CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

10. Gebundelde stukken Werkplein HvWB

Gemeenteraad 25 juni 2026, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 5e: Raadsvoorstel Zienswijzen begrotingen 2027 Gemeenschappelijke Regelingen34.468 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeid gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten verantwoord in het jaar dat uitbetaling plaats vindt. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt dan ook geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De waarderingsgrondslagen per balansonderdeel worden in het vervolg van deze jaarrekening toegelicht. Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: -

-

De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat:

Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op door de raad is vastgesteld; o Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. o Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening.

Dit betekent dat: o Een verantwoordingsgrens van 2% (€ 2.526.940) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; o Een rapporteringstolerantie van € 100.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen. o

-

Algemeen Hieronder is bij de diverse onderdelen van de vaste activa een toelichting gegeven. Materiële vaste activa Materiële vaste activa zijn fysiek aanwezige activa. Het BBV kent de volgende soorten materiële vaste activa: -

investeringen met een economisch nut;

Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Alle investeringen met een economisch nut > € 15.000 worden conform de financiële verordening geactiveerd. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten, verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. De op de oorspronkelijke verkrijgings- of vervaardigingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur óf technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen. De afschrijvingstermijnen van de Overige materiële vaste activa zijn: • •

Inventaris: 10 jaar Hard- en software: 4 á 5 jaar

Voor laptops, smartphones en beeldschermen wordt een afschrijvingstermijn van 3 jaar aangehouden. De economische levensduur van deze apparatuur is maximaal 3 jaar De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode en starten in het jaar van de

50

investeringsuitgaven. Hierbij wordt de verkrijgingsprijs gelijkmatig verspreid over de verwachte gebruiksduur (in jaren) van het vaste actief. Afschrijvingen geschieden daarnaast onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen. De leeftijd/ouderdom van de vordering (gerekend vanaf het jaar van ontstaan van de vordering) alsmede de CBS-status van de incasso van de vordering bepalen daarbij het verwachte percentage van (mogelijke) oninbaarheid. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Eigen vermogen In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van het algemeen bestuur. Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves.

Zodra het algemeen bestuur aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een AB-besluit genomen voor het einde van het betreffende begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde Voorzieningen Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen (schulden) van de gemeenschappelijke regeling. Om die reden kunnen voorzieningen naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Voorzieningen worden gevormd indien er sprake is van: -

Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten. Op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten.

De vorming van een voorziening, dan wel een dotatie aan een reeds bestaande voorziening, is als een last in het betreffende boekjaar verantwoord. Alle aanwendingen aan voorzieningen zijn rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht en in het verslagjaar niet ten laste van de exploitatie verantwoord. Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Voor het bepalen van het “jaarlijks vergelijkbaar volume” is een tijdsperiode van vier jaar gehanteerd. Rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn niet toegestaan. De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

51

5.2 Balans per 31 december 2025 Balans per 31 december 2025 (in euro’s). Activa Vaste Activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

Ultimo 2025 Ultimo 2024 Passiva Vaste Passiva

113.607

Eigen vermogen 137.061 Gerealiseerd resultaat Bestemmingsreserves Voorzieningen Voorziening voor verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten (art. 44 lid 1a Bbv)

Totaal vaste activa Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist Overige vorderingen

Liquide middelen Banksaldi

Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

113.607

3.346.801 13.400.000 5.197.984

723.251

983.929

137.061 Totaal vaste passiva Vlottende Passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 7.214.936 Overige schulden 11.300.000 5.577.376 Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume 625.324 De voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, ontvangen van: - overige Nederlandse overheidslichamen De overige vooruitontvangen bedragen die ten bate 25.837 van volgende begrotingsjaren komen.

Ultimo 2025 Ultimo 2024

1.178.040 0

955.330 49.170

336.419

354.641

1.514.460

1.359.141

14.833.459

14.526.608

1.298.664

1.391.677

6.117.037

5.446.870

1.951

2.156.238

Totaal vlottende activa

23.651.965

24.743.473 Totaal vlottende passiva

22.251.111

23.521.393

Totaal Activa

23.765.571

24.880.533 Totaal Passiva

23.765.571

24.880.533

Vaste activa Het volgend overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige materiële vaste activa. Omschrijving Laptops Smartphones Vervanging 2 scanners Monitor + docking station Beamer/projector Totaal Werkplein

Boekwaarde 1-1-2025 Investeringen Afschrijvingen 2025 Boekwaarde 31-12-2025 Bedrag 106.303 52.293 80.367 78.229 17.334 38.898 30.300 25.932 10.237 3.413 6.824 3.187 1.593 1.594 1.285 257 1.028 137.061 92.476 115.930 113.607

Tabel: Overige materiële vaste activa 2025

Laptops en smartphones In 2025 liggen de aangeschafte aantallen voor laptops en smartphones in lijn met de begroting waarbij de aanschafprijs voor de smartphones vanaf 2025 hoger is dan waar in de begroting rekening mee is gehouden.

52

Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Gemeente Etten-Leur € 269.493 Gemeente Halderberge € 172.692 Gemeente Moerdijk € 1.810.886 Gemeente Roosendaal € 871.029 Gemeente Rucphen € 123.746 Gemeente Zundert € 76.164 Overige € 22.791 Totaal

€

3.346.801

Schatkistbankieren: Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in 's Rijksschatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, dat afhankelijk is van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Per 1 juli 2022 is het drempelbedrag gewijzigd naar 2,0% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan € 500 miljoen is de drempel gelijk aan € 10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan € 1.000.000.’ De initiële begrotingsomvang 2025 voor het Werkplein bedroeg ruim € 124.759.645. Twee procent hiervan is € 2.495.193. Dit was het drempelbedrag voor 2025. De omvang van de uitzettingen bij ’s Rijksschatkist:

53

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1) Drempelbedrag 2.495 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten (2) 's Rijks schatkist aangehouden 898 654 532 594 middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 1.597 1.841 1.963 1.901 Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag (4a) (4b)

(4c)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

Verslagjaar 124.759 124.759

-

(1) = (4b)*0,02 met een minimum van Drempelbedrag 2.495 €1.000.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

80.843

59.544

48.934

54.620

90

91

92

92

898

654

532

594

Overige vorderingen Vorderingen cliëntdebiteuren Gemeente Etten-Leur Gemeente Halderberge Gemeente Moerdijk Gemeente Roosendaal Gemeente Rucphen Gemeente Zundert Overig

€ € € € € € €

919.672 632.734 576.311 1.535.816 474.350 245.134 -7.051

Totaal

€

4.376.966

54

Vorderingen kapitaalverstrekkingen Gemeente Etten-Leur Gemeente Halderberge Gemeente Moerdijk Gemeente Roosendaal Gemeente Rucphen Gemeente Zundert Overig

€ € € € € € €

93.436 95.489 193.457 164.325 196.645 66.129 11.538

Totaal

€

821.018

Totaal

5.197.984

Invlechting debiteuren participatiewet Werkplein Waarde bijstandsvordering saldo 1-1-2025

Bruto

Voorz.dub.deb.

