CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20230928- Notulen van de raadsvergadering van 28 september 2023

Gemeenteraad 7 november 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de raadsvergaderingen van:66.917 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 7

Rotterdam draagt met trots haar geschiedenis als de wederopbouwstad van Nederland. Onze geschiedenis is het bewijs van onze veerkracht als stad. Het is het bewijs dat wij niet bang zijn voor rigoureuze verandering. Waar is deze mentaliteit nu? Tijdens de Wederopbouw lag de urgentie natuurlijk hoger en was de context anders, maar de opgave was hetzelfde. Er moesten in korte tijd veel betaalbare woningen gebouwd worden. In het verleden heeft onze stad hierin successen behaald maar ook fouten gemaakt, dus laten we inspiratie maar ook de nodige lessen halen uit onze geschiedenis. Voorzitter, laten we vooral niet vergeten dat we het over mensen hebben, niet over problemen. Dak- en thuisloze mensen zijn mensen die een probleem hebben en niet een probleem zijn. Het is daarom jammer dat mensen die in zorg ergens tijdelijk verblijven, gezien worden als overlast in plaats van als mensen die dringend onze hulp nodig hebben. In het plan van aanpak ꞌOp weg naar herstel en een thuisꞌ schrijft wethouder Buijt het volgende. Omwonenden hebben een stem in de beheercommissies en krijgen duidelijker te zien hoe klachten of overlast aangepakt worden.

Als omwonenden een stem krijgen, krijgen de mensen met een hulpvraag dat dan ook, of wordt er alleen maar over hen gepraat in plaats van met hen? En wordt op dit vlak ook gebruikgemaakt van de kennis en inzichten van ervaringsdeskundigen? Daarnaast schrijft de wethouder dat hij mensen de tijd en ruimte wil geven om problemen op te lossen door Wonen Eerst toe te passen. Dit is een mooie wens, maar de plannen lijken niet helemaal te helpen bij het vervullen van deze wens, bijvoorbeeld als we het hebben over EU-migranten. Als de tijd van opvang van EUmigranten wordt ingekort, als er versterking komt van de inzet op terugkeer en het verminderen van overlast, in plaats van versterking van de inzet op hulp, waar krijgen de EU-migranten dan precies de tijd en ruimte in dit proces? Wat voor perspectief kan het plan aan hen bieden? Ten tweede kunnen we het hebben over bankslapers. In Rotterdam zijn er 1400 bankslapers met een gemeentelijk briefadres. We weten dat het totaal aantal bankslapers vele malen groter is. In de collegebrief over het actieplan bankslapers staat dat er honderd flex-woonplekken gecreëerd worden voor deze doelgroep.

Als er op korte termijn nog geen perspectief is op een grote groei in het aantal sociale huurwoningen, waarom komen er dan in de komende vier jaar maar honderd flex-woonplekken bij voor bankslapers in totaal tegenover de meer dan 1400 mensen die nu in een heel fragiele leefsituatie verkeren? Waarom maar honderd? En hoe komt het dat het vier jaar lang duurt voor deze plekken er zijn? Hoe geeft dat bankslapers de tijd en ruimte om hun problemen op te lossen? Dan is er nog een groep mensen die helemaal geen opvang of hulp krijgt. In de brief van de Pauluskerk wordt het ook benoemd. Er is op dit moment een onderscheid tussen rechthebbenden en niet-rechthebbenden. Dat terwijl we al hebben vastgesteld dat huisvesting een mensenrecht is en dat iedereen hier dus recht op heeft. Toch is er nu een groeiende groep oudere ongedocumenteerden, die buiten op straat moeten slapen omdat ze volgens het huidige systeem geen recht zouden hebben op een plek in de maatschappelijke opvang. Deze ouderen hebben veelal een belangrijke bijdrage geleverd aan onze maatschappij. Velen van hen hebben een bijdrage geleverd aan bijvoorbeeld de wederopbouw van Rotterdam. Is dit hoe wij hen daarvoor willen bedanken? Gezien de arbeidsmigratiegeschiedenis van Nederland is de verwachting dat deze groep ouderen alleen maar zal groeien.

Hoe wil de wethouder deze groep mensen tegemoetkomen? Wat vindt de wethouder bijvoorbeeld van het voorstel van de Pauluskerk om een onvoorwaardelijke nachtopvang te verwezenlijken, waar begeleiding is voor iedereen die gedwongen is de nacht op straat door te brengen? En hoe kijkt de wethouder naar de financiële gevolgen die het verwezenlijken van een onvoorwaardelijke nachtopvang teweeg zouden brengen, namelijk dat de besparing van menskracht en kosten op de selectie aan de poort kan worden ingezet voor de uitbreiding van het aantal bedden? En voor de mensen die wel in een opvang verblijven, willen we natuurlijk een veilige omgeving bieden, vooral als het gaat om kwetsbare groepen, bijvoorbeeld

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1820

mensen uit de lhbtiqa+-gemeenschap. Zij zijn extra kwetsbaar in hun situatie en kunnen daarom ook extra steun gebruiken. De wethouder stelt aan de ene kant dat hij maatwerk wil bieden, maar aan de andere kant stelt de wethouder ook dat niet iedereen apart behandeld wil worden en dat het niet ook altijd nodig is. Hoe gaat dat precies samen? Hoe weten mensen dat ze veilig zijn, als de hand niet bij voorhand uitgereikt wordt? Waarom zou je wachten tot mensen zich onveilig voelen en een noodkreet slaken als er de mogelijkheid is om preventieve hulp aan te bieden? Als individuen dit vervolgens afslaan dan kan dat natuurlijk, maar geen speciale hulp aanbieden omdat niet iedereen daar behoefte aan heeft, klinkt voor mij niet als maatwerk. Kortom, er is werk aan de winkel. De nood is hoog en de bal ligt bij ons om hiermee aan de slag te gaan. Laten we stoppen met mensen telkens te verwijzen naar hun eigen zelfredzaamheid, hun eigen netwerk of zelfs terugkeer naar een land waar ze geen enkele zekerheid hebben van hun welzijn. Laten we in plaats daarvan hulp aanbieden en mensen geven waar ze recht op hebben, namelijk huisvesting. De handen uit de mouwen, bouwen, en waar mensen nog geen dak hebben dan de hand boven het hoofd houden. Want dak- en thuisloze mensen zijn mensen die een probleem hebben, niet een probleem zijn. Dank u wel. (Applaus.) De VOORZITTER.

Dank u zeer voor deze eerste bijdrage in de gemeenteraad. Dan ga ik naar de heer Vonk. De heer VONK (cu). Dank voorzitter en wat een gave maidenspeech was dat van BIJ1, fantastisch. Het laat ook de enorme betrokkenheid bij het onderwerp zien, wat ik overigens ook heel duidelijk vond vanuit de bijdrage van D66 en ook vanuit de VVD. Het stemt mij in ieder geval heel erg positief dat we in de volle breedte van de raad ontzettend betrokken zijn, ook vaak persoonlijk betrokken zijn op dit onderwerp. Dat geeft de burger moed. Want voorzitter, de toename van dakloosheid werd de laatste maanden steeds meer zichtbaar in de stad. Veel Rotterdammers maakten er melding van, soms vanuit compassie, omdat mensen toch beter verdienen in een beschaafd land. Soms vanuit overlast en veiligheid die mensen ervaren als ze worden geconfronteerd met onwenselijke situaties. En beide groepen hebben volkomen gelijk en beide groepen verdienen dan ook een antwoord vanuit de politiek. Wat de ChristenUnie van Rotterdam betreft is het Rotterdamse actieprogramma, ik moet het toch zeggen, een slap aftreksel van het landelijke plan. We blijven doen wat we doen en doen er een klein schepje bovenop. Ook vanuit landelijke betrokkenen is er kritiek op het Rotterdamse plan, dat ook wel genoemd wordt misschien wel het slechtste plan van de hele G4.

