CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Economische visie Roosendaal Achtergrondrapportage 20240627.pdf

Gemeenteraad 12 september 2024, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 7a: Voorstel 061 - Economische Visie 204019.110 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Economische visie Roosendaal 2040 Achtergrondrapportage

Economische visie Roosendaal 2040 Achtergrondrapportage

In opdracht van: Gemeente Roosendaal Plaats, datum: Rotterdam, 12 juni 2024 Status: Openbaar

Rebel Transitiemanagement bv Wijnhaven 23 3011 WH Rotterdam Nederland +31 10 275 59 95 info@rebelgroup.com www.rebelgroup.com

3/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Inhoudsopgave 1. Inleiding, belang en aanleiding

4

1.1 Inleiding

4

1.2 Het belang van economie voor Roosendaal

4

1.3 Kerncijfers Roosendaalse economie

5

1.4 Economie in transitie

7

1.5 Toekomstbeeld Roosendaal 2040: kwaliteitssprong

8

1.6 Lange termijnvisie in context van brede welvaart

8

1.7 Leeswijzer

9

2. Visie, keuzes en onderbouwing

10

2.1 Inleiding

10

2.2 “Kies en je wordt gekozen”

10

2.3 Visie

10

2.4 Focus op verduurzamingstechniek, gezondheids- en welzijnszorg en vrijetijdseconomie

11

2.5 Onderbouwing van de keuzes voor deze focussectoren

12

3. Het ondernemersperspectief

16

3.1 Ondernemers aan het woord: online gesprek en fysieke tafels

16

3.2 Het online ondernemersgesprek

16

3.3 De CEO-tafel

16

3.4 De MKB tafels

17

4. Ruimtelijke vertaling

18

4.1 Inleiding

18

4.2 Uitwerking in vier scenario’s

18

4.3 Ruimtelijke vertaling

19

4.4 Mogelijke ruimtelijke strategieën

20

5. Opmaat naar uitvoering

23

5.1 Inleiding

23

5.2 Gemeente schept randvoorwaarden

23

5.3 Samen stappen zetten

23

5.4 Zichtbaar vooruitgang boeken

24

5.5 Arbeidsmarkt en onderwijs

32

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

1. Inleiding, belang en aanleiding 1.1 Inleiding Roosendaal bevindt zich op een kruispunt. De gemeente wil flink groeien naar meer inwoners, meer werk, meer voorzieningen en een verbetering van brede welvaart1. Daarbij staat de gemeente voor een aantal belangrijke keuzes, bijvoorbeeld op ruimtelijk gebied. De gemeenteraad heeft gevraagd om een ambitieuze visie op de economie, die sturend en leidend is voor de transitie naar een nieuwe economie en een sterkere economische positie voor Roosendaal. Dit hoofdstuk schetst het belang van de economie voor Roosendaal, de kerncijfers van de huidige economie, de transities die van invloed zijn op de economie en de beoogde kwaliteitssprong voor Roosendaal.

1.2 Het belang van economie voor Roosendaal De economie is door de eeuwen heen de aanjager voor de groei en ontwikkeling van Roosendaal geweest. De turfwinning, de aanleg van de spoorwegen, de vestiging van grote bedrijven, zoals Red Band en Philips, en de ontwikkeling van Roosendaal tot strategisch gelegen hotspot maakten Roosendaal aantrekkelijk. En daar profiteerde de gehele samenleving van. De Roosendaalse economie kenmerkt zich door een sterk en innovatief MKB en had in 2021 een toegevoegde waarde van 2,74 miljard euro 2. Roosendaal heeft veel om trots op te zijn. Ondernemers noemen bijvoorbeeld de gezellige en gastvrije sfeer, de aanwezigheid van veel leuke bedrijven en de kans om in Roosendaal nieuwe dingen uit te proberen. Roosendaal heeft van oudsher een sterke economische positie in de regio West-Brabant West, onder meer dankzij haar strategische ligging en het lef van generaties lokale ondernemers. De economie worstelt echter ook op onderdelen. De bedrijventerreinen puilen uit, terwijl er in de binnenstad leegstand is. Verloedering ligt op de loer. Er is krapte op de arbeidsmarkt en de bevolking vergrijst, waardoor het arbeidskapitaal afneemt. Tegelijkertijd zien we dat een groot deel van het Roosendaals arbeidspotentieel onbenut blijft. Het kantorenaanbod past niet goed bij de vraag en op sommige plekken zijn het winkelbestand en de horecavoorzieningen eenvoudig.

Vrij naar de woorden van een lokale ondernemer: Roosendaal heeft aanbod voor de gemiddelde persoon en onderscheidt zich op dit moment onvoldoende om aantrekkelijk te zijn als plek om te werken, wonen of recreëren. Een aantrekkelijke economie is cruciaal voor de brede welvaart in Roosendaal. Een goed woon- en leefklimaat en voldoende banen en ontwikkelmogelijkheden maken de gemeente aantrekkelijk voor talent en vakmensen. Daardoor zijn de broodnodige nieuwe arbeidskrachten en bedrijven eerder geneigd om voor Roosendaal te kiezen of in Roosendaal te blijven. De vraag hoe Roosendaal aan aantrekkingskracht wint hangt in belangrijk mate samen met een onderscheidende en toekomstbestendige economie. Er zijn keuzes nodig om een scherp en herkenbaar profiel te krijgen. Daarnaast krijgt Roosendaal net als de rest van Nederland te maken met een aantal grote uitdagingen, 1 Definitie PBL: Brede welvaart omvat alles wat mensen van waarde vinden. Naast materiële welvaart gaat het ook om zaken als gezondheid, onderwijs, milieu en leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. Bovendien betreft het niet alleen de kwaliteit van leven in het ‘hier en nu’, maar ook de effecten van onze manier van leven op het welzijn van mensen ‘elders’ (buiten de regio) en ‘later’ (toekomstige generaties). 2 Economische Barometer Roosendaal 2022. I&O Research, 2023.

Toegevoegde waarde is het verschil tussen de omzet en de inkoopwaarde van diensten en grondstoffen

4/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

zoals digitalisering, klimaatverandering, schoon drinkwater en het opraken van grondstoffen en energie.

1.3 Kerncijfers Roosendaalse economie

5/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

6/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

1.4 Economie in transitie Diverse externe trends en transities hebben invloed op de Roosendaalse economie. De volgende belangrijke ontwikkelingen worden vaak genoemd, waaronder in de Omgevingsvisie van Roosendaal: • Vergrijzing en kleinere huishoudens: Mensen worden steeds ouder. In alle leeftijdscategorieën wonen mensen steeds meer alleen. Er zijn meer kleinere woningen nodig, en woningen met meer ontmoetingsruimte en andere collectieve voorzieningen eromheen. • De transitie van een lineaire naar een circulaire economie: Het opraken van onze grondstoffen maakt het noodzakelijk om deze zoveel mogelijk te hergebruiken. Bedrijven moeten zich hierop aanpassen. Zo is er fysieke ruimte nodig om grondstoffen uit producten te kunnen halen voor hergebruik en zullen bedrijfsvoering en banen veranderen als gevolg van deze transitie. • Verduurzaming: De komende tien jaar moeten we fors investeren in het verduurzamen en toekomstbestendig maken van woningen en bedrijven aan de hand van zon- en windenergie, geothermie en warmtenetten. Dit biedt kansen voor scholing en voor aannemers. Kansen ook voor bedrijven die snel meebewegen met de wensen van overheden en andere klanten.

