CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20220707- Notulen van de raadsvergadering van 7 juli 2022.pdf

Gemeenteraad 8 september 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de raadsvergadering van 23 juni 2022 en 7 juli 202254.387 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

984

- te onderzoeken hoe te bewerkstelligen dat werkgevers in Rotterdam op 1 juli hun medewerkers vrij kunnen geven; - te onderzoeken hoe te bewerkstelligen dat werknemers van de gemeente Rotterdam op 1 juli vrij zijn; - hierover binnen uiterlijk zes maanden te rapporteren aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein, A.J.A. Maassen, M.S.S. de Jong, T.J. Vonk, T. Kind, T.S.J. Coşkun en R.G.C. Segers-Hoogendoorn Motie 10. Erken Keti Koti als nationale feestdag in Nederland ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 7 juli 2022, ter bespreking van agendapunt 7.1.

Het voorstel tot vaststelling van de eerste herziening van de begroting 2022; constaterende dat: - Nederland op 1 juli 1863 de slavernij in Suriname en op de Nederlandse Antillen heeft afgeschaft; - de herdenking en/of viering van de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863 weliswaar een bekende jaarlijkse gebeurtenis is, maar het geen nationale feestdag is en het in de huidige vorm aan veel Nederlanders voorbijgaat; - deze belangrijke gebeurtenis ter herdenking en/of viering van de afschaffing van de slavernij Keti Koti wordt genoemd; van mening dat: - het in gezamenlijkheid vieren van belangrijke dagen essentieel is voor het creëren van een groter bewustzijn van het belang van die dagen; - er enorm veel kracht uitgaat van de erkenning van nationale herdenkingsdag Keti Koti als een nationale feestdag en het een waardevolle bijdrage levert aan het creëren van een groter bewustzijn van een gezamenlijk verleden; - erkenning van nationale herdenkingsdag Keti Koti als nationale feestdag een eerste stap kan zijn naar meer sociale cohesie waarin burgers in de Nederlandse samenleving meer verbondenheid ervaren en over en weer medeverantwoordelijkheid voelen voor het algemeen welzijn en nog te nemen stappen in de ontwikkeling; - het tijd is om deze gebeurtenis in gezamenlijkheid te vieren als onderdeel van onze nationale geschiedenis; - Rotterdam zich in het proces dat Nederland

sinds 1863 tot nu doormaakt dient in te spannen voor het creëren van een groter bewustzijn van het belang van Keti Koti; verzoekt het college: - een lobby te starten richting het rijk om Keti Koti te erkennen als een nationale feestdag; - hierover te rapporteren aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein, A.J.A. Maassen, M.S.S. de Jong en T. Kind De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Dan gaan we naar mevrouw De Jong.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

985

Mevrouw DE JONG (bij1). Even kijken, mijn collega is er natuurlijk niet, dus ik val voor haar in en dit gaat over de afgelopen motie, toch? Want ik heb natuurlijk ook mijn eigen motie hier nog staan. De VOORZITTER. Het gaat nu om het algemene deel, agendapunt 7.1, onderwerpen met een regulier debat. Aan de orde is het voorstel tot vaststelling van de eerste herziening van de begroting van het lopende jaar en de brief van het college met betrekking tot verwerking van het coalitieakkoord 'Eén stad' in de begroting. Dus als u daar iets over wilt zeggen. Ik kan me voorstellen dat u vandaag niet zo goed voorbereid bent. Mevrouw DE JONG (bij1). Nee, het is een beetje chaotisch geweest. De VOORZITTER. Ja, omdat mevrouw Vlasblom zich pas vanochtend heeft ziekgemeld. Oké, alle begrip. Dan ga ik naar mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50+). Dank u wel voorzitter. Net als de Partij voor de Dieren kan 50PLUS kort zijn op dit onderwerp. Waar we natuurlijk een echt debat hadden kunnen voeren als er een kaderbrief had gelegen, wordt dat nu een gemankeerd gesprek. 50PLUS heeft er alle begrip voor dat het nieuwe college in zo’n korte periode niet de financiële impact van een coalitieakkoord kan doorrekenen in de organisatie. Begrip, maar begrijpen doet 50PLUS het natuurlijk niet.

Want hoe kun je een contract tekenen als je niet weet wat het financieel gaat kosten of gaat opleveren? Zakelijk gezien geen sterk punt, maar so be it. We kunnen geen ijzer met handen breken. In het najaar bij de eerste begroting gaan we het allemaal zien. Ik geef maar alvast een winstwaarschuwing af, dan moet de boekhouding wel echt op orde zijn, want lukt dat dan niet, dan gaat het hele coalitieakkoord wat 50PLUS betreft bij het afval. En zal 50PLUS blijven doorzagen over met name de afvalstoffenheffing en de kwijtscheldingen. Want daar kan ik echt werkelijk geen chocola van maken als ik de onderliggende documentatie zie. Maar daar komen we dan later op terug. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER. Dank. Mijnheer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, dank u wel. Ja, één pagina collegebrief en een tabelletje als bijlage. Kijk, dat het college de raad niet al te serieus neemt in zijn kader stellende rol dat is nog tot daaraan toe, maar dat de meeste raadsleden, ook coalitieleden, dat gewoon wel goed vinden, dat geeft toch wel te denken. Voor het stellen van kaders, ook de financiële kaders, is de raad, de gehele raad, aan zet. Het nieuwe college gaat aan de slag zonder dat er wijzigingen in de begroting 2022 zijn vastgesteld door de raad.

Als ik de uitleg van de wethouder hierover in de veegbrief goed lees, zegt hij: zolang het binnen de programmabegroting blijft, kan het college zelf binnen budget en vastgestelde doelen middelen verschuiven. De wethouder zegt dus dat de voorgestelde intensiveringen dit jaar er niets verandert op het niveau van het programmabudget en de bijbehorende doelen. Kan de wethouder bevestigen dat deze lezing klopt? Het budgetrecht van de raad staat ook zwaar onder spanning bij het verdedigen van de post Eenmalige baten ten gevolge van de erfpachtconversie. De raad gaat over de verdeling van eenmalige baten en dat recht willen we ook zo houden. Er wordt niet in achterkamertjes € 500 miljoen verdeeld, maar de raad staat daarbuiten. Het is aan de raad om tot een verdeling te komen en op dat punt wil ik dan ook een motie indienen. De motie 'Kader voor conversie', waarin wij het college verzoeken om spelregels vast te stellen voor de verdeling van deze eenmalige baten en een bestedingsvoorstel te doen bij de begroting 2023, zodat de gehele raad daarover een besluit kan nemen.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

986

Voorzitter, dit college heeft ook een aantal rechtse hobby’s. Dan heb ik het natuurlijk over de afbouw van de opvang ongedocumenteerden, maar ook zeker over dat we de hele stad gaan volhangen met camera’s. Om met dat laatste te beginnen, twee jaar geleden ongeveer was er een technische sessie in Groningen. Ik werd later door verontruste Groningers gebeld. Want daar werden cijfers gepresenteerd over hoeveel camera’s er nu in de verschillende gemeenten hangen. In Groningen hangen er 15 gemeentelijke camera’s, in Eindhoven 30, in Utrecht 85, in Den Haag 155, in Amsterdam 200, in Rotterdam 450. We zijn de camerakampioen van Nederland. Dan is het natuurlijk interessant om te vragen hoe het dan zit met de veiligheidsbeleving van deze mensen. De veiligheidsbeleving is het beste, u raadt het al, in Groningen. Vervolgens, iets minder veilig, in Eindhoven. Dan Utrecht, dan Den Haag, dan Amsterdam, en het meest onveilig is de ervaring in Rotterdam. Dus als er al een verband is tussen camera’s en veiligheidsbeleving, dan is dat een omgekeerd evenredig verband. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Dank u voorzitter. Ja, ik vraag me af of de heer Vonk er wel eens bij nagedacht heeft dat het misschien nog weleens veel erger zou kunnen zijn zonder dat die camera’s er hangen? Want er worden hier nu heel wilde verbanden gelegd.