Netto

7.974.274

2.396.414

5.577.860

Nieuwe bijstandsvorderingen 2025

2.162.808

2.162.808

Ontvangsten 2025

-2.064.064

-2.064.064

Buiten invorderingstellingen 2025

-685.665

-685.665

Saldo 31-12

7.387.353

1.710.749

Inschatting aanv.dotatie vrz. dub.bijstandsdebiteuren 31-12 Waarde bijstandsvordering saldo balans 31-12-2025

7.387.353

5.676.604

478.620

-478.620

2.189.369

5.197.984

De cliëntdebiteuren werden tot en met het jaar 2016 op de balans van de gemeenten opgenomen. In 2017 heeft de Commissie BBV echter een bindende uitspraak gedaan dat niet de gemeenten, maar de Gemeenschappelijk Regeling (in casus het Werkplein) de juridische eigenaar is van de cliëntdebiteuren. Dit heeft tot gevolg dat de cliëntdebiteuren en de daarbij behorende voorziening dubieuze debiteuren op de balans van het Werkplein moeten worden opgenomen. De waarde van de bijstandsvorderingen waren per 31-12-2024 € 7.974.272. Dit bedrag is in 2025 verhoogd met nieuwe vorderingen (€ 2.162.808) en verlaagd met ontvangsten (€ 2.064.064) en buiten invorderingstellingen (€ 685.665) wegens oninbaarheid. Redenen van oninbaarheid zijn schuldregeling, termijn verstreken, verjaring, overlijden e.d., Per saldo wordt de stand per 31-12-2025 € 7.387.353. Hierop is de voorziening dubieuze debiteuren ad € 2.189.369 in mindering gebracht. Per saldo staat een bedrag van € 5.197.984 op de balans van het Werkplein per 31-12-2025. Bij gemeenten staat het bedrag aan vorderingen ad € 5.197.984 als vordering op het Werkplein op de balans (bij Werkplein is dit bedrag opgenomen in de overige schulden onder vlottende passiva). Het bedrag aan dubieuze debiteuren ad € 2.189.369 staat op de gemeentelijke balans als schuld aan het Werkplein.

Zoals al eerder aangegeven is een bedrag van € 17.506 buiten invordering gesteld in verband met de kinderopvangtoeslag-affaire. Dat bedrag is als volgt per gemeente: Gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal

Buiten invordering ivm KOT-affaire 753 1.128 0 15.625 0 0

17.506

55

Liquide middelen Het Werkplein heeft een tweetal bankrekeningen bij de Bank voor Nederlandse gemeenten. Saldo van deze bankrekeningnummers is € 721.282. Met de Bank Nederlandse Gemeenten is vanaf 1 januari 2019 met een open einddatum een kredietfaciliteit van € 2 miljoen afgesproken. Daarnaast bestaat nog een bankrekening bij de Rabobank voor kleine betalingen € 1.969. Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen / vooruitbetaalde bedragen. Gemeente Etten-Leur Gemeente Halderberge Gemeente Moerdijk Gemeente Roosendaal Gemeente Rucphen Gemeente Zundert Overige nog te ontvangen bedragen Voorschotten cliënten

141.556 72.806 91.161 297.373 75.110 22.852 252.678 30.394

Totaal

983.929

Vaste passiva Eigen vermogen

€

1.178.041

Gerealiseerd resultaat

€

1.178.041

Het gerealiseerde resultaat van 2024 ad € 1.004.500 is voor een deel uitgekeerd en voor een deel gestort in de bestemmingsreserves bedrijfsvoering. Het bedrag van € 955.330 is uitgekeerd aan de gemeenten.

Bestemmingsreserves

Bestemmingsreserve Saldo per 1-1 2025 Resultaatbestemming voorgaand boekjaar Onttrekkingen Saldo per 31-12-2025

Bedrijfsvoering 49.170 49.170 -

De bestemmingsreserve bedrijfsvoering heeft betrekking op: - Opleidingskosten: Omgaan met norm overschrijdend gedrag voor een bedrag van € 39.755 - ICT kosten: digitaal aanvragen individuele inkomenstoeslag voor een bedrag van € 9.415 Beide onderdelen zijn in 2025 tot uiting gekomen en zijn onttrokken aan de bestemmingsreserve.

56

Voorziening Voorziening voor verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten.

Voorziening verlof Saldo per 1-1 2025 Toevoegingen Vrijgevallen bedragen Saldo per 31-12-2025

Totaal 354.641 96.177 -114.398 336.419

In de cao is de mogelijkheid tot verlofsparen opgenomen voor medewerkers. Onder verlofsparen vallen de opgespaarde uren die specifiek bedoeld zijn als verlofsparen, maar ook de overmatige bovenwettelijke verlofuren. Dat betekent dat verlof over meerdere jaren kan worden opgenomen. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, dient hier een voorziening voor gevormd te worden. Veertien medewerkers hebben in 2025 gebruik gemaakt hiervan. Totaal hebben we een bedrag van € 114.398 laten vrijvallen om deze kosten te dekken.

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Crediteuren Af te dragen loonheffing en premies Af te dragen pensioenpremies Betalingen aan klant Af te dragen loonheffing uitkeringen Overig

€ € € € € €

783.268 923.613 195.263 5.194.600 2.531.224 7.507

Vorderingen clientdebiteuren als schuld aan gemeenten Vorderingen kapitaalverstrekkingen als schuld aan gemeenten

€ €

4.376.966 821.018

Totaal

€ 14.833.459

Overlopende passiva De overlopende passiva kunnen als volgt worden gespecificeerd:

De Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume dienen onder de overlopende passiva te worden verantwoord.

