Notulen besloten raadsvergadering 15 april 2024.pdf
Tekst van het document
Notulen BESLOTEN raadsvergadering 15 april 2024 Aanwezig: Voorzitter: dhr. J.M. van Midden (burgemeester) Griffier: E. van der Mark Dhr. M.A.C.M.J. van Ginderen dhr. A. van Gestel, wethouders De dames: F. Peters (VLP Roosendaal), A.T. Eijck-Stein, C.S.A. van Leerzem (Forum voor Democratie), A.J.M. Gepkens (GroenLinks), C. Mediani (GroenLinks), D.C.M. Roeken (CDA) De heren: M. van der Bijl (VVD), J.B.L. Brouwers (VLP Roosendaal), dhr. R.G.J. van Broekhoven (Roosendaalse Lijst), W.C.H. Brouwers (VLP Roosendaal), J.C.J.M. van Dorst (Roosendaalse Lijst), A.S. Hamans (CDA), J.F.A. Heeren (VLP Roosendaal), A.C.P.M. Jochems (VLP Roosendaal), dhr. P.R. Klaver (PvdA), S.J.C.M. van Looveren (Roosendaalse Lijst), M.G.A. Machielsen (VLP Roosendaal), dhr. M. Nefs (VVD), G.J.H.M. van Oosterbosch (Roosendaalse Lijst), K.A. Raggers (VLP Roosendaal), P.L.F. Raijmaekers (Roosendaalse Lijst), E.J.C. de Regt (VLP Roosendaal), B. Rommens (PvdA), M.C.M. Schillemans (Roosendaalse Lijst), B. Taher (D66), S.R. van der Touw (Roosendaalse Lijst), D.J. van Velthoven (VVD), M.W.C. Verbeek (VLP Roosendaal), L.C. Villée (GroenLinks), M.J.M. de Waard (VLP Roosendaal), J.J.M.M. Wezenbeek (Vitaal Liberaal), G.A. van Zalinge (VLP Roosendaal). Afwezig: S. Bozkurt (Burgerbelangen Roosendaal), F.A.C. Roks (VLP Roosendaal), P.F.A. Smits (CDA),
De voorzitter: Het is stipt 19.30 uur en daarmee zou ik willen aanvangen met de vergadering van de gemeenteraad van Roosendaal. Op grond van artikel 23 eerste lid van de Gemeentewet is het uitgangspunt dat vergaderingen van de raad in het openbaar worden gehouden. Op grond van het tweede lid van dat artikel kunnen de deuren worden gesloten als de voorzitter van de raad dat nodig acht of als een vijfde van de aanwezige raadsleden daarom vraagt. In dit geval deel ik u mede dat het sluiten dat ik het sluiten van de deuren nodig acht en ik zal u zo toelichten waarom. De deuren zullen, voor zover dat nog niet gebeurd is, volgens mij zag ik die net dichtgedaan worden, nu worden gesloten. Nu de deuren gesloten zijn, dient u als raad op grond van het derde lid van artikel 23 van de Gemeentewet te besluiten of u daadwerkelijk met gesloten deuren gaat vergaderen. Daarbij dient u mede mee te nemen of er een wettelijke grondslag is om besloten te mogen vergaderen en of die is aangedragen en zo ja, of die voldoende is gemotiveerd, waarom die wettelijke grondslag in dit geval het geval aan de orde zou zijn. Het enige onderwerp dat vanavond op de agenda staat betreft het onderhandelingsresultaat dat bereikt is tussen het college van Burgemeester en Wethouders en het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers over de opvang van laatstgenoemde doelgroep.
Zoals u zult begrijpen, heeft dit onderhandelingsresultaat impact op een deel van de inwoners van de gemeente en op grond van artikel 5.1 lid 4 van de Wet open overheid mag informatie tijdelijk geheim zijn om zo als eerste de inwoners op wie dit impact heeft te kunnen informeren. Het college zal vanavond direct na deze vergadering de inwoners op wie dit impact heeft als eerste informeren. Voor zover niet alle inwoners op wie dit impact heeft geïnformeerd kunnen worden, wil het college daarom ook, wat een lange tekst vanavond, wil het college daar morgen ook nog voor benutten. Morgenavond 16 april om 20.00 uur vindt voor de inwoners die dat impact heeft een informatieavond plaats. Op dat moment vervalt de noodzaak tot geheimhouding. Concreet is mijn voorstel aan u om er gelet op de hiervoor genoemde de wettelijke grondslag, de motivering daarvan, te besluiten om met gesloten deuren te vergaderen en te besluiten dat de 1
geheimhouding die daarvoor van rechtswege ontstaat op te heffen per dinsdag 16 april om 20.00 uur. Kunt u daarmee instemmen? Aldus het geval. Dan zijn we toegekomen aan het tweede voorstel dat ik aan u richt. Op grond van artikel 42 vierde lid van het reglement van orde dient te bepalen wie toegang krijgen tot de besloten vergadering. Uiteraard wethouder Van Ginderen, hier aanwezig als portefeuillehouder, en ook onze gemeentesecretaris Henk Klaucke en de bestuursadviseur Mathijs van Oosten, alsook wethouder Van Gestel. Kunt u daarmee instemmen? Goed. Dank u wel. Dan heb ik een tweetal berichten van verhindering. Dat is mevrouw Bozkurt van burger Belangen Roosendaal en de heer Smits van het CDA. Pardon. Mijnheer Van Oosten was ook afwezig. Die kan ook niet meer binnenkomen nu de deur gesloten is. de heer Roks ook niet, dus we hebben er nog een tweetal extra . Dank u wel, mijnheer Van Looveren. Goed. Zoals u weet, is de geheimhouding breed, dus voor alles hetgeen hier besproken wordt, maar ook voor de agenda en de oproeping voor hedenavond. Eens even kijken. Kunt u instemmen met de agenda voor één avond? Dan wil ik u nu door de wethouder Van Ginderen laten toelichten waarom wij hier u bij elkaar hebben geroepen. Wethouder. De heer Van Ginderen: Voorzitter, dank u wel.
Het gaat om het bekendmaken aan de gemeenteraad in beslotenheid, althans, zoals u heeft aangekondigd, tot het embargo van de locatie opvang vluchtelingen. Voordat ik dat doe, neem ik uw gemeenteraad heel kort heel even mee in het totale proces. U zult daar een aantal zaken herkennen. Dat doe ik overigens aan de hand van een PowerPoint, om het voor u en voor mij ook wat makkelijker te maken. Ik stel voor, voorzitter, dat de raad mij de gelegenheid geeft om mijn verhaal af te maken, uw vragen te noteren en ik daarna sta ik tot uw beschikking om al die vragen te beantwoorden. De voorzitter: Ik zie in de zaal dat er nog één gordijn open is, wellicht dat dat gordijn aan die kant gesloten kan worden. Dat is meteen heel praktisch. De twee wethouders. Kijk. Zonder dat ik uw taakomschrijving … Maar voordat u verdergaat, wethouder, ik wil inderdaad voorstellen dat … Ik kijk even de zaal rond dat de wethouder eerst zijn verhaal even afmaakt. Dat is namelijk relevant. Dat scheelt waarschijnlijk een hoop vragen. Dan wil ik u alle gelegenheid geven om vragen te stellen. Dat kunnen we conform eerste, tweede termijn doen of gewoon vrij vanavond. Ik zou voorstellen dat vrij … Kunt u individueel doen, hoeft u dat niet per fractie te doen. U krijgt van mij allemaal de gelegenheid.
Belangrijk is dat ik elke keer uw naam noem voordat u spreekt, want u hebt geen pasje zoals u ziet vanavond want we hebben geen videoverslag. Dus mocht ik dat vergeten zijn, zegt u dan zelf even, ik ben bijvoorbeeld de heer Machielsen. Dank u. Mocht ik dat vergeten. Maar ik ga het niet vergeten. Komt helemaal goed. Aan u het woord, mijnheer de wethouder. De heer Van Ginderen: Dank u wel, voorzitter, voor deze vergaderorde. Ik geef een seintje aan de griffie. Als ik dan een seintje geef, dan komt weer de volgende slide. Dank u wel, mijnheer Dam. Dit verhaal gaat vanavond over de flexibilisering van de asielketen. Daar bent u denk ik vanuit de pers en vanuit de aanwezigheid in de commissie Samenleving en de gemeenteraad genoegzaam over bekend. We hebben daar een samenwerking zoals u weet binnen de gemeente binnen het district Markiezaten. Voor de goede orde, dat zijn de gemeente Moerdijk, Halderberge, Rucphen, Steenbergen, Bergen-op-Zoom, Woensdrecht en Roosendaal. Wij maken daar gezamenlijke afspraken als het gaat om de asielketen. Ook praten we over de opvang Oekraïense vluchtelingen en de follow-up en de status van statushouders. Vervolgens hebben we het ook over de Spreidingswet.
