CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Ruimtelijke onderbouwing inclusief onderzoek

Gemeenteraad 23 oktober 2025, gemeente RoermondBij agendapunt: Botenstalling nabij Hatenboer 70 te Roermond (hamerstuk)24.048 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

AERIUS-berekening Botenlift en winterstalling

3/6

Verkeer sloop, bouw en aanleg

6. Resultaten en conclusie

Ten behoeve van de sloop, bouw en aanleg vinden ook verkeersbewe-

Uit de uitgevoerde berekeningen blijkt dat bij zowel de aanleg- als de

gingen plaats, onder andere in de vorm van vrachtwagens en busjes.

gebruiksfase geen rekenresultaten hoger zijn dan 0,00 mol/ha/j. Daar-

De totale verkeersgeneratie is weergegeven in tabel 2. De bewegingen

mee kunnen op voorhand negatieve effecten op Natura 2000-gebieden

zijn over de aanliggende wegen gemodelleerd, waarbij 100% van de be-

vanwege stikstofdepositie uitgesloten worden.

wegingen in twee richtingen zijn ingevoerd. Hierbij zijn dus meer bewegingen gemodelleerd dan daadwerkelijk plaats gaan vinden, waardoor

Omdat significant negatieve gevolgen zijn uitgesloten, hoeft voor de ont-

onzekerheid over de richting van de bewegingen wordt opgevangen.

wikkeling geen passende beoordeling opgesteld te worden. Omdat er

Voor meer informatie verwijzen we u naar de bijgevoegde AERIUS-rap-

van het project geen significant negatieve gevolgen te verwachten zijn,

portage.

geldt ook geen vergunningplicht van de Wet natuurbescherming.

Verkeersbewegingen bouwverkeer Bedrijfsbusjes (licht verkeer) Aan- en afvoer materialen (middelzwaar vrachtverkeer) betonmixers en zwaar transport (zwaar vrachtverkeer)

Totale verkeersgeneratie

Eenheid

175 per jaar 20 per jaar

7. Bijlage Bijlage 1: AERIUS stikstofberekening aanlegfase Bijlage 2: AERIUS stikstofberekening gebruiksfase

20 per jaar

Conclusie Het rekenresultaat met de ingevoerde mobiele werktuigen en het daarbij horende bouwverkeer is niet hoger dan 0,00 mol/ha/j.

5. Gebruiksfase De verwachte verkeersaantrekkende werking van het planvoornemen of iets vergelijkbaars is niet opgenomen in de CROW-publicatie 381 "Toekomstbestendig parkeren". Daarom is er een inschatting gemaakt. Er wordt uitgegaan van een toename van 4 autobewegingen per boot per jaar (2x aanvoer en 2x afvoer). Dit zorgt voor maximaal 1200 (4 x 300 = 1200) vervoersbewegingen per jaar. Conclusie Het rekenresultaat met de ingevoerde verkeersbewegingen is niet hoger dan 0,00 mol/ha/j.

AERIUS-berekening Botenlift en winterstalling

4/6

Bijlage 1 - AERIUS stikstofberekening aanlegfase

AERIUS-berekening Botenlift en winterstalling

5/6

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

BRO -, -Gebruiksfase botenlift en winterstalling AERIUS-berekening botenlift en winterstalling te Roermond

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

Rn2C81ACKGXL 09 november 2023, 11:52 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Situatie 1 - Beoogd Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

Rn2C81ACKGXL (09 november 2023)

2024 -

2,6 kg/j

63,1 kg/j

2/7

Projectberekening

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Werktuigen  Verkeersnetwerk

Rn2C81ACKGXL (09 november 2023)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

2,6 kg/j 1,1 g/j

63,0 kg/j 52,3 g/j

3/7

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). Rn2C81ACKGXL (09 november 2023)

4/7

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

Rn2C81ACKGXL (09 november 2023)

-

Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)

-

-

5/7

Projectberekening

Situatie 1, Rekenjaar 2024 1

Naam Locatie Lengte

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Werktuigen X:195098,88 Y:356281,53 147,50 m

Naam

NOₓ NH₃

Stageklasse

Brandstof­verbruik

63,0 kg/j 2,6 kg/j

Draaiuren AdBlue verbruik

Mobiele graafmachine

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 2501 l/j diesel, SCR: ja

Rups hydraulische graafmachine

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 1121 l/j diesel, SCR: ja

56 u/j

67 l/j

14,7 kg/j NH₃ 0,6 kg/j NOₓ 6,5 kg/j

Laadschoppen

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 492 l/j diesel, SCR: ja

24 u/j

30 l/j

NH₃ 0,3 kg/j NOₓ 2,6 kg/j

Wals

Stage-V, >= 2019 , <= 56 kW, diesel, SCR: nee

16 u/j

NH₃ 0,1 kg/j NOₓ 1,9 kg/j NH₃ 0,0 kg/j NOₓ 1,5 kg/j

92 l/j

240 u/j 150 l/j

Stof Emissie

Asfaltmachine

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 267 l/j diesel, SCR: ja

16 u/j

16 l/j

Draadkraan

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 2012 l/j diesel, SCR: ja

88 u/j

121 l/j

Trilbok

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 3383 l/j diesel, SCR: ja

88 u/j

203 l/j

Ankerboormachine

Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, 1093 l/j diesel, SCR: ja

48 u/j

66 l/j

2

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Rn2C81ACKGXL (09 november 2023)

Bron 2 X:195211,74 Y:356339,28 224,25 m Binnen bebouwde kom (normaal) Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

NOₓ

NH₃ 64,1 g/j NOₓ 11,2 kg/j NH₃ 0,5 kg/j NOₓ 18,7 kg/j NH₃ 0,8 kg/j NOₓ 5,9 kg/j NH₃ 0,3 kg/j

