20230928- Notulen van de raadsvergadering van 28 september 2023
Tekst van het document
Dat betekent kijken naar waar de krachten van het individu liggen, en niet op een papiertje maar in de praktijk. We zijn blij
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1790
om dit terug te vinden in het plan. Dat de mens vooropstaat moet ook blijken in het fraudebeleid. Want ja, er moet nu eenmaal beleid zijn, maar die invulling kan nog steeds een beetje beter, een beetje menselijker. We zijn blij met de inzichten die we hebben kunnen krijgen als antwoord op de toezegging hierop vanuit de commissie. En we zijn ook heel blij dat we alsnog op de valreep het advies van de cliëntenraad hebben mogen ontvangen. Ook de cliëntenraad onderstreept dat de Participatiewet vanaf het begin nog vaak wordt gezien als een strenge en harde wet. Mensen voelen zich op de vingers gekeken en zijn bang een foutje te maken. Wederzijds vertrouwen moet daarin beter, om daarmee te helpen hebben we een drietal moties klaar liggen. We hopen dat we hiermee een stap richting vertrouwen kunnen zetten, al is het maar een kleine. De allereerste motie is ꞌNiet afstoten maar vasthoudenꞌ. Als mensen extra inkomen halen uit werk zonder dat door te geven aan de gemeente, kunnen we dit ook zien als een onbenutte kans, een manier om iemand te activeren naar arbeid. We roepen op om te kijken naar wat iemand nodig heeft om het arbeidspotentieel te benutten. In plaats van iemand een boete op te leggen en verder de afgrond in te werken, willen we juist kijken naar het stimuleren naar werk. Motie 2, ꞌSchrap drang en dwangꞌ.
Dit college heeft ervoor gekozen om geen specifieke groepen uit te sluiten van tegenprestatie, naast de groepen die in de wet worden genoemd. Echter, weten we dat er groepen mensen zijn voor wie het leveren van een tegenprestatie in welke vorm dan ook niet meer zal bijdragen aan hun groei. Voor deze groep zeggen wij: laat hen los. Bied een duurzame of tijdelijke vrijstelling van de tegenprestatie. Als je alle mogelijke tools die je hebt in de blackbox van de gemeente hebt ingezet, dan heb je niets meer over en moet je wachten tot je iets beters hebt en dat kunt leveren. En dan, als het doel is om mensen naar duurzaam werk te begeleiden, helpt het opleggen van financiële maatregelen daar niet bij. Ja, en voorzitter, ondertussen heeft mijn fractie het flink gehad met de illusie dat het allemaal wel meevalt in Rotterdam. Gaat u maar slapen, want wij hanteren de menselijke maat. Want keer op keer komen er signalen onze kant op. En we hopen dat het losstaande gevallen zijn, maar we moeten daar ook wel kritisch op blijven. De Participatiewet draagt namelijk een ontzettend vieze nasmaak met zich mee, dat mensen bang zijn om als fraudeur neergezet te worden. En dat mag niet zo zijn, dat moet menselijker. En dan kan de andere kant van de raad opspringen en beginnen over het feit dat er echt wel mensen frauduleus bezig zijn en dat die keihard gestraft moeten worden.
Maar dan vraag ik u: geldt dat ook voor mensen, zoals de zaak van mevrouw Seymor, waar we het net ook al over hadden, die mij gisteren onder de aandacht werd gebracht. Mevrouw Seymor die als tegenprestatie een eigen voedselbank heeft opgezet en allerlei prachtige activiteiten in de wijk organiseerde, die mensen samenbracht, hoe kan het dan in hemelsnaam zo zijn dat de gemeente de uitkering van deze mevrouw stopzette, terugvordert en ook nog eens boete oplegt? Dat iemand € 60.000,00 moet terugbetalen? Voorzitter, GroenLinks wil dat anders. Eerst zien, en dan geloven in deze aanpak. Want de regels mogen nooit boven de gewenste uitkomsten komen te staan. Deze mevrouw heeft iets geweldigs gedaan voor de stad. En ja, het is een individuele casus en daar gaat het ook niet om. Maar het gaat om het feit dat wij deze signalen meermaals binnenkrijgen. En dat willen we niet, we willen dat anders zien, menselijker. Afgesproken cluster wist wat deze mevrouw deed, en toch zijn er fouten gemaakt in hoe dit is gegaan. Iemand is uiteindelijk als fraudeur bestempeld en dan is de vraag: is dat wat we willen? Willen we dat niet anders met zijn allen? De VOORZITTER. De heer Becker. De heer BECKER (vvd). Dank u wel voorzitter.
Ja, wat ik anders zou willen, dit is een heel specifieke casus, die volgens mij ook onder de rechter ligt en ik denk niet dat het in het belang is van deze mevrouw en van de gemeente als we hier nu allerlei uitspraken over gaan doen. Ik snap het punt dat mevrouw Vlieger wil maken, iets over de rechtmatigheid en fraudeonderzoeken, maar ik denk dat het beter is als we het hebben over signalen in zijn algemeenheid dan zo’n specifieke casus, zeker omdat deze onder de rechter is. Dus dat wil ik wel even gezegd hebben, want dit helpt het debat niet en dit helpt denk ik deze mevrouw ook niet. De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Dank voorzitter, in aanvulling daarop, kijk, wanneer het gaat om het inbrengen van de menselijke maat en maatwerk in het beleidskader vindt u mij aan uw zijde en daar zullen we samen in proberen op te trekken. Maar inderdaad het benoemen van deze casus en het afwentelen op het hele beleidskader, gaat mij ook iets te ver. Ik persoonlijk ken de casus overigens niet. Ik zag wel een krantenkop, maar heb het artikel nog niet kunnen lezen, dus ook lastig denk ik om daar op dit moment iets van te vinden. U gaf aan: wij krijgen vaker, meerdere signalen. Kunt u
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1791
misschien een indicatie geven om de hoeveelheid, om wat voor type signalen dat gaat en hoe vaak dat voorkomt? De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Ja, dank u wel voorzitter. Om gelijk beide samen te nemen, zoals ik al aangaf gaat dit om een individuele casus, ik stel ook geen vragen over deze casus, daar hoeven we het ook niet in het debat over te hebben met elkaar. Het gaat om het probleem, wat de heer Soytekin ook aan mij vraagt, de signalen verder. En het beeld dat je dan verder uitstraalt als gemeente naar de mensen toe. Want dat willen wij graag anders zien. De hoeveelheid signalen, dat gaat in ieder geval om tientallen. Het gaat niet om honderden signalen, nee, zeker niet. Maar wellicht moet ik daar verder in gaan duiken en moet ik dat bij gaan houden bijvoorbeeld. Dan kan ik het volgende keer op een briefje geven. De VOORZITTER. Mevrouw Van de Peppel, u staat. Ik weet niet wat u wilt maar ik luister graag. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd). Ik kan een deel van de vraag van de heer Soytekin beantwoorden. Op 21 december 2021 zijn er een heleboel sprekers geweest die onder andere dit hebben aangekaart. In de commissie Zorg zijn mensen met een chronische ziekte komen inspreken, omdat ze hiertegen aanlopen, dus hoeveel meer casussen moeten er komen voordat we gaan zeggen: het zijn niet meer individuele gevallen, het is gewoon bestaand beleid. De VOORZITTER.
