CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Boek 5 De Strategie.pdf

Gemeenteraad 13 maart 2025, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6e: Raadsvoorstel Kwaliteitssprong RSD4013.924 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

5

Strategie De

Het nieuwe Mozaïek van Roosendaal

Inhoud 5.1 Het Mozaïek

Van schaalsprong naar kwaliteitssprong. De kern van onze toekomstvisie gaat om vijf principes. Deze geven weer wat de gemeente belangrijk vindt voor onze lokale gemeenschap van buurten, wijken en dorpen. We bieden ruimte voor nieuwe inwoners. Een brede welvaart voor iedereen staat voorop in onze strategie. Van oudsher is Roosendaal nauw verbonden met de gebieden om haar heen We nemen de bestaande kwaliteiten en identiteit van de wijken en dorpen als uitgangspunt. Focus op natuur en recreatie, cultuur en onderwijs en meer compacte en gemengde wijken.

5.2 De Bouwstenen

Voor een beter Roosendaal. Als richtsnoer zijn zes bouwstenen (programma’s) geïdentificeerd die bijdragen aan een beter en fijner Roosendaal. Samen geven zij inhoud aan de ingrepen waarmee we de unieke identiteit van onze dorpen en wijken versterken. 5.2.1 Bouwsteen Natuur & Water Ruimte voor nieuwe natuur in stad en buitengebied, Roosendaal klimaatneutraal en klimaatadaptief.

4

5

De Strategie

5.2.2 Bouwsteen Sociaal Aandacht voor het sociale hart van de wijk, ontmoeting tussen jong en oud. 5.2.3 Bouwsteen Economie & Onderwijs Vergroten economische aantrekkingskracht voor nieuwe inwoners en bedrijven. Aantal banen en woningaanbod in goede balans. Sterke interactie tussen werk en onderwijs, in de wijk en op campussen. 5.2.4 Bouwsteen Mobiliteit Mobiliteit als de voegen die het unieke mozaïek samen (ver)binden. 5.2.5 Bouwsteen Energie & Circulariteit Roosendaal bouwt aan een circulaire en klimaat neutrale stad en buitengebied. 5.2.6 Bouwsteen Wonen Beter passende woningen voor de Roosendalers en nieuwe woningen om groei mogelijk te maken. Colofon

Bijlage I

Bijlage III

Bijlage II

Natuur & Water Poort naar het ‘Brabants’ landschap; nieuwe natuur en transitie landbouw.

Mobiliteit is een belangrijk onderdeel en middel om de ambities van de kwaliteitssprong te halen. Zonder maatregelen neemt het autoverkeer richting 2040 overal toe waardoor bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid onder druk komen te staan.

Het eventueel uitplaatsen van de A58 heeft grote impact op de bereikbaarheid van de stad Roosendaal. De A58 is te belangrijk voor zowel de stedelijke als doorgaande verkeersverbindingen en biedt ook kansen voor de mobiliteitstransitie van Kwaliteitssprong.

Roosendaal in de wijde regio: tussen Randstad, Zeeland, Brabant en Antwerpen. Roosendaal heeft een historie van sterke regionale verbondenheid, we kijken vanouds over de grenzen van gemeenten en landen.

Sociaal Centrumstad West-Brabant West; versterken stedelijk programma (cultuur & leisure). Economie & Onderwijs Draaischijf in de Eurodelta-Metropool; interactie onderwijs en innovatieve economie. Mobiliteit Mobiliteitsknooppunt in de regio; Energie & Circulariteit. Toekomstbestendig circulariteit- en energienetwerk. Wonen Ruimte voor landelijke woningbouwopgave; binnenstedelijke verdichting (focus spoorzone).

5

Leeswijzer

Nota bene: in dit Boek zijn citaten opgenomen van de inwoners van Roosendaal, die we hebben opgehaald in ‘Het Gesprek’. Deze zijn onverkort weergegeven en niet geredigeerd.

6

5

De Strategie

Voor u ligt boek 5 De Strategie, onderdeel van het Ruimtelijk ontwikkelkader voor Roosendaal 2040 (RSD40). Het beschrijft de ambities voor de gemeente in haar verschillende verschijningsvormen: het stedelijk gebied, de dorpen, de buurtschappen en ons landschap – alle elementen die samenkomen in een bijzonder mozaïek. Naast deze overkoepelende visie worden in Roosendaal 2040 uitspraken gedaan voor de verschillende deelgebieden. De strategische visie legt de basis voor de uitwerking in concrete plannen en ontwerpen, in de fasen van ontwikkeling en realisatie. Waar nodig vindt hier nog nader onderzoek voor plaats. En uiteraard denken bij die uitwerking tal van belanghebbende partijen mee: initiatiefnemers, omwonenden, ontwerpers, maatschappelijke organisaties en overige betrokkenen.

hier verder over mee te denken en hier invulling aan te geven.

Roosendaal 2040 benoemt de hoofdlijnen voor de ontwikkeling van Roosendaal in de komende jaren, met de bijpassende kwalitatieve streefwaarden. Met andere woorden: hoe hoog leggen we met elkaar de lat voor Roosendaal, om het mozaïek te versterken en uit te breiden? Er worden wel aantallen en hoeveelheden genoemd (bijvoorbeeld voor de woningbouw), maar die moeten als indicatie en richting worden opgevat – met de nodige marges naar boven of beneden. Zo laten we bewust ruimte voor nieuwe ontwikkelingen en inzichten. Op dezelfde manier bieden de beelden en de kaarten in deze visie een indicatief en inspirerend beeld van de beoogde ruimtelijke ontwikkeling van Roosendaal. Ze zijn bedoeld om grofmazig aan te geven wat de strategische visie is vanuit de gemeente, met de uitnodiging aan andere partijen om

Boek 6 / De Gebiedspaspoorten: de uitgangspunten voor de aanpak van de verschillende gebieden (bestaand en nieuw) en hun bijdrage aan het mozaïek

We hebben Roosendaal 2040 in verschillende ‘boeken’ opgebouwd, die onafhankelijk van elkaar te lezen zijn: Boek 1 / Het Toekomstbeeld: de visie voor RSD40 één beeld samengebracht Boek 2 / De Visie: samenvatting van alle onderdelen op een rij gezet Boek 3 / De Opgave: aanleiding en analyse, de groei van Roosendaal, met een blik terug en vooruit Boek 4 / Het Gesprek: samen Roosendaal maken, de inzichten die de Roosendalers hebben gedeeld Boek 5 / De Strategie: hoe gaan we de groei van Roosendaal in goede banen leiden

Boek 7 / Het Vervolg: financiering, organisatie en monitoring, over geld, mensen en het bijhouden van de effecten In het vervolg van dit vijfde boek De Strategie, gaan we in op de strategische keuzes over hoe we in 2040 willen belanden – door zo goed mogelijk om te gaan met de ruimte ons heen.

7

5.1 Het Mozaïek Van schaalsprong naar kwaliteitssprong

“Alle wijken verdienen aandacht. Ook hier scoort RSD aanzienlijk slechter. Meer dan de helft van de wijken kent aanzienlijke problemen.” Bron: Het Gesprek

8

5

De Strategie

De kern van onze visie gaat om vijf ontwikkelprincipes. Deze geven weer wat de gemeente belangrijk vindt voor onze lokale gemeenschap. 1. We koesteren de verscheidenheid In Roosendaal koesteren we de verscheidenheid en versterken haar. Het heeft niet één identiteit maar is historisch gegroeid tot een verscheidenheid aan buurten, dorpen, werkgebieden, infrastructuur, groene zones en parken. Dat maakt Roosendaal gevarieerd en afwisselend. 2. We omarmen de toekomst De toekomst begint vandaag. Er gaat veel veranderen en daar spelen we met de inrichting van de stad op in. De wensen van de bevolking, van jong tot oud, staan daarbij centraal. Maar ook houden we rekening met andere trends en ontwikkelingen, zoals klimaatverandering, nieuwe vormen van mobiliteit en wat er in onze regio en in het landelijk gebied gebeurt. 3. We bieden ruimte aan nieuwe inwoners Vanuit de verstedelijkingsopgave staat Roosendaal aan de lat om een ambitieuze woningbouwprogrammering op te zetten en vanuit de kwaliteitssprong gedachte willen we als gemeente groeien naar een stad met een mogelijke omvang van 100.000 inwoners. We gaan daarvoor bouwen conform de richtlijnen van de Brabantse verstedelijkingsstrategie en leveren zo onze bijdrage aan de grote vraag naar

woningen in dit deel van Nederland. Daar profiteert iedereen van mee. 4. We werken samen met anderen om onze doelen te bereiken We staan zeker niet alleen. We willen de leefkwaliteit voor onze inwoners verbeteren en krijgen daarbij hulp van de landelijke overheid, via het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV). Ook werken we nauw samen met andere overheden, marktpartijen, maatschappelijke inwoners en niet in de laatste plaats met onze inwoners en ondernemers. 5. We blijven een verbonden gemeente. We nemen barrières weg waar mogelijk en zorgen ervoor dat de diverse stadsdelen, dorpen en mensen beter verbonden worden. Roosendaal wordt nog een sterker deel van de regio: een spin in het web tussen Randstad, Zeeland, Brabant en Antwerpen. We geven zo vorm aan Roosendaal 2040. We zetten in op Roosendaal als een veelkleurig geheel van afwisselende gebieden. Door middel van projecten – groot en klein – smeden we de fragmenten van stad, de dorpen en het buitengebied samen tot een kleurrijk, samenhangend en toekomstbestendig mozaïek.

