1545940-E-WVS-Stukken AB-vergadering 6 oktober 2025 (geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
WVS Postbus 1130
088 031 2000
www.wvs.nl
BC
info@wvs.nl
KvK 20160803
4700
Roosendaal
Afdeling:
_bestuurssecretariaat
Verslag
4/2 D
Betreft:
resumé
Bladno.
—1-
kopieën
aan:
aan-
afwezigen
openbare vergadering algemeen bestuur, gehouden 30 op juni 2025 bij WVS (geanonimiseerd) van
van
de
het
Roosendaal
en
aangesloten gemeenten
Aanwezig namens de gemeente: de heer D.P.E. Hopmans MSc, wethouder Bergen op Zoom Etten-Leur de heer MJ. Verwijmeren, wethouder de heer T.C. Melisse, wethouder, voorzitter Halderberge de heer mr. drs. G.J.M. Blom, wethouder Moerdijk de heer M.A.C.M.J. van Ginderen, wethouder Roosendaal de heer N. Baali MSc, wethouder Steenbergen Woensdrecht de heer A.C.M. Buijsen, wethouder de heer J.M.J.C. van Steen, wethouder Zundert Namens
Voorts
het
dagelijks b
aanwezig:
2
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) algemeen |
directeur
WVS
(geanonimiseerd) secretaris (geanonimiseerd) bedrijfsleider
WVS
WVS Groen (bij
agendapunt 4)
(geanonimiseerd) rayonleider WVS Schoonmaak Vof
Afwezig
met
Rucphen
(bij agendapunt 4)
kennisgeving: mevrouw
L.F.E.A.
Matthijssen-de Jong,
wethouder
(geanonimiseerd) licl 1.
DB
Opening.
De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen maak melding van de berichten van verhindering.
welkom.
Hij
2. Resumé
openbare vergadering
van
wordt, zonder beraadslaging goedgekeurd en vastgesteld.
en
7
april
de
van
Lijst van ingekomen
Het 4. de
bestuur
op
hoofdelijke stemming,
uitgegane stukken.
en
vergaderrooster 2026 wordt ongewijzigd vastgesteld.
Toelichting op de (te verwachten) uitstroom van SW-medewerkers gevolgen die dit kan hebben voor de dienstverlening aan de deel-
nemende
en
gemeenten.
ren
(geanonimiseerd) r
algemeen
2025.
Het resumé
3.
het
(geanonimiseerd) nn
ayonleider WVS
WVS Groen) ee Schoonmaak Vof) geven
aan
de hand
van
een
presentatie een toelichting op het (te verwachten) verloop van het personeel bij WVS Groen en WVS Schoonmaak Vof. De presentaties zijn als bijlage bij dit resumé gevoegd (./.). WVS
Groen
heeft te maken
aantal
SW-medewerkers
met
beschut werk
een
loonkostensubsidie
een
krimpt
indicatie
dat rond
(op
en
krimpend personeelsbestand. de
aanwas
of inwoners
van
nieuwe
die in dienst
Het
medewerkers
zijn via
een
moment) onvoldoende om de SW-uitstroom op te vangen. Contracten met commerciële opdrachtgevers worden geleidelijk aan afgebouwd. Als de instroom blijft zoals die nu is, wordt verwacht
is
met
dit
2029 / 2030
kritische grens
een
wordt
bereikt
voor
de
dienstverlening (het eenvoudige groenonderhoud) aan de 9 deelnemende gemeenten. Er zullen dan moeilijke keuzes gemaakt moeten worden. Daarbij wordt ook nog geen rekening gehouden met de toenemende vraag vanuit de gemeenten als gevolg van het vergroeningsbeleid. Er ontstaat dus
een
steeds
grotere
disbalans
tussen
vraag
en
aanbod.
Bij WVS
Schoonmaak Vof is de situatie compleet anders. WVS Schoonmaak is een privaat bedrijf (voor de helft eigendom van WVS en voor de andere helft van Vebego). Bij WVS Schoonmaak zijn doelgroepmedewerkers
%)
en
werkzaam
(55 %), inwoners die in trajecten werkzaam zijn (6 reguliere medewerkers (39 %). Deze laatste groep valt onder de Cao
Schoonmaak. WVS Schoonmaak biedt via de TOP-academie stages aan VSO (pro-) leerlingen die, na afronding van hun opleiding, een baan-
garantie krijgen (voor minimaal 15
pagina
2 van
5
uur
per
week). Momenteel wordt
nagegaan of de voor de zorg en
opleidingen verbreed kunnen worden naar opleidingen voor het hotelwezen. Bij WVS Schoonmaak is dus sprake van een duidelijke mix tussen doelgroepmedewerkers en reguliere medewerkers. De laatste jaren is (de samenstelling van) het personeel redelijk constant. Plaatsing bij WVS Schoonmaak wordt gezien als reguliere uitstroom omdat WVS Schoonmaak een privaat bedrijf is. WVS Schoonmaak heeft qua werknemers overwegend een jonge populatie.
Opgemerkt
wordt dat het
dan
het werken
dat
van
imago
van
in het groen.
(geanonimiseerd)of,
de Dat
schoonmaak
een
stuk
positiever is
klopt.
desgevraagd mede dat WVS Schoonmaak aan het onderzoeken is en zo ja op welke wijze, de opleidingen kunnen worden verbreed naar eenvoudige huishoudelijke werkzaamheden (WMO). De heer Van
eelt
Ginderen
(wethouder van Roosendaal) merkt op dat hij al diverse malen een diploma-uitreiking van WVS Schoonmaak heeft bijgewoond en dat het hem opvalt hoe trots met name de ouders van de leerlingen dan zijn. De
algemeen directeur geeft aan dat de presentaties goed duidelijk maken hoe divers de ontwikkelingen zijn. De heer
Hopmans (wethouder van Bergen op Zoom) uit zijn complimenten duidelijke presentaties. Hij vindt deze manier van informeren en discussiëren heel zinvol en prettig. voor
de
voor
hun
(geanonimiseerd) presentatie
5. Voorstel
tot
en
wijziging
toelichting. van
de
(geanonimiseerd)
Verordening vergoeding commissieleden.
Het
algemeen bestuur besluit, zonder beraadslagingen stemming, conform het voorstel van het DB. 6. Voorstel Het
tot
vaststelling
van
de
en
hoofdelijke
jaarrekening 2024 WVS.
algemeen bestuur besluit, zonder beraadslagingen en hoofdelijke stemming, conform het voorstel tot vaststelling van de jaarrekening 2024.
pagina
3 van
5
7. Voorstel tot vaststelling van de begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029 WVS. De algemeen directeur licht toe dat in de mei circulaire positief nieuws stond voor WVS. De rijksbijdrage Wsw en de loonprijscompensatie (LPO) pakken gunstig uit , waardoor WVS in 2025 ongeveer € 2 miljoen extra zal ontvangen. Daarnaast is het operationeel resultaat van WVS tot op heden goed. De orderportefeuilles van de verschillende bedrijfsonderdelen zijn goed gevuld. De stijging van de rijksbijdrage en LPO heeft ook voor de volgende jaren een gunstig financieel effect. In het najaar zal WVS een herziene begroting 2026 en meerjarenraming t/m 2029 presenteren , die naar verwachting gunstiger zal zijn voor de deelnemende gemeenten. De algemeen directeur geeft vervolgens nog een korte toelichting op de ingediende zienswijzen van de gemeenteraden van Moerdijk , Roosendaal en Bergen op Zoom. Qua prijsindexering baseert WVS zich op alle marktontwikkelingen. Vrijwel alle opdrachtgevers accepteren de prijsindexeringen van WVS. Dit leidt tot een goed operationeel resultaat. In het vervolg zal WVS wel een nadere uitleg geven hoe de opbouw van de indexering is. Voorts mogen de deelnemende gemeenten er op rekenen dat WVS , evenals in voorgaande jaren , ‘financieel scherp aan de wind zal zeilen’.
