CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

04. OMWB begroting 2023 en jaarstukken 2021.pdf

Commissie 16 juni 2022, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 4: Raadsvoorstel zienswijzen begrotingen 2023 Gemeenschappelijke Regelingen35.648 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Communicatiemiddelen (Overige materiële vaste activa)

124

Tractie/wagenpark (Vervoersmiddelen)

38

Machines, apparaten en installaties/technische apparatuur

417

273

0

57

0

633

Totaal

905

473

177

226

-115

1.089

OMWB Jaarrekening 2021

De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of 0

0

177

0

62

12

-115

0

0

26

minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Stand 31-12-2021

Voorziening oninbaarheid

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

Vorderingen openbare lichamen

515

0

515

658

Uitzetting in ’s Rijks schatkist

924

0

924

1.532

1.439

0

1.439

2.190

met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Totaal

41

>

Vorderingen op openbare lichamen

Liquide middelen

In het boekjaar 2021 zijn de daarvoor in aanmerking komende (niet materiële)

Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:

oninbare posten afgeboekt. Van de overige posten was een groot deel per medio maart 2022 afgewikkeld. Door de aanscherping van het debiteurenbeheer is voor oninbaarheid geen voorziening gevormd (2020: € 0). Uitzettingen in ’s Rijks schatkist (schatkistbankieren)

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

Banksaldo BNG

42

45

Banksaldo Rabobank

950

200

Totaal

992

245

Dit betreft het per 31 december 2021 uitstaand saldo in de schatkist. Sinds medio 2015 worden overtollige middelen in het kader van schatkistban-

Ultimo 2021 had de dienst een tegoed bij de Rabobank en de BNG van totaal

kieren in de vorm van een rekening-courantverhouding bij het Rijk afgestort.

afgerond € 992.000.

Voor het boekjaar 2021 bedraagt het drempelbedrag voor schatkistbankieren

Overlopende activa

tot 1 juli € 250.000. Dit bedrag bedraagt 0,75% van het begrotingstotaal (met

De post overlopende activa kan als volgt gespecificeerd worden:

een maximum van € 250.000), zijnde € 34,9 miljoen. Vanaf 1 juli 2021 is de regelgeving rond schatkistbankieren gewijzigd en daarmee het drempelbedrag verhoogd naar € 1.000.000. Op basis van de kwartaalcijfers hebben geen overschrijdingen op ahet drempelbedrag plaatsgevonden. Op het niveau van dagen

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

2.683

2.465

2.683

2.465

Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotings­

zijn er gedurende het hele jaar tien dagen geweest waarop het drempelbedrag

jaren komen

aan het einde van de dag overschreden was. Dit komt doorgaans doordat er na

Totaal

het afromen van de banken nog een betaling door de OMWB ontvangen is. Nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Onderstaande gegevens betreffen het gemiddeld bedrag aan middelen per kwartaal die voor het drempelbedrag door de OMWB buiten ’s Rijks schatkist is aangehouden en de gemiddelde ruimte per kwartaal tot het drempelbedrag is bereikt. Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

244

224

479

978

Ruimte onder het drempelbedrag

6

26

521

22

Overschrijding van het drempelbedrag

0

0

0

0

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten ’s Rijks

<

OMWB Jaarrekening 2021

Boekwaarde 31-12-2020

459

141

Nog te ontvangen BTW

315

259

Vooruit ontvangen facturen

406

328

Nog te ontvangen bedragen

1.503

1.724

0

13

2.683

2.465

Afdr. loonheffing en netto salarissen Totaal

schatkist aangehouden middelen

<<

Boekwaarde 31-12-2021 Eindafrekeningen deelnemers

42

>

Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen van de dienst bestaat uit het totaal van alle reserves per 31 december, aangevuld met het resultaat over het boekjaar. Zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves worden tot het eigen vermogen gerekend. Eindafrekeningen gemeenten Dit betreft de eindafrekeningen over 2021 die in januari 2022 naar de deel-

Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende compo-

nemers zijn gestuurd. Ter bevestiging van deze saldi is bij de deelnemers een

nenten:

confirmatie opgevraagd en ontvangen. Een voorziening voor oninbaarheid wordt niet noodzakelijke geacht. BTW Het bedrag aan BTW betreft voor € 315.000 de aangifte over het laatste kwartaal 2021 tezamen met de suppleties over de jaren 2018 tot en met 2021 (totaal ongeveer € 13.000). De suppleties over de jaren 2018 tot en met 2020

Algemene reserve

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

1.928

1.546

Reserve huisvesting

0

0

Reserve meetstations

826

297

Gerealiseerd resultaat boekjaar 2021

164

0

Gerealiseerd resultaat boekjaar 2020

0

482

2.918

2.325

Totaal

zijn gedaan naar aanleiding van de uitgevoerde fiscale scan (zie ook paragraaf 2.3.3 Bedrijfsvoering - plannen en resultaten) en betreffen correcties van teruggevorderde BTW op horecaconsumpties. Voor het jaar 2018 is vooralsnog een

Het boekjaar 2020 sloot met een te bestemmen voordelig resultaat van

stelpost opgenomen; de definitieve bepaling van dit bedrag vindt in 2022 plaats.

€ 482.000. Van dit bedrag is conform het besluit van het Algemeen Bestuur in 2021 € 99.000 toegevoegd aan de Bestemmingsreserve meetstations.

Vooruit ontvangen facturen

Het restant van € 383.000 is toegevoegd aan de Algemene Reserve voor het

Dit betreffen facturen die in 2021 zijn ontvangen, maar waarvan een deel van

op peil krijgen van het benodigde weerstandsvermogen.

de kosten betrekking heeft op het boekjaar 2022. Het boekjaar 2021 sluit met een te bestemmen positief resultaat van Nog te ontvangen bedragen

€ 164.000 (2020 voordelig resultaat van € 482.000). Overeenkomstig het BBV

Hier zijn verantwoord diverse opbrengsten over 2021 die per einde van het

is dit saldo afzonderlijk op de balans opgenomen. Bij de vaststelling van de

boekjaar nog niet (volledig) waren gefactureerd. Daarnaast is onder deze post

jaarrekening zal een voorstel tot bestemming van dit resultaat worden gedaan.

een bedrag van € 23.000 opgenomen die betrekking heeft op door personeel over te nemen (en nog door de OMWB uit te leveren) iPads en laptops.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

43

>

Vlottende passiva

Het verloop van de reserves over het boekjaar was als volgt: Boekwaarde 31-12-2020

Resultaatbestemming voorgaand boekjaar

1.546 297 1.843

Algemene reserve Reserve meetstations Totaal

Toevoeging

Onttrekking

Boekwaarde 31-12-2021

383

0

0

1.928

99

430

0

826

482

430

0

2.754

Algemene reserve

Onder de vlottende passiva zijn opgenomen: Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

579

488

Overlopende passiva

2.706

2.992

Totaal

3.285

3.480

Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

De algemene reserve is een buffer voor exploitatietekorten en het opvangen van risico’s. Gedurende het boekjaar 2021 hebben - naast de toevoeging van-

Ultimo 2021 was er (evenals voorgaande jaren), door de goede liquiditeitsposi-

uit de resultaatbestemming 2020 - geen toevoegingen of onttrekkingen aan de

tie geen noodzaak om kasgeldleningen op te nemen.

reserve plaatsgevonden. Overlopende passiva Reserve meetstations Vanuit de overgebleven middelen van de Provincie Noord-Brabant is vanuit de

De specificatie van de overlopende passiva is als volgt:

resultaatbestemming 2017 de reserve meetstations gevormd. Deze bestemmingsreserve is ter continuering van de meetstations (het betreft investeringsintensieve locaties).

