11. Gebundelde stukken WVS.pdf
Tekst van het document
WVS - Begroting 2026
we pas de structurele beschikbaarheid van middelen weten. De landelijke groei van 10.000 banen extra vertaalt zich naar ca. 300 banen voor onze arbeidsmarktregio. Hiervan zijn ca. 150 tot 175 banen voor onze 9 gemeenten bestemd. Er moeten plannen voor een toekomstbestendige infrastructuur worden gemaakt en de definitieve toekenning van gelden moet dan worden afgewacht. Het is inmiddels bekend dat de financiering via de grootste gemeente van WVS (Roosendaal) zal lopen. Omvang: WVS heeft berekend dat het om een bedrag van € 900.000,- gaat. Indien deze niet wordt ingezet voor WVS, heeft dit een directe impact op het resultaat. Maatregelen: Dit ligt buiten de invloedssfeer van WVS. Rente risico’s De totale activa bedragen ultimo 2024 € 29.846.000,-. Hiervan is ruim 70 % gefinancierd met vreemd vermogen. Een groot deel van dit vreemde vermogen is rentedragend. De aan het vreemde vermogen verbonden rentelasten leggen een claim op de exploitatiebegroting. Alle langlopende leningen hebben een vast rentepercentage over de gehele looptijd van de lening. Derhalve is het renterisico met betrekking tot de langlopende leningen nihil. Wijzigingen in de rentestand hebben derhalve geen gevolgen voor het exploitatieresultaat. Anders ligt dit voor de kortlopende leningen. De rente hierop is variabel en de kosten hiervan fluctueren met wijzigingen in de rentestand.
Momenteel is de rente stijgende. Omvang: Het renterisico op korte termijn ligt vooral bij de kasgeldleningen. Er is ultimo 2024 € 4.000.000,- aangetrokken. Daarnaast moet i.v.m. de aflossingsverplichting elk jaar € 2.000.000,- geherfinancierd worden. Stijging van het rentepercentage met 1 % heeft een impact van € 60.000,- op de exploitatie per jaar. Maatregelen: Zorgen dat het werkkapitaal op orde is. Het aanhouden van een eigen vermogen binnen WVS verlaagt de behoefte aan vreemd vermogen. Daarnaast is het goed om de renterisiconorm en wetgeving vanuit Fido te bewaken. RVU-regeling Cao SW In de Cao SW is een RVU-regeling opgenomen. Twee jaar vóór pensioen kan een SW-medewerker ervoor kiezen om te stoppen met werken. De medewerker ontvangt dan een aangepast salaris ter hoogte van ongeveer € 2.200 bruto per maand (bij fulltime dienstverband). De medewerker is dan vrijgesteld van werk tot de pensioendatum en blijft in dienst zodat de aanspraak op de rijksbijdrage blijft bestaan. Er is echter geen inverdienvermogen. Gezien de vergrijzing binnen de SW is het mogelijk dat een steeds groter wordende groep hier gebruik van gaat maken. Omvang: Bij deelname van 20 fte zal de daling in toegevoegde waarde (o.b.v. gemiddelde TW per fte) € 200.000,bedragen. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op.
