CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20210318- Notulen van de raadsvergadering van 18 maart 2021

Gemeenteraad 18 maart 2021, gemeente Rotterdam58.345 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Hiervoor heb ik in de commissie de suggestie gedaan van een kinderparticipatiefonds in de wijken om op een laagdrempelige manier mee te kunnen doen aan de activiteiten in de wijken en dat dit ook getrokken wordt door een medewerker in die betreffende wijk. Om die reden teken ik ook de motie van de ChristenUnie-SGP mee met het verzoek om te kijken naar een soort bredere visie op kinderen- en jongerenparticipatie. Voorzitter, dan blijft over de laatste constatering van de Ombudsman, namelijk het feit dat kinderen in armoede eenzijdig

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

539

eten en niet de toegang hebben tot rijke levensmiddelen. Hoe gaan we daarmee om? Dat is nog een vraag die ik heb richting de wethouder. Dank u voorzitter.

kinderregelingen van de gemeente Rotterdam; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. D. Yildirim, A. van Zevenbergen en L.L.P.R. Roest

De VOORZITTER. Mevrouw Yildirim heeft de volgende motie ingediend.

De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen.

Motie 1. De onmisbare mobiele telefoon ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van Rapport van de Kinderombudsman over ‘Wie, wat waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - de Kinderombudsman in haar rapport aangeeft dat de mobiele telefoon onmisbaar is voor kinder- en jongerenparticipatie, omdat kinderen en jongeren via hun telefoon hun rooster bekijken, ze meepraten in de groepsapp van de klas en dat zij met de mobiele telefoon mee kunnen doen aan het onderwijs dat via de telefoon in de les wordt aangeboden; - hiernaast de Kinderombudsman aangeeft dat vooral aan kinderen en jongeren zelf gevraagd moet worden wat hun behoeften zijn en dat zij desgevraagd de mobiele telefoon hierbij expliciet adresseren; Overwegende dat: - het wenselijk is dat de mobiele telefoon toegankelijk wordt gemaakt via minimaregelingen en/of het jeugdtegoed; - de mobiele telefoon geen luxeproduct meer is, maar een wezenlijk middel is om te kunnen participeren in de samenleving en het onderwijs voor kinderen en jongeren; - bovendien in coronatijd een mobiele telefoon ook nog eens soms de enige mogelijkheid is voor kinderen en jongeren om contact met vrienden te hebben; Verzoekt het college om: - te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om deze dringende conclusie van de ombudsman zo spoedig mogelijk te

implementeren door de mobiele telefoon toegankelijk te maken via minima- of

Ik dank u zeer. Ik check of mijnheer Yigit nu al beschikbaar is van DENK. Eenmaal andermaal, niet? Dan gaan we naar mijnheer Van Zevenbergen. De heer VAN ZEVENBERGEN (sp). Dank u wel voorzitter. Ja, we hebben het hier over het uitstekende rapport van de Kinderombudsman en wij steunen uiteraard de conclusies en aanbevelingen. Wat het meeste opviel, is dat het zo moeilijk is om de betrokkenheid van kinderen te organiseren. Ik heb al eens eerder voorgesteld, we zouden eigenlijk bij elk beleidsplan dat we hebben er een soort paragraafje aan toe moeten voegen: wat vinden die kinderen en wat vinden die jongeren er dan van? Maar ik denk ook wel dat dat een stap te ver is, dus ik zal er geen motie over indienen. We hebben toentertijd ook aangekondigd in de commissie dat we een motie gingen indienen om de mobiele telefoon in de minimaregeling te krijgen. Gelukkig is die ingediend en die steunen wij natuurlijk volledig. Dat snapt u, want de mobiele telefoon is geen luxe meer, helaas, sorry dat ik ‘helaas’ zeg, een onderdeel van ons dagelijks leven geworden. En kinderen hebben ook een dagelijks leven en scholen eisen soms gewoon het gebruik van een mobiele telefoon. Verder hebben we ook een motie ingediend over kansengelijkheid voor kinderen. Kinderen moeten net zoveel kansen hebben als volwassenen. En scholen zijn nu vindplaatsen, zoals ze dat zelf zeggen, voor kinderarmoede.

Wij zouden graag zien dat scholen meer een wérkplaats worden ter bestrijding van kinderarmoede. Daarom pleiten wij in onze

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

540

motie om een armoedepreventiemedewerker en ik weet dat DENK dat ook doet. Wij willen daar ietsje verder mee gaan en samen met enkele scholen gaan onderzoeken, en ik weet dat met name in Delfshaven er scholen zijn die dat graag willen, naar de meer innovatieve aanpak, waarin we de scholen meer betrekken bij de bestrijding van kinderarmoede. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER. Mijnheer Van Zevenbergen heeft de volgende motie ingediend. Motie 4. Ieder kind kansgelijk ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 27 ‘Rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman’; Constaterende dat: - de Gemeentelijke Kinderombudsman Stans Goudsmit e.o.

in haar rapport ‘Wie, wat waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’ aantoont dat de bekendheid en toegankelijkheid van de armoedekindregelingen (Jeugdtegoed, Stichting Meedoen, Jeugdfonds sport & cultuur) in Rotterdam gering is; - en de aanbeveling doet armoedepreventie-medewerkers aan te stellen op scholen; - scholen een vertrouwde omgeving voor zowel kinderen als ouders zijn en scholen een belangrijke signalerende, informerende en doorverwijzende rol hebben; - scholen kwalitatief goed onderwijs willen verzorgen en daardoor niet alle taken met betrekking tot armoede zelf willen/kunnen uitvoeren en daarvoor duurzame afstemming en samenwerking zoeken met lokale partners; - de Kinderombudsman mede daarom naast haar aanbevelingen het inzetten van armoede-preventiemedewerkers adviseert; Mede overwegende dat: - het armoedevraagstuk generatie op generatie aanwezig blijft en ingezette interventies tot nu toe niet tot structurele oplossingen leiden;

- Armoedeplatform Delfshaven in het onderzoek ‘Een gelijke start. Een onderzoek naar kinderen in armoede onder 21 basisscholen in Delfshaven’ eveneens constateert dat er veel gezins- en kindondersteunende regelingen en organisaties zijn, maar dat vraag en aanbod onvoldoende bij elkaar komen; - de basisscholen in Delfshaven gezamenlijk met het armoedeplatform en wijkpartners een model hebben voorgesteld waarin scholen vind- en werkplaats zijn en wijkpartners een schil vormen rondom de scholen; Verzoekt het college: - met de Rotterdamse scholenkoepels in gesprek te gaan, met als doel om er gezamenlijk voor te zorgen dat ieder kind in Rotterdam kansgelijk op kan groeien; - te onderzoeken of naast de aanbevelingen van de ombudsman inclusief het inzetten van preventiemedewerkers, een nieuwe innovatieve aanpak mogelijk is, bijvoorbeeld (pilots) met het voorgestelde Delfshavense model; - de ervaringen die hiermee worden opgedaan te evalueren en hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. A. van Zevenbergen, P.J.H.D. Verkoelen en E. Büyükçifci De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. Ik dank u zeer. Mijnheer Yigit is inmiddels aangesloten. Mag ik u het woord geven mijnheer Yigit? De heer YIGIT (denk). Ja voorzitter, dank u wel.

Ja, we hebben het eigenlijk vorige week al gehad over het rapport van de Kinderombudsman, de bekendheid en de toegankelijkheid van de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede is onder de loep genomen. We hebben echt een heel duidelijk rapport gehad, waarin verschillende belangrijke conclusies zijn getrokken. Zo vinden kinderen eten en kleding het allerbelangrijkste. Helaas zijn

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

541

dit soort primaire behoeftes niet voor iedereen een vanzelfsprekendheid. Ik heb de wethouder ook vorige week al aangegeven dat wat mij betreft dit topprioriteit moet zijn. Maar daar moeten wij ook in de toekomst naar blijven kijken: hoe kunnen wij dit in onze regelingen gaan verwezenlijken? Ik heb vandaag ook een aantal moties dat ik graag wil indienen om ook een bijdrage te leveren aan de armoedeaanpak, zodat klasgenoten gezellig mee kunnen doen aan een schoolreisje, er een fijne en vertrouwelijke contactpersoon is op school bij wie je het kan hebben over je problemen, bepaalde dingen die je ervaart. En ook om ouders actiever en beter te informeren als het gaat ook om onze regelingen, want dat gebeurt helaas nog niet. Tot zover, voorzitter, dank u wel. De VOORZITTER. Mijnheer Yigit heeft de volgende moties ingediend. Motie 5.