Boekwaarde 31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2020

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling

Waar het Algemeen Bestuur bij de resultaatbestemming 2017 heeft bepaald

komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijk-

dat eventuele tekorten mogen worden onttrokken uit deze reserve, is destijds

baar volume:

over overschotten geen formeel besluit genomen. Derhalve is bij de resultaat-

Nog te betalen posten

1.553

1.048

bestemming 2020 voorgesteld om het overschot wat in het resultaat 2020 is

Afrekeningen werkprogramma’s

1.057

1.944

ontstaan van € 99.000, via de resultaatbestemming aan de bestemmingsreser-

Afdracht loonheffing, nettosalarissen ca.

96

0

ve toe te voegen. Deze toevoeging heeft in 2021 plaatsgevonden.

Totaal

2.706

2.992

Het saldo van opbrengsten en kosten van de meetstations over 2021 bedraagt € 430.000 en is per jaareinde 2021 toegevoegd aan de reserve.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

44

>

Onder de nog te betalen posten is een bedrag van € 415.900 opgenomen voor

leasekosten bedragen circa € 25.000. Van vier dienstauto’s lopen de con-

de éénmalige uitkering aan personeel ter compensatie van extra kosten en

tracten eind augustus 2025 af; van de andere dienstauto loopt het contract

inzet vanwege COVID-19 in 2021. Tevens is een bedrag van € 23.400 opgenomen voor uitbetaling van de cao-verhoging per 1 december 2021. Boven-

medio juli 2024 af. • koffieautomaten: hiervoor is in 2019 een overeenkomst aangegaan voor

staande is in overeenstemming met de cao Gemeenten/SGO 2021-2022 zoals

zes automaten; de jaarlijkse kosten hiervan bedragen circa € 5.000. De

vastgesteld op 27 januari 2022.

overeenkomst is op 1 augustus 2019 ingegaan en kent een looptijd van vijf jaar. Het contract eindigt derhalve op 31 juli 2024.

Onder de nog te betalen posten zijn geen verplichtingen opgenomen die een looptijd hebben langer dan één jaar.

• multifunctionals: voor vier multifunctionals (printers) is in 2021 een overeenkomst aangegaan. De jaarlijkse kosten hiervan bedragen circa € 6.350. De overeenkomst is ingegaan per 1 januari 2022 en kent een looptijd van

Niet uit de balans blijkende vorderingen en verplichtingen

vijf jaar. Het contract eindigt derhalve op 1 januari 2027.

Personele verplichtingen

In 2018 zijn contracten gesloten voor de IT-systemen met AFAS en Roxit,

Op grond van het BBV mogen geen voorzieningen worden gevormd voor jaar-

de jaarlijkse kosten hiervan bedragen afgerond respectievelijk € 50.000 en

lijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar

€ 100.000.

volume. Om die reden wordt geen post voor personele verplichtingen opgenomen op de balans. Het tegoed aan vakantiedagen bedraagt per 31 december 2021 afgerond 2.525 dagen (2020: 2.685 dagen). Dit betekent in geld uitgedrukt een verplichting van circa € 691.000 (2020: € 726.000). (Lease)verplichtingen Een deel van de activa is aangeschaft via een leasecontract. Dit betreffen: • IT-infrastructuur en omgeving: in 2012 is een overeenkomst afgesloten met Equalit; de jaarlijkse kosten hiervan bedroegen afgerond € 1,5 miljoen. In 2019 is het contract opgezegd en loopt hierdoor per 01-01-2022 af. Met ingang van 1 januari 2022 is een overeenkomst aangegaan met leverancier Sogeti. De jaarlijkse kosten hiervan bedragen ongeveer € 1 miljoen. De overeenkomst is aangegaan voor een periode van vier jaar en loopt derhalve af per 01-01-2026. In de overeenkomst is een verlengingsoptie van drie maal twee jaar vastgelegd. • dienstauto’s: voor vijf auto’s is een leasecontract afgesloten. De jaarlijkse

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

45

>

Huurovereenkomsten

3.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2021

De jaarlijkse huurverplichting voor het pand (inclusief parkeerplaatsen) in Tilburg bedraagt circa € 650.000. De huurovereenkomst is aangegaan voor een

De begroting 2021 sloot voor wijziging met een saldo van € 0. Op basis van

periode van tien jaar met als einddatum 31 december 2022. De opzegtermijn

de derde wijziging is de begroting bijgesteld naar een resultaat van € 490.000

voor het huurcontract is reeds verlopen en de OMWB is met de verhuurder in

negatief. Het jaarrekeningresultaat volgens balans bedraagt € 164.000 positief.

gesprek over de randvoorwaarden van de verlengingsoptie. De totale huurverplichting bedraagt inclusief verlenging € 3,9 miljoen.

Nadere toelichting op de lasten Primair proces

Bij de BNG Bank is een bankgarantie afgegeven van € 155.000 met als begun-

De bijstelling van de lasten en baten is conform de besluitvorming van het

stigde HSA Spoorlaan BV inzake de huurverplichting.

Algemeen Bestuur.

De jaarlijkse huurverplichting voor kantoorruimte (inclusief parkeerplaatsen) en laboratorium aan de Brabantlaan 1 te ’s-Hertogenbosch bedraagt circa

In beginsel worden de belangrijkste verschillen op totaalniveau toegelicht.

€ 125.000. Vanaf 1 juli 2017 wordt de overeenkomst telkenmale met vijf jaar

Doordat in de begroting op onderdelen abusievelijk afwijkende toerekening van

verlengd met een opzegtermijn van zes maanden.

kosten heeft plaatsgevonden, ontstaan er op het niveau van bedrijfsonderdeel ten opzichte van de begroting namelijk verschillen. Waar nodig wordt specifie-

Inkoopverplichtingen

ke toelichting gegeven op de onderdelen primair proces en bedrijfsvoering.

In de kadernota rechtmatigheid heeft de commissie BBV de stellige uitspraak gedaan dat meerjarige contracten – in het kader van Europese regels – in de

Personeelslasten

toelichting op de jaarrekening opgenomen moeten worden voor het volle be-

Primair proces

drag waarover het contract is afgesloten. De OMWB verleent opdrachten aan

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Salarissen

17.654

18.005

milieukundige adviesbureaus op basis van het actuele werkaanbod vanuit de

Reiskosten

217

152

opdrachtgevers en specifieke casuïstiek. Hiervoor zijn geen meerjarige

Overige personele kosten

48

219

contracten afgesloten met bedoelde bureaus, enkel jaarcontracten.