Natuurlijk zal WVS de gevolgen zoveel mogelijk proberen te compenseren door productie efficiëncy. RVU-regeling Cao SGO In de Cao SGO is een nieuwe regeling opgenomen. Onder bepaalde voorwaarden kan een SGO-medewerker ervoor kiezen om net voor de pensioendatum te stoppen met werken. De medewerker ontvangt dan een aangepast salaris ter hoogte van ongeveer € 2.200 bruto per maand (bij fulltime dienstverband). De medewerker is dan vrijgesteld van werk tot de pensioendatum. WVS zal deze medewerker moeten vervangen terwijl er nog wel kosten doorlopen m.b.t. de vertrekkende medewerker. Omvang: Bij deelname van 5 fte zullen de extra kosten € 171.000 bedragen. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op. WVS - Begroting 2026
14
Jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Volgens het BBV dienen de verplichtingen die gerelateerd zijn aan de jaarlijks terugkerende arbeidskosten niet als verplichting in de balans te worden opgenomen. Bij de beoordeling van het weerstandsvermogen van WVS dienen ze wel te worden meegenomen. Deze verplichtingen worden in de begroting opgenomen op het moment dat ze tot betaling leiden. Het risico m.b.t. het oplopen van de verlofsaldi is dat er bij het einde van een dienstverband veel verlof wordt opgenomen, en er dan vervanging moet worden aangenomen, voor de uitdienst datum. Omvang: Het betreffen de volgende verplichtingen: • Vakantiegeldverplichtingen (waarde per ultimo 2024 € 2.140.000,-) • Verloftegoeden (waarde per ultimo 2024: € 3.322.000,-) Maatregelen: Gezien de daling van het aantal personeelsleden, zal ook deze post dalen in hoeveelheid verlofuren. Dit geldt tevens voor de vakantiegeldverplichting. De loonsom daalt en daarmee ook de verplichting. M.b.t. de verloftegoeden, gelden ook binnen WVS de reguliere regels vanuit de cao’s. Binnen de Cao SW en de Cao SGO bestaat een regeling “spaarverlof”. Hierdoor kunnen medewerkers verlofuren sparen. Hierdoor loopt op persoonsnivo het saldo op. De omvang van de spaarverlof regeling is te vinden onder de voorziening spaarverlof.
Uitstroom van SW-kader De capaciteiten van de SW-instroom is sinds 1998 (invoering nieuwe Wet sociale werkvoorziening) minder dan de gemiddelde SW-populatie van vóór 1998. Dit betekent dat kaderfuncties die momenteel zijn ingevuld door SWmedewerkers in geval van vervanging door pensionering of anderszins, niet meer door SW-medewerkers kunnen worden ingevuld omdat bij de huidige instroom de benodigde capaciteiten hiervoor ontbreken. Dit betekent dat extra regulier personeel moet worden aangetrokken om deze opengevallen plaatsen in te nemen. Omvang: Bij vervanging van een SW-medewerker door een reguliere kracht missen we de rijksbijdrage voor die plaats. Dit is voor 2026 een bedrag van € 40.339,- per fte inclusief LPO. Maatregelen: Uiteraard wordt getracht eventuele vacatures op een andere wijze in te vullen door herverdeling van taken en het niet vervangen van uitstroom van indirecte functies, maar dit is niet altijd mogelijk. Indien een SW-medewerker 1 op 1 vervangen moet worden, is het verschil in kosten, de rijkssubsidie. Door de instroom van de doelgroep beschut werk stijgt de begeleidingsbehoefte t.o.v. de oude doelgroep SW. Vergoeding begeleidingskosten beschut werk De uitvoering van beschut werk ligt volledig bij WVS. De aanmelding voor een indicatie beschut werken loopt via de ISD en het Werkplein. De indicatie wordt afgegeven door het UWV.
Vanaf 1 januari 2017 mogen burgers zich rechtstreeks melden bij het UWV voor het aanvragen van een indicatie beschut werk. Dit leidt tot wat meer indicaties beschut werk. De realisatie van de instroom is opgenomen conform de planning afgegeven door het Rijk. De feitelijke instroom is afhankelijk van het aantal door het UWV geindiceerde kandidaten die via de ISD en het Werkplein kunnen worden aangeleverd. Omvang: De aantallen ‘beschut werk’-plaatsingen kunnen achterblijven op de fictieve taakstellingen. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij conform de fictieve taakstellingen personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet of minder geplaatst wordt, heeft WVS wel de kosten, maar niet de vergoeding hiervoor. Maatregelen: I.o.m. de werkpleinen zorgen voor een goede instroom, zodat de dekking geregeld is, of kijken naar afspraken m.b.t. minimale afname van ontwikkeltrajecten.
