CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Begroting 2025.pdf

Inspraakbijeenkomst 10 oktober 2024, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 2: Raadsvoorstel Programmabegroting 202549.388 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

Lokale heffingen Een toelichting op de lokale heffingen kunt u vinden in de paragraaf Lokale Heffingen.

Vennootschapsbelasting Bij de fiscale positie bepaling ten behoeve van de vennootschapsbelasting (vpb) is gebleken dat de gemeente Roosendaal sinds 2021 alleen vpb plichtig is voor de teruglevering van energie van de zonnepanelen bij de Gewenten. De belastingdienst is van mening dat gemeenten ook vpb plichtig zijn voor de opbrengsten uit reclame (abri’s, sandwichborden etc.) Landelijk wordt hiertegen geprocedeerd.

Verbonden partijen en gemeenschappelijke regelingen Binnen programma 6 is sprake van een aantal verbonden partijen. Deze verbonden partijen richten zich vooral op financiële dienstverlening. Het gaat om de gemeen­ schappelijke regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) en de verbonden partijen NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), NV Brabant Water en deelnemingen uit het voormalige Essent. In de paragraaf Verbonden Partijen wordt uitgebreid ingegaan op deelname in alle verbonden partijen.

120

13

2.038

AANTAL DEELNEMERS

BIJDRAGE ROOSENDAAL IN 2025 (x 1.000 euro)

121

FINANCIEEL OVERZICHT BETALEN & FINANCIEREN

6

Beleidsveld X € 1.000 Lasten

Treasury

122

2024 2025 2026 2027 2028 begroting begroting begroting begroting begroting

446

-787

77

-224

-203

-279

Uitkeringen gemeentefonds

0

0

0

0

0

0

Algemene lasten en baten

2.601

2.260

4.067

4.169

4.223

4.276

Belastingen

1.591

1.611

1.655

1.731

1.803

1.878

Resultaten

76.616

25.308

15.548

11.881

16.624

12.917

81.255

28.392

21.347

17.557

22.447

18.792

Totaal

Baten

2023 rekening

6

679

467

467

467

467

467

Uitkeringen gemeentefonds

Treasury

177.710

186.616

196.368

191.659

196.642

201.322

Algemene lasten en baten

1.365

1.359

1.615

1.374

1.384

1.393

Belastingen

15.590

16.039

16.374

16.717

17.067

17.425

Resultaten

79.492

38.133

16.450

17.193

15.347

14.221

Totaal

274.836

242.614

231.274

227.410

230.907

234.828

Saldo

-193.581

-214.222

-209.927

-209.853

-208.460

-216.036

Stortingen in reserves

47.640

6.233

4.218

218

218

218

Onttrekkingen aan reserves

48.252

9.713

105

68

69

68

123

Paragrafen Paragraaf 1. Lokale heffingen Uitgangspunten tarieven opgenomen in begroting 2025 Met betrekking tot de legesinkomsten, de opbrengsten voor marktgelden

Ten opzichte van de gemeenten in de regio waren de tarieven in Roosendaal in 2024 ook

en de precariobelasting is in de begroting 2025 rekening gehouden met een aanpassing

aan de lage kant. Door het ophogen van de tarieven in 2025 liggen de Roosendaalse

van de tarieven met een inflatiecorrectie van 2,2%.

tarieven nu meer in lijn met de regio. Kanttekening hierbij is dat we op dit moment niet

Voor de overige belastingsoorten is een andere methode voor het bepalen van

weten of de omliggende gemeenten hun OZB-tarieven voor het komende jaar wijzigen.

het tarief gehanteerd:

In onderstaande tabel hebben we de OZB-tarieven van de omliggende gemeenten en het

> De reclamebelasting op de bedrijventerreinen en de binnenstad blijft gelijk,

landelijk gemiddelde afgezet tegen de tarieven in Roosendaal voor 2024.

conform de gemaakte afspraken met de betreffende ondernemers; > In het kader van de bezuinigingen is besloten om een aantal belastingen te verhogen: - Het tarief van de toeristenbelasting stijgt van € 1,30 naar € 1,50 per nacht per persoon. Het tarief ligt nu meer in lijn met de omliggende gemeenten. - Het tarief voor de OZB voor woningen stijgt met 10%, het tarief voor de niet-woningen stijgt met 15%. - De parkeertarieven stijgen met € 0,30 per uur in de parkeergarage en € 0,40 per uur voor het straatparkeren. Op zondag gaat vanaf 2025 het reguliere tarief gelden in de parkeergarages (dus niet meer het tarief van € 2 voor de hele dag).

Tarieven 2024

Woningen eigenaar

Niet-woningen eigenaar

Niet-woning gebruiker

Landelijk gemiddelde 50.000 – 100.000 inw.

0,0981%

0,3395%

0,2244%

Roosendaal

0,0814%

0,1815%

0,1282% 0,2453%

Bergen op Zoom

0,0883%

0,3144%

Breda

0,0566%

0,2238%

0,1799%

Oosterhout

0,0838%

0,2183%

0,2036% 0,1493%

Etten-Leur

0,0837%

0,1773%

Halderberge

0,0842%

0,2448%

0,2187%

Moerdijk

0,0750%

0,3493%

0,2804%

namelijk:

Rucphen

0,0795%

0,1538%

0,1267%

- Riolering: In juni 2024 is het nieuwe Water- en Rioleringsplan 2024-2027 vastgesteld.

Zundert

0,1056%

0,1790%

0,1516%

Voorstel tarief Roosendaal 2025

0,0895%

0,2087%

0,1474%

> Voor reiniging en riolering geldt de methodiek van een gesloten financiering. De gesloten financieringen hebben een eigen regime voor de jaarlijkse aanpassingen,

Met dit WRP legt de gemeente Roosendaal vast hoe invulling wordt gegeven aan de ambitie, doelen, beoogde maatregelen en het financiële kader dat benodigd is om het stedelijk waterbeheer in de veranderende wereld op orde te hebben en te houden. Het WRP behandelt dus naast de taken die voortkomen uit de zorgplichten

De gemiddelde WOZ-waarde voor een woning in Roosendaal is per 1-1-2024 € 300.000.

van afvalwater, hemelwater en grondwater de onderbouwing voor het innen van

Indien het OZB-tarief voor woningeigenaren stijgt met 10%, betekent dit een hogere OZB

de rioolheffing voor het uitvoeren van deze taken. Uit het WRP 2024-2027 volgt

van € 24 per jaar. Per maand is dit dus een verhoging van € 2.

dat de rioolheffing de komende jaren niet geïndexeerd wordt en vastgesteld wordt op hetzelfde niveau als in 2024, namelijk € 350,77.

Voor de niet-woningen is geen gemiddelde WOZ-waarde beschikbaar omdat het om veel

- Reiniging is 100% kostendekkend.

verschillende soorten panden gaat. In onderstaande tabel hebben we voor verschillende WOZ-waarden aangegeven wat een stijging van 15% concreet betekent.

Bij de belastingvoorstellen die in december door de raad worden behandeld worden de definitieve tarieven en verordeningen voor 2025 vastgesteld.

Onroerende zaakbelastingen Vanwege de bezuinigingsopgave van de gemeente is besloten om de OZB-tarieven voor zowel woningen als niet-woningen te verhogen. Het tarief voor woningen stijgt met 10% en het tarief voor niet-woningen stijgt met 15%. Met deze verhogingen zijn de tarieven in

WOZ-waarde

Hogere OZB-lasten eigenaar nietwoningen

Hogere jaarlijkse OZB-lasten gebruiker niet-woningen

jaarlijks

maandelijks

jaarlijks

maandelijks

€ 500.000

€ 136

€ 11

€ 96

€8

€ 750.000

€ 204

€ 17

€ 144

€ 12

€ 1.000.000

€ 272

€ 23

€ 192

€ 16

de gemeente Roosendaal nog steeds (fors) lager dan de gemiddelde OZB-tarieven van gemeenten met 50.000-100.000 inwoners.

Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een heffing ter bestrijding van kosten van beheer van huishoudelijke afvalstoffen. De heffing komt ten laste van gebruikers van percelen waarvoor de gemeente een inzamelverplichting voor huishoudelijk afval heeft. Voor de afvalstoffenheffing geldt, naast het beginsel van 100% kostendekkendheid, het principe van ‘de vervuiler betaalt’.

124

125

Toelichting De gemeente heeft een wettelijke inzamelplicht voor het afval van huishoudens.

Reiniging (Bedragen * € 1.000)

Lasten begroting 2025

Lasten begroting 2024

Baten begroting 2025

Baten begroting 2024

Huisvuilinzameling en –verwijdering

9.759

9.479

In totaal verwacht de gemeente het komende jaar ca. € 13,4 miljoen aan kosten te maken.

Opruimen klandestiene stortplaatsen

319

328

Om deze kosten transparant te maken is hierna een specificatie van de kosten (direct en

Heffing en invordering

183

182

indirect) en opbrengsten opgenomen.

