20210318- Notulen van de raadsvergadering van 18 maart 2021
Tekst van het document
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
522
- de eigenaren in het gebied in kennis te stellen van deze voorzienbare wijziging, zodat zij gelegenheid hebben om voorafgaand aan de herziening de nu bestaande bouw- en gebruiksmogelijkheden te benutten; En gaat over tot de orde van de dag.’
dat betekent dat het hotelbeleid wel degelijk enige aanpassing vraagt en dat moet echt sneller gaan plaatsvinden, want nu leidt het bij dit programma bij de Cool ertoe dat we ons toch afvragen of dat nu nog wel goed te reguleren is. En om dat goed te gaan reguleren middels vergunningenbeleid en middels allerlei aanpassingen, zal 50PLUS in ieder geval de ChristenUnie-SGP-motie ondersteunen van geen hotels meer in dit gebied. Tot zover voorzitter.
w.g. T.J. Vonk, D.P.A. Tak, J.W. van Putten, A. Kockelkoren, E.C. Eskes en J.W. Verheij De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen.
De VOORZITTER. Dank u zeer. Mevrouw Eskes.
Dank u zeer. Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus). Dank u wel voorzitter. U had van de week een ontmoeting met de stad en in die ontmoeting met de stad werd u als burgemeester ook aangesproken over cultureel erfgoed en de gemeentelijke monumenten. En ja, daar had u een heel mooi verhaal over, waar ik gelijk een hele hoop vragen over had, want 50PLUS vindt dat we daar niet zo heel erg goed mee omgaan in deze stad. We hebben al niet zo veel meer over, en wat ons betreft zouden we daar wat zuiniger op kunnen worden. Dus wat betreft Cinerama zitten wij echt met een punt. Wij vinden dat dat beschermd moet worden, het hele gebouw beschermd moet worden als erfgoed, als gemeentelijk monument. En ja, in dat kader wil ik heel graag van de wethouder weten wat de anderen ook al vroegen: hoe wordt dat nu geborgd voor de toekomst en op welke wijze wordt dat geborgd? En gaan we er ook voor zorgen dat het ook echt plaatsvindt? Nou, we hebben het er uitgebreid met zijn allen over gehad, dat hoort u, we zeggen allemaal hetzelfde. Dus 50PLUS heeft het amendement van de Partij voor de Dieren medeondertekend en gaat daar hard voor staan. En het tweede punt: de coronacrisis heeft gebracht dat er toch wel een hele hoop veranderd is in deze stad. 50PLUS was toch al niet altijd even enthousiast dat we alleen nog maar toerisme hadden, maar
Mevrouw ESKES (cda). Ja, dank u wel. Ja het zal u niet verwonderen dat ook het CDA dezelfde punten aanhaalt als reeds de andere partijen, omdat dat ook de meest belangwekkende punten zijn uit dit bestemmingsplan. Uit het bestemmingsplan blijkt dat er nu al verzadiging is van horeca in het gebied en dat dat ook leidt tot overlast. Wat ons betreft is het dan ook zeer onwenselijk dat via de achterdeur van hotels, die niet onder datzelfde horecabeleid vallen, alsnog extra horeca toegevoegd kan worden aan dit gebied. Wij sluiten ons dan ook aan bij de vraag die gesteld is aan de wethouder: wanneer mogen we nu dat hotelbeleid verwachten? Wat ons betreft liever gisteren dan vandaag. Wat denk ik belangrijk is, is dat we hier snel stappen in ondernemen om dit gebied ook te beschermen tegen overlast voor omwonenden. En het tweede, Cinerama, ik ben blij dat er inmiddels duidelijkheid gegeven is door de wethouder en dat helder is dat het gebouw een gemeentelijk monument is en dat daarmee het gebouw behouden kan blijven. En voor de rest sluit ik me op dit punt aan bij datgene wat mijnheer Verheij hier al over gezegd heeft. Dank u wel. De VOORZITTER. Dank u wel. Mijnheer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u wel voorzitter. Ja Cinerama, wie is
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
523
er niet groot mee geworden in Rotterdam? Ik denk bijna iedereen. Prachtige bioscoop, prachtig gebouw, maar waar het ons om gaat is het gebouw. Mooie architectuur en nu staat er in het voorstel: handhaving van het huidige gebouw van het Cineramatheater is het uitgangspunt van de toekomstige ontwikkeling. Dat vinden wij veel te zwak. Dat is niet sterk en vandaar dat wij met een amendement komen, dat bij toekomstige ontwikkeling het gebouw van het Cineramatheater gehandhaafd blijft. En wij rekenen op flinke steun in deze gemeenteraad. Ik dank u. De VOORZITTER. Mijnheer Van der Velden heeft het volgende amendement ingediend. Amendement A. Behoud gebouw Cinerama randvoorwaardelijk ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan Cool; Besluit artikel 27 van de regels als volgt te wijzigen: De passage in subartikel 27.1: Het huidige Cineramatheater is een gemeentelijk monument. Handhaving van het huidige gebouw van het Cineramatheater is uitgangspunt bij toekomstige ontwikkeling te vervangen door: Het huidige Cineramatheater is een gemeentelijk monument. Bij toekomstige ontwikkeling blijft het gebouw van het Cineramatheater gehandhaafd; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. R.T.J. van der Velden, J.W. van Putten en P.J.H.D.
Verkoelen Toelichting: Wij willen het gebouw van het Cineramatheater behouden. Onze voorgestelde tekstuele wijziging borgt onze wens beter dan de tekst die nu in de regels van het bestemmingsplan staat.
Het amendement is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. Iemand nog bij de eerste termijn het woord bij dit onderwerp? Niet? Wethouder Kurvers. De heer KURVERS (vvd) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Ik zal de vragen over het bestemmingsplan voor mijn rekening nemen. Als het goed is, is wethouder Kasmi ook beschikbaar om de vragen over het hotelbeleid voor zijn rekening te nemen, alsmede de motie over de participatie rondom dat beleid. Misschien vooraf iets over het bestemmingsplan an sich. Het is eigenlijk een conserverend bestemmingsplan en neemt de situatie zoals die is over. En ik wil ook de woorden van mijnheer De Roon in de commissie in herinnering roepen, die zei: we komen wel ergens vandaan. Het is lange tijd een guur gebied geweest, niet fijn en er is jarenlang door onze voorgangers heel hard gewerkt aan het aantrekkelijk maken van onze binnenstad. En daarom ook dat in dit bestemmingsplan zoveel mogelijkheden zitten om zo veel mogelijk mogelijk te maken. En daar lopen we nu in deze tijd tegenaan, omdat dat beleid zijn vruchten heeft afgeworpen en succesvol is geweest. Dus we staan eigenlijk op een kantelpunt om dat weer in balans te gaan brengen.
En dan hebben we dat bestemmingsplan nog, dat is conserverend van aard en daar zitten natuurlijk die twee hele grote actuele thema’s in, die hotels en die hostels in dit gebied, dat daardoor ook belast raakt, en de bescherming die je wilt bieden aan de bewoners en tegelijkertijd die discussie over het Cinerama. Laat ik uw moties ook beantwoorden en het amendement, want dan kom ik ook op de beantwoording van uw vragen, want die waren ook met name op die twee gericht. De motie ‘Bouwstop voor hotels’ kan ik van harte omarmen. Het college was ook voornemens om met dat hotelbeleid te komen en daarmee creëren we eigenlijk een soort voorzienbaarheid. En dat
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
524
betekent dat de eigenaren in dat gebied kunnen voorzien dat de gemeenteraad voornemens is om de mogelijkheden voor hotels en hostels te gaan beperken. Zij krijgen dan een bepaalde tijd om eventueel met initiatieven te komen, maar doen ze dat niet, ja dan verloopt die mogelijkheid en is er ook geen sprake meer van planschade. Dat is de beste route naar resultaat voor de stad. En ik zie deze motie dan ook als brede steun vanuit uw raad om dat ook echt te gaan doen met elkaar en ik kijk uit naar de besprekingen. Daar is dat beleid dus voor nodig en daarna zal dat ook planologisch verankerd gaan worden. Mijnheer Tak vroeg nog: voorzien we dit nou in vele gebieden? In mijn beleving vanuit planologische perspectief op de bestemmingsplannen: nee, het is met name iets wat zich in het Centrum afspeelt en wethouder Kasmi kan misschien toelichten dat de ambitie is, volgens mij, juist het spreiden van die druk door de stad heen. En dat doen we bijvoorbeeld door een hotel straks bij het nieuwe Ahoy mogelijk te maken, om nog even een zijpad te bewandelen. Dan kom ik bij het Cinerama, want daar zijn veel vragen over gesteld. En laat ik daar gewoon heel duidelijk over zijn: het Cinerama kent de hoogste bescherming die we hebben, het is een gemeentelijk monument. En dat is wel goed om te benadrukken.
