CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

11. Gebundelde stukken WVS.pdf

Gemeenteraad 19 juni 2025, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6b: Voorstel 49 - Zienswijzen begrotingen 2026 gemeenschappelijke regelingen31.138 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

•

Het vaststellen dat de door het dagelijks bestuur gehanteerde veronderstellingen aanvaardbaar zijn inzake de afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s kan opvangen. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen echter van materiële betekenis zijn voor de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling.

•

Het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen.

•

Het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.

2505051F1B/AG/7

Wij communiceren met het algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Eindhoven, 2 mei 2025 Deloitte Accountants B.V.

Was getekend,

B. Blomjous MSc RA

2505051F1B/AG/8

WVS Accountantsverslag voor het boekjaar geëindigd op 31 december 2024 2 mei 2025

Deloitte Accountants B.V. Flight Forum 1 5657 DA Eindhoven Postbus 376 5600 AJ Eindhoven Nederland Tel: 088 288 2888 www.deloitte.nl

VERTROUWELIJK Aan het algemeen en dagelijks bestuur van WVS Postbus 1130 4700 BC ROOSENDAAL Onderwerp: Accountantsverslag 2024 Datum: 2 mei 2025 Behandeld door: A.A. Maas MSc RA 088 288 4345 Kenmerk: 2505051F1B/AG

Geachte leden van het algemeen en dagelijks bestuur, In opdracht van het algemeen bestuur hebben wij de jaarrekening 2024 van WVS gecontroleerd. Deze jaarrekening is opgesteld onder de verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Onze verantwoordelijkheid is het geven van een onafhankelijk oordeel over de getrouwheid van deze jaarrekening, inclusief de daarin opgenomen rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur. De controle die wij hiertoe hebben uitgevoerd, is verricht overeenkomstig hetgeen hieromtrent is vastgelegd in de schriftelijke opdrachtbevestiging van 17 december 2024 (met kenmerk: 2412A7C4BC.01/DD). Wij zijn van mening dat de reikwijdte van onze controle en de resultaten daarvan een deugdelijke basis vormen voor ons oordeel. In dit accountantsverslag geven wij een nadere toelichting op de belangrijkste aangelegenheden in de jaarrekening 2024 van WVS en onze controle. Wij benadrukken dat de zaken die wij rapporteren geen afbreuk doen aan ons oordeel over de jaarrekening 2024 van WVS. Wij maken u er op attent dat het accountantsverslag een vertrouwelijk karakter heeft en alleen voor u is bestemd. Dit impliceert dat dit verslag niet zonder onze toestemming geheel of gedeeltelijk aan derden ter beschikking mag worden gesteld.

Tot slot willen wij de medewerkers van WVS bedanken voor de open en constructieve samenwerking bij het uitvoeren van onze controlewerkzaamheden en de totstandkoming van deze rapportage.

Hoogachtend, Deloitte Accountants B.V.

Was getekend, B. Blomjous MSc RA

Op alle opdrachten verricht door Deloitte, behoudens M&A Diensten, zijn de Algemene Voorwaarden Dienstverlening Deloitte Nederland, januari 2020 gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel van toepassing. Deloitte Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 24362853. Deloitte Accountants B.V. is een zogenoemde affiliate van Deloitte NSE LLP en maakt onderdeel uit van het internationale netwerk van Deloitte Touche Tohmatsu Limited. © 2025 Deloitte Nederland

Accountantsverslag 2024

Inhoudsopgave Contact

1. Managementsamenvatting

3

De contactpersonen voor de inhoud van dit accountantsverslag zijn:

2. Analyse vermogen en resultaat

7

3. Overige onderwerpen

9

Bart Blomjous Eindverantwoordelijk accountant Deloitte Accountants B.V. Tel: 06 8355 5440 BBlomjous@deloitte.nl

Bijlagen

14

Arjen Maas Manager Deloitte Accountants B.V. Tel: 06 2089 7167 Amaas@deloitte.nl

© 2025 Deloitte Nederland

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/2

Hoofdstuk 1

Managementsamenvatting

© 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/3

De jaarrekening 2024 van WVS is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Wij hebben deze jaarrekening gecontroleerd met als doel een onafhankelijk oordeel omtrent de getrouwheid hiervan af te geven. In deze samenvatting treft u de belangrijkste aspecten van deze jaarrekening en onze werkzaamheden aan. WNT Tijdens de jaarrekeningcontrole hebben wij geconstateerd dat de bezoldiging van de algemeen directeur in voorgaande jaren ten onrechte als topfunctionaris in dienstbetrekking is gecategoriseerd in de WNT verantwoording. Doordat de algemeen directeur in loondienst van Flexkompaan B.V. is, classificeert de algemeen directeur voor de WNT als topfopfunctionaris zonder dienstbetrekking. Voor een topfunctionaris zonder dienstbetrekking behoort de in rekening gebrachte vergoedingen door Flexkompaan B.V. aan WVS tot de WNT bezoldiging. In voorgaande jaren heeft WVS per abuis de looncomponenten uit de salarisadministratie van Flexkompaan verantwoord. Deze fout is hersteld in de jaarrekening van 2024 voor de jaren 2023 en 2024. Doordat de verloning van de algemeen directeur plaats vindt vanuit Flexkompaan B.V. (100% dochter van WVS, via Propeople Holding B.V.), is sprake van een intra-groep detachering. Door de NBA is op 12 maart 2024 een alert uitgebracht over de invloed van intra-groep detachering op de controle van de WNT verantwoording.

Gezien de intra-groep detachering en de onduidelijkheid over welke componenten tot de WNTbezoldiging voor een topfunctionaris buiten dienstbetrekking moeten worden gerekend (normonduidelijkheid), alsook het (mogelijk) ontbreken van tegenstrijdige belangen tussen de groepsentiteiten, is de accountant niet in staat om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen (landelijk probleem). Dit leidt ertoe dat wij hierdoor een controleverklaring met beperking dienen te verstrekken voor de WNT verantwoording van de bezoldiging van de algemeen directeur. Wij benadrukken daarbij dat de oorzaak van de onzekerheden waardoor wij een controleverklaring met beperking verstrekken, is gelegen in de normonduidelijkheid in de regelgeving en buiten de invloedssfeer van WVS ligt.

Wij wijzen u er op dat de intra-groep problematiek ook over de WNT verantwoording 2023 van toepassing was. Ten onrechte is een goedkeurende controleverklaring bij de jaarrekening 2023 verstrekt, over 2023 (inclusief vergelijkende cijfers 2022) was ook sprake van normonduidelijkheid en had een controleverklaring met beperking verstrekt dienen te worden. Controleverklaring Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2024 van WVS, met uitzondering van de onzekerheid in de WNT verantwoording als gevolg van intra-groep detachering, een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het eigen vermogen op 31 december 2024 en het resultaat over 2024.

Dit houdt in dat: • De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de verslaggevingsvoorschriften, meer specifiek het Besluit begroting en verantwoording provincie en gemeenten (BBV), en dat de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling consistent zijn toegepast. • Het jaarverslag aan de inrichtingseisen van BBV voldoet en, voor zover wij kunnen overzien, geen tegenstrijdigheden met de jaarrekening bevat. © 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/4

Naar aanleiding van onze controle zijn geen cijfermatige aanpassingen in de concept jaarrekening doorgevoerd, wel is sprake van een ongecorrigeerde controleverschillen in de jaarrekening hier door is het resultaat € 196.000 te laag weergegeven en het eigen vermogen € 196.000 te laag. Aangezien deze ongecorrigeerde verschillen binnen de materialiteitsgrens (€ 1.050.000) blijft heeft dit geen invloed op door ons te verstrekken verklaring. Rechtmatigheidsverantwoording Het dagelijks bestuur verantwoord zich in een rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening over de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties (inclusief begrotingsrechtmatigheid). Uit de in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording blijkt dat voor een bedrag van € 477.477 aan financiële onrechtmatigheden is geconstateerd, met betrekking tot een tweetal crediteuren welke ten onrechte niet Europees zijn aanbesteed. Wij vragen de directeur nader te onderzoeken hoe soortgelijke onrechtmatigheden in de toekomst voorkomen kunnen worden.