Links Rechts NOₓ 52,3 g/j Type scherm - NO₂ 12,3 g/j Hoogte - NH₃ 1,1 g/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

175,0 /jaar 20,0 /jaar 20,0 /jaar 0,0 /jaar

In file

10,0 % 10,0 % 10,0 % 0,0 %

6/7

Projectberekening

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.0.1_20231106_3125d8b3c1 Database versie 2023.0.1_3125d8b3c1_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

Rn2C81ACKGXL (09 november 2023)

7/7

Bijlage 2 - AERIUS stikstofberekening gebruiksfase

AERIUS-berekening Botenlift en winterstalling

6/6

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

BRO -, -Gebruiksfase botenlift en winterstalling AERIUS-berekening botenlift en winterstalling te Roermond

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RgyyfpEyjRzf 05 maart 2024, 08:14 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Situatie 1 - Beoogd Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

RgyyfpEyjRzf (05 maart 2024)

2024 -

3,5 g/j

87,6 g/j

2/6

Projectberekening

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 1 

Wonen en Werken | Recreatie | Bron 1 Verkeersnetwerk

RgyyfpEyjRzf (05 maart 2024)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

3,5 g/j

87,6 g/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RgyyfpEyjRzf (05 maart 2024)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

RgyyfpEyjRzf (05 maart 2024)

-

Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)

-

-

5/6

Projectberekening

Situatie 1, Rekenjaar 2024 1

Wonen en Werken | Recreatie

Naam Bron 1 Uittreedhoogte Locatie X:195122,14 Warmteinhoud Y:356239,67 Lengte 644,36 m Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 2

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

1,0 m 0,002 MW

Bron 2 X:195370,48 Y:356451,35 228,62 m Binnen bebouwde kom (normaal) Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Links Rechts NOₓ 87,6 g/j Type scherm - NO₂ 12,8 g/j Hoogte - NH₃ 3,5 g/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

1.200,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar

In file

10,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.1_20240207_c93f01d6e8 Database versie 2023.1_c93f01d6e8_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website

RgyyfpEyjRzf (05 maart 2024)

6/6

Bijlage 3 - Quickscan Flora & Fauna

Ruimtelijke onderbouwing botenstalling en botenlift

32

QUICKSCAN FLORA EN FAUNA In het kader van de aanleg van een botenstalling en botenlift op het terrein Hatenboer te Roermond

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 1

Titel:

Quickscan flora en fauna. In het kader van de aanleg van een botenstalling en botenlift op het terrein Hatenboer te Roermond

Status:

V1

In opdracht van: Hermus Watersport B.V.

ROERMOND Contactpersoon:

Opgesteld door: OmniVerde BV Kortestraat 20 6101 HC Echt Samenstelling: R. Gubbels Gecontroleerd door:

Datum: 20 oktober 2023 Plaats: Echt Kenmerk: 2023-HW01

Afbeelding omslag: Zicht op de beoogde locatie van de botenstalling. Foto: R. Gubbels DISCLAIMER Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van scanning, internet, druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en OmniVerde BV noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. OmniVerde BV is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van OmniVerde BV. De opdrachtgever vrijwaart OmniVerde BV voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Informatie in dit rapport is (deels) afkomstig uit de NDFF en mag niet zonder toestemming van BIJ12 worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 2

Inhoudsopgave 1

INLEIDING ............................................................................................................................. 4

2

NATUURBESCHERMING ......................................................................................................... 5

3

WERKWIJZE BEOORDELING EFFECTEN OP (WET) NATUURBESCHERMING ................................ 6 3.1 3.2

4

SOORTENBESCHERMING ................................................................................................................... 6 GEBIEDSBESCHERMING .................................................................................................................... 6

PLANGEBIED .......................................................................................................................... 8 4.1 4.2

5

LIGGING ....................................................................................................................................... 8 AANWEZIGE STRUCTUREN EN HABITATS ........................................................................................... 10

UIT TE VOEREN WERKZAAMHEDEN .......................................................................................13 6.1 BUREAU-ONDERZOEK ................................................................................................................... 15 6.1.1 Aanwezige beschermde soorten ..................................................................................... 15 6.2 TERREINBEZOEK .......................................................................................................................... 15 6.2.1 Aanwezigheid beschermde soorten ................................................................................ 15 6.2.1.1 6.2.1.2 6.2.1.3 6.2.1.4 6.2.1.5

6.3 7

Zoogdieren (exclusief vleermuizen) .......................................................................................................... 15 Vleermuizen .............................................................................................................................................. 16 Broedvogels .............................................................................................................................................. 16 Vissen ........................................................................................................................................................ 16 Vaatplanten .............................................................................................................................................. 16

DE ACTUEEL EN POTENTIEEL AANWEZIGE BESCHERMDE SOORTEN BINNEN HET PLANGEBIED .................. 17

OVERTREDING VERBODSBEPALINGEN WET NATUURBESCHERMING: SOORTEN ......................18 7.1

MOGELIJKE EFFECTEN VAN DE VOORGENOMEN MAATREGELEN OP DE ACTUEEL EN POTENTIEEL AANWEZIGE

BESCHERMDE SOORTEN ........................................................................................................................... 18

7.1.1 Vleermuizen ..................................................................................................................... 18 7.1.2 Broedvogels .................................................................................................................... 18 7.2 OVERTREDING VERBODSBEPALINGEN WET NATUURBESCHERMING? ..................................................... 18 7.2.1 Broedvogels .................................................................................................................... 18 9

OVERTREDING VERBODSBEPALINGEN WET NATUURBESCHERMING: HOUTOPSTANDEN .........22

10

NATUURNETWERK NEDERLAND .........................................................................................23

11

ALGEMENE ZORGPLICHT ....................................................................................................24