57

Voorzieningen dub debiteuren Debiteuren Suite Dotaties Afrekening mutaties TP kosten in 2025 Afrekening debiteuren 2025 Afrekening programma's 2025 Overige te betalen bedragen

€ € € € € € € €

1.325 7.387.353 -15.128.506 -525.183 -421.347 -474.349 -1.299.160

€ 2.189.368 € -7.387.353 € -9.960.701 € 15.128.507 € 734.107 € 85.774 € 508.467 € 496

Totaal

€

-10.459.867

€ 1.298.664

De in de balans opgenomen van Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, kunnen als volgt gespecificeerd worden: Ontvangen Vrijgevallen Overboeking Omschrijving SISA regeling Saldo 1-1-2025 bedragen bedragen Terugbetalingen WI21<->OR Saldo 31-12-2025 Overige Nederlandse overheidslichamen Wet Inburgering WI21 G10 5.398.850 3.860.543 3.162.618 -26.747 6.070.028 Onderwijsroute G13 48.020 245.381 266.278 6.861 26.747 47.009 Totaal aan NL overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor specifieke uitkeringen die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren 5.446.870 4.105.924 3.428.896 6.861 6.117.037

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Langlopende financiële verplichtingen Het Werkplein Hart van West-Brabant is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Hierna volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen: a. Huurovereenkomst locatie Etten-Leur. Vanaf 1 januari 2025 is een nieuwe huurovereenkomst afgesloten voor een periode van 10 jaar (t/m 31 december 2034) voor een bedrag van € 322.963 per jaar. b. Dienstverleningsovereenkomst ondersteunende diensten (gemeente Etten-Leur), circa € 391.738 per jaar. Dit betreft de ondersteuning op het gebied van financiën, personeel & organisatie. Deze overeenkomst is gestart op 1 januari 2015 voor een looptijd van 5 jaar en wordt steeds stilzwijgend verlengd met 5 jaar. Vanaf 2020 is er een overeenkomst met gemeente Roosendaal voor KCC-telefonie (€ 62.518 per jaar) en enkele afzonderlijke taken zoals inkoopadviezen. Deze overeenkomst wordt vanaf 2025 steeds stilzwijgend verlengd voor 1 jaar met een opzegtermijn van 3 maanden. c.

Onderhoudsovereenkomst programmatuur betaalsysteem (Suite) (circa € 235.825 per jaar). Looptijd is 4 jaar vanaf februari 2019. Binnen de overeenkomst is de afspraak gemaakt dat na de looptijd van 4 jaar het Werkplein de mogelijkheid heeft om, met een maximum van 6 jaar, het contract telkens met 1 jaar te verlengen. Tot op heden heeft deze jaarlijkse verlening plaatsgevonden. Eind 2028 stopt deze overeenkomst.

Het Werkplein beschikt over een groot aantal inhuurcontracten die het Werkplein is aangegaan. Het uitgangspunt is om contracten korter dan een jaar aan te gaan.

58

Gebeurtenissen na balansdatum Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum.

6 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening met toelichting In 2025 bedroegen de totale lasten van het Werkplein € 126.347.000. De baten bedroegen € 127.475.870. Dat geeft een voordelig resultaat van € 1.128.870 op de bedrijfsvoering. Hiernaast hebben we een bestemmingsreserve ingezet van € 49.170. Er is dus sprake van een voordelig resultaat van € 1.178.040. In de programmaverantwoording is voor de programma’s Werk en Participatie, Inkomen, Inkomensondersteuning en Inburgering in de paragraaf 3.1.4 (“Wat mag het kosten?”) een analyse opgenomen van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de gerealiseerde baten en lasten. De plustaken (Tozo, Leefgeld Oekraïners en de Alleenverdienersproblematiek) worden daar ook toegelicht. In de jaarrekening is voor het programma Bedrijfsvoering een analyse opgenomen in de volgende paragraaf (6.1Toelichting kosten bedrijfsvoering). De analyse van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening is opgenomen in de programmaverantwoording. Deze analyse maakt onderdeel uit van de jaarstukken.

Overzicht van baten en lasten jaarrekening 2025 Programma's: Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomensondersteuning Programma Inburgering Onderwijsroute Extra taken vluchtelingenwerk Tozo regelingen Leefgeld Oekrainers

Begroting 2025 Baten 1.135.943 715.000 -

Lasten 6.967.111 79.385.364 10.247.234 5.767.710 276.250 -

Begroting 2025 na wijziging Saldo 6.967.111 78.249.421 9.532.234 5.767.710 276.250 -

Baten 113.000 1.312.380 757.236 -

Lasten 7.628.243 85.445.368 10.598.294 3.860.548 245.381 273.490 317.051

Jaarrekening 2025

Saldo 7.515.243 84.132.988 9.841.058 3.860.548 245.381 273.490 317.051

Compensatie loonkosten Beschut werk

-

-

-

-

-

Alleenverdienersproblematiek

-

-

-

-

241.894

241.894

1.850.943 1.850.943

102.643.669 22.115.977 124.759.645

100.792.726 22.115.977 122.908.702

2.182.616 465.000 2.647.616

108.610.270 19.395.359 128.005.629

106.427.653 18.930.359 125.358.013

Subtotaal programma's Programma Bedrijfsvoering Totaal Algemene dekkingsmiddelen:

Begroting 2025

Baten

Lasten

2.024.446 782.742 2.807.188

Lasten 7.492.941 85.284.172 10.386.992 3.162.618 266.278 273.490 318.810

Saldo 7.399.740 84.030.403 9.722.467 3.162.618 266.278 273.490 -12.951 318.810

489.303

489.303

88.165

88.165

107.762.769 18.584.231 126.347.000

105.738.323 17.801.489 123.539.812

Jaarrekening 2025 Saldo

Baten

-18.930.359 -7.515.243 -84.132.988 -9.841.058 -3.860.548 -245.381 -273.490 -317.051

18.930.359 7.399.740 84.030.403 9.722.467 3.162.618 266.278 273.490 -12.951 318.810

-18.930.359 -7.399.740 -84.030.403 -9.722.467 -3.162.618 -266.278 -273.490 12.951 -318.810

Lasten

Saldo

19.607.897 6.967.111 78.249.421 9.532.234 5.767.710 276.250 -

-19.607.897 -6.967.111 -78.249.421 -9.532.234 -5.767.710 -276.250 -

Compensatie loonkosten Beschut werk

-

-

-

-

489.303

-489.303

Alleenverdienersproblematiek Doorberekende loonkosten Bijdrage plustaak voorzieningenwijzer Totaal algemene dekkingsmiddelen Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Resultaat voor mutatie reserves Onttrekkingen aan reserves Resultaat

2.236.483 271.596 122.908.702

-2.236.483 -271.596 -122.908.702

241.894

-241.894

88.165

-88.165

125.358.013

-125.358.013

124.668.683

0

128.005.629

0

127.475.870

124.759.645

124.759.645

18.930.359 7.515.243 84.132.988 9.841.058 3.860.548 245.381 273.490 317.051

12.951 -

Begroting 2025 na wijziging

Gemeentelijke bijdragen Programma's: Bedrijfsvoering Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomensondersteuning Programma Inburgering Onderwijsroute Extra taken vluchtelingenwerk Tozo regelingen Leefgeld Oekrainers

-

Baten 93.201 1.253.769 664.525 -

128.005.629

49.170

126.347.000

-124.668.683 -1.128.870 -1.128.870 -49.170 -1.178.040

Tabel: Overzicht van Baten en Lasten per programma 2025

59

Overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Er zijn geen structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves geweest in 2025.