De algemeen directeur wijst er op dat WVS hierbij geholpen kan worden door meer instroom , bijvoorbeeld via de vangnet- en doorstroombanen. Het algemeen bestuur besluit hierna , zonder hoofdelijke stemming , conform het voorstel tot vaststelling van de begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029. 8. Voorstel tot vaststelling van het verbeterplan archiefbeheer 2025. De heer Buijsen (wethouder van Woensdrecht) vraagt of het Werkplein en de ISD hetzelfde of een soortgelijk zaaksysteem voor het digitaal archiveren hanteren als WVS. Afgesproken wordt dat het antwoord op deze vraag in het resumé vermeld zal worden (Antwoord: De ISD valt voor wat betreft de archivering onder de gemeente Bergen op Zoom en het Werkplein gebruikt zaaksystemen. nl. In beide gevallen is aansluiting op het e-depot van het West Brabants Archief mogelijk).
pagina 4 van 5
Het
algemeen bestuur besluit hierna, zonder beraadslagingen hoofdelijke stemming, conform het voorstel van het DB. 9.
en
Rondvraag.
Van
de
rondvraag wordt geen gebruik gemaakt.
10.
Sluiting.
De voorzitter sluit hierna
de
vergadering
en
dankt de
aanwezigen
voor
hun
inbreng.
Aldus
vastgesteld in de openbare vergadering WVS, gehouden op 6 oktober 2025.
van
De
secretaris,
(geanonimiseerd)
pagina
5 van
5
van
het
De
algemeen
voorzitter,
(geanonimiseerd)
bestuur
© WVS Postbus 1130
088 031 2000
www.wvs.nl
BC
info@wvs.nl
KvK 20160803
4700
Onderwerp:
Roosendaal
voorstel tot
benoeming van de algemeen voor onbepaalde tijd
WVS
van
directeur
No. 8
2025 Dos. 3/12 A -
Aan het algemeen bestuur.
Zoals
u
bekend
is, is
2024 tot 1 december
an
door bestuur met ingang 1 december (geanonimiseerd) directeur WVS. Uw bestuur heeft uw
van
hierbij algemeen dat een evaluatie van het functioneren van de algemeen directeur zou plaatsvinden in het algemeen bestuur besluitvorming kan plaatsvinden over verlenging van de enoemd
tot
van
aangetekend waarna
(geanonimiseerd)
benoeming van In de
afgelopen periode heeft een delegatie uit het dagelijks bestuur een informeel honderddagen gesprek gevoerd met (geanonimiseerd) Tevens heeft de delegatie in mei en juni gesprekken gevoerd met de MT-leden en het dagelijks bestuur van de Ondernemingsraad teneinde zich op de hoogte te stellen van het functioneren van de algemeen directeur. De uitkomsten van de gevoerde evaluatiegesprekken is positief. .
Het vorenstaande
(geanonimiseerd)
benoeming benoeming voor onbepaalde tijd. van
anleiding om uw bestuur voor te stellen de tijdelijke et ingang van l december a.s. om te zetten in een
(geanonimiseerd) a:
thans een arbeidsrechtelijke aanstelling bij Flexkompaan B.V. B.V. wordt hij (formeel) gedetacheerd bij WVS in de functie van Flexkompaan algemeen directeur. Zoals u weet heeft dit bij de laatste accountantscontrole geleid tot een anuit
bemerking van de accountant over de intra-groep detachering in relatie tot de Wet Normering Topinkomens (WNT). Om te voorkomen dat deze discussie zich elk jaar gaat herhalen stellen wij voor o (geanonimiseerd) (rechtstreeks) te benoemen bij de gemeenschappelijke Dit heeft regeling rechtspositioneel nauwelijks gevolgen omdat het ambtelijk personeel bij WVS en de reguliere medewerkers van Flexkompaan B.V. beiden (al) vallen onder dezelfde WVS.
Cao
SGO.
De
Ondernemingsraad
Wij
stellen
u
voor
van
WVS
te besluiten
stemt
in met de
conform het
vorengenoemde
voorstellen.
bijgevoegde ontwerp-besluit.
Roosendaal,
25
september 2025.
Het dagelijks bestuur de secretaris,
van
WVS,
(geanonimise rd) (geanonimise rd)
pagina
2 van
3
Het
algemeen bestuur van WVS;
gelezen het voorstel van
het
dagelijks
bestuur d.d. 25
september 2025,
no.
8
-
2025;
gelet op artikel 10, 3° lid van de gemeenschappelijke regeling WVS;
besluit:
Met
ingang van A
1 december 2025:
TE
enoemen
2.
Aldus
er!
wonende te Huijbergen, (geanonimiseerd) tot directeur WVS. algemeen
(geanonimiseerd) nr
vastgesteld
in de
voor
onbepaalde tijd te
van
:
te stellen
openbare vergadering van
bij de gemeenschappelijke regeling
het algemeen bestuur
van
6 oktober 2025.
De
secretaris,
(geanonimiseerd)
pagina
3 van
3
De
voorzitter,
(geanonimiseerd)
WVS
op
WVS.
