10. Werkplein begroting 2024 en jaarstukken 2022.pdf
Tekst van het document
2020 5.100 3.918
Van de 4.104 toegekende aanvragen had 73% van de aanvragers een Werkplein-uitkering.
Collectieve zorgverzekering 1e kwartaal 2022 Aantal 6.781 deelnemers
1e kwartaal 2021 7.273
1e kwartaal 2020 7.392
In 2022 daalde het aantal deelnemers met 186 naar 6595 op 1 november 2022. Belangrijkste redenen voor deze daling zijn: premieachterstand, overlijden en de uitgevoerde inkomenscontrole. Overig gemeentelijk minimabeleid Het gaat hierbij om tegemoetkomingen voor maatschappelijke participatie (o.a. bezoek pretpark, bioscoop, dierentuin, theater, sportbeoefening etc.), schoolkosten, vakantieactiviteit en tijdschriftenregeling. 2022 2021 2020 Aantal aanvragen 1.450 1.070 1.046 Aantal toegekende aanvragen 1.017 786 727 Aantal ambtshalve 692 724 691 continueringen Van de huishoudens die deze voorziening in 2022 hebben ontvangen had 82% een Werkplein-uitkering. Bij vier van de Werkpleingemeenten verloopt de uitvoering via een webwinkelsysteem. Inwoners krijgen dan elk kalenderjaar een winkeltegoed waarmee zij zelf producten en diensten kunnen kopen/afnemen bij de aangesloten leveranciers. In 2022 is van het totaal toegekende budget (=€ 499.274) waarvan feitelijk € 352.389 (=71%) is verbruikt. Door de opheffing van de coronamaatregelen zijn onze inwoners in 2022 weer meer gebruik gaan maken van de in onze webwinkel aangeboden participatiemiddelen. In de voorgaande jaren lag het feitelijke gebruik op respectievelijk: 66% (2021) en 64% (2020) van de toegekende budgetten. Loketfunctie aanvragen persoonlijke lening kredietbank.
In 2022 zijn nog maar 4 aanvragen ontvangen tegenover 52 in 2021. De reden hiervan is dat de De6 op 27 januari 2022 de samenwerking met Plangroep hebben opgezegd vanwege tekortschietende dienstverlening. De De6 hebben vervolgens een nieuwe samenwerkingsovereenkomst afgesloten met de Kredietbank Nederland maar maken vooralsnog geen gebruik van de mogelijkheid om persoonlijke leningen af te sluiten.
11
Afwikkeling kinderopvangtoeslagaffaire Door de kinderopvangtoeslag (KOT)-affaire hebben gemeenten en Werkplein in 2022 een aantal extra werkzaamheden verricht. De werkzaamheden van het Werkplein bestonden uit: Controle of gedupeerden een uitkering in het kader van de Participatiewet (Pw) ontvingen. De door de Belastingdienst uitgekeerde compensatiebedragen moeten immers vrijgelaten worden bij de bijstandsverlening. Onderzoek naar recht op pauzering van de incasso en kwijtschelding van vorderingen. In 2022 heeft het Werkplein bij 6 debiteuren de incasso gepauzeerd en daarnaast is bij 16 debiteuren besloten om de openstaande (restant)vorderingen buiten invordering te stellen. Het totaal buiten invordering gestelde bedrag is € 63.032. Onderzoek naar verstrekte bijzondere bijstand in de kosten van bewindvoering. Aan een aantal gedupeerden van de KOT-affaire heeft het Werkplein in 2022 bijzondere bijstand in die kosten verstrekt. Die bijzondere bijstand uitgaven kunnen de gemeenten vergoedt krijgen van het Rijk. Het Werkplein informeert de gemeenten nog hoe hoog die kosten zijn. De gemeenten hebben recht op Rijksvergoeding van voor de hierboven vermelde werkzaamheden en gemaakte kosten. De totale tijdsinzet van het Werkplein maakt onderdeel uit van de verantwoorde bedrijfsvoering kosten. Op grond van drie ministeriele regelingen z.g.
specifieke uitkeringen (SPUK), compenseert het Rijk de Werkpleingemeenten voor de aan (mogelijk) gedupeerde ouders en hun gezinnen geleverde brede ondersteuning en voor de kwijtschelding van publieke vorderingen. De verantwoording en declaratie van die kosten bij het Rijk loopt via de jaarrekening met bijbehorende Single information Single audit-systematiek (SiSa) van de werkpleingemeenten. 2.2.3.4 We werken meer samen in het sociaal domein Het afgelopen jaar heeft het Werkplein weer fors ingezet op de organisatieontwikkelingen. Eén van de doelstellingen hierbij is om meer samen te werken in het sociaal domein. Het eerste half jaar stond nog in het teken van bewustwording bij medewerkers en voorbereiding op het nieuwe werken. We hebben hier bijvoorbeeld heel bewust bij stil gestaan tijdens de serious game. Hierbij werden alle medewerkers op hun eigen manier uitgedaagd en bewust gemaakt van hun handelen in complexe (domeinoverstijgende) situaties. Aan de hand van real life casussen van onze persona’s gingen collega’s met elkaar in gesprek over hoe te handelen maar kwam er ook feedback van de acteurs. Dit heeft zeker bijgedragen aan de bewustwording van de route naar het nieuwe Werkplein en daarmee de glimlach voor onze inwoners. Vanaf oktober is er hard gewerkt aan het meer lokaal werken in de zes gemeenten.
De gebiedsverbinders zijn gestart en zijn de praktische verbinders tussen het Werkplein en de werkgebieden en gemeenten. We zien dat onze collega’s steeds meer uitvliegen over de werkgebieden. Maar merken ook dat dit tijd nodig heeft, zowel voor Werkplein als gemeenten. Nog niet overal zijn de faciliteiten op orde en is het nog wennen om daadwerkelijk de stap te zetten. Maar op de locaties waar het gebeurt en waar collega’s van het Werkplein en gemeenten elkaar weten te vinden wordt de samenwerking zoveel laagdrempeliger. Het begin is er en dat willen we vasthouden! 2.2.3.5 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners WSP 2022 2021
D6 507 537
Het aantal gerealiseerde plaatsingen per jaar
Het totaal aantal plaatsingen in 2022 was lager dan een jaar eerder. We zien dat er minder beweging in het bestand zit als gevolg van de nasleep van corona, de organisatieontwikkeling en verschoven prioriteiten binnen het Werkplein het afgelopen jaar. Maar ook doordat de inwoners die bij het Werkplein 12
terecht komen vaak een complexere hulpvraag hebben waardoor mensen niet (meteen) naar werk bemiddeld kunnen worden. In 2022 heeft het WSP in het tweede kwartaal een rol gespeeld in de bemiddeling van Oekraïense vluchtelingen naar werk. Naast de bemiddeling kwamen veel praktische vragen bij WSP-medewerkers terecht. De aandacht voor deze doelgroep ging ten koste van de bemiddeling van de reguliere doelgroep bij het Werkplein. Als gevolg hiervan is rond de zomer besloten om de ondersteuning van de Oekraïense vluchtelingen te laten vallen. De gemeenten hebben dit zelf ingericht. Om de dienstverlening aan werkgevers en onze inwoners te verstevigen werken we sinds afgelopen jaar met een nieuw CRM-systeem. Met dit werkgeversvolgsysteem kunnen beter zien wat we doen bij welke werkgever. Voor een zo optimaal mogelijke samenwerking beogen we 1 aanspreekpunt per werkgever/organisatie.
Cirkeldiagram; aantal plaatsingen per doelgroep 2022
Grafiek; Aantal plaatsingen per gemeente t.o.v. totaal aantal plaatsingen WSP in 2022
2.2.4 Wat mag het kosten? Programma Werk en Participatie De inzet binnen het programma Werk en Participatie is zowel gefinancierd vanuit de reguliere begroting (qua personele inzet) als vanuit de re-integratiemiddelen binnen het participatiebudget. De reintegratiemiddelen zijn in de kern middelen die het Werkplein heeft ingezet om de re-integratie van inwoners te versnellen, te bevorderen dan wel mogelijk te maken. Het Rijk maakt een verdeling tussen de beschikbare middelen; klassieke bijstand en nieuw Wajong en nieuw Begeleiding. In 2022 waren de totale kosten minus baten van re-integratie activiteiten € 4.552.261. Dat is € 389.094 minder dan de gewijzigde begroting.
