kunnen vinden, zoals de limiet van 500 asielzoekers in de stad.

En nee voorzitter, dit is niet xenofoob, racistisch of wat voor label men er ook denkt op te kunnen plakken. Het is simpelweg niet praktisch om alle asielzoekers uit Ter Apel en Oekraïne hier te huisvesten in Rotterdam. Het is bovendien een landelijke aangelegenheid. Het rijk heeft deze problemen veroorzaakt, mag het ook oplossen. Rotterdam heeft de middelen gewoon niet om dit te realiseren. Voorzitter, ik gaf eerder aan dat er dingen zijn die wij liever anders hadden gezien. Welke dingen zijn dat dan? Ik noem een paar voorbeelden. Het kan inmiddels geen verrassing meer zijn, maar Forum voor Democratie ziet graag veel minder geld naar klimaatplannen gaan. Door lastenverzwaring voor burgers en het verhogen van belastingen is niet opeens het klimaat gered. Gewoon stoppen met de meeste zaken die in de klimaatplannen staan. Ook het invoeren van betaald parkeren is funest voor een flink aantal Rotterdammers in deze dure tijden. Verder is het een beetje raar om aan de ene kant de stad autoluw te willen maken en automobilisten weg te pesten en uit de stad door bijvoorbeeld diverse verkeersexperimenten, en aan de andere kant te bezuinigen op OV met als resultaat dat de dienstregeling wordt afgeknepen. Verder zien wij graag meer geld voor handhaving en veiligheid.

Het streven van het college is nobel, maar het kan altijd beter, gezien bijvoorbeeld de vooralsnog aanhoudende explosiegolf. Collega Roskam noemde ook al de OV-surveillanten en de pleinstewards, wat Forum voor Democratie betreft absoluut geen overbodige luxe. Kortom, meer geld en meer middelen beschikbaar voor veiligheid op straat. Het zijn te veel dingen om op te noemen voorzitter, maar dit is voor ons belangrijk en we vinden het fijn dat het college hiermee aan de slag gaat. Wij kijken uit naar de resultaten. De collega’s van Volt en CDA gaven al eerder aan: ook wij denken niet voldoende investeringen terug te zien op het vlak van digitalisering en met name de opmars van AI in diverse toepassingen en ook het gebruik van AI in de verhoging van de weerbaarheid tegen cyberaanvallen. De vraag aan de wethouder is of dit beeld klopt, en zo ja, of het in de toekomst wat meer aandacht zou kunnen krijgen. Tot slot voorzitter, wij beseffen dat dit een bijdrage op hoofdlijnen is. Het is de eerste keer voor ons dat we mee mogen doen aan een verantwoordingsdebat en we kunnen nog niet de diepte in op de diverse onderwerpen. Daarnaast waarderen wij de mogelijkheid om mee te kunnen denken en we hebben vandaag

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1053

handvaten gevonden voor een meer gedetailleerd betoog in de aankomende vergadering. Dank. Tot zover. De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Volgens mij hebben we nu alle fracties gehad. Dat klopt. Ik kijk het college aan of het college direct tot beantwoording over kan gaan. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Mag ik u voorstellen een klein kwartiertje te schorsen? Dan begint het college daarna aan de beantwoording in de eerste termijn. Ik schors tot 14.45 uur. (De vergadering is geschorst.) Heropening De VOORZITTER. Ik heropen de vergadering. Mag ik u verzoeken te gaan zitten? Ik heb een beetje stilte in de raadzaal nodig. Aan de orde in de eerste termijn de beantwoording van de zijde van het college. We beginnen als eerste met wethouder Struijvenberg. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Helemaal goed voorzitter, dank u zeer. Dank ook voor alle bijdragen van de raad. Inderdaad, een gebroken jaar, 2022. En natuurlijk wel belangrijk om met elkaar het gesprek te voeren over wat de resultaten zijn, maar het is natuurlijk politiek gezien bijzonder om terug te kijken op een jaar waarin er een collegewissel heeft plaatsgevonden. Voorzitter, er zijn redelijk wat vragen gestuurd. Een aantal daarvan voor mij. Ik zal ze vandaag nu even met u langslopen. Dan moet ik even goed scrollen door mijn aantekeningen en dan begin ik denk ik bij de heer Biljoen.

Dat was niet echt een vraag, hier wel. Hij heeft een aantal dingen gezegd, en anderen eigenlijk ook hoor, over doelstellingen en de realisatie daarvan en hoe dat verder komt. Misschien moet ik die dan maar nemen. Dat is een wat andere volgorde dan je vaak doet. Maar dan begin ik eigenlijk met motie 3, want die gaat er dan vervolgens ook over. Afrekenbare doelen en zet dat in de P&C-producten. Want er zijn een aantal doelen gesteld en die worden ook gemonitord en in de jaarrekening komen die natuurlijk ook terug. Maar we zien tegelijkertijd dat er soms dan een leeg vakje staat. Dat is waar. Overigens is dat niet nieuw. Ook in de jaarrekening van vorig jaar bijvoorbeeld op het onderwerp uitstoot van stikstofdioxide, om er maar een te noemen, daarin stond niet de realisatie van 2021. Sterker nog, die van 2020 stond niet eens in de jaarrekening van 2021. En ik denk dat ik me wel kan voorstellen waarom dat kan zijn. Het is nu eenmaal zo dat niet alle data ieder jaar beschikbaar zijn of bij het opmaken van de jaarrekening beschikbaar zijn. Soms ben je ook afhankelijk van externe partijen, de DCMR bijvoorbeeld in het onderhavige geval dat ik noemde. Dus het lijkt mij op zich best goed om te kijken of we er iets in timing in kunnen verbeteren waardoor er meer in gezet kan worden. Want de vraag vind ik op zich niet gek.