Inhuurbudgetten

3.622

2.991

Detacheringsinkomsten Subtotaal personeelslasten

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

0

-31

21.541

21.336

46

>

De totale kosten van salarissen van het primaire proces en bedrijfsvoering

Een deel van de afschrijvingslast is verantwoord onder de lasten bedrijfsvoe-

samen bedragen € 22.674.000 en liggen in lijn met de begroting (na wijziging)

ring (€ 84.000 tegenover € 99.000 begroot). Samen met de afschrijvingslast

van € 22.690.000. In de kosten van personeel in loondienst is een bedrag

voor bedrijfsvoering vallen de totale afschrijvingen over 2021 € 28.000 lager

van € 415.900 opgenomen voor de éénmalige uitkering ter compensatie van

uit dan begroot. Dit is het gevolg van achterblijvende investeringen in voor-

extra kosten en inzet vanwege COVID-19 in 2021. Tevens is een bedrag van

gaande jaren.

€ 23.400 opgenomen voor uitbetaling van de cao-verhoging per 1 december 2021.

Huisvesting en organisatie

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Huisvesting en facilitaire kosten

202

64

Tractie

82

49

Automatisering

0

17

284

130

Primair proces

De reiskosten bedragen op totaal voor het primaire proces en bedrijfsvoering samen € 211.000 en zijn hiermee € 60.000 lager dan begroot na wijziging (€ 271.000). De lagere realisatie is het directe gevolg van het minder aantal reisbewegingen door het vele thuiswerken als gevolg van COVID-19.

Subtotaal huisvesting en organisatie

De overige personele kosten bedragen in totaal voor het primaire proces en

In totaal zijn de kosten op dit onderdeel ruimschoots binnen de ramingen

bedrijfsvoering samen € 944.000 en zijn hiermee € 128.000 lager dan begroot

gebleven. Aangezien de kosten van huisvesting (en facilitaire kosten) en

(na wijzigingen). Voornaamste oorzaak hiervan is dat de kosten voor opleiding

automatisering in de realisatie en begroting voornamelijk onder de kosten

en vorming als gevolg van COVID-19 aanzienlijk lager zijn uitgevallen. Daar-

van bedrijfsvoering zijn verantwoord, wordt voor de toelichting op deze posten

naast is er sprake van onderbesteding op het mobiliteitsbudget.

verwezen naar ‘Nadere toelichting op de lasten Bedrijfsvoering’.

De inhuurkosten van personeel is op totaalniveau van het primaire proces en bedrijfsvoering € 125.000 hoger dan begroot (na wijzigingen). De overschrijding is ontstaan bij de bedrijfsvoering en is het gevolg van data-ontwikkeling en het niet kunnen invullen van vacatures vanwege krapte op de arbeidsmarkt.

Overige kosten

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

1.080

1.462

610

463

1.690

1.925

Primair proces Laboratoriumkosten Milieumetingen Subtotaal Overige kosten

Detacheringsinkomsten worden evenals voorgaande jaren niet begroot. Afschrijvingen

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Primair proces

<<

<

Afschrijvingen

155

143

Subtotaal Afschrijvingen

155

143

OMWB Jaarrekening 2021

47

>

Afschrijvingen

Toelichting: • De laboratoriumkosten vormen een variabele post, wat wil zeggen dat meer vraag een hoger kostenniveau tot gevolg heeft. De laboratoriumkosten worden doorbelast. De corresponderende baten zijn opgenomen onder deelprogramma 4.

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Afschrijvingen

99

84

Subtotaal Afschrijvingen

99

84

Bedrijfsvoering

• De kosten milieumetingen zijn lager dan begroot en worden volledig (dus inclusief de huisvesting en personele kosten), doorbelast aan de Provincie Noord-Brabant

Een deel van de afschrijvingslast is verantwoord onder de lasten primair proces

als onderdeel van deelprogramma 4.

(€ 143.000 tegenover begroot € 155.000). Samen met de afschrijvingslast voor het primair proces vallen de totale afschrijvingen over 2021 € 28.000

Nadere toelichting op de lasten Bedrijfsvoering

lager uit dan begroot. De oorzaak hiervan ligt in de achterblijvende investerin-

In beginsel worden de belangrijkste verschillen op totaalniveau toegelicht; zie hier-

gen in voorgaande jaren.

voor de ‘Nadere toelichting op de lasten Primair Proces’. Waar nodig wordt specifieke toelichting gegeven op de onderdelen primair proces en bedrijfsvoering. Personeelslasten

Huisvesting en organisatie

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Salarissen

5.036

4.670

Reiskosten

54

59

1.024

725

385

1.141

0

-50

6.499

6.544

Bedrijfsvoering

Overige personele kosten Inhuurbudgetten Detacheringsinkomsten Subtotaal Personeelslasten

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Huisvesting en facilitaire kosten

903

789

Algemeen beheer

498

570

Automatisering

3.123

3.055

Subtotaal Huisvesting

4.524

4.414

Bedrijfsvoering

en organisatie

Toelichting: • De totale kosten van huisvesting en facilitaire kosten voor het primaire

Voor de toelichting op de posten in bovenstaande tabel wordt verwezen naar

proces en bedrijfsvoering samen bedragen € 853.000 en zijn hiermee

‘Nadere toelichting op de lasten Primair Proces’.

€ 252.000 lager dan begroot na wijziging (€ 1.105.000). De lagere realisatie is met name het gevolg van de verminderde aanwezigheid van personeel op kantoor (als gevolg van COVID-19) waardoor de facilitaire kosten lager uitvallen dan begroot. Tevens is er sprake van lagere gebouwgebonden kosten dan begoot. • De kosten voor Algemeen beheer zijn € 72.000 hoger dan begroot. Dit betreft het saldo van een aantal minder omvangrijke over- en onderbestedingen onder deze post. Voor de accountant is een bedrag verantwoord van € 71.000. Hiervan heeft € 2.000 betrekking op de afwikkeling controlekosten 2020 en € 69.000 voor de accountantscontrole 2021.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

48

>

• In de 2e Begrotingswijziging heeft ophoging van het ICT-budget met

Onvoorzien

€ 550.000 plaatsgevonden omdat de éénmalige transitiekosten van de

Het bedrag dat is gereserveerd voor onvoorziene kosten is in 2021 niet aange-

ICT-vernieuwing in 2021 aanzienlijk hoger zijn uitvallen. Bij de 3 Begrotings-

sproken.

e

wijziging is een verlaging van automatiseringskosten doorgevoerd als gevolg van activering van een deel van de éénmalige transitiekosten. Per decem-

Vennootschapsbelasting

ber 2021 heeft de OMWB de vernieuwde omgeving in gebruik genomen. De

De kosten voor de vennootschapsbelasting over 2021 is geschat op € 2.500.

uiteindelijke kosten van automatisering bedragen over 2021 voor het primai-

De aangifte over het boekjaar 2020 is reeds ingediend; een aanslag is nog

re proces en bedrijfsvoering samen € 3.072.000 en vallen hiermee circa €

niet opgelegd. De aanslag over het boekjaar 2019 is lager uitgevallen dan

50.000 lager uit dan begroot na wijziging (€ 3.123.000).

ingeschat, wat tot een voordeel in 2021 heeft geleid. Overzicht incidentele baten en lasten