Onderwerp: voorstel tot vaststelling van de herziene begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029
No. 9 - 2025 Dos. 7/45 A
Aan het algemeen bestuur. Voor u ligt de ontwerp herziene begroting 2026 (en de meerjarenraming t/m 2029). De begroting 2026 is op 30 juni jl. door het algemeen bestuur vastgesteld. Omdat in deze begroting nog is uitgegaan van een aantal onzekere factoren is toegezegd om dit najaar een herziene begroting in procedure te brengen waarin in ieder geval de gewijzigde bedragen uit de mei- en september circulaire verwerkt zullen zijn. Over de dienstverlening aan de ISD Brabantse Wal en het Werkplein Hart van West-Brabant (aantallen ontwikkelktrajecten beschut werkgeïndiceerden en participanten) in de herziene begroting 2026 heeft afstemming plaatsgevonden met de (begrotingen van) ISD en het Werkplein. ,
,
Ten opzichte van de reeds vastgestelde begroting 2026 zijn in de herziene begroting 2026 de navolgende (belangrijkste) wijzigingen opgenomen. •
In de herziene begroting 2025 is rekening gehouden met de aan de deelnemende gemeenten toegekende Participatiebudgetten / Wsw 2025 zoals die bekend zijn gemaakt in de mei- en septembercirculaire 2025 waarbij er vanuit wordt gegaan dat deze budgetten volledig aan WVS zullen worden overgemaakt. In de herziene begroting is uitgegaan van de gemiddelde rijksbijdrage SW inclusief loonprijscompensatie (LPO) ad € 43.004- per arbeidsjaar (SE) (was: € 39.169-). Financieel effect van de hogere rijksbijdrage t. o. v. de vastgestelde begroting 2026: € 3.372.000- positief. De hogere rijksbijdrage heeft een gunstig financieel effect op de meerjarenraming van het exploitatieresultaat. ,
,
,
,
,
,
•
Evenals in de vastgestelde begroting 2026 is in de herziene begroting 2026 (en de meerjarenraming) rekening gehouden met de uitkering (aan WVS) van het impulsbudget en de ‘rijksbijdrage sociale infrastructuur’. Deze gelden zijn o. a. bedoeld voor het creeëren van landelijk 10. 000 extra banen. Voor het werkgebied van WVS zou het gaan om 150 tot 175 extra banen waarmee (voor 2026) een bedrag gemoeid is van in totaal € 869.000-. De besteding van deze extra budgetten geschiedt in samenspraak met de ketenpartners en de deelnemende gemeenten. Ook projecten die in het kader van de ketensamenwerking worden uitgevoerd zullen uit deze budgetten worden gefinancierd. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk te verhogen tot € 12.485- per persoon. Dit heeft een gunstig effect op de herziene begroting 2026. De begeleidingsvergoeding voor inwoners in het landelijk doelgroepregister (LDR) daalt in 2026 (van € 4.468- (2025) naar € 3.600- per persoon). Dat heeft weer een nadelig effect op de herziene begroting. Deze vergoeding zal overigens ten laste worden gebracht van de rijksbijdrage sociale infrastructuur zodat dit een besparing oplevert bij de ISD en het Werkplein. ,
,
,
,
,
•
Het Rijk heeft onderkend dat de loonwaarde bepaling van beschut werk lastig is vanwege deeltaken. Hierdoor wordt de loonwaarde vaak te hoog gewaardeerd en loopt de uitvoerende instantie (WVS) loonkostensubsidie mis. Er is een wetswijziging in de maak waarbij er sprake is van een forfaitaire loonkostensubsidie voor beschut werk van 68 %. Vooruitlopend op deze wetswijziging heeft het Rijk middelen vrijgemaakt om het verschil tussen de landelijke gemiddelde loonwaarde en de reële loonwaarde te compenseren. Verwacht wordt dat de wetswijziging per 1 januari 2028 in werking treedt. Voor het jaar 2026 wordt in verband met het vorenstaande in totaal € 764.000extra uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten. Hiermee is in de herziene begroting 2026 rekening gehouden. ,
•
Ten opzichte van de begroting 2026 stijgt de formatie regulier personeel in de herziene begroting 2026 met 3 fte. Twee fte betreft extra begeleidend personeel die nodig is voor de uitvoering van de projecten in het kader van het impulsbudget en de rijksbijdrage infrastructuur en één fte zal worden ingezet bij (en worden doorbelast aan) WVS Schoonmaak Vof.
•
In de herziene begroting 2026 is rekening gehouden met een stijging van de personeelskosten als gevolg van de invoering / verplicht stelling vanuit de Cao SGO van een vergoedingsregeling woon-werkverkeer (plus € 180.000- structureel) en de implementatie van een nieuw functiewaarderingssysteem (HR21) (plus € 150.000eenmalig). Tevens wordt een sterkere stijging verwacht van het wettelijk minimumloon (WML). ,
,
•
In de herziene begroting 2026 is rekening gehouden met een verdere daling van het aantal SW-medewerkers. Dit leidt ten opzichte van de vastgestelde begroting 2026 tot een daling van de toegevoegde waarde ad € 83.000-. De gemeentelijke omzet is in de herziene begroting gelijk gehouden ten opzichte van de begroting 2026. ,
In de herziene begroting 2026 is een hoger investeringsbudget opgenomen ten behoeve van een inhaalslag met betrekking tot de verduurzaming van de panden van WVS de electrificatie van het wagenpark (inclusief laadvoorzieningen) en het plaatsen van zonnepanelen. De afschrijvingskosten zijn ook verhoogd. ,
De vorengenoemde maatregelen alsmede nog enkele andere wijzigingen die in de bijgaande ontwerp herziene begroting worden toegelicht leiden tot een vermindering van het tekort in de begroting van € 1.894.000- (tekort in de begroting 2026 was € 7.386.000- en wordt dan € 5.492.000-). Tevens leiden de maatregelen tot een verlaging van de tekorten in de meerjarenramingen tot en met 2029. ,
,
,
,
,
Het verlies in de herziene begroting 2026 zal gedekt moeten worden uit de gemeentelijke bijdragen (€ 3.073- per geplaatste Wsw-medewerker beschut werk-geïndiceerde en overige participanten zie bijlage 6) (was: € 4.133-). ,
,
,
,
Voor een uitgebreide toelichting op de cijfers verwijzen wij u kortheidshalve naar de bijgevoegde begroting en de daarin opgenomen informatie.
pagina 2 van 4
Omdat
de herziene
begroting 2026 leidt tot een verlaging van het tekort c.q. van de gemeentelijke bijdragen ten opzichte van de reeds vastgestelde begroting 2026, kan, conform het gestelde in artikel 29 van de gemeenschappelijke regeling WVS, de zogenaamde zienswijze procedure achterwege blijven. Voorstel stellen
Wij
u
voor:
gemeentelijke bijdrage voor het jaar 2026 vast te stellen op € 3.073,- per geplaatste Wswmedewerker, beschut werk-geïndiceerde en overige participanten (per 1 januari 2025); de herziene begroting 2026 en de meerjarenraming t/m 2029 vast te stellen, één en ander overeenkomstig het bijgevoegde ontwerpbesluit. -
de
-
Roosendaal,
22
september 2025.
Het dagelijks bestuur de secretaris,
van
WVS, de
voorzitter,
(geanonimiseerd) pagina 3 van
4
Het
algemeen bestuur van WVS;
gelezen het voorstel van
het
dagelijks
bestuur dd. 22
september 2025,
no.
9
-
2025,
no.
7/45 A;
gelet op de gemeenschappelijke regeling WVS;
besluit:
1.
de herziene
begroting 2026 en de meerjarenraming overeenkomstig de gewaarmerkte bijlage;
2.
de
3.
te bepalen
t/m 2029
WVS
van
vast te
stellen,
gemeentelijke bijdrage in het exploitatieresultaat van WVS op basis van de herziene begroting 2026 van WVS vast te stellen op € 3.073,- per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werk-geïndiceerde en overige participanten (peildatum 1 januari 2025) (overeenkomstig de verdeelsleutel zoals die is bepaald in de gemeenschappelijke regeling); dat de
(uiterlijk de 15°
Aldus
vastgesteld
gemeentelijke bijdragen de maand);
door de gemeenten per maand worden betaald
van
in de
openbare vergadering van
het
algemeen
bestuur
van
WVS
op
15 december 2025.
De
secretaris,
(geanonimiseerd)
pagina
4 van
4
De
voorzitter,
(geanonimiseerd)
WVS Postbus 1130
088 031 2000
www.wvs.nl
BC
info@wvs.nl
KvK 20160803
4700
Roosendaal
_ voorstel tot wijziging van het Controleprotocol WVS
Onderwerp:
en
de Financiële
verordening
WVS
ingang van
het
No.