Dat is het al, alleen dat zie je niet terug in het bestemmingsplan, dat wordt genoemd in een bijlage bij het bestemmingsplan en wordt geregeld via de verordening. Dat betekent: hoe gaat dat dan in praktijk, dat het uitgangspunt is dat het gebouw behouden blijft: nee, tenzij. Maar daarvoor moet er eerst een concreet plan liggen. En als dat plan er is, dan zal daarbij altijd gevraagd worden om heel actueel historisch onderzoek en naar waardestellingen van het pand, en dan om te zien hoe zich dat verhoudt tot een plan dat er eventueel ligt. Dat is de werkwijze en dan zal Welstand erop gaan toetsen en gaan beoordelen.
De vraag van mijnheer Vonk van de waardestelling, ja die kan openbaar gemaakt worden, we zullen dan ook teruggaan in de tijd, want het is natuurlijk aangewezen als gemeentelijk monument. Dan gaan we gewoon even kijken hoe dat destijds is onderbouwd en dan doen we u dat toekomen, zodat u dat kunt nalezen. Dat betekent dus dat wij het al de hoogste bescherming hebben gegeven. En dan kom ik op het amendement, want dat gaat eigenlijk weer een stap verder en creëert daarmee ook een soort, ja afwijking van de reguliere werkwijze. Mevrouw Kockelkoren benoemde dat wel mooi: we gaan in Rotterdam goed om met onze monumenten op een Rotterdamse manier: spraakmakend, met een combinatie van functies en met goede architectuur. En daar zullen wij te allen tijde op toetsen. En die bescherming zit er echt wel op, dat wil ik benadrukken. Dus het uitgangspunt zal altijd zijn: het behoud van het Cinerama als gebouw. U gaat daarin een stap verder en zegt eigenlijk: het pand moet als geheel gehandhaafd blijven. En het is juist in het belang, ook van onze monumenten dat ze toekomst kunnen krijgen, dat er perspectief in zit. Ik wil toch ook het postkantoor in herinnering roepen. Dat heeft tien jaar leeg gestaan voordat er weer iets komt. En gisteren is het bestemmingsplan onherroepelijk geworden bij de Raad van State, dus er kan gestart gaan worden.
Maar dat past bij die Rotterdamse werkwijze en daar hebben we ook laten zien dat we dat zeer zorgvuldig doen, dat Welstand dat zeer zorgvuldig zal doen en zeer serieus neemt. Kortom: ik wil echt dat reguliere proces zijn werk laten doen. Zo hebben we dat afgesproken met elkaar. Dan lopen we de professionals ook niet voor de voeten. En er moet eerst ook een plan liggen, dat er nu nog niet is. Daar hoort een actueel historisch onderzoek bij en dan zal Welstand gaan beoordelen hoe of wat er kan met het Cinerama. Dat is een reguliere werkwijze en daar zou ik niet van willen afwijken. Dus het amendement zou ik om die reden willen ontraden.
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
525
Dan denk ik dat er nog één vraag openligt, of één motie.
GroenLinks over participatie ten aanzien van het hotelbeleid, kan ik omarmen. We hebben een breed participatietraject doorlopen bij de vaststelling en totstandkoming van de visie Toerisme en het hotelbeleid is daar een uitvloeisel van. En ik ben bereid om in het hotelbeleid ook een alinea daarover toe te voegen, zodat het inzichtelijk wordt gemaakt, hoe het hotelbeleid tot stand is gekomen. Het advies is vanuit het college de motie te omarmen. Dank u zeer voorzitter.
De VOORZITTER. Ik denk dat u zo uitputtend genoeg geweest bent wethouder. Ik check nog even of er een vraag is blijven liggen, want het zijn onderwerpen die wij graag in één termijn doen. Er is niets blijven liggen. De raad is tevreden over de wijze van de beantwoording van de gestelde vragen en de stemming over de moties is voor vanavond. Wethouder, ik dank u zeer. Ik check of wethouder Wijbenga beschikbaar is voor het volgende onderwerp.
De VOORZITTER. Akkoord. Dan is dat het advies over de ingediende motie ‘Hotelbeleid’.
Nee, u bent nog steeds aan zet wethouder Kurvers. Het herziene voorstel tot vaststelling bestemmingsplan Rotterdam Central District. Mijnheer Van Putten.
24. Het (herziene) voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘Rotterdam Central District’
De heer KURVERS (vvd) (wethouder). Voorzitter, er ligt nog één motie op de Cool over de participatie van het hotelbeleid. De VOORZITTER. Wethouder, wilt u daar nog iets over zeggen? De heer KURVERS (vvd) (wethouder). Ja, maar ik verkeerde in de veronderstelling dat wethouder Kasmi zou komen. Zo niet, dan beantwoord ik nu snel namens hem, want we hebben dit afgestemd. Hij kan deze motie omarmen. Hij is ook voornemens om snel met dat hotelbeleid te komen. Dat is aan het eind van dit voorjaar. Oh, daar is wethouder Kasmi. Dan laat ik hem toch even aan het woord, dat is verstandiger. De VOORZITTER. Wethouder Kasmi, u bent er. Wethouder Kurvers was, zoals een collega betaamt, sprekend met één mond, al voor u ingevallen. Zegt u het maar, een advies over de motie ‘Hotelbeleid’. De heer KASMI (d66) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Ik was al die tijd ingelogd en aanwezig. Fijn dat wethouder Kurvers het eventueel over zou willen nemen. Maar ik ben er zelf. De motie, inderdaad ingediend door mevrouw Kockelkoren van
De VOORZITTER. Dan gaan we naar agendapunt 24, het (herziene) voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘Rotterdam Central District’. Mijnheer Van Putten als eerste spreker. De heer VAN PUTTEN (lr). Ja, dank u wel voorzitter. Ja, inzake het bestemmingsplan ‘Central District’ is het in de commissie vooral gegaan over de afspraken met de Provenierswijk, inzake de bezonning, schaduwwerping die niet verder achteruit mag gaan en meer dan twee uur tussen maart en oktober. Wij willen ook de aandacht vestigen op het feit dat hier niet de salamitactiek toegepast gaat worden, waar ieder gebouw op zichzelf om de twee uur meer schaduwwerping blijft, maar de gebouwen opgeteld dat wel zullen gaan doen. We hebben begrepen van de wethouder dat er ook speciaal hiervoor een nieuw beleid gaat komen, dat gaat gelden voor heel de stad: hoe om te gaan met de schaduwwerping van hoogbouw. Verder zijn wij het wel eens met het bestemmingsplan. Het is alleen wel jammer dat de platanen die weg moeten voor Tree House niet herplant kunnen gaan worden. Dank u wel voorzitter.
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
526
De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Mijnheer Verheij. Mijnheer De Roon. De heer DE ROON (d66). Ja, dank u wel voorzitter. Ik dacht dat ik ‘mijnheer Verheij’ hoorde, maar goed. Over het Rotterdam Central District, het bestemmingsplan in dit gebied hebben we het al heel vaak gehad. Mijnheer Van Putten refereerde ook nog aan die discussie. Ik kan het heel kort houden. Ook mijn fractie zal voor dit bestemmingsplan stemmen. Ik moet nog wel even denken aan de motie van mijn partijgenoot, mevrouw Dirksen. Volgens mij is dat de motie die, zal ik maar zeggen, het langste op de plank heeft gelegen, maar die nu toch kan worden afgedaan om hier een heel mooi gebied van te maken om te wonen en te recreëren. Dus daar houd ik het bij. De VOORZITTER. Dank u zeer. Is er nog iemand anders die hier iets over wil zeggen? Ik kijk nog even in de chat. Niet, dan gaan we naar wethouder Kurvers.