Nadere toelichting op de lasten Overig Overige kosten

Onder de incidentele baten en lasten zijn de éénmalige kosten van de

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

0

3

150

0

5

-3

155

0

Bedrijfsvoering Diverse baten en lasten Onvoorzien Vennootschapsbelasting Totaal lasten Overig

vernieuwing van de IT-infrastructuur en -omgeving opgenomen. Deze kosten bedroegen ongeveer € 630.000 (begroot € 590.000). Daartegenover staat dat onder de overeenkomst met Sogeti komende jaren een kostenbesparing van ongeveer € 500.000 per jaar wordt gerealiseerd. Deze overeenkomst is met ingang van 1 januari 2022 aangegaan voor een periode van vier jaar. In de kosten van personeel in loondienst is een incidentele kostenpost van € 415.900 (begroot € 425.000) opgenomen voor de éénmalige uitkering ter

Diverse baten en lasten

compensatie van extra kosten en inzet vanwege COVID-19 in 2021. Deze last

Het saldo op de diverse baten en lasten betreft enerzijds voornamelijk een

is in overeenstemming met de cao Gemeenten/SGO 2021-2022 zoals vastge-

opbrengst als gevolg van restitutie fee van Flex-West-Brabant voor een bedrag

steld op 27 januari 2022.

van € 66.000. Anderzijds staan de opbrengsten en kosten (boekverlies) van de overname van activa (iPhones) door personeel van de OMWB verantwoord. Ten-

Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves

slotte is ook de afwaardering van de niet overgenomen iPhones en de afwaar-

In 2021 hebben geen structurele toevoegingen of onttrekkingen aan de reserves

dering van de ‘voorraad’ niet overgenomen laptops en tablets hier geboekt. De

plaatsgevonden.

daadwerkelijke overname van de laptops en tablets door het personeel vindt in 2022 plaats en is als zodanig in de jaarrekening verwerkt.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

49

>

3.3.4 Kengetallen Kengetallen

3.3.5 Toelichting op de baten 2020 realisatie

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Uurtarief

€ 94,98

€ 94,70

€ 97,93

Productieve uren

330.800

330.000

334.300

247

248

245

Gemiddeld aantal productieve uren per FTE

1.340

1.350

Ziekteverzuim

4,9%

4,5%

58% / 42%

60% / 40%

58% / 42%

FTE Primair Proces

Eigenaarsdeel gemeenten/provincie

Baten

2021 begroting na wijzigingen

realisatie

19.767

20.275

Programmadeel 2: Advies en Projecten

9.486

9.312

1.365

Programmadeel 3: Collectieve taken structureel

1.619

1.619

5,2%

Programmadeel 4: Buiten werkprogramma

2.974

3.454

610

510

34.456

35.170

Programmadeel 1: V  ergunningverlening, toezicht en handhaving

Programmadeel 4: Overige exploitatie Totaal baten

FTE

2021

2020 realisatie

2021 begroting na wijzigingen

2021 realisatie

Primair proces - kernformatie

213

228

221

Programmadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving

Primair proces - flexibele schil

34

20

24

De baten zijn € 508.000 hoger dan begroot (3%). Een hoge productiviteit in

Subtotaal Primair Proces

247

248

245

het laatste kwartaal van 2021 heeft ertoe geleid dat de vastgestelde werk­

Bedrijfsvoering - kernformatie

45

61

52

Bedrijfsvoering - flexibele schil

12

0

8

Totaal Bedrijfsvoering Totaal

57

61

60

304

309

305

programma’s ruimschoots zijn uitgevoerd. Programmadeel 2: Advies en Projecten De baten zijn € 174.000 lager dan begroot (-2%). Gezien de hoogte van de afwijking zijn hier geen bijzonderheden te vermelden; incidentele verzoektaken

Ten opzichte van het begrote aantal productieve uren van 1.350 zien we over

kunnen van jaar tot jaar verschillen.

2021 een hogere realisatie (1.365 uur). De reden hiervan is dat personeel minder (niet declarabele) uren hebben besteed aan met name opleiding en

Programmadeel 3: Collectieve taken structureel

trainingen als gevolg van COVID-19.

De collectieve taken zijn overeenkomstig de begroting in rekening gebracht bij de deelnemers. Programmadeel 4: Buiten werkprogramma De in totaal € 480.000 hogere baten zijn voornamelijk veroorzaakt door de opbrengsten van de meetstations. Deze opbrengsten worden gesaldeerd met de kosten 2021 van de meetstations en per saldo toegevoegd aan de reserve meetstations op de balans.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

50

>

Uitsplitsing baten In 2021 bedroegen de gerealiseerde baten provincie op P1 € 7.997.000, op P2 € 4.108.000 en op P3 € 501.000. De gerealiseerde baten gemeenten bedroegen voor P1, P2 en P3 respectievelijk € 12.279.000, € 5.204.000 en € 1.117.000. 3.4 Overzicht baten en lasten per taakveld 2021 De lasten op taakveld 0.4 Overhead bedragen de personeelslasten en huisvestingslasten voor het bedrijfsvoeringsproces – niet zijnde het primaire proces – en corresponderen met de specificatie van de lasten in paragraaf 3.2.

Baten en lasten per taakveld 0.

Baten

Lasten

Bestuur en ondersteuning

0.4 Overhead

11.042

0.5 Treasury 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting

3 3

0.10 Mutaties reserves

430

0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

164

7. Volksgezondheid en milieu

<<

<

7.4 Milieubeheer

35.170

23.534

Totaal van de taakvelden

35.173

35.173

OMWB Jaarrekening 2021

51

>

3.5 Publicatieverplichting op grond van de WNT WNT-verantwoording 2021 De WNT is van toepassing op OMWB. Het voor de OMWB toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2021 € 209.000. Dit betreft het algemene bezoldigingsmaximum.

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking?

Dhr. A. Arbouw

Dhr. N. van Mourik

Directeur

Directeur

01/02 – 31/12

01/01 – 28/02

0,89

1,0

ja

ja

€ 26.583,12

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 93.621,18

Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 17.564,47

€ 3.688,96

In 2021 zijn twee topfunctionarissen in het kader van de WNT actief geweest

Subtotaal

€ 111.185,65

€ 30.272,08

binnen de OMWB. De heer Van Mourik heeft per 28 februari 2021 vrijwillig

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 170.211,89

€ 33.783,56

ontslag genomen. Voorafgaand is op 1 februari diens opvolger, de heer

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet

N.v.t.

N.v.t.

€ 111.185,65

€ 30.272,08

N.v.t.

N.v.t.

N.v.t.

N.v.t.

Arbouw, in dienst getreden. De heer Arbouw is voor onbepaalde tijd aangesteld als algemeen directeur van de OMWB. Beide directeuren kenden geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-plichtige instelling(en) als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018).

terugontvangen bedrag Totale bezoldiging 2021

Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

Gegevens 2020 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020

Directeur 01/01 – 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1,0

(Fictieve) dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging 2020

€ 130.682,96 € 20.727,00 € 151.409,96 € 201.000 € 151.409,96

Er zijn geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2021 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

52

>

Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder In de tabel hiernaast zijn de leden van het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur weergegeven. Voor allen geldt dat zij deze bestuursfunctie onbezoldigd verrichten. Noch ontvangen zij een onkostenvergoeding van de OMWB.