9

We bieden ruimte voor nieuwe inwoners Uit de voorgaande boeken komt een helder beeld naar voren over de gewenste ontwikkeling van Roosendaal in de komende jaren. Zowel de analyse van de huidige situatie als de visie van de Roosendalers laten zien dat er volop kansen liggen om het mozaïek van Roosendaal te verrijken en te verbeteren. Daarmee geven we vorm en inhoud aan de kwaliteitssprong van onze gemeente: de groei naar zo’n 100.000 inwoners met alle kwaliteiten die daarbij horen. Een kwaliteitssprong is nodig om invulling te geven aan de regionale verstedelijkingsopgave als hefboom voor in de toekomst het niveau van diensten en voorzieningen op peil te houden Dus de groei is geen doel op zich maar een middel om onze lokale samenleving toekomstbestendig te maken: een plek waar mensen van alle generaties goed kunnen wonen, werken en verblijven.

10

5

De Strategie

Het ruimtelijke ontwikkelkader geeft aan welke ingrepen daarbij van belang zijn en in dit vijfde boek zetten we deze op een rij, in de strategie voor de komende jaren. De groei van Roosendaal is mede kansrijk door haar ligging: de strategische positie ten opzichte van de Randstad, Zeeland, Brabant en Antwerpen. Binnen deze context kan Roosendaal uitgroeien tot een aantrekkelijke centrumgemeente in de regio met een gevarieerd woningaanbod en alle bijpassende voorzieningen. Ook voor bedrijven willen we aantrekkelijke vestigingsmogelijkheden blijven bieden. De groei in inwoneraantal geeft ons de mogelijkheid om de functies die we belangrijk vinden te verbeteren.

Een brede welvaart voor iedereen staat voorop in onze strategie We willen de huidige en toekomstige generaties het perspectief bieden van een gezonde, gelukkige en waardevolle toekomst. Daarom gaat de groei nadrukkelijk niet alleen over woningen, maar ook over het versterken en uitbreiden van ons voorzieningenniveau. De kwaliteitssprong richt zich op een

verbetering van o.a. groen en water, cultuur, zorg, onderwijs, economie en mobiliteit. We geven hiermee een grote impuls aan de sociale en de fysieke kwaliteit van de bestaande buurten en wijken, de dorpen en het buitengebied. Zo profiteren alle Roosendalers mee.

11

Van oudsher is Roosendaal nauw verbonden met de gebieden om haar heen Daarom blijven we focussen op die verbindingen en de kwaliteit daarvan. Verbindingen tussen Roosendaal, de regio en de rest van Nederland, tussen de woon- en werkgebieden en de dorpen en tussen de verschillende wijken. Barrières in de stad worden zoveel mogelijk verwijderd. Betere bereikbaarheid brengt meer banen, onderwijs en voorzieningen binnen handbereik voor de Roosendalers en de nieuwe vestigers die we hier van harte welkom heten. Ook de landschappelijke structuren zijn erg belangrijk in het verbinden van Roosendaal. Zo lopen de beekdalen van

12

5

De Strategie

noord naar zuid en de oude linten van oost naar west. Aan deze structuren liggen de oude kloostertuinen en veel van de bestaande parken. Door deze structuren te beschermen, versterken en verbinden ontstaat er een netwerk dat ruimte biedt voor natuur, water en recreatie. De verbindingen vormen als het ware de ‘voegen’ in het mozaïek van Roosendaal.

We nemen de bestaande kwaliteiten en identiteit van de wijken en dorpen als uitgangspunt Voor deze kwaliteitssprong nemen we de bestaande kwaliteiten en identiteit van de wijken en dorpen als uitgangspunt. De grote verscheidenheid is de kracht van Roosendaal en daar voegen we heel gericht nieuwe mozaïeksteentjes aan toe, met een passende schaal

en benodigde invulling die past bij de specifieke plek en de wensen van de mensen die daar leven. De fysieke en non-fysieke ingrepen van de kwaliteitssprong zorgen ervoor dat deze diversiteit en daarmee het unieke karakter van Roosendaal verder versterkt wordt.

13

Focus op natuur en recreatie, cultuur en onderwijs en meer compacte en gemengde wijken Voor het ruimtelijk programma van Roosendaal in 2040 ligt de focus op natuur en recreatie, cultuur en onderwijs en meer compacte en gemengde wijken. We maken daarvoor gebruik van de ‘barcode’-methode (zie ook Boek 3 De Opgave). Dit instrument laat in een oogopslag het grondgebruik

Woonterrein Openbare voorzieningen Sociaal-culturele voorzieningen Detailhandel en horeca Bedrijventerrein Semi-bebouwd terrein Agrarisch terrein Verkeersterrein

van Roosendaal zien, in kwantitatief opzicht. Het maakt het mogelijk om programmatisch breder dan alleen naar woningbouw te kijken. De code brengt alle ruimtelijke functies integraal in kaart waardoor ze direct meegewogen worden in de totale opgave voor de gemeente als geheel.

Recreatieterrein bos, natuurinclusieve productiegronden en open natuurlijk terrein* Binnenwater Energieopwekking Groei Stabiel Krimp

De bovenste barcode (nu) brengt schematisch in beeld welke functies nu een plek hebben in onze gemeente en hoe groot hun ruimtebeslag is binnen de totale oppervlakte van de gemeente. De ambitie van Roosendaal 2040 om extra ruimte. De gemeente blijft even groot en er komt geen ruimte bij, dus dit betekent groei, krimp of functiestapeling in het ruimtegebruik. De onderste barcode (de situatie in 2040) geeft een indicatief beeld van de toekomstige ruimteverdeling van de gemeente. De verdere toelichting vindt plaats onder alle zes bouwstenen in dit Boek. * De barcode is gebaseerd op openbare CBS-data. Het CBS hanteert een striktere definitie van bos en open na-tuurlijk terrein dan we met deze visie RSD2040 beogen. Bij de verdere uitwerking hanteren we de ruimere omschrijving zoals hier vermeld. De CBS-data bieden evengoed een basis voor de barcode omdat dit de beweging die we willen maken naar “meer groen, betere natuurlijke bodem-, lucht- en waterkwaliteit, per saldo minder CO2-uitstoot” goed illustreert.

14

5

De Strategie

Op basis van de barcode vertalen we onze ambities vervolgens op gemeente en wijkniveau aan de hand van een programma en gebiedspaspoorten. Gezamenlijk brengen deze meer kwalitatieve elementen in beeld dit, mede hoe Roosendaal aankijkt tegen de ruimtelijke inrichting, gevoed door de inzichten van inwoners,

ondernemers en maatschappelijke organisaties. Niet als een absolute wijsheid, maar als een uitnodiging om met elkaar hierover in gesprek te gaan.