12

AANVULLEND ONDERZOEK ................................................................................................25

13

EINDCONCLUSIES EN AANBEVELING ...................................................................................26

14

GEBRUIKTE BRONNEN .......................................................................................................27

BIJLAGE 1: LIJST BESCHERMDE SOORTEN WET NATUURBESCHERMING .........................................28

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 3

1

Inleiding

Hermus Watersport B.V. heeft het voornemen om op het terrein Hatenboer te Roermond een botenstalling en botenlift in te richten. Om te bepalen of deze ingreep negatieve effecten heeft op actueel dan wel potentieel aanwezige beschermde soorten planten en dieren en op eventueel aanwezige beschermde gebieden en/of houtopstanden wordt een quickscan flora en fauna uitgevoerd. In de quickscan wordt nagegaan of door de werkzaamheden verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) overtreden worden, hoe dit voorkomen kan worden, of aanvullend ecologisch onderzoek nodig is en of het noodzakelijk is om in het kader van de Wnb een ontheffing en/of vergunning aan te vragen bij het bevoegd gezag. Hermus Watersport B.V. heeft aan OmniVerde BV opdracht verstrekt om de quickscan flora en fauna uit te voeren.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 4

2

Natuurbescherming

Sinds 1 januari 2017 is de Wnb van kracht. Deze wet vervangt drie wetten, namelijk de Flora- en Faunawet, de Boswet en de Natuurbeschermingswet 1998. De Wnb kent drie aparte beschermingsregimes: -

voor Europees beschermde soorten van de Habitatrichtlijn, het verdrag van Bern en het verdrag van Bonn; voor soorten van de Vogelrichtlijn; voor nationaal beschermde soorten;

Dit betekent dat alle inheemse Europese vogels beschermd zijn en een groot aantal overige Europese en Nederlandse plant- en diersoorten (zie bijlage 1). Elk van de drie beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen. De Wnb beschermt naast soorten ook gebieden, behorend tot het Europese Natura 2000 netwerk. Voor deze gebieden en de daarbij aangewezen soorten en habitattypen zijn instandhoudingsdoelstellingen opgesteld. Een activiteit mag niet leiden tot significant negatieve effecten op deze doelen of tot een aantasting van de natuurlijke kenmerken. Een aantal nationaal beschermde soorten geniet een vrijstelling. Deze vrijstelling is verleend door de Provincie Limburg en vastgelegd in de Omgevingsverordening Limburg (2014, geconsolideerde versie). Met name bij zoogdieren, reptielen en amfibieën zijn vrijgestelde soorten aangewezen. Een volledig overzicht van de vrijgestelde soorten is te vinden in bijlage 1. De vrijstelling heeft betrekking op het mogen vangen en vernielen/beschadigen van vaste voortplantings- of rustplaatsen in het kader van ruimtelijke ontwikkeling. De vrijstelling geldt niet voor het mogen doden van dieren. Naast bescherming vanuit de Wnb zijn er ook gebieden die planologisch beschermd zijn. Het betreft het Natuur Netwerk Nederland (NNN).

De bescherming van het NNN verloopt via het ruimtelijke ordeningsrecht (Barro, bestemmingsplannen) en niet via de natuurwetgeving. Het Limburgse deel van het NNN wordt gevormd door de Goudgroene natuurzones. Binnen de Goudgroene zone streeft de provincie naar behoud en beheer van de reeds aanwezige natuur en de ontwikkeling van nieuwe natuur. Er worden geen bestemmingen toegestaan die per saldo leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden, oppervlakte, de kwaliteit en de samenhang van het NNN. Daarnaast mogen de landschappelijke kernkwaliteiten (het “groene karakter”) van de Zilvergroene natuurzone en de Bronsgroene landschapszone niet worden vernietigd, verstoord en/of versnipperd.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 5

3

Werkwijze beoordeling effecten op (Wet) natuurbescherming

3.1

Soortenbescherming

Om te bepalen of de voorgenomen ingrepen nadelige effecten hebben op de actueel aanwezige beschermde planten- en diersoorten wordt volgens een stappenplan gewerkt: - Stap 1: komen er beschermde soorten voor in het plangebied? - Stap 2: worden er verbodsbepalingen overtreden? - Stap 3: vallen de handelingen onder een vrijstelling? - Stap 4: dient een ontheffing te worden aangevraagd? Afhankelijk van het antwoord per stap dienen meer of minder stappen doorlopen te worden. Uit de stappen blijkt of de ingreep probleemloos, al dan niet met mitigerende maatregelen, uitgevoerd kan worden, een vrijstelling geldt of dat een ontheffing aangevraagd dient te worden. In het slechtste geval is geen ontheffing mogelijk en kan de herinrichting geen doorgang vinden. Voor het antwoord op stap 1 zijn de volgende bronnen geraadpleegd: - Nationale databank Flora en Fauna - Waarneming.nl Tevens is een terreinverkenning uitgevoerd waarbij een goede indruk verkregen is van het aanwezige habitat en de potentiële/actuele aanwezigheid van beschermde soorten. Benadrukt wordt dat het verkennend terreinbezoek louter bedoeld is om een goede indruk te verkrijgen van de aanwezige flora en fauna.

Uitgebreide soortinventarisaties volgens bijvoorbeeld de inventarisatieprotocollen van het Netwerk Groene Bureaus, bedoeld om met zekerheid de aan- of afwezigheid van bepaalde soorten vast te stellen, hoeven in het kader van een verkennend flora- en faunaonderzoek niet te worden uitgevoerd.