Publicatieverplichting uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking Er is sprake van een maximum norm voor ontslagvergoedingen voor topfunctionarissen, die niet mag worden overschreden. In 2021 hebben ter zake geen uitkeringen plaatsgevonden.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder: Naam topfunctionaris

Functie

P.F.G. Depla

AB- en DB-voorzitter

J.P.M. Klijs

AB- en DB-lid

A.J. Moerkerke

AB- en DB-lid

T. Weterings

AB- en DB-lid

P. Smit

AB- en DB-lid

W. van Pinxteren

AB- en DB-lid

H. Roijackers

AB- en DB-lid

R. van den Belt

AB- en DB-lid

A. Zwarts

AB- en DB-lid

R. Jansen

AB- en DB-lid

R. van Vugt

AB-lid

E. Wilmsen

AB-lid

H. van Tilborg

AB-lid

B. Jacobs

AB-lid

G. de Kok

AB-lid

K. van Aert

AB-lid

M. Hofkens

AB-lid

L. Franssen

AB-lid

H. Wierikx

AB-lid

W. van Hees

AB-lid

T. van de Loo

AB-lid

H. van Aart

AB-lid

E. ten Brink

AB-lid

E. Logister

AB-lid

M. Buijs

AB-lid

I. Raaijmakers

AB-lid

R. Lazeroms

AB-lid

E. Daandels

AB-lid

J. van Agtmaal

AB-lid

P. Kok

AB-lid

53

>

B

Bijlage Bijlage 1: Kwaliteitscriteria 2.2 Inleiding De Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) richt zich op een hoge kwaliteit van haar diensten. Een belangrijk doel van de oprichting van omgevingsdiensten is de kwaliteit van de uitvoering van de taken en de efficiency structureel te verhogen. En middels kennisdeling betere diensten te kunnen verlenen. Middels deze rapportage wil de OMWB aan haar opdrachtgevers laten zien dat (blijvend) aan de kwaliteitseisen wordt voldaan. Kwaliteit is wettelijk verankerd in de op 14 april 2016 in werking getreden Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Uit de wet vloeit voort dat elke gemeente en provincie in Nederland ook een zogenaamde kwaliteitsverordening vaststelt. Ook alle opdrachtgevers van de OMWB hebben een dergelijke verordening vastgesteld. Hierbij is het uitgangspunt dat de OMWB voor Brzo-taken altijd moet voldoen aan de kwaliteitscriteria, en voor de andere taken eventueel gemotiveerd kan worden afgeweken (comply or explain). Momenteel wordt uitgegaan van de set Kwaliteitscriteria 2.2 zoals per 1 juli 2019 vastgesteld. Deze set geeft aan wat de minimale meetlat van kwaliteit (proces én deskundigheid) is waaraan een organisatie moet voldoen.

De Kwaliteitscriteria maken onderdeel uit van een palet van meerdere ontwikkelingen binnen en buiten de OMWB zoals de komende Omgevingswet, diverse wijzigingen in wet- en regelgeving (WKB) en het prestatiegericht financieren (PGF). In 2014 is de eerste nulmeting bij de OMWB gedaan gericht op de Kwaliteitscriteria 2.1 (KC 2.1). Per 1 juli 2019 zijn de KC 2.1 landelijk geüpdatet naar een KC 2.2 versie. Deze vormen hiermee de nieuwe basis van de VTH-verordening en het wettelijk kader. Hierin zijn onder meer naar aanleiding van een (informele) consultatieronde verbetersuggesties doorgevoerd voor de betreffende deskundigheidsgebieden en verschillende opleidingen en kenniseisen geactualiseerd. Tevens is er als 27e deskundigheidsgebied “Energiebesparing en Duurzaamheid” toegevoegd.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

54

>

De OMWB heeft bureau Libereaux in de arm genomen om een geactualiseerd

• De OMWB heeft laten zien aan het nieuw toegevoegde deskundigheidsge-

beeld te krijgen van de mate van robuustheid op deze KC 2.2. Libereaux is

bied Energiebesparing & duurzaamheid te voldoen en daar ook robuuster op

landelijk erkend om deze nulmetingen uit te voeren. Er is een nieuwe nulme-

te worden. Dit is afwijkend ten opzichte van het landelijke beeld omdat het

ting uitgevoerd, wat heeft geresulteerd in inzicht in aanwezige deskundigheid

gaat om een betrekkelijk nieuw domein;

en ontwikkelbehoeften ten opzichte van de KC 2.2. Vervolgens wordt ieder jaar

• Het percentage medewerkers die aantonen voldoende ‘deskundig’ (groen)

een actuele rapportage gemaakt op basis van ontwikkelingen van medewerkers

te zijn, bedraagt 95%. Uit de meetgegevens blijkt dat van de medewerkers

en personeelsmutaties.

die nog niet voldoen aan de KC 2.2, en dus op oranje staan, er relatief veel ‘dicht tegen groen aanzitten’ of hun functie niet geheel raakvlak heeft met

Onderliggende rapportage zoomt in op de robuustheid van de OMWB-medewerkers op het onderdeel ‘deskundigheid’, met daarin de belangrijkste con-

het deskundigheidsgebied. • De conclusie die hieruit getrokken kan worden is dat er veel specialisme in

clusies, werkwijze en vervolgacties. Daarbij wordt er een link gelegd met de

huis is (één van de pijlers van de Kwaliteitscriteria) en dat bij het aannemen

procescriteria en de doorontwikkeling op het gebied van vaardigheden in relatie

van nieuwe personeel, rekening wordt gehouden met de vereiste criteria.

tot onder meer de Omgevingswet. Hiermee is deze rapportage niet alleen een verantwoordingsdocument, maar spreekt het ook een ambitie uit om blijvend

Uitkomsten van de nulmeting

te werken aan de professionaliteit van medewerkers en daarmee de OMWB als organisatie.

Keuze onderzoeksmethode

Conclusie actualisatie nulmeting 2021 deskundigheid Kwaliteitscriteria 2.2

De nulmeting is gedaan onder begeleiding van Libereaux, waarvan de werkwijze reeds is toegepast bij meerdere OD’s en RUD’s. Medewerkers van de OMWB

<<

<

Uit de actualisatieslag in 2021 blijkt het volgende:

werken met digitale e-portfolio’s, waarin zij hun relevante activiteiten, werker-

• De OMWB laat zien erg robuust te zijn als het gaat om expertise binnen de

varing, opleiding en aanvullende kennis op één of meerdere deskundigheidsge-

kwaliteitscriteria. De organisatie toont aan op 18 van de 27 deskundigheids-

bieden in kaart hebben gebracht en hebben onderbouwd met ‘bewijsstukken’,

gebieden genoeg kennis en kunde te hebben (comply);

zoals diploma’s en voorbeelden van producten die zij leveren. Deze bewijs-

• Zeven deskundigheidsgebieden worden uitbesteed (explain);

stukken zijn door Libereaux getoetst, aan de hand van (VRAAK)-criteria, om

• De deskundigheidsgebieden die wél binnen de organisatie belegd zijn, maar

een zo valide mogelijk beeld te schetsen van de expertise binnen de OMWB.