13
Tabel: Programma Werk en Participatie 2022
Verschillenanalyse In totaliteit is er een bedrag van € 5.010.011 in 2022 ingezet voor re-integratie activiteiten. Dat is € 389.094 minder dan begroot. Inhuur klantmanagers (nadelig € 50.900) De inhuurkosten waren in 2022 hoger dan begroot. Het plaatsingsproces heeft langer geduurd waardoor sommige klantmanagers langer zijn ingehuurd dan voorzien was. Daarnaast zijn ook de inhuurtarieven van de recente inhuur hoger dan gebruikelijk. Individuele trajecten / Maatwerk (nadelig € 101.711) Naar aanleiding van de jaarrekening 2021 is dit budget tussentijds naar beneden bijgesteld. Uiteindelijk is er toch meer ingezet dan verwacht. De kosten voor scholing en activering zijn in 2022 verdubbeld ten opzichte van 2021 (€ 157.000 naar € 304.000). Ook zijn er meer loonwaardemetingen door UWV uitgevoerd dan verwacht.
14
Leerwerktrajecten WVS (voordelig € 64.695) Minder leerwerktrajecten bij de WVS ingezet dan vooraf begroot. Dit komt door de nasleep van de coronabeperkingen, de organisatieontwikkelingen en de uitvoering van tijdelijke regelingen bij het Werkplein is de ontwikkeling van inwoners achtergebleven bij de verwachtingen. Proeftuinen ketensamenwerking ( voordelig € 40.167) De kosten voor de inhuur van de projectleider ketensamenwerking zijn lager uitgevallen omdat de projectleider in het laatste kwartaal van 2022 niet meer ingezet was. Extra inzet fraudepreventie (nadelig € 73.843) Het betreft hier inhuur van medewerkers. De kosten van 1 fte waren eerder bij de reguliere bedrijfsvoeringskosten van terugvordering en verhaal geboekt. De lagere tussentijdse bijstelling van de begroting was derhalve niet terecht. Beschut werken (voordelig € 76.368) Het gaat hier om de begeleidingsvergoeding die per beschut werken wordt betaald. Tov 2021 zijn meer inwoners gestart op een beschutte werkplek. Derhalve zijn de kosten gestegen tov 2021 maar iets lager dan eerder begroot. Loonwaardemetingen (voordelig € 36.206) Het aantal loonwaardemetingen zijn toegenomen. Onder deze kostenpost vallen echter alleen de metingen via WVS. WVS kon niet alle metingen uitvoeren waardoor er meer metingen uitgevoerd zijn door het UWV. Hierdoor valt deze post lager uit dan begroot.
Intensivering nazorg (voordelig € 51.657) Vanwege andere prioriteiten (uitvoering extra regelingen etc.) is hier in 2022 niet op ingezet. In 2023 wordt dit verder opgepakt. Klantmanagers (Garantiebanen) (voordelig € 61.360) Er is vanwege wisseling van personeel uiteindelijk minder personeel inzet geweest op Garantiebanen. Stelpost WVS (voordelig € 310.910) In de derde begrotingswijziging is de raming voor leerwerktrajecten met € 310.910 verlaagd. Dit betekent dat bij WVS een nadeel van dit bedrag zal ontstaan vanwege lagere inkomsten vanuit het Werkplein. Het resultaat van € 310.910 dat nu overblijft blijft voor gemeenten beschikbaar ter dekking van de lagere baten WVS. Notitie bestandsbeheersing (nadelig € 8.533) Onder deze post zijn extra klantmanagers ingehuurd om het reguliere werk zoveel mogelijk te laten doorlopen. Vanwege de tijdelijke regelingen hebben medewerkers tijdelijk ander werk gedaan waardoor het reguliere werk bleef liggen. In afstemming met gemeenten is hiervoor gekozen. Er was geen ruimte om daarnaast nog in te zetten op de extra maatregelen in de notitie bestandsbeheersing. Programma Inkomen Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere begroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen. Deze laatste kosten worden 1- op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q.
wiens inwoners het betreffen. De besteding van het budget over 2022 waarover het Werkplein kon beschikken is weergegeven in onderstaande tabel.
15
Tabel: Programma Inkomen 2022
Verschillenanalyse in hoofdlijnen Het programma inkomen valt in zijn geheel iets lager uit dan de gewijzigde begroting 2022. Gerekend werd met een daling van 1,3%, dat is uiteindelijk 1,1% geworden. Doordat de daling tot september circa 1,8% was en pas vanaf oktober vanwege de instroom van statushouders het bestand weer iets opliep zijn de kosten lager uitgevallen dan begroot. Participatiewet Buig (€ - 319.804) In de gewijzigde begroting is gerekend met een afname van het bestand met 1,3%. Uiteindelijk is het uitkeringsbestand over 2022 met 1,1% gedaald. Dat is een iets minder positieve ontwikkeling dan voorzien. De verklaring hiervoor is te vinden in de instroom vanaf juli van 90 statushouders. Omdat eerder de daling boven de 1,3% zat vallen de kosten nog iets positiever uit dan in de eerdere gewijzigde begroting van 2022. BBZ (€ -131.045) In de gewijzigde begroting zijn we ervan uitgegaan dat deze kosten hoger zouden uitvallen dan het vorige jaar. Bij de BBZ is de verklaring voor de hogere uitgaven te vinden in het stopzetten van de Tozo-regeling. Per 1 oktober 2021 is de Tozo-regeling gestopt en zijn de voorwaarden van de BBZ versoepeld. Deze kosten zijn met name te vinden in de eerste drie maanden van 2022. Daarna is de versoepelde regeling gestopt. IOAW / IOAZ (€ -81.735) IOAW en IOAZ laten een dalende lijn zien in 2022.
Gezien de specifieke aard van de regeling weten we dat deze kosten jaarlijks zullen afnemen. Eén van de voorwaarden bij de IOAW is bijvoorbeeld dat iemand geboren moet zijn voor 1965 en tussen zijn 50e en 60e werkloos is geraakt. Die groep wordt steeds kleiner. Het is altijd lastig in te schatten hoe deze kosten zich ontwikkelen. 16
Onderzoeks- en advieskosten BBZ (€ -100.217) We zien de kosten voor de BBZ stijgen. Daardoor zou je verwachten dat de onderzoeks- en advieskosten ook stijgen. Voor een aanvraag BBZ wordt vaak een levensvatbaarheidsonderzoek uitgevoegd. De kosten BBZ stijgen echter door gebruik van de versoepelde BBZ in de eerste drie maanden van 2022. Deze regeling was een verkapte verlenging van de Tozo. Voor de versoepelde BBZ hebben we specifieke afspraken gemaakt over het toepassen van een levensvatbaarheidsonderzoek. Dit onderzoek was niet in alle gevallen nodig. Waar het wel nodig was, zijn prijsafspraken gemaakt. Daardoor zien we dat de onderzoek- en advieskosten niet meestijgen met de uitgaven Bbz. Loonkostensubsidie (€ -104.386) Het aandeel loonkostensubsidie valt hoog uit. Enerzijds vanwege de taakstellingen met betrekking tot beschut werk anderzijds vanwege het groeiende aantal garantiebanen. Dit is het gevolg van de uitvoering van de doelstelling en gemaakte afspraken met de gemeenten. Dit bedrag wordt ieder jaar hoger omdat er jaarlijks meer mensen geplaatst worden. Baten debiteuren BBZ (€ - 98.898) De Bbz wordt meestal in de vorm van een lening verstrekt waarna achteraf wordt vastgesteld of het inkomen onder de jaarnorm is geweest. In de eerste drie maanden van 2022 heeft het Werkplein uitvoering gegeven aan de versoepelde Bbz. Dit lag in het verlengde van de Tozo-regeling.