We kunnen het ook hebben, als je zegt, ja goh, Groningen is een totaal andere stad. Daar heb je alleen wel weer het risico dat je door een boer van je sokken wordt gereden bij wijze van spreken. Ja, we kunnen hier allerlei zaken met elkaar in verband gaan brengen, maar het verband dat de heer Vonk legt dat meer camera’s leiden tot minder veiligheidsgevoel, dat is wel heel makkelijk gezegd en dat is ook gewoon een hele rare. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, het lijkt nu wel of de heer Van Drunen echt nog heel veel moet leren als het gaat over interpretatie van cijfers en het leggen van verbanden. Ik heb het niet gehad over een causaal verband, een oorzakelijk verband. Ik heb het woord niet genoemd. Ik heb alleen gezegd: er is een verband. Dat is wat anders. En inderdaad, Rotterdam is een andere stad dan Groningen. Het is ook een andere stad dan Amsterdam, maar nergens, maar dan ook nergens hangen zoveel camera’s als in Rotterdam en nergens voelen mensen zich zo onveilig als in Rotterdam. We kunnen dat bordje Welkom in Rotterdam dan ook gerust weghalen en het bordje ophangen: Even zwaaien naar de camera, want u wordt in de gaten gehouden. De VOORZITTER. De heer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Nou, ik durf ook te beargumenteren dat nergens in Nederland er zoveel vraag naar camera’s is.

Want wij lopen nogal vaak door de wijken als VVD’ers, dat vinden we leuk, en dan bellen we bij mensen aan, dan vragen we: hoe gaat het hier? En hoe vaak wij tijdens die bezoekjes mensen moeten wijzen op het feit dat ze een camera kunnen aanvragen, bij elke wandeling die we hebben is het raak. Want mensen hebben gewoon behoefte aan die camera’s, want ze vinden het een prachtige bijdrage aan hun gevoel van veiligheid. Dat is gewoon wat die Rotterdammer ook gewoon van ons vraagt. En het is een ultiem en prachtig middel om die veiligheidsbeleving te vergroten. En als die veiligheidsbeleving in Rotterdam zo laag is, wat mij betreft plussen we er nog wat meer camera’s bij, want die dragen aan die veiligheidsbeleving in ieder geval een heel stukje bij in die straten waar wij op bezoek gaan. De VOORZITTER. De heer Vonk.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

987

De heer VONK (cu). Wat ben ik blij dat de heer Lansink dit zegt. Ik herinner hem even aan het vorige debat dat we hadden over het coalitieakkoord. Toen zei de heer Lansink letterlijk: wij gaan niet alles betalen waar vraag naar is. Dat is links. Dat gaan wij niet meer doen. U zei het letterlijk. Nu gaat het over camera’s, toen ging het over mededogen en over solidariteit. De woorden van de heer Van Drunen. Nu gaat het over repressie en over controle en dan vindt u het geen probleem. Zo inconsequent bent u. Wij gaan uit van het vertrouwen in de Rotterdammer en dat wil het college en de coalitie ook doen. Doe het dan. Maar als je het omgekeerde doet, dan ben je zelf niet geloofwaardig. En om die geloofwaardigheid terug te winnen voorzitter, wil ik, misschien tegen beter weten in, toch een motie indienen die vraagt om de voorgestelde middelen voor uitbreiding van camera’s te vervangen en te gaan investeren in de wijken en echt werk te maken van de oorzaken voor onveiligheid, met de titel 'Big Brother is helping you'. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja voorzitter, ik deel niet de analyse van de heer Vonk dat cameratoezicht per definitie geen functie heeft en ook niet bijdraagt aan een gevoel van veiligheid. Ik zou hem er ook op willen wijzen dat het niet zo is dat wij gewoon ongelimiteerd de stad gaan volhangen met camera’s.

In het coalitieakkoord staat dat wij gaan evalueren of reeds geplaatste veiligheidscamera’s nuttig en noodzakelijk zijn en dat we ook het subsidiariteitsbeginsel toepassen, oftewel, we gaan eerst de andere maatregelen treffen voordat we camera’s ophangen. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, dit college gaat € 8,2 miljoen extra investeren in het uitbreiden van cameratoezicht. Dat is wat wij lezen, dat is wat in het coalitieakkoord is gepresenteerd. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Als andere middelen niet hetzelfde doel kunnen bereiken. Dat staat er ook. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, ik constateer dat er € 8,2 miljoen nu al is weggezet voor uitbreiding van cameratoezicht. Maar laten we de deal maken en wat mij betreft notuleren we dan even stevig, dat als blijkt uit het onderzoek dat het inderdaad niet bijdraagt, dat we dan ter plekke die middelen gaan inzetten voor investeringen in de wijken en de oorzaken van de echte problemen. Dan staan we weer aan dezelfde kant. De VOORZITTER. De heer Vonk heeft de volgende moties ingediend. Motie 11. Kader voor conversie ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 7 juli 2022 ter bespreking van de eerste herziening van de begroting 2022 en van de verwerking het coalitieakkoord 'Eén stad' in de begroting; constaterende dat:

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

988

- het college in 2022 twee grote erfpachtconversies verwacht met een eenmalige opbrengst van ca € 500 miljoen; - in het coalitieakkoord voorgesteld wordt om dit bedrag niet te storten in de Rotterdamse Investeringsmotor maar een deel van de opbrengst te besteden aan eenmalige extra financiële impulsen en het restant ‘apart te zetten voor toekomstige cofinancieringsmogelijkheden en investeringen die niet leiden tot kapitaallasten'; overwegende dat: - de gemeenteraad gaat over de besteding van middelen; - een mooie meevaller vraagt om zorgvuldige besteding en selectie van doelen; verzoekt het college: - bij de tweede herziening 2022 een voorstel te doen volgens welke spelregels deze eenmalige opbrengst nu en in de toekomst ingezet kan worden; - bij de begroting 2023 een voorstel te doen voor de besteding en reservering van de middelen conform de vastgestelde spelregels; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. T.J. Vonk Motie 12.

Big Brother is helping you ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 7 juli 2022 ter bespreking van de eerste herziening van de begroting2022 en van de verwerking het coalitieakkoord 'Eén stad' in de begroting; constaterende dat: - Rotterdam al jaren de stad is met veruit het meeste cameratoezicht; - tegelijkertijd de veiligheidsbeleving nergens zo laag is als in Rotterdam; - dit college voor ingewikkelde financiële uitdagingen staat en desalniettemin kiest voor extra geld voor uitbreiding van cameratoezicht, te beginnen met € 1,2 miljoen in 2022 en € 8,2 miljoen over de volledige coalitieperiode; - dit college uit wil gaan van vertrouwen in de burger, niet vanuit wantrouwen; overwegende dat: - veiligheid wordt vergroot door de onderliggende sociale en maatschappelijke problemen aan te pakken; - de veiligheidsbeleving niet stijgt door meer camera's; - de intensivering op de aanpak van probleemwijken uit de vorige periode niet wordt voortgezet en dus veel ondersteuning van mensen in kwetsbare wijken en kwetsbare situaties gaat stoppen; - een investering in probleemwijken uitgaat van vertrouwen in de mensen terwijl camera's uitgaan van wantrouwen in de burger door ze te zien als potentiële daders; verzoekt het college: - de voorgenomen intensivering op uitbreiding cameratoezicht aan te wenden voor het investeren in de mensen in wijken die nu laag scoren op de veiligheidsindex; -

deze omzetting te verwerken in het voorstel bij de tweede herziening 2022; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

989

w.g. T.J. Vonk en J. Bokhove De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. U kunt verdergaan. De heer VONK (cu). Ja, dank u wel voorzitter. Een beetje in dezelfde lijn zien wij ook dat er in de vorige periode enorm is ingezet om huisjesmelkers aan te pakken, met een programma Goed huren en verhuren. Het budget daarvoor is verlaagd en wij willen graag de wethouder helpen. Dan kijken we weer even naar de rechtse hobby’s en zien dan ook de uitbreiding van BOA’s. dan denken wij: dat kan dus anders, dus dienen wij ook nog een motie in 'BOA’s tegen huisjesmelkers', waarin we vragen dat we de middelen van BOA’s in gaan zetten om de huisjesmelkers aan te pakken in het kader van Goed huren en verhuren. De VOORZITTER. De heer Vonk heeft de volgende motie ingediend. Motie 13.