waarvan nog niet aantoonbaar gemaakt is dat er 2> medewerkers op actief

Nadat expertise ten opzichte van een deskundigheidsgebied per individu in

zijn, betreffen Ketentoezicht Groen & ecologie (Wabo). Kanttekening: in

beeld is gebracht, zijn er analyses gemaakt van de robuustheid in expertise

team Ketentoezicht zijn wisselingen geweest en op korte termijn nog mede-

van de organisatie. Analyses zijn mogelijk middels de VTH-monitor, waarin de

werkers getoetst op dit deskundigheidsgebied. De verwachting is daarom dat

gegevens op het gebied van deskundigheid en VTH-taken van alle medewer-

dit deskundigheidsgebied snel weer op ‘groen’ staat.

kers bijeen zijn gebracht en geborgd worden. De conclusies in deze rapportage

• Het valt op dat er binnen de categorieën in leeftijd 41-50 en 51-60 jaar erg

zijn gebaseerd op deze monitor. Op basis daarvan worden afspraken gemaakt

veel expertise in huis is. Ten opzichte van het jaar 2020 is de OMWB ‘ver-

omtrent ontwikkeling en opleidingen in onder meer het Goede Gesprek tussen

jongd’ door het aannemen van veel jonge medewerkers.

medewerkers en leidinggevenden.

OMWB Jaarrekening 2021

55

>

Van elke medewerker kan zijn of haar deskundigheidsgebied worden uitgedrukt in een percentage. Er worden 6 variabelen gemeten, die elk een verschillend ‘gewicht’ hebben: 1. Activiteiten tellen voor 40% mee, 2. Werkervaring voor 15%, 3. Basisopleiding voor 20%, 4. Aanvullende opleidingen voor 10%, 5. Basiskennis voor 10% en 6. Diepgaande kennis voor 5%. 7. Frequentie (weegt niet mee in deskundigheid) De gedachte achter deze percentageverdeling, die landelijk wordt gehanteerd, is dat praktijkervaring (bestaande uit de elementen ‘Activiteiten’ en ‘Werkervaring’) met 55% net iets zwaarder weegt dan kennis en opleiding (bestaande uit de elementen ‘Basisopleiding’, ‘Aanvullende opleidingen’, ‘Basiskennis’ en ‘Diepgaande kennis’) met 45%. Deze wegingsfactoren vormen ook het uitgangspunt voor Vakbekwaamheid: het gaat immers niet over alleen het hebben van de juiste papieren, maar zeker ook over ervaring en kunde. Een medewerker is ‘deskundig’ conform de VTH-kwaliteitscriteria als hij of zij voor 75% of meer aan de criteria voldoet. Een deskundigheidsgebied staat op ‘groen’ als er twee of meer medewerkers binnen de OMWB voor minimaal 75% aan de vereisten in het betreffende deskundigheidsgebied voldoen. Ondanks dat de frequentie niet meetelt in het percentage, wordt er aan ieder deskundigheidsgebied wel een uren-eis gesteld.

De uren zijn in kaart gebracht aan de hand van het ‘tijdschrijven’ van medewerkers van de OMWB binnen het personeelssysteem. Het aantal medewerkers dat aan de frequentie-eis voldoet, is op basis van het tijdschrijven in kaart gebracht door Libereaux. Deze gegevens zijn in beeld gebracht in onderstaande tabel. De OMWB voert meer (plus)taken uit dan zijn opgenomen in de (landelijke) Kwaliteitscriteria. In de onderstaande conclusies worden alleen de conclusies genoemd van de vereiste criteria van de KC 2.2. In de tabel staan de conclusies over de deskundigheidsgebieden vermeld.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

Kennis en ervaring Deskundigheidsgebied

Conclusie

Aantal mw’ers

>75%

50-74%

<50%

Frequentie

1. Casemanagen 1a. G  ericht op eenvoudige situaties

Voldoende

1b. G  ericht op complexe situaties

Voldoende

Voldoet o.b.v. desk.gebied 1b 15

15

12

2. Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening 2a. G  ericht op eenvoudige situaties

Voldoende

2b. G  ericht op complexe situaties

Voldoende

Voldoet o.b.v. desk.gebied 2b 2

2

2

3. Vergunningverlening milieu 3a. Gericht op klasse I en II

Voldoende

3

3

3c. G  ericht op klasse I, II en III algemeen

Voldoende

36

35

3

3d. G  ericht op klasse I, II en III procesindustrie

Voldoende

13

13

3e. G  ericht op klasse I, II en III agrarisch

Voldoende

10

9

1

6

3f. G  ericht op klasse I, II en III afval

Voldoende

14

13

1

12

3g. Activiteiten 5-6

Voldoende

14

12

2

2

1

26 8

4. Toezicht en handhaving bouwen en RO 4a. G  ericht op eenvoudige situaties

Voldoende

4b. G  ericht op complexe situaties

Voldoende

Voldoet o.b.v. desk.gebied 4b 5

4

1

4

5. Toezicht en handhaving milieu 5a. Gericht op klasse I en II

Voldoende

6

4

1

5

5b. G  ericht op klasse I, II en III algemeen

Voldoende

51

49

2

42

5c. G  ericht op klasse I, II en III procesindustrie

Voldoende

19

19

13

5d. G  ericht op klasse I, II en III agrarisch

Voldoende

20

20

13

5e. G  ericht op klasse I, II en III afval

Voldoende

8

8

3

5f. G  ericht op klasse I, II en III brzo

Voldoende

10

10

10

56

>

Kennis en ervaring Deskundigheidsgebied

Kennis en ervaring Conclusie

Aantal mw’ers

>75%

50-74%

<50%

Frequentie

6. Toezicht en handhaving bodem

Deskundigheidsgebied

Conclusie

Aantal mw’ers

>75%

50-74%

<50%

Frequentie

18. Bodem, bouwstoffen, water

6a. Activiteiten 1-6

Voldoende

6

6

6

18a. Activiteit 1

Voldoende

21

20

1

8

6b. Activiteit 7 (complex)

Voldoende

6

6

5

18b. Activiteiten 2-3

Voldoende

20

12

8

8

7. T  oezicht en handhaving groene wetgeving

Voldoende

7

7

7

18c. Activiteit 4

Voldoende

8

6

2

4

8. B  ehandelen juridische aspecten vergunningverlening

Voldoende

17

16

19a. Activiteiten 1

Voldoende

8

8

19b. Activiteit 2-3

Voldoende

9

8

9. B  ehandelen juridische aspecten handhaving

Voldoende

19c. Activiteit 4

Voldoende

6

6

10. B  ehandelen juridische aspecten afwijkingsbesluiten

Voldoende

19d. Activiteit 5

Voldoende

6

4

19e. Activiteit 6

Voldoende

7

7

Voldoende

14

11

21a. Activiteit 1

Voldoende

2

2

21b. Activiteiten 2-4

Nog niet voldoende

2

1

13 2

11

1

1

11

1

2

11 1

20. Geluid (milieu en bouw)

11. Ketentoezicht 11a. Activiteiten 1-5

Nog niet

3

2

Nog niet

2

1

1

5

1

1

6

6

voldoende 11c. Activiteiten 11-12

Nog niet

?