U weet, ook in uw commissie en in de laatste gemeenteraad hebben we daarbij stilgestaan, de Spreidingswet met als ingangsdatum één februari 2024, die gaat lopen en die zo'n beetje in het najaar en volgend jaar ook effectief zal zijn. Hij blijft nog even hangen, mijnheer Dam. Kijk, kunnen we meteen door. Eentje terug. Heel goed, heel goed. Het is een klein beetje wennen, maar we komen er wel. Zoals ik al zei, we hebben met elkaar gesproken in de commissies Samenleving een aantal keren, ook in de gemeenteraad laatst van 7 maart 2024 en ik heb u al die tijd ook meegenomen in de uitgangspunten van het college en de 2
uitgangspunten van de gemeenteraad. Ik noem ze nog maar heel even voor de goede orde. We hebben elkaar afgesproken, een locatie komt niet in of nabij kwetsbare wijken. De veiligheid die ligt vast in een afsprakenkader. Er is aandacht voor participatie en we gaan uit van best practices, zoals we die ook in de regio zien. Kijk even naar de gemeente de Moerdijk en de gemeente Woensdrecht, maar ook naar andere voorbeelden in het land waar we over hebben gesproken, zoals onder andere de gemeente Hilversum. We hebben ook tegen elkaar gezegd van, we gaan uit van een aantal naar verhouding. Daar is het getal van 300 vorig jaar uitgerold. Ook voor een beperkte duur. U weet, dat ging over de termijn van vier jaar. Dat hebben we ook besproken in het district de Markiezaten. U heeft kunnen zien, vorig jaar en rondom de zomer hebben we de aantallen gepubliceerd, vervolgens zijn die aantallen nog opgehoogd en daar zijn we ook over in gesprek. Even voor alle duidelijkheid, ik heb in de Markiezaten ook altijd gezegd, Roosendaal gaat voor de 300 en we lossen in gezamenlijkheid de plus die daarop zit op en dat vind ik voor ons en in de Markiezaten weer de volgende stap. Zoals ik al zei, de inwerkingtreding van de Spreidingswet per 1 februari 2024. Het proces dan heel even als het gaat om de locatie. Er is een particulier perceel in beeld gekomen.
We hebben een verzoek gekregen als gemeente, een verzoek vanuit het COA. Daar hebben wij als college een positieve grondhouding aangenomen om dat te onderzoeken. Er hebben oriënterende gesprekken plaatsgevonden met het COA over de mogelijkheden en de onmogelijkheden. En datgene wat we tegenkomen en welke mogelijke hobbels dat er zouden kunnen zijn. We hebben een principeakkoord afgesproken. Dat hebben de burgemeester en ik gedaan, samen met de bestuurder van het COA. Daar is ook die 300 uitgerold en die termijn van vier jaar. En we hebben toetsen gedaan, gecheckt op haalbaarheid. U weet, u zult mij woorden herinneren van de laatste commissies en de raad, geen showstoppers. Ik heb altijd gezegd, we treden pas naar buiten als wij zeker weten, zeker weten dat er geen showstoppers meer zijn. Voorbereiding en onderzoeken ten behoeve van de aanvragen vergevingsgezind vergunning. In dat proces zitten we op dit moment. Dus ik kan u niet aangeven of die omgevingsvergunning natuurlijk verleend wordt en zo ja, wat voor hobbels dat we daar tegen gaan komen. Maar dat bereiden we voor en die aanvraag moet overigens ook worden gedaan door het COA. Vervolgens hebben we ook een bestuursovereenkomst op dit moment, inclusief veiligheidsplan in voorbereiding. Dus wij hebben een aantal zaken ondertussen al in een conceptbestuursovereenkomst opgenomen. De belangrijkste onderdelen daarvan.
Duur van de overeenkomst, vier jaar. Aantal opvangplaatsen, u wel bekend, maximaal 300, waarvan maximaal 500 alleenstaande minderjarige vluchtelingen, 50. Sorry. 50. Zou een beetje te veel worden. Dat betekent dus 250 vluchtelingen en 50 alleenstaande minderjarige vluchtelingen. De werkafspraken die zien toe op het onderdeel veiligheid, samenstelling van de groep, participatie en communicatie, meldpunt en afhandeling van klachten, de begeleiding, bedrijfsvoering lees exploitatie, verzorging van onderwijs, gezondheidszorg en jeugdzorg. Een aantal onderdelen daar staan we als gemeente voor aan de lat, onder andere jeugdzorg, onder andere ook een gedeelte van de gezondheidszorg. U ziet, een aantal elementen daarvan komen ook terug in mijn portefeuille. Een aantal andere zaken, daar staat het COA voor aan de lat. Even belangrijk voor u, die bestuursovereenkomst, die wordt vastgesteld onder voorbehoud van goedkeuring van de raad. Daar zullen we u ook zeker in mee gaan nemen. Misschien belangrijk omdat dat onderwerp een paar keer in de raad ook voorbij is gekomen, leek het mij wel goed om te benadrukken het hoofdstuk veiligheid, onderdeel van de portefeuille van de burgemeester. Hij zal mij corrigeren daar waar ik het niet goed uitleg. Maar het veiligheidsplan is onderdeel van de bestuursovereenkomst, zoals gezegd.
De bestuurlijke bevoegdheden van de burgemeester zijn vastgelegd bij ongeregeldheden of verstoringen van de openbare orde en veiligheid. Dus de burgemeester is wat dat betreft de beslisser op dat gebied. We gaan afspreken dat bij aanhoudende, herhalende of langdurige overlast het gemeentebestuur sluiting dan wel tijdelijke sluiting van de opvanglocatie gaat eisen. Dat laatste is essentieel, omdat, mocht daar dit soort zaken zich voordoen, dan gaan we dan natuurlijk in gezamenlijk overleg. Zo hoort dat. Maar als we daar niet uitkomen, dan ligt uiteindelijk de beslissing aan onze kant en kunnen we zeggen van, luister eens, wij willen dat de opvanglocatie wordt gesloten. Bestuursovereenkomst beëindigen. Dat gaat natuurlijk allemaal zoals dat 3
in dit land hoort met inachtneming van een redelijke termijn. De communicatie. We hebben een strategisch communicatieplan wat we aan het ontwikkelen zijn. Dat doen we in samenwerking met het COA. Wij communiceren als gemeente over de procedure. Eerste stap zetten we hier vanavond. Ik kom zo meteen terug op de vervolgstappen die we ook deze week nog verder gaan zetten. Onderdeel participatie en afspraken over veiligheid. Het COA heeft natuurlijk ook een belangrijke taak. Die hebben ook belang bij om te communiceren over de voortgang, ook participatie, maar dan gaat het juist om stukje omgevingsvergunning. Ik kom daar zo op. En afspraken als het gaat om verhuizing en verblijf. U zult begrijpen, dan gaat het met name over, wanneer gaan we nu inderdaad effectief vluchtelingen huisvesten? Belangrijk denk ik in dit proces, de communicatie beweegt mee met de voortgang. We hebben daar wel een beeld bij over de termijn, maar dat is afhankelijk van actualiteit en ontwikkeling. Zoals kort gezegd, dat is een dynamisch proces. Kom ik bij specifieke onderdeel. Zoals ik al zei, COA dat vraagt een omgevingsvergunning aan. Daar hoort ook gewoon een formele wettelijke participatie bij. De gemeente Roosendaal die staat aan de lat voor de behartiging van de belangen van de inwoners en de toekomstige inwoners, dus onze huidige inwoners en de groep die wij tijdelijk huisvesten.
De gemeenteraad, beste raad, die beslist over het wat. Wat is wat? Dat gaat over de opvang, 300 voor vier jaar. En het waar. Waar gaat het waar over? Dat gaat over de locatie. De inwoners die kunnen zoals gezegd meedenken en meebeslissen over het hoe. Voorbeelden over het hoe, dan kunnen we in gesprek gaan met de omwonenden en de inwoners als het gaat om plaatsen van de ingangen, het vrijwilligerswerk wat we aan kunnen bieden, begeleiding op basis van vrijwilligers, sportdeelname et cetera. Dus dat is vrij breed. Wat belangrijk is, voordat we dat participatieproces ook daadwerkelijk gaan starten, willen we natuurlijk graag behoefte peilen als het gaat om de participatie. Wij schatten in dat we wel behoefte hebben, en ook het COA, aan een klankbordgroep waar onder andere ook COA, gemeenten, inwoners en ondernemers in zitten. De start van het participatieproces, zoals gezegd, die vangt deze week al aan. Dat is stap één. Dat ziet u op de volgende slide. Vandaag, bekendmaken van de locatie aan de gemeenteraad. Daarmee zijn wij vanavond allemaal hier. Ook vanavond, direct omwonenden, die worden voor de goede orde persoonlijk geïnformeerd. Onze mensen komen daar met tweetallen aan de deur. Is iemand thuis, dan zullen zij heel kort het gesprek voeren waarom zij aanwezig zijn, krijgen de omwonenden ook een brief.