Zakgeld tijdens schoolreisje ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 27: het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - de gemeente Rotterdam het mogelijk maakt dat kinderen mee kunnen op schoolreisje als hun ouders dat niet kunnen betalen; - er ook altijd kosten zijn tijdens de schoolreisjes; - uit het rapport van de Kinderombudsman blijkt dat jongeren zakgeld als een belangrijke behoefte zien; - professionals wijzen op het belang van zakgeld tijdens schoolreisjes omdat kinderen die opgroeien in armoede anders niet mee kunnen doen met hun vrienden en klasgenootjes; Van mening dat: - sommige kinderen vrije tijd tijdens het schoolreisje vervelend vinden omdat ze

geen geld hebben om iets te eten of iets anders te kopen; - kinderen zakgeld nodig hebben tijdens het schoolreisje om mee te kunnen doen met hun vrienden en klasgenootjes; Verzoekt het college: - de mogelijkheden te onderzoeken om bij de vergoeding van het schoolreisje een deel van die vergoeding beschikbaar te stellen als zakgeld tijdens dat schoolreisje; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. E. Yigit Motie 6. Een (armoedepreventie) medewerker aanstellen op Rotterdamse scholen ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 27: het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - professionals gemeenten adviseren om duurzaam te investeren in contacten op scholen en in de wijk over de armoederegelingen; - uit het rapport van de Kinderombudsman blijkt dat alle gesprekspartners wijzen op de rol die scholen kunnen spelen om te helpen bij de bekendheid en procedures rondom de armoederegelingen; - het bieden van hulp voor de armoederegelingen via een maatschappelijk werker als een hoge drempel wordt gezien omdat er snel een assumptie kan worden gemaakt dat iemand thuis met veel problemen zit; Van mening dat: - scholen een uitstekende vindplaats van ouders zijn om het gesprek aan te

gaan; - scholen ouders kunnen wijzen op de armoederegelingen; - contact op school vaak laagdrempelig is door bijvoorbeeld een docent die een brochure van het Jeugdfonds mee kan geven aan een kind of ouder;

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

542

- de gemeente een rol kan spelen bij het vergroten van de bekendheid en hulp rondom de aanvraagprocedures van de armoederegelingen omdat leerkrachten en medewerkers op scholen al ontzettend veel taken hebben; Verzoekt het college: - in gesprek te treden met onderwijsinstellingen in Rotterdam om de mogelijkheden te verkennen voor het aanstellen van een (armoedepreventie) medewerker die kan helpen met de aanvragen van de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’

voorzien van informatie over de armoederegelingen; Verzoekt het college: - de mogelijkheden te onderzoeken om informatie over de Rotterdamse armoederegelingen in meerdere talen aan te bieden aan ouders die de Nederlandse taal niet voldoende beheersen; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. E. Yigit Motie 8. Zet social media in om actiever informatie te verspreiden over de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede

w.g. E. Yigit Motie 7. De taal van armoede is voor alle kinderen hetzelfde ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 27: het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - een deel van de ouders die in armoede leven het Nederlands niet altijd even goed beheersen; - de Kinderombudsman geen anderstalige informatie heeft kunnen vinden over de armoederegelingen op de website van de gemeente Rotterdam; - de Kinderombudsman stelt dat de gemeenten een grote mogelijkheid laten liggen om een deel van de doelgroep te bereiken; - bijvoorbeeld bij de huisarts folders staan in verschillende talen zodat iedereen op de hoogte wordt gesteld over zorg; Van mening dat: - door de informatie alleen in het Nederlands te geven veel Rotterdammers niet bereikt kunnen worden terwijl zij de regelingen heel hard nodig hebben; - een link naar Google Translate niet voldoende is om Rotterdamse ouders die het Nederlands niet goed beheersen te

‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 27: het rapport van de Gemeentelijke Kinderombudsman ‘Wie, wat, waar? Onder de loep: gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’; Constaterende dat: - iedereen die de Kinderombudsman sprak vindt dat gemeenten nog actiever informatie over de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede kunnen verspreiden; - professionals aangeven dat folders en brieven slecht gelezen worden en wijzen op het belang van social media; - ook kinderen en ouders sociale media en YouTube als dé manier noemen om informatie over de regelingen te verspreiden; Van mening dat: - ouders en kinderen actiever via social media beter geïnformeerd kunnen worden over de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede; Verzoekt het college: - gemeentelijke social mediakanalen zoals YouTube en Instagram in te zetten om middels filmpjes kinderen en ouders beter te informeren over de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

543

w.g. E. Yigit

gemeentelijke regelingen binnen jeugdhulp en schuldhulp beschikbaar te stellen. Hierbij kijkend naar de talen die het meest gesproken worden binnen de doelgroepen; En gaat over tot de orde van de dag.’

De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. Ik dank u zeer. Mijnheer SegersHoogendoorn.

w.g. E. Büyükçifci

De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja dank, voorzitter, ik houd het heel kort. Kijk, de kern van dit verhaal is: zet ouders en kinderen centraal. En zoals we met zijn allen vaak plegen te zeggen: die beroemde menselijke maat. Want regelingen zijn veel te veel ingericht vanuit het perspectief van de gemeente in plaats van de gebruiker. En daarom wil ik de twee moties die mijnheer Vonk al aankondigde van de ChristenUnie-SGP, waar wij graag op meegetekend hebben er uitlichten, die wij die van harte ondersteunen: ‘De kinderen en jongeren doen mee’-motie en de ‘Regio tegen kinderarmoede’. Daar laat ik het bij voorzitter, dank u wel. De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Mijnheer Büyükçifci heeft de volgende moties ingediend. Motie 9. Verrijk de armoede-informatie ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021; Constaterende dat: - Rotterdam relatief veel armoede kent.

Opgroeien in armoede heeft enorme invloed op het leven van het kind; - de Kinderombudsman heeft vastgesteld dat kinderen en ouders vaak niet bekend zijn met gemeentelijke armoederegelingen door taalbarrières; - hierdoor is relevante informatie in de praktijk niet toegankelijk voor iedere Rotterdammer; - de Kinderombudsman een sterke aanbeveling heeft gemaakt om informatie in andere talen beschikbaar te stellen; Verzoekt het college: - zich in te spannen om informatie toegankelijk te maken voor eenieder. Daarbij vertalingen van de relevante

Motie 10. Kleedgeld voor onze Rotterdammertjes ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021; Constaterende dat: - Rotterdam relatief veel armoede kent; Opgroeien in armoede heeft enorme invloed op het leven van het kind; - kinderen om kleding vragen. Uit het onderzoek van de Kinderombudsman is gebleken dat kinderen zelf aangeven kleding het meest nodig te hebben; Verzoekt het college: - te onderzoeken of het mogelijk is om kinderen die in armoede leven (richtlijn bijstandsniveau) kleedgeld toe te kennen in de vorm van kledingbonnen; - te onderzoeken of kledingwinkels in Rotterdam hier een bijdrage aan willen geven; - de resultaten van dit onderzoek aan de raad voor te leggen; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. E. Büyükçifci De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. Nog andere raadsleden? Eenmaal, andermaal? Dan gaan we naar wethouder Grauss. Ik hoor u niet wethouder. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ik zie hem wel hier heen en weer gaan. De VOORZITTER. Ja, u moet uw microfoon volgens mij iets harder zetten op het scherm en anders beter in uw microfoon praten. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Hoort u mij nu goed, voorzitter?

