10. Gebundelde stukken Werkplein.pdf
Tekst van het document
Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/02
Aard controle R Indicator: G4B/03 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0
Aard controle R Indicator: G4B/04 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0
Aard controle R Indicator: G4B/05 € 775 € 167 € 153 € 163 €0 € 265 €0 € 312 €0 €0 € 375 -€ 49 € 240 €0 € 14 € 7.896 € 84 € 11.780 € 294 €0 € 938 € 477 € 575 €0 € 23 € 402 € 82 € 295 € 45 € 85
Aard controle R Indicator: G4B/06 € 4.420 € 66.682 € 11.798 € 2.102 € 3.468 € 7.519 € 35.917 € 6.731 €0 €0 € 8.561 € 41.067 € 7.134 €0 € 3.654 € 11.209 € 56.306 € 15.924 € 1.104 € 803 € 4.642 € 38.770 € 7.171 €0 €0 € 6.571 € 27.095 € 4.292 €0 € 2.238
73
Hieronder verschijnt de gemeente(code) conform de keuzes gemaakt bij G4B/01 In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Hieronder verschijnt de keuze Baten (jaar T) regeling (Tozo 1,2, 3, 4 of 5) kapitaalverstrekking (overig) conform de keuzes gemaakt bij G4B/02 Deel openbaar lichaam
Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/07 1 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo1 2 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo2 3 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo3 4 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo4 5 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo5 6 061655 Gemeente Halderberge Tozo1 7 061655 Gemeente Halderberge Tozo2 8 061655 Gemeente Halderberge Tozo3 9 061655 Gemeente Halderberge Tozo4 10 061655 Gemeente Halderberge Tozo5 11 061709 Gemeente Moerdijk Tozo1 12 061709 Gemeente Moerdijk Tozo2 13 061709 Gemeente Moerdijk Tozo3 14 061709 Gemeente Moerdijk Tozo4 15 061709 Gemeente Moerdijk Tozo5 16 061674 Gemeente Roosendaal Tozo1 17 061674 Gemeente Roosendaal Tozo2 18 061674 Gemeente Roosendaal Tozo3 19 061674 Gemeente Roosendaal Tozo4 20 061674 Gemeente Roosendaal Tozo5 21 060840 Gemeente Rucphen Tozo1 22 060840 Gemeente Rucphen Tozo2 23 060840 Gemeente Rucphen Tozo3 24 060840 Gemeente Rucphen Tozo4 25 060840 Gemeente Rucphen Tozo5 26 060879 Gemeente Zundert Tozo1 27 060879 Gemeente Zundert Tozo2 28 060879 Gemeente Zundert Tozo3 29 060879 Gemeente Zundert Tozo4 30 060879 Gemeente Zundert Tozo5 31 32 100
Hieronder verschijnt de gemeente(code) conform de keuzes gemaakt bij G4B/01
Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/08
Hieronder verschijnt de keuze regeling (Tozo 1,2, 3, 4 of 5) conform de keuzes gemaakt bij G4B/02
In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 100
Wet inburgering 2021_ Deel openbaar lichaam 2024
Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/12 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo1 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo2 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo3 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo4 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo5 061655 Gemeente Halderberge Tozo1 061655 Gemeente Halderberge Tozo2 061655 Gemeente Halderberge Tozo3 061655 Gemeente Halderberge Tozo4 061655 Gemeente Halderberge Tozo5 061709 Gemeente Moerdijk Tozo1 061709 Gemeente Moerdijk Tozo2 061709 Gemeente Moerdijk Tozo3 061709 Gemeente Moerdijk Tozo4 061709 Gemeente Moerdijk Tozo5 061674 Gemeente Roosendaal Tozo1 061674 Gemeente Roosendaal Tozo2 061674 Gemeente Roosendaal Tozo3 061674 Gemeente Roosendaal Tozo4 061674 Gemeente Roosendaal Tozo5 060840 Gemeente Rucphen Tozo1 060840 Gemeente Rucphen Tozo2 060840 Gemeente Rucphen Tozo3 060840 Gemeente Rucphen Tozo4 060840 Gemeente Rucphen Tozo5 060879 Gemeente Zundert Tozo1 060879 Gemeente Zundert Tozo2 060879 Gemeente Zundert Tozo3 060879 Gemeente Zundert Tozo4 060879 Gemeente Zundert Tozo5
Aantal besluiten kapitaalverstrekking (jaar T)
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Aard controle R Indicator: G4B/09 € 198 € 1.883 € 642 € 66 € 74 € 62 € 1.254 € 248 €0 € 74 € 21 € 1.301 € 457 €0 € 107 € 35 € 2.779 € 88 € 55 € 176 € 105 € 1.300 € 684 €0 €0 € 41 € 1.020 € 196 €0 € 93
Aard controle R Indicator: G4B/10 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Aard controle R Indicator: G4B/11 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Levensonderhoud - Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud Tozo in jaar T i.v.m. de hersteloperatie kindeorpvangtoeslagaffaire
Levensonderhoud- Mutaties (dotaties en vrijval) voorziening dubieuze debiteuren (jaar T) als gevolg van kwijt te schelden schulden levensonderhoud Tozo i.v.m. de hersteloperatie kindeorpvangtoeslagaffaire
Kapitaalverstrekkingen Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen op kapitaalverstrekkingen Tozo in jaar T i.v.m. de hersteloperatie kindeorpvangtoeslagaffaire
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/13
Hieronder per regel één Besteding (jaar T) gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden). Deel openbaar lichaam
Aantal besluiten levensonderhoud (jaar T)
Aard controle R Indicator: G4B/14 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Aard controle D2 Indicator: G4B/15 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Aard controle R Indicator: G4B/16 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Baten (jaar T) (exclusief Rijk)
Deel openbaar lichaam
Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd. Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: G10B/01 Indicator: G10B/02 1 060777 Gemeente Etten-Leur € 535.260 €0 2 061655 Gemeente Halderberge € 341.848 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk € 430.119 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal € 701.630 €0 5 060840 Gemeente Rucphen € 197.966 €0 6 060879 Gemeente Zundert € 169.955 €0 7 8 20
Aard controle R Indicator: G10B/03
74
Kwijtschelden publieke schulden SZW-domein hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire_deel openbaar lichaam 2024
Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden).
Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden Bijzondere bijstand in (jaar T) i.v.m. de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire
Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden Wet Inburgering van 13 september 2012 in (jaar T) i.v.m. de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd. Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Indicator: G12B/01 Indicator: G12B/02 Indicator: G12B/03 1 060777 Gemeente Etten-Leur € 1.082 €0 2 061655 Gemeente Halderberge €0 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk €0 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal €0 €0 5 060840 Gemeente Rucphen €0 €0 6 060879 Gemeente Zundert €0 €0 7 8 20 Onderwijsroute_ deel openbaar lichaam 2024 Hieronder per regel één Bestedingen onderwijsroute Baten onderwijsroute (jaar T) Bestedingen overige gemeente(code) selecteren en in (jaar T) (exclusief Rijk) voorzieningen (jaar T) de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden) Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam
Baten overige voorzieningen (jaar T) (exclusief Rijk)
Deel openbaar lichaam
Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd. Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: G13B/01 Indicator: G13B/02 1 060777 Gemeente Etten-Leur € 90.859 €0 2 061655 Gemeente Halderberge € 28.050 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk € 33.631 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal € 82.357 €0 5 060840 Gemeente Rucphen € 14.989 €0 6 060879 Gemeente Zundert € 9.900 €0 7 8 100
Aard controle R Indicator: G13B/03
Aard controle R Indicator: G13B/04 €0 €0 €0 €0 €0 €0
Aard controle R Indicator: G13B/05 €0 €0 €0 €0 €0 €0
75
Overige gegevens
76
10. Controleverklaring
De controleverklaring van de accountant wordt separaat aangeleverd.