15
WVS - Begroting 2026
Ontwikkeltrajecten De inschattingen voor afname ontwikkeltrajecten voor de jaren 2026-2029 zijn gebaseerd op de meerjaren afspraken. Indien de aantallen naar beneden worden bijgesteld, zal dit invloed hebben op het resultaat van WVS. Indien de ontwikkeltrajecten niet worden ingevuld mist WVS dekking voor de begeleidingsorganisatie. Omvang: De aantallen of de gemiddelde duur van ontwikkeltrajecten kunnen achterblijven op de afgesproken aantallen. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij de personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet wordt geplaatst mist WVS de dekking voor de begeleidingsorganisatie. Maatregelen: In overleg met de werkpleinen zorgen voor een goede geleidelijke instroom en zo mogelijk volledige instroom van de afspraken. Academie In het kader van de ontwikkeling van inwoners die geen arbeidskwalificatie hebben heeft WVS de ‘Academie’ opgezet om inwoners via de praktijkroute op te leiden richting een branche waar voldoende werkgelegenheid is om een duurzame inzet mogelijk te maken. Middels praktijkcertificaten, die erkend worden door het MBO en werkgevers, kan een kandidaat aantoonbaar maken dat hij/zij beschikt over kwalificaties om bepaalde werkzaamheden uit te kunnen voeren. Omvang: De aantallen kunnen achterblijven op de verwachte aantallen terwijl de begeleidingsorganisatie hierop ingericht is.
Indien er niet wordt geplaatst mist WVS dekking voor de begeleidingsorganisatie. Maatregelen: In overleg met met werkpleinen, onderwijsinstellingen en werkgevers zorgen voor een geleidelijke in- en doorstroom van de kandidaten zodat voldoende dekking is om de praktijkopleiding te financieren. Wet Waadi (Wet allocatie arbeid door intermediairs) Er ligt een wetsvoorstel om de Wet Waadi aan te passen. In de basis dienen de medewerkers die worden ingezet via uitzending of detachering betaald te worden volgens de Cao van de inlenende partij. Voor de medewerkers werkend onder de Cao’s SW en Aan de Slag geldt er momenteel een vrijstelling. Met het huidige wetsvoorstel zal deze vrijstelling komen te vervallen. Dit zal negatief uitwerken voor medewerkers van werkontwikkelbedrijven. • Werknemers krijgen dan te maken met een fluctuerend inkomen met gevolgen voor aanvullende bijstands- en WIA uitkering en eventuele toeslagen. • Het succesvolle instrument van detachering van mensen met een ondersteuningsvraag wordt onaantrekkelijker (duurder) voor werkgevers. • Grote bureaucratische rompslomp voor werkontwikkelbedrijven omdat er afgestemd moet worden met honderden Cao’s van werkgevers waar mensen met begeleiding werken. • De banenafspraak komt hierdoor onder druk te staan vanwege de betaalbaarheid. WVS moet, als het doorgaat, de keuze maken of zij nog kan en wil detacheren.
Indien dit niet het geval is, zullen er alternatieven moeten worden gezocht voor onze gedetacheerden wellicht binnen onze andere werkbedrijven. Omvang: WVS heeft deze nieuwe ontwikkeling nog niet doorgerekend, maar gedacht moet worden aan fikse loonstijgingen of aan omzetdaling bij herplaatsing binnen de werkbedrijven. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op. Vanuit Cedris loopt een lobby om deze vrijstelling weer terug in het nieuwe wetsvoorstel op te laten nemen. WVS gaat zich verder beraden over eventueel te nemen maatregelen.
WVS - Begroting 2026
16
3. Overige begrotingsinformatie 3.1 Weerstandsvermogen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het vermogen van WVS om risico’s (zie paragraaf 2.4) die niet in de begroting zijn verwerkt op te vangen door middel van financiële buffers, genoemd weerstandscapaciteit. De relatie tussen weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen, wordt weerstandsvermogen genoemd. In verband met de invoering van het BBV (2004) is het niet meer toegestaan de vakantiegeldverplichting als zodanig onder de schulden op te nemen. Deze verplichting (ultimo 2024 € 1.785.000,-) wordt niet in de balans opgenomen. Als financiële buffer voor het opvangen van tegenvallers voortvloeiende uit de hiervoor genoemde risico’s dienen de reserves (eigen vermogen). Deze bedroegen per ultimo 2023 € 3.000.000,- exclusief bestemmingsreserves. Daarnaast fungeren de deelnemende gemeenten als vangnet voor WVS, doordat ze uiteindelijk - voor zover de reserves ontoereikend zijn - het exploitatietekort voor hun rekening nemen. In een bestuursbesluit in 2011 is vastgelegd dat de bandbreedte voor de reserves is vervallen en dat de bestemmingsreserve is toegevoegd aan de algemene reserve. Exploitatieverliezen moeten van de algemene reserve worden afgeboekt.