“Moderne stad met ook dorpse kenmerken maar wel ingericht op de toekomst. wonen, werken, winkelen en verblijven. Gezonder, levendiger, groener en duurzamer.” Bron: Het Gesprek

15

Interview Met Winy Maas (MVRDV) Door Gabriel Jas Architect, stedenbouwkundige en landschapsarchitect Winy Maas (Schijndel, 1959) richtte in 1993 samen met Jacob van Rijs en Nathalie de Vries architectenbureau MVRDV op. Maas verwierf internationale faam met een breed scala aan bouwtypologieën, verschillend in schaal en altijd innovatief, experimenteel en theoretisch goed onderbouwd. De afgelopen 25 jaar was Maas verantwoordelijk voor iconische en veelbesproken projecten als de Markthal (2014), Crystal Houses (2016), Tainan Spring (2020), Depot Boijmans Van Beuningen (2021), Radio Hotel and Tower (2022) en Valley (2022). Voor onder meer Parijs, Bordeaux en Oslo ontwikkelde Maas masterplannen. Ook was Maas supervisor van Floriade 2022 en van 2017 tot 2022 van de binnenstad van Eindhoven. Maas is een veelgevraagd gastspreker en gasthoogleraar aan verschillende universiteiten, daarnaast leidt hij The Why Factory, een denktank van de TU Delft die toekomstige steden onderzoekt en visualiseert. Gabriel: Kun je ons iets vertellen over je visie en aanpak voor de stedelijke ontwikkeling van Roosendaal? Wat maakt jouw werk voor deze stad bijzonder?

16

5

De Strategie

Winy: Roosendaal is een gemeente die qua karakter tussen Schijndel en Rotterdam in zit. Voor mij heeft het een bepaalde eenvoud en bescheidenheid die ik waardeer, maar tegelijkertijd zie ik ook kansen om de identiteit en de kwaliteit van de leefomgeving naar een hoger niveau te tillen. Ons doel is geweest om het gevarieerde karakter van de stad te omarmen en te versterken. We zien Roosendaal als een verzameling unieke gebieden die elk hun eigen identiteit hebben, en die diversiteit willen we behouden en uitvergroten. Het is een visie die opvalt door zowel trots als ambitie. Gabriel: Je werkt over de hele wereld, van Shanghai tot Parijs. Wat inspireert je in deze steden, en hoe pas je die inspiratie toe in Roosendaal? Winy: Elke stad heeft haar eigen uitdagingen en mogelijkheden. In Parijs bijvoorbeeld, werkten we aan het Grand Paris-project, waar de focus lag op het verbinden van de buitenwijken met het centrum. Die benadering pas ik ook toe in Roosendaal: het centrum versterken, maar zonder de dorpen en wijken te verwaarlozen. We willen dat inwoners trots zijn op Roosendaal, dat mensen niet alleen door het centrum, maar door de hele gemeente willen bewegen en nieuwe plekken willen ontdekken.

Gabriel: Je hebt het over trots en kwaliteit. Hoe bereik je dat in de praktijk? Winy: Het is belangrijk dat we op meerdere plaatsen in Roosendaal zichtbare veranderingen laten zien. Dat betekent dat we zowel werken aan de grote ontwikkelingen, zoals de Spoorzone, als aan kleinere initiatieven in verschillende wijken en dorpen. Daarnaast speelt het concept van iconische gebouwen een rol; we willen gebouwen realiseren die uitstraling hebben en die echt bij Roosendaal passen. Dat kan een hoogbouwproject zijn of een ander markant gebouw op een prominente plek, zolang het maar iets unieks toevoegt aan de stad. Gabriel: En welke rol spelen de bewoners van Roosendaal hierin? Winy: De betrokkenheid van de inwoners is essentieel. We hebben in Roosendaal uitgebreide gesprekken gevoerd met zowel jonge als oudere bewoners. Mensen willen gehoord worden en betrokken zijn bij de toekomst van hun gemeente. Door goed te luisteren en ruimte te geven aan hun inbreng, ontstaat er een visie die echt gedragen wordt. Het project is niet alleen een papieren plan, maar moet iets zijn waar de gemeenschap zich verbonden mee voelt. Gabriel: Dat klinkt als een balans tussen visie en realiteit. Zijn er nog specifieke uitdagingen? Winy: Absoluut. Eén van de grootste uitdagingen is de snelheid van uitvoering. Er zijn altijd beperkingen, zoals budgetten en infrastructuur. Daarom

pleit ik voor een projectbureau dat de voortgang bewaakt en ons helpt om te schakelen tussen projecten. En soms moeten we keuzes maken: wat realiseren we eerst, en wat komt later? Die keuzes moeten ons echter niet weerhouden om ambitieus te blijven. Gabriel: Wat zijn volgens jou de eerste stappen voor Roosendaal? Winy: Allereerst moeten we zorgen voor een paar duidelijke speerpunten. De Spoorzone is één van de grote projecten die we willen doorzetten. Daarnaast moeten we iets bijzonders doen op het gebied van mobiliteit en hoogbouw, zoals iconische torens op strategische plekken. Deze projecten moeten een kwaliteitsimpuls geven en bijdragen aan een herkenbare identiteit voor de stad. Uiteindelijk draait het allemaal om het creëren van plekken waar mensen zich thuis en trots voelen. Gabriel: Inspirerend om te horen hoe je met Roosendaal bezig bent! Zijn er nog laatste gedachten die je zou willen delen? Winy: Het is mijn hoop dat we de visie voor Roosendaal blijven voeden met ambitie en trots, en dat we tegelijkertijd de unieke kwaliteiten van de gemeente en haar bewoners omarmen. Roosendaal heeft de potentie om een voorbeeld te worden van hoe een middelgrote gemeente zich kan ontwikkelen met een eigentijdse, toekomstgerichte identiteit.

17

Het Mozaïek Een collectie van prachtige, weergaloze en unieke plekken en projecten

18

5

De Strategie

‘Maak een stad waar iedereen zich welkom voelt en gezien wordt. Maak geen stad van eenlingen. We moeten weer trots op onze stad worden.’ Bron: Het Gesprek

19

5.2 De Bouwstenen Voor een beter Roosendaal

20

5

De Strategie

Als richtsnoer zijn zes bouwstenen (programma’s) geïdentificeerd die bijdragen aan een beter en fijner Roosendaal. Samen geven zij richting en inhoud aan de ingrepen waarmee we de unieke identiteit van onze dorpen en wijken versterken. 1. Natuur & Water Ruimte voor nieuwe natuur in stad, dorpen en buitengebied, Roosendaal wordt klimaatneutraal en klimaatadaptief

werk en onderwijs, in de wijk en op campussen

2. Sociaal Aandacht voor het sociale hart van de wijk, ontmoetingen tussen jong en oud 3. Economie & Onderwijs Vergroten economische aantrekkingskracht voor nieuwe inwoners en bedrijven. Aantal banen en woningaanbod in goede balans. Sterke interactie tussen

4. Mobiliteit Infrastructuur als een van de voegen die het unieke mozaïek verbindt 5. Energie & Circulariteit Roosendaal bouwt aan een circulaire en klimaat-neutrale stad en buitengebied 6. Wonen Beter passende woningen voor de Roosendalers en nieuwe woningen om groei mogelijk te maken

1. Natuur & Water

2. Sociaal

3. Economie & Onderwijs

4. Mobiliteit

5. Energie & Circulariteit

6. Wonen 21

5.2.1 Bouwsteen Natuur & Water Ruimte voor nieuwe natuur in stad en buitengebied, Roosendaal

“Onze kinderen en kleinkinderen moeten in Roosendaal ook kunnen genieten van het buitenleven.” Bron: Het Gesprek

22

5

De Strategie

Het is onze ambitie dat Roosendaal in 2050 klimaatneutraal en klimaatadaptief is. Dit doen we door binnenstedelijk het openbaar gebied slim te (her)inrichten, goede ontwikkellocaties te kiezen en buiten de stad de natuur- en recreatiegebieden te vergroten en verbeteren en ze beter bereikbaar en toegankelijk te maken. Dat is goed voor de gezondheid en het welzijn van alle (huidige en toekomstige) Roosendalers. Nederland heeft volgens het Klimaatakkoord van Parijs de verplichting om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Om dit te bereiken richten we ons op het beperken van de CO2-uitstoot (zie de bouwsteen Energie & Circulariteit) en het opvangen van CO2. De meest voor de hand liggende manier om dit te doen is het planten van bossen, maar er zijn ook andere opties. Bossen hebben naast het opnemen van CO2 ook andere belangrijke voordelen, zoals verkoeling en het vergroten van de biodiversiteit.