U kunt verdergaan mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Ja, dank u wel. Ook dank voor de aanvulling van mevrouw Van de Peppel, want dat is zeker waar. We hebben al meermaals daar insprekers over gehad. De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). De laatste paar woorden van mevrouw Van de Peppel intrigeerden mij. Bedoelt u dan dat zeg maar de signalen die voorkomen, dat het staand beleid is dat we willens en wetens het mensen moeilijk maken in Rotterdam? De VOORZITTER. Mevrouw Van de Peppel. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd). Ja, ik denk dat dat op dit moment wel zo is. Het kan ook gewoon een bepaalde denkwijze zijn die op een gegeven moment een werkwijze wordt waarin we nu op een gegeven moment eigenlijk kritisch moeten gaan kijken: moet dit op deze manier nog zo doorgaan? De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Dat laatste ben ik met u eens, maar om dan te zeggen: de signalen of de problemen die er zijn is staand beleid, of het veroorzaken daarvan. Daar ga ik niet met u in mee. Overigens zijn er natuurlijk ook heel veel verhalen waarbij het goed gaat, alleen komen die niet in de krant. Dus dat moeten we ook niet vergeten. Natuurlijk zullen er dingen misgaan, en daar moeten we samen kritisch op zijn. Dat klopt. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr).
Ja voorzitter, in het verlengde van de heer Soytekin en de heer Becker, ik heb er eigenlijk best moeite mee moet ik zeggen om nu op basis van een specifieke casus die gisteravond/vanochtend in de krant is gekomen, waar niet eens iedereen überhaupt van het krantenartikel iets heeft kunnen vernemen, om nu heel specifiek op die casus in te gaan, terwijl we de ins en outs niet kennen. Hooguit kan er aan de wethouder gevraagd worden om er een reactie op te geven. Ik heb in de media gezien dat de wethouder zegt: ik ken de casus niet en bovendien is het onder de rechter, dus ik kan er nu niet op reageren. Meer dan dat nu die casus uitdiepen vind ik niet in het belang van dit debat en ook niet in het belang van de persoon die het betreft.
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1792
De VOORZITTER. Ik zou u toch als voorzitter willen meegeven om voorzichtig te zijn met casussen te bespreken, zeker omdat die onder de rechter zijn is dat ook niet verstandig, maar ik kan me ook voorstellen dat u zich wilt laten inspireren door krantenverhalen tot een debat over een algemene benadering. Maar blijft u alstublieft weg bij de casus zelf. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Voorzitter, nogmaals, mijn betoog ging niet over de casus en de casus verder willen uitlichten. Het ging niet om vragen daarover te stellen aan de wethouder want dat is ook niet de bedoeling. Maar dit heeft kunnen gebeuren en dit heeft plaatsgevonden in onze gemeente, onder ons toeziend oog. En dan is de vraag: wat gaan we doen naar de toekomst toe? Hoe gaan we daar anders naar kijken wellicht, als dat is wat wij willen met zijn allen. Dat is in ieder geval wat GroenLinks wil. Dat is wat ik hier probeer duidelijk te maken. Want mijn vraag is: zijn we hier trots op? Is dit onze Rotterdamse identiteit, dat we zo bekend staan en dat we zo met mensen omgaan? En dat wil ik in ieder geval niet. Voor ons als GroenLinks is het belangrijker dat het menselijker wordt en we zijn blij dat we dat kunnen lezen in het beleidskader en nu moet het ook blijken in de uitvoering. Dank. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger heeft de volgende moties ingediend. Motie 2.
Niet afstoten maar vasthouden, werk aan een nieuwe aanpak 'zwartwerk' "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van agendapunt 7.2: De voorstellen tot: a. vaststelling van het Beleidskader Participatie 2023- 2026 'Werk is geweldig!'; b. instellen van Rijnmonds Arbeidsmarkt Perspectief fonds (RAP); constaterende dat: - Rotterdammers met een bijstandsuitkering waarvan geconstateerd wordt dat ze door werk inkomen hebben naast hun bijstandsuitkering, worden gekort, beboet en/of hun uitkering volledig wordt beëindigd; overwegende dat: - het doel van de Participatiewet arbeidsactivering is; - er in verschillende sectoren grote tekorten zijn op de arbeidsmarkt; - Rotterdammers met een bijstandsuitkering die, voor de gemeente onbekend, werken naar hun bijstandsuitkering dus ook verder zijn in hun arbeidsactivering dan voor de gemeente bekend; - door na het constateren van deze werkzaamheden primair de nadruk te leggen op het sanctioneren van de bijstandsontvanger in kwestie, niet alleen geen gebruik wordt gemaakt van deze mogelijkheid tot arbeidsactivering maar deze ook geschaad kan worden; verzoekt het college: - een werkwijze vorm te geven rondom 'zwartwerken' binnen de Participatiewet die primair ingericht is op het benutten van arbeidspotentieel door middel van begeleiding en niet op het bestraffen van fraude; - hierover te rapporteren aan de raad;
en gaat over tot de orde van de dag." w.g. L.S. Vlieger Motie 3. Schrap dwang en drang "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van agendapunt 7.2: De voorstellen tot: a. vaststelling van het Beleidskader Participatie 2023- 2026 'Werk is geweldig!'; b. instellen van Rijnmonds Arbeidsmarkt Perspectief fonds (RAP); constaterende dat: - alle Rotterdamse bijstandsgerechtigden verplicht zijn om een tegenprestatie te leveren tenzij ze in het kader van artikel 6b of artikel 9a van de Participatiewet duurzaam of tijdelijk vrijgesteld worden van deze verplichting; overwegende dat:
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1793
-
de participatiewet gebaseerd is op arbeidsactivering, niet op het principe van wederkerigheid; niet alle bijstandsgerechtigden in staat zijn om een vorm van tegenprestatie te leveren; niet alle bijstandsgerechtigden gebaat zijn bij de verschillende mogelijkheden die wij aanbieden in het kader van een tegenprestatie; niet alle bijstandsgerechtigden realistisch gezien nog stappen zullen gaan zetten op het gebied van arbeidsactivering;
verzoekt het college: - wanneer het leveren van een tegenprestatie niet langer bijdraagt aan de persoonlijke ontwikkeling van de werkzoekende, ambtenaren in de uitvoering van de Participatiewet de mogelijkheden te geven om op basis van maatwerk (buiten artikel 6b of artikel 9a van de Participatiewet) een duurzame of tijdelijke vrijstelling te geven van het leveren van een tegenprestatie; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. L.S. Vlieger Motie 4. Geen extra straffen boven op sancties "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van agendapunt 7.2: De voorstellen tot: a. vaststelling van het Beleidskader Participatie 2023- 2026 'Werk is geweldig!'; b. instellen van Rijnmonds Arbeidsmarkt Perspectief fonds (RAP); constaterende dat: - Rotterdam bij schending van de inlichtingenplicht door een bijstandsgerechtigde in veel gevallen direct over gaat op het opleggen van een boetebedrag, oplopend tot 150% van het benadelingsbedrag, boven op de terugvordering van de te veel ontvangen bijstand; - artikel 18, vierde lid van de Participatiewet stelt dat "Het college kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ...