BOA’s tegen huisjesmelkers ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 7 juli 2022 ter bespreking van de eerste herziening van de begroting 2022 en van de verwerking het coalitieakkoord 'Eén stad' in de begroting; constaterende dat: - huisjesmelkers woningzoekenden op enorme kosten jagen door hoge huren in rekening te brengen die ze wettelijke niet mogen hanteren; - sommige Rotterdammers hierdoor onterecht een groot deel van hun inkomen kwijt zijn aan huisvesting; - voor aanpak 'Goed huren en verhuren' het budget gehalveerd wordt van € 6 miljoen in 2023 naar € 3 miljoen per jaar in de daaropvolgende jaren; - dit college voor ingewikkelde financiële uitdagingen staat en desalniettemin kiest voor enorm veel extra geld voor uitbreiding van inzet van BOA's: maar liefst € 34,5 miljoen voor de hele periode; - dit college uit wil gaan van vertrouwen in de burger, niet vanuit wantrouwen; overwegende dat: - de intensivering op de aanpak 'Goed huren en verhuren' uit de vorige periode wordt afgebouwd; - hierdoor minder geld beschikbaar komt voor verbetering van positie van huurders en huisjesmelkers minder kans hebben om aangepakt te worden; - onlangs uit onderzoek van Rijnmond1 bleek dat huisjesmelkers nagenoeg vrij spel hebben; - er juist extra capaciteit nodig is om hier iets aan te doen; verzoekt het college: - om € 9 miljoen van de voorgenomen intensivering op uitbreiding van BOA's

aan te wenden voor het verbeteren van de positie van huurders en het aanpakken van huisjesmelkers; - deze omzetting te verwerken in het voorstel bij de tweede herziening 2022 en/of de begroting 2023; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

990

w.g. T.J. Vonk 1 https://www.rijnmond.nl/nieuws/1510867/bizar-hoge-huren-voor-piepkleine-studios-voor-de-winst-van-de-

huisjesmelker-en-de-kleine-belegger-rotterdam-grijpt-niet-in

De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. U kunt verdergaan. De heer VONK (cu). Ja, dank u wel voorzitter. Ik noemde ook al even de afbouw van de LVV, de opvang van vreemdelingen. Daar hebben wij een heel debat over gevoerd en wat mij betreft gaan we dat hier niet overdoen. Maar er is nog één punt dat in dat debat bleef hangen. De wethouder zei namelijk: ik heb een advies gekregen om tot die afbouw te besluiten voordat de landelijke evaluatie al is gedaan. Daar vroegen wij naar. Er was geen rapport, maar er was een advies. Dus ik heb in ieder geval mijn best gedaan om al die stukken die wij hebben gekregen met al die adviezen door te spitten. Het publieke deel, het geheime deel. Wij konden het advies niet vinden. Maar mijn vraag aan de wethouder is of hij dat advies nog eens aan ons kan meegeven. Wat was nu precies dat advies op grond waarvan hij, vooruitlopend op de evaluatie, de LVV al ging halveren? Voorzitter, ten slotte, het is van belang dat wij een goed inzicht krijgen in de financiële veranderingen met dit coalitieakkoord. Eén punt ontbreekt tot nu toe nog volledig. Een nieuwe coalitie betekent ook het stoppen van de intensiveringen van de oude coalitie. Dat zijn dus eigenlijk per saldo bezuinigingen. Maar die bezuinigingen en de impact daarvan zien we nu niet terug en wij willen daar graag een beeld van hebben.

Even een paar voorbeelden. Op ouderenzorg zat een intensivering van € 2 miljoen. Als je het Langer Thuis Akkoord meeteelt, dat was € 1,6 miljoen, dus samen € 3,6 miljoen. Dat valt weg. Wat zijn de gevolgen daarvan voor de ouderenzorg? Een ander voorbeeld. We hebben het gehad over de intensivering op Goed huren en verhuren. Daar zat ruim € 5 miljoen op van het vorige college. En nu zakt dat naar een veel lager niveau. Of nog een voorbeeld. De inzet van € 2,4 miljoen per jaar op Kwetsbare-wijk-aanpak. Die stopt. Als de financiering stopt, wat betekent dat dan voor het programma? Gaat er wat anders gebeuren, gaan er dingen niet gebeuren? Daarin willen wij inzicht. Kortom, ik heb er geen motie voor maar ik hoop dat we dat met een toezegging gewoon af kunnen doen, wij verzoeken het college om voor iedere stopzetting van intensivering uit de vorige periode de financiële en inhoudelijke gevolgen in beeld te brengen. Want op die manier krijgen we, weliswaar pas na de zomer, toch een beter inzicht in de gevolgen van dit nieuwe akkoord. En dan brengen we de raad, die min of meer aan de kant was gezet, toch weer aan zet. Dank u wel. De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Mevrouw De Jong. Mevrouw DE JONG (bij1). Ingehaald van de ochtend inderdaad. We hadden toch een motie en die wil ik toch nog even indienen. Het gaat over toegankelijke taal.

Er werd ook gesproken in het coalitieakkoord dat Nederlands natuurlijk de voertaal zal zijn en bij hoge uitzondering Engels. De motie gaat zo: verzoekt het college te allen tijde als uitgangspunt te nemen een toegankelijke gemeente te willen zijn voor al haar inwoners; zoveel mogelijk gebruik te maken van alle voorhanden zijnde laagdrempelige eenvoudige hedendaagse (vertaald)middelen, beeld, audio, om goed en helder online en offline te communiceren in de meest gesproken talen in Rotterdam, en gaat over tot de orde van de dag. Dank u. De VOORZITTER. Dank u zeer. U krijgt een vraag van de heer Lansink mevrouw De Jong, voordat u wegloopt.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

991

De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Nee, toch nog eventjes aan de heer Vonk, die even wegloopt. De VOORZITTER. Maar even checken of de heer Van Drunen ook hetzelfde heeft. Heeft u een vraag aan mevrouw De Jong? De heer VAN DRUNEN (lr). Ja, aan mevrouw De Jong inderdaad. De VOORZITTER. Ja, doe die dan maar eerst even. De heer VAN DRUNEN (lr). Mijn vraag aan mevrouw De Jong is in hoeveel talen u de communicatie van de gemeente dan zou willen aanbieden. Mevrouw DE JONG (bij1). Wij zouden beginnen met de zes meest gesproken talen allereerst. Goede infrastructuur erop zetten, goede plannen maken hoe we dat verder kunnen uitbreiden. We begrijpen echt wel dat dat niet allemaal in één keer kan, maar wij zitten in Europa, vrij verkeer is mogelijk. Uiteindelijk zou het moeten gaan over wat effectief is voor communicatie met onze inwoners. Hoe bereiken we mensen die we nu niet kunnen bereiken? Taal is wel een van die dingen die daarbij een rol speelt. Het gaat hier ook gewoon over effectief werken in de gemeente voor al haar inwoners. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Maar in hoeveel talen wilt u dat de gemeente dan de zaken aanbiedt? Mevrouw DE JONG (bij1). Ik zal het weer herhalen: zes. De heer VAN DRUNEN (lr). En dan een logische vervolgvraag: welke zes talen zijn dat dan? Mevrouw DE JONG (bij1). De meest gesproken talen in Rotterdam. De heer VAN DRUNEN (lr).