Zijn ze niet thuis, hebben we brief twee en daarin staat dat we aan de deur zijn geweest en vinden ze ook de informatie terug. Morgen dan informeren we omliggende bedrijven, doen we ook persoonlijk. Ik zal u zo de aantallen ook noemen. Morgenavond hebben wij voor de direct omwonenden en de direct omwonende bedrijven in informatiebijeenkomst in het huis van Roosendaal. Sneller dan snel kan niet. Wij hebben gekozen om vanavond ook die direct omwonenden te bezoeken. We hadden natuurlijk ook kunnen kiezen om dat morgen te doen. Maar dan zul je altijd zien, dan zijn mensen niet thuis. Morgen, kunt u ook zien, dan informeren we onze interne organisatie, buurgemeenten partners en pers. Dan zouden omwonenden het uit de krant of uit de media lezen. Dat vonden wij nou juist net niet netjes. Natuurlijk zit er een risico aan. Kan vanavond altijd nog een of andere omwonende denken van, dan zet ik toch mooi heel even die brief op Facebook. Beste leden van de raad, dat is dan maar zo. Maar wij hebben een weloverwogen keuze gemaakt en ik denk dat dat ook een keuze is, als ik ondertussen rondkijk, die kan rekenen op steun van uw raad. Ik zie wat inknikkende gezichten. Dank u wel. Dan hebben we 18 april, dat is aanstaande donderdag, een informatieavond voor de, zal ik maar zeggen, de cirkel daaromheen. Dus dat zijn andere inwoners. Dan bent u als raadsleden ook welkom als u als toehoorder.
Waarbij ik mij op dit moment meteen bij u excuseer. Dat zal betekenen dat ik aanwezig ben bij de informatieavond en niet bij de commissie Samenleving. Dus mijn excuus aan de agendacommissie. Maar ik hoop op uw begrip dat u zich realiseert dat deze prioriteit net heel even wat hoger ligt dan twee stukken die naar mijn beleving ook nog wel in een volgende commissie Samenleving kunnen worden besproken. Maar dat is mijn inschatting. Ik hoor dat graag later. Wel mijn welgemeend excuus aan de agendacommissie die altijd druk is om toch die agenda goed op orde te krijgen. Maar dit kruist er even tussendoor. En, dat is wel belangrijk, eventuele extra bijeenkomsten naar behoefte. Het kan ook best zijn dat 4
we 18 april constateren dat de zaal vol zit. Als dat het geval is, dan komen we met een alternatief. Komen we met een alternatief. U ziet, we doen dit in coproductie, maar dat heeft ook alles te maken met de komende meivakantie en meireces. Dat geldt overigens voor mij niet, kan ik u zeggen, maar daar hebben we wel rekening mee willen houden, dus ook vandaag. Dan de locatie. We hebben het over een perceel ten zuiden van Heerle, lees Heële. In het buitengebied. Het perceel, ik laat u zo'n plaatje zien, wat wordt ingeklemd door de spoorlijn naar Bergen op Zoom en de A58, dat is ter hoogte van de Bergse Baan. Als wij een cirkel trekken in de nabijheid, dan hebben we het over vijf nabij gelegen woningen bij het beoogde perceel en drie nabijgelegen bedrijven. Dus u ziet, dat is nog relatief beperkt. Deze vijf en die drie dat zijn degenen die we op morgenavond in besloten setting, samen met burgemeester, in ons huis van Roosendaal, graag verwelkomen om daar nog wat extra toelichting op te geven. Dan de volgende alsjeblieft. Dan even het plaatje. Ik ga daar heel even bij staan. U ziet, het paarse … Ik pak heel even het rechtse plaatje voor u. Sorry, links plaatje. Dan ziet u de snelweg, dat is het paarse gedeelte. U ziet het bedrijventerrein en u ziet daarboven Heële liggen. Dan ziet u een perceel ingetekend. Uitvergroot in het rechterplaatje in een wat groter geheel.
Even voor alle duidelijkheid, dat complete perceel wordt niet bebouwd. Het gaat ongeveer om een derde van het perceel wat we nodig hebben om voor onze nieuwe bewoners tijdelijk 300 op een fatsoenlijke manier te kunnen huisvesten. We hebben nog een ander plaatje, maar dat is een Maps. Zelfde beeld. U ziet rechtsboven Heële. Ligt even op 1,4 kilometer voor alle duidelijkheid. Hier een paar bedrijven. En dan hieronder de Bergse Baan. Dan nog de laatste, start van de participatie. Die start deze week, één, morgenavond met de direct omwonenden. Daarna gaan we in gesprek met de inwoners van Heële, die nodigen we allemaal uit. We zijn op zoek naar een locatie, maar dat zou heel goed de Schalm kunnen zijn, dat we dat daar doen. Dan komen we bij u terug, wij denken zo rondom juni, misschien begin juli, dat ligt een beetje aan tempo. Dan gaat het om een raadsvoorstel, een conceptbestuursovereenkomst, hebben we de wensen en bedenkingen. Het meedenkproces inwoners opgehaald. En dan zoals gezegd, ik kijk mijnheer Taher even aan, de raad heeft het laatste woord en dan wordt dat aan u gepresenteerd. Geachte leden van de raad, dat was mijn inleiding. Ik sta ter beschikking voor uw vragen. Pak ik wel even een pennetje, voorzitter. En als u mij toestaat, dan ga ik even … De voorzitter: Zeker, gaat u rustig even zitten. Ik geef de heer De Regt … Wil in ieder geval spreken.
Anderen? De heer Brouwers. de heer Rommens. De heer Taher. Bent u zover, wethouder? Bent u zover? De heer De Regt. Mijnheer Heeren, zie ik. mevrouw Van Leerzem. Gaat uw gang, mijnheer De Regt. De heer De Regt: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een tweetal vraagjes. Op de eerste plaats over de omgevingsvergunning. Is dat een normale procedure? Met andere woorden, staat die ook open voor bezwaar, beroep en verdere procedures? Zo ja, hoelang kan dat dan op zijn langst gaan duren? De tweede vraag die ik heb, is over het feit van sluiting bij overlast. Wordt dat smart geformuleerd? Want overlast is natuurlijk een rekbaar begrip, van hoeveel overlast of hoelang dat moet duren voordat u daadwerkelijk tot actie overgaat. Ik heb tot slot nog een vraag. Ik krijg net ingefluisterd van mijn buurman, die 250 overige, dus buiten die 50 jongeren, zit daar ook een bepaalde soort van samenstelling in? Dat waren mijn drie vragen, voorzitter. De voorzitter: Zal ik eerst even de vragen inventariseren, wethouder, dat u ze een keer behandelt? De heer Van Ginderen: Graag, voorzitter. De voorzitter: Goed. Dank u wel, mijnheer De Regt. Dan de heer Brouwers. Jan Brouwers van het VLP. De heer Brouwers: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Van Ginderen, u noemde zojuist al de locatie waar eventueel de voorlichtingsavond zou kunnen geschieden. Het toeval wil dat ik vorige week eigenlijk al gebeld 5
ben door iemand van de gemeente met de vraag of dat ik een ruimte vrij had op een bepaalde avond. Daar heb ik helaas ontkennend op moeten antwoorden, omdat die bezet is. Ik heb eigenlijk meer een opmerking. Gezien mijn ervaring als inwoner van zowel Roosendaal, Wouw, Heerle en Moerstraten, denk ik dat het qua tolerantiegrens de minst slechtste keus is om Heerle te kiezen. Dat is mijn mening daarover. Ik kan u dat ook wel uitleggen. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Brouwers. Wellicht dat een van de leden van de raad die uitleg aan u vraagt. Mijnheer Rommens van de Partij van de Arbeid. De heer Rommens: Dank u wel, voorzitter. De wethouder gaf aan dat wij voor 300 asielzoekers maximaal gaan. Is er al iets afgesproken over de 101 andere asielzoekers die we eigenlijk zouden moeten opvangen vanuit de Spreidingswet, weten we al bij welke gemeente of gemeenten dus die andere 101 worden onderverdeeld? De tweede vraag is, we hebben maximaal vier jaar afgesproken. Zijn er ook al afspraken gemaakt over verlenging? Of is vier jaar echt vier jaar en daarna klaar? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rommens. Mijnheer Taher van de D66. De heer Taher: Voorzitter, dank u wel.