tenzij niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven."; overwegende dat: - ondanks sociaal vorderen de terugvordering van de te veel ontvangen bijstand een grote financiële klap is voor de persoon die niet voldaan heeft aan de inlichtingenplicht; - het opleggen van een boete boven op de terugvordering deze financiële klap exponentieel heftiger maakt; - het opleggen terugvorderen van het te veel uitgekeerde bedrag een 'straf' op zich is; - deze zware financiële maatregelen in de regel negatief werken voor het activeringsproces richting arbeidsparticipatie; - de afschrikkende werking van een geldboete omstreden is en uitgaat van rationeel handelen van iemand in overtreding; - mensen in (financieel) kwetsbare posities lang niet altijd rationeel handelen en/of consequenties overzien; - het opleggen van een boete in het kader van afschrikkende werking geen passende maatregel is om gedrag te beïnvloeden; - Rotterdam, binnen de kaders van de Participatiewet, de keuzevrijheid heeft om geen bestuurlijke boetes op te leggen bovenop terugvordering; verzoekt het college: - bij schending van de inlichtingenplicht uitsluitend bij aantoonbare opzet en/óf bij schending binnen twee jaar na een eerdere waarschuwing, over te gaan tot het opleggen
van een bestuurlijke boete; - bij het opleggen van een bestuurlijke boete een maximum van 50% van het benadelingsbedrag te hanteren bij aantoonbare opzet en een maximum van 25% bij overige vormen van 'verwijtbaarheid'; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. L.S. Vlieger
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1794
De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen De VOORZITTER. Mijnheer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Voorzitter, mensen hebben recht op bestaanszekerheid en een perspectief om hun levensomstandigheden ook te verbeteren. De cijfers in Rotterdam zijn verontrustend, maar we hebben het ook in de commissie al gezegd, een wethouder die erin gelooft om dit aan te kunnen pakken, spreekt ons wel aan. Maar niet elke specifieke keuze. Eentje werd al genoemd en dat is de aandacht, de prioriteit bij mensen die kansrijk zijn om aan het werk te komen. Volgens de wethouder is dat onder andere vanwege de beperkte middelen die hij heeft, maar wij zagen in de stukken die gisteren, eergisteren werden gepubliceerd dat er € 2 miljoen over is op de leerwerktrajecten dit jaar. We zullen er zeker bij de begrotingsbehandeling nog wel op terugkomen omdat er dus kennelijk nog wel echt ruimte is om wat extra te doen. En ik kijk dan ook naar mevrouw Maassen die daar in haar bijdrage ook iets over zei. Maar voorzitter, je zal maar door de gemeente als niet-kansrijk betiteld worden. Je wilt graag aan het werk en je vraagt hulp bij de gemeente. Nee, dat kan niet, want je bent niet kansrijk. Je moet wel vijf keer per maand solliciteren, en als je een foutje maakt dan pakken we je aan.
Voorzitter, ik hoop eigenlijk dat de wethouder straks zegt dat ik nu een karikatuur maak van zijn beleid, en dan zal ik heel blij zijn met dat verwijt, dat ik een karikatuur ervan maak, want dat betekent dat hij werkt aan maatwerk. En maatwerk, daar hebben we het net ook al over gehad, het komt vaak terug en iedereen is daar voor, maar als iemand bijvoorbeeld vrijwilligerswerk doet in het kader van de tegenprestatie en dan subsidie op een privérekening krijgt gestort, wordt dat dan in het kader van maatwerk opgepakt of niet? Wat is daar het beleid? Voorzitter, naast meer maatwerk vraag ik ook om aandacht voor een specifieke categorie, ouderen. Bijvoorbeeld, je bent zestig en zit al een paar jaar in de bijstand, en reken maar dat je niet als kansrijk wordt gekwalificeerd, maar je moet wel vijf keer per maand solliciteren. Afwijzing op afwijzing. Dat doet wat met mensen, met hun zelfvertrouwen en hun zelfbeeld. Daarom vind ik dat wij meer moeten doen. Werkgevers en gemeente moeten de achterstelling van ouderen aanpakken, en daarom een motie om daar meer aan te doen. Bestuurders zijn altijd trots om voorop te lopen. Nu ook weer, op heel veel plekken in het stuk staat: hiermee lopen we voor op landelijk beleid, enzovoorts, dit en dat.
Maar als wij vragen om de zoektermijn voor jongeren af te schaffen, vooruitlopend op de aanpassing van de Participatiewet, dan is het plotseling: we moeten wachten tot de wet er is. Een jongere die geen inkomen heeft krijgt in Rotterdam nog steeds te horen: zoek het lekker uit. Ja, tenzij je kwetsbaar bent. Maar voor ons is het gewoon een kronkel. Je hebt net zo goed kosten en ik zie geen meerderheid helaas in de raad om dat nu meteen maar stop te zetten, maar wel wilde D66 in het debat mij zeggen: als nu de wet wordt veranderd en er komt een kan-bepaling in, om die zoekperiode niet toe te passen, als de wet dan veranderd is, dan willen we het beleid wel aanpassen. En daarom hoop ik steun van D66 voor een motie te krijgen, om dat dan ook te doen. En als deze motie het desondanks niet haalt voorzitter, dan komen we er later vast nog eens een keertje over te praten. De VOORZITTER. De heer Ceulemans wil u een vraag stellen. De heer CEULEMANS (lr). Ja, ik kan het toch niet laten om een klein stukje commissie over te doen, want ik wil eigenlijk ook nu nog een keer aan de heer Engberts vragen, dit is iets wat ik oprecht niet begrijp. Kijk, voor kwetsbare jongeren, daar kun je over discussiëren, maar de heer Engberts wil voor alle jongeren onder de 27 jaar de zoekperiode afschaffen.
Maar vindt hij niet dat in een periode van gigantische krapte op de arbeidsmarkt, zo’n beetje in elke branche staan werkgevers te springen en te schreeuwen om werknemers. Vindt hij het dan niet een totaal verkeerd beeld om juist nu te zeggen: nee, er is geen enkele belemmering meer, je bent gezond, je bent jong van lijf en leden, je kunt gaan werken, maar de gemeente Rotterdam gaat op dit moment zeggen: je hoeft niet eens meer een maand te wachten, je krijgt meteen een bijstandsuitkering. Vindt hij dat niet een totaal verkeerd signaal op het totaal verkeerde moment? De VOORZITTER. De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Helaas wijzen de cijfers het andere uit voorzitter. Uiteindelijk komt het grootste deel van de jongeren uiteindelijk toch nog bij het loket terecht, van de anderen weten we niet eens hoe het met ze is. Ik ben natuurlijk heel blij dat de wethouder heeft gezegd: ik ga proberen dat meer in beeld brengen, maar het is wel een beetje een kwestie van dweilen met de kraan open. Je kan veel beter zorgen dat je de hele zoektermijn afschaft.
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1795
De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Jongeren komen weer terug bij een loket. Kunt u niet reflecteren op de situatie van de arbeidsmarkt? Als er nu één tijdsbestek is van de afgelopen jaren dat het niet nodig is om in de bijstand te raken als jongere waar verder niks mis mee is, is het nu. Iedere werkgever staat om je te springen. Kunt u daar eens op reflecteren? Waarom moet op dit moment die zoekperiode worden afgeschaft omdat jongeren op dit moment kansrijker zijn dan ooit op de arbeidsmarkt? De VOORZITTER. De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Ja voorzitter, ik vind het gewoon een principiële kwestie. Je hebt gewoon recht op bestaanszekerheid, dus die ene maand lopen ook jouw kosten door. En de redenering kan evenzogoed opgaan voor iemand van 28, 29, 30. Dus als we op deze glijbaan gaan zitten, dan zit straks iedereen een maand op een houtje te bijten. Ik ben daar niet voor. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Afrondend van mijn kant dan, het verschil is natuurlijk dat u nu een bestaande regel wil afschaffen. Die zoektermijn is er nu voor jongeren tot een bepaalde leeftijd. Die wilt u nu gaan afschaffen. Dat heeft verder niets te maken met oudere mensen die een bijstandsuitkering aanvragen. U wilt nu, op het moment dat het voor jongeren makkelijker is dan ooit om een baan te krijgen, zeggen: ik maak het makkelijker.
De PvdA maakt het nu makkelijker dan ooit om een bijstandsuitkering aan te vragen. Een totaal verkeerde keuze. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Voorzitter, het een sluit het ander niet uit. Wanneer mensen die zoekperiode niet hebben en gewoon een bijstandsuitkering kunnen krijgen, kunnen zij nog steeds zoeken naar die baan. En daar kunnen ze dan ook gelijk bij begeleid worden. Dus het sluit elkaar gewoon helemaal niet uit. We zien ook in de cijfers van Utrecht dat het helemaal niet waar is, dat we juist ook hebben gezien dat mensen alsnog een baan hebben gekregen in deze periode. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Maar het is toch totaal common sense om ervan uit te gaan dat als je iemand meteen een bijstandsuitkering geeft dat dan de prikkel om alsnog werk te zoeken wordt weggenomen? In de praktijk pakt het toch gewoon zo uit? Dat kunt u toch niet ontkennen? De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Nee voorzitter, want daarmee gaan we voorbij aan het feit dat mensen die geen inkomen hebben ontzettend veel stress ervaren. Niet rond kunnen komen, dingen niet kunnen betalen. En die stress zorgt er ook voor dat ze niet kunnen solliciteren en dat daardoor heel veel stappen gemist worden.