10 2025 Dos. 2/46 A -
Aan het algemeen bestuur. Zoals
u
bestuur een
bekend is legt het DB de
over
gevolg van
met
rechtmatigheid van nieuwe wetgeving.
verslagjaar 2023 verantwoording af aan uw handelingen in het verslagjaar. Dit is
de financiële beheers
In verband met aanpassingen in de Kadernota Rechtmatigheid BBV (van eind 2024) en een actualisering dienen enkele wijzigingen te worden aangebracht in het Controleprotocol WVS de Financiële
verordening
accountant
en
door hen akkoord bevonden.
Wij
u
voor
stellen
bijgevoegde
Roosendaal,
22
de
De
voorgestelde wijzigingen zijn getoetst door
het Controleprotocol WVS
conform het
Het
WVS.
ontwerp besluit. De
en
wijzigingen zijn
september 2025.
dagelijks bestuur van WVS, secretaris,
de
de Financiële
voorzitter,
(geanonimiseerd)
verordening
WVS
onze
te
in rood weergegeven.
en
(nieuwe)
wijzigen,
Het Algemeen Bestuur van WVS; gelezen het voorstel van het Dagelijks Bestuur dd. 22 september 2025 , no. 10 2025;
–
gelet op de gemeenschappelijke regeling WVS , de Financiële verordening WVS en de Controle verordening WVS; b e s l u i t : vast te stellen het navolgende Controleprotocol WVS:
Controleprotocol WVS 1. Inleiding Het Algemeen Bestuur (AB) van WVS geeft opdracht om de accountantscontrole zoals bedoeld in art. 213 Gemeentewet (GW) uit te voeren. Ter voorbereiding en ondersteuning van de uitvoering van de accountantscontrole moet het AB een aantal zaken nader regelen , hetgeen middels dit controleprotocol plaatsvindt. De accountantscontrole was tot en met verslagjaar 2022 gericht op het toetsen van rechtmatigheid en een getrouw beeld. Door een wetswijziging (Wet 'versterking decentrale rekenkamers') legt met ingang van verslagjaar 2023 het Dagelijks Bestuur (DB) van WVS verantwoording af aan het AB over de rechtmatigheid van de financiële beheers handelingen in verslagjaar. In de jaarrekening wordt hiervoor een aparte paragraaf 'rechtmatigheidsverantwoording' opgenomen. De accountant geeft met ingang van verslagjaar 2023 alleen nog een oordeel over de getrouwheid , waaronder begrepen de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording.
Doelstelling: Dit controleprotocol heeft als doel nadere aanwijzingen te geven aan: • het DB over de te hanteren verantwoordingsgrens en rapportagegrens ten aanzien van de rechtmatigheidsverantwoording en de daarvoor geldende normstellingen; • de accountant over de reikwijdte van de accountantscontrole , de daarvoor geldende normstellingen en de daarbij verder te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties voor de controle van de jaarrekening van WVS. Het AB kan de accountant nadere aanwijzingen geven voor zover dit uitgaat boven de wettelijke minimumeisen.
pagina 2 van 20
Object van de controle is de jaarrekening inclusief de rechtmatigheidsverantwoording en daarmee tevens het financiële kader van het desbetreffende jaar , zoals uitgeoefend door of namens het DB van WVS. Wettelijk kader: Art. 213 van de Gemeentewet (GW) , schrijft voor dat het AB één of meer accountants aanwijst als bedoeld in art. 393 eerste lid Boek 2 Burgerlijk Wetboek voor de controle van de in art. 197 GW bedoelde jaarstukken en het daarbij verstrekken van een accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van bevindingen. In het kader van de opdrachtverstrekking aan de accountant kan het AB nadere aanwijzingen geven voor te hanteren goedkeuringsen rapporteringstoleranties. Tevens wordt in de opdrachtverstrekking duidelijk aangegeven welke wet- en regelgeving in het kader van het financieel beheer onderwerp van rechtmatigheidscontrole zal zijn. De voor de toetsing door de accountant relevante wet- en regelgeving is in dit controleprotocol opgenomen (bijlage 1).
2. Algemene uitgangspunten voor de controle (getrouwheid en rechtmatigheid) Zoals in art. 213 GW is voorgeschreven zal de controle van de in art. 197 GW bedoelde jaarstukken uitgevoerd door de door het AB benoemde accountant gericht zijn op het afgeven van een oordeel over: • de
en
getrouwe weergave van de in de jaarstukken gepresenteerde baten en lasten
de activa en passiva;
• de
getrouwe weergave van de rechtmatigheidsverantwoording;
• de
inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken; • het in overeenstemming zijn van de door het DB opgestelde jaarstukken met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels bedoeld in art. 186 GW (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten); • de verenigbaarheid van het jaarverslag met de jaarstukken. Bij de controle zullen de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van art. 213 , lid 6 GW en het Besluit accountantscontrole provincies en gemeenten (Bado) , alsmede de voor accountants geldende controle- en overige standaarden bepalend zijn voor de door de accountant uit te voeren werkzaamheden.
pagina 3 van 20
3. Goedkeurings- en rapporteringtoleranties voor de accountantscontrole De accountant accepteert in de controle bepaalde toleranties en richt de controle daarop in. De accountant controleert niet ieder document of iedere financiële handeling , maar richt de controle zodanig in dat voldoende zekerheid wordt verkregen over het getrouwe beeld van de jaarrekening (inclusief rechtmatigheidsverantwoording) met inachtneming van de vastgestelde goedkeuringstolerantie. De goedkeuringstolerantie is bepalend voor de oordeelsvorming , de strekking van de af te geven controleverklaring. In het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden zijn minimumeisen voor de in de controle te hanteren goedkeuringstoleranties voorgeschreven. Naast de goedkeuringstoleranties wordt de rapporteringtolerantie onderscheiden. Dit is een norm waaraan de accountant individuele fouten toetst. Wanneer fouten aan de norm voldoen , worden ze gerapporteerd zonder dat dit verdere consequenties behoeft te hebben voor de goedkeuring van de jaarstukken als geheel. De goedkeurings- en rapporteringtolerantie wordt door het AB vastgesteld , met inachtneming van de volgende minimumeisen.