Waar ik eigenlijk een vraag over heb, is, u gaf aan van, stel dat het toch niet gaat lopen zoals het moet gaan lopen, dan heeft nog altijd de gemeenteraad de mogelijkheid om sluiting te eisen? De beslissing is dan ook aan ons om te sluiten. Nu hoor ik dat het toch wel een tolerante plek is en dus dat ziet er wel positief uit. Maar kunt u aangeven in hoeverre dat echt aan voorwaarden en criteria is gebonden, namelijk de mogelijkheid van de gemeenteraad om tot sluiting over te gaan? De tweede vraag heeft te maken over onze nieuwe inwoners, 300 inwoners. Ik vraag me af, is er ook gekeken naar de mogelijkheid voor hun voor bijvoorbeeld recreatie, busvervoer. Zijn ze weggestopt of kunnen ze ook lekker naar de rest van Roosendaal komen? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Taher. De heer Heeren. De heer Heeren: Dank u wel, voorzitter. Eén vraag die ik had was inderdaad de definitie van overlast, maar die heeft de heer De Regt ook al verteld, dus die hoop ik inderdaad wel heel smart gedefinieerd te krijgen. Dan had ik nog het woord maximum of maximaal wat de wethouder anders uitlegt dan ik zou doen. Hij had het over 250 vluchtelingen, 50 minderjarigen. Het was maximaal. Dus volgens mij, als er 0 minderjarigen komen, kunnen er maximaal 300 vluchtelingen komen.
Dus kan de wethouder iets explicieter uitleggen hoe dan de samenstelling is, want ik kreeg de indruk dat het al vastlag dat er 50 minderjarigen kwamen en dat daardoor maar 250 vluchtelingen kunnen komen. Laatste vraag die ik nog had, is de toegang tot het terrein. Ik heb even gauw inderdaad even gekeken en ik zie dat er maar één toegangsweg is tussen twee woonhuizen door. Is dat correct en kom daar inderdaad ook de ontvangst en ontsluiting van het terrein? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Heeren. Mevrouw Van Leerzem. Mevrouw Van Leerzem: Dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk dezelfde vraag als de heer De Regt over het smart formuleren van hoe wordt aanhoudend, herhalend en langdurig overlast gedefinieerd? En hoe wordt dat getoetst? De tweede vraag is, hoe wordt de veiligheid binnen het azc gewaarborgd? Want we hebben te maken gehad met korte tijdelijke opvang. Dit betreft toch wel een ander soort opvang, omdat het ook vier jaar betreft. In die korte opvang zijn er mensen weggestuurd. Hoe gaan we daar in die vier jaar met deze mensen om? Dat was het. Dank u wel.
6
De voorzitter: Helder. Dank u wel, mevrouw Gepkens, GroenLinks. Mevrouw Gepkens: Dank u wel. Dank u wel ook voor de presentatie die op mij overkomt in ieder geval als conform de afspraken of de voorzichtige afspraken die we in de afgelopen periode hebben gemaakt. Daar passen ze volgens mij zeker goed in. Natuurlijk hebben we ook een paar vragen. Het ligt echt in het buitengebied, al moet ik er een keer naartoe fietsen om te kijken hoe dat het precies ligt, want ik ken het niet helemaal. Maar het is in ieder geval een zeer open ruimte. Is er ook de mogelijkheid dat de mensen die daar tijdelijk wonen, dat er iets van vervoer geregeld wordt op een of andere manier, of dat hij er al is, dat weet ik niet. Moet ik eigenlijk naar mijn buurman kijken, maar dat mag ik geloof ik niet. Daarnaast de vraag is natuurlijk ook wat mensen daar wel en niet kunnen doen als het gaat om meedoen. U noemde daarnet al Sporting, maar het gaat natuurlijk ook over zaken als wat de laatste tijd redelijk vaak in het nieuws is dat mensen ook de kans krijgen eerder dan tot nog toe geregeld is om een bijdrage te leveren aan het arbeidsproces. Dat waren mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van Looveren van de Roosendaalse Lijst. De heer Van Looveren: Dank u wel. Ik was benieuwd naar of er ook al concreet iets kan worden gezegd over op welke manier de huisvesting zal plaatsvinden.
Zal dit plaatsvinden op basis van units of op basis van andere mogelijkheden? Dit ook om te kijken wat voor termijn de realisatie zou plaatsvinden. Kan de wethouder daar iets over toelichten? De voorzitter: Ik wil de wethouder het woord gaan geven. Of zijn er nog mensen die een prangende vraag hebben? Daarna ook. Gaat uw gang, mijnheer Van der Touw. De heer Van der Touw: Dank u wel, voorzitter. Even aanvullend op mevrouw Gepkens en mijnheer Taher. Zij hadden het over ontspanning en dergelijke. Maar waar ik erg nieuwsgierig naar ben, is vooral ook de eerste behoeftes die er zijn. Dat is school en winkels, of dat daar al een gedachte over was, dat ze in ieder geval vanuit dit buitengebied daar op de juiste manier gebruik van kunnen maken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Touw. Mijnheer Raijmaekers zie ik nog. Mijnheer Raijmaekers. De heer Raijmaekers: Twee korte vragen. Even over het vervolgproces. Er staat inderdaad raadsvoorstel juni, juli 2024. Wat gebeurt er daarna? Wat zou het moment zijn op zijn vroegst wanneer die locatie daar ingericht is? Daarnaast wil ik inderdaad de vraag stellen over, hoe zit het met de financiën? Wat gaat dit kosten en wie gaat het betalen? De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk de laatste keer de zaal rond voordat ik de wethouder woord geef. Nogmaals, we doen zo nog rustig een tweede ronde, of drie of vier, hoeveel u nodig hebt.
Dan ga ik de wethouder het woord geven. Wethouder. De heer Van Ginderen: Ik zal proberen om de vragen wat te clusteren. Misschien slipt er een tussendoor, maar dan hoor ik u wel. Als het gaat om de omgevingsvergunning, normale procedure. Dus dat betekent inderdaad dat de mogelijkheid tot bezwaar en beroep inderdaad openstaat. Er is geen afwijkend pad daarvoor. Als het gaat om overlast, wij proberen dat zo smart mogelijk te formuleren in de bestuursovereenkomst. Je weet natuurlijk allemaal dat voor de een overlast wat anders klinkt dan voor de ander. Als u een brommer voorbij hoort scheuren, dan denk ik van, dat deed ik vroeger ook, valt wel mee. Iemand anders die kan bij zichzelf denken, wat een herrie. Daar zit wel wat ruimte tussen. Als het gaat om de aantallen, heb ik mij misschien niet 7
goed genoeg uitgedrukt, maar voor alle duidelijkheid, maximaal 300 en van die 300 maximaal 50 minderjarige asielzoekers. Dat betekent altijd dat die verhouding wat anders kan zijn. Hebben we maar 40 minderjarige asielzoekers, hebben we op dat moment 260 vluchtelingen, als we aan dat maximum van 300 willen komen. De 101-opgave, Mijnheer Rommens, daar zijn we nog onderling over in gesprek. Het zal u ook duidelijk zijn denk ik dat een aantal gemeentes ook het pad kiest om eerst de afspraken die ze hebben gemaakt met het COA te volmaken. Dat doen wij ook. En dat we daarna pas kijken van, hoe wordt dat allemaal later nog ingevuld en wie kan dat nog doen? Daar speelt ook mee, daarom gaf ik het al aan, opvang Oekraïense vluchtelingen, statushouders et cetera, om daar even een gezond evenwicht in te vinden in gezamenlijkheid. De vier jaar. Vier jaar is wat ons betreft vier jaar. Dat staat ook in het contract. Er is geen mogelijkheid tot verlenging. Maar ik kan ook niet in de toekomst kijken, welk verzoek er op dat moment komt. Ik denk dat we ook zo reëel moeten zijn. Maar wij houden vast aan de vier jaar. Mijnheer Taher, de beslissing om te sluiten. Zoals ik al zei, ik noemde het voorbeeld, als het gaat om overlast, dan ligt die verantwoordelijkheid op dat moment bij de burgemeester die dat kan eisen.