6.1 Toelichting kosten bedrijfsvoering Bij de begroting voor 2025 zijn door de gemeenteraden een aantal financiële begrotingsuitgangspunten aangegeven. Hier wordt de navolging daarvan aangegeven.:

Nr.

Richtlijn begroting

Toepassing

Financieel

1

We verwachten van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling dat zij uiterlijk 15 april 2024, maar bij voorkeur vóór 1 april 2024, een structureel sluitende meerjarenbegroting voor komende vier jaar aanbiedt aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling vermeldt duidelijk de inhoudelijke en financiële uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting neemt de gemeenschappelijke regeling ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer.

De begroting voor 2025 was sluitend. In de bijlagen is de gemeentelijke bijdragen voor 2025 opgenomen.

2

De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken opgenomen, behalve als dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten.

In de begroting voor 2025 was geen nieuw beleid opgenomen.

3

De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de gemeenschappelijke regeling de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de gemeenschappelijke regeling in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen.

In deze paragraaf is het verloop van de bestemmingsreserves opgenomen. Dit betreft een bedrag voor opleidings- en ICT kosten. De kosten vallen in boekjaar 2025 waarbij het verzoek zal worden gedaan voor vrijval van de reserve.

4

De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAO-indexering, overige CAO afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente Rijkscirculaire voor zowel de loon- als de prijsindex.

De begroting 2025 is eenmaal (1e begrotingswijziging 2025) aangepast. De loonkosten zijn op basis van de CAO 2025-2027 aangepast.

60

5

Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAOafspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd.

Voor de begroting bedrijfsvoeringskosten hanteren we de in de meest recente gepubliceerde (septembercirculaire) prijsontwikkeling BBP en loonvoetsector overheid. Bij een afwijking van 1% gaat het dan al gauw om ruim 2 ton. Wat is een beperkte reserve? Bovendien is deze systematiek niet van toepassing op de overige programma’s. De vraag is dus of een begrotingswijziging en daarmee zienswijzeprocedure kan worden voorkomen. (Zie punt 6).

6

Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.

Bij wijzigingen in de kwantiteit van de dienstverlening wordt de bijdrage binnen de 1e begrotingswijziging aangepast.

7

Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. Over een dergelijk voorstel besluit het Algemeen Bestuur.

Het positieve resultaat bedrijfsvoering wordt aan de gemeenten uitgekeerd.

8

In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de gemeenschappelijke regeling de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft de gemeenschappelijke regeling inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit

De risico’s zijn in paragraaf 4.4 toegelicht.

Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2025

1

De op het Werkplein HvWB betrekking hebbende ramingen en effecten van de ketensamenwerking worden herkenbaar in een afzonderlijke paragraaf in de begroting 2025 opgenomen. Het Werkplein HvWB zorgt ervoor dat haar begroting op dit punt aansluit bij de begrotingen van WVS en de ISD Brabantse Wal.

Zie paragraaf 2.1.5

2

Het Werkplein maakt een onderbouwde meerjarige prognose van het aantal bijstandontvangers per gemeente.

Dit is in de begroting voor 2025 opgenomen.

3

Het Werkplein neemt in de bijlagen van de begroting een overzicht op met het verloop van de vaste en tijdelijke formatie sinds 2015. Hieruit blijkt welke mutaties er sinds 2015 in de formatie zijn doorgevoerd en met welke reden en de besluitvorming hierover.

Dit is in de begroting voor 2025 opgenomen.

4

Het Werkplein verschaft in de diverse P&Cdocumenten inzicht in de stand van de vorderingen en de voorziening dubieuze debiteuren.

Dat is in de jaarrekening 2025 opgenomen.

61

De kosten van bedrijfsvoering bedroegen in 2025 € 18.584.231. De baten bedrijfsvoering bedroegen € 782.742. De algemene dekkingsmiddelen zijn € 18.930.362. Per saldo is er sprake van een voordelig resultaat van € 1.128.870 ten opzichte van de gewijzigde begroting 2025. Kosten Bedrijfsvoering Lasten Loonkosten Overige loonkosten Overige personeelskosten Organisatiekosten Ondersteunende diensten Huisvestingskosten Facilitaire kosten Financiën Juridische kosten Communicatie ICT kosten Onvoorzien Totaal lasten Baten Rentebaten Bijdrage plustaken gemeenten Bijdrage gemeenten uitvoering Energietoeslag Bijdrage gemeenten uitvoering leefgeld Oekrainers Baten overig Doorberekende loonkosten Bijdrage uitvoering alleenverdieners Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Begroting 2025 na wijziging

Jaarrekening 2025

14.834.970 352.466 444.086 73.224 387.124 452.333 338.870 101.433 5.846 58.806 1.403.803 0 18.452.962

18.184.467 386.633 384.444 180.544 416.583 494.966 353.475 98.261 13.717 25.000 1.527.887 50.000 22.115.976

15.939.965 0 378.524 180.544 391.738 494.966 353.475 98.261 5.000 25.000 1.527.887 0 19.395.359

15.285.388 0 460.103 102.388 391.738 328.587 343.968 121.167 2.693 30.804 1.517.396 0 18.584.231

-654.577 0 81.579 -78.156 0 -166.379 -9.507 22.906 -2.307 5.804 -10.491 0 -811.129

570.196 274.269 30.240

271.596

465.000 0 0

462.004 0 0

-2.996 0 0

0

0

0

320.738 0 0 782.742 17.801.489

320.738 0 0 317.742 -1.128.870

3.237.929 2.084.659 2.379.086 7.614.348 1.516.152 969.315 17.801.489

-205.869 -131.817 -150.987 -483.264 -95.795 -61.139 -1.128.870 -49.170 -1.178.040

12.513 137.372 0 57.075 1.081.665 17.371.297

2.508.079 19.607.897

0 0 0 465.000 18.930.359

3.310.155 2.171.054 2.413.645 7.943.771 1.492.755 1.044.417 18.375.798

3.576.043 2.292.456 2.619.246 8.387.628 1.668.387 1.064.137 19.607.897

3.443.798 2.216.477 2.530.073 8.097.611 1.611.947 1.030.454 18.930.359

2.236.483

Verschil

Tabel: Overzicht van Baten en Lasten Bedrijfsvoering 2025

Toelichting gewijzigde begroting 2025 ten opzichte van de begroting 2025 De 3 grootste wijzigingen zijn: •

• •

loonkosten vanwege de nieuwe cao voor het jaar 2025 € 386.914 lagere kosten. In de begroting 2025 is met een hoger percentage loonindexering gewerkt dan uiteindelijk in de CAO voor het jaar 2025 is opgenomen. De doorberekende loonkosten zijn verwijderd uit de baten en direct verrekend met de lasten loonkosten. Dit betreft een bedrag van € 2.236.483. Het opnemen van de rentebaten i.v.m. een liquiditeitsoverschot.