Daarnaast bieden ze ruimte voor sport, recreatie, stilte en rust, wat de fysieke en mentale van de (huidige en toekomstige) Roosendalers ten goede komt. Naast onze bijdrage aan klimaatneutraliteit passen we ons aan de gevolgen van klimaatverandering aan. Dit vraagt om een andere inrichting van de stad en het landschap, waarbij water en bodem sturend zijn. Dat is in het belang van de natuur, de landbouw en onze inwoners. Periodes van droogte en extreme regen zijn desastreus voor de oogst en daarmee de toekomstzekerheid van onder andere agrarische bedrijven. In de stad worden de gevolgen van de klimaatverandering nog eens versterkt door de hoeveelheid bebouwing en verharding: hitte blijft er langer hangen en veel regenwater leidt tot problemen. Ook dit vraagt letterlijk om sterk in te zetten op vergroening, door groener te (ver)bouwen, met bijvoorbeeld dak- en geveltuinen en in het openbaar gebied. In plaats van steen

Deze afbeelding laat de transitie zien van een traditioneel ingericht Roosendaal naar een toekomstgericht, klimaatneutraal en klimaatadaptief Roosendaal in 2040, waar natuur- en recreatiegebieden zijn vergroot en verbeterd. De hele gemeente is groener en weerbaarder gemaakt tegen klimaatverandering om het welzijn van huidige en toekomstige inwoners te waarborgen.

23

en beton zetten we in op houtbouw of andere klimaatadaptieve technieken. Om het welzijn van de Roosendalers in de toekomst op peil te houden is het voorkomen van stedelijk hitte effecten belangrijk. Ook de verdroging op de hoger gelegen zandgronden vraagt om een adequate waterhuishouding. Dit bereiken we door meer groen en water(buffering) toe te voegen om zo koele plekken te maken die bereikbaar zijn voor iedereen. Veranderingen in water aan- en afvoer, intensiveren van grondwatergebruik op droge locaties en vervuiling van oppervlaktewater hebben ook effect op de hoeveelheid en kwaliteit van het drinkwater, en mogelijk zelfs op de aansluitmogelijkheid van nieuwe woningen en bedrijven. Met medeoverheden en betrokken organisaties en bedrijven werken we aan kwantitatieve en kwalitatieve mogelijkheden om de waterhuishouding in het landelijk gebied te verbeteren, waarmee we tegelijk ook de landschappelijke kwaliteit van de beken, beekdalen, landbouw- en natuurgebieden versterken. Klimaatverandering vereist tevens dat toekomstbestendigheid een belangrijkere rol speelt in het kiezen van geschikte ontwikkellocaties. De bodemgesteldheid en de prognoses op het gebied van onder andere wateroverlast, hitte, droogte en biodiversiteit zijn hierbij cruciaal. Het doel is om locaties op een duurzame manier te ontwikkelen zodat we later geen spijt krijgen van onze keuzes.

24

5

De Strategie

Voor alle maatregelen die we nemen in stedelijk gebied met betrekking tot een groenere, gezondere en fijnere stad maken we gebruik van de ‘Roosendaalse Maatlat’. Dit is de Roosendaalse vertaling van de ‘Landelijke Maatlat voor een groene, klimaatadaptieve Gebouwde Omgeving’. Met de Roosendaalse Maatlat is per buurt in beeld gebracht wat de klimaatopgaves zijn. Dit gaat over de thema’s hitte, droogte, wateroverlast, biodiversiteit en overstroming.

“Roosendalers willen echt geen groenere wijken. probeer maar eens geveltuintjes aan te leggen. Of kijk eens naar de voortuintjes. Minimaal de helft is tegel of grind. Ze willen groen als ze er zelf maar niets aan hoeven doen en zeker niet de auto weg.” Bron: Het Gesprek

25

Uitgangspunten en keuzes We hanteren de volgende uitgangspunten en keuzes bij deze bouwsteen: 1. Meer natuur Toevoegen van nieuwe bossen en natuur. Roosendaal heeft hierin een opgave van 650 hectare, zoals volgt uit regionale programma’s, de omgevingsvisie en het college-akkoord. We werken dit nader uit in een programma “Mooi Roosendaal”. Natuurwaarden voegen we toe waar dit de meeste toegevoegde waarde heeft. Ook maken we hierbij de afweging welke plekken zich (op basis van de bodem) minder goed lenen voor landbouw en meer voor natuur. 2. Groene voegen Groenblauwe structuren verbinden het groen in onze buurten en dorpen met het buitengebied en daarbinnen. Een netwerk van groene structuren kan een slimme en efficiënte manier zijn om de ecologische waarde en biodiversiteit van een gebied te verhogen. We koppelen dit mede aan recreatieve fiets- en wandelroutes.

3. Sponslandschap Klimaatverandering vraagt om een andere inrichting van het landschap. Dit is niet alleen in het belang van de natuur maar zeker ook van de landbouw en de inwoners. We gaan de verdroging op zandgrond tegen met meer opvangen, opslaan en hergebruiken van water, en stimuleren van teelten die minder (grond)water vergen. Ook geven we de beekdalen meer ruimte en realiseren daarmee meer natte natuur. 4. Landbouwtransitie Omschakeling naar extensieve en circulaire landbouw op vooral de zandgronden. Hiervoor zijn hierop toegesneden vormen van toegepaste innovatie, onderzoek en onderwijs noodzakelijkveelal samen met het bedrijfsleven via campussen en fieldslabs. 5. Roosendaalse parken en (klooster-)tuinen Dit is een unieke kwaliteit van Roosendaal. De parken kunnen, nog meer dan

Dit diagram toont een abstracte weergave van de gemeente Roosendaal en illustreert hoe de hierboven beschreven uitgangspunten en keuzes ruimtelijk landen.

26

5

De Strategie

nu, een visitekaartje worden voor de stad. Dit is vastgelegd in de Parkenvisie, hiermee zorgen we voor een kwaliteis- impuls voor de 14 bestaande parken in Roosendaal. Door de parken met elkaar te verbinden dragen ze meer bij aan de vergroting van biodiversiteit, klimaatadaptatie, gezondheid, bewegen en ontmoeten. Ook werken we aan de verbetering van de kloostertuinen.

We willen dat het groen in de buurten meer toegevoegde waarde heeft voor de bewoners. Het is nu vooral kijkgroen en minder functioneel als gebruiksgroen. Daarnaast willen we de waarde voor stadsnatuur vergroten door het buurtgroen met elkaar te koppelen, meer waterbuffering toe te passen, lokale landschapstypen te introduceren en inheemse soorten te planten.

6. Nieuwe stadsparken In relatie tot onze gemeente die groeit, voegen we ook nieuwe parken toe, voor ontmoeting, gezondheid, buiten zijn en om meer lucht te creëren in onze gebouwde omgeving. Groen krijgt een belangrijke rol in de nieuwe ontwikkellocaties van de stad, voor verblijven, recreëren en klimaatadaptatie. Door in grote nieuwe ontwikkelingen zoals de Spoorzone en de A58, parken of een groene dooradering op te nemen, maken we deze ook aantrekkelijk voor bewoners van omliggende wijken en voor allerlei flora en fauna.

8. Daken benutten Sommige wijken in Roosendaal zijn dichtbebouwd. Dit geldt bijvoorbeeld voor het centrum, maar ook voor de grote bedrijventerreinen. Dit maakt het lastiger om hier voldoende groen te realiseren op maaiveldniveau. Maar we kunnen ook de lucht in, door gevels en platte daken te benutten. Door deze te vergroenen gaan we hittestress tegen en hebben we minder last van extreme weersomstandigheden. Dit komt de leefbaarheid ten goede. Afhankelijk van de locatie kunnen we bijvoorbeeld de daktuinen combineren met energieopwekking of een publiek toegankelijk dakterras.

7. Kwaliteitsslag buurtgroen

27

Projecten

e

a d

Hoe komt dit tot uiting in het mozaïek van Roosendaal? De belangrijkste projecten voor de bouwsteen Natuur & Water zijn: a. De beekdalen b. De nieuwe landgoederen c. De nieuwe bossen d. Het coulisselandschap e. De geëxtensiveerde en circulaire landbouw f. Het natuurlijke buurtgroen g. De groene daken h. Het netwerk van stadsparken en kloostertuinen i. Het kerkhovenplan j. De centrumboulevard

28

5

De Strategie

c

g

i

j

f h

e b b

b

29

De toegankelijke kloostertuin?

Het nieuwe Mariadal met de omsloten kloostertuin

30

5

De Strategie

‘Het park van Mariadal moet een rustige prachtige groene long in Roosendaal blijven voor de mensen die er omheen wonen! Ik zou er zelfs een jaarlijks bedrag voor willen betalen!’ Bron: Het Gesprek

De kloostertuin ‘muurwoningen’?