De burgemeester kennende, zal die dat met het gemeentebestuur delen en dan gaat het gemeentebestuur optreden en vervolgens aangeven dat wij vinden dat er moet worden opgetreden. Als dat niet zo is, dan gaan we eenzijdig over tot het opzeggen van de overeenkomst. Als het gaat om de inwoners, de 300. Recreatie, dat wordt ook verzorgd en daar hebben we overigens ook natuurlijk graag de hulp van de omgeving bij nodig. Ik bedoel, iedereen die zijn steentje daaraan bij kan dragen, hoeft echt niet alleen uit Heële, maar ook uit onze hele gemeente of zelfs daarbuiten, dan is dat natuurlijk zeer welkom. Vervoer, even voor de goede orde, vervoer, dat ligt bij, als het gaat om vluchtelingen, bij het openbaar vervoer. Dat is overigens ook zo bij alle locaties van het COA. Dan wil het zo dat in de directe nabijheid ook een busstation is gelegen. Als het gaat om vervoer voor kinderen naar scholen, dan gaan we daarover in gesprek. Dat is nou eenmaal maatwerk. Een beetje afhankelijk van de leeftijd. Gaat het om de minderjarige asielzoekers die in ISK weg zouden komen, dan maken we daar ook weer afspraken maken over. Basisprincipe dus, openbaar vervoer. Maatwerk, zoals we dat ook gewoon voor onze eigen inwoners kennen. Mijnheer Heeren vroeg nog van, ik heb even snel gegoogeld. Natuurlijk hebben wij ook de plaats bekeken.
Het COA heeft op dit moment een onderzoek hoe we inderdaad die toegang gaan regelen. Maar dan moeten we natuurlijk, en dat willen we ook graag, met inwoners overigens morgen en ook aanstaande donderdag bevragen van wat daar de wensen bij zijn. Dat bedoel ik nou juist met dat stukje participatie, dat we gewoon goed kijken dat we niet een ingang creëren op een plek waarvan we later zeggen van, dat was nou net niet even zo handig. Mevrouw Van Leerzem vroeg ook naar de toets van overlast, heb ik net even toegelicht. Als het gaat om veiligheid, 24/7, 24 uur per dag is beveiliging aanwezig. Het is zelfs zo dat als er sprake is van een groep minderjarige asielzoekers, dan is er extra beveiliging ter plekke. Mevrouw Gepkens heb ik al even bediend met het openbaar vervoer. Dan werk, een hele belangrijke. Ik ben blij dat die vraag ook is gesteld. Vluchtelingen, ik citeer maar heel even, want er zijn zoveel artikelen dat ik niet alles uit mijn hoofd ken, maar vluchtelingen mogen werken als asielaanvraag langer dan zes maanden in behandeling is en wanneer de werkgever hiervoor een tewerkstellingsvergunning heeft aangevraagd. Eerst bestond er een maximaal aantal weken, 24, maar dat is losgelaten. Dat is nieuw. Dat wist ik dan nog wel.
U zult begrijpen vanuit mijn rol, omdat ook participatie en werk in mijn portefeuille zit en ook nog eens een keer vanuit mijn rol als voorzitter van het werkplein, dat ik wel probeer om in ieder geval, die groep geldt niet alleen voor onze mensen, maar ook van naburige gemeentes, om die mee te nemen daar waar dat kan. Dan de samenstelling van de groep. Dat is ook nog wel een belangrijke. Een belangrijke vraag ook. Allereerst is ons streven om ervoor te zorgen bij voorkeur alle aan de gemeente gekoppelde statushouders. Dus even voor uw begrip, zal ik hem heel even uitleggen. Want ik merk dat daar wel spraakverwarring over bestaat. We hebben het over vluchtelingen. Je hebt vluchtelingen met een status, die dus ook gewoon hier mogen blijven, maar waar op dit moment geen huis voor is. Dat is één. En je hebt vluchtelingen die zitten nog in procedure. Dat is even het onderscheid. Wij zeggen op onze beurt, we gaan het bij voorkeur eerst voor alle aan de gemeente gekoppelde 8
statushouders, dus dat kunnen statushouders zijn die dus niet op dit moment in Roosendaal verblijven maar bijvoorbeeld op een andere locatie, waarvan we weten dat die straks aan Roosendaal worden gekoppeld. Dan zeggen wij van, laat die alsjeblieft nou deze kant uitkomen. U zult begrijpen, dan kun je die alvast ook meenemen in de samenleving. Vervolgens, aan de regio gekoppelde statushouders, dus dan hebben we het niet alleen over Roosendaal, maar dan zou het ook iemand kunnen zijn die bijvoorbeeld toch gekoppeld wordt aan de gemeente Rucphen of aan de gemeente Bergen op Zoom. En ten slotte vreemdelingen met een kansrijke asielaanvraag. Alleen als er nog ruimte resteert op de opvanglocatie, dan instroom van een andere doelgroep. Dus we proberen eigenlijk zo de groep samen te stellen, maar dan zijn we echt afhankelijk van het COA en dat kan het COA ook niet 100 procent garanderen, maar dit is wel de voorkeursvariant zoals we die van plan zijn met het COA daar de afspraken over te maken. Dan ga ik heel even verder. Dat over de samenstelling. School. Ik kan u vertellen dat we al bij onze schoolpartners hebben aangekondigd van, luister eens, er komt een groep. Die weten nu eenmaal ook dat we praten over 300, weten ook dat daar kinderen bij zullen zitten. Dus die zijn niet verrast.
Maar we zullen ook goed moeten kijken naar welke aantallen, want ik weet ook niet hoeveel kinderen er van vier jaar of hoeveel minder aardige ervan zestien of zeventien tussen zitten. Maar iedereen die daarbij betrokken is, die is op de hoogte. Dat is dan een van de voordelen van corona, durf ik u wel te stellen. We hebben toen een goed scholenoverleg in kunnen richten. Dat hebben we maar vastgehouden periodiek voor dit soort zaken. Dan de planning, mijnheer Raijmaekers. Als alles loopt zoals het zou kunnen lopen, dus als er geen echte grote bezwaren zijn die de omgevingsvergunning in de weg staan, dan streeft het COA ernaar om in het najaar, en dat zal dan derde of vierde kwartaal zijn, om dan in ieder geval rond die tijd operationeel te kunnen zijn. Kom ik meteen op de vraag van, waar hebben we het dan over? We hebben het over units. Ik kan u zeggen dat de burgemeester en ik, en ik maak heel even gelegenheid van gebruik dat ik de burgemeester een compliment geef voor zijn inzet als het gaat om de locatie, om de units, we hebben gezegd van, wij willen graag de beste units die er zijn, de meest moderne, en we gaan niet voor gebouwen die ergens anders worden afgebroken en die dan vervolgens hier weer worden opgebouwd. Dat is een keiharde afspraak die we hebben gemaakt, hebben we ons voor ingezet. Dus dat worden units. Die units zijn continu in productie.
Daar zult u zich iets bij voor kunnen stellen. COA heeft een aantal prefered suppliers om zich daarvan te bedienen. Daar staat al in ieder geval voor Roosendaal het een het ander op de productielijn gepland. Mocht dat allemaal niet doorgaan, dan zal het u ook niet vreemd in de oren klinken dat die units naar een andere gemeente kunnen. Maar daar ga ik niet vooruit. Financiën, goed dat u het vraagt. Al hetgeen wat daar gebeurt, dat is voor rekening van het COA. Dus rekeningen Rijk. Voordat ik hiernaartoe ging, zag ik nog het journaal. Daar is weer wat voor bij gebudgetteerd. Een paar zaken, en daar wil ik u wel op wijzen, want ik ben ook portefeuillehouder gezondheidszorg en jeugdzorg, een aantal zaken zijn voor rekening van de gemeente, zoals jeugdzorg. Ik hoef u niet te vertellen dat als wij een paar hoogcomplexe dossiers hebben, dan kan dat toch oplopen. Ik ben maar zo eerlijk, voorzitter, om die winstwaarschuwing af te geven. Dat kan nu eenmaal. Maar dan heeft u een beetje een verdeling, mijnheer Raijmaekers, over de financiën. Dan kijk ik even op mijn briefje. Ik denk dat ik zo'n 90 procent van de vragen heb beantwoord. De voorzitter: Ik heb mee zitten schrijven met u en u heeft ze volgens mij allemaal beantwoord. De heer Van Ginderen: Dank u wel. De voorzitter: Ik zie geen ontkenningen. Gaat uw gang. De heer Verbeek: Voorzitter, dank u wel.