Maar ik vind het ook niet gek om van u te vragen, zoals te doen gebruikelijk lukt dat niet altijd, dus heb daar begrip voor. En daarom zou ik motie 3 willen ontraden voorzitter. Dat was iets waar veel partijen het over hebben gehad. Ik hoop dat deze uitleg tot tevredenheid stemt. De VOORZITTER. Mevrouw Bokhove. Mevrouw BOKHOVE (gl). Nou, ik zie dat de eerste indiener van die motie er niet is, dus die kan u niet van repliek dienen. De wethouder geeft aan dat er op een aantal punten niet gemeten kan worden en dat dat de reden is dat die vakken dan niet ingevuld zijn. Maar we zien ook in deze jaarrekening punten die wel bekend zouden moeten zijn, maar waar eigenlijk ook de huidige doelstellingen niet aan gekoppeld zijn. Het kan niet zomaar zijn dat al die open vlakken onder deze reden vallen. Ik denk dat het toch heel belangrijk is om wel vast te houden aan een goede P&C-cyclus met doelstellingen die meetbaar zijn. Dus ik vind

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1054

het in ieder geval heel belangrijk om dat nogmaals te onderstrepen en ik hoop ook dat dat draagvlak breder in de raad kan krijgen, ook al heeft het dat dan niet van de wethouder. De VOORZITTER. De heer Roskam. De heer ROSKAM (lr). Ja, ik begrijp de vraag. De vorige keer hadden we een motie van mevrouw Van Groningen van de VVD die ging over de Methode Duisenberg op het target dienstverlening, meen ik uit mijn hoofd. Die zit volgens mij voor afdoening in Q3 of Q4, dat weet ik even niet zeker, Q4. Maar waar we het toch steeds met elkaar over hebben is de doeltreffendheid, de meetbaarheid van die maatregelen. Dus misschien is het een mogelijkheid als die motie afgedaan gaat worden, dat we dan weten hoe doeltreffend welke methode is, dat de wethouder dan eigenlijk verdergaat met dat werk, maar dan ook over de andere beleidsvelden, en dat er vervolgens bij de doelstellingen wel gevulde vakjes met een toelichting kunnen komen, of niet gevuld maar dan in ieder geval met een toelichting. Is dat dan een mogelijkheid? De VOORZITTER. Wethouder. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Ja, we hebben het daar in de commissie Financiën even over gehad. Want inderdaad, het is een lange geschiedenis van de wens van deze gemeenteraad, van alle partijen volgens mij en op zich ook colleges overigens, om ernaar te kijken of je meer outcome versus output kunt meten en volgen met elkaar.

De Methode Duisenberg was daar inderdaad een voorbeeld van, een aantal jaren geleden en nu is er een motie Van Groningen-Elbay, die het college oproept om op het gebied van dienstverlening te kijken naar doelmatigheid en doeltreffendheid, af te doen inderdaad in Q4 van dit jaar. Het leek mij dus handig, heb ik in de commissie verteld, om rond die tijd met elkaar eens te kijken hoever we daar nu in zijn gekomen en of dat ook aanknopingspunten biedt voor andere beleidsterreinen. Dat lijkt mij zinvol. Ik weet dat het ingewikkeld is, simpelweg vanwege het feit dat dit al vaak geprobeerd is, op zich een brede wens in de raad, dus door de jaren heen, maar het toch wat lastig lijkt om daar echt handen en voeten aan te geven. Ik ga wel met goede zin daar mijn best voor doen, maar dan hebben we in Q4 met elkaar een gesprek over: is dat nu een beetje gelukt of hoe loopt dat dan en wat betekent dat voor andere beleidsterreinen? De heer Roskam vraagt daarnaast, daar waar er geen meting is opgenomen, een leeg vakje in de jaarrekening zullen we maar zeggen, zet er dan in waarom het niet is gelukt. Dat ik vind op zich wel een nuttige suggestie. En dan zijn we ook meteen van het probleem af dat mevrouw Bokhove aankaartte, want als het dan wel bekend is, zet je het er dus in. Als het niet bekend is, dan leg je uit waarom niet. Daarom staat die er niet in.

En dan is er nooit meer een leeg vakje, want dan heb je of een meting of een verklaring waarom het niet beschikbaar is op dat moment. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja voorzitter, dat lijkt mij sowieso al een goede verbetering. Maar hoe staat de wethouder er tegenover om niet meer dat soort indicatoren te kiezen, maar wel indicatoren te kiezen die we wel kunnen meten, waar we wel van kunnen zeggen: dit is het resultaat van onze inspanningen. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Dat is echt een vraag die per vakwethouder zou moeten worden gesteld. Ik zeg niet: het kan niet, je moet geen indicator kiezen die maar eens in de twee jaar gemeten wordt, dat moet je nooit doen. Dat zeg ik niet. Maar of er een vakwethouder, een bestuurder is die dat doet en of u dat dan wenselijk vindt, is uw gesprek

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1055

met de bestuurder die van die doelstelling is. Dat is niet meer een gesprek voor mij. Ik zeg niet in zijn algemeenheid dat wij dat nooit zouden moeten doen. De VOORZITTER. De heer Biljoen. De heer BILJOEN (gl). Voorzitter, dan wil ik de vraag gelijk doorgeleiden naar alle leden van het college, of zij die kunnen beantwoorden in hun beantwoording. De VOORZITTER. Wethouder. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Voorzitter, ik begrijp waarom de motie is ingediend. Ik ontraad hem met de redenen die ik heb genoemd. Ik heb een toezegging gedaan richting de heer Roskam, die zei: vul dan in ieder geval in waarom het niet lukt. En ik heb u in het vooruitzicht gesteld in Q4 de afdoening van de motie Van Groningen-Elbay, kijken hoe ons dat verder zou kunnen brengen in output versus outcome en doelmatigheid, doeltreffendheid. Dat is op zich niet nieuw, maar goed, ik heb u er maar aan herinnerd. Ik hoop dat dat toch voldoende zou moeten kunnen zijn om te zeggen: weet u wat, op dit moment trekken wij deze motie in. We gaan het meemaken voorzitter. De subsidieverstrekkingen en aanbestedingen en dat soort zaken.

