Bijlage Jaarstukken-Roosendaal-2020.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2020
Inhoud Aanbiedingsnota................................................................................................................................. 3 Inleiding............................................................................................................................................. 3 Rekeningresultaat............................................................................................................................ 5 Maatschappelijke effecten........................................................................................................... 10
Vaststellingsbesluit.......................................................................................................................... 22 Gecomprimeerde balans............................................................................................................... 23 Begrotingsrechtmatigheid........................................................................................................... 27 DEEL I: Jaarverslag 2020...............................................................................................................30 Programma 1. Besturen & Samenwerken................................................................................. 32 Programma 2. Leren & Ontwikkelen.........................................................................................44 Programma 3. Werken & Ondernemen....................................................................................58 Programma 4. Wonen & Verblijven............................................................................................ 70 Programma 5. Zorgen & Stimuleren..........................................................................................84 Programma 6. Betalen & Financieren.......................................................................................94
Paragrafen.........................................................................................................................................100 Paragraaf 1. Vastgoed.................................................................................................................102 Paragraaf 2. Lokale Heffingen...................................................................................................105 Paragraaf 3. Weerstandsvermogen en Risicobeheersing.....................................................112 Paragraaf 4. Financiering............................................................................................................ 123 Paragraaf 5. Onderhoud Kapitaalgoederen........................................................................... 129 Paragraaf 6. Verbonden partijen............................................................................................... 137 Paragraaf 7. Grondbeleid............................................................................................................ 152 Paragraaf 8. Bedrijfsvoering...................................................................................................... 159 Paragraaf 9. Subsidies................................................................................................................. 163 Paragraaf 10.
Corona.................................................................................................................. 165
Deel II: Jaarrekening 2020......................................................................................................... 170 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling............................................................ 172 Balans met toelichting per 31 december 2020..................................................................... 178 Overzicht Baten en Lasten met toelichting per programma............................................. 216 WNT-verantwoording 2020 gemeente Roosendaal...........................................................279
Overzicht BBV wetgeving........................................................................................................... 281 Overzicht wettelijke taakvelden binnen gemeentelijke programmering........................282 Overzicht IV3 taakvelden.......................................................................................................... 284 Overzicht indicatoren BBV....................................................................................................... 286
Single Information Single Audit...............................................................................................287 Bijlagen............................................................................................................................................... 294 Bijlage: Afkortingenlijst.............................................................................................................. 296
2
Aanbiedingsnota Inleiding Met de Jaarstukken 2020 sluiten we een bijzonder jaar af. Een jaar waarin we met elkaar nieuwe manieren zochten en vonden om uitvoering te geven aan de drie hoofdthema’s, die deze bestuursperiode kenmerken; een Duurzaam, Sterk en Aantrekkelijk Roosendaal. De wereldwijde COVID-19 pandemie heeft een flinke stempel gedrukt op de Roosendaalse samenleving. Met de Jaarstukken bieden we inzicht hoe er uitvoering is gegeven aan de thema’s uit het Bestuursakkoord en wat de impact van de coronacrisis hierop is geweest.
Duurzaam, Sterk en Aantrekkelijk Roosendaal Het afgelopen jaar is verder uitvoering gegeven aan de belangrijke thema’s voor de bestuursperiode 2018-2022. De gemeenteraad heeft meerdere initiatieven aan bod zien komen die bijdragen aan de uitvoering van het Bestuursakkoord. Per thema volgt een beknopt overzicht van wat het college binnen de kaders van de Programmabegroting 2020 heeft gerealiseerd. Duurzaam Roosendaal In het Bestuursakkoord staat dat de gemeente lokaal het verschil wil maken in het bijdragen aan de doelen die benoemd zijn in het Klimaatakkoord van Parijs. Energietransitie, warmtetransitie, circulaire economie, klimaatadaptatie en vergroening zijn noodzakelijke en grote veranderingen die onze gebouwde omgeving en ons buitengebied er in 2030 al totaal anders uit laten zien. Met de Regionale Energiestrategie (RES) leggen we hier een belangrijke basis voor. Hierin zijn plannen uitgewerkt om in 2030 in Roosendaal duurzame energie op te wekken via 75 ha zon-op-veld, minimaal even zo veel zon-op-grote-daken, optimale benutting van beschikbare restwarmte, 15% besparing van warmte en zorg voor een blijvend goede energie-infrastructuur. Verduurzaming geven we ook vorm via ons afvalbeheer en door het bebouwde gebied verder te vergroenen, zoals uitgewerkt in Roosendaal Natuurstad.
Tenslotte werkten we, samen met bedrijven en inwoners, aan het verduurzamen van woningen, bedrijven en wijken of dorpen. Voorbeelden hiervan zijn bedrijven die op Majoppeveld zijn begeleid bij het aanvragen van rijkssubsidie voor zon op bedrijfsdaken; de RRE-regeling waarbij woningeigenaren voor in totaal ruim 1 miljoen euro aan verduurzamingsproducten hebben gekregen; de renovatie van de Jozefwijk waarbij Alwel de woningen aardgasvrij heeft gemaakt en veel isolatie- en besparingsmaatregelen heeft gerealiseerd en de aardgasvrije oplevering van alle nieuwbouwwoningen in de gemeente. Ook is, met steun van de gemeente, door een groep inwoners de Stichting Energietransitie Roosendaal (STER) opgericht. Deze zet zich in voor de verdere verduurzaming van woningen door inwoners. Sterk en Gezond Roosendaal Uit het Bestuursakkoord blijkt dat een sterk en gezond Roosendaal een gemeente is die sociaal én economisch krachtig is. Samen met stakeholders uit sport en verenigingsleven en leden van uw raad is het FITakkoord vastgesteld, die aansluit op ons preventieakkoord. Uitgangspunt is een gezonde levensstijl bevorderen voor alle inwoners van Roosendaal. De vernieuwde duurzame aanpak van de armoedeproblematiek in Roosendaal is ontwikkeld en wordt geïmplementeerd.
Aan de hand van zes themalijnen wordt ingezet op het hervinden van het zelfvertrouwen, veerkracht en zelfregie bij inwoners in armoede. 3
Organisaties in Roosendaal hebben zich verbonden aan de onderliggende waarde: armoede is een verantwoordelijkheid van iedereen en gaat ons allemaal aan. Bestuurders van MEE West-Brabant, Werkplein Hart van West-Brabant en WijZijn Traverse Groep en gemeente Roosendaal ondertekenden het Armoedemanifest: ‘Geen Roosendaler meer in armoede’. Het manifest verbindt en nodigt alle organisaties in Roosendaal uit, die actief willen bijdragen aan het terugdringen van armoede. Positieve gezondheid is een speerpunt en als gedachtegoed benoemd binnen diverse beleidsdomeinen. Er is een start gemaakt deze uit te rollen binnen de gemeente. De transformatieagenda sociaal domein (2019-2022) is voortvarend opgepakt waarbij veel aandacht uitgaat naar preventie. Aantrekkelijk Roosendaal In het Bestuursakkoord staat dat Roosendaal in een prettige en aantrekkelijke regio ligt en dat het een fijne gemeente is om in te wonen, werken en leven. Met de keuze van het Bravis ziekenhuis om de nieuwe unilocatie voor de gehele regio in Roosendaal te vestigen, ligt er een nieuwe uitdaging om het gebied de Bulkenaar in ontwikkeling te brengen. Een gebied dat niet alleen een nieuw ziekenhuis zal herbergen, maar ook als parklandschap van toegevoegde waarde zal zijn voor omwonenden en nieuwe recreatiemogelijkheden biedt aan vele Roosendalers. De visie op de dr.