Kwijtscheldingen

881

885

Naast de directe lasten op het beleidsveld Reiniging wordt een aantal indirecte lasten,

BTW

2.047

1.979

die worden verantwoord op andere beleidsvelden, (gedeeltelijk) in de afvalstoffenheffing

Overhead

181

170

betrokken. Het betreft hier een aandeel in de kosten van overhead, kwijtscheldingen en

Opbrengst afvalstoffenheffing

11.080

11.150

compensabele BTW.

Opbrengst monostromen

1.163

1.048

Leges

Kwijtscheldingen

Dividenduitkering Saver

100

100

Op het beleidsveld Voorzieningen minima worden de kosten van kwijtscheldingen

Onttrekking egalisatie voorziening

1.027

725

geraamd. Kwijtschelding wordt o.a. verleend voor de afvalstoffenheffing. Gezien

Correctie onttrekking voorziening

de realisatie van de kwijtscheldingen in 2023 en de verwachte ontwikkeling van

Totaal

13.370

13.023

100%

100%

de kwijtscheldingen in 2024, wordt het bedrag van de kwijtscheldingen in de begroting

13.370

13.023

Kostendekkendheid reiniging

2025 iets verlaagd ten opzichte van de raming in de begroting 2024. Voor kwijtscheldingen wordt in 2025 een bedrag geraamd van € 881.000 (raming 2024:

In bovenstaand overzicht zijn de kosten opgenomen zoals deze in de conceptbegroting

€ 885.000).

2025 zijn verwerkt.

Mocht het daadwerkelijke gebruik van de kwijtscheldingsregeling in 2024 hoger zijn

Bij de belastingvoorstellen 2025 wordt in de kostenonderbouwing nader ingegaan

dan we nu ramen, dan krijgt iedereen die in aanmerking komt voor kwijtschelding

op de samenstelling van de kosten.

deze uiteraard gewoon verleend. Voor een toelichting op de verschillen ten opzichte van 2024 wordt verwezen naar

Compensabele BTW

de analyse op het product reiniging in het bijlagenboek behorende bij de begroting 2025.

Sinds de invoering van het BTW-compensatiefonds (BCF) mag de BTW op de kosten van de reiniging worden betrokken in het tarief van de afvalstoffenheffing.

Onttrekking egalisatievoorziening

Op basis van de kostenramingen in de conceptbegroting 2025 wordt een bedrag van

In 2025 onttrekken we een bedrag van € 1.026.904,- uit de voorziening Exploitatie

€ 2.047.000 ingeschat.

Reinigingssector. > Bij de Najaarsbrief 2022 is besloten om een deel van het positieve saldo,

Overhead

€ 1,5 miljoen, in de voorziening Exploitatie Reinigingssector te storten. Hiermee

Naast de directe kosten wordt een bedrag aan indirecte kosten toegerekend aan

kan dan het tarief van de afvalstoffenheffing in de jaren 2024 t/m 2026 gedempt

de kosten van de reiniging. Onder de indirecte kosten vallen de kosten van overhead.

worden. In 2025 onttrekken we daarom een bedrag van € 350.000 uit deze voorziening.

Deze kosten worden verantwoord op een apart beleidsveld Ondersteuning organisatie

Hiermee wordt de tariefsverhoging met ca. € 10 gedempt.

in programma 1. In de berekening van het tarief van de afvalstoffenheffing wordt een bedrag aan overhead van € 181.000 meegenomen.

> Een bedrag van € 250.000 wordt uit de voorziening gehaald en via de Algemene Reserve gestort in de Reserve Investeringsfonds. Dit is conform de motie ‘Correctie voorziening exploitatie reinigingssector’ die is aangenomen bij de behandeling van de Belastingvoorstellen 2024 in december 2023. > Bij de Najaarsbrief 2023 is besloten om in 2024, 2025 en 2026 het tarief met € 8 per jaar extra te dempen. Voor 2025 is dit een bedrag van € 282.000. > Voor werkzaamheden rond de nieuwe semi-ondergrondse GFTE containers bij hoogbouw wordt er eenmalig € 100.000 onttrokken. > Met het voorstel “Aanpassing inzameling PBD verpakkingen” is besloten om in 2025 eenmalig € 295.000 te onttrekken. Deze kosten dekken de eenmalige uitgaven voor het invoeren van het inzamelen van PBD in bakken aan huis.

126

127

Afvalstoffenheffing

Overhead

De opbrengsten van de afvalstoffenheffing bestaan uit:

Naast de directe kosten wordt een bedrag aan indirecte kosten toegerekend aan

> Aanbiedingen restafvalcontainers en aanbiedingen ondergrondse

de kosten van de riolering. Onder de indirecte kosten vallen de kosten van overhead.

restafvalcontainers (variabel tarief): € 2.235.000

Deze kosten worden verantwoord op een apart beleidsveld Ondersteuning organisatie

> Vast tarief: 35.238 aansluitingen x € 251 = € 8.845.000

in programma 1. In de berekening van het tarief van de rioolheffing wordt een bedrag aan overhead van € 363.000 meegenomen.

Volgens de berekening van de gesloten financiering komt het vaste tarief in 2025 uit op € 251. Voor 2024 is het tarief door de raad vastgesteld op € 245. Dit betekent dat het tarief ten opzichte van 2024 stijgt met € 6. Met betrekking tot de variabele tarieven (kosten per lediging) is het voorstel om deze in 2025 gelijk te houden aan 2024. De voorgestelde variabele tarieven zijn dan als volgt: > Per lediging van een 240-liter restafvalcontainer:

€ 9,00

> Per lediging van een 140-liter restafvalcontainer:

€ 5,25

> Per inworp in een ondergrondse restafvalcontainer van 60 liter:

Riolering (Bedragen x € 1.000) Riolering algemeen

Lasten Begroting 2025

Lasten Begroting 2024

6.117

6.845

Basisrioleringsplan

258

220

Rioleringsbeheer

2.222

1.883

Pompgemalen en persleidingen

904

967

Heffing en invordering

195

193

Kolken en lijngoten

815

651

- Van 1 t/m 100 aanbiedingen, per aanbieding:

€ 1,50

Grondwaterbeheerplan

149

136

- Van 101 t/m 200 aanbiedingen, per aanbieding:

€ 2,50

Kosten straatreiniging

446

460

- Van 201 t/m 500 aanbiedingen, per aanbieding:

€ 3,50

Kosten waterkering en afwatering

143

34

- 501 en meer aanbiedingen, per aanbieding:

€ 4,50

BTW

1.825

1.752

Kwijtscheldingen

834

839

Overhead

363

371

> Per inworp in een ondergrondse restafvalcontainer van 30 liter: - Van 1 t/m 100 aanbiedingen, per aanbieding:

€ 0,75

- Van 101 t/m 200 aanbiedingen, per aanbieding:

€ 1,25

- Van 201 t/m 500 aanbiedingen, per aanbieding:

€ 1,75

- 501 en meer aanbiedingen, per aanbieding:

€ 2,25

Opbrengst rioolheffingen

Totaal

Rioolheffing

14.271

14.351

Kostendekkendheid riolering

Baten Begroting 2025

Baten Begroting 2024

14.271

14.351

14.271

13.351

100%

100%

Rioolheffing wordt geheven aan gebruikers van percelen van waaruit water direct of indirect wordt afgevoerd op de gemeentelijke riolering. In 2024 is het nieuwe

Precariobelasting

Water- en rioleringsplan 2024-2027 vastgesteld. Het vastgestelde WRP 2024-2027

Deze belasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder,

vormt de basis voor de onderbouwde rioolheffing, welke in balans is met de gestelde

op of boven gemeentegrond.

doelen, eisen en uitgangspunten. Het WRP geeft ruimte voor de invulling van de

In de begroting 2025 is rekening gehouden met een tariefsverhoging van 2,2%.

transities zoals klimaatadaptatie en circulaire energie. Deze financiële onderbouwing is maatgevend voor het tarief van de rioolheffing, zoals vast te stellen in de gemeentelijke

Reclamebelasting - bedrijventerreinen

begrotingen voor de periode 2024-2027. Uit het WRP 2024-2027 volgt dat de rioolheffing

De reclamebelasting voor de bedrijventerreinen Borchwerf I en Majoppeveld

de komende jaren niet geïndexeerd wordt en vastgesteld wordt op hetzelfde niveau als in

wordt geheven met ingang van het belastingjaar 2016.

2024, namelijk € 350,77.