3.2

Gebiedsbescherming

Er wordt bepaald of het gebied waar de maatregelen worden uitgevoerd gelegen is in of nabij (externe werking) een Natura 2000-gebied. Indien dit het geval is, wordt bepaald of de uitvoeringsmaatregelen leiden tot negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen middels een Voortoets. Als hieruit blijkt dat er mogelijk significant negatieve effecten kunnen zijn op de instandhoudingsdoelen, dient een Passende Beoordeling opgesteld te worden. Als de Passende Beoordeling duidelijk maakt dat er inderdaad significant negatieve effecten optreden, dan dient een ADC toets te worden uitgevoerd. Na uitvoering van zowel een Passende Beoordeling als een ADC toets dient bij het bevoegd gezag (Provincie Limburg) een vergunning te worden aangevraagd.

3.3

Houtopstanden

De Wet natuurbescherming vervangt naast de Flora- en Faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998 ook de Boswet. De regelgeving van de Boswet is door de Wet natuurbescherming grotendeels overgenomen. Het doel van de regels met betrekking tot houtopstanden is de instandhouding van het areaal bos. De regels zijn van toepassing op houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijbomen en gelegen buiten de bebouwde kom. Voorafgaand aan de kap van de houtopstand dient de eigenaar van de grond waarop een dergelijke houtopstand zich bevindt melding te doen bij het bevoegd gezag en moet de eigenaar daarnaast binnen drie jaren na het vellen of het tenietgaan van de houtopstand zorg dragen voor het op bosbouwkundig verantwoorde wijze herbeplanten. Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 6

3.4

Natuurnetwerk Nederland

Er wordt gecheckt of het gebied waar de maatregelen plaatsvinden gelegen is binnen de begrenzing van het NNN (Goudgroene natuurzone) en of de uitvoeringsmaatregelen leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke waarden en kenmerken. Centrale vraag is of het NNN aangetast wordt in oppervlakte, ecologische kwaliteit en samenhang? Wanneer hier aanwijzingen voor zijn dan wordt een nee, tenzij toets uitgevoerd. Tevens wordt gecheckt of het plangebied gelegen is in de Zilvergroene natuurzone, de Bronsgroene landschapszone en het Beschermingsgebied Nationaal landschap Zuid-Limburg en wat de eventuele effecten van de uit te voeren maatregelen hierop zijn.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 7

4

Plangebied

4.1

Ligging

Het plangebied is gelegen in het stroomdal van de Maas, ten westen van Roermond (afbeelding1). Een detail van de ligging is weergegeven in de afbeeldingen 2 en 3.

Afbeelding 1. Het plangebied bevindt zich in het stroombed van de Maas, ten westen van Roermond. Bron: bewerkt naar www.topokaartnederland.nl

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 8

Afbeelding 2. De botenstalling wordt aangelegd op de Kop van Hatenboer, locatie 1. Bron: PLOEGAM, 2022).

Afbeelding 3. Begrenzing van het terrein (rode stippellijn) waar de botenstalling en de botenlift zijn geprojecteerd. Bron: PLOEGAM, 2022).

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 9

4.2

Aanwezige structuren en habitats

Het centrale deel van het plangebied bestaat hoofdzakelijk uit een soortenarm grasland (afbeelding 4). Op het terrein staat één solitaire boom (afbeelding 5). Het plangebied wordt omgeven door: westzijde (Maaszijde): weg en oeverzone met bomen en struweel van wilgen en ruigtkruiden (afbeelding 5). zuidzijde: grastalud, overgaand in een stenen talud, grenzend aan een haventje (afbeelding 6). Het stenen talud is deels begroeid met verschillende soorten vetkruiden (Sedum spec.). oostzijde: een strook ruigtkruiden en (braam)struweel (afbeelding 7).

Afbeelding 4. Het centrale deel van het plangebied bestaat uit een soortenarm grasland. Foto: R. Gubbels.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 10

Afbeelding 5. De westzijde van het plangebied wordt begrensd door een weg met aansluitend aan de Maaszijde een oeverzone bestaande uit bomen en struweel van voornamelijk wilg. Foto: R. Gubbels.

Afbeelding 6. De zuidzijde bestaat uit een grastalud, overgaand in een stenig talud. Foto: R. Gubbels.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 11

Afbeelding 7. De oostzijde bestaat uit een strook ruigtkruiden en (braam)struweel. Foto: R. Gubbels.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 12

5

Uit te voeren werkzaamheden

Op het centrale deel van het plangebied, de grazige vlakte (afbeelding 4), wordt een botenstalling gerealiseerd. In de zuidwest hoek wordt een botenlift aangelegd. De botenstalling moet ruimte bieden aan minimaal 100 vaartuigen. Het toekomstige terrein bestaat uit afwisselend stroken met een verhardingsconstructie die nog nader wordt bepaald en gras (afbeelding 8). De stroken met verharding sluiten aan op de verharde weg op het terrein. De vaartuigen worden op bokken geplaatst, op de verharde stroken. Aan de uiteinden van de stroken moet ruimte zijn om een verankering (denk aan scheepsankers) te plaatsen (PLOEGAM, 2022). Aan de oostzijde wordt een stroom van 10 m open gehouden. De aanwezige strook ruigte en struweel blijft daarmee ongemoeid. De oeverbegroeiing aan de westzijde blijft intact. Er worden binnen het plangebied geen bomen gekapt. Wanneer de werkzaamheden worden uitgevoerd, is nog niet exact bekend.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 13

Afbeelding 8. Beoogde terreininrichting (PLOEGAM, 2022). Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 14

6

Beschermde soorten in en in de directe omgeving van het plangebied

In dit hoofdstuk wordt op basis van een bureau-onderzoek en een terreinbezoek aangegeven welke beschermde soorten voorkomen in of nabij het plangebied. Van beschermde soorten die in de nabijheid van het plangebied voorkomen wordt op basis van het aanwezige habitat en expert judgement een inschatting gemaakt of ze mogelijk ook in het plangebied aanwezig kunnen zijn. Het hoofdstuk eindigt met een tabel waarin alle beschermde soorten vermeld staan die actueel en potentieel in het plangebied aanwezig zijn. Deze tabel vormt de basis voor hoofdstuk 7.