Deze Bbz-uitkeringen zijn direct om niet gezet. Daarom zien we in 2022 een negatieve baten debiteuren. Vangnetregeling Het Buig-budget wordt landelijk vastgesteld. Hieronder zijn de werkelijke uitgaven op het Buig-budget ten opzichte van het rijksbudget 2022 weergegeven. Zoals te zien, is door de Rijksoverheid een Buig-budget beschikbaar gesteld van ca. € 59,8 miljoen. De werkelijke uitgaven bedragen ca. € 58,7 miljoen. De werkelijke uitgaven liggen € 1.091.540 lager. De uitgaven van de meeste gemeenten komen echter boven het Buig-budget uit. Alleen Roosendaal heeft een overschot op de uitgaven BUIG. Voor alle gemeenten in totaal blijft dit 1,9% onder het rijksbudget. Om voor de vangnetregeling in aanmerking te komen moet het tekort over 2022 meer bedragen dan 7,5%. Daarnaast moet het tekort over de afgelopen drie jaar 7,5% bedragen. Hieraan voldoet geen van de deelnemende gemeenten.
Tabel: Uitgaven Buig per gemeente versus Rijksbudget 2022
Vanaf 2022 geldt voor de loonkostensubsidie een andere vorm van bekostiging. De uitgaven worden op basis van realisaties (macro) vergoed. Binnen de beschikbare rijksbudget zit nog ruimte om dit instrument meer in te zetten.
17
Tabel: Uitgaven loonkostensubsidie per gemeente versus Rijksbudget 2022
Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) De Tozo-regeling is gestopt per oktober 2021. De komende jaren zal dit nog terug komen in de jaarrekening. De regeling bestond uit twee delen, te weten de uitkering voor levensonderhoud die om niet verstrekt is. Hoewel de regeling per oktober 2021 is geëindigd, zijn er in 2022 nog betalingen verricht voor de uitkeringen levensonderhoud. Dit kan bijvoorbeeld zijn omdat er een bezwaarprocedure liep waardoor er een nabetaling heeft plaatsgevonden. Daarnaast zijn er ook mensen geweest die de uitkering ten onrechte hebben ontvangen en deze nog moeten terugbetalen. Het tweede deel van de Tozo-regeling bestond uit een bedrijfskapitaal van maximaal € 10.157,00. Sinds juli 2022 moeten ongeveer 200 ondernemers aflossen op dat bedrijfskapitaal. Een groot deel van die ondernemers doet dit inmiddels ook. Met andere ondernemers proberen we nog in gesprek te komen voor een betalingsregeling. De kosten van de Tozo-regeling zijn aan de voorkant volledig afgedekt door het Rijk. Eventuele terugvorderingen vloeien op het moment van ontvangst ook weer terug naar het Rijk. Er is dus geen risico voor de deelnemende gemeenten.
18
Leefgeld Oekraïners Met vier van de deelnemende gemeenten heeft het Werkplein afgesproken om de betalingen te verrichten voor de leefgeldregeling voor Oekraïners. Het Werkplein doet alleen de betalingen, de deelnemende gemeenten nemen zelf de besluiten op de aanvraag. Op basis van die besluiten wordt het geld overgemaakt. Hieronder staat de hoogte van de betalingen per gemeente. Door de gemeenten worden de bedragen voor het leefgeld en uitvoering aan het Werkplein vergoed. De uitvoeringskosten zijn in de kosten bedrijfsvoering, paragraaf 3.3, verantwoord.
Programma inkomensondersteuning Onze inzet binnen het programma inkomensondersteuning wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (personele inzet) en gemeentelijke budgetten (programma). Deze laatste kosten worden 1-op-1 verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten worden gemaakt. Het door de gemeenten aan het Werkplein ter beschikking gestelde budget voor 2022, alsmede de ten laste van dat budget gebrachte uitgaven 2022 zijn weergegeven in onderstaande tabel.
Tabel: Programma Inkomensondersteuning 2022
19
Verschillenanalyse in hoofdlijnen Het verschil tussen de gewijzigde begroting 2022 en de jaarrekening 2022 bedraagt € 270.358. Bijzondere bijstand (€ 270.313) Meerdere kostensoorten bijzondere bijstand zijn in 2022 gestegen ten opzichte van 2021. De twee kostensoorten die er qua stijging uitspringen zijn: kosten voor bewindvoering en individuele inkomenstoeslag. De kosten voor bewindvoering 2022 bedroegen € 2.340.247 (=stijging t.o.v. 2021: € 145.384). De uitgaven individuele inkomenstoeslag bedroegen € 1.102.390,15 (=stijging van € 43.958). Collectieve zorgverzekering (- € 7.114) De jaaruitgaven voor de gemeentelijke premiebijdrage wijken nauwelijks af van de begroting. Overig gemeentelijke minimabeleid (€ 112.905) Op basis van de werkelijke uitgaven 1e halfjaar 2021 en 1e halfjaar 2022 is na de 2e Berap 2022 de begroting neerwaarts bijgesteld. Door de coronabeperkende maatregelen in 2021 en begin 2022 konden mensen immers minder maatschappelijk participeren. Pretparken, dierentuinen, bioscopen e.d. waren beperkter open en/of er waren restricties wat betreft het aantal te ontvangen bezoekers. Medio 2022 werd nog rekening gehouden met een nieuwe opleving van corona in het najaar 2022. Gelukkig bleef zo'n nieuwe coronagolf uit. Daardoor is er in 2022 € 71.200 meer besteed in de webwinkel dan in het jaar 2021.
In overleg met de gemeenten is in de 2e helft 2022 ook nog besloten om een nieuw webwinkelsysteem aan te schaffen. Reden: de leverancier van de (oude) webwinkel stopte per 1 januari 2023 met het onderhoud. De aanschaf- en implementatiekosten hiervan bedroegen € 76.000 excl. btw. Energietoeslag Eind 2021 heeft het kabinet besloten om een energietoeslag te verstrekken aan inwoners met een laag inkomen. Op dat moment was er al sprake van stijgende energietarieven. Deze stijging is in een stroomversnelling gekomen door de oorlog in Oekraïne. Halverwege april 2022 is het Werkplein begonnen met de uitvoering. Hierbij is uitgegaan van een potentiële doelgroep van ongeveer 11.000 inwoners verdeeld over de diverse gemeenten. Impact en bereik per gemeente In het jaar 2022 heeft het Werkplein in totaal 5.089 aanvragen bijzondere bijstand afgehandeld. Dit is ongeveer gelijk aan het aantal aanvragen bijzondere bijstand in 2021 (5.241). Daar bovenop zijn er in 2022 nog 6.523 aanvragen energietoeslag behandeld. Dit is dus meer dan een verdubbeling van het totale aantal aanvragen bijzondere bijstand boven op de reguliere werkzaamheden. In de onderstaande tabel staat het aantal verstrekte energietoeslagen per gemeente. Het potentiële aantal huishoudens is gebaseerd op informatie van het CBS. Het aantal verstrekte energietoeslagen is de stand per 31 december 2022.
Ook in 2023 kan de energietoeslag voor het jaar 2022 nog worden aangevraagd tot 1 april 2023. Het totaal aantal verstrekt is de optelsom van ambtshalve toekenningen, verkorte aanvragen en lange aanvragen.
Gemeente
Potentiële doelgroep
Verstrekt
Bereik in procenten
Etten-Leur
1900
1.861
98%
Halderberge
1300
1.234
95%
Moerdijk
1600
1.360
85%
Roosendaal
4300
4.054
94%
Rucphen
1100
1.050
95%
Zundert
700
772
110%
Werkplein
10900
10.331
95%
Aantal verstrekte energietoeslagen per 31 december 2022 20
Een aantal gemeenten heeft eind 2022 de keuze gemaakt om ook een energietoeslag te verstrekken aan inwoners met een inkomen tussen de 120% en de 130%. Die aantallen staan hieronder. Het lagere bereik komt doordat pas eind 2022 de aanvraag kon worden ingediend. De verwachting is dat dit percentage in het eerste kwartaal van 2023 nog zal oplopen. Gemeente
Potentiële doelgroep
Verstrekt
Bereikt in procenten
Etten-Leur
400
106
27%
Moerdijk
400
77
19%
Roosendaal 900 161 Aantal verstrekte energietoeslagen 120% - 130% per 31 december 2022
18%
Wat mag het kosten? Hieronder staan de kosten per gemeente uitgesplitst. De uitvoeringskosten vallen iets hoger uit dan geraamd. Voor het afhandelen van de aanvragen heeft het Werkplein extern personeel moeten werven. Gezien de huidige schaarste op de arbeidsmarkt, gebeurt dit tegen relatief hoge tarieven. Dit is een trend die de afgelopen jaren is ingezet, sinds de gemeenten worden belast met de uitvoering van tijdelijke regelingen.