De Roon, dank voor de steun over de motie. Dat was in de commissie nog niet helemaal duidelijk. Wat fijn dat hij afgedaan kan worden, hij ligt er al heel lang. Maar wij hebben ook op dit bestemmingsplan moeten wachten en we hebben hier juist heel veel mogelijk willen maken in de plinten om een heel mooi, levendig, uniek gebied, wat Rotterdam zo langzamerhand geworden is, ook voor de toekomst te kunnen behouden. En een mooie mix van werken, wonen en ook plezierig een terrasje pakken. Dank u wel. De VOORZITTER. Wethouder, wij houden u eraan dat u met een beleidskader ‘Zon’ komt voor de zomer. De heer KURVERS (vvd) (wethouder). Ja, dat stond al genoteerd. De VOORZITTER. Ja, in de dubbele betekenis. De heer KURVERS (vvd) (wethouder). Ja, meer kan ik niet beloven.
De heer KURVERS (vvd) (wethouder). Dank u wel voorzitter, en dank voor de woorden van steun die zijn uitgesproken. Het RCD is ook weer zo’n bestemmingsplan waarin we echt de erfenis van het verleden met ons meenamen, er kon ontzettend veel. We hebben juist bij dit bestemmingsplan gekeken naar: wat zijn de eigenaren van plan om te gaan doen in dit gebied? Dus we hebben eigenlijk ook veel volume teruggebracht, omdat dat veel meer past bij de geest van deze tijd. Dank ook voor de woorden van steun van mijnheer Van Putten en de erkenning voor het bestemmingsplan. En wie ‘bestemmingsplan RCD’ zegt, zegt natuurlijk ook de Provenierswijk en de afspraken die we met hen hebben, die blijven gewoon van toepassing op het gebied van het RCD. Ik heb u reeds verteld dat ik zou komen met een nieuw beleidskader ‘Zon’ voor deze zomer, om dat voor de rest van Rotterdam en andere gebieden ook gewoon goed en ordentelijk te gaan organiseren met elkaar. Mijnheer
De VOORZITTER. U gaat regelen dat we veel zon krijgen voor de zomer. Daar houd ik u aan, die toezegging schrijf ik op. Raadsleden, is er nog iets wat u nog te melden heeft bij dit punt? Volgens mij heeft de wethouder accuraat ingespeeld op uw vragen. Eenmaal, andermaal, akkoord. Dank u zeer. 25. Het voorstel met betrekking tot de gewijzigde aanpak van de fosfaat-en blauwalgproblematiek in de Kralingse Plas De VOORZITTER. Ik check of wethouder Wijbenga in de vergadering zit. 25: het voorstel met betrekking tot de gewijzigde aanpak van de fosfaat-en blauwalgproblematiek in de Kralingse Plas. De wethouder is ingelogd en ik geef als eerste het woord aan mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Dank u wel voorzitter. Phoslock, voorzitter bestaat uit bentoniet, een klei waar lanthaan
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
527
wereldwijd in 250 plassen wordt gebruikt. Maar als het aan Leefbaar Rotterdam ligt, zien wij meer in het afzanden van de Kralingse Plas en ik snap het ook niet van het huidige groene college dat zich er hier voor laat lenen om hier een partij chemicaliën in een plas te laten gooien. Daar komt nog bij dat het bij de Waterwet verboden is chemicaliën te gebruiken. Voorzitter, ik blijf twijfels houden. Temeer omdat de effecten van de diverse maatregelen tot vermindering van de fosfaatbelasting uit het Pakket 2017 nog helemaal niet, of slechts recent zijn uitgevoerd. Voorzitter, mijn suggestie is: wacht nu even af totdat al die maatregelen effect hebben kunnen sorteren en ga dan beginnen.
terechtkomt? Hetzelfde geldt voor de ganzenpoep. En hoe bent u van plan de vliegende ganzen eigenlijk tegen te houden? We kennen van D66 de vogelverschrikkers. Gaat u dan in de plas staan om ze weg te doen? En gaan ze in het gras poepen, wethouder?
Maar ik heb een paar vragen voor de wethouder en die zit vast met zijn team mee te schrijven. Hoe zit het nou precies met de bodemwoelende vissen op de Kralingse Plas? Brasems, die er veel zitten, staan er bijvoorbeeld om bekend dat ze de bodem flink omwoelen en waarbij fosfaat weer vrijkomt uit de bodem en het water troebel wordt. Is de sliblaag en phoslock daartegen bestemd? Kan het daartegen om opnieuw te beginnen? Worden de vissen anders verwijderd? Vraag 2: in alle stukken staat dat de langetermijneffecten zijn onderzocht. Toch wordt het middel pas enkele tientallen jaren gebruikt en zijn de langetermijneffecten nog niet bekend. Wat is nu precies de definitie van de langetermijneffecten? Hoe lang, hoeveel jaar is dat? In de toxirapporten wordt ongeveer tien jaar na toediening gesproken. Kunt u garanderen dat kinderen die nu in de plas gaan zwemmen over dertig, veertig jaar geen last krijgen van bepaalde zaken, of dat de natuur last krijgt over een flink aantal jaren. Dan wil ik ook graag weten van de wethouder, ik hoop dat hij het bij kan houden: hoe zit het nu precies met het hondenstrandje? Moet dat daar nou wel weg of verplaatst worden door de ontlasting van dieren die in het water
Wethouder, en dit is een hele belangrijke, zet u schrap. Klopt het dat de jachthavens gebaggerd moeten worden in de Kralingse Plas? En ik meen dat dat in 2025 aan de gang is en dan haalt u het phoslock weg en dan moet dat weer opnieuw worden gedaan. Er gaat heel veel geld met de verkeerde afstemming van werkzaamheden mee verloren en daar valt te verdienen. Het zou logisch zijn dat er eerst gebaggerd wordt in die havens en dan pas phoslock zal worden toegediend. Nogmaals voorzitter, lanthaan is een chemisch goedje dat in hoge concentraties schadelijk is en niet thuishoort in de natuur. Dus tot zover in de eerste termijn. De VOORZITTER. Mevrouw Eskes heeft mij gevraagd even voor te gaan. Mijnheer Lansink-Bastemeijer ik zet u nog even in de wacht. Mevrouw Eskes. Mevrouw ESKES (cda). Ja excuus dat ik zo voorpiep, maar ik moet een kind van school halen, dus ik dacht: ik kan precies nog even twee minuten een bijdrage doen voordat dat het geval is. Ja, wij spreken hier over de problematiek van de blauwalg in de Kralingse Plas, al vele jaren een doorn in het oog van de gebruikers van de plas.
Wat ons betreft is alles afwegend, na alle deskundigen die uitgenodigd zijn voor de technische sessie die al hun bijdragen hebben gedaan, duidelijk geworden dat er al meer dan tien jaar ervaring is met het gebruik van phoslock, dat het veilig is voor mens en dier en dat we eigenlijk zien dat dit een duurzame oplossing is, dat we mogelijk ooit nog eens een onderhoudsdosering toevoegen, maar dat dit wel echt een structurele oplossing biedt. Wat ons betreft steun voor deze maatregel. Wij snappen de vragen over de flankerende maatregelen die nog niet de
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
528
tijd hebben gehad om volledig uitgewerkt te worden. Maar tegelijkertijd geven deskundigen ook aan dat de verwachting niet is dat daarmee de problematiek volledig is opgelost. En om voor iedereen weer een fijne zwemplas te kunnen creëren is wat ons betreft phoslock nodig. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER. Dank u zeer. U gaat nu uitloggen en ik zie u graag straks terugkomen, mevrouw Eskes. Mijnheer Lansink-Bastemeijer. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Ja voorzitter, dank u wel. Collegapartijgenoten van mij hebben zich ooit als blauwe smurfen op de Kralingse Plas weten te begeven om aandacht te vragen voor de oplossing met betrekking tot de blauwalgproblematiek. We hebben daar, mijnheer Rozema heeft daar tijdens de commissiebehandeling een heel exposé over gehouden, veelvuldig moties over ingediend dan wel op meegestemd om echt tot een oplossing te komen. Ik ben blij dat we toch nog even dat stapje terug hebben gedaan om te kijken: wat is er in de wereld nou nog meer te krijgen? Om vervolgens op phoslock uit te komen. Ik ben wat dat aangaat ook wel gerustgesteld door de rapportages en de woorden van de wethouder dat, zeker in de verdunning die wij gebruiken, het eigenlijk geen kwaad kan voor mens of dier en mevrouw Eskes gaf dat ook al aan.