31

De Barcode Wat betekent dit voor de verandering in ruimtegebruik 2040? Het natuur- en bosareaal in Roosendaal maakt momenteel 6 procent uit van het gemeentelijk oppervlak. In Nederland is dat 11 procent en in de provincie Noord- Brabant 15 procent. Roosendaal wil ook fors vergroenen, met als eerste stap 650 ha extra groen die we tot 2040 willen toevoegen. Om richting het nationaal gemiddelde te bewegen willen we op langere termijn zelfs in

Agrarisch terrein: Terrein bestemd voor agrarisch gebruik, zoals glastuinbouw, veehouderij, grasland, tuinland, bouwland of boomgaard. Verkeersterrein: Terrein in gebruik voor vervoer en transport per rail en terrein in gebruik voor vervoer en transport over het hoofdwegennetwerk. Omvat enkel de hoofdwegen die volgens de TOP10vector specificatie de functie van vervoersader hebben. Lokale wegen in woonwijken vallen onder ‘Woonterrein‘. Binnenwater: Inlandig water in gebruik als vaarweg, recreatiewater, delfstofwinplaats, vloei en/of slibveld, of als spaarbekken.

totaal circa 1.260 ha extra groen realiseren. Dit is een belangrijke stap naar het klimaatneutraal maken van onze gemeente. Roosendaal draagt hiermee substantieel bij aan de Bossenstrategie van de provincie Noord-Brabant die 13.000 ha bos wil realiseren. Het grootste deel van dit nieuwe groen komt in het buitengebied. Hier maken we ruimte voor de beekdalen en landgoederen, en zorgen we dat grote nieuwe projecten zoals een nieuwe kazerne voor

Bos, natuurinclusieve productiegronden en open natuurlijk terrein: terrein in gebruik als bos voor houtproductie en/of natuurbeheer en open natuurlijk terrein met als belangrijkste functie natuur, als gronden met circulaire productie en/of natuurverbeterende productiemethoden of als groen recreatiegebied.* Recreatieterrein: Terrein bestemd voor recreatief gebruik. Omvat onder andere: Park en plantsoen Sportterrein Volkstuin Verblijfsrecreatiefterrein, zoals camping en bungalowparken

Groei Stabiel Krimp

De bovenste barcode (nu) brengt schematisch in beeld welke functies nu een plek hebben in onze gemeente en hoe groot hun ruimtebeslag is. De ambitie van Roosendaal 2040 vraagt om extra ruimte. De gemeente blijft even groot en er komt geen ruimte bij, dus dit betekend groei, krimp of functiestapeling in het ruimtegebruik. De onderste barcode (de situatie in 2040) geeft een indicatief beeld van de toekomstige ruimteverdeling van de gemeente. * De barcode is gebaseerd op openbare CBS-data. Het CBS hanteert een striktere definitie van bos en open na-tuurlijk terrein dan we met deze visie RSD2040 beogen. Bij de verdere uitwerking hanteren we de ruimere omschrijving zoals hier vermeld. De CBS-data bieden evengoed een basis voor de barcode omdat dit de beweging die we willen maken naar “meer groen, betere natuurlijke bodem-, lucht- en waterkwaliteit, per saldo minder CO2-uitstoot” goed illustreert.

32

5

De Strategie

de landmacht worden gecombineerd met de ontwikkeling van meer groen. Verder willen we in samenwerking met betrokken partijen onderzoeken op welke wijze innovatieve productiemethoden en -teelten kunnen bijdragen aan de vergroeningsopgave en op welke andere wijze basiskwaliteit natuur kan worden toegevoegd aan gebieden waar natuur niet de primaire functie is. Maar ook in de buurten en wijken voegen we groen toe. De oppervlaktes in het stedelijk gebied zijn weliswaar kleiner maar niet minder belangrijk. Dit groen verzacht de effecten van de klimaatverandering (zoals hittestress en

wateroverlast) en verbetert de fysieke en mentale gezondheid van de Roosendalers. Naast nieuwe natuur onderzoeken we de aanleg van nieuwe duurzame productie- en recreatiebossen. Dit gaat om onder andere houtproductie, voedselbossen of verblijfsgroen al dan niet in combinatie met nieuwe woningen. Ook deze bossen leveren een bijdrage aan het klimaatneutraal maken van Roosendaal. Dit is vergelijkbaar met: 650 ha groen is vergelijkbaar met 900 voetbalvelden.

*De aantallen potentieel extra groen zijn onder andere gebaseerd op vergelijkend onderzoek tussen Roosendaal en steden van vergelijkbare grote, 100.000 steden en het Nederlands gemiddelde. Hierbij is gebruik gemaakt van de door de gemeente Roosendaal ontwikkelde Barcode-tool, die gebruik maakt van openbare CBS-data. De Barcode-vergelijkingen staan in Bijlage II van boek 3 De Opgave. De aantallen zijn daarnaast gebaseerd op capaciteitsstudies in GIS.

33

5.2.2 Bouwsteen Sociaal Aandacht voor het sociale hart van de wijk, ontmoeting tussen jong en oud

“Een inloop plek voor Centrum bewoners voor ontmoetingen en sociale vaardigheden en contacten.” Bron: Het Gesprek

34

5

De Strategie

We willen een sociaal veerkrachtige, gezellige en zorgzame stad zijn. Met meer kansengelijkheid voor alle inwoners dan nu het geval is. Met gezonde, vitale inwoners. Een gemeente met inwoners die in staat zijn om te gaan met veranderingen, die zich kunnen aanpassen en herstellen als de situatie daarom vraagt. Veerkrachtige inwoners. Zo zijn we klaar voor de toekomst en bieden we antwoord op de vragen die dubbele vergrijzing, toenemende zorgvraag en opgaven rond bestaanszekerheid stellen. Onze uitgangspunten voor een stadsbreed en integraal programma zijn: - De jeugd heeft de toekomst. We werken aan goede opleidingen en sterke netwerken. Bij ongelijke omstandigheden richten we onze middelen overeenkomstig in. - We koesteren een sterk verenigingsleven, in traditionele en in moderne vorm. Dus via clubs en buurthuizen,

maar ook door een combinatie van “kortdurende, losse inzet” aan “verbondenheid met de eigen en andermans bubbel/omgeving” te ondersteunen. - We richten buurten zo in dat ze uitnodigen tot samenleven, zorg voor elkaar mogelijk maken en dementievriendelijke omgeving bieden. Daarnaast nodigt de inrichting van de stad, de dorpen en de buurten tot een gezonde leefstijl met meer beweging. - We werken aan goede en betaalbare zorg. Door het gebruik van innovaties, domotica, AI en robotisering spelen we de noodzakelijke arbeidskracht vrij voor menselijke zorg met aandacht. - We koppelen opleidingen aan werk en eigen inkomen. Dit maakt mensen zelfstandiger en minder afhankelijk. We koppelen o.a. de zorgcampus aan netwerken van huisartsen, thuis- en mantelzorg in de wijken.

Deze afbeelding laat de transitie zien van een stad met uitdagingen op het gebied van fysieke gezondheid en sociale eenzaamheid naar een sociaal veerkrachtige gemeente door een aanpak gericht op bestaanszekerheid, zelfredzaamheid, ontmoeting en positieve gezondheid.

35

- We maken Roosendaal aantrekkelijk voor zorg- en welzijnsmedewerkers. We zetten in op passende huisvesting en werklocaties voor huisartsen; opleidingsplekken met werkgarantie en studentenhuisvesting voor studenten en aantrekkelijke stages; We willen koploper zijn op innovaties in zorg/ welzijn, daar banen en opleidingen aan verbinden en nadrukkelijk communiceren hoe interessant en leuk dit het maakt om hier te werken. Er wordt in Roosendaal uiteraard al gewerkt aan de meest urgente maatschappelijke vraagstukken langs programma’s en projecten, samen met de maatschappelijke partners in de stad. Met een alliantie werken we de komende twintig jaar aan de uitvoering van ‘Nationaal Programma Roosendaal’. Zo ontstaat een samenhangend pakket aan interventies die elkaar versterken.