De uitvoeringskosten zijn in de kosten bedrijfsvoering, paragraaf 3.3, verantwoord. Project ondersteuning slachtoffers kinderopvangtoeslag Roosendaal
In dit project werken meerdere organisaties in het sociaal domein (o.a. gemeente Roosendaal – MEE – Traverse – Alwel) samen. Doel: proberen om het beschaamde vertrouwen van de KOT-gedupeerden in de overheid te herstellen en hen te adviseren/ondersteunen welke (financiële) hulp er beschikbaar is.
21
Programma inburgering Onze inzet binnen het Programma Inburgering wordt gefinancierd vanuit een bijdrage vanuit de zes deelnemende gemeenten. Deze bijdrage behelst het doorsluizen van de vergoedingen die van het Rijk voor de uitvoering van de Wet inburgering worden verstrekt. Het benodigde budget waarover het Werkplein moet beschikken, is weergegeven in onderstaande tabel.
Tabel: Programma Inburgering 2022
Verschillenanalyse in hoofdlijnen De inburgeringsvoorzieningen worden bekostigd uit de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. Deze middelen worden voor een inburgeraar over drie jaar beschikbaar gesteld. De uitgaven verlopen dus ook over drie jaar. Dat betekent dat de niet bestede middelen gereserveerd dienen te worden. Dit jaar wordt er een bedrag van € 825.947 gereserveerd voor inburgeringsvoorzieningen. Die middelen zullen besteed worden aan voornamelijk leerroutes. Leerroutes (€ 1.047.286 voordelig) Nog niet voor alle inburgeraars is er een leerroute ingezet en zijn er nog geen kosten gemaakt in taalaanbod en participatie-activiteiten. Deze kosten zullen op een later moment worden gemaakt. Arbeid- en begeleiding statushouders (€ 181.855 nadelig) Dit betreft de maatschappelijke begeleiding door Vluchtelingenwerk en het participatie verklaringstraject. In 2022 zijn door Vluchtelingenwerk 215 inburgeraars begeleid. De instroom volgens de Wet inburgering in 2022 betrof 158 asielmigranten en 37 gezins- en overige migranten. Dit betekent dat circa 57 statushouders/inburgeraars zijn begeleid die nog onder de oude Wet vielen. De kosten daarvan bedroegen € 110.808. Deze kosten zijn verantwoord binnen de inburgeringsvoorzieningen. Daarnaast zijn er kosten 22
gemaakt door Vluchtelingenwerk voor juridisch spreekuur, taakstelling huisvesting en taalcoaching. De kosten ad € 82.600 vallen niet onder inburgering en zijn apart bij gemeenten in rekening gebracht. Arbeid- en begeleiding gezinsmigranten (€ 28.588 voordelig) Voor deze groep inwoners is nog weinig aanbod in het participatieverklaringstraject (PVT) en in de Module Arbeidsmarkt en participatie (MAP) gedaan. Deze kosten zullen op een later moment worden gemaakt. Loonkosten (€ 330.654 voordelig) In de begroting is rekening gehouden met een capaciteit van 6,3 fte regiehouders. In de praktijk is er 3 fte ingezet waarvan we enkele maanden vacatureruimte hebben gehad. Welkomstprogramma (€ 111.600 voordelig) De inzet van het welkomstprogramma behoeft nog verdere aandacht. Deze kosten zullen op een later moment worden gemaakt. Financieel ontzorgen (€ 78.194 voordelig) Er wordt niet meer ingezet op het financieel ontzorgen van inburgeraars via de Kredietbank Nederland. Het heeft weinig toegevoegde waarde en inburgeraars komen er juist door in de problemen. We leveren maatwerk op dit gebied en in het financieel zelfredzaam maken van inburgeraars. Overige uitvoeringskosten (€ 183.546 voordeliger) Bij de invoering is een inschatting gemaakt van de kosten zoals huisvesting, ict kosten, facilitaire kosten, communicatie e.d.
Omdat het personeel uit de eigen organisatie zijn ingezet zijn geen separate kosten meer aan inburgering toegerekend. Inmiddels is ook afgesproken om de uitvoeringskosten (dus personeel en overige kosten) te integreren in de bedrijfsvoering van het Werkplein. Ondertussengroep Er is een groep statushouders vlak voor of tijdens de coronapandemie ingestroomd en is achteruit gegaan in hun taalbeheersing en participatie. Zij kunnen stappen maken als zij hierin intensief ondersteund worden. Er wordt een intensieve aanpak ingezet voor circa 80 tot 120 statushouders die vallen onder de oude Wet inburgering, oftewel de ondertussengroep. Het doel was het verhogen van participatie en deelname aan de maatschappij. De aanpak heeft zijn resultaat opgeleverd. 13 inwoners zijn uitgestroomd naar parttime werk en 2 zijn volledig uitgestroomd. 2 inwoners zijn gestart met een opleiding en 6 met een stage. Andere participatie-activiteiten die ingezet zijn, zijn: 8 inwoners aan de slag gegaan met het sportprogramma, 8 via Werkplein Actief, 13 met vrijwilligerswerk, 4 met een traject bij Kringloper, 6 met fietslessen, 15 met extra taalondersteuning, 1 in een leerwerktraject bij WVS en 1 met het Logistiek paspoort. Daarnaast is er meer contact met interculturele zorg en meer zicht op de voortgang inburgering. Er is veel praktische ondersteuning geboden bij praktische zaken.
Het netwerk is uitgebreid waardoor er een beter vangnet gevormd wordt voor de statushouder.
23
2.3 Algemene dekkingsmiddelen Vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven inzicht te geven in de algemene dekkingsmiddelen. Onder algemene dekkingsmiddelen wordt verstaan die middelen die niet aan een programma toegeschreven kunnen worden en algemeen inzetbaar zijn. De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten in de uitvoeringskosten. Deze kosten worden omgeslagen naar de deelnemende gemeenten, via een in de begroting vastgesteld percentage.
Tabel: Algemene dekkingsmiddelen
In vergelijking met de gewijzigde begroting 2022 vallen de algemene dekkingsmiddelen in de voorliggende jaarrekening 2022 € 2.123.461 hoger uit. De oorzaken hiervan zijn: a. Voor de controle en invordering van de Tozo-regeling was € 428.700 beschikbaar voor de periode 2022-2024. In 2022 is daarvan € 257.561 uitgegeven en onttrokken aan de reserve. b. Bijdrage plustaken ad € 269.989. Dit betreft € 110.356 voor de uitvoering van SROI (social return of investment), € 41.708 casuïstiek bespreking voor alle deelnemers, ondertussengroep inburgering (€ 69.925) en € 49.000 bijdrage Roosendaal voor het project kinderopslag. c. Voor tijdelijke detachering van twee personeelsleden is vergoeding van € 9.840 ontvangen. d. Voor de uitvoering van de energietoeslag en leefgeld Oekraïners is een bedrag van € 669.989 bij gemeenten in rekening gebracht. e. Overige baten bestaan uit (€ 235.400): € 39.077 --> Bijdrage RWB fee 2021 € 15.555 --> Bijdrage Moedige Dialoog € 180.768 --> Bijdrage loonkostensubsidie voor medewerkers met garantiebaan die in dienst van het Werkplein zijn, levensloopvergoedingen van medewerkers, vergoedingen UWV (zwangerschapsverlof, ziekte). In 2022 is een lopend arbeidsconflict beëindigd. De daarvoor gevormde voorziening arbeidsverplichtingen van € 549.203 is niet benut en nu vrijgevallen ten gunste van het resultaat.