En ik denk dat we dan twee vliegen in één klap slaan: het is een veilige, beproefde methode, het kan voor een hele lange tijd in ieder geval ervoor zorgen dat blauwalg uit onze plas is en dat het gewoon weer lekker gebruikt kan worden door zwemmers, want ja, blauwalg betekent gewoon stoppen met zwemmen. Ik ben het ook met mevrouw Eskes eens in die zin, dat we ons wel moeten realiseren dat dit toch ook weer wat onderhoud en flankerende maatregelen nodig heeft, maar dat heeft eigenlijk elke maatregel die we met betrekking tot blauwalg zullen aannemen. Dus in die zin ben ik blij dat we deze stap zetten en ik wens de wethouder
veel succes om het voortvarend in december uit te voeren. De VOORZITTER. Bedankt. Mevrouw Zeegers. Mevrouw ZEEGERS (d66). Dank u wel voorzitter. Nou, D66 heeft er niet heel veel aan toe te voegen en er is al heel veel gezegd. Het is ontzettend belangrijk dat de Kralingse Plas gewoon die goede plas is waar mens en dier goed in kunnen vertoeven, kunnen zwemmen op allerlei verschillende manieren. En ja, helaas is het toch nodig gebleken om daar toch weer een maatregel weer voor in te voeren, die, naar uit dit onderzoek blijkt, daar ook wel voor geschikt is en ook duurzaam is. Dus wij stemmen in met deze maatregel, maar we snappen wel goed alle kritische vragen die erover zijn. We zijn natuurlijk wel benieuwd naar de antwoorden. De VOORZITTER. Dank u zeer. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, dank u wel. De Kralingse Plas is een bijzonder stuk natuur, waar we zorgvuldig mee moeten omgaan. Een structurele oplossing voor de verstikkende blauwalg in de Kralingse Plas is dan ook broodnodig en moet wat GroenLinks betreft op de meest ecologisch verantwoorde manier worden aangepakt. De voorgestelde aanpak met phoslock is inmiddels wereldwijd in driehonderd wateren beproefd, waaronder in zeven plassen in Nederland.
Dit heeft mij, ondanks de vragen die gesteld zijn en de zorgen die ook wij, zeker gezien de historie rondom de Kralingse Plas, hebben gezien, er toch van overtuigd dat het college hiermee op een zorgvuldige manier te werk zal gaan, zodat het taaie blauwalgprobleem in onze geliefde Kralingse Plas eindelijk wordt opgelost. Wel wil ik het college verzoeken om ons als raad goed te informeren over de voortgang van de aanpak zelf en de uitvoering van de ondersteunende maatregelen, zodat we
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
529
goed de vinger aan de pols kunnen houden op weg naar een gezonde Kralingse Plas. De VOORZITTER. Een vraag van mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja mevrouw Kockelkoren, voorzitter. Mevrouw Kockelkoren, dus u bent er dus voor dat er chemicaliën in de plas gaan, terwijl afzanden eigenlijk de grootste wens was? Ik vind het een beetje onbegrijpelijk.
op. Maar ik denk dat dit de meest duurzame, zorgvuldige aanpak is die we voor de Kralingse Plas op dit moment hebben. Het afzanden is ook geen aanpak, die zonder slag of stoot en zonder omwoeling van de Kralingse Plas tot stand kan komen. Dus het is het wegen van de beste maatregel en dat doen wij hierbij. De VOORZITTER. Helder. Als er verder geen wedervraag is van Leefbaar Rotterdam dan gaan we verder. Mijnheer Van der Velden.
Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, net als mijnheer Van Schaik ben ik ook bij het webinar geweest met de toelichting van de mensen die echt weten wat voor materiaal dit is, hoe het is toegepast, wat er voor wetenschappelijk onderzoek aan ten grondslag ligt. Dus dit is een voorstel waarmee niet over één nacht ijs wordt gegaan wat GroenLinks betreft. Anders dan de aanpak in het verleden, waar wij ook nog steeds buikpijn van hebben. En dat heeft mij ervan overtuigd dat dit een aanpak is die op een verantwoorde wijze het blauwalgprobleem in de Kralingse Plas oplost. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja, via de voorzitter wil ik vragen: mevrouw Kockelkoren, ik herken heel GroenLinks niet meer. Het is voor mij nu ook wat duidelijker waarom u gisteravond zo’n grote verkiezingsnederlaag hebt gekregen, want alles waar u voor stond om in dit college te gaan, geeft u op. Alles waar u voor stond. Hoe kunt u nou voor chemicaliën zijn? U geeft juist de groenere weg aan. Waar blijft u? Kom op. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Voorzitter, ik vind het een beetje een jammerlijke aantijging van mijnheer Van Schaik. Zoals hij ook in de commissiebehandeling heeft gehoord, is fosfaat een natuurlijk materiaal en dat gaat een mineraalverbinding aan met lanthaan, dus er is helemaal geen sprake van chemicaliën. En ja, de blauwalgproblematiek is gewoon een heel taai probleem.
En ik deel uw zorg en uw vragen, daar heb ik ook graag antwoorden
De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, wij zijn tegen het gebruik van chemische toepassing in de Kralingse Plas, geen verstandige keuze. We gaan nu phoslock gebruiken. Nou ja, dit goedje bestaat uit lanthaan, een metaal dat in India wordt gewonnen en ja, dat hoort natuurlijk absoluut niet thuis in de Rotterdamse stadsnatuur. Diverse keren heeft de gemeenteraad gevraagd om een structurele oplossing van de blauwalgproblematiek in de Kralingse Plas. Een bloemlezing van alle moties en schriftelijke vragen hebben wij al in de commissie verzorgd, maar phoslock is echt geen structurele oplossing. Waarom is het college afgestapt van het idee om de bodem van de plas af te zanden? Jarenlang werd er namelijk op deze structurele oplossing aangekoerst. Nou ja, dat zal vast wel weer met geld te maken hebben. Wij komen echter met twee moties die wel structureel zijn, of de pijn in ieder geval wel enigszins verzachten. De eerste motie verzoekt geen onomkeerbare stappen te nemen alvorens de uitkomst van de maatregel momenteel bij het Kralings Verlaat. Laten we die nou eerst eens afwachten, want die ziet erop toe dat het schutwater niet meer uit de boezem van de Rotte wordt gewonnen. En de tweede motie zorgt ervoor dat er geen riooloverstort plaatsvindt in de Kralingse Plas.
Want waarom zou je een hoofdmaatregel nemen, als de bron van fosfaat niet wordt aangepakt? Dank u wel voorzitter.
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
530
De VOORZITTER. Mijnheer Van der Velden heeft de volgende moties ingediend. Motie 1. Geduld is een schone zaak ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van het voorstel tot vaststelling van het raadsvoorstel over ‘Wijziging van de hoofdmaatregel bestrijding blauwalgbloei Kralingse Plas’; Constaterende dat: - waterinlaat naar de Kralingse Plas via het Kralings Verlaat voor bijna een derde verantwoordelijk is voor toevoer van fosfaat vanuit de boezem van de Rotte; - het schutwater van het Kralings Verlaat sinds december 2020 wordt gewonnen uit de Kralingse Plas, om zo toevoer tegen te gaan; Overwegende dat: - de resultaten van deze defosfatiseringsmaatregel moeten worden afgewacht alvorens te kiezen voor meer ingrijpende maatregelen, zoals toepassing van phoslock; Verzoekt het college: - de uitkomsten van de maatregel over het tegengaan van waterinlaat vanuit de boezem van de Rotte naar de Kralingse Plas eerst af te wachten alvorens te kiezen voor een hoofdmaatregel in de bestrijding van blauwalgbloei; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. R.T.J. van der Velden Motie 2.