Dus als we dat nu weghalen door mensen gewoon wel gelijk een geldbedrag te geven en ze dan ook helpen met begeleiding naar werk, dan lossen we juist een probleem op. De VOORZITTER. Mijnheer Becker. De heer BECKER (vvd). Dank u wel voorzitter. Het voorbeeld van Utrecht noemen is in dit onderwerp volstrekt niet op zijn plek. Dat is een stad van de G4 die het op dit gebied echt heel slecht doet. Een heel lage uitstroom naar werk, een heel hoge instroom naar de bijstand. En die zoekperiode zorgt er ook juist voor dat er een kleine drempel is om zomaar even de bijstand in te stromen. Dat zorgt ook voor enige urgentie om snel een baan te zoeken. En in deze tijd is dat geen gekke eis aan jongeren. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger is gaan zitten. Mijnheer Engberts, u kunt verdergaan. Er zat ook geen vraag in. De heer ENGBERTS (pvda). Ik reageer er ook nog even op. Het blijft in de veronderstelling dat als je in
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1796
een uitkering zit, dat je dan niet gemotiveerd zou zijn om een baan te hebben en dat het veroorzaakt dat je op je gat op een stoel gaat zitten thuis en dat is gewoon helemaal niet de werkelijkheid. De VOORZITTER. U weet niet of op je gat zitten toelaatbaar Nederlands is, maar goed, vooruit. De heer ENGBERTS (pvda). Nou ja goed, u kunt er van alles verder onder verstaan. Voorzitter, we zijn blij dat de wethouder de kostendelersnorm niet toepast voor jongeren die thuis wonen. Maar ja, met dit falend volkshuisvestingsbeleid kun je op je 28e, ik heb het ook in de commissie gezegd, echt niet plotseling wel een woning vinden en ontstaan er alsnog problemen. Bovendien, dit zijn jongeren waar de ouders helemaal niet bij kunnen helpen, even een woning voor ze kopen of garant staan. Dus ook hier zeggen we eigenlijk tegen jongeren na hun 27e: zoek het maar uit. En zolang de problemen op de woningmarkt zo groot zijn, willen we daar daarom iets aan doen. En daarom de motie ꞌ35 is het nieuwe 27ꞌ. De VOORZITTER. 35 is het nieuwe 28. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Ik was vanochtend enigszins in de war, maar niet de hele dag. De kop van de motie is echt ꞌhet nieuwe 28ꞌ. Het lijkt me goed dat de griffier doet waar de griffier voor is. Laat mij maar de kop van de motie voorlezen. ꞌ35 is het nieuwe 28ꞌ staat er, dus als het 27 moet zijn, dan moet u de motie aanpassen.
(Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Goed zo, u kunt verder. De heer ENGBERTS (pvda). 27 klinkt zoveel jonger hè. Ik heb tot slot nog één motie. Het Bartiméus Fonds, Visio Foundation en de Oogvereniging voeren op dit moment een campagne om aandacht te vragen voor arbeidsparticipatie van mensen met een visuele beperking. 29% van de mensen met een visuele beperking heeft werk, 71% zit tegen hun zin thuis. We doen dat in Nederland ongelofelijk beroerd, ook in internationale vergelijking. De gemeente heeft nu nog een rol die per 1 januari naar het UWV overgaat, overigens een verbetering, maar dat ontslaat ons niet, nu niet en ook niet in de toekomst, van de verantwoordelijkheid werk te maken van deze groep mensen. De VOORZITTER. De heer Engberts heeft de volgende moties ingediend. Motie 5.
Rotterdam kan het! "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van 'Beleidskader Participatie 2023'; constaterende dat: - Rotterdammers van de leeftijd 18 tot en met 26 jaar, die ondersteuning nodig hebben op het gebied van onderwijs, een zoek-periode opgelegd krijgen van vier weken vanaf het moment dat zij een bijstandsuitkering aanvragen; - er bij ruim de helft van deze jongeren een uitzondering wordt gemaakt op het naleven van de zoekperiode omwille van financiële, sociale en/of gezondheidsredenen; - van de jongeren die een zoek-periode opgelegd krijgen het grootste deel uiteindelijk een uitkering aanvraagt en er geen zicht is op wat er met de rest van de groep gebeurt; overwegende dat: - jongeren net als ieder ander kosten van levensonderhoud hebben en bij gebrek aan inkomen net als ieder ander recht hebben op bijstand; - wij ons zorgen maken om onze jongeren die een maand lang een zoek-periode opgelegd krijgen; - er landelijk gewerkt wordt aan aanpassing van de participatiewet en de verplichte zoek-periode mogelijk vervangen wordt door een kan-bepaling; verzoekt het college: - zodra de wijziging van de Participatiewet in werking treedt en de zoekperiode een kan-bepaling wordt, deze direct niet meer toe te passen in Rotterdam; - variant: vooruitlopend op deze te verwachte wetswijziging de zoek-periode voor jongeren niet meer
toe te passen; en gaat over tot de orde van de dag."
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1797
w.g. G.J. Engberts Motie 6. Zoveel mogelijk mensen aan het werk! "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van 'Beleidskader Participatie 2023'; constaterende dat: - het college, zoals beschreven in 'Werk is Geweldig!' Beleidskader 2023-2026 stelt dat alle werkzoekenden zich aan de arbeids- en re-integratieverplichting moeten houden, dus ook zij die de pensioenleeftijd naderen; - het college tegelijkertijd bij de inzet van begeleiding naar werk de prioriteit wil leggen bij de meest kansrijke werkzoekenden; overwegende dat: - een belangrijke overweging bij de kwalificatie 'kansrijk' is of iemand nog maar kort in de bijstand zit; - veel oudere bijstandsgerechtigden al langer dan 5 jaar achtereen bijstandsgerechtigden zijn; - oudere bijstandsgerechtigden en werkzoekenden die de pensioenleeftijd naderen, specifiek boven de leeftijd van zestig jaar, bovendien vaak te maken krijgen met leeftijdsdiscriminatie; - werkgevers de maatschappelijke opdracht hebben om zoveel mogelijk mensen te betrekken op de arbeidsmarkt; - het niet bevorderlijk is voor de motivatie van werkzoekenden om keer op keer afgewezen te worden nadat zij hebben gesolliciteerd; verzoekt het college: - om in overleg te gaan met regionale werkgeversorganisaties en afspraken te maken hoe deze groep werkzoekenden beter te betrekken op de arbeidsmarkt; - daarbij te
onderzoeken of de loonkostensubsidie (LKS) kan worden ingezet om deze groep te ondersteunen in het traject naar betaald werk; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. G.J. Engberts Motie 7. Vijfendertig is het nieuwe achtentwintig! "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van 'Beleidskader Participatie 2023'; constaterende dat: - de kostendelersnorm niet wordt toegepast op jongeren tot de leeftijd van 27 jaar; overwegende dat: - volkshuisvesting ook voor jongeren vanaf 28 jaar bijna onbereikbaar is; - dit in het bijzonder geldt voor kinderen van bijstandsgerechtigden, gezien het feit dat deze groep hen ook niet financieel kan ondersteunen; verzoekt het college: - om de kostendelersnorm niet meer toe te passen voor thuiswonende kinderen tot en met de leeftijd van 35 jaar; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. G.J. Engberts Motie 8. Een visuele beperking hoeft geen beperking te zijn!