77
Bijlagen
78
Staat van personele sterkte STAAT VAN PERSONELE STERKTE Primitieve begroting Organisatie-eenheid
Jaarrekening 2024
Aantal personeelsleden
Aantal formatieplaatsen
Aantal personeelsleden
Aantal formatieplaatsen ingevuld
Verschil
Huidig personeel Directeur
1
1
0
0,00
1
Directiestaf
12
9,13
6
4,78
4,35
Management/Gebiedsverbinders
8
8
3
2,89
5,11
40
35,47
1,63 2,74
Team Diagnose
40
37,1
Team Ontwikkeling
40
36,7
37
33,96
Team Werkpunt
33
27,9
27
25,54
2,36
Team Kwaliteit
39
34,7
40
36,07
-1,37
Team Bedrijfsondersteuning
45
37,88
45
36,13
1,75
198
174,84
17,57
Totaal huidig personeel 218 192,41 Van de beschikbare 192,41 fte zijn er 174,84 vast ingevuld. De rest is ingehuurd. Ultimo 2024 is er een openstaande vacature voor de directeur.
Bij directiestaf wordt 1,65 fe (HRM) ingevuld via Etten-leur. Het secretariaat (2,48 fte) is nu bij Bedrijfsondersteuning ondergebracht. Bij management/gebeidsverbinders is 5,11 minder ingevuld. De 5 managers zijn nu bij de teams zelf toegevoegd.
STAAT VAN PERSONELE LASTEN
Organisatie-eenheid
Gewijzigde begroting Loonkosten
Jaarrekening 2019 Loonkosten
Huidig personeel Directeur (t/m 09-2024)
155.277
Vervangend directeur (vanaf 10-2024)
113.456
41.821
34.368
-34.368
Werkplein
17.623.227
13.362.974
4.260.253
Totaal huidig personeel
17.778.504
13.510.798
4.267.706
In 2024 is de vacature van directeur vanaf oktober 2024 tijdelijk waargenomen door het teamhoofd Kwaliteit In 2024 is 29,4 fte ingehuurd voor reguliere werkzaamheden, waarvan 1,5 vanwege ziekte. In 2024 is 5,75 fte ingehuurd voor projecten (ketensamenwerking, KOT RSD, voorzieningenwijzer e.d), waarvan 3,75 fte voor de bestandsbeheersing. Tijdelijk personeel Inhuur
3.278.272
-3.278.272
Vergoedingen projecten, loonkosten en inhuur
-2.796.598
-2.747.952
-48.646
Totaal tijdelijk personeel
-2.796.598
530.320
-3.326.918
TOTAAL GENERAAL
14.981.906
14.041.118
940.788
79
Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven STAAT VAN GEACTIVEERDE KAPITAALUITGAVEN 2024
in euro's Boekwaarde 1 Investeringen januari 2024
Bijdragen van derden
Desinvesteringen Afschrijvingen
Afwaarderingen
Boekwaarde 31 december 2024
Investeringen met economisch nut
Overige materiële vaste activa
105.852
134.883
103.674
137.061
Totaal investeringen met economisch nut
105.852
134.883
103.674
137.061
Specificatie gemeentelijke bijdragen jaarrekening 2024 Begroting 2024 specificatie gemeentelijke bijdrage WERK & PARTICIPATIE: Participatiebudget(klassiek en nieuwe doelgroepen en begeleiding) INKOMEN: Bijstandsverlening/P-wet Pwet vorderingen debiteuren IOAW bestedingen Verhaal normen IOAW IOAZ bestedingen BBZ uitkeringen BBZ baten BBZ baten Declarabel Invorderingskosten Buig Externe controlekosten (sociaal rechercheur) Onderzoekskosten Loonkostensubsidie Studietoeslag INKOMENSONDERSTEUNING: Bijzondere bijstand Vorderingen debiteuren bijzondere bijstand Collectieve ziektekosten Uitkering maatsch. Part. Webshop Externe adviezen INBURGERING Inburgering Onderwijsroute Extra taken vluchtelingenwerk Totaal programmakosten Uitvoerings- en organisatiekosten Bedrijfsvoeringskosten Uitvoeringskosten Participatiewet Totaal bedrijfsvoeringskosten
Bijdrage specifieke taken 2024 Tozo Energietoeslag Energietoeslag UITVOERINGSKOSTEN Leefgeld Oekrainers Leefgeld Oekrainers UITVOERINGSKOSTEN KOT ROOSENDAAL UITVOERINGSKOSTEN Voorzieningenwijzer UITVOERINGSKOSTEN Alleenverdienersproblematiek Alleenverdienersproblematiek UITVOERINGSKOSTEN Specifieke bijdrage per gemeente
Etten-Leur
Halderberge
€
1.081.954
€
€ € € € € € € € €
12.527.210 -265.613 445.958 1.090 24.764 4.901 -1.951 5.616
€ € € € € € € € €
776.260 € 8.077.362 -111.781 352.884 -18.689 36.084 32.150 -15.744 -3.467 624
Moerdijk
Roosendaal
643.803 €
3.583.239
€
31.618.999 -408.632 1.182.262 -2.616 105.223 94.619 -35.298 -1.195 4.870
€ € € € € € € € €
€ € € € € € € € €
8.941.190 -86.668 582.993 -822 69.146 21.710 -2.526 -12.033 1.017
€ € € € € € € € €
Rucphen
Zundert
727.860 €
206.968 €
5.701.003 -21.790 264.934 -647 26.092 -662 -18.437 2.123
€ € € € € € € € €
Totaal
7.020.084
3.499.614 -31.901 193.019 -24 78.959 15.730 8.422 -2.630 -
€ € € € € € € € €
70.365.377 -926.385 3.022.049 -22.797 316.593 188.974 -40.907 -39.712 14.250
€
24.533 €
21.494 €
7.131
€
80.392 €
22.722 €
1.569
€
157.841
€ € €
14.593 € 1.038.450 € 55.260 €
10.881 € 501.585 € 32.805 €
6.928 € 543.613 € 25.696 €
28.451 € 1.935.941 € 72.759 €
4.047 € 412.097 € 13.459 €
€
1.200.403
€
790.251 €
832.754 €
2.851.310
€
604.321 €
-1.497 € 417.475 € 1.904 € € 349.023 €
63.403 4.849.161 201.883 6.628.061
€
-135.142
€
-98.308 €
-106.787
-305.444
€
-67.731 €
-40.131 €
-753.544
€ € €
780.291 € 263.649 € 3.693 €
351.754 € 151.027 € 2.700 €
313.261 € 102.106 € 1.817 €
1.180.196 € 50.660 7.907 €
239.992 € € 2.227 €
€ € € €
1.159.051 € 61.956 € 52.062 € 18.342.728 €
802.777 € 37.140 € 42.789 € 11.772.577 €
854.012 € 37.181 € 46.565 € 12.822.086 €
1.831.761 € -6.999 € 83.860 € 43.952.263 €
518.798 € 24.843 € 25.949 € 8.481.198 €
152.546 € 43.006 € 305 € € 433.498 € 6.187 € 25.291 € 5.357.333 €
3.018.041 610.447 18.648 5.599.896 160.308 276.516 100.728.185
€ € €
3.232.903 € 77.252 € 3.310.155 €
2.118.867 € 52.186 € 2.171.054 €
2.360.458 € 53.187 € 2.413.645 €
7.769.332 € 174.439 € 7.943.771 €
1.452.422 € 40.334 € 1.492.755 €
1.019.360 € 25.057 € 1.044.417 €
17.953.342 422.455 18.375.797
€ € € € €
Etten-Leur -4.122 € 49.800 € 5.504 € € €
Halderberge -1.639 € 24.000 € 3.538 € € €
42.638 € 3.656 €
27.410 € 1.737 €
Roosendaal 10.351 € 113.300 € 12.943 € 460.770 € 6.708 € 39.996 100.269 € 6.141 €
Rucphen -4.103 € 22.100 € 2.570 € 62.273 € 602 €
€ €
Moerdijk -2.467 € 46.500 € 4.052 € 290.334 € 5.203 € € 31.392 € 5 €
Zundert -2.260 € 30.700 € 1.633 € € € € 12.651 € €
Totaal -4.240 286.400 30.240 813.376 12.513 39.996 234.273 11.539
€
8.155 €
10.330
€
€
105.630 €
65.377
€
€
7.405 € 382.424
€
19.913 € €
21.415
€
5.500
€
4.270
771.893
€
108.855 €
46.994
€ €
57.075 1.481.172
80
1
1. Inleiding ............................................................................................................................................... 4 2. Het werkplein in 2026 .......................................................................................................................... 7 2.1 Visie en strategische doelstellingen .................................................................................................. 7 2.2 Het Werkplein in 2026 ....................................................................................................................... 7 2.3 Ketensamenwerking .......................................................................................................................... 8 2.4 Bestandsontwikkeling ........................................................................................................................ 9 3.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 10 3. Werk en participatie ........................................................................................................................... 10 3.2 Wat gaan we doen in 2026? ............................................................................................................