Stop riooloverstort op de Kralingse Plas ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van het voorstel tot vaststelling van het raadsvoorstel over ‘Wijziging van de hoofdmaatregel bestrijding blauwalgbloei Kralingse Plas’; Constaterende dat: - blauwalgbloei in de Kralingse Plas wordt veroorzaakt door de toevoer van fosfaatrijk water; Overwegende dat:
- overstort van rioolwater in de Kralingse Plas leidt tot een nutriëntenexplosie, met blauwalgbloei tot gevolg; - het toepassen van hoofdmaatregelen ter bestrijding van blauwalgbloei geen nut heeft bij een blijvende toevoer van fosfaatrijk water; Verzoekt het college: - geen riooloverstort meer toe te staan op de Kralingse Plas; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. R.T.J. van der Velden De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. Dank u zeer. Mijnheer Balwantsingh. De heer BALWANTSINGH (pvda). Ja voorzitter, dank u wel. Ik hoor mijnheer Van der Velden zeggen dat lanthaan uit India komt en niet in de Kralingse Plas thuishoort. Ik kom oorspronkelijk ook uit India en ik kom graag in de Kralingse Plas en mijn kinderen ook. En die willen ook graag recreëren net als alle andere Rotterdammers. Dus wij vinden het ook belangrijk dat we die blauwalg te lijf gaan en in de commissie is dat uitvoerig besproken. De onderzoeken wijzen uit dat het kan. Wat ons betreft is het een goede manier om snel het water weer gezond genoeg te krijgen om in te recreëren. We hebben wel aangegeven dat het goed zou zijn als de flora en fauna daar geen hele grote schade van ondervinden. Dus ik hoor dat graag nog terug van de wethouder straks. Dat is dan ook de vraag die in deze bijdrage verpakt is. Dank u voorzitter. De GRIFFIER.
Wij schorsen heel even om te kijken of we dit geluid en die piep eruit kunnen halen. Een paar minuutjes. (De vergadering is geschorst.) Heropening De VOORZITTER. Ben ik nu hoorbaar zonder piep? Oké, heel goed, dank. Dan
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
531
geef ik graag het woord aan wethouder Wijbenga. De heer WIJBENGA (vvd) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Beste raadsleden, een belangrijk onderwerp is het Kralingse Bos en de Kralingse Plas. Met coronatijd nog meer, gezien hoe belangrijk deze functie is om te verpozen, je te vermaken, om te recreëren. Ook een belangrijke plek in ecologisch opzicht. Er is een heel divers gebruik in het Kralingse Bos en ook een heel intensief gebruik. De kwaliteit van het water is echter al jaren onder de maat. We voldoen met de Kralingse Plas niet aan de Europese richtlijnen voor water en voor zwemwater is het een groot deel van het jaar door de blauwalg niet geschikt. Daarom hebben we nu, na een paar niet zo succesvol verlopen experimenten, nu een degelijke meerjarenaanpak, afgestemd en ook betaald met het Hoogheemraadschap Schieland-Krimpenerwaard, met de Provincie en we betrekken de partners rond de Plas daar ook bij. En de Universiteit Wageningen hebben we gevraagd om voortdurend onze scenario’s en keuzes tegen het licht te houden en te beoordelen. Daarop is een aanpak gekomen, tien flankerende maatregelen en één hoofdmaatregel. En juist die meerjarige uitvoering moet ons de beste kans geven. En voortvarend, dat beloof ik mijnheer Lansink-Bastemeijer helemaal, voortvarend, meerjarig om te komen tot een betere kwaliteit van het water.
In die hoofdmaatregel zat wel een stuk lastigheid, dat is namelijk dat het veel kwalijke nevenconsequenties had, namelijk het 25 centimeter ondieper maken van de Plas met grote effecten op de ecologie, op de plantengroei en met nadelen ook voor recreatief gebruik. En phoslock was daarvoor als hoofdmaatregel het alternatief. En inmiddels heb ik de rapportages aan u allen ter beschikking gesteld met deskundige beoordelingen. Mevrouw Kockelkoren zei dat mooi: dit is met het lanthaanmiddel als toepassing, dat is geen chemisch door mensen geconstrueerd middel, dat komt gewoon uit een erts, gewoon een natuurlijk product dat
in de phoslocktoepassing opgenomen is. Daarmee, met een laag van een paar centimeter op de bodem van de Plas, is de kans dat dit goed gaat werken des te groter geworden. En dat bedenken we natuurlijk niet zelf. Mijnheer Van Schaik vroeg: waar is het toegepast? Nou, het is al dertien jaar geleden in Nederland voor het eerst toegepast en dat heeft een goede uitwerking gehad en kent nu onderhoudsdoseringen. Maar daarnaast is het elders in de wereld al veel langer toegepast. Een prettige bijkomstigheid is dat het ook nog eens acht miljoen goedkoper is, maar dat is niet de beweegreden geweest. De effectiviteit en de ecologische voordelen waren daarin de motivatie. We hebben daar veel over gesproken en gewisseld met elkaar. En ik heb nog een paar opmerkingen te doen, voorzitter. Dat is namelijk toch een aantal vragen dat nog bij Leefbaar Rotterdam speelde: bodemwoelende vissen horen gewoon bij de Plas. En dat het laagje dunner is aangebracht, neemt niet weg dat die gewoon wel kan blijven in de Plas en niet ten koste gaat van de toepassing. En voor de vissen zelf is het ook niet kwalijk, dus de vissen kunnen dat woelen gewoon blijven doen. Dus het is beoordeeld als niet schadelijk voor het bestand van de vissen. Daarnaast heeft mijnheer Van Schaik nog een vraag gesteld over het hondenstrandje.
En ik verwijs naar waar ik nog op terugkom met u, dat we met al die diverse gebruikers van de Kralingse Plas nu in gesprek zijn. Ik heb u ook een tijdlijn genoemd in de commissie, ik heb daar wel een toezegging aan verbonden om terug te komen op de conclusies. Nog voor de zomer staat dat voor de eerste keer op de agenda: het rondje om de Plas, en daar komt ook het hondenstrandje aan de orde. Even kijken, het baggeren van de jachthaven in 2025, ja dat klopt. Ik heb zelf de datum 2026 gekregen, maar dat is wel een van de maatregelen die we moeten nemen.
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
532
Mevrouw Kockelkoren vroeg naar de voortgangsbewaking en dat kan ik gewoon van harte toezeggen, want ik wil u graag op de hoogte houden, omdat ik ook uw steun nodig heb in die maatregelen die we nemen. Want het blijft natuurlijk wel een maatregelenpakket dat in balans allerlei belangen, en soms conflicterende belangen moet dienen.
ecologisch robuuster systeem kan dat gewoon verdragen. Dus we gaan natuurlijk niet uitstellen, want anders stelt alles op alles uit. De kracht van dit pakket is juist de gezamenlijke ‘tegelijkertijd-uitvoering’ van die diverse maatregelen. En dat dan over vijf jaar een haventje moet worden uitgebaggerd, dat kan de Plas dan ook aan.
Ik rond af, voorzitter, met de moties van de Partij voor de Dieren. De Partij voor de Dieren vindt het een spannende operatie, omdat het een ingreep is in een ecologisch, delicaat systeem. Maar dat spannende vind ik zelf ook. De vraag is alleen: is dit de meest verstandige beslissing? En dat vind ik nog onverminderd wel het geval. Het weghalen van deze hoofdmaatregel en alleen flankerende maatregelen is evident geadviseerd als onverstandig. Het moet tegelijkertijd.
De heer VAN SCHAIK (lr). Voorzitter?