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1798
"De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van 'RV Beleidskader Participatie 2023; constaterende dat: - er 360.000 blinden en slechtzienden zijn in Nederland; - de arbeidsparticipatie van deze groep zeer laag is ten opzichte van andere doelgroepen, namelijk maar 29% bedraagt;1 - een grote groep van de desbetreffende doelgroep zowel kan en wil werken en participeren in de arbeidsmarkt;2 overwegende dat: - er een nieuwe wetswijziging is ingediend en aangenomen in de Tweede Kamer op 20 juni jl., die de zorg voor de uitvoering van technische werkvoorzieningen voor mensen met een visuele beperking overhevelt van de gemeenten naar het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV);3 - de beoogde inwerkingtreding van deze nieuwe wetswijziging pas 1 januari 2024 is; - het college nog verantwoordelijk is voor de aanvragen van de bovengenoemde doelgroep, op grond van de huidige Participatiewet tot de beoogde inwerkingtreding van de nieuwe wet; verzoekt het college: - om deze doelgroep extra aandacht te geven totdat deze nieuwe wetswijziging in werking treedt; - om deze doelgroep na deze wetswijziging ook blijvend te ondersteunen; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. G.J. Engberts 1
Belangrijke stap naar een inclusievere arbeidsmarkt - Koninklijke Visio Wij willen werken! https://wijwillenwerken.nl/ 3 Wijziging van de Participatiewet ten behoeve van de werkvoorzieningen voor visueel beperkten | Tweede Kamer der StatenGeneraal 2
De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mijnheer Vonk. De heer VONK (cu). Dank voorzitter. Ja, het is te zien aan de titel alleen al, dat het een wethouder van VVD-huize is die dit beleidskader heeft geschreven. Werk is geweldig. Het is iets betekenen. Ertoe doen. Werk lijkt wel heiligverklaard te worden. Het klinkt vrolijk, hoopvol, positief, kortom bijna religieus. Maar het is een klap voor de mensen die met werk de eindjes niet aan elkaar kunnen knopen. Of door de gesel van het werk onvoldoende voor hun gezin kunnen zorgen. Werken in het zweet des aanschijns, zoals de Bijbel erover spreekt, is voor veel meer mensen een realiteit dan het credo van de happy few die kunnen zeggen: werk is geweldig. Maar goed, tegelijkertijd moet ik ook vaststellen, los even van deze bijna sacrale framing van werk, dat het wat ons betreft een gedegen en afgewogen beleidskader is. En wij hebben nog gekeken of wij nog iets positief kunnen toevoegen waar het nog beter van wordt, en dat is eigenlijk prima verwoord in een motie van Volt en wij zijn blij dat wij daar op konden en samen dienen we dan ook straks, bij monde van Volt, die motie in. Dat is de motie ꞌEmpower moeders met kinderenꞌ. Ik zie uit naar de indiening en naar de reactie van de wethouder uiteraard. Dank u wel. De VOORZITTER. Dank u wel. Mevrouw Elfilali.
De spanning daarop hoort 12 Volt te zijn. Mevrouw ELFILALI (volt). Yes, hij doet het. Dank voorzitter. Inderdaad, het beleidskader waar we het vandaag over hebben met de drie pijlers positiviteit, pragmatisme en samenwerking, zijn drie zaken die ons als Volt ontzettend aanspreken. We hebben er uitvoerig over gesproken en ik wil eigenlijk nu ingaan op de grote groep alleenstaande moeders. Het werd net ook al aangekondigd door de collega van de ChristenUnie, want de groep alleenstaande ouders in Rotterdam die in de bijstand zitten, bestaat voor 87% uit vrouwen. Dat is een gigantisch hoog aantal. Als we even uitzoomen, het gevoel van eigenwaarde is voor elke persoon met kinderen van groot belang. Als je dan kijkt naar deze grote groep alleenstaande vrouwen, dan kan ik me voorstellen dat
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1799
het maken van keuzes, het recht hebben om toegang te hebben tot kansen en tot middelen en ook eigenlijk het recht op het hebben van controle over je eigen leven, van groot belang is. De alleenstaande zorg voor kinderen kan overweldigend zijn, voor elke ouder, laat staan als je in een lastige situatie zit, waarin je stress hebt vanwege een beperkt aantal middelen dat je hebt. Dan heb je weinig tijd en weinig ruimte om bijvoorbeeld te zoeken naar werk of te kijken naar hoe je jezelf verder kan ontplooien. En wij gunnen deze alleenstaande vrouwen lucht. Dus vanuit Volt zien wij heel graag dat deze groep vrouwen wordt geholpen in praktische zin, als het gaat om scholing, als het gaat om het zoeken naar werk, maar ook als het is om bijvoorbeeld een competentie te kunnen ontwikkelen. Daarom dienen wij inderdaad samen met de ChristenUnie en ook met D66 en PvdA de volgende motie in, waar wij eigenlijk willen vragen aan de wethouder of we kunnen starten met een pilot waarin we deze vrouwen met kinderen in de bijstand nu kunnen helpen aan hun toekomst. En dan nog even een ander punt waar ook aandacht aan wordt besteed, namelijk social return. Social return is de voorwaarde in een contract waar binnen aanbestedingen een deel van de aankoopsom ingezet kan worden voor sociale doelstellingen. In Rotterdam is dat over het algemeen aan arbeid of aan participatie gerelateerd.
De Rekenkamer heeft al eens onderzocht dat wij in Rotterdam heel veel social return-geld laten liggen en eigenlijk onbenut laten. Daarom dienen wij nu een motie in waarin wij eigenlijk meer willen weten over hoeveel geld wij nu eigenlijk laten liggen en hoe we ervoor kunnen zorgen dat we dat geld social return breder in kunnen zetten in de toekomst, maar ook op een manier dat het maatschappelijk impact kan hebben en dat het ook een manier is waarbij er terug wordt gegeven aan de stad. Dus ik dien graag nog de motie in ꞌSocial return: wanneer je iets krijgt geef je ook iets terugꞌ. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali heeft de volgende moties ingediend. Motie 9.
Empower alleenstaande vrouwen met kinderen "De Gemeente Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van het agendapunt 7.2 'Vaststelling van het Beleidskader Participatie 2023-2026 'Werk is geweldig!"; constaterende dat: - van de groep alleenstaande ouders die in de bijstand leven er 87% vrouw zijn; overwegende dat: - alleenstaande ouders een kwetsbare groep is waarbij de (zware) leefomstandigheden en de alleenstaande zorg voor de kinderen het moeilijk maakt om te investeren in een economisch onafhankelijke toekomst; - het langdurig afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering het risico van een toenemende afstand tot de arbeidsmarkt met zich mee brengt; - het verminderen van de afstand tot de arbeidsmarkt een onderdeel is van vrouwenemancipatie; verzoekt het college: - een pilot te starten waarbij alleenstaande vrouwen in de bijstand in een periode van twaalf maanden worden geholpen naar werk, opleiding en/of competentie ontwikkeling; - hen gedurende die periode lucht te geven en hen gericht te helpen met opvang voor de kinderen, de inzet op (parttime)werk en eventueel verdere knelpunten; - hierover terug te koppelen aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. l. Elfilali, T.J. Vonk, A.J.A. Maassen en G.J. Engberts Motie 10.