Uitdagingen zijn er ook: zo heeft het huidige elektriciteitsnet geen ruimte om tegemoet te komen aan extra vraag naar of aanbod van elektriciteit (netcongestie) en zijn er grote investeringen nodig om het de energieinfrastructuur toekomstbestendig te maken. • Klimaatadaptatie: Klimaatadaptie betekent onder andere het tegengaan van verdroging op zandgronden en meer natuur (groen) en water (blauw) in de stad. Dit maakt het woonklimaat aantrekkelijker. Ook woningen en bedrijfsgebouwen zullen toekomstbestendig moeten worden om de gevolgen van klimaatverandering aan te kunnen. • Digitalisering: Het dagelijks leven speelt zich steeds meer af in het digitale domein. Werk en relaties (privé en zakelijk) worden minder afhankelijk van plaats en tijd. Dit heeft een direct effect op de inrichting van de fysieke ruimte, op de vormen van bedrijvigheid, op de detailhandel en de recreatie. • Vakmanschap op de arbeidsmarkt: Digitalisering en robotisering leiden tot innovatie in productie en verschuivingen op de arbeidsmarkt. De aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt voor praktische beroepen, zoals beroepen in de techniek (installateurs, bouwers) en in de zorg, biedt kansen voor digitalisering en robotisering. Het precieze verloop van deze trends en transities is onzeker en afhankelijk van bijvoorbeeld technologische of geopolitieke ontwikkelingen.

De triple helix van overheid, bedrijfsleven en onderwijsinstellingen staat samen voor de opgave om de lange termijnvisie voor de economie te bepalen3. Vanuit die lange termijnvisie kunnen concrete stappen in de goede richting worden gezet. Het is daarbij de kunst om te denken vanuit kansen in plaats vanuit bedreigingen. Op veel plekken gebeurt dit al. Bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en overheid helpen elkaar om het arbeidsmarktperspectief te verbeteren. Bedrijven op bedrijventerreinen zorgen er met een beetje hulp van de overheid voor dat bezoekers zich welkom en veilig voelen en gemeenten in de regio WestBrabant spreken af waar ze elkaar economisch kunnen versterken. Samen kom je tot een beter verhaal en ontstaat de energie om de Roosendaalse economie verder te brengen: bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en overheid helpen elkaar bij het slimmer maken van de zorg, een duurzame

3 De term triple helix wordt vaak gebruikt om de samenwerking tussen overheid, private partijen en kennis- of onderwijsinstellingen aan te duiden, vaak met als doel om tot innovatie te komen.

7/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

voedselproductie, het verbeteren van het arbeidsmarktperspectief en het circulair maken van productieketens.

1.5 Toekomstbeeld Roosendaal 2040: kwaliteitssprong4 De gemeente Roosendaal werkt samen met inwoners, ondernemers en het maatschappelijk middenveld aan de kwaliteitssprong die nodig is om Roosendaal weer op de kaart te zetten. Die sprong wordt integraal gemaakt: een verbeterde gezondheid van inwoners, meer mensen die zich prettig en veilig voelen, een betere balans tussen natuur en gebouwde omgeving, en aantrekkelijk wonen en werken. Er is werk aan de winkel op alle fronten en economie is daar één van. Ondernemers, onderwijsinstellingen en de gemeente zetten hier samen de schouders onder. In 2040 is het voor iedereen in Roosendaal aantrekkelijk werken, wonen en recreëren. Mensen die in de gemeente wonen voelen zich verbonden met hun woonplaats en kunnen elkaar gemakkelijk ontmoeten. Roosendaal scoort goed op de brede welvaartsindicatoren.5 Huisvesting en veiligheid zijn op orde, evenals gezondheid en milieu. Er is een verbeterd voorzieningenniveau en er zijn meer inwoners in de werkzame leeftijd die beschikken over een passende opleiding en de juiste ervaring om hun dromen na te jagen en een waardevolle bijdrage te leveren aan de samenleving. Een vitale economie levert een belangrijke bijdrage aan de brede welvaart in Roosendaal en draagt bijvoorbeeld bij aan baanzekerheid, een inkomen en voldoende kansen voor persoonlijke ontwikkeling.

In Roosendaal zijn straks goede, uitdagende banen te vinden. Zo blijven lokale talenten voor de stad behouden en worden talenten van elders aangetrokken. En als je eens goed wilt shoppen, uit eten wilt gaan, cultuur wilt proeven of op zoek bent naar een avontuurlijke beleving dan moet je in Roosendaal zijn!

1.6 Lange termijnvisie in context van brede welvaart Een visie is een momentopname, die om de zoveel tijd herijkt dient te worden. Deze visie verschilt op twee manieren van voorgaande visies: 1: De visie richt zich conform de kwaliteitssprongaanpak op de langere termijn: het jaar 2040. Ondernemers en onderwijsinstellingen hebben behoefte aan een stip op de horizon voor later, op basis waarvan ze nu samen met de gemeente Roosendaal concreet aan de slag kunnen. Die stip op de horizon is nodig omdat de strijd om de nu al beperkte ruimte de komende jaren alleen maar verder toe zal nemen door bijvoorbeeld bevolkingsgroei, verstedelijking en klimaatverandering. Daarnaast is het voor het commitment van ondernemers en onderwijsinstellingen belangrijk als zij zaken kunnen doen met een overheid die op de langere termijn, over collegeperiodes heen, voorspelbaar en betrouwbaar is. 2: De visie op economie wordt geplaatst in de context van brede welvaart en een kwaliteitssprong. Dit hangt samen met de ambitie van Roosendaal om in 2040 een aantrekkelijke gemeente te zijn waar mensen graag werken, fijn wonen en naartoe komen om te recreëren. Daarom zijn bij de totstandkoming van deze visie ook de raakvlakken gezocht met andere beleidsterreinen. In de bijlage staat een overzicht van deze raakvlakken.

4 Zie ook: https://www.roosendaal.nl/kwaliteitssprong

8/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

1.7 Leeswijzer Deze rapportage is als volgt opgebouwd. Hoofdstuk 2 bevat de visie op de Roosendaalse economie in 2040, de gemaakte economische keuzes en de onderbouwing daarvan. Hoofdstuk 3 geeft het ondernemersperspectief weer. Hoofdstuk 4 vertaalt de economische keuzes en groeiambities naar de ruimtelijke implicaties vanuit economie. Hoofdstuk 5 schetst een eerste opmaat naar de uitvoering van deze visie. De bijlagen bij deze rapportage bevatten een overzicht van: •

Relevante beleidsambities en beleidsdocumenten;

•

De verantwoording en resultaten van het online ondernemersgesprek en de fysieke gesprekken met werkgevers van Roosendaalse bedrijven en organisaties.

•

De analyse die ten grondslag ligt aan de ruimtelijke vertaling.

9/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

2. Visie, keuzes en onderbouwing 2.1 Inleiding Dit hoofdstuk bevat de visie op de Roosendaalse economie van 2040, de economische keuzes die gemaakt worden om daar te komen en de onderbouwing van die keuzes. De visie, keuzes en onderbouwing volgen uit het bestuderen van verschillende lokale en regionale onderzoeks- en beleidsrapportages en een analyse van verschillende gesprekken met Roosendaalse ondernemers. Omwille van de leesbaarheid zijn deze kaders en analyses grotendeels opgenomen in de bijlage bij deze rapportage.

2.2 “Kies en je wordt gekozen” Dit motto gaven ondernemers de gemeente als opdracht mee bij de totstandkoming van deze economische visie. Roosendaal heeft al een aantal keuzes gemaakt. Zo wordt in de Omgevingsvisie 6, benoemd dat Roosendaal inzet op samenwerking tussen het bedrijfsleven en onderwijs voor de sectoren zorg, techniek, logistiek, zakelijke dienstverlening en vrijetijdseconomie. Het is bij het maken van keuzes belangrijk om Roosendaal in een breder regionaal perspectief te zien. De gemeente vormt met Bergen op Zoom, Etten-Leur, Breda en Oosterhout een sterke stedelijke as in West-Brabant en is strategisch gelegen tussen Zeeland en de metropolen Rotterdam, Antwerpen en Brainport Eindhoven. De titel van de Omgevingsvisie is niet voor niets: De Verbonden Stad. De verschillende verbindingen bieden volop kansen om Roosendaal te versterken door vanuit een eigen profiel bij te dragen aan de aantrekkingskracht van de regio. Drie dwarsdoorsnijdende thema’s zijn in algemene zin bepalend bij de te maken keuzes voor een toekomstbestendige economie voor Roosendaal: 1: Ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid, waaronder de transitie van een lineaire naar een circulaire economie. 2: Passende ruimte voor economische functies in een gemeente waar ruimte als gevolg van groei en verschillende functie-invullingen een steeds schaarser goed wordt.