Strekking Accountantsverklaring Goedkeuringstolerantie
Goedkeurend
Beperking
Oordeel onthouding
Afkeurend
> 4 %
> 4 %
Fouten in jaarrekening
(% lasten) en Onzekerheden in de controle (% lasten)
≤ 2 %
> 2 %
≤4 %
De goedkeuringstolerantie is het bedrag dat de som van fouten in de jaarrekening of onzekerheden in de controle aangeeft , die in een jaarrekening maximaal mogen voorkomen , zonder dat de bruikbaarheid van de jaarrekening voor de oordeelsvorming door de gebruikers kan worden beïnvloed. De goedkeuringstolerantie is bepalend voor de oordeelsvorming , de strekking van de af te geven accountantsverklaring. Naast de goedkeuringstoleranties wordt de rapporteringtolerantie onderkend. Middels de rapporteringstolerantie wordt het AB geïnformeerd over onjuistheden.
pagina 4 van 20
De definitie van rapporteringtolerantie kan als volgt worden omschreven: De rapporteringtolerantie(s) is een bedrag dat gelijk is aan of lager is dan de bedragen voortvloeiend uit de goedkeuringstolerantie. Bij overschrijding van dit bedrag vindt rapportering plaats in het verslag van bevindingen. Een lagere rapporteringtolerantie leidt in beginsel niet tot aanvullende controlewerkzaamheden , maar wel tot een uitgebreidere rapportage van bevindingen. De rapporteringtolerantie kan worden vastgesteld op een percentage , bijvoorbeeld 80 % , van de goedkeuringstolerantie of op een maatschappelijk relevant geacht absoluut bedrag. De rapporteringtoleranties kunnen zich verder toespitsen op die elementen die het AB specifiek nader terug wil zien. De accountant richt de controle in , rekening houdend met de rapporteringtolerantie om te kunnen waarborgen dat alle gesignaleerde onrechtmatigheden die dit bedrag overschrijden ook daadwerkelijk in het verslag van bevindingen worden opgenomen. Naast de weging van fouten en onzekerheden om tot een accountantsoordeel (t. b. v. strekking accountantsverklaring) te komen , is het ook nuttig om een rapporteringtolerantie af te spreken. Het AB stelt de rapporteringstolerantie vast op € 150. 000.
4. Verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheidsverantwoording door het DB Het DB stelt jaarlijks de jaarstukken op voor het AB. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag , de paragrafen en de jaarrekening. Hiermee verantwoordt het DB zich op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording over de transactiestromen en gebeurtenissen , rekeningsaldi en toelichtingen. Het DB is daarnaast verantwoordelijk voor de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur binnen de gemeenschappelijke regeling en de daaraan ten grondslag liggende beheers handelingen. Het moet daarover zelfstandig verantwoording afleggen aan het AB middels de rechtmatigheidsverantwoording. Het AB kiest voor een verantwoordingsgrens ten aanzien van de rechtmatigheidsverantwoording van 1 % van de totale lasten , inclusief de dotaties aan de reserves (= gelijk aan goedkeuringstolerantie). De accountant controleert vervolgens de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording , als onderdeel van de jaarrekening , op basis van de controletoleranties zoals beschreven in het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO). In het accountantsverslag geeft de accountant zijn bevindingen aan.
pagina 5 van 20
5. Rechtmatigheid Het begrip rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording wordt gedefinieerd als “het in overeenstemming met de begroting en met van toepassing zijnde wettelijke regelingen (waaronder verordeningen) tot stand komen van baten en lasten alsmede balansmutaties”. De controle op rechtmatigheid is gericht op de naleving van externe en interne regelgeving , zoals die opgenomen zijn in het normenkader. Indien er (wets-) wijzigingen plaatsvinden wordt het normenkader geactualiseerd en vastgesteld door het AB. De controle op rechtmatigheid is (vooralsnog) van toepassing voor zover deze directe financiële beheers handelingen betreffen of kunnen betreffen. Dit is conform niveau 1 zoals geschetst in de 'Notitie Rechtmatigheidsverantwoording' van de commissie BADO. De commissie BBV heeft een standaardtekst (bijlage 2) opgesteld voor de rechtmatigheidsverantwoording. Deze zal door WVS als basis worden gebruikt om te rapporteren over de rechtmatigheid. De verantwoording wordt in de jaarrekening opgenomen.
In het kader van de rechtmatigheidscontrole kunnen negen rechtmatigheidscriteria worden onderkent.
Rechtmatigheidscriteria In het kader van het getrouwheidsonderzoek door de accountant wordt al aandacht besteed aan de eerste zes criteria. De laatste drie criteria: begrotingscriterium ,
pagina 6 van 20
voorwaardencriterium en misbruik & oneigenlijk gebruik komen expliciet tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording zoals opgesteld door het DB. a) Begrotingscriterium De begrotingscriterium wordt als volgt gedefinieerd: " Financiële beheers handelingen , die ten grondslag liggen aan de baten en lasten , alsmede de balansposten , dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door het AB zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheers handelingen dienen te passen binnen de begroting , waarbij het juiste programma , de toereikendheid van het begrotingsbedrag , alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. ” De financiële beheers handelingen moeten tot stand komen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting. Als blijkt dat de gerealiseerde bedragen afwijken / hoger zijn dan de geraamde bedragen is er sprake van een onrechtmatigheid (begrotingsonrechtmatigheid). Dit omdat de overschrijding een inbreuk vormt op het budgetrecht van het AB.
Als blijkt dat de gerealiseerde lasten zoals weergegeven in de jaarrekening op programmaniveau afwijken van de geraamde bedragen met inbegrip van de laatste begrotingswijziging , is - voor zover het de begrotingsoverschrijdingen betreft mogelijk sprake van onrechtmatige uitgaven. De overschrijding kan namelijk in strijd zijn met het budgetrecht van het AB zoals geregeld in de GW en de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Voor de afsluitende oordeelsvorming is van belang in hoeverre de begrotingsoverschrijding past binnen het door het AB geformuleerde beleid en / of wordt gecompenseerd door aan de lasten gerelateerde hogere inkomsten. Het bepalen óf respectievelijk welke begrotingsoverschrijdingen al dan niet verwijtbaar zijn , is voorbehouden aan het AB. In de door het AB vastgestelde Financiële verordening ex artikel 212 GW is nader uitgewerkt hoe moet worden bepaald of de lasten binnen de omschrijving van de activiteiten en het bijbehorende bedrag van het programma passen. Volgens de verordening mogen de lasten van producten niet dusdanig worden overschreden dat de realisatie van andere producten binnen het zelfde programma onder druk komt te staan. Met het vaststellen van de reikwijdte van de rechtmatigheidstoets geeft het AB aan welke onder- en overschrijdingen van de begroting rechtmatig dan wel onrechtmatig moeten worden geacht.
pagina 7 van 20
b) Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium De rechtmatigheidseis betreft ook de toetsing op juistheid en volledigheid van de gegevens , die door de belanghebbenden zijn verstrekt om het voldoen aan voorwaarden aan te tonen. Dit ter voorkoming en bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving (M&Ocriterium). Onder misbruik wordt verstaan: het opzettelijk niet , niet tijdig , onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen , dan met het doel om voor een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Misbruik van overheidsgelden kan gelijk worden gesteld met het plegen van fraude , om zich onrechtmatig overheidsgelden toe te eigenen. Bij fraude passen beheersmaatregelen zoals fraudepreventie , handhaving , fraudeopsporing en sancties. Onder oneigenlijk gebruik wordt verstaan: het door het aangaan van rechtshandelingen , al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen , verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid , in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan (de ‘geest van de wet’). De beheersmaatregelen die daarbij passen zijn: handhaving , voorlichting , analyse toepassing en actualisering wet- en regelgeving.
Ook dit kan tot een onrechtmatigheid leiden. c) Voorwaardencriterium Het voorwaardecriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheers handelingen. De voorwaarden zijn afkomstig uit de regelgeving en hebben betrekking op aspecten zoals: doelgroep , termijn , grondslag , administratieve bepalingen , normbedragen , bevoegdheden , bewijsstukken , recht , hoogte en duur. De overdrachten van onder andere subsidies en uitkeringen zijn bijvoorbeeld aan bepaalde voorwaarden verbonden. Het niet in acht nemen van deze voorwaarden kan leiden tot een onrechtmatigheid. Ten aanzien van het voorwaardencriterium vindt voor de interne regelgeving uitsluitend een toets plaats naar de hoogte , duur en doelgroep/object van financiële beheers handelingen , tenzij jegens derden (bijvoorbeeld in toekenningsbeschikkingen) aanvullende voorwaarden met directe financiële consequenties zijn opgenomen.