Toelichting resultaat ten opzichte van de gewijzigde begroting 2025

62

Loonkosten/inhuur € 654.577 voordeliger. De loonkosten zijn lager uitgevallen als gevolg van: •

• • • •

Voor het team Werkpunt en Inburgering is voor de functie van regiehouder rekening gehouden met een extra formatie van 1,6 i.v.m. de extra taakstelling statushouders. Dat geldt ook voor de administratieve ondersteuning en ontzorgen waar 2 formatieplaatsen voor zijn begroot. Deze zijn deels lopende het jaar ingevuld. Door latere invulling en verloop is een voordeel ontstaan van € 396.700. Ontvangen loonkostensubsidie, vergoedingen UWV bij diverse teams voor een bedrag van ca € 80.000 Voor alle teams zien we door tussentijdse personeelswijzigingen en lagere inschaling een voordeel in de loonkosten ontstaan. Het inzetten van personeel voor de MAP training voor programma Inburgering, een voordelig effect van ca € 20.000 Lagere middelen ingezet voor inhuur bij ziekte

Overige personeelskosten € 81.579 nadeliger De overige personeelskosten betreffen de kosten van opleidingen, personeelsvereniging, arbozorg en representatieve kosten. Er zijn in het kader van de vitaliteit, stoelmassages aangeboden. In 2025 zijn de arbokosten daarmee iets hoger uitgevallen. In 2025 zijn er ook diverse personeelsbijeenkomsten georganiseerd waaronder het 10-jarig bestaan van het Werkplein, de trainingen Wij van het Werkplein waarvoor trainingsruimtes gehuurd moesten worden, afscheidsbijeenkomsten vanwege pensionering en de kerstbijeenkomst. Deze kosten zijn hier geboekt maar geraamd onder de loonkosten. De opleidingskosten zijn ook hoger uitgevallen maar daar is in de bestemmingsreserve van boekjaar 2024 ook rekening mee gehouden.

Organisatiekosten € 78.156 voordeliger In 2025 is de nadruk gelegd op zelforganisatie. Hier zijn diverse bijeenkomsten voor georganiseerd. Daarnaast is een arbeidsmarktcampagne opgezet. In 2024 is de overstap gemaakt naar het eigen risicodragerschap ziektewet. Van het behaalde voordeel is de helft (€ 50.000) geraamd voor duurzame inzetbaarheid. In 2025 is behalve een aantal coaching trajecten geen gebruik van gemaakt. Huisvestingskosten € 166.379 voordeliger In 2025 is de locatie Raadhuisplein 4 grondig verbouwd en zijn de afspraken voor werkplekken en huur ruimte aanzienlijk gewijzigd. Ivm minder oppervlakte huurruimte en minder werkplekken zijn de kosten voor huisvesting fors lager. Facilitaire kosten € 9.507 voordeliger Onder de facilitaire kosten vallen oa de abonnementen, frankeerkosten, kantoorbenodigdheden en beveiliging etc. We zien dat het archiefbeheer qua kosten lager is uitgevallen net zoals de beveiligingskosten die ook een iets lagere kostenpost laten zien. Financiële kosten € 22.906 nadeliger De financiële kosten vallen hoger uit ivm meerwerk accountant van boekjaar 2024 en de uitbesteding van de noodzakelijke werkzaamheden voor spendanalyse. Deze geeft inzicht in alle inkopen en of daarvoor de juiste procedures qua inkoop zijn gevolgd. Communicatie € 5.804 nadeliger Voor diverse projecten zijn extra kosten gemaakt voor fotografie en edit-werkzaamheden.

De iets 63

hogere kosten hebben ook te maken met de overgang van opmaak extern naar intern. Juridische kosten € 2.307 voordeliger De lagere juridische kosten komen door minder zittingen van de bezwarencommissie, onder meer door minder bezwaarschriften en minder complexe bezwaarschriften. ICT-kosten € 45.831 voordeliger De lagere kosten komen voornamelijk door: • • • •

Geen onderhoudskosten dit boekjaar voor scanners. Een aantal kosten die via ICT WBW zijn verwerkt. Een aantal licentiekosten die zijn komen te vervallen Lagere afschrijvingskosten i.v.m. een lagere investering in 2025

Baten De baten/ontvangsten zijn in 2025 € 317.742 voordeliger uitgevallen. Dit bestaat voornamelijk uit: -Inzet Werkplein tbv NPR 2025 (2 ton) -Ontvangen restitutie fee van Flex West-Brabant over het jaar 2024 (44.000) -En diverse doorbelastingen waaronder Samenwerking op informatie (64.000). Bijdrage gemeenten De verwachte daling van de lasten voor 2025 zijn al bij de 1e begrotingswijziging 2025 met € 677.538 verlaagd. Dat was voornamelijk vanwege de cao voor samenwerkingsverbanden en gemeenten en de verwachte rentebaten.

6.2 Incidentele baten en lasten In de jaarrekening is sprake van enkele incidentele lasten en baten. Hieronder worden deze posten vermeld.

Incidentele lasten en baten

Baten

Lasten

Bedrijfsvoering:

Baten

Lasten

Bijdrage gemeente Roosendaal NPR

205.500

205.500

Bijdrage Samenwerking informatievoorziening

64.098

64.098

Bijdrage derden

6.758

6.758

Voorziening verlofsparen/RVU

18.221

Totaal

294.577

276.356

Tabel: Incidentele baten en lasten 2025

64

De incidentele baten en lasten betreffen de volgende zaken: •

In gemeente Roosendaal is er het afgelopen jaar veel aandacht voor het Nationaal Programma Roosendaal geweest. Het Werkplein heeft een actieve rol in een aantal projecten, de kosten van deze medewerkers hebben we doorbelast (€ 205.500). • In het kader van de samenwerking Informatie hebben een aantal doorbelastingen plaatsgevonden naar de andere deelnemers € 64.098 • In 2025 is sprake geweest van een tijdelijke detachering van 1 medewerker voor een dag per week ad € 3.459. • Verder hebben we een aantal kleine bedragen doorbelast aan gemeente Etten-Leur, RWB die we gezamenlijk hebben gemaakt van totaal € 3.299 • In 2025 hebben we zowel gedoteerd als onttrokken aan de voorziening verlofsparen. Per saldo is er een bedrag van € 18.221 onttrokken aan deze voorziening.

6.3 Informatie wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) Het voor het Werkplein Hart van West-Brabant toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 € 246.000 (het algemeen bezoldigingsmaximum). Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling.