3: Een goede verbinding tussen arbeidsmarkt en onderwijs, zodat er voldoende aantrekkelijke banen zijn, de arbeidsparticipatie in Roosendaal toeneemt en de krapte op de arbeidsmarkt afneemt.

2.3 Visie De economische visie voor Roosendaal in 2040 kan als volgt worden samengevat: De Roosendaalse economie bruist in 2040. In Roosendaal maken slimme doeners de toekomst. Hier worden nieuwe ideeën in praktijk gebracht. En daar profiteert iedereen in Roosendaal van. We zijn toonaangevend in verduurzamingstechniek, gezondheids- en welzijnszorg en vrijetijdseconomie. We werken voortdurend aan vernieuwing en verbetering. Gemeente, bedrijfsleven en onderwijsinstellingen zorgen samen voor een prettig vestigings- en leefklimaat, waar hard werken en ruimte voor ontspanning hand in hand gaan.

6 De integrale langetermijnvisie van de gemeente Roosendaal voor de fysieke leefomgeving en haar grondgebied.

10/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

2.4 Focus op verduurzamingstechniek, gezondheids- en welzijnszorg en vrijetijdseconomie Zoals in de visie wordt benoemd zet Roosendaal zich met drie focussectoren op de kaart. 1.

Verduurzamingstechniek, als aanjager voor de transitie naar de nieuwe economie. Deze transitie vraagt naast kennis en innovatie en samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven ook voldoende arbeidskrachten. Daarnaast is er met name op de bedrijventerreinen en in het buitengebied ruimte nodig. Denk hierbij aan al hetgeen dat komt kijken bij de vormgeving en inrichting van een (technische) circulaire economie in Roosendaal en de regio.

2.

Daarnaast is er de gezondheids- en welzijnszorg, waar de vergrijzing de komende jaren voor de nodige banen zal zorgen. Het nieuwe Bravis ziekenhuis kan het vliegwiel op gang brengen voor een cluster voor toegepaste innovaties in de zorg waarin onderwijs, bedrijfsleven en de zorg- en welzijnssector samen op praktische wijze vorm geven aan de zorg van morgen.

3.

De derde sector is de vrijetijdssector, variërend van Leisurepark Roosendaal tot recreatie in de natuur in Roosendaals buitengebieden en hoogwaardige detailhandel, cultuur en horeca in de binnenstad. De vrijetijdseconomie heeft, naast een heldere visie, voldoende ruimte nodig op locaties die passen bij het diverse aanbod dat Roosendaal heeft. Ook de aanwezigheid van een passend onderwijsaanbod van MBO- en Associate Degree opleidingen is van groot belang.

Overzicht keuzes voor Roosendaal

11/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

2.5 Onderbouwing van de keuzes voor deze focussectoren In deze paragraaf worden de drie focussectoren nader toegelicht en wordt de keuzes voor focussectoren verder onderbouwd. De onderbouwing verschilt per sector. In algemene zin kan het volgende worden gesteld: •

Voor verduurzamingstechniek is de transitie van lineaire naar circulaire economie leidend.

•

Voor gezondheids- en welzijnszorg zijn dat de demografische ontwikkelingen in combinatie met de reeds sterk aanwezige sector in Roosendaal.

•

De focus op de vrijetijdssector is in feite al eerder bepaald, en is ook vanuit het perspectief van brede welvaart een zeer logische focus.

Verduurzamingstechniek

•

Verduurzamingstechniek7 beslaat met 9.530 banen (24,1% van het totaal) en is daarmee van groot belang voor de Roosendaalse economie.

•

Landelijk is afgesproken dat de economie in 2030 voor de helft en in 2050 geheel circulair moet zijn. De regio West-Brabant zet hier fors op in en wil dé koploper zijn in circulaire economie.

•

De circulaire economie in Roosendaal komt langzaam op gang. Van de 441 bedrijven die volgens de PBL definitie onderdeel zijn van de circulaire economie bevindt 90% zich op R4 van

7 De optelsom van industrie, vervoer en opslag, bouwnijverheid, winning en distributie van water, afval en afvalwaterbeheer en sanering

12/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

de R-ladder (R6 is het minst duurzaam). Dit biedt kansen voor versnelling en ontwikkeling, met name op bedrijventerreinen en in het landelijk gebied. •

De circulaire economie zorgt in ieder geval tijdelijk voor een toenemende ruimtevraag. In de overgang van lineaire naar circulaire economie is er volgens het PBL naar schatting tot 40% extra ruimte nodig. Met name op bedrijventerreinen is de ruimte nu al zeer beperkt, waardoor er weinig perspectief is voor bedrijven die niet meegaan in de transitie naar de circulaire economie.

•

De sector neemt nu al veel ruimte in en veel functies laten zich lastig combineren met gevoelige functies, zoals industrie naast wonen. Dat betekent dat er strategische ruimtereserveringen nodig zijn voor circulaire economie, bijvoorbeeld multimodaal ontsloten bedrijven in de hogere milieu categorieën (HMC’s), bedrijventerreinen aan stadsranden en bedrijfslocaties bij openbaar vervoer knooppunten, winkelcentra en in woonwijken.

•

De arbeidsmarkt voor technische beroepen en transport en logistiek is zeer krap. 14% van de MBO-studenten doet een opleiding in techniek en gebouwde omgeving, 5% in mobiliteit, transport, logistiek en maritiem. Betere regionale samenwerking tussen onderwijsinstellingen en bedrijven kan er, in combinatie met een positieve framing vanuit de circulaire economie, voor zorgen dat er een betere verbinding komt tussen vraag naar en aanbod van hoogwaardige arbeidskrachten.

Gezondheids- en welzijnszorg

•

De gezondheids- en welzijnszorg is nu al één van de motoren van de Roosendaalse economie. In 2022 waren er in deze sector 8.750 banen, goed voor ruim 2% van het totaal aantal banen

13/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

in Roosendaal. De sector is verantwoordelijk voor 11% van de gecreëerde toegevoegde waarde in Roosendaal. •

De zorgvraag neemt toe. Roosendaal vergrijst de komende decennia. Daarnaast wonen er in Roosendaal wat meer inwoners met een lagere sociaaleconomische status dan gemiddeld in Nederland. In deze groep zijn relatief meer mensen met een chronische ziekte of meerdere aandoeningen, wat de zorgvraag verder doet stijgen.

•

Ook de vraag naar gespecialiseerd zorgpersoneel neemt toe. Dit is terug te zien in de opleidingscijfers. Zo doet 36% van de MBO-studenten een opleiding in zorg, welzijn en sport en zowel in Roosendaal als in Nederland neemt dit aantal zowel absoluut als procentueel toe.

•

Met de toenemende zorgvraag nemen ook de zorgkosten toe. De betaalbaarheid van de zorg is een knelpunt. Dit biedt kansen voor praktijkgerichte innovaties, bijvoorbeeld met behulp van digitalisering en technologie. Innovaties in de eerstelijnszorg of verbeteringen gericht op preventie dragen bij aan stimulering van de brede welvaart van de Roosendaalse bevolking, bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat mensen langer thuis kunnen blijven wonen of dichtbij huis gepaste zorg kunnen krijgen.

•

Gezondheids- en welzijnszorg kost weinig ruimte en is goed te combineren met andere functies.

•

De nieuwbouw van het Bravis ziekenhuis, dat een bovenregionaal verzorgingsgebied heeft, is een katalysator voor de ontwikkeling van een regionaal innovatief zorg- en welzijnscluster in Roosendaal. Hier kunnen de vraag naar en het aanbod van gezondheids- en welzijnszorg optimaal bijeengebracht worden, bijvoorbeeld door nauwe samenwerking tussen onderwijsopleidingen en zorginstellingen.

Vrijetijdseconomie

14/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

•

Vrijetijdseconomie levert een belangrijke bijdrage aan brede welvaart door ruimte voor ontspanning te creëren. Dit is deels de kracht van het landelijk gebied, waar rust en recreatie te vinden zijn. Daarnaast is het voorzieningenaanbod op het Leisurepark bovenregionaal aantrekkelijk, met Designer Outlet Roosendaal als beeldbepaler.