Daarnaast blijkt uit de rechtmatigheidsverantwoording begrotingsonrechtmatigheden welke voor een bedrag van € 999.000 de verantwoordingsgrens te boven gaan. Deze zijn echter conform uw financiële verordening als acceptabel aangemerkt. Analyse vermogen en resultaat Het eigen vermogen van uw gemeenschappelijke regeling is in 2024 met een bedrag € 2.951.000 toegenomen. Dit bestaat uit een toename van het eigen vermogen vanwege het saldo baten en lasten over 2024 van € 5.218.000 en een afname van het eigen vermogen als gevolg van de uitkering aan de deelnemende gemeenten overeenkomstig de vastgestelde resultaatbestemming over 2023 van € 2.267.000. Begroot was een resultaat van € 0. In het jaarverslag is een analyse opgenomen van de belangrijkste afwijkingen tussen de realisatie en de begroting 2024. Deze positieve afwijking is vooral te danken aan niet bedrijfsvoering gerelateerde zaken zoals een betere rijksbijdrage per SW-er dan verwacht.

© 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/5

Overige onderwerpen • De eindejaarscontrole is in goede samenwerking met uw medewerkers verlopen. Bij aanvang van de jaarrekeningcontrole waren de jaarstukken 2024, inclusief het onderliggend balansdossier, gereed.

© 2025 Deloitte Nederland

•

Uit onze interim-controle komen geen bevindingen naar voren die er op duiden dat de interne beheersmaatregelen die WVS binnen de voor de jaarrekening relevante bedrijfsprocessen heeft ingesteld in opzet en bestaan niet voldoen aan de randvoorwaarden die hier vanuit de accountantscontrole van de jaarrekening voor gelden. Wij hebben hierbij ook de geautomatiseerde beheersingsomgeving in overweging genomen. Het voorgaande laat onverlet dat wij een aantal bevindingen hebben geconstateerd waarvan opvolging zou bijdragen aan een efficiënter en adequater beheersingskader, waarover wij in de brief naar aanleiding van de interim-controle 2024 van 20 december 2024 met kenmerk 24126B976F/SS afzonderlijk hebben gerapporteerd.

•

Wij hebben kennis genomen van de viertal werknemersfraudecasussen over 2023 die door de algemeen directeur aan het dagelijks bestuur in een rapportage van 9 februari 2024 zijn gedeeld. Wij hebben deze casussen geëvalueerd en zijn van mening dat de casussen door WVS op adequate wijze zijn opgepakt. Deze casussen zijn beperkt van omvang en uit navraag aan de concerncontroller hebben wij vernomen dat er fraudecasussen over boekjaar 2024 zijn geconstateerd. Gelet op bovenstaande, hebben wij geen aanleiding gezien om onze controlestrategie en onze risicoanalyse aan te passen. Wij merken volledigheidshalve op dat, hoewel wij een kritische houding hebben ten opzichte van het risico van fraude in de jaarrekening, onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken van fraude. Wij hebben tijdens onze controle geen aanwijzingen gehad die wijzen op fraude.

•

In onze controlestandaarden is de veronderstelling opgenomen dat frauderisico’s in de opbrengstverantwoording bestaan, tenzij deze veronderstelling goed onderbouwd kan worden weerlegd. De verschillende opbrengststromen van WVS hebben wij in samenwerking met functionarissen van WVS uitgebreid geanalyseerd, met als conclusie dat het veronderstelde frauderisico met betrekking tot de opbrengstenverantwoording effectief kan worden weerlegd. Het ontbreken van prikkels voor frauduleus gedrag, de vele functionarissen die per proces betrokken zijn en de aard en samenstelling van de diverse opbrengststromen, dragen bij aan deze conclusie.

•

Waar het onze onafhankelijkheid als certificerend accountant van WVS betreft, concluderen wij op basis van de toetsing van onze dienstverlening aan het hiervoor geldende normenkader (de verordening inzake onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten), dat deze is gewaarborgd.

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/6

Hoofdstuk 2

Analyse vermogen en resultaat

© 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/7

Het vermogen is in 2024 met € 2.951.000 toegenomen.

Het saldo van baten en lasten is € 5.581.000 voordelig

© 2025 Deloitte Nederland

Vermogen Het eigen vermogen van uw gemeenschappelijke regeling is in 2024 met een bedrag € 2.951.000 toegenomen. Dit bestaat uit een toename van het eigen vermogen vanwege het saldo baten en lasten over 2024 van € 5.218.000 en een afname van het eigen vermogen als gevolg van de uitkering aan de deelnemende gemeenten overeenkomstig de vastgestelde resultaatbestemming over 2023 van € 2.267.000. Resultaat Het saldo van baten en lasten bedraagt € 5.581.000 voordelig. Begroot was een saldo van € 0. Het saldo wordt beïnvloed door enkele aanvullende (deels incidentele) baten welke in de (herziene) begroting nog niet konden worden voorzien. Deze positieve afwijking is vooral te danken aan niet bedrijfsvoering gerelateerde zaken zoals een hoger dan begrote rijksubsidie per SW-er.

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/8

Hoofdstuk 3

Overige onderwerpen

© 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/9

Uit de in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording blijkt € 477.477 aan financiële onrechtmatigheden als gevolg dat een tweetal crediteuren ten onrechte niet Europees zijn aanbesteed. Verder blijken begrotingsonrechtmatigheden welke de verantwoordingsgrens te boven gaan. Deze zijn echter conform uw financiële verordening als acceptabel aangemerkt.

© 2025 Deloitte Nederland

Rechtmatigheid In de rechtmatigheidsverantwoording verantwoord het dagelijks bestuur zich over de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties (inclusief begrotingsrechtmatigheid). Een uitgebreidere toelichting op de onrechtmatigheden en de vervolgacties om deze op te lossen/te voorkomen is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering van het jaarverslag. Verantwoordings- en rapportagegrens Via het controleprotocol heeft het algemeen bestuur de verantwoordings- en rapportagegrens vastgesteld op 1% van de totale lasten inclusief dotaties aan de reserves (= gelijk aan de goedkeuringstolerantie voor de getrouwheid). Fouten en onduidelijkheden die de verantwoordingsgrens niet overschrijden, zorgen voor een positieve uiting van het dagelijks bestuur waaruit blijkt dat de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. De rapporteringsgrens bepaalt de diepgang van de toelichting van het dagelijks bestuur in de paragraaf bedrijfsvoering. Voorwaardencriterium: Onrechtmatigheden niet-naleving Europese aanbestedingswetgeving WVS heeft voor de controle op de naleving van de wet-en regelgeving op het gebied van Europese aanbestedingen een spendanalyse uitgevoerd.