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

544

De VOORZITTER. Dat is beter, ja. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Kijk, ik heb hem iets harder gezet. Dank. Dank voor alle aanwezigen, maar allereerst dank aan de jongeren en de kinderen en de Kinderombudsman mevrouw Goudsmit om dit onderzoek te organiseren. Voorzitter, ik hoor u er nog even door. Dat gaat nu goed? De VOORZITTER. Ja, u kunt verder. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Dank u. Dus dank vooral voor het rapport, een stevig rapport en dat heb ik van harte omarmd. We zetten stappen vooruit, maar we willen met elkaar nog veel meer stappen zetten. We hebben een buitengewoon goede discussie in de commissie gehad en ook indachtig uw drukke agenda zal ik mij beperken tot de moties en een enkele vraag die aan een motie te koppelen is. Voorzitter, tien moties. De eerste motie van de Partij van de Arbeid, SP en GroenLinks over de onmisbare telefoon. Een aantal sprekers heeft het er al over gehad. Ik wil die namens het college omarmen, want we gaan graag in lijn met de aanbevelingen van de Ombudsman, de Kinderombudsman, kijken of en hoe we dit mogelijk kunnen maken. Dat hebben we natuurlijk ook al gezegd in de andere motie ‘Participeren kun je leren’. Dit is echt een heel concreet instrument dat ook gewoon echt gekoppeld is aan het participeren, maar ook gewoon, ja overeind blijven in de klas. Dus voorzitter, de eerste kan ik omarmen.

De tweede van de ChristenUnie-SGP, PvdA, GroenLinks, Leefbaar Rotterdam, D66 en CDA over ‘Kinderen en jongeren doen mee’. In het dictum staat: in beeld brengen welk kader er nu is voor jeugdparticipatie en hoe kinderen en jongeren worden betrokken bij de totstandkoming, uitvoering, evaluatie en bijstelling van beleid en hoe dat nu wordt toegepast. Een heel brede motie over

jeugd- en jongerenparticipatie. In de commissie heb ik al gezegd dat ik die vraag hoorde en dat ik daar alle begrip voor heb, maar ja, de eerlijkheid gebiedt te zeggen: dat domein ligt toch bij een andere wethouder, dus we hebben contact gehad met wethouder Vermeij en namens haar, maar ja ik spreek toch namens het college, kan ik zeggen dat we deze motie omarmen, met daarbij wel een nadere duiding. Ik moest de waarschuwing doorgeven dat het huidige budget voor Jeugdparticipatie beperkt is. Wethouder Vermeij, het college, gaat voor u op papier zetten wat er op dit moment al gebeurt en daarover kan het gesprek met de commissie plaatsvinden. Dus motie 2: omarmen. Motie 3: ChristenUnie-SGP, PvdA en het CDA. De titel is: ‘Regio tegen kinderarmoede’. Er zit een aantal voorstellen in van u aan de gemeenteraad en een heel beperkt verzoek om bij positieve reacties van de regiogemeenten én voldoende animo we eventueel de host willen zijn van een dergelijke conferentie en de organisatie op ons willen nemen en daarbij ook de gemeenteraadsleden meenemen in het uitnodigingsbeleid. Voorzitter, ik wil dat graag toezeggen. Het bereiken van kinderen in armoede en het bestrijden van kinderarmoede is natuurlijk een belangrijk thema en daar kunnen we echt altijd van elkaar leren: de goede voorbeelden, maar soms ook wegen die we met elkaar ingaan, die misschien niet zo effectief zijn.

Dus leren is buitengewoon belangrijk en wij zijn hier een groot voorstander van. En als de animo groot genoeg is, dan willen wij ook graag de host ervoor zijn. Voorzitter, motie 3 kan ik ook omarmen. Motie 4 en 6, die neem ik allebei even in combinatie. Motie 4 van de SP luidt: ‘Ieder kind kansgelijk’, motie 6 van DENK: ‘Een armoedepreventie-medewerker aanstellen op de Rotterdamse scholen’. Ik ga deze moties ontraden met een toezegging, want ik ben het eigenlijk helemaal eens met zowel DENK als de SP, dat de school niet

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

545

alleen een vindplaats is, zoals mijnheer Van Zevenbergen dat zo mooi zei, maar ook een werkplaats. Wat u nog niet weet, is dat we al bezig zijn met een pilot voor de nieuwe aanpak. Die pilot is in Oosterflank, dus ook in Prins Alexander doen we allerlei vernieuwende zaken. We hebben een armoedefunctionaris op twee scholen. Die willen we op twee scholen aanstellen en we zijn er al mee bezig, maar ik kan me goed voorstellen dat u daar niet van op de hoogte bent. Dus daar wil ik informatie over geven. Dat is de toezegging. En natuurlijk doen we meer, hebben we Schoolmaatschappelijk Werk, wethouder Bokhove, even uit mijn hoofd, stopt daar 6,1 miljoen jaarlijks in. We hebben ook het Jeugdeducatiefonds verdubbeld. Dus al die manieren hebben extra inzet en we kijken ook naar wat het meest effectief is en dat rapporteren we. Maar vooral die pilot in Oosterflank, dat is eigenlijk wat u wilt en aan het eind van het jaar ga ik u daar meer informatie over geven. Dus met die toelichting vind ik deze moties daarmee overbodig en ja, moet ik ze helaas ontraden. Maar materieel, u proeft dat mijn hart op dezelfde wijze hard klopt. Voorzitter, dan heb ik twee moties: de motie 7 van DENK met de titel: ‘De taal van armoede is voor alle kinderen hetzelfde’, en de motie 9 van NIDA: ‘Verrijk de armoede-informatie’. Het zijn eigenlijk twee moties. Voorzitter, misschien krijg ik nu een interruptie.

De VOORZITTER. Gaat u maar eerst even door, maak dit maar even af. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ja. Oké. Motie 7 en 9 gaan beide over de taal, het verzoek of we de informatie in meerdere talen kunnen aanbieden, omdat ouders niet altijd de taal beheersen. Voorzitter, deze moties ga ik ook ontraden. Natuurlijk willen we informatie zo toegankelijk mogelijk maken, dat doen we. Op allerlei manieren. We laten ervaringsdeskundigen meekijken, we kijken of we met beeldbrieven kunnen werken, het simpel maken. We gaan niet in andere

talen communiceren, wel is er bijvoorbeeld de website-vertaalknop en werken we heel nauw samen met allerlei verschillende intermediairs, die ook weer in andere talen kunnen communiceren met de eigen doelgroep. Dus dat gezegd hebbende, moet ik deze twee moties ontraden. Voorzitter, dan heb ik motie 5 van DENK: ‘Zakgeld tijdens schoolreisje’. Het dictum luidt: de mogelijkheden te onderzoeken om bij de vergoeding van het schoolreisje, een deel van die vergoeding beschikbaar te stellen als zakgeld tijdens dat schoolreisje en hierover te rapporteren aan de raad. Voorzitter, ik vond deze buitengewoon lastig, want ik kan het me zo goed voorstellen en ik ken ook die geluiden vanuit de praktijk, dat sommige kinderen lastig meegaan met schoolreisjes omdat het geld er niet voor is. En als dat er dan wel is, of het geregeld is, ja dan rent iedereen bij zo’n mooie attractie en die kopen dan wat en een aantal kinderen kan dat niet. Ik begrijp de problematiek. Tegelijkertijd heb ik er altijd moeite mee om dingen in geld te regelen, want dat geld komt niet altijd terecht bij waar je dat wilt doen. Dus als je voorstelt om zakgeld te geven tijdens het schoolreisje, ik kan me ook voorstellen dat als er andere problemen zijn in het gezin dat kinderen dat geld nou juist daar niet uitgeven, maar mee naar huis nemen of iets anders doen.