•

Roosendaal zet samen met Bergen op Zoom in op vrijetijdseconomie. Samen hebben zij een aantrekkelijk en veelomvattend aanbod aan bovenregionale voorzieningen.

•

12% van de MBO-studenten doet een studie in voedsel, groen en gastvrijheid. De werkgelegenheid in de vrijetijdseconomie fluctueert, wat zeker geldt voor de horeca.

•

Vrijetijdseconomie kost weinig ruimte en kan doorgaans goed worden gecombineerd met andere functies.

•

Er is bovengemiddeld veel leegstand in het centrum van Roosendaal. Dit biedt kansen voor start-ups en scale-ups op het gebied van kunst en cultuur, creatieve industrie en andere vormen van vrijetijdseconomie, bijvoorbeeld in programma’s als VOLOP Roosendaal.

15/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

3. Het ondernemersperspectief 3.1 Ondernemers aan het woord: online gesprek en fysieke tafels Ondernemers hebben een belangrijke stem in de totstandkoming van deze visie. Zij zijn op verschillende manieren betrokken. Eind 2023 is er een online ondernemersgesprek gestart, waarvoor Roosendaalse ondernemers zowel gericht als via verschillende kanalen en platformen zijn uitgenodigd. Bijna 230 ondernemers hebben hun inbreng gegeven en/of op elkaars inbreng gereageerd. De respons is mooi verdeeld over bedrijven van verschillende omvang, bedrijfstakken en de locatie van de hoofdvestiging. Dat maakt het mogelijk om geldige uitspraken te doen op het niveau van de gemeente als geheel. In de bijlage is de responsverdeling te vinden. Daarnaast zijn er in het Huis van Roosendaal werksessies (tafels) georganiseerd met zo’n 30 CEO’s en MKB’ers uit de gemeente. Dit hoofdstuk gaat in op de belangrijkste resultaten uit de online en offline gesprekken. In de bijlage staat de volledige verslaglegging.

3.2 Het online ondernemersgesprek Ondernemers vinden dat wonen en werken onlosmakelijk verbonden zijn en elkaar in balans moeten houden. Ze hebben zorgen over een tekort aan woningen in Roosendaal. Aan de andere kant zien ze ook verloedering van gebouwen en openbare ruimte, zowel in de binnenstad als op bedrijventerreinen. Ook de leegstand in de binnenstad baart ondernemers zorgen. Fatsoenlijke huisvesting van arbeidsmigranten is voor een aantal ondernemers een aandachtspunt. De ondernemers zijn verdeeld over de sterke aanwezigheid van logistiek. Voor sommigen is dat iets om trots op te zijn, terwijl anderen hier uitgesproken negatief over zijn. Het draagvlak voor de focus op vrijetijdseconomie is groot, ondernemers zien hier ook kansen voor zichzelf. Ondernemers kijken voor veel zaken naar de gemeente, ook als hen expliciet wordt gevraagd op welke manier ze zelf kunnen bijdragen aan een mooier Roosendaal. Ze zien kansen voor zowel de binnenstad als bedrijventerreinen, vooral op het gebied van schoon, heel en veilig. De bereikbaarheid van de binnenstad met de auto wordt ook vaak genoemd. De parkeerkosten in de binnenstad wekken veel ergernis. Hetzelfde geldt ook voor de verbindingen voor het OV, de fiets en voetgangers. Ondernemers geven wel aan dat ze meer en intensiever zouden kunnen samenwerken, zowel onderling als met de gemeente en onderwijsinstellingen.

3.3 De CEO-tafel CEO’s verwachten dat de gemeente een stip op de horizon zet en kaders meegeeft. Zij roepen de gemeente op om lef te tonen, keuzes te durven maken en te accepteren dat het onmogelijk is om iedereen tevreden te stellen. Als de gemeente de stip eenmaal heeft gezet dan zijn CEO’s bereid om samen concrete acties te benoemen en stappen te zetten. CEO’s vinden de aanwezigheid van logistiek een pluspunt. De positie van logistieke hotspot is er volgens hen één om te koesteren en leiderschap op te nemen in de regionale samenwerking. Zorgen zijn er over de zichtbaarheid en uitstraling van Roosendaal, beide laten te wensen over. Een voorbeeld zijn de onaantrekkelijke wegen naar het centrum, die tot aantrekkelijke groene zones zouden kunnen worden omgevormd. Een ander punt van zorg is de jeugd die elders vertier zoekt in

16/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

plaats van in Roosendaal. Ook geven de CEO’s aan steeds verder buiten de regio op zoek te moeten naar talenten. Zij zouden graag samen mensen willen opleiden. Huisvesting is dan een aandachtspunt. Naast het vinden van juiste arbeidskrachten worden CEO’s ook bezig gehouden door verduurzamingsen energievraagstukken.

3.4 De MKB tafels MKB’ers willen graag actie in plaats van de zoveelste visie. Zij zien voldoende kansen in Roosendaal, zoals de veelzijdigheid van wijken, dorpen, landelijk gebied en bedrijventerreinen. Ook waarderen zij de ruimte voor experimenten en het dorpse doen: elkaar kennen en er voor elkaar zijn als nodig. Daar tegenover hekelen zij de beperkte betrokkenheid van ondernemers. Ze zien bij bijeenkomsten altijd dezelfde gezichten. En ze bespeuren veel negativiteit: wel van alles willen maar er zelf niets voor willen doen. Zorg van de MKB’ers is dat er voor de jeugd in Roosendaal onvoldoende te doen is. Ook benadrukken zij het belang van vakmanschap en geven aan dat het moeilijk is om goede vakmensen te vinden.

17/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

4. Ruimtelijke vertaling 4.1 Inleiding Meer inwoners in Roosendaal betekent dat de economie moet meegroeien, zodat Roosendaal een gemeente blijft waar mensen fijn wonen én werken. Dat betekent echter ook er meer ruimte nodig is voor economie. Op dit moment nemen economische functies (exclusief landbouw en infrastructuur) ongeveer 10% van het gemeentelijk oppervlak in Roosendaal in beslag. Daartoe behoren onderwijsinstellingen, winkels, bedrijventerreinen, kantoren, et cetera. De concurrentie om de ruimte neemt niet alleen vanuit economisch perspectief toe. Daarom zijn er keuzes nodig: waar wil Roosendaal in de toekomst op inzetten? Om een voorbeeld te noemen, alleen al de omslag naar een circulaire economie vraagt tot 40% extra ruimte dan de huidige lineaire, fossiele economie (PBL, 2023). Zonder keuzes past het simpelweg niet meer, dat is evident. Maar hoe die keuzes ruimtelijk uitpakken is nog niet bekend. In dit hoofdstuk brengen we de benodigde ruimte voor economie in 2040 in kaart.

4.2 Uitwerking in vier scenario’s De benodigde ruimte voor economie in de toekomst is onderzocht aan de hand van twee variabelen: •

De groei van het aantal inwoners: op weg naar 100.000 of 120.000 inwoners in 2040

•

Wel of geen extra inzet op de focussectoren gezondheids- en welzijnszorg, verduurzamingstechniek en vrijetijdseconomie.

Dat levert vier scenario’s op, die in dit hoofdstuk worden uitgewerkt:

18/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

4.3 Ruimtelijke vertaling Om de ruimteclaim per scenario te berekenen is een doorvertaling gemaakt van de bevolkingsprognose voor 2030 en 2040 naar de potentiële en de werkzame beroepsbevolking, en vervolgens naar het aantal benodigde banen om de balans tussen wonen en werken in stand te houden bij een bevolkingsgroei naar 100.000 of 120.000 inwoners. Hierin is een ambitie opgenomen voor de ontwikkeling van de netto arbeidsparticipatie8. In 2022 scoorde Roosendaal 69,5%, terwijl de netto arbeidsparticipatie in West-Brabant 72,1% en in Nederland 72,7% was. Voor 2023 zijn alleen de cijfers voor Nederland als geheel bekend: 73,3%. Het ligt dus in de lijn der verwachting dat ook de arbeidsparticipatie in Roosendaal licht zal blijven stijgen in de komende jaren. De kaart toont een grid van 250 bij 250 meter. Rechts van de kaart is voor de sectoren vrijetijdseconomie, gezondheids- en welzijnszorg en verduurzamingstechniek berekend hoeveel extra ruimte (rode blokjes) er nodig is volgens de vier verschillende scenario’s richting 2030 en 2040. Afhankelijk van waarvoor Roosendaal kiest (een kwaliteitssprong naar 100.000 of 120.000 inwoners en wel/geen extra inzet op de focussectoren), neemt de hoeveelheid benodigde extra ruimte toe.