Voorzitter, de permanente winteropvang zou er moeten komen, dus we steunen moties in die richting. Maar we houden ons hart vast over de reactie die daar vast op gaat komen en daarom doen we voor de zekerheid alvast een bodemvoorstel. Zorg in ieder geval dat met de kerstdagen en de jaarwisseling de winteropvang open is, zodat in ieder geval tijdens deze bijzondere dagen niemand op straat hoeft te slapen. Aan het eind van mijn betoog zal ik deze motie indienen, de motie ꞌOpvang in donkere dagenꞌ. Voorzitter, dakloosheid ligt primair op het bord van de wethouder Bouwen en wonen. Want dakloosheid is primair een huisvestingsvraagstuk. Ik hoorde het de heer Verweij zojuist ook heel erg duidelijk zeggen en ik kan die uitspraak alleen maar onderstrepen. Primair een huisvestingsvraagstuk. Het uitgangspunt is: zorggeld moet naar zorg, onderdak wordt gefinancierd vanuit SO. Scheiden van wonen en zorg, heet dat. De ambitie om in 2030 een einde aan dakloosheid te hebben gemaakt hoort dan ook thuis in het woonbeleid. Daarom dienen we straks de motie in ꞌEinde dakloosheid in het Rotterdamse woonprogrammaꞌ. De beide wethouders zeggen wonen eerst als uitgangspunt te nemen, het centraal te stellen, maar ondertussen moeten we ook lezen dat nog geen 10% volgens dit principe straks wordt geholpen.

Grote woorden, kleine daden, en we zullen dan ook de motie van de PvdA om die plekken uit te breiden van harte steunen. We willen in lijn met het rijk geen meerpersoonskamers meer. Want iedereen volgens mij in deze raad realiseert zich dat dat geen plek is voor herstel. Stop met de ontwikkeling van opvang met meerpersoonskamers en kom met een tijdlijn om de bestaande opvang met meerpersoonskamers te transformeren. Dat is duurder op de korte termijn, maar goedkoper op de langere termijn, en daar zijn ook precies die extra middelen voor beschikbaar gesteld vanuit de Blokhuis-middelen en de Van Ooijen-middelen, om juist die transformatie mogelijk te maken. Dus het geld is er. Herstel begint met eerst een eigen kamer, en daarom dienen we zo dadelijk de motie in ꞌEigen kamer eerstꞌ. Voorzitter, over de opvang van EU-burgers. We hebben er lang om gevraagd en de wethouder heeft nu ook de dagopstelling gerealiseerd. Dank daarvoor. Maar dan vragen we ons toch af: waarom tien plekken? Want misschien zijn vijf plekken wel voldoende, of moeten het er toch vijftig zijn. Wij willen een onderzoek naar de behoefte aan opvang voor mensen die kwetsbaar zijn, gevaar lopen en niet kunnen werken aan herstel en/of terugkeer vanaf de straat. Want als we dat weten,

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1821

kunnen we bepalen wat een juiste omvang is, en daarom dienen wij de motie in ꞌOnderzoek behoefte EU-opvangꞌ. Voorzitter, ook de Pauluskerk heeft een brief gestuurd en één punt wil ik daar uitlichten, de aandacht voor oudere inwoners zonder geldige verblijfspapieren. Is de wethouder bereid, conform het verzoek van de Pauluskerk om in Den Haag te lobbyen om in een landelijk plan van aanpak, eigenlijk naar analogie van de EU-arbeidsmigranten, ook voor deze groep een aparte aandachtsgroep te maken? En dan voorzitter, zowel in het kapstokoverleg als in het overleg met de zorgaanbieders werd gesproken over het belang van voorzieningen om elkaar te ontmoeten. Die zorgzame samenleving, daar moesten we in investeren, werd er gezegd. Maar dat staat wat ons betreft haaks op het voorgenomen besluit om dagopvanglocaties te gaan sluiten. Kan de wethouder toezeggen dat de gevolgen van de sluiting voor de huidige bezoekers en de buurt nauwkeurig wordt gemonitord, dat de organisaties die met die sluiting te maken hebben, ruimhartig zullen worden gecompenseerd in de frictiekosten, en dat wij ook als raad daar steeds informatie over krijgen, zodat wij deze ontwikkeling ook kunnen volgen? En we hopen natuurlijk ook dat de wethouder een plan gaat vaststellen om ervoor te zorgen dat die zorgzame samenleving er inderdaad ook gaat komen, dat we daarin gaan investeren.

Kan de wethouder dat ook toezeggen? Voorzitter, dan kom ik aan het eind. Ik had nog heel veel punten kunnen inbrengen, maar gelukkig zijn er ook andere partijen die een aantal punten voor hun rekening nemen waar ik mij bij aansluit. Laten we dan ten slotte hopen en bidden dat de komende tijd Rotterdammers gaan opmerken dat het aantal buitenslapers afneemt en mensen die worden opgevangen steeds meer kunnen herstellen vanuit een eigen kamer of huis. Want dat zijn we als Rotterdammers aan elkaar verplicht. Dank u wel. De VOORZITTER. De heer Vonk heeft de volgende moties ingediend. Motie 7. Opvang in donkere dagen "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van actieprogramma 'Op weg naar herstel en een thuis'; constaterende dat: - er rond en tijdens de donkere kerstdagen en de jaarwisseling mensen buiten moeten slapen als er geen WKR-regeling geldt; overwegende dat: - de WKR-regeling soms wel, maar lang niet altijd, van kracht is met kerst en de jaarwisseling; - het zeer ongewenst is dat in de bijzondere tijd van kerst en jaarwisseling mensen buiten moeten slapen; - het voor Rotterdammers zeer ongewenst is om juist in deze periode te worden geconfronteerd met mensen die buiten moeten slapen; - een openstelling van de opvang rond die tijd de hulpverlening op straat en de hulpdiensten zal ontlasten; verzoekt het college: - de extra opvang in kader van

de WKR ook open te stellen van de kerstdagen tot en met oud en nieuw; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk en A. Kockelkoren Motie 8. Eigen kamer eerst "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van actieprogramma 'Op weg naar herstel en een thuis'; constaterende dat: - diverse organisaties, waaronder de rekenkamer, hebben geconstateerd dat opvang met meerpersoonskamers geen goede en veilige plek zijn voor herstel; - het landelijke beleid ook is dat er niet meer ingezet moet worden op opvang in meerpersoonskamers;

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1822

-

steeds meer gemeenten in Nederland hun opvang transformeren naar eenpersoonskamers; in Rotterdam nog steeds opvang is, en zelfs recent geopend, waar sprake is van meerpersoonskamers;

overwegende dat: - ook de gemeente Rotterdam plekken wil realiseren waar mensen op een veilige plek, met voldoende waarborg voor privacy, kunnen gaan werken aan hun herstel; verzoekt het college: - geen opvang meer te ontwikkelen en te openen waarbij sprake is van meerpersoonskamers, maar mensen voldoende veiligheid en privacy te bieden in een eigen eenpersoonskamer; - in de opvang waar nog sprake is van meerpersoonskamers voor medio 2024 te komen met een tijdspad voor de transformatie naar eenpersoonskamers; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren en R.G.C. Segers-Hoogendoorn Motie 9.

Maak wonen eerst waar! "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van 'Op weg naar herstel en een thuis'; constaterende dat: - 'Op weg naar herstel en een thuis' zegt Wonen Eerst centraal te stellen en als uitgangspunt te nemen; - tegelijkertijd gesteld wordt dat er 'slechts zeer beperkte ruimte is voor een verdere uitrol van Wonen Eerst'; overwegende dat: - dakloosheid allereerst een woonprobleem is en soms aanvullende zorg noodzakelijk is; - als Wonen Eerst werkelijk het uitgangspunt is, de keuzes die gemeente Rotterdam, woningcorporaties en zorgaanbieders maken logisch hieruit moeten volgen; - nu al een beperking opleggen aan verdere uitrol van Wonen Eerst daarmee niet strookt; verzoekt het college: - nader te verkennen hoeveel uitbreiding van Wonen Eerst daadwerkelijk nodig is wanneer Wonen Eerst als uitgangspunt genomen wordt; - in de prestatieafspraken met corporaties af te spreken voor Wonen Eerst te doen wat nodig is, waarbij gedacht kan worden aan bouw van extra woningen, inzet van flexwoningen, etc; - op zoek te gaan naar extra middelen om een noodzakelijke uitbreiding van Wonen Eerst mogelijk te maken; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk en A. Kockelkoren Motie 10.