Welke zes talen zijn dat dan? Mevrouw DE JONG (bij1). Mijn collega heeft dat allemaal netjes uitgezocht. Wij samen met z’n tweeën hebben een mooie verdeling, onder andere wat eronder zit zijn talen zoals Turks, Marokkaans, Pools. Over dat soort talen hebben we het. Als u een lijst wilt hebben van de talen kan ik die natuurlijk gewoon zo voor u opzoeken. De heer VAN DRUNEN (lr). Ik ga graag op uw aanbod in want ik ben wel heel benieuwd welke zes talen het meest gesproken zijn in Rotterdam. Mevrouw DE JONG (bij1). Dat kan ik zo voor u regelen. De VOORZITTER. Mijnheer Kind. De heer KIND (volt). Ja, wat we nu eigenlijk een beetje zien, is wat we misschien al wel twintig jaar aan het doen zijn. Zodra het gaat over toegankelijke dienstverlening en de menselijke maat en er wordt taal bij gehaald, is het gelijk: noem dan hoeveel talen dat zijn en alleen maar Nederlands, iedereen moet Nederlands kunnen spreken in Nederland. Waar de motie ook toe oproept is: ga nu eens kijken naar innovatie. En als er één vlak is op het gebied van artificial intelligence, machine learning, waar echt veel innovatie zit, dan is het

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

992

taal en vertalingen. Laten we er nu voor zorgen dat we dit niet de hele tijd zo rechtlijnig gaan benaderen, van Nederlands, Engels, papier, digitaal. Maar laten we het nu eens breder trekken en kijken: wat kunnen we doen? QR-codetjes direct als iets wordt uitgesproken. Cameraatje ervoor, het wordt gelijk in welke taal ook nodig is, uitgesproken of vertaald. Scannetje, hup, van een ingewikkeld beleidsdossier wordt het in één keer een beetje begrijpelijk Nederlands. Dat is volgens mij de weg die we op moeten gaan en waartoe ook wordt opgeroepen in deze motie. Dat gaat dus verder dan die zes talen waar u het nu over heeft. De VOORZITTER. Misschien handig om de motie maar eens te lezen met elkaar. Mevrouw De Jong, dat was het? Oké. Mevrouw De Jong heeft de volgende motie ingediend. Motie 14.

Toegankelijke taal ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 7 juli 2022 ter bespreking van eerste herziening van de begroting 2022; constaterende dat: - in het coalitieakkoord specifiek wordt benoemd dat de officiële communicatie van de gemeente in het Nederlands is, en belangrijke informatie in het Engels wordt aangeboden; - de gemeente Rotterdam ongeveer 170 verschillende nationaliteiten heeft; - er alleen wordt gecommuniceerd in andere talen wanneer de volksgezondheid, veiligheid of openbare orde dat vergen, en dat altijd van tijdelijke aard is; overwegende dat: - het coalitieakkoord de titel ‘Eén stad’ draagt en stelt dat iedereen die in Rotterdam woont erbij hoort met respect voor de verschillen; - Rotterdam een minority majority stad is en wij als gemeente er alles aan moeten doen, alle mensen te allen tijde te blijven bereiken, zoals ook de eerste generatie ouderen migranten; - een toegankelijke communicatie van de gemeente onverlet laat dat het fundamenteel is om de Nederlandse taal te kennen en te spreken; - wij onderdeel van de EU zijn die 24 officiële talen kent en wier motto "verenigd in verscheidenheid" onderstreept dat de meertaligheid en het leren van talen een onmisbare bijdrage leveren aan het Europese project; verzoekt het college: - te allen tijde als uitgangspunt te nemen een toegankelijke gemeente te willen zijn voor al haar inwoners; -

zoveel mogelijk gebruik te maken alle voorhanden zijnde laagdrempelige eenvoudige hedendaagse (vertaal) middelen, beelden en audio om goed en helder online en offline te communiceren in de meeste gesproken talen in Rotterdam; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. M.S.S. de Jong, S. Reitema, T. Kind en L.S. Vlieger De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

993

De VOORZITTER. Dan gaan we terug naar de eerdere bijdrage. De heer Lansink had een vraag aan de heer Vonk. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Ja, de heer Vonk loopt dan zo weg en zegt: de raad is een beetje aan de zijkant geschoven. Ik wil daar toch een weerwoord op geven want dat klopt natuurlijk niet. We staan nu voor de derde, het voelt bijna de vierde keer als ik de commissiebehandeling meetel, over het coalitieakkoord te spreken. We hebben volledige openbaarheid gegeven over het informatiedossier. U heeft de mogelijkheid in de tweede herziening met ons mee te praten over de begroting en de begroting komt er nog. Wat nu, aan de kant zetten? Ik vind het echt te makkelijk om dat eventjes zo in de slipstream te vertellen, om te kijken wat we ook anders hebben gedaan ten opzichte van jaren geleden, en dat moet u ook erkennen. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, ik houd het heel kort want ik heb weinig tijd. Maar één ding: ik heb mensen van buiten Rotterdam gevraagd: kijk daar nu eens even in mee, is het nu correct wat we met elkaar aan het doen zijn? Antwoord: nee. De VOORZITTER. Goed. Mijnheer Coşkun, u heeft het woord in de eerste termijn. De heer COŞKUN (sp). Dank u voorzitter.

Het was zojuist een blamage voor de democratie toen we bij de start vandaag besloten dat we zo’n belangrijk onderwerp als de RRKC, dat veel gemoederen in de stad bezighoudt, straks even afraffelen. Laten we ons eigen reglement respecteren, zeg ik tegen u allen. De zich nu aftekenende dictatuur van deze nieuwe coalitie blokkeert het democratisch debat in deze raad. Daarmee wordt Rotterdam zichtbaar en voelbaar minder leefbaar en zeker minder democratisch. Want ook de kaderbrieven voorzitter, in het Reglement van Orde artikel 46 staat, de kaderbrief wordt in de regel voor het zomerreces behandeld. Voorzitter, ik moet constateren dat het college niet in staat is om een kaderbrief te produceren. We zijn zestien weken verder, dat is 112 dagen na de verkiezingen van 16 maart. De dame en de heren in vak B&W hebben al die tijd met elkaar en met de ambtenaren zitten bespreken en uitvogelen wat de financiële kaders voor 2023 en volgende jaren zullen worden. Waarom durft u ons dat niet te vertellen? Zijn de cijfers zo beroerd of zijn ze zo rooskleurig? Voorzitter, normaal is dat we voor het zomerreces te horen krijgen wat de financiële kaders ongeveer zijn. Ongeveer en echt niet tot elke cent achter de komma. De SP wil nu weten hoe het college de mee- en tegenvallers ongeveer denkt te gaan verwerken in de begroting voor 2023.

Daar kunnen wij dan hier onze wensen naast leggen en verzoeken om hier of daar een onsje meer of minder te doen. Dat budgetrecht wordt ons nu ontnomen en dat is slecht voorzitter. Meer wil ik er eigenlijk niet over zeggen. De VOORZITTER. Dank. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, dank. Ik kies ervoor, omdat we eigenlijk de cijfers hier niet hebben liggen, zoals al veel partijen hebben gezegd, om me dan toch maar te richten op de mogelijke bezuinigingen. Ik heb me dus vooral op dat lijstje gefocust en zoals ik eerder al zei, het CDA wil zich in constructieve oppositie tonen. Daarom ga ik u proberen uit te dagen om alvast een beetje mee te bewegen onze kant op. Want voorzitter, een samenleving bestaat niet bij gratie van de overheid of de markt, maar bij de gratie van gemeenschappen van mensen met elkaar. Mensen ondernemen samen, recreëren, leren en zorgen. Maar die notie, dat besef staat ten enenmale nergens in het coalitieakkoord, laat staan in de keuzes die op financieel gebied gemaakt zouden kunnen

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

994

worden. Ik ga voorzitter, op vier manieren langs die menselijke manier van een samenleving vormen. En dan beginnen we met de ouderen. Het programma Ouder en wijzer wordt nergens genoemd en dat, terwijl mevrouw Verkoelen na het indienen van 143 moties daarover, zelfs heel tevreden was met dat programma. Sterker nog, we moeten toekomstige bezuinigingen vrezen als we de keuzelijst zien. Huisbezoeken 75+, vrijwilligersondersteuning en mantelzorgers, sportdeelname van ouderen. Het staat allemaal op de helling. Mijn vraag aan het college is dus ook: mogen wij van u verwachten dat het masterplan Ouder en wijzer met kracht voortgezet wordt? Voorzitter, dan de jongeren. Ook de jeugd komt er bekaaid vanaf. Middelen voor onderwijsbeleid zullen fors worden afgebouwd. En dat tegen de achtergrond van een groei aan thuiszitters, een enorm lerarentekort en achterstanden door corona. Ook hier moeten we vrezen voor meer. Bezuinigingen op de aansluiting van de onderwijs- en jeugdhulp bijvoorbeeld. Bezuinigingen op de maatwerkdienstverlening 18- en zo kan ik nog wel even doorgaan. Wij sluiten onze ogen niet voor het feit dat middelen voor bijvoorbeeld jeugdhulp met name landelijk achterblijven. Dat weten we. Maar je zou in deze stad dan hopen en verwachten dat het stadsbestuur hier een extra stap zet. Dat zien we helaas niet. Zo’n lobbybrief van Het vergeten kind leest dan extra wrang.