Wij hebben deze spendanalyse gecontroleerd en hebben hierbij voor € 477.477 aan financiële onrechtmatigheden vastgesteld, als gevolg een tweetal crediteuren die ten onrechte niet Europees zijn aanbesteed. Wij hebben vastgesteld dat WVS deze onrechtmatigheden in de rechtmatigheidsverantwoording heeft gerapporteerd. Wij dringen nadrukkelijk aan op maatregelen om de rechtmatigheidsfouten in de toekomst te voorkomen. Begrotingscriterium Bij de rechtmatigheidsverantwoording vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten, lasten en balansmutaties, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en de hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). Uitgangspunt hiervoor is het niveau waarop het algemeen bestuur de budgetten in de begroting en bij investeringen geautoriseerd heeft. In de begroting zijn de bedragen voor de lasten en baten vermeld die door het algemeen bestuur zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting.

Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur hebben afspraken gemaakt in welke situatie lastenoverschrijdingen onrechtmatig maar acceptabel zijn (lastenoverschrijdingen zijn en blijven onrechtmatig, maar zijn onder voorwaarden acceptabel wat betekent dat het dagelijks bestuur deze niet hoeft toe te lichten in de paragraaf bedrijfsvoering). Dit is door WVS ook gedaan in financiële verordening. Uit de rechtmatigheidsverantwoording van de jaarrekening 2024 blijkt dat begrotingsonrechtmatigheden zijn geconstateerd, welke voor een bedrag van € 999.000 de verantwoordingsgrens te boven gaan. Aangezien deze overschrijdingen passen binnen het bestaande beleid van WVS zijn deze onrechtmatigheden als acceptabel aangemerkt.

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/10

Misbruik & oneigenlijk gebruik criterium Ten aanzien van het misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O) criterium zijn geen onrechtmatigheden geconstateerd door het dagelijks bestuur. Uit onze controle is gebleken dat deze conclusie voldoende onderbouwd is.

© 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/11

Bevestiging bij de jaarrekening Wij hebben van het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. Er zijn geen meningsverschillen met de algemeen directeur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controle-opdracht volledige medewerking verleend en hebben wij volledige toegang tot de benodigde informatie gehad. Interne beheersing Onze bevindingen uit de interim-controle hebben wij gerapporteerd in een brief naar aanleiding van de interim-controle d.d. 20 december 2024 met kenmerk 24126B976F/SS en besproken met de algemeen directeur en de controller. Uit onze controlewerkzaamheden tijdens de interim-controle zijn geen bevindingen naar voren gekomen die er op duiden dat de interne beheersmaatregelen die WVS binnen de voor de jaarrekening relevante bedrijfsprocessen heeft ingesteld in opzet en bestaan niet voldoen aan de randvoorwaarden die hier vanuit de accountantscontrole van de jaarrekening voor gelden. Het voorgaande laat onverlet dat wij een aantal bevindingen hebben geconstateerd waarvan opvolging zou bijdragen aan een efficiënter en adequater beheersingskader.

Deze bevindingen zien toe op de controle van memoriaalboekingen, de functiescheiding bij de controle op inkoopfacturen, zichtbare autorisatie van de gunningsmatrix van EU aanbestedingen (tijdens jaarrekeningcontrole vastgesteld dat deze bevinding is opgevolgd), de functiescheiding tussen invoeren en controleren van salarismutaties en aandachtspunten voor de interne bewaking van volledigheid van de omzetverantwoording.

Tijdens de uitvoering van onze werkzaamheden zijn ons geen aanwijzingen voor fraude gebleken noch gemeld.

Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts díe onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij terzake geen volledigheid pretenderen. Wij maken ten behoeve van de controle van de jaarrekening slechts in beperkte mate gebruik van de geautomatiseerde gegevensverwerking binnen WVS, aangezien wij onze controlebevindingen overwegend baseren op de in uw organisatie aanwezige brondocumenten, zoals facturen, bankafschriften en overeenkomsten. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen. Fraude De primaire verantwoordelijkheid voor het voorkomen en ontdekken van fraude ligt bij het dagelijks en algemeen bestuur van WVS. Als accountants hebben wij de verantwoordelijkheid om het risico te beoordelen dat de jaarrekening 2024 als gevolg van fraude, onjuistheden of verduistering van activa, afwijkingen van materieel belang zou kunnen bevatten.

In dit verband wordt het doorbreken van de interne beheersing door het management als een verondersteld significant risico aangemerkt. Wij hebben hiertoe een aantal werkzaamheden uitgevoerd, zoals: • Het bespreken van het frauderisico met de algemeen directeur en de controller. Hiertoe hebben wij onder meer kennis genomen van de door WVS opgestelde interne frauderisico-analyse.

•

© 2025 Deloitte Nederland

Het evalueren van de impact van de door WVS ingevoerde beheersingsmaatregelen ter beperking van geïdentificeerde frauderisico’s.

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/12

• • •

Het beoordelen van de zakelijke onderbouwing voor eventuele omvangrijke (incidentele) transacties.

•

In onze controlestandaarden is de veronderstelling opgenomen dat frauderisico’s in de opbrengstverantwoording bestaan, tenzij deze veronderstelling goed onderbouwd kan worden weerlegd. De verschillende opbrengststromen van WVS hebben wij in samenwerking met functionarissen van WVS uitgebreid geanalyseerd, met als conclusie dat het veronderstelde frauderisico met betrekking tot de opbrengstenverantwoording effectief kan worden weerlegd. Het ontbreken van prikkels voor frauduleus gedrag, de vele functionarissen die per proces betrokken zijn en de aard en samenstelling van de diverse opbrengststromen, dragen bij aan deze conclusie.

Toetsing van handmatige journaalposten en overige aanpassingen, ondersteund door data-analysetechnieken. Wij hebben kennis genomen van de viertal werknemersfraudecasussen over 2023 die door de algemeen directeur aan het dagelijks bestuur in een rapportage van 9 februari 2024 zijn gedeeld. Wij hebben deze casussen geëvalueerd en zijn van mening dat de casussen door WVS op adequate wijze zijn opgepakt. Deze casussen zijn beperkt van omvang en uit navraag aan de concerncontroller hebben wij vernomen dat er geen fraudecasussen over boekjaar 2024 zijn geconstateerd. Gelet op bovenstaande, hebben wij geen aanleiding gezien om onze controlestrategie en onze risicoanalyse aan te passen. Wij merken volledigheidshalve op dat, hoewel wij een kritische houding hebben ten opzichte van het risico van fraude in de jaarrekening, onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken van fraude. Wij hebben tijdens onze controle geen aanwijzingen gehad die wijzen op fraude.

Ofschoon wij benadrukken dat een beoordeling van de interne beheersing van WVS in relatie tot het frauderisico niet tot de scope van onze opdracht en verantwoordelijkheid hoort, vermelden wij dat ons bij de controle van de jaarrekening 2024 geen aanwijzingen van fraude zijn gebleken, danwel aan ons gemeld (anders dan de casussen over 2023 die op 9 februari 2024 zijn gerapporteerd aan het dagelijks bestuur en bij afronding van het jaarverslag 2023 aan ons zijn gemeld). Onafhankelijkheid Wij monitoren voortdurend onze onafhankelijkheid als accountant van WVS. In overeenstemming met de onafhankelijkheidsvoorschriften voor accountants, bevestigen wij dat door ons geen werkzaamheden voor WVS zijn verricht die (in wezen of in schijn) hiermee conflicterend zijn danwel een bedreiging hiervoor zouden kunnen vormen. Ook zijn ons geen persoonlijke, zakelijke en/of financiële relaties tussen WVS en onze organisatie bekend die naar onze professionele oordeelvorming onze onafhankelijkheid zouden kunnen beïnvloeden. Evenmin hebben wij geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid van WVS ontvangen of aan medewerkers van WVS gegeven.