Er werd door mevrouw Elfilali gevraagd: is de wethouder daar nu gaandeweg achter gekomen, is daar al inzet op gepleegd, hoe loopt dat nu daar mee? Vanuit mijzelf persoonlijk, maar goed, u weet dat ik niet vanaf het begin van deze collegeperiode wethouder Financiën was, dus voor mij persoonlijk ben ik er achter gekomen begin dit jaar ergens. Maar goed het moet inderdaad beter hè, dat constateren we eigenlijk ook wel met elkaar. Daar zijn de meningen niet over verdeeld. En hoe kan het dan beter? Nou, bijvoorbeeld ideeën om het te verbeteren zijn bijvoorbeeld SMART doelstellingen opnemen in je subsidieverstrekking, zodat je er ook bij de verantwoording duidelijkheid over hebt wat je dan zou moeten willen weten. Werkinstructies worden aangepast en geactualiseerd eigenlijk, dat zijn we aan het doen. En het komt ook terug in de subsidietrainingen, en de beoordelingsformulieren zijn ook geactualiseerd. Nu hoop ik dat dat in ieder geval al een hele brok verbetering zou moeten bewerkstelligen. En we gaan er met elkaar achter komen of dat lukt. Dan de belastinginning, zij vond de toon wat kil op dat punt. Dat spijt mij. Dat vind ik natuurlijk niet plezierig om te horen, dat is op zich de bedoeling niet. Inhoudelijk is het wel zo dat we sociaal incasseren als gemeente. Al sinds een aantal jaren overigens hoor, en dat leidt dan wel tot meer betalingsregelingen.

Maar een betalingsregeling, alhoewel op zich vervelend dat die nodig is, is wel een uiting van het feit dat je maatwerk hebt geleverd op de persoon om wie het gaat, want die heeft een betalingsregeling. Die komt nooit tot stand doordat je zegt: doe maar wat. Dat is altijd omdat je zegt: goh, het lukt niet, hoe kan het wel lukken, kunnen we daar iets over afspreken? Dus in die zin, als we het hebben over de warmere manier van belastinginning, is het wel weer een goed signaal, alhoewel het natuurlijk vervelend is wanneer ze nodig zijn. Op zich blijft dat uiteraard waar. Voorzitter, het first-time-rightpercentage, de heer Elbay, ik heb er eigenlijk net wat betreft subsidies al iets over gezegd. Ook hier zijn kennisbijeenkomsten over georganiseerd. Ik denk dat ik dat misschien wel vaker zal willen doen, want het is misschien toch iets dat blijvend aandacht nodig heeft. Dus dan zou je het elk half jaar doen of misschien zelfs ieder kwartaal, dat je het in ieder geval periodiek zou doen. En de invoering van GREAT gaat ons hier denk ik wel bij helpen, dus dat hebben we nog in het vooruitzicht. Ik heb er wel hoop op dat dat hier ook een verbetering teweeg zou kunnen brengen voorzitter. Dan het verschil tussen realisatie en begrote bedragen. Wat ik in ieder geval zelf ook belangrijk vind, is dat door het jaar heen te kunnen blijven volgen.

Ik heb al aangekondigd dat ik vanaf de komende P&C-cyclus moet ik zeggen, dus Voorjaarsnota die we binnenkort met elkaar bespreken, vanaf dat boekjaar 2024, wil gaan bijhouden per P&C-document wat het vorige en alle vorige P&C-documenten zeiden

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1056

over de bedragen die erin stonden. Normaal heb je altijd twee kolommetjes, de nieuwe en de vorige. En eentje later heb je weer de nieuwe en dan weer de vorige. Ik wil ze allemaal erin blijven houden. De eerste keer dat dat mogelijk leidt tot een nieuw inzicht is dan bij de eerste herziening 2023, want dan heb je niet alleen begroting 2023 en eerste herziening, maar je hebt ook nog de Voorjaarsnota die we binnenkort gaan bespreken. Dus dan heb je Voorjaarsnota, begroting, eerste herziening, drie kolommetjes. Bij de tweede herziening komt er een kolommetje bij maar er gaat er nooit een af. Dan kun je door het jaar heen misschien trends ontdekken die aanleiding geven om eerder ergens iets van te vinden, een actie op te zetten, dingen uit te vragen of het voorspellend vermogen wat beter bij te stellen dan tot nu toe gebeurt. Dat is een voorbeeld, maar goed, ook op basis van gesprekken met de accountant en met de COR zullen we hier uiteraard aan werken. Voorzitter, dan de aanbevelingen meetbaar maken, zegt mevrouw Mohamed-Hoesein. Ik denk dat ik daar misschien al iets over heb gezegd, maar anders is dat volgens mij sowieso gebruik om met de COR te bespreken. En anders staat een van de COR-leden denk ik op om mij daar iets anders over te vertellen, dus volgens mij gebeurt dat.

Ik heb wat reflectie gegeven, dat is eigenlijk ook het punt van daarnet, door het jaar heen op de verschillende momenten in de P&C-cyclus kunnen bijhouden wat de ontwikkeling van de budgetten is, dus dat je niet elke keer een beetje ziet maar dat je het totaal ziet ten opzichte van het origineel begrote bedrag. Dat moet ons helpen gedurende dat jaar, maar het moet ons denk ik ook helpen voor het jaar daarna. Want kennelijk was er dan bij de oorsprong van het lopende jaar iets niet goed gegaan, was het niet goed ingeschat. Dan zou je het voor dat jaar daarna ten eerste in ieder geval beter kunnen inschatten, en ten tweede de einduitslag van dat jaar beter kunnen prognosticeren, waardoor die verschillen wat gaan afnemen in de tijd. Dat is in ieder geval onderdeel van mijn bedoeling. En ook voor uw raad om het beter te kunnen volgen en daar ook de goede vragen over te kunnen stellen. We maken het ons niet makkelijk, maar ik denk wel dat het er beter van wordt. Voorzitter, dan de vraag van de heer Vonk. Hij heeft het over de hard closure, anderen ook. Kun je zo’n hard closure doen vanuit capaciteitsoogpunt? Gaat het leiden tot verbetering? Dat is natuurlijk ook een terechte vraag. Alles heeft zijn vooren zijn nadeel. Ik heb daarover in de COR gezegd dat ik daaraan twijfel. Dat is geen harde nee, maar het is wel een zachte nee.