Mocht tijdens de toetsing toch blijken dat het normenkader niet juist of compleet is en dit consequenties heeft gehad voor de controles , dan geeft het DB in de bedrijfsvoering paragraaf in de jaarstukken aan welke regels het betreft. De accountant moet dit in zijn verslag bevestigen.
pagina 8 van 20
6. Rapportering accountant Tijdens en na afronding van de controlewerkzaamheden rapporteert de accountant hierna in het kort weergegeven als volgt: Interim-controle: In de tweede helft van het jaar wordt door de accountant een zogenaamde interimcontrole uitgevoerd. Over de uitkomsten van die tussentijdse controle wordt een verslag uitgebracht aan de algemeen directeur die deze ter kennisname aanbiedt aan het DB. Accountantsverslag (verslag van bevindingen): Overeenkomstig de GW wordt omtrent de controle van de jaarrekening een verslag van bevindingen uitgebracht aan het AB en in afschrift aan het DB. Het verslag omvat in ieder geval de volgende onderwerpen op basis van artikel 213 GW: 1. de vraag of de inrichting van het financiële beheer en van de financiële organisatie een getrouwe verantwoording mogelijk maken; 2. de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording. Uitgangspunten voor de rapportagevorm: Gesignaleerde onrechtmatigheden worden toegelicht gespecificeerd naar de aard van het criterium. Fouten of onzekerheden die de rapporteringstolerantie als bedoeld in paragraaf 3 van dit controleprotocol overschrijden , worden weergegeven in een apart overzicht bij het verslag van bevindingen. Controleverklaring: In de controleverklaring wordt op een gestandaardiseerde wijze , zoals wettelijk voorgeschreven , de uitkomst van de accountantscontrole weergegeven.
Deze controleverklaring is bestemd voor het AB , zodat deze de door het DB opgestelde jaarrekening kan vaststellen.
7. Slotbepaling Dit controleprotocol (inclusief de bijlagen 1 en 2) treedt in werking op 1 januari 2025. Het controleprotocol is van toepassing op de accountantscontrole van de jaarrekening van het verslagjaar 2025 en verder.
pagina 9 van 20
Aldus
vastgesteld
6 oktober
De
in de
openbare vergadering
(geanonimiseerd)
10
het
algemeen
bestuur
2025.
secretaris,
pagina
van
van
20
De
voorzitter,
(geanonimiseerd)
op
BIJLAGE 1: Normenkader Overzicht externe en interne wet- en regelgeving in het kader van de financiële rechtmatigheid: Programma’s / Producten
Externe wet-en regelgeving
Interne regelgeving
Algemeen Bestuur en ondersteunende
Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)
Financiële verordening Controle verordening
processen
Wet Normering Topinkomens
Mandaatregeling
Wet op de Omzetbelasting Ambtenarenwet Participatiewet Wet sociale Werkvoorziening CAO SGO CAO Aan de Slag CAO SW Wet op de loonbelasting Wet op de sociale verzekeringswetten Pensioenwet Treasury
Wet financiering decentrale overheden (Fido)
Treasury statuut
Regeling Schatkistbankieren decentrale overheden Inkoop
Aanbestedingswet
Inkoopbeleid/ inkoop handboek Mandaatregeling
pagina 11 van 20
Bijlage 2: Model tekst van de rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid DB: De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties , blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings- , voorwaarden- , en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het DB toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten , alsmede de balansmutaties het begrotings- , voorwaarden- , en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten , alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het AB vastgestelde kaders zoals de begroting en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het AB op 6 oktober 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het AB bepaald en bedraagt 2 % van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves. De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024.
Bevinding Het DB is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen bedrag € < Y > bedraagt. Dit is hoger/lager dan de daarvoor gestelde grens van € < X > . Van de niet rechtmatig tot stand gekomen baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het DB overigens een bedrag van € < Z > acceptabel op basis van de door het AB vastgestelde afspraken. De geconstateerde afwijkingen betreffen: •
In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het AB aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft DB ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
pagina 12 van 20
Financiële verordening WVS Het algemeen bestuur van WVS; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur dd. 22 september 2025 , 10 - 2025; gelet op artikel 212 van de Gemeentewet; b e s lu i t: vast te stellen de navolgende Financiële verordening WVS:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: • Administratie: het systematisch verzamelen , vastleggen , verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen , functioneren en beheersen van de organisatie van de gemeenschappelijke regeling en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. • Rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van het dagelijks bestuur waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheerhandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.
Hoofdstuk 2. Begroting en verantwoording Artikel 2. Begroting 1. Jaarlijks wordt door het dagelijks bestuur de begroting aangeboden aan het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast. De begroting gaat vergezeld van de meerjarenraming die zich uitstrekt over 3 jaar volgend op het begrotingsjaar. 2. Voorafgaand aan de begroting wordt door algemeen bestuur de kadernota opgesteld. Hierin worden inhoudelijke en financiële kaders voor de begroting uitgewerkt. Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken 1. Bij de begroting worden de lasten en baten weergegeven en bij de jaarstukken worden de gerealiseerde lasten en baten weergegeven. 2. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt het totaal van de investeringen gesplitst per categorie.
pagina 13 van 20
3.
Jaarlijks worden door het dagelijks bestuur de jaarstukken aangeboden aan het algemeen bestuur. De jaarstukken bestaan uit de jaarrekening en het jaarverslag. Dit is de integrale verantwoording van het dagelijks bestuur van de realisatie van de doelen en activiteiten en de middelen die daarvoor zijn ingezet ten opzichte van de voornemens uit de begroting. Het algemeen bestuur stelt de jaarstukken vast.
Artikel 4. Autorisatie begroting en investeringskredieten 1. Het algemeen bestuur autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten en de investeringsbegroting. Het dagelijks bestuur doet het algemeen bestuur voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde begroting en de investeringsbegroting en voorstellen voor het bijstellen van het beleid. 2. Het dagelijks bestuur informeert het algemeen bestuur als zij verwachten , dat de lasten van een programma , taakveld of een prioriteit de geautoriseerde lasten dreigen te overschrijden , de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het geautoriseerde investeringskrediet dreigen te overschrijden , of de baten van een programma , taakveld of een prioriteit de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden. Het algemeen bestuur geeft aan of zij een voorstel wil voor het wijzigen van de geautoriseerde lasten van het programma , taakveld of de prioriteit , voor het wijzigen van het geautoriseerde investeringskrediet , of voor het bijstellen van het beleid. 3. Bij de behandeling van de tussentijdse rapportages in het algemeen bestuur bedoeld in artikel 5 , eerste lid , doet het dagelijks bestuur voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten , het wijzigen van de geautoriseerde In investeringen investeringskredieten en het bijstellen van het beleid.
geval van met een meerjarig karakter doet het dagelijks bestuur indien nodig ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten. 4. Bij investeringen met een meerjarig karakter stelt het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur voor op welke wijze de jaarschijven binnen het investeringsbudget worden opgebouwd. Goedkeuring voor verschuivingen tussen de jaarschijven van meer dan € 250. 000 aan lasten van een investeringsbudget worden aan het algemeen bestuur integraal voorgelegd bij de jaarrekening. Artikel 5. Tussentijdse rapportage 1. Het dagelijks bestuur informeert het algemeen bestuur door middel van een tussentijdse rapportage per kwartaal over de realisatie van de begroting van de gemeenschappelijke regeling. 2. De tussenrapportage bevat: a. een uiteenzetting over de uitvoering en de bijstelling van het beleid; b. de realisatie en raming van de baten en de lasten.
pagina 14 van 20
Artikel 6. Jaarstukken 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor een adequate vertaling van de verantwoording van de diensten naar de programmaverantwoording. 2. Door het vaststellen van de , door de accountant goedgekeurde , jaarrekening verleent het algemeen bestuur décharge aan het dagelijks bestuur voor het gevoerde beleid.