Maar DENK heeft het zo mooi omschreven, dat ik er niet omheen kan. Ik ga hem omarmen. Want die problematiek herkennen we en u geeft de ruimte om te onderzoeken of dat op een bepaalde manier mogelijk is. Dus ik weet nog niet of het mogelijk is en op welke manier en ik wil er graag het gesprek ook met het onderwijs over aangaan: zien jullie dit ook, onderwijzers, begeleiders et cetera? Dus ik geef geen enkele garantie dat dit het precies gaat worden, maar ik ga wel mijn stinkende best doen om met een goed antwoord te komen. Voorzitter, dus motie 5 omarmen we. Motie 8, wederom van de vrienden van DENK met de titel: ‘Zet social media in om

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

546

actiever informatie te verspreiden over de gemeentelijke regelingen voor kinderen in armoede’, YouTube, Instagram et cetera. Nou, deze is overbodig en ik heb daar drie lijnen van argumenten voor. De eerste is: we doen al een aantal dingen, de uitbreiding van de jeugdgroep hebben we bijvoorbeeld ook heel vaak op social media gezet, een actieve campagne met filmpjes. Twee: ja we zijn bezig onze regelingen en we hebben erover gecommuniceerd breder op te pakken en om daar ook campagnes bij te doen. Dat doen we al en daar gaan we mee verder. En ten derde is er natuurlijk het programma ‘Toegankelijk toekennen’, daar zijn we mee bezig. Het doel daarvan is het bereik vergroten, maar ik ben er altijd wel heel scherp op om effectief, dus het gaat nooit om het instrument, het filmpje of wat dan ook, het gaat erom dat we jongeren bereiken en dat ze stappen zetten, dus dat de cijfers beter worden. En we moeten altijd dingen doen op een manier die klopt, die zorgvuldig is, die passend is, die privacy-proof is. En of het dan de stadskrant, social media of een intermediair is, of wat dan ook, als we mensen maar bereiken op een goede manier. Dus vanwege deze redenen zijn we er al mee bezig en is deze motie mijns inziens overbodig.

En dan eindig ik met motie 10 van NIDA: ‘Kleedgeld voor onze Rotterdammertjes’, met als dictum, voorzitter: te onderzoeken of het mogelijk is om kinderen die in armoede leven kleedgeld toe te kennen in de vorm van kledingbonnen, te onderzoeken of kledingwinkels in Rotterdam hier een bijdrage aan willen geven en de resultaten voor te leggen aan de raad. Voorzitter, soms doen we het al. Het aanschaffen van kleding is al mogelijk via het AOW- en Jeugdtegoed. Welke? Nou, Actiesport, de Bristol en Blue Boom. Nou ken ik persoonlijk Blue Boom niet, maar misschien verschillende luisteraars wel. Dus ook in deze tijd, via Klick&Collect is dat mogelijk. Ik ben deze week, volgens mij was het gisteren of eergisteren, nog even langs

geweest bij de Voedselbank en die hebben nu ook een samenwerking met Dress for Success. Ik weet nog niet of ze dit al gecommuniceerd hebben, maar ze hebben kledingbonnen van Dress for Success gegeven aan de Voedselbank om ook dat mogelijk te maken. En natuurlijk, we hebben ook de Kledingbank. En onze voorzitter zelf en een heleboel anderen hebben ervoor geknokt dat, toen niks open kon, de Kledingbank nu ook op dezelfde wijze wordt ingezet als de Voedselbank. Mevrouw Olman heb ik ook persoonlijk nog even gesproken deze maand. Mooi en goed werk doen ze in de stad en daar is het ook voor volwassenen en kinderen mogelijk. Dus we doen een aantal dingen al en daarom zal ik deze motie moeten ontraden. De VOORZITTER. Ik ga eerst even naar mevrouw Roest. Mevrouw ROEST (gl). Dank voorzitter. Ik wil nog even een heel stuk terugspoelen in de beantwoording van de wethouder, namelijk naar het punt over de moties over armoedepreventie op scholen. Volgens mij zijn dat motie 4 en motie 6, uit mijn hoofd. Zoals mijnheer Van Zevenbergen zei: er zijn scholen in Delfshaven, die hebben een expliciet beroep op ons gedaan, op ons allemaal, op de raad en het college: wij willen daar een rol in spelen. En u zegt: nou, we hebben een pilot nu lopen in Oosterflank. Hartstikke mooi, fijn dat u ons daarover gaat informeren.

Maar welke stappen gaat u nemen om dat gesprek met die scholen in Delfshaven verder te brengen? Want ik heb begrepen dat u, met een delegatie vanuit het college, met hun hebt gesproken, maar ik heb ook begrepen dat daar vervolgens nog geen vervolg aan is gegeven. En ik hecht er wel aan dat we ook met die scholen in gesprek blijven. Die steken hun hand op: wij willen hier iets aan doen. Dan moeten wij die hand ook aanpakken. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ja, helemaal mee eens. Delfshaven is natuurlijk echt een mooi gebied, waar aan

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

547

de ene kant de armoede heel hoog is, maar waar wel gewoon een stevig netwerk is dat agendeert. Nou, en die 21 basisscholen samen met allerlei andere mensen, Ineke Palm van de gebiedscommissie, Nico van Splunter et cetera, zeiden: we willen geen extra geld, dat zeiden de scholen, maar wij zijn de vindplaats, zoals mijnheer Van Zevenbergen zojuist al zei. Wij zijn de werkplaats, dus zou je die dingen niet beter kunnen organiseren? En ze hadden dat geagendeerd bij wethouder Kasmi, wethouder Bokhove en ondergetekende. We zijn samen in de digitale afspraak geweest. We hebben daar echt een uur met elkaar goed gesproken. Ja en het verslag daarover, u weet dat zijn altijd ingewikkelde dingen, zo’n verslag is naar buiten gegaan. Maar ja, natuurlijk gaan we het gesprek aan. Hoe zouden we dat dan kunnen doen, maar dat is eigenlijk wel één of twee stappen eerder dan waar we nu mee bezig zijn met Oosterflank. Dus vandaar dat ik nog even niks zei over Delfshaven, want hoe we dat precies gaan doen en wat dan, ja dat moet ik ook met wethouder Kasmi en wethouder Bokhove goed bespreken. Maar het was weer een mooi gesprek en ja, er moeten gewoon dingen gebeuren. Maar ik ga hierover nu geen toezeggingen doen over hoe precies en wat. Dat vind ik niet netjes. En er is een bericht naar de mensen: ja natuurlijk, we pakken de handschoen, we pakken de hand aan, natuurlijk. De VOORZITTER.

Dan gaan we naar mijnheer Yigit. Mevrouw ROEST (gl). Mag ik hierop reageren, voorzitter? Ja, de wethouder zegt: ik doe geen toezeggingen over de invulling en het hoe en hoe we dat precies gaan doen, maar wel over dat u met hen in gesprek gaat en niet alleen in gesprek gaat, maar dat u ook met hen stappen gaat zetten om te komen tot die brede coalitie die zij voorstellen. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ja, kijk voorzitter, we hebben met die

scholen en met de mensen daar echt een goed gesprek over gehad. En ja, daar gaan we mee aan de slag. Maar vraagt u mij even nog niet hoe precies, want dat zeiden ze ook: mogen de scholen met jullie echt in gesprek gaan. En zij hebben ook niet precies de kant-en-klare oplossing. Dus, is er een hand uitgestoken? Ja. Gaan er dingen mee gebeuren? Ja. Is het te traag? Nou, soms heb ik ook wel eens het gevoel dat wij met zijn allen sneller kunnen bewegen. Maar op de vraag: is er dus die uitgestoken hand en gaan we dingen doen, is het antwoord: ja. Maar hoe precies, dat is nog niet kant-en-klaar. En ik wil ook gewoon met de wethouders van Jeugd en van Onderwijs en van Armoede, hier samen en slim optrekken en vol gas. De VOORZITTER. Oké. Mijnheer Yigit. De heer YIGIT (denk). Ja, dank u wel voorzitter. Wat ik eigenlijk belangrijk vind is, zoals ik ook in mijn betoog net aangaf, dat we lezen in het rapport van de Kinderombudsman dat eten en kleding het allerbelangrijkste is. Echter zien we niet echt cijfers. Hoeveel kinderen hebben te maken met een tekort aan eten of kleding? We hebben wel wat algemene cijfers. Eén op de vijf kinderen leeft in armoede, maar de definitie van armoede is heel erg breed.