De VOORZITTER. U krijgt een vraag van mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja, dat klopt. Kijk, ik word al niet vrolijk dat de wethouder begint met: de kans dat het goed komt. Dus dat betekent dat hij ook niet erg overtuigend is. En ik had mijn vraag gesteld over dat die jachthavens moeten worden uitgediept, kunt u het dan ook niet laten uitstellen? Want u maakt mij niet wijs, als ze gaan baggeren in die jachthaven dat dan het phoslock ook weer weggaat en dat daar weer de blauwalg mee terugkomt. Tot zover, want ik heb er nog een paar voor de wethouder. De VOORZITTER. Wethouder, als u niet aan het praten bent, wellicht uw microfoon uitdoen, want u schuift nogal veel met papier en dat horen wij. Wethouder. De heer WIJBENGA (vvd) (wethouder). Ja, mijnheer Van Schaik voegt nu een nieuwe vraag toe, over het vrijkomen van nutriënten, fosfaten bij het baggeren. Ja, dat zit natuurlijk gewoon in dit totale pakket. Dus natuurlijk moet er wel gebaggerd worden in die haven. En een
De VOORZITTER. Als de wethouder is uitgesproken krijgt u een tweede kans. De wethouder mag uitspreken eerst. Dan mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja, de wethouder zegt ‘een haventje’, is de wethouder überhaupt wel eens bij de Kralingse Plas geweest? Er liggen meerdere haventjes, dus ik vind dat ook weer een beetje een opmerking van ‘een haventje’. Kijk, deze wethouder is een VVD’er en dat ken ik uit ervaring uit 2012, toen is er twaalf miljoen in de Plas gegooid en dat was drie jaar later ook weg. Daarom zit ik er zo strikt bovenop en daarvoor blijf ik hier op dit dossier met de wethouder over discussiëren. Maar hij moet niet zo raar doen, ‘een haventje’, daar houd ik niet van. De heer WIJBENGA (vvd) (wethouder). Ja, waar mijnheer Van Schaik wel of niet van houdt, dat is voor zijn rekening. Ik heb het gezegd zoals ik het bedoelde. We hebben een paar kleine haventjes aan de Plas en die moeten gewoon worden uitgebaggerd, want er is ook gewoon vaarplezier op de Plas en dat moet ook door kunnen gaan. Even kijken, de Partij voor de Dieren heeft, denk ik, wel een goed betoog gedaan over het belang van ecologisch verantwoord aanpakken. Maar ik wil toch zeggen: deze Plas is niet vanzelf een natuurlijk ecologisch systeem. We hebben daar jarenlang diverse ingrepen gedaan en het wordt door de mens ook intensief gebruikt.
En ik wil eigenlijk tegen mijnheer Van der Velden zeggen: 25 centimeter neerleggen
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
533
op de bodem van de Kralingse Plas vind ik een ecologisch zwaardere menselijke ingreep dan die centimeter phoslock die we erop doen. En in combinatie met die flankerende maatregelen is dat ook breed beoordeeld als een verantwoorde ingreep in dit systeem. Dus u begrijpt dat ik daarmee de motie ‘Geduld is een schone zaak’ zal ontraden. Ten aanzien van de riooloverstort: riooloverstort is natuurlijk een ongewenste noodmaatregel over de hele stad. Op allerlei plaatsen geeft dat natuurlijk ergernis en het is een noodzakelijkheid, omdat ons rioolsysteem niet in staat is, en de opvang van water in de stad niet in staat is om met de heftige regenbuien die af en toe de stad teisteren goed om te gaan. We proberen met de rioleringsaanpak en met wateropvang in de stad dat steeds minder vaak te laten gebeuren. En ook hiervoor geldt dat in de buurt van het Kralingse Bos we natuurlijk die riooloverstort ook niet willen. Ik wil wel even zeggen dat in de praktijk er nu al jarenlang geen directe riooloverstort is op de Kralingse Plas en als dat gebeurt dan is dat echt bij uitzondering in een heel extreme omstandigheid, waar we nog niet een-twee-drie van uitgaan. En deze vraag is overigens uitgebreid aan de orde geweest in het webinar en er is ook toegelicht waarom we denken dat dit niet een punt is dat gemaakt hoeft te worden.
We gaan er niet van uit dat riooloverstort op de Kralingse Plas nodig is. Het enige is, je kan in dit onderwerp geen garanties geven. Als er morgen een ‘perfect storm’ is met heel grote hoeveelheden neerslag, dan gelden even dat soort regels niet, want dan moet het water gewoon heen waar het het beste heen kan. Deze motie ontraad ik dan ook. We doen geen riooloverstort standaard en als beleid op de Kralingse Plas, dat willen we juist niet. Alleen bij extreme omstandigheden, ja daar kan ik geen garantie over geven. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Ik check of er nog een vraag is blijven liggen.
De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u, voorzitter. De VOORZITTER. Gaat uw gang, mijnheer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u, ik heb toch nog een vraag aan de wethouder en dat betreft gewoon onze eerste motie. Daarin vragen wij gewoon de uitkomsten van de maatregel over het tegengaan van die waterinlaat, vanuit de boezem van de Rotte. Dus daar komt geen fosfaat meer in. Laten we nou eerst afwachten wat daar de resultaten van zijn, voordat je deze zware maatregel inzet. En dat is eigenlijk mijn verzoek, laten we daar nou gewoon op wachten. En daar heb ik geen reactie van de wethouder op gehoord. Wat vindt u daarvan? De VOORZITTER. En dan doen we nog even een tweede veegronde, een vraag van mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja graag ook in technische tijd, voorzitter. Wethouder Wijbenga beantwoordt mijn vraag niet. Mijn eerste vraag was: het gaat niet om de schadelijkheid van de vissen, maar het gaat om wat voor effect die maatregelen hebben op een bodemwoelende vis, op de effectiviteit van de phoslock in de sliblaag en woelen die vissen dit weer te veel om, die woelen dat om, waardoor het fosfaat weer vrijkomt. Dus dat was de vraag. De VOORZITTER. Twee vragen nog even, wethouder. De heer WIJBENGA (vvd) (wethouder). Ja, om met de eerste vraag te beginnen, ik begrijp dat helemaal, want ik ben ook een leek.
Ik had diezelfde vraag kunnen stellen en die is ook gesteld. Die is in het webinar aan de orde geweest. En dat phoslock daalt gewoon weer neer en dat laagje is gewoon in staat om het woelen van de vissen of het door die laag heen groeien van planten te verdragen en toch die nutriënt-fosfaatopnemende functie te behouden. En u moet ook bedenken: dat
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
534
lanthaan kan wel losgewoeld worden, maar blijft natuurlijk gewoon zijn functie als erts behouden in het opnemen van die zuurstoffen. Ik kan hier dan ook niets anders doen dan echt verwijzen naar het webinar, waarin dat technisch veel beter is uitgelegd door de professor van de Universiteit Wageningen. Ten tweede de vraag van de Partij voor de Dieren, daar wil ik toch van zeggen: het is niet zo dat je één maatregel eruit kunt halen en kunt zeggen: dan gaan we eens even wachten. Het is wel vijf voor twaalf als het gaat om de waterkwaliteit in de Kralingse Plas. En er is nadrukkelijk gekozen voor een totaalpakket van één hoofdmaatregel op de bodem en tien flankerende maatregelen. En mijnheer Van der Velden zegt: ik haal er één maatregel uit en dan gaan we eens kijken wat die doet en dan gaan we daarna verder. Dan weet ik zeker dat mijnheer LansinkBastemeijer echt boos op mij wordt, want hij zegt: nou dat is voortvarendheid van likme-vestje. Dat betekent gewoon dat we de komende drie jaar echt niet gaan verbeteren als het gaat om de kwaliteit van het water en zeker niet van de blauwalg, want met die ene maatregel gaat het natuurlijk op voorhand gewoon niet lukken. Dank u wel. De VOORZITTER. Hartelijk dank, wethouder. Ik check nog even bij mijnheer Van der Velden of dat voldoende is. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Nee, ik heb toch nog een vraag aan de wethouder.