In 2024 is door Deloitte Accountants onderzocht wat het meest passende niveau van het weerstandsvermogen van WVS is, rekening houdend met de liquiditeitsbehoefte en de financiële risico’s. Het gaat hierbij dan met name om risico’s die onvoorzien zijn en waarvoor op korte termijn dekking gevonden moet worden. Uit het onderzoek van Deloitte is gebleken dat een weerstandsvermogen van € 7.000.000,- voor WVS noodzakelijk is. Dit bedrag past binnen de in de Nota Verbonden Partijen aangegeven bandbreedte. Een reserve van € 7.000.000,- is ten opzichte van de begrote lasten in de begroting 2026 een percentage van 7 %. Het algemeen bestuur heeft naar aanleiding van het advies van Deloitte op 1 juli 2024 besloten om spelregels vast te stellen met betrekking tot de reserve van WVS. Eén van de spelregels is dat, mits het financiële resultaat dit toestaat, de algemene reserve geleidelijk zal groeien tot maximaal € 7.000.000,-. Tot en met ultimo 2024 bedraagt de reserve € 4.000.000,-. Het financiële resultaat over 2024 bedraagt (vóór accountantscontrole) ruim € 5.500.000,-. In het voorstel tot vaststelling van de jaarrekening wordt voorgesteld om ten laste van het resultaat 2024 een bedrag van € 2.500.000,- toe te voegen aan de reserve.
Het overige resultaat van ruim € 3.000.000,- zal dan worden uitgekeerd aan de 9 deelnemende gemeenten, conform de verdeling zoals die is afgesproken in de gemeenschappelijke regeling WVS.
3.2 Wet Open Overheid Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden en is de opvolger van de Wet openbaarheid bestuur (Wob). In deze paragraaf wordt beschreven hoe WVS invulling geeft en gaat geven aan de Woo. Passieve openbaarmaking In 2023 heeft WVS de rol van Woo-contactfunctionaris ingevuld. Contactgegevens zijn opgenomen op de website en intern gecommuniceerd. De Woo-contactfunctionaris is het eerste aanspreekpunt om vragen te beantwoorden over de beschikbaarheid van publieke informatie en om eventuele Woo-verzoeken te behandelen. Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om 11 benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting geldt niet voor alle 11 categorieën tegelijk. WVS zorgt ervoor dat de verplichte informatiecategorieën actief gepubliceerd worden conform de daarvoor geldende regels. Zodra dit mogelijk is, wordt WVS aangesloten op het landelijke platform, zoals de Woo voorschrijft. Zolang er nog geen verplichting c.q. mogelijkheid is om bepaalde categorieën documenten te publiceren op het landelijke platform zal WVS openbare stukken blijven publiceren op de eigen website. 17
WVS - Begroting 2026
Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding op orde wordt gebracht. Dit is een randvoorwaarde om uitvoering te geven aan openbaarheid. Dit betekent dat er maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. WVS is bezig met het optimaliseren van de digitale informatiehuishouding.