6.1

Bureau-onderzoek

6.1.1

Aanwezige beschermde soorten

Voor het bepalen van de aanwezige beschermde soorten planten en dieren in het plangebied is gebruik gemaakt van verschillende natuurdatabanken, namelijk de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) en waarneming.nl. De waarnemingen van Europees beschermde soorten zijn maximaal drie jaar oud en die van nationaal beschermde soorten maximaal vijf jaar. De natuurdatabanken zijn geraadpleegd op 5 oktober 2023. In de geraadpleegde bronnen worden voor het plangebied geen beschermde soorten vermeld. In de directe omgeving van het plangebied worden alleen beschermde vogels genoemd, hoofdzakelijk watervogels.

6.2

Terreinbezoek

Op 5 oktober 2023 is een terreinverkenning uitgevoerd. De weersomstandigheden waren als volgt: halfbewolkt, droog, 21 ˚ C. 6.2.1

Aanwezigheid beschermde soorten

6.2.1.1 Zoogdieren (exclusief vleermuizen) Tijdens het terreinbezoek zijn binnen het plangebied sporen aangetroffen van konijn. Konijn geniet een provinciale jaarrond vrijstelling (zie bijlage 1) en wordt verder buiten beschouwing gelaten. Nabij het plangebied, met name in de struweelbegroeiing langs de Maas aan de westzijde van het plangebied, zijn sporen aangetroffen van bever. Aangezien deze strook begroeiing ongemoeid blijft en het plangebied zelf ongeschikt is voor bever wordt deze soort verder buiten beschouwing gelaten. Op grond van het aanwezige habitat is binnen het plangebied een aantal beschermde soorten zoogdieren te verwachten die niet in de geraadpleegde databanken zijn gedocumenteerd of die niet in de nabijheid van het plangebied zijn waargenomen: - veldmuis, rosse woelmuis - kleine marterachtigen (hermelijn, wezel, bunzing) - egel - vos Al deze soorten genieten een provinciale jaarrond vrijstelling (zie bijlage 1) en worden verder buiten beschouwing gelaten. Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 15

6.2.1.2 Vleermuizen In de geraadpleegde databanken worden voor het plangebied geen vleermuizen vermeld. Binnen het plangebied zullen ongetwijfeld diverse soorten vleermuizen foerageren. Verblijfplaatsen zijn in de enige boom binnen het plangebied niet aangetroffen. Potentiële vliegroutes ontbreken. 6.2.1.3 Broedvogels De op het water verblijvende watervogels zullen geen hinder ondervinden van de werkzaamheden. De strook ruigtkruiden en struweel aan de oostzijde blijft intact. De oeverbegroeiing aan de westzijde blijft ongemoeid. In de enige boom binnen het plangebied is geen jaarrond beschermd nest aangetroffen. Deze boom wordt gehandhaafd. Mogelijk wordt de centrale grasvlakte binnen het plangebied gebruikt door grondbroedende vogelsoorten. 6.2.1.4 Vissen Ter plaatse van de beoogde botenlift wordt een deel van de oever vergraven. Tussen de aanwezige steenbestorting zullen ongetwijfeld vissoorten aanwezig zijn. Dit betreft niet beschermde soorten, waarschijnlijk hoofdzakelijk de invasieve exoot zwartbekgrondel. 6.2.1.5 Vaatplanten In de geraadpleegde databanken worden voor het plangebied geen beschermde vaatplanten vermeld. Op het stenige talud (zuidgrens van het plangebied) staat één exemplaar van de kleine steentijm (afbeelding 9), een zeldzame Rode Lijst-plantensoort met de status Bedreigd.

Na overleg met de eigenaar van het plangebied wordt bevestigd dat de vindplaats buiten de begrenzing van de werkzaamheden valt.

Afbeelding 9. Op het stenige talud aan de zuidzijde van het plangebied staat één exemplaar van de kleine steentijm, een zeldzame Rode Lijst-plantensoort met de status Bedreigd. Foto: R. Gubbels.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 16

6.3

De actueel en potentieel aanwezige beschermde soorten binnen het plangebied

De binnen het plangebied potentieel voorkomende beschermde soorten zijn aangeduid in tabel 1. Tevens is het beschermingsregime weergegeven. Tabel 1. De potentieel aanwezige beschermde soorten binnen het plangebied en hun beschermingsregime. EB: Europees beschermd. Flora en Soort Beschermingsregime vrijstelling Fauna Vleermuizen alle potentieel aanwezige soorten EB, Habitatrichtlijn nvt Broedvogels alle aanwezige grondbroedende EB, Vogelrichtlijn nvt soorten

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 17

7

Overtreding verbodsbepalingen Wet natuurbescherming: soorten

7.1

Mogelijke effecten van de voorgenomen maatregelen op de actueel en potentieel aanwezige beschermde soorten

7.1.1 Vleermuizen Waarnemingen Geen waarnemingen binnen het plangebied. Geen verblijfplaatsen en vliegroutes aanwezig. Wel potentieel foerageergebied aanwezig. Mogelijke effecten De werkzaamheden vinden overdag plaats. Nachtactieve vleermuizen zullen geen directe hinder ondervinden van de werkzaamheden. Wanneer op het centrale grasland een botenstalling wordt gerealiseerd, gaat potentieel foerageergebied verloren. Aangezien in de directe omgeving van het plangebied alternatief geschikt foerageergebied in ruime mate aanwezig is, gaat geen essentieel foerageergebied verloren. Conclusie Er gaan geen verblijfplaatsen, vliegroutes of essentieel foerageergebied verloren. Dieren worden niet verstoord of gedood. 7.1.2