36

5

De Strategie

37

Uitgangspunten en keuzes We hanteren de volgende uitgangspunten en keuzes bij deze bouwsteen: 1. Bewegen We zetten zowel fysiek als sociaal in op meer bewegen. Meer bewegen draagt bij aan de fysieke en mentale gezondheid van mensen. Hierbij kan gedacht worden aan het uitrollen van concepten als de 15-minuten stad, breng sportfaciliteiten terug de wijk in en plaats daar waar mogelijk auto’s aan de randen van de wijk. 2. Mee (kunnen) doen Meedoen is belangrijk, voor iedereen. Mee kunnen doen gaat over leren, wonen en werken en het creëren van gelijke kansen. We kiezen voor de school als centrale locatie in de wijk, een plek waar ook na schooltijd mensen elkaar kunnen ontmoeten. We houden rekening met de groei van het

aantal ouderen door de buitenruimte zo te ontwerpen dat deze bijdraagt aan sociale en fysieke veiligheid, ontmoeting en bewegen. Door nieuwe, betaalbare en aantrekkelijke woonvormen voor empty- nesters en ouderen te ontwikkelen komt doorstroming op gang. We gaan voor voorzieningen dichtbij als ‘podia’ voor actieve sociale betrokkenheid. We stimuleren ook dat ouderen ook zorg aan elkaar verlenen voor zover ze dat willen en kunnen (bijvoorbeeld door het realiseren van gestapelde hofjes). Daarnaast kan gedacht worden aan het mogelijk maken van efficiëntere professionele zorg, door het gebruik van domotica en de concentratie van zorgbehoevenden (gezamenlijke woonvormen voor ouderen). Ook voor jonge mensen is het ontwikkelen van kleine wooneenheden belangrijk. Jonge mensen willen meer delen, minder bezit.

Dit diagram toont een abstracte weergave van de gemeente Roosendaal en illustreert hoe de hierboven beschreven uitgangspunten en keuzes ruimtelijk landen.

38

5

De Strategie

3. Ontmoeten We maken op allerlei plekken mogelijk dat mensen elkaar meer ontmoeten en organiseer plekken in de stad waar men binnen en buiten het eigen sociale netwerk anderen ontmoet. Ontmoeting in het hart van de wijk, op locaties en manieren die passen bij de bevolkingssamenstelling van de wijk. Vitale ouderen kunnen van betekenis zijn in de wijk en daarmee de eenzaamheid verkleinen. Ontmoeting vindt plaats niet op plekken die we als gemeente logisch vinden, maar die nu al logisch zijn (sportkantines met een bredere functie). Roosendaal heeft een rijk verenigingsleven. Een plek die mensen verbindt en waar men de sociale netwerken kan behouden en benutten. Het wordt beter mogelijk van betekenis voor elkaar te zijn.

39

Projecten

b

Hoe komt dit tot uiting in het mozaïek van Roosendaal? De belangrijkste projecten voor de bouwsteen Sociaal zijn: a. Het netwerk van stadsparken en kloostertuinen b. Het kerkenplan c. Het kloosterplan d. De wijkcentra e. Het Roosendaals cultuurcluster f. Het Roosendaals museum g. Het pleinenplan h. De collectieve buurttuinen i. De Roosendaalse sportcluster j. Het scholenproject k. De natuurpoorten

40

5

De Strategie

j

f c

i

g

e

d a h

41

De ‘verdikte’ kerk met woningen in de rand?

De vernieuwde Sint Gertrudiskerk met woningen en voorzieningen

42

5

De Strategie

Buurtvoorzieningen in het oude kerkgebouw?

‘Het wijgevoel oppakken dat we allemaal Roosendaler zijn saamhorigheid in de maatschappij oppakken.’ Bron: Het Gesprek

43

De Barcode Wat betekent dit voor de verandering in ruimtegebruik 2040? Voor de doelstelling van een sociaal veerkrachtige stad met gezonde inwoners zijn allerlei functies belangrijk, zoals detailhandel, kunst en cultuur, horeca en sport. Kijkend naar het huidige ruimtegebruik valt op dat Roosendaal hier een achterstand

heeft in te halen, ten opzichte van de rest van Nederland. Voor de huidige bevolking zijn deze voorzieningen al te krap bemeten. Met de beoogde bevolkingsgroei in 2040 zetten we in op zo’n 30.000m2 extra kunst & cultuur* en 70.000m2 extra horeca*. Detailhandel en sport bevinden zich momenteel op peil maar ook dit groeit mee met de bevolking.

Woonterrein: terrein dat voornamelijk voor het wonen bestemd is, inclusief primaire woonvoorzieningen. Omvat onder andere: terrein met bestemming wonen; primaire voorzieningen als (buurt)winkels, scholen voor kleuter- en basisonderwijs; groenvoorziening kleiner dan 1 hectare; straten en parkeerplaatsen; erven, tuinen Sociaal-culturele voorzieningen: terrein in gebruik voor sociale en culturele voorzieningen. Omvat onder andere: schouwburg, bioscoop, concert- en congresgebouw cultureel centrum; sociale werkplaats; gezondheidscentrum; kerken en kloosters; wijkgebouw, verenigingsgebouw, jeugdsociëteit.

Detailhandel en horeca: terrein in gebruik voor geconcentreerde detailhandel en horeca-activiteiten. Omvat onder andere: winkelcentrum; terrein met bedrijven in de horecasector. Recreatieterrein: Terrein bestemd voor recreatief gebruik. Omvat onder andere: Park en plantsoen Sportterrein Volkstuin Openbare voorzieningen: terrein in gebruik voor het algemeen nut. Omvat onder andere: overheidsgebouwen Groei Stabiel Krimp

De bovenste barcode (nu) brengt schematisch in beeld welke functies nu een plek hebben in onze gemeente en hoe groot hun ruimtebeslag is. De ambitie van Roosendaal 2040 vraagt om extra ruimte. De gemeente blijft even groot en er komt geen ruimte bij, dus dit betekend groei, krimp of functiestapeling in het ruimtegebruik. De onderste barcode (de situatie in 2040) geeft een indicatief beeld van de toekomstige ruimteverdeling van de gemeente.

44

5

De Strategie

We gaan daarom uit van 5.000m2 extra detailhandel* en 290.000m2 extra voor sport*. Dit is vergelijkbaar met: · 5.000m2 detailhandel is 200m winkelstraat of een kwart “Designer Outlet Roosendaal”. · 290.000m2 sport staat gelijk aan zo’n 40 voetbalvelden.

‘Roosendaal is een logistieke hub. Mooi als we kunnen investeren in een vergroening van deze bedrijven en hierin een vooruitstrevende gemeente zijn. Daarnaast investeren in verduurzaming van woningen en utiliteitsgebouwen.’ Bron: Het Gesprek

*De aantallen potentieel extra kunst & cultuur, horeca, detailhandel en sport zijn onder andere gebaseerd op vergelijkend onderzoek tussen Roosendaal en steden van vergelijkbare grote, 100.000 steden en het Nederlands gemiddelde. Hierbij is gebruik gemaakt van de door de gemeente Roosendaal ontwikkelde Barcode-tool, die gebruik maakt van openbare CBS-data. De Barcode-vergelijkingen staan in Bijlage II van Boek 3 De Opgave.

45

5.2.3Bouwsteen Economie & Onderwijs

Vergroten economische aantrekkingskracht voor nieuwe inwoners en bedrijven. Banen en woningaanbod in goede balans. Sterke interactie tussen werk en onderwijs.

46

5

De Strategie

Een sterke economie is de motor voor de kwaliteitssprong. Meer en betere banen maken de stad aantrekkelijk om je hier te vestigen, zowel voor inwoners als bedrijven, zowel voor werkenden als studenten. Een sterke regionale economie is de belangrijkste trekker voor verhuizers die buiten de Randstad, maar op goed bereikbare afstand, leefruimte, fijne woningen, goede voorzieningen en werk vinden. De Roosendaalse economie bruist in 2040. In Roosendaal maken slimme doeners de toekomst. Hier worden nieuwe ideeën in praktijk gebracht. En daar profiteert iedereen in Roosendaal van. Bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en overheid (de ‘triple helix’) helpen elkaar bij het slimmer maken van de zorg, een duurzame voedselproductie, het verbeteren van het arbeidsmarkt-perspectief en het circulair maken van productieketens.

Bij het maken van keuzes hanteren we drie principes die richting geven: van lineair naar circulair, slim meervoudig ruimte-gebruik en een leven lang leren. We bekijken Roosendaal vanuit een breder regionaal perspectief. De gemeente vormt met Bergen op Zoom, Etten-Leur, Breda en Oosterhout een sterke stedelijke as in West-Brabant en is strategisch gelegen tussen Zeeland en de metropolen Rotterdam, Antwerpen en Brainport Eindhoven. Roosendaalse bedrijven zijn onlosmakelijk verbonden met de sterke regionaal-economische netwerken: innovatieve agrofood, energie- en logistieke bedrijven, defensie-industrie. Op verschillende plekken in de regio zijn hiervoor sterke ruimtelijke clusters aanwezig, die we ook verder willen ontwikkelen.