Brabersstraat is in samenspraak met stakeholders opgesteld en is een mooie stap naar een betere mix van wonen en winkelen in onze compacte binnenstad. Tegelijkertijd zijn er grote stappen gezet in de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie. Nog dit jaar wil het college een definitieve visie aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorleggen. Corona Het afgelopen jaar stond grotendeels in het teken van de gevolgen van de uitbraak van COVID-19. In zowel de Voorjaarsbrief als de Najaarsbrief Financiën 2020 hebben wij u uitgebreid geïnformeerd over de aanpak tot nu toe en de genomen maatregelen met als doel het minimaliseren van de gevolgen op de korte, maar ook de lange termijn voor inwoners, zorg, onderwijsveld en maatschappelijke partners en bedrijven. Ook in de laatste update van het financiële beeld, tegen het einde van het jaar, hebben we stilgestaan bij het aanlanden van de zogenaamde tweede golf en de daaropvolgende maatregelen. Proactief heeft het college toen besloten het voordeel op de BUIG middelen in te zetten om de klappen van de nieuwe maatregelen (deels) op te vangen of voor te zijn. De gemeente heeft vanaf het begin van de crisis zo goed als mogelijk haar faciliterende rol in het begeleiden naar de Rijksmaatregelen opgepakt, via onder andere het Werkplein en initiatieven als het Coronasteunpunt.
Veel aandacht was er voor de communicatie, het bundelen van informatie en het optimaliseren van de gemeentelijke website om inwoners en bedrijven naar de juiste loketten of ondersteuning te leiden. Naast het faciliteren naar Rijks- en ook provinciale middelen heeft Roosendaal haar partners ook direct getracht te ondersteunen. Via de diverse accounthouders, van economie, onderwijs tot zorg, liepen er korte lijnen om voeling te houden en de knelpunten op te halen en weg te nemen waar inwoners, bedrijven en het maatschappelijke middenveld tegenaan lopen. Ook besloot het college vrijwel direct de mogelijkheid te bieden om gemeentelijke facturen voor bijvoorbeeld huurkosten later te mogen betalen of facturen aan te houden. Dat Roosendaal een vitale en krachtige samenleving is, blijkt wel uit het feit dat hier maar mondjesmaat gebruik van is gemaakt.
4
Daarnaast heeft Roosendaal zich ruimhartig opgesteld richting onze gesubsidieerde partners. Om deze tegemoet te komen heeft het college, naast uitstel van betalingen, ook gemeend af te moeten wijken van het eerder vastgestelde subsidiebeleid. In alle gevallen gaat Roosendaal zo coulant mogelijk om met de gewijzigde invulling van een activiteitenplan en/of activiteitenbegroting. Er was ook ruimte voor directe ondersteuning. De horeca mocht de terrassen afgelopen zomer flink vergroten en de precariobelasting werd kwijtgescholden. Met diverse huurders zijn oplossingen besproken waar corona het gebruik van gemeentelijke panden zo goed als onmogelijk maakte en er waren korte lijnen met schouwburg De Kring; de ondersteuning die voor deze culturele basisvoorziening beschikbaar was, bleek uiteindelijk niet noodzakelijk. Ook amateursportverenigingen werden gecompenseerd en kregen een bedrag per lid ter ondersteuning. Voor de Roosendaalse jeugd is het project ‘iets te doen’ opgestart, om verveling en eenzaamheid tegen te gaan zijn via deze route mooie activiteiten aangeboden. Zo is er een fysiek en mentaal grensverleggend programma opgezet door oud-commando’s van de Harde Leerschool. Dit was slechts een deel van de Coronasteun die we hebben ingezet om de Roosendaalse samenleving te ondersteunen. Dit hebben we grotendeels gefinancierd met compensatiemiddelen vanuit het Rijk.
Deze (financiële) ondersteuning loopt ook in 2021 door en daarover informeren wij u middels de Voorjaarsbrief Financiën 2021. Door de beperkende maatregelen als gevolg van de lockdowns, heeft in 2020 een aantal reguliere zaken geen doorgang kunnen vinden, zijn diverse projecten niet helemaal tot een afronding gekomen en zijn specifieke gelden overgehouden. Voorgesteld wordt om bepaalde budgetten over te hevelen naar 2021. Dit lichten wij nader toe onder het kopje Resultaatbestemming 2020.
Rekeningresultaat Het gerealiseerde positieve rekeningresultaat 2020 bedraagt € 1.647.000. Voor in totaal € 17.203.000 wordt voorgesteld over te hevelen naar 2021 en naar reserves. Het grootste deel hiervan heeft betrekking op de vrijval van de kostenegalisatie voorzieningen: € 12.547.000, welke we voorstellen te storten in een nieuwe reserve Kostenegalisatie. Dit netto resultaat van € 1.647.000 wordt veroorzaakt door enkele grote voor- en nadelen. Hieronder volgen de afwijkingen > € 500.000: Voordeel op leges omgevingsvergunningen
€ 526.000
Voordeel BUIG
€ 1.161.000
Voordeel op gemeentefonds
€ 586.000
Voordeel op participatiemiddelen en inburgering
€ 639.000
Voordeel op grondexploitaties
€ 578.000
Nadeel op Jeugdhulparrangementen en Jeugdhulpplus
€ 1.700.000
5
Uit de voor- en nadelen blijkt dat veel zaken ook ‘gewoon’ door zijn gegaan in 2020. Zo zijn er volop vergunningen aangevraagd voor bouwplannen en heeft de verlening van jeugdhulp plaatsgevonden. Ten aanzien van participatie blijkt dat de effecten van de coronacrisis vooralsnog niet hebben geleid tot een significante stijging van het aantal bijstandsgerechtigden, anderzijds heeft de crisis de re-integratietrajecten bemoeilijkt. Hierdoor is veel geld overgebleven; voorgesteld wordt om dit via resultaatbestemming beschikbaar te houden voor participatie. In deel II Jaarrekening is een verschillenanalyse opgenomen met daarin een overzicht van deze en overige afwijkingen (zie pagina 217 t/m 224 van de Jaarstukken 2020).
Resultaatbestemming 2020 Om bepaalde budgetten beschikbaar te houden voor latere jaren, stellen we voor om deze over te hevelen naar 2021. Onderstaand volgt een nadere toelichting per budgetoverheveling.
Decentralisatie-uitkering transformatiemiddelen jeugd
€ 505.000
Dit betreft een uitkering die Roosendaal heeft ontvangen namens de Jeugdregio West-Brabant West. De regio West-Brabant West kon pas op 1 oktober 2018 een voorstel indienen om in aanmerking te komen voor de transformatiemiddelen. In de decembercirculaire van 2018 zijn deze middelen toegekend voor de jaren 2018-2020. Daarmee loopt uitvoering (2019-2021) een jaar achter op financiering en dient telkens het betreffende bedrag overgeheveld te worden.
Decentralisatie-uitkering Gezond in de Stad en Kansrijke start
€ 96.000
Reeds op een eerder moment is besloten de Gidsgelden in te zetten voor de uitvoering van preventieve activiteiten gericht op de speerpunten zoals opgenomen in de visie Lokaal gezondheidsbeleid. Het bedrag dat in 2020 niet uitgegeven is, dient beschikbaar te blijven voor plannen om de Ambitienota Lokaal gezondheidsbeleid 2018-2030 uit te kunnen voeren. Gemeente Roosendaal heeft zich ingeschreven voor de tweede tranche van Kansrijke start. Deze tweede tranche loopt van 2020 tot en met 2022; middelen worden echter beschikbaar gesteld voor de termijn van de eerste tranche 2019 tot en met 2021. Uitvoering loopt daarmee achter op de financiering en daarom is overheveling noodzakelijk.
Decentralisatie-uitkering Armoedebestrijding
€ 60.000
Om in 2021 tot een beleidsplan te komen én de daaruit voortvloeiende acties uit te voeren, is een gedeelte van de resterende middelen van de decentralisatie-uitkering nodig. Het gaat daarbij om het opstarten en doorontwikkelen van initiatieven, zoals het Roosendaals Jeugdontbijt en de versterkte opdracht voor inhoudelijke ondersteuning bij het opstarten van de themalijn kindgericht armoedebeleid.
Decentralisatie-uitkering LHBTI+ emancipatiebeleid
€ 24.000
Activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt in dit kader, zijn niet uitgevoerd vanwege corona. In het kader van de subsidieverstrekking is uitstel verleend aan de partijen om activiteiten 6
uit 2020 in 2021 uit te voeren. De activiteiten zijn voor 2021 corona-proof gemaakt zodat voortgang in 2021 geborgd is.