Voor inburgering zijn een aantal regiehouders in dienst genomen. De loonkosten en overige kosten ad €290.263 worden doorberekend aan het programma Inburgering. f. Vergoeding doorberekende loonkosten (€ 884.012) --> Dit betreft de doorberekende loonkosten van het werkgeversservicepunt, garantiebanen en Werkplein Actief aan het participatiebudget. Dit werd altijd al uit het participatiebudget bekostigd. Echter vanaf 2022 zijn de medewerkers in reguliere dienst van het Werkplein gekomen en worden hun loonkosten onder de bedrijfsvoering verantwoord. g. Doorberekende kosten (€ 125.930) --> Dit betreft de overheadkosten (huisvesting, ICT kosten) van ingehuurde medewerkers voor re-integratieactiviteiten. h. Vrijvallen jaarresultaat (€ 303.762) --> Voor de implementatie van de organisatieontwikkeling was vanuit het resultaat 2020 nog € 443.613 beschikbaar gesteld voor de periode 2022. Vanwege de extra werkzaamheden voor de energietoeslag, leefgeld en controle Tozo konden niet alle activiteiten in gang worden gezet. In 2022 is € 356.025 uitgegeven aan begeleiding en inhuur van capaciteit voor HRM en communicatie, aan nieuwe huisstijl en de serious games. In 2022 is daarom € 356.025 onttrokken aan de reserve. Dat betekent dat er € 87.523 minder aan de reserve is onttrokken. Voor DIV is € 70.981 24
minder onttrokken. Voor uitvoering Plan van aanpak DIV is €13.645 in 2022 uitgegeven. Bij elkaar wordt uit de gereserveerde middelen een bedrag van € 369.670 onttrokken. 2.4 Paragrafen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) staat aangegeven welke paragrafen moeten worden opgenomen in de begroting. De onderdelen lokale heffingen, onderhoud kapitaalgoederen, verbonden partijen en grondbeleid zijn niet van toepassing voor deze gemeenschappelijke regeling. De volgende verplichte paragrafen worden achtereenvolgens behandeld: a. Financiering b. Bedrijfsvoering c. d. e.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Informatie t.b.v. paragraaf verbonden partijen gemeenten R echtmatigheid
2.4.1 Paragraaf Financiering In de wet financiering decentrale overheden, Wet fido, zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde, prudente en professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie. Deze regeling geeft een uiteenzetting van de kaders, waarbinnen het treasurybeleid is vormgegeven. Belangrijk daarbij is dat het financieel beheer zo beheersbaar en transparant mogelijk wordt uitgevoerd. Renterisico In 2022 zijn wij geen langlopende geldlening aangegaan omdat er slechts beperkte investeringen in ICT zijn gedaan. In de begroting van 2022 hebben wij wel rekening gehouden met rentekosten maar niet met het aantrekken van een lening. Tot op heden zijn de gedane investeringen (zie bijlage staat van investeringen) binnen onze rekening-courant faciliteit gefinancierd. Voor het renterisico worden twee normen onderscheiden; de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Er dient binnen deze normen geopereerd te worden. Renterisiconorm Met de renterisiconorm wordt beoogd de renterisico’s te beheersen op de vaste schuld (schuld met een rente typische looptijd van één jaar of langer) door het aanbrengen van spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille. De renterisiconorm was in 2022 niet van toepassing omdat het Werkplein geen geldleningen heeft afgesloten.
Kasgeldlimiet Een belangrijk uitgangspunt van de Wet fido is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten van openbare lichamen. In 2022 is geen kortlopend geld aangetrokken. Wel heeft het Werkplein een rekeningcourant faciliteit met de Bank voor Nederlandse Gemeenten afgesloten waardoor we tijdelijk een roodstand kunnen hebben. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage (8,2%) van het totaal van de jaarbegroting. Voor de begroting 2022 bedroeg de kasgeldlimiet € 7,8 mln. Bankkosten In 2021 hebben we beperkte rentekosten gehad. Deze zijn inbegrepen in de kosten voor het betalingsverkeer (€ 9.233). Dit betreft kosten van de BNG en de Rabobank. Schatkistbankieren Per 1 juli 2021 is het percentage van het drempelbedrag schatkistbankieren gewijzigd naar 2% van het begrotingstotaal. Het drempelbedrag is altijd minimaal € 250.000. De initiële begrotingsomvang 2022 voor het Werkplein bedroeg ruim € 94 mln. 2% hiervan is € 1.882.278. Dit was het drempelbedrag voor 2022. De omvang van de uitzettingen bij ’s Rijksschatkist: 25
Kredietfaciliteit Op 16 november 2015 heeft het Werkplein een kredietfaciliteit met de bank voor Nederlandse gemeenten afgesloten. Dit betekent dat het Werkplein in voorkomende gevallen tot maximaal een bedrag van € 2.000.000 rood mag staan. Deze kredietfaciliteit is door de gemeenten gegarandeerd. 2.4.2 Paragraaf Bedrijfsvoering Qua bedrijfsvoering heeft het jaar 2022 voornamelijk in het teken gestaan van het afronden van de organisatievisie 2024 en het plaatsingsproces voor de medewerkers. Daarnaast is de implementatie van Office 365 (samenwerken met Teams, Sharepoint) in het vierde kwartaal van start gegaan. De afwikkeling van de controle van de Tozo-regelingen en de uitvoering van de energietoeslag en leefgeld voor Oekraïners heeft wederom een behoorlijke inzet en inspanningen van de medewerkers gevraagd. Daarbij is de positieve inzet en het uithoudingsvermogen van medewerkers wederom van groot belang geweest. En dat in een periode waar naast Corona ook menig virus weer zijn slag kon slaan. Personeel Inzet Het jaar 2022 was ook weer een zeer intensief jaar voor het Werkplein personeel. Hoewel er tot oktober een dalende trend van het aantal uitkeringen was vergde het afhandelen van de energietoeslag enorm veel tijd van de medewerkers. En dat in een tijd dat de krappe arbeidsmarkt ook voor het Werkplein voelbaar werd.
Dat betekende dat nog steeds veel interne medewerkers zijn ingezet voor de energietoeslag. Hierdoor bleef de werkvoorraad voor onze medewerkers onverminderd hoog. Naast deze ontwikkelingen in de omvang van het bestand zien we ook de continue instroom van een andere klantgroep bij het Werkplein. Denk hierbij aan dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden (nuggers) en inwoners die aangewezen zijn op beschut werk en garantiebanen. Werk blijft er in de vorm van het verstrekken van structurele loonkostensubsidie en nazorg. Door dit alles is de druk op alle teams onverminderd groot gebleven. Daarnaast hebben interne werkgroepen ook de nodige personele inzet gevraagd. Denk hierbij aan de organisatieontwikkelingen, maar ook de ketensamenwerking en de implementatie van de Wet inburgering. Voorziening In 2020 is er voor toekomstige arbeid gerelateerde verplichtingen een voorziening getroffen van € 549.203. In oktober 2022 heeft de Centrale Raad geoordeeld dat de uitspraak van de rechtbank in stand blijft. Dat betekent dat wij nogmaals in het gelijk zijn gesteld in een lopende arbeidskwestie. Deze uitspraak betekent dat er geen gebruik van de gevormde voorziening gemaakt zal worden. De voorziening valt derhalve in deze 26
jaarrekening vrij ten gunste van het resultaat bedrijfsvoering. Formatie In 2022 bedroeg de formatie 135,45 fte. Dit is verhoogd tot 140,34 vanwege de integratie van Werkplein Actief binnen de reguliere formatie. Werkelijk was in 2022 146,48 ingevuld, waarvan 133,27 fte vast ingevuld en 13,21 fte flexibel. Inhuur Doordat het Werkplein werkt met een flexibele schil en er sprake is van meerdere projecten wordt er regelmatig personeel ingehuurd. Dit gebeurde in 2022 overwegend via inhuur van gedetacheerden of een payroll constructie conform de uitgangspunten van Flex West-Brabant. Op reguliere vacatures is ruim 13,21 fte ingehuurd, met name bij team Inkomen, Inkomensondersteuning en team Werk en Participatie. Voor projecten (Aanpak Statushouders, inzet doelgroep B en C, garantiebanen, Intensivering fraudepreventie, toegang sociaal domein gemeenten, Inburgering, Pilot cliëntondersteuning Roosendaal en plustaak GKB en KOT) is ruim 39 fte ingehuurd. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage in 2022 bedroeg 6,2% (in 2021 4,2%). Een groot deel van dit percentage (4,6%) wordt veroorzaakt door langdurige ziektegevallen. Dit is een stijging ten van vorig jaar. Deels is dit te wijten aan het actief zijn van vele virussen in het najaar. Anderzijds is er ook sprake van werk gerelateerd verzuim. Ter vervanging van langdurig zieken is 3 fte aan vervanging ingehuurd.
