05a - TOELICHTING F58 vaststelling.pdf
Tekst van het document
De plannen zijn op de ligging van K+L afgestemd en hieruit zijn geen noemenswaardige wijzigingen naar voren gekomen.
43
Hoofdstuk 5 JURIDISCHE ASPECTEN Dit hoofdstuk bespreekt de wijze waarop het ruimtelijk en functioneel beleid voor het plangebied in het bestemmingsplan is vertaald. Bij het opstellen van de juridische regeling heeft het uitgangspunt centraal gestaan dat er een regeling geboden wordt die de ontwikkeling van het plangebied mogelijk maakt. 5.1 Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP) In dit bestemmingsplan is de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (hierna SVBP 2012) toegepast. SVBP2012 geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. Dit om de gewenste vergelijkbaarheid zeker te stellen. De standaarden hebben geen betrekking op de toelichting van het bestemmingsplan. Wel dient het bestemmingsplan van een toelichting vergezeld te gaan. Het bestemmingsplan zelf bestaat uit een verzameling geografische bepaalde objecten, die zijn opgeslagen in een digitaal ruimtelijk informatiesysteem. De objecten zijn voorzien van bestemmingen met bijbehorende doeleinden en regels. Er wordt uitdrukkelijk op gewezen dat de standaarden geen betrekking hebben op de inhoud van een bestemmingsplan. 5.2 Opbouw van de regels Het centrale onderdeel van een bestemmingsplan is de bestemming. Ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening worden aan de in het plan begrepen grond bestemmingen toegewezen met bijbehorende doeleinden.
Aan de bestemmingen zijn regels gekoppeld over het gebruik van de in het plan begrepen grond en van de zich daar bevindende bouwwerken. Kenmerk van bestemmingen is dat het gehele plangebied ermee is bedekt. Elke bestemming is geometrisch bepaald. Een bestemmingsplan kan ook dubbelbestemmingen bevatten. Deze overlappen bestemmingen en geven eigen regels, waarbij sprake is van een rangorde tussen de bestemmingen en de dubbelbestemmingen. De dubbelbestemmingen hoeven het gehele plangebied niet te bedekken. Aanduidingen worden gebruikt om bepaalde zaken binnen een bestemming of dubbelbestemming nader of specifieker te regelen. Het gaat hierbij om specificaties met betrekking tot het gebruik of de bouwmogelijkheden. De aanduidingen hebben daardoor juridische betekenis en komen ook altijd in de regels van het bestemmingsplan voor. Naast de standaard die landelijk toegepast wordt, heeft de gemeente voor haar hele gemeentelijke gebied ook een standaard set van bestemmingen en aanduidingen ontwikkeld. 5.2.1 Bestemmingen De opgenomen bestemmingsplanregels zijn overgenomen uit het vigerende bestemmingsplan De Stok fase 2 en 2a. Natuur De fysieke natuurcompensatie conform het compensatieplan is bestemd als 'Natuur'. De gronden zijn bestemd voor de ontwikkeling en instandhouding van natuur- en landschapswaarden en het borgen van het natuurcompensatieplan.
In de bestemming ‘Verkeer’ is tevens een voorwaardelijke verplichting hiervoor opgenomen. Bij de bestemming is een omgevingsvergunningsstelsel (voor werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden) opgenomen om aantasting van de te beschermen waarden te voorkomen. Verkeer In dit bestemmingsplan wordt alleen een snelfietsroute mogelijk gemaakt. Binnen de bestemming ‘Verkeer’ zijn fietspaden mogelijk. Omdat een groot deel van de snelfietsroute binnen de huidige bestemming ‘Verkeer’ is gelegen, is in de plan gekozen om ook enkel de bestemming ‘Verkeer’ op te
44
nemen voor de snelfietsroute en niet te werken met een andere bestemming of aanduiding. Op deze manier is er een geheel binnen de gemeente. Leiding De aanwezige nuts- en buisleidingen (brandstofleiding, propyleen en rioolleiding) zijn bestemd als Leiding (individuele leidingen). De regeling voorziet in de aanwezigheid en de bescherming van de leidingen. Waarde – Archeologie Er is een dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie 2 voor gebieden met een middelhoge verwachtingswaarde. 5.2.2 Algemene aanduidingsregels Buisleidingenstraat Onder de algemene aanduidingsregels is de gebiedsaanduiding “Vrijwaringszone buisleidingenstraat' opgenomen. Deze gronden zijn mede bestemd als veiligheidszone vanwege de buisleidingenstraat. Het gaat daarbij om die gebieden, die een andere bestemming hebben gekregen dan de bestemming Buisleidingenstraat die voorzien is voor het grootste deel van de buisleidingenstraat. Binnen deze zone mogen geen nieuwe (beperkt) kwetsbare objecten worden opgericht.