Even vraag aan wethouder Van Ginderen. Hoe gaan we … Hoe zijn we er zeker van dat het bij 300 blijft? Want we zien natuurlijk in Ter Apel dat de nood zo hoog is, dat er maar
9
bedden bij gestopt worden. Kan de wethouder of het college het afdwingen dat het er echt 300 zijn, eventueel met boeteclausules, of wordt daar rekening mee gehouden? De voorzitter: Ik was vergeten te vermelden dat dit een vraag van de heer Verbeek is. Neem me niet kwalijk. Sorry, mijnheer Verbeek. Gaat uw gang, wethouder. De heer Van Ginderen: Dank u wel, voorzitter. De 300 staat als zodanig in de bestuursovereenkomst en die is hard. Wat ik u al aangaf, ik kan ook niet in de toekomst kijken. Ik weet niet wat over een paar jaar gebeurt, maar die 300 die staat wat ons betreft ook voor deze locatie vast. Daar zullen wij, en daar ga ik ook van uit na vier jaar een ander college als er een andere samenstelling is, what ever, daar zal een college zich ook voor hard moeten maken. Dat is een collegeafspraak die gemaakt met instemming van uw raad. U kunt daar als raad ook gewoon wat van vinden op dat moment. De voorzitter: Dank u wel. Dank u wel voor uw uitgebreide beantwoording. Ik ga nu een tweede ronde vraag inventariseren. Ik zie in ieder geval de heer Schillemans, de heer Rommens, de heer Hamans, de heer Taher, de heer Wezenbeek, de heer Heere, de heer De Regt, mevrouw Van Leerzem. Ik begin met u, mijnheer Schillemans. De heer Schillemans: Dank u wel, voorzitter. De wethouder die refereerde al eventjes naar scholing.
Betekent dat dat alle jeugdigen, minderjarigen, dat die in Roosendaal naar school toe gaan? Nu weten we dat er best wel schaarste is aan docenten. Betekent dat een extra belasting voor de huidige docenten of gaan we dat op een andere manier ondersteunen? De voorzitter: Dank u wel. Doen we weer hetzelfde als de eerste ronde, inventariseren en dan beantwoording. Mijnheer Rommens. De heer Rommens: Dank u wel, voorzitter. Sorry. Ik heb een tweetal vragen. Toch nog even over die 101 andere asielzoekers vanuit de Spreidingswet. Ik denk dat het inderdaad goed is dat we dit in gezamenlijkheid met de regio doen en overleggen. Ik denk dat dat zeker voordelig is. Samen sta je in immers sterker. Maar ik vroeg me al wel even af, voldoen wij wel aan de Spreidingswet als het nog niet duidelijk is hoe wij die andere 101 asielzoekers laten opvangen? Dat als eerste. De tweede over de unit. Er werd gezegd van, nou als die units hier klaar zijn, dan kunnen ze naar andere gemeenten toe. Ik was ook benieuwd, zijn die units misschien niet herbruikbaar voor onze eigen gemeente als dit gebied ook niet meer wordt ingezet wordt voor asielzoekers? Ik heb natuurlijk geen beeld bij hoe die units er per se uitzien, maar het kan in de woningbouwopgave misschien ook nog wel een interessante zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rommens. De heer Hamans. De heer Hamans: Dank u wel, voorzitter.
Ik dacht ik nog eventjes aan de, vanwege de vraag van de heer Verbeek, het bijzondere aan de opvanglocaties in Ter Apel en Budel is natuurlijk dat dat aanmeldcentra zijn, waar asielzoekers die nieuw inreizen zich aanmelden. Volgens mij is dat de primaire reden dat je daar dus die problematiek hebt met grote toestroom, mensen die in het gras moesten slapen vorig jaar. Is er ook gesproken voor Roosendaal met het COA dat onze locatie in ieder geval geen aanmeldcentrum gaat worden? Mijn tweede vraag was, stel dat we het inderdaad bij vier jaar houden, wat gaan we dan met de units doen die daar staan? Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hamans. De heer Taher. 10
De heer Taher: Voorzitter, dank u wel. Ik kan het mis hebben, maar volgens mij krijgt de gemeente, dan kijk ik de wethouder ook aan, een geldbedrag per plek, volgens mij 2000 euro per plek. Is dat dan niet zo dat een simpel rekensom al 600.000 euro voor de gemeentefinanciën oplevert? Is dat dan, die 600.000, is dat eenmalig of is dat keer vier voor die vier jaar? De voorzitter: Dat is uw vraag, mijnheer Taher? Dan de heer Wezenbeek. De heer Wezenbeek: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Van Ginderen, u sprak over een privéterrein, eigendom van iemand die daar grond heeft liggen dus. Mijn vraag is, gaat COA dat huren of gaat COA dat kopen? En sluit een beetje aan bij de vraag die mijnheer Hamans net zei van, wat gaat er straks dan mee gebeuren? Heeft die man daar plannen mee of hebben we er straks een mooi gebied bij om misschien wel woningen te bouwen? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Wezenbeek van Vitaal Liberaal. Dan de heer Heer van VLP. De heer Heere: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag ligt een beetje in de lijn die de heer Wezenbeek net ook stelde. Inderdaad het was privé-eigendom, die grond.
Blijft dat inderdaad privé-eigendom of wordt de grond verkocht aan de gemeente of aan het COA en dergelijke? Dan had ik nog een aanvullende vraag van, de ingangsdatum van die vier jaar, is dat een moment waarop de omgevingsvergunning afgegeven wordt? Is dat het moment dat de eerste woning weggezet wordt of is dat moment dat eerste asielzoeker daar komt? En dat geeft ook informatie over wanneer de vier jaar eindigt en wat dan de bestemming wordt. Want we gaan een bestemmingswijziging doen. Moet er na vier jaar eventueel weer een bestemmingswijziging komen of hoe gaan we daarmee om? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Heere. Dan de heer De Regt. De heer De Regt: Dank u wel, voorzitter. Even één aanvullende vraag en een nieuwe vraag. De vraag over de samenstelling van de 250. U zegt, dat moeten we nog uitonderhandelen, dus mogelijk kan het zo zijn dat die samenstelling toch compleet anders wordt. Begrijp ik dat goed? Mijn tweede vraag is eigenlijk een beetje in het verlengde van de vraag van de heer Van der Touw. Die had het ook over winkelen. Krijgen de vluchtelingen ook een bepaald bedrag aan zakgeld waarmee ze iets kunnen gaan kopen, of hoe is dat precies geregeld? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Regt. Mevrouw Van Leerzem van Forum Voor Democratie. Mevrouw Van Leerzem: Dank u wel, voorzitter.
Even over de beantwoording van het smart formuleren van de aanhoudende overlast. Ik ben niet helemaal tevredengesteld met de beantwoording. Ik begrijp dat er een verschil zit tussen wat overlast wordt aangemerkt. Maar volgens mij kunnen we wel concluderen dat deze situatie iets gevoeliger ligt dan een brommertje die iets te veel geluid maakt. Kan de wethouder de raad meenemen hoe het met het COA wordt afgesproken, hoe het geformuleerd wordt wat overlast is en hoe die duidelijk smart geformuleerd wordt en hoe dat in de overeenkomst wordt beschreven, om dit als harde eis mee te nemen in de overeenkomst? En de tweede vraag, heeft de wethouder gedacht aan eventueel omheining van het gebied? Het is een buitengebied, open gebied, zichtbaar vanaf de A58, ingesloten door de spoorlijn, dus het kan overlast vanuit de snelweg komen, geluidsoverlast vanaf het spoor. Hoe ziet de wethouder dit? Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Leerzem. Dan mevrouw Gepkens van GroenLinks.
11
Mevrouw Gepkens: Dank u wel, voorzitter, wel. Bedankt voor de beantwoording in de eerste termijn natuurlijk. Noem het toch maar termijn, sorry. Ik had nog een paar vragen. Dat was namelijk in aanvulling op wat mijnheer Raijmaekers zei over de financiering. Er werd duidelijk gezegd in de eerste ronde dat bewoners, tijdelijke bewoners van Roosendaal dan mee kunnen doen met sportactiviteiten en wat dies meer zij, zal ik het maar even noemen. De vraag is of dat ook echt zo geregeld is met instanties die daarover overgaan. Hetzelfde geldt natuurlijk voor de onderdelen als openbaar vervoer en zo. Daar moet je toch neem ik aan als daar een goede bushalte is in ieder geval voor betalen. Roosendaal is nog steeds de gemeente die nog niet meedoet met de Meedoenpas van het werkplein. Dus ik zie daar wel een mogelijk obstakeltje. Maar mogelijk kan dat voor die tijd nog geregeld worden. Chahira, jij had ook nog een vraag? Sorry. De voorzitter: Mevrouw Mediani van GroenLinks. Mevrouw Mediani: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, ik hoor zojuist al meerdere onderdelen genoemd, bijvoorbeeld het onderwijs. Ik denk dat de gezondheidszorg ook een van de belangrijk onderdelen is die hier goed georganiseerd moet zijn. Wij zijn natuurlijk binnen de opvanglocatie van de COA … Hebben ze natuurlijk een gezondheidscentrum zowel of binnen de opvangcentrum zelf of dichtbij.