Voornamelijk bij team Inkomen om de afhandeling van aanvragen binnen de toegestane termijnen te waarborgen. Organisatieontwikkeling In 2018 zijn we gestart met de doorontwikkeling van de organisatie. In 2022 zijn hier wederom forse stappen in gemaakt. De hoofdstructuur is door het bestuur vastgesteld waarna de functies opnieuw beschreven en vastgesteld zijn. Daarna is het plaatsingsproces van start gegaan dat eind 2022 was afgerond. De nieuwe organisatie is in september 2022 van start gegaan. In 2022 is er door middel van serious games door de gehele organisatie geoefend met acteurs om meer vorm en inhoud aan de mensgerichte benadering te geven. In de praktijk proberen we dat steeds meer vorm te geven. Ook is gewerkt aan het bedenken en voorbereiden van een Leerplein. Hiermee wordt de ontwikkeling van medewerkers en het continu leren gestimuleerd. Dat zal zijn vervolg krijgen in 2023. Ondernemingsraad (OR) Het jaar 2022 stond in het teken van de organisatieontwikkeling. Dit is voor iedereen een intensief jaar geweest, ook voor de OR. We hebben voor de organisatieontwikkeling 2 adviesaanvragen behandeld: De hoofdstructuur en de invulling van de rest van de organisatie. In navolging van de organisatieontwikkeling, heeft de OR de adviesaanvraag overgang ondersteunende diensten van Roosendaal naar het Werkplein afgerond.
Hiermee is de DVO met Roosendaal voor deze diensten ten einde gekomen. Informatievoorziening/veiligheid ICT Nadat in 2021 de overgang naar de datacenters is gerealiseerd is in 2022 de borging van de ICTdienstverlening aan bod gekomen. Het vertrek va Bergen op Zoom uit de gemeenschappelijke regeling is ICT West-Brabant West een heroverweging gestart bij al haar deelnemers over het bestaansrecht van de gemeenschappelijke regeling en dus ook de dienstverlening. Het resultaat was unaniem dat er de samenwerking voortgezet moet worden, met als kanttekening dat de dienstverlening gaat veranderen. De focus moet niet meer alleen op technische ondersteuning liggen, ook op informatievoorziening en beveiliging moet nauwer worden samenwerkt. Daarnaast moet de governance beter worden uitgewerkt en moet de basis beter op orde komen. Daarvoor is onder begeleiding van een externe partij een onderzoek gestart hoe dat te realiseren. Dat onderzoek loopt door tot in 2023. 27
Organisatieontwikkeling In het kader van de organisatieontwikkeling zijn diverse initiatieven gestart, o.a. de inzet van robot proces automation. De inzet is om collega’s beter te ondersteunen door applicaties te koppelen. Daarnaast is uit diverse werkgroepen geïnventariseerd wat de behoefte is van de organisatie hoe de IT zich de komende jaren moet ontwikkelen. Dat resulteert in een actualisatie van het informatiebeleidsplan. De publieke website, de webshop meedoen en het intranet PLEIN zijn aangepast aan de nieuwe look and feel van het Werkplein. Office365 doet steeds meer intrede binnen de organisatie. Samenwerken is daarbij het credo. De meest opvallende wijziging is de wijze van dataopslag. Dat is verhuisd van de O-schijf naar SharePoint en Teams en van de H-schijf naar OneDrive. Dat is een andere manier werken, waar de collega’s aan moeten wennen. Daarom is een adoptieprogramma doorlopen om de collega’s de nieuwe werkwijze eigen te maken. Systeem voor bemiddeling naar werk Tulip, een belangrijk systeem wat gebruikt werd door de bemiddelaars, is vervangen door Salesforce. In de toekomst wordt Salesforce breder ingezet als een customer relationship managementsysteem om de collega’s een integraal beeld te geven van de inwoners.
Extra regelingen De oorlog in Oekraïne heeft geleid tot extra regelingen die in 2022 opgestart en uitgevoerd moesten worden, zoals uitkeringen voor vluchtelingen en de energietoeslag. Die extra regelingen zijn ook doorgevoerd in de applicaties. Personeel Op het personele vlak is zijn meerdere mutaties geweest. Het beheer van zaaksysteem wordt niet meer als dienst afgenomen van Roosendaal, maar is nu intern belegd. Gebruikersondersteuning is als dienst belegd bij ICT WBW. Hetzelfde geldt voor de functie functioneel beheerder Office365. In aanloop naar een komende pensionering is een trainee aangetrokken die die beheerwerkzaamheden kan overnemen wanneer het pensioen zich aandient van de betreffende medewerker. Informatiebeveiliging In 2022 zijn er gelukkig geen incidenten voorgevallen waardoor informatie op grote schaal gelekt is of waardoor de dienstverlening in gevaar is gekomen. Gelukkig omdat de dreiging van buitenaf altijd op de loer ligt. Het risico op incidenten heeft het Werkplein verminderd door de identiteit aan de poort te controleren en door de software actueel te houden. Dat heeft het Werkplein in gedaan samenwerking met ICT West-Brabant West en de informatie beveiligingsdienst (IBD). Bewustzijn medewerkers Door middel van nieuwsberichten op PLEIN zijn medewerkers meerdere keren geïnformeerd over informatiebeveiliging.
Om de kennis over veilig en zorgvuldig gebruik van informatie op peil te houden is meer nodig. Door bijvoorbeeld trainingen, e-learnings en instructies aan te bieden. Het toekomstige Leerplein kan daar in 2023 voor ingezet worden. Suwinet audit & DigiD audit Het gebruik van Suwinet Inkijk en DKD inlezen is door een externe auditor beoordeeld en akkoord bevonden. Met daarbij de aanbeveling om het beleid en plan binnen de organisatie uit te dragen. En de aanbeveling om het kennisniveau op peil te houden door trainingen aan te bieden aan medewerkers. De DigiD aansluitingen van webformulieren zijn beoordeeld en akkoord bevonden door een externe auditor. De aanbevelingen van de auditor zijn gericht op het documenteren van procedures en het vastleggen van wijzigingen in de webformulieren. 28
Samenwerking met ICT West-Brabant West Om toegang te krijgen tot zakelijke informatie is een extra vorm van authenticatie nodig en ingericht voor de collega’s in 2022. De informatie beveiligingsdienst signaleerde meerdere nationale of mondiale kwetsbaarheden die door ICT WBW of door het Werkplein opgelost zijn. De infrastructuur is in 2022 zo ingericht dat de winkel open kan blijven in geval van calamiteiten. Privacy 2022 is voor het Werkplein een bewogen jaar geweest met de nodige operationele uitdagingen en een transitietraject naar een inwonergerichte organisatie (het groene werken). Er moesten veel ballen in de lucht worden gehouden. Dit heeft tot gevolg gehad dat, de begin 2022 benoemde en voorgenomen, activiteiten op het gebied van (aandacht voor) privacy op een laag pitje hebben gestaan. Er is gedurende het gehele jaar wel adequaat gehandeld in het geval van een beveiligingsincident of datalek en bij het behandelen van verzoeken in het kader van rechten van betrokkenen. Ook zijn concrete vragen uit de organisatie op het gebied van privacy tijdig beantwoord. Volwassenheidsniveau Gemeten met de Privacy self assessment methode van het VNG IBD behaalt Werkplein over 2022 een privacy volwassenheidscore van 2,7 op een schaal van 1 tot 5. In 2021 was dit ook 2,7. Hierbij betekent niveau 3 dat er in de basis voldaan wordt aan de AVG.