En kijk, wat ik in ieder geval met de motie over social media ook wel wil bereiken is, in ieder geval, dat wij zeggen: nu, wij kunnen door bepaalde obstakels niet in eten en drinken, kleding voorzien door middel van gemeentelijke regelingen, dat wij aangeven dat wij een Kledingbank hebben in Rotterdam, dat wij Voedselbanken hebben in Rotterdam. Dat zijn ook belangrijke plekken waar je terecht kan, want we weten wel dat er rijen waren ook in de winter en dat mensen er goed gebruik van maken, maar helaas merk ik zelf nog steeds dat, als je zegt: de Kledingbank is er, sommige mensen in bepaalde wijken in Rotterdam zeggen: wat, waar, hoe? Dus in dat opzicht zou ik er ook wel voor pleiten dat die Kledingbanken en ook de Voedselbanken meer aandacht krijgen en meer bekendheid gaan krijgen.

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

548

Mevrouw YILDIRIM (pvda). Ja dank, voorzitter. Even over het vorige punt, want ik kan me herinneren dat Delfshaven anderhalf jaar geleden, of een jaar geleden of misschien wel twee jaar geleden een brandbrief heeft geschreven. Ik heb dat toen geprobeerd te agenderen, het kwam niet door de griffie, want het was niet actuawaardig. En nu krijg ik weer een berichtje vanuit Delfshaven van: joh, hoe zit het nou? En ik zie de wethouder best wel worstelen met zijn antwoord op de vraag van mijn collega van GroenLinks, dus ik begrijp eigenlijk niet waarom we zoveel signalen krijgen vanuit Delfshaven van: joh, wij willen actief die transformatie ondergaan, wat was het dat de collega zei? Van vindplaats naar werkplaats? En dat we dan nu een pilot hebben in Oosterflank. Het gaat mij niet om de gebieden, maar ik zie daar actieve bewoners van Delfshaven, die met schoolbesturen tot een akkoord komen, ze trekken aan de bel bij meerdere raadsleden en dan hebben we het nu eigenlijk over een pilot in Oosterflank. Hoe komt het dat die pilot daar niet is gestart?

eventueel wat over Delfshaven kunnen schrijven, wat er in die tijd is gebeurd. Maar er zijn echt stappen gezet en stappen vooruit en terecht zeggen ze daar: ja, laten we nog verdere stappen zetten. En het mooie is, voorzitter, als ik niet oppas wordt het weer een verkapte commissievergadering en dan moet u mij maar even op de delete-knop zetten, maar het mooie is dat het onderwijs zegt: ja, we hebben het druk. Maar wij zien dat de kinderen echt in de knel zitten, dat die ouders in de knel zitten. Dus wij doen niet de deur dicht, nee, we zeggen: kom gemeente, kom CJG, kom wijkteam, kom gezinsaanpak, blijf doorgaan. Knok samen met ons en dus echt de deuren openzetten, want hier voelen de ouders vertrouwen en voorzitter, u weet, ik zoek elke keer de verbinding met punten van vertrouwen, voor zoveel mensen die bekneld zijn geraakt door de overheid, in brede zin, landelijk, plaatselijk, wat dan ook en we moeten dat vertrouwen langzamerhand terugwinnen om effectief te zijn. De VOORZITTER. Afronden, wethouder.

De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ja, volgens mij moet ik iets zeggen over eten en kleding, en over de samenwerking in Delfshaven. Om met dat laatste te beginnen, want mevrouw Yildirim ging daar ook over. Kijk, er gebeurt heel veel in Delfshaven. Daar hebben we goed contact over, daar zijn we zij aan zij aan het knokken en er worden echt stappen vooruitgezet. Maar Delfshaven is een ontzettend mooi, strak georganiseerd gebied, dat de lat heel er hoog legt, en terecht. En zegt: we willen stappen vooruitzetten. Er zijn dingen in gang gezet en ze willen nog stappen vooruitzetten. Nou, u hoort van mij dat ik zeg: daar ben ik graag toe bereid, maar ik wil dat wel goed doen, samen met de wethouders van Jeugd en Onderwijs. Dus er is voortgang geweest, er zijn stappen gezet en als u daar behoefte aan hebt, kan ik, er is nu een hele grote voortgangsbrief in de maak, wat ook elk jaar in april uitgebreid overzicht geeft van alle cijfers naast het verhaal achter de cijfers, dan zou ik in die brief nog

De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ja, dank u voorzitter. De VOORZITTER. Ik moet u helpen, want u moet weg. De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Over een halfuur pas. Iets met een diploma-uitreiking van mijn vrouw, dus als ik dat bij kan wonen digitaal, dan zou dat mooi zijn. Voorzitter, eten en kleding. Ja sommige dingen mag de overheid, de gemeente en sommige dingen mogen we niet. Daar hebben we ook in de commissie over gesproken en het Rijk heeft allerlei regelingen mogelijk gemaakt. De Voedselbank is één grote Voedselbank van Nederland met een Voedselbank in Rotterdam die dit voor zesduizend gezinnen in de hele regio doet. Naast die Voedselbank zijn er nog heel veel kleine, lokale initiatieven. Maar dé Voedselbank in

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

549

Rotterdam, met Rob Boswinkel aan het stuur, dat is echt wel een begrip. Die Kledingbank, we hebben een Kledingbank aan de Oostkousdijk, we hebben een Kinderkledingbank aan de Noordsingel. Zo zijn er nog op veel verschillende plekken zaken. Dat is niet één begrip en één iets en ik begrijp heel goed dat mijnheer Yigit zegt: niet iedereen weet overal wat er plaatsvindt. Zorg nou dat het veel beter bekend is. En van sommige dingen wil je best wel wat afstand nemen om er te komen, maar soms moet je ook gewoon onderling communiceren. Ik probeer heel veel op pad te zijn, óf digitaal óf fysiek om te zien wat er speelt, pasgeleden in het Oude Noorden, met allerlei zaken. Die zeiden ook, de wijkraad daar: zou het niet goed zijn om hier ook een Kledingbank te hebben? Toen zei ik: nou zoek even uit wat er allemaal al is. Want soms is er best wel veel, maar weten we dat niet van elkaar. Dus ik ben het helemaal met mijnheer Yigit eens dat we dat beter inzichtelijk moeten hebben, goed communiceren ook via Facebook, Instagram et cetera. En ik vind dat we ook jaarlijks, als het kan, de partners aan elkaar moeten koppelen in zo’n gebied en hen erover laten praten: wat speelt er? En als er een goed functionerend armoedeplatform is, dan is dat zo’n toegevoegde waarde.