8De netto arbeidsparticipatie is het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en nietberoepsbevolking).

19/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

4.4 Mogelijke ruimtelijke strategieën De ruimtevraag voor economie zal hoofdzakelijk landen in de volgende gebieden: •

Het centrum van Roosendaal

•

Het stationsgebied van Roosendaal

•

Bedrijventerreinen, zoals Borchwerf, Majoppeveld (incl. Go Stores) en Vijfhuizenberg

•

Omgeving van De Stok en Designer Outlet Roosendaal

•

Omgeving van de nieuwe locatie van het Bravis ziekenhuis (in De Bulkenaar)

Daarnaast zal de verduurzamingstechniek ook op de economische vormgeving van de buitengebieden impact hebben. Naar deze gebieden zal gekeken moeten worden om de aanvullende ruimtevraag een plek te geven. De gemeente kan draaien aan de volgende knoppen:

20/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

•

Verdichting: een hogere dichtheid is kansrijk in het centrum, het stationsgebied en op bedrijventerreinen. Als aandachtspunt hierbij geldt dat economisch strategische locaties wel gereserveerd moeten blijven voor de economie, terwijl deze locaties (met name bedrijventerreinen in of dichtbij de stad) vaak concurreren met ruimte voor wonen. Transformatie van bedrijventerreinen naar woongebieden brengt als risico dat (mkb-) maakbedrijven steeds verder de stad uitschuiven, terwijl dit belangrijke werkgevers zijn voor doeners.

•

Functiemenging: (kleinschalige) economische en andere functies kunnen worden gemixt met woonfuncties in het centrum, stationsgebied, op bedrijventerreinen en in woonwijken. Als aandachtspunt hierbij geldt dat bedrijven – zeker in de circulaire economie – binnen hoge milieucategorieën vallen en niet altijd gemixt kunnen worden met gevoelige functies, zoals wonen. Zonering en afstand houden is een belangrijk middel om ervoor te zorgen dat er geen hinder ontstaat.

•

Herstructurering (schuifruimte ontwikkelen): veel bedrijventerreinen zijn inefficiënt ingericht. Bedrijven die veel hinder produceren (veiligheidsrisico’s, geluid, geur, etc.) staan naast kantoren, winkels of sportscholen, terwijl die functies juist goed gemixt kunnen worden met woningen of herplaatst kunnen worden om leegstaande gebouwen elders opnieuw te benutten. Bedrijven die hinder met zich meebrengen zijn zelfs vaak gebaat bij clustering. Zowel op Borchwerf als Majoppeveld is lichte bedrijvigheid aanwezig, zoals kantoren en winkels. Hier ligt een kans om lichte bedrijvigheid te verplaatsen naar bijvoorbeeld het stationsgebied, terwijl ruimte op de bedrijventerreinen gereserveerd blijft voor zwaardere bedrijvigheid.

•

Uitbreiding: wanneer er geen ruimte meer beschikbaar is binnen het bestaand bebouwd gebied, kan gekeken worden naar uitbreiding. Het nadeel hiervan is dat dit ten koste gaat van ruimte voor het landelijk gebied, terwijl het landelijk gebied als gevolg van noodzakelijke transities ook weer terugduwt op het bebouwd gebied. Voor de transitie naar duurzame landbouw, het herstel van biodiversiteit en duurzame energieopwek is bijvoorbeeld ook meer ruimte nodig. Daarnaast is het waarschijnlijk dat in 2050 No Net Land Take vanuit de EU geldt: verstedelijken mag, mits die hectares gecompenseerd worden met het teruggeven van grond aan landbouw en natuur. Uitbreiding heeft – ondanks dat het een snellere bouwmethode kan zijn - bovendien als nadeel dat er minder gebruik kan worden gemaakt van bestaande voorzieningen en infrastructuur en mensen door de langere afstanden sneller geneigd zijn om de auto te pakken. De kans is groot dat de aanvullende ruimteclaims niet allemaal binnen bestaand bebouwd gebied een plek kunnen krijgen. In dat geval komt de ‘Wig’ in beeld als gebied voor een gecombineerde strategie van uitbreiding en schuifruimte creëren.

•

Actief beleid voor economische sectoren: per sector verschilt het sterk of gaat om lichtere (en dus mengbare) of zwaardere bedrijvigheid en hoeveel ruimte een sector in beslag neemt. In de gezondheids- en welzijnszorg en in de vrijetijdseconomie is er bijvoorbeeld veel minder m2 per arbeidsplaats nodig dan in de verduurzamingstechniek. De kanttekening bij deze ‘knop’ is dat er nog veel meer aspecten meegewogen moeten worden bij de keuze voor een economische sector, zoals de aansluiting op opleidingstypen en opleidingsniveau, de huidige positie van een sector, het groeiperspectief, etc. Enkel op de gezondheids- en welzijnszorg inzetten is geen optie voor een toekomstbestendige economie.

21/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Onderstaande kaart geeft aan welke mogelijkheden de belangrijkste economische gebieden van Roosendaal bieden.

22/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

5. Opmaat naar uitvoering 5.1 Inleiding Dit document bevat de visie op de economie van Roosendaal in 2040, een stip op de horizon. De gemeente kan daarin een aantal belangrijke randvoorwaarden scheppen. Maar de stappen op weg naar het toekomstbeeld voor 2040 zet de gemeente samen met het bedrijfsleven, de onderwijsinstellingen en het maatschappelijk middenveld. Dit sluit aan bij de leidende gedachte achter het college-akkoord: zij aan zij voor Roosendaal. Dit hoofdstuk kijkt vooruit naar de volgende fase: het opstellen van een uitvoeringsprogramma.

5.2 Gemeente schept randvoorwaarden De gemeente kan een aantal randvoorwaarden voor de transitie naar een toekomstbestendige economie creëren. Dat begint bij het benutten wat er al is: het sterke MKB dat innovatief is ingesteld en over een groot aanpassingsvermogen beschikt om de economie te ontwikkelen tot een hoogwaardig ecosysteem met aantrekkelijke banen 9. Het is daarbij cruciaal dat Roosendaal een aantrekkelijke plek blijft voor start-ups en scale-ups in de focussectoren. De gemaakte keuzes leiden tot afwegingen. Het is daarbij ook belangrijk om duidelijk te benoemen wat Roosendaal wil stimuleren en wat Roosendaal wil ontmoedigen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het actief stimuleren van verduurzaming van bedrijvigheid door strategische ruimtereserveringen of het weren van nieuwe grote distributiecentra die veel ruimte innemen. Vervolgens is het zaak dat de gemeente de juiste (mix van) instrumenten inzet, zoals het aanscherpen van vergunningsvoorwaarden om ongewenste bedrijvigheid uit te sluiten of het aanbieden van tijdelijke bedrijfsruimte en proeftuinen voor start-ups. Roosendaalse ondernemers hechten veel waarde aan een frisse en aantrekkelijke publieke ruimte, betere en prettige verbindingen voor auto’s, OV, fietsers en voetgangers tussen de randen van de stad en het centrum.

In dit kader is het ook belangrijk dat leegstand en verloedering worden aangepakt, zowel in de binnenstad als op de bedrijventerreinen. Speciaal aandachtspunt is de situatie van arbeidsmigranten in Roosendaal. Zonder hen komt een deel van de economie stil te liggen, maar hun leefomstandigheden laten te wensen over.