© 2025 Deloitte Nederland

Inhoudsopgave

1

2

3

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/13

Hoofdstuk 5

Bijlagen Bijlage A: Tijdsbesteding Bijlage B: Reikwijdte van de controle

© 2025 Deloitte Nederland

Bijlagen

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/14

Bijlage A: Tijdsbesteding 2024 In verband met de NBA-aanbeveling uit het rapport ‘In het publieke belang’, rapporteren wij u over de uren die wij tot en met 2 mei 2025 hebben besteed aan de jaarrekeningcontrole 2024:

Begroot

Gerealiseerd

Eindverantwoordelijke accountant

30

58

Controleleider

120

184

Staff/assistenten

270

370

0

61

420

673

Specialisten Totaal

© 2025 Deloitte Nederland

Bijlagen

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/15

Bijlage B: Reikwijdte van de controle De opdracht die u ons heeft verstrekt Binnen het kader van de meerjarige overeenkomst tussen uw gemeenschappelijke regeling en Deloitte Accountants B.V. tot het controleren van uw jaarrekening bevestigen wij formeel elk jaar de onderlinge afspraken met een opdrachtbevestiging met datum 17 december 2024. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de WVS. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controleaanpak bestaat in hoofdlijnen uit drie fasen: de risicoanalyse, de interim-controle en de jaarrekeningcontrole. Gezamenlijke risicoanalyse als basis Onze controle start met het maken van een analyse van de risico’s waar u als gemeenschappelijke regeling mee te maken heeft. Deze risicoanalyse zien wij als een gezamenlijke actie van ons controleteam en vertegenwoordigers van uw gemeenschappelijke regeling en maakt deel uit van ons pre-auditgesprek. Het doel hiervan is om op basis van gezamenlijke kennis van uw organisatie en uw omgeving tot een zo volledig en bruikbaar mogelijke risicoanalyse te komen, die als basis voor de verdere controlewerkzaamheden kan dienen. Het gaat hierbij primair om de externe risico’s en de risico’s in de bedrijfsvoering.

Bij deze inventarisatie ligt primair de focus op de risico’s op afwijkingen van materieel belang in de jaarrekening als gevolg van fraude of fouten. Interim-controle Wij onderzoeken tijdens de interim-controle de procesrisico’s, om te bepalen of hierin voldoende beheersmaatregelen (de AO/IB) zijn getroffen. Het product van deze fase van de controle is een managementletter/brief met daarin opgenomen verbeterpunten ter verdere optimalisatie van de interne beheersing. Jaarrekeningcontrole Bij de jaarrekeningcontrole stellen wij vast of de jaarrekening is opgesteld volgens de geldende verslaggevingsvoorschriften, of de door u opgestelde jaarrekening een getrouw beeld geeft. Ook stellen wij vast dat de posten in de jaarrekening adequaat zijn toegelicht. Onze controle houdt niet in dat wij alle posten integraal controleren. Onze aanpak heeft als doel om belangrijke onjuistheden of onrechtmatigheden te ontdekken, rekening houdend met de materialiteitsgrenzen zoals vastgelegd in het controleprotocol 2024. Het product van de jaarrekeningcontrole is de controleverklaring bij de jaarrekening en het accountantsverslag.

In het accountantsverslag rapporteren wij fouten en onzekerheden die de vastgestelde rapportagetolerantie overschrijden en overige bijzonderheden die naar onze mening van belang zijn voor de behandeling van de jaarrekening (zoals governance, financiële positie, ontwikkeling resultaten en de kwaliteit van de interne beheersing). Scope van de opdracht Onze controleverklaring is gebaseerd op onze controlewerkzaamheden als accountant van de WVS.

© 2025 Deloitte Nederland

Bijlagen

Accountantsverslag 2024

2505051F1B/AG/16

Onder Deloitte wordt verstaan één of meer van Deloitte Touche Tohmatsu Limited (“DTTL’’ of ‘’Deloitte Global’’), haar wereldwijde netwerk van member firms en aan hen verbonden entiteiten (tezamen, de “Deloitte-organisatie”). DTTL en haar wereldwijde netwerk van member firms en aan hen verbonden entiteiten zijn juridisch gescheiden en onafhankelijke entiteiten, die elkaar niet kunnen verplichten of binden ten aanzien van derden. DTTL en iedere DTTL member firm en aan hen verbonden entiteiten zijn aansprakelijk voor hun eigen handelen en nalaten, en niet voor het handelen of nalaten van een andere entiteit. DTTL verleent geen diensten aan cliënten. Raadpleeg www.deloitte.com/about voor meer informatie. Deloitte levert toonaangevende audit- en assurance-, belastingadvies- en juridische diensten, en diensten op het gebied van consulting, financial advisory, en risk advisory aan bijna 90% van de Fortune Global 500® en duizenden particuliere bedrijven. Onze professionals leveren meetbare en blijvende resultaten die het vertrouwen van het publiek in kapitaalmarkten helpen versterken, klanten in staat stellen te transformeren en bloeien, en de weg wijzen naar een sterkere economie, een meer rechtvaardige samenleving en een duurzame wereld. Voortbouwend op haar meer dan 175-jarige geschiedenis, omvat het bereik van Deloitte meer dan 150 landen en gebieden.

Ontdek hoe de meer dan 415.000 mensen van Deloitte wereldwijd een impact maken die ertoe doet op www.deloitte.com. Deze communicatie bevat louter algemene informatie en noch DTTL, noch haar wereldwijde netwerk van member firms of aan hen verbonden entiteiten verleent door middel van deze communicatie professioneel advies of diensten. Voordat u een beslissing neemt of actie onderneemt die van invloed kan zijn op uw financiën of uw bedrijf, dient u een gekwalificeerde professionele adviseur te raadplegen. Geen enkele entiteit in de Deloitte-organisatie is verantwoordelijk voor enig verlies dat wordt geleden door een persoon die op deze communicatie vertrouwt.

© 2025 Deloitte Nederland

Begroting 2026

Meerjarenraming 2027 - 2029

Inhoudsopgave

1. Voorwoord Algemeen Directeur

3

2. Financiële begroting en meerjarenraming

6

2.1 Uitgangspunten begroting 2026 en meerjarenraming 2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD 2.3 Overzicht van baten en lasten 2024 - 2029 2.4 Financiële positie 2.5 Risicoparagraaf

6 9 11 12 13

3. Overige begrotingsinformatie

17

3.1 Weerstandsvermogen 3.2 Wet Open Overheid

17 17

Bijlagen 1. Resultatenrekening 2026 - 2029 Overhead 2. Balans per ultimo 2024 - 2026 3. Overzicht lang- en kortlopende leningen 4. Overzicht reserves en voorzieningen 5. Overzicht van investeringen in vaste activa 6. Gemeentelijke bijdrage 2026 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2026

19 20 21 22 23 24 25

WVS - Begroting 2026

2

1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS WVS werkt, als werkontwikkelbedrijf van West-Brabant, samen met de ISD Brabantse Wal en het Werkplein, om een steeds groter wordende groep inwoners die aan de zijlijn staan weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk de groep inwoners die al langer aan de zijlijn staan, te laten participeren en te ontwikkelen naar liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken, in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. WVS is daarnaast nog steeds een van de grootste werkgevers in West Brabant met meer dan tweeduizend werknemers woonachtig in onze deelnemende gemeenten. Voor u ligt de begroting 2026 en de meerjarenraming 2027 tot en met 2029 van WVS. Deze begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de septembercirculaire 2024. De acties voortkomend uit het gezamenlijke jaarplan van de samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn, voor zo ver als mogelijk, meegenomen in deze begroting en is met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening en het beschut werken uit. Daarnaast ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken.