65

1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 2.100 of minder

66

7. Overzicht van gerealiseerde baten en lasten per taakveld In de herziening van het BBV wordt voorgeschreven dat de colleges (bestuur gemeenschappelijke regeling) de ramingen en realisatiecijfers die zij moeten leveren voor de begrotingsuitvoering, indelen aan de hand van taakvelden, waaraan de bijbehorende baten en lasten moeten worden toegerekend. De gegevens dienen ook gebruikt te worden voor de financiële informatie die gemeenten/Werkplein aan het CBS moeten aanleveren om te voorzien in de informatiebehoefte van het Rijk, de EU en het CBS in verband met landelijke statistieken en ten behoeve van onderzoeksdoeleinden. Onderstaand zijn de realisatiecijfers van 2025 verdeeld naar taakvelden. Uitgangspunten zijn de volgende: •

•

•

Alle directe kosten worden aan een taakveld toegerekend, denk hierbij aan de kosten van uitkeringen, minimabeleid maar ook re-integratie activiteiten. De kosten van programma Werk en Participatie zijn geheel toegerekend aan Taakveld Arbeidsparticipatie (6.5). De kosten van programma Inkomen en Inkomensondersteuning zijn geheel toegerekend aan Taakveld Inkomensregelingen (6.3). De kosten van Inburgering (inclusief Onderwijsroute en Extra taken vluchtelingenwerk) zijn toegekend aan Taakveld Samenkracht en burgerparticipatie (6.1). De middelen vanuit het Rijk bedoeld ter compensatie van de begeleiding beschut werk, hebben we aan Taakveld Arbeidsparticipatie (6.5) toegekend. Deze middelen zijn ingezet als begeleidingsvergoeding. Van de bedrijfsvoeringskosten vallen alle kosten onder overhead tenzij een directe relatie met een taakveld hebben. Voor het Werkplein zijn de loonkosten, overige personeelskosten en inhuurkosten van medewerkers die direct met de uitvoering van de taken arbeidsparticipatie en inkomensregelingen aan die taakvelden toegerekend. De overige loonkosten vallen onder overhead.

67

Taakveld

Lasten Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomensondersteuning Programma Inburgering Onderwijsroute Extra taken vluchtelingenwerk Leefgeld Oekrainers Compensatie loonkosten Beschut werk Alleenverdienersproblematiek Bedrijfsvoering Totaal lasten Baten Bedrijfsvoering Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomensondersteuning Inburgering Onderwijsroute Extra taken vluchtelingenwerk Leefgeld Oekrainers Compensatie loonkosten Beschut werk Alleenverdienersproblematiek Totaal baten Resultaat

Begroting 2025 na wijziging

Jaarrekening Overhead (0.4) 2025

7.628.243 85.445.368 10.598.294 3.860.548 245.381 273.490 317.051 241.894 19.395.359 128.005.629

7.492.941 85.284.172 10.386.992 3.162.618 266.278 273.490 318.810 489.303 88.165 18.584.231 126.347.000

19.395.359 7.628.243 85.445.368 10.598.294 3.860.548 245.381 273.490 317.051 241.894 128.005.629 -0

19.713.101 7.492.941 85.284.172 10.386.992 3.162.618 266.278 273.490 318.810 489.303 88.165 127.475.870 1.128.870

Samenkracht en burger participatie (6.1)

Inkomens regelingen (6.3)

Arbeids participatie (6.5)

7.492.941 85.284.172 10.386.992 3.162.618 266.278 273.490 318.810 489.303 10.860.534 10.860.534

3.702.386

88.165 3.835.344 99.913.483

3.888.353 11.870.597

19.713.101 7.492.941 85.284.172 10.386.992 3.162.618 266.278 273.490

19.713.101 8.852.567

3.702.386 -

318.810 489.303 88.165 96.567.442 -3.346.041

7.492.941 -4.377.656

Tabel: Overzicht van gerealiseerde baten en lasten per taakveld 2025

68

8. Rechtmatigheidsverantwoording

Verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruiken oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is door het Algemeen Bestuur op 15 december 2025 vastgestelde normenkader van de relevante weten regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 2.526.940.

De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen bedrag € 511.959 bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van € 2.526.940. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur overigens een bedrag van € 511.959 acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken.

69

Begrotingscriterium 1A. Overschrijding lasten programma’s (of indien van toepassing een ander door het Algemeen Bestuur vastgesteld autorisatieniveau) 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) 2. Ongeautoriseerde reservemutaties 3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan het AB zijn gemeld. Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar dit vooraf vastgestelde beleid. De niet ‐acceptabele begrotingsonrechtmatigheden worden inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht. Voorwaardencriterium 5. Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed M&O criterium 6. Geen bevindingen. Totaal Onrechtmatigheden Waarvan acceptabel Waarvan niet‐acceptabel

Euro's € €

511.959 -

€

-

€ €

511.959

€

511.959

€

-

€

257.881

€ € €

769.840 511.959 257.881

De geconstateerde afwijkingen betreffen een begrotingsonrechtmatigheid vanwege overschrijding lasten ad € 511.959 en twee onrechtmatige aanbestedingen van totaal € 257.881. In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

70

9. SISA-bijlage bij de jaarrekening

SISA-bijlage bij de jaarrekening Jaarlijks dient middels een bijlage bij de jaarrekening verantwoording te worden afgelegd over de besteding van een aantal specifieke uitkeringen. In deze bijlage zijn hiertoe een aantal kengetallen c.q. bedragen opgenomen. De exact in te vullen gegevens per regeling worden door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties via haar website beschikbaar gesteld.

ocw

Ontvanger

G2B

Specifieke uitkering

Uitkeringscode

SZW

Juridische grondslag

Verstrekker

SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2025 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 07-01-2026

Gebundelde uitkering op grond van artikel 69 Participatiewet_deel openbaar lichaam 2025

Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden)

Indicator Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen

Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd

Indicator Besteding (jaar T) algemene bijstand

Indicator Indicator Baten (jaar T) algemene bijstand Besteding (jaar T) IOAW (exclusief Rijk)

Indicator Baten (jaar T) IOAW (exclusief Rijk)

Indicator Besteding (jaar T) IOAZ

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

I.1 Participatiewet (PW)

I.1 Participatiewet (PW)

I.2 Wet inkomensvoorziening I.2 Wet inkomensvoorziening I.3 Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk oudere en gedeeltelijk oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze arbeidsongeschikte werkloze arbeidsongeschikte gewezen werknemers (IOAW) werknemers (IOAW) zelfstandigen (IOAZ) Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G2B/03 Indicator: G2B/04 Indicator: G2B/05 Indicator: G2B/06 € 365.451 € 527 € 38.410 € 338.505 € 244 € 58.252 € 490.628 €0 € 89.952 € 974.988 € 2.270 € 121.801 € 239.572 € 5.175 € 16.254 € 184.748 €0 € 85.408

Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: G2B/01 Indicator: G2B/02 1 060777 Gemeente Etten-Leur € 13.520.587 € 230.105 2 061655 Gemeente Halderberge € 8.697.201 € 91.869 3 061709 Gemeente Moerdijk € 9.646.491 € 219.199 4 061674 Gemeente Roosendaal € 33.635.884 € 456.821 5 060840 Gemeente Rucphen € 6.547.100 € 154.066 6 060879 Gemeente Zundert € 3.762.779 € 37.389 7 99 100 Hieronder verschijnt de Baten (jaar T) IOAZ (exclusief Besteding (jaar T) Bbz 2004 gemeente(code) conform de Rijk) levensonderhoud keuzes gemaakt bij G2B/01 In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Baten (jaar T) Bbz 2004 Baten (jaar T) WWIK (exclusief levensonderhoud (exclusief Rijk) Rijk)

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

I.3 Wet inkomensvoorziening I.4 Besluit bijstandverlening I.4 Besluit bijstandverlening I.6 Wet werk en inkomen oudere en gedeeltelijk zelfstandigen 2004 zelfstandigen 2004 kunstenaars (WWIK) arbeidsongeschikte gewezen (levensonderhoud) (Bbz 2004) (levensonderhoud) (Bbz 2004) zelfstandigen (IOAZ) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G2B/07 Indicator: G2B/08 Indicator: G2B/09 Indicator: G2B/10 Indicator: G2B/11 1 060777 Gemeente Etten-Leur €0 € 14.447 €0 €0 2 061655 Gemeente Halderberge 0 € 36.558 € 22.074 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk €0 € 35.217 € 28.920 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal €0 € 86.595 € 62.020 €0 5 060840 Gemeente Rucphen €0 €0 € 409 €0 6 060879 Gemeente Zundert €0 € 12.756 € 250 €0 7 100 Hieronder verschijnt de Besteding (jaar T) Baten (jaar T) Gederfde baten die voortvloeien Mutaties (dotaties en vrijval) gemeente(code) conform de Loonkostensubsidie o.g.v. art. Loonkostensubsidie o.g.v. art. uit kwijtschelden schulden voorziening dubieuze debiteuren keuzes gemaakt bij G2B/01 10d Participatiewet 10d Participatiewet (exclusief gebundelde uitkering als gevolg van kwijt te schelden Rijk) Participatiewet (in jaar T) i.v.m. schulden gebundelde uitkering de hersteloperatie Participatiewet (jaar T) i.v.m.

de kinderopvangtoeslagaffaire hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

I.7 Participatiewet (PW) I.7 Participatiewet (PW) Participatiewet (PW) Participatiewet (PW) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle D2 Indicator: G2B/12 Indicator: G2B/13 Indicator: G2B/14 Indicator: G2B/15 Indicator: G2B/16 1 060777 Gemeente Etten-Leur € 1.168.164 € 19.268 €0 € 301 2 061655 Gemeente Halderberge € 573.652 € 2.273 €0 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk € 803.981 € 151 €0 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal € 2.290.189 € 6.946 € 15.625 € 9.862 5 060840 Gemeente Rucphen € 519.057 € 220 €0 €0 6 060879 Gemeente Zundert € 498.587 € 1.725 €0 €0 7 100

71

SZW

G3B

Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (uitsluitend kapitaalverstrekking)_deel openbaar lichaam 2025

Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) 2004 Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden)

Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen

Besteding (jaar T) kapitaalverstrekking

Baten (jaar T) vanwege vanaf 1 januari 2020 verstrekt kapitaal (exclusief Rijk)

Baten vanwege vóór 1 januari Besteding (jaar T) Bob 2020 verstrekt kapitaal (exclusief Rijk)

Baten (jaar T) Bob (exclusief Rijk)

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd. Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G3B/01 Indicator: G3B/02 Indicator: G3B/03 Indicator: G3B/04 Indicator: G3B/05 Indicator: G3B/06 1 060777 Gemeente Etten-Leur €0 €0 € 12.250 €0 €0 2 061655 Gemeente Halderberge €0 € 3.318 € 1.345 €0 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk € 43.369 € 36.216 € 5.084 €0 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal € 20.834 € 4.589 € 4.122 €0 €0 5 060840 Gemeente Rucphen €0 € 30.865 € 4.219 €0 €0 6 060879 Gemeente Zundert € 12.000 € 2.093 € 21.842 €0 €0 7 8 100 Hieronder verschijnt de Besteding (jaar T) BBZ vóór 2020 – BBZ vóór 2020 – BBZ vóór 2020 – BBZ vanaf 2020 – gemeente(code) conform de onderzoekskosten levensonderhoud (exclusief kapitaalverstrekking (exclusief levensonderhoud en kapitaalverstrekking keuzes gemaakt bij G3B/01 artikel 52, eerste lid, onderdeel BOB) BOB) kapitaalverstrekkingen (BOB) b, Bbz 2004 (Bob) In de kolommen hiernaast de Deel openbaar lichaam Gederfde baten die voortvloeien Gederfde baten die voortvloeien Gederfde baten die voortvloeien Gederfde baten die voortvloeien verantwoordingsinformatie voor uit kwijtschelden schulden uit kwijtschelden van uit kwijtschelden schulden uit kwijtschelden van die gemeente invullen

levensonderhoud BBZ in (jaar T) achterstallige betalingen levensonderhoud BBZ en achterstallige betalingen (exclusief BOB) i.v.m. de kapitaalverstrekkingen BBZ in achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BBZ in hersteloperatie (jaar T) (exclusief BOB) i.v.m. kapitaalverstrekkingen BOB in( (jaar T) i.v.m. de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire de hersteloperatie jaar T) i.v.m. de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire kinderopvangtoeslagaffaire kinderopvangtoeslagaffaire Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G3B/07 Indicator: G3B/08 Indicator: G3B/09 Indicator: G3B/10 Indicator: G3B/11 Indicator: G3B/12 1 060777 Gemeente Etten-Leur €0 €0 €0 €0 €0 2 061655 Gemeente Halderberge €0 €0 €0 €0 €0 3 061709 Gemeente Moerdijk €0 €0 €0 €0 €0 4 061674 Gemeente Roosendaal €0 €0 €0 €0 €0 5 060840 Gemeente Rucphen €0 €0 €0 €0 €0 6 060879 Gemeente Zundert €0 €0 €0 €0 €0 7 8 100

SZW

G4B

Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)_ deel openbaar lichaam 2025

Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden)

Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen

Welke regeling betreft het? Vul in Tozo 1, 2, 3, 4 of 5

Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd. Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/01 1 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo1 2 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo2 3 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo3 4 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo4 5 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo5 6 061655 Gemeente Halderberge Tozo1 7 061655 Gemeente Halderberge Tozo2 8 061655 Gemeente Halderberge Tozo3 9 061655 Gemeente Halderberge Tozo4 10 061655 Gemeente Halderberge Tozo5 11 061709 Gemeente Moerdijk Tozo1 12 061709 Gemeente Moerdijk Tozo2 13 061709 Gemeente Moerdijk Tozo3 14 061709 Gemeente Moerdijk Tozo4 15 061709 Gemeente Moerdijk Tozo5 16 061674 Gemeente Roosendaal Tozo1 17 061674 Gemeente Roosendaal Tozo2 18 061674 Gemeente Roosendaal Tozo3 19 061674 Gemeente Roosendaal Tozo4 20 061674 Gemeente Roosendaal Tozo5 21 060840 Gemeente Rucphen Tozo1 22 060840 Gemeente Rucphen Tozo2 23 060840 Gemeente Rucphen Tozo3 24 060840 Gemeente Rucphen Tozo4 25 060840 Gemeente Rucphen Tozo5 26 060879 Gemeente Zundert Tozo1 27 060879 Gemeente Zundert Tozo2 28 060879 Gemeente Zundert Tozo3 29 060879 Gemeente Zundert Tozo4 30 060879 Gemeente Zundert Tozo5 31 100

Hieronder verschijnt de gemeente(code) conform de keuzes gemaakt bij G4B/01

Besteding (jaar T) kapitaalverstrekking

Baten (jaar T) levensonderhoud

Baten (jaar T) kapitaalverstrekking (aflossing)

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/02

Hieronder verschijnt de keuze regeling (Tozo 1,2, 3, 4 of 5) conform de keuzes gemaakt bij G4B/02

In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/07 1 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo1 2 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo2 3 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo3 4 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo4 5 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo5 6 061655 Gemeente Halderberge Tozo1 7 061655 Gemeente Halderberge Tozo2 8 061655 Gemeente Halderberge Tozo3 9 061655 Gemeente Halderberge Tozo4 10 061655 Gemeente Halderberge Tozo5 11 061709 Gemeente Moerdijk Tozo1 12 061709 Gemeente Moerdijk Tozo2 13 061709 Gemeente Moerdijk Tozo3 14 061709 Gemeente Moerdijk Tozo4 15 061709 Gemeente Moerdijk Tozo5 16 061674 Gemeente Roosendaal Tozo1 17 061674 Gemeente Roosendaal Tozo2 18 061674 Gemeente Roosendaal Tozo3 19 061674 Gemeente Roosendaal Tozo4 20 061674 Gemeente Roosendaal Tozo5 21 060840 Gemeente Rucphen Tozo1 22 060840 Gemeente Rucphen Tozo2 23 060840 Gemeente Rucphen Tozo3 24 060840 Gemeente Rucphen Tozo4 25 060840 Gemeente Rucphen Tozo5 26 060879 Gemeente Zundert Tozo1 27 060879 Gemeente Zundert Tozo2 28 060879 Gemeente Zundert Tozo3 29 060879 Gemeente Zundert Tozo4 30 060879 Gemeente Zundert Tozo5 31 100

Besteding (jaar T) levensonderhoud

Aard controle R Indicator: G4B/03

Aard controle R Indicator: G4B/04

Aard controle R Indicator: G4B/05

-€ 633 -€ 57 -€ 139 -€ 100 €0 -€ 151 -€ 86 -€ 110 €0 €0 -€ 204 -€ 113 -€ 178 €0 €0 -€ 759 -€ 42 -€ 656 -€ 21 -€ 23 -€ 742 -€ 310 -€ 249 €0 -€ 28 -€ 342 -€ 9 -€ 247 €0 €0

€0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0

€0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0

Baten (jaar T) kapitaalverstrekking (overig)

Aantal besluiten levensonderhoud (jaar T)

Aantal besluiten kapitaalverstrekking (jaar T)

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Deel openbaar lichaam

Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/08

Aard controle R Indicator: G4B/09 € 669 € 711 € 370 € 27 € 10 € 646 € 141 € 128 €0 € 74 € 370 € 149 € 244 €0 € 39 € 1.383 € 638 € 50 € 134 € 168 € 681 € 127 € 311 €0 €0 € 326 € 244 € 74 €0 € 33

Aard controle R Indicator: G4B/10 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Aard controle R Indicator: G4B/06 € 8.880 € 10.120 € 6.817 €0 € 1.748 € 6.890 € 2.947 € 3.500 €0 € 177 € 3.413 € 4.355 € 7.426 €0 € 3.159 € 31.013 € 8.073 € 4.923 € 865 € 591 € 18.088 € 9.745 € 9.889 €0 €0 € 9.261 € 4.441 € 3.557 €0 €0

Aard controle R Indicator: G4B/11 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

72

Hieronder verschijnt de gemeente(code) conform de keuzes gemaakt bij G4B/01

Hieronder verschijnt de keuze regeling (Tozo 1,2, 3, 4 of 5) conform de keuzes gemaakt bij G4B/02

In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 100

SZW

G10B

Wet inburgering 2021_ Deel openbaar lichaam 2025

Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden).

Deel openbaar lichaam

Aard controle n.v.t. Indicator: G4B/12 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo1 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo2 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo3 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo4 060777 Gemeente Etten-Leur Tozo5 061655 Gemeente Halderberge Tozo1 061655 Gemeente Halderberge Tozo2 061655 Gemeente Halderberge Tozo3 061655 Gemeente Halderberge Tozo4 061655 Gemeente Halderberge Tozo5 061709 Gemeente Moerdijk Tozo1 061709 Gemeente Moerdijk Tozo2 061709 Gemeente Moerdijk Tozo3 061709 Gemeente Moerdijk Tozo4 061709 Gemeente Moerdijk Tozo5 061674 Gemeente Roosendaal Tozo1 061674 Gemeente Roosendaal Tozo2 061674 Gemeente Roosendaal Tozo3 061674 Gemeente Roosendaal Tozo4 061674 Gemeente Roosendaal Tozo5 060840 Gemeente Rucphen Tozo1 060840 Gemeente Rucphen Tozo2 060840 Gemeente Rucphen Tozo3 060840 Gemeente Rucphen Tozo4 060840 Gemeente Rucphen Tozo5 060879 Gemeente Zundert Tozo1 060879 Gemeente Zundert Tozo2 060879 Gemeente Zundert Tozo3 060879 Gemeente Zundert Tozo4 060879 Gemeente Zundert Tozo5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1929/documents/54333