10 3.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam .......................................................................................... 10 3.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning ................................................................. 11 3.2.3 We werken meer samen in het sociaal domein ................................................................... 13 3.2.4 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners ................................. 13 3.2.6 Meer inburgeraars doen mee naar vermogen ..................................................................... 14 3.3 Samenwerking ISD, WVS en Werkplein ......................................................................................... 14 3.4 Focuspunten 2025 ........................................................................................................................... 14 3.5 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 16 3.6 Analyse begroting 2026 t.o.v. begroting 2025 ................................................................................. 17 4.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 19 4.
Programma inkomen ......................................................................................................................... 19 4.2 Wat gaan we doen in 2026? ............................................................................................................ 19 4.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam .......................................................................................... 19 4.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 19 4.4 Analyse begroting 2026 t.o.v. jaarrekening 2024 ............................................................................ 20 5. Programma inkomensondersteuning ................................................................................................ 22 5.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 22 5.2 Wat gaan we doen in 2026? ............................................................................................................ 25 5.2.1 Minder inwoners leven in armoede ......................................................................................
25 5.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 26 6. Programma inburgering ................................................................................................................... 28 6.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 28 6.1.1 Doorontwikkeling.................................................................................................................. 28 6.1.2. Instroom .............................................................................................................................. 29 6.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 30 7. Begroting ........................................................................................................................................... 34 7.1 Paragraaf financiering ..................................................................................................................... 35
2
7.2 Paragraaf bedrijfsvoering ................................................................................................................ 36 7.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheer ........................................................................... 39 8. Financiële begroting .......................................................................................................................... 42 8.1 Staat van baten en lasten per programma ...................................................................................... 42 8.2 Meerjarenprognose per programma ................................................................................................ 45 8.3 Incidentele baten en lasten.............................................................................................................. 46 8.4 Verantwoording taakvelden begroting 2026 .................................................................................... 46 8.5 Financiële richtlijnen begroting 2026 ............................................................................................... 47 8.6 Beleidsmatige richtlijnen begroting 2026 ......................................................................................... 50 8.7 Gemeentelijke bijdrage programma- en bedrijfsvoeringskosten 2026-2029...................................
54 8.8 Beleidsindicatoren ........................................................................................................................... 57 8.9 (Meerjaren) balans 2026-2029 ........................................................................................................ 59
3
1. Inleiding
Wij leggen u de begroting 2026 en de meerjarenbegroting 2027-2029 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant voor; kortweg de Programmabegroting Werkplein Hart van West-Brabant 2026-2029. Veranderende sociale zekerheid Er gebeurt veel in de sociale zekerheid. Een fragiel samenspel waarbij economie, sociale samenhang, arbeidsmarkt, bestaanszekerheid maar ook de onrust in de wereld een rol spelen. Alles grijpt in elkaar en heeft in meerdere of mindere mate invloed op het leven van ons allemaal. Dit heeft grote invloed op de bestaanszekerheid van vele inwoners. Maar we zien bijvoorbeeld ook door de vergrijzing een krappe arbeidsmarkt waardoor er veel kansen zijn voor veel mensen. Maar waarbij ook pijnlijk duidelijk wordt dat er nog een wereld te winnen is om te zorgen dat iedereen mee kan doen, met of zonder beperking. Iedereen is nodig op de arbeidsmarkt dus moeten we ook met z’n allen zorgen dat iedereen mee kàn doen!
Brede blik op bijstand We willen dat iedereen mee kàn doen. Tegelijkertijd zien we al jaren een steeds complexer wordende doelgroep bij het Werkplein. Inwoners hebben complexe problemen op vaak meerdere terreinen. Hierdoor zijn mensen niet in staat om te participeren of uit te stromen naar werk. Een stabiele leefsituatie is nodig om uiteindelijk actief mee te doen in de samenleving. Dit vraagt veel inzet en een lange weg van ontwikkeling. Deze constateringen en ervaringen bij het Werkplein worden ondersteund door het rapport van het SCP ‘Een brede blik op bijstand. We zien dat mensen in de bijstand vaak problemen op meerdere levensdomeinen hebben. Denk hierbij aan arbeidsbeperkingen, schulden en gezondheidsproblematiek. Voor deze inwoners is uitstroom naar betaald werk (nog) niet haalbaar. Hiermee wordt ook meteen de mismatch tussen de huidige Participatiewet en doelgroep binnen deze wet duidelijk. Door de huidige Participatiewet blijven bepaalde structuren in stand. Denk hierbij aan de financiële prikkel voor gemeenten bij uitstroom van inwoners naar werk. Hierdoor komt juist de grootste doelgroep, die veel ondersteuning en ontwikkeling nodig heeft, op nog grotere afstand van participatie te staan. Het gevolg hiervan is dat problemen alleen maar groter. De rijksoverheid anticipeert op deze conclusies met de voorbereiding van de Participatiewet in Balans.
Eenvoudiger, menselijker en toekomstbestendig Een brede blik op bijstand is essentieel: -
-
Complexe probleemstelling; Bijstandsgerechtigden hebben vaak te maken met een stapeling van problemen. Dit kan variëren van gezondheidsproblemen, schulden, en arbeidsbeperkingen tot verslaving en sociale isolatie. Door een brede blik te hanteren, kunnen deze problemen in samenhang worden aangepakt, wat de effectiviteit van de ondersteuning vergroot. Kwaliteit van Leven; Het focussen op meer dan alleen de uitstroom naar betaald werk doet meer recht aan de kwaliteit van leven van bijstandsgerechtigden. Vrijwilligerswerk en andere
4
-
vormen van participatie kunnen bijdragen aan een zinvol leven en sociale inclusie, wat uiteindelijk ook de kans op betaald werk kan vergroten. Effectieve Re-integratie; Re-integratie-instrumenten moeten niet alleen gericht zijn op werk, maar ook op andere levensgebieden zoals gezondheid, persoonlijke verzorging, en sociale netwerken. Dit brede perspectief zorgt ervoor dat bijstandsgerechtigden beter ondersteund worden in hun gehele levenssituatie, wat de kans op succesvolle re-integratie verhoogt
Om deze brede blik te realiseren is de Participatiewet in Balans in voorbereiding. Deze nieuwe wet staat voor eenvoud, vertrouwen en de menselijke maat. Het is de bedoeling dat dit via 3 sporen wordt uitgewerkt en geïmplementeerd: • • •
Spoor 1; Wijzigingen huidige wet -en regelgeving (inwerkingtreding 2026): mensen krijgen meer rechtszekerheid en inkomenszekerheid. Spoor 2; Naast deze wetswijzigingen komt het Rijk met een meer fundamentele herziening van de Participatiewet waarbij de menselijke maat, vertrouwen en eenvoud centraal staan. Spoor 3; In dit spoor staat de cultuuromslag centraal. Het verschil wordt uiteindelijk gemaakt in het contact met mensen.