Onderzoek behoefte EU-opvang "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van actieprogramma 'Op weg naar herstel en een thuis'; constaterende dat: - er een zichtbare toename is van daklozen in onze stad; - dit leidt tot mensonterende situaties; - dit leidt tot overlast en gevoelens van onveiligheid bij Rotterdammers; - er 10 plekken zijn voor opvang van kwetsbare EU-arbeidsmigranten; overwegende dat:

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1823

-

opvang recht doet aan de menselijke basisbehoefte aan veiligheid en rust; opvang zorgt voor minder overlast en ervaren onveiligheid door de Rotterdammer; opvang ook een noodzakelijke stap kan zijn om vanuit rust en veiligheid te werken aan een eerlijk perspectief dat zowel in Nederland kan liggen als in het land van herkomst;

verzoekt het college: - een analyse te maken van de behoefte aan opvang van kwetsbare EU-arbeidsmigranten die nu noodgedwongen op straat verblijven; - en de raad over de uitkomsten van het onderzoek te rapporteren; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk en A. Kockelkoren De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50+). Dank u wel voorzitter. Voorzitter, volgens de CBS-cijfers die gisteren uitkwamen neemt het aantal daklozen gestaag af. Maar voorzitter, helaas worden niet alle mensen meegenomen in de cijfers. Alle daklozen onder de 18 jaar en boven de 65 jaar worden niet meegeteld. Het zijn de zogenaamde verborgen daklozen, die slapen in een auto of bij vrienden op de bank. De bikkelharde praktijk schetst dus een veel dramatischer beeld. Voorzitter, u snapt dat 50PLUS zich daar erg druk om maakt. Jong en oud hebben soms helaas meer gemeen dan we ons wensen. Toen 50PLUS Rotterdam in juni 2022 om een plan van aanpak vroeg over het daklozenprobleem werd die motie dan ook gelukkig voldoende gesteund. Voorzitter, en dat het plan er nu ligt daarover is 50PLUS tevreden. Natuurlijk, het kan altijd beter. Natuurlijk ziet 50PLUS liever andere accenten, zoals een oplossing voor de verborgen daklozen, de bankslapers.

Want die baren ons de meeste zorgen, daar hebben we het vandaag allemaal over. Maar voorzitter, met wat er ligt kunnen we vooralsnog prima aan de gang en we hopen dan ook dat alle betrokken partijen, wethouder en ambtenaren, er ook mee aan de gang gaan, want anders hebben we er niks aan. Want 50PLUS weet als geen ander dat papier geduldig is, maar de praktijk o zo veel meer weerbarstig. Voorzitter, onze zorgen gaan vooral uit naar die personen die ondanks dit plan aan het kortste eind lijken te trekken, de bankslapers die tussen wal en schip vallen, die op een woning net zo lang moeten wachten als iedere andere Rotterdammer. En dat zijn niet de middenklassewoningen mijnheer Verweij, ik zal het nog maar eens een keer zeggen. Niet de middenklassewoningen, want dat kunnen ze helemaal niet betalen. Dat zijn de sores voor die mensen. En dan komt u met een smoes, van: joh wat doen we nu met die middenklassemensen die geen woning hebben? Ik vind het te kinderachtig voor woorden dat u dat durft te leggen op het daklozenprobleem. De VOORZITTER. Mijnheer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd). Een punt van orde voorzitter, althans een persoonlijk punt. Ik heb me nu denk ik twintig keer mijnheer Verheij laten noemen, het is mijnheer Verweij. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Nee, u zei Verheij. Dat was het belangrijkste. Ik zal het doorgeven aan de heer Verheij als ik hem spreek.

Dus dat is mijn bijdrage. De VOORZITTER. Het betekent dat mijnheer Verheij wordt gemist. Mevrouw VERKOELEN (50+). En het tekent mijnheer Verweij dat dat hem meer zorgen baart dan daklozen die geen middenklassewoningen kunnen krijgen. De VOORZITTER. Goed. Mevrouw VERKOELEN (50+). En waarvoor hulp dus maar minimaal beschikbaar is. Voorzitter, het gaat hier natuurlijk bijvoorbeeld om jonge vrouwen en migrantenvrouwen die met bankslapen een veilig onderkomen moeten zoeken, maar eigenlijk steeds op drift blijven. Die kwetsbare vrouwen moeten voortdurend op ons vizier blijven staan. Voorzitter, daarom spreekt het nieuwe plan om bankslapers beter te ondersteunen ons wel aan. Maar of het een succes wordt, ik zei het al eerder, dat is afwachten. Desalniettemin voorzitter, is 50PLUS tevreden dat we als Rotterdam nu eindelijk actief

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1824

gaan inzetten op het oplossen van het daklozen- en thuislozenprobleem in onze stad. Dank daarvoor. En voorzitter, met de winter voor de deur moet er dan natuurlijk wel de vaart in komen. Want elke dag moeten slapen op een bank moet er een te veel te zijn. En als het rapport van de Rekenkamer er is, wil 50PLUS heel graag dat het beleid van de gemeenteraad wordt en niet dat het een plan van de wethouder blijft, en daar zullen we in de volgende bijdrage op terugkomen. En dan heb ik een motie over het feit dat wij dus vinden dat ze wel degelijk tot de urgentiegroep moeten horen en dat er tijdelijke huisvesting in de vorm van jongeren- en ouderenopvang moet plaatsvinden. De VOORZITTER. Mevrouw Verkoelen heeft de volgende motie ingediend. Motie 11.

De verborgen daklozen "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van het plan van aanpak 'Op weg naar herstel en een thuis'; constaterende dat: - de CBS-cijfers van 27 september 2023 aantonen dat daklozen onder de 18 jaar en boven de 65 jaar niet worden meegeteld in de cijfers over dakloosheid; - deze groep 'verborgen daklozen' voornamelijk in hun auto of bij vrienden op de bank slapen; - Rotterdam voor Rotterdammers in niet acceptabele bankslaapsituaties een aantal tijdelijke woonplekken beschikbaar heeft; overwegende dat: - Rotterdam in het algemeen werkt aan het vergroten van de beschikbaarheid van betaalbare huisvesting; - de belangrijkste hulpvraag voor 'bankslapers' het huisvestingsvraagstuk is; - Rotterdam mensen in een bankslaapsituatie als regulier woningzoekenden op de woningmarkt beschouwt; - naast het inschrijven in de Basis Registratie Personen (BRP) er extra aandacht voor huisvesting moet komen voor zowel tijdelijke als ook structurele huisvesting; draagt het college op: - om de groep 'verborgen daklozen' in de volksmond wel de 'bankslapers' genoemd toch als urgent woningzoekende te bestempelen zodat ze in ieder geval zichtbaar worden en als zeer urgent woningzoekenden aangemerkt blijven; - meer tijdelijke huisvesting in de vorm jongeren en ouderen opvanghuizen te realiseren; en gaat over tot de orde van de dag."

w.g. P.J.H.D. Verkoelen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. De heer Kind. De heer KIND (volt). Ja, dank u wel voorzitter en complimenten aan mevrouw Van der Elst voor de prachtige maidenspeech. Als je anderhalf jaar in de gemeenteraad zit, heb je af en toe een moment van bespiegeling. Wat ons af en toe opvalt, is dat als het gaat over heel grote stadsprojecten, bruggen, gebiedsontwikkelingen, stadsparken, dan zijn de ambities heel groot en lijkt het erop dat alles kan wijken om dat te realiseren. Als we te maken hebben met maatschappelijke opvang, armoede en andere sociale thema’s, dan lijkt die ambitie minder aanwezig, en dat geldt ook hier. Het is al meerdere keren aangegeven, een landelijk actieplan dat heel duidelijk stelt: in 2030 geen dakloosheid meer in Nederland. Dat betekent iets voor de gemeente, Housing First als uitgangspunt. Dat is dan ook een mooie visie voor ons waar we ons aan zouden moeten houden. En dan hebben wij een uitvoeringsplan. Ten eerste te kort, tot 2026. Dat mag van ons ook gewoon veel langer zijn. Laten we een toekomstvisie, 2030, 2035, geen dakloosheid meer in Rotterdam. En we weten ook dat er bij heel veel onderwerpen in deze stad, als we samenwerken, als we de schouders eronder zetten, dan is er zoveel mogelijk. Kijk naar corona, kijk naar de opvang van Oekraïners.