Niveau 4 betekent dat er een structurele periodieke evaluatie van alle AVG vereisten is ingericht en wordt uitgevoerd. Financieel beheer Het is onze verplichting om op periodieke wijze verantwoording af te leggen over het gevoerde (financieel) beleid. Deze verantwoording heeft plaatsgevonden via maandelijkse managementinformatie en de bestuursrapportages alsmede in de diverse bestuurlijke en ambtelijke gremia. In 2022 hebben we de kaderbrief 2023 en begroting 2023 ter besluitvorming voorgelegd en zijn tevens de jaarstukken 2021 aan de gemeenten aangeboden. In 2021 zijn drie begrotingswijzigingen voor 2022 aan gemeenten aangeboden vanwege de gunstiger ontwikkeling van het bestand door de verbeterde economische omstandigheden, maar ook vanwege de extra kosten voor de uitvoering van de energietoeslag en het leefgeld voor Oekraïners. Huisvesting Het Werkplein heeft twee locaties, een in Etten-Leur en een in Roosendaal. Voor de locatie Etten-Leur is een huurcontract voor 10 jaar gesloten. De druk op de werkplekken is in 2022 nog laag. Dit komt enerzijds door de invoering van tijd- en plaats onafhankelijk werken maar voornamelijk ook vanwege het meer op locatie (lees bij gemeenten) gaan werken. Voor de locatie Dunantstraat te Roosendaal geldt nog steeds tijdelijke huur totdat de verbouwing van het stadskantoor in Roosendaal zal zijn gerealiseerd.
Het pand is begin februari 2023 gesloten. Bezwaar- en beroepschriften De ingediende bezwaar- en beroepschriften hebben betrekking op alle onderdelen binnen het Werkplein (Inkomen, Inkomensondersteuning en Werk & Participatie). Een bezwaarschrift kan ingediend worden als de inwoner het niet eens is met een besluit, met als volgende stap de gang naar de rechter (beroep, hoger beroep).
29
Tabel: Aantal bezwaar- en beroepschriften 2022
In 2022 zijn 271 bezwaar- en beroepsschriften ingediend en daarvan zijn 3 gegrond verklaard. In 2021 zijn 246 bezwaar- en beroepschriften ingediend, waarvan 6 gegrond. Klachten De ingediende klachten hebben betrekking op alle onderdelen binnen het Werkplein (Inkomen, Inkomensondersteuning en Werk & Participatie).
Tabel: Aantal klachten 2022
Van bovenstaande klachten zijn 16 gegrond en 14 deels gegrond. Tegenover deze 73 klachten in 2022 stonden 59 klachten in 2021, waarvan 9 klachten gegrond en 8 deels gegrond verklaard. Geen van de (gegronde) klachten heeft financiële consequenties. Een klacht is een kans om beter in contact te komen met onze inwoners. Met behulp van een webformulier is het indienen van klachten vanaf juli 2021 daarom makkelijker gemaakt. Dit verklaart ook de toename in het aantal klachten. Ingebrekestellingen De ingediende ingebrekestellingen hebben betrekking op Inkomen en Inkomensondersteuning.
Tabel: Aantal ingebrekestellingen 2022
Van deze ingebrekestellingen zijn er 2 gegrond verklaard. Het Werkplein heeft in 2022 geen dwangsom betaald. Het aantal ingebrekestellingen in 2021 was 7. 2.4.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Om weerstand te kunnen bieden tegen substantiële tegenvallers, zonder aantasting van het uit te voeren beleid, is normaliter een bepaald weerstandsvermogen onontbeerlijk. Dit vormt een buffer om onverwachte en onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen. Het weerstandsvermogen voor het Werkplein bestaat alleen uit de post onvoorziene uitgaven. Daarnaast zijn gemeenten achtervang bij eventuele tekorten van de gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant. Bepaling weerstandsvermogen Bij het bepalen van het weerstandsvermogen en de omvang daarvan wordt gekeken naar de algemene reserve en de post onvoorzien. Deze twee tezamen bepalen het weerstandsvermogen. Het Werkplein beschikt niet over een algemene reserve, wel over een post onvoorziene uitgaven. Deze bedroeg in 2022 € 50.000. De post onvoorzien is in 2022 niet aangewend. 30
Reserve en Voorzieningen Het Werkplein beschikt niet over reserves en voorzieningen. Wel is vanuit het onverdeeld resultaat 2021 een bedrag van € 1.248.260 bestemd voor uitvoering en controle Tozo, organisatieontwikkeling en archiveringstaken DIV in 2021 en 2022. Een deel van dit bedrag valt vrij (ten gunste van de exploitatie 2022) omdat de werkzaamheden slechts gedeeltelijk konden worden verricht. Voor het jaar 2023 blijft een bedrag beschikbaar van € 329.714. Risico’s Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen, moet de beschikbare weerstandscapaciteit worden afgezet tegen de risico’s. Bij het inventariseren van de risico’s is de volgende definitie van risico’s gehanteerd: ‘het betreft risico’s die een financieel gevolg kunnen hebben en die (nog) niet op een andere manier zijn ondervangen, bijvoorbeeld door het afsluiten van een verzekering, het treffen van een voorziening of het nemen van een beleidsmaatregel’. In 2022 zijn de volgende risico’s benoemd: Ziekteverzuim In paragraaf 3.6.2 wordt toegelicht dat het verzuimpercentage over 2022 van 6,2% is gestegen ten opzichte van 2021. Datalek Het Werkplein werkt met veel privacygevoelige gegevens. Daar willen wij zorgvuldig mee omgaan. In paragraaf bedrijfsvoering 2.4.2 onderdeel privacy is dit verder toegelicht.
Buig en bijzondere bijstand Bij de Werkplein gemeenten in totaliteit is sprake van een tekort op de Buigmiddelen die het Rijk heeft toegekend aan de gemeenten. Alleen bij Roosendaal is sprake van een overschot. Deze kosten van Buig en de structurele loonkostensubsidie zijn in 2022 lager uitgevallen dan in de laatste begrotingswijziging geraamd was. De gevolgen van de Coronapandemie en daarmee de economische groei en werkgelegenheid zijn veel gunstiger uitgevallen dan eerder werd aangenomen. Bij de bijzondere bijstand en minimabeleid is geen sprake van bijzonderheden. Uitvoeringskosten Er was in 2022 uiteindelijk sprake van een daling van het aantal uitkeringsgerechtigden. Van de extra formatie op basis van de rekenregel is geen gebruik gemaakt. Voor de kosten van bedrijfsvoering geldt dat er sprake is van een begrotingsonderschrijding in 2022. Dit is toegelicht in paragraaf 3.3.1. Participatiemiddelen Gemeenten hebben voor 2022 80% van het re-integratiegedeelte van de rijksmiddelen participatiebudget aan het Werkplein beschikbaar gesteld. Op deze middelen is een beperkt bedrag onbenut gebleven. Dit heeft voornamelijk te maken met de gevolgen van Covid19. Hierdoor konden minder leerwerktrajecten worden ingezet.
Debiteuren Tozo In het kader van de uitvoering van de Tozo regeling zijn bedrijfskredieten verstrekt en zijn te veel verstrekte vergoeding voor levensonderhoud als terugvordering opgeboekt. In de beoordeling van het risico vallen deze onder het normale risicoprofiel voor BBZ. Een risico is dat ondernemers vanwege de Coronapandemie en het vervallen van de steunmaatregelen van het Rijk niet in staat blijken te zijn de vordering terug te betalen. In principe worden alle kosten Tozo door het Rijk vergoed.