Ik vroeg me af hoe dat eigenlijk georganiseerd zal worden binnen de opvangcentrum in Heële. Daarnaast horen wij ook verschillende verhalen landelijk dat de GGD enorm tekort heeft aan capaciteit om vluchtelingen te screenen op tuberculose, op schurft en andere dingen, waardoor het heel vaak uitgesteld wordt. Maar denk ook bijvoorbeeld aan vaccineren, wat heel belangrijk is. In hoeverre hebben wij voldoende capaciteit om alle vluchtelingen te screenen, maar ook de vaccinatieprogramma’s, vanuit het Rijksvaccinatieprogramma aan te bieden? De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Mediani. Ik kijk de zaal rond voor een laatste vraag van de tweede ronde. Wethouder. Voor de opname, dat is wethouder Van Ginderen. De heer Van Ginderen: Voorzitter, dank u wel. Als het gaat om scholing, alleen Roosendaal. Alleen Roosendaal kan ik niet uitsluiten. Want als het bijvoorbeeld gaat om ISK, dan komen we sowieso al in Bergen Op Zoom terecht. Ik schat die kans best wel aanwezig, zeker bij de minderjarige vluchtelingen. Als het gaat om de belasting van docenten, dat is nou juist hetgeen waarom we al in het voortraject dit ook met de scholen hebben besproken. Het is nu eenmaal een gegeven dat als je, stel dat we inderdaad 50 minderjarige asielzoekers krijgen en er zitten ook nog wat gezinnen bij, dan hebben we te maken met extra inwoners. Dat betekent dan ook een belasting.
Maar dan hebben we wel extra inwoners, worden ook ingeschreven en dan kunnen de scholen op basis daarvan ook de financiering aanvragen. Dus dat draait rond via het onderwijsveld. Mijnheer Rommens, als het gaat om de 101. Wij houden vast, dat doen we al een hele poos, aan de 300 wel die afspraak die we hebben gemaakt. Dat vinden we ook heel redelijk en billijk, kijkend naar het resultaat. Nog even los van de Spreidingswet. Laten we helder zijn, we hebben die afspraak gemaakt en toen was die Spreidingswet nog niet ingetreden en we vinden dan niet dat we daar vervolgens op moeten gaan voorsorteren. Dus 300 is 300 en vier jaar is vier jaar. Dat zijn een paar sterke punten die we hebben geformuleerd. De units, herbruikbaarheid daarvan. Voor de goede orde, de units zijn eigendom van het COA. Ik denk dat er, als het COA vertrekt, ontstaat er natuurlijk een hele andere situatie. Dan denk ik dat het op dat moment … Voordat ze vertrekken weten we heus wel lange tijd daarvoor dat dat gaat gebeuren en dan kunnen we altijd kijken waar de mogelijkheden zijn. Maar zo schat ik het maar in. Ik sluit niet uit dat de units dan gebruikt gaan worden op andere plekken. Mijnheer Hamans, aanmeldcentra, hebben we niet over gesproken, is niet de bedoeling. Dit is een opvanglocatie. Even voor alle duidelijkheid, het is geen aanmeldcentrum in de gemeente Roosendaal.
Uw vraag van de units heb ik zojuist ook beantwoord. Mijnheer Taher, ik denk, die 2000 euro, daar bent u denk ik in de war met de Spreidingswet. Op het moment dat je 12
meer doet dan de Spreidingswet, dan krijg je inderdaad een geldbedrag en dan kun je er als gemeente inderdaad op verdienen, om het maar impopulair te zeggen. Nu is dat niet het geval. Als wij binnen die normen blijven, dan maken we zelf natuurlijk ook kosten, zoals ik daarnet al heb aangegeven. Onder andere op de jeugdzorg kan dat zijn. Maar dan verdienen we er niet op. Mijnheer Wezenbeek, het terrein particulier. Inderdaad heel goed gezien. Maar dat wordt gehuurd door het COA. Staan wij dus ook gewoon buiten. Er komt een huurovereenkomst tussen het COA en de verhuurder. Mijnheer Heere, de ingangsdatum. Dat is start exploitatie, zoals dat wordt genoemd. Dat is dus dag één op het moment dat de eerste vluchteling wordt gehuisvest. Ik verwacht overigens ook dat dat dan … Dat kost een paar dagen, maar dan zit denk ik al heel snel gegeven de huidige stand van zaken het centrum vol. Als het gaat om de bestemming, verdere bestemming, dat vind ik voor een volgend proces. Nu is aan de orde omgevingsvergunning, om deze locatie te kunnen realiseren. Als het COA vertrekt. Dan hebben we vervolgens ruim de tijd om met u het gesprek aan te gaan en om na te denken over verdere bestemming. Kan ik op dit moment geen antwoord op geven. Mijnheer De Regt, als het gaat om de samenstelling, dan moet ik misschien toch nog scherper zijn. Dat is wel het fijne van dit debat.
De volgorde zoals ik het heb genoemd, dat is de volgorde van voorkeur. Zo zijn wij ook van plan om dat op te nemen in de bestuursovereenkomst. Dat is niet nog dat we dat nog een keer moeten gaan uitonderhandelen. Dat is het voorstel wat wij hebben gedaan. In die volgorde pellen we hem ook af. Dat is ook de volgorde denk ik waarvan wij vinden dat die het meest reëel is en waar we in ieder geval een gevoel bij hebben dat dat een samenstelling is die draagbaar ook is. Tegelijkertijd ook, en dan kijk ik even naar mevrouw Gepkens, als je een groep hebt van statushouders die toch al aan Roosendaal is gekoppeld, dan kan je aan de slag met dat onderdeel werk. Dat is denk ik ook van belang. Het hoeft niet meer te worden uit onderhandeld. Het staat in het concept bestuursakkoord. Momentje. Dank u wel, voorzitter. Zakgeld, er is sprake van een vergoeding, net zoals dat bij Oekraïense vluchtelingen ook het geval is. Daar kunnen mensen ook gewoon een uitgave voor doen. Mevrouw Van Leerzem, ik kom nog terug op de formulering van overlast. De formulering van overlast is zoals ik hem ook heb aangegeven. Ik denk dat wij ook in onze eigen verordening hebben staan wat overlast is, wat dat betekent. Ik denk dat dat voldoende is. Mogelijk heeft de portefeuillehouder, de burgemeester daar nog een aanbeveling over.
Als het overigens gaat om omheining, laat ik daar even duidelijk in zijn, COA heeft niet de intentie om daar hoge hekken omheen te gaan plaatsen. Het mag geen gevangenis worden, is ook helemaal niet de bedoeling. Dit wordt gewoon een omgeving waarin het prettig wonen is. Natuurlijk gaan we wel zorgen dat dat ook veilig is. Veilig voor de mensen die er zijn, maar ook veilig voor anderen. Recreatie, goede vraag, mevrouw Gepkens. Maar daar gaan we graag vanaf deze week mee een gesprek met onze partners. Want u kunt zich voorstellen dat het voor ons heel lastig is om nu al te gaan spreken met bijvoorbeeld partijen uit de naaste omgeving, zonder dat bekend is om welke omgeving dat het gaat. Dus dat is echt wel een proces wat wordt opgestart. Het ov, overigens, dat is voor rekening van het COA. Dus daar hoeven wij niks voor te doen. Mevrouw Mediani, gezondheidszorg. Het is als volgt. Er is inderdaad een gezondheidscentrum op de locatie zelf. Daar vindt huisartsenzorg plaats. Maar verdere zorg, de specialistische zorg, dat wordt de Bravis. Tandartszorg idem dito. Als het gaat om de GGD of de ggz, dan staan we daar allemaal in de regio voor aan de lat, net zoals de jeugdzorg. Tekort aan capaciteit als het gaat om de screening. Ik heb nog geen bericht gekregen van de directeur van de GGD dat dat in onze regio het geval zou zijn.