WVS - Begroting 2026
18
Bijlage 1. Overhead 2026 en meerjarenraming 2027-2029 Baten
Begroting 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
500
513
525
538
0
0
0
0
Grond- en hulpstoffen uitbesteed werk
-250
-256
-263
-269
Toegevoegde waarde
250
256
263
269
Bijdrage overheden
4.500
4.500
4.500
4.500
Overige opbrengsten
108
111
113
116
Netto omzet Mutatie voorraad GP en OHW
Subtotaal
4.608
4.611
4.613
4.616
Totaal Baten
4.858
4.867
4.876
4.886
Lasten
19
Personeelskosten
-11.234
-11.234
-11.234
-11.234
Overige bedrijfskosten
-3.061
-3.138
-3.216
-3.296
Totaal bedrijfskosten
-14.295
-14.372
-14.450
-14.530
Rentebaten- en lasten
-387
-390
-390
-390
Totaal lasten
-14.682
-14.762
-14.840
-14.920
Resultaat
-9.824
-9.895
-9.964
-10.035
WVS - Begroting 2026
Bijlage 2. Balans 2024 - 2029 (x € 1.000)
Activa
2024
Prognose 2025
Begroting 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
Materiële activa
16.008
16.500
16.500
16.500
16.500
16.500
Financiële activa
18
18
18
18
18
18
Totaal vaste activa
16.026
16.518
16.518
16.518
16.518
16.518
Voorraden
1.134
1.100
1.100
1.100
1.100
1.100
Vorderingen
10.562
7.000
7.000
7.000
7.000
7.000
Overlopende activa
1.051
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
stand per ultimo
Vaste activa
Vlottende activa
Liquide middelen
1.023
0
310
110
110
610
Totaal vlottende activa
13.770
9.100
9.410
9.100
9.100
9.100
Totaal activa
29.796
25.618
25.928
25.618
25.618
25.618
4.000
9.518
6.500
6.500
6.500
6.500
Passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserve
0
0
0
0
0
0
Storting gemeenten
8.135
4.866
7.386
8.124
8.624
9.314
0
-3.018
0
0
0
0
Nog te bestemmen resultaat
Onttrekking gemeenten
-2.617
-4.866
-7.386
-8.124
-8.624
-9.314
Totaal eigen vermogen
9.518
6.500
6.500
6.500
6.500
6.500
Voorzieningen
1.708
1.728
1.728
1.728
1.728
1.728
Langlopende leningen
7.582
9.200
7.700
9.200
7.900
6.600
3.221
3.000
3.000
3.000
3.000
3.000
Kortlopende schulden Crediteuren Rekeningcourantkrediet
0
190
0
190
490
790
Kasgeldleningen
4.000
2.000
4.000
2.000
3.000
4.000
Overlopende passiva
3.767
3.000
3.000
3.000
3.000
3.000
Totaal kortlopende schulden
10.988
8.190
10.000
8.190
9.490
10.790
Totaal passiva
29.796
25.618
25.928
25.618
25.618
25.618
Eigen vermogen in % van totaal vermogen
31,9
25,4
25,1
25,4
25,4
25,4
Werkkapitaal
8.475
5.100
5.100
5.100
5.100
5.100
WVS - Begroting 2026
20
Bijlage 3. Overzicht van langlopende leningen en RC-krediet
Leningen o/g (in € x 1.000) Verstrekt door
Omschrijving
Hoofdsom
Looptijd
Rente %
BNG
Lening 91109
4.538
2001-2025
6,05
BNG
Lening 111105
5.000
2017-2027
0,84
BNG
Lening 115893
4.000
2022-2032
1,88
BNG
Lening 116610
3.000
2023-2033
3,31
Sub-totaal
16.538
Werkelijk 2024
Budget 2025
Raming 2026
7.581
9.200
7.700
4.000
2.000
4.000
0
190
0
11.581
11.390
11.700
Leningen o/g
-215
-293
-260
Kasgeldleningen
-156
-78
-127
0
0
0
-371
-371
-387
Leningen o/g
-2,84
-3,18
-3,38
Kasgeldleningen
-3,90
-1,35
-3,00
RC-krediet
0,00
0,70
-2,00
Totaal gemiddelde rente %
-3,20
-3,26
-3,31
Leningen o/g Stand per ultimo Kasgeldleningen Stand per ultimo Rekening courant-krediet Stand per ultimo Saldo geleend - uitgeleend Rentebaten en -kosten
RC-krediet Rente lasten totaal Rente %
21
WVS - Begroting 2026
Bijlage 4. Overzicht reserves en voorzieningen (x € 1.000)
Omschrijving
2024
2025
2026
2027
2028
2029
4.000
9.518
6.500
6.500
6.500
6.500
Reserves Algemene reserve Bestemmingsreserves
0
0
8.135
4.866
7.386
8.124
8.624
9.314
0
-3.018
0
0
0
0
Nog te bestemmen resultaat
-2.617
-4.866
-7.386
-8.124
-8.624
-9.314
Totaal reserves
9.518
6.500
6.500
6.500
6.500
6.500
Storting gemeente Onttrekking gemeente
50 jr. WVS
Voorziening rijkssubsidies 3e WW-jaar ambtelijk
18
18
18
18
18
18
Spaarverlof SW en Ambt.