Ik heb aangeboden aan de leden van de COR, maar ik meen aan eenieder die daaraan zou willen deelnemen uiteraard, in ieder geval een keer een technische sessie te organiseren over wat we wel doen, wat daarin zinvol lijkt en waarom er toch wat twijfel zou kunnen bestaan of dat instrument ons dichter bij het gezamenlijke doel zou gaan brengen. En naar aanleiding van die bijeenkomst zouden we daar natuurlijk weer nader met elkaar over kunnen spreken. Ik weet niet wanneer en of hij al is ingepland. Dat hebben we in eerste instantie met de COR besproken, maar ik mag aannemen dat dat niet al te lang op zich hoeft te laten wachten. De SDG’s voorzitter, de heer Vonk zegt: dat is niet gek, zo’n paragraaf die erover is opgenomen. Het lijkt een beetje ook op de vorige periode, dus dat is op zich al best fraai, zegt hij. Maar er zou toch misschien nog wel wat meer kunnen. Dat ben ik met hem eens. En hoe doen wij dat? Wij doen een voluntary local review, zoals dat dan zo mooi heet. Een heel woord, maar in ieder geval krijgen we een rapport waarin de stand van zaken staat per SDG, hoe we ervoor staan. Ik hoop dat ik dat in september heb, dus dat zou over niet al te lang ook uw kant op kunnen komen, en dan kan ook de heer Vonk kijken of hij zegt: dat is nu precies waar ik naar op zoek was, of op basis daarvan kan ik ook nog weer gerichter vragen stellen. De VOORZITTER. De heer Vonk.

De heer VONK (cu). Heel kort, is dat het rapport waarvan in de tekst staat dat het in het voorjaar beschikbaar is?

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1057

De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Ik vermoed van niet, want deze is gepland voor september. Dan zou hij een half jaar vertraagd zijn. Bedoelt u dat? Ik heb het idee van niet. Anders moeten we even de tekst met elkaar delen. Als u die aan mij zou kunnen appen of sturen dan wil ik daar gerust nog even naar kijken. Verder heb ik dacht ik geen vragen gehad. Wel nog één motie die ik te behandelen heb. Dat is motie 2, ꞌStreefwaarde structurele exploitatieruimteꞌ, van de heer Lansink-Bastemeijer en anderen. Die motie zegt: uiterlijk bij de behandeling van begroting 2024, de aanstaande begroting, kom met een onderbouwde meerjarige streefwaarde voor een structurele exploitatieruimte. Daar kunnen we gerust aan voldoen voorzitter en dan kom ik daar bij die begroting weer op terug. Dank u wel. De VOORZITTER. Dank u. Wethouder Simons. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Ja, dank u voorzitter. Ik heb ook vanochtend met plezier en belangstelling geluisterd naar uw raad en ik heb een aantal vragen van u gekregen. Die ga ik nu proberen te beantwoorden. De eerste vraag die ik hier heb staan is van mevrouw Elfilali. Ik ben vanochtend begonnen met mijn korte betoog, korte duiding over hoe het in algemene zin gaat met de menselijke maat.

U krijgt van mij binnenkort, in ieder geval voor het zomerreces, een uitgebreide brief met alle programma’s en projecten die die menselijke maat handjes en voetjes geven. Ik noem er een paar op. Extra sociaal raadslieden, digitale wachtrijservice, maatwerk voor ondernemers. Maatwerk voor ondernemers is ook allemaal geregeld in het MKB-actieprogramma. Dat ligt al een tijdje bij de commissie om behandeld te worden, dus daar kunt u ook nog meer informatie over vinden. Hulp bij eerste betaling, betalingsregelingen, nieuwe procesaanvragen, bijzondere bijstand nieuwe aanvragen, uitkering jongeren, vliegende brigades, brief BAP versterking functie Ombudsman, en zo gaat het nog een tijdje door. Deze informatie krijgt u allemaal uitgebreid voor het zomerreces. En ik heb vanochtend al gezegd: dit zijn projecten en programma’s. Dat is ook belangrijk, want die zijn specifiek gericht op een doel of een doelgroep. In algemene zin is het ook een cultuurding. Voor ons, voor de ambtelijke organisatie, voor iedereen, wat betekent de menselijke maat nu in de praktijk? Het is altijd makkelijk gewoon zo even te noemen, maar de uitvoering gaat met horten en stoten. Twee stappen vooruit, één stap achteruit. U heeft ook gevraagd, terecht denk ik, over de loketten. Nou, in het MKBactieprogramma hebben wij ook één loket voor de ondernemers genoemd.