De reclamebelasting wordt geheven naar een vast bedrag van € 275 per vestiging, vermeerderd met € 3 per € 1.000 WOZ-waarde boven een WOZ-waarde van € 115.000,

Kwijtscheldingen

met een maximum per vestiging van € 1.500. Na aftrek van de kosten van heffing en

Op het beleidsveld Voorzieningen minima worden de kosten van kwijtscheldingen

invordering is de opbrengst bestemd voor de Stichting Ondernemersfonds Roosendaal

geraamd. Kwijtschelding wordt o.a. verleend voor de rioolheffing. In de conceptbegroting

voor de uitvoering van het activiteitenplan.

2025 is een bedrag van € 834.000 geraamd.

Compensabele BTW Sinds de invoering van het BTW compensatiefonds (BCF) mag de BTW op de kosten van de riolering worden betrokken in het tarief van de rioolheffing. In 2025 wordt een bedrag van € 1.825.000 ingeschat.

128

129

Toeristenbelasting

Leges

Toeristenbelasting wordt geheven van natuurlijke personen die binnen de gemeente

Leges zijn rechten die de gemeente kan heffen in verband met verstrekte (administratieve)

of openbaar lichaam verblijf houden, maar niet als ingezetene in de gemeentelijke

diensten. In een aantal gevallen gaat het om tarieven met wettelijke beperkingen (bijvoor-

basisadministratie van persoonsgegevens zijn ingeschreven. In de begroting 2025 is

beeld paspoorten), maar als rode draad loopt de voorwaarde van maximaal kostendek-

rekening gehouden met een tariefsverhoging. Het tarief per overnachting bedraagt

kende tarieven door de tarieventabel. In de begroting 2025 is rekening gehouden met een

in 2025 € 1,50 (2024 € 1,30).

tariefsverhoging van 2,2%.

Parkeerbelastingen

Leges (Bedragen x € 1.000)

Het tarief voor het straatparkeren zal in 2025 verhoogd worden met € 0,40 per uur. Het tarief komt daarmee uit op € 2,65 per uur in gebied A en € 2,05 in gebied B. Het tarief voor de naheffingsaanslag parkeerbelastingen is voor 2025 nog niet door het Ministerie van BZK vastgesteld en gepubliceerd.

Marktgelden In de begroting 2025 is rekening gehouden met een tariefsverhoging van 2,2%. Baten Begroting 2024

Verhaalbare lasten

Baten Begroting 2025

Kosten basisregistratie personen

299

149

Overhead

167

84

Kosten externe dienstverlening

1.147

1.147

Overhead

624

624

Burgerlijke stand

33

33

Paspoorten

280

280

518

Identiteitskaarten

233

233

439

Rijbewijzen

64

64

260

67

67

104

Titel 1 - Algemene dienstverlening

77

Lasten Begroting 2025

Lasten Begroting 2024

Kosten markten -/- terugontvangen energiekosten

96

98

BTW

8

8

Uittreksels persoonsregister

106 14

Markten

Baten Begroting 2025

Lasten Begroting 2025

(Bedragen x € 1.000)

Eigen verklaringen Naturalisaties

Overhead

28

23

Gehandicaptenparkeerkaarten

Afschrijving voorzieningen t.b.v. markten

6

6

Overige leges burgerzaken

Totale kosten

138

46

72

72

Leegstandswet 135

76 4

Overige

239

Opbrengst marktgelden

83

81

BTW

24

25

Kostendekkingspercentage

60,2%

60,4%

Totaal

3.011

2.778

Kostendekkendheid

1.883 67,7%

Titel 2 - Dienstverlening fysieke leefomgeving Omgevingsvergunningen BTW Overhead

1.626

1.626

31

31

860

860

Totaal

2.517

Kostendekkendheid

1.738

1.738 69,0%

Titel 3 - Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Horeca

407

407

Evenementen

188

188

0

Standplaatsen e.d.

87

87

14

Overige

61

61

13

BTW

3

3

415

415

Overhead Totaal Kostendekkendheid

1.159

48

75 6,4%

Totaal leges (titel 1 t/m 3) Kostendekkendheid leges totaal

130

57,3%

131

Overzicht geraamde opbrengsten in begroting 2025

Ontwikkeling woonlasten Voor de bepaling van de rioolheffing en de afvalstoffenheffing hanteren we een systeem

Belastingsoort (Bedragen * € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024

Concept Begroting 2025

1.334

973

1.882

Marktgelden

64

81

83

Rioolheffing

13.526

14.351

14.271

Parkeerbelasting

1.602

1.305

2.370

Parkeervergunningen burgers

192

140

195

Parkeervergunningen werkers

108

80

110

Leges publiekszaken (incl. rijksleges)

Naheffingsaanslagen parkeren

485

405

405

Afvalstoffenheffing

9.815

11.150

11.080

Leges omgevingsvergunningen

2.262

1.480

1.738

Leges openbare orde veiligheid

55

73

75

OZB woningen

8.113

8.896

9.690

OZB niet woningen eigendom

3.721

3.812

4.417

OZB niet woningen gebruik

2.217

2.206

3.120

Toeristenbelasting

242

204

255

Reclamebelasting - binnenstad

168

168

168

Reclamebelasting - bedrijventerreinen

467

450

450

Precariobelasting Totaal belastingdomein

442

123

126

44.813

45.897

50.435

van gesloten financiering. Voor de OZB hanteren we in de begroting 2025 een verhoging van 10%. In onderstaande tabellen is de ontwikkeling van de woonlasten in de afgelopen jaren weergegeven. De woonlasten kunnen worden bekeken vanuit het perspectief van de gebruiker van een woning (meestal de huurder), maar ook vanuit het perspectief van de eigenaar van dat pand. Tabel: Belastingen die tot woonlasten voor gebruikers leiden

Jaar

Rioolheffing*

Afvalstoffen-heffing**

Totaal

Wijziging t.o.v. voorgaand jaar

2015

€ 295,10

€ 281,80

€ 576,90

-

2016

€ 304,55

€ 278,10

€ 582,65

+ 1,00%

2017

€ 308,80

€ 238,40

€ 547,20

- 6,10%

2018

€ 312,50

€ 238,70

€ 551,20

+ 0,73%

2019

€ 316,90

€ 262,00

€ 578,90

+ 5,02% + 10,15%

2020

€ 322,90

€ 315,80

€ 638,70

2021

€ 330,97

€ 330,80

€ 661,77

+ 3,61%

2022

€ 339,24

€ 330,80

€ 670,04

+ 1,25%

2023

€ 350,77

€ 356,30

€ 707,07

+ 5,53%

2024

€ 350,77

€ 362,00

€ 712,77

+ 0,81%

2025

€ 350,77

€ 368,00

€ 718,77

+ 0,84%

Kwijtscheldingsbeleid De gemeente Roosendaal heeft een kwijtscheldingsnorm vastgesteld van 100%. Kwijt-

* tarief t/m 500 m3 waterverbruik

schelding wordt verleend voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Kwijtscheldings-

** vastrecht + gemiddeld 13 ledigingen 240 l. container restafval

aanvragen worden door de Belastingsamenwerking West-Brabant in behandeling genoAls er sprake is van een woning waarvan de eigenaar ook gebruik maakt, betaalt deze ook

men en verder afgewerkt.

onroerendezaakbelasting (OZB). De kwijtscheldingslasten worden verantwoord onder het product minimabeleid, waarvan zij onderdeel uitmaken (zie Programma 3 Werken & Ondernemen). In de berekening van

Tabel: Belastingen die tot woonlasten voor eigenaren/gebruikers leiden

de tarieven van de afvalstoffenheffing en rioolheffing is met de kwijtscheldingen rekening

Jaar

gehouden. In de begroting 2025 zijn de volgende kwijtscheldingslasten opgenomen: Kwijtscheldingslasten Belastingsoort

Werkelijk 2022

Werkelijk 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

OZB*

Rioolheffing**

Afvalstoffenheffing***

Totaal

Wijziging t.o.v. voorgaand jaar

2015

€ 228

€ 295,10

€ 281,80

€ 804,90

-

2016

€ 227

€ 304,55

€ 278,10

€ 809,65

+ 0,59%

2017

€ 228

€ 308,80

€ 238,40

€ 775,20

- 4,26%

2018

€ 229

€ 312,50

€ 238,70

€ 780,20

+ 0,65%

2019

€ 231

€ 316,90

€ 262,00

€ 809,90

+ 3,80%

2020

€ 234

€ 322,90

€ 315,80

€ 872,70

+ 7,75%

€ 238

€ 330,97

€ 330,80

€ 899,77

+ 3,01%

Rioolheffing

921.684

906.061

839.000

834.000

2021

Afvalstoffenheffing

686.695

776.471

885.000

881.000

2022

€ 241

€ 339,24

€ 330,80

€ 911,04

+ 1,25%

1.715.000

2023

€ 272

€ 350,77

€ 356,30

€ 979,07

+ 7,47%

2024

€ 244

€ 350,77

€ 362,00

€ 956,77

- 2,28%

2025

€ 273

€ 350,77

€ 368,00

€ 991,77

+ 3,66%

Totale kwijtscheldingslasten

1.608.379

1.682.531

1.724.000

Toelichting: In de werkelijke kwijtscheldingsbedragen (jaarrekeningen) zijn kwijtscheldingen over voorgaande jaren opgenomen. In 2023 is € 146.000 over eerdere jaren kwijtgescholden.