Decentralisatie-uitkering organiseren corona-proof verkiezingen
€ 52.000
Vanuit het rijk is via de algemene uitkering voor de verkiezingen 2021 een uitkering ontvangen van € 132.500. De compensatie is voor het corona proof inrichten van stemlokalen, etc. De kosten zijn in 2020 nog niet volledig gemaakt. Daarom wordt verzocht om overheveling, zodat deze gelden alsnog ingezet kunnen worden ter dekking van de extra te maken kosten in 2021.
Decentralisatie-uitkering nieuwe wet Inburgering
€ 123.000
Ondanks uitstel van de nieuwe wet moeten voorbereidingen doorgaan. Om hier in 2021 mee verder te kunnen en tevens te kunnen voldoen aan de motie Implementatie wet inburgering, zoals aangenomen op 26 november jl., zijn de resterende middelen van 2020 ter hoogte van € 123.000 nodig. Daarom wordt voorgesteld dat bedrag over te hevelen.
Kostenegalisatie voorzieningen naar reserve
€ 12.547.000
Op aandragen van de Provincie is er in 2019 voor gekozen om de Bestemmingsreserve Beheerkalender naar een voorziening te brengen. Nu blijkt tijdens de accountantscontrole dat alle kostenegalisatie voorzieningen op aspecten/onderdelen strikt genomen niet helemaal voldoen naar de letter van het BBV. Er is fundamenteel onderzoek nodig om te bepalen wat de beste en juiste manier is om de betreffende kosten te egaliseren. In het tijdsbestek van de accountantscontrole was die tijd er niet. Daarom stellen we voor dit bedrag tijdelijk in een (nieuw te vormen) reserve “Kostenegalisatie” te storten. Later dit jaar wordt voorgesteld hoe dit in de toekomst te borgen.
Middelen Werkplein
€ 1.961.000
Het merendeel van het voordeel op het Werkplein is corona gerelateerd. Vanwege de steunmaatregelen van het Rijk zijn in 2020 minder faillissementen geweest dan verwacht. Omdat de corona crisis nog niet voorbij is en we nog een grote impact gaan verwachten op de bijstand stellen we voor om het voordeel op het Werkplein over te hevelen, zodat we deze middelen alsnog kunnen inzetten waar ze voor bedoeld waren: re-integratie, bijstand en inkomensondersteuning.
Middelen onderwijshuisvesting
€ 608.000
In de Aanbiedingsnota 2019 is vanaf 2019 structureel € 600.000 extra beschikbaar gesteld om de budgetten voor onderwijshuisvesting op peil te brengen. Dit bedrag is geïndexeerd. Dit bedrag is niet gebruikt in 2020, maar dient wel ter beschikking te blijven voor dit doel. Daarom wordt voorgesteld dit bedrag te storten in de bestemmingsreserve Onderwijshuisvesting.
Wifi sensoren binnenstad
€ 9.000
In 2020 is de toezegging gedaan tot een investering voor het plaatsen van wifi-sensoren voor het reguleren van de drukte in de binnenstad. Uitvoering zal plaatsvinden in 2021/2022. Daarom wordt voorgesteld om het bedrag over te hevelen naar 2021.
7
Re-integratiemiddelen compensatie a.g.v. corona
€ 189.000
Als onderdeel van het steun- en herstelpakket stelt het kabinet in 2020 en 2021 extra middelen voor de re-integratie van bijstandsgerechtigden beschikbaar. Gemeenten ontvangen deze extra middelen zodat zij de reguliere dienstverlening op peil kunnen houden nu de instroom in de bijstand toeneemt. In de decembercirculaire heeft Roosendaal een bedrag van € 189.312 ontvangen. Op dit moment wordt, samen met het Werkplein, een maatregelenpakket samengesteld. Voorgesteld wordt om dit bedrag over te hevelen naar 2021 ter dekking van dit maatregelenpakket.
Innovatievouchers
€ 25.000
Als extra corona maatregel werd eind oktober 2020 een budget ter beschikking gesteld om Roosendaalse ondernemer te steunen. Dit bedrag is nog niet uitgegeven in 2020, maar dient wel ter beschikking te blijven voor dit doel. Daarom wordt voorgesteld het budget over te hevelen naar 2021. ‘
GIA gelden
€ 100.000
In het bestuurlijk overleg GIA (Geweld in Afhankelijkheidsrelaties) van oktober 2020 is besloten om de Decentralisatie uitkering Vrouwenopvang (DUVO), die voor 2020 extra beschikbaar is gekomen bij de septembercirculaire, te verdelen over de 16 gemeenten. Deze middelen zijn namelijk niet nodig voor regionale activiteiten. Van de teruggave wordt gevraagd € 100.000 over te hevelen. In 2021 wordt een plan vastgesteld om uitvoering te geven aan het actieplan Geweld Hoort Nergens Thuis. Daarnaast is in december 2020 besloten tot Implementatie en coördinatie tegengaan mensenhandel. Tot slot wordt hiermee uitvoering gegeven aan het plan anti discriminatie en racisme.
Roosendaal Natuurstad
€ 63.000
In 2020 is niet het volledige budget ten behoeve van Roosendaal Natuurstad uitgegeven. Plannen die onder dit budget liggen zijn vertraagd en worden uitgevoerd in 2021. Het gaat onder andere om het planten van bomen en meer groen in de wijken ten noorden van de A58.
Onderwijsjeugdagenda
€ 98.000
Het plan voor de Onderwijsjeugdagenda is nog niet vastgesteld, maar heeft vertraging opgelopen. Dit zal in 2021 worden vastgesteld, maar interventies zoals de inzet van jeugdprofessionals Onderwijs lopen door. Om deze en andere kosten uit de Onderwijsjeugdagenda te dekken, wordt het niet bestede budget uit 2020 doorgeschoven naar 2021.
Storting in voorziening Riolering
€ 645.000
Het voordeel op de gesloten financiering riolering is een gevolg van BTW compensatie. Vanwege de vele investeringen in 2020 valt deze hoog uit. Het voorstel is om dit bedrag beschikbaar te houden voor de gesloten financiering en daarom in de voorziening te storten.
8
Woonagenda
€ 28.000
Het opstellen van de Woonagenda is in 2020 nog niet afgerond. Het resterende budget van 2020 is nodig om dit af te ronden in 2021. Voor de campagne “Bewustwording ouderen huisvesting” is als gevolg van de corona crisis in 2020 beperkt tot geen campagne gevoerd. Om een inhaalslag te maken in 2021 wordt voorgesteld budget over te hevelen.
Corona compensatie Schuldhulpverlening
€ 70.000
Bij de decembercirculaire is een bedrag beschikbaar gesteld voor schuldhulpverlening in het kader van corona compensatie. In 2020 zijn hier geen extra kosten voor gemaakt, daarom wordt gevraagd dit bedrag over te hevelen naar 2021. In 2021 verwachten we meer faillissementen en ontslagen, waardoor we dan naar verwachting meer budget nodig zullen hebben.
Totaal
De helft van het restant saldo storten in het Innovatiefonds
€ 17.203.000
€ 823.000
In 2018 is door de Raad besloten om het jaarrekening saldo, na resultaatbestemming voortaan voor de helft te storten in het innovatiefonds.
De helft van het restant saldo storten in Algemene reserve
€ 823.000
Na overheveling van bovenstaande bedragen resteert nog € 823.000 van het jaarrekening saldo. Voorgesteld wordt om dit te storten in de Algemene reserve.