Broedvogels

Waarnemingen Waarnemingen van voornamelijk watervogels in de nabijheid van het plangebied. Geen jaarrond beschermde (roofvogel)nesten aanwezig. De centrale grasvlakte is potentieel broedhabitat voor grondbroedende vogelsoorten. Mogelijke effecten Wanneer de werkzaamheden worden uitgevoerd binnen het broedseizoen, normaliter wordt hiervoor de periode half maart t/m half juli aangehouden, kunnen nesten van grondbroeders vernietigd worden en kunnen dieren gedood worden. Conclusie Grondbroedende broedvogels kunnen gedood worden. Nesten kunnen vernietigd worden.

7.2

Overtreding verbodsbepalingen Wet natuurbescherming?

7.2.1

Broedvogels

Wanneer nesten verloren gaan of dieren gedood worden, worden verbodsbepalingen in artikel 3.1 van de Wnb overtreden, namelijk: “het is verboden om van nature in Nederland in het wild levende vogels te doden of te vangen” “het is verboden om opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren te beschadigen of te vernielen” Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 18

Om te voorkomen dat genoemde verbodsbepalingen overtreden worden, dient buiten het broedseizoen gewerkt te worden. Het broedseizoen duurt van half maart t/m half juli. Door weersomstandigheden kan deze periode echter eerder beginnen of later eindigen. Een ter zake kundig ecoloog dient te bepalen of binnen het plangebied niet (meer) gebroed wordt. Geadviseerd wordt om het grasland vóór aanvang van het broedseizoen kort te maaien en tot aan het begin van de werkzaamheden kort te houden. In dat geval is de kans op vestiging van grondbroeders nihil en zou zelfs in het broedseizoen gewerkt kunnen worden.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 19

8

Overtreding verbodsbepalingen Wet natuurbescherming: beschermd gebied

Het plangebied ligt niet binnen een Natura 2000-gebied. Op 1,5 km afstand van het plangebied bevindt zich het Natura 2000-gebied Roerdal. In het kader van de externe werking dient te worden nagegaan of de beoogde werkzaamheden (significant) negatieve effecten hebben op de instandhoudingsdoelen van de aangewezen habitattypen en habitatrichtlijnsoorten van het Natura 2000-gebied Roerdal. Voor het Natura 2000-gebied Roerdal zijn de aangewezen habitattypen en habitatrichtlijnsoorten als volgt (tabel 2). Tabel 2. De voor het Natura 2000-gebied Roerdal aangewezen Habitattypen, Habitatrichtlijnsoorten en de instandhoudingsdoelen. Bron: www.natura2000.nl.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 20

Potentieel verstorende factoren als geluid en trilling hebben geen effect op de aangewezen habitattypen en habitatrichtlijnsoorten van het 1,5 km verder gelegen Natura 2000-gebied Roerdal. Verdroging en vernatting treden als gevolg van werkzaamheden niet op. Of stikstofdepositie gedurende de aanlegfase een (significant) negatief effect heeft op de aangewezen habitattypen dient te worden nagegaan middels een Aeriusberekening. Conclusie De Wnb (aspect Gebieden) wordt niet overtreden. Er dient een Aerius-berekening te worden uitgevoerd. Mogelijk dient een vergunning Wnb te worden aangevraagd.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 21

9

Overtreding verbodsbepalingen Wet natuurbescherming: houtopstanden

Niet van toepassing; er worden geen kapwerkzaamheden uitgevoerd. Conclusie De Wnb (aspect Houtopstanden) wordt niet overtreden.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 22

10

Natuurnetwerk Nederland

Het plangebied is niet gelegen binnen de Goudgroene natuurzone en daarmee niet gesitueerd in het Natuurnetwerk Nederland. Het plangebied ligt ook niet in de Zilvergroene natuurzone en Bronsgroene landschapszone. Conclusie De werkzaamheden hebben geen effect op het Natuurnetwerk Nederland.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 23

11

Algemene Zorgplicht

De Algemene Zorgplicht is verankerd in de Wnb, artikel 1.11. Dit betekent dat iedereen die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor een Natura 2000-gebied, een bijzonder nationaal natuurgebied of voor in het wild levende dieren en planten, dergelijke handelingen achterwege laat of zoveel mogelijk beperkt.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 24

12

Aanvullend onderzoek

Niet nodig.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 25

13

Eindconclusies en aanbeveling

-

Met betrekking tot het aspect Soorten wordt de Wnb niet overtreden mits gewerkt wordt buiten het broedseizoen. Wanneer de grasvegetatie van het centrale deel van het plangebied kort wordt gehouden tot aan het beging van de werkzaamheden, kan ook in het broedseizoen gewerkt worden. De eerste maaibeurt dient dan wel vóór aanvang van het broedseizoen te worden uitgevoerd.

-

Met betrekking tot het aspect Gebieden wordt de Wnb niet overtreden.

-

Er dient een Aeriusberekening te worden uitgevoerd. Mogelijk dient een vergunning Wnb te worden aangevraagd.

-

Met betrekking tot het aspect Houtopstanden wordt de Wnb niet overtreden.

-

Het Natuurnetwerk Nederland (Limburg) wordt niet aangetast.