Hoofdstuk 3. Rechtmatigheidsverantwoording Artikel 7. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording 1. Het algemeen bestuur stelt vast op welke wijze zij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken , naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf , wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid. 2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van van 2 % van de totale lasten inclusief de dotaties aan de reserves (= gelijk aan goedkeuringstolerantie). 3. In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) toegelicht groter dan 2 % van de totale lasten inclusief de dotaties aan de reserves (= gelijk aan goedkeuringstolerantie). ,
,
Artikel 8. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid , dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheerhandelingen. De eisen / voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep , termijn , grondslag , administratieve bepalingen , normbedragen , bevoegdheden , bewijsstukken , recht , hoogte en duur. 2. Het dagelijks bestuur biedt het algemeen bestuur jaarlijks uiterlijk voor het begin van het boekjaar ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheerhandelingen kunnen voortvloeien. [Het dagelijks bestuur operationaliseert dit normenkader in een toetsingskader ten behoeve van de interne beheersing. ] Artikel 9 Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door het algemeen bestuur geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee
pagina 15 van 20
2. 3.
4.
4.
5.
samenhangende programma’s , waarbinnen de financiële beheerhandelingen tot stand moeten zijn gekomen; De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door het algemeen bestuur is geautoriseerd , zoals is opgenomen in artikel 4. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget , passend binnen het totaal bedrag van het krediet , wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. Uitgangspunt is dat iedere afwijking overschrijding van de lasten van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van het algemeen bestuur , worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden) , maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.
Onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en / of lagere of hogere baten dan begroot , zijn rechtmatig als deze tijdig zijn gemeld bij het algemeen bestuur. Voor het tijdig melden van onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en / of lagere of hogere baten dan begroot volstaat het indien deze afwijkingen bij de jaarrekening worden gemeld en toegelicht.
Artikel 10 Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid , dat betrekking heeft op het voorkomen , detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheerhandelingen. 2. Het dagelijks bestuur zorgt voor en legt de regels vast voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.
Hoofdstuk 4. Financieel beleid Artikel 11. Waardering en afschrijving vaste activa Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven volgens de termijnen zoals vermeld in de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening.
pagina 16 van 20
Artikel 12. Voorziening voor oninbare vorderingen Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op in-baarheid van de openstaande vorderingen. Artikel 13. Reserves en voorzieningen 1. Het dagelijks bestuur geeft jaarlijks bij de begroting een overzicht van de reserves en voorzieningen. De bijbehorende bestedingsplannen worden opgenomen in de begroting voor zover dit relevant is in het kader van de keuzemogelijkheden door het algemeen bestuur. 2. Een reserve en / of voorziening wordt ingesteld of opgeheven door een besluit van het algemeen bestuur. 3. Een voorziening wordt ingesteld of opgeheven op basis van een verplichting conform artikel 44 BBV. 4. In de begroting en de jaarrekening wordt een overzicht opgenomen van het weerstandsvermogen in relatie tot de risico's. De definiëring van het weerstandsvermogen is het totaal van reserves. Artikel 14. Financieringsfunctie 1. Het dagelijks bestuur neemt bij het uitzetten en het aantrekken van middelen de volgende kaders in acht: a. voor het aantrekken van externe financieringen met een looptijd langer dan één jaar worden tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; en b.
er wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1 , onder c , van de Wet financiering decentrale overheden. 2. Het dagelijks bestuur informeert het algemeen bestuur vooraf als de wettelijke kasgeldlimiet , bedoeld in artikel 1 , onder f , van de Wet financiering decentrale overheden , of de wettelijke renterisiconorm , bedoeld in artikel 1 , onder h , van de Wet financiering decentrale overheden , dreigt te worden overschreden.
Hoofdstuk 5. Financiële organisatie en financieel beheer Artikel 15. Administratie 1. De administratie is zodanig van opzet en werking , dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeenschappelijke regeling; b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa , voorraden , vorderingen , schulden , contracten;
pagina 17 van 20
c.
d.
het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie , alsmede voor de controle op de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen , de begroting en relevante wet- en regelgeving.
Artikel 16. Financiële organisatie 1. Het dagelijks bestuur draagt zorgt voor: a. een eenduidige indeling van de organisatie van de gemeenschappelijke regeling en een eenduidige toewijzing van de taken aan de directie; b. een adequate scheiding van taken , functies , bevoegdheden , verantwoordelijkheden; c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringsbegroting; d. de interne regels voor taken en bevoegdheden , de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; e. de te maken afspraken met de directie over de te leveren prestaties , de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen; f. het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen , werken en diensten; g. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; en h. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van regelingen en eigendommen van de gemeenschappelijke regeling. Artikel 17. Interne controle 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheerhandelingen.
Bij afwijkingen rapporteert het dagelijks bestuur daarover in de rechtmatigheidsverantwoording , zoals beschreven in artikel 7. Daarnaast informeert het dagelijks bestuur het algemeen bestuur over genomen maatregelen tot herstel van de tekortkomingen. 2. Het dagelijks bestuur zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het vermogen van de gemeenschappelijke regeling met dien verstande dat de waardepapieren , de voorraden , de uitstaande leningen , de debiteurenvorderingen , de liquiditeiten , de opgenomen leningen , de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en
pagina 18 van 20
registergoederen tenminste eenmaal in de 3 jaar. Bij afwijkingen in de registratie neemt het dagelijks bestuur maatregelen voor herstel van de tekortkomingen. Hoofdstuk
6.
Slotbepalingen
Artikel 18. Intrekken oude
verordening en overgangsrecht
De Financiële
WVS
verordening
dien verstande
met
bijbehorende verordening
dat
zij van
stukken in
zoals
het
van
werking
treedt
vastgesteld op 18 december 2023 wordt ingetrokken, toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze en op de begroting, jaarrekening en jaarverslag en
bijbehorende stukken van het begrotingsjaar verordening in werking treedt. Inwerkingtreding en citeertitel Deze verordening treedt in werking
dat
samenvalt
met
het
jaar
waarin
deze
Artikel 19. 1.
toepassing
is op
de
op 1 mei 2025
dien verstande
met
rechtmatigheidsverantwoording
van
het
dat
verslagjaar
zij van
2025
en
later. 2.