9
Maatschappelijke effecten Onderstaande maatschappelijke effecten zijn vastgesteld in de Kadernota 2020. Hierbij horen meetbare indicatoren. Per maatschappelijk effect zijn die hieronder weergegeven. In de onderstaande tabellen wordt bij de doelstellingen niet altijd een streefwaarde gegeven, maar in sommige gevallen een indicatie welke richting de meting in 2022 op zou moeten gaan:
het streven is om een daling te realiseren ten opzichte van de laatste meting
≈
het streven is om de uitkomst stabiel te houden ten opzichte van de laatste meting
het streven is om een stijging te realiseren ten opzichte van de laatste meting
Ondernemers en inwoners zijn tevreden over de dienstverlening van de gemeente Roosendaal. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Rapportcijfer ondernemerstevredenheid gemeentelijke dienstverlening Bron: Bedrijvenenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,4
geen meting
6,4
geen meting
7,5
Rapportcijfer klanttevredenheid digitale dienstverlening (juli) Bron: Dashboard Publiekszaken, inSocial Meetfrequentie: jaarlijks
geen meting*
7,6
8,3
7,9
8,5
Rapportcijfer klanttevredenheid telefonische dienstverlening (juli) Bron: Dashboard Publiekszaken, continu feedback Meetfrequentie: jaarlijks
8,2
8,5
7,7
8,3
8,0
Rapportcijfer klanttevredenheid dienstverlening aan de balie (juli) Bron: Dashboard Publiekszaken, continu feedback Meetfrequentie: jaarlijks
8,3
8,5
8,5
8,5
8,0
RSD: 74%, NL: 59%
RSD: 72%, NL: 64%
geen meting
geen meting
boven landelijk gemiddelde houden
Digitale volwassenheid producten ondernemers** Bron: VNG Meetfrequentie: jaarlijks
*De indicator ‘Rapportcijfer klanttevredenheid digitale dienstverlening (juli)’ is na 2016 niet meer beschikbaar. Vanaf 2018 wordt gemeten via InSocial en het Dashboard Publiekszaken. ** Om een beeld te krijgen hoe het staat met de digitalisering van de dienstverlening van de overheid, is een landelijk onderzoek uitgevoerd naar het volwassenheidsniveau van de online dienstverlening / service van de veelvoorkomende producten voor ondernemers, bedrijven en ondernemingen op de website van gemeenten. Daarbij is per gemeente en per product vastgelegd of het mogelijk is het product digitaal aan te vragen en wat het digitale volwassenheidniveau hiervan is. De digitale volwassenheid van de organisatie geeft aan hoe de organisatie omgaat met de organisatorische, informatietechnische en technologische uitdagingen van een digitale transformatie. Het Onderzoek Digitale Volwassenheid is in 2019 en 2020 niet meer uitgevoerd. Bovenstaand effect en bijbehorende indicatoren zijn grotendeels onveranderd t.o.v. programmabegroting 2019. De indicator ‘Digitale volwassenheid producten ondernemers’ is toegevoegd naar aanleiding van het ‘Economisch koersdocument 2019-2022: Verbinden, vernieuwen en uitdagen’.
10
Inwoners, ondernemers en bezoekers voelen zich veilig. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Rapportcijfer van inwoners over het veiligheidsgevoel in de buurt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,1
geen meting
7,0
geen meting
7,5
Rapportcijfers van ondernemers over het veiligheidsgevoel in de omgeving van de onderneming Bron: Bedrijvenenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,6
geen meting
6,6
geen meting
7,1
Rapportcijfer van bezoekers voor het veiligheidsgevoel in de binnenstad Bron: Passantenenquête Meetfrequentie: jaarlijks
7,3
7,5
7,2
geen meting
7,8
Percentage inwoners dat zich wel eens onveilig voelt in de buurt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
26%
geen meting
26%
geen meting
22%
Percentage inwoners dat plekken in de buurt vermijdt vanwege onveiligheid Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
28%
geen meting
28%
geen meting
24%
Percentage inwoners dat vindt dat er vaak drugsoverlast plaatsvindt in de eigen buurt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
11%
geen meting
9%
geen meting
7%
Percentage inwoners dat vindt dat er vaak overlast van groepen jongeren plaatsvindt in de eigen buurt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
10%
geen meting
8%
geen meting
6%
De indicatoren uit bovenstaande tabel zijn een resultaat van het ‘Integraal Veiligheidsplan 2019-2022 Samen bouwen aan onze veiligheid’. Deze indicatoren meten de voortgang van de doelen zoals opgesteld in dit plan.
Roosendaal kent een aantrekkelijk en vernieuwend onderwijsaanbod en een ontwikkel- en leerinfrastructuur die aansluit op de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Percentage jongeren dat zonder startkwalificatie het onderwijs verliet Bron: Regionaal Bureau Leerplicht Meetfrequentie: jaarlijks
2,1% (2016/ 2017)
2,2% (2017/ 2018)
3,11% (2018/ 2019)
2,27% (2019/ 2020)
1,9%
Aantal lopende WW-uitkeringen jongeren <27 jaar (UWV) (januari van elk jaar) Bron: UWV Meetfrequentie: maandelijks
geen meting
104
119
111
100
Aantal personen <27 jaar met een uitkering in het kader van de Participatiewet in Roosendaal (januari van elk jaar) Bron: Werkplein Meetfrequentie: jaarlijks
278
233
188
169
180
Indicator
Meting 2020
Doelstelling 2022
Bron: Onderwijsincijfers De indicatoren uit bovenstaande tabel zijn een resultaat van ‘Actie agenda arbeidsmarkt 2019-2022: Iedereen doet mee op de arbeidsmarkt XL’. Deze indicatoren meten de voortgang van de doelen zoals opgesteld in dit plan.
11
Inwoners zijn voldoende wendbaar om mee te blijven doen aan de (toekomstige) arbeidsmarkt. Meting 2017
Meting 2018
Meting 2020
Doelstelling 2022
Netto arbeidsparticipatie: % van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking (15 t/m 74 jarigen) Bron: CBS Meetfrequentie: jaarlijks
RSD: 63,5% NL: 66,7%
RSD: 65,5% NL: 67,8%
RSD: 66,4% NL: 68,8%
RSD: 65,8% NL: 68,4%
68%
Aantal personen (18 jaar en ouder) per 1000 met een bijstandsuitkering Bron: CBS Meetfrequentie: jaarlijks
RSD: 40,8 NL: 41,9
RSD: 39,2 NL: 40,1
RSD: 38,4 NL: 38,2
RSD: 48,5 NL: 46,0
1,0 onder landelijk gemiddelde
Lopende reintegratievoorzieningen: aantal per 1000 inwoners van 15 t/m 74 jaar* Bron: CBS Meetfrequentie: jaarlijks
RSD: 6,5 NL: 14,2
RSD: 13,2 NL: 15,3
RSD: 11,6 NL: 13,4
RSD: 12,6 NL: 13,1
gelijk aan landelijk gemiddelde
Aantal geregistreerde werkzoekenden zonder dienstverband bij UWV (GUWV) (januari van elk jaar)** Bron: UWV Meetfrequentie: maandelijks
geen meting
RSD: 3964 benchmark gemeenten: 5135
RSD: 3636 benchmark gemeenten: 4768
RSD: 3543 benchmark gemeenten: 4595
daling is gelijk aan of groter dan benchmark gemeenten
% WW-gerechtigden 55 jaar of ouder (t.o.v. totaal aantal WW (alle leeftijden), januari van elk jaar) Bron: UWV Meetfrequentie: maandelijks
geen meting
42%
41%
38%
37,5%
Indicator
Meting 2019
*Voor de indicator personen met lopende re-integratievoorzieningen (aantal per 1000 inwoners 15-74 jaar) zijn de metingen van 2017 en 2018 gecorrigeerd volgens de cijfers van het CBS. **Voor de indicator aantal geregistreerde werkzoekenden zonder dienstverband zijn de metingen van 2017 t/m 2019 gecorrigeerd volgens de cijfers van het UWV. Bovenstaande indicatoren zijn afkomstig uit de “Actie agenda arbeidsmarkt 2019-2022: Iedereen doet mee op de arbeidsmarkt XL” en meten de voortgang van de doelen zoals opgesteld in dit plan. Deze indicatoren meten de voortgang van de doelen zoals opgesteld in dit plan.