Deze afbeelding laat de transitie zien van een lineaire economie naar een circulaire economie in Roosendaal, waar slimme keuzes en samenwerking tussen bedrijfsleven, onderwijs en overheid leiden tot een sterk, herkenbaar economisch profiel met aantrekkingskracht voor bedrijven en talent in de regio.

47

Binnen de regio specialiseert Roosendaal zich op de speerpuntsectoren verduurzamings-techniek incl. moderne maakindustrie, zorg & welzijn en vrijetijdseconomie. In Roosendaal is nieuwe ruimte voor bedrijven schaars. De ruimte die er is, inclusief de zogenaamde zoeklocaties zetten we in voor bedrijfsuitbreidingen of verplaatsing die de gewenste ontwikkelingen elders in de gemeente mogelijk maken en voor nieuwe bedrijven die zorgen voor veel toegevoegde waarde en hoogwaardige werkgelegenheid. We maken werk van Roosendaal als studentenstad. Dat doen we onder andere door onze goede spoor/OV-bereikbaarheid nog beter te benutten, studenten- en jongerenwoningen te bouwen en door ons beroepsonderwijs te concentreren in de Spoorzone. Hier ontstaat een inspirerende, levendige omgeving met passende voorzieningen om te wonen, werken, leren en recreëren. We leggen voor het beroepsonderwijs (Mbo/Mbo+) de focus op zorg en verduurzamingstechniek en nieuwe maakindustrie. We streven in triple helix-verband naar een sterke verbinding, samenwerking en afstemmingtussen onderwijs, bedrijfsleven en overheid. Hierbij staan innoveren, leren van en met elkaar in de praktijk en een leven lang ontwikkelen centraal.

48

5

De Strategie

49

Uitgangspunten en keuzes We hanteren de volgende uitgangspunten en keuzes bij deze bouwsteen: 1. Roosendaal maakstad Zet de verduurzamingstechniek in als aanjager voor de transitie naar de nieuwe economie. Deze transitie vraagt naast kennis, innovatie en samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven ook om voldoende praktisch geschoolde arbeidskrachten. Daarnaast is er met name op de bedrijventerreinen en in het buitengebied ruimte nodig, onder meer voor de vormgeving en inrichting van een (technische) circulaire economie in Roosendaal en de regio.

2. Roosendaal Zorgstad Investeer in de gezondheids- en welzijnszorg, waar de vergrijzing de komende jaren voor de nodige extra banen vraagt. Het nieuwe Bravis ziekenhuis kan het vliegwiel op gang brengen voor een cluster voor toegepaste innovaties in de zorg. Onderwijs, bedrijfsleven en de zorg- en welzijnssector geven samen op praktische wijze vorm aan de zorg van morgen. 3. Roosendaal Leisurestad Breng de vrijetijdssector verder, met concepten en formules als het

Dit diagram toont een abstracte weergave van de gemeente Roosendaal en illustreert hoe de hierboven beschreven uitgangspunten en keuzes ruimtelijk landen.

50

5

De Strategie

Leisurepark Roosendaal, het Designer Outlet Center (intensief) en recreatie in de natuur (extensief) in de Roosendaalse buitengebieden. In de binnenstad is plek voor hoogwaardige detailhandel, cultuur en horeca. De vrijetijdseconomie heeft, naast een heldere visie, voldoende ruimte nodig op locaties die passen bij het diverse aanbod dat Roosendaal heeft. Ook de aanwezigheid van een passend onderwijsaanbod van MBO- en Associate Degree-opleidingen is van groot belang, inclusief een slimme koppeling met HBO/WOopleidingen.

51

Projecten

g

a

Hoe komt dit tot uiting in het mozaïek van Roosendaal? De belangrijkste projecten voor de bouwsteen Economie & Onderwijs zijn: a. Zorglandschap de Bulkenaar b. De maakcampus c. Het scholenproject d. De stads- en wijkwerkplaatsen e. De materialenhub f. De natuurpoorten g. Het verbrede Leisure Park (de Stok 2.0)

52

5

De Strategie

f

d e b d c

g

d

53

De multifunctionele buurtwerkplaats?

De nieuwe autoluwe, collectieve Buurttuinen

54

5

De Strategie

‘Laten we trachten betere ontmoetingsplekken te creëren met natuur om te onthaasten en elkaar te horen. Keer je zelf niet naar binnen, maar sta open voor de bewoners uit de wijk!’ Bron: Het Gesprek

De collectieve buurtuinen?

55

De Barcode Wat betekent dit voor de verandering in ruimtegebruik 2040? In een gemeente die wil groeien naar 100.000 inwoners in 2040 moet ook het onderwijs mee groeien. Rekenend met het landelijk gemiddelde per persoon komt dit uit op een toevoeging van circa 65.000 m2 onderwijs*. Voor de nieuwe inwoners zijn er meer basisscholen en middelbare scholen

nodig. Daarnaast willen we de positie van Roosendaal als Maakstad versterken door meer MBO/MBO+ onderwijs aan te bieden. Roosendaal heeft als centrumgemeente in de regio een relatief groot oppervlak aan bedrijventerreinen. Vanwege de gunstige ligging nemen met name distributiebedrijven hier een groot deel

Sociaal-culturele voorzieningen: terrein in gebruik voor sociale en culturele voorzieningen. Omvat onder andere ziekenhuizen.

Recreatieterrein: Terrein bestemd voor recreatief gebruik. Omvat onder andere: verblijfsrecreatiefterrein, zoals camping en bungalowparken.

Detailhandel en horeca: terrein in gebruik voor geconcentreerde detailhandel en horeca-activiteiten. Omvat onder andere: winkelcentrum; terrein met bedrijven in de horecasector.

Groei

Bedrijventerrein: terrein in gebruik voor nijverheid, handel en zakelijke dienstverlening.

Stabiel Krimp

De bovenste barcode (nu) brengt schematisch in beeld welke functies nu een plek hebben in onze gemeente en hoe groot hun ruimtebeslag is. De ambitie van Roosendaal 2040 vraagt om extra ruimte. De gemeente blijft even groot en er komt geen ruimte bij, dus dit betekend groei, krimp of functiestapeling in het ruimtegebruik. De onderste barcode (de situatie in 2040) geeft een indicatief beeld van de toekomstige ruimteverdeling van de gemeente.

56

5

De Strategie

van dit oppervlak in. Tot 2040 laten we de bedrijventerreinen in omvang niet verder groeien. In plaats daarvan maken we slimmer gebruik van de bestaande ruimte door bedrijventerreinen te intensiveren, meervoudig ruimtegebruik en bedrijvigheid met meer arbeidsplaatsen te stimuleren.

Dit is vergelijkbaar met: · 65.000m2 onderwijs is vergelijkbaar met ongeveer 5x het Curio MBO gebouw aan de Oostelijke Havendijk.

*De aantallen potentieel extra onderwijs en werklocaties zijn onder andere gebaseerd op vergelijkend onderzoek tussen Roosendaal en steden van vergelijkbare grote, 100.000 steden en het Nederlands gemiddelde. Hierbij is gebruik gemaakt van de door de gemeente Roosendaal ontwikkelde Barcode-tool, die gebruik maakt van openbare CBS-data. De Barcode-vergelijkingen staan in Bijlage II van boek 3 De Opgave.

57

5.2.4 Bouwsteen Mobiliteit Verplaatsingsmogelijkheden als de voegen die het mozaïek samen (ver)binden

“Meer bomen en smallere straten; nog liever: alle straten worden fietspaden, waarop auto’s rustig moeten rijden.” Bron: Het Gesprek

Roosendaal is opgespannen binnen de landelijk en internationaal netwerken. Hierbij zijn met name weg, spoor en buisleidingen van groot belang en in minder mate het waternetwerk. Dit betekent dat we onze bereikbaarheid en ontsluiting hier naadloos op willen laten aansluiten en we hieraan gelieerde transportvormen faciliteren op duurzame wijze. De ambities zijn dan ook om invloed te blijven uitoefenen op een knelpuntvrij autosnelwegen-netwerk. Hierbij is knooppunt de Stok prioritair (A17/A58) en overbelasting van wegvakken moet worden voorkomen. Dit moet mede worden afgestemd op de wens om het stedelijke hoofdwegenet hier goed op te laten aansluiten als we sluip- en doorgaand verkeer dwars door de stad willen gaan voorkomen. Ook de toegangspoorten tot de stad moeten daarop ingericht worden om eventueel ook bestemmingsverkeer aan de randen van de stad en/of wijken of verblijfsgebieden op te vangen. Dat we ten aanzien van het spoorvervoer inzetten op het beter faciliteren van personenvervoer. Behoud van de IC-functie in 4 windrichtingen, verbeteringen in de dienstregeling en realisatie van de IC Roosendaal-Antwerpen. We willen de impact van het goederenvervoer verminderen. We willen enerzijds de logistieke functie niet vergroten, maar juist verduurzamen en meerwaarde willen toevoegen.