* op basis van de gemiddelde woningwaarde ** tarief t/m 500 m3 waterverbruik *** vastrecht + gemiddeld 13 ledigingen 240 l. container restafval

132

133

Paragraaf 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Vergelijking woonlasten ten opzichte van landelijk gemiddelde (bron: “Atlas van de lokale lasten 2024” van Coelo, ook deels te vinden op

Algemeen

de website waarstaatjegemeente.nl)

In deze paragraaf worden de gemeentelijke risico’s financieel vertaald en afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit om risico’s af te kunnen dekken.

Roosendaal

Noord-Brabant

Landelijk

Eigenaar/bewoner

€ 957

€ 908

€ 994

De weerstandscapaciteit wordt afgestemd op het risicoprofiel van de gemeente,

Huurder

€ 665

€ 442

€ 457

waarbij de ratio voor het weerstandsvermogen minimaal 1,0 moet zijn. Dit beleid is vastgelegd in de nota ‘risicomanagement en weerstandsvermogen’.

Het betreft hier de woonlasten van een meerpersoonshuishouden.

Deze nota is in 2023 geactualiseerd.

Voorgestelde tarieven 2025

Top 10 risico’s

In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de belangrijkste

Elk jaar wordt een geactualiseerd risicoprofiel met de top 10 van risico’s opgenomen

en meest voorkomende tarieven:

in deze paragraaf.

Belastingsoort

1. Jeugdzorg (structureel risico)

2023

2024

2025

verschil

- tarief eigenaren woningen

0,0931%

0,0814%

0,0895%

+ 10%

- tarief eigenaren niet-woningen

0,1805%

0,1815%

0,2087%

+ 15%

Maatregelen/ontwikkelingen

- tarief gebruikers niet-woningen

0,1275%

0,1282%

0,1474%

+ 15%

> De contracten voor Niet Vrij Toegankelijke Zorg (NVTZ) zijn op basis van

De Jeugdwet is een open-einde regeling waardoor overschrijding tot de risico’s behoort.

Onroerende zaakbelastingen

resultaatfinanciering belegd bij gecontracteerde zorgaanbieders, welke grotendeels Afvalstoffenheffing Vast bedrag per perceel

voldoende is om te voorzien in een dekkend zorglandschap. Het vinden en behouden € 245

€ 245

€ 251

+ 2,4%

van voldoende gekwalificeerd personeel is voor veel aanbieders een uitdaging. Hierdoor zijn wachtlijsten niet te vermijden.

Variabel tarief

> Door vroegtijdige signalering van problematiek kan met relatief lichte hulpverlening

Per lediging van - 240-liter restafvalcontainer

€ 6,60

€ 6,60

€ 9,00

+ 36,4%

- 140-liter restafvalcontainer

€ 3,85

€ 3,85

€ 5,25

+ 36,4%

- per inworp ondergrondse container van 60 l.

€ 1,10

de juiste ondersteuning worden geboden, gemiddeld gezien wordt de hulp goedkoper, omdat er een effectievere inzet is van het voorliggend veld en de jeugdprofessional. Daarnaast wordt nog steeds strak gestuurd op het gebruik van hoogcomplexe (dure)

€ 1,50

€ 1,50

101 t/m 200 aanbiedingen, per inworp

€ 2,50

€ 2,50

+ 0,0%

201 t/m 500 aanbiedingen, per inworp

€ 3,50

€ 3,50

+ 0,0%

de onduidelijkheid over de uitwerking hiervan zorgt nog voor een hoog risico.

€ 4,50

€ 4,50

+ 0,0%

> Het aantal jongeren en kinderen dat een beroep doet op ondersteuning vanuit

1 t/m 100 aanbiedingen, per inworp

€ 0,75

€ 0,75

+0,0%

101 t/m 200 aanbiedingen, per inworp

€ 1,25

€ 1,25

+0,0%

501 en meer aanbiedingen, per inworp - per inworp ondergrondse container van 30 l.

+ 0,0%

zorg.

1 t/m 100 aanbiedingen, per inworp

> De Hervormingsagenda is in 2023 door alle partijen ondertekend,

de gemeente stijgt nog steeds met 7%, maar het beroep op Niet Vrij Toegankelijke

€ 0,55

201 t/m 500 aanbiedingen, per inworp

€ 1,75

€ 1,75

+0,0%

501 en meer aanbiedingen, per inworp

€ 2,25

€ 2,25

+0,0%

€ 350,77

€ 350,77

€ 350,77

+ 0,0%

- parkeren in gebied A, per uur

€ 2,10

€ 2,25

€ 2,65

n.v.t.

- parkeren in gebied B, per uur

€ 1,50

€ 1,65

€ 2,05

n.v.t.

Zorg stijgt aanzienlijk minder (2,5%). > Het woonplaatsbeginsel heeft voor de gemeente Roosendaal een substantiële financiële impact.

Rioolheffing - basistarief per jaar

Parkeerbelasting

134

135

2. WMO (structureel risico) De WMO is een open-einde-regeling waardoor overschrijding tot de risico’s behoort.

5. A  lgemene Uitkering gemeentefonds valt lager uit dan begroot (structureel risico) De Algemene Uitkering gemeentefonds wordt altijd pas achteraf definitief vastgesteld,

Maatregelen/ontwikkelingen

zodat er wijzigingen altijd nog mogelijk zijn. Er zijn nog forse onzekerheden over

> Er ontstaat een toenemende druk op budgetten WMO als gevolg van de bezuinigingen

de meerjarige financiering van gemeenten via het Gemeentefonds.

op beschermd wonen. De verdergaande vergrijzing vergroot daarbij het aantal zelfstandig wonende inwoners met een ondersteuningsvraagstuk. Daarnaast zien

Maatregelen/ontwikkelingen

we ook dat er een gebrek is aan geschikte woningen om langer zelfstandig thuis

> Er zijn nog forse onzekerheden over de meerjarige financiering van gemeenten via

te kunnen blijven wonen.

het Gemeentefonds, vooral met betrekking tot WMO en Jeugd. In hoeverre dit

> Vanaf 2023 is er een nieuwe overeenkomst voor de maatwerkvoorziening Wmo

gemeenten gaat raken middels een lagere algemene uitkering is nog onduidelijk.

begeleiding. Hierin zullen risicobeperkende maatregelen worden meegenomen.

> Het Rijk heeft de middelen die via de meicirculaire 2023 zijn verstrekt aan gemeenten

Vanwege autonome ontwikkelingen (o.a. CAO-ontwikkelingen en vervoerskosten)

niet structureel doorgetrokken na 2025. In 2026, het zogenaamde ravijnjaar, zien we

lijkt een kostenstijging onontkoombaar.

de uitkering daarom kelderen. De keldering in 2026 maakt het voor gemeenten lastig

> De eigen bijdrage (max. € 20,60 per persoon per maand in plaats van inkomens­ afhankelijk) is door landelijke wetgeving opnieuw ingevoerd. Dit heeft reeds geleid

om investeringen te kunnen doen, die ook na 2025 nog een behoorlijke financiële impact zullen hebben.

tot een toename aan Wmo-voorzieningen. > Het kabinet heeft besloten om per 1 januari 2026 voor alle Wmo-voorzieningen waar

6. Stijging aantal bijstandsklanten (structureel risico)

nu het abonnementstarief voor geldt een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in te

Als het aantal bijstandsklanten meer stijgt (of minder daalt) dan begroot, nemen zowel

voeren.

de uitkeringslasten als de uitvoeringskosten bij het Werkplein toe. Door bijvoorbeeld

> Een groei in de aantallen jeugdigen die ondersteuning krijgen vanuit de Jeugdwet leidt ook tot groei in de instroom in de Wmo bij 18 jarigen.

faillissementen, instroom statushouders enzovoorts kan het aantal bijstandsklanten onverwachts snel toenemen.

> We zetten in op de beweging naar het voorliggend veld en we gaan starten met indicatieloze dagbesteding.

Maatregelen/ontwikkelingen > In de vastgestelde begroting 2025 van het Werkplein is uitgegaan van een stijging

3. Kosten bouw- en woonrijp maken Bravis valt duurder uit (incidenteel risico)

van het klantenbestand van 2%. In 2025 blijft het bestand stabiel (stijging van 0%).

Met het bestemmingsplan De Bulkenaar is in februari 2022 het exploitatieplan vastgesteld.

Eerder was voor 2024 nog uitgegaan van een stijging van het bestand met 1,4%.

Het tekort op het exploitatieplan is door kredieten afgedekt. De opbrengsten

Dat betekent dat de verwachte ontwikkeling in 2024 nadeliger zal uitpakken.