Maar ik ben uw vraag wel dankbaar, want ik zal de vraag nog even extra uitzetten. Check, check, dubbelcheck. Dank u wel. De voorzitter: Dank, wethouder. Misschien kan ik meteen ingaan op die aanbeveling die u van mij vraagt, waar het gaat om overlast. Ik stel voor dat we het aantal incidenten in categorieën nemen om te bepalen waar voor ons de drempel, de grens ligt van overlast. Moet ik er wel bij zeggen dat de vorige keer u verwees naar de vorige, de crisisnoodopvang waar een aantal individuen onder persoonsbegeleiding teruggegaan is. Dat is echt een andere doelgroep dan we hier mee te maken hebben. Zoals de wethouder geschetst heeft, dit worden 13
voornamelijk statushouders, mensen die al lange tijd in Nederland zijn en die zijn dan ook bekend om hun profiel. Dat is niet een profiel met veel overlast in de regelmaat. We verwachten daar een heel ander profiel van te zien dan van de 50 mensen die hier eigenlijk rechtstreeks uit een oorlogsgebied naartoe kwamen. Is echt een wezenlijk andere situatie. Maar we zullen naar het aantal incidenten kijken en dat ook zo ver mogelijk proberen op te nemen in de bestuursovereenkomst. Dat gezegd hebbende, zijn wij misschien wel bij de derde ronde aangekomen. Ik kijk even rond of er nog vragen zijn. De heer Rommens. Alleen de heer Rommens. De heer De Regt. U mag er tien stellen, mijnheer De Regt. Hoeft u zich niet voor te schamen vanavond. Het is een belangrijk onderwerp, dus laten we in vredesnaam alle vragen stellen. Mijnheer Nefs, mevrouw Van Leerzem en mevrouw Eijck. Ik begin met de heer Rommens. En Van Zalinge, neem me niet kwalijk. Mijnheer Rommens. De heer Rommens: Dank u wel, voorzitter. Niet om vervelend te doen, maar ik wil het graag even goed begrijpen. Want ik vind het heel goed dat wij 300 asielzoekers opvangen. Laat dat even voorop staan. Dat moeten we ook zeker doen, moeten we zeker vasthouden.
Wat ik jammer vind, is als straks het Rijk naar ons komt en zegt, leuk, de 300, maar wij wilden er 401 en jullie hebben dat niet gedaan, dus nu krijgen jullie een boete, straf, what ever. Dus daar komt mijn vraag meer vandaan. Hoe zijn wij ingedekt om te kunnen zeggen, kijk, wij doen er 300, ook al zegt de Spreidingswet, we willen er meer, we willen dat jullie er meer doen. Hoe zorgen wij ervoor dat wij kunnen zeggen samen met de regio, we hebben het gewoon goed opgelost? Of dat die 101 verdeeld zijn over de andere gemeenten, die er wat extra bij hebben gedaan, of dat er iets in de wet is opgenomen dat we wel dus ons best hebben gedaan, maar dat die 400 niet toereikend was voor de gemeente Roosendaal? Het zit hem meer daarin, dat onze goede bedoelingen niet opzij worden gezet omdat we zeggen, wij willen maximaal 300 en wat gebeurt er dan met die andere 101? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rommens. Dan de heer Regt, De Regt, pardon. De heer De Regt: Dank u wel, voorzitter. Waar ik nog eigenlijk weer een beetje benieuwd naar ben, is de locatie. Zijn jullie actief op zoek gegaan naar locaties waarvan jullie dachten van, die voldoen aan de eisen? Of is deze locatie jullie aangeboden? Hoe is dat proces precies gegaan? De voorzitter: Dank u wel. De heer Nefs, VVD. De heer Nefs: Dank. Een vraag over de max 50 amv’ers.
Die komen natuurlijk onder begeleiding van Nidos. Maar wat zijn de gedachten bij de huisvesting van deze specifieke groep binnen de azc, met name ook omdat zij natuurlijk begeleiding nodig hebben? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Nefs. Mevrouw Van Leerzem. Mevrouw Leerzem: Dank u wel, voorzitter. Even terugkomend op mijn vraag over de omheining. Waarom ik de vraag stelde, is omdat het gebied tussen de snelweg en spoorlijn ligt, wat overlast kan veroorzaken voor de bewoners die daar wonen. Dus niet zozeer bewoners voor buiten, maar andersom juist. Hoe wordt daarmee omgegaan als het een open vlakte is in het buitengebied waar al die units uiteindelijk gehuisvest worden? Dat was mijn vraag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Leerzem. Mevrouw Eijck van de VVD. Mevrouw Eijck: Dank u wel, voorzitter. Het gebied ligt vlak bij de gemeente Bergen op Zoom. Ik neem aan dat die gemeente gekend is in dit besluit, dit voornemen, laat ik het zo zeggen. Hoe ziet de wethouder de 14
samenwerking met deze gemeenten in de toekomst? Want de overloop naar Bergen op Zoom, daar verwacht ik toch wel dat dat redelijke vormen zal aannemen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Zalinge van de VLP. De heer Van Zalinge: Dank u wel, voorzitter. Misschien heb ik iets gemist. De hoogte van de units. Hoe hoog gaan we bouwen daar? Er wordt een derde van het perceel gebruikt. Wat gebeurt er met de andere twee derde van het perceel? Bij wie komt het eigendom van het perceel te liggen? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Zalinge. Ik kijk rond. De heer Taher. Gaat uw gang, de heer Taher. De heer Taher: Voorzitter, dank u wel. Wat ik me persoonlijk afvraag, want de wethouder gaf net aan dat sommige onderdelen bekostigd worden door het Rijk, andere weer door de gemeente. Is het mogelijk om op hoofdlijnen de raad te informeren van hoe het precies zit, kostengewijs, gewoon wie betaalt wat en hoe wordt daar dan rekening mee gehouden? Dan kunnen we daar ook een beter beeld over krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Taher. Geen vragen meer voor de derde ronde. Wethouder. De heer Van Ginderen: Voorzitter, ik begrijp wat mijnheer Rommens bedoelt, maar ik heb, ik val misschien een beetje in herhaling, maar de 300, die afspraak, die hebben we natuurlijk vorig jaar gemaakt met het COA. De Spreidingswet is later gekomen.
Ik heb u gezegd van, wij zijn nog een gesprek in de Markiezaten. Dus ik kan ook niet vooruitlopen op wat daar strakjes de staatssecretaris of wie dan ook van mag vinden. Maar ik denk dat wij als Roosendaal een hele belangrijke stap zetten van die 300 van de 401. We blijven dat bij herhaling zeggen, dit is de stap die we zetten, 300. We gaan nog in gesprek in de regio en we kijken ook naar andere gemeentes. Want u zult zich ook wel kunnen beseffen dat daar waar de een wat vooroploopt en de ander nog een beetje bij mag trekken, dat het trekken van beetjes bij op deze manier in de regio toch wel echt wordt geënthousiasmeerd. Daar wil ik het dan tactisch toch heel even bij laten. De locatie, die is ons aangeboden. Even voor de goede orde, daar is het COA mee gekomen, nadat een particulier in contact is gekomen met het COA. Dus wij gaan alleen in gesprek, zijn in gesprekken gekomen met het COA, in die volgorde. Natuurlijk hebben wij ook de afgelopen periode rondgekeken van, welke locaties hebben we zelf, wat zouden we kunnen doen? Maar we hebben ze altijd tegen de lat gelegd van de criteria. Dat is vooral van belang. De vraag van mijnheer Nefs heb ik alleen genoteerd, huisvesten, maar moet u hem heel even herhalen. De heer Nefs: Voor de 50, max.
50 amv’ers die natuurlijk onder begeleiding van het Nidos komen, hoe de gedachte is bij die huisvesting daarvan, ook met name omdat zij natuurlijk begeleiding krijgen bij het wonen. De heer Van Ginderen: Klopt. Dat is een … Die krijgen een separate huisvesting ook op de locatie, heeft ook te maken met de extra beveiliging. Dus dat is net heel even wat anders dan de reguliere indeling. Daar is extra aandacht voor. Is ook wettelijk verplicht. Dan de vraag van mevrouw Van Leerzem. Nou begrijp ik hem beter. Dank u wel. We kijken ook, en daar hebben we ook mee te maken als het gaat om omgeving, ook voor de bewoners zelf, welke maatregelen we gaan nemen. Dank u wel. Ik krijg een snoepje. Welke maatregelen we kunnen gaan nemen ook voor de geluidsoverlast en ook de overlast over en weer, om dat zoveel mogelijk te kunnen beperken. Dat houdt onder andere in dat er misschien sprake kan zijn van een aarden wal die nog wordt aangelegd of een extra groenvoorziening of een andere houtwal. Vormen. Ik doe geen Wonen, dus ik ben geen specialist. Onze burgemeester is specialist in de unit, zei ik al. Dat neemt die mee naar onze overzeese gebiedsdelen. Sorry. Serieus onderwerp, maar een grapje moet toch wel even kunnen vanavond, denk ik. We hebben speciaal ingezet ook op die units, want die units die hebben de hoogste isolatienorm. Dat 15