Als we iets echt willen in deze stad, dan krijgen we dat voor elkaar. En dat missen we soms en vooral als het gaat om Housing First, want dat is dan toch

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1825

die visie die wij vast willen houden. Dat heeft zich al bewezen in andere delen van Europa en dan moeten we daaraan vasthouden. Daarom dienen wij ook een motie in, breed, met veel andere partijen in deze gemeenteraad, om in gesprek te gaan met Housing First Nederland. Die hebben op hun website staan: jullie kunnen altijd met ons praten, wij denken over alles mee, van A tot Z, om met hen in gesprek te gaan om te kijken: is er nog iets meer mogelijk? Zijn er nog creatieve oplossingen, zijn er bewezen concepten elders te vinden die we wellicht kunnen gebruiken? En daarom dienen wij de motie ꞌGeef Wonen Eerst in Rotterdam een echte kansꞌ. En dan een tweede onderwerp. Dat onderwerp, heel eerlijk, wij voelen ons daar steeds oncomfortabeler over. Een jaar geleden ging het hier al over, ik denk dat dit onderwerp nog meerdere malen de raad zal passeren. De heer Elbay wees er net ook al op, een aantal anderen ook. En dan gaat het echt over de definitie van niet-rechthebbende EU-burgers in deze stad en vooral de toegang tot de nachtopvang. De heer Elbay verwees ook naar een stuk, een wetenschappelijk artikel uit het Tijdschrift voor Europees recht. Daarin wordt verwezen naar een citaat en ik zal het ook even hier delen.

Daarin wordt gesteld en ik citeer: Al met al kan geconcludeerd worden dat gemeenten wel degelijk een plicht hebben om rechtmatig verblijvende EU-burgers gelijke toegang tot de bijstand en opvang te bieden. In het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning strekt deze plicht er concreet toe dat EU-burgers toegang zouden moeten krijgen tot dezelfde voorzieningen waaronder nachtopvang, als die toegankelijk zouden moeten zijn voor Nederlandse dak- en thuislozen die zich in vergelijkbare omstandigheden bevinden. Het kan daarom zo zijn dat de individuele EU-burger alsnog niet in aanmerking komt voor de opvang omdat hij of zij niet voldoet aan de algemene toegangseisen die ook gelden voor Nederlanders zoals bijvoorbeeld zelfredzaamheid of bindingscriteria. Het is echter duidelijk in strijd met het non-discriminatiebeginsel om rechtmatig verblijvende EU-burgers die voldoen aan de algemene toegangseisen uit te sluiten van de nachtopvang. Dit is één citaat in een wetenschappelijk artikel van 21 pagina’s, dat ons een heel oncomfortabel gevoel geeft. We zien op meerdere dossiers in deze gemeenteraad dat er over rechten en plichten wordt gesproken. Daarover vragen wij duidelijkheid en dan krijgen wij uitleg.

Gelukkig komt er straks ook een technische sessie over dit onderwerp met deze auteur, maar we willen toch heel graag aan de wethouder vragen hoe hij nu kijkt naar deze nieuwe inzichten. Want ik kan me niet voorstellen dat hij deze niet ook tot zich neemt. Bent u ook bereid om op basis van deze inzichten eventueel uw beleid aan te passen of in ieder geval te toetsen aan het beleid? Wij willen daartoe ook een motie indienen, want de gemeente Rotterdam heeft een WMO-toezichthouder, namelijk de GGD Rotterdam-Rijnmond. Die moet toezicht houden op de kwaliteit van toegang en de kwaliteit van dienstverlening, om hen te vragen om dit onderwerp te onderzoeken. En dat kunnen we, want dat staat ook binnen de toetsingskaders, we kunnen altijd signalen en meldingen doorgeven aan de GGD Rotterdam-Rijnmond. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER. De heer Kind heeft de volgende moties ingediend. Motie 12.

Geef 'Wonen Eerst' in Rotterdam een echte kans! "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van het agendapunt 7.3 'Het plan van aanpak 'Op weg naar herstel en een thuis' (2023-2026)'; constaterende dat: - op dit moment dakloosheid gestaag toeneemt in Rotterdam; - het 'Housing First'-model bewezen effectief blijkt om dakloosheid te beëindigen, met wereldwijde percentages die aantonen dat 80% of meer van de dakloze mensen stabiel gehuisvest blijft, ook na langere tijd; overwegende dat: - een van de conclusies van de op 5 september gehouden bijeenkomst over dakloosheid in de Pauluskerk was dat het aantal plekken en de toegang voor dakloze mensen tot het Rotterdamse 'Wonen Eerst' model veel te beperkt is om serieuze impact te maken op de problematiek; - in Rotterdam slechts onderdelen uit het 'Housing First' model zijn overgenomen in het Rotterdamse 'Wonen Eerst' model; - sinds de invoering van de volledige 'Housing First'-aanpak het aantal daklozen in Finland is gehalveerd en Finland daarmee het enige Europese land is waar het aantal dakloze mensen afneemt; verzoekt het college:

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1826

-

in gesprek te gaan met 'Housing First' Nederland over hoe het Rotterdamse 'Wonen Eerst' model versterkt kan worden; te onderzoeken hoe het aantal plekken en de toegang tot het Rotterdamse 'Wonen Eerst' model uit te breiden valt, zodat op den duur minder opvangplekken nodig zijn; hierover te rapporteren aan de raad;

en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T. Kind, A. Kockelkoren, T.J. Vonk, A.G. van der Elst, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, T.S.J. Coşkun, D. Yildirim, S. van de Peppel en P.J.H.D. Verkoelen Motie 13. Toets de toegang van EU-burgers bij de toezichthouder "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van het agendapunt 7.3 'Het plan van aanpak 'Op weg naar herstel en een thuis' (2023-2026)'; constaterende dat: - het college uitvoering geeft aan de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO); - GGD-Rotterdam Rijnmond onafhankelijk toezicht houdt op de uitvoering van de WMO in Rotterdam; - de reikwijdte van het toezicht o.a. het volgende betreft: 'De gemeente als aanbieder van maatschappelijke ondersteuning. Denk daarbij aan de verantwoordelijkheid voor de toegang, indicatiestelling, doorlooptijden en aanvragen en uitvoering van ondersteuning door bijvoorbeeld wijkteams.'; overwegende dat: - het college categorisch andere WMO-toegangscriteria hanteert voor EU-burgers, o.a. wanneer het de toegang tot de nachtopvang betreft; - er in het wetenschappelijke tijdschrift voor Europees Recht een artikel is gepubliceerd waarin wordt gesteld dat o.a.

de gemeente Rotterdam de term niet-rechthebbende EU-burgers onrechtmatig gebruikt rondom de toegang tot WMO-voorzieningen; - dit (grote) risico's met zich meebrengt voor EU-burgers; - de toezichthouder meerdere instrumenten heeft om toezicht uit te voeren (proactief, reactief, structureel en preventief); - de gemeente Rotterdam signalen, knelpunten en thema's (input) kan aandragen bij de toezichthouder; verzoekt het college: - de onafhankelijk toezichthouder WMO te vragen om het beleid rondom de toegang van EU-burgers tot WMO-voorzieningen te onderzoeken; - te vragen dit onderzoek op te nemen in het werkplan van de toezichthouder; - hierover te rapporteren aan de gemeenteraad van Rotterdam; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T. Kind De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Heb ik zo iedereen gehad? Ja, mijnheer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, dank. Het plan dat hier voorligt is onRotterdams weinig ambitieus. Andere partijen wezen daar ook al op. Het is niet ambitieus genoeg, omdat het niet overeenkomt met het nationale actieplan dat reikt tot 2030, maar het is ook niet ambitieus genoeg als je kijkt naar ons eigen woonakkoord, dat pas net gesloten is, waar het niet voor niets een van de tien punten is. Mevrouw Kockelkoren van GroenLinks wees daar al op.