(uitgifteprijs voor de gronden maatschappelijk) zijn vastgelegd en gemaximeerd in

Dat heeft ook een financieel effect op de komende jaren. Tegenover de

de anterieure overeenkomst met Bravis. De kostenkant is onderhevig aan macro

uitkeringslasten staan de BUIG-middelen. De inschatting van dit budget voor

economische ontwikkelingen, welke kunnen leidden tot forse prijsstijgingen

2024 bedraagt € 34,6 miljoen. Dat betekent dat het BUIG-budget nog voldoende

(tot meer dan 10%).

is om de lasten te kunnen dekken. > Vanaf 2022 werken we met een egalisatiereserve participatie om de nadelen

4. Onderwijshuisvesting (structureel risico)

en voordelen van de bijstand te vereffenen. De verwachting is dat deze buffer

Uit landelijke benchmarks blijkt dat de kosten voor de bouw van nieuwe scholen stijgen.

de komende jaren niet voldoende saldo bevat om alle tegenvallers op te vangen.

Door het grote aantal te vernieuwen scholen in de vastgestelde HPO’s kan dit extra kosten met zich meebrengen. Het risico bestaat dat de huidige middelen voor onderwijs­

7. Data wordt gegijzeld door cybercriminelen (incidenteel risico)

huisvesting niet voldoende zijn. Dit geldt met name voor het primair onderwijs (PO).

Als cybercriminelen toegang krijgen tot ons netwerk en data versleutelen, dan kunnen ze om losgeld vragen om de data weer vrij te geven.

Maatregelen/ontwikkelingen > Landelijk worden de ontwikkelingen gevolgd. Mogelijk zal er ook op landelijk niveau worden nagedacht over de financiering van scholen, wat invloed kan hebben op het gemeentefonds. > Externe ontwikkelingen met betrekking tot de stikstofcrisis en sterk opgelopen kosten voor materiaal en arbeid hebben effect op de bouwbranche. > Voor VO zijn er contractafspraken gemaakt over doordecentralisatie. VO schoolbesturen hebben gemeld voor uitdagingen te staan om op lange termijn een positieve exploitatie te houden. Er is nog geen rekening gehouden met risico’s die hiermee op de lange termijn kunnen gaan ontstaan.

Maatregelen/ontwikkelingen > Er is continu aandacht voor bewustwording onder medewerkers voor informatiebeveiliging. > Technisch wordt met autorisaties enz. het risico verder verkleint. > Extra technische beveiligingsmaatregelen op de mailserver om de kans dat mailtjes met “foute links en bijlagen” doorkomen te minimaliseren. > Netwerksegmentering: bij infectie of versleuteling, wordt slechts een deel van het netwerk geraakt. > Opslag van data verspreiden: door onder meer toepassing van SaaS wordt de opslag van data verspreid over meerdere locaties en meerdere leveranciers. Als één leverancier gehackt wordt, wordt alleen die data versleuteld.

136

137

8. Beheer openbaar groen (structureel risico)

Toelichting op het weerstandsvermogen

Het bestrijden van exoten (Eikenprocessierupsen, dennenprocessierupsen, Japanse Duizendknoop) wordt steeds meer regulier werk. Het risico bestaat dat

Risicoprofiel

de overlast groter wordt en dat dit extra kosten met zich mee gaat brengen om

Het risicoprofiel voor de begroting 2025 is tot stand gekomen door voor alle

de overlast te beperken. Daarnaast kan klimaatverandering leiden tot langdurige

organisatieonderdelen de risico’s in het desbetreffende werkveld te bepalen.

droge periodes. Om het huidige groenassortiment te behouden, zullen extra

Aan elke risicovolle gebeurtenis is een kans en een financiële waarde toegekend.

maatregelen nodig zijn.

Omdat niet alle risico’s zich maximaal en/of gelijktijdig zullen voordoen, is een zogeheten statistische Monte Carlo risico-simulatie uitgevoerd.

Maatregelen/ontwikkelingen

Daarmee is berekend hoe groot de weerstandscapaciteit is die minimaal benodigd

> Meer eiken worden preventief gespoten en er komen steeds meer natuurlijke vijanden.

is om met een waarschijnlijkheid van 90% de gevolgen van zich eventueel

Eerst ontstaat er een soort plaag, vervolgens zie je dat de natuur zich langzaam maar

voordoende risico’s af te kunnen dekken.

zeker herstelt. > Een andere exoot is de dennenprocessierups; deze is in aantocht vanuit het zuiden.

In totaal zijn er voor de organisatie 81 risico’s in beeld gebracht, waarvan 70

Dennen hebben we alleen in bosstroken staan, maar deze rups heeft meer brandharen.

met een geldgevolg. In onderstaande tabel is per vakje het aantal risico’s

Impact nog niet bekend.

geclassificeerd naar risicobedrag en de kans dat een risico zich zal voordoen.

> Japanse duizendknoop is een echt probleem; om de locaties structureel Japanse

Het risicoprofiel is een momentopname.

duizendknoop vrij te maken ( op sommige locaties minimaal 150 cm diep grond uitwisselen) hebben we minimaal € 50.000- € 100.000 nodig uitgaande van

Geld

de huidige locaties.

Netto

x > € 1.000.000

11

5

> Mogelijke oplossingen voor de droogte zijn dat Waterschappen het water langer

€ 500.000 < x < € 1.000.000

9

1

vast moeten houden, maar ook moet nagedacht worden over ander groen en

€ 200.000 < x < € 500.000

4

6

minder diversiteit in soorten (vooral soorten uit het Middellands zeeklimaat,

€ 50.000 < x < € 200.000

1

4

maar die hebben het ook weer moeilijk in de winters).

x < € 50.000

11

5

Geen geldgevolgen

6

1

3

10%

30%

50%

> Personeelstekorten op de arbeidsmarkt zullen komende jaren mogelijk leiden tot hogere personeelskosten

Kans

1

2 1

3

2 3 1 70%

90%

9. Grondverwerving Bulkenaar duurder (incidenteel risico) Grondverwerving De Bulkenaar is gestart ten behoeve van de aanleg van het Bravis

De benodigde weerstandscapaciteit

ziekenhuis. Het risico bestaat dat de gemeente een hogere grondprijs moet betalen

Indien alle geïdentificeerde gemeentelijke risico’s zich gelijktijdig en in maximale

door een uitspraak van een rechter bij de onteigeningsprocedures dat er sprake is

omvang voor zouden doen is een bedrag van € 51,0 miljoen benodigd. Dit zal in

van Maatschappelijke gronden.

de praktijk echter niet het geval zijn, zodat het reserveren van dit maximale bedrag niet noodzakelijk is. De risicosimulatie toont aan dat met een waarschijnlijkheid

10. Terugloop parkeeropbrengsten (structureel risico)

van 90% een bedrag van € 12,0 miljoen voldoende is om de geïdentificeerde risico’s

De afname van de parkeervraag de afgelopen jaren is enigszins hersteld,

in financiële zin te kunnen afdekken (= benodigde weerstandscapaciteit).

hoewel de opbrengsten van de parkeergarages achterblijven ten opzichte van voor corona. Het is nog niet duidelijk welk structureel effect dit heeft.

De beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit middelen waarover de gemeente

Maatregelen/ontwikkelingen

beschikt om niet begrote kosten, die onverwacht en substantieel zijn, te dekken

> Er wordt steeds meer online gewinkeld, de vraag naar fysieke winkels neemt af.

zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken.

> Er wordt een onderzoek uitgevraagd om te onderzoeken he de exploitaties

De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de volgende componenten:

van parkeergarages verbeterd kan worden.