Het gezamenlijke doel van de samenwerking met de ISD en het Werkplein voor 2026 en de meerjarenraming 2027 tot en met 2029, is om meer inwoners in ontwikkeling te zetten. Mede hiervoor is in 2024 ‘Startpunt’, het centrum voor een verdiepende diagnose, opgericht om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun vaardigheden. Hierdoor kunnen we onze bijstandsgerechtigde inwoners waaronder jongeren en statushouders nog beter in hun kracht zetten. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t.o.v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t.o.v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende werkontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. In deze meerjarenraming is goed nagedacht over de financieel mindere jaren die onze deelnemende gemeenten voor de boeg hebben. Wij blijven qua uitgaven scherp aan de wind zeilen en streven door intensievere samenwerking met ISD en Werkplein meer inwoners aan de slag te helpen dan wel geactiveerd te krijgen. ( x € 1.000)

2019

Operationeel resultaat

5.235 713

Incidentele baten en lasten Gemeentelijke bijdrage

2020

2021

2022

2023

2024

2.014

2.028

2.161

2.899

4.280

4.140

1.833

-879

-248

-17

8.182

8.058

5.593

7.532

7.700

8.135

Subsidieresultaat*

-11.529

-10.076

-8.740

-7.746

-7.634

-6.880

Totaal resultaat

2.601

4.136

714

1.068

2.717

5.518

* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage/loonkostensubsidie en de loonkosten doelgroep. In 2020, 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder de incidentele baten en lasten.

3

WVS - Begroting 2026

Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de begroting van 2026 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. WAADI (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) 9. Cao SW 10. Compensatie transitievergoeding Ad 1. Subsidies De begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2026 o.b.v. de septembercirculaire 2024 zijnde € 39.164,- en met 3 % LPO € 40.339,-. Dit is inclusief de compensatie voor het wegvallen van de LIV. Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere rol. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2026 te verhogen tot € 11.400 per persoon. In december 2023 heeft de minister in een kamerbrief aangegeven dat er meerjarig extra geld is vrij gemaakt ter ondersteuning van de bekostiging van de infrastructuur van de werkontwikkelbedrijven.

Deze extra subsidie is opgenomen in deze begroting. Ad 2. Kostenbeheersing WVS scoort in de benchmark goed in kostenbeheersing. Echter, met de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) zijn de kosten voor het begeleidend en ondersteunend regulier personeel flink gestegen. De flinke stijging van het WML zorgt voor een verhoging van de loonkosten van de doelgroep PW. Hierdoor is het steeds lastiger om binnen de kostprijs de producten te leveren en dit heeft dan ook effect op het operationeel resultaat. Daarnaast zijn er positieve effecten van de arbeidsontwikkeling van de doelgroep voor de werkpleinen. Deze zijn niet opgenomen in de begroting van WVS. De financiële effecten hiervan zie je terug bij de ISD en het Werkplein. Daarom moeten de resultaten in samenhang worden gezien met die van het Werkplein en de ISD. Hiervoor kan verwezen worden naar de ketenbegroting. Ad 3. Algemene economische situatie De economische groei lijkt gestagneerd te zijn. Dit heeft gevolgen voor de orderportefeuille. Ad 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde In de huidige economische ontwikkeling is het zaak om het nivo van de opbrengsten en toegevoegde waarde per medewerker te behouden. Het inrichten van de organisatie op basis van lean en het realiseren van een betere prijsvorming is de basis voor een gezonde toekomst. Ad 5.

Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door gemeenten Een goede samenwerking met de gemeenten, ISD en Werkplein zorgt er voor dat meer mensen aan loonvormende arbeid kunnen deelnemen. Door opdrachten vanuit gemeenten te verstrekken voor werkzaamheden die bij de doelgroep passen, kunnen mensen op basis van hun ontwikkelmogelijkheden getraind worden binnen deze werkzaamheden. De druk op de financiële situatie bij de gemeenten is merkbaar in de opdrachtverstrekking. Dit heeft impact op het resultaat. Bij geschiktheid vindt er doorstroom plaats naar reguliere arbeid, maar inmiddels is er ook een vangnet voor die groep die deze stap niet kan maken. We zijn gestart met een pilot t.b.v. de ontwikkeling van statushouders. Samen met de ISD en het Werkplein is de afgelopen jaren een nieuwe werkwijze geïmplementeerd waarbij de ontwikkeling WVS - Begroting 2026

4

van de inwoner centraal staat. De komende jaren wordt er geïnvesteerd in mensen die meer begeleiding nodig hebben en het zelfstandig niet redden om in ontwikkeling te komen. Mocht het niet haalbaar zijn dat onze inwoners uit het Landelijk Doelgroep Register (LDR) kunnen aansluiten op de arbeidsmarkt, dan biedt WVS de mogelijkheid voor een (tijdelijk) dienstverband. Ad 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen De uitvoering van de Participatiewet vraagt om intensieve samenwerking met de werkpleinen en het werkgeversveld. Op arbeidsmarktregioniveau komen vanuit het Rijk participatiegelden beschikbaar voor de regio, t.b.v. de ontwikkeling van de doelgroep. Hoe deze gelden kunnen worden ingezet is op dit moment nog niet helder. Ad 7. Uitstroom SW personeel en leidinggevend SW kader In de begroting is opgenomen dat leidinggevend kader in SW-dienstverband wordt vervangen door reguliere krachten. Hierin is echter niet de volledige vervanging meegenomen die door uitstroom vanwege pensioenleeftijd is ingeschat. Door de invoering van de RVU regeling voor SW-personeel, is er een snellere uitstroom van SW-leidinggegevenden. In deze begroting is het aantal reguliere krachten bijgesteld, daar de uitstroom van SW-leidinggevend en -kaderpersoneel sneller gaat dan was voorzien, mede door de RVU-regeling in de Cao SW en de Cao SGO. Ad 8.

WAADI (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs) Er ligt een wetsvoorstel om de wet WAADI aan te passen. In de basis dienen medewerkers ingezet via detachering of uitzending betaald te worden volgens de Cao van de inlenende partij. Voor de medewerkers vallend onder de Cao SW en de Cao Aan de Slag geldt er momenteel een vrijstelling. Met het huidige wetsvoorstel zal deze vrijstelling komen te vervallen. Dit zal negatief uitwerken voor medewerkers van werkontwikkelbedrijven. • Werknemers krijgen dan te maken met een fluctuerend inkomen met gevolgen voor aanvullende bijstands- en WIA uitkering en eventuele toeslagen. • Het succesvolle instrument van detachering van mensen met een ondersteuningsvraag wordt onaantrekkelijker (duurder) voor werkgevers. • Grote bureaucratische rompslomp voor werkontwikkelbedrijven omdat er afgestemd moet worden met honderden Cao’s van werkgevers waar mensen met begeleiding werken. • De banenafspraak komt hierdoor onder druk te staan vanwege de betaalbaarheid. Ad 9. Cao SW De Cao SW volgt de stijgingen van het WML en de LPO ontwikkeling van het IUSD-WSW. De Cao loopt nog tot eind 2025. Ad 10. Compensatie transitievergoeding In de wetgeving staat dat bij vertrek van een medewerker uit de organisatie, anders dan ‘op eigen verzoek’ of ‘verwijtbaar’, er een transitievergoeding betaald dient te worden.