1.708
1.710
1.710
1.710
1.710
1.710
Totaal voorzieningen
1.726
1.728
1.728
1.728
1.728
1.728
Bestemmingsreserves: * Vanaf 2018 werd er jaarlijks € 50.000,- gestort in een bestemmingsreserve ten bate van WVS 50 jarig bestaan in 2024. Eind 2024 is deze vrijgevallen. Voorziening: Per 1-1-2024 is de dotatie aan het 3e WW-jaar voor ambtenaren vervallen.
WVS - Begroting 2026
22
Bijlage 5. Overzicht van investeringen in vaste activa
(in € x 1.000) Werkelijk 2024
Begroting 2026
Grond
0
0
0
Voorzieningen aan terreinen
5
0
0
Gebouwen
59
1050
1050
Installaties
140
200
200
Machines
109
150
150
Automatisering
343
100
100
Inventarissen
260
200
200
Vervoermiddelen
490
1.500
1.500
Projecten in uitvoering
509
0
0
0
0
0
Totaal investeringen
1.915
3.200
3.200
PM Afschrijvingskosten
-2.032
--2.130
-2.130
Overige
23
Herz. Begr. 2025
WVS - Begroting 2026
Bijlage 6. Gemeentelijke bijdrage 2026
Het verlies van WVS bedraagt in 2026 € 7.386.000,-. Een overzicht van de bijdrage per gemeente in dit resultaat: per 01-01-2025
SW aantal
beschut werken aantal
Participanten aantal
Totaal
Bergen op Zoom
332
34
4
370
Etten-Leur
178
28
4
210
Halderberge
159
13
0
172
Moerdijk
83
12
2
97
Roosendaal
442
68
1
511
Rucphen
182
14
0
196
Steenbergen
81
8
0
89
Woensdrecht
68
11
1
80
Zundert
Per doelgroeper
Doelgroep 01-01-2025
56
5
1
62
1.581
193
13
1.787
Begroting Raming 2027 2026
Raming 2028
Raming 2029
Bergen op Zoom
370
€ 1.518.147
€ 1.669.839
€ 1.772.611
€ 1.914.436
Etten-Leur
210
€ 849.854
€ 934.770
€ 992.301
€ 1.071.695
Halderberge
172
€ 714.650
€ 786.056
€ 834.435
€ 901.198
Moerdijk
97
€ 397.886
€ 437.642
€ 464.577
€ 501.748
Roosendaal
511
€ 2.113.045
€ 2.324.178
€ 2.467.222
€ 2.664.622
Rucphen
196
€ 834.402
€ 917.774
€ 974.259
€ 1.052.209
Steenbergen
89
€ 370.845
€ 407.900
€ 433.004
€ 467.649
Woensdrecht
80
€ 343.804
€ 378.157
€ 401.431
€ 433.549
Zundert
62
€ 243.367
€ 267.684
€ 284.159
€ 306.894
1.787
€ 7.386.000
€ 8.124.000
€ 8.624.000
€ 9.314.000
aantal doelgroepers
1.787
1.692
1.624
1.543
per doelgroeper
€ 4.133
€ 4.802
€ 5.312
€ 6.037
De meerjarenraming per gemeente is gebaseeerd op de verhouding van de doelgroepers per 1-1-2025.
WVS - Begroting 2026
24
Bijlage 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente
In de mei- septembercirculaire 2024 zijn de volgende Participatiebudgetten SW per gemeente voor 2026 opgenomen. In de begroting is tevens 3 % correctie LPO opgenomen. Begroting 2026
25
2026 excl. LPO
2026 incl. LPO
Bergen op Zoom
€ 10.737.976
€ 11.060.115
Etten-Leur
€ 5.698.618
€ 5.869.577
Halderberge
€ 5.044.617
€ 5.195.955
Moerdijk
€ 2.483.501
€ 2.558.007
Roosendaal
€ 13.881.783
€ 14.298.237
Rucphen
€ 6.061.130
€ 6.242.964
Steenbergen
€ 2.600.689
€ 2.678.710
Woensdrecht
€ 2.310.853
€ 2.380.179
Zundert
€ 1.977.022
€ 2.036.333
Totaal
€ 50.796.190
€ 52.320.076
Per SE
€ 39.164
€ 40.339
WVS - Begroting 2026