5.3 Samen stappen zetten Met deze visie zet de gemeente Roosendaal de stip op de horizon voor de lange termijn. Vervolgens bepalen gemeente, ondernemers, het onderwijs, maatschappelijk middenveld en experts in gerichte werkgroepen en projectgroepen samen welke stappen er gezamenlijk gezet moeten worden. Er is daarbij een aantal zaken nodig: duidelijke afspraken, koersvast verder gaan, gedeeld eigenaarschap en af en toe over je eigen schaduw heen kunnen stappen. Bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en maatschappelijk middenveld mogen van de gemeente een integrale benadering verwachten: denken en doen vanuit de brede opgave en van beleid tot en met uitvoering.

9 De term ecosysteem wordt hier gebruikt om aan te duiden dat het gaat om een netwerk van verschillende actoren, zoals bedrijven uit verschillende ketens of gevestigde bedrijven, start-ups en scale-ups. Waardecreatie door samenwerking is een belangrijk pluspunt van een ecoysteembenadering.

23/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Een gezamenlijke aanpak begint met het bepalen van de concrete stappen die op de korte termijn, bijvoorbeeld tussen nu en 2 jaar, gezet moeten worden. De vervolgstappen voor de middellange en lange termijn worden ook inzichtelijk gemaakt, maar moeten flexibiliteit bieden om bij te sturen op basis van voortschrijdend inzicht en de resultaten die op de korte termijn worden geboekt. Dit betekent ook dat het belangrijk is om de voortgang periodiek te monitoren, zodat er waar nodig kan worden bijgestuurd of aangepast. Op basis daarvan kunnen de stappen voor een de volgende fase worden bestendigd. Zo blijven we samen op weg naar Roosendaal 2040. De gemeente Roosendaal neemt graag de organisatie en de monitoring van dit proces op zich.

5.4 Zichtbaar vooruitgang boeken Het is belangrijk dat de samenwerking, de stappen en de successen steeds weer zichtbaar worden gemaakt: goed voorbeeld doet goed volgen. Een gezamenlijk communicatiestrategie gericht op zowel interne als externe communicatie hoort hierbij. We starten de uitvoering met het ondertekenen van een overeenkomst waarin gemeente, bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en maatschappelijk middenveld de intentie uitspreken om samen stappen te zetten richting het streefbeeld van 2040 en hun achterban daarbij te betrekken.

24/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Appendix 1 Beleidsmatige context 1.1 Beleidsmatige context Het perspectief van brede welvaart is een belangrijke invalshoek voor deze economische visie. Naast materiële welvaart gaat het daarbij ook om de kwaliteit van leven in meer algemene zin: de leefomgeving van de Roosendaalers, hun gezondheid en welzijn en hun sociale zekerheid bijvoorbeeld. Het belang van de raakvlakken met de beleidsterreinen duurzaamheid, en arbeidsmarkt en onderwijs en ruimtelijke ordening voor een toekomstbestendige economie is al eerder benoemd. Daarnaast is het zaak dat ook op andere beleidsterreinen de basis op orde is, wat bijdraagt aan een goed vestigingsklimaat in Roosendaal en een inclusieve samenleving waarin iedereen mee kan doen.

1.2 Basis op orde De basis op orde gaat over verschillende beleidsterreinen: gezondheid en welzijn, sociale zekerheid, leefbaarheid en veiligheid en bereikbaarheid. Gezondheid en welzijn De toegankelijkheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de Nederlandse gezondheidszorg staan onder druk. Het eind 2022 ondertekende Integraal Zorgakkoord (IZA) bevat afspraken tussen overheden en zorgpartijen om de toekomstbestendigheid en kwaliteit van de Nederlandse zorg te borgen.10 Op basis van de IZA-afspraken is door zorg- en welzijnsorganisaties, gemeenten en zorgverzekeraars in de Regio West-Brabant West een Regioplan opgesteld met een regionale opdracht voor de periode 2024-2030.11 Onderdeel daarvan zijn concrete regionale projectplannen om de zorg door preventie te ontlasten, dan wel zoveel mogelijk in te passen in de eigen leefomgeving van zorgvragers (met name de wijkgerichte aanpak). Ook bevat het regioplan overkoepelende projecten en aandachtspunten, waarbij ook vanuit een (zorg) economische visie antwoorden kunnen worden gegeven en uitvoerende acties kunnen worden geformuleerd (in het uitvoeringsprogramma): •

De inzet van innovatie en digitalisering in de zorg, waarbij ondernemers kunnen faciliteren bij de inzet en ontwikkeling van domotica en slimme apparaten.

•

Het aanpakken van de arbeidsmarktproblematiek in de regio, waarin ook lokale ondernemers een rol kunnen spelen.

•

Het verbreden en verdiepen van vaardigheden en kennis van zorgprofessionals, waarbij de aansluiting kan worden gezocht vanuit de triple helix en de leven lang ontwikkelen doelstelling.

•

Domeinoverstijgende financiering, waarbij integraal – ook economisch – wordt gekeken naar de betaalbaarheid van de gehele gezondheids- en welzijnszorg.

•

Zorgconcentratie en spreiding, waarbij de aanwezigheid van een gezonde lokale zorgeconomie de concentratie van zorg in de regio stimuleert. Dit kan bijvoorbeeld door de ontwikkeling van een zorgcampus aan de Bulkenaar.

10 Het Integraal Zorgakkoord - samenwerken aan gezonde zorg | Kwaliteit van de zorg | Rijksoverheid.nl 11 Regioplan West-Brabant West 2024 – 2030 Regiobeelden en regioplannen (dejuistezorgopdejuisteplek.nl)

25/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

•

Stimulering van samenwerking, waarbij ook ondernemers een cruciale rol hebben als samenwerkingspartner.

Sociale zekerheid en kansengelijkheid Eén van de collegeprioriteiten is het zorgen voor de bestaanszekerheid voor iedere inwoner van de gemeente Roosendaal. In het kader van het brede welvaartsperspectief betekent dit dat iedereen zich zonder zorgen minimaal in de primaire behoeften kan voorzien. Deze primaire behoeften uiten zich niet alleen in het financiële en economische domein, maar juist ook op die facetten die te maken hebben met zingeving. Denk aan de toegankelijkheid van sportvoorzieningen, kunst en cultuur, en recreatiemogelijkheden. Dit geldt in het bijzonder voor de jongste inwoners van Roosendaal. In Roosendaal groeien meer kinderen dan landelijk op in armoede. De kansenongelijkheid die hier het gevolg van is, willen we bestrijden. Als gemeente zetten we ons met diverse initiatieven ervoor in om iedere jongere gelijke kansen te bieden en hen zo goed mogelijk uit te rusten om te starten met hun volwassen leven. We zetten hierbij primair in op preventieve maatregelen om zo vroeg mogelijk kansengelijkheid te bevorderen. Met het plan van aanpak van de uitvoering van deze collegeprioriteit worden stappen naar 2040 gezet om de basis voor iedere inwoner op orde te brengen.

De economische visie bevat met de keuzes voor zinvolle werkgelegenheid en de doorontwikkeling van de vrijetijdseconomie de mogelijkheden om het brede welvaartsniveau voor alle inwoners verder te brengen. Leefbaarheid en veiligheid Sinds juli 2022 neemt Roosendaal deel aan het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV), lokaal wordt dit Nationaal Programma Roosendaal genoemd. De leefbaarheid en veiligheid in Roosendaal staan immers onder grote druk, met name in de vijf gebieden die binnen het NPLV vallen. Samen met verschillende (maatschappelijke) partijen en inwoners is een ambitiedocument opgesteld om samen invulling te geven aan de drie hoofddoelstellingen van het programma: 1.

Het verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving;

2.

Het bieden van een beter perspectief;

3.

Het vergroten van de veiligheid.