De ontwikkeling die het Werkplein de afgelopen jaren ingezet heeft sluiten hier naadloos bij aan. Of anders gezegd de beoogde landelijke wijzigingen sluiten perfect bij de nieuwe manier van werken van het Werkplein aan. Het Werkplein is wat dat betreft een voorloper. Het lezen van het programmaplan Participatiewet in balans is een feest der herkenning! Wij juichen deze ontwikkeling uiteraard alleen maar toe.
Programma’s Werkplein De afgelopen jaren hebben het Werkplein en de gemeenten gezamenlijk geïnvesteerd in het programmatisch werken. Hieraan gekoppeld hebben we gezamenlijk een programmaplaat opgesteld met daarin de visie, strategische doelen en indicatoren. De gemeenten en het Werkplein bepalen jaarlijks de inspanningen die een bijdrage leveren aan deze doelstellingen. In deze begroting 2026 en meerjarenbegroting 2027-2029 geven wij aan wat het Werkplein in de komende jaren wil realiseren. De begroting is opgesteld langs de vier programma’s van dienstverlening aan onze inwoners: •
•
• •
In het programma Werk en Participatie staat de ontwikkeling en participatie van onze inwoners centraal. Waar kunnen we onze inwoners ondersteunen in hun ontwikkeling. Zowel in hun ontwikkeling naar werk en/of participatie als in ondersteuning en/of doorverwijzing in hun zorgvraag op welk terrein dan ook. Het programma Inkomen focust zich op het verstrekken van uitkeringen, terugvordering en verhaal, handhaving e.d. Een inkomen is van essentieel belang voor onze inwoners om uiteindelijk te kunnen groeien richting werk en/of participatie. Het programma Inkomensondersteuning kan met de inkomensondersteunende regelingen bijdragen aan de ontwikkeling van onze inwoners. Het programma Inburgering richt zich op de nieuwkomers in de D6 gemeenten. Vanaf 1 januari 2022 voert het Werkplein de nieuwe Wet Inburgering uit voor de zes gemeenten.
Naast deze inhoudelijke programma’s geven we een doorkijk van de bedrijfsvoeringskosten. Onze insteek is om deze kosten zo beperkt mogelijk te houden door efficiënt om te gaan met de beschikbare middelen.
Opbouw begroting 2026
5
De opbouw is als volgt: Na de inleiding in hoofdstuk 1 lichten we in hoofdstuk 2 toe hoe we het Werkplein in 2026 zien. In de daaropvolgende hoofdstukken gaan we zowel inhoudelijk als financieel in op de vier programma’s (Werk en Participatie, Inkomen, Inkomensondersteuning en Inburgering). De afsluitende hoofstukken 7 tot en met 10 zijn voor het grootste deel financieel ingestoken met verplichte onderdelen voor een begroting.
Begrotingsrichtlijnen De gemeenteraden hebben voor het jaar 2026 een aantal begrotingsrichtlijnen meegegeven. Hoe wij daar vorm aan hebben gegeven, is terug te lezen in de tabellen hoofdstuk 8.5 (financiële richtlijnen) en 8.6 (beleidsmatige richtlijnen).
Ravijnjaar 2026 Als Werkplein hebben we kritisch naar onze uitgaven gekeken. Omdat we een vangnet zijn voor kwetsbare inwoners in ons gebied die op het absolute minimuminkomen zitten is de beïnvloedbaarheid van budgetten voor de meeste programma’s minimaal. Waar sprake is van beïnvloedbare budgetten is dat in onderstaande tekst aangegeven. Bedrijfsvoering In principe is de stijging van de kosten beperkt tot inflatiecorrectie en loonstijging conform de begrotingsuitgangspunten. Dit geldt metname voor de kosten van bedrijfsvoering. Er is kritisch naar de uitgaven en baten van bedrijfsvoering gekeken. Toepassing van de indexering 2026 voor loonkosten i(3,8%) en prijsstijgingen (2,6%) op de begroting van 2025 betekent een toename van de kosten van € 708.000. We hebben de stijging van de gemeentelijke bijdrage weten te beperken tot € 551.000, dat is 2,8%. Het hanteren van de nullijn betekent verlaging van de loonkosten omdat ruim 80% van de bedrijfsvoeringskosten bestaat uit loonkosten. Wij denken dat minder inzet op de dienstverlening. Niet in het belang is van de inwoner. Bij het programma Werk en Participatie heeft de kostenstijging alleen betrekking op beschut werk. Dit betreft de indexatie van het tarief voor beschut werk en de stijging van het aantal beschut werkplekken conform taakstelling van het Rijk.
Deze kosten worden via het gemeentefonds (specifieke uitkering) gecompenseerd. Een bedrag van € 452.000 is opgenomen voor de plaatsing van 40 beschut werkplekken boven de taakstelling. Dit is een keuze van de gemeenten. Bij het programma Inkomen zijn de kosten gestegen als gevolg van een toename van het bestand in 2024 (1,3%) en het toepassen van indexatie van het minimumloon (2,7% in 2025 en 2,6% in 2026) en daarmee de bijstandskosten. Ook de loonkostensubsidie zien we jaarlijks flink toenemen. Dat is een gevolg van de participatiewet waarin de jaarlijkse instroom van inwoners met een indicatie garantiebaan en beschut werk zal toenemen. De extra bestandsmaatregelen zijn er op gericht om de stijging van het bestand te beperken. Voor het programma Inkomensondersteuning hebben we de ramingen gebaseerd op de werkelijke kosten van 2024 alsmede inflatiecorrectie van 2,7% in 2025 en 2,6% in 2026. Dat is conform begrotingsuitgangspunten. Daarnaast is rekening gehouden met € 300.000 toename kosten voor de individuele inkomenstoeslag. Daar kunnen inwoners die drie jaar of langer in de bijstand zitten gebruik van maken (wettelijk recht). Bij het programma Inburgering is de taakstelling voor het aantal inburgeraars nog gebaseerd op de taakstelling voor 2025. De kosten worden volledig gedekt door de rijksvergoeding die gemeenten ontvangen.
De extra taken vluchtelingenwerk (2,7 ton) betreft een bewuste keuze van gemeenten . Binnen het programma Inburgering betreft dit een beïnvloedbaar budget.
6
2. Het werkplein in 2024
2.1 Visie en strategische doelstellingen In 2025 is onze visie nog steeds actueel. Tegelijkertijd is een strategische doelstelling voor inburgering toegevoegd. De visie wordt in het werkprogramma 2025 als volgt omschreven:
“Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.”
Deze visie is vertaald naar zes strategische doelstellingen voor 2025: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen.