12
De gemeente Roosendaal biedt ondernemers een goed innovatie- en ondernemersklimaat. Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Rapportcijfer van ondernemers voor het ondernemersklimaat in de gemeente Roosendaal Bron: Bedrijvenenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,5
geen meting
6,5
geen meting
7,5
Toegevoegde waarde gecreëerd door de Roosendaalse ondernemers Bron: LISA (in € miljoen) Meetfrequentie: jaarlijks
2.684
2.726
2.764
nog niet beschikbaar
2% groei per jaar
Aantal banen per 1000 inwoners in de leeftijd 15 t/m 74 jaar Bron: LISA Meetfrequentie: jaarlijks
RSD: 658,1 NL: 654,0
RSD: 654,3 NL: 664,6
RSD: 659,3 NL: 677,1
nog niet beschikbaar
landelijk gemiddelde van jaar ervoor
Functiemenging, in % Bron: LISA Meetfrequentie: jaarlijks
52,3%
52,1%
52,3%
nog niet beschikbaar
50%
Aantal vestigingen per 1000 inwoners in de leeftijd 15 t/m 74 jaarr Bron: LISA Meetfrequentie: jaarlijks
RSD: 106,2 NL: 120,1
RSD: 109,1 NL: 124,6
RSD: 113,2 NL: 129,6
nog niet beschikbaar
landelijk gemiddelde
Indicator
Meting 2020
Doelstelling 2022
Bovenstaande indicatoren zijn afkomstig uit het “Economisch koersdocument 2019-2022: Verbinden, vernieuwen en uitdagen”. Cijfers LISA over 2020 nog niet beschikbaar.
De binnenstad is aantrekkelijk voor bezoekers, inwoners en ondernemers. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Rapportcijfer bezoekers binnenstad Bron: Passantenenquête Meetfrequentie: jaarlijks
6,9
6,9
6,8
geen meting
7,0
Rapportcijfer inwoners over sfeer en gezelligheid binnenstad Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,4
geen meting
6,3
geen meting
6,5
Rapportcijfer ondernemers over sfeer en gezelligheid binnenstad Bron: Bedrijvenenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,4
geen meting
6,4
geen meting
6,5
13
De gemeente Roosendaal is aantrekkelijk om te wonen en vrije tijd door te brengen. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Rapportcijfer van inwoners over de leefbaarheid van hun buurt (de buurt als woon- en leefomgeving) Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,4
geen meting
7,3
geen meting
7,5
Rapportcijfer van inwoners over de kwaliteit van de woonomgeving (inrichting van de straat, pleintjes, bankjes) Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,5
geen meting
6,5
geen meting
6,6
Rapportcijfer van inwoners voor het onderhoud van de verhardingen Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
5,4
geen meting
5,7
geen meting
6,0
Rapportcijfer van inwoners voor het onderhoud van het openbaar groen Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
5,6
geen meting
5,7
geen meting
6,0
Rapportcijfer van inwoners voor voorzieningen in de buurt* Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,0
geen meting
7,0
geen meting
7,0
Aandeel inwoners dat zich het afgelopen jaar actief heeft ingezet voor de buurt Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
30%
geen meting
30%
geen meting
35%
Aandeel inwoners dat vindt dat de buurt het afgelopen jaar vooruit is gegaan Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
8%
geen meting
8%
geen meting
10%
Aandeel inwoners dat verwacht dat de buurt de komende jaren vooruit zal gaan Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
7%
geen meting
8%
geen meting
10%
Rapportcijfer van inwoners voor culturele voorzieningen (bijvoorbeeld schouwburg, museum, bioscoop) Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,5
geen meting
7,4
geen meting
7,7
Rapportcijfer van inwoners voor recreatievoorzieningen (bijvoorbeeld wandelpaden, fietsroutes Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,3
geen meting
7,3
geen meting
7,2
Rapportcijfer van inwoners voor sportvoorzieningen (bijvoorbeeld sportcentra, accommodaties, activiteiten) Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,6
geen meting
7,6
geen meting
7,5
* Dit is een gemiddeld rapportcijfer voor elf voorzieningen in de buurt: basisscholen, peuterspeelzalen, speelgelegenheden, groenvoorzieningen, voorzieningen voor jongeren, voorzieningen voor ouderen, gezondheids-/welzijnsvoorzieningen, parkeergelegenheid, straatverlichting, openbaar vervoer en winkels voor de dagelijkse boodschappen.
14
Roosendaal en de Roosendalers lopen voorop in de energietransitie, kunnen goed omgaan met klimaatverandering en stimuleren circulair leven en werken. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Totale CO2 uitstoot in Roosendaal* Bron: Rijkswaterstaat klimaatmonitor Meetfrequentie: jaarlijks
511.900
nog niet beschikbaar
nog niet beschikbaar
nog niet beschikbaar
n.n.b.*
Het aantal bomen in beheer van de gemeente Roosendaal Bron: Gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
45.461
46.235
46.942
50.400
48.439
Totaal bekend energiegebruik (TJ) in Roosendaal Bron: Rijkswaterstaat klimaatmonitor Meetfrequentie: jaarlijks
6819
nog niet beschikbaar
nog niet beschikbaar
nog niet beschikbaar
6258
Percentage duurzame utiliteitsgebouwen (gebouwen met een ++++, +++, A++, A+, A of B energielabel t.o.v. totaal aantal utiliteitsgebouwen) in Roosendaal** Bron: Registratiesysteem voor energielabels van gebouwen, RVO, bewerking door ABF Research Meetfrequentie: jaarlijks
5,5%
9,3%
11,8%
8,6%
11%
Percentage duurzame woningen (woningen met een A++, A+, A of B energielabel t.o.v. totaal aantal woningen) in Roosendaal Bron: Registratiesysteem voor energielabels van gebouwen, RVO, bewerking door ABF Research Meetfrequentie: jaarlijks
11,6%
13,2%
14,6%
19,7%
19%
Kilogram restafval per huishouden Bron: Gemeente Roosendaal beheer en wijkatlas Meetfrequentie: jaarlijks
358
361
337
nog niet beschikbaar
249
37,7%
46,6%
nog niet beschikbaar
nog niet beschikbaar
43,34%
Hernieuwbare elektriciteit (%) in Roosendaal Bron: Rijkswaterstaat Meetfrequentie: jaarlijks
Doelstelling 2022
*Het is op dit moment nog niet mogelijk om een doelstelling te bepalen voor de indicator “Totale CO2 uitstoot in Roosendaal”. Het doel voor 2030 is 50% CO2 reductie ten opzichte van 1990. Er zijn echter alleen juiste gegevens beschikbaar over de CO2 uitstoot vanaf het jaar 2010. De jaren voor 2010 worden op dit moment gereconstrueerd door Rijkswaterstaat. **Het percentage duurzame utiliteitsgebouwen is in 2020 lager dan voorgaande jaren omdat de berekening van het totaal aantal utiliteitsgebouwen is herzien. Het bovengenoemde effect wordt in de Programmabegroting 2020 voor het eerst opgenomen en is gebaseerd op actualisatie Roosendaal Futureproof 2017-2021. In het actieplan Futureproof worden geen indicatoren opgesteld maar prioriteiten die onderverdeeld worden in actieplannen. De thema’s zijn wel gekoppeld aan doelstellingen. Later, na het schrijven van het actieplan, zijn aan deze doelstellingen indicatoren gekoppeld. Van alle indicatoren is een selectie opgenomen in deze programmabegroting die tezamen het effect zo goed en volledig mogelijk ondervangen.