Om deze doelstellingen verder te kunnen brengen zijn extra gelden vanuit het Volkshuisvestingsfonds beschikbaar gesteld. Er wordt een uitvoeringsprogramma opgezet, waarbij ook verbinding wordt gemaakt met het economisch perspectief. Daarbij moet bijvoorbeeld gedacht worden aan het creëren van een rijk en toegankelijk vrijetijdsaanbod voor iedereen (zie ook het kader voor sociale zekerheid) of aan het bieden van een beter perspectief door het matchen van opleidings- en werkaanbod met de vraag van bewoners in de geselecteerde wijken. Niet alleen in de wijken die geselecteerd zijn voor het NPLV zijn zorgen over de veiligheid. De georganiseerde en ondermijnende criminaliteit speelt zich ook af op de bedrijventerreinen in Roosendaal en het buitengebied. Samen met de politie, handhaving en goed georganiseerd parkmanagement in Roosendaal willen we in het uitvoeringsprogramma stappen zetten om de veiligheid ook op bedrijventerreinen te verbeteren. Het toegankelijkheid houden van bedrijventerreinen, het tegengaan van verloedering van bedrijventerreinen en van ondermijning bij bedrijven op bedrijventerreinen en in de buitengebieden zijn daarbij essentieel.

26/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Bereikbaarheid De economie van Roosendaal heeft door de eeuwen heen altijd geprofiteerd van de strategische ligging van de gemeente. De bereikbaarheid van Roosendaal over weg, fietspad, water en spoor is uitstekend, evenals de verbinding met de regio, de randstad, Zeeland en België. Hoewel er binnen de gemeente geen sprake is van structurele bereikbaarheidsproblemen vinden ondernemers dat het niet overal even goed gesteld met de bereikbaarheid. Zij vinden de binnenstad bijvoorbeeld niet goed bereikbaar. Ook zijn niet alle bedrijventerreinen of ontwikkellocaties even goed ontsloten. De verbindingen tussen de rand van de stad en de binnenstad, zoals de verbindingsweg tussen het Leisurepark en het centrum, voor het openbaar vervoer, voetgangers en fietsers zijn niet altijd even goed of aantrekkelijk. Dit geldt ook voor de aansluiting van de dorpen op het openbaar vervoernetwerk. Met de verwachte bevolkingsgroei, zowel in Roosendaal als daarbuiten, neemt de druk op de infrastructuur toe. Uitbreiden is niet altijd een optie, bijvoorbeeld omdat daar geen ruimte voor is of omdat de leefbaarheid onder druk komt te staan. Dat betekent dat er slim moet worden nagedacht over toekomstbestendige infrastructuur, die de groeiende vraag naar mobiliteit kan opvangen en geschikt is voor nieuwe modaliteiten, zoals licht elektrische (vracht)voertuigen.

Door in te zetten op betere fiets- en voetgangerspaden kan de beperkte ruimte efficiënter worden benut. Een fietser of voetganger neemt nou eenmaal minder ruimte in dan een auto. Daarnaast dragen fietsen en wandelen bij aan een actieve leefstijl en daarmee aan de gezondheid van de Roosendalers. Voor het bedrijfsleven is bereikbaarheid een belangrijke vestigingsfactor. Dat geldt zowel voor werknemers op kantoorlocaties als voor de ontsluiting van bedrijventerreinen en de belevering van de stad. Veel kantoorlocaties in Roosendaal zijn nu vooral per auto goed bereikbaar. Een veilige inrichting en goede verlichting van de wegen en fietspaden rond deze locaties kan er, in combinatie met duurzaam mobiliteitsbeleid (werkgeversaanpak) van bedrijven, voor zorgen dat meer mensen met de fiets naar hun werk gaan. De directe omgeving van het NS station biedt kansen als vestigingslocatie bovenop een belangrijk OV knooppunt in de regio. Bedrijven moeten worden bevoorraad en hun producten kunnen uitleveren, de Roosendalers willen naar de markt kunnen, kunnen winkelen of uit eten gaan. En Roosendaal heeft een flinke bouwopgave. Dit betekent dat er flinke (bouw)logistieke stromen door de gemeente gaan. Die stromen zijn nodig, want logistiek is de bloedsomloop van de stad. Het is wel zaak om de balans te zoeken tussen de leefbaarheid in de stad en de bevoorrading van de stad.

Bedrijfsleven en overheid kunnen hierin samen optrekken, bijvoorbeeld door in overleg voorkeursroutes voor vrachtverkeer vast te stellen of samen te inventariseren wat passende ruimte voor de bevoorrading van de binnenstad is, inclusief truckparkeren. De aanwezigheid van verladers, vervoerders en andere partijen uit de logistieke keten biedt kansen voor het ontwikkelen van innovaties gericht op milieuvriendelijke stadsdistributie die bij succes ook in andere steden kunnen worden toegepast.

1.3 Duurzaamheid In een duurzame wereld zijn sociale, economische en ecologische behoeften zodanig met elkaar in balans dat de huidige vormgeving van deze pijlers de behoeftevoorziening van toekomstige

27/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

generaties niet belemmert. Op wereldwijd, Europees, nationaal en lokaal niveau zijn ontwikkeldoelen 12 opgesteld om naar een duurzame omgeving toe te werken. Deze ontwikkeldoelen vergen op alle beleidsterreinen inspanningen, die soms ook om creatieve oplossingen vragen door gegeven mondiale of nationale trends.13 Vanuit de economische pijler wordt gewerkt naar een nieuwe economie. In de nieuwe economie streven ook bedrijven naar een positieve maatschappelijke impact op gezondheid, welzijn, tevredenheid en verantwoord ondernemen in balans met de omgeving. Van belang daarbij is wel dat deze maatschappelijke impact hand in hand gaat met financiële houdbaarheid. Hieronder worden vier transities belicht die essentieel zijn om te komen tot een duurzame nieuwe economie en die een significant aandeel hebben in de vormgeving van de Roosendaalse economie op de korte, middellange en lange termijn.

1. Transitie naar een circulaire economie De circulaire economie is een denk- en handelingswijze waarbij zuiniger en slimmer wordt omgegaan met grondstoffen en producten binnen een economisch systeem. De Nederlandse overheid heeft vier manieren in kaart gebracht om de economie zo ‘zuinig en slim’ mogelijk vorm te geven 14: a. Het verminderen van grondstoffengebruik door minder consumptie, deelgebruik of efficiëntere productie; b. Het vervangen van grondstoffen door grondstoffen die hernieuwbaar (niet-eindig) zijn; c. Het verlengen van de levensduur van producten en onderdelen; d. Hoogwaardige verwerking van materialen en grondstoffen, zoals recycling. De doelstelling om de Nederlandse economie in 2030 voor de helft en in 2050 volledig circulair te hebben vormgegeven, betekent dat de Roosendaalse economie nu stappen moet zetten naar deze economie. Niet alleen binnen Roosendaal zelf, maar juist ook als circulair verbonden stad in de regio West-Brabant. De transitie naar de circulaire economie is immers een belangrijk speerpunt in de regionale ontwikkelingsvisie. Dit jaar wordt door de gemeente de Circulaire Strategie gepresenteerd, waarin wordt verduidelijkt hoe de circulaire economie er in 2040 in Roosendaal uitziet.

Met de keuze om economisch in te zetten op verduurzamingstechniek wordt een voorschot genomen op deze concrete strategie en het gezamenlijke circulaire uitvoeringsprogramma. Deze keuze betekent expliciet voor Roosendaal: • Dat we ons inzetten op de technische cyclus binnen de circulaire economie. Een technische circulaire economie minimaliseert de verspilling van grondstoffen en materialen door in te zetten op het herstellen, hergebruiken, herbestemmen en recyclen van grondstoffen en producten. Daarmee maken we niet de keuze voor de biologisch cyclus binnen de circulaire economie, die zich toespitst op de hernieuwde toepassing van extracten van biochemische grondstoffen in het productieproces. Door te kiezen voor technische circulariteit kunnen we samen met onder andere Bergen op Zoom, die zich richt op de biologische cyclus, een circulair ecosysteem opzetten die beide cycli binnen de regionale circulaire economie vertegenwoordigen.