Delfshaven heeft zo’n goed armoedeplatform en dat leidt dan ook tot een terechte stap: en we willen dan nog wel drie stappen verder. Geweldig.

verder, is daar heel actief mee, heb je daarbij nodig: de integrale aanpak. En wat we niet mogen van het Rijk, dat is om ze geld te geven op terreinen als eten en drinken, maar wij laten niemand in de kou staan. De VOORZITTER. Wethouder, wilt u tot een afronding komen graag? De heer GRAUSS (cu-sgp) (wethouder). Ja voorzitter, dat is goed. Maar dan ga ik u aanhalen, dus geen lege magen hier, er zijn allerlei noodvoorzieningen mogelijk om te zorgen dat mensen kunnen eten en dat ze goed gekleed zijn. Maar structureel voor bepaalde groepen bepaalde dingen regelen, soms mag dat, soms mag dat niet en ik begrijp dat ook de Kinderombudsman namens de kinderen zegt: ja, dat snappen we niet altijd. Nou, er zijn net verkiezingen geweest en ik hoop dat er een heel mooi kabinet komt, dat een aantal dingen voor het armoedebeleid aanpast. Voorzitter, daar zet ik een punt achter. De VOORZITTER. Ja, hartelijk dank. Volgens mij is dit voldoende toelichting op de gestelde vragen. Hartelijk dank. Als er verder geen vragen zijn, stel ik voor nu kort te gaan pauzeren, namelijk een kleine vijftien minuten tot 15.45 uur. Ik schors graag kort tot 15.45 uur. Heropening 28. Inlichtingenbureaus are watching you

Over eten en drinken. Sommige dingen mogen we wel, sommige dingen mogen we niet, maar we zoeken de grenzen ervan op, de oude motie van mevrouw Arsieni over participatie, wat valt er allemaal onder? Maar armoede is niet van deze wethouder, armoede is van de hele stad. Armoedebestrijding doet elk collegelid. Wethouder De Langen is bijvoorbeeld met ‘Lekker Fit’ bezig en daar zit de interventie ook over met jongeren, over wat zijn nou gezonde keuzes van eten en van bewegen? Dus we willen echt effectief zijn, we zullen alle onderwerpen meenemen en het onderwijs, wethouder Kasmi, één deur

De VOORZITTER. Goedemiddag nog een keer. We zijn aangekomen bij agendapunt 28. Ik heropen de vergadering. ‘Inlichtingenbureaus are watching you’. Mijnheer Jami. Ik ga ervan uit dat wethouder Moti meeluistert. De heer JAMI (lr). Dank, voorzitter. In Nederland krijgen mensen alleen een bijstandsuitkering als zij zelf niet over voldoende middelen beschikken om te kunnen voorzien in hun bestaan. Daarbij wordt gekeken naar inkomsten en vermogen. Vermogen kan bestaan uit geld,

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

550

maar bijvoorbeeld ook uit een waardevolle postzegelverzameling, een huis in het buitenland. Als mensen betrapt worden op fraude, voorzitter, zoals het verzwijgen van vermogen, krijgen ze een boete. Dan moeten ze de te veel ontvangen uitkering terugbetalen. Soms bestaat de zogenaamde fraudeverordening uit een schuld aan de overheid. Tot nu toe mag die van het vermogen worden afgetrokken, waardoor mensen soms hun recht behouden op een bijstandsuitkering. Voorzitter, mensen die informatie achterhouden brengen de solidariteit van ons sociale stelsel aan het wankelen. Het valt niet uit te leggen dat iemand die vermogen heeft, of heeft verzwegen, toch hulp krijgt. Maar voorzitter, ik heb het hier niet op een paar tientjes, ik heb het hier over honderden of zelfs duizenden euro’s verzwegen vermogen. Ik heb het over een huis in het buitenland, ik heb het over in een dikke bolide rijden, terwijl je een uitkering hebt. Volstrekt onacceptabel. Mijn fractie roept de wethouder op om geen zwabberbeleid te voeren, maar consistent en slagvaardig de zesduizend heronderzoeken, die het vorige college had geïmplementeerd, te blijven uitvoeren. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER. Ik dank u zeer. Mevrouw Arsieni. Mevrouw Arsieni? Dan gaan wij in de tussentijd naar mijnheer Yigit. De heer YIGIT (denk). Voorzitter, hoort u mij? De VOORZITTER. Zeker. U kunt beginnen. De heer YIGIT (denk).

Ja voorzitter, dank u wel. Wij hebben het vandaag dus over inlichtingenbureaus en wat daar belangrijk bij is, is dat wij ook transparant omgaan met informatie. Natuurlijk moeten wij fraude aanpakken, maar het moet ook niet een heksenjacht worden. En, voorzitter, als je wordt doorgelicht is het ook je recht om te weten met wie je gegevens worden gedeeld, en waar ze worden gedeeld. En wij vinden dat de Rotterdammers

geïnformeerd moeten worden over met welke instanties hun gevoelige informatie soms wel wordt gedeeld. En daarom heb ik daar een motie voor ingediend, voorzitter. Een ander punt dat ik ook nog wil aankaarten is dat wij ten strengste tegen financiële targets zijn bij onderzoek naar fraude, want we hebben ook in het rapport ‘Ongekend onrecht’ kunnen zien, dat ging over de toeslagenaffaire, dat er organisaties zijn, bureaus, die nog steeds werken met financiële targets om fraude aan te pakken en we hebben ook gezien dat dat tot schrikbarende situaties heeft geleid. En, voorzitter, wij pleiten er dan ook voor om op geen enkele wijze te sturen naar financiële targets bij het uitvoeren van heronderzoeken om ook een schandaal als de toeslagenaffaire te voorkomen in Rotterdam. Dank u wel. De VOORZITTER. Mijnheer Yigit heeft de volgende moties ingediend. Motie 4. Meer transparantie voor meer vertrouwen in het inlichtingenbureau ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 28: Inlichtingenbureaus are watching you; Constaterende dat: - de gemeente Rotterdam gebruikmaakt van het inlichtingenbureau; - het inlichtingenbureau gegevens bij onder meer UWV (Polisadministratie), RDW, SVB, DUO en deels de Belastingdienst (o.a.

rekeningen die op naam van de burger zijn geregistreerd) met gemeenten deelt middels datatransport; - het inlichtingenbureau ook gegevens over uitkeringsgerechtigden in Rotterdam verstrekt op verzoek van de gemeente; - Concern Auditing aanbevolen heeft om de transparantie en communicatie richting de Rotterdammer over het gebruik en de werking van het risico-inschattingsmodel te verbeteren; Van mening dat: - Rotterdammers geen idee hebben over welke gegevens van hen met wie en waar

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

551

worden gedeeld en hoe ze die kunnen opvragen; - transparantie van cruciaal belang is voor het vertrouwen van de Rotterdammers in de gemeente; - er op een zo helder mogelijke manier gecommuniceerd moet worden naar de Rotterdammers toe over welke gegevens over hen worden gedeeld met andere instanties; Verzoekt het college: - Rotterdammers te informeren over op welke manier persoonlijke gegevens van hen gedeeld worden met andere overheidsinstanties en op welke manieren zij deze gegevens kunnen opvragen; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. E. Yigit Motie 5. Geen financiële prikkels bij rechtmatigheidsonderzoeken naar de uitkeringen ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 28: Inlichtingenbureaus are watching you; Constaterende dat: - de gemeente Rotterdam gebruikmaakt van het inlichtingenbureau; - het inlichtingenbureau gegevens bij onder meer UWV (Polisadministratie), RDW, SVB, DUO en deels de Belastingdienst (o.a.

rekeningen die op naam van de burger zijn geregistreerd) met gemeenten deelt middels datatransport; - het inlichtingenbureau ook gegevens over uitkeringsgerechtigden in Rotterdam verstrekt op verzoek van de gemeente; - werkzoekenden waar geen signalen of meldingen van fraude over binnenkomen uitgenodigd kunnen worden door de gemeente Rotterdam voor een onderzoek naar de rechtmatigheid van de uitkering; - 7500 heronderzoeken per jaar (2021 en 2022) door de gemeente Rotterdam zullen plaatsvinden om de rechtmatigheid van de uitkeringen te toetsen;

- uit het rapport ‘Ongekend onrecht’ blijkt dat bij fraudebestrijding geen financiële targets moeten worden gehanteerd; - getuigen van de toeslagenaffaire aangeven dat er geen institutioneel belang mag zijn bij fraudebestrijding; Van mening dat: - fraude keihard aangepakt moet worden, maar dit niet ten koste mag gaan van het vertrouwen van welwillende eerlijke Rotterdammers; - bij een onderzoek naar de rechtmatigheid van de uitkering geen financiële targets gehanteerd moeten worden zodat er geen sprake zal zijn van institutioneel belang van de gemeente; - de situaties en toestanden rondom de toeslagenaffaire in Rotterdam voorkomen moeten worden; Verzoekt het college: - op geen enkele wijze te sturen op financiële targets bij het uitvoeren van de heronderzoeken om de rechtmatigheid van de uitkeringen van Rotterdammers te toetsen; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. E. Yigit De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. Ik dank u zeer. Dan check ik nog even of mevrouw Arsieni er is. Nee? Dan mijnheer Van Zevenbergen. De heer VAN ZEVENBERGEN (sp). Dank u voorzitter. Kan ik beginnen? Oké, dank u wel voorzitter. In tegenstelling tot wat mijnheer Jami zei, hebben wij erg veel moeite met inlichtingenbureaus, dat hebben we al eerder gezegd.