-

De Algemene Zorgplicht is ten allen tijde van toepassing.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 26

14

Gebruikte bronnen -

Nationale Databank Flora en Fauna waarneming.nl portal.prvlimburg.nl Beleidsregels ten behoeve van de passieve soortenbescherming onder de Wet natuurbescherming in Limburg. Provincie Limburg, 2017. Natuurbeheerplan Limburg 2022. Provincie Limburg, 2021. Omgevingsverordening Limburg 2014. Provincie Limburg, 2014. Geconsolideerde versie. minlnv.nederlandsesoorten.nL NDFF verspreidingsatlas PLOEGAM, 2022. Draaiboek hoogwaterbescherming winterberging.

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 27

Bijlage 1: Lijst beschermde soorten Wet Natuurbescherming

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 28

Lijst beschermde soorten Wet Natuurbescherming EUROPEES BESCHERMDE DIERSOORTEN EN PLANTENSOORTEN Beschermde soorten conform art 3.1, lid 1 Wnb: Vogelrichtlijn Alle vogelsoorten

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 29

Beschermde soorten conform art 3.5, lid 1 en lid 5 Wnb: Habitatrichtlijn, bijlage IV (inclusief Verdrag van Bern, Bijlage I en II voor zover van toepassing)

Zoogdieren

(Walvisachtigen)

(Algemeen)

Bruinvis

Bever

Bultrug

Hamster

Dwergpotvis

Hazelmuis

Dwergvinvis

Lynx

Gestreepte dolfijn

Noordse woelmuis

Gewone dolfijn

Otter Wolf Wilde kat

Gewone spitsdolfijn Gewone vinvis Griend Grijze dolfijn

(Vleermuizen) Hille (Butskop) Bechsteins vleermuis

Kleine zwaardwalvis

Bosvleermuis

Narwal

Brandts vleermuis

Noordse vinvis

Franjestaart

Orca

Gewone baardvleermuis

Potvis

Gewone dwergvleermuis

Spitsdolfijn van Gray

Gewone grootoorvleermuis

Tuimelaar

Grijze grootoorvleermuis

Witflankdolfijn

Grote hoefijzerneus

Witsnuitdolfijn

Grote rosse vleermuis Kleine dwergvleermuis Kleine hoefijzerneus Kleine hoefijzerneus

Witte dolfijnIngekorven vleermuis

Laatvlieger

Geelbuikvuurpad

Meervleermuis

Heikikker

Mopsvleermuis

Kamsalamander

Noordse vleermuis

Knoflookpad

Rosse vleermuis

Poelkikker

Ruige dwergvleermuis

Rugstreeppad

Tweekleurige vleermuis

Vroedmeesterpad

Amfibieën Boomkikker

Vale vleermuis Watervleermuis

Reptielen

Planten

Gladde slang

Drijvende waterweegbree Kruipend moerasscherm

Muurhagedis Zandhagedis

Groenknolorchis Kruipend moerasscherm Zomerschroeforchis

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 30

(Schildpadden)

(uitsluitend) Verdrag van Bern, bijlage I

Dikkopschildpad

Planten

Kemps’ zeeschildpad

Geel schorpioenmos

Lederschildpad

Kleine vlotvaren

Soepschildpad

Liggende raket Tonghaarmuts

Vissen Houting

(uitsluitend) Verdrag van Bern, bijlage II

Steur

Zeezoogdieren Insecten

Walrus

(Vlinders) Apollovlinder

Insecten

Boszandoog

(Libellen)

Donker pimpernelblauwtje

Mercuurwaterjuffer

Grote vuurvlinder Pimpernelblauwtje

(Vlinders)

Teunisbloempijlstaart

Moerasparelmoervlinder

Tijmblauwtje Zilverstreephooibeestje

(Haften) Oeveraas

(Libellen) Bronslibel Gaffellibel Gevlekte witsnuitlibel Groene glazenmaker Noordse winterjuffer Oostelijke witsnuitlibel Rivierrombout Sierlijke witsnuitlibel (Kevers) Brede geelrandwaterroofkever Gestreepte waterroofkever Heldenbok Juchtleerkever Vermiljoenkever

Weekdieren Bataafse stroommossel Platte schijfhoren

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond 31

NATIONAAL BESCHERMDE DIER- EN PLANTENSOORTEN Onderdeel A (behorende bij artikel 3.10, eerste lid, onderdeel a) Zoogdieren

ReptielenAdder

Aardmuis

Hazelworm

Boommarter

Levendbarende hagedis

Bosmuis

Ringslang

Bunzing Damhert Das

Vissen

Dwergmuis

Beekdonderpad

Dwergspitsmuis

Beekprik

Edelhert

Elrits Gestippelde

Eekhoorn

alver

Egel

Grote modderkruiper

Eikelmuis

Kwabaal

Gewone bosspitsmuis Gewone zeehond Grote bosmuis Grijze zeehond

Kreeftachtigen Europese rivierkreeft

Haas Hermelijn Huisspitsmuis

Dagvlinders

Konijn Molmuis

Aardbeivlinder

Ondergrondse woelmuis

Bosparelmoervlinder

Ree

Bruin dikkopje Bruine

Rosse woelmuis Steenmarter

eikenpage

Tweekleurige bosspitsmuis

Donker pimpernelblauwtje

Veldmuis

Duinparelmoervlinder

Veldspitsmuis Vos

Gentiaanblauwtje

Waterspitsmuis

Grote parelmoervlinder

Wezel

Grote vos

Wild zwijn

Grote vuurvlinder Grote weerschijnvlinder

Amfibieën Alpenwatersalamander Bruine kikker Gewone pad Kleine watersalamander Meerkikker Middelste groene kikker Vinpootsalamander Vuursalamander

Iepenpage Kleine heivlinder Kleine ijsvogelvlinder Kommavlinder Pimpernelblauwtje Sleedoornpage Spiegeldikkopje Veenbesblauwtje Veenbesparelmoervlinder