In 2025 kijken gemeenten en Werkplein samen naar de huidige strategische doelstellingen en visie. We bepalen gezamenlijk of de doelstellingen en visie nog passend zijn bij de huidige koers van het Werkplein. De inhoudelijke afzonderlijke programma’s in de volgende hoofdstukken zijn opgebouwd aan de hand van bovenstaande doelstellingen. Jaarlijks spreken gemeenten en het Werkplein af welke inspanningen gemeenten en Werkplein leveren om de resultaten te behalen. In de bestuursrapportage rapporteert het Werkplein ieder kwartaal over de behaalde resultaten.
2.2 Het Werkplein in 2026 De visie van het Werkplein wordt in de organisatie breed omarmd. Ook in de komende jaren blijven we deze koers varen. We blijven ons als Werkplein ontwikkelen om de dienstverlening voor onze inwoners zo optimaal mogelijk te organiseren. We hebben ons netwerk in de werkgebieden en zoeken onze collega’s in het sociaal domein en de keten als vanzelfsprekend op. De inwoner staat centraal en ondersteunen we waar nodig in de route naar een glimlach. We zijn daar waar de hulpvraag van onze inwoners is. Op deze manier leveren we onder andere een bijdrage aan de bestaanszekerheid van onze inwoners. Als Werkplein hebben we oog voor wat écht telt. In 2026 ontwikkelen we ons verder door: 7
•
•
•
•
Data-ondersteunend werken; Het Werkplein heeft een dashboard waarin veel informatie staat over de inwoners die we bijstaan. De komende jaren wordt het dashboard uitgebreid met informatie die uit de brede intake komt. Ook worden medewerkers geholpen om het dashboard te gebruiken om (nog) betere keuzes te maken in ondersteuningstrajecten. Wij van het Werkplein; Maatwerk bieden vraagt veel samenwerking tussen collega's van het Werkplein. Om dit te helpen gebruikt het Werkplein leidende principes en een methode van communiceren. Alle medewerkers van het Werkplein worden in 2025 en 2026 in de training Wij van Werkplein geschoold in deze manier van werken. Samenorganisatie; Bij het Werkplein is veel vrijheid om naar eigen inzicht maatwerk te bieden. Maar vrijheid brengt ook verantwoordelijkheden met zich mee. De komende periode gaan de medewerkers van het Werkplein met elkaar uitdenken hoe het eigenaarschap dat bij het werk hoort goed gefaciliteerd kan worden. Lokaal werken; Inmiddels werkt het Werkplein in de zes gemeentehuizen. Daarbij zoeken we de samenwerking met collega's van schuldhulpverlening, wmo en jeugd. Iedere gemeente is wat anders georganiseerd. Daarnaast zijn er enkele gemeenten die meer gebiedsgericht of wijkgericht gaan werken. Daarop wil het Werkplein aanhaken. Dat vraagt echter creativiteit en flexibiliteit van het Werkplein.
2.3 Ketensamenwerking In de programmaplaat voor de samenwerking WVS, ISD Brabantse Wal en het Werkplein Hart van West-Brabant zijn de visie en doelstellingen voor de samenwerking in de participatieketen opgenomen. Visie “ Wij geloven in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen. Het uiteindelijke doel daarbij is werk en als dat (nog) niet lukt, meedoen in de samenleving”. Het doel is om als een gezamenlijk ontwikkelbedrijf, waar inwoners die binnen ons werkgebied wonen en vallen onder de Participatiewet, optimaal worden ondersteund bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering óf vrijwilligerswerk. Strategische doelstellingen 1) Er is 100% commitment voor de ketensamenwerking bij directie- & MT-leden en zij dragen dit actief uit naar de medewerkers. Het gevolg hiervan is dat alle medewerkers - in voor de ketensamenwerking relevante rollen/functies bekend zijn met de nut & noodzaak, het “waarom” van de ketensamenwerking. 2) We versterken de onderlinge relaties en we stimuleren een cultuur van vertrouwen en wederzijds begrip. 3) We kunnen uitleggen wat wordt bedoeld met “werken volgens de 7 uitgangspunten” en kunnen deze uitgangspunten toepassen in de samenwerking met anderen.
In 2025 leggen we de focus op 2 uitgangspunten, namelijk ‘we werken samen met partners’ en ‘ieder zijn eigen oplossing (maatwerk)’ 4) In 2025 wordt een keuze gemaakt over de toekomst van de ketensamenwerking, het dienstverleningsconcept en de best ondersteunende organisatievorm.
8
2.4 Bestandsontwikkeling Prognose bijstandsvolume In de begroting hanteren we voor de ontwikkeling van ons bestand de CPB prognose. Voor de begroting van 2025 was dat de prognose van februari 2024 (voor 2026 1,4% toename bestand). Inmiddels zijn de ramingen in februari 2025 bijgesteld door het CPB. In de laatste macro-economische verkenningen is de tendens dat het bestand in 2026 gelijk blijft. Vanaf 2027 gaat het CPB uit van een daling. Het CPB neemt in hun berekening landelijk beleid mee zoals is opgenomen in het Hoofdlijnenakkoord. De daling is gebaseerd op beperking van de asielinstroom op basis van landelijk beleid. De mate van realisatie van deze beleidsoverweging is uiterst onzeker. Actualisatie CPB MEV februari 2025 Bijstand (WWB/IOAW/IOAZ) Stijging/daling per jaar Stijging/daling cumulatief
2024 355.000
2025 355.000
2026 355.000
2027 350.000
2028 345.000
2029 340.000
0,0%
0,0% 0,0%
-1,4% -1,4%
-1,4% -1,4%
-1,4% -1,4%
Hoewel voor het jaar 2026 er zeker onzekerheden blijven bestaan (economie kan stagneren, geo politieke ontwikkelingen) geven wij de richting aan voor een blijvende inzet op de ontwikkeling van onze inwoners. Daar is tenslotte waar we dit alles voor doen!
Hoogachtend,
Hoogachtend,
Arjan Dekker
René van Ginderen
Wnd. Secretaris/Directeur
Voorzitter
9
3. Werk en participatie
3.1 Inleiding Met de invoering van de Participatiewet zijn er steeds meer inwoners met complexe problematieken die gebruik maken van de dienstverlening van het Werkplein. Ruim 70% van de inwoners die bij het Werkplein terecht komen hebben een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een brede hulpvraag. We merken dat deze groep inwoners vraagt om een andere, bredere kijk op dienstverlening. Juist voor deze groep is het belangrijk dat de professionals binnen het sociaal domein en de lokale netwerken elkaar weten te vinden en samenwerken. Als Werkplein hebben we oog voor wat écht telt. Daarom stimuleren wij iedereen om zich te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat niet kan, meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk. Dit is de kern van het nieuwe Werkplein. Opgave voor het Werkplein is om cultuur en structuur van de organisatie hierop in te richten. Proces en inhoud van de ondersteuning zijn maatwerk. Onze medewerkers hebben veel regelruimte om met de inwoner de best passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein wordt de norm. Door beter het effect te meten van wat we doen en een continue dialoog hierover (intervisie) verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening zal toenemen, en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving.
3.2 Wat gaan we doen in 2026? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2025. De resultaatafspraken voor 2026 zullen eind 2025 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen.
Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen. De hieronder genoemde instrumenten en aanpakken zijn niet uitputtend voor de werkwijze van het Werkplein.
3.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam In 2025 gaan we aan de slag met de voorbereidingen op de Participatiewet in Balans. Daarbij kijken we op welke onderdelen we eventueel al vooruit kunnen lopen. Een van de onderdelen die aangepakt 10
wordt bij de wetswijzigingen zijn de vrijlatingsbepalingen. Dit kan positieve gevolgen hebben op de inkomenspositie en daarmee zelfredzaamheid van onze inwoners. Wij houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.