Social return: Wanneer je iets krijgt, geef je ook iets terug "De Gemeente Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van agendapunt 7.2 'vaststelling van het Beleidskader Participatie 2023-2026 'Werk is geweldig!"; constaterende dat: - Social return de contracteis is binnen aanbestedingen om een gedeelte van de aankoopsom in te zetten voor sociale doelstellingen;
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1800
-
de gemeente Rotterdam de inkomsten uit de social return regeling tot nu toe voornamelijk heeft ingezet om personen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt weer aan het werk te krijgen; de gemeente Rotterdam bij de inkoop van producten of diensten 'social return' als voorwaarde stelt aan opdrachtnemers; door onderzoek van de Rekenkamer (Rapport 2020 'Een opdracht voor de stad') is aangekaart dat de social return-regeling niet voldoende wordt benut en nageleefd, waardoor er jaarlijks € 10 à 15 miljoen aan social return inkomsten wordt misgelopen; de gemeente in het beleidskader (2015-2018) zich een target had gesteld van 85%, dus € 35 miljoen per jaar, en dat deze maar deels gehaald wordt namelijk zo'n € 25 à € 30 miljoen (dus zo'n 50% à 60% van de totale social return-opgave); het daarom een zeer goed punt is dat het college van plan is de inzet op de social return verplichting te intensiveren;
overwegende dat: - zelfs met de intensivering, beoogd door het huidige college er toch nog een restruimte overblijft van circa € 10 à € 15 miljoen per jaar; - Rotterdam gebaat is bij een betere, maar ook creatievere 'bredere' inzet van de social returnopdracht opdat deze beter de Rotterdammer dient die het behoeft; - de 'restruimte' ook benut kan worden om een mentaliteitsverandering teweeg te brengen waarbij letterlijk 'social return' de norm wordt, dat wanneer je publiek geld ontvangt van de stad, je naast de opdracht, ook iets teruggeeft aan de stad; - vanuit die gedachte de restruimte uitstekend kan dienen voor cultureel maatschappelijke projecten die de leefomgeving van alle Rotterdammers verbeteren, projecten die Rotterdammers trots laten zijn op hun stad en hen met elkaar verbinden; verzoekt het college: - om te onderzoeken welk percentage er nu in de laatste twee jaar behaald is en daarmee te onderzoeken hoeveel financiële ruimte er bij social return boven de streefwaarde van 85% niet benut wordt; - om voortaan de restruimte van de social return-regeling breder, impactvoller in te zetten indachtig de letterlijke betekenis "social return" het teruggeven aan de stad; - er op na te zien dat de volledige inkoopkracht van de gemeente op het gebied van social return benut wordt; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. l.
Elfilali De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Becker. De heer BECKER (vvd). Dank u wel voorzitter. Dit is al uitgebreid besproken in de commissie, dus ik zal het kort houden. De essentie van het beleidskader dat voor ons ligt, ꞌWerk is geweldig!ꞌ is simpel en krachtig. Het mobiliseren van iedere Rotterdammer om zijn of haar potentieel te benutten. Het stuk enthousiasmeert en het is bijna religieus, zoals de heer Vonk net zei, gezien de roep om positiviteit, oproep tot pragmatisme, en ook vooral een pleidooi voor samenwerking. We zijn daarnaast ook blij dat de wethouder aangeeft dat er gekeken wordt naar de potentie van het individu en dat er ook echt ingezet wordt op een doelgerichte fraudeaanpak. We kunnen dit dan ook van harte steunen. Iets wat nog wel beter kan, wat ik ook tijdens de commissie heb genoemd, is op het gebied van social return. Mevrouw Elfilali noemde het net ook al. Wat wij vaak horen van ondernemers bij aanbestedingen of die moeten voldoen aan social return, is dat het nogal onoverzichtelijk is, dat men niet weet: hoe moeten we dat nu doen.
Zeker kleine ondernemers lopen daar tegenaan, willen graag, maar hebben niet de juiste kennis, dus deze motie roept op om daar duidelijker over te communiceren en daarin te faciliteren, zodat we die doelstellingen ook beter kunnen halen. Dank u wel. De VOORZITTER. De heer Becker heeft de volgende motie ingediend. Motie 11. Ondernemers laten ondernemen
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1801
"De gemeenteraad, in vergadering bijeen op donderdag 28 september 2023, ter bespreking van agendapunt 7.2 vaststelling van het beleidskader participatie 2023-2026 'Werk is geweldig'!; constaterende dat: - de gemeente Rotterdam van bedrijven en organisaties die willen samenwerken met de gemeente een SR (social return) verlangt; overwegende dat: - social return ervoor kan zorgen dat openstaande vacatures op de arbeidsmarkt vervuld kunnen worden; - ondernemers moeten kunnen ondernemen en niet bezig moeten zijn met het uitzoeken van allerlei gemeentelijke regels en eisen; - social return geen drempels moet opwerpen, maar ondernemers juist moet helpen; verzoekt het college: - bij de dienstverlening ondernemers in een vroeg stadium een heldere communicatie en passende ondersteuning te bieden over het voldoen aan de SR (social return) verplichting; - hierover te rapporteren; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. S.J.C. Becker en A.J.A. Maassen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Ja, dank voorzitter. Ik zal ook niet te veel tijd in beslag nemen. Er is een mooi uitgebreid commissiedebat over geweest. In het beleidskader wordt gesproken over positivisme, pragmatisme en samenwerking om die opdracht te laten slagen.
Wat ons betreft zijn dat goede randvoorwaarden die we ook wel terugzien in het plan. Tijdens de commissie werden er terecht veel vragen gesteld over fraudeonderzoek. Ik had daar zelf ook het een en ander over. Voor ons blijven inderdaad maatwerk en die menselijke maat belangrijke voorwaarden. Dank ook aan de wethouder voor de brief over de werkwijze, hoe die maatregelen et cetera worden opgelegd. En voorzitter, als blijkt dat door belanghebbenden de inlichtingenplicht niet wordt nagekomen, moet de gemeente volgens de Participatiewet een boete of waarschuwing opleggen, citeer ik. De grondslag van die boete is het bedrag dat de gemeente te veel heeft uitgekeerd. Dan hebben we het over een percentage van het benadelingsbedrag. Dit kan ervoor zorgen dat er een extra financiële uitdaging ontstaat waarmee bewoners met een bijstandsuitkering worden geconfronteerd. Die boetes kunnen dusdanig extra financiële lasten veroorzaken die dan ook die stabiliteit van die mensen in gevaar brengt. Mijn vraag aan de wethouder is eigenlijk of we kunnen kijken naar een nieuw alternatief of een extra alternatief in de vorm van waarbij we mensen waarbij die verwijtbaarheid misschien niet heel erg groot is, of dat de draagkracht echt heel erg laag is, om te kijken of boetes ook ingeruild kunnen worden.
Dus Rotterdammers met openstaande boetes in het kader van de Participatiewet de mogelijkheid bieden om boetes gedeeltelijk in te ruilen voor bijvoorbeeld gemeenschapsdiensten, denk bijvoorbeeld aan vrijwilligerswerk. Er zullen ongetwijfeld haken en ogen aan zitten, voor- en nadelen, maar ik zou de wethouder wel willen vragen om dit proces toch te willen verkennen en misschien dat hij daar iets op kan toezeggen. Dank. De VOORZITTER. Dank u wel. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, werk is geweldig en papier is geduldig. Gisteren waren we bij de wijkcoöperatie Afrikaanderwijk, waar een zestigtal mensen proberen te overleven op hun manier met allerlei nuttige dingen in de samenleving, van een kledingbank tot het opruimen van de markt tot catering et cetera. En die mensen zijn allemaal blij dat ze op zijn minst er een minimumloon voor verdienen collectief en dat ze ook af zijn van die uitkering, omdat toch het gevoel is bij heel veel mensen die daarvan afhankelijk zijn dat er toch een soort schrikbewind heerst. En de nota ademt dat niet uit en ik denk ook niet dat de wethouder, want ik ken hem als een zeer beminnelijk persoon, zelf iets wil uitstralen van een schrikbewind. Maar dat kunnen we natuurlijk vandaag allemaal geweldig
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1802
vinden, tegelijkertijd staat er vandaag wel een stuk in de Volkskrant waarbij de wethouder en zijn dienst W&I aan de schandpaal worden genageld. En die schandpaal, die schandvlek moet wel weg uit Rotterdam. Dus het gaat niet om deze casus, maar het artikel hakt er wel diep in. Ik word benaderd door de Tweede Kamerfractie, ik word benaderd door mensen uit Amsterdam: hoe kan dat gebeuren dat in Rotterdam dit soort dingen voorvallen? En het is niet één voorbeeld, het is al jaren, ook bij mij in de wijk, dat mensen goed werk doen in het buurthuis, via MO Welzijn Participatiewet, en zeggen: je moet niet overgedragen worden aan W&I en Participatiewet, want dat is echt, dat is niet terreur, maar een schrikbewind hangt je dan om de nek. Dus dat beeld is heel slecht. En dat beeld is niet alleen in Rotterdam slecht, dat is in heel Nederland slecht. Er is niet voor niets een enquêtecommissie met een parlementaire enquête aan de gang over fraudebeleid en dienstverlening, waarbij we minister Kamp hebben gezien die zegt: nou ja, mensen zijn nu eenmaal per definitie fraudeurs, dat weet iedereen. Die houding, die willen we niet meer uitstralen. Die komt wel uit dat artikel naar voren, dus ik verwacht uiterlijk morgen van de wethouder dat het allemaal onzin is wat er in de Volkskrant staat, of anders excuses en dat er diep door het stof gegaan wordt. De VOORZITTER. Dank u zeer.