Een van de tien punten is dat wij ons als gemeente in te spannen hebben om dak- en thuisloosheid te voorkomen en op te lossen. Ik wil op twee punten inzoomen. Het eerste punt, dat is ook in de commissie aan de orde geweest, zijn de kosten die komen kijken bij het omvormen van opvanglocaties naar in feite wat ook in

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1827

het nationaal actieplan staat, eenpersoonskamers. Als ik het goed begrijp gaan wij van zalen naar vierpersoons- maar eigenlijk te weinig of geen ambitie op dat eenpersoons-, terwijl zorgaanbieders erop aandringen dat dat gebeurt. De motie van de ChristenUnie ꞌEigen kamer eerstꞌ dient daarvoor, dus die zullen wij ook van harte ondersteunen, maar ik wil ook naar analogie van de heer Vonk daar dan meteen ook maar een bodemvoorstel bij doen. Als dat dan niet zou lukken, kunnen we dan op zijn minst op één locatie, bijvoorbeeld waar al nieuwbouw zou komen, direct naar eenpersoonskamers toe gaan? Dus dat is mijn vraag aan de wethouder, of hij daar mogelijkerwijs een toezegging op zou willen doen als het dan mogelijk niet lukt op al die locaties. Het tweede punt waarop ik wil inzoomen voorzitter is de winteropvang. We hebben het daar al veel te lang over. Het is een knipperlichtbeleid, het is ook weinig consistent en zeer met de meetlat, terwijl het gewoon gaat over medemenselijkheid. De winteropvang zou gewoon open moeten zijn, altijd, en alle voorstellen en moties die daarover gaan zullen wij dan ook van harte steunen. Maar het is vooral van belang om eindelijk eens een keer een goed argument te horen, wat ik eerlijk gezegd zeg ik toch maar, niet verwacht, waarom we dit beleid nu zoveel slimmer vinden dan gewoon een winteropvang die open is. Dank voorzitter. De VOORZITTER. Dank.

De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, er zijn al veel wijze woorden hierover gezegd, en warme woorden ook, vanuit de gemeenteraad. En zeker een prachtige maidenspeech van collega-buurvrouw nu, mevrouw Van der Elst van BIJ1. Die zal ik ook niet herhalen, die was me ook uit het hart gegrepen. Maar ik ben ook wel een beetje net zo sceptisch als mijnheer Vonk van de ChristenUnie, over: blijft dit nu bij mooie woorden, want hoe zit het dan met de daden? Want de ambitie zou niet moeten zijn 2030, het zou eigenlijk nu moeten zijn. Er was ooit een burgemeester in Rotterdam die zei: in Rotterdam hoeft niemand buiten te slapen. Geïnterpreteerd werd in Rotterdam slaapt niemand buiten. Hij werd er ook op aangewezen vorige week woensdag bij het miljoenenontbijt. Dat is een zaal, de Doelen vol met allerlei ondernemers, groot, klein, VNO-NCW, en iemand zei: geachte burgemeester, er zou toch niemand buiten slapen? Maar als ik door de stad kom tegenwoordig dan zie ik toch mensen buiten slapen. Hoe kan dat? Nou, de burgemeester is ook niet op zijn mondje gevallen. Die zei: kijk, daar zit mijnheer Coşkun en die heeft 44 collega’s en die moeten dat oplossen. En dat is natuurlijk ook een beetje zo. Wij moeten dat oplossen. Wij moeten dat aanpakken, zodat de burgemeester met hart en ziel kan zeggen dat er niemand buiten hoeft te slapen.

We zijn er vandaag mee bezig, maar niet erg ambitieus, is al door anderen gezegd. We hebben een bespreking gehad in de Pauluskerk op 5 september. Daar waren veel collega’s bij aanwezig. We hebben gisteren ook weer een brief gekregen van de Rotterdamse armoedebestrijdingsbeweging, Recht op de stad en de Pauluskerk, waarin ze schrijven: dakloosheid los je op met een thuis. De overheid heeft de verplichting, de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, artikel 25, de Nederlandse grondwet artikel 22, en volgens mij is er volgens artikel 1 van de grondwet ook geen onderscheid tussen rechthebbenden en nietrechthebbenden. Want iedereen die zich op Nederlands grondgebied bevindt heeft recht op een gelijke behandeling. Dus daar moeten we het gewoon over hebben. Hoeveel daklozen zijn er nu? Dat gaat in op die brief. Weten we dat wel? Dat moeten we onderzoeken. Het begint met die huisvesting. Dat zeg ik ook tegen de heer Verweij, natuurlijk huisvesting. Maar u zegt: waar haal ik dan 375 woningen vandaan? Nou mijnheer Verweij, er zijn honderden topsegmentappartementen, penthouses leeg in deze stad. Die zou je zo kunnen vullen met daklozen als je dat zou willen. Of als je die niet zou willen, dan kan het topsegment naar de middenklasse en dan geeft u die middenklassewoningen aan die daklozen. 375, het is al door de heer Kind gezegd, een ambitie van 0,0. Dat is echt niks.

We geven honderden miljoenen aan uit aan kades en project dit en dat. En die paar huizen kunnen we dan zogenaamd niet vinden. En kijk, Leefbaar Rotterdam zegt dan Housing First, dat zegt mevrouw Van Aalst dan, hartstikke goed, maar hoe zit het dan met de zorg? Het begint met huizen eerst, daar begint het mee. Daarna pak je de zorg aan, dus zorg nu eerst dat iedereen onder dak is, tot rust gekomen is, en dan kun je ook hun zorgbehoefte doen. En het is bij heel veel daklozen nog heel veel verschillend ook. Ik wil afronden voorzitter, de brief die we gekregen hebben van de Pauluskerk en dat armoedebestrijdingsberaad en Recht op de stad, is om hierover met ons door te praten, zeker als we tot een nieuwe woonvisie komen op korte termijn. En ik ben benieuwd wie van mijn 44 collega’s deze uitnodiging aanneemt, zodat de burgemeester inderdaad ook tegen ondernemers bij het miljoenenontbijt kan zeggen: inderdaad, in Rotterdam hoeft niemand buiten te slapen. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Dank u wel mijnheer Coşkun. De heer Akhatab.

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1828

De heer AKHATAB (denk). Ja dank u wel voorzitter. Ook vanuit mijn kant complimenten voor uw maidenspeech, supermooi. Voorzitter, ik wil graag beginnen met het erkennen van de inspanningen die zijn geleverd bij het opstellen van het plan van aanpak ꞌOp weg naar herstel en een thuisꞌ, voor de jaren 2023-2026. Het is een belangrijk document dat de aanpak van dak- en thuisloosheid in Rotterdam beoogt te verbeteren. Dakloosheid is een complex probleem, dat verschillende levensdomeinen raakt. Het doet mij dan ook goed om te zien dat het plan meerdere kernpunten aanpakt, waaronder huisvesting, opvang, preventie, hulp en maatschappelijke deelname. Deze holistische benadering erkent dat we dakloosheid niet kunnen oplossen met geïsoleerde maatregelen, maar dat het vraagt om een geïntegreerde aanpak. Ook hebben we kunnen zien dat de wethouder met verschillende stakeholders in gesprek is gegaan, waaronder wooncorporaties en vertegenwoordigers van cliënten. Ik zou de wethouder dan ook dringend willen vragen om dit te blijven doen. Voorzitter, ik zou ook graag even stil willen staan bij een e-mail die onze fractie heeft ontvangen van een betrokken inwoner uit het Oude Westen. Deze inwoner schrijft over zijn ervaringen in zijn buurt en kaart enkele problemen aan, zoals drugsoverlast en de opvallende toename van daklozen in het Oude Westen.

Als stad mogen we deze mensen niet aan hun lot overlaten, noch mogen we hen stigmatiseren. Integendeel, we moeten begrijpen dat achter elke dakloze een verhaal schuilt. Een verhaal van tegenslag maar ook van veerkracht. We hebben als gemeenteraad de verantwoordelijkheid om deze mensen te ondersteunen en naar oplossingen te zoeken. Voorzitter, ik heb daarom goede hoop voor de integrale aanpak omschreven in het plan, waarbij we de problemen op een realistische manier aanpakken, daarbij altijd beamende dat het beter kan en er meer kan, maar dat wij met de huidige middelen toch veel kunnen bereiken. Desondanks voorzitter, laten we nooit vergeten dat het hier gaat om onze medeburgers. Het zijn mensen die op dit moment even geen huis hebben, maar wel onze aandacht, zorg en steun verdienen. Het is hoog tijd dat we deze kwestie de prioriteit geven die het verdient. Voorzitter, laten we dit plan niet alleen beschouwen als een document, maar als een dynamisch hulpmiddel om dak- en thuisloosheid in onze stad daadwerkelijk aan te pakken. Laten we samenwerken, luisteren naar kritiek en suggesties en ons inzetten voor een Rotterdam waarin niemand dakloos is en iedereen een thuis heeft. Voorzitter, dank u wel. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Dank u wel. Mevrouw Van de Peppel, gaat uw gang. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd). Ja, dank u wel voorzitter.