15
De gemeente Roosendaal heeft een woningaanbod dat is afgestemd op de behoeften van huidige en (potentieel) toekomstige inwoners. Indicator
16
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Gemiddeld rapportcijfer dat bewoners geven voor de kwaliteit van de eigen woning Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,8
geen meting
7,8
geen meting
7,8
Het aantal gebouwde woningen in de gemeente Roosendaal binnen een jaar (inclusief nieuw gebouwde woningen en woningen die zijn ontstaan door verbouwing van bijvoorbeeld een winkelof kantoorpand) Bron: team Informatie gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
54
112
236
247
400
De mate waarin de door de provincie vooruit berekende groei van de woningvoorraad naar verwachting daadwerkelijk gerealiseerd gaat worden in de gemeente Roosendaal (bouwindicator lange termijn) Bron: Monitor bevolking en wonen van de Provincie Noord-Brabant Meetfrequentie: driemaandelijks
36% (stagn.indicator 2019) 29% (stagn.indicator 2017)
60%
58%
70%
59% (bouwIndicator 2020)
Percentage leegstaande woningen Bron: team informatie gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
2,6%
2,6%
2,7%
2,7%
2,5%
Aantal personen dat zich in de gemeente Roosendaal heeft gevestigd van buiten de gemeente Bron: BRP Gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
3.406
3.437
3.734
3.474
3.300
Aantal personen dat is verhuisd naar een woonplaats buiten de gemeente Roosendaal Bron: BRP Gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
3.447
3.320
3.431
3.397
3.200
Aantal personen dat is verhuisd binnen de gemeente Roosendaal Bron: BRP Gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
4.829
4.332
4.318
4.583
4.500
De woon-, werk- en winkellocaties van de gemeente Roosendaal zijn goed bereikbaar voor inwoners, bezoekers en ondernemers. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Rapportcijfer van ondernemers voor de bereikbaarheid van hun locatie (uitsplitsing naar auto-fiets-OV) Bron: Bedrijvenenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,5 (auto) 8,1 (fiets) 6,0 (OV)
geen meting
7,4 (auto) 8,3 (fiets) 6,1 (OV)
geen meting
7,0 (auto) 7,5 (fiets) 6,0 (OV)
Rapportcijfer van inwoners voor de bereikbaarheid van de eigen woning (uitsplitsing naar auto-fiets-OV) Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
8,5 (auto) 8,8 (fiets) 7,3 (OV)
geen meting
8,5 (auto) 8,8 (fiets) 7,0 (OV)
geen meting
8,0 (auto) 8,5 (fiets) 7,0 (OV)
Rapportcijfer van inwoners voor de mogelijkheid om zich binnen de gemeente te verplaatsen Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
7,9 (auto) 8,3 (fiets) 6,9 (OV)
geen meting
7,6 (auto) 8,3 (fiets) 6,8 (OV)
geen meting
7,0 (auto) 8,0 (fiets) 6,5 (OV)
Rapportcijfer van bezoekers voor de bereikbaarheid van de binnenstad (uitsplitsing naar auto-fiets-OV) Bron: Passantenenquête Meetfrequentie: jaarlijks
7,0 (auto) 8,3 (fiets) 7,4 (OV)
6,4 (auto) 8,2 (fiets) 7,8 (OV)
6,6 (auto) 8,3 (fiets) 7,3 (OV)
geen meting
6,5 (auto) 8,0 (fiets) 7,0 (OV)
Rapportcijfer van inwoners voor parkeervoorzieningen in de eigen buurt Bron: Bewonersenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: tweejaarlijks
6,5
geen meting
6,4
geen meting
6,5
Rapportcijfer van bezoekers voor parkeervoorzieningen binnenstad (auto fiets) Bron: Passantenenquête gemeente Roosendaal Meetfrequentie: jaarlijks
7,2 (auto) 8,0 (fiets)
6,9 (auto) 8,1 (fiets)
7,2 (auto) 8,2 (fiets)
geen meting
7,0 (auto) 7,5 (fiets)
17
Kinderen en jongeren groeien veilig en gezond op tot veerkrachtige en zelfredzame volwassenen. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Percentage ouders dat soms tot vaak problemen bij de opvoeding ervaart (0-11 jaar). Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
30%
geen meting
geen meting
geen meting
Ouder ervaart bovengemiddeld veel stress bij de opvoeding (0-11 jaar) Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
27%
geen meting
geen meting
geen meting
Het percentage jongeren dat zonder startkwalificatie het onderwijs verliet Bron: Regionaal Bureau Leerplicht Meetfrequentie: jaarlijks
2,1% (2016/2017)
2,2% (2017/2018)
3,11% (20182019)
nog niet beschikbaar
Percentage kinderen dat opgroeit in huishoudens welke minimaal 4 jaar een inkomen tot 120% sociaal minimum hebben Bron: CBS Meetfrequentie: jaarlijks
6,4%
6,5%
6,5%
nog niet beschikbaar
Percentage kinderen met gezond gewicht (1-11 jaar & 2e klas VO) Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
1-11: 83% 2e klas VO: geen gegevens
geen meting
geen meting
geen meting
Aantal kinderen met indicatie VVE Bron: TWB Meetfrequentie: jaarlijks
302
290
265
283
≈
Percentage jongeren (16-27 jaar) dat geen eenzaamheid ervaart Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
54%
geen meting
61%
geen meting
Percentage jongeren (16-27 jaar) dat zich gelukkig of erg gelukkig voelt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
86%
geen meting
86%
geen meting
De doelen zoals benoemd in de doelenboom van de ‘Transformatieagenda Sociaal Domein: Oog voor elkaar’ zijn vertaald naar meetbare indicatoren in bovenstaande tabel.
18
Volwassenen kunnen goed rondkomen, zijn zelfredzaam, voelen zich onderdeel van een netwerk en zetten zich in voor hun omgeving. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Percentage volwassenen (19-64 jaar) dat in de afgelopen 12 maanden moeite heeft gehad met rondkomen Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage volwassenen (19-64 jaar) dat matig tot veel regie over het eigen leven ervaart Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage volwassenen (28-69 jaar) dat geen eenzaamheid ervaart Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
52%
geen meting
54%
geen meting
≈
Percentage volwassenen (28-69 jaar) dat in de afgelopen 12 maanden zich heeft ingezet voor hun omgeving in de vorm van vrijwilligerswerk, mantelzorg of zich belangeloos inzetten om een buurtbewoner te helpen Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
78%
geen meting
77%
geen meting
Percentage volwassenen (28-69 jaar) dat zich gelukkig of erg gelukkig voelt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
82%
geen meting
80%
geen meting
Percentage volwassenen (19-64 jaar) met een gezond gewicht (BMI) Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage volwassenen (19-64 jaar) dat voldoet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (minstens 5 dagen in de week een half uur matig intensief lichamelijk actief (bijvoorbeeld wandelen of huishoudelijke activiteiten) Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage huishoudens met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum (duur inkomenspositie: ten minste 1 jaar) Bron: CBS Meetfrequentie: jaarlijks
13,3%
13,1%
12,9%
nog niet beschikbaar
≈
De doelen zoals benoemd in de doelenboom van de Transformatieagenda Sociaal Domein: Oog voor elkaar zijn vertaald naar meetbare indicatoren in bovenstaande tabel.
19
Ouderen blijven zo zelfstandig mogelijk functioneren en doen actief mee in de samenleving. Indicator
Meting 2017
Meting 2018
Meting 2019
Meting 2020
Doelstelling 2022
Percentage ouderen (65+ jaar) met een gezond gewicht (BMI) Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage ouderen (65+ jaar) dat voldoet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (minstens 5 dagen in de week een half uur matig intensief lichamelijk actief (bijvoorbeeld wandelen of huishoudelijke activiteiten) Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage ouderen (65+) dat in de afgelopen 12 maanden moeite heeft gehad met rondkomen Bron: GGD Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage ouderen 65+ dat matig tot veel regie over eigen leven ervaart Bron: GGDl Meetfrequentie: vierjaarlijks
geen meting
geen meting
geen meting
nog niet beschikbaar
Percentage inwoners van 70 jaar en ouder met mensen in de omgeving die belangeloos willen helpen met het huishouden of met karweitjes rond het huis (bijvoorbeeld boodschappen halen, schoonmaken, tuin bijhouden) Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
45%
geen meting
45%
geen meting
Het percentage inwoners van 70 jaar en ouder dat geen eenzaamheid ervaart Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
36%
geen meting
37%
geen meting
Percentage ouderen (70+ jaar) dat in de afgelopen 12 maanden zich heeft ingezet voor hun omgeving in de vorm van vrijwilligerswerk, mantelzorg of zich belangeloos inzetten om een buurtbewoner te helpen Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
74%
geen meting
70%
geen meting
Percentage ouderen (70+ jaar) dat zich gelukkig of erg gelukkig voelt Bron: Bewonersenquête Meetfrequentie: tweejaarlijks
71%
geen meting
70%
geen meting
De doelen zoals benoemd in de doelenboom van de Transformatieagenda Sociaal Domein: Oog voor elkaar zijn vertaald naar meetbare indicatoren in bovenstaande tabel.