Andere sprekers? Volgens mij hebben we alle sprekers gehad. Dan gaan we naar de wethouder. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) De tijd loopt niet door. Dan houden wij mijnheer Becker in de gaten. De heer VERSNEL (vvd) (wethouder). Graag wat extra tijd voor de VVD. De VOORZITTER. De VVD komt nooit tijd tekort. Mocht dat het geval zijn, dan zijn wij barmhartig. Wethouder. De heer VERSNEL (vvd) (wethouder). Voorzitter, dank u wel en hartelijk dank aan alle leden van de raad voor hun positieve noten en natuurlijk ook voor de kritiek, waar we altijd van leren, en voor de goede vragen en voorstellen die u heeft gedaan. Werk vinden wij, vind ik persoonlijk, inderdaad ook echt geweldig. En natuurlijk mijnheer Vonk, dat geldt lang niet voor iedereen. Veel mensen zijn ook blij als het op een gegeven moment klaar is. Maar in zijn algemeenheid kun je zeggen dat voor mensen die niet de kans hebben gekregen om een baan te hebben, die daardoor met een te klein inkomen zitten, die daardoor vaak vereenzamen, die daardoor vaak weinig voldoening halen uit hun week, het echt een van de beste dingen is die ze kan overkomen. En daarom maken we er zo ongelofelijk veel en hard werk van om dat voor zoveel mogelijk Rotterdammers die nog langs de kant staan, mogelijk te maken. Want al die Rotterdammers zijn ook gewoon nodig. Dat zie je op de arbeidsmarkt, dat zie je overal in de maatschappij.
Ik ben als iemand met een liberaal hart er vast van overtuigd dat iedereen kwaliteiten heeft die ergens in deze maatschappij of op deze arbeidsmarkt gewenst en noodzakelijk zijn. En vanuit dat fundamentele positivisme zit ik en zitten wij met W&I en overigens met dit college, in de wedstrijd. En dat leidt er dus toe dat wij een beleid hebben dat erop gericht is iedereen voor wie dat ook maar enigszins kan richting werk te begeleiden. Dat kan een betaalde baan zijn, ideaal. Dat kan een parttime baan zijn, dat kan een vrijwilligersbaan zijn. Maar voor zoveel mogelijk mensen willen we dit mogelijk maken. En we gaan daar heel erg ver in, nog verder dan we al deden, met de inzet van coaches, voor een heel individuele intensieve begeleiding van mensen, met loonkostensubsidie, door heel nauw samen te werken met werkgevers in onze regio en met hen goede afspraken te maken over langere contracten, meer uren, beter loon. Door leerwerktrajecten aan te bieden, meer dan we ooit hebben gedaan. Door te investeren in de hoeveelheid sociaal ondernemers in onze stad, die kansen bieden aan mensen die ook wat geduld nodig hebben in hun eerste stapjes. Door Rotterdam Inclusief, een van de beste sociaal ontwikkelbedrijven van Nederland te hebben, waar bijna 2000 Rotterdammers een fantastische werkplek hebben die ze ergens anders niet zouden kunnen krijgen.
En natuurlijk door het bieden van een stabiel en betrouwbaar inkomen. Mevrouw Yildirim vroeg mij net in de pauze er al even naar, om hoeveel geld gaat dat nou? Om € 1216,00 netto, elke maand, als je alleenstaand bent, en € 1738,00 als je een paar bent. Dat is niet niks, en daar voorzien we in omdat we dat belangrijk vinden en omdat de wet dat van ons vraagt. Daar staat ook wel tegenover dat diezelfde wet ook iets van de bijstandsgerechtigde vraagt, namelijk dat die voldoet aan de inlichtingenplicht en aan de arbeidsplicht. We willen zeker weten dat we geld overmaken naar mensen die daar ook recht op hebben. En tegenover die hele investering die wij ook, omdat we het willen, omdat we het goed vinden, in mensen doen, vragen we terug dat die mensen ook in zichzelf investeren door eraan mee te werken, door kansen te grijpen als die worden aangeboden. En daar bieden we dus zoveel als we kunnen de helpende hand bij. Als dus de vraag is wat ons beleid is, dit is ons beleid. En als mensen niet kunnen voldoen of niet voldoen aan zo’n plicht, dan gaan we daar vanuit de menselijke maat mee om,
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1803
maar we handhaven wel die plicht. Dat is wat de wet van ons vraagt. We kunnen niet anders. En in de manier waarop we dat doen, passen we de menselijke maat toe. Als iemand de inlichtingenplicht niet is nagekomen, dan kijken we altijd naar de mate van verwijtbaarheid. We hebben dat in de commissie uitgebreid met elkaar besproken. Ik heb u ook een aantal brieven erover gestuurd, omdat u natuurlijk ook geïnteresseerd erin bent, in steeds diepgaandere mate van detail. Er is inmiddels meer informatie met u gedeeld dan ooit tevoren volgens mij. En daar houdt het niet mee op, we hebben namelijk helemaal niets te verbergen. Dus in een aantal inbrengen van de kant van de raad, wordt de indruk gewekt alsof wij het ene opschrijven, een heel positief verhaal, en dat wij stiekem met een heel hardvochtig mensenhatend fraudejachtbeleid bezig zijn. Dat is niet waar. Alles is transparant, alles is open voor u. We hebben ook al een aantal keer een werkbezoek aan u aangeboden om te kijken bij de sociaal rechercheurs, bij de mensen die in die keten van handhaving en toezicht werken, zodat u ook tot in het detail dat u wilt over wat voor signalen, en hoe ga je daarmee om, u kunt het en u mag het allemaal zien. We hebben niets te verbergen. Er werken goede mensen en die doen hun werk zorgvuldig. Ik ben daar vast van overtuigd. Wat niet wil zeggen dat er niet ook een fout gemaakt kan worden.
Maar dat u als raad, of dat leden van de raad zeggen op basis van een artikel waar u de andere kant nog niet van kent, van dat specifieke maak ik een heel veralgemeniseerd verwijt over hoe deze dienst Werk en Inkomen, hoe deze gemeente haar werk doet, daar moet ik echt afstand van nemen. En ik doe ook een beroep op uw raad, wacht die rechtszaak af. De rechtsstaat functioneert. De betrokkene vindt dat het niet terecht is en een rechter gaat ernaar kijken. Laat ons dat in gezamenlijkheid afwachten en laten we daarna dan conclusies trekken wat er anders of beter had gemoeten als daar sprake van zou zijn. Dat wil ik daarover zeggen. En dan is het ook nog zo dat als er zo’n terugvordering plaats moet vinden, los van dit specifieke geval, en er moet een boete worden opgelegd, los van dit specifieke geval, dan is het ook daarna nog zo dat we altijd werken met sociaal incasseren. Niets van wat wij doen is erop gericht om zoals dat met de toeslagenaffaire is gebeurd, mensen kapot te maken. Toen was het: we hebben € 30.000,00 van u tegoed en u mag het in twee termijnen betalen. Dat is hoe je mensen kapotmaakt. Dat is niet hoe wij werken, op geen enkele manier. We houden altijd rekening met de draagkracht en met het betaalvermogen van mensen.