3.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning We zien dat de doelgroep die het Werkplein ondersteunt steeds grotere en complexere problemen heeft. Dit betekent dat er aandacht nodig is op meerdere leefgebieden en er regelmatig meerdere (zorg)partijen betrokken zijn rondom een inwoner. Dit heeft tot gevolg dat trajecten die voor deze inwoners ingezet worden ook intensiever zijn en een langere doorlooptijd hebben. Dit heeft ook gevolgen voor de kosten. Het prijskaartje dat aan deze trajecten hangt is nou eenmaal hoger. Daarnaast hebben we financiële verplichtingen binnen de ketensamenwerking. Het is belangrijk om scherp te zijn op de budgetten binnen het programma Werk en Participatie. Het is en blijft belangrijk om alle doelgroepen die dat nodig hebben te kunnen bedienen. De ondersteuning van inwoners is steeds meer gericht op maatwerk. Hierdoor is het belangrijk om meer kennis te krijgen van welke interventies bij welke doelgroep tot de beste resultaten leiden. Dit doen we onder andere door succesverhalen te delen. Hierdoor kunnen professionals van elkaar leren. Het Leerplein en intervisie dragen hier ook aan bij. Het ontwikkelen van onze inwoners staat bij het Werkplein voorop. Ook in 2025 en daaropvolgende jaren. Voor iedere inwoner is een stabiele basis belangrijk.
De ene inwoner zal de stap naar betaald werk maken voor een ander is vrijwilligerswerk het hoogst haalbare. Het is goed om te kijken welk type dienstverlening voor welke doelgroep het best passend is. Inwoners zonder ontwikkelpotentieel bij het Werkplein hebben andere dienstverlening nodig dan inwoners die nog wel stappen kunnen maken met ondersteuning vanuit het Werkplein. In 2025 willen we dit in kaart brengen.
Frequente Intensieve Aanpak (FIA) oud-inburgeraars In het kader van de bestandsmaatregelen in 2024 zijn we gestart met een FIA aanpak voor statushouders. Dit onderdeel loopt door in 2025 voor de gemeenten Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Rucphen en Zundert. Er is een grote groep inburgeraars die niet aan het werk kan of kan participeren maar die het Werkplein onvoldoende in beeld heeft of te weinig aandacht kan geven. Hierin zit nog ontwikkelpotentieel.
Ontwikkelplekken We willen de ontwikkelmogelijkheden van onze inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt versterken. De lokale netwerken zijn hierbij van groot belang en dus ook de lokale samenwerking. We willen dat er voldoende verscheidenheid aan ontwikkelplekken is voor onze inwoners. De lijnen tussen de ontwikkelaars en bemiddelaars worden steeds korter waardoor arbeidsgerichte oriëntatie eerder in beeld is. Voor 2025 hebben we een aantal aandachtspunten. Enerzijds de vervolgstap die inwoners vanuit vrijwilligerswerk kunnen maken. Anderzijds het aantal plekken voor vrijwilligersactiviteiten. We hebben steeds meer inwoners waarvoor vrijwilligerswerk een eerste stap is. Om deze opwaartse lijn vast te houden is het nodig dat er voldoende plekken zijn. Hierin kunnen gemeenten een mooie faciliterende rol hebben in hun contacten met lokale organisaties.
Werkgerichte trajecten Naast ontwikkelplekken bieden we onze inwoners ook werkgerichte trajecten. Het kan hierbij gaan om individuele maatwerktrajecten, ontwikkeltrajecten via WVS, taalaanbod, opleidingen of ondersteuning door onze ontwikkelaars. Een inwoner die een indicatie banenafspraak krijgt kan bij het Werkplein terecht voor ondersteuning richting werk bij een reguliere werkgever. Als dit (nog) niet mogelijk is dan wordt ingezet op het 11
jobready maken van een kandidaat. Daarnaast wordt ingezet op nazorg om uitval en verdere terugval te voorkomen, de werkgever te ontzorgen en uiteindelijk zoveel mogelijk duurzame plaatsingen te realiseren. Iedereen met een indicatie beschut werk die jobready is plaatsen we op een betaalde baan bij een werkgever of bij WVS. We gaan de totale taakstelling overschrijden. Dit betekent dat er meer inwoners een beschutte werkplek nodig hebben dan dat we daarvoor financiering vanuit het Rijk ontvangen in de vorm van begeleidingsvergoeding. De zes gemeenten hebben gezamenlijk besloten dat inwoners met een beschut werken indicatie geplaatst mogen worden los van de taakstelling. Ook als dit betekent dat de taakstelling wordt overschreden. De verwachting is dat we voor 2026 en verder zullen uitkomen op circa 40 beschutwerk plekken boven de taakstelling.
Jongeren Op 1 januari 2026 treedt de Wet ‘Van school naar duurzaam werk’ in werking. Het doel hierbij is dat jongeren in een kwetsbare positie beter ondersteund worden bij de overstap van school naar werk. Hiervoor is een dekkend aanbod in de regio nodig. Van belang is dat alle jongeren zichtbaar zijn en de juiste hulp krijgen bij hun zoektocht naar een passende plek op de arbeidsmarkt. We willen dat er een vanzelfsprekende samenwerking is tussen het Werkplein en het onderwijsveld zodat jongeren in beeld zijn. We zien in de regio dat de samenwerking tussen de Pro/Vso-scholen en het Werkplein heel goed loopt. Vanuit het Werkplein is er nauw contact en indien nodig worden bijvoorbeeld informatiebijeenkomsten georganiseerd. Dit willen we vasthouden. Dit is ook één van de speerpunten binnen de arbeidsmarktregio.
Ontwikkelingen Regionaal Werkcentrum In 2024 is de meerjarenagenda voor de arbeidsmarktregio West-Brabant voor de periode 2024-2028 vastgesteld (‘Van versnippering naar verbinding’). Als uitwerking hiervan is het uitvoeringsplan 20242026 ‘Van versnippering naar verbinding’ opgesteld. Hierin is geschetst hoe de arbeidsmarktregio de komende jaren invulling geeft aan de opgaven die het rijk van de regio verwacht. Het doel is om een gecoördineerde en doelgerichte samenwerking te realiseren tussen netwerkorganisaties onder één naam en met een uniforme aanpak, het Regionaal Werkcentrum. Vanuit het Werkplein als subregio zien we de dienstverlening vanuit het Regionaal Werkcentrum als aanvulling op onze subregionale samenwerking en dienstverlening. De huidige lokale / subregionale toegang vanuit het Werkplein en gemeenten blijft voor onze inwoners hierbij staan. Het plan richt zich op drie hoofdprogrammalijnen: 1. 2. 3. -
Bevorderen van sociale inclusie en kansengelijkheid: Ondersteuning van mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. Creëren van een inclusieve arbeidsmarkt waar iedereen gelijke kansen heeft op een baan. Vergroten van duurzame inzetbaarheid en innovatie: Ondersteuning gericht op arbeidsmarkttoeleiding en duurzame banen. Stimuleren van een positieve leercultuur en het gebruik van innovatieve technologieën. Ontwikkelen van een wendbare, beschikbare en inclusieve arbeidsmarkt: Focus op jongeren in een kwetsbare positie en een leven lang ontwikkelen. Versterken van de verbinding tussen onderwijs en arbeidsmarkt.
Parallel aan de drie programmalijnen wordt het WerkCentrum West-Brabant opgericht. Dit centrum faciliteert de samenwerking en dienstverlening om de doelstellingen van de arbeidsmarktregio te bereiken. Het WerkCentrum is een netwerksamenwerking en geen fysieke locatie. Het uitvoeringsplan benadrukt het belang van samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven. Het WerkCentrum West-Brabant zal een herkenbare en vindbare operationele versie hebben met uniforme werkwijzen en een klantgerichte en inclusieve dienstverlening.