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond

(vervolg Dagvlinders)

(vervolg Onderdeel B: Planten)

Veenhooibeestje

Groot spiegelklokje

Veldparelmoervlinder

Grote bosaardbei

Zilveren maan

Grote leeuwenklauw

Libellen

Honingorchis Kalkboterbloem

Beekrombout

Kalketrip

Bosbeekjuffer

Karthuizeranjer

Donkere waterjuffer

Karwijselie

Gevlekte glanslibel

Kleine ereprijs

Gewone bronlibel

Kleine Schorseneer

Hoogveenglanslibel

Kleine wolfsmelk

Kempense heidelibel

Kluwenklokje

Speerwaterjuffer

Knollathyrus

Kevers

Knolspirea Korensla

Vliegend hert

Kranskarwij Kruiptijm

Onderdeel B (behorende bij artikel 3.10, eerste lid, onderdeel c)

Lange zonnedauw Liggende ereprijs Moerasgamander Muurbloem

Planten Akkerboterbloem

Naakte lathyrus Naaldenkervel

Akkerdoornzaad

Pijlscheefkelk

Akkerogentroost

Roggelelie

Beklierde ogentroost

Rood peperboompje

Berggamander

Rozenkransje

Bergnachtorchis

Ruw parelzaad

Blaasvaren

Scherpkruid

Blauw guichelheil

Schubvaren

Bokkenorchis

Schubzegge

Bosboterbloem

Smalle raai

Bosdravik

Spits havikskruid

Brave hendrik

Steenbraam

Brede wolfsmelk

Stijve wolfsmelk

Breed wollegras

Stofzaad

Bruinrode wespenorchis

Tengere distel

Dennenorchis

Tengere veldmuur

Dreps

Trosgamander

Echte gamander

Veenbloembies

Franjegentiaan

Vliegenorchis

Geelgroene wespenorchis

Vroege ereprijs

Geplooide vrouwenmantel

Wilde averuit

Getande veldsla

Wilde ridderspoor

Gevlekt zonneroosje

Wilde weit

Glad biggenkruid

Wolfskers

Gladde zegge

Zandwolfsmelk

Groene nachtorchis

Zinkviooltje

Groensteel

Zweedse kornoelje

VOGELS MET JAARROND BESCHERMDE NESTEN Vogels jaarrond beschermde nesten soort

Vogels met jaarrond beschermde nesten als er sprake is van ecologisch zwaarwegende redenen

categorie

soort

categorie

Boomvalk

4

Blauwe reiger

5

Buizerd

4

Boerenzwaluw

5

Gierzwaluw

2

Bonte vliegenvanger

5

Grote gele kwikstaart

3

Boomklever

5

Havik

4

Boomkruiper

5

Huismus

2

Bosuil

5

Kerkuil

3

Brilduiker

5

Oehoe

3

Draaihals

5

Ooievaar

3

Eidereend

5

Ransuil

4

Ekster

5

Roek

2

Gekraagde roodstaart

5

Slechtvalk

3

Glanskop

5

Sperwer

4

Grauwe vliegenvanger

5

Steenuil

1

Groene specht

5

Wespendief

4

Grote bonte specht

5

Zwarte wouw

4

Hop

5

Huiszwaluw

5

IJsvogel

5

Kleine bonte specht

5

Kleine vliegenvanger

5

Koolmees

5

Kortsnavelboomkruiper

5

Oeverzwaluw

5

Pimpelmees

5

Raaf

5

Ruigpootuil

5

Spreeuw

5

Tapuit

5

Torenvalk

5

Zeearend

5

Zwarte kraai

5

Zwarte mees

5

Zwarte roodstaart

5

Zwarte specht

5

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond

VOGELS MET JAARROND BESCHERMDE NESTEN in LIMBURG Conform provinciale beleidsregels passieve soortenbescherming provincie Limburg Vogels jaarrond beschermdenesten aanwezig moet blijven Soort

Vogels waarvan voldoende functioneel leefgebied

categorie

Soort

categorie

Boerenzwaluw

2

Bijeneter

4

Boomvalk

3

Blauwe reiger

4

Bosuil

2

Buizerd

4

Gierzwaluw

2

Draaihals

4

Grote gele kwikstaart

2

Grauwe klauwier

4

Havik

3

Grutto

4

Huismus

2

IJsvogel

4

Huiszwaluw

2

Kramsvogel

4

Kerkuil

1

Kwartelkoning

4

Oehoe

1

Oeverzwaluw

4

Ooievaar

2

Paapje

4

Raaf

3

Ringmus

4

Ransuil

3

Roerdomp

4

Rode wouw

3

Sperwer

4

Roek

1

Spotvogel

4

Slechtvalk

2

Visdief

4

Steenuil

1

Wulp

4

Torenvalk

3

Zomertortel

4

Wespendief

3

Zwarte specht

4

Zwarte wouw

3

uitleg: categorie 1:

Jaarrond gebruikte nesten

categorie 2:

Zeer plaatstrouwe broedvogel of afhankelijk bebouwing

categorie 3:

Zeer plaatstrouwe broedvogel die ieder jaar terugkeert naar specifiek nest

categorie 4:

Vogel dat jaarlijks terugkeert naar specifiek nest, maar voldoende flexibel omelders nieuw nest te bouwen. Echter, dusdanig kwetsbaar dat functionaliteit van leefgebied niet in het geding mag komen.

categorie 5*:

Honkvaste broeders, maar voldoende flexibel

* niet in Limburg

Quickscan flora en fauna aanleg botenstalling Hatenboer Roermond

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=6cb4ae26-73e0-4641-afea-39b6e2c2f5d1