A. De vrij aanwendbare algemene reserves (incidenteel karakter)

138

Deze bestaan uit

Stand

31-12-2025

Algemene reserve

€

22.979.648

Totaal

€

22.979.648

139

B. De vrij aanwendbare bestemmingsreserves (incidenteel karakter)

De beschikbare weerstandscapaciteit ziet er voor de gemeente Roosendaal

Bestemmingsreserves zijn vrij aanwendbaar voor zover deze niet zijn belast

per 31-12-2025 als volgt uit:

met verplichtingen aan derden, respectievelijk wanneer zij niet de functie hebben van een egalisatiereserve. Indien een risicogebeurtenis zich voordoet heeft

Begroting 2024 (per 31-12-2024)

de gemeenteraad de mogelijkheid om de bestemming van de reserve te wijzigen

Structureel karakter

ter dekking van het risico. De volgende (delen van) bestemmingsreserves worden als vrij aanwendbaar aangeduid: Stand

Begroting 2025 (per 31-12-2025)

31-12-2024 281.258

Onbenutte belastingcapaciteit (OZB)

298.280

304.842

Post Onvoorzien

150.000

150.000

448.280

454.842

Kapitalisatiefactor structurele beschikbaarheid

2,5

2,5

1.120.700

1.137.105

Vrij aanwendbare algemene reserves:

15.432.100

22.979.648

Vrij aanwendbare bestemmingsreserves:

23.630.300

25.040.961

subtotaal weerstandscapaciteit vermogen

39.062.400

48.020.609

Totale weerstandscapaciteit

40.183.100

49.157.714

Bestemmingsreserve Roosendaal spreekt, Roosendaal Doet

€

Bestemmingsreserve grondexploitatie

€

5.749.100

Bestemmingsreserve Participatie

€

2.361.704

Incidenteel karakter

Bestemmingsreserve Investeringsfonds

€

15.427.051

Bestemmingsreserve Aanpak snelweg A58

€

1.000.000

Duurzaamheid

€

221.848

Totaal

€

25.040.961

C. De onbenutte belastingcapaciteit (structureel karakter)

subtotaal weerstandscapaciteit exploitatie

De onbenutte belastingcapaciteit is het verschil tussen de werkelijk opgelegde en de maximaal te heffen Onroerend Zaak Belasting (OZB). De raad heeft de mogelijkheid om in geval van een calamiteit de financiële gevolgen te dekken met een verhoging

De beoordeling van het weerstandsvermogen

van de OZB. Conform de beleidsnota ‘risicomanagement en weerstandsvermogen’ is dit 2% van de in 2025 op te leggen aanslagen = 2% x € 15.242.112 = € 304.842.

Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de volgende ratio en bedraagt per 31 december 2025:

D. De post onvoorzien in de programmabegroting (structureel karakter) De post onvoorzien staat structureel in de begroting, is € 150.000 en wordt ook als weerstandscapaciteit aangemerkt. Het is een structureel opgenomen begrotingspost,

Ratio weestandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

=

€ 49,2 mln € 12,0 mln

= 4,1

waartegenover geen directe uitgaven geraamd staan en die ingezet wordt voor onvoorziene, incidentele tegenvallers. In de nota ’beleid risicomanagement en weerstandsvermogen’ is het streefgetal voor

Kapitalisatiefactor

het weerstandsvermogen vastgesteld op een minimale waarde van 1,0. De ratio van

Gezien de structurele beschikbaarheid en de mogelijkheid om de onbenutte

het weerstandsvermogen per 31 december 2025 voldoet met de waarde 4,1 ruimschoots

belastingcapaciteit en de post onvoorzien structureel in te zetten ter dekking

aan deze norm. Ten opzichte van de begroting 2024 is de weerstands-ratio precies gelijk.

van risico’s wordt conform de beleidsnota ‘risicomanagement en weerstandvermogen’

Zowel de beschikbare weerstandscapaciteit is hoger geworden, met name doordat

een kapitalisatiefactor toegepast van 2,5.

de Algemene Reserve en de Bestemmingsreserve Investeringsfonds zijn gestegen. Daarnaast is ook de benodigde weerstandscapaciteit hoger, dit wordt verklaard door onderstaande belangrijkste wijzigingen in de top 10. De belangrijkste wijzigingen in de top 10 risico’s ten opzichte van de begroting 2024 zijn: > Het risico ‘stijging aantal bijstandsklanten’ is verhoogd, omdat het UWV een hoger aantal bijstandsklanten verwacht. > Het risico ‘Onderwijshuisvesting’ is verhoogd, dit omdat niet helder is wat de vorming van de IKC’s qua kosten precies met zich mee gaat brengen. Ook geven Voortgezet Onderwijs-besturen aan dat ze zorgen hebben over hun structurele financiële exploitatie. > Het risico op een aanhoudend hoge inflatie is lager geworden doordat de inflatie richting 2% gaat, dit risico valt hiermee buiten de top 10. > Doordat het risico op aanhoudend hoge inflatie lager is geworden komt het risico over Terugloop Parkeeropbrengsten weer terug in de top 10. > Nieuw ten opzichte van de begroting 2024 in de top 10 is het risico ‘Grondverwerving Bulkenaar duurder’. Uitspraak van een rechter kan de maatschappelijke functie en daarmee de grondprijs beïnvloeden.

140

141

Begroting 2024

Let op: Voorzichtigheid blijft geboden Voor de duidelijkheid: de hoogte van de weerstandsratio zegt niets over eventuele vrije ruimte binnen de begroting. Onder elke bestemmingsreserve liggen immers plannen.

Kengetallen:

Verloop van de kengetallen Jaarverslag 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Aanwending van deze reserves voor het afdekken van risico’s die zich voordoen,

netto schuldquote

38%

71%

64%

75%

81%

82%

heeft consequenties voor de huidige onderliggende plannen.

netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

38%

71%

64%

75%

80%

82%

Kengetallen

solvabiliteitsratio

30%

18%

20%

16%

15%

13%

structurele exploitatieruimte

5%

0%

1%

-2 %

-1 %

-1 %

Het besluit tot wijziging van het BBV is in mei 2015 aangepast vastgesteld. Er dienen kengetallen opgenomen te worden in de paragraaf weerstandsvermogen

grondexploitatie

15%

5%

5%

2%

2%

0%

belastingcapaciteit

99%

100%

100%

100%

100%

100%

en risicobeheersing (Artikel 11 BBV). Het betreft: > netto schuldquote & netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen;

Beoordeling kengetallen

> solvabiliteitsratio; > grondexploitatie;

Netto schuldquote: De netto schuldquote geeft de hoogte van de schulden aan in relatie

> structurele exploitatieruimte;

tot de jaarlijkse inkomsten en geeft hierdoor een indicatie van de flexibiliteit van de

> belastingcapaciteit.

begroting. Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat indien dit kengetal lager is dan 90%

Het Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader (GTK) is een provinciaal toezichtskader

dat het als ‘minst risicovol’ wordt gezien. Dit is in Roosendaal het geval.

waarin signaleringswaarden staan hoe de in deze paragraaf genoemde kengetallen te interpreteren. Het betreft geen normering, de invoering van de set van vijf kengetallen

Solvabiliteitsratio: De solvabiliteit geeft de verhouding tussen het eigen en vreemd

is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken.

vermogen aan. Het geeft daarmee een indicatie of een gemeente haar bezit zeer zwaar belast met schuld.

Signaleringswaarden financiële kengetallen (GTK 2020)

Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat een kengetal van 20% als ‘neutraal’ kan worden gezien. Voor de begroting 2025 is het percentage precies 20%. Structureel is een dalend percentage te zien. In verband met de geplande investeringen vanuit het

Waarderingscijfer

Minst risicovol

Neutraal

Meest risicovol

Netto schuldquote

<90 %

90-130 %

>130 %

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

<90 %

90-130 %

>130 %

Solvabiliteitsratio

>50 %

20-50 %

<20 %

gedekt worden met structurele baten.

Grondexploitatie

<20 %

20-35 %

>35 %

Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat een kengetal boven de 0% als ‘minst

Structurele exploitatieruimte (begroting)

>0 %

0%

<0 %

risicovol’ kan worden gezien. In Roosendaal is dit voor de jaren 2024 en 2025 het geval.

Belastingcapaciteit

<95 %

95-105 %

>105 %

collegeprogramma is dit verklaarbaar en geeft het kengetal op dit moment geen directe aanleiding tot actie. De ontwikkeling van dit percentage wordt in de gaten gehouden. Structurele exploitatieruimte: Dit kengetal geeft aan in hoeverre structurele lasten ook

De gemeentefondscirculaire valt vanaf 2026 terug. Op dit moment is er geen aanleiding tot actie.

Het gebruik en het vaststellen van de berekeningswijze van de kengetallen heeft

Grondexploitatie: dit kengetal geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond)

geen functie als normeringinstrument in het kader van het financieel toezicht door

is ten opzichte van de totale geraamde baten. Het is lastig om een norm te bepalen voor

de provincies. De invoering van de set van vijf kengetallen is voornamelijk bedoeld

dit kengetal. Wel geeft het aan of een gemeente veel geld heeft gestopt in haar grondex-

om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken.

ploitatie, dit geld dient namelijk nog wel terugverdiend te worden. De laatste jaren ligt met

De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die de raad

name de focus op het ontwikkelen van beschikbare gronden, daarnaast zijn de gronden

in de beoordeling van de financiële positie kan betrekken. De kengetallen zullen altijd

afgewaardeerd naar actuele boekwaarden.

in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge

Signaal: het provinciaals toezichtskader geeft aan dat als dit kengetal onder de 20% zit, dat

verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van de gemeente.

het dan kan worden gezien als ‘minst risicovol’. In Roosendaal is dit het geval.

Hoe de kengetallen berekend moeten worden, is vastgelegd in een ministeriële regeling (26 oktober 2015, nr. 2015-0000611752).

Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden De woonlasten zijn voor de gemeente de belangrijkste eigen belastinginkomst. De hoogte van deze woonlasten geeft aan in hoeverre de gemeente relatief hoog zit met de woonlasten ten opzichte van de WOZ-waarden, in vergelijking met andere gemeenten. Signaal: het provinciaals toezichtskader geeft aan dat een percentage tussen de 95% en de 105% als ‘neutraal’ kan worden gezien. Dit is in Roosendaal het geval. In paragraaf 2 Lokale heffingen worden de onderliggende tarieven toegelicht.

142

Conclusie: De kengetallen tonen in totaliteit een goede financiële positie. Er is geen noodzaak om op basis van deze kengetallen beheersmaatregelen te treffen.

143

Paragraaf 3. Financiering

Renteontwikkeling De rente op de geldmarkt vertoont een opgaande lijn. De Europese Centrale Bank (ECB)

In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gemeente Roosendaal

voert op dit moment een beleid waarmee de rente geleidelijk, afhankelijk van de Europese

haar activiteiten voor het komende jaar gaat financieren.

ontwikkelingen op de geldmarkt, wordt verhoogd. Het effect voor de gemeente is een stijgende rentelast.

We staan voor een transparante en duurzame wijze van financiering van onze activiteiten. Als doelen zijn geformuleerd:

Renteschema

> Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten

Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording is onderstaand renteschema opgenomen.

tegen acceptabele condities. > Het beschermen van het gemeentelijk vermogen en resultaat tegen financiële risico’s, zoals rente-, koers-, krediet- en liquiditeitsrisico’s.

Renteschema 2025 (Bedragen x € 1.000)

> Het minimaliseren van de interne en externe kosten bij het beheren van geldstromen en financiële posities.

a.

De externe rentelasten over korte en lange financiering

b.

De externe rentebaten (idem)

5.174 -/-

Saldo rentelasten en rentebaten

> Het optimaliseren van de banksaldi en renteresultaten.

18 5.156

Deze doelen worden binnen de kaders van de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido), Wet Houdbare Overheidsfinanciën (HOF) en verder Wet verplicht

c1.

De rente die aan de facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) moet worden doorberekend

-/-

548

c2.

De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

+/+

0

Schatkistbankieren (vSB) respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasury statuut uitgevoerd.

-/-

Kasgeldlimiet Renterisico vlottende schuld

Aan taakvelden toe te rekenen rente

548 4.608

Het financieren van de gemeentelijke activa en exploitatie door middel van kortlopende

d1.

Rente over eigen vermogen

+/+

0

geldleningen heeft twee voordelen: er kan snel worden ingespeeld op mutaties in

d2.

Rente over voorzieningen

+/+

0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

de financieringsbehoefte en bij een normale rentestructuur - waarin het aantrekken van lange geldleningen duurder is dan korte geldleningen - is het een relatief goedkope financieringsvorm. Tegenover deze voordelen staat echter het nadeel van de korte rentevastheid, waardoor de gemeentelijke huishouding gevoelig wordt voor

4.608

e.

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

f.

Renteresultaat op het taakveld treasury (-/- = voordeel)

-/-

5.143 -535

­schommelingen in de rentestand. Om deze rentegevoeligheid te beperken heeft de wetgever de kasgeldlimiet ingesteld. Deze limiet stelt een maximum aan de omvang

Financieringssaldo

van de netto vlottende schuld die de gemeente mag hebben. Er is sprake van een

In de financiering van de gemeentelijke investeringen wordt deels door interne en deels

overschrijding van de kasgeldlimiet wanneer het kwartaalgemiddelde van de netto

door externe middelen voorzien.

vlottende schuld gedurende twee opeenvolgende kwartalen hoger is dan de berekende limiet. Het percentage voor de limiet is bepaald op 8,5% van de begrotingsomvang met Boekwaarde (Bedragen x € 1.000)

een minimum van € 300.000. In onderstaande tabel is de kasgeldlimiet berekend.

A. Investeringen: Grondexploitatie Overige investeringen Totaal investeringen (A)

Lasten in de kolom 2024 zijn volgens de gegevens zoals die bij ons bekend waren op 22-08-2024. In dit bedrag zijn de lasten mutaties van de aanbiedingsnota en de amendementen, uiteraard, nog niet verwerkt. Kasgeldlimiet (Bedragen x € 1.000 ) Omvang lasten programmabegroting (1) Toegestane kasgeldlimiet (8,5%)

2024 Primair

2024 Primair + 1e wijziging

2025 Primair (1)

319.020

321.825

348.952

27.117

27.355

29.661

(1) Stand in de begroting voor het jaar 2025 op 22-8-2024

B. Financiering: Interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) Externe financieringsmiddelen (langlopende geldleningen en waarborgsommen) Totaal financieringsmiddelen (B) Financieringssaldo (B-A)

Rekening balansstand 31-12-2022

Rekening Begroting balansstand prognose 31-12-2023 balansstand 31-12(Na resultaat 2024 verdeling)

Begroting prognose balansstand 31-12-2025

41.447 225.975 267.422

44.579 239.331 283.910

36.559 279.395 315.954

21.240 323.331 344.571

136.274

139.982

132.002

124.646

98.000 234.247

86.875 226.857

104.950 236.952

98.025 222.671

-/- 33.148

-/- 57.043

-/- 79.002

-/- 121.900

De in de tabel opgenomen berekeningen zijn gemaakt vanuit de stand van de huidige informatie en vragen om nadere toelichting.

144

145

Door het afzetten van de jaarlijkse mutatie in de investeringen van 2020 t/m 2022 blijkt

Vaste uitzettingen Mutaties vaste uitzettingen

dat circa 50% hiervan wordt gerealiseerd. Daarom is dit percentage van 50% gehanteerd

Vaste uitzettingen zijn door de gemeente verstrekte geldleningen met een rente

voor de berekening van de rentelasten voor het verwachte financieringstekort.

typische looptijd van één jaar of langer. Dergelijke leningen worden enerzijds verstrekt

In de begroting 2024 is hiervoor € 1,383 miljoen opgenomen.

in het kader van de publieke taakuitoefening, anderzijds in perioden waarin er sprake

Per 31 december 2025 is er een begroot restant financieringstekort van € 122 miljoen.

is van een liquiditeitenoverschot. Dit laatste komt echter zeker de laatste jaren niet Door het naar verwachting wederom achterblijven van investeringen in 2025

of nauwelijks voor. In onderstaand overzicht staan de partijen vermeld aan wie

t.o.v. de begroting 2025 is de verwachting dat het werkelijke financieringstekort

door de gemeente Roosendaal in het verleden geldleningen zijn verstrekt,

over het jaar 2025 minder zal zijn dan begroot. Per 31 december 2025 wordt

en ook de restantschuld en de ontstaansgrond van de leningen.

een financieringstekort verwacht van circa € 122 miljoen. De feitelijke omvang van het financieringstekort is onder andere afhankelijk van het daadwerkelijke verloop van de geplande investeringen en de dagelijkse ontvangsten en betalingen gedurende het jaar 2025.

Bedragen x € 1.000 Geldnemer Leningen Participatie Wet

De herfinanciering van het financieringstekort per ultimo 2025 kan worden ingevuld door een (her)financiering van maximaal € 100 miljoen aan nieuwe geldleningen (Lang geld). De resterende € 22 miljoen financieren wij met kort geld (Kasgeldleningen).

Ontstaansgrond

Rekening 31-12-2023

Begroting 01-01-2025

443

600

Uitvoering Participatie Wet

Krediethypotheken Participatie Wet

73

73

Uitvoering Participatie Wet

Leenbijstand BBZ

405

405

Uitvoering Participatie Wet

81

79

Stimuleringsleningen Woon-Werk locaties Startersleningen Roosendaal

Volkshuisvesting

12.863

15.488

Volkshuisvesting

Vaste schuld Mutaties vaste schuld

Startersleningen Nieuwbouw dorpen

0

0

Volkshuisvesting

Startersleningen Huurwoningen Alwel

84

79

Volkshuisvesting

Vaste schuld ontstaat wanneer geldleningen worden aangegaan met een rente typische

Duurzaamheidsleningen Roosendaal

looptijd van één jaar of langer. Daartoe wordt overgegaan wanneer de liquiditeitsplanning

Stimuleringsleningen

aangeeft dat er sprake is van een structurele financieringsbehoefte.

Verzilverleningen Monumentenfonds NV Totaal

Renterisico vaste schuld

465

372

Volkshuisvesting

2.854

3.674

Volkshuisvesting

133

190

Deelneming in NV

600

600

Deelneming in NV

18.001

21.560

In de Wet Fido is onder andere de renterisico norm met betrekking tot de vaste schuld opgenomen. Deze norm dient decentrale overheden aan te zetten tot het spreiden van

Debiteurenrisico op verstrekte leningen

hun lange termijn renterisico door bij het samenstellen van de leningenportefeuille door

Aan het voor langere tijd verstrekken van middelen aan derden kleeft het gevaar

middel van de verschillende rente typische looptijden rekening te houden met deze

dat deze derden op een onvoorzien moment niet meer aan hun aflossingsverplichting

normstelling. De renterisico norm is bij ministeriële regeling vastgesteld op 20% van het

kunnen voldoen.

begrotingstotaal van het betreffende jaar.