12
3.2.3 We werken meer samen in het sociaal domein Integrale ondersteuning Werkplein en gemeenten hebben elkaar nodig en kunnen meer dan ooit kwetsbare inwoners een stapje vooruit helpen. Zoals in hoofdstuk 1 is te lezen is er geen grote groep inwoners binnen de Participatiewet die niet zal uitstromen naar betaald werk. Voor deze groep is het van groot belang dat zij wel de juiste ondersteuning krijgen om een stabiele leefsituatie te creëren. Hiervoor is de samenwerking binnen het sociaal domein van essentieel belang. In 2025 bestendigen we de manier van werken zoals we die eerder ingezet hebben. We werken vanuit de werkgebieden. Dit is belangrijk omdat veel inwoners die bij het Werkplein komen ook een ondersteuningsbehoefte op andere onderdelen van het sociaal domein kunnen hebben. Het is dus zowel voor gemeentelijke professionals als de Werkplein professionals belangrijk om de lokale netwerken te kennen en te gebruiken. Om onze inwoners optimaal te ondersteunen kijken we naar de vraag achter de vraag en werken we intensief samen met onze partners. De samenwerking binnen het sociaal domein blijft een belangrijke pijler. Werkplein en gemeenten hebben elkaar hierbij nodig. We willen dat het privacyvraagstuk wordt opgelost. Dit mag geen obstakel zijn voor professionals om inwoners te ondersteunen.
Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid gemeente Roosendaal Het Werkplein vervult in Roosendaal een actieve rol binnen het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid. Als alliantiepartner van dit programma, heeft het Werkplein zich gecommitteerd aan het versterken van de maatschappelijke structuur en het bevorderen van veiligheid en welzijn in de regio. Het Werkplein richt zich hierbij mede tot de volgende specifieke pijlers: -
-
Verstevigen gebiedsnetwerken Jeugd en veiligheid; Het Werkplein richt zich op preventieve maatregelen en interventies op jongeren, met als doel de veiligheid in de wijk te verbeteren. Dit wordt gedaan doormiddel van de intensieve aanpak met het programma Preventie Met Gezag en een hiervoor aangestelde medewerker IPTA. Perspectief op werk; Extra inzet op een specifieke doelgroep binnen Roosendaal. Wijkveiligheid en Ketenaanpak 2500 dagen; Nauwe samenwerking met partners met betrekking tot veiligheidscasuïstiek.
3.2.4 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners In 2025 blijven we onverminderd inzetten op werkgeversbenadering. Het kost steeds meer moeite om inwoners naar een betaalde baan te bemiddelen door de belemmeringen die er veelal zijn. Net als in voorgaande jaren laten we werkgevers kennis maken met onze doelgroep. Bijvoorbeeld in MAP training voor inburgeraars, werkgeversevents en bedrijfsbezoeken/rondleidingen. We zetten steeds meer de “stagecarroussel” in voor inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Hierbij zoeken we stageplaatsen bij werkgevers zodat inwoners kennis kunnen maken in het bedrijf en daadwerkelijk zien en ervaren wat een functie inhoud en ervaren hoe het er in het bedrijf aan toe gaat. Binnen de doelgroep van het Werkplein zien we een toenemende problematiek. Door de Prakrijkroute in te zetten, bieden we inwoners extra mogelijkheden om aan het werk te gaan. Wanneer het niet lukt om via de reguliere weg aan het werk te komen of werk behouden, is de Praktijkroute een snellere weg naar werk. Een loonwaardemeting op de werkplek wijst uit of iemand een verminderde 13
loonwaarde heeft. Zo ja, dan wordt iemand opgenomen in het doelgroepregister. De werkgever kan zo gebruik maken van instrumenten die deze groep met zich meebrengt. Bijvoorbeeld de structurele loonkostensubsidie, jobcoaching en de no-risk polis. Daarnaast kijken we zowel vanuit de arbeidsmarktregio als vanuit de subregio expliciet naar de mogelijkheden van de inzet van forfaitaire loonkostensubsidie. We onderzoeken of we hiermee een extra boost aan de ontwikkeling van onze inwoners kunnen geven.
3.2.6 Meer inburgeraars doen mee naar vermogen In de inburgering blijven we in 2026 inzetten op duale trajecten, waarin taalles gecombineerd wordt met activiteiten gericht op meedoen. Door (vrijwilligers)werk te doen leren inburgeraars sneller en beter de Nederlandse taal, en hoe beter inburgeraars de Nederlandse taal spreken, hoe makkelijker ze aan werk komen. Daarom blijft er aandacht voor het organiseren van werk- en vrijwilligerswerkplekken in gemeenten. Wanneer bedrijven en verenigingen inburgeraars de mogelijkheid geven om mee te doen, kunnen inburgeraars bijdragen aan de samenleving. Daarnaast organiseren we ontwikkel- en participatietrajecten voor inburgeraars die meer begeleiding nodig hebben bij het vinden van hun weg naar (vrijwililgers)werk. Zo zorgen we ervoor dat er voor iedere inburgeraar een passend inburgeringstraject is, dat leidt naar meedoen op het voor hen hoogst mogelijke niveau.
3.3 Samenwerking ISD, WVS en Werkplein De intensieve samenwerking binnen de keten van ISD Brabantse Wal (ISD), Werkplein HvWB en WVS gaat onverminderd door. De doelstelling voor 2025 en verdere jaren binnen de ketensamenwerking is dan ook 'Samen werken aan Participatie'. Meer dan 70% van de inwoners van onze doelgroep in West-Brabant is langer dan 2 jaar afhankelijk van een bijstandsuitkering. Het is onze opdracht om inwoners die ondersteuning te bieden die nodig is. We geloven dat door samenwerking met de bundeling van kennis en kunde, meer inwoners ontwikkeld kunnen worden naar werk of een andere vorm van participeren. Om dit te bereiken werken ISD Brabantse Wal, Werkplein en WVS als een gezamenlijk ontwikkelbedrijf, waar inwoners die binnen ons werkgebied wonen en vallen onder de Participatiewet optimaal worden ondersteund bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering óf vrijwilligerswerk.”
3.4 Focuspunten 2025 Voor 2025 hebben we de volgende strategische doelstellingen bepaald: 1) Er is 100% commitment voor de ketensamenwerking bij directie- & MT-leden en zij dragen dit actief uit naar de medewerkers. Het gevolg hiervan is dat alle medewerkers - in voor de ketensamenwerking relevante rollen/functies - bekend zijn met de nut & noodzaak, het “waarom” van de ketensamenwerking. 2) We versterken de onderlinge relaties en we stimuleren een cultuur van vertrouwen en wederzijds begrip. 3) We kunnen uitleggen wat wordt bedoeld met “werken volgens de 7 uitgangspunten” en kunnen deze uitgangspunten toepassen in de samenwerking met anderen. In 2025 leggen we de focus op 2 uitgangspunten, namelijk ‘we werken samen met partners’ en ‘ieder zijn eigen oplossing (maatwerk)’ 4) In 2025 wordt een keuze gemaakt over de toekomst van de ketensamenwerking, het dienstverleningsconcept en de best ondersteunende organisatievorm.