Wij hebben er moeite mee, dat onze burgers al bij voorbaat verdacht zijn, dat zie je vaak gebeuren bij inlichtingenbureaus. Het is wat betreft de SP een duidelijk duistere overheidspraktijk. En als je jezelf de vraag stelt in wiens voordeel dat inlichtingenbureau er is en waarom ze opgericht zijn, dan, helaas, is dat vaak in het voordeel van de overheid. Maar ik wil

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

552

het nu even hebben over de inlichtingenplicht. In onze ogen is die vaak zo onduidelijk dat mensen het eigenlijk nooit goed doen. We hebben daarover twee moties ingediend. Eén, we willen de vrijstelling die nu 300 euro is bij de gemeente Rotterdam verhogen naar 1200, de landelijke trend. Dit is de vrijstelling die gegeven mag worden als er dus door middel van familieleden wat geld aan iemand gegeven wordt. Wij willen ook een generaal pardon bepleiten voor slachtoffers van de inlichtingenplicht. De inlichtingenplicht stelt erg onduidelijke eisen aan de burger, je kunt het haast niet goed doen, vandaar dat er zoveel slachtoffers zijn. We willen volledige compensatie voor allen die ten onrechte een boete en/of een terugvordering hebben gekregen. We willen ook een soort compensatieloket openen waar alle meldingen voor onterechte boetes en invorderingen gemeld kunnen worden. Ook boetes die gegeven zijn, zonder dat er sprake was van opzet of grove schuld moeten wat ons betreft gecompenseerd worden. En dat zou dan via een compensatiefonds gefinancierd kunnen worden. Voorlopig, voorzitter, is dit mijn bijdrage. De VOORZITTER. Mijnheer Van Zevenbergen heeft de volgende moties ingediend. Motie 1.

Vrijstelling van giften tot 1.200 euro per jaar voor bijstandsgerechtigden ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 28 ‘Inlichtingenbureaus are watching you’; Constaterende dat: - de Tweede Kamer de motie-Van Dijk c.s. heeft aangenomen die de regering verzoekt voor mensen in de bijstand een landelijke vrijstelling van giften te realiseren van 1.200 euro per jaar; - de gemeente Rotterdam momenteel een vrijstelling van giften beschikbaar stelt tot het bedrag van 300 euro per jaar;

- de gemeenten Amsterdam en Nijmegen nu al een vrijstelling van 1.200 euro per jaar geven; Verzoekt het college: - om bijstandsgerechtigden zo spoedig mogelijk een vrijstelling van giften tot 1.200 euro per jaar te geven; - bijstandsgerechtigden hierover via meerdere wegen op de hoogte te stellen; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van dag.’ w.g. A. van Zevenbergen Motie 3. Onbedoeld de inlichtingenplicht overschreden? Een generaal pardon ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021, ter bespreking van agendapunt 28 ‘Inlichtingenbureaus are watching you’; Constaterende dat: - in deze politieke termijn volgens de beantwoording van de schriftelijke vragen (21bb1761) 19.323 bijstandsgerechtigden de inlichtingenplicht (art.

58 lid 1) hebben overschreden; - uit het SP-meldpunt Bijstand valt op te maken dat talloze bijstandsgerechtigden niet te verwijten valt dat zij met opzet of door grove schuld de inlichtingenplicht hebben overschreden gezien de onduidelijke communicatie omtrent de inlichtingenplicht; - het college inziet dat de informatieverstrekking met betrekking tot de inlichtingenplicht beter kan doordat zij contact heeft met het Advokatenkollectief Rotterdam om te bezien hoe de informatievoorziening omtrent de inlichtingenplicht beter kan (zie 21bb1761); Overwegende dat: - bijstandsgerechtigden bij de oplegging van een terugvordering in de schulden zijn geraakt door de gemeente en daarbij ook zijn uitgesloten van een schuldregeling; - deze gedupeerden het verdienen om met een schone lei te beginnen zonder schuldenlast; Verzoekt het college: - bijstandsgerechtigden die sinds de invoering van de Participatiewet ten

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

553

onrechte een terugvordering of boete hebben gekregen volledig te compenseren; - hierbij een ‘compensatieloket’ te openen waar alle meldingen van onterechte terugvorderingen en boetes worden onderzocht; - iedereen die een boete heeft gekregen voor schending van de inlichtingenplicht zonder dat er sprake was van opzet of grove schuld, te compenseren door middel van een ‘compensatiefonds’; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. A. van Zevenbergen De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. Mevrouw Arsieni is weer helemaal ‘running’ in het systeem. Mag ik u het woord geven? Mevrouw ARSIENI (d66). Voorzitter, we hebben over dit agendapunt een lange bespreking in de commissie gehad. En dat is logisch, want het is best een heel complex verhaal hoe dat zit met het opsporen van bijstandsfraude. Naar aanleiding van signalen die bij de gemeente binnenkomen en hoe de fraude daarna wordt onderzocht, en hoe de inlichtingenplicht precies werkt en er ook maatwerk bestaat bij het terugvorderingenbeleid. We gaan daaraan nog een hele technische sessie wijden sowieso, dus het is vast niet voor het laatst dat dit punt op de agenda staat. Maar D66 wil toch vast in ieder geval één punt maken. Een bijstandsgerechtigde wordt extreem gecontroleerd als je dat vergelijkt met een controle op bijvoorbeeld belastingontwijking.

En eigenlijk hebben we een systeem dat gebaseerd is op wantrouwen en waarbij de burger zijn onschuld moet bewijzen in plaats van andersom. En dat is de tijdsgeest geweest van de afgelopen tien jaar, een overheid die zijn eigen burgers niet vertrouwt en uitgaat van het slechte in de mens. En in een web van rigide regels is de menselijke maat zoekgeraakt. Als er een fout wordt gemaakt dan wordt dat al heel snel

bestempeld als fraude. En dat was eigenlijk ook het grote probleem van de toeslagenaffaire, daar was weinig ruimte voor dat maatwerk. En dat is de vraag waar ik mee worstel en waar ik eigenlijk bijna tot op het moment van deze bespreking mee geworsteld heb: hoeveel ruimte is er nou daadwerkelijk binnen de Participatiewet om maatwerk toe te passen. Daar is best wel veel verwarring over. Ook de manier waarop gemeenten omgaan met dat kader dat de Participatiewet biedt. En wat D66 betreft is het echt goed om mensen die willens en wetens frauderen aan te pakken, maar wij vinden wel dat die discussie over pietluttige bedragen moet stoppen. Mensen die door een simpele vergissing in de problemen worden gebracht, daar moeten we echt van af. En de gemeente haalt elk jaar een flink bedrag aan terugvorderingen binnen, maar die zijn vaak niet terecht. Mede omdat de gemeente bijvoorbeeld het volledige bedrag terugvordert, waar je eigenlijk niet het volledige bedrag had moeten terugvorderen volgens de rechter. Dus wij willen ook een soberder beleid rond die terugvorderingen. Nou ja, dat alles betekent natuurlijk het terugbrengen van de menselijke maat en stoppen met de overdaad aan controle.