Mijn vraag aan het college is dan ook: kan het college aangeven hoe het deze hartenkreet van Het vergeten kind heeft gewogen aan de onderhandelingstafel? Ik wil ook op het gebied van jongeren een concrete motie indienen. Zoals u ook al twee weken geleden merkte, hebben mevrouw Morkoç en ik goed samengewerkt op het thema van de compensatie van studenten voor de enorme stijging van de energieprijzen. Wij hebben minister Schouten in de Kamer horen zeggen dat studenten een beroep kunnen doen op de individuele bijzondere bijstand, wanneer ze door de gestegen energiekosten in de financiële problemen komen. Daarom dienen wij dan ook samen met GroenLinks deze motie in, 'Sta studenten bij via de bijzondere bijstand'. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn heeft de volgende motie ingediend. Motie 15. Sta studenten bij via de bijzondere bijstand ʺDe gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 7 juli 2022, ter bespreking van 'Eerste herziening van de begroting 2022’; constaterende dat: - Rotterdamse studenten hard geraakt worden door stijgende energiekosten.

Uit onderzoek van de Rotterdamse studentenvakbond blijkt dat 42% van de ondervraagde studenten aangeeft door stijgende energiekosten in de financiële problemen te komen; - Rotterdamse studenten vooralsnog uitgesloten zijn van de eenmalige energietoeslag van € 800,00; overwegende dat: - minister Schouten heeft aangegeven dat studenten een beroep kunnen doen op de individuele bijzondere bijstand wanneer zij door de gestegen energiekosten in de financiële problemen komen; verzoekt het college: - de regeling met betrekking tot de individuele bijzondere bijstand zo snel en goed mogelijk te communiceren naar Rotterdamse studenten; - in kaart te brengen aan welke criteria wordt getoetst voor het toekennen van de individuele bijzondere bijstand aan studenten en daarbij expliciet onderscheid te maken tussen criteria die afkomstig zijn vanuit landelijke wetgeving en criteria die onder de beleidsvrijheid van de gemeente vallen;

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

995

- te borgen dat er binnen de beoordelingsvrijheid van de gemeente geen extra voorwaarden gelden voor studenten om in aanmerking te komen voor bijzondere bijstand; - hierover terug te koppelen aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag.ʺ w.g. R.G.C. Segers-Hoogendoorn en M.Y. Morkoç De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Ja, dank u voorzitter. Ik hoor allemaal mooie ideeën van het CDA voorbijkomen die ook heel logisch lijken te klinken. Alleen, daar volgt natuurlijk ook wel een heel logische tegenvraag op: waar moet dat allemaal van betaald gaan worden? Ik hoor alleen maar plannen: hier moet geld aan worden uitgegeven, hier mogen we niet bezuinigen, we mogen dit niet, we mogen dat niet. Wat mogen we wel? Waar moet het geld vandaan komen om dat allemaal te betalen? De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, volgens mij is mijn taak als volksvertegenwoordiger absoluut niet om hier bij een idee meteen ook het prijskaartje en de dekking te noemen. Dat kan usance zijn in dit huis, ik heb me daar overigens de afgelopen vier jaar ook regelmatig aan gestoord.

Ik sta hier omdat ik volksvertegenwoordiger ben en met een bepaald kompas naar deze stad kijk en ik zeg dus tegen u: ik ben constructieve oppositie, ik zeg: ik haal een aantal dingen uit dat coalitieakkoord en ik zoek naar een aantal getallen. Ik zie een aantal risico’s en ik geef u vooral meteen al mee: bezuinig daar alstublieft niet op. Dat is het enige wat ik doe. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Wat ik dan voor me zie voorzitter, dat is eigenlijk een beeld van: het komt richting december aan. De speelgoedkrant ploft op de mat en er gaat een kind een verlanglijstje maken. En die zet er allemaal dingen op die die wil, die die wil, die die wil, die die wil. Ik wil dit, ik wil dit, ik wil dit, ik wil dit. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Ja precies, maar vervolgens ervan uitgaat dat ook alles maar kan. Dat alles maar ingewilligd kan worden. Maar zo werkt het niet en dat is mijn boodschap aan het CDA. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Voorzitter, mag ik daarop reageren? De VOORZITTER. Dat mag. Ik hoorde geen vraag, maar u mag reageren. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja heel graag, want hier horen we van mijnheer Van Drunen exact wat wij de komende vier jaar mogen verwachten. De coalitie met 25 zetels heeft het dichtgelegd. U heeft al die verstandige keuzes al gemaakt.

En wat ik hier als volksvertegenwoordiger ook zeg, welke punten ik ook aanraak, aan welke knoppen ik ook probeer te draaien, u zult mij iedere keer het weerwoord geven: mijnheer Segers, als u geen dekking heeft dan bent u hier een verlanglijstje aan het oproepen. Ik zou de heer Van Drunen willen uitnodigen om de door mij uitgestoken hand, namelijk constructieve oppositie,

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

996

aan te nemen en mij niet aan te vallen op het feit dat ik gewoon met ideeën kom. En dan moet u mij niet wegzetten als een jengelend kind met een verlanglijstje waar geen geld voor is. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Die uitgestoken hand pak ik graag aan, want ik ben ook gewoon heel graag heel constructief bezig. Alleen, en het gaat er ook niet om, de hele suggestie die door de Segers-Hoogendoorn gewekt wordt van: weet je, voor de komende vier jaar zit alles dicht getimmerd. Helemaal niet, er zijn bepaalde keuzes gemaakt op grond van wat er financieel mogelijk is op dit moment. Maar als de heer Segers-Hoogendoorn met een idee komt of met een suggestie die nog veel beter is dan een van de keuzes die wij gemaakt hebben, dan luister ik daar heel graag naar. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Voorzitter, dan was het mooi geweest als de heer Van Drunen met zijn coalitiepartners ons die gegevens ook hadden gegeven. Dan hadden wij goed kunnen zien hoe die keuzes zaten, maar dat weten we nu niet. Dus deze interruptie vond ik niet heel constructief voorzitter. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Voorzitter, dan ga ik, uitgestoken hand, constructief, proberen vorm te laten geven. Want voorzitter, een vraag aan de heer Segers.