We schrijven 15 mei 2014, bijna tien jaar geleden. Op die dag sprak de gemeenteraad zich ondubbelzinnig uit over het groeiende probleem van dakloosheid in de stad. Met een motie ꞌNiemand slaapt op straatꞌ werd unaniem besloten dat er altijd genoeg opvangcapaciteit is voor personen zonder dak of thuis. Want niemand slaapt op straat. Een ondubbelzinnige motie en een duidelijke uitspraak van het hoogste orgaan van de stad. En de aanleiding voor die motie was destijds dat het college wilde bezuinigen op beleid om dakloosheid te voorkomen en aan te pakken. De 45 raadsleden van toen wilden dat geld nooit een rol speelt in het oplossen van dit probleem. En waar staan we nu voorzitter? Dakloosheid is de afgelopen jaren ontzettend hard toegenomen. Het is schrijnend om te zien dat veel van onze stadsgenoten een zwervend bestaan moeten leiden en hun nachtrust moeten vinden op straat. Gênant, dat een rijk land als Nederland zoveel dak- en thuisloosheid kent. Het aantal dak- en thuislozen is volgens cijfers vorig jaar met een kwart toegenomen. Vooral onze jongeren zijn kwetsbaar met een toename van liefst 50% in de leeftijdscategorie van 18 tot 22 jaar. Je zal zo je leven maar moeten gaan beginnen. Niemand slaapt op straat. Nou, was het maar zo. Als gemeenteraad moeten we gewoon alles op alles zetten om dit veelkoppige monster de kop in te drukken.

We hebben dat met elkaar afgesproken, destijds in 2014, maar ook laatst als uitgangspunt in het woonakkoord. Niemand slaapt op straat. Bevordering van huisvesting voor alle mensen is voorwerp van zorg der overheid, dicteert artikel 22 van de grondwet. Handel daar dan ook naar. In de tussentijd hoeft niemand op straat te slapen. Niemand, mensen en dieren. Wie komt er op voor de gezelschapsdieren die nu ook maandeling in park of tentje, in de berm langs de snelweg moeten bivakkeren? Omdat er geen plek voor ze is in de nachtopvang. Al in 2019 kondigde wethouder De Langen aan dat de nachtopvang zou worden toegerust voor dak- en thuislozen die honden bij zich hebben. Het wordt nu echt tijd om het eens echt voor elkaar te krijgen voorzitter. Nog altijd worden mensen met een hond geweigerd bij de nachtopvang. Die slapen dus op straat, als ze al kunnen slapen. Wij dienen de motie in ꞌHelp ook de dieren zonder dak of thuisꞌ, met als verzoek een afrekenbaar tijdspad voor inclusie van deze kwetsbare doelgroep in het dak- en thuislozenbeleid. Een beschaafde stad laat zich namelijk afmeten aan de wijze waarop ze met hun dieren omgaan. Tot zover. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Mevrouw Van de Peppel heeft de volgende motie ingediend.

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1829

Motie 14. Help ook de dieren zonder dak of thuis "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 28 september 2023, ter bespreking van het plan van aanpak 'Op weg naar herstel en een thuis', constaterende dat: - het college heeft aangegeven een klein deel van de nachtopvang toegankelijk te maken voor personen die een hond bij zich hebben; overwegende dat: - realisering van opvangplekken voor dieren in de nachtopvang tergend langzaam gaat, aangezien er al ruim vier jaar over wordt gesproken; - dak- en thuislozen met honden de nachtopvang schuwen doordat er geen slaapplek voor het dier voorhanden is, hetgeen onwenselijk is; - deze gezelschapsdieren ook al die tijd op straat leven, zonder dak of thuis; verzoekt het college: - vaart te maken met het gereed maken van nachtopvang voor personen die een hond bij zich hebben en hier een concreet en afrekenbaar tijdspad aan te koppelen; - te zorgen dat er altijd genoeg van dergelijke plekken voorhanden zijn, zodat personen zich niet langer 's nachts op straat hoeven op te houden vanwege de aanwezigheid van een hond; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. S. van de Peppel De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Dan geef ik het woord aan de heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja, dank u wel. Excuus mevrouw de voorzitter, ik heb een verkeerde motie ingediend.

Ik had een hele stapel tegelijk ingediend en daar zat een verkeerde motie tussen, een die ik niet had willen indienen. En de motie die ik wel heb aangekondigd, ꞌEinde dakloosheid in Rotterdams woonprogrammaꞌ zat er niet bij, heb ik begrepen, van iemand die heeft meegekeken via de stream. Daarom wil ik die alsnog indienen. En de andere motie, ꞌMaak wonen eerst waarꞌ, was niet bedoeld om in te dienen, zeg ik ook even tegen de wethouder. Dus die is niet ingediend. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Motie 9, ꞌMaak wonen eerst waarꞌ, komt hierbij te vervallen en de heer Vonk heeft de volgende motie ingediend. Motie 15. Einde dakloosheid in Rotterdams woonprogramma "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 28 september 2023 ter bespreking van 'Op weg naar herstel en een thuis'; constaterende dat: - het rijk de ambitie heeft om een einde te maken aan dak- en thuisloosheid in 2030; overwegende dat: - dak- en thuisloosheid primair een huisvestingsprobleem is; - het realiseren van voldoende betaalbare woningen cruciaal is om een einde te maken aan dak- en thuisloosheid; - om zicht te houden op realisatie van deze ambitie concrete doelstellingen en tussentijdse doelstellingen van gerealiseerde betaalbare woningen en zorgdoelgroepwoningen nodig zijn; - de nieuwe woonvisie – Rotterdams Woonprogramma – op dit moment wordt voorbereid en opgesteld; verzoekt het college:

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1830

-

de ambitie om een einde te maken aan dak- en thuisloosheid in 2030 op te nemen in het Rotterdams Woonprogramma en daarin concrete doelstellingen te formuleren om die ambitie te realiseren;

en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren, T. Kind, R.G.C. Segers-Hoogendoorn en T.S.J. Coşkun De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Dan stel ik voor om de vergadering vijftien minuten te schorsen en dan zien we elkaar terug om 16.00 uur. (De vergadering is geschorst.) Heropening De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Als iedereen wil plaatsnemen stel ik voor om het woord aan de wethouder te geven, maar ik zie nog niet alle woordvoerders op hun plek zitten. Goed, dan is op dit moment het woord aan de heer Buijt over het onderwerp het plan van aanpak ꞌOp weg naar herstel en een thuisꞌ. Gaat uw gang. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Ja, dank u wel mevrouw de voorzitter. Ik was enigszins afgeleid in de schorsing, want er is toch wel iets heftigs aan de hand in de stad. Laten we allemaal hopen dat het meevalt, maar het ziet er op dit moment naar uit dat we echt wel te maken hebben met een heftig incident. Laat ik ook beginnen met mijn complimenten aan mevrouw Van der Elst. Een heel knappe bijdrage voor een maidenspeech. Nogmaals, inhoudelijk kun je er anders over denken, maar de wijze hoe u het bracht, echt complimenten.