Ten aanzien van geldleningen die verstrekt zijn in het kader van de publieke taak speelt

Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van het renterisico voor de komende jaren aan.

het debiteurenrisico een ondergeschikte rol. Bij de besluitvorming is aan het maat­

De gevolgen van toekomstige geldopnamen zijn daarin nog niet verwerkt. Uit deze tabel

schappelijk belang van het verstrekken van dergelijke leningen een hogere prioriteit

blijkt dat we de komende jaren ruimschoots onder de renterisico norm blijven.

toegekend dan aan het daarmee samenhangende financiële risico. Dit geldt overigens ook ten aanzien van gegarandeerde geldleningen.

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal lasten (1) Renterisiconorm (20%)

348.952 69.790

342.154 68.431

339.547 67.909

344.643 68.929

Berekening renterisico Renteherzieningen Aflossingen Renterisico

0 31.925 31.925

0 5.925 5.925

0 4.925 4.925

0 4.925 4.925

Ruimte onder de rente risiconorm

37.865

62.506

62.984

64.004

(Bedragen x € 1.000)

(1) Stand lasten in de begroting voor het jaar 2025 per 22-08-2024.

Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF) De in de wet HOF vastgestelde macronorm wordt door vertaald naar individuele gemeenten in de vorm van een individuele referentiewaarde, die een indicatie geeft van het maximale aandeel in het EMU-saldo. In onderstaande tabel is de berekening opgenomen voor de gemeente Roosendaal. Dit volgens de gegevens zoals die bij ons bekend waren op 29 augustus 2023. In deze berekeningen zijn de mutaties van de aanbiedingsnota en de amendementen uiteraard nog niet verwerkt.

146

147

Berekening EMU-saldo (1) (Bedragen x € 1.000) Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

Begroting

Paragraaf 4. Onderhoud kapitaalgoederen

2025

2026

2027

2028

- 4.212

- 12.484

- 4.297

- -5.964

- 6.123

- 6.704

- 817

486

Inleiding

Bij: Mutatie voorzieningen

Een groot deel van het gemeentelijke vermogen investeren we in het beheer en onderhoud van onze kapitaalgoederen: groen, grijs (verhardingen, openbare

Af: Mutatie (im)materiële vaste activa

44.017

17.640

12.685

11.117

verlichting, verkeersvoorzieningen, straatreiniging en onkruidbestrijding), blauw

Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

-15421

-10.351

-75

-6.647

(water en riolering), civieltechnische kunstwerken en speelvoorzieningen.

Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im) materiële vaste activa

0

0

0

0

-/- 38.931

-/- 26.477

-/- 17.724

-/- 9.948

Berekend EMU-saldo

Onderhoud en tijdige vervanging van deze kapitaalgoederen is een belangrijke taak van de gemeente. Zorgvuldig beheer is nodig om kapitaalvernietiging te voorkomen en om de veiligheid van onze infrastructuur te waarborgen. Ook onderhouden we kunst in de openbare ruimte en ontsluiten we deze digitaal om de identiteit van Roosendaal blijvend te versterken.

Wet verplicht Schatkistbankieren (Wet vSB)

Het totale bestand aan kapitaalgoederen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is,

De wet vSB (zonder leenfaciliteit) houdt in dat decentrale overheden en door hen

duiden we aan met de term areaal. Het beheer en onderhoud van het areaal voeren

opgerichte gemeenschappelijke regelingen, al hun overtollige liquide middelen

we uit aan de hand van de door de gemeenteraad vastgestelde kaders ten aanzien

en beleggingen moeten aanhouden bij het ministerie van Financiën. Er is een

van onderhouds- en kwaliteitsniveaus. De feitelijke planning van het beheer en

vrijstellingsgrens voor het afstorten van overtollige liquide middelen (het bedrag

onderhoud is opgenomen in de Beheerkalender.

dat buiten het schatkistbankieren door de gemeente mag worden gehouden).

Een algemene tendens die we hebben sinds 2023 is dat we zien dat de kosten voor

Als het gemiddelde kwartaal bedrag van de positieve tegoeden minder is dan 2,00%

het onderhoud structureel zijn gestegen. Dit wordt veroorzaakt door hogere

van het begrotingstotaal, mag dit op de eigen bankrekeningen blijven staan.

materiaalkosten, tekort aan personeel, verduurzaming materieel. Vooraf is de hoogte

De (voorlopige) vrijstellingsgrens voor 2025 is, afgerond, € 7,0 miljoen.

van deze stijging niet voorzien.

(2,00 % van € 349 miljoen). In 2023 zijn we overgestapt naar een nieuw onderhoudsbeheerssysteem, van GBI naar iAsset, hierbij ervaren we nog veel technische mankementen. Onze areaalgegevens die we hier in deze paragraaf noemen zijn daarom wisselend afkomstig uit ons oude systeem GBI of uit ons nieuwe systeem iAsset. In 2024 is een integraal onderhoudsbestek op de markt gezet. De opzet van dit integrale bestek is dat de gemeente Roosendaal op beeldkwaliteit zal worden onderhouden. Hierbij zal op basis van meldingen onderhoud worden gepleegd aan het groen, zal er straatreiniging worden uitgevoerd, maar ook onkruidbestrijding worden gedaan en zullen waar nodig afvalbakken worden geleegd.

Groen Groen betreft het beheer en onderhoud van openbaar groen, bossen en natuurterreinen.

Actuele stand van zaken/ontwikkelingen In 2024 is een integraal onderhoudsbestek op de markt gezet in twee percelen, boven en onder de A58. Tijdens de offerteaanvraag was een significante prijsstijging te zien, welke veroorzaakt werd door verschillende omstandigheden: het groeiseizoen, en daarmee samenhangend de maaiperioden zijn langer geworden. Ook zijn er grote personeelstekorten bij de aannemers, en zorgt de verduurzaming van het materieel voor prijsstijgingen, daar de aanschaf van elektrische machines veel hoger is.

148

149

Grijs Verhardingen

Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen

Verhardingen betreft het beheer en onderhoud van verhardingen bestaande

waterunit en bosmaaiers. Verhardingen waar weinig gebruik van wordt gemaakt en die

uit elementen, asfalt, half-verhard en onverhard.

moeilijk te onderhouden zijn, worden mogelijk vervangen door groen of door printbeton.

Het onkruid op verhardingen wordt bestreden door inzet van hete lucht, borstels, een

In 2024 is het onderhoud in een integraal onderhoudsbestek weg gezet. Hiermee wordt

Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen

Roosendaal op beeldkwaliteit onderhouden. Hierdoor zullen losse meldingen voortaan

In de Beheerkalender zijn de noodzakelijke projecten opgenomen die in het jaar 2025

binnen het integraal bestek opgepakt worden.

worden uitgevoerd. Om de kwaliteit van de verhardingen te bepalen, vindt een jaarlijkse weginspectie plaats.

Blauw

Openbare verlichting

Water

Openbare verlichting betreft lichtmasten/armaturen en voorzieningen voor

Water betreft de volgende onderdelen die onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid

bijvoorbeeld het aanlichten van bijzondere gebouwen.

vallen: > De ontvangstplicht voor drijfvuil, baggerspecie en maaisel van de watergangen

Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen

die in beheer en onderhoud zijn bij het Waterschap (categorie A watergangen);

In de Beheerkalender zijn de in 2025 noodzakelijk te vervangen lichtmasten en armaturen

> Het onderhoud van de overige watergangen (categorie B en C watergangen);

opgenomen. In 2024 zal worden gestart met het versneld voorzien van LED lampen

> Het onderhoud van vijvers en andere waterpartijen (inclusief oeverzones, beschoeiingen

in de lichtmasten en armaturen.

en retentievoorzieningen); > Vaarwegbeheer voor de haven (vaardiepte op orde);

Verkeersvoorzieningen

> Beheer van (berm-)sloten.

Verkeersvoorzieningen betreft onder meer bebording, bewegwijzering, geleide systemen en verkeersregelinstallaties (VRI’s).

Actuele stand van zaken/ontwikkelingen Het Waterschap is verantwoordelijk voor het beheer van het oppervlaktewater,

Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen

zowel voor de waterkwaliteit als voor de waterkwantiteit. Voor het onderhoud is

De aanpassingen aan de VRI’s voeren we conform het vastgestelde vervangings­

onderscheid gemaakt in afvoerende functie binnen het regionale watersysteem.

programma uit. Voor 2025 staan er een aantal vervangingen gepland en deze doen we met intelligente VRI’s (iVRI’s). Een iVRI is een regelinstallatie die kan communiceren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1646/documents/44882