Gaat uw partij in de regering, in de Tweede Kamer wel akkoord met een oplossing voor de studenten of moeten we daarvoor de budgetten die wij hier in Rotterdam hebben voor uitzonderlijke situaties voor toeslagen, voor uitzonderlijke situaties in de bijzondere bijstand, nog eens een keer aanwenden voor deze groep? De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Voorzitter, gezien mijn spreektijd verwijs ik voor het antwoord op deze vraag naar mijn eerdere reactie in de interruptie die we net hadden bij het betoog van mevrouw Morkoç. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, daar is geen uitspraak op gekomen. Daar is geen ja of nee op gekomen, dus ik ben wel benieuwd naar het antwoord. Het kan heel kort, simpel ja of nee. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ik doe dat heel kort. Ik heb gezegd dat ik hier zeg wat ik hier vind en dat ik mijn Kamerleden in Den Haag niet aan een touwtje heb. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, dan wil ik wel concluderen dat het inderdaad iets is wat CDA Rotterdam belangrijk vindt, maar niet het CDA in zijn algemeenheid, om daar daadwerkelijk mee aan de slag te gaan. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

997

De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ik constateer dat mevrouw Mohamed-Hoesein iets te snel haar conclusies trekt. Voorzitter, ik ga door met mijn betoog. Ik wil graag de wethouder verantwoordelijk voor het dossier rondom die energiearmoede en met name de compensatie voor studenten vragen of hij wil toezeggen aan mij dat als er partijen in de stad zijn die een helpende hand uitsteken met middelen mogelijkerwijs hiervoor, en ik snap dat we dat ook niet al te hard in een motie moeten zetten want dat we dan onze lobby richting het rijk ook verliezen, maar ik wil hem wel vragen mij toe te zeggen dat als partijen in de stad de hand reiken, dat de wethouder die hand zal aannemen. Dan ga ik door voorzitter naar verenigingen. Het verenigingsleven, dat heb ik eerder al gezegd, daar lijkt deze coalitie een blinde vlek voor te hebben, terwijl dat het cement van de samenleving is. Het woord vereniging komt alleen voor in de context van sportverenigingen. Waar zijn bijvoorbeeld de studentenverenigingen? En zo kan ik nog wel even doorgaan. Ik noemde eerder al de subsidieregelingen voor sportdeelname van kwetsbare doelgroepen en ook hier moeten we vrezen voor meer bezuinigingen. In de keuzelijst worden de middelen van bijvoorbeeld het Actieprogramma verenigingen fors afgebouwd. En bezuinigingen op de sportfondsen zet het voortbestaan van accommodaties en recreatieaccommodaties op de helling.

Waar het CDA altijd voor heeft gevochten zien we nergens terug. De inzet van gemeenschappen en verenigingen als informeel netwerk in bijvoorbeeld de preventie en vroegsignalering. Daarom zijn mijn vragen aan het college dan ook de volgende: hoe waardeert u gemeenschappen en verenigingen als informeel partner van de gemeente en instellingen? Kunt u toezeggen dat er geïnvesteerd blijft worden in het Actieprogramma Verenigingen? Voorzitter, ten slotte, de ander. Wij tonen onze menselijkheid in de menselijkheid die we tonen jegens de ander. En deze coalitie laat duidelijk zien wie ze onder wij verstaan en wie onder de ander. En de menselijkheid valt op dat punt tegen. De heer Vonk zei het al, de Landelijke Voorziening Vreemdelingen wordt met de helft afgebouwd, en dat terwijl we hier juist het afgelopen jaar zoveel stappen in hadden gezet en sterker nog, ik zou willen doorpakken daarop en het bijvoorbeeld naar een volledige winteropvang zou moeten. Dus er zijn in plaats van minder stappen juist meer stappen nodig om Rotterdam menswaardig te houden. Waar zijn de coalitiepartijen als het gaat om de zorg voor ongedocumenteerden? Een zeer actueel thema. En het eerdergenoemde quotum op statushouders, ik zal er maar niet op terugkomen.

Voorzitter, als de menselijkheid van deze coalitie afgemeten wordt aan de menselijkheid jegens de ander, wordt hier tot mijn grote verdriet een dikke onvoldoende gescoord. De coalitie zal het CDA bij iedere stap op die weg als tegenstander ontmoeten. Dank. De VOORZITTER. Mijnheer Oostdijk. De heer OOSTDIJK (fvd). Voorzitter, dank. In de eerste herziening 2022 zien wij onvoldoende aanknopingspunten voor een goede inbreng. Daarom wachten wij graag op de tweede herziening en komen dan met een inbreng. De VOORZITTER. Dank. Dan heb ik nu alle fracties gehad. Ik check nog even of er nog een nabrander was, of dat er eventueel nog een motie ingediend moet worden. Dat is niet het geval. Dan wilde ik u voorstellen om nu te gaan lunchen en straks aan te vangen met het college in de eerste termijn voor de beantwoording van alle gestelde vragen en advies over de moties. Dat zou ik graag om 13.30 uur willen doen, een uur na nu. Als u daar geen bezwaar tegen heeft, dan gun ik u een uur lunchtijd. Is dat genoeg? Ja? Dan vangen we de vergadering graag stipt om 13.30 uur aan. Tot straks. (De vergadering is geschorst.)

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

998

Notulen raadsvergadering

Notulen van de raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen van de raadsvergadering van 7 juli 2022 (middagzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 10 Voorzitter: de heer ing. A. Aboutaleb, met dien verstande dat het voorzitterschap van 14.34 tot 14.38 uur is waargenomen door mevrouw A. Kockelkoren Voor de presentielijst van deze vergadering wordt verwezen naar de ochtendzitting van deze vergadering Namens het college is tegenwoordig de heer F. Achbar, de heer V.P.G. Karremans, de heer S. Kasmi, de heer R.A.C.J. Simons, de heer M.J.W. Struijvenberg, de heer T.B. Versnel, de heer G.J.M. Vreugdenhil, de heer E. Yigit en mevrouw C.M. Zeegers Griffier: de heer V.A.M. Lorijn Heropening De VOORZITTER. Ik heropen de vergadering en verzoek u uw plaatsen in te nemen. Aan de orde de beantwoording van de zijde van het college in de eerste termijn. De volgorde van de eerste drie sprekers zal zo zijn dat eerst de locoburgemeester de beantwoording zal doen voor vragen en eventuele moties die aan hem gericht zijn. Normaal gesproken zou ik de wethouder van Financiën als tweede het woord geven, maar ik had aangekondigd dat wethouder Struijvenberg vanmiddag om 15.00 uur in Capelle afscheid neemt, dus ik gun hem de mogelijkheid om als tweede spreker een enkele vraag te beantwoorden en daarna gaan we naar de wethouder van Financiën. We beginnen met wethouder Simons. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Ja, dank u wel voorzitter.

Eerst wil ik namens het hele college zeggen dat wij blij zijn met de complimenten van de Partij voor de Dieren en 50PLUS voor het beschikbaar stellen van de stukken. We zijn blij dat dat in goede aarde is gevallen en dat u daar verder mee kunt. Er is aan mij maar één vraag gesteld en dat was door mevrouw Maassen. Ik kijk nog even naar haar. U had nog één vraag aan mij gesteld, als ik het goed onthouden heb: 'Hoe gaat dit college het contact leggen met de Rotterdammer?' Daar heb ik twee antwoorden op. Ten eerste vind ik persoonlijk dat elke wethouder zelf daar verantwoording in moet nemen. Ik ben de afgelopen week geloof ik drie, vier, vijf keer op een laagdrempelige manier in de stad geweest en ben het gesprek aangegaan, niet alleen met ambtenaren en ondernemers, maar ook met gewone Rotterdammers. Daarnaast hebben wij als college afgesproken… En daar hebben wij vorige week vrijdag een start mee gemaakt. We zijn naar Pendrecht-Zuid gegaan en hebben daar met betrokken bewoners en wijkraadsleden gesproken. Maar we hebben zelfs ook nog een beetje gecanvast en gewoon aangebeld. We zoeken zelf ook nog naar de juiste vorm, maar we vinden het wel heel belangrijk om te doen en eigenlijk vind ik het ook heel erg leuk.