Ik wil ook nog even kort, we gaan dadelijk wel afscheid nemen, maar ik wil toch persoonlijk toch nog even naar mijnheer De Bondt, een van de meest lieve, kundigste en geweldigste mensen in dit stadhuis. We nemen dadelijk nog afscheid, maar ik hecht eraan om ook persoonlijk nog jou, Arie, ik ken je al heel erg lang, echt, mijn grote waardering voor je uit te spreken. En als ik zie hoe jij op je laatste dag, met die stemming vanochtend, je bent voor mij echt een topper. (Applaus.) Mensen, we hebben hier het plan van aanpak. We hebben er al twee keer heel uitgebreid in de commissie over gesproken. Eerst het concept aan u voorgelegd, in het voorjaar, in april hebben we dat besproken, is er input gekomen en we hebben daarna in augustus het definitieve plan voorgelegd. We hebben er heel uitgebreid over gedebatteerd en ik heb veel dingen terug gehoord vandaag die ik ook in de commissie heb gehoord. De kern van de kritiek is eigenlijk dat het niet ambitieus genoeg is. Dat neem ik ter harte. Aan de andere kant wil ik ook weer niet alle – ik heb erop gereageerd in de commissie, om nu weer helemaal te gaan zeggen: ja, maar ik heb dit en ik heb dat, natuurlijk wil ik op individuele vragen ingaan, maar ik wil het debat van mij uit niet over gaan doen.

Ik wil wel aangeven dat de toenemende druk, ik heb de volgorde van mijn verhaal hier met steekwoorden opgeschreven, maar de volgorde is verkeerd, maar excuseer me even, ik doe hem even in de goede vorm. Dit praat heel ongemakkelijk. Kijk, de kern of de gemene deler die we allemaal hebben is dat we dit heel erg hoog opnemen, dat we dit allemaal, iedereen in deze stad vanuit zijn eigen invalshoek, niet willen dat mensen in deze toestand op straat zijn. Alleen over de manier waarop zitten we niet op één lijn. En de kern van de discussiepunten loopt volgens mij over vier kernthema’s waar vragen over zijn. En dat gaat erom: wie hebben er wel en geen toegang tot de nachtopvang? Dat is één. Hoe ziet dan die opvang eruit? Zo klein mogelijk, één, twee, vier, acht, grote zalen. Is de opvang voor iedereen wel veilig? Heeft iedereen daar een veilige plek? Dat is een kernvraag die ik veel hoorde. En dat Housing First, kan dat niet wat ambitieuzer? Even afgepeld zijn dat de vier kernvragen die ik ook in de commissie al heb terug gehoord en waar we het met elkaar uitgebreid over gehad hebben. Hier gaan dus ook veel moties over en die loop ik dadelijk een-op-een met u door. Ik wil nog benadrukken dat je het niet ambitieus genoeg kunt vinden, ik heb toen ook gezegd dat ik het vooral van enig realisme vind getuigen.

En uiteraard heb ik ook nog eens extra kennisgenomen van de nationale plannen en ik zie ook heel veel overeenkomsten die er ook zijn. Dus dat wil ik ook benadrukken. En we willen geen van allen dat Rotterdam teruggaat naar vijfentwintig jaar geleden en we zien dat de overlast op straat toeneemt. We zien dat het bedelen toeneemt, we zien dat het aantal mensen op straat ’s nachts toeneemt. En er is mij echt alles aan gelegen, en dit stadsbestuur met u, om dat terug te dringen. Daar hebben we een aantal maatregelen voor en daar is ook een speciale werkgroep voor opgericht, waarbij alle instanties, de politie, de

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1831

vreemdelingenpolitie, de IND, het OM, de zorgpartijen, met elkaar ook alles op alles gaan zetten om daar de strijd mee aan te gaan. We leggen ons er niet bij neer. We gaan er echt alles op inzetten. En ik ben ook blij dat ik daar zelf een belangrijke bijdrage als bestuurlijk verantwoordelijke voor kan leveren. Ik heb daar ook echt verwachtingen van. U heeft daarover een brief van mij gehad, één of twee weken geleden, en ik ga u eind van het jaar daarop bijpraten. Het plan van aanpak van mij kent eigenlijk vier pijlers. Huisvesting, opvang, preventie en meedoen. Langs deze lijnen heb ik ook de overtuiging dat we echt goede stappen gaan maken. Nogmaals, over de wijze waarop hebben we natuurlijk meningsverschillen. U heeft daar een aantal voorstellen voor gedaan. Een aantal kan ik omarmen, een aantal helaas niet. En ik wil dan met uw goedkeuring de moties doornemen. Er zijn door D66 een aantal echt concrete vragen gesteld en her en der nog een. Daar kom ik apart op terug. De meeste vragen die gesteld zijn, zijn in combinatie met de moties, dus ik denk dat als ik de moties heb beoordeeld, dat ik op de meeste zaken al ben ingegaan. Mocht u dan uiteindelijk toch nog een concrete vraag missen, dan hoor ik het graag. Eén motie is van mijn collega Zeegers, die ook het hele debat erbij is geweest, heel attent en heel fijn, en daar zal mijn collega Zeegers op reflecteren.

Er zijn drie moties. Motie 4, 12 en 5, ze lopen iets door elkaar, maar ze zitten een beetje op thema. Dat gaat over Housing First. Motie 4 van GroenLinks, ꞌMeer dan een holle termꞌ. Volt, ꞌGeef Wonen Eerst in Rotterdam een echte kansꞌ en de PvdA ꞌMeer Housing First bij 500 in 2024ꞌ. Ik wil deze alle drie afraden, want het is echt niet makkelijk om dit project heel groots uit te rollen. En ook één onderscheid, je hebt Housing First zoals we dat in Rotterdam kennen. Dat zijn mensen die heel lang op straat leven, waar we heel lang mee bezig geweest zijn en die we eindelijk zover hebben dat ze willen meewerken: ja, nu ben ik eraan toe, ik wil naar een woning. Dus dat zijn echt zware gevallen. Die gaan in één keer van straat naar een huis. Dat is Housing First. Daarnaast hebben we Wonen Eerst en dat zijn eigenlijk de plekken die we nu uitbreiden, waarbij we zeggen: een lichtere doelgroep, willen we direct buiten de opvang om, dat zijn er dan veertig per jaar. U moet weten dat het aantal sociale huurwoningen dat voor de totale groep beschikbaar is, is zoals we het nu berekend hadden, 1200 voor dit jaar. 1200, 1250. Er stromen per jaar nu ongeveer zo’n duizend mensen uit de opvang uit, een aantal mensen uit beschermd wonen.

Als wij nu in één keer zouden zeggen: we gaan die ambities doen, dan zouden we dus honderden sociale huurwoningen nu extra beschikbaar moeten hebben om dat waar te kunnen maken. Dus zelfs al steun je het, het is in de praktijk ontzettend moeilijk uitvoerbaar. En wat wij nu hebben gezegd: van die groep die al zo lang op straat zit en die we zo lang hebben moeten overhalen, blijven we er de komende jaren vijftig… en hopelijk worden dat er automatisch minder omdat je op een gegeven moment die groep natuurlijk wel aardig in beeld hebt. En dan het Wonen Eerst, dus het andere, daarvan willen we dan veertig per jaar en mogelijk meer. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). U heeft een interruptie van de heer Kind. De heer KIND (volt). Ja, een punt van orde voorzitter. Het is volgens mij niet gebruikelijk om drie moties op een hoop te gooien en te zeggen: die gaan we alle drie afwijzen. Volgens mij is het gebruikelijker om gewoon per motie aan te geven waarom die het wel of niet haalt, omdat we nu in een soort abstracto belanden wat we volgens mij niet moeten willen. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). Dank u wel. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Daar heb ik geen enkel probleem mee. Allereerst de motie van GroenLinks. Daar ben ik net al een beetje op ingegaan, de term Housing First niet meer te gebruiken, de consequenties te verbinden aan, een evaluatie te doen.

Nou, we hebben het juist gedaan op basis van wat we reëel achten op dit moment. Zoals het er nu uitziet, is de sociale voorraad dit jaar zelfs nog iets lager dan we gehoopt hadden. Dus we denken echt dat op dit moment dit het juiste aantal is. Daarmee bij de PvdA komend, die vraagt om 500 in 2024. Dat is gewoon echt onuitvoerbaar. Dat gaan we echt nooit voor elkaar krijgen. Dat is niet reëel. En bij Volt, u vraagt in gesprek te gaan met Housing First. Zij gaan als het goed is ook weer hun naam veranderen naar Wonen Eerst, want we zijn daar in principe ook wezen praten voor het plan. De VOORZITTER (mevrouw Nunnely). U heeft een interruptie van mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda). Voorzitter, ik hoor de wethouder zeggen: dat is niet reëel, maar ik hoor ook de raad. Ik hoor ook de brandbrief, ik hoor iedereen waarin die wens wel wordt uitgesproken. Dus ik zou dan wel willen vragen: wat is dan wel mogelijk? Hoeveel meer is er wel mogelijk en hoe kunnen we toch dat concept uitrollen? Wat is er wel mogelijk?