Aldus
Deze
verordening
vastgesteld
De secretaris
,
in de
wordt
aangehaald
openbare vergadering
als: Financiële
van
het
verordening
algemeen
WVS.
bestuur op 6 oktober 2025
De
voorzitter,
(geanonimiseerd)
pagina
19
van
20
Bijlage , behorende bij artikel 11: Afschrijvingsbeleid Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met economisch nut Activa met economisch nut en een verkrijgingsprijs van minder dan € 10. 000 worden niet geactiveerd , uitgezonderd gronden en terreinen. Gronden en terreinen worden altijd
geactiveerd. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. De volgende materiële vaste activa met economisch nut worden lineair afgeschreven in tenminste: a. 40 jaar: nieuwbouw kantoren en bedrijfsgebouwen;
b. c.
d.
e.
f.
25 jaar: renovatie , restauratie en aankoop kantoren en bedrijfsgebouwen; 10 tot 15 jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen; jaar: 8 tot 10 bedrijfsauto’s , productiemachines en / of -apparatuur ,
veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen , telefooninstallaties , kantoormeubilair , nieuwbouw tijdelijke bedrijfsgebouwen , groot onderhoud bedrijfsgebouwen; 5 tot 10 jaar: zware transportmiddelen , aanhangwagens , lichte motorvoertuigen , schaftwagens , zware automatiseringsapparatuur en -programmatuur; 3 tot 5 jaar: lichte automatiseringsapparatuur.
pagina 20 van 20
® WVS Postbus 1130
088 031 2000
www.wvs.nl
BC
info@wvs.nl
KvK 20160803
4700
De
leden
van
WVS
e.c. en
Onderwerp Ons kenmerk
Bijlagen
het algemeen bestuur
van
de raden de leden
uitnodiging
Roosendaal
de 9 aangesloten gemeenten
van
het
van
ambtelijk overleg
WVS
agenda openbare vergadering
en
8/2 C div.
Roosendaal, 26 september 2025 Geachte
leden,
Hierbij nodig bestuur
van
ik u uit voor het bijwonen
van
een
openbare vergadering van
het algemeen
WVS, die zal worden gehouden op
maandag
6 oktober 2025
13.30
om
uur
(geanonimiseerd) Agenda 1.
Opening.
2.
Resumé
3.
van
de
openbare vergadering van
(ontwerp
resumé is bijgevoegd).
Aard:
vaststelling.
ter
Voorstel
het
algemeen bestuur
op 30 juni 2025
benoeming van de algemeen directeur van WVS om te zetten in een benoeming voor onbepaalde tijd (voorstel no. 8 2025 is bijgevoegd). Aard: ter besluitvorming. om
de
-
4.
Ontwerp herziene begroting 2026 en herziene meerjarenraming t/m 2029 WVS (voorstel no. 9 2025 is bijgevoegd). Aard: ter accordering (naar deelnemende gemeenten; de herziene begroting 2026 wordt vastgesteld op 15 december 2025). -
5.
Voorstel tot wijziging WVS
10
van
het
(voorstel no. besluitvorming. -
2025
Aard: ter
6.
Rondvraag.
7.
Sluiting.
(geanonimise rd) secretaris.
pagina
2 van
2
Controleprotocol WVS is bijgevoegd).
en
de Financiële
verordening
Ontwerp herziene begroting 2026 Meerjarenraming 2027
-
2029
Inhoudsopgave
1. Voorwoord Algemeen Directeur
3
2. Financiële begroting en meerjarenraming
6
2. 1 Uitgangspunten herziene begroting 2026 en meerjarenraming 2. 2 Samenwerking met Werkplein en ISD 2. 3 Overzicht van baten en lasten 2024 - 2029 2. 4 Financiële positie 2. 5 Risicoparagraaf
3. Overige begrotingsinformatie 3. 1 Weerstandsvermogen 3. 2 Wet Open Overheid
6 10 13 15 16 20 20 20
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Resultatenrekening 2026 - 2029 Overhead Balans per ultimo 2024 - 2026 Overzicht lang- en kortlopende leningen Overzicht reserves en voorzieningen Overzicht van investeringen in vaste activa Gemeentelijke bijdrage 2026 Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2026
WVS - Ontwerp herziene begroting 2026
22 23 24 25 26 27 28
2
1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS
WVS is nog steeds één van de grootste werkgevers in West-Brabant met meer dan tweeduizend werknemers woonachtig in onze deenemende gemeenten. WVS werkt , als werkontwikkelbedrijf van West-Brabant , samen met de ISD Brabantse Wal en het Werkplein , om een steeds groter wordende groep inwoners die aan de zijlijn staan weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk de groep inwoners die al langer aan de zijlijn staan , te laten participeren en te ontwikkelen naar liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken , in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. Voor u ligt de herziene begroting 2026 en de meerjarenraming 2027 tot en met 2029 van WVS. Deze begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de mei- en septembercirculaire 2025. De acties voortkomend uit het gezamenlijke jaarplan van de samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn , voor zo ver als mogelijk , meegenomen in deze begroting en is met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet , de Wet sociale werkvoorziening en het beschut werken uit. Daarnaast ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken.
Het gezamenlijke doel van de samenwerking met de ISD en het Werkplein voor 2026 en de meerjarenraming 2027 tot en met 2029 , is om meer inwoners in ontwikkeling te zetten. Mede hiervoor is in 2024 ‘Startpunt’ , het centrum voor een verdiepende diagnose , opgericht om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun vaardigheden. Hierdoor kunnen we onze bijstandsgerechtigde inwoners waaronder jongeren en statushouders nog beter in hun kracht zetten. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t. o. v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t. o. v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende sociale ontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. In deze meerjarenraming is goed nagedacht over de financieel mindere jaren die onze deelnemende gemeenten voor de boeg hebben. Wij blijven qua uitgaven scherp aan de wind zeilen en streven door intensievere samenwerking met ISD en Werkplein meer inwoners aan de slag te helpen dan wel geactiveerd te krijgen. ( x € 1. 000)
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Operationeel resultaat Incidentele baten en lasten Gemeentelijke bijdrage Subsidieresultaat*
5. 235 713 8. 182 -11. 529
2. 014 4. 140 8. 058 -10. 076
2. 028 1. 833 5. 593 -8. 740
2. 161 -879 7. 532 -7. 746
2. 899 -248 7. 700 -7. 634
4. 280 -17 8. 135 -6. 880
2. 601
4. 136
714
1. 068
2. 717
5. 518
Totaal resultaat
* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage/loonkostensubsidie en de loonkosten doelgroep. In 2020 , 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder de incidentele baten en lasten.
3
WVS - Ontwerp herziene begroting 2026
Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de herziene begroting van 2026 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten , toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i. s. m. de werkpleinen 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. WAADI (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) 9. Cao SW 10. Compensatie transitievergoeding Ad 1. Subsidies De herziene begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2026 o. b. v. de meicirculaire 2025 zijnde € 41.751-, en met 3 % LPO € 43.004-. Dit is inclusief de compensatie voor het wegvallen van de LIV. Het , is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere rol. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2026 te verhogen naar € 12.485-, per persoon. Het Rijk heeft onderkend dat de loonwaardebepaling van beschut werk lastig is vanwege deeltaken.