Kunt u exact aangeven wanneer u ten uitvoering gaat met deze maatregel, deze zware maatregel? En je kan natuurlijk ook, voordat je deze zware maatregel inzet, alvast kijken wat dat doet, die waterinlaat naar de Kralingse Plas via het Kralings Verlaat, want die is bijna voor een derde verantwoordelijk voor de toevoeging van het fosfaat uit de Rotte. Waarom kijkt u daar niet naar, dat is toch een groot gedeelte, een derde, dat kunt u toch eerst bekijken en dan pas iets zwaars inzetten? Desnoods een maand later.
De VOORZITTER. Mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Nee voorzitter, het gaat over. De heer WIJBENGA (vvd) (wethouder). Ja, die informatie klopt, dat die inlaat belangrijk is. En daarom is het ook een van de flankerende maatregelen geworden. Maar kijk, dan herhaal ik hoe groot die impact ook is op dat zuurstofgehalte. Het is wel een van de redenen van de problematiek en die wordt ook beheersbaarder gemaakt en gemitigeerd, maar als we die alleen doen, dan zeggen de deskundigen: dan zult u niets verbeteren aan de kwaliteit van het water. Nou dat vind ik voor de biodiversiteit, voor de ecologie niet verstandig en dat is ook wat Europa zegt: jullie voldoen niet aan die waterrichtlijn. En ik vind het ook niet goed voor al die mensen die in de zomertijd willen kunnen genieten van het zwemwater, want de blauwalg heeft dan te veel kans. Dus ik houd vast aan het advies om gelijktijdig het komende jaar deze maatregelen uit te voeren en niet volgordelijk. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, wanneer gaat u ermee beginnen? Wanneer precies? De heer WIJBENGA (vvd) (wethouder). Ja, in die technische sessie hebben we al die tijdlijnen genoemd. Bepaalde activiteiten lopen natuurlijk gewoon nu al, het maaisel ophalen en de manier van met de bodem omgaan en de inrichting van de oevers.
Als het gaat om phoslock, dan gaan we aan het eind van het jaar beginnen, want onze bedoeling is om voor de zomer van 2022 de phoslock-maatregel aangebracht te hebben. Dat kan ook makkelijker, omdat dat een kwestie van maanden is daar waar bodemverhoging van 25 centimeter ons een jaar zou kosten. Dus dat kan ook lukken, om dat gereed te hebben voordat de zomer van 2022 aangevangen is. De VOORZITTER. Dat was het antwoord op uw vraag mijnheer Van der Velden.
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
535
De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dat was het antwoord en de wethouder en ik verschillen van mening over de toepassing van phoslock. Dat blijkt ook uit onze moties en ik denk dat we niet dichter bij elkaar komen. De VOORZITTER. Dan zien wij de stemming wel komen vanavond. Ik heb nu een ordevoorstel, waarde raadsleden. Wethouder Van Gils, daar had ik vanochtend van aangekondigd dat hij vanwege persoonlijke omstandigheden weg moest vanmiddag. Dat was niet helemaal te voorzien. Dus ik zou graag met uw instemming agendapunt 26 nog even willen parkeren. We kijken of de wethouder vanmiddag nog terugkomt of in ieder geval aan het begin van de avond, en nu alvast aan te vangen met agendapunt 27. U kunt daarmee leven? Ik zie niet al te veel bezwaren, sterker nog ik zie juist steun voor het voorstel. Hartelijk dank. 27. Het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman: ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’ De VOORZITTER. Dan gaan we daarmee beginnen. Ik check eerst even of wethouder Grauss beschikbaar is. Wethouder Grauss is ingelogd. Dan gaan we het hebben over het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman: ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’. Mijnheer Jami.
nadelige effecten voor de kinderen en de samenleving. Naast het risico op uitsluiting zijn de kinderen in armoede ook slechter af op andere gebieden. Zo groeien kinderen in armoede minder gezond op. Ouders hebben zorgen en stress door geldtekort. Daar hebben ook de kinderen last van. De band met hun ouders staat dan ook onder druk, ze krijgen hierdoor minder aandacht van hun ouders. De kinderen zelf hebben door stress minder ruimte in hun hoofd om te leren en kunnen zich slechter concentreren. Kortom: armoede beïnvloedt op een negatieve wijze de ontwikkeling van een kind. Voorzitter, mijn fractie onderschrijft bijna alle punten van de Kinderombudsman, maar zal de aanbeveling van de Ombudsman en de motie van de Partij van de Arbeid en consorten inzake mobiele telefoons voor kinderen niet steunen. Smartphone-gebruik heeft een negatieve invloed op hun leerprestaties, zo blijkt uit een onderzoek onder zestienjarige leerlingen, omdat zij met een verbod op telefoons in de klas substantieel hoger scoren op een toets dan leerlingen die wél hun telefoon mochten meenemen. De oorzaak van deze negatieve relatie en correlatie is volgens veel wetenschappers multitasking. Voorzitter, mijn fractie rekent erop dat de wethouder snel en slagvaardig met de meeste aanbevelingen aan de slag gaat. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER. Dank u zeer. Mevrouw Roest.
De heer JAMI (lr). Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, kinderarmoede is een buitengewoon ernstige zaak. Leefbaar Rotterdam heeft zich in de vorige periode sterk ingezet om armoede in de brede zin te bestrijden en in 2019 heeft mijn fractie opnieuw aandacht gevraagd voor de omslachtige wet- en regelgeving inzake kinderarmoede en toen kwamen wij met het initiatief om de kinderwijkraden in Rotterdam te implementeren. Want, voorzitter, armoede heeft buitengewoon
Mevrouw ROEST (gl). Dank u voorzitter. Ik houd het heel kort. Wij zijn blij met het rapport van de Kinderombudsman en we zullen ook een aantal moties steunen die collega’s zo dadelijk in kunnen dienen, of al ingediend hebben. Onder andere een motie om de mobiele telefoon in het kindpakket te krijgen of in ieder geval te onderzoeken hoe dat kan. En een motie om de kinder- en jongerenparticipatie breed te verankeren in onze stad. Verder hebben we hier een uitgebreid commissiedebat over gehad. Er zijn goede
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
536
aanbevelingen gedaan door de Kinderombudsman. We zijn met een aantal punten ook al aan de slag om te komen tot een toegankelijker armoedebeleid en wij zullen de wethouder hierop kritisch volgen.
uitvoering in de nabije toekomst samen te zoeken naar manieren om die participatie van kinderen en jongeren structureel te versterken en uit te breiden. Ik hoop op brede steun. Dank u wel.
De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Mijnheer Vonk.
De VOORZITTER. Mijnheer Vonk heeft de volgende moties ingediend.
De heer VONK (cu-sgp). Ja, dank u wel voorzitter. Ja, een glashelder rapport van de Kinderombudsman over een belangrijk onderwerp. De gemeentelijke regelingen die kinderen moeten helpen om met hun ouders uit de armoede te geraken. Nou, we hebben het uitgebreid besproken in de commissie. Het laatste woord is er ook wat ons betreft niet over gezegd. Maar voor nu twee punten om de conclusies een stapje verder te brengen. Het eerste is een constatering van de Rekenkamer dat de gemeenten in de regio heel verschillend beleid voeren en dat biedt de kans om van elkaar te leren. Vandaar onze motie: ‘Regio tegen kinderarmoede’, waarin wij als raad de gemeenten in onze regio oproepen om de ‘best practices’ uit te wisselen en samen te kijken hoe de regelingen kunnen verbeteren, bijvoorbeeld als het gaat om het bereik van de regelingen.