31
ESF-subsidie In 2022 is er geen gebruik gemaakt van een esf subsidieregeling. Kengetallen Met ingang van 2015 moet in het jaarverslag o.g.v. het BBV een aantal kengetallen worden gepubliceerd. Hiertoe is een Ministeriële Regeling d.d. 9 juli 2015 van kracht geworden. Voor het Werkplein zijn daarbij de volgende kengetallen relevant en berekend voor het jaarverslag 2022:
Netto schuldquote Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
2022 -1,35% -1,35% 7,67% 0,37%
2021 -2,38% -2,38% 6,94% 0,19%
Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Het Werkplein heeft geen eigen vermogen. De hoge schuldquote is het gevolg van enerzijds geen eigen middelen en anderzijds van het verantwoorden van de debiteuren in de balans. In feite is de schuld aan gemeenten voor de opgenomen debiteuren participatiewet een fictieve schuld. Zouden de vorderingen daadwerkelijk overgenomen worden dan zou daarvoor een lening moeten worden opgenomen. Dit is niet het geval waardoor er ook geen sprake is van rentekosten en aflossingen. De solvabiliteit geeft aan of een organisatie in staat is om op korte en lange termijn aan haar betalings- en aflossingsverplichtingen te voldoen. De voornaamste reden om de solvabiliteit te berekenen is om in te kunnen schatten of een organisatie in staat is om bij opheffing (liquidatie) al haar schulden te betalen. Het percentage is voor reguliere organisaties gemiddeld 25%. Het Werkplein is een gemeenschappelijke regeling die in principe geen eigen vermogen (reserves) heeft. De gemeenten dienen als achtervang om eventuele tekorten e.d. op te vangen. Daardoor is en kan het percentage voor het Werkplein laag zijn.
Het financiële kengetal structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de (structurele) vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft het ook aan of de organisatie in staat is om structurele tegenvallers op te vangen, dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Dit is bij het Werkplein vrij beperkt. In principe worden al onze uitgaven gedekt door structurele gemeentelijke bijdragen. 2.4.4 Informatie t.b.v. paragraaf verbonden partijen gemeenten Het Werkplein is één van de verbonden partijen van de zes deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen en Zundert. Het Werkplein participeert in één verbonden partij, de ICT Samenwerking West-Brabant. In het kader van deze deelname is een Overeenkomst tot beperking van de financiële aansprakelijkheid van ‘Werkplein Hart van West-Brabant’ door alle deelnemers ondertekend. Hiervoor geldt dat de aansprakelijkheid voor Werkplein nooit meer bedraagt dan een vastgesteld percentage van de betreffende (financiële) aanspraak, waarbij de aansprakelijkheid van Werkplein nooit meer kan omvatten dan de jaarbijdrage van Werkplein. Jaarlijks wordt bepaald welk percentage aan dienstverlening Werkplein in het afgelopen jaar heeft afgenomen van ICT WBW ten opzichte van het in dat jaar totaal aan geleverde diensten door ICT WBW.
Tevens wordt de totale omvang van de bijdrage van Werkplein vastgelegd. De omvang dienstverlening in 2022 bedroeg € 506.965. 2.4.5 Paragraaf Rechtmatigheid Rechtmatig handelen is voor het Werkplein van groot belang. Rechtmatig handelen wil zeggen dat de 32
handelingen voor het financiële reilen en zeilen van het Werkplein plaatsvinden in overeenstemming met de wettelijke- en eigen kaders (verordeningen en beleidsregels). Om dit te kunnen toetsen is binnen de organisatie van het Werkplein één team belast met de controle op de activiteiten en bestedingen (team Kwaliteit). Binnen dit team zijn de volgende activiteiten gericht op de rechtmatigheid: Interne Controle Bezwaar en Beroep Kwaliteit (de kwaliteitsmedewerkers en de security officer) Applicatiebeheer/informatiebeveiliging Fraude De verantwoordelijkheid voor het rechtmatig handelen ligt bij het Dagelijks Bestuur van het Werkplein. Met ingang van het verslagjaar 2023 moet het Dagelijks Bestuur van het Werkplein zelf een rechtmatigheidsverantwoording opstellen die wordt opgenomen in de jaarrekening. Deze nieuwe rechtmatigheidsverantwoording vergt een kanteling van de bestaande vooral repressief georiënteerde controleaanpak naar een veel meer preventief georiënteerde controleaanpak die gericht is op het voorkomen van een tekortschietende uitvoering. Dit zal uiteindelijk leiden tot een beter georganiseerde- en een meer groenere bedrijfsvoering. Ter ondersteuning van dit vernieuwde interne controleproces zijn we in 2021 binnen Checkpoint IC gestart met het inrichten van de tool “Beheersing Beheerst”.
Op het niveau van de bedrijfsprocessen zijn de doelstellingen, risico’s en in opzet aanwezige beheersmaatregelen in kaart gebracht. Vervolgens hebben er interviews hierover plaatsgevonden met de medewerkers van de verschillende afdelingen. Op basis van de uitkomsten wordt per bedrijfsproces vastgesteld of een deugdelijke uitvoering te verwachten is. In 2022 zijn de beheersmaatregelen gecontroleerd op het bedrijfsproces Inkomen. In 2023 worden de andere bedrijfsprocessen hier ook in meegenomen. Door onze bedrijfsprocessen op bovengenoemde werkwijze te analyseren en optimaliseren kunnen we er gevoeglijk vanuit gaan dat de rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid geborgd is, hetgeen zorgt voor een juiste basis voor de rechtmatigheidsverantwoording. De uitkomsten van deze risicoanalyse vormen de basis voor de te verrichtte interne controlewerkzaamheden. Doelstelling IC Belangrijk doel is vaststellen of de relevante informatie nauwkeurig, tijdig en volledig in de administratie en de dossiers zijn opgenomen en de (financiële) handelingen in overeenstemming zijn met het door het Algemeen Bestuur vastgestelde normenkader (rechtmatig). Het tweede doel is vast te stellen of de werkafspraken worden nageleefd en of verbeterd kunnen worden.
Het is immers van belang voor zowel het Werkplein als voor de dienstverlening aan de inwoner, voortdurend de processen te blijven verbeteren en ontwikkelen. Interne controle biedt hierin ondersteuning door middel van constatering, signalering en het formuleren van verbetervoorstellen m.b.t. procesoptimalisatie en bedrijfsvoering. Wanneer de procesbeheersing in de lijn goed op orde en inzichtelijk is, voorkomt dit veel onnodig controlewerk achteraf. Reparatie achteraf kost meer tijd dan een goede beheersing vooraf en kan negatieve gevolgen hebben voor de inwoner. Een goede beheersing vooraf is van essentieel belang voor een mensgerichte organisatie. Een goed opgezette interne beheersing is een belangrijke pijler waarop het Dagelijks Bestuur van het Werkplein Hart van West-Brabant in het kader van planning en control moet kunnen steunen. Niet alleen voor wat betreft het controleren en signaleren van tekortkomingen in de uitvoering maar zeker ook voor het verbeteren van de dienstverlening aan de inwoner. Het Werkplein hanteert de dienstverlening aan de inwoners als uitgangspunt; de controle wordt daarom niet beperkt tot de rechtmatigheid maar er wordt ook gekeken naar wat de inspanningen van het Werkplein voor de inwoners betekenen. 33
De rapportages Interne Controle worden voorgelegd aan het Managementteam van het Werkplein ter ondersteuning van het opstellen van de jaarstukken zoals bedoeld in artikel 15 van de ‘Financiële verordening ISD Werkplein Hart van West-Brabant’. De uitkomsten van de interne controle ondersteunen mede de rechtmatigheidsverantwoording, zoals die door het dagelijks bestuur met ingang van de jaarrekening 2023 en latere jaren wordt afgegeven.
34
3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De cijfers van realisatie over 2022 worden afgezet ten opzichte van de begroting 2022 na wijziging (2e begrotingswijziging 2022). Algemeen De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Vaste activa De waardering van vaste activa vindt plaats op basis van de verkrijgingsprijs. Alle vaste activa worden voor het bedrag van de investering geactiveerd. Bijdragen van derden die in directe relatie staan met het vaste actief worden in mindering gebracht op het bedrag van de investering Vaste activa met een verkrijgingsprijs onder € 15.000 worden niet geactiveerd. Deze activa komen ten laste van de exploitatie van het Werkplein. Het Werkplein schaft geen vaste activa met een maatschappelijk nut aan. Het Werkplein kent alleen de volgende soorten vaste activa:
Materiële vaste activa met een economisch nut