Volgens mij zijn we daar aardig in geslaagd, hebben we ook geleerd van bijvoorbeeld de coronaperiode. Mijn collega Karremans zal zo iets zeggen over de Eén-app. Die is onder zijn hoede in ontwikkeling. Volgens mij waren dat uw vragen. En er zijn ook moties, maar die worden allemaal behandeld door mijn collega’s. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). In technische tijd. De VOORZITTER. Dat hangt ervan af. Mevrouw ELFILALI (volt). De wethouder zei: volgens mij waren dat uw vragen. Ik had ook de vraag gesteld wat de uitgaven zijn geweest in 2022, in ieder geval in uw periode, via de voorzitter, over de menselijke maat. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Dat moet ik nog even navragen, die heb ik niet scherp op mijn netvlies. Die heb ik ook niet genoteerd, maar bedankt voor deze aanvulling. Ik hoop dat ik voor het einde van mijn betoog deze informatie heb ontvangen, en anders wordt het later vandaag. De heer Van der Velden vroeg indicator en doel, uitlokken investeringen in bedrijven onduidelijk. Op pagina 97 in de jaarstukken, te vinden op de website, staat het

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1058

expliciet genoemd. Daar staat een terugblik naar het vorige college. Dat heeft voor € 1 miljard aan investeringen uitgelokt, om het maar te zeggen. En uitlokken heeft hier natuurlijk een heel positieve context. Dat staat ook weer als doel benoemd voor het komende jaar en de komende jaren en daar staat ook bij dat we het jaarlijks gaan rapporteren. Dus dat kan mijnheer Van der Velden ook nog teruglezen op pagina 97. Mijnheer Segers-Hoogendoorn, een terechte vraag en ik zal een deel van de vraag beantwoorden. We hebben hier dingen natuurlijk op een bepaalde manier geregeld. De nadeelcompensatie, de regeling valt bij mijn collega Zeegers. Maar u noemde een mooi voorbeeld, de brief van de marktkooplieden. We hebben ook met zijn allen besloten dat we de Rotte Nova gaan bouwen. We hebben hier ook met z’n allen besloten dat we de bieb gaan verbouwen. En dat genereert overlast. Dat is onvermijdelijk, want zonder overlast, zonder auto’s, herrie en ruimtebeslag kun je iets niet doen. Daarbij is het wel onze taak en onze plicht om zoveel mogelijk te doen in dit geval als voorbeeld voor marktkooplui, daar krijgt u ook binnenkort een brief over, hoe we de marktkooplui zo goed mogelijk een plek geven. Dat zal in het begin altijd reuring geven, want er zullen een aantal kramen gewoon op een andere plaats staan, want waar ze normaal staan is een bouwplaats. Maar dat zullen we zorgvuldig doen.

We doen dat ook meest in overleg met de marktkooplui, met hun klankbordgroep. Dat heet anders maar daar hebben we ook regelmatig overleg mee. Ik begrijp dat ze zich benadeeld voelen, maar als ik gewoon eerlijk ben is het onvermijdelijk. We kunnen niet bouwen en op dezelfde plek een markt houden. Dus wij doen wat we kunnen, en daar wordt u binnenkort over geïnformeerd en mijn collega Zeegers zal nog nader duiden hoe de nadeelcompensatie werkt. Dan vroeg de heer Biljoen nog reflectie op jaarlijkse indicatoren versus meerjarenindicatoren. Ik kan er even een paar voor u opnoemen. Ik heb natuurlijk ook maar een paar minuten de tijd gehad om deze vraag te beantwoorden. Ik heb net al genoemd de € 1 miljard, de investeringen uitlokken. Daarover gaan we jaarlijks rapporteren. Hoe doen we dat dan? Via innovation partners, Rotterdam partners. Dat zijn regelingen waarbij als ze bedrijven binnenhalen, dat ze ook in kaart brengen om hoeveel mensen het gaat, en dat soort zaken allemaal. Dat kunt u straks allemaal teruglezen. Een ander doel is bijvoorbeeld 10.000 keer de ondernemers goed informeren de komende vier jaar. Nou, daar gaan we ook jaarlijks over rapporteren. De 25 winkelgebieden, starten met een aanpak van de vitale kernen. Nou, dat is ook een programma voor vier jaar. Volgens mij had u daar ook nog vragen over gesteld, maar die bespreken we nog wel een volgende keer.

Dat zouden we eigenlijk gisteravond doen, maar toen was u er niet. Dit gaan we ook per jaar doen. Een ander voorbeeld is, en dat is wel een ingewikkelde, we hebben als college gezegd: we gaan 75% realiseren van alle actieplannen die voortkomen uit wijkakkoorden. Het is ook voor ons een totaal nieuw terrein. Bij de Voorjaarsnota binnenkort kan ik u meedelen, dat hebt u ook kunnen lezen, dat we in ieder geval van de 1400 acties die er nu staan 98% op ja hebben gezet. En over een jaar gaan we dus gewoon kijken wat daarvan terechtgekomen is. Maar daar moet even een nieuwe vorm van rapportage komen en hoe we dat slim aanpakken, want bij die 1400 zitten ook een aantal zaken die ook gewoon meer jaren doorlopen. Dus daar moeten we gewoon nog even naar kijken. Dat hebben we nog nooit gedaan. Maar onze intentie is om u zo goed mogelijk te informeren. Dan even de vraag over 2022 van mevrouw Elfilali. Hebben we actielijnen van de POK-middelen? € 6,3 miljoen. Uitgaven menselijke maat. Ik ga ervan uit dat het correct is. Het is best wel veel geld. Ik zal het voor de zekerheid nog even checken. Het staat hier, mensen moeten dat natuurlijk ook even snel opzoeken, maar ik ga er maar van uit, normaal is de informatie die ik krijg zeer betrouwbaar.

Maar nogmaals, gezien de snelheid, dit is mijn antwoord en mocht het anders zijn of dat ze toch verkeerd gekeken hebben, dan laat ik het u ook vanmiddag nog weten. De VOORZITTER. U zei vanochtend dat ambtenaren af en toe een foutje maken. Bestuurders maken nooit foutjes.