Dit geldt ook voor medewerkers die na 2 jaar ziekte de organisatie verlaten. Voor de laatste categorie wordt er vanuit het Rijk compensatie verstrekt. Deze compensatie komt per 1-7-2026 te vervallen. Het gaat om een bedrag in de begroting van € 500.000,-, welke is komen te vervallen. Omdat de werkontwikkelbedrijven in verhouding veel uitstroom na 2 jaar ziekte hebben, worden zij extra financieel geraakt door deze maatregel. Het is nog onduidelijk of er een compensatie vanuit het Rijk te verwachten is voor het wegvallen van deze vergoeding. L.G.M. van der Beek, Algemeen Directeur WVS

5

WVS - Begroting 2026

2. Financiële begroting en meerjarenraming 2.1 Uitgangspunten begroting 2026 Bij het opstellen van de begroting zijn naast de werkelijke resultaten over 2024, de interne werkbudgetten voor 2025 als uitgangspunt gehanteerd. De begrotingen van de ISD, het Werkplein en WVS vormen gezamenlijk de basis voor de ketenbegroting. Toegevoegde waarde Voor de berekening van de toegevoegde waarde (TW) zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: •

• •

De TW voor WVS is uit verschillende zaken opgebouwd. De TW per fte SW wordt constant verondersteld. Daarnaast is rekening gehouden met de TW voor de nieuwe beschut werk-medewerkers. Voor nieuwe medewerkers met structurele loonkostensubsidie wordt een TW nivo van de huidige SW-populatie verwacht. Hierbij gaan we uit van een loonwaarde van gemiddeld 50 %. Daarnaast zullen er ontwikkeltrajecten voor de ISD en het Werkplein uitgevoerd worden. Voor mensen in een ontwikkeltraject wordt geen toegevoegde waarde meegenomen omdat de focus ligt op leren i.p.v. werken. De formatie SW is gebaseerd op de prognose komende uit de mei- en septembercirculaire 2024. Per type contract (SW, beschut werk, participatie) wordt een andere inzetbaarheid over de verschillende werksoorten zoals groen, postbezorging en industriële activiteiten verwacht. In de begroting is rekening gehouden met een omzet van de deelnemende gemeenten ten opzichte van de werkelijke omzet 2024 met een afname i.v.m. daling fte SW.

Rijksbijdrage Wsw Begroting 2026

Werkelijk 2024

Herz. begr. 2025

Begroting 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Aantal SE

1.463

1.375

1.297

1.202

1.131

1.051

Rijksbijdrage per SE

37.945

38.029

39.165

40.425

41.626

42.968

3,0 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

52.297

50.796

48.586

47.087

45.139

Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO

55.514

Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Rijksbijdrage infrastructuur Begroting 2026

2025

Begroting 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Impulsbudget

586.036

527.432

527.432

527.432

527.432

Basis financiering

316.459

341.575

368.365

393.481

420.271

Aantal (per persoon 3600) Totaal bijdrage

88

95

102

109

117

902.495

869.008

895.798

920.914

947.704

In de kamerbrief van 21 december 2023 is aangegeven dat er een extra bijdrage komt vanuit het Rijk tot behoud van de infrastructuur van de werkontwikkelbedrijven. Dit zal gebeuren middels plannen voor behoud van de infrastuctuur en d.m.v. impuls gelden, welke een bedrag voor begeleiding zijn voor personen die onder de doelgroep vallen. Bij de begroting 2025 werd nog uitgegaan van een verdeling van het totaal budget over de landelijke SE SW. Eind 2025 is bekend geworden dat de verdeling zal plaats vinden o.b.v. doelgroepregister gemeentelijke doelgroep.

WVS - Begroting 2026

6

Bijdrage deelnemende gemeenten Basis is het aantal geplaatste doelgroep medewerkers (SW + participatie) op 1 januari van het voorafgaande jaar aan het rapportagejaar (zie bijlage 6 per gemeente). Begroting 2026

Werkelijk 2024

Aantal SW/participatie-medewerkers

Herz. begr. 2025

Begroting 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

1.912

1.926

1.823

1.750

1.663

Gem. bijdrage per SW/participant in €

3.769

2.545

3.835

4.456

4.928

5.601

Gem. bijdr. (€ x 1.000)

8.135

4.866

7.386

8.124

8.624

8.314

Overige subsidies overheid Beschut Werk In de begroting is opgenomen dat er beschut werk wordt ingezet en dat deze zal worden uitgevoerd door WVS conform gemaakte afspraken. Voor deze doelgroep is uitgegaan van 70 % loonkostensubsidie en gemiddeld 28 uur per persoon. De begeleidingsvergoeding voor beschut werk wordt vanuit het ministerie BZK geraamd. In de begroting 2026 is een bedrag opgenomen van € 11.400,- per traject conform de septembercirculaire 2024.

Ontwikkeltrajecten Er zijn in de ketenbegroting aannames gemaakt m.b.t. afname ontwikkeltrajecten door de ISD en het Werkplein. In de begroting en de meerjarenraming is uitgegaan van de aangereikte cijfers vanuit de ketenbegroting. De tariefstelling van de trajecten is o.b.v. het gemiddelde van afgelopen jaren met een indexering conform afspraak. Er wordt gerekend met een gemiddelde looptijd van een traject van 4 maanden. Overige bedrijfsopbrengsten Dit betreft de doorberekening van de kosten van dienstverlening van WVS aan de verbonden partijen, zoals Flexkompaan BV, WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding BV, alsmede derdenpartijen zoals Stichting Werkwijs West-Brabant en Stichting Op Weg Naar Werk. In de begroting is verondersteld dat de dienstverlening op hetzelfde niveau gehandhaafd blijft. De aanpassing van de opbrengst is op basis van het aantal fte’s dat gedetacheerd wordt. Personeelskosten SW Voor de berekening van de indexering van de lonen SW is rekening gehouden met de huidige loonafspraken. De LPO op het participatiebudget SW wordt verondersteld op 3 % voor 2026. De loonsverhoging voor de SW is op 4 % gesteld. Voor de jaren 2026 e.v. is eveneens 4 % stijging aangehouden. Door uitstroom van in verhouding duurdere werknemers wordt daarnaast een algemene daling van de loonkosten per SW-fte verondersteld, die de loonkosten in positieve zin beïnvloedt.

Vanaf 2025 is er geen tegemoetkoming loondomein meer vanuit het Rijk genaamd LIV. Een compensatie hiervoor is opgenomen in de rijksbijdrage. Overige personeelskosten SW De overige personeelskosten zijn gebaseerd op de gerealiseerde kosten 2024 en het budget 2025. Tevens is hier rekening gehouden met de uitstroom van SW-medewerkers conform de prognose vanuit de rijksoverheid. Loonkostensubsidie Begeleid Werken Het aantal BW-plaatsingen wordt constant verondersteld. Salariskosten regulier personeel Leidinggevende SW-medewerkers worden vanwege uitstroom gedeeltelijk vervangen door regulier Flexkompaan personeel. Verder wordt uitstromend leidinggevend kader ambtelijk en Flexkompaan vervangen door nieuwe 7

WVS - Begroting 2026

Flexkompaan krachten. De omvorming tot werkontwikkelbedrijf heeft tot gevolg dat er ook nieuwe functies ontstaan die met regulier personeel moeten worden ingevuld. Werkelijk 2024

Herz. begr. 2025

Begroting 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Fte ambt. pers.