20
21
Vaststellingsbesluit Vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Roosendaal in zijn vergadering van 8 juli 2021,
De griffier, De voorzitter,
E. van Straaten-Noyons
22
J.M. van Midden
Gecomprimeerde balans Balans (x 1.000) Activa
Passiva
31-12-2019
31-12-2020
Vaste activa
31-12-2019
31-12-2020
Eigen vermogen
66.263
86.604
Vaste passiva
Immaterieel
667
449
Materieel
137.256
150.870
Voorzieningen
25.759
16.868
Financieel
26.099
20.964
Langlopende schulden
100.641
128.500
164.022
172.283
192.663
231.972
Vlottende activa
Vlottende passiva
Voorraden
41.937
42.187
Kortlopende schulden
35.198
11.757
Vorderingen
8.503
21.308
Overlopende passiva
8.209
19.889
8
1.320
21.600
26.520
72.048
91.335
43.407
31.646
236.070
263.618
Totaal passiva
236.070
263.618
Gegarandeerde geldleningen
380.238
395.065
Liquide middelen Overlopende activa
Totaal activa
In deel II Jaarrekening 2020 is de voorgeschreven uitgebreide balans conform BBV regelgeving opgenomen inclusief de volledige toelichting. Onderstaand volgt een verkorte toelichting.
Immateriële vaste activa Hier worden de bijdragen aan activa in eigendom van derden verantwoord. Deze hebben betrekking op investeringen in welzijnsaccommodaties.
Materiële vaste activa Dit zijn uitgaven met meerjarig nut die in meerdere jaren worden afgeschreven. De belangrijkste investeringen in 2020 met economisch nut zijn de renovatie van het Huis van Roosendaal, ’t Zand en Strijp 27. Daarnaast hebben investeringen in maatschappelijk nut plaatsgevonden. De belangrijkste zijn de Wouwseweg, de Rucphensebaan en de Westelijke Havendijk.
Financiële vaste activa Dit betreft kapitaalverstrekkingen en leningen (onder andere deelnemingen). Roosendaal neemt deel in diverse rechtspersonen en gemeenschappelijke regelingen (kapitaalverstrekkingen). De belangrijkste vermeerderingen zijn de Startersleningen Roosendaal via SVn (Stimuleringsfonds Huisvesting), de langlopende leningen op grond van de Participatiewet, de Stimuleringsregeling verbetering wooncomfort en de deelneming DER.
23
Voorraden (onderhanden werk) Onderhanden werk zijn in exploitatie genomen bouwgronden.
Vorderingen Dit zijn vorderingen met een looptijd korter dan één jaar.
Liquide middelen Dit zijn de kas- en banktegoeden, opgenomen tegen nominale waarde.
Overlopende activa Dit betreft de nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen. De belangrijkste post heeft betrekking op de BTW-vorderingen (met name BCF-declaratie bij het Rijk).
Eigen vermogen Reserves zijn vermogensbestanddelen die als eigen vermogen aan te merken zijn en die na besluitvorming door de gemeenteraad vrij te besteden zijn. Er zijn twee soorten reserves: algemene reserves en bestemmingsreserves (BR). De gemeente Roosendaal heeft twee algemene reserves met ieder een eigen doel: algemene reserve en risicoreserve sociaal domein. Van de bestemmingsreserves zijn verschillende reserves aanwezig. Een aantal voorbeelden hiervan zijn: Nieuwbouw Stadskantoor en Beheerkalender kapitaallasten. Verder wordt het eigen vermogen ook bepaald door het resultaat van de jaarrekening. Het voordelig resultaat van 2020 bedraagt € 6.302.000 (2019: € 1.092.000).
Voorzieningen Voorzieningen geven een schatting aan van ‘voorzienbare’ lasten, maar waarvan de omvang en/of het tijdstip van afwikkeling nog onzeker zijn, maar wel voldoende zijn in te schatten. De voorzieningen zijn verdeeld over vier categorieën: > Verplichtingen, verliezen en risico’s; > Ter egalisering van kosten; > Bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen waarvoor een heffing wordt geheven; > Voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is.
Langlopende schulden Deze schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. De langlopende schulden bestaan uit alleen onderhandse geldleningen van binnenlandse banken. In 2020 is een nieuwe langlopende lening aangetrokken bij de De Nederlandse Waterschapsbank van € 35 mln. Daarnaast hebben diverse andere aflossingen plaatsgevonden. Voor meer informatie wordt verwezen naar Paragraaf 4 Financiering.
24
Kortlopende schulden Deze schulden hebben een rentetypische looptijd korter dan één jaar. De schulden bestaan uit crediteuren en overige kortlopende schulden, zoals waarborgsommen, onderhanden werken en de tussenrekeningen.
Overlopende passiva De overlopende passiva betreffen verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, vooruit ontvangen bedragen van het Rijk en overige overheidsinstellingen en overige vooruit ontvangen bedragen. De overlopende passiva hebben voornamelijk betrekking op de vooruit ontvangen bedragen van het Rijk en overige overheidsinstellingen voor in totaal ad € 9 mln.
Gegarandeerde geldleningen Door de gemeente worden garanties gegeven voor betaling van rente en aflossing van bepaalde geldleningen. Deze betreffen leningen aangegaan door woningbouwverenigingen, instellingen in de gezondheidszorg en overige ten behoeve van de financiering van vaste activa. Het totale gegarandeerde bedrag is per saldo gestegen met € 14,8 miljoen en is conform de voorschriften buiten de telling van de balans gehouden.
25
Totaaloverzicht baten en lasten 2020
(x € 1.000)
Primitieve begroting 2020
Gewijzigde begroting 2020
Verschil rekening t.o.v. begroting
Rekening 2020
Lasten 1. Besturen & Samenw. (excl. overhead)
14.218
15.256
14.824
432
2. Leren & Ontwikkelen
22.801
24.860
21.433
3.427
3. Werken & Ondernemen
62.742
75.975
69.956
6.019
4. Wonen & Verblijven
51.588
59.177
58.932
245
5. Zorgen & Stimuleren
52.374
65.200
64.736
464
Totaal lasten programma’s
203.723
240.468
229.881
10.587 Voordeel
Baten 1. Besturen & Samenw. (excl. overhead)
1.167
894
1.072
178
2. Leren & Ontwikkelen
5.311
5.374
5.215
159
3. Werken & Ondernemen
31.443
42.868
41.246
1.622
4. Wonen & Verblijven
36.520
41.230
46.321
5.091
5. Zorgen & Stimuleren
4.697
10.901
10.162
739
Totaal baten programma’s
79.138
101.267
104.016
2.749 Voordeel
13.051
14.362
13.752
610
2. Leren & Ontwikkelen
17.490
19.486
16.218
3.268
3. Werken & Ondernemen
31.299
33.107
28.710
4.397
4. Wonen & Verblijven
15.068
17.947
12.611
5.336
Saldi 1. Besturen & Samenw. (excl. overhead)
5. Zorgen & Stimuleren
47.677
54.299
54.574
275
Totaal saldi programma’s
124.585 Nadeel
139.201 Nadeel
125.865 Nadeel
13.336 Voordeel
Overige lasten 1. Ondersteuning organisatie (overhead)
19.053
20.244
18.442
1.802
6. Onvoorzien
150
38
0
38
6. Vennootschapsbelasting
10
0
0
0
2.376
2.501
4.132
1.631
Baten
147.911
156.098
168.780
12.682
Saldo programma 6 (excl.reserves)
145.535
153.597
164.648
11.051
Gerealiseerd totaal saldo baten/lasten
1.737 Voordeel
5.886 Nadeel
20.341 Voordeel
26.227 Voordeel
Onttrekkingen aan reserves
-20.613
-27.749
-21.469
-6.280
Toevoegingen aan reserves
21.757
21.863
22.961
-1.098
593 Voordeel
0
18.849 Voordeel
18.849 Voordeel
Algemene dekkingsmiddelen Lasten
Gerealiseerd resultaat
26
Begrotingsrechtmatigheid Analyse voor de begrotingsrechtmatigheid Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. In de toelichting op het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden wordt begrotingsrechtmatigheid omschreven als: ‘Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn maxima voor de lasten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn’. Er is een aantal verschillende begrotingsoverschrijdingen te onderscheiden. Bij de toetsing van begrotingsafwijkingen zijn er volgens de commissie BBV diverse categorieën.