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1059

De heer SIMONS (lr) (wethouder). Bestuurders maken fouten. Mensen maken fouten. Ambtenaren maken fouten. Burgemeesters, zelfs de beste burgemeester van de wereld maakt af en toe een foutje. Dus dat is helemaal niet erg denk ik. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). Ja voorzitter, ik wil niemand op stel en sprong aan het werk zetten. Wat mij betreft kan de wethouder hier ook per brief later op terugkomen. Dan kan het misschien ook weer toegelicht worden. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Prima, dat zal ik doen. De VOORZITTER. Dank u wel. Wethouder Buijt, mag ik u vragen deze kant uit te komen? (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Dat heb ik hier, volgens mij is dat hetzelfde lijstje. Dat is heel goed. Ik zie dat in het college een andere verdeling was gemaakt dan ik nu heb. Maar dat lijkt me geen enkel probleem, we zijn flexibel. Ik ga kijken naar de verdeling die het college onderling had gemaakt. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Ja, dan wethouder Zeegers. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, dank u wel voorzitter. Dank voor al uw bijdragen en reflecties op onze jaarstukken. Ik zal inderdaad alle vragen die aan mij gesteld zijn behandelen evenals de vraag die via wethouder Financiën ook naar mijn kant is toebedeeld over de indicatoren en hoe wij daarover rapporteren. Als eerste, GroenLinks, de heer Biljoen.

U gaf aan dat het college slechts 10% sociaal bouwt: hoe kan dat en wat gaat u eraan doen om dat te verbeteren? Wij delen helemaal met u dat die 10% echt veel te weinig is, want we hebben immers echt veel hogere doelstellingen, tot eigenlijk 20% en vanaf 2026 ook 25% sociaal, dus die 10% is veel te laag. Terecht dat u ook mij aanmaant om daar werk van te maken. Daar ben ik ook mee bezig. Daar zullen we bij de Voorjaarsnota waarschijnlijk wat meer over spreken, ook over zo’n doorbouwakkoord en hoe we dat willen doen. Het heeft te maken met het aanwijzen van locaties. Wat ik ook in de commissie heb gezegd is dat we inmiddels behoorlijk wat onherroepelijke omgevingsvergunningen hebben voor alle sectoren, dus daar moet gewoon werk van gemaakt worden. Soms zit dat toch in financiële knelpunten of andere knelpunten. Laten we elkaar helpen, dus daarover heb ik ook stevige gesprekken, of stevige, daar spreken de corporaties en de gemeente echt veelvuldig met elkaar over. Processen verkorten, flexwoningen, al die zaken meer, dus terecht dat u daar een punt van maakt. Dat vind ik zelf ook een doelstelling waar ik me graag druk over maak en hard voor maak. Verder zegt u dat die € 110 miljoen uit de grondexploitatie is verdampt. Hoe kan dat en wat betekent dat voor onze bouwambities? Nou, die € 110 miljoen is niet echt verdampt.

Het valt in twee delen uiteen, € 55 miljoen ongeveer gaat over inflatie, hogere bouwkosten. Wij hebben het bij mijn weten in november of oktober gedaan, en moeten natuurlijk bij de jaarrekening weer de peilstok erin steken. Als we nu alles moeten waarderen, hoe zitten dan de prijzen, de kosten in elkaar? En dan hebben we gewoon te maken met die inflatiecijfers, die hoge energierekening, materiaalschaarste, al die kosten die omhooggaan, dus die moeten wij doorberekenen in onze grondexploitaties. En zoals u weet kunnen we het toekomstig verdienvermogen niet inrekenen. Dus de verdienste die we tegemoet kunnen zien zijn er niet in, de kosten wel, dus ja, dan gaat het natuurlijk met een klap naar beneden. Dat is € 55 miljoen geweest. Die andere € 55 miljoen, ik zeg het even grofweg, is een verliesvoorziening. Dus dat is echt dat voorzichtige dat we zeggen: we weten niet hoe het hierna zich gaat ontwikkelen, dus wij doen een voorziening. Die voorziening hebben we natuurlijk nog steeds gewoon in onze eigen portemonnee zitten. Verder zegt u: het Klimaatactieplan is nietszeggend. Wat heeft u nu eigenlijk allemaal gedaan? Nou ja, ik vind het zelf niet nietszeggend, maar goed, daarover kunnen we van mening verschillen. We

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1060

hebben onze inzet en plannen voor de klimaataanpak overzichtelijk gepresenteerd op een website Klimaatactieplan Rotterdam. Dat gaat echt per doelstelling en dan per programma, allerlei indicatoren, doorklikken tot projectniveau en daar waar we de CO2-reductie kunnen berekenen doen we dat, en waar niet, doen we het niet. Maar de optelsom bij elkaar moet echt leiden tot die doelstelling die we hebben ten aanzien van CO2-reductie. Zo hebben we dat gerapporteerd. Dat zit niet in de jaarstukken maar wel in dit document waarin onze plannen staan, onze acties waar we mee bezig zijn en ook de plannen die we nog hebben. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç Mevrouw MORKOÇ (gl). Dank u wel voorzitter. Ik wilde de wethouder nog even een nuancering vragen. Zijn het de cijfers die de wethouder niet wil onderzoeken op CO2-niveau of niet kan onderzoeken? Want de wethouder kan per project kijken hoeveel CO2-uitstoot verminderd is. De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, ik denk dat we onze energie moeten zetten op de dingen die doeltreffend, doelmatig zijn en die tot effect leiden. Kijk, een aantal zaken die we in onze plannen hebben staan, bijvoorbeeld een Rotterdams klimaatberaad, daar weet je nog niet wat voor maatregelen er uitkomen en in hoeverre je dat allemaal kan uitrekenen. Die hebben we dus natuurlijk niet doorgerekend.