Dus laat dat ook het signaal naar de stad zijn, je hoeft er niet bang voor te zijn dat je door de gemeente Rotterdam op die manier kapot wordt gemaakt als destijds door de Belastingdienst is gebeurd. Het lijkt er niet eens op wat wij hier doen. Dan ga ik naar de vragen van mevrouw Maassen. De omgekeerde toets in de monitor. Ja, dat doe ik graag. Die omgekeerde toets vind ik belangrijk. Wij moeten steeds vertrekken vanuit wat het doel is met ons beleid. Dat is dat we uiteindelijk mensen helpen de stappen naar werk te zetten voor zover ze dat kunnen. En eigenlijk moet alles er primair op gericht zijn om dat ook mogelijk te maken en de manier waarop is natuurlijk ook een ongoing proces. Maar dat deel ik graag met u. Dan het rapporteren over de signalen, daar heb ik natuurlijk al wat over gezegd. U mag dat allemaal zien, we leggen het ook heel graag uit, we laten u meekijken naar de schermen, het is volstrekt open en transparant. We hebben niets te verbergen. We doen ons werk zorgvuldig. De zoekperiode, daar zijn een aantal vragen over gesteld, ook door de heer Engberts uiteraard. Die zoekperiode doen we ook nu al met volledige inachtneming van de menselijke maat, maar het is daadwerkelijk wel zo dat er zich jongeren bij ons jongerenloket presenteren die er te makkelijk over hebben gedacht, die hebben gehoord dat je daar relatief makkelijk een uitkering kon krijgen.
Onze jongerenconsulenten met hun professionele ontwikkeling zijn ook de eersten die dat ook vaak kunnen herkennen. En zo’n zoekperiode helpt om jongeren waarbij je denkt dat het om zo’n situatie kan gaan, toch nog zelf een ultieme poging te laten doen om zelf school of werk te vinden. Dat doen we tot dusver dit jaar in 46% van de gevallen, van de jongeren die zich bij het jongerenloket melden. Dan sturen we jongeren niet weg met: zoek het nog maar even vier weken uit en dan zien we je wel weer. Integendeel. Die afspraak voor over vier weken wordt vast direct gemaakt, dus die afspraak staat al gepland. Je krijgt een plan voor wat je in die vier weken gaat doen. Dat maakt die jongerenconsulent met de betrokkene samen. Als er al sprake is van schuldenproblematiek, word je al doorverwezen naar het expertiseteam financiën, zodat daar direct werk mee wordt gemaakt. Als je op het moment van de afspraak niet komt opdagen, word je op dat moment nagebeld. Als je na twee weken nog steeds niets van je hebt laten horen, word je nog een keer nagebeld. En als je alsnog, dus in tweede instantie, die uitkering aanvraagt, dan krijg je hem ook met terugwerkende kracht. Dus het idee dat schuldenproblematiek dan is opgelopen, ja dat kan eventjes gebeuren, maar je krijgt ook gewoon voor die maand, voor die zoekperiode, alsnog dan de uitkering als blijkt dat je er recht op hebt.
Dus ik vind dat, daar ben ik echt van overtuigd, de redelijke menselijke manier om hiermee om te gaan. En het is dus ook zo dat 63% tot dusver dit jaar van de jongeren die zijn heengezonden om zelf nog een poging te doen, zich uiteindelijk niet meldt. Bij de contactpogingen leidt dat zelden ertoe dat zo iemand dan aangeeft: ik wil alsnog geholpen worden. Overigens wordt in de meeste gevallen helemaal niet opgenomen. Maar ik heb natuurlijk in de veegbrief aan u toegezegd,
raadsvergadering van 28 september 2023
Notulen pagina
1804
want ik snap uw zorg om die jongeren, ik wil ook graag weten hoe het met ze gaat, dus wat we met elkaar hebben afgesproken is om toch nog meer pogingen te doen om met die jongeren weer in contact te komen, zodat we aan u wat kunnen melden over hoe dat dan met die jongeren gaat en wat ze eventueel nog nodig zouden hebben. Aandacht voor de mentale gezondheid is er natuurlijk zeker. Dus in het beoordelen van: is hier sprake van iemand die zelfstandig nog een poging moet kunnen doen of valt iemand in een van de categorieën of moet er sprake zijn van maatwerk, dan is dat natuurlijk echt een van de zaken waar we ook naar kijken. Dan ga ik naar Leefbaar Rotterdam. Mijnheer Ceulemans heeft gevraagd naar de taaleis en heeft ook een motie ingediend die zegt, een uitspraak van de raad dus dat is natuurlijk aan u, en dan vervolgens het verzoek aan mij om een signaal uit te brengen aan het rijk over de resultaatsverplichting. Kijk, het lastige is van de Participatiewet en ik heb hem gisteravond nog weer eens even zitten lezen, op mijn favoriete website wetten.nl/participatiewet. In die Participatiewet, daar zit eigenlijk wel degelijk ook al een resultaatsverplichting in, alleen is dat een beetje een ingewikkelde. Wat die Participatiewet namelijk zegt, is dat de gemeente een deel van de bijstand kan inhouden als iemand de taal onvoldoende machtig is.
En dan vervolgens moet iemand de kans krijgen binnen acht weken om zich eraan te committeren er wat aan te gaan doen. Dan krijg je na enige tijd nog een taaltoets, en dan moet je op een van vijf taalgebieden, luistervaardigheid, spreekvaardigheid, leesvaardigheid enzovoorts, één niveau vooruit zijn gegaan. Zo’n marginale verbetering die al voldoende is, is in de praktijk best ingewikkeld. Overigens lukt het ons desondanks regelmatig om als we zien dat iemand echt verwijtbaar er niets aan heeft gedaan, dan ook wel een maatregel op te leggen en dat hebben we ook tot dusver dit jaar een aantal keer gedaan. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Het klopt wat de wethouder zegt. Het is in de praktijk een inspanningsverplichting, omdat het resultaatsverplichtingsdeeltje dermate klein is en er zitten dermate veel voorwaarden aan verbonden, dat het in de praktijk om een inspanningsverplichting gaat. Maar dat is natuurlijk eigenlijk vanaf het begin af aan al een weeffout geweest. Het was volgens mij destijds mevrouw Klijnsma die dat heeft ingevoerd, en in de vorm van een rommelig compromis is dit er toen uitgekomen, wat eigenlijk vrij moeilijk werkbaar is.
Dus is de wethouder het er wel mee eens dat een resultaatsverplichting in plaats van een inspanningsverplichting de gemeente gewoon aanzienlijk meer handvatten zou geven om ook juist in het belang van de bijstandsgerechtigde meer grip op de taalbeheersing van bijstandsgerechtigden te krijgen? De heer VERSNEL (vvd) (wethouder). Heel Nederland zou gebaat zijn bij een meer heldere taaleis voor mensen die in de bijstand zitten, dus daar ben ik het absoluut mee eens. Het is vervolgens ook wel echt een politieke vraag of je de taal in het re-integratietraject zo belangrijk wil maken. Ook bij ons in de dienst lopen de opvattingen daarover uiteen. Sommigen zeggen: laat mensen vooral eerst werken en laat taal geen obstakel zijn. Anderen zeggen: die taal is toch wel heel erg belangrijk. Als college zeggen wij: we laten het aan u als raad om hier een oordeel over te vormen en een signaal over af te geven als u dat zou willen. Dus mijn advies hierbij is: oordeel aan uw raad. U heeft vervolgens gevraagd naar de vermogensfraude, specifiek in het buitenland. We doen daar niet meer zo’n thematisch onderzoek naar, maar het is wel onderdeel van de reguliere toezicht- en handhavingsketen. En wij houden daar zeker vinger bij aan de pols, dus ik word ook regelmatig op de hoogte gehouden natuurlijk van de resultaten en vervolgens u als raad ook op een geaggregeerd niveau.