Lasten (x € 1.000) Programma
Begroting 2020
Rekening 2020
V = voordeel N = nadeel
Verschil 2.165
V
21.433
3.427
V
69.956
6.019
V
245
V
1. Besturen & Samenwerken
36.331
2. Leren & Ontwikkelen
24.860
3. Werken & Ondernemen
75.975
4. Wonen & Verblijven
59.177
58.932
5. Zorgen & Stimuleren
65.200
64.736
464
V
6. Betalen & Financieren
2.540
4.132
1.592
N
Stortingen reserves Totaal lasten
34.166
21.863
22.961
1.098
N
285.946
276.316
9.630
V
Baten (x € 1.000) Programma
Begroting 2020
1. Besturen & Samenwerken
Rekening 2020
1.725
1.972
V = voordeel N = nadeel
Verschil 247
V
2. Leren & Ontwikkelen
5.374
5.215
159
N
3. Werken & Ondernemen
42.868
41.246
1.622
N
4. Wonen & Verblijven
41.230
46.321
5.091
V N
5. Zorgen & Stimuleren
10.901
10.162
739
6. Betalen & Financieren
156.099
168.780
12.681
V
Onttrekkingen reserves
27.749
21.469
6.280
N
285.946
295.165
9.219
V
0
18.849
18.849
V
Totaal baten Saldi
In deel ll Jaarrekening 2020 – in het onderdeel Nadere analyse begrotingsrechtmatigheid - is een uitgebreide toelichting op de overschrijdingen op de lasten en de onderschrijdingen op de baten opgenomen. Daarnaast is er een zestal nog doorlopende kredieten met een overschrijding > € 25.000. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar deel II Jaarrekening 2020 - het onderdeel Nadere analyse begrotingsrechtmatigheid - waar een uitgebreidere toelichting op de overschrijdingen is opgenomen.
27
Omschrijving (x € 1.000)
Uitgaven vorige dienstjaren
Uitgaven in 2020
Bijdragen in 2020 0
Restant
Nieuwbouw De Stappen
1.384
146
1.602
Damwanden Kade/ Vliet
5.552
5.249
382
0
-79
0
0
257
0
-257
Perceel B20 Rucphensebaan fase 1 BHK
28
Totaal geraamd bedrag
-364
1.479
235
1.369
0
-126
Pastoor van Akenstraat/ Molenbeekstraat
30
1
58
0
-29
Ziel
0
0
28
0
-28
29
Deel I: Jaarverslag 2020
30
Programma 1. Besturen & Samenwerken
1
Programma 2. Leren & Ontwikkelen
2
Programma 3. Werken & Ondernemen
3
Programma 4. Wonen & Verblijven
4
Programma 5. Zorgen & Stimuleren
5
Programma 6. Betalen & Financieren
6
31
Programma 1. Besturen & Samenwerken
32
1
Bestuur en organisatie
Integrale Veiligheid
Dienstverlening
Ondersteuning organisatie
Financieel overzicht
33
Programma 1. Besturen & Samenwerken
Netwerk van dit programma
1
Openbaar ministerie en politie
Provincie
Terugblik 2020
Beleidsvelden & Portefeuillehouder
Media
34
Gemeenten & regio o.a. De6
G32 & Platform 31
Regio West-Brabant (RWB)
Veiligheidsregio
Inwoners
Gemeente
Roosendaal
Strategic board, TaskForce Triple R
Gemeenschappelijke regelingen
Maatschappelijke instellingen
Ondernemers
Buurtpreventieteams
Bewonersplatforms
Bestuur en organisatie
Portefeuillehouder: burgemeester Van Midden
Integrale veiligheid
Portefeuillehouder: burgemeester Van Midden
Dienstverlening
Portefeuillehouder: wethouder Lok
Ondersteuning organisatie Portefeuillehouder: wethouder Lok, wethouder Raaijmakers
Ook in 2020 is gewerkt aan het verder verbreden van ons omgevingsbewustzijn en het creëren van een sterkere verbinding met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen. We werken proactief samen met de samenleving en inwoners hebben de ruimte om zelf initiatieven op te pakken. Zij worden actief betrokken bij de vormgeving en prioritering van ons beleid. Treffende voorbeelden hiervan zijn de doorontwikkeling van Roosendaal Spreekt, Roosendaal Doet en een intensief participatietraject rondom de Omgevingswet. We verbinden, initiëren, inspireren en bewaken. Veiligheid is een kernbegrip is dit programma. Als het gaat om de veiligheid in Roosendaal pakt de gemeente de regierol. Doel is een integrale werkwijze gericht op de aanpak hinder, overlast, onveiligheid en criminaliteit. Daarbij wordt nadrukkelijk de verbinding gelegd met zorg, preventie, participatie en het dragen van eigen verantwoordelijkheid. De coronacrisis heeft een grote impact gehad op onze samenleving. 2020 was daarmee een bijzonder jaar, waarin enorme inspanningen zijn verricht om de negatieve effecten van de coronacrisis te bestrijden en daar waar mogelijk te voorkomen.
Dit programma draagt direct bij aan de volgende maatschappelijke effecten
Wat willen we bereiken?
Kinderen en jongeren groeien veilig en gezond op tot veerkrachtige en zelfredzame volwassenen Inwoners en ondernemers zijn tevreden over de dienstverlening van de gemeente Roosendaal
1
De binnenstad is aantrekkelijk voor bezoekers, inwoners en ondernemers Inwoners, ondernemers en bezoekers voelen zich veilig De gemeente Roosendaal is aantrekkelijk om te wonen en vrije tijd door te brengen
Bestuur en organisatie Wat hebben we daarvoor gedaan? Netwerksamenwerking De gemeente heeft in 2020 weer geparticipeerd in de diverse samenwerkingsvormen op lokaal, regionaal en bovenregionaal gebied: Lokaal > We werken actief samen met inwoners, ondernemers, instellingen en andere organisaties. Waar zinvol en mogelijk bundelen we kracht, tijd, kennis en/of geld. Wanneer we dat doen, zorgen we voor heldere kaders zodat voor iedereen vooraf duidelijk is waar we op sturen en wat van ons kan worden verwacht; > We spannen ons in voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en willen ook voor hen een aantrekkelijke werkgever zijn. Regionaal en bovenregionaal > Rijk, provincie en ook Europese Unie zoeken steeds vaker samenwerking met de regio’s om grote maatschappelijke vraagstukken aan te pakken. In 2020 is uiteraard de aandacht uitgegaan naar de coronacrisis en het verminderen van de gevolgen hiervan voor de inwoners, maatschappelijke instellingen en het bedrijfsleven. > We nemen deel aan relevante nationale netwerken, zoals het G40 stedennetwerk en de VNG. Deze netwerken helpen ons om de maatschappelijke opgaven waar we voor staan te realiseren. In 2020 ging de aandacht vooral uit naar (het verminderen van) de negatieve (financiële) gevolgen van de coronacrisis voor de inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen en de gemeenten zelf.
> We nemen in de regionale samenwerking een duidelijke positie in. We ondersteunen de focus op Economie, Arbeidsmarkt, Mobiliteit en Ruimte. We zetten hierbij in op strategische vraagstukken en doelen die onze lokale ontwikkelingen helpen realiseren; > Grote maatschappelijke, economische en ruimtelijke opgaven vragen meer en meer om regionale afstemming en aansturing. Met gemeenten en organisaties in de regio geven we invulling aan belangrijke opgaven op het gebied van werk, jeugd, zorg, onderwijs, economie, arbeidsmarkt, mobiliteit en ruimte. Via de RWB participeren we in enkele belangrijke regionale opgaves zoals Sterke Steden, Regionale Investeringsagenda WestBrabant-West en de Verstedelijkingsstrategie Brabant; > Samen met de gemeenteraad sturen we op onze gemeenschappelijke regelingen. De vastgestelde spelregels uit de Nota verbonden partijen helpen ons daarbij. De Nota verbonden partijen wordt geëvalueerd. In 2020 was de eerste stap, een evaluatieverslag, gereed. > In De6 verband hebben we ook in 2020 weer samengewerkt op het gebied van bedrijfsvoering. 35