Een aantal is wat eenvoudiger, dus je kijkt per project wat ook realistisch en haalbaar is om door te rekenen. En het belangrijkste is eigenlijk dat DCMR jaarlijks die rapportage doet op de CO2-uitstoot, dus het is ook in die zin niet altijd even zinvol om op ieder deelprojectje dat uit te rekenen. Het gaat over de grote beweging, dat moet u met mij eens zijn. Het gaat om de grote beweging, om die CO2-uitstoot te verminderen. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl). Dat betekent dus dat de wethouder het niet wil om per project te kijken hoeveel CO2-vermindering er kan zijn en pas één keer per jaar, op het moment dat de DCMR dat heeft onderzocht dat kan bekijken. Dat is een willen. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, dat is inderdaad een willen, want het lijkt me ook verstandig, dus ik doe dingen die ik verstandig acht. Die wil ik graag doen. DCMR doet een meting achteraf en bij de projecten die wij allemaal doen vanuit het Klimaatactieplan, zijn het berekeningen vooraf. En we doen de berekening dus achteraf. Dus zo hebben wij dat opgezet en dat lijkt mij een verstandige aanpak, vandaar dat ik dat graag wil. De VOORZITTER. Mijnheer Roskam. De heer ROSKAM (lr). Wellicht een punt voor de fijnproevers van de grondexploitaties, maar u gaf aan dat een deel van het geld kwam doordat de kosten stijgen.

We werken met indexaties op de kostenstijgingen, maar we werken ook met indexaties op de opbrengsten en we hebben een residueel beleid. Dus het is niet sec genomen een kostenstijging. Er zijn meer factoren in dat geheel van belang, maar ik weet niet of u daar nog op wilt reflecteren met betrekking tot € 110 miljoen, maar anders is het zoals gezegd voor de fijnproevers. De VOORZITTER. Wethouder Zeegers.

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1061

Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, inflatiecijfers spelen inderdaad ook een rol, dus dat klopt. De VOORZITTER. De heer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u voorzitter. Ik wilde even terug naar het klimaat, want wethouder Zeegers zei op vragen van mevrouw Morkoç dat zij het niet zinvol vindt om bij deelprojecten te kijken hoeveel CO2 je bespaart. Dat lijkt mij juist wel uitermate zinvol. En waarom? Omdat wij heel veel van die deelprojecten gemeentelijk geld geven. Dus die deelprojecten zeggen: wij kunnen CO2 gaan besparen. Dan komen we bij de gemeente. Wij hebben daar geld voor nodig. De gemeente geeft dat geld. En vervolgens gaan wij als gemeente niet controleren hoeveel CO2 ze nu daadwerkelijk besparen. Ik noem een Heerema, noem andere projecten. Ik vind dat toch jammer, zeker in het kader van de jaarstukken waar we toch praten over controleren. Dus is de wethouder alsnog bereid dat te gaan doen? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Nou, ik heb gezegd, daar waar het ingewikkeld en moeilijk is en heel veel administratieve last kost, want dat was het hele punt, volgens mij kwam die discussie destijds uit: wij hadden voorheen klimaattafels waarmee klimaatdeals zijn gesloten. Daar kunnen wij nu goed op voortborduren, dus ik ben helemaal niet tegen die deals geweest. Dat wordt soms gesuggereerd maar dat is niet zo.

Alleen denk ik dat we nu stappen verder zijn. We kunnen elkaar gewoon aanspreken, daar hoeven we niet allemaal tafels voor te organiseren. Dat is ook vele malen sneller en efficiënter en ik wil echt in die uitvoering zitten. En in dat verhaal hebben wij toen gezegd: wij gaan niet al die partners vragen om zelf ongelofelijke administraties bij te houden over CO2-reducties van al die verschillende projecten. Bij sommige projecten is het eenvoudig om CO2-reductie te berekenen en ook achteraf te berekenen, te meten. Maar bij een aantal is dat niet. Dus daar waar het kan, doen we het, maar we gaan geen overbodige administratieve last optuigen. Goed, Leefbaar Rotterdam, u geeft aan dat de rek eruit is bij de grondexploitaties. Negatieve kunnen niet meer gedekt worden door positieve. Op zich is ons beleid ook dat wij negatieve grondexploitaties niet mogen compenseren met positieve grondexploitaties. Dus ze moeten ieder voor zich zelfstandig op de nul uitkomen, minimaal, liefst natuurlijk hoger, maar goed, minimaal. Dus wat wij doen, de positieve, dat is altijd goed. Bij de negatieve moeten wij natuurlijk toch even kijken hoe we dat haalbaar krijgen. Deels is dat door natuurlijk eigen geld erbij te stoppen, zoals wij nog een potje hadden van het vorige college, segmentering bouwproductie.

Dat hebben we nu een aantal keer gedaan, om toch daar geld bij te stoppen zodat die wel… Bij NPRZ doen we het natuurlijk heel geregeld dat we geld erbij stoppen. In de Voorjaarsnota komen we ook met een doorbouwfonds waar we mogelijk nog wat uit kunnen halen. Maar ja, je kunt ook kijken of je het programma kunt veranderen, maar we zien nu dat met name duurdere woningen geen oplossing meer zijn om die grondexploitatie rond te rekenen, omdat die weer niet goed verkopen. Dus we zitten toch op verschillende manieren te sturen om die grondexploitaties rond te krijgen en daar zijn verschillende middelen voor. VVD, de heer Lansink gaf aan, heel belangrijk dat er echt wel wordt doorgebouwd omdat dat belangrijk is voor de stad. En wat verwachten we van het doorbouwakkoord? Daar hoop ik natuurlijk binnenkort wat uitgebreider over te praten, maar om alvast een doorkijkje te geven, verwachten wij dat we daarmee onze collegetarget qua aantallen gaan halen en ook qua percentage betaalbaarheid. Dat is het doel. Daarvoor spreken we allerlei maatregelen af, maar dat is het doel dat wij willen bereiken met het doorbouwakkoord. En het mooie is dat daar echt ontzettend veel partijen, minimaal vijftig bouwende partijen, elf corporaties, hun handtekening onder hebben gezet. Dus er zit in ieder