Motie 2. Kinderen en jongeren doen mee
Het tweede punt is de participatie van kinderen bij de opzet en uitvoering van deze regelingen. De Kinderombudsman heeft daar stevige noten over gekraakt. En voor de ChristenUnie-SGP is het essentieel dat de overheid beter leert luisteren naar haar burgers. Daar begint en eindigt het werk dat wij voor de stad doen. In de commissie werd breed gedeeld dat dit niet alleen geldt voor de armoederegelingen, maar eigenlijk voor veel meer beleidsterreinen. En daarom een motie om in kaart te brengen hoe de gemeente de participatie van jeugd en jongeren nu vormgeeft. Want of je het nu hebt over kinderarmoede, de hulp aan jongeren in coronatijd of de opzet van een zomercampus, de stad maken we samen. En dit rapport laat opnieuw zien: dat kan en moet beter. Wat ons betreft een eerste stap, deze motie, om op basis van de
‘De gemeenteraad van Rotterdam bijeen op 18 maart 2021 ter bespreking van het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - de Kinderombudsman onderzoek heeft gedaan naar de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede in onze regio en daarover een glashelder rapport heeft doen verschijnen onder de titel ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; - in dit rapport onderzocht is of de gemeentelijke regelingen aansluiten bij de behoefte van ouders en kinderen die in armoede leven; - de Kinderombudsman concludeert dat de kinderen en ouders meer centraal moeten worden gesteld zodat de regelingen meer voorzien in de daadwerkelijke behoefte van de doelgroep; - geen enkele gemeente in de regio de kinderen op een voldoende en gestructureerde wijze weet te betrekken bij de opzet en de uitvoering van de regelingen die voor hen zijn bestemd; Overwegende dat: - voor de goede match tussen beleid van de gemeente en de behoefte van de doelgroep de participatie van de doelgroep van essentieel belang is; - op meerdere dossiers de kinderen en jongeren niet of niet structureel worden betrokken bij de totstandkoming, uitvoering en evaluatie en bijstelling van beleid; - het de gemeente helpt als er een algemeen kader is waarin staat beschreven hoe
kinderen en jongeren worden
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
537
betrokken bij de totstandkoming, uitvoering en evaluatie en bijstelling van beleid; - betrokkenheid niet alleen betrekking heeft op informeren maar ook op het mee laten ontwerpen en uitvoeren en op het geven van een duidelijke stem bij evaluatie en bijstelling; Verzoekt het college: - in beeld te brengen welk kader er nu is voor jeugdparticipatie en hoe kinderen en jongeren worden betrokken bij totstandkoming, uitvoering, evaluatie en bijstelling van beleid en hoe dat nu wordt toegepast; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. T.J. Vonk, D. Yildirim, J. Smet, R.C.G. Segers-Hoogendoorn, N. Arsieni en E. Jami Motie 3.
Regio tegen kinderarmoede ‘De gemeenteraad van Rotterdam bijeen op 18 maart 2021 ter bespreking van het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - de Kinderombudsman onderzoek heeft gedaan naar de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede in onze regio en daarover een glashelder rapport heeft doen verschijnen onder de titel ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; - in dat rapport onderzoek is gedaan naar de gemeentelijke regelingen in de gemeenten: Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Rotterdam en Vlaardingen; - de Kinderombudsman in haar rapport benoemt dat er (soms grote) verschillen zijn tussen de verschillende gemeenten; - die verschillen niet alleen betrekking hebben op de hoogte van bedragen voor bijvoorbeeld deelname aan sport en cultuur, maar ook in de manier waarop regelingen zijn opgezet en worden uitgevoerd; Overwegende dat:
- de verschillen tussen de gemeenten een goede kans bieden om uit de verschillende beste ervaringen en lessen te trekken en zo van elkaar te leren; - het bereiken van kinderen in armoede met regelingen voor iedere gemeente een vraagstuk is; - van elkaar leren de regelingen voor kinderen in armoede alleen maar beter kan maken; - een regionale conferentie, waarin zoveel mogelijk gemeenten vertegenwoordigd zijn die in het onderzoek zijn betrokken, een goede manier is om die ervaringen te delen en lessen te trekken; Roept de gemeenteraad van Rotterdam op: - om de overige gemeenten uit de regio op te roepen om samen met Rotterdam een regionale conferentie te beleggen rondom het bereiken van kinderen in armoede en regelingen en andere best practices voor het bestrijden van kinderarmoede en daaraan deel te nemen; Verzoekt de griffie: - om namens de raad deze oproep aan de genoemde gemeenten kenbaar te maken; Verzoekt het college: - om bij positieve reacties van de regiogemeenten en voldoende animo de host te willen zijn van een dergelijke conferentie en de organisatie voor de conferentie op zich te nemen; - gemeenteraadsleden ook mee te nemen in het uitnodigingsbeleid voor deze conferentie; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. T.J. Vonk, D. Yildirim en R.C.G. Segers-Hoogendoorn De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. Ik dank u zeer.
Mevrouw Arsieni. Mevrouw ARSIENI (d66). Ja voorzitter, kinderen zijn natuurlijk de toekomst, maar kinderen in armoede staan op achterstand om die toekomst met beide handen aan te grijpen. En de Kinderombudsman geeft aan in dit rapport dat de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede niet
raadsvergadering van 18 maart 2021
Notulen pagina
538
altijd goed terechtkomen. Nou dat is echt een probleem. Als de regelingen niet bekend zijn, te ingewikkeld zijn, of om allerlei andere redenen niet op de goede manier worden gebruikt. Dus het ligt ook wel bij de overheid die dingen onnodig complex maakt. Dat moet echt anders. Dus laten we die aanbevelingen uit dat rapport krachtig omarmen en gelukkig doet de wethouder dat ook. Daar hebben we het in de commissie met elkaar over gehad. Met een overheid die niet tegenover de burger staat, maar naast de burger gaat staan. En we moeten dus ook naast de nieuwe generatie staan. En om die reden dienen we samen met de ChristenUnie-SGP een motie in om het bereik van jongeren te verbeteren. En dat begint natuurlijk bij de behoefte van kinderen en ouders, die meer centraal zetten en daarom naar jongeren te luisteren. En ook te leren van goede praktijken om ons heen. En we zullen nog wat van die moties steunen die deze gedachte ondersteunen. De VOORZITTER. Ik dank u wel mevrouw Arsieni. Mijnheer Yigit. Mijnheer Yigit, bent u daar? Dan gaan we naar mevrouw Yildirim als eerste. Mevrouw YILDIRIM (pvda). Ja dank, voorzitter. Voorzitter, elk kind heeft recht op een eerlijke toekomst en elk kind zou zeker moeten zijn van een zorgeloze jeugd.
Helaas weten we dat de praktijk anders is, in Rotterdam groeit één op de vijf kinderen op in armoede en dat zijn aanzienlijk meer kinderen dan het landelijk gemiddelde van één op twaalf kinderen. Er ligt dus een serieuze opgave voor onze stad. Voorzitter, de drie B’s, de begrijpelijkheid van de kindregelingen, het bereik van de regelingen en de bekendheid van de regelingen zijn een blijvende uitdaging voor de gemeente. Wij kunnen om die reden nog niet trots zijn op dit rapport. De ideologie van zelfredzaamheid zorgt er dus voor dat we liever geld pompen in communicatiecampagnes en allerlei zaken dan dat we liever het geld laten vloeien naar de mensen die dat nodig hebben. Daarom heb ik in deze commissie steeds
gepleit, destijds in de commissie, voor het makkelijker toekennen van de regelingen. En ook de wethouder zet op dit onderwerp verdere stappen. Voorzitter, niet zelden krijgen kinderen die in de armoede leven ook te maken met sociale uitsluiting. Om die reden kunnen ze soms geen verjaardag bijwonen of moeten ouders een bioscoopkaartje weigeren. En hebben we ook hier voldoende aandacht voor? Eerder heb ik de motie: ‘Evaluatie kindpakketten’ ingediend om de kinderraden mee te laten denken over de pakketten. Kinderen weten het beste waar ze behoefte aan hebben. Door de coronacrisis loopt deze werkwijze een vertraging op en op dringend advies van de Ombudsman over het ontbreken van een mobiele telefoon, wil ik graag voorsorteren door ook vanuit de raad de wens te uiten de mobiele telefoon toe te voegen aan de bestaande regelingen. Hiervoor dien ik een motie in. De mobiele telefoon wordt namelijk ingezet in het onderwijs, kinderen en jongeren hebben er contact mee met andere leeftijdsgenootjes, en zeker nu is dat vaak de enige mogelijkheid voor contact. Onbegrijpelijk, voorzitter, dat anno 2021 dit nog geen onderdeel is van de pakketten. Voorzitter, ook valt op dat de Ombudsman aangeeft dat naast het verstrekken van goederen, wat zeker door moet gaan, we ook moeten kijken naar brede participatie. Dus ook naar die sociale uitsluiting.