Nou, landelijk wordt natuurlijk het een en ander in gang gezet ondertussen en daar wordt door een groot aantal partijen in samen opgetrokken en dan zullen we na deze verkiezingen zien hoe daarmee verder wordt omgegaan. Maar vooruitlopend daarop dienen we alvast een motie in met CDA, PvdA, GroenLinks en de ChristenUnie-SGP om klaar te staan voor deze aanpassingen en nu zo veel mogelijk in te zetten op dat maatwerk. Tot zover. De VOORZITTER. Mevrouw Arsieni heeft de volgende motie ingediend. Motie 2. De menselijke maat terug(vorderen) ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 maart 2021 ter

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

554

bespreking van agendapunt 28, Inlichtingenbureaus are watching you; Constaterende dat: - de Participatiewet onder andere gaat over het terugvorderen van bijstandsuitkeringen door gemeenten; - het volledige ontvangen bedrag moet worden teruggevorderd als de uitkering achteraf onterecht blijkt; Overwegende dat: - niet alle onterechte uitkeringen berusten op fraude: veel onterecht uitgekeerde uitkeringen zijn het gevolg van onschuldige vergissingen of fouten; - personen die afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering in grote problemen kunnen komen door een vergissing of fout; - maatwerk kan zorgen voor eerlijkere en rechtvaardigere besluiten op het terugvorderen van uitkeringen en daarmee de ‘menselijke maat’ beter kan worden gegarandeerd; - op dit moment de mogelijkheid tot maatwerk onvoldoende invulling kan krijgen; - er landelijk een initiatiefwet is ingediend door CU, D66, CDA, GL, SP en PvdA genaamd ‘wijziging Participatiewet in verband met het vergroten van de beslissingsruimte van gemeenten bij het terugvorderen van bijstand’ die het mogelijk maakt om maatwerk in de Participatiewet toe te passen; - Rotterdam zich alvast kan voorbereiden op de veranderende situatie na het aannemen van deze initiatiefwet; Verzoekt het college: - klaar te staan om na aanpassing van de Participatiewet door de initiatiefwet ‘wijziging Participatiewet in verband met het vergroten van de

beslissingsruimte van gemeenten bij het terugvorderen van bijstand’, zo snel mogelijk maatwerk toe te passen bij het terugvorderen van bijstandsuitkeringen door kaders en instructies hierop aan te passen; - in de tussentijd alle mogelijke ruimte te benutten om maatwerk toe te passen; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. N. Arsieni, D. Yildirim, R.C.G. SegersHoogendoorn, T.J. Vonk, L.L.P.R. Roest

De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. Dank u zeer. Mevrouw Yildirim. Mevrouw YILDIRIM (pvda). Voorzitter, heel kort gezien de tijd. Ik denk dat door vriend en vijand erkend wordt dat de Participatiewet niet werkt in de praktijk voor mensen. Dat is de essentie van het verhaal. De Participatiewet is failliet en een hartenkreet van heel veel gemeenten ook in het land, is: we kunnen hier weinig mee. Nu hebben we in Rotterdam natuurlijk wel, sinds het aantreden van dit college, een positief mensbeeld en gaan we uit van de mensen die graag willen en wordt er ook volop maatwerk toegepast. En wij tekenen deze motie ook mee, maar wel vanuit de gedachte dat het vooral ondersteuning is van de koers die is ingezet door deze wethouder. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER. Dank u zeer. Andere raadsleden? Mevrouw Roest. Mevrouw ROEST (gl). Ja, dank voorzitter. Ik houd het ook heel kort. Ik sluit me kortheidshalve volledig aan bij de bijdrage en de vragen van mevrouw Arsieni. Ik zou er nog één ding aan willen toevoegen. In de commissie hebben we de discussie gehad over wat eigenlijk nou ruimhartiger is: een specifiek bedrag stellen of juist zeggen, zoals wij als gemeente Rotterdam grotendeels doen: het is maatwerk, zodat we in individuele gevallen kunnen afwegen wat passend is om af te wijken van een generieke maatregel.

En op zich vind ik het heel mooi dat we maatwerk toepassen, maar het nadeel daarvan is dat het weinig inzichtelijk is voor Rotterdammers wat nou precies de regels zijn waar ze zich aan moeten houden. Met het gevaar dat Rotterdammers daarin zo terughoudend zijn als ze maar kunnen zijn, omdat ze bang zijn voor boetes en voor maatregelen. Dus ik zou de wethouder nog één keer willen oproepen om daar nog een keer op in te gaan in zijn beantwoording, op welke manier wij die Rotterdammers ook tegemoet kunnen komen om te zorgen dat

raadsvergadering van 18 maart 2021

Notulen pagina

555

zij weten wat zij precies wel en niet mogen volgens de Participatiewet en de Rotterdamse regels die wij hier hanteren, dat zij ook daar die ruimte in kunnen vinden. De VOORZITTER. Mijnheer Van Zevenbergen heeft een vraag aan u. De heer VAN ZEVENBERGEN (sp). Ja, een vraag aan mevrouw Roest. Ik ben het grotendeels met u eens hoor mevrouw Roest, maar laten we even helder zijn. Dat maatwerk is erg mooi, maar bent u het niet met me eens dat we, als we het over bedragen gaan hebben, dat ambtelijke willekeur om de hoek komt kijken en dat de burger erg afhankelijk is van de inschatting van die ambtenaar? Stel dat u een soort mijnheer Jami tegenover u krijgt, nou dan ben je altijd de Sjaak, om het maar even zo te zeggen. Dan is er niets waar je op terug kan vallen. Bent u dat met me eens? Mevrouw ROEST (gl). Dat is inderdaad altijd het gevaar van maatwerk. Tegelijkertijd is het gevaar van een generiek bedrag stellen weer, dat die mensen die daar net weer boven komen, dat je die niet meer kunt helpen. Dus het gaat mij erom dat we daar een balans vinden tussen die twee en ik hoor ook graag de reflectie van de wethouder daarop nog een keer. En ook de reactie op de motie die u hebt ingediend. De VOORZITTER. Mijnheer Van Zevenbergen. Was u klaar, mijnheer Van Zevenbergen? Oké, dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Moti. De heer MOTI (pvda) (wethouder). Ja, dank u wel voorzitter.

Ik ben verstaanbaar, neem ik aan. Ik ga gelijk door naar de beantwoording van de vragen en een vijftal moties die zijn ingediend. Maar voor ik dat doe, even vooropstellen dat dit college natuurlijk ‘Mensenwerk’ niet voor niets als de titel heeft gekozen voor het beleidskader van Werk en Inkomen, dat we samen met uw raad hebben vastgesteld. De kenmerken van mensenwerk, een van

de belangrijkste pijlers in ons beleidskader ‘Mensenwerk’, is dat we juist maatwerk willen en een goede bejegening van de Rotterdammer en dat doen we op vele manieren, waarbij we niet naïef zijn en niet denken dat er helemaal geen fraude gepleegd wordt, maar we doen het wel op een menselijke manier, deze heronderzoeken. Mijnheer Jami hield een pleidooi om in ieder geval het aantal van de zesduizend heronderzoeken vrij te houden. Nou, ik kan mijnheer Jami zeggen: dit jaar en volgend jaar hebben we juist de aantallen iets opgehoogd naar 7.500, omdat we door corona vorig jaar een kleine achterstand hadden opgelopen. Dat hebben we gedaan naar aanleiding van een toezegging aan mijnheer Versnel van de VVD, dus die toezegging is ook afgedaan. Dan ga ik naar mijnheer Yigit, die heeft twee moties. Eén gaat over transparantie van informatie met betrekking tot de heronderzoeken en het inlichtingenbureau. Ja voorzitter, toen ik deze motie las dacht ik: ja, mijnheer Yigit heeft gewoon goed geluisterd in de commissie. Dat is precies wat ik in de commissie heb verteld, wat het college al in gang heeft gezet. We hebben Concern Auditing zelf, zonder dat de raad of de commissie daarom vroeg, gevraagd om te kijken hoe de gemeente Rotterdam het doet als het gaat om onze fraudeaanpak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=dba2c587-969a-487b-a28f-f96eff83f881