Voldoende

4

13. Bouwfysica 13a. A  ctiviteiten 1-5 – eenvoudige situaties

Explain: belegd

13b. A  ctiviteiten 1-5 complexe situaties

Explain: belegd

13c. A  ctiviteiten 6-10

Explain: belegd bij gemeenten

14. Brandveiligheid

14b. Activiteiten 8-11

*1 Belegd bij

4

3

11

5

2 1

22a. Activiteit 1

*3 Belegd bij de

22b. Activiteiten 2-3

*3 Belegd bij de

ODBN

23. Luchtkwaliteit

bij gemeenten

*1 Belegd bij

5 2

ODBN

bij gemeenten

14a. Activiteiten 1-7

5

22. Groen en ecologie (Nb-wet)

voldoende 12. BOA

5 1

21. Groen en ecologie (Wabo)

1

voldoende 11b. Activiteiten 6-10

19. Externe veiligheid

2

2

2

1

1

5

23a. Activiteiten 1-2

Voldoende

7

6

5

23b. Activiteiten 3-5

Voldoende

7

6

1

5

23c. Activiteit 6

Voldoende

9

7

2

3

de VRMWB

de VRMWB

15. Constructieve veiligheid

*2 Belegd bij de ODZOB

<<

<

16. Sloop en asbest

Voldoende

13

8

17. Afvalwater (indirecte lozingen)

Voldoende

3

3

OMWB Jaarrekening 2021

8 3

57

>

Kennis en ervaring Deskundigheidsgebied

Toelichting conclusies Conclusie

Aantal mw’ers

>75%

50-74%

<50%

Frequentie

Van zeven deskundigheidsgebieden is de taak niet ingebracht bij de OMWB, maar

24. Stedenbouw en inrichting openbare ruimte 24b. Activiteit 1 – complexe situaties

Explain: belegd

24c. Activiteit 2

Explain: belegd

24e. Activiteiten 3-4 – complexe situaties 25. Exploitatie en planeconomie

ligt dit bij de opdrachtgever of een andere Omgevingsdienst. Sommige producten

bij gemeenten

van de OMWB zijn dus afhankelijk van de kwaliteit die deze opdrachtgevers of

bij gemeenten

Omgevingsdiensten leveren. Denk bijvoorbeeld aan een stedenbouwkundige af-

Explain: belegd

weging bij een omgevingsvergunning bij het afwijken van het bestemmingsplan.

bij gemeenten

De vier deskundigheidsgebieden Bouwfysica, Stedenbouw en inrichting openbare

Explain: belegd

ruimte, Exploitatie en planeconomie en Cultuurhistorie worden niet in de dienst

bij gemeenten

gebracht door de Provincie of andere opdrachtgevers (gemeenten).

26. Cultuurhistorie 26a. Activiteiten 1-5

Zoals hierboven genoemd wordt een drietal deskundigheidsgebieden die door opdrachtgevers binnen de dienst worden gebracht, uitbesteed aan een andere

Explain: belegd bij gemeenten

26b. Activiteiten 6-10 26c. Activiteiten 11-15

dienst:

Explain: belegd bij gemeenten

1. Brandveiligheid: belegd bij de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant.

Explain: belegd

2. Constructieve veiligheid: belegd bij de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant

bij gemeenten

3. Groen & Ecologie (Nb-wet): belegd bij de Omgevingsdienst Brabant-Noord

27. Energie en duurzaamheid 27a. Activiteit 1

Voldoende

3

3

2

Voor bovenstaande drie deskundigheidsgebieden is bij deze partneroverheden

27b. Activiteiten 2-3

Voldoende

3

3

2

nagegaan in hoeverre voldaan wordt aan de Kwaliteitscriteria 2.2. De OMWB

27c. Activiteit 4

Voldoende

2

2

2

heeft daarop de volgende reactie gekregen:

*1 Deze taak is belegd bij de Veiligheidsregio Midden- en West Brabant.

VRMWB:

*2 Deze taak is belegd bij de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant

Medewerkers die werkzaam zijn op Brandveiligheid gericht op RO, ABM en Brzo

*3 Deze taak is belegd bij de Omgevingsdienst Brabant-Noord

voldoen aan het vereiste kwaliteitsniveau in termen van scholing en opleiding, in relatie tot de benodigde kennis voor het taakveld Brandveiligheid. De OMWB

Toelichting hierop wordt hiernaast gegeven.

heeft een overzicht ontvangen waarin opgemaakt kan worden dat er voldoende vlieguren gemaakt worden op dit deskundigheidsgebied. ODZOB: Omtrent het deskundigheidsgebied Constructieve veiligheid kunnen meerdere medewerkers aantoonbaar maken dat zij voldoen aan de Kwaliteitscriteria 2.2. De ODZOB voert deze werkzaamheden uit voor de OMWB en daar ligt een samenwerkingscontract onder. De OMWB kan dus aangeven door deze samenwerking te voldoen aan de Kwaliteitscriteria 2.2.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

58

>

ODBN:

Leeftijdsgroepen

De organisatie zit midden in de interne toetsing en borging. Dit proces zal op 1

Op basis van de beschikbare data in de VTH-monitor is een analyse gemaakt

april afgerond zijn, maar hier kan al een goede indicatie van gegeven worden.

waarbij per leeftijdsgroep is onderzocht hoeveel medewerkers op ‘groen’,

De eindconclusie is dat de ODBN gaat voldoen op het deskundigheidsgebied

‘oranje’ en ‘rood’ staan. Onderstaande grafieken bevatten de resultaten van

Groen & Ecologie, al dan niet door middel van Explain.

deze analyses.

Voor de deskundigheidsgebieden Ketentoezicht en Groen & Ecologie (Wabo), worden opgesteld. Dit wordt door de OMWB opgepakt. Een groot aantal medewerkers is op meerdere deskundigheidsgebieden getoetst. Het is mogelijk dat zij op hun eerste deskundigheidsgebied groen scoren, terwijl zij oranje scoren op hun tweede deskundigheidsgebied. Omdat deze medewerkers voldoen aan minimaal één deskundigheidsgebied, worden zij beschouwd

Aantal medewerkers

wordt er niet afgeweken door middel van ‘explain’ en dienen er verbeteracties te

70 60 50 40 30 20

als voldoende deskundig (groen). Het aantal getoetste deskundigheidsgebieden

10

hierboven hoeft dus niet overeen te komen met het aantal medewerkers.

0

Tot slot wordt hierbij opgemerkt dat de uren van extern ingehuurde medewer-

21 - 30 jaar

31 - 40 jaar

41 - 50 jaar

51 -60 jaar

61+ jaar

75 - 100%

14

32

67

60

24

kers buiten beschouwing gelaten zijn. De OMWB kiest ervoor om deze verant-

50 - 74%

5

5

0

1

0

woordelijkheid bij de inhuur partij neer te leggen als vereiste bij de inkoop.

0 - 49%

0

0

0

0

0

Stand van zaken – aantal medewerkers in de 0-meting KC 2.2

Analyse nulmeting KC2.2 (2021)

Tijdens deze actualisatie bevat de VTH-monitor de gegevens van 208 medewerkers.