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1832

De heer BUIJT (lr) (wethouder). Wat wel mogelijk is, heb ik in het plan gezet, in ieder geval de komende jaren die veertig. Realiseert u zich dat het aanbod sociale huurwoningen echt heel erg krap is. Ik heb de vorige keer ook gezegd dat het aantal statushouders alleen al dit jaar verdubbeld is van 850 naar 1750. De verwachting voor volgend jaar is dat we dat weer krijgen en de verwachting is ook dat het aantal sociale huurwoningen waarop we gehoopt hadden dit jaar ietsje tegenvalt. Tegelijkertijd hebben we nog steeds heel veel oudere mensen die moeten uitverhuizen. Die kunnen niet meer op de plek blijven wonen waar ze nu wonen. We hebben gescheiden mensen. We hebben huiselijk geweld. Op een gegeven moment kunnen we niet meer. We willen wel meer, ik kan wel zeggen: we gaan het even doen. Maar dan zou ik u een rad voor ogen draaien en dat is het laatste wat ik wil. Op dit moment zeggen we veertig per jaar voor de lichtere gevallen. Dat kunnen er mogelijk meer worden. En we gaan heel erg hard werken aan tussenvoorzieningen, dus dat we van de opvang naar een tussenvoorziening gaan. Dat wil zeggen dat je wel je eigen kamer krijgt, maar nog wel op een geclusterde plek. Dus we hebben ook uitzicht dat we daar enkele plekken van gaan krijgen. Dus we zetten echt stappen, maar om nu even te zeggen dat we in honderdtallen… dat is gewoon niet reëel.

Daar komt het punt nog bij dat ook mevrouw Van Aalst maakte: het maakt natuurlijk wel uit of jij een hulpverlening op één locatie hebt waarbij één iemand een aantal mensen langs loopt, of je moet… Dus ook qua personeel, omdat er heel vaak een zorgvraag aan gekoppeld is, zou dat ook nog eens een probleem worden. Dus dat alles afwegende is uw motie gewoon niet realistisch. En uiteraard staat het de raad vrij om hier natuurlijk over te stemmen, maar mijn advies is: doe dit niet. De VOORZITTER. Mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda). Afrondend voorzitter, ik hoor de wethouder nogmaals allerlei zaken vertellen over wat niet mogelijk is. Ik zou toch de wethouder willen verzoeken om dit als een signaal te zien om het concept uit te rollen en ik zou hem heel graag willen verzoeken om met zijn collega in gesprek te gaan om te kijken wat er wel mogelijk is. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja, daarop aanvullend. Voor volgend jaar zegt u: 125 is realistisch. Maar het is een plan tot 2026. Dus wat beoogt u voor de komende jaren? Dus waar staan wij in 2026, gegeven gelijke omstandigheden? De heer BUIJT (lr) (wethouder).

Ja, dan is mijn idee dat de vijftig plekken die we nu voor Housing First inzetten, als die zware gevallen van de straat halen, ik heb de goede hoop dat die aantallen iets gaan teruglopen omdat je op een gegeven moment daar natuurlijk het grootste gedeelte hebt gehad. Dus ik hoop dat die veertig extra en waar mogelijk, als er meer ruimte komt bijvoorbeeld doordat het aantal statushouders minder wordt of whatever, dat er dus meer ruimte komt, is dat natuurlijk wel de groep waar we op gaan inzetten. Dus dan zouden het enkele tientallen hoger kunnen worden. Maar op dit moment zet ik veilig in: 50, 40. Dus dat is op dit moment tot 2026. En dan de 25 van de jongeren, Project010. Dat komt erbij. De VOORZITTER. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50+). Ja voorzitter, dank u wel. En dat betekent dat we het niet gaan redden, want we hebben er veel meer, dus we gaan weer over tot noodopvang. Kunnen we van de wethouder dan ook horen dat we de winteropvang weer gaan doen? Dat we weer gaan zorgen dat we in ieder geval die noodopvang voorlopig dan weer in het leven gaan roepen? Want anders zitten we hier over een maand echt met de ellende weer opnieuw, en dan gaan we weer aan uw taas trekken, van: denk erom, het moet gebeuren, want dan wordt het winter. Dus gaan we dat doen? De VOORZITTER. Wethouder. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Nee, dat zijn echt andere dingen.

We hebben winteropvang voor mensen die eigenlijk geen toegang hebben tot de reguliere opvang. Die gaan we dadelijk weer vanaf 1 november als de temperatuur daarom vraagt openstellen. Dit is echt reguliere opvang, waarvan wij nu gaan proberen dat mensen niet meer naar die opvang gaan maar dat ze naar sociale huurwoningen gaan. En die druk op die opvang neemt toe. Daarom is het ook belangrijk dat we daar heel goede criteria voor hanteren. Het is ook nog eens de wens dat we de opvang kleinschaliger gaan maken, dat

raadsvergadering van 28 september 2023

Notulen pagina

1833

mensen meer privacy hebben. Dat steun ik ook volledig. Maar het is dus niet zo dat het een per definitie met het andere te maken heeft. De VOORZITTER. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50+). Nou ja, dat heeft alles met elkaar te maken, want we constateren dat we gewoon veel meer daklozen hebben dan we als reguliere opvang gaan doen, dus de mensen die tussen wal en schip vallen, zullen opgevangen moeten worden in de noodopvang. We gaan toch in de winter niet weer alles buiten laten zitten? Overigens niet alleen in de winter, ook in de zomer zien we het. Het is gewoon een enorme toename, want dan gaan we over tot noodopvang lijkt me. Daar worden overigens ook andere eisen aan gesteld, dus dat is de reden waarom ik het vraag. Ik vraag niet aan u om dan voor die huizen te zorgen, maar zorg dat die mensen in ieder geval onder dak komen. De VOORZITTER. Wethouder. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Mevrouw Verkoelen. Ik ben de laatste die ontkent dat de huidige opvang aan alle kanten knelt, maar op dit moment is de reguliere opvang die voorziet op een enkele uitzondering na, het komt wel eens voor dat mensen twee, drie dagen moeten wachten voordat ze toegang krijgen, helaas, dat is van de laatste maanden, van de afgelopen zomer voor het eerst. Daar heb ik heel creatieve ideeën voor.

Ik heb ook gezegd: we moeten gaan overboeken in de opvang, want er bleek een bezettingsgraad van 92% te zijn, omdat er no show was. Ik heb gezegd: als je altijd aan de voorkant weet dat er een no show is, dan moet je gewoon, net zoals KLM doet, een paar plaatsen extra boeken. Dat hebben we ook gedaan en nu is de bezettingsgraad 98%. Dus daarmee hebben we het probleem een klein stukje kleiner gemaakt. En het piept en het kraakt, maar het is niet zo dat er nu sprake is van noodopvang. De mensen die helaas op straat zijn, die begeleiden we op een andere opvang. Die is er ook, om mensen terug te begeleiden naar werk of land van herkomst. En voor die mensen die daar niet aan mee willen werken, komt dadelijk in de winter de winteropvang. Dus zo zit het. De motie van Volt is de derde op dit punt. U heeft hem waarschijnlijk al aan voelen komen, ik zei het in het begin al. En u zegt dus te onderzoeken de toegang tot Rotterdams Wonen Eerst uit te breiden. Dat heb ik natuurlijk gedaan, ik ben maximaal gaan zitten, dus een onderzoek lijkt mij op dit moment geen toegevoegde waarde te hebben. De VOORZITTER. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Voorzitter, dank u wel. Nog één ding op dit punt. Er lijkt ook gewoon sprake te zijn van begripsverwarring over Housing First. Dus de uitleg van de wethouder is een andere dan het landelijke begrip Housing First.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=037b2f18-68ac-4268-8a31-d0d43f2baf3f