Anderzijds gaan we voor onze ambitie om onnodig (inter) nationaal goederenvervoer per spoor verminderen door de VeZA-boog en 3RX-route aangelegd te krijgen en dit transport dwars door de stad te voorkomen. Daarnaast moet de milieu-impact qua geluid, trilling en exter-

ne veiligheid sterk verbeteren. Dat we het emplacement gefaseerd uitplaatsen ten faveure van onze verstedelijkingsopgave en de stadsdelen beter met elkaar kunnen verbinden We willen onze economie verduurzamen en dat we doen onder meer door gebruik van groene grondstoffen. Hiervoor kunnen we onze buisleidingenstraat beter benutten voor onze grote industrieterreinen en de zoeklocaties. Het mobiliteitsnetwerk kunnen we zien als de bloedsomloop van Roosendaal: het bindt de verschillende buurten, wijken en dorpen, aan elkaar. Om de groei van de stad grotendeels binnen bestaand stedelijk gebied mogelijk te maken is het essentieel dat we mobiliteit en verkeersruimte anders gaan inrichten. Daar liggen grote kansen bij mobiliteit om veel meer nadruk te leggen op actieve vormen van verplaatsen die vele voordelen bieden. Zoals minder ruimtebeslag, goedkoop (en daarmee inclusief) en duurzaam. Niks doen is geen optie, want zonder maatregelen neemt het autoverkeer richting 2040 overal in de gemeente verder toe. Hierdoor staan bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid serieus onder druk. Naast de (boven) regionale bereikbaarheid en ontsluiting, biedt het bereikbaar houden van bestaande wijken en nieuwe ontwikkellocaties ook veel kansen om met deze verandering de leefbaarheid van de stad en dorpen te vergroten.

Door de omvang van Roosendaal is de fiets het ideale vervoermiddel om je te verplaatsen. Vanaf het centrum zijn alle wijken in potentie binnen 15 minuten fietsen te bereiken. En met een elektrische fiets zijn nog grotere afstanden 59

overbrugbaar en/of ben je sneller op de plek van bestemming. Dit willen we extra stimuleren door ruim baan te maken voor de fietser en verbindingen te verbeteren of nieuwe, slimmere verbindingen te maken. Op de korte afstanden zien we enorme potentie om de fiets te gebruiken. Nu worden nog veel korten ritten met de auto gemaakt. Aangevuld met een goed openbaar vervoer en aanvullende vormen van gedeelde mobiliteit. Voor de auto leggen we de nadruk op het gericht bereiken van bestemmingen en niet op rondjes rijden door de stad. In de toekomst willen we dat autoverkeer gebruik gaat maken van een duidelijke hoofdwegenstructuur (snelwegen en regionale wegen) rondom leefbaarheid te vergroten en de gezondheid van alle Roosendalers te bevorderen. Dit is ook een van de rede-

nen om de A58 te omarmen en dicht bij de stad te houden, zodat dit een snelle schakel blijft van en naar de stad en de bedrijventerreinen. Het omleggen van de A58 zou tot veel meer verkeer leiden in de stad. We maken het aantrekkelijk en gemakkelijk om de auto te parkeren aan de randen van verblijfsgebieden in geclusterde voorzieningen en de laatste meters te voet, te fiets, met openbaar vervoer of met deelmobiliteit af te leggen. Voor de binnenstad en extern gelegen economische bestemmingen (de Stok, Oostpoort, bedrijventerreinen) moet gezorgd worden voor goede bereikbaarheid en parkeervoorzieningen. Maar we verleiden bezoekers èn werknemers om vaker alternatieve vervoersopties te gebruiken. De Kwaliteitssprong van Roosendaal

Deze afbeelding laat de transitie zien van een door de auto gedomineerd mobiliteitsnetwerk naar een duurzaam mobiliteitssysteem in Roosendaal, met een hoofdrol voor fietsers en voetgangers. Een belangrijk onderdeel hiervan is het slechten van de barrièrewerking van de A58 en het spoor.

60

5

De Strategie

maakt het mogelijk om het toekomstig mobiliteitsnetwerk fundamenteel te verbeteren. Die ambitie werken we hieronder verder uit. In bijlage I en II worden de keuzes nader toegelicht en uitgewerkt, met name ook ten aanzien van de overkluizing van de A58.

“De fiets en voetganger centraal stellen: oversteekplaatsen met voorrang. Autovervoer binnen Roosendaal minder aantrekkelijk maken.” Bron: Het Gesprek

61

Uitgangspunten en keuzes We hanteren de volgende uitgangspunten en keuzes bij deze bouwsteen: 1. ABCD-zonering Voor het nieuwe mobiliteitssysteem maken we onderscheid in vier zones binnen de gemeente. Om zo de unieke eigenschappen van de gebieden een plek te geven en voor elke zone mobiliteitsprincipes op maat te geven. Elke zone heeft andere prioriteiten en principes. De zonering bestaat uit: A. Het centraal stedelijk gebied en de wijkcentra: de binnenstad, nieuwe ontwikkelingen zoals o.a. Spoorzone, Spoor C en Stationskwartier en de centra van de wijken en de kernen. B. Laagstedelijke woonmilieus: de woonwijken van Roosendaal buiten het centrum. C. De kernen en het buitengebied: alle kernen binnen de gemeentegrenzen. D. De bedrijventerreinen: Borchwerf, Majoppeveld en Vijfhuizenberg. 2. Nabijheid We bouwen het merendeel van de woningen op plaatsen die goed bereikbaar zijn met het openbaar vervoer, met voorzieningen in de buurt.

We zorgen er zo voor dat mensen een groot deel van hun dagelijkse activiteiten te voet of met de fiets kunnen bereiken binnen 15 minuten van hun woning. Dit principe noemen we nabijheid. Vanuit dit oogpunt zetten we ook sterk in op verstedelijking rondom het NS-station met directe verbindingen naar Zeeland, Randstad, Brabant en Antwerpen. Daarnaast zorgt het openbaar bus- en deelvervoer voor de bereikbaarheid van de wijken met elkaar en richting NS-station Roosendaal. 3. Barrières slechten Bestaande infrastructurele barrières willen we wegnemen of verminderen: denk aan het spoor, de A58, de Antwerpseweg en de centrumring. Voor sommige locaties creëren we nieuwe verbindingen voor actieve vervoerwijzen, zoals slimme en snellere verbindingen met tunnels voor voetgangers en fietsers. Denk aan verbindingen over/onder het spoor in de Spoorzone. Maar ook op locaties waar nu gelijkvloerse spoorwegovergangen zijn. Daar kijken we of nieuwe verbindingen elders mogelijk zijn of om de bestaande verbindingen ongelijkvloers aan te leggen. We hebben de ambitie

Dit diagram toont een abstracte weergave van de gemeente Roosendaal en illustreert hoe de hierboven beschreven uitgangspunten en keuzes ruimtelijk landen.

62

5

De Strategie

om de A58 gedeeltelijk of zelfs volledig te overkluizen, waardoor wijken aan weerszijden naadloos op elkaar aansluiten (zie boek 6 De Projecten). 4. Slimmer ruimtegebruik Door mobiliteit op een andere manier te organiseren kunnen we slimmer omgaan met de ruimte in de stad. Bijvoorbeeld door vooral in te zetten op modaliteiten met een laag ruimtegebruik zoals lopen, fietsen en openbaar vervoer. Daardoor ontstaan kansen om in straten meer ruimte te maken voor groen, lopen, fietsen en verblijven. Dit doen we ook door op geschikte locaties parkeren te clusteren in hubs in plaats van verspreid in de straten en door de wijken. Dit geeft ruimte voor groen en klimaatadaptieve maatregelen in woonstraten. Tevens zetten we in op het verschonen van het wagenpark zowel qua goederen- als personenvervoer. 5. Multimodaal bereikbare werken woongebieden In het nieuwe mobiliteitssysteem van Roosendaal zijn waar mogelijk alle werk- en woongebieden te bereiken met alle vervoersmodaliteiten. De totale bereikbaarheid neemt toe. De nadruk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1746/documents/47625