Vaak als ik ergens ben, dan denk ik… Zoals vorige week vrijdag op het Heemraadsplein, waar je met ondernemers en met andere mensen praat en dan zie je allerlei oplossingen voor je. En daar krijg ik dan energie van. Dan kom ik gewoon echt blij thuis. Van lange vergaderingen word ik soms minder blij. Ik vind het ook een mooie

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

999

oplossing dat we veel de stad ingaan en ik denk dat mijn collega's het daar allemaal mee eens zijn. Dus dat is het antwoord op uw vraag. De VOORZITTER. Als u korter vergadert dan is de heer Simons vaak in de wijk. Dat is eigenlijk de eindconclusie van zijn betoog. En als u hem blij ziet dan is hij in de wijk geweest. Wethouder Struijvenberg. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Dank u voorzitter. Ik heb een enkele vraag genoteerd van het CDA, van de heer Segers. Die vroeg of het masterplan 'Ouder en Wijzer' nu met kracht wordt voortgezet. Het masterplan zit in de welzijnsopdracht. Dus wat dat betreft denk ik: ja, in ieder geval financieel is dat daarin geborgd. Maar wel met uitzondering van het Langer Thuisakkoord. Dus daar kunnen we ongetwijfeld nog met elkaar verder over spreken. Maar dat was al wel het geval in de meerjarenraming van de Begroting 2022 die ik ook weer heb overgenomen gekregen. Dus dat voor wat betreft die ene vraag. Meer had ik niet genoteerd. De VOORZITTER. Oké. Wethouder van Financiën. De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Ja, dank u burgemeester. Ik had geen enkele vraag. Sorry. Ik had wel een aantal vragen die zich een beetje laten clusteren in het budgetrecht. Een aantal vragen vallen onder die noemer als kapstok. Er is wat over de erfpacht gevraagd. Daar kom ik kort op terug. En er was een vraag over het weerstandsvermogen.

Ten aanzien van het budgetrecht. Ik merk dat er wat verwarring was omdat er in allerlei spreekbeurten werd gesproken over 'algemene middelen'. Algemene middelen is een van de dertien programma's op basis waarvan u het budgetrecht heeft. Ik geloof dat het er nu nog dertien zijn, ja, ik heb het goed want we gaan dadelijk naar achttien. Die dertien programma's zijn neergeslagen in de Begroting 2022 en dat heeft u goedgekeurd. Dus dat budgetrecht is meer dan alleen maar de algemene middelen, het zijn ook alle andere twaalf programma's. Dat is even om het misschien voor mezelf wat duidelijk te maken, maar wellicht ook een beetje voor u. Wat ik al zei: de Begroting 2022 is door de raad vastgesteld op programmaniveau. Het college heeft vervolgens de bevoegdheid om binnen elk van die programma's wijzigingen te maken in welke doelen we geld gaan uitgeven. Dat is een collegebevoegdheid. Dat staat ook in de brief die u heeft kunnen lezen. Dus dat is een bevoegdheid. We praten over € 11,2 miljoen, die orde van grootte, die erbij komt. Dat is omgerekend – ik ga het niet kleiner maken dan het is – 0,3% van de totale begroting. Maar € 11,2 miljoen gaat zijn plaats vinden in een van die programma's. De voorwaarden bij dat herverdelen is dat, als het glas al vol zit je er niet nog wat bij kunt doen zodat het gaat overlopen. Dus er mag geen overbesteding uitkomen. Dat is de voorwaarde.

Dat zijn de spelregels die ook vaststaan. Er wordt naar een artikel verwezen, artikel 4 Verordening Financiën Rotterdam. Als er overspil dreigt, dus als we meer gaan uitgeven binnen een programma, dan moeten we terugkomen bij uw raad. Door het in gang gezette coalitieprogramma, de activiteiten daarvan, ontstaat er binnen een programma een overschrijding. Dan hebben we extra geld nodig, want daar gaat het om met het budgetrecht, en dan moeten we terugkomen bij u als raad. Dat geldt voor al die individuele onderdelen zoals ze in de programma's vallen. Dus de algemene regel is: als we voorzien dat het leidt tot krapte binnen de door uw raad goedgekeurde begroting voor een programma, komen we bij u terug. Ambtelijk wordt nu tegen mij gezegd dat het zeer onwaarschijnlijk is dat we dat gaan meemaken die € 11,2 miljoen. Maar dat is wat anders dan dat het een regel is. De regel is dus dat wij bij u terugkomen als college op het moment dat wij denken dat we het niet kunnen doen, omdat het buiten het mandaat gaat dat u ons heeft gegeven op programmaniveau. We gaan opeens meer geld uitgeven.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

1000

Een laatste verhaal is ook nog dat de accountant, PwC, en dat staat ook in de brief, ook kijkt naar de juistheid en de rechtmatigheid van de bestedingen. Die gaat ook kijken of de raad is meegenomen of dat we stiekem geld hebben uitgegeven. Dus dat is het algemene verhaal op het budgetrecht. En als je dat zo afloopt wordt uw budgetrecht door deze coalitie of door dit college niet met voeten getreden. We blijven ons aan de spelregels houden. En uiteindelijk, in de tweede herziening, daar ziet u het hele effect. Maar tot aan de tweede herziening gelden die spelregels. Dan hebben we ook nog een ander verhaal, dat is namelijk de erfpachtconversie. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja, voordat u het volgende blokje doet. Voorzitter, het eerste deel van het verhaal van de heer Vreugdenhil is natuurlijk een open deur. Volgens mij weten de raadsleden hier wel degelijk hoe de begroting werkt. Maar in feite wat de heer Vreugdenhil nu zegt is dat die extra college intensiveringen van € 11,2 miljoen gewoon worden gedekt uit onderbestedingen. U zegt zelf dat u pas naar de raad hoeft als het glas overloopt. Dat betekent dat er nu dus ruimte is in dat glas. Dat noemen we onderbestedingen. Eigenlijk zegt u dus: 'wij gaan bij voorbaat al, zonder dat we aan de raad hebben gemeld dat er onderbestedingen zijn, € 11,2 miljoen heralloceren. Klopt dat? De VOORZITTER. Wethouder.

De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Nee, dat klopt niet. Dan heb ik mij niet goed uitgedrukt. Het is ook een herverdeling van activiteiten. Dat staat los van of we voor het ene taakveld minder doen of het andere taakveld meer. Maar daar rust niet uw budgetrecht op. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja, voorzitter, maar ook dat is toch wel hele belangrijke informatie als het gaat om herverdeling van taken. Want het kan toch niet zo zijn dat binnen een programmabegroting het college zomaar allerlei activiteiten gaat schrappen zonder dat de raad daarvan weet omdat ze zelf hun eigen collegeprioriteiten willen uitvoeren. Dat zou toch wel heel raar zijn als we op die manier met elkaar omgaan. Als u van plan bent om ombuigingen te doen dan heeft u een actieve informatieplicht om de raad te informeren waarop u van plan bent ombuigingen te doen. De VOORZITTER. Wethouder. De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Dat is niet de informatie die ik heb gekregen. Mijn informatie, ook gebaseerd op de regelgeving is dat wij als college die vrijheid hebben om een keuze te maken in de herverdeling van middelen. We moeten ook wel in de gaten houden dat het hier over € 11,2 miljoen gaat over twaalf programma's. Dus het zal geen enorme invloed hebben op het vinden van geld. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda).

Voorzitter, ik ben het met u eens dat op een begroting van € 3,5 miljard € 11,2 miljoen niet veel geld is. Dat ben ik helemaal met u eens. Het gaat mij om het principe. Als er middelen worden geheralloceerd (opnieuw worden verdeeld) en u zegt nu dat het niet uit onderbesteding gaat – want die veronderstelling had het – maar dat u echt gaat kiezen uit activiteiten, dan is dat wel iets waar de raad bij betrokken moet worden. Want u

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

1001

gaat zomaar wijkhubs sluiten, bij wijze van spreken – ik noem maar wat – dan horen wij dat wel te weten voordat u die € 11,2 miljoen dan aan iets anders gaat uitgeven. De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Ja, dan ga ik mij herhalen. Mijn informatie – en daar is goed over nagedacht – is dat het een bevoegdheid is van het college. Ik begrijp dat dat misschien vervelend overkomt, maar meer kan ik daar niet over zeggen. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja, voorzitter, de laatste vraag, maar dan niet aan de heer Vreugdenhil. Ik ben wel heel erg benieuwd naar hoe de coalitiepartijen hiernaar kijken. Is dit de manier waarop we als raad met de financiën omgaan? Is dit de manier waarop het college een vrijbrief heeft om binnen de programma's, die honderden miljoenen zijn, uit zichzelf activiteiten te schrappen om voor iets anders in te zetten waar wij als raad aan de voorkant niks van weten? De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Dank u voorzitter. Ja, het begint een beetje een herhaling te worden van de heer Moti die een beetje gemaakt verontwaardigd loopt te doen. Want we hebben het nu inderdaad over € 11,2 miljoen. In 2018 ging het over € 5 miljoen. Alleen toen werd het een stelpost bestemmingsreserves genoemd. Toen was er exact dezelfde situatie. De VOORZITTER. De heer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd).