14
Deze ondersteuning kunnen we alleen bieden als we met elkaar (ISD, Werkplein en WVS) en in de volle breedte onze expertise inzetten en daarbij werken volgens de uitgangspunten: • • • • • • •
De mens centraal (niet geld, processen en procedures) Werken vanuit vertrouwen Ieder zijn eigen oplossing (maatwerk) Nabij (inwoners en bedrijven) Samen met partners (sociaal domein, werkgevers, opleiders etc.) Leren en ontwikkelen Werken met data
In 2025 willen we dit waarmaken door de volgende inspanningen: 1) Het management biedt ruimte aan en stimuleert medewerkers om samen te experimenteren zoals op gebied van samenwerking bij intake/diagnose, bemiddeling en ontwikkeling van inwoners. 2) We zoeken eerst naar oplossingen in de samenwerking tussen de 3 organisaties alvorens we extern gaan 3) Om kennisdeling en samenwerking te bevorderen werken medewerkers die inwoners spreken in het kader van diagnose, ontwikkeling en bemiddeling samen op locatie. We vragen medewerkers een plan uit te werken hoe we dit het beste kunnen aanpakken. Ook van directeuren, managers, beleidsadviseurs, communicatieadviseurs, financieel adviseurs en HR adviseurs verwachten we aanwezigheid op deze locaties. Deze samenwerking zien we als kans om van elkaar te leren, efficiëntie te bereiken door werkprocessen te harmoniseren en te versimpelen.
In principe zetten we bovenstaande lijn door in 2026. In het laatste kwartaal van 2025 zullen we als ketenpartners, samen met de gemeenten, de focuspunten evalueren en bezien of bijstelling voor 2026 nodig is.
Aantallen De ontwikkeling van onze inwoners staat voorop met als ontwikkeling naar werk als hoogste doel. In onze samenwerking streven we ernaar om met elkaar 380 inwoners (255 HvWB en 125 ISD) te ondersteunen. Dat kan met een ontwikkeltraject. Een leerroute zoals groen, logistiek, schoonmaak, productie, catering of post kan daar onderdeel van uitmaken. Maar ook wordt onderzocht of er nieuwe en effectievere leerroutes of instrumenten kunnen worden ontwikkeld..Net als in voorgaande jaren ligt ook nu het accent op de kwaliteit.
15
Begroting ketensamenwerking 2026 WVS, Werkplein HvWB en ISD BW Bestaande activiteiten ontwikkeling inwoners
Begroting 2026 x € 1.000 WVS HVWB ISD BW
- ontwikkeltrajecten - loonwaardemetingen WVS - jobcoaching - praktijk- en persoonlijkheidsonderzoek
Totaal
1.148
516
1.664
963 67 112 6
472 33 11
1.435 100 123 6
Ontwikkeling ketensamenwerking: - Ontwikkelbudget/projectkosten
20 20
20 20
10 10
50 50
Bedrijfsvoering: Aanjager/projectleider samenwerking
48 48
48 48
24 24
120 120
Totaal
68
1.216
550
1.834
Begroting 2026 x € 1.000 WVS HVWB ISD BW
Totaal
Ketenbegroting onderlinge afnames WVS, Werkplein HvWB en ISD BW A. Programmabaten Bijdragen: - Bijdrage ontwikkeling inwoners aan WVS - Bijdrage ontwikkeling ketensamenwerking - Bijdrage bedrijfsvoering
1.664 20 48
20 48
10 24
1.664 50 120
Totaal
1.732
68
34
1.834
3.5 Wat mag het kosten? De inzet binnen het programma Werk en Participatie wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de algemene uitkering cluster Participatie. De bijdrage van de gemeente is van oudsher gebaseerd op het Participatiebudget (re-integratiebudget) dat door het Rijk beschikbaar werd gesteld. Inmiddels is dat, evenals begeleiding nieuw beschut, onderdeel geworden van de algemene uitkering van gemeenten. Dat maakt dat de middelen voor reintegratie niet meer te herleiden zijn. Het Werkplein gaat in de begroting voortaan uit van wat nodig is voor de re-integratie en ontwikkeling van de inwoners.
16
Programma Werk & Participatie
Jaarrekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
1.274.867
1.274.867
1.274.867
-
961.616
961.616
961.616
-
Mutaties
Bijdrage aan bedrijfsvoering: Werkpunt Ontwi kkel i ng Inzet instrumenten: Di a gnos tis che tool en ma tchca re Szeebra
132.492
136.120
135.000
-1.120
1.158.061
950.000
1.100.000
150.000
Ontwi kkel tra jecten WVS
629.128
897.881
960.000
62.119
Kos ten s a menwerki ng WVS en ISD
177.962
68.000
68.000
-
7.974
8.000
7.000
-1.000
1.872.524
1.839.447
2.056.600
217.153
452.000
452.000
Indi vi duel e tra jecten/Ma a twerk
Pra ktijkerva ri ngs pl ekpol i s Bes chut werken Bes chut werk pl a a ts en boven taa ks tel l i ng Bes chut werken rei s kos ten
66.927
72.350
72.350
-
Jobcoa chi ng
261.112
250.000
300.000
50.000
Loonwa a rdemetingen
116.076
150.000
140.000
-10.000
Intens i veri ng na zorg
16.408
94.830
94.830
458.085 7.133.231
264.000 6.967.110
50.000 7.672.263
Project bes tands beheers i ng Totaal lasten
-214.000 705.153
Ba ten Onttrekki ng bes temmi ngs res erve bes tands beheers i ng Totaal baten
113.147 113.147
-
-
-
-
-
-
7.020.084
6.967.110
7.672.263
705.153
Etten-Leur
1.081.954
1.079.205
1.188.434
109.229
Ha l derberge
776.260
771.956
850.087
78.131
Moerdi jk
643.803
647.245
712.753
65.508
3.583.239
3.539.989
3.898.277
358.288
727.860
717.612
790.243
72.631
206.968 7.020.084
211.103 6.967.110
232.470 7.672.263
21.367 705.153
Saldo van lasten en baten Bi jdra gen gemeenten
Roos enda a l Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
3.6 Analyse begroting 2026 t.o.v. begroting 2025 De begroting is gebaseerd op staand beleid en met de huidige inzichten en kaders opgesteld. Omdat er sprake is van een begroting die gebaseerd is op het werkprogramma 2025 kunnen er nog de nodige zaken veranderen.
Werkpunt en Ontwikkeling Het betreft hier personeelslasten, zowel inhuur als in loondienst voor de inzet van het werkgeversservicepunt en klantmanagers. Dit bedrag wordt jaarlijks gelijk gehouden.
Individuele trajecten/maatwerk Deze kosten zijn de laatste jaren gestegen. We verwachten dat dit een blijvende ontwikkeling is. Door blijvende inzet zetten meer inwoners stappen in hun ontwikkeling. Hier zijn kosten voor trajecten aan gekoppeld. Door de complexere doelgroep en de actievere inzet op deze groep inwoners kopen we veelal duurdere trajecten in. Daarnaast nemen door de toename van het aantal inburgeraars de kosten voor de buspassen voor statushouders toe. Evenals de inzet voor participatietrajecten voor inburgeraars.
Ontwikkeltrajecten WVS 17
Binnen de ketensamenwerking is afgestemd dat er 380 ontwikkeltrajecten worden ingezet bij WVS. Daarvan zijn 255 trajecten voor rekening van het Werkplein. Deze aantallen zijn puur rekenkundig voor de begroting. We leggen de focus op kwaliteit in plaats van kwantiteit. De extra kosten ten opzichte van de begroting 2025 betreft indexatie.
Beschut werk In de kaderbrief 2026 gaan we uit van een taakstelling van 182 voor de zes gemeenten gezamenlijk in 2026. Dit is een aanname op basis van de rijkstaakstelling van 2025. De kosten die hier zijn opgenomen betreft de begeleidingsvergoeding a € 11.300 per plaatsing. Deze hogere kosten vanwege hogere aantallen en een hoger tarief worden door het rijk gecompenseerd.