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1062

geval veel energie op. Volt, mevrouw Elfilali, u gaf aan het klimaat te versnipperd over de jaarrekening terug te vinden. Het belangrijkste, een heel groot deel staat in het programma Energietransitie. Daar staat ook helemaal uitgewerkt wat we doen. Er is natuurlijk ook nog het een en ander bij klimaatadaptatie wat daar staat, dat ook met transitie te maken heeft. Maar het grote deel zit echt bij het programma Energietransitie in de jaarstukken. Daar kunt u ook al die indicatoren vinden, dus dat is ook gelijk even een bruggetje naar de vraag die gesteld werd aan de wethouder Financiën, dat wij bij dat programma Energietransitie behoorlijk wat indicatoren hebben. Ik lees ze even op. 3,2 vierkante kilometer zonnepanelen. 350 megawatt windenergie. Drie gebiedsaanpakken aardgasvrij. Per jaar dertig trajecten grote en twintig trajecten kleine vve’s helpen in die verduurzaming. Energielabels naar beneden. Afname van het aardgasgebruik. En zo is er nog meer. Dus dit soort indicatoren staan in de jaarstukken en daar rapporteren wij dus over. Ik ben het wel eens met wat er gezegd is. Het meetmoment van die zaak is vaak net weer als de jaarstukken al klaar zijn, dus dan kun je niet echt op dat moment goed sturen. Dat vind ik een terecht punt en volgens mij moeten we daar nog even goed naar kijken.

Maar het zijn in mijn beleving toch een behoorlijk aantal indicatoren waar ik mee bezig ben. En even het linkje weer terug naar bouwen en wonen. Daar hebben wij gewoon de indicator hoeveel woningen per jaar voor welk prijssegment en daar staat wel degelijk wat het resultaat ook was van vorig jaar. Dus dat hebben we in die indicatoren wel gezegd. D66, de heer Elbay, u geeft ook aan wat die betaling van de verwachte opbrengst betekent voor de grondexploitaties, voor de bouwambities van dit college. Dat komt en eigenlijk heb ik dat natuurlijk ook net aangegeven, dat we moeten zorgen dat die grondexploitaties op orde komen en daar zijn verschillende manieren voor. Je kan kijken naar scopewijzigingen, je kan er geld bij stoppen, je kan aan allerlei knoppen draaien. Minder parkeren, meer of minder verduurzaming, minder groen. Je kan aan de kwaliteit draaien, aan prijssegmentering kun je draaien. Er zijn vele knoppen, maar dit college heeft natuurlijk wel gezegd: wij willen betaalbaar bouwen, we willen goede groei, dus we willen ook voorzieningen in de buurt, we willen ook groen en we willen verduurzamen, dus we hebben hoge ambities. Dat is dus best een ingewikkelde puzzel. Maar we denken daar met die maatregelen van het doorbouwakkoord toch heel ver te kunnen komen. Als laatste de Partij voor de Dieren. De VOORZITTER. De heer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd).

Voorzitter, als ik zo de wethouder ook hoor vind ik het eigenlijk best ook een interessant politiek punt. Als u kijkt wat we allemaal vragen van bouwers inmiddels, ook als raad, we hebben uitgebreide uitgangspunten, is het in uw ogen niet te veel om met ambitie te kunnen bouwen? Dus stellen we niet gewoon aan de voorkant veel te veel eisen aan onze partners in Rotterdam om tot een echt goed bouwvolume te komen? Gewoon een meer filosofische vraag. De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ik denk niet dat wij te veel eisen stellen. Ik denk dat we hier een stad bouwen voor de toekomst en een huis zet je niet neer voor één dag. Je zet een huis neer voor echt duurzaam, lang, dat mensen zich goed kunnen vestigen in Rotterdam. We hebben daar een beleid van hè, de goede groei, in de omgevingsvisie. Je wil voorzieningen in de buurt, je wil groen in de buurt, je wil goed OV, mobiliteit, en dat kost allemaal geld. Dat is zo. Maar het lijkt me wel heel verstandig om te blijven sturen op die kwaliteit. En als ik spreek met die ontwikkelaars, we hebben natuurlijk Platform Ontwikkeling Rotterdam, de POR, dan bouwen zij ook liever aan een stad met kwaliteit en zien zij ook dat het goed is als er scholen in de omgeving zijn. En dat kost ons allemaal geld want daar verdienen wij niets aan, maar je wilt het wel. En dan denk ik: hoe kunnen we dan wel zorgen

raadsvergadering van 15 juni 2023

Notulen pagina

1063

dat we zowel die kwaliteit als die productie op orde krijgen? Dat zit hem in veel strakker en met vertrouwen samenwerken. Het zit hem ook in meer standaardisatie. We hebben ook her en der het doorbouwfonds nodig, maar dat komt vooral omdat het nu economisch tegenzit, dus we zitten nu wel echt in een dip. Maar ook met die betaalbaarheid, als je dat allemaal wilt realiseren, maar dat willen we wel, dan hebben we inderdaad wel nodig dat we daar her en der financiële hulp geven, wat we dus ook voorstellen te doen. Omdat je een stad bouwt voor de toekomst en het lijkt mij echt doodzonde, en ik zou echt vinden dat we dat moeten vasthouden, dat we een stad maken voor de Rotterdammers waar het fijn wonen is. Dus het is misschien veel gevraagd, maar volgens mij wil iedereen dat wel doen. De Partij voor de Dieren, concrete meetindicatoren ontbreken bij verduurzaming. Ik heb net een hele rij opgenoemd die bij ons bij het programma Energietransitie in ieder geval staan qua indicatoren. Naar mijn overtuiging is dat echt behoorlijk wat waar we op een goede manier mee kunnen sturen. De realisatie is natuurlijk vers twee. En dat is het belangrijkste. Maar ik hoop dat u in ieder geval op die manier wel vinger aan de pols kunt houden qua klimaataanpak. Dank u wel. De VOORZITTER. Ik dank u. Mijnheer Biljoen heeft nog een vraag. De heer BILJOEN (gl).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=cb7f7c22-f49a-4f20-87e9-ec96eb4f4e05