38,0

36,0

33,0

31,0

29,0

27,0

Gem. loonsom (€)

94.443

94.421

98.892

103.587

108.516

113.692

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

3.596

3.399

3.263

3.211

3.147

3.070

Fte Flexkompaan

180,7

180,0

189,7

191,7

193,7

195,7

Gem. loonsom (€)

76.010

85.113

82.377

84.672

89.099

92.663

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

13.698

15.321

15.624

16.421

17.256

18.131

Totaal Fte regulier

218,6

216,0

222,7

222,7

222,7

222,7

Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)

17.294

18.720

18.887

19.632

20.403

21.201

Voor de berekening van de salarissen ambtelijk personeel is rekening gehouden met de verhoging van 5 % van de kosten voor 2026 en verder. Dit is voor Cao-stijgingen en wijzigingen in werkgeverslasten. Met de invoering van de WAB zijn de personeelsleden in Flexkompaan qua salariëring gelijk getrokken met de ambtelijke collega’s. Loonkosten beschut werk In de Cao is sprake van een 37-urige werkweek, een pensioenvoorziening en extra secundaire arbeisvoorwaarden zoals bijv. reiskosten. De Cao Aan de Slag is voor alle schalen gekoppeld aan het nivo van het WML. Op 1-1-24 is het wettelijk minimum uurloon ingegaan o.b.v. 36 uur. Hierdoor is er een flinke kostenstijging per fte ontstaan. Loonkosten Participanten In de begroting wordt uitgegaan van dezelfde kostenstructuur als bij beschut werk. Afschrijvingen De afschrijvingskosten in 2026 zijn gebaseerd op een behoudend investeringsbeleid. Overige bedrijfskosten Deze zijn min of meer constant verondersteld, m.u.v. de energiekosten en indexeringen.

WVS - Begroting 2026

8

2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD De intensieve samenwerking binnen de keten van ISD Brabantse Wal (ISD), Werkplein en WVS gaat onverminderd door. De doelstelling voor 2025 en verdere jaren binnen de ketensamenwerking is dan ook ‘Samen werken aan Participatie’. Meer dan 70% van de inwoners van onze doelgroep in West-Brabant is langer dan 2 jaar afhankelijk van een bijstandsuitkering. Het is onze opdracht om inwoners die ondersteuning te bieden die nodig is. We geloven dat door samenwerking met de bundeling van kennis en kunde, meer inwoners ontwikkeld kunnen worden naar werk of een andere vorm van participeren. Om dit te bereiken werken de ISD, het Werkplein en WVS als een gezamenlijk werkontwikkelbedrijf, waar inwoners die binnen ons werkgebied wonen en vallen onder de Participatiewet optimaal worden ondersteund bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is naar een betaalde detachering óf vrijwilligerswerk.” Focuspunten 2025 Voor 2025 zijn drie strategische doelen vastgesteld: 1. Er is 100% commitment voor de ketensamenwerking bij directie- & MT-leden en zij dragen dit actief uit naar de medewerkers. Het gevolg hiervan is dat alle medewerkers - in voor de ketensamenwerking relevante rollen/ functies - bekend zijn met de nut & noodzaak, het “waarom” van de ketensamenwerking. 2.

We versterken de onderlinge relaties en we stimuleren een cultuur van vertrouwen en wederzijds begrip. 3. We kunnen uitleggen wat wordt bedoeld met “werken volgens de 7 uitgangspunten” en kunnen deze uitgangspunten toepassen in de samenwerking met anderen. In 2025 leggen we de focus op 2 uitgangspunten, namelijk ‘we werken samen met partners’ en ‘ieder zijn eigen oplossing (maatwerk)’ 4. In 2025 wordt een keuze gemaakt over de toekomst van de ketensamenwerking, het dienstverleningsconcept en de best ondersteunende organisatievorm. Deze ondersteuning kunnen we alleen bieden als we met elkaar (ISD, Werkplein en WVS) en in de volle breedte onze expertise inzetten en daarbij werken volgens de uitgangspunten: • De mens centraal (niet geld, processen en procedures) • Werken vanuit vertrouwen • Ieder zijn eigen oplossing (maatwerk) • Nabij (inwoners en bedrijven) • Samen met partners (sociaal domein, werkgevers, opleiders etc.) • Leren en ontwikkelen • Werken met data In 2025 willen we dit waar maken door de volgende inspanningen: 1. Het management biedt ruimte aan en stimuleert medewerkers om samen te experimenteren zoals op gebied van samenwerking bij intake/diagnose, bemiddeling en ontwikkeling van inwoners. 2. We zoeken eerst naar oplossingen in de samenwerking tussen de 3 organisaties alvorens we extern gaan 3.

Om kennisdeling en samenwerking te bevorderen werken medewerkers die inwoners spreken in het kader van diagnose, ontwikkeling en bemiddeling samen op locatie. We vragen medewerkers een plan uit te werken hoe we dit het beste kunnen aanpakken. Ook van directeuren, managers, beleidsadviseurs, communicatieadviseurs, financieel adviseurs en HR adviseurs verwachten we aanwezigheid op deze locaties. Deze samenwerking zien we als kans om van elkaar te leren, efficiëntie te bereiken door werkprocessen te harmoniseren en te versimpelen. In principe zetten we bovenstaande lijn door in 2026. In het laatste kwartaal van 2025 zullen we als ketenpartners, samen met de gemeenten, de focuspunten evalueren en bezien of bijstelling voor 2026 nodig is.

9

WVS - Begroting 2026

Aantallen De ontwikkeling van onze inwoners staat voorop met de doorstroom naar betaald werk als hoogste doel. In onze samenwerking streven we ernaar om met elkaar 380 inwoners (255 HvWB en 125 ISD) te ondersteunen. Dat kan met een ontwikkeltraject. Een leerroute zoals groen, logistiek, techniek, schoonmaak, productie, catering of post kan daar onderdeel van uitmaken. Maar ook wordt onderzocht of er nieuwe en effectievere leerroutes of instrumenten kunnen worden ontwikkeld. Net als in voorgaande jaren ligt ook nu het accent op de kwaliteit en minder op de kwantiteit. Aantallen activiteiten 2026

Werkplein

ISD BW

Totaal

Ontwikkeltrajecten

255

125

380

Loonwaardemetingen

100

50

150

Jobcoaching

50

5

55

WVS - Begroting 2026

10

2.3 Overzicht van baten en lasten 2024 - 2029 Het overzicht baten en lasten voor de jaren 2024 - 2029 laat met name het exploitatieresultaat vóór gemeentelijke bijdrage zien. Ook wordt het totaal exploitatieresultaat gesplitst in het subsidieresultaat (rijksbijdrage minus alle personeelskosten SW personeel) en het operationele resultaat. Conform de eisen zoals gesteld in het Besluit Begroting en Verantwoording, is WVS verplicht inzicht te geven in de overheadkosten zoals gedefineerd in de BBV. Deze opstelling vindt u in bijlage 1. bedragen x € 1.000 Begroting 2026 Netto omzet derden

Werkelijk 2024

Herz. begr. 2025

Begroting 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

24.249

27.160

27.073

26.613

26.665

26.290

Netto omzet deelnemende gemeenten

10.754

9.250

10.000

9.750

9.500

9.250

Grond- en hulpstof uitbesteed werk

-10.147

-12.253

-11.848

-11.621

-11.558

-11.358

Toegevoegde waarde

24.856

24.157

25.225

24.742

24.607

24.182

Rijksbijdrage Wsw

55.545

53.866

53.082

52.312

52.219

51.560

Rijksbijdrage infrastructuur

11

1.615

869

896

921

947

Loonkostensubsidie

2.920

4.489

4.763

5.278

5.790

6.317

Overige subs. overheid

3.991

3.225

3.521

3.707

3.873

4.059

Totaal bijdr. overheden

62.456

63.195

62.235

62.193

62.803

62.883

Overige bedrijfsopbr.