Kijk, voorzitter, als we er nu niks over zouden zeggen, dan zou ik het verhaal van de heer Moti volledig begrijpen. Maar volgens mij kunnen wij deze discussie voeren omdat we open en eerlijk communiceren over het feit dat er iets gaat wijzigen. Wat niet vreemd is in een periode waarin er een bestuurswisseling plaatsvindt. Dat komt naar u toe. En dan vind ik het, om de woorden van de heer Coşkun maar te herhalen, heel goed dat dit college voortvarend te werk gaat. Want als we geen jaar hoeven te verliezen, waarom zouden we dan een jaar gaan verliezen met het uitvoeren van het coalitieakkoord. Ik vind het meer dan goed dat we deze discussie met elkaar hebben, maar ik vind het ook kloppend en passend in hoe wij met de raad en het budgetrecht van de raad omgaan. Want u wordt er vandaag, u werd er twee weken geleden en de week daarvoor over geïnformeerd dat dit eraan gaat komen en het komt allemaal nog een keer bij u langs tafel. Maar ik wijs het college er wel op dat, wat mij betreft, voortgang geboden is en dat zij kunnen starten met de uitvoering van het werk. De VOORZITTER. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50+). Ja, dat laatste valt nog te bezien. Even naar Leefbaar: wat een armoede. Gaan we nu echt serieus het referentiekader van Leefbaar krijgen dat het het vorige college was? Sorry, dan bent u wel echt heel armoedig bezig.

Ik hoop dat dit de laatste keer was en dat u nu zelf voortaan vooruitkijkt en uw eigen visie neerzet en niet blijft wijzen naar een vorig college. Ik vind het te triest voor woorden. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Als ik een vraag krijg vanuit een partij die zichzelf heel graag op de borst klopt dat die in het vorige college zat, dan kan dat meegenomen worden in mijn beantwoording inderdaad. Ja, dat klopt.

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

1002

De VOORZITTER. Wethouder, u kunt verdergaan. De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). De erfpachtconversie, daar hebben we ook al eerder over gesproken. Daar was ook een aantal vragen over. Al eerder is door mij toegezegd dat u als raad wordt meegenomen, nog voor de begroting, in het opstellen van een kader wat we met het restant van de € 500 miljoen gaan doen. Dat is na correctie van € 183 miljoen die in het coalitieakkoord al is opgenomen om een aantal fondsen mee te vullen. Ik heb toegezegd dat er nog voor de begroting een kader komt voor het restant van de erfpachtconversie en ik begreep van de griffie dat dit onderwerp voor september/oktober al voor behandeling in de raad staat. Dus daaraan voorafgaand zullen we in de commissie daar uitgebreid over gaan praten. Dus dat is ten aanzien van de conversie: een herhaling van mijn toezegging die ik gedaan heb. Ik wil u uiteraard als raad ook meenemen. Die openheid en transparantie moet er zijn en die krijgt u ook, behalve de € 183 miljoen dan. De VOORZITTER. Mevrouw Bokhove. Mevrouw BOKHOVE (gl). Voorzitter, volgens mij betrof de toezegging het geheel: de gehele besluitvorming rondom die € 500 miljoen. Wat u met het eerste deel wilt doen, daar zult u een voorstel voor moeten doen. Maar volgens mij ging het over de hele erfpachtconversie en om die in goede banen te leiden. De VOORZITTER. Wethouder.

De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Wellicht heeft u gelijk en dan is € 183 miljoen al gelijk geoormerkt voor een bepaald doel. Dan kan ik u volgen. Maar het kader, dat ziet dan toe op het restant. Dan ben ik het met u eens. De VOORZITTER. U kunt verdergaan. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Dat wordt nu niet echt duidelijker daardoor. Van € 500 miljoen zeggen wij: 'laten we de spelregels eens met elkaar opstellen en dan ook de besteding verwerken in de begroting'. Dat is wat de motie vraagt. U zegt nu over het restant – wat er nog over is nadat we die greep hebben gedaan – daar gaan we dingen over afspreken. Maar het principe is natuurlijk dat de raad gaat over elke baat die vrijkomt, die ons toevalt. Daarom vroegen wij over het geheel, over die totale € 500 miljoen, de spelregels met elkaar vast te stellen en dan pas de uitgaven te gaan doen. De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Maar zo het nu voorligt: € 183 miljoen gaat u dadelijk terugzien in de Begroting 2023. Die komt uit die € 500 miljoen. En voor het restant gaan wij kijken hoe we dat gaan besteden. Gaan we dat in de Rotterdamse Investeringsmotor doen? Gaan we dat wellicht toevoegen aan de algemene reserve om het weerstandsniveau op peil te gaan krijgen? Maar dat is wel het uitgangspunt. Op de € 183 miljoen kunt u budgetrecht toepassen op het moment dat u de begroting goedkeurt.

En het kader ziet a priori toe op de € 500 miljoen minus € 183 miljoen. Dat blijft wel de situatie. De VOORZITTER. U kunt verdergaan. De heer VREUGDENHIL (lr) (wethouder). Dan had ik nog een cluster weerstandsvermogen. Ik hoop dat u mij blijft geloven als ik zeg dat ik sta voor verantwoord begroten en een degelijk financieel beleid. Op het moment dat wij naar het weerstandsvermogen kijken, zullen wij daar zeker rekening mee houden. Het weerstandsvermogen is voor mij, en voor het college, zeer belangrijk. In ons coalitieakkoord hebben we een mooie lijn opgenomen van 0,91 tot

raadsvergadering van 7 juli 2022

Notulen pagina

1003

1,54 in 2026. We worden nu geconfronteerd met een deuk in 2021 0,67 – wat in de commissie is besproken – terwijl we in het coalitieakkoord 0,91 hebben. Wij blijven ernaar streven, misschien is dan ook dat kader daarin belangrijk, om zo snel mogelijk op tenminste 1 te zitten. In het coalitieakkoord was dat in 2024, maar we krijgen natuurlijk nu een legacy – ik zeg niet van wie die is – zodat we niet meer beginnen op die 0,74 zoals in de begroting stond maar op 0,67. Dus wellicht heeft dat nog effecten in het groeimodel voor wanneer we weer op 1 zitten. Maar daar zouden we ook gebruik van kunnen maken voor wellicht een deel van – maar dan praat ik voor mijn beurt – de resterende erfpachtbaten om dat aan de algemene reserve toe te voegen. Dat is eigenlijk ten aanzien van het weerstandsvermogen. En als ik het zo bekijk heb ik in deze containers de meeste vragen wel beantwoord. Of u moet zeggen dat ik er nog een paar ben vergeten en dat u er nog even over wilt doorpraten. De VOORZITTER. Dan horen we dat als u iets vergeten bent. Mevrouw Bokhove. Mevrouw BOKHOVE (gl). Ja, punt van orde. Want dit is dan een veegpunt. Twee vragen zijn wat mij betreft niet beantwoord. De toezegging om de samenhang met de nieuwe systematiek goed controleerbaar te maken zodat je ook kunt zien, in vergelijking met voorgaande jaren, hoe de nieuwe begroting wordt opgebouwd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=85f7e5ec-2f73-430d-a635-705fb1703d61