12 Zoals de Sustainable Development Goals (SDG’s), de Green Deal, het Klimaatakkoord, Regeerakkoord Rutte IV en Banenafspraak (Duurzame doelen bij de Rijksoverheid | Denk Doe Duurzaam) 13 Zoals de mismatch tussen de energievraag en het – aanbod. 14 Nederland circulair in 2050 | Circulaire economie | Rijksoverheid.nl

28/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Figuur 1.1. De twee complementaire cycli van circulariteit •

•

•

•

•

Dat we aansluiten bij hetgeen waar Roosendalers goed in zijn (conform uitgangspunt ‘schoenmaker blijf bij je leest’): de inzet van technisch onderlegde doeners die pionieren voor een toekomstbestendige economie. Het mbo en associate degree-onderwijs is sterk in de regio en dat willen we graag zo houden door passende en toekomstbestendige opleidingen en leer- en werkplekken aan te kunnen bieden. De mate van circulariteit van bedrijven wordt aangeduid op de zogenaamde R-lader. Hoe hoger op de R-ladder, hoe meer circulair de strategie van circulariteit is (zie figuur 1.2). 15 We focussen ons op de korte termijn concreet op de doorontwikkeling van R1 en R2 bedrijven, zoals weergeven in figuur 1.2. Dat we keuzes moeten maken welke partijen zich waar kunnen vestigen, zodat logische koppelingen te maken zijn om grondstoffenstromen zo efficiënt mogelijk aan te laten sluiten. Dit betekent ook dat we inzetten op het verslimmen van productieprocessen door het toepassen van robotisering, automatisering en digitalisering. De overgang naar de nieuwe economie vraagt om een gedragsverandering: de ‘nu besteld, morgen in huis’-concepten, gratis retourbeleid, het gebruik van wegwerpartikelen, etc. leggen een groot beslag op de leef- en werkomgeving en op de (planetaire) ruimte. Ondernemers moeten vaak mee met deze trends om te kunnen overleven.

Gedragsverandering is daartoe noodzakelijk, maar kost ook tijd. We willen bezien hoe we de gedragsverandering gestimuleerd worden, want we weten dat het kan. 16 Het realiseren van een circulaire economie vereist niet alleen een herziening van onze manier van denken, maar ook een revitalisering en herijking van de ruimte. De ruimtevraag neemt door het circulair maken van de bestaande bedrijvigheid met 40% toe, los van

15 Zie R-ladder - Strategieën van circulariteit (rvo.nl) 16 Zie bijvoorbeeld het gebruik van herbruikbare bekers gedurende de carnavalsperiode.

29/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

nieuwe vormen van bedrijvigheid die nodig zijn om de circulaire cyclus ook daadwerkelijk te kunnen faciliteren.

Figuur 1.2 Hoe hoger op de R-ladder, hoe meer grondstofbesparing 2. Energietransitie De regionale aanpak van de energietransitie is in 2021 vastgelegd in de Regionale Energie Strategie (RES) West-Brabant. De RES bevat een pakket aan maatregelen waarmee lokaal wordt gewerkt aan de duurzame opwek van elektriciteit. De belangrijkste punten uit de RES West-Brabant zijn zon op dak, duurzame warmte (bijvoorbeeld via warmtenetten), besparing en innovatie en eigenaarschap. Er wordt goede voortgang geboekt met het opwekken van hernieuwbare elektriciteit. Netschaarste vormt hierbij een risico, als de opgewekte stroom niet kan worden terug geleverd naar het elektriciteitsnet. De ontwikkeling van duurzame warmte is op gang gekomen, maar gaat niet erg snel. Voor Roosendaal is dit met name belangrijk, omdat er in de gemeente een bovengemiddeld deel (>1,8%) van de huishoudens onder de armoedegrens komt door de oplopende energierekening. Dit biedt kansen voor verduurzamingstechniek, bijvoorbeeld door het opleiden van energiecoaches of klussers die woningen kunnen isoleren. Ook op het gebied van innovatie en eigenaarschap worden belangrijke stappen gezet. Ideeën van bewoners worden op verschillende manieren opgehaald en meegenomen.

Er zijn actietafels voor geothermie, smart energyhubs, solar carports waar stakeholders aan tafel zitten en rond het aanlanden van verschillende vormen van energie in Moerdijk en is een ontwikkelfonds opgericht dat projecten helpt ontwikkelen en energiecoöperaties verder brengt. De huidige RES is versie 1.0. Eind 2024 komt de RES 2.0 uit. Het belangrijkste verschil met de vorige versie is dat de PlanMER (milieueffectrapport) en Regionale Structuurvisie Warmte onderdeel uitmaken van de RES 2.0, waardoor er beter integrale keuzes kunnen worden gemaakt en de kansen op voortgang toenemen. Hierin worden energie-infrastructuur en -opslag expliciet meegenomen. Bovendien is de Omgevingswet inmiddels in werking getreden, die nieuwe kansen biedt om de energietransitie verder te brengen. Hierop wordt in de omgevingsvisie van Roosendaal al voorgesorteerd, bijvoorbeeld met bepalingen rond windturbines, zonneparken en een streven naar 50% lokale participatie van bewoners en bedrijven. Er wordt met name ruimte voorzien in bebouwd gebied, bijvoorbeeld op daken en via de buisleidingenstraat (de “energiestraat) ten westen van

30/69

Economische visie Roosendaal 2040 | Status: Openbaar

Roosendaal langs de A17. Ook geeft de gemeente aan positief de koppelingen tussen bedrijven als het gaat om energieopwekking en innovatieve toepassingen, zoals waterstof, van harte te ondersteunen. Net als de rest van Nederland is ook in Roosendaal sprake van netcongestie. Netbeheerder Enexis geeft aan de komende jaren structurele netcongestie te verwachten op het midden- en laagspanningsnet. Dat betekent dat er voorlopig geen transportvermogen voor nieuwe aanvragen beschikbaar kan worden gesteld. Het elektriciteitsnet zal moeten worden uitgebreid om ruimte te kunnen geven aan de toenemende energievraag in de gemeente. Enexis schat in dat het waarschijnlijk tot minstens 2035 duurt voordat de benodigde uitbreiding kan worden gerealiseerd. De realisatie van de uitbreiding hangt samen met de eveneens benodigde uitbreiding van het hoogspanningsnet door TenneT. Netcongestie is een groot probleem en vraagt om creatieve oplossingen. Eén van die oplossingen is het creëren van regionale en lokale energiedeling. Als ondernemers tussen West-Brabantse steden en op en rond bedrijventerreinen bijvoorbeeld de handen ineenslaan en energie delen, dan hoeft netcongestie verdere ontwikkeling minder in de weg te staan.

Een vooruitstrevend voorbeeld van zo’n lokale samenwerkingsplatform is de uitwisseling van groene stroom door ondernemers en agrariërs in een energiehandelsplatform op bedrijvenpark Majoppeveld in Roosendaal. 17

3. Warmtetransitie De warmtetransitie is onderdeel van de bredere energietransitie en richt zich op de omvorming van niet-duurzame verwarmingsmethoden van woningen en ander vastgoed, dikwijls met aardgas, naar een duurzame verwarming hiervan. Het doel van Roosendaal is, in lijn met het nationale afspraken uit het Klimaatakkoord, om in 2050 geen aardgas meer te gebruiken. De manier om daar stapsgewijs en wijkgericht te komen is vastgelegd in de Transitievisie Warmte 1.0 Roosendaal. Ook voor ondernemers en op het gebied van werkgelegenheid biedt de warmtetransitie kansen die aansluiten op deze Economische Visie. De keuze voor verduurzamingstechniek bevordert ondernemers te zoeken naar mogelijkheden voor het optimaal benutten van lokale regionale warmtebronnen, zoals industriële restwarmte van het lokale en regionale industriecluster, de omschakeling op waterstof en geothermie. Dat deze mogelijkheden er zijn in Roosendaal, bewijst ook de realisatie van de waterstoftankstation in onze gemeente.18 Onze slimme doeners kunnen deze regionale transities ook daadwerkelijk implementeren.

4. Klimaat- en landbouwtransitie Roosendaal Natuurstad beschrijft hoe Roosendaal een klimaatbestendige gemeente in 2050 voor zich ziet, namelijk: een aantrekkelijke, groene gemeente waar mensen graag willen wonen, werken en verblijven. Roosendaal als groene parel tussen Antwerpen, de Zeeuwse Delta en de Randstad. In de programmabegroting 2024 zijn nadere uitgangspunten geformuleerd om tot een klimaatbestendige gemeente te komen, waaronder de implementatie van een lokaal hitteplan, het

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1640/documents/44233