3.424

2.811

3.352

3.237

3.167

3.061

Totaal baten

90.736

90.163

90.812

90.172

90.577

90.126

Loonkosten SW

-56.436

-54.646

-56.882

-55.554

-54.907

-53.553

Overige pers. kstn SW

-2.805

-2.147

-2.709

-2.502

-2.402

-2.288

Verstrekte subsidies

-276

-225

-275

-275

-275

-275

Totaal pers. kstn SW

-59.517

-57.018

-59.866

-58.331

-57.584

-56.116

Kosten regulier pers.

-18.973

-19.780

-20.498

-21.242

-22.013

-22.811

Kosten beschut werk

-5.762

-6.779

-7.237

-8.066

-8.889

-9.738

Kosten participanten

-65

-1.406

-1.404

-1.461

-1.519

-1.579

Afschrijvingskosten

-2.032

-2.130

-2.130

-2.130

-2.130

-2.130

Overige bedr. kosten

-7.287

-7.329

-6.676

-6.676

-6.676

-6.676

Financieringskosten

150

-587

-387

-390

-390

-390

Incidentele baten en lasten

300

Sub-totaal overige bedr. kstn

-33.836

-38.011

-38.332

-39.965

-41.617

-43.324

Totaal bedrijfskosten

-93.353

-95.029

-98.198

-98.296

-99.201

-99.440

Result. voor gem. bijdr. en dividend

-2.617

-4.886

-7.386

-8.124

-8.624

-9.314

Gem. bijdrage

8.135

4.866

7.386

8.124

8.624

9.314

Totaal expl. result.

5.518

0

0

0

0

0

Subsidieresultaat Doelgroep

-6.945

-6.849

-10.663

-10.269

-9.984

-9.557

WVS - Begroting 2026

2.4 Financiële positie De afgelopen jaren is een bijdrage van de gemeenten noodzakelijk om een negatief eigen vermogen te voorkomen. In bijlage 6 is een overzicht opgenomen van de gemeentelijke bijdragen voor 2026. In bijlage 2 is de balans per ultimo opgenomen voor de jaren 2024 - 2029. In paragraaf 3.1 Weerstandsvermogen is een overzicht gegeven van ‘jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen’. Deze verplichtingen hebben een nadelige invloed op de financiële positie van WVS. Door het negatieve resultaat in de totale planperiode zal de financieringsbehoefte toenemen. Dit wordt gecompenseerd door stortingen van de gemeentelijke bijdragen. Ultimo 2024 bedroegen de langlopende leningen € 7.582.000,-. In 2025 wordt hierop € 1.381.000,- afgelost. In 2025 is het afsluiten van een langlopende lening gepland van € 3.000.000,- met een looptijd van 10 jaar. Om aan haar financieringsbehoefte te kunnen voldoen sluit WVS rekening-courantkredieten en kasgeldleningen af. De behoefte aan krediet neemt toe vanwege de jaarlijkse aflossingen op de leningen, maar ook af vanwege de stortingen in de Algemene Reserve. Het rentepercentage voor de langlopende leningen bedraagt voor 2025 3,18 %. Voor rekening-courantkrediet is dit percentage begroot op 0,7 % en voor kasgeldleningen op 1,35 %.

Met deze financieringswijze voldoet WVS zowel aan de kasgeldlimiet als aan de norm voor het renterisico. In bijlage 3 is een overzicht van de langlopende en de kortlopende leningen gegeven voor de jaren 2024 - 2026. De voorzieningen die WVS heeft gevormd hebben het karakter van een toekomstige financiële verplichting. Sinds 2018 wordt er een voorziening gecreëerd voor het 3e WW-jaar ambtelijk. Dit is een verplichting. Deze wordt gevormd uit een bijdrage van het ambtelijk personeel zelf. In 2022 is de voorziening spaarverlof gecreëerd voor de tegoeden die vanuit de Cao-regelingen SW en SGO worden gespaard. De toevoegingen aan en opnames uit deze voorziening hebben een onvoorspelbaar karakter. In bijlage 4 is een overzicht gegeven van het verloop van de reserves en de voorzieningen voor de jaren 2024 - 2029.

WVS - Begroting 2026

12

2.5 Risicoparagraaf Als risico’s worden beschouwd alle redelijke voorzienbare risico’s die niet in de begroting zijn verwerkt en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de omvang van de exploitatie, het exploitatieresultaat en het eigen vermogen van WVS. Ondernemersrisico WVS opereert op de commerciële markt door producten en diensten aan derden te leveren. Hierdoor heeft WVS te maken met het normale ondernemersrisico zoals het debiteuren- en voorraadrisico. Door de turbulente economische omstandigheden, is dit risico niet te onderschatten. Omvang: Het achterblijven van de TW van bijvoorbeeld 5 % levert direct een verlies op aan exploitatieresultaat van ruim € 1.200.000,-. Maatregelen: Via de interne P&C cyclus, waardoor snel achterblijvende resultaten zichtbaar zijn, spreiden van risico’s o.b.v. werksoorten, klanten en branches. Tevens werk blijven acquireren ook al is er geen stilstand. Dit vangt leegstand op, of biedt mogelijkheden voor betere rendementen. Opdrachten van deelnemende gemeenten De deelnemende gemeenten zijn belangrijke opdrachtgevers voor WVS. De gemeentelijke opdrachten vormen voor WVS ook een belangrijke inkomstenbron, maar belangrijker nog is dat gemeenten veel werk hebben waar mensen uit de doelgroep op zijn aangewezen.

Door een jaarlijkse krimp in het aantal SW-medewerkers en de beperkte instroom, komt de uitvoering van gemeentelijke opdrachten onder druk te staan. Een tijdelijke plaatsing van inwoners met een LDR-indicatie kan hier een oplossing in bieden. Omvang: De gemeentelijk omzet beslaat om en nabij een derde van de omzet van WVS. Als er door de financiële druk op de begrotingen van de gemeenten, wellicht bezuinigd wordt op opdrachten m.b.t. detacheringen en groenvoorziening, verdwijnen hierdoor banen en werk voor de doelgroep. 5 % Van de omzet van de gemeenten staat voor een bedrag van € 500.000,-. Met de geplande indienstname van inwoners uit het LDR hebben we het werk hard nodig. Maatregelen: Samen met de gemeenten bekijken waar de mogelijkheden liggen. Zorgen dat er een goede orderportefeuille is. Risico rijksbijdrage Wsw In de begroting is uitgegaan van de afbouw SW zoals het Rijk die voorziet. Voorspellen wat de ontwikkeling van de rijksbijdrage gaat doen, is lastig. Er zijn veel landelijke factoren die van invloed zijn op de rijksbijdrage per SE. Indien er grote afwijkingen zijn t.o.v. de begroting zal dit worden gemeld, en indien nodig zal een herziene begroting worden ingediend. In de begroting is uitgegaan van een compensatie van LPO van 3 %. Indien deze niet wordt ontvangen heeft dat impact op de begroting.

Door de koppeling met de Cao SW (op dit moment) is de impact beperkt. Omvang: WVS ontvangt vanuit de gemeenten de volledige subsidie Wsw. Bij overschrijding van de taakstelling is het financiële risico geheel voor WVS. Bij 10 SE is dit een risico van € 400.000,-. Maatregelen: Dit ligt buiten de invloedssfeer van WVS. Risico rijksbijdrage infrastructuur Er is door het ministerie SZW een structureel budget vastgesteld van € 63,9 miljoen voor het behoud van de infrastructuur en het realiseren van 10.000 banen extra. De definitieve besluitvorming vindt plaats in het voorjaar van 2025, waarna 13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1768/documents/48981