45
Hoofdstuk 6 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID 6.1 Kostenverhaal In de Wet ruimtelijke ordening (artikel 6.12) is voorgeschreven dat, als een bestemmingsplan een bouwplan als bedoeld in het Besluit ruimtelijke ordening mogelijk maakt, tegelijk met het vaststellen van het bestemmingsplan een exploitatieplan moet worden vastgesteld om de door de gemeente gemaakte kosten te verhalen, tenzij: het kostenverhaal anderszins verzekerd is; er geen noodzaak is tot het stellen van locatie-eisen of eisen aan type woningbouw; er geen noodzaak is voor het bepalen van een tijdvak of fasering. In artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening zijn de bouwplannen aangewezen waarvoor de gemeenteraad een exploitatieplan moet vaststellen. Onder een bouwplan wordt onder andere verstaan de bouw van één of meer woningen of ander gebouwen, of bepaalde functiewijzigingen van gebouwen. De aanleg van een fietspad en herinrichting van bestaande infrastructuur is geen bouwplan als bedoeld in het Besluit ruimtelijke ordening. Er hoeft dan ook geen exploitatieplan te worden opgesteld. 6.2 Financiële uitvoerbaarheid De realisering van het (snel)fietspad en de herinrichting van bestaande wegen worden uitgevoerd in opdracht van de gemeente Roosendaal. De gemeenteraad heeft budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering van het project. Het bestemmingsplan is daarmee financieel uitvoerbaar.
46
Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
7.1 Participatie
Het fietspad is diverse malen met de omliggende bewoners en bedrijven besproken. 7.2 Overleg Het voorontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 24 januari 2022 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Het voorontwerpbestemmingsplan is tevens toegezonden aan diverse overheidsinstanties en andere overlegpartners in het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Gedurende deze periode zijn vijf vooroverlegreacties ontvangen. De reacties zijn samengevat en beantwoord in het vooroverlegrapport (zie bijlage 9). 7.3 Inspraak Overeenkomstig het bepaalde in de Gemeentelijke Inspraakverordening is de bevolking en in de gemeente belanghebbende natuurlijke en rechtspersonen betrokken bij de voorbereiding van dit bestemmingsplan. Vanaf 24 januari 2022 heeft het voorontwerp zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn geen reacties ontvangen. 7.4 Zienswijze Met ingang van 12 september 2022 heeft het ontwerpbestemmingsplan “snelfietsroute F58 – oostelijk deel ” gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn zijn geen zienswijzen ingediend. Na afloop van de termijn is in november een reactie van de provincie ontvangen. Reden van de overschrijding van de termijn is gelegen in het feit dat met een recente uitspraak van de Raad van State het natuurcompensatiebeleid van de provincie ‘onder vuur’ is komen te liggen.
De zienswijze houdt het volgende in: Zoals gezegd gaat het compensatieplan bij onderhavig bestemmingsplan uit van compensatie in de nog niet gerealiseerde NNB. De compensatie-opgave welke voortvloeit uit dit bestemmingsplan bedraagt totaal 2.105 m2. Het voorliggende compensatieplan bij onderhavig bestemmingsplan gaat uit van compensatie van een areaal nog niet gerealiseerde NNB ter grootte van 21.499 m2. Van dit areaal is 1.770 m2 benodigd voor het fietspad, zodat 19.729 m2 resteert. Voor dit aangrenzende gebied gold aanvankelijk het natuurbeheertype’ Dennen-, Eiken- en Beukenbos’ (N15.02). Vanwege de aanwezigheid van een hoogspanningsleiding en leidingen in de bodem is dit na te streven natuurbeheertype niet reëel en is de Natuurbeheerkaart voor dit deel inmiddels aangepast naar ‘Om te vormen landbouwgrond naar natuur’(N00.01). Het bij dit plan toegevoegd natuurcompensatieplan gaat uit van de inrichting van dit gebied ten behoeve van het natuurbeheertype ‘Kruidenrijk- Fauna en grasland’ (N12.02). Met dit natuurcompensatie voorstel kan de provincie instemmen. Daarbij heeft de provincie de volgende opmerkingen.
Dit areaal voor de fysieke natuurcompensatie zal in het aan te passen bestemmingsplan opgenomen moeten worden met de bestemming ‘natuur’. De vigerende bestemming ‘bos’ zal hiervoor gewijzigd moeten worden. Het plangebied van onderhavig bestemmingsplan zal verruimd moeten worden. Er zal een voorwaardelijke bepaling opgenomen moeten worden binnen de bestemming ‘Verkeer’, waarin de fysieke natuurcompensatie wordt geborgd en de inrichting, het behoud en het onderhoud wordt geregeld conform artikel 3.23 lid 3 t/m 6 IOV.
47
Deze natuurcompensatie kan tevens dienen voor de vereiste natuurcompensatie welke voortvloeit uit het nog in procedure te brengen bestemmingsplan voor de Snelfietsroute Deel West.
In overleg met de provincie is de zienswijze in dit proces meegewogen in die zin dat de verbeelding is aangepast; het areaal voor de fysieke natuurcompensatie is opgenomen in dit bestemmingsplan (plangebied is vergroot). De vigerende bestemming ‘bos’ is hiervoor gewijzigd is de bestemming ‘Natuur’ en er is een voorwaardelijke bepaling opgenomen binnen de bestemming ‘Verkeer’, waarin de fysieke natuurcompensatie wordt geborgd en de inrichting, het behoud en het onderhoud wordt geregeld. Daarnaast is paragraaf 5.2.1 van de toelichting aangepast op de toegevoegde bestemming.
48