Het percentage van medewerkers die aantonen voldoende ‘deskundig’ (groen) te zijn, bedraagt 95% (185 van 208 getoetste medewerkers). De ‘deskundig-

Medewerkers die zich binnen het primaire proces bezighouden met zogeheten

heid’ in de leeftijdscategorieën 41 – 50 jaar en 51 – 60 jaar is het grootst. Uit

‘plustaken’, zoals, vuurwerk, ontgrondingenwet en APV, vallen niet onder één of

de meetgegevens blijkt dat van de medewerkers die voor 50–74% (oranje)

meerdere deskundigheidsgebieden uit de KC 2.2. Om die reden maken deze me-

voldoen aan de KC 2.2, en dus op oranje staan, er relatief veel ‘dicht tegen

dewerkers geen onderdeel uit van de nulmeting. Dit geldt ook voor medewerkers

groen aanzitten’. Vooral in de leeftijdscategorieën 21 – 30 jaar en 31 – 40

die buiten het primaire proces vallen. Het gaat hier bijvoorbeeld om coördine-

jaar is te zien dat medewerkers nog niet altijd kunnen voldoen aan werkerva-

rende, beleidsmatige, administratieve en ondersteunende functies. Hoewel deze

ringseisen of activiteiten.

medewerkers niet onder de KC 2.2 vallen, krijgen zij wel de beschikking over een e-portfolio.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

59

>

Opleidingsniveau

Slotconclusie resultaten 0-meting en voortgang

Van de 208 medewerkers die verwerkt zijn in het de VTH-monitor is geanaly-

De nulmeting (stand november 2021) laat zien dat de OMWB er ten opzichte

seerd wat hun basisopleidingsniveau is. Onderstaande grafiek bevat de resulta-

van de Kwaliteitscriteria 2.2 goed voor staat. De organisatie is binnen 18 des-

ten van deze analyse.

kundigheidsgebieden erg robuust als het gaat om kennis en kunde ten opzichte van de Kwaliteitscriteria. Voor twee deskundigheidsgebieden dient de organisa-

Een aantal medewerkers hebben een EVC-traject gevolgd. Deze beschikken

tie verbeteracties toe te passen.

niet over een relevant en erkend hbo-diploma, maar hebben wel hbo werk- en denkniveau aangetoond.

Op basis van de analyse op de kenniselementen wordt samen met de afdeling HRM een uitvraag gedaan naar de opleidingsmarkt. Omdat er nauwkeurig in beeld is gebracht wie wat nog moet doen, wordt hierop een efficiencyslag

18%

2%

Relevant HBO- of WO niveau (167)

verwacht. Ook wordt er gekeken naar een mogelijke samenwerking met de

Relevant MBO niveau (38)

partners.

Geen basisopleiding (3)

Het e-portfolio Ditkanik.nu wordt door de medewerkers bijgehouden; (nieuwe) 80%

bewijsstukken en certificaten worden geüpload en gedeeld met de teammanager. Het vormt de basis voor ontwikkeling. Ook de medewerkers die niet onder een deskundigheidsgebied van de Kwaliteitscriteria vallen kunnen hun e-portfolio bijhouden en aanvullen. Verder zal de VTH-monitor onderhouden worden en mutaties doorgevoerd, zodat de OMWB blijvend kan aantonen te voldoen aan de Kwaliteitscriteria.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

60

>

Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant

Postbus 75 5000 AB Tilburg 013 206 01 00 info@omwb.nl www.omwb.nl

<<

<

OMWB Jaarrekening 2021

Toelichting op het resultaat 2021 Het jaarrekeningresultaat 2021 laat een positief saldo zien van € 164.000. Hieronder een overzicht met toelichting op de voornaamste ontwikkelingen van het jaarrekeningresultaat 2021 ten opzichte van de begroting 2021 na wijzigingen.

Begroot resultaat na wijziging: Hogere opbrengsten dan begroot: Laboratoriumkosten en kosten milieumetingen hoger dan begroot: Overige personele kosten lager dan begroot: Reiskosten lager dan begroot: Inhuur extern personeel hoger dan begroot: Kosten algemeen beheer hoger dan begroot: Huisvesting en facilitaire kosten lager dan begroot: Detacheringsinkomsten hoger dan begroot (worden niet begroot): Automatiseringskosten lager dan begroot: Geen aanspraak gemaakt op post "Onvoorzien": Tractiekosten lager dan begroot: Afschrijvingskosten lager dan begroot: Diversen: Resultaat voor reserve meetstations Naar reserve meetstations Gerealiseerd resultaat:

Bedrag in eur 490.000714.000 235.000128.000 60.000 125.00070.000252.000 81.000 50.000 150.000 33.500 28.000 17.500 594.000 430.000164.000

Opbrengsten en gerelateerde kosten De totale opbrengsten bedragen € 35,2 miljoen en zijn daarmee € 714.000 hoger dan begroot. Het COVID-19-jaar 2020 heeft de OMWB geleerd dat productieverlies kan worden beperkt of voorkomen door werkzaamheden anders aan te pakken of anders in te vullen. Mede hierdoor is verlies in productieve uren ook in 2021 voorkomen. Een andere reden is dat het aantal uren dat is besteed aan opleiding en vorming in 2021 als gevolg van COVID-19 - lager was dan begroot. Tenslotte is de opname van verlof op niveau gebleven. De laboratoriumkosten en kosten milieumetingen vormen een variabele post, wat wil zeggen dat meer vraag een hoger kostenniveau tot gevolg heeft. Deze kosten worden doorbelast als onderdeel van deelprogramma 4. Kosten Overige personele kosten De overige personele kosten bedragen in totaal € 944.000 en zijn hiermee € 128.000 lager dan begroot (na wijzigingen). Voornaamste oorzaak hiervan is dat de kosten voor opleiding en vorming als gevolg van COVID-19 aanzienlijk lager zijn uitgevallen. Daarnaast is er sprake van onderbesteding op het mobiliteitsbudget; er lopen minder mobiliteits- en loopbaanontwikkelingstrajecten dan voorgaande jaren waardoor de reservering voor toekomstige uitgaven lager is dan voorgaande jaren.

Reiskosten Door het vele thuiswerken als gevolg van COVID-19 heeft gedurende het boekjaar 2021 reeds bijstelling van de te verwachten reiskosten plaatsgevonden. Per jaareinde bedraagt de onderbesteding ongeveer € 60.000 ten opzichte van de aangepaste begroting. Inhuur extern personeel De overschrijding is ontstaan bij de bedrijfsvoering en is het gevolg van data-ontwikkeling en het niet kunnen invullen van vacatures vanwege krapte op de arbeidsmarkt. Kosten algemeen beheer De kosten voor Algemeen beheer zijn € 70.000 hoger dan begroot. Dit betreft het saldo van een aantal minder omvangrijke over- en onderbestedingen onder deze post. Zo is er sprake van lagere kosten van kantoorbenodigdheden, porti en drukwerk tegenover hogere kosten uitbestede dienstverlening. Huisvesting en facilitair De kosten van huisvesting en facilitaire kosten bedragen € 853.000 en zijn hiermee € 252.000 lager dan begroot. De lagere realisatie is met name het gevolg van de verminderde aanwezigheid van personeel op kantoor (als gevolg van COVID-19) waardoor de facilitaire kosten (bijvoorbeeld